CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1B VMA Onderzoek 240118.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 10 april 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de Principenota Nieuwe A2 Entree (VN2024-002936)11.140 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

BIJLAGE 1B

VMA Onderzoek

Principenota De Nieuwe A2 Entree versie: 18-01-2024

CONCEPT Bijlagen Principenota de Nieuwe A2 Entree | 15 01 2024

1

Nieuwe A2 Entree Uitgangspunten en resultaten met het VMA

Team Onderzoek & Kennis Verkeersonderzoek@amsterdam.nl Rapportnummer O-230054

Gemeente Amsterdam Rapportage Nieuwe A2 Entree VMA

19 december 2023 versie 2.0

Inhoudsopgave HOOFDSTUK 1 INLEIDING ...................................................................................................................... 5 1.1 AANLEIDING ........................................................................................................................................... 5 1.2 LEESWIJZER ............................................................................................................................................ 5 HOOFDSTUK 2 UITGANGSPUNTEN ......................................................................................................... 7 2.1 MODELVERSIE......................................................................................................................................... 7 2.2 VARIANTEN ............................................................................................................................................ 7 2.3 STUDIEGEBIED ........................................................................................................................................ 7 2.4 NETWERKEN ........................................................................................................................................... 8 2.5 SOCIAAL-ECONOMISCHE GEGEVENS ...........................................................................................................

11 2.5.1 Sociaal-economische gegeven 2019 ......................................................................................... 11 2.5.2 Sociaal-economische gegevens 2040 ........................................................................................ 13 2.5.3 Sociaal-economische gegevens Overamstel ............................................................................. 15 2.5.4 Sociaal-economische gegevens: nieuwe ontwikkeling gebied A2 Entree ................................. 19 2.6 BELEIDSINSTELLINGEN ............................................................................................................................ 21 HOOFDSTUK 3 RESULTATEN................................................................................................................. 22 3.1 INLEIDING ............................................................................................................................................ 22 3.2 MODAL SPLIT........................................................................................................................................ 22 3.3 THERMOMETERPUNTEN .......................................................................................................................... 24 3.4 IC-VERHOUDINGEN IN EN RONDOM HET STUDIEGEBIED .................................................................................

34 3.5 KRUISPUNTBELASTINGEN ........................................................................................................................ 39 3.6 GEVOELIGHEIDSANALYSES ....................................................................................................................... 41 3.6.1 Gevoeligheidsrun 1 ................................................................................................................... 41 3.6.2 Gevoeligheidsrun 2 ................................................................................................................... 42 3.6.3 Gevoeligheidsrun 3 ................................................................................................................... 44 A.1 BIJLAGE 1: VERGELIJKING NRM EN VMA ........................................................................................... 49 A.1.1 Uitgangspunten ................................................................................................................. 49 A.1.2 Resultaten ......................................................................................................................... 50 THERMOMETERPUNTEN TUSSEN NRM EN VMA VERGELEKEN ............................................................................. 50

3

Gemeente Amsterdam Rapportage Nieuwe A2 Entree VMA

19 december 2023 versie 2.0

Hoofdstuk 1 Inleiding

1.1 Aanleiding De gemeente Amsterdam, Vervoerregio Amsterdam en Rijkswaterstaat verkennen de mogelijkheid om de A2 tussen knooppunt Amstel en Utrechtsebrug af te waarderen en hier een doorgaande stadsstraat aan te leggen. De vrijgekomen ruimte kan ingezet worden t.b.v. stedelijke woningbouw. Bij het maken van plannen voor gebiedsontwikkeling en infrastructurele projecten horen een aantal vaste stappen welke elk afgerond worden met een bestuurlijk besluit. Ter voorbereiding van de bestuurlijke besluiten dienen verschillende onderzoeken uitgevoerd te worden. Eén van deze onderzoeken heeft betrekking op het verkeer. Om de gevolgen van de wegverlegging en gebiedsontwikkeling in kaart te brengen dienen er verschillende ‘runs’ met twee verschillende verkeersmodellen gedraaid te worden. Er wordt onderscheid gemaakt tussen het verkeersmodel van de gemeente Amsterdam (VMA) en het model van Rijkswaterstaat (NRM West). Beide verkeersmodellen zijn noodzakelijk omdat deze ingreep zowel effecten op het rijkswegennet kan hebben (NRM West) als effecten op het onderliggend wegennet in de gemeente Amsterdam (VMA) 1.

1.2 Leeswijzer Deze rapportage legt de uitgangspunten en resultaten vast voor de VMA -berekeningen voor de Nieuwe A2Entree (NA2E). De verkeerskundige effecten van de Nieuwe A2 Entree zijn zowel met het VMA als met het NRM West berekend. De uitgangspunten en resultaten van de NRMberekeningen zijn vastgelegd in een separate rapportage (Nieuwe A2 Entree - rapport Verkeer, Goudappel, november 2023). De overeenkomsten en verschillen in uitgangspunten en resultaten tussen beide modellen staan beschreven in de bijlage van beide rapportages.

1

RWS heeft voor de vier regio’s van Nederland vier NRM-modellen. De regio Amsterdam valt onder NRM West. Voor de leesbaarheid van de rapportage spreken we van het NRM, maar wordt NRM West bedoeld.

5

Gemeente Amsterdam Rapportage Nieuwe A2 Entree VMA

19 december 2023 versie 2.0

Hoofdstuk 2 Uitgangspunten

In dit hoofdstuk zijn de diverse uitgangspunten en aannames beschreven die ten grondslag liggen aan de berekeningen met het Verkeersmodel Amsterdam.

2.1 Modelversie De studie is uitgevoerd met het Verkeersmodel Amsterdam (VMA) versie4.51, welke is vrijgegeven in de zomer 2022.

2.2 Varianten In totaal worden er zes varianten doorgerekend. Drie om te komen tot de optimale inrichting van de infrastructuur van de Nieuwe A2 Entree. Uit deze drie varianten wordt een voorkeursvariant gekozen voor de NRM-berekeningen en de drie VMA-varianten ten behoeve van de milieuberekeningen. In Tabel 1 staan alle varianten beschreven. Tabel 1. Varianten die worden doorgerekend met het VMA ten behoeve van de NA2E VMA run

1 2 3 4 5 6

Modeljaar

Segs

Extra woningen/kantoren A2 Entree

2040 2040 2040 2028 2038 2038

2040 2040 2040 2028 2038 2038

Ja Ja Ja Nee Nee Ja

Omschrijving

2040 met NA2E met 2x2 rijstroken 2040 met NA2E met 2x1 rijstroken 2040 met NA2E nader in te vullen 2028 zonder NA2E 2038 zonder NA2E 2038 met NA2E voorkeursvariant

2.3 Studiegebied De effecten van het aanpassen van de A2 Entree reiken verder dan alleen de directe omgeving. Naarmate je verder van het project komt neemt de omvang van de effecten echter af. Om het studiegebied te begrenzen zal naast de effecten op de A2 van de Utrechtse Brug tot aan afrit 1 Ouderkerk a/d Amstel ook gekeken worden naar de effecten op de A10 tot aan afrit 8 Amsterdam Oud-Zuid naar het westen en tot aan afrit 12 Amsterdam-Centrum naar het oosten. Dit gaat dan om de netwerkeffecten. Voor de impact op gebiedsniveau worden de zones in de gebieden waar deze op- en afritten liggen ook meegenomen. Figuur 1 geeft het studiegebied weer.

7

Figuur 1. Studiegebied Nieuwe A2 Entree met 7 deelgebieden.

Het studiegebied bestaat uit 7 deelgebieden, allen in rood omkaderd. De deelgebieden worden gebruikt om de sociaal-economische gegevens op een overzichtelijke manier weer te geven.

2.4 Netwerken De netwerken zijn de standaard netwerken voor Auto, OV en Fiets zoals deze zijn opgenomen in het VMA4.5. Voor de varianten zullen de volgende aanpassingen worden gedaan aan het autonetwerk (OV en Fiets blijven ongewijzigd2):   

3 aansluitingen tussen knooppunt Amstel en Utrechtse brug; Verbindingsboog van A10 Oost richting A2 Utrechtse brug verwijderd uit knooppunt Amstel3; VRI’s op de 3 nieuwe aansluitingen met vrije rechtdoor of rechtsaf waar mogelijk.

Variant 1: 2x1 rijstroken tussen de nieuwe aansluitingen; Variant 2: 2x2 rijstroken tussen de nieuwe aansluitingen, inclusief 2 opstelstroken bij de VRI’s; Variant 3 (voorkeursvariant): 2x1 met 2 opstelstroken bij kruispunten. De eerste twee varianten zijn eerder doorgerekend met een voorgaande versie van het VMA. De infrastructurele aanpassingen zullen 1-op-1 uit deze studie worden overgenomen (O&Kprojectnummer 220168 VMA MER Zuidas A2 Entree).

2

Het fietsnetwerk verandert mee met het autonetwerk in de variant, daar waar fietsen is toegestaan op het autonetwerk. 3 De verbindingsboog van A2 vanuit Amsterdam naar A10 Oost is in de referentie al niet meer opgenomen. Dit is onderdeel van het project Zuidasdok.

