Bijlage 2 Concept beleidskader Hoofdgroenstructuur_inspraakversie.pdf
Tekst van het document
59
Sportpark de groene en recreatieve ruimte in en rond de stad. De bezoekersdruk is hoog.
Voorbeelden
Kenschets
Stedelijke sportparken: Olympiaplein, Laan v. Spartaan, Joos Banckersweg, Tennispark Linnaeushof
Sportparken zijn terreinen waar wordt gesport in georganiseerd verband. Stedelijke sportparken zijn de in de wijken geïntegreerde compacte sportparken, waaronder tennisparken. De groene sportparken zijn de vaak ruimer opgezette sportparken die qua locatie onderdeel uitmaken van een stedelijk groenensemble of netwerk. Naast sportbeoefening staan hier groenbeleving en recreatie centraal. De sportlandschappen vormen een toekomstige vorm, waarbij sport te gast is in het groen. Hoewel sportvoorzieningen strikt genomen niet alleen maar ‘groen’ zijn, maken ze wel een onlosmakelijk deel uit van
Groene sportparken: Ookmeer, MiddenmeerVoorland, Sloten, Kadoelen, De Weeren
60
Procedureel zijn extra sportterreinen voor georganiseerde sport in de Hoofdgroenstructuur pas aan de orde als aangetoond kan worden dat realisatie van deze sportopgave in stedelijk gebied onmogelijk is. Dus primair worden ze gerealiseerd daar waar de sportbehoefte ontstaat: hetzij in stedelijk bebouwd gebied (stap 1), hetzij via optimalisering van bestaande sportparken (stap 2). De bezoekersdruk is hoog, met piekmomenten.
Waardenontwikkeling Initiatieven en herinrichtingsvoorstellen van sportparken zijn inpasbaar als deze niet ten koste gaan van onderstaande prioritaire en overige waarden en bijdragen aan de versterking van één of meer van deze prioritaire waarden. Sportparken hebben in de eerste plaats hoge gezondheidswaarden. Ze bieden Amsterdammers ruimte om te sporten en bewegen in een natuurlijke, gezonde omgeving. Dit sluit aan bij de ambities vanuit een gezonde stad om Amsterdammers meer te laten bewegen, verzuim te
beperken en bij te dragen aan verlenging en meer levenskwaliteit op onze oude dag. Ze dragen bij aan (bewegings-) educatie en ontspanning in een groene omgeving, maar ook aan een goede balans in de stad tussen drukte, ontspanning en inspanning. Verder zijn sportparken van grote sociale waarde. Ze bieden aanleidingen voor sociale contacten ter bestrijding van eenzaamheid, inzet door vrijwilligers en dragen bij aan saamhorigheid en tolerantie. Compact opgezette sportparken worden waar mogelijk gecombineerd met openbare speelvoorzieningen en urban sports in een groene omlijsting, waardoor deze sportparken groene openbare ruimte bieden voor ontmoeting en spel. Ze zijn vooral van belang voor kinderen en andere buurt- en wijkbewoners die voor hun sportbehoefte afhankelijk zijn van sport om de hoek. Hierbij gaat het in toenemende mate om innovatieve oplossingen, zoals sport op daken, onder infrastructuur en overige gelaagde vormen. Het waarborgen van sociale veiligheid van routes en sportparken is belangrijk om de sociale functie te versterken.
Op sportparken wordt voorrang gegeven aan programmering van formele sportvelden (inclusief kunstgras) en bijbehorende faciliteiten. Vertrekpunt bij herinrichtingen is optimalisering van het sportaanbod en bespelingsmogelijkheden in combinatie met versterking van het groene karakter. Restruimte kan worden benut voor aanbod van urban sport, informele sport vormen en sport gerelateerd medegebruik waardoor de recreatieve waarde wordt verhoogd. De openbare toegankelijkheid van sportparken kan worden versterkt door deze te verbinden met groenblauwe routes in de omgeving en met het recreatieve netwerk in de stad en het ommeland. Bij voldoende maat van de groene omzoming worden de kansen benut van een struinroute gecombineerd met kleinschalige recreatieve en educatieve voorzieningen. Qua ruimtelijke inrichting (samenstelling van de beplantingen/ontwerp) wordt aangesloten op het algemene doel van een openbaar karakter (via doorkijk mogelijkheden, uitnodigende entrees) met behoud van de natuurwaarde. Als het stadsnatuur-label op een locatie ligt, dan geldt natuur als
Prioritaire waarden
Gezondheid
Sociaal
Recreatie
61
prioritaire waarde boven de hier genoemde waarden. Initiatieven mogen deze primaire waarde niet aantasten.
Overige waarden Door de toepassing van duurzame materialen, maar ook door de toevoeging van hoogwaardig groen dat natuurinclusief en klimaatadaptief is, verbetert de kwaliteit. Rigoureuze vergroening is hier de uitdaging. De groene randen van een sportpark of de groene verbinding rondom een sportpark hebben hoge natuurwaarden: ze functioneren als groene en ecologische verbinding met de omgeving en zijn onderdeel van het bredere groennetwerk. Een waterlijst om het gebied en een goede dooradering van het sportpark met sloten zorgt voor waterberging en biedt daarnaast kansen voor de natuur. Waterpartijen hebben natuurlijke oevers (geleidelijk talud). Bij herinrichtingen ter optimalisatie van het sportpark worden de groene randen (veelal bestaande uit een robuuste bomenrij en/of groenblauwe strook) van of langs het sportpark gerespecteerd. Sportparken zijn hoogwaardig landschappelijk vormgegeven. Het groen dient vooral ter verbinding en verfraaiing en draagt op die manier bij aan de beleving. De beleving van sportparken is groter als deze zichtbaar zijn vanaf aangrenzende openbare ruimte/ wegen/ paden.
Mate van bebouwing en verharding Bebouwing en verharding is slechts in beperkte mate mogelijk en blijft ondergeschikt aan de groenfunctie. De positionering, de verschijningsvorm en de mate van bebouwing en verharding is afhankelijk van de mogelijkheden, het karakter, de omvang en de opzet van het sportpark en/of 62
waterpartij. Bebouwing en verharding zijn zorgvuldig landschappelijk, natuurvriendelijk en duurzaam ingepast en bij voorkeur geclusterd rond entrees en/of een centrale zone. Eventuele nieuwe bebouwing, verharding of routing kan alleen als het uit functionaliteit is vereist, tenminste één van de prioritaire waarden versterkt en niet ten koste gaat van de overige prioritaire waarden. Geen extra parkeervoorzieningen in het sportpark, oplossingen voor parkeren ten behoeve van voorzieningen moeten buiten het sportpark worden gevonden. De optelsom van de hoeveelheid bebouwing en verharding bedraagt op zowel stedelijke als groene sportparken maximaal circa 15% van het totale oppervlak van het sportpark. Voor sportparken waar voor 2011 (het introductiemoment van deze norm) al een hoger percentage voor bebouwing/verharding aanwezig was geldt maximaal circa 20%. Extra verharding, bebouwing of functie-toevoeging dient onderbouwd te worden vanuit een totaalvisie op het sportpark. Op deze wijze wordt de primaire functie en groenwaarde van deze Hoofdgroenstructuurelementen versterkt en bewaakt. Voorkomen moet worden dat sportparken een overmaat aan voorzieningen of verharding krijgen. Toevoeging van (half)verharde wandel- en fietsroutes over sportparken ter verbetering van de openbare toegankelijkheid worden beschouwd als wenselijk onderdeel van een dergelijke visie.
