CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1B - Bijlagen bij Programma van Eisen concessie Amsterdam 2025 [med verkleind].pdf

Raadscommissie Mobiliteit, Openbare ruimte en Water 5 september 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief 'Het definitieve Programma van Eisen voor de nieuwe concessie GVB zoals vastgesteld door de Vervoerregio op basis van de consultatieperiode´ (VN2024-011301)23.365 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

3

Haarlem N. Spaarne Gasth.

17:32

Aankomst

Halte

Overstap

17:34 17:34 17:35 17:36 17:45

Haarlem Station Frans Halsplein Kloosterstraat Julianapark Haarlem Noord Spaarne Gasth.

1/4

Logo

Figuur 17. Uitlijnen van kolommen op scherm routestrip

Als er een belangrijke overstaphalte vermeld moet worden vóór de eindbestemming, en niet alle haltes voor deze overstaphalte en/of tussen deze overstaphalte en de eindbestemming kunnen worden getoond, wordt er extra regel­afstand gegeven en wordt de doorgetrokken lijn tussen de cirkeltjes in de routestrip vervangen door een rij stipjes. Indien het voor de herkenbaarheid van belang is om zowel de haltenaam als de plaatsnaam te vermelden, adviseert de richtlijn om alleen bij de eerste halte in een nieuwe plaats de plaatsnaam te vermelden. Boven de routestrip wordt een titelbalk opgenomen, met de aanduidingen ‘Aankomst’, ‘Halte’ en ‘Overstap’ boven de informatie, in fonthoogte 2 hokjes. Bij tweetalige weergave wordt dit ‘Arrival’, ‘Stop’ en ‘Connection’.

4.2

Extra afbeeldingen routestrip:

31

Den Haag Leyenburg

Aankomst

Halte

14:53 14:55 14:56 14:57 14:57 14:58 15:04

Monster, De Tol Den Haag, Parnassia Ockenrode Ockenburgh Ockenburgstraat Arnold Spoelplein Leyenburg

1/4

14:52

31

Overstap

Aankomst

15:04

Logo

Figuur 18. Routestrip 4 hokjes, met titelbalk, eindbestemming met puntjes

31 Aankomst

Den Haag Leyenburg

14:49

Halte

Overstap

14:50

Monster, Plaats Langeveld

14:53

Monster, De Tol

14:55

Den Haag, Parnassia

14:56

Ockenrode

14:57

Ockenburgh

14:57

Ockenburghstraat

14:58

Arnold Spoelplein

15:04

Leyenburg Logo

1/4

Figuur 19. Routestrip met tekst 3 hokjes, met titelbalk, eindbestemming met puntjes

B

Hoek van Holland Haven 18:23

Aankomst

Halte

18:24

Blaak

18:26

Beurs

18:27

Eendrachtsplein

18:28

Dijkzigt

18:30

Coolhaven

18:31

Delfshaven

18:36

Schiedam Centrum

19:00

Hoek van Holland Haven

1/4

Overstap

Logo

Figuur 20. Idem met extra overstapbestemming en extra puntjes

Hoofdstuk 4 – Weergave van reisinformatie

Overstapscherm

Den Haag Leyenburg

15:03

Halte

Leyenburg Overstap Tram 4 Den Haag de Uithof 6 Leidschendam Noord 4 Lansingerland Zoetermeer

Vertrek

15:09 15:11 15:12

2/4

Logo

Figuur 21. O verstapscherm, tekst 4 hokjes, met titelbalk (iets versmalde overstapbalk) overstap tram

Informatie over overstapmogelijkheden wordt altijd weergegeven in combinatie met informatie over de eerst­ volgende halte, waar de overstap mogelijk is. Hier kan dus ook altijd het STOP-pictogram bij worden aangegeven. Deze informatie over de eerstvolgende halte wordt op dezelfde manier uitgelijnd als bij de routestrip. Hieronder komt een inspringende balk met een afwijkende kleur, bijvoorbeeld donkergrijs, met de aanduiding ‘Overstap’ en de desbetreffende modaliteit. Deze wordt met een pictogram en met de benaming aangegeven. Om het voor reizigers duidelijk te maken waar ze kunnen overstappen op de getoonde aansluitingen worden alleen van de eerstvolgende halte de overstapmogelijkheden getoond. Ook als de tijd tussen vertrek voor de voorgaande halte tot bijvoorbeeld een groot knooppunt beperkt is, is het beter de informatie maar kort te laten zien dan reizigers op het verkeerde been te zetten en te suggereren dat hun aansluiting er bijna is. Onder de inspringende balk worden per modaliteit de eerste overstap-opties aangegeven, met vertrektijd, lijnnummer, bestemming en indien mogelijk vertrekperron. De opties worden gesorteerd op vertrektijd: de eerste boven. Het hele veld onder de inspringende balk wordt hiermee uitgelijnd, en staat dus verder naar rechts dan de regel met de aankomsttijd op de eerstvolgende haltes.