8

Een 3e variant is opgesteld na bestudering van de resultaten van varianten 1 en 2. Uitgangspunt in het VMA zijn infrastructurele maatregelen binnen de gemeente Amsterdam die in de zomer van 2021 zijn vastgesteld door het College. Inmiddels zijn er nieuwe inzichten in infrastructurele maatregelen. Sommige zijn al zeker, deze zullen we meenemen in de referentie. Andere minder zekere ontwikkelingen zullen we in een gevoeligheidsrun inzichtelijk maken. Dit zal middels een zogeheten hertoedeling van het autoverkeer gebeuren voor de referentie en de voorkeursvariant. In Tabel 2 staan de projecten die in de referentie en in de varianten als gerealiseerd verondersteld zullen worden. Er zal ook een gevoeligheidsrun worden uitgevoerd met automaatregelen uit de Omgevingsvisie 2050. De netwerk uitgangspunten hiervan zijn terug te vinden in Bijlage 1. Als laatste zal er een gevoeligheidsrun met 1 opstelvak en 1 afrijstrook in plaats van 2 bij de kruisingen Nieuwe Utrechtseweg – Amstelstroomlaan en Nieuwe Utrechtseweg – Joan Muyskenweg/Ouderkerkerdijk worden uitgevoerd. Tabel 2. Niet-vastgestelde projecten in de referentie/varianten en in de gevoeligheidsrun Project

Geen MacGillavry onderdoorgang Knip Overzichtsweg onder het spoor 1-richtingscarré rondom station Zuid 1-richtingsknip Hoogoorddreef onder het spoor (oost – west niet meer mogelijk) Kruisingen op Nieuwe Utrechtseweg met 1 opstelvak en 1 afrijstrook i.p.v. 2

Referentie/varianten

Gevoeligheidsrun

V

V V V V V

Om na te gaan of in de huidige en toekomstige situatie de zones correct op het netwerk zijn aangesloten, is in Figuur 2 weergegeven hoe de zones in Overamstel in het netwerk van 2040 zijn aangetakt op het netwerk. Dit is gedaan in een netwerk zonder Nieuwe A2 Entree en met Nieuwe A2 Entree. Daarnaast is in verband met de grootte van zone 848 deze zone opgesplitst in 2 delen: 1448 en 1449. De zones 848 en 1448 liggen heel dicht bij elkaar in de buurt in het VMA daarom overlappen in Figuur 2 en Figuur 3 de cijfers.

9

Figuur 2. Zone-aansluitingen op het VMA-netwerk voor zones in Overamstel zonder A2 Entree

10

Figuur 3. Zone-aansluitingen op het VMA-netwerk voor zones in Overamstel met A2 Entree

2.5 Sociaal-economische gegevens Voor het basisjaar zal gebruikt worden gemaakt van de socio-economische gegevens (inwoners, arbeidsplaatsen etc.) van VMA4.5 omdat dit de meest recent vastgestelde socio-economische gegevens (SEGs) bevat. VMA4.5 heeft als basisjaar 2019.

2.5.1 Sociaal-economische gegeven 2019 In de Figuur 4 tot en met Figuur 7 worden het aantal huishoudens, inwoners, arbeidsplaatsen en scholierenplaatsen van de 2019 VMA4.5 SEGs uiteengezet.

11

Huishoudens 2019 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 0

Figuur 4: Huishoudens 2019 per gebied.

Inwoners 2019 50.000 45.000 40.000 35.000 30.000 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 0

Figuur 5: Inwoners 2019 per gebied.

12

Arbeidsplaatsen 2019 70.000 60.000 50.000 40.000 30.000 20.000 10.000 0

Figuur 6: Arbeidsplaatsen 2019 per gebied.

Scholierenplaatsen 2019 10.000 9.000 8.000 7.000 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000 0

Figuur 7: Scholierenplaatsen 2019 per gebied.

2.5.2 Sociaal-economische gegevens 2040 VMA4.5 heeft de meest recente inzichten voor alle Amsterdamse gebieden en Mobiliteitsplan Zuidflank (MP) voor heeft de meest recente inzichten voor het gebied Zuidflank. Daarom zullen we voor dit onderzoek uitgaan van de MP SEGs voor het gebied Zuidflank en van de VMA4.5 SEGs voor alle andere gebieden. Hierdoor maken we gebruik van de meest actuele inzichten met de betrekking tot de ontwikkeling van Amsterdam. Voor het Kenniskwartier, wat deel uitmaakt van de Zuidflank, zijn het aantal arbeidsplaatsen aangepast ten opzichte van het MP op basis van de meest recente inzichten.

13

In de Figuur 8 tot en met Figuur 11 worden het aantal huishoudens, inwoners, arbeidsplaatsen en scholierenplaatsen van Mobiliteitsplan Zuidflank (MP) voor het gebied Zuidflank en de 2040 VMA4.5 SEGs voor de overige gebieden weergegeven.

Huishoudens 2040 30.000 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 0

Figuur 8: Huishoudens 2040 per gebied.

Inwoners 2040 60.000 50.000 40.000 30.000 20.000 10.000 0

Figuur 9: Inwoners 2040 per gebied.

14

Arbeidsplaatsen 2040 120.000 100.000 80.000 60.000 40.000 20.000 0

Figuur 10: Arbeidsplaatsen 2040 per gebied.

Scholierenplaatsen 2040 9.000 8.000 7.000 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000 0

Figuur 11: Scholierenplaatsen 2040 per gebied.

2.5.3 Sociaal-economische gegevens Overamstel De sociaal-economische gegevens worden voor Overamstel per VMA-zone weergegeven in de onderstaande figuren (zie Figuur 1 voor een indeling van de zonenummers).

15

Huishoudens 2019 1.800 1.600 1.400 1.200 1.000 800 600 400 200 0 840

841

842

844

845

846

847

848

846

847

848

Figuur 12: Huishoudens Overamstel per zone 2019.

Inwoners 2019 2.500 2.000 1.500 1.000 500 0 840

841

842

844

845

Figuur 13: Inwoners Overamstel per zone 2019.

16

Arbeidsplaatsen 2019 2.500 2.000 1.500 1.000 500 0 840

841

842

844

845

846

847

848

846

847

848

Figuur 14: Arbeidsplaatsen Overamstel per zone 2019.

Scholierenplaatsen 2019 350 300 250 200 150 100 50 0 840

841

842

844

845

Figuur 15: Scholierenplaatsen Overamstel per zone 2019.

17

Huishoudens 2040 1.800 1.600 1.400 1.200 1.000 800 600 400 200 0 840

841

842

844

845

846

847

848

846

847

848

Figuur 16: Huishoudens Overamstel per zone 2040.

Inwoners 2040 3.000 2.500 2.000 1.500 1.000 500 0 840

841

842

844

845

Figuur 17: Inwoners Overamstel per zone 2040.

18

Arbeidsplaatsen 2040 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000 0 840

841

842

844

845

846

847

848

846

847

848

Figuur 18: Arbeidsplaatsen Overamstel per zone 2040.

Scholierenplaatsen 2040 500 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0 840

841

842

844

845 VMA4.5

Figuur 19: Scholierenplaatsen Overamstel per zone 2040.

2.5.4 Sociaal-economische gegevens: nieuwe ontwikkeling gebied A2 Entree De A2 wordt afgewaardeerd tussen knooppunt Amstel en de Utrechtsebrug. Dit gebied wordt ontwikkeld tot woonwijk met zowel inwoners, arbeidsplaatsen als een school. Het gaat hierbij om 1.500 woningen, 14.380 m² bvo bedrijf/kantoor, 7.200 m² maatschappelijke voorzieningen en één school met 400 leerlingenplaatsen4. De al bestaande arbeidsplaatsen in het te ontwikkelen gebied vervallen niet. Deze ontwikkeling is verdeeld over 2 zones: 1199 ten zuiden van de Amstelstroomlaan en 1200 ten noorden van de Amstelstroomlaan. Voor een indeling van de zoneverfijning, zie Figuur 3.

4

BVO = bruto vloeroppervlak

19

Zone 1199: ten zuiden van de Amstelstroomlaan Ten zuiden van de Amstelstroomlaan bestaat de ontwikkeling uit 10.780 m² bvo bedrijf/kantoor, 5.400 m² bvo voorzieningen (commercieel en maatschappelijk inclusief school) en 1.100 woningen. Voor de 10.780 m² bvo gaan we uit dat de helft een kantoorfunctie heeft en de helft een bedrijfsfunctie. Voor de kantoorfunctie wordt uitgegaan van een omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 25 m² bvo. Dit leidt tot 216 arbeidsplaatsen voor 5.390 m² bvo kantoor. Voor de bedrijfsfunctie wordt uitgegaan van een omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 80 m². Dit leidt tot 67 arbeidsplaatsen voor 5.390 m² bvo bedrijf. Voor de 5.400 m² bvo maatschappelijke voorzieningen wordt de standaard omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 80 m² bvo gehanteerd. Dit leidt voor 68 arbeidsplaatsen. We gaan ervan uit dat de huishoudgrootte vergelijkbaar is met de rest van Overamstel. Hierdoor wordt een omrekenfactor van 1.65 inwoners per woning gehanteerd. Dit maakt dat de nieuwe ontwikkeling met 1.100 woningen 1.815 inwoners zal hebben. Tabel 3 vat de gegevens zoals hierboven beschreven samen voor het zuidelijke deel. Voor 2019 komen de cijfers uit het VMA. Deze liggen in lijn met de cijfers zoals die zijn aangeleverd door de opdrachtgever. Tabel 3: Sociaal-economische gegevens zone 1199, voor bestaand is uitgegaan van VMA 4.51 2019.

Zone 1199 (zuid) Woningen/huishoudens Inwoners Arbeidsplaatsen Leerlingenplaatsen

Bestaand 2019

Nieuwbouw (plan)

Totaal

547 665 939 0

1.100 1.815 350 400

1.647 2.480 1.289 400

Zone 1200: ten noorden van de Amstelstroomlaan Ten noorden van de Amstelstroomlaan bestaat de ontwikkeling uit 3.600 m² bvo bedrijf/kantoor, 1.800 m² voorzieningen (commercieel en maatschappelijk) en 400 woningen. Voor de 3.600 m² bvo gaan we uit dat de helft een kantoorfunctie heeft en de helft een bedrijfsfunctie. Voor de kantoorfunctie wordt uitgegaan van een omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 25 m² bvo. Dit leidt tot 72 arbeidsplaatsen voor 1.800 m² bvo kantoor. Voor de bedrijfsfunctie wordt uitgegaan van een omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 80 m². Dit leidt tot 23 arbeidsplaatsen voor 1.800 m² bvo bedrijf. Voor de 1.800 m² bvo maatschappelijke voorzieningen wordt de standaard omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 80 m² bvo gehanteerd. Dit leidt voor 23 arbeidsplaatsen. We gaan ervan uit dat de huishoudgrootte vergelijkbaar is met de rest van Overamstel. Hierdoor wordt een omrekenfactor van 1.65 inwoners per woning gehanteerd. Dit maakt dat de nieuwe ontwikkeling met 400 woningen zal bestaan uit 660 inwoners. Tabel 4 geeft een overzicht van de ontwikkeling voor het noordelijke deel. Voor 2019 komen de cijfers uit het VMA. Deze liggen in lijn met de cijfers zoals die zijn aangeleverd door de opdrachtgever.