Verharding voor van sportbeoefening (dus ook kunstgras en gravel) worden niet als verharding meegeteld. (Tijdelijke) bebouwing (ook blaashallen/tentconstructies) wel, evenals terrassen, verharde fiets- en wandelpaden voor ontsluiting e.d. Verhard parkeren geldt als verharding. Parkeren uit-
Sportpark gevoerd in half-verharding wordt niet meegerekend als verharding als het om bestaand aanbod gaat. Uitbreiding van de parkeercapaciteit in (half)verharding geldt wel als verharding. Bij overschrijding van het verhardings-/bebouwingspercentage ligt er de opgave om te onderzoeken of alle aanwezige bebouwing en verharding optimaal benut en noodzakelijk is en welke mogelijkheden er zijn om verharding te vergroenen of om te zetten naar half-verharding. Ecologisch aantrekkelijke stroken (in de vorm van groene kamers en omlijstingen van een sportpark), groene ontmoetings- en speelplekken, toepassing van groene daken, doorgaande groene routes en voldoende gevarieerd groen voor beschutting, wateropvang en voedselproductie verhogen de groenkwaliteit van sportparken. Ruimtelijke en technische kansen van sportvelden en sportparken voor rainproof, waterberging en hittebestrijding worden optimaal benut.
Inpasbare voorzieningen Als het initiatief/de planvorming niet ten koste gaat van de prioritaire en overige waarden en bijdraagt aan tenminste één van de prioritaire waarden, dan zijn inpasbaar: Groen aangeklede recreatieve routes, voorzieningen voor intensief sportief en maatschappelijk (mede)gebruik, zoals een beheerdersgebouw, (multifunctioneel) clubgebouw, tribune, (natuurlijke) speelvoorzieningen, groene ontmoetingsplek, maatschappelijke voorzieningen (kinderopvang, voorzieningen voor buurtactiviteiten en onderwijs), commercieel sportaanbod (indoorsport en leisurefuncties), commerciële functies, gezondheidscentra, fysio, kleinschalige overnachtingsmogelijkheden gelieerd aan topsport, mits een directe versterkende
link aan het sportaanbod blijvend gegarandeerd kan worden. Beheerwerven en bedrijfswoning(en) dienen van directe meerwaarde te zijn voor het functioneren van het betreffende sportpark. Uitbreiding of toevoeging van deze functie is (stadsbreed beschouwd) onwenselijk. Op de groene sportparken zijn overdekte voorzieningen alleen inpasbaar als ze het groene karakter van het sportpark niet aantasten. Tijdelijke blaashallen zijn incidenteel inpasbaar vanuit een stedelijke spreidingsvisie en optimalisering van gebruik gedurende de wintermaanden, wanneer de gebruiks- en natuurwaarde lager is. Ter ruimtelijke afweging op een sportpark zijn relevant: de maatvoering van het sportpark, locatiekeuze ten opzichte van omliggende bebouwing (afstand, geluid, verlichting) en verbreding van de gebruiksmogelijkheden. Voorzieningen dienen het openbare karakter te ondersteunen en een brede gebruikersgroep te bedienen. (Sport-)evenementen die aansluiten bij de mogelijkheden, het karakter, de omvang en de opzet van het sportpark (bijvoorbeeld sportevenementen, open dagen en manifestaties).
Beheerwijze Het beheer van sportparken (groen en water) ondersteunt de waarden en het gewenste gebruik; voor de sportfaciliteiten en openbare ruimte is dat gericht op optimaal sportief en recreatief gebruik. Waterpartijen en groene randen worden natuurvriendelijk aangelegd en onderhouden. Het gebied wordt intensief, duurzaam en - waar van toepassing - ecologisch beheerd.
63
Tuinpark park. Binnen tuinparken bestaat er onderscheid tussen volkstuinparken (onderverdeeld in verblijfstuinparken, dagtuinparken en nutstuinparken) en schoolwerktuinen. De bezoekersdruk varieert van laag (schoolwerktuinen) tot gemiddeld.
Waardenontwikkeling
Voorbeelden
Kenschets
dagtuinpark Klein Danzig, nutstuinpark De Vijf Slagen, verblijfstuinparken Ons Buiten, Nieuw Bijenpark, De Bongerd
Tuinparken zijn bedoeld voor dag- of verblijfsrecreatie, met onderhoud van sier- en groentetuinen als dagelijkse bezigheid. Ze zijn door hun gevarieerde inrichting en aandachtig beheer waardevolle groene plekken in de stad. We streven ernaar meer Amsterdammers te kunnen laten genieten van de schoonheid en natuurwaarde. De nadruk blijft liggen op een kleinschalige, tuinachtige inrichting, met voornamelijk privaat beheer. Voor de belevingskwaliteit zijn belangrijk: een gevoel van afstand tot de stad, de verzorgdheid en aantrekkelijkheid van en de sociale samenhang binnen het
64
Initiatieven en herinrichtingsvoorstellen van tuinparken zijn inpasbaar als deze niet ten koste gaan van onderstaande prioritaire en overige waarden en bijdragen aan de versterking van één of meer van deze prioritaire waarden. Maatregelen gericht op bescherming en toename van de soortenrijkdom zijn positief voor de n atuurwaarde. Diverse beplanting trekt met name veel insecten en vogels, wat de bestuiving en verspreiding van zaden bevorderd, en daarmee in belangrijke mate bijdraagt aan de biodiversiteit in de stad. Met een toenemende variatie in soorten tuinen ontstaan meer verschillende habitats, wat kan bijdragen aan een verrijking van de soortenrijkdom. Groene erfafscheidingen in de vorm van takkenrillen en natuurvriendelijke oevers (in plaats van schuttingen,
hekken en harde beschoeiingen) dragen hier eveneens toe bij. Tuinparken hebben in ieder geval een groene omlijsting en zijn waar mogelijk via groene verbindingen verbonden met de omgeving. Om de beleving en zichtbaarheid van tuinparken te vergroten richting omgeving zijn er doorkijkmogelijkheden in de vorm van afwisseling met lage begroeiing. Bij voldoende maat is er in deze groene omzoming de mogelijkheid tot een struinroute (onverhard) of kleinschalige recreatieve en educatieve initiatieven die bijdragen aan de beleving en educatieve waarde van stadsnatuur. Waterpartijen hebben waar mogelijk natuurlijke oevers (geleidelijk talud). Tuinparken zijn bij voorkeur na sluitingstijd onverlicht. Natuurvriendelijke vormen van verlichting zijn mogelijk op tuinparken met doorgaande wandel- en/of fietsroutes. Tuinparken vertegenwoordigen een hoge sociale waarde. Initiatieven die gericht zijn op een toename van het aantal en de diversiteit van bezoekers en gebruikers uit de buurt en/ of stad worden aangemoedigd. Activiteiten zijn gericht op stimu-
lering van ontmoeting, interactie, betrokkenheid en maatschappelijk (mede)gebruik. De Tuinparken zijn openbaar toegankelijk met uitnodigende entrees en een op het stedelijk netwerk aangesloten recreatief padenstelsel. Ze kennen zo ruim mogelijke openingstijden, zowel in het jaar als gedurende de dag. Het verhogen van de toegankelijkheid is met name urgent bij de centraal gelegen tuinparken met een sterke toename van het aantal inwoners in de nabije omgeving. De sociale waarde neemt toe als er meer ruimte komt voor diverse tuinen gericht op collectiever gebruik door maatschappelijke partijen en buurtbewoners (deeltuinen, kleine tuinen, pluktuinen, maatschappelijke tuinen). Welkom is een toename van het aantal recreatieve functies, eveneens gericht op meer en divers publiek. Specifiek passen daarbinnen het stimuleren van culturele uitingen. De ontsluiting is maximaal. De (nieuw te ontwikkelen) entreegebieden zijn schakels in een goed met de aanliggende buurt verbonden en doorlopend recreatief padenstelsel door de tuinparken.