Dit zorgt voor een goed onderscheid met de informatie over komende haltes op de huidige lijn in het routestrip-scherm. Boven de aanduiding van de eerstvolgende halte wordt een titelbalk opgenomen, met de aanduidingen ‘Aankomst’ en ‘Halte’. In de balk met pictogram en ‘Overstap [Modaliteit]’ wordt de titel ‘Vertrek’ boven de vertrektijden en eventueel ‘Halte’ (voor bus of tram) of ‘Spoor’ (voor trein) boven de opstaplocatie opgenomen. De volgorde van informatie



13

wordt dan lijnnummer – richting – vertrektijd (– eventueel halte of spoor), waarbij lijnnummer onder het pictogram staat en richting onder ‘Overstap [Modaliteit]’ . Alleen bij overstap op trein is de volgorde vertrektijd – richting – spoor, waarbij de vertrektijd onder het treinpictogram staat, en de richting onder ‘Overstap [Modaliteit]’. Bij tweetalige weergave worden de termen in de overstapbalk ‘Connection’, ‘Departure’ en ‘Platform’.

Wanneer bij grote knooppunten het aantal van 7 overstapregels per modaliteit niet voldoet, worden per modaliteit alleen de desbetreffende lijnnummers getoond. Eventueel kan ervoor gekozen worden om op één scherm eerst drie regels met uitgebreide informatie over lijn, bestemming en verwachte vertrektijd van de eerste drie aansluitingen te tonen, en daaronder alleen de (overige) lijnnummers van de desbetreffende modaliteit.

Als de eerstvolgende halte de eindhalte is wordt de afbeelding van een cirkel met stip erin uit de routestrip overgenomen (zie figuur 17A). Als de eerstvolgende halte met overstapmogelijkheden geen eindhalte is wordt de open cirkel met het lijntje van de routestrip gebruikt (zie figuur 23).

Extra afbeeldingen routestrip:

31 Aankomst

15:04

Den Haag Leyenburg

15:03

Halte

Leyenburg Overstap Tram 4 Den Haag de Uithof 6 Leidschendam Noord 4 Lansingerland Zoetermeer

B

Hoek van Holland Haven 18:59 Halte

Aankomst

19:00

Hoek van Holland Haven Vertrek Halte Overstap Bus 31 Den Haag Leyenburg 19:06 B 611 Hoek v. Holland strand 19:14 A

Vertrek

15:09 15:11 15:12

2/4

Logo

Figuur 24. Overstapscherm 4 hokjes, met titelbalk, overstap op bus

2/4

Logo

Figuur 22. Uitlijnen van kolommen op overstapscherm

31 Aankomst

Den Haag Leyenburg

14:27

Halte

14:58

Arnold Spoelplein Overstap Bus 26 Station Voorburg 26 Den Haag Kijkduin

Vertrek

15:10 15:10

D

Rotterdam Centraal

Aankomst

Halte

11:18

Rotterdam Centraal Overstap Trein Amsterdam Centraal Dordrecht Lelystad Centrum Leeuwarden Den Haag Centraal

11:26 11:26 11:27 11:35 11:36 2/4

11:17 Spoor

3 IC 6 SP 9 IC 14 IC 8 SP direct

Logo

Figuur 25. Idem, overstap op trein

2/4

Logo

Figuur 23. Overstapscherm, geen eindhalte

Het aantal te tonen overstapmogelijkheden op één scherm is afhankelijk van de fontgrootte. Indien het aantal te tonen overstapmogelijkheden groot is kan ervoor gekozen worden het afzendervlak te laten vervallen bij de overstapschermen. Bij teksten in kapitaalhoogte 4 hokjes is het maximum aantal overstapregels 5; wanneer de afzender­regel vervalt maximum 6 regels. Bij teksten in kapitaalhoogte 3 hokjes is het maximum aantal overstapregels 6 of zonder afzender-vlak 7.