20

Tabel 4: Sociaal-economische gegevens zone 1200, voor bestaand is uitgegaan van VMA 4.51 2019. Zone 1200 (noord)

Bestaand 2019

Nieuwbouw (plan)

Totaal

177 215 0 0

400 660 117 0

577 875 117 0

Woningen/huishoudens Inwoners Arbeidsplaatsen Leerlingenplaatsen

Zone 1199 + 1200, zone 848, vergeleken met VMA4.5 Tabel 5 geeft de cijfers voor zone 848, sommatie van zones 1199 en 1200, in het VMA4.5 en volgens de nieuwe uitgangspunten. Tabel 5: Sociaal-economische gegevens voor zone 848 vergeleken. Zone 848 (1199+1200)

VMA2040AR

Nieuwe uitgangspunten

Woningen/huishoudens

1.027 1.395 1.457 0

2.224 3.355 1.406 400

Inwoners Arbeidsplaatsen Leerlingenplaatsen

Het aantal huishoudens en inwoners verdubbelt ongeveer door de nieuwbouwplannen als gevolg van de aanpassing van de Nieuwe A2 Entree.

2.6 Beleidsinstellingen De beleidsinstellingen voor alle VMA-runs zullen gelijk zijn aan de beleidsinstellingen voor het 2040AR-scenario. Dit betekent een beleidsconsistent scenario en geen beleidsrijk scenario. Het beleidsrijke scenario geeft over het algemeen een lagere autogebruik. Het beleidsconsistente scenario kan daarmee dan ook gezien worden als een ‘worst case’ scenario in termen van het aantal autokilometers en de daarmee samenhangende milieucijfers. Tabel 6: Beleidsinstellingen VMA Beleidsinstelling

VMA2040AR

Rijbewijsbezit (man 18-34/35-64/65+

79.8/94.0/95.0

vrouw 18-34/35-64/65+)

75.7/89.7/90.0

Autobezit landelijk

9.970.622

Brandstofkostenindex (2019=100)

83

OV-kostenindex (2019=100)

100

Reistijd fietsindex (2019=100)

93

Buitenlandverkeer index

Nvt

Prijsbeleid/mautheffing

Geen/geen

21

Hoofdstuk 3 Resultaten

3.1 Inleiding Dit hoofdstuk beschrijft de resultaten van de VMA-berekeningen voor de nieuwe A2 Entree. In dit hoofdstuk komen vier varianten aan bod: 1. De 2040 referentie-variant; 2. De 2040 2x2-variant: 2 rijstroken tussen de VRI’s op de nieuwe A2 Entrée; 3. De 2040 2x1-variant: 1 rijstrook tussen de VRI’s op de nieuwe A2 Entrée; 4. De 2040 voorkeursvariant: 1 rijstrook tussen de VRI’s op de nieuwe A2 Entrée, tussen aansluiting Ouderkerkerdijk en Amstelstroomlaan 2 rijstroken en VRI’s conform voorkeursconfiguratie; Een uitgebreidere beschrijving van de varianten is te vinden in Hoofdstuk 2. De resultaten richten zich met name op de afwikkeling van het autoverkeer. Om enigszins indruk te hebben wat de invloed is op de overige vervoerwijzen, start dit hoofdstuk met resultaten op de vervoerwijzeverdeling. Vervolgens komen de intensiteiten van het gemotoriseerd verkeer aan bod, en afsluitend de impact op de IC-verhouding op de wegvakken en de VC-ratio’s van de relevante VRI’s.

3.2 Modal split Figuur 20, Figuur 21 en Figuur 20 geven de modal split (vervoerwijzeverdeling) voor Amsterdam, Stadsdeel Oost respectievelijk het studiegebied in termen van verplaatsingen. Deze trapsgewijze benadering laat top-down de impact van de verandering van de A2 Entree zien op de modal split in Amsterdam.

Figuur 20: Modal split Amsterdam

Het studiegebied en de veranderingen in het studiegebied zijn te klein om impact te hebben op de modal split voor heel Amsterdam.

22

Figuur 21: Modal split stadsdeel Oost

Op afronding na blijft de modal split ook voor Stadsdeel Oost gelijk. Ten opzichte van Amsterdam wordt er in stadsdeel Oost iets meer gefietst.

Figuur 22: Modal split plangebied

Het studiegebied is minder goed bereikbaar met de fiets en het OV dan de rest van stadsdeel Oost. De samenstelling van huishoudens verandert in het plan ten opzichte van de referentie: niet alleen neemt het aantal inwoners toe, maar het aandeel huishoudens bestaand uit alleen studenten neemt af ten opzichte van reguliere huishoudens. Studenten hebben veelal geen auto tot hun beschikking vanwege hun lage inkomen. Reguliere huishoudens hebben een hogere inkomen en daardoor een grotere kans een auto te bezitten. Hierdoor neemt ook het gebruik van de auto toe. Ook wordt het gebied door de nieuwe aansluitingen beter ontsloten voor de auto.

23

3.3 Thermometerpunten Voor verschillende punten in het netwerk zijn de intensiteiten van de verschillende varianten met elkaar vergeleken. In Figuur 23 zijn de opgenomen thermometerpunten te zien.

Figuur 23: Thermometerpunten

In Tabel 7 tot en met Tabel 16 zijn de motorvoertuigintensiteiten voor alle thermometerpunten voor zowel de ochtendspits, avondspits, restdag als het etmaal te zien. In de 2040 referentie is de nieuwe noordelijke aansluiting met de Joan Muyskenweg nog niet opgenomen in het netwerk.

24

Tabel 7: Intensiteiten autoverkeer beide richtingen 2040 referentie Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

Mvt Etm

1

Amstelveenseweg

4,900

4,700

25,200

34,800

2

De Boelelaan west

3,700

4,100

20,400

28,300

3

Europaboulevard noord

6,800

7,500

35,500

49,800

4

De Boelelaan oost

5,000

4,500

21,300

30,800

5

Europaboulevard zuid

2,900

3,500

17,100

23,500

6

Amsteldijk

2,600

3,100

13,700

19,300

7

Berlagebrug

2,300

3,100

16,100

21,500

8

Utrechtse Brug

4,900

6,200

23,600

34,600

9

Nieuwe Utrechtseweg A2- Amstelstroomlaan

5,500

6,000

25,800

37,400

10

Amstelstroomlaan

1,400

1,600

6,400

9,300

11

Spaklerweg

1,500

1,900

6,900

10,300

12

Gooiseweg

7,000

8,000

40,600

55,600

13

Middenweg

3,400

3,700

19,800

27,000

14

Van Marwijk Kooystraat

5,800

6,100

30,200

42,100

15

Holterbergweg

1,400

2,200

8,500

12,000

16

A2

27,000

29,000

132,400

188,400

17

Burgemeester Stramanweg

7,900

9,400

42,000

59,200

18

Amsterdamseweg

1,900

2,400

9,600

13,900

19

Buitenveldertselaan

2,200

2,800

10,900

15,900

20

A10 Zuid - West

13,500

13,400

63,100

90,000

21

Joan Muyskenweg

-

-

-

-

22

De Heusweg

100

400

200

700

23

A10 Zuid - Oost

36,300

36,900

197,000

270,300

24

A10 Buitenveldert afrit noord

3,400

2,900

14,500

20,800

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

3,200

2,600

13,800

19,600

26

A10 Overamstel afrit noord

1,700

800

6,300

8,900

27

A10 Overamstel afrit zuid

2,400

1,500

8,900

12,800

28

A10 S112 afrit noord

3,500

2,000

14,600

20,100

29

A10 S112 afrit zuid

3,200

2,800

17,600

23,600

25

Tabel 8: Intensiteiten autoverkeer beide richtingen 2040 plan 2_2 Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

Mvt Etm

1

Amstelveenseweg

4,900

4,700

25,400

35,100

2

De Boelelaan west

3,700

4,100

20,500

28,300

3

Europaboulevard noord

7,400

8,200

38,800

54,400

4

De Boelelaan oost

5,000

4,500

21,300

30,800

5

Europaboulevard zuid

2,900

3,500

17,200

23,500

6

Amsteldijk

2,100

2,700

13,600

18,400

7

Berlagebrug

2,400

3,300

17,100

22,800

8

Utrechtse Brug

3,200

4,000

16,000

23,200

9

Nieuwe Utrechtseweg A2- Amstelstroomlaan

3,200

4,100

15,800

23,200

10

Amstelstroomlaan

1,100

1,400

4,600

7,100

11

Spaklerweg

1,600

2,000

7,200

10,800

12

Gooiseweg

7,700

8,600

43,000

59,300

13

Middenweg

3,400

3,700

19,900

27,000

14

Van Marwijk Kooystraat

5,800

6,100

30,700

42,600

15

Holterbergweg

1,300

1,900

7,400

10,700

16

A2

26,900

29,300

132,900

189,200

17

Burgemeester Stramanweg

7,800

9,100

41,000

58,000

18

Amsterdamseweg

1,900

2,400

9,700

14,000

19

Buitenveldertselaan

2,200

2,800

11,000

16,000

20

A10 Zuid - West

14,000

14,000

65,700

93,600

21

Joan Muyskenweg

2,300

3,300

10,100

15,700

22

De Heusweg

600

800

1,900

3,300

23

A10 Zuid - Oost

35,800

36,400

192,400

264,600

24

A10 Buitenveldert afrit noord

3,700

3,300

15,800

22,800

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

3,400

2,600

14,100

20,100

26

A10 Overamstel afrit noord

1,700

800

7,000

9,600

27

A10 Overamstel afrit zuid

2,300

1,400

8,400

12,200

28

A10 S112 afrit noord

3,900

2,100

15,900

22,000

29

A10 S112 afrit zuid

3,200

2,900

17,400

23,500

26

Tabel 9: Intensiteiten autoverkeer beide richtingen 2040 plan 2_1 Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