Prioritaire waarden
Natuur
Sociaal
Recreatie
65
Initiatieven om entrees te vergroten en aantrekkelijker te maken en er passende publieksfuncties aan toe te voegen worden aangemoedigd. Recreatieve fietsers zijn overdag welkom, waar dat kan. Als het volkstuinpark een collectieve rand heeft, dan kan deze meer openbaar worden voor wandelaars of voor spor-ten/ bewegen, mits dit niet ten koste gaat van de natuurwaarde. Door zonering kan een tuinpark sturen op meer levendige gemeenschappelijke delen, naast behoud van rustige delen met beperkte bezoekersaantallen. Als het stadsnatuur-label op een locatie ligt, dan geldt natuur als prioritaire waarde boven de hier genoemde waarden. Initiatieven mogen deze primaire waarde niet aantasten.
Overige waarden Tuinparken spelen een belangrijke rol in de teelt van gezond voedsel, bewust eten en (natuur) educatie. Tuinparken zijn een plek waar zoveel mogelijk mensen in aanraking kunnen komen met het thema voedsel, en ook de mogelijkheid krijgen om er aan deel te nemen en van te leren. Hierbij past bijvoorbeeld de aanleg van openbare pluktuinen en deeltuinen. Bovendien is het een gezonde hobby voor lichaam en geest. Tuinparken kennen een lange traditie in de stad. Inzet is het behouden en versterken van de samenhang, zichtbaarheid en leesbaar maken van cultuurhistorische waarden en karakter ervan. Grote bomen krijgen de kans om oud te worden.
Mate van bebouwing en verharding Beide zijn slechts in beperkte mate mogelijk en blijven ondergeschikt aan de groenfunctie. De 66
positionering, de verschijningsvorm en de mate van bebouwing en verharding is afhankelijk van de mogelijkheden, het karakter, de omvang en de opzet van het tuinpark en/of waterpartij. Bebouwing en verharding zijn zorgvuldig landschappelijk, natuurvriendelijk en duurzaam ingepast en bij voorkeur geclusterd rond entrees en/of een centrale zone. Eventuele nieuwe bebouwing, verharding of routing kan alleen als het uit functionaliteit is vereist, tenminste één van de prioritaire waarden versterkt en niet ten koste gaat van de overige prioritaire waarden. Geen extra parkeervoorzieningen in het tuinpark, oplossingen voor parkeren ten behoeve van voorzieningen moeten buiten het tuinpark worden gevonden. Eventuele extra verharding, bebouwing of functie-toevoeging dient gemotiveerd te worden vanuit een ruimtelijk-sociale totaalvisie op het tuinpark. Op deze wijze wordt de primaire functie en groenwaarde van deze Hoofdgroenstructuurelementen versterkt c.q bewaakt. Voorkomen moet worden dat tuinparken een overmaat aan voorzieningen c.q. verharding krijgen. Toevoeging van (half)verharde routes over tuinparken ter verbetering van de openbare toegankelijkheid worden beschouwd als wenselijk onderdeel van een dergelijke visie. Mountainbikeroutes en gemotoriseerde routes zijn binnen dit groentype niet inpasbaar.
Inpasbare voorzieningen Als het initiatief/de planvorming niet ten koste gaat van de prioritaire en overige waarden en bijdraagt aan tenminste één van de prioritaire waarden, dan zijn inpasbaar: Kleinschalige voorzieningen voor tuinverenigingen en voorzieningen die het maatschappelijk en/of recreatief medegebruik
Tuinpark
stimuleren, mits geclusterd in de collectieve zones van het park en in de entrees. Het tuinpark moet mede een publieksfunctie vervullen, bijvoorbeeld door middel van een voorlichtingscentrum of kleine markt in de (nieuw te ontwikkelen) entreezone. Wandelen en fietsen, tuinieren/ stadslandbouw, sporten en spelen, natuur- en voedseleducatie, eventueel aangevuld met voorzieningen gericht op jeugd (natuureducatie, schoolwerktuinen, buitenschoolse opvang), ontmoeting, zorg, gezondheid (zoals revalidatie), dagbesteding, uitingen van kunst en cultuur (in groen of water) en inclusie (bijvoorbeeld tuinieren met statushouders). Ondergeschikte horeca, mits gekoppeld aan de bestaande faciliteiten van de tuinorganisaties. Overnachten in de tuinhuisjes is mogelijk op ‘verblijfstuinparken’ tijdens het tuinierseizoen. Voorzieningen dienen het openbare karakter te ondersteunen en een brede gebruikersgroep te bedienen.
Verbijzonderingen Schoolwerktuin Heeft een primair educatieve functie en is specifiek bestemd om schoolkinderen groente, fruit en bloemen te laten kweken. Schoolwerktuinen hebben een educatieve ruimte nodig, die bij voorkeur gecombineerd is met de beheerfaciliteiten. De openbare publieksfunctie is beperkter. De bebouwings- en verhardingsmogelijkheden beperken zich tot de noodzakelijke vanuit functionaliteit. Inpasbaar zijn direct aan deze educatieve functie gekoppelde voorzieningen als kindertuinen, een lesgebouw (inclusief les/gereedschap opslag/werkplaats), een kas, een opstelplek voor een bijenkorf en buitenlesplek. Dubbelgebruik voor buitenschoolse opvang behoort tot de mogelijkheden.