14

Richtlijn reisinformatie in ov-voertuigen

B Aankomst

Hoek van Holland Haven 18:59 Halte

19:00

Hoek van Holland Haven Overstap Bus

Vertrek

Halte

31

Den Haag Leyenburg

19:06

B

611

Hoek van Holland Strand

19:14

A

2/4

Logo

Figuur 26. O verstapscherm met tekst 3 hokjes, met titelbalk, overstap op bus

4.3

31 Aankomst

Den Haag Leyenburg

Actuele tijd

15:03

Halte

15:04

Leyenburg Overstap Bus

Vertrek

Halte

23

Scheveningen Noord

15:09

I

26 26

Station Den haag HS Den Haag Kijkduin

15:12 15:14

I D

23 21

Den Haag Colijnplein Vrederust

15:15 15:18

D J

21 37

Scheveningen Noord Rotterdam Airport

15:19 15:21

C H

and Haven 18:59 2/4

Figuur 27. O verstapscherm 3 hokjes ‘extra veel overstappen’ (zonder afzenderregel) NB: wel paginanummering 2/4 et cetera linksonder in beeld brengen

291

Amsterdam Centraal

Aankomst

Halte

16:10

Amsterdam Centraal Overstap Tram 2 3 4 5 11 12 14 17 20 21 23 25 28

1 76 19 26

16:08

Op alle schermen in de reisinformatie-cyclus staat de actuele tijd op een vaste positie, rechts bovenin het scherm. De dubbele punt knippert, om duidelijk te maken dat dit de actuele, lopende tijd is.

Logo

2/4

Figuur 30. Detail actuele tijd

Figuur 28. O verstapscherm met alleen pictogram (tram) en hele reeks lijnnummers

4.4 Weergave aankomst- en vertrektijden, vertraging

D Aankomst

11:18

291

Amsterdam Centraal

Aankomst

Halte

16:10

Amsterdam Centraal Overstap Tram Station Zuid Dijkgraafplein IJburg 2 3 4 5 12 13 14 19

6 17 26 1 11 6 2/4

16:08

16:15 16:16 16:18 7 24 Logo

Figuur 29. Idem in hybride vorm: eerst een paar regels met complete info, dan een regel met (andere) lijnnummers.

Hoofdstuk 4 – Weergave van reisinformatie

Rotterdam Centraal

11:17

Halte

Rotterdam Centraal Overstap Trein

Spoor

11:26

Amsterdam Centraal

3

IC

11:32 11:27

Dordrecht Lelystad Centrum

6 9

SP

11:35

Leeuwarden

14

IC

11:36

Den Haag Centraal

8

SP

11:41

Dordrecht

6

SP

direct

IC

Logo

2/4 Figuur 31. O verstapscherm met enkele rood onderstreepte vertrektijden trein

Verwachte aankomst- of vertrektijden worden statisch, dus niet knipperend, getoond. Vertraging bij aankomstof vertrektijden wordt niet apart aangegeven, de actuele verwachte aankomst- of vertrektijd, dus inclusief eventuele vertraging wordt getoond. Hierdoor hoeven reizigers niet te rekenen met het bijtellen van vertragings-minuten. Alleen bij overstap naar trein wordt het feit dat er eventueel sprake is van vertraging, aangegeven met een rode onderstreping van de werkelijke actuele verwachting, inclusief de



15

vertraging. Bij trein is dit relevant omdat treinen aan de vertrektijd en niet aan een lijnnummer worden herkend. Deze weergave van vertraging komt overeen met die op schermen in treinen van NS.

4.5

Verstoring of calamiteit

3

Haarlem N. Spaarne Gasth.

17:32

Aankomst

Halte

17:33 17:34 17:35 17:36 17:45

Haarlem Station Frans Halsplein Kloosterstraat Julianapark Haarlem Noord Spaarne Gasth.

00:00 !