MVT Et

1

Amstelveenseweg

4,900

4,700

25,400

35,100

2

De Boelelaan west

3,700

4,100

20,500

28,300

3

Europaboulevard noord

7,400

8,200

38,900

54,600

4

De Boelelaan oost

5,000

4,500

21,300

30,800

5

Europaboulevard zuid

2,900

3,500

17,200

23,500

6

Amsteldijk

2,100

2,600

13,500

18,300

7

Berlagebrug

2,500

3,300

17,100

22,800

8

Utrechtse Brug

3,000

3,800

15,700

22,500

9

Nieuwe Utrechtseweg A2- Amstelstroomlaan

3,100

3,800

15,500

22,400

10

Amstelstroomlaan

1,100

1,300

4,600

7,000

11

Spaklerweg

1,600

2,000

7,300

10,800

12

Gooiseweg

7,700

8,600

43,000

59,400

13

Middenweg

3,400

3,700

19,900

27,100

14

Van Marwijk Kooystraat

5,800

6,100

30,800

42,700

15

Holterbergweg

1,300

1,900

7,400

10,600

16

A2

26,900

29,200

132,800

188,900

17

Burgemeester Stramanweg

7,800

9,100

41,000

57,900

18

Amsterdamseweg

1,900

2,400

9,700

14,000

19

Buitenveldertselaan

2,200

2,800

11,000

16,000

20

A10 Zuid - West

14,000

14,000

65,800

93,800

21

Joan Muyskenweg

2,200

3,200

9,900

15,200

22

De Heusweg

600

800

1,900

3,300

23

A10 Zuid - Oost

35,900

36,500

192,500

264,900

24

A10 Buitenveldert afrit noord

3,700

3,300

15,900

23,000

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

3,400

2,700

14,100

20,100

26

A10 Overamstel afrit noord

1,700

900

7,000

9,600

27

A10 Overamstel afrit zuid

2,300

1,400

8,400

12,200

28

A10 S112 afrit noord

3,900

2,100

15,900

22,000

29

A10 S112 afrit zuid

3,200

2,900

17,400

23,600

27

Tabel 10: Intensiteiten autoverkeer beide richtingen 2040 plan 2_1_Voorkeursvariant Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

Mvt Etm

1

Amstelveenseweg

4,900

4,700

25,400

35,100

2

De Boelelaan west

3,700

4,100

20,500

28,400

3

Europaboulevard noord

7,600

8,300

39,800

55,800

4

De Boelelaan oost

5,000

4,400

21,300

30,800

5

Europaboulevard zuid

2,900

3,500

17,200

23,600

6

Amsteldijk

2,000

2,500

12,900

17,500

7

Berlagebrug

2,500

3,300

17,200

23,000

8

Utrechtse Brug

2,300

3,100

12,100

17,400

9

Nieuwe Utrechtseweg A2- Amstelstroomlaan

2,200

2,900

11,200

16,300

10

Amstelstroomlaan

900

1,200

3,900

6,000

11

Spaklerweg

1,500

1,900

6,900

10,300

12

Gooiseweg

8,000

8,800

44,600

61,400

13

Middenweg

3,500

3,800

20,000

27,200

14

Van Marwijk Kooystraat

5,900

6,200

31,100

43,200

15

Holterbergweg

1,300

1,900

7,700

10,900

16

A2

26,700

28,900

131,000

186,600

17

Burgemeester Stramanweg

7,800

9,200

40,800

57,800

18

Amsterdamseweg

1,900

2,400

9,700

14,000

19

Buitenveldertselaan

2,200

2,800

11,100

16,100

20

A10 Zuid - West

14,200

14,100

66,700

95,000

21

Joan Muyskenweg

2,100

2,700

9,000

13,800

22

De Heusweg

600

800

1,900

3,400

23

A10 Zuid - Oost

36,100

36,700

193,600

266,500

24

A10 Buitenveldert afrit noord

3,700

3,400

16,100

23,300

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

3,400

2,700

14,300

20,300

26

A10 Overamstel afrit noord

1,700

800

7,000

9,500

27

A10 Overamstel afrit zuid

2,400

1,400

8,500

12,300

28

A10 S112 afrit noord

3,900

2,100

16,000

22,000

29

A10 S112 afrit zuid

3,200

3,000

17,600

23,700

28

Tabel 11: Verschil thermometerpunten 2040 referentie en 2040 plan 2_2 afgerond op 100-tallen Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

Mvt etm

% Mvt etm

1

Amstelveenseweg

-

-

200

300

1%

2

De Boelelaan west

-

-

100

100

0%

3

Europaboulevard noord

600

700

3,300

4,600

9%

4

De Boelelaan oost

-

-

-

-

0%

5

Europaboulevard zuid

-

-

100

100

0%

6

Amsteldijk

-400

-400

-100

-900

-5%

7

Berlagebrug

100

200

1,000

1,400

6%

8

Utrechtse Brug

-1,700

-2,100

-7,600

-11,400

-33%

9

Nieuwe Utrechtseweg A2-

-2,300

-1,900

-10,000

-14,200

-38%

Amstelstroomlaan 10

Amstelstroomlaan

-300

-200

-1,800

-2,200

-24%

11

Spaklerweg

100

100

300

600

6%

12

Gooiseweg

700

600

2,400

3,700

7%

13

Middenweg

-

-

100

100

0%

14

Van Marwijk Kooystraat

-

-

500

500

1%

15

Holterbergweg

-100

-300

-1,000

-1,400

-11%

16

A2

-100

300

500

800

0%

17

Burgemeester Stramanweg

-100

-200

-1,000

-1,300

-2%

18

Amsterdamseweg

-

-

-

-

0%

19

Buitenveldertselaan

-

-

100

100

1%

20

A10 Zuid - West

500

600

2,600

3,600

4%

21

Joan Muyskenweg

2,300

3,300

10,100

15,700

-

22

De Heusweg

500

400

1,700

2,700

400%

23

A10 Zuid - Oost

-500

-500

-4,600

-5,700

-2%

24

A10 Buitenveldert afrit noord

300

400

1,400

2,000

10%

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

100

100

200

500

2%

26

A10 Overamstel afrit noord

-

-

700

700

8%

27

A10 Overamstel afrit zuid

-100

-

-500

-600

-5%

28

A10 S112 afrit noord

400

100

1,300

1,900

9%

29

A10 S112 afrit zuid

-

100

-200

-100

-1%

Het ombouwen van de A2 tussen kruispunt Amstel en de Utrechtsebrug tot stadsstraat zorgt voor een verschuiving van het verkeer. Zo wordt er meer gebruikt gemaakt van de Europaboulevard Noord, de Gooiseweg, de Berlagebrug en de De Heusweg. Het verkeer dat de Nieuwe A2 Entree mijdt, leidt tot een toename van het aantal motorvoertuigen op de A10 ten westen van knooppunt Amstel, ten oosten is er sprake van een afname van het aantal motorvoertuigen. De nieuwe afslag van de afgewaardeerde A2 richting de Joan Muyskenweg wordt gebruikt door zo’n 13.800 motorvoertuigen per etmaal.

29

Tabel 12: Verschil thermometerpunten 2040 referentie en 2040 plan 2_1 afgerond op 100-tallen Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

Mvt etm

% Mvt etm

1

Amstelveenseweg

-

-

200

300

1%

2

De Boelelaan west

-

-

100

100

0%

3

Europaboulevard noord

600

800

3,400

4,800

9%

4

De Boelelaan oost

-

-

-

-

0%

5

Europaboulevard zuid

-

-

100

100

0%

6

Amsteldijk

-400

-500

-100

-1,100

-5%

7

Berlagebrug

200

200

1,000

1,400

6%

8

Utrechtse Brug

-1,800

-2,400

-7,900

-12,100

-33%

9

Nieuwe Utrechtseweg A2-

-2,500

-2,200

-10,300

-15,000

-38%

Amstelstroomlaan 10

Amstelstroomlaan

-300

-200

-1,800

-2,300

-24%

11

Spaklerweg

100

100

300

600

6%

12

Gooiseweg

700

700

2,500

3,800

7%

13

Middenweg

-

-

100

100

0%

14

Van Marwijk Kooystraat

-

-

600

600

1%

15

Holterbergweg

-100

-300

-1,000

-1,400

-11%

16

A2

-100

200

400

500

0%

17

Burgemeester Stramanweg

-100

-200

-1,000

-1,300

-2%

18

Amsterdamseweg

-

-

-

100

0%

19

Buitenveldertselaan

-

-

100

100

1%

20

A10 Zuid - West

500

600

2,700

3,800

4%

21

Joan Muyskenweg

2,200

3,200

9,900

15,200

-

22

De Heusweg

500

400

1,700

2,600

400%

23

A10 Zuid - Oost

-500

-400

-4,500

-5,400

-2%

24

A10 Buitenveldert afrit noord

300

400

1,500

2,100

10%

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

100

100

200

500

2%

26

A10 Overamstel afrit noord

-

-

700

700

8%

27

A10 Overamstel afrit zuid

-100

-100

-400

-600

-5%

28

A10 S112 afrit noord

400

100

1,300

1,900

9%

29

A10 S112 afrit zuid

-

100

-200

-100

-1%

In de variant met 1 rijstrook op de Nieuwe Utrechtseweg wordt deze weg minder aantrekkelijk voor gemotoriseerd verkeer en rijden dus meer weggebruikers via de Ringweg-Zuid ten westen van Knooppunt Amstel en de Gooiseweg. In Tabel 14 is het verschil tussen variant 2040 2x2 en variant 2040 2x1 te zien.