Nutstuin Heeft tevens voedsel als prioritaire waarde. Ze zijn specifiek bestemd om groente, fruit en bloemen te kweken. De sociale-, recreatieve en educatieve waarden zijn wel relevant, maar ondergeschikt hieraan.
Beheerwijze Het beheer van tuinparken/ schoolwerktuinen (groen en water) ondersteunt de waarden en het gewenste gebruik. Binnen de randvoorwaarden van het recreatieve gebruik moet het beheer erop gericht zijn dat het tuinpark zoveel mogelijk verschillende soorten planten en dieren herbergt en instandhouding is daarvan het uitgangspunt. Het beheer is intensief van karakter. De meer natuurlijke delen worden extensief beheerd. Het gebied wordt duurzaam en ecologisch beheerd volgens een beheerplan voor het tuinpark. Bij aanleg of aanpassing van groene omzoming en keuze voor beplanting wordt aangesloten op het algemene doel van een openbaar karakter (doorkijk mogelijkheden, uitnodigende entrees, en waar de omzoming breed genoeg is een struinroute) met behoud van de natuurwaarde. Waterpartijen hebben op daarvoor aangewezen plekken natuurlijke oevers (geleidelijk talud), naast de meer op recreatie gerichte oevers. Het beheer wordt uitgevoerd door tuinorganisaties en tuinders. Zij worden aangemoedigd om natuurvriendelijk te tuinieren en beheren volgens het Nationaal Keurmerk Natuurlijk Tuinieren. De methodiek van het Algemeen Verbond van Volkstuindersverenigingen in Nederland (AVVN) rondom natuurvriendelijk tuinieren vormt een belangrijke leidraad voor tuinders. 67
Gedenkpark
Voorbeelden
Kenschets
Vredenhof, De Nieuwe Ooster, De Nieuwe Noorder, Westgaarde, Buitenveldert
Gedenkparken of begraafplaatsen hebben, naast hun oorspronkelijke functie, betekenis als rustige contemplatieve plekken in de stad. Door ze toegankelijk te maken worden het groene plekken in de stad waar mensen de stilte kunnen opzoeken. De bezoekersdruk is laag, met uitzondering van piekmomenten tijdens uitvaarten of (oorlogs)herdenkingen.
68
Waarden ontwikkeling Initiatieven en herinrichtingsvoorstellen van gedenkparken zijn inpasbaar als deze niet ten koste gaan van onderstaande prioritaire en overige waarden en bijdragen aan de versterking van één of meer van deze prioritaire waarden. Gedenkparken hebben vaak een lange historie en dragen als cultuurhistorische en boomrijke monumenten bij aan de ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid van de stad. De parkopzet, het groen zelf, de bebouwing en soms afzonderlijke graven (het zogenaamde stenen archief) en herdenkingsmonumenten zijn (monumentaal) beschermd. Inzet is het behouden en versterken van de samenhang en het zichtbaar en leesbaar maken van cultuurhistorische waarden en karakter. Maatregelen die er voor zorgen dat het eigen karakter van gedenkparken wordt versterkt zijn wenselijk. Het ruimte geven aan passende culturele activiteiten en uitingen sluit hierbij aan. Het zijn waardevolle oases van rust in de stad, waardoor ze een bijzondere vorm van beleving bieden om in relatieve rust te wandelen, reflecteren en her-
denken. Behoud en stimulans van deze rust dragen bij aan een positieve beleving ervan. Om deze beleving te kunnen ervaren wordt het gebruik als wandel- en gedenkpark gestimuleerd. Vanwege de relatieve rust en tijdloosheid herbergt dit type parken een relatief hoge natuurwaarde. Deze dient gewaardeerd en versterkt te worden. Dit kan onder meer door de gebouwen en verlichting natuurinclusiever te maken en voor goede groeiomstandigheden voor het groen te zorgen. De relatieve beslotenheid en het overwegende groene karakter van begraafplaatsen met een robuuste en gesloten groene omzoming vormt een groenkwaliteit. Als het stadsnatuur-label op een locatie ligt, dan geldt natuur als prioritaire waarde boven de hier genoemde waarden. Initiatieven mogen deze primaire waarde niet aantasten.
Overige waarden De recreatieve waarde van begraafplaatsen neemt met beperkte middelen toe door de toegankelijkheid voor bezoekers iets te vergroten. Stimuleren van gebruik als wandel- en gedenkpark is hierbij het doel. Denk hierbij aan verruiming van de bezoekerstijden, verbetering van entrees, het aanleggen van fietspaden langs de gedenkparken en door langs de randen service aan bezoekers te bieden. Ook kan de drempel om een gedenkpark te bezoeken worden verlaagd door het organiseren van rondleidingen, open dagen, lezingen en informatie bijeenkomsten. Duurzaamheid is een belangrijke waarde op gedenkparken en bij uitvaarten. Deze staat symbool voor de kringloop van het leven en uit zich in de toepassing van duurzame materialen en bebouwing. Maar ook bijvoorbeeld door bij de renovatie van paden grindkoffers aan te brengen. Vanuit duurzaamheidsoogpunt wordt elektrisch cremeren bij bestaande crematoria gestimuleerd. Deze rustige parken dragen bij aan hoge gezondheidswaarden, zoals mentaal welbevinden, zingeving en kwaliteit van leven.
Prioritaire waarden
Cultuurhistorie
Beleving
Natuur
69
Mate van bebouwing en verharding Bebouwing en verharding is slechts in beperkte mate mogelijk en blijft ondergeschikt aan de groenfunctie. De positionering, de verschijningsvorm en de mate van bebouwing en verharding is afhankelijk van de mogelijkheden, het karakter, de omvang en de opzet van het gedenkpark en/of waterpartij. Bebouwing en verharding zijn zorgvuldig landschappelijk, natuurvriendelijk en duurzaam ingepast en bij voorkeur geclusterd rond entrees en/of een centrale zone. Eventuele nieuwe bebouwing, verharding of routing kan alleen als het uit functionaliteit is vereist, tenminste één van de prioritaire waarden versterkt en niet ten koste gaat van de overige prioritaire waarden. Geen extra parkeervoorzieningen in het gedenkpark, oplossingen voor parkeren ten behoeve van voorzieningen moeten buiten het gedenk park worden gevonden.