XX Busbestemming 75 richting IJmuiden rijdt tijdelijk niet i.v.m. ongevalLogo

1/4

Overstap

Figuur 32. Weergave verstoring of calamiteiten

E Aankomst

Overstap

Rotterdam Centraal

11:24

Blijdorp

11:27

Melanchtonweg

11:29

Meijersplein/ Airport

11:31

Rodenrijs

11:33

Berkel Westpolder

11:52

Laan van NOI

11:55

Den Haag Centraal Logo

1/4

5 seconden Routestrip

E Aankomst

Den Haag Centraal

11:21

Halte

Overstap

11:22

Rotterdam Centraal

11:24

Blijdorp

11:27

Melanchtonweg

11:29

Meijersplein/ Airport

11:31

Rodenrijs

11:33

Berkel Westpolder

11:52

Bus 75 richting IJmuiden rijdt Den Haag Centraal tijdelijk niet i.v.m. ongeval

1/4

Laan van NOI

Logo

5 seconden Routestrip met verstoringsbericht

E D Aankomst

11:22

Den Haag Centraal

11:21

Halte

Rotterdam Centraal Overstap Trein

Spoor

11:26

Amsterdam Centraal

3

IC

11:26 11:27

Dordrecht Lelystad Centrum

6 9

SP

11:35

Leeuwarden

14

IC

11:36

Den Haag Centraal

direct

IC

8

Bus 75 richting IJmuiden rijdt Dordrecht 6 ! 11:36 tijdelijk niet i.v.m. ongeval Logo

2/4

5 seconden Overstapscherm met verstoringsberichteconden

E D Een bijzondere situatie doet zich voor wanneer een bus of tram bij het eindpunt van de route verder rijdt als andere lijn, zonder bufferpauze. In dit geval zou een passagier die met deze volgende lijn verder wil reizen, kunnen blijven zitten. In dit geval kan op het gekleurde ondervlak als tekst worden vertoond: “Bus/ Tram xx” rijdt na “eindhalte” door als lijn “yy” naar “bestemming”, zie figuur 34.

11:21

Halte

11:22

11:55 !

Bij verstoringen of calamiteiten wordt in het onderste deel van het scherm een opvallend gekleurd vlak getoond met de mededeling over de verstoring. Dit vlak schuift voor het onderste ‘afzender’-vlak en voor het onderste deel van het vlak met reisinformatie, tot een maximale hoogte van 2/3 van de schermhoogte, dus bijvoorbeeld 6 units hoog voor een 9 x 16 scherm. Als er verschillende mededelingen zijn worden deze in opeenvolgende vlakken getoond, met een index in het eigen gekleurde vlak. Zie hoofdstuk 5 voor de juiste weergave van informatie. Om niet voortdurend een deel van het onderliggende scherm te verstoren, wordt het verstoringsscherm in de carrousel van opeenvolgende informatieschermen getoond voor de helft van de schermtijd van een informatie­scherm, zie figuur 33.

Den Haag Centraal

Aankomst

11:22

Den Haag Centraal

11:21

Halte

Rotterdam Centraal Overstap Trein

Spoor

11:26

Amsterdam Centraal

3

IC

11:26 11:27

Dordrecht Lelystad Centrum

6 9

SP

11:35

Leeuwarden

14

IC

11:36

Den Haag Centraal

8

SP

11:36

Dordrecht

6

SP

2/4

direct

IC

Logo

5 seconden Overstapscherm zonder verstoringsbericht Figuur 33. Vier schermen op rij: weergave van verstoringen of calamiteiten

16

Richtlijn reisinformatie in ov-voertuigen

3

Haarlem N. Spaarne Gasth.

17:32

Aankomst

Halte

17:33 17:34 17:35 17:36 17:45

Haarlem Station Frans Halsplein Kloosterstraat Julianapark Haarlem Noord Spaarne Gasth.

00:00

XX Busbestemming 3 rijdt na Haarlem Noord door als lijn 75 naar IJmuiden Logo

1/4

Overstap

Figuur 34. Bus rijdt door als andere lijn

4.6

Off-route

3 Aankomst

Haarlem N. Spaarne Gasth. Halte

17:32 Overstap

Voertuig rijdt een omleiding

1/4

Logo

Figuur 35. Off-route: voertuig rijdt een omleiding

Een bijzonder soort verstoring treedt op wanneer een bus niet meer op de geplande route rijdt, bijvoorbeeld door een omleiding. Wanneer het voertuigsysteem detecteert dat het voertuig niet meer op de geplande route rijdt wordt de routestrip vervangen door een scherm met alleen de bovenste regel met lijn, bestemming en actuele tijd. In het veld hieronder wordt een mededeling weergegeven: ‘Voertuig rijdt een omleiding’. Vanaf het moment dat de bus weer op de geplande route is wordt de normale routestrip met indien van toepassing de normale overstapschermen weer getoond.