30

Tabel 13: Verschil thermometerpunten 2040 referentie en 2040 plan 2_1Voorkeur afgerond op 100-tallen Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

Mvt etm

% Mvt etm

1

Amstelveenseweg

100

-

200

300

1%

2

De Boelelaan west

-

-

100

100

0%

3

Europaboulevard noord

800

900

4,300

5,900

12%

4

De Boelelaan oost

-

-

-

-100

0%

5

Europaboulevard zuid

-

-

100

100

1%

6

Amsteldijk

-600

-600

-700

-1,900

-10%

7

Berlagebrug

200

200

1,100

1,500

7%

8

Utrechtse Brug

-2,600

-3,100

-11,500

-17,200

-50%

9

Nieuwe Utrechtseweg A2-

-3,400

-3,100

-14,600

-21,100

-56%

Amstelstroomlaan 10

Amstelstroomlaan

-500

-300

-2,500

-3,300

-36%

11

Spaklerweg

-

100

-100

-

0%

12

Gooiseweg

1,000

800

4,100

5,900

11%

13

Middenweg

100

-

100

200

1%

14

Van Marwijk Kooystraat

100

100

900

1,000

2%

15

Holterbergweg

-100

-400

-800

-1,200

-10%

16

A2

-300

-100

-1,300

-1,700

-1%

17

Burgemeester Stramanweg

-100

-200

-1,200

-1,400

-2%

18

Amsterdamseweg

-

-

-

100

1%

19

Buitenveldertselaan

-

-

200

200

1%

20

A10 Zuid - West

700

800

3,600

5,100

6%

21

Joan Muyskenweg

2,100

2,700

9,000

13,800

-

22

De Heusweg

500

400

1,700

2,700

402%

23

A10 Zuid - Oost

-200

-200

-3,400

-3,800

-1%

24

A10 Buitenveldert afrit noord

300

500

1,700

2,400

12%

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

200

100

400

700

3%

26

A10 Overamstel afrit noord

-

-

700

700

8%

27

A10 Overamstel afrit zuid

-100

-

-400

-500

-4%

28

A10 S112 afrit noord

400

100

1,400

1,900

9%

29

A10 S112 afrit zuid

-

100

-

100

0%

De voorkeursvariant heeft geen bypasses meer bij de 3 nieuwe VRI’s. In zuidelijke richting zijn dit 2 bypasses minder, bij de Amstelstroomlaan en Joan Muyskensweg, en in noordelijke richting bij de Ouderkerkerdijk. Dit heeft een behoorlijk effect op de doorstroming op de Nieuwe A2 Entree. In beide richtingen is er een sterkere daling op de Nieuwe A2 Entree dan in de voorgaande varianten en daarmee een groter uitwijkend effect naar alternatieve routes de stad in en uit.

31

Tabel 14: Verschil thermometerpunten 2040 plan 2_2 en 2040 plan 2_1 afgerond op 100-tallen Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

Mvt etm

% Mvt etm

1

Amstelveenseweg

-

-

-

-

0%

2

De Boelelaan west

-

-

-

-

0%

3

Europaboulevard noord

-

-100

-100

-200

0%

4

De Boelelaan oost

-

-

-

-

0%

5

Europaboulevard zuid

-

-

-

-

0%

6

Amsteldijk

-

100

100

100

1%

7

Berlagebrug

-

-

-

-

0%

8

Utrechtse Brug

100

300

300

700

2%

9

Nieuwe Utrechtseweg A2-

200

300

400

800

2%

Amstelstroomlaan 10

Amstelstroomlaan

-

100

-

100

1%

11

Spaklerweg

-

-

-

-

0%

12

Gooiseweg

-

-100

-100

-100

0%

13

Middenweg

-

-

-

-

0%

14

Van Marwijk Kooystraat

-

-

-

-100

0%

15

Holterbergweg

-

-

-

-

0%

16

A2

-

100

200

200

0%

17

Burgemeester Stramanweg

-

-

-

-

0%

18

Amsterdamseweg

-

-

-

-

0%

19

Buitenveldertselaan

-

-

-

-

0%

20

A10 Zuid - West

-100

-

-100

-200

0%

21

Joan Muyskenweg

100

100

200

400

-

22

De Heusweg

-

-

-

-

5%

23

A10 Zuid - Oost

-100

-100

-100

-200

0%

24

A10 Buitenveldert afrit noord

-

-

-100

-200

-1%

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

-

-

-

-

0%

26

A10 Overamstel afrit noord

-

-

-

-

0%

27

A10 Overamstel afrit zuid

-

-

-

-

0%

28

A10 S112 afrit noord

-

-

-

-

0%

29

A10 S112 afrit zuid

-

-

-

-

0%

Het verschil tussen de variant met 2 rijstroken tussen de VRI’s op de nieuwe A2 Entrée en die met 1 rijstrook tussen de VRI’s is vooral te zien op de Nieuwe Utrechtseweg, de Utrechtsebrug en de Amsteldijk. Hier rijden in de variant met 2 rijstroken meer motorvoertuigen dan in de variant met 1 rijstrook, aangezien de capaciteit op de Nieuwe A2 Entree hoger ligt. Bij de variant met 2 rijstroken op de Nieuwe Utrechtseweg rijden er minder motorvoertuigen op de Ringweg-Zuid ten westen van knooppunt Amstel en op de Gooiseweg. Er is minder sprake van uitwijkgedrag, aangezien de variant met 2x2 rijstroken meer op de oorspronkelijke situatie lijkt.

32

Tabel 15: Verschil thermometerpunten 2040 plan 2_1 en 2040 plan 2_1Voorkeur afgerond op 100-tallen Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

Mvt etm

% Mvt etm

1

Amstelveenseweg

-

-

-

-

0%

2

De Boelelaan west

-

-

-

-

0%

3

Europaboulevard noord

200

100

900

1,100

2%

4

De Boelelaan oost

-

-

-

-100

0%

5

Europaboulevard zuid

-

-

100

100

0%

6

Amsteldijk

-100

-100

-600

-800

-4%

7

Berlagebrug

100

-

100

100

1%

8

Utrechtse Brug

-800

-700

-3,600

-5,100

-15%

9

Nieuwe Utrechtseweg A2-

-900

-900

-4,300

-6,100

-16%

Amstelstroomlaan 10

Amstelstroomlaan

-200

-100

-700

-1,000

-11%

11

Spaklerweg

-100

-

-400

-500

-5%

12

Gooiseweg

300

100

1,600

2,000

4%

13

Middenweg

100

-

-

100

0%

14

Van Marwijk Kooystraat

100

-

300

400

1%

15

Holterbergweg

-

-

200

200

2%

16

A2

-200

-300

-1,700

-2,300

-1%

17

Burgemeester Stramanweg

-

-

-200

-100

0%

18

Amsterdamseweg

-

-

-

-

0%

19

Buitenveldertselaan

-

-

100

100

1%

20

A10 Zuid - West

200

100

900

1,200

1%

21

Joan Muyskenweg

-100

-400

-900

-1,500

-

22

De Heusweg

-

-

-

-

6%

23

A10 Zuid - Oost

200

200

1,200

1,600

1%

24

A10 Buitenveldert afrit noord

-

100

200

300

1%

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

-

-

200

200

1%

26

A10 Overamstel afrit noord

-

-

-

-

0%

27

A10 Overamstel afrit zuid

-

-

100

100

1%

28

A10 S112 afrit noord

-

-

-

-

0%

29

A10 S112 afrit zuid

-

100

100

200

1%

Ten opzichte van de 2x1-variant geeft de voorkeursvariant een extra daling op de Utrechtse Brug van ongeveer 15%. De Amstelstroomlaan wordt ook minder goed bereikbaar en het autoverkeer neemt daar met ongeveer 11% af. Op de Europaboulevard ten noorden van de A10 wordt het op etmaalniveau ongeveer 2% drukker. Op de Gooiseweg neemt het verkeer met ongeveer 4%. Tabel 15 zet de absolute verschillen en de procentuele verschillen op etmaalniveau ten opzichte van de 2040 referentie nogmaals naast elkaar.

33

Tabel 16: Verschil thermometerpunten op etmaalniveau alle 3 varianten, absoluut en procentueel Nr

Thermometerpunt

2x2

2x1

2x1Voorkeur

2x2 %

2x1 %

2x1Voorkeur %

1

Amstelveenseweg

300

300

300

1%

1%

1%

2

De Boelelaan west

100

100

100

0%

0%

0%

3

Europaboulevard noord

4,600

4,800

5,900

9%

10%

12%

4

De Boelelaan oost

0

0

-100

0%

0%

0%

5

Europaboulevard zuid

100

100

100

0%

0%

1%

6

Amsteldijk

-900

-1,100

-1,900

-5%

-6%

-10%

7

Berlagebrug

1,400

1,400

1,500

6%

6%

7%

8

Utrechtse Brug

-11,400

-12,100

-17,200

-33%

-35%

-50%

9

Nieuwe Utrechtseweg A2-

-14,200

-15,000

-21,100

-38%

-40%

-56%

Amstelstroomlaan 10

Amstelstroomlaan

-2,200

-2,300

-3,300

-24%

-25%

-36%

11

Spaklerweg

600

600

0

6%

5%

0%

12

Gooiseweg

3,700

3,800

5,900

7%

7%

11%

13

Middenweg

100

100

200

0%

0%

1%

14

Van Marwijk Kooystraat

500

600

1,000

1%

1%

2%

15

Holterbergweg

-1,400

-1,400

-1,200

-11%

-12%

-10%

16

A2

800

500

-1,700

0%

0%

-1%

17

Burgemeester Stramanweg

-1,300

-1,300

-1,400

-2%

-2%

-2%

18

Amsterdamseweg

0

100

100

0%

0%

1%

19

Buitenveldertselaan

100

100

200

1%

1%

1%

20

A10 Zuid - West

3,600

3,800

5,100

4%

4%

6%

21

Joan Muyskenweg

15,700

15,200

13,800

-

-

-

22

De Heusweg

2,700

2,600

2,700

400%

396%

402%

23

A10 Zuid - Oost

-5,700

-5,400

-3,800

-2%

-2%

-1%

24

A10 Buitenveldert afrit noord

2,000

2,100

2,400

10%

10%

12%

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

500

500

700

2%

2%

3%

26

A10 Overamstel afrit noord

700

700

700

8%

8%

8%

27

A10 Overamstel afrit zuid

-600

-600

-500

-5%

-5%

-4%

28

A10 S112 afrit noord

1,900

1,900

1,900

9%

9%

9%

29

A10 S112 afrit zuid

-100

-100

100

-1%

0%

0%

Zoals bij de analyses van de individuele varianten naar voren is gekomen, lijken de 2x2- en de 2x1variant sterk op elkaar. Beide varianten hebben bypasses bij de 3 nieuwe VRI’s. In de voorkeursvariant ontbreken de bypasses, en zijn er bij 2 van de 3 VRI’s oversteekplaatsen voor langzaam verkeer5. Dit heeft een reducerend effect op de intensiteiten op de Nieuwe A2 Entree zelf en de aanliggende wegen. De alternatieve routes worden drukker.

3.4 IC-verhoudingen in en rondom het studiegebied De Nieuwe A2 Entree betekent een verandering van rijstroken en capaciteit op het laatste stuk van de A2. Om na te gaan of er op linkniveau problemen ontstaan in de verkeersafwikkeling worden in 5

Uit een gevoeligheidsanalyse is gebleken dat het niet meenemen van de oversteekplaatsen voor het langzaam verkeer bij de VRI’s leidt tot ongeveer 1.000-1.200 voertuigen meer op doorsnede voor het etmaal op de Nieuwe A2 Entree.