70
Inpasbare voorzieningen Als het initiatief/de planvorming niet ten koste gaat van de prioritaire en overige waarden en bijdraagt aan tenminste één van de prioritaire waarden, dan zijn inpasbaar: Entreezone: aula/ontvangstruimte, crematorium (enkel wanneer er een stads- en regiobrede afweging omtrent noodzaak en rentabiliteit is gemaakt; de Hoofdgroenstructuur wordt bij nieuwvestiging ontzien), beheerverblijf/kantoor, werf en eventuele culturele voorzieningen (tentoonstellingsruimte/ ontmoetingsplek) en ondersteunende horeca. Begraafterrein: informatieborden, begraaf- c.q. uitstrooivelden met urnenmuren/kasten, wasgelegenheden, gedenkmonumenten, kunstwerken, banken, prullenbakken e.d. Er wordt ruimte gegeven aan passende culturele activiteiten en kunstuitingen. Kleinschalige evenementen (bijvoorbeeld informatiemarkt, culturele voorstellingen, herdenkingsbijeenkomsten). Initiatieven dienen bij te dragen aan de prioritaire waarden van dit groentype.
Gedenkpark Beheerwijze Het beheer van gedenkparken (groen en water) ondersteunt de waarden en het gewenste gebruik. Binnen de randvoorwaarden van het recreatieve gebruik moet het beheer erop gericht zijn dat het gedenkpark zoveel mogelijk verschillende soorten planten en dieren herbergt en instandhouding daarvan is het uitgangspunt. Het beheer is intensief en waar mogelijk extensief. Het gebied wordt daar waar mogelijk duurzaam en ecologisch beheerd volgens een beheerplan voor het park. Bij aanleg of aanpassing van groene omzoming en keuze voor beplanting wordt aangesloten op het algemene doel van een openbaar karakter (doorkijk mogelijkheden, uitnodigende entrees, en waar de omzoming breed genoeg is een struinroute) met behoud van de natuurwaarde. Waar mogelijk worden de oevers rond de gedenkparken natuurvriendelijk ingericht en beheerd. De beplantingskeuze versterkt de diversiteit aan sferen en verhoogd de biodiversiteit op de begraafplaats. Toepassing van inheemse beplanting in groene omzoming en langs waterpartijen verdient voorkeur. Omwonenden, vrijwilligers en nabestaanden worden betrokken bij het onderhoud van het groen.
71
Landschap De gebruiksdruk is laag tot gemiddeld.
Beleidsintentie en waardenontwikkeling
Voorbeelden
Kenschets
Waterland, Amstelscheg, Tuinen van West, Diemerscheg, Wilmkebreek polder
De kenmerkende landschappen van de Hollandse veenpolders die vallen binnen de stadsgrenzen van Amsterdam, bestaande uit veenweides, veennatuur, droogmakerijen en meertjes, akkers en glastuinbouw op klei en alle daarbij behorende kenmerkende objecten zoals karakteristieke (houten) woningen, bedrijfsgebouwen, dorpen, boerderijen, buitens, molens, bruggen en kades. Het heeft een waterrijk en open, weids karakter en is dooraderd met een fijnmazig en uniek stelsel van riviertjes, dijken, vaarten, sloten en landweggetjes.
72
Initiatieven en herinrichtingsvoorstellen van landschappen zijn inpasbaar als deze niet ten koste gaan van onderstaande prioritaire en overige waarden en bijdragen aan de versterking van één of meer van deze prioritaire waarden. Voor de ontwikkeling van natuurgebieden geldt in algemene zin dat we deze willen vergroten, versterken en meer aaneengesloten maken. Initiatieven die bijdragen aan een hogere natuurwaarde zijn welkom. Dat kan door bestaande natuurgebieden beter met elkaar te verbinden, extra natuurgebieden toe te voegen en/of door natuurlijker beheer in te voeren of het groengebruik aan te passen. We streven naar een duurzaam en met de stad verbonden landschap van hoge kwaliteit. Door de maat en schaal van het landschap is het van grote waarde voor het tot stand brengen van robuuste natuurgebieden en de productie van voedsel. Ook is er
ruimte voor ontwikkelingen die bijdragen aan een betere balans tussen de productie van voedsel met de andere waarden. Zoals omschakeling van een intensieve agrarische bedrijfsvoering met voortdurende bodemdaling, relatief lage biodiversiteit en een hoge stikstofbelasting op omliggende natuurgebieden (lage duurzaamheidswaarde), naar een extensievere en meer landschapsinclusieve bedrijfsvoering wat niet alleen een hogere duurzaamheidswaarde, maar ook een hogere belevingswaarde op zal leveren. De cultuurhistorische waarde van het Hollandse landschap is hoog. Ze is het resultaat van eeuwenlang mensenwerk en geeft daarmee inzicht in de rijke geschiedenis van onze cultuur. Dit komt tot uiting in een gelaagd en leesbaar landschap dat is opgebouwd uit ensembles en structuren die ieder eigen specifieke kernwaarden kennen. Het zichtbaar en herkenbaar maken van de ontstaansgeschiedenis van ons land verhoogt de cultuurhistorische waarde en beleving van het landschap.
Als het stadsnatuur-label op een locatie ligt, dan geldt natuur als prioritaire waarde boven de hier genoemde waarden. Initiatieven mogen deze primaire waarde niet aantasten.
Prioritaire waarden
Overige waarden Het landschap biedt unieke ‘zachte’ belevingswaarden in vergelijking met de andere groentypen. Denk aan duisternis of stilte, of een gevoel van afstand tot de stad, openheid, uitgestrektheid, variatie en ‘echte’ wildernis. De beleving van het landschap neemt in waarde toe als een initiatief of plan landschappelijke karakteristieken herkenbaar maakt en de (beleving van) openheid versterkt. Gewaakt dient te worden tegen verrommeling van het landschap. Het landschap kan door haar grote maat en schaal substantieel bijdragen aan het verhogen van de duurzaamheidswaarde. Denk aan het flink reduceren van bodemdaling en daarmee beperken van de CO2-uitstoot, het klimaatbestendiger maken van het watersysteem, het verhogen van biodiversiteit en het verbeteren van de bodemgesteldheid.
Natuur
Voedsel
Cultuurhistorie
73
Het landschap is ook belangrijk voor onze gezondheid. Het zijn groene gebieden waar mensen kunnen ontspannen en actief kunnen recreëren in een groene/ waterrijke omgeving (tot rust komen/ stressvermindering) of tijdens warme zomerse dagen verkoeling kunnen zoeken.
Mate van bebouwing en verharding Bebouwing en verharding is slechts in beperkte mate mogelijk en blijft ondergeschikt aan de groenfunctie. De positionering, de verschijningsvorm en de mate van bebouwing en verharding is afhankelijk van de mogelijkheden, het karakter, de omvang en de opzet van het landschap en/of waterpartij. Bebouwing en verharding zijn zorgvuldig landschappelijk, natuurvriendelijk en duurzaam ingepast en bij voorkeur geclusterd rond entrees en/of een centrale zone. Eventuele nieuwe bebouwing, verharding of routing kan alleen als het uit functionaliteit is vereist, tenminste één van de prioritaire waarden versterkt en niet ten koste gaat van de overige prioritaire waarden. Geen extra parkeervoorzieningen in het landschap, oplossingen voor parkeren ten behoeve van voorzieningen moeten buiten het landschap worden gevonden.
Inpasbare voorzieningen Als het initiatief/de planvorming niet ten koste gaat van de prioritaire en overige waarden en bijdraagt aan tenminste één van de prioritaire waarden, dan zijn inpasbaar: Routes gericht op landschapsbeleving en stimuleren van beweging. Met name door verbetering (comfortabel en veilig) van bestaande wandel-, fiets- en vaarroutes routes, die tevens uitnodigen tot sporten. Nieuwe verbindingen zijn schaars en worden zorgvuldig ingepast. Voorzieningen die een toename
74
van autogebruik stimuleren zijn niet toegestaan. Rustige vormen van openbare recreatieve functies, gekoppeld aan recreatieve routes. Denk aan zitplekken, watertappunten, bewegwijzering, observatiepunten, informatieborden, kano-overdraagplaatsen en ligplaatsen met ligduurbeperking voor kleine recreatievaart. Voor stimuleren van sportactiviteiten zijn bijvoorbeeld afstandsmarkeringen, specifieke (vaar)wegindelingen of specifieke verhardingen mogelijk. Voorzieningen dienen het openbare karakter te ondersteunen en een brede gebruikersgroep te bedienen. Voorzieningen die de grote delen private gebieden in het landschap meer openbaar toegankelijk maken op boerenerven. Bijvoorbeeld boerenlandpaden, rustpunten of kleinschalig kamperen/logeren bij de boer, kleinschalige horeca gericht op passerende recreanten in bestaande bebouwing, kanoroei-, fluisterbootverhuur en boerengolf. Of het verzorgen van natuur- en landbouwexcursies, dagbesteding op de boerderij en het verlenen van specifieke kleinschalige zorg. Overnachtingsmogelijkheden, alleen kleinschalig en in bestaande bebouwing. Geen leisure, indoorrecreatie of andere (grootschalige) recreatieve voorzieningen met een verkeersaantrekkende werking en autoverkeer in het bijzonder. Kleinschalige evenementen met landschapsbeleving: sport, voedsel, muziek, buitentheater en open dagen.
Slibdepots zijn hier afhankelijk van de lokale situatie tijdelijk toegestaan, mits de noodzaak ervan aantoonbaar is, eventuele natuurschade gemitigeerd of gecompenseerd wordt en herstel ervan gepaard gaat
Landschap met een extra kwaliteitsimpuls van het landschap. Stedelijke waterbergingsopgaven mogen niet op groengebieden worden afgewenteld, maar zijn hier als kwaliteitsimpuls in uitzonderlijke gevallen mogelijk. Paludicultuur (natte teelten) of andere vormen van landschapsinclusieve vormen van agrarisch landgebruik. Mountainbikeroutes en skateparken, in beperkte mate, in de grotere landschappen buiten de stad.
Verbijzonderingen Stadslandbouw Het gaat om initiatieven tot stadslandbouw en/of voedselproductie in en rond de stad met verwante nevenactiviteiten als educatie, participatie, bewustwording, verkoop, horeca, zorg e.d. De omvang en verschijningsvorm zijn divers en afhankelijk van de ruimtelijke context. Aansluiting bij de prioritaire waarden is randvoorwaardelijk voor de inpasbaarheid hiervan in het landschap. Voedselbossen zijn mogelijk als onderdeel van het landschap in zones waar de openheid niet wordt aangetast. Tuinbouw in de vorm van pluktuin of community supported agriculture is in beperkte omvang (max 1 hectare) mogelijk. Beperkt gebouwd programma (waaronder koepelkassen) is mogelijk, evenals beperkte (half) verharding in de entreezone. De verkeersaantrekkende werking blijft beperkt. Parkeren wordt beperkt tot een minimum en gebeurt op eigen erf. Toevoeging parkeren in de openbare ruimte is niet aan de orde. Stadsboerderij/ -project waar meerdere verschijningsvormen van stadslandbouw (functioneel en/of organisatorisch) bij elkaar komen op één locatie.
Bebouwing en verharding worden als geheel, in samenhang met de aanwezige functies ontworpen.
Beheerwijze Het beheer van het landschap (groen en water) ondersteunt de waarden en het gewenste gebruik. Binnen de randvoorwaarden van het recreatieve gebruik moet het beheer erop gericht zijn dat het landschap zoveel mogelijk verschillende soorten planten en dieren herbergt en instandhouding daarvan uitgangspunt is. Naast agrarisch natuurbeheer heeft het beheer een extensief karakter op percelen en is deze gericht op het verhogen van de natuurwaarde. Het beheer is intensief op routes, gericht op veilig en comfortabel gebruik. Het gebied wordt duurzaam en ecologisch beheerd volgens een beheerplan voor het landschap. Waterpartijen hebben op daarvoor aangewezen plekken natuurlijke oevers (geleidelijk talud), naast de meer op recreatie gerichte oevers. Voor vrijwilligers en ondernemers is het mogelijk een deel van een landschap te onderhouden in samenwerking en afstemming met de gemeente of beheerder.
75
Groene verbinding kan een groene verbinding een eigen plek worden, soms ontstaan hierin kleinere parkjes. De bezoekersdruk varieert van laag tot gemiddeld.
Waardenontwikkeling
Voorbeelden
Kenschets
Spoortalud Tugelaweg, Oeverzone Ringvaart Haarlemmermeerpolder, snelwegtaluds A10-Noord, de Hoekenesgracht
Groene verbindingen zijn langgerekte groenblauwe gebieden in de stad met een belangrijke verbindende functie. Groene verbindingen kunnen verschillende verschijningsvormen hebben: het kunnen parkachtige structuren zijn rondom buurten, groene omzomingen om gedenk-, tuin- of sportparken of groene bermen of taluds langs sporen en wegen. Groene verbindingen hebben vaak een belangrijke functie voor doorlopende vaar-, wandel- en fietsverbindingen en zijn vaak breed genoeg voor andere recreatieve voorzieningen. In uiterst brede vorm
76
Initiatieven en herinrichtingsvoorstellen in/van groene verbindingen zijn inpasbaar als deze niet ten koste gaan van onderstaande prioritaire en overige waarden en bijdragen aan de versterking van één of meer van deze prioritaire waarden. De recreatieve waarde van groene verbindingen is groot door het bieden van ruimte voor wandel-, fiets- en vaarroutes binnen de stad en van de stad naar het omliggende landschap. Daar waar een groene verbinding breed genoeg is, is er ook ruimte voor sport- en speelvoorzieningen en andere recreatieve functies. Vanaf aantrekkelijk ingerichte fiets- en wandelroutes is het groen goed zichtbaar. Dit draagt bij aan de beleving van groen in de stad. Groene verbindingen zijn belangrijk voor een prettig leefklimaat
in de stad. Groene verbindingen dragen bij aan het dempen van hitte, zeker als er grote bomen staan. Ze geleiden luchtstromen tussen stad en het omringende landschap. Als het stadsnatuur-label op een locatie ligt, dan geldt natuur als prioritaire waarde boven de hier genoemde waarden. Initiatieven mogen deze primaire waarde niet aantasten.