34

onderstaande figuren de IC-verhoudingen voor de ochtend- en avondspits weergegeven, daar waar de IC-verhouding boven de 0.60 uitkomt. Onder de 0.6 vindt er geen reistijdverlies plaats en is er sprake van vrije afwikkeling van verkeer. Aangezien het VMA een VA-toedeling gebruikt, kan het voorkomen dat de IC-verhouding boven de 1.0 uitkomt. Dit betekent een knelpunt. Let wel: het VMA doet geen uitspraken over intensiteiten of knelpunten op het rijkswegennet.

Figuur 24: 2040REF IC-verhouding ochtendspits

Figuur 25: 2040 2x2 IC-verhouding ochtendspits

35

Figuur 26: 2040 2x1 IC-verhouding ochtendspits

Figuur 27: 2040 2x1 Voorkeursvariant IC-verhouding ochtendspits

36

Figuur 28: 2040REF IC-verhouding avondspits

Figuur 29: 2040 2x2 IC-verhouding avondspits

37

Figuur 30: 2040 2x1 IC-verhouding avondspits

Figuur 31: 2040 2x1 Voorkeursvariant IC-verhouding avondspits

Figuur 24 tot en met Figuur 31 laat zien dat er volgens het VMA in beide spitsen knelpunten zijn op het rijkswegennet. Hier doet het VMA echter geen uitspraken over en eventuele knelpunten op het rijkswegennet ten gevolge van de Nieuwe A2 Entree zullen bij de NRM-berekeningen inzichtelijk worden gemaakt. Op de A2 Entree komen zowel voor als na de herstructurering op wegvakniveau geen knelpunten. Alleen in de avondspits wanneer er 2x1 rijstroken liggen komt de IC-verhouding boven de 0.6 maar blijft nog onder de 0.7. Bij de voorkeursvariant leidt het ontbreken van de bypasses tot minder verkeer op de A2 Entree, waardoor in deze variant de IC-verhouding weer lager ligt. De VRI’s op de nieuwe aansluitingen zorgen er waarschijnlijk voor dat de drukte in termen van IC-verhoudingen gering blijft.

38

3.5 Kruispuntbelastingen Bij het ombouwen van de A2 Entree naar een stadstraat komen er in de plan-varianten 3 VRI’s bij. Daarnaast zal er verkeer dat eerst via de A2 Amsterdam binnenkwam om gaan rijden via alternatieve routes en VRI’s op die routes mogelijk extra belasten. Om een indruk van de drukte bij de kruisingen te krijgen, zijn voor 13 kruisingen in het studiegebied de kruispuntbelastingen bepaald. Figuur 32 geeft op een kaart weer waar deze kruisingen in Amsterdam zijn gesitueerd, inclusief nummer en naamgeving corresponderend met Tabel 11.

Figuur 32. VRI’s in het studiegebied waarvoor de kruispuntbelastingen (VC-ratio’s) zijn bepaald.

In Tabel 17 is met groen (<0.89), oranje (tussen de 0.89 en 1) en rood (>1) weergegeven hoe de kruispunten voor het autoverkeer functioneren. De kleuren geven het volgende weer: - groen: geen doorstromingsproblemen verwacht - oranje: aandachtspunten, aanvullend onderzoek (doorstromingsberekeningen) gewenst - rood: waarschijnlijk knelpunten: de capaciteit is onvoldoende volgens VMA. In Tabel 17 is de (maatgevende) maximale kruispuntbelasting te zien. Dit betekent dat de waarde voor de richting met de maximale belasting op het kruispunt is weergegeven. De waarden zijn voor alle varianten berekend en weergegeven voor zowel ochtendspits (OS) als avondspits (AS). Wanneer een kruising overbelast dreigt te raken, zal het VMA eerst de V/C-ratio laten oplopen en daarna de cyclustijd verhogen naar max 100 seconden. Wanneer dat niet meer mogelijk is, zal de VC-ratio weer gaan oplopen. De cyclustijd geeft een extra indicatie of de kruising nog regelbaar is.

39

Tabel 17. Kruispuntbelastingen (maximale verzadingsgraden) binnen het studiegebied Nr VRI

Spits

2040REF

2040NA2E_2_2

2040NA2E_2_1

A10 AmsterdamBuitenveldert op- en afrit Noord A10 AmsterdamBuitenveldert op- en afrit Zuid Europaboulevard - De Boelelaan

OS

Max VC Cyclustijd 1.11 90

Max VC 1.11

AS

1.03

90

1.03

90

1.03

OS

0.87

90

0.90

90

AS

1.09

90

1.10

OS

0.97

90

AS

1.06

4

A10 Amsterdam S112 op-en afrit Noord (a)

OS

0.79

AS

5

A10 Amsterdam S112 op-en afrit Noord (b)

6

A10 Amsterdam S112 op-en afrit Zuid (a)

7

Max Cyclustijd VC Cyclustijd 90 1.11 90

2040NA2E_2_1Voorkeur Max VC 1.11

Cyclustijd 90

90

1.03

90

0.89

90

0.93

90

90

1.10

90

1.10

90

0.96

90

0.96

90

0.96

90

90

1.06

90

1.06

90

1.06

90

90

0.86

90

0.86

90

0.86

90

1.00

72

1.03

72

1.03

72

1.02

72

OS

0.88

90

0.95

90

0.95

90

0.95

90

AS

0.97

72

0.99

72

0.99

72

1.00

72

OS

0.96

90

0.97

90

0.97

90

0.96

90

AS

1.01

72

1.01

72

1.01

72

1.01

72

A10 Amsterdam S112 op-en afrit Zuid (b)

OS

0.90

90

0.92

90

0.92

90

0.91

90

AS

0.95

72

0.96

72

0.96

72

0.96

72

8

A10 Amsterdam S111 op-en afrit Noord

OS

0.98

72

0.98

72

0.98

72

0.98

72

AS

0.98

72

1.01

72

1.01

72

1.01

72

9

A2 S110 - President Kennedylaan

OS

0.98

100

0.75

100

0.73

100

0.63

100

AS

1.05

100

0.99

100

0.99

100

0.99

100

10 A2 Entree Noordelijke aansluiting

OS

0.76

39

0.76

39

0.7

39

AS

0.85

39

0.82

39

0.89

41

11

OS

0.89

40

0.89

39

0.89

48

1

2

3

A2 Entree Amstelstroomlaan

AS

0.89

43

0.89

42

0.89

49

12 A2 Entree Zuidelijke aansluiting

OS

0.89

39

0.89

39

0.89

48

AS

0.89

50

0.89

50

0.89

75

13

OS

0.89

61

0.89

61

0.89

61

0.89

61

AS

0.89

61

0.89

63

0.89

63

0.89

64

Amstelstroomlaan Spaklerweg

Van de drie nieuwe VRI’s (10, 11 en 12) zijn er twee die tegen de capaciteit aan lopen. De cyclustijd van de VRI’s op de zuidelijke aansluiting en Amstelstroomlaan kan nog hoger, er lijkt dus nog wel restcapaciteit te zijn. Bij de voorkeursvariant zijn de nieuwe VRI’s het drukst, ten gevolge van het ontbreken van de bypasses. Of de VRI’s het daadwerkelijk aan kunnen of dat er mogelijk toch een knelpunt ontstaat, is alleen met gedetailleerde simulaties (VISSIM-berekeningen) te bepalen. Dit valt buiten de scope van het VMA-onderzoek. De VRI op de kruising met de A2 en president Kennedylaan (9) wordt wat rustiger in beide spitsen. De overige VRI’s blijven qua drukte gelijk of worden iets drukker, bijvoorbeeld de zuidelijke op-en afrit bij Amsterdam Buitenveldert (2), waar in de ochtendspits de grens van 0.89 wordt overschreden. Ook de gecombineerde VRI’s (4 en 5) bij de noordelijke op-en afrit van de A10 met de S112 neemt de drukte toe. In de ochtendspits wordt bij VRI 5 de grenswaarde overschreven. Dit is ook het geval bij de afrit Noord van de S111 (VRI 8) in de avondspits. Hiermee vormen deze kruisingen een aandachtspunt en dienen zij eventueel met VISSIM verder onderzocht te worden.

40

3.6 Gevoeligheidsanalyses Er zijn drie gevoeligheidsanalyses uitgevoerd. Eén met het afsluiten van de onderdoorgang bij het spoor op de Overzichtsweg, het invoeren van het 1-richtings carré op de Zuidas en de 1richtingsknip op de Hoogoorddreef bij Station Bijlmer ArenA. In de tweede gevoeligheidsanalyse is de auto infrastructuur aangepast op basis van de Omgevingsvisie 2050 (het lussenmodel), zoals eerder doorgerekend in de VMA-studie voor Amsterdam maakt ruimte (O-220264)6. Hierbij is ook gebruik gemaakt van het beleidsrijke scenario uit deze studie. In de derde gevoeligheidsrun is er bij de kruising Nieuwe Utrechtseweg - Amstelstroomlaan en bij de kruising Nieuwe Utrechtseweg – Joan Muyskenweg/Ouderkerkerweg, 1 opstelvak en 1 afrijstrook in plaats van 2 (zoals in de voorkeursvariant) opgenomen.

3.6.1 Gevoeligheidsrun 1 Figuur 33 geeft inzicht in het verschil in motorvoertuigen op etmaalniveau tussen de voorkeursvariant en de gevoeligheidsrun 1.

Figuur 33: Verschilplot 2040AR_Gevoeligheidsrun1 - 2040 2x1_voorkeursvariant, mvt etmaal.

Het invoeren van deze drie maatregelen leidt tot een toename van 1.400 motorvoertuigen per etmaal op de Utrechtse Brug en een afname van 700 motorvoertuigen per etmaal op de Nieuwe Utrechtseweg. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de afsluiting van de spooronderdoorgang op de Overzichtsweg. In Zuidas wijzigen door het invoeren van het 1-richtingscarré ook een aantal routes, waardoor de intensiteiten op de verschillende thermometerpunten in dat gebied ook veranderen.

6

In studie O-220264 zijn naast auto infrastructuurmaatregelen ook infrastructuuraanpassingen voor de fiets en het OV meegenomen. Deze zijn voor de gevoeligheidsanalyse in deze studie buiten beschouwing gelaten.

41

Tabel 18: Thermometerpunten 2040_Gevoeligheidsrun1 – 2040 2x1Voorkeursvariant Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

Mvt etm

% Mvt etm

1,900

5%

1

Amstelveenseweg

100

400

1,400

2

De Boelelaan west

100

100

-100

200

0%

3

Europaboulevard noord

100

300

800

1,300

2%

4

De Boelelaan oost

-400

-200

-1,300

-1,900

-6% 5%

5

Europaboulevard zuid

200

200

700

1,100

6

Amsteldijk

100

100

500

600

3%

7

Berlagebrug

-

-

100

100

0%

8

Utrechtse Brug

200

300

1,000

1,400

9%

9

Nieuwe Utrechtseweg A2Amstelstroomlaan

-100

-100

-500

-700

-4%

10

Amstelstroomlaan

100

-

500

600

12%

11

Spaklerweg

-700

-900

-3,700

-4,900

-51%

12

Gooiseweg

100

300

1,200

1,500

3%

13

Middenweg

-

-

200

100

1%

14

Van Marwijk Kooystraat

100

-

800

600

2%

15

Holterbergweg

-100

100

-200

-200

-3%

16

A2

100

200

300

500

0%

17

Burgemeester Stramanweg

200

200

900

1,300

2%

18

Amsterdamseweg

100

100

500

600

4%

19

Buitenveldertselaan

-100

-200

-900

-1,100

-7%

20

A10 Zuid - West

-100

-

100

-

0%

21

Joan Muyskenweg

-

100

-200

-200

-1%

22

De Heusweg

-

100

-100

-

0%

23

A10 Zuid - Oost

100

200

600

900

0%

24

A10 Buitenveldert afrit noord

-100

-100

-600

-800

-4%

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

-

100

100

100

1%

26

A10 Overamstel afrit noord

-

-

-100

-100

0%

27

A10 Overamstel afrit zuid

-

-100

200

100

1%

28

A10 S112 afrit noord

-100

-100

-200

-300

-1%

29

A10 S112 afrit zuid

-

-

-200

-200

0%

3.6.2 Gevoeligheidsrun 2 De lijst met infrastructuurmaatregelen die zijn meegenomen in deze gevoeligheidsrun zijn te vinden in de bijlage van het uitgangspuntendocument. De beleidsinstellingen zijn te vinden in Tabel 19. Naast de beleidsmaatregelen die daarin zijn opgenomen is er ook van uitgegaan dat er zo’n 10% minder reizen met het motief woon-werk, woon-zakelijk en woon-winkelen en 5% minder reizen met het motief woon-educatie doordat meer mensen thuis werken en studeren.

42

Tabel 19: Beleidsinstellingen VMA 2040AR en VMA 2040 Beleidsrijk Beleidsinstelling

VMA2040AR

Beleidsrijk scenario

Rijbewijsbezit (man 18-34/35-64/65+

79.8/94.0/95.0

79.8/94.0/95.0

vrouw 18-34/35-64/65+)

75.7/89.7/90.0

75.7/89.7/90.0

9.970.622

9.970.622

Brandstofkostenindex (2019=100)

83

100

OV-kostenindex (2019=100)

100

100

Autobezit landelijk

Reistijd fietsindex (2019=100)

93

93

Buitenlandverkeer index

Nvt

n.v.t.

Prijsbeleid/mautheffing

Geen/geen

Platte heffing 6.8 cent per km/geen

In Figuur 34 is een verschilplot te zien tussen gevoeligheidsrun 2 en de voorkeursvariant. Te zien is dat het autoverkeer afneemt op de A10 Zuid, de Gooiseweg en de President Kennedylaan. Er is een duidelijke afname van het autoverkeer in het algemeen. Dit komt doordat er brandstofkosten niet meer dalen naar 2040. Verder wordt er een vlakke heffing ingevoerd, waardoor autorijden nóg meer ontmoedigd wordt dan in de voorkeursvariant. De meer lokale dalingen van het autoverkeer worden veroorzaakt door de invoering van het lussenmodel. Zo is onder andere de zuidzijde van de Gooiseweg (aan de zuidkant van de A10) en de Berlagebrug niet meer toegankelijk voor autoverkeer. Hierdoor rijden meer mensen over de Amstelstroomlaan. Op de Utrechtsebrug neemt het autoverkeer toe met ongeveer 100 motorvoertuigen per etmaal. Op de Nieuwe Utrechtseweg is er sprake van een afname van zo’n 700 motorvoertuigen per etmaal.

Figuur 34: Verschilplot 2040AR_Gevoeligheidsvariant2 - 2040 2x1 voorkeursvariant, mvt etmaal.

43

Tabel 20: Thermometerpunten 2040_Gevoeligheidsrun2 – 2040 2x1 Voorkeursvariant Nr

Thermometerpunt

Mvt os

Mvt as

Mvt rd

Mvt etm

% Mvt etm

-1,700

-1,000

-7,600

-10,300

-29%

1

Amstelveenseweg

2

De Boelelaan west

400

300

-100

500

2%

3

Europaboulevard noord

-1,600

-1,500

-5,800

-9,000

-16%

4

De Boelelaan oost

-1,400

-700

-4,100

-6,300

-20%

-1,800

-2,000

-8%

5

Europaboulevard zuid

-100

-100

6

Amsteldijk

-1,400

-1,800

-9,300

-12,500

-72%

7

Berlagebrug

-2,500

-3,300

-17,200

-23,000

-100%

8

Utrechtse Brug

100

-200

200

100

1%

9

Nieuwe Utrechtseweg A2Amstelstroomlaan

-100

0

-700

-700

-5%

10

Amstelstroomlaan

100

400

1,300

1,800

30%

11

Spaklerweg

-100

300

400

600

6%

12

Gooiseweg

-3,800

-4,900

-21,100

-29,800

-49%

13

Middenweg

-600

-300

-3,600

-4,600

-17%

14

Van Marwijk Kooystraat

0

200

-300

-200

0%

15

Holterbergweg

100

-100

500

500

5%

16

A2

-3,000

-2,900

-13,400

-19,300

-10%

17

Burgemeester Stramanweg

-400

-600

-1,100

-2,100

-4%

-12,400

-89%

18

Amsterdamseweg

-1,800

-2,100

-8,400

19

Buitenveldertselaan

-2,200

-2,800

-11,100

-16,100

-100%

20

A10 Zuid - West

-3,100

-2,600

-9,800

-15,400

-16%

21

Joan Muyskenweg

-400

-400

-1,000

-1,800

-13%

22

De Heusweg

0

-100

-100

-300

-9%

23

A10 Zuid - Oost

-5,700

-6,000

-34,700

-46,400

-17%

24

A10 Buitenveldert afrit noord

-500

-100

100

-600

-3%

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

-1,200

-800

-4,100

-6,100

-30%

26

A10 Overamstel afrit noord

100

0

-200

-100

0%

27

A10 Overamstel afrit zuid

-100

100

300

300

2%

28

A10 S112 afrit noord

-2,800

-1,500

-10,500

-14,700

-67%

29

A10 S112 afrit zuid

-2,200

-2,300

-11,300

-15,800

-67%

3.6.3 Gevoeligheidsrun 3 In gevoeligheidsrun 3 zijn het aantal opstelvakken en afrijstroken van de kruisingen Nieuwe Utrechtseweg – Joan Muyskenweg/Oudekerkerdijk en de Nieuwe Utrechtseweg – Amstelstroomlaan aangepast van twee naar één. De nieuwe kruisingen zijn weergegeven in Figuur 35 en Figuur 36. De kruising Nieuwe Utrechtseweg met A2 is niet aangepast.

44

Figuur 35: Kruising Nieuwe Utrechtseweg - Joan Muyskenweg/Ouderkerkerdijk, met 1 opstelvak en 1 afrijstrook

Figuur 36: Kruising Nieuwe Utrechtseweg - Amstelstroomlaan, met 1 opstelweg en afrijstrook

45

Figuur 37: Verschilplot 2040_Gevoeligheidsrun3 - 2040 2x1 Voorkeursvariant, mvt per etmaal

In Figuur 37 in het verschil te zien tussen de voorkeursvariant en de gevoeligheidsrun 3. De verschillen blijven in de honderdtallen en zijn buiten het studiegebied nog geringer. In Tabel 21 is voor de thermometerpunten het verschil tussen gevoeligheidsrun 3 en de voorkeursvariant te zien. De verschillen op etmaalniveau bedragen maximaal enkele honderden voertuigen en relatief gezien enkele procenten.

46

Tabel 21: Thermometerpunten verschil 2040_Gevoeligheidsrun3 - 2040 2x1 Voorkeursvariant Nr

Thermometerpunt

Mvt etm

% Mvt etm

1

Amstelveenseweg

-

0%

2

De Boelelaan west

-

0%

3

Europaboulevard noord

100

0%

4

De Boelelaan oost

-

0%

5

Europaboulevard zuid

-

0%

6

Amsteldijk

-100

0%

7

Berlagebrug

100

0%

8

Utrechtse Brug

-400

-1%

9

Nieuwe Utrechtseweg A2- Amstelstroomlaan

-300

-1%

10

Amstelstroomlaan

-300

-3%

11

Spaklerweg

-100

-1%

12

Gooiseweg

100

0%

13

Middenweg

-

0%

14

Van Marwijk Kooystraat

100

0%

15

Holterbergweg

-

0%

16

A2

-200

0%

17

Burgemeester Stramanweg

-100

0%

18

Amsterdamseweg

-

0%

19

Buitenveldertselaan

-

0%

20

A10 Zuid - West

100

0%

21

Joan Muyskenweg

-

-

22

De Heusweg

-

6%

23

A10 Zuid - Oost

200

0%

24

A10 Buitenveldert afrit noord

100

0%

25

A10 Buitenveldert afrit zuid

-

0%

26

A10 Overamstel afrit noord

-

0%

27

A10 Overamstel afrit zuid

-

0%

28

A10 S112 afrit noord

-

0%

29

A10 S112 afrit zuid

-

0%

47

Tabel 22: Kruispuntbelastingen verschil 2040_Gevoeligheidsrun 3 - 2040 2x2 Voorkeursvariant Nr VRI