Overige waarden Sportieve en recreatieve routes en verbindingen naar ander groen nodigen uit tot bewegen en dragen op die manier bij aan de gezondheid van gebruikers Brede, overwegend onverharde groene verbindingen zijn belangrijk voor een duurzame waterhuishouding in de stad. Groene verbindingen hebben vanwege hun verbindende functie daarnaast natuurwaarde en zijn belangrijk voor de biodiversiteit. Dat geldt met name voor groene verbindingen die tevens als stadsnatuur op de toetskaart zijn aangeduid.
Mate van bebouwing en verharding Groene verbindingen ontlenen een groot deel van hun waarde aan continuïteit. Doorsnijdingen door infrastructuur (zoals bruggen) zijn mogelijk, mits het de belevings- of recreatieve waarde niet vermindert. Beide zijn daarom slechts in beperkte mate mogelijk en blijven ondergeschikt aan de groenfunctie. De positionering, de verschijningsvorm en de mate van bebouwing en verharding is afhankelijk van de mogelijkheden, het karakter, de omvang en de opzet van de groene verbinding en/of watergang. Bebouwing en verharding zijn zorgvuldig landschappelijk, natuurvriendelijk en duurzaam ingepast en bij voorkeur geclusterd rond entrees en/of een centrale zone. Eventuele nieuwe bebouwing, verharding of routing kan alleen als het uit functionaliteit is vereist, tenminste één van de prioritaire waarden versterkt en niet ten koste gaat van de overige prioritaire waarden. Geen extra parkeervoorzieningen in de groene verbinding, oplossingen voor parkeren ten behoeve van voorzieningen moeten buiten de groene verbinding worden gevonden.
Prioritaire waarden
Recreatie
Beleving
Leefklimaat
77
Groene verbinding Inpasbare voorzieningen
Beheerwijze
Als het initiatief/de planvorming niet ten koste gaat van de prioritaire en overige waarden en bijdraagt aan tenminste één van de prioritaire waarden, dan zijn inpasbaar: Bij voldoende maat (minimaal 25 meter) is er ruimte voor wandelen fietspaden, steigers langs het water, voorzieningen voor sport en spel. Voorzieningen dienen het openbare karakter te ondersteunen en een brede gebruikersgroep te bedienen. Kleinschalige recreatieve voorzieningen zijn mogelijk zoals picknicktafel, bankje, informatiebord, uitkijkplatform, vogelkijkscherm. Bij voldoende maat (minimaal 15 meter) is er ruimte voor voorzieningen zoals moestuinen, een fitnessparcours, speeltoestellen en andere sport- en speelaanleidingen. Ecologische voorzieningen in de vorm van bijvoorbeeld ecopassages zijn toegestaan om ecologische knelpunten weg te nemen. De inpasbaarheid van steigers en voorzieningen gericht op waterrecreatie zijn maatwerk per locatie.
Het beheer van verbindingen (groen en water) ondersteunt de waarden en het gewenste gebruik. Binnen de randvoorwaarden van het recreatieve gebruik moet het beheer erop gericht zijn dat de verbinding zoveel mogelijk verschillende soorten planten en dieren herbergt en instandhouding daarvan uitgangspunt is. Het beheer heeft een extensief beheer, en is met name gericht op het verhogen van de natuurwaarde en belevingswaarde. Het gebied wordt duurzaam en ecologisch beheerd volgens een beheerplan voor de verbinding. Waterpartijen hebben op daarvoor aangewezen plekken natuurlijke oevers (geleidelijk talud), naast de meer op recreatie gerichte oevers. Voor vrijwilligers en ondernemers is het mogelijk een deel van een park te onderhouden in samenwerking en afstemming met de gemeente.
78
79
Bijlage 1 Tekst Omgevingsvisie 2050 over sport, spel en bewegen Sport, spel en bewegen Amsterdammers hebben een scala aan faciliteiten voor top- en breedtesport tot hun beschikking en maken hier veel gebruik van. De sportparticipatie van Amsterdammers is hoger dan die van Nederlanders: de Amsterdammer sport vaker en diverser. Sportieve activiteiten worden zowel binnen als buiten, in georganiseerd verband als ongeorganiseerd ondernomen. Volwassen Amsterdammers sporten steeds vaker individueel, met vrienden of familie, op het moment dat het hun uitkomt. Ze doen dat bovendien steeds meer op openbare plekken; in parken, op het water in en rond de stad, of bij particuliere sportscholen. Tegelijkertijd groeit het aandeel kinderen dat sport in georganiseerd verband, veelal bij de verenigingen op de Amsterdamse sportparken. Sport en bewegen zijn gezond en leuk, dus dat krijgt de ruimte in Amsterdam. Zie hiervoor ook het hoofdstuk Inclusieve stad, paragraaf Maatschappelijke voorzieningen.
Beweegvriendelijke stad Bewegen in het dagelijkse leefritme is voor de gezondheid het belangrijkst. Daarom stimuleren we actieve vormen van vervoer: een radicale keuze voor de transitie van auto naar openbaar vervoer, lopen, fietsen en combinaties daarvan. De gezondheidsvoordelen van actief vervoer zijn veelvuldig: bewegen, schone lucht, gezonder gewicht, mentale gezondheid en minder geluidsoverlast. Nabijheid en fijnmazigheid van voorzieningen helpt bij de stimulering ervan. Ook op andere manieren stimuleren we mensen op allerlei natuurlijke manieren tot bewegen. De inrichting van straten, pleinen, trappen, gebouwen, parken enzovoorts bepaalt sterk hoeveel mensen bewegen. Ontwerp en inrichting moeten beweging bevorderen.
Groeiende sportbehoefte De bouw van 150.000 nieuwe woningen leidt naar verwachting tot de groei van de stad met 250.000 Amsterdammers, van wie bij een gelijkblijvende sportparticipatie ongeveer 150.000 actief (wekelijks) zullen sporten. De ruimtelijke sportopgave bestaat uit voldoende en aantrekkelijke (groene) openbare gebruiken verblijfsruimte in buurten en wijken, die uitnodigt tot sportieve activiteiten en sportief medegebruik van pleinen, plekken en routes. Daarnaast voldoende en goed gespreid aanbod aan sportterreinen voor georganiseerde buitensport. Tegelijk moet het bestaande areaal aan sportterreinen continu worden beheerd, ontwikkeld en verduurzaamd. De hiervoor benoemde opgaven voor sportterreinen gelden ook voor de zwembaden en de bijbehorende terreinen. Dit doen we voor en samen met sportaanbieders, sporters, Amsterdammers en maatschappelijke partners.
Sportnormen In de Sportvisie 2025 zijn de uitgangspunten voor het sportbeleid vastgesteld. Basisidee daarin is dat alle sportcapaciteit meegroeit met de groei van de stad. De sportnorm is onderdeel van de ‘Referentienormen voor Maatschappelijke Voorzieningen, Groen en Spelen’. Deze geven normen voor het toevoegen van sport en spelen in de openbare ruimte, sporthallen en (anders) georganiseerde buitensport en zwembaden, met de groei van de stad. Belangrijk beleid zoals de Groenvisie, de Agenda Autoluw, de Visie Openbare Ruimte, het Actieplan Age Friendly City, het programma Amsterdam Rainproof en de Amsterdamse Aanpak Gezond Gewicht biedt kaders bij de groene en
80
duurzame invulling van sportieve ruimte in de stad. De brede boodschap hiervan blijft van kracht.
Nieuwe richtingen Amsterdam verdicht en wil het landschap zoveel mogelijk ontzien. Toevoeging van buitensport is daarom ingewikkeld. Waarborging van voldoende sportaanbod in de open lucht doen we in drie stappen: het inpassen van sport in de nieuwe buurten, het optimaliseren en uitbreiden van het bestaande areaal en het toevoegen van nieuwe locaties voor sport.
Inpassen, optimaliseren sportlandschappen In de (nieuwe) buurten maken we compacte ‘parken voor sport’. Gecombineerd met openbare speelvoorzieningen en urban sports in een groene omlijsting bieden deze parken ook plek voor georganiseerd sportaanbod. Dit is vooral van belang voor kinderen en andere buurt- en wijkbewoners die voor hun sportbehoefte afhankelijk zijn van sport om de hoek. Bij de ontwikkeling van nieuwe stadsbuurten groter dan 1000 woningen, realiseren we minstens de helft van de sportnorm voor buitensport binnen de buurt. Daarbij zoeken we naar de goede functie op de goede plek. Buurt, wijk en landschap bieden elk ruimte aan verschillende soorten sportvoorzieningen We zoeken bovendien naar innovatieve oplossingen, zoals sport op daken en boven en onder spoor- en metrolijnen en wegen. De tweede stap is het optimaliseren van bestaande sportterreinen die binnen vijftien minuten fietsen van nieuwe ontwikkelingen liggen. Voorwaarde voor deze aanpak is behoud van het bestaande areaal aan sportterrein, en inclusief de locaties waarop in de vorige structuurvisie woningbouw is voorzien. Optimalisering van het gebruik kan ook worden bereikt door de omlijsting van sport met bebouwing, zodat het park meer onderdeel wordt van de buurt en de stad.
Daarmee worden sociale veiligheid, bereikbaarheid en mogelijkheden voor sportief, maatschappelijk en recreatief medegebruik vergroot. Extra sportcapaciteit op nieuwe locaties is aan de orde als sport in de buurt en optimalisering van bestaande sportparken niet voldoende zijn voor de sportvraag van nieuwe bewoners. Dan kan er een stedelijk of innovatief sportpark komen, of een sportpark in het groen. We kunnen denken aan nieuwe, aantrekkelijk vormgegeven sport- en beweeglandschappen, uiteraard zorgvuldig ingepast.
Vele functies komen straks samen Deze omgevingsvisie ziet de grenzen tussen veel stedelijke functies graag zachter worden, ook wat betreft sport en bewegen. Er kan gesport en gespeeld worden in niet daarvoor geprogrammeerd groen, en andersom moeten specifieke voorzieningen als speelplekken en sportvelden natuurinclusief en klimaatadaptief worden vormgegeven. Sportpark Laan van Spartaan is een goed voorbeeld van dat laatste. Kortom: verschillende functies en doelen grijpen in elkaar. Zie hiervoor ook de paragraaf Groen, waarin een nieuwe hoofdgroenstructuur wordt gepresenteerd. Kleinschalige sport- en speelvoorzieningen horen onderdeel te zijn van de woonomgeving, vooral voor buurtbewoners die afhankelijk zijn van de nabijheid van voorzieningen. Parken bieden naast ruimte om te spelen en te sporten ook ruimte voor verblijfsrecreatie en natuurwaarden, terwijl de groene en actieve verkeersroutes door de stad en richting de scheggen aantrekkelijke routes vormen om te wandelen, joggen en fietsen (alle drie in de top 10 van meest
81
beoefende sporten in Amsterdam!). De ontwikkeling van de scheggen staat vooral in het teken van landschapsontwikkeling. Op de overgang tussen stad en landschap, in de koppen van de groene scheggen, willen we deze poorten naar het landschap nóg aantrekkelijker maken om te sporten en bewegen. Uitgaande van dit continuüm aan vrijetijdsvoorzieningen voor spelen, sporten en recreëren, moeten we anders gaan kijken naar sportparken. Van oudsher zijn sportterreinen vooral gericht op verhuur aan sportaanbieders. Dit blijft een belangrijke functie, maar gezien de ontwikkelingen in de sportbeoefening en de toenemende gebruiksdruk op het groen in en rond de stad, willen we de grotere Amsterdamse sportparken verder ontwikkelen tot parken om in te sporten, bewegen, spelen en recreëren. Daartoe is het afgelopen decennium een belangrijke stap gezet, door niet langer sportparken integraal te verhuren, maar alleen de gebruiks-uren van de velden. Daarmee is het gebruik door andere sportaanbieders, maatschappelijke partijen en particulieren mogelijk geworden en zijn de gemeentelijke sportparken openbaar toegankelijk gemaakt voor publiek en recreatief medegebruik. De ontwikkeling en transformatie van sportparken naar parken om in te sporten, bewegen, spelen en recreëren vergt maatwerk en zal tot stand komen in samenspraak met gebruikers en omliggende buurten.
82
Colofon Beleidskader Hoofdgroenstructuur Vrijgegeven voor inspraak en advies door het college van burgemeester en wethouders op 14 december 2021 Bestuurlijk opdrachtgever Wethouder Marieke van Doorninck (Ruimtelijke Ordening) Ambtelijke opdrachtnemer Directie Ruimte en Duurzaamheid, Gemeente Amsterdam Fotografie Beeldbank Amsterdam, medewerkers van R&D, tenzij anders vermeld Met dank aan: Alle Amsterdammers en medewerkers van gemeentelijke onderdelen die hebben bijgedragen aan de totstandkoming van dit Beleidskader Hoofdgroenstructuur amsterdam.nl/hoofdgroenstructuur
83
84