Spits 2040NA2E_2_1Voorkeur

Gevoeligheidsrun 3

Verschil

1

A10 AmsterdamBuitenveldert op- en afrit Noord A10 AmsterdamBuitenveldert op- en afrit Zuid Europaboulevard - De Boelelaan

OS

Max VC 1.11

Max VC 1.11

Max VC 0.00

AS

1.03

1.04

0.01

OS

0.93

0.92

0.00

AS

1.10

1.10

0.00

OS

0.96

0.96

0.00

AS

A10 Amsterdam S112 op-en afrit Noord (a)

OS

1.06

1.06

0.00

0.86

0.86

0.00

AS

1.02

1.03

0.01

5

A10 Amsterdam S112 op-en afrit Noord (b)

OS

0.95

0.95

0.00

6

A10 Amsterdam S112 op-en afrit Zuid (a)

AS

1.00

1.00

0.00

OS

0.96

0.98

0.02

AS

1.01

1.01

0.00

7

A10 Amsterdam S112 op-en afrit Zuid (b)

OS

0.91

0.92

0.01

AS

0.96

0.96

0.00

8

A10 Amsterdam S111 op-en afrit Noord

OS

0.98

0.98

0.00

AS

1.01

1.01

0.00

9

A2 S110 - President Kennedylaan

OS

0.63

0.63

0.00

AS

0.95

0.98

0.03

10 A2 Entree Noordelijke aansluiting

OS

0.78

0.89

0.11

AS

0.89

0.89

0.00

11

OS

0.89

0.89

0.00

2

3 4

A2 Entree Amstelstroomlaan

AS

0.89

0.89

0.00

12 A2 Entree Zuidelijke aansluiting

OS

0.89

0.89

0.00

AS

0.89

0.89

0.00

13

OS

0.89

0.89

0.00

AS

0.89

0.89

0.00

Amstelstroomlaan Spaklerweg

Er zijn kleine verschillen tussen de max VC in de ochtend en avondspits in beide varianten. Er is echter geen verschuiving van voldoet (groen), naar aandachtspunt (oranje) of voldoet niet (rood). Op basis van de verschillen uit voorgaande tabellen leidt het veranderen van het aantal opstel-en afrijstroken in het VMA niet tot andere conclusies ten opzichte van de conclusies in de voorkeursvariant.

48

A.1

Bijlage 1: Vergelijking NRM en VMA

Deze bijlage beschrijft de overeenkomsten en verschillen in uitgangspunten en resultaten van de NRM-studie voor de Nieuwe A2 Entree en de corresponderende VMA-studie.

A.1.1 Uitgangspunten De sociaal-economische gegevens zijn verschillend in het NRM ten opzichte van het VMA. Bij het VMA wordt voor 2040 uitgegaan van het Amsterdams Realistisch-scenario (AR-scenario), voor het NRM bestaat een dergelijk scenario niet en is voor de berekeningen gekozen om het WLO-Hoog scenario te rekenen. Het belangrijkste verschil is dat er over het algemeen meer groei wordt verondersteld in het Hoog-scenario dan in het AR-scenario. Dit geldt voor zowel inwoners, arbeidsplaatsen, autobezit en ook voor bijvoorbeeld inkomen. De extra inwoners en arbeidsplaatsen in het studiegebied zijn door de Gemeente Amsterdam bepaald en bij de bestaande inwoners en arbeidsplaatsen in het studiegebied opgeteld. Voor het NRM is hetzelfde gedaan. In absolute aantallen is het verschil tussen plan en referentie in beide modellen dus gelijk. Ook de netwerkveranderingen tussen plan en referentie zijn in beide modellen gelijk. Wel is er een verschil in detailniveau tussen beide modellen. Het VMA is een gemeentelijk model, het NRM is een model voor een landsdeel. Dit betekent dat het VMA binnen de gemeente Amsterdam een fijnere zonering en netwerk heeft dan het NRM. De beleidsinstellingen voor de VMA-runs zijn gelijk aan de beleidsinstellingen voor het 2040ARscenario.Ook het NRM West kent standaard beleidsinstellingen voor het 2040 Hoog scenario.

Deze wijken af van het 2040AR scenario van het VMA. Om inzicht te krijgen in welke mate beide afwijken, dan wel overeenkomen en om later verschillen in modelresultaten te kunnen duiden, zijn de belangrijkste beleidsinstellingen in Tabel 6 naast elkaar gezet. Tabel 23: Beleidsinstellingen VMA en NRM West (verschillende scenario’s) Beleidsinstelling

VMA2040AR

NRM West 2040 Hoog

Rijbewijsbezit (man 18-34/35-64/65+

79.8/94.0/95.0

79.8/94.0/95.0

vrouw 18-34/35-6465+)

75.7/89.7/90.0

75.7/89.7/90.0

Autobezit landelijk

9.970.622

10.809.127

Brandstofkostenindex (2019=100)

83

68.1

OV-kostenindex (2019=100)

100

103

Reistijd fietsindex (2019=100)

93

E-bike fracties

Buitenlandverkeer index

Nvt

131

Prijsbeleid/mautheffing

Geen/geen

Toltarieven en vrachtwagenheffing

49

Gemeente Amsterdam Rapportage Nieuwe A2 Entree VMA

19 december 2023 versie 2.0

A.1.2 Resultaten Thermometerpunten tussen NRM en VMA vergeleken De methoden in het NRM en het VMA lijken op elkaar, maar zijn niet gelijk. Met name de autotoedeling verschilt behoorlijk: zo is de autotoedeling van het NRM West meer toegespitst op de hoofdwegen en het goed modelleren van files (file-opbouw en filelocaties) en is de autotoedeling in het VMA meer gericht op het goed modelleren van stedelijk verkeer en kruisingen, zoals VRI’s. Daarom kijken we in deze paragraaf vooral naar de relatieve verschillen, in en rondom het studiegebied. Tabel 12 geeft het overzicht van de thermometerpunten in VENOM en VMA. Tabel 24. Thermometerpunten voor NRM en VMA in referentie en voorkeursvariant VMA

NRM Thermometerpunten

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29

Amstelveenseweg De Boelelaan west Europaboulevard noord De Boelelaan oost Europaboulevard zuid Amsteldijk Berlagebrug Utrechtse Brug Nieuwe Utrechtseweg A2- Amstelstroomlaan Amstelstroomlaan Spaklerweg Gooiseweg Middenweg Van Marwijk Kooystraat Holterbergweg A2 Burgemeester Stramanweg Amsterdamseweg Buitenveldertselaan A10 Zuid - West Joan Muyskenweg De Heusweg A10 Zuid - Oost A10 Buitenveldert afrit noord A10 Buitenveldert afrit zuid A10 Overamstel afrit noord A10 Overamstel afrit zuid A10 S112 afrit noord A10 S112 afrit zuid

Referentie Voorkeursvariant Relatief

41,077 26,784 47,416 19,610 30,537 20,686 37,334 51,751 48,206 6,651 14,062 64,198 31,265 49,774 17,747 206,690 40,383 21,078 23,521 299,172 0 720 253,186 23,523 19,037 12,926 12,225 18,440 23,795

40,612 26,781 53,954 19,800 30,702 19,922 32,559 26,779 20,821 8,397 15,404 77,667 31,772 47,232 21,702 195,072 32,518 21,136 23,571 298,970 6,622 664 248,958 25,820 21,084 14,457 10,969 19,512 23,191

-1% 0% 14% 1% 1% -4% -13% -48% -57% 26% 10% 21% 2% -5% 22% -6% -19% 0% 0% 0% -8% -2% 10% 11% 12% -10% 6% -3%

Referentie Voorkeursvariant Relatief Relatief

34,808 35,078 28,257 28,374 49,819 55,755 30,842 30,765 23,451 23,588 19,342 17,474 21,474 22,985 34,641 17,420 37,364 16,260 9,296 5,961 10,258 10,261 55,575 61,442 26,977 27,176 42,125 43,157 12,038 10,866 188,377 186,629 59,243 57,825 13,926 14,011 15,933 16,129 89,975 95,037 0 13,783 669 3,357 270,276 266,469 20,811 23,251 19,639 20,318 8,852 9,544 12,793 12,318 20,146 22,048 23,646 23,733

1% 0% 12% 0% 1% -10% 7% -50% -56% -36% 0% 11% 1% 2% -10% -1% -2% 1% 1% 6% 402% -1% 12% 3% 8% -4% 9% 0%

2% 0% -2% -1% 0% -6% 20% -1% 0% -62% -10% -10% -1% 8% -32% 5% 17% 0% 1% 6% 0% 410% 0% 2% -7% -4% 7% 4% 3%

Op de meeste thermometerpunten zijn de verschillen kleiner dan 10%. Dit geldt onder andere op de Utrechtse brug, 1% verschil in afname. Op de A2 is het verschil in afname 5%. Op de op-en afritten van de A10 ligt het verschil procentueel gezien tussen de 2% en 7%. Dit zijn gezien de verschillen in de beide modellen kleine verschillen. Op de meer lokale wegen zijn de verschillen groter. Hier speelt routekeuze, het detailniveau van het netwerk en de omvang van de zones een rol. Om de routekeuze in de verschillen een minder prominente rol te geven, is een screenline gevormd van vier lokale wegen ten westen en ten zuiden van het studiegebied. Figuur 14 geeft de thermometerpunten die tezamen drie screenlines vormen om het studiegebied in of uit te rijden. 50

Figuur 38. Thermometerpunten gebruikt voor de screenlines

De drie screenlines geven respectievelijk een indruk wat er uit het westen en zuiden het studiegebied inkomt of uitgaat, wat er uit het westen, zuiden en noorden van en naar het studiegebied rijdt, en vanuit alle windrichtingen. Tabel 25. Screenline analyses rondom het studiegebied voor NRM en VMA in referentie en voorkeursvariant NRM Screenline Amstelstroomlaan + Holterbergweg+ Joan Muyskensweg Amstelstroomlaan + Holterbergweg+ Joan Muyskensweg+Spaklerweg Amstelstroomlaan + Holterbergweg+ Joan Muyskensweg+Spaklerweg+Van Marwijk Kooystraat

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13976816/1