Hoofdstuk 4 – Weergave van reisinformatie



17

5

Weergave van overige informatie

5.1

Extra berichten

5.2

Bij calamiteiten en verstoringen kunnen extra berichten getoond worden op een vlak in een opvallende kleur. Het is belangrijk om selectief met het weergeven van berichten om te gaan: alleen verstoringen die veel reizigers aangaan, moeten worden vermeld. Het gaat hierbij om verstoringen of calamiteiten met gevolgen voor de huidige lijn of op netwerkniveau. De wijze van vermelden wordt uitgebreid beschreven in het document ‘Schrijfwijzer & tekststrategie RAOV’ van 2020. Indien er verschillende berichten getoond moeten worden, kunnen deze achter elkaar worden getoond met een pagina­nummer ‘1/3’ op het gekleurde vlak. De extra berichten worden met een ‘verschoven frequentie’ getoond, waardoor het deel van de reisinformatie­schermen dat onder het extra berichten-vlak ligt nooit helemaal onzichtbaar wordt, zie ook paragraaf 4.5.

3

Haarlem N. Spaarne Gasth.

17:32

Aankomst

Halte

17:33 17:34 17:35 17:36 17:45

Haarlem Station Frans Halsplein Kloosterstraat Julianapark Haarlem Noord Spaarne Gasth.

Overstap

00:00 !

Bus 75 richting IJmuiden XX bestemming rijdt tijdelijk niet i.v.m. ongeval

1/2 Logo

Figuur 36. Scherm met speciaal bericht, met paginanummer 1/2.

18

Richtlijn reisinformatie in ov-voertuigen

Bijzondere vervoerdersinformatie

17:32

Figuur 37. Vervoerdersinformatie met actuele tijd

Bijzondere vervoerdersinformatie zoals aankondigingen van werkzaamheden, tarieven of tariefwijzigingen et cetera kunnen vertoond worden tussen de carrousel van infor­ matieschermen in, tijdens de fase ‘rijden’ (zie paragraaf 2.1). Op deze vervoerdersinformatieschermen blijft altijd de actuele tijd zichtbaar, op de vaste positie rechts bovenin het scherm.

6

Combinatie met reclame

Omdat reisinformatie belangrijk is voor een grote groep reizigers is de combinatie met reclame maar beperkt toegestaan. Reclame kan worden vertoond wanneer: het is toegestaan volgens de concessie-eisen van de opdrachtgever; er sprake is van twee schermen; er in de fase ‘rijden’ (zie paragraaf 2.1) voldoende tijd overblijft tussen twee loops van de carrousel.

-

B

Wanneer er sprake is van twee schermen (of twee schermhelften) naast elkaar met elk minimaal de schermverhouding 4:3 kan op het ene scherm continue reisinformatie worden getoond terwijl op het andere scherm reclame of bijzondere vervoerdersinformatie wordt weergegeven. Bij komende haltes met veel overstapmogelijkheden kunnen de beide schermen worden gebruikt voor de overstap­informatie. De schermen moeten daarvoor wel goed gesynchroniseerd zijn.

Hoek van Holland Haven 18:25

Aankomst

Halte

18:24

Blaak

18:26

Beurs

18:27

Eendrachtsplein

18:28

Dijkzigt

18:30

Coolhaven

18:31

Delfshaven

18:36

Schiedam Centrum

19:00

Hoek van Holland Haven

Overstap

Logo

1/4

Figuur 38. Extra breed scherm, met links reisinformatie en rechts reclame

E Aankomst

Den Haag Centraal

11:21

Halte

Overstap

Aankomst

Halte

11:22

Rotterdam Centraal

11:24

Blijdorp

11:27

Melanchtonweg

11:26

Amsterdam Centraal

3

IC

11:29

Meijersplein/ Airport Rodenrijs

Dordrecht Lelystad Centrum

6 9

SP

11:31

11:26 11:27

11:33

Berkel Westpolder

11:35

Leeuwarden

14

IC

11:52

Laan van NOI

11:36

Den Haag Centraal

8

SP

11:55

Den Haag Centraal

11:36

Dordrecht

6

SP

11:22

Rotterdam Centraal Overstap Trein

Spoor direct

IC

Logo Figuur 39. Extra breed scherm, twee reisinformatie-schermen naast elkaar

Hoofdstuk 6 – Combinatie met reclame



19

Wanneer er maar één scherm per balkon of positie van het voertuig beschikbaar is, wordt hierop met voorrang reisinformatie getoond. Alleen in de fase ‘rijden’ is het mogelijk om tussen twee cycli van reisinformatie in reclame te tonen. De reclame-cyclus duurt hier maximaal zestig seconden, hierna volgt een nieuwe informatiecyclus van de reisinformatie. Zodra de fase ‘rijden’ overgaat in de fase ‘naderen’ wordt de eventueel getoonde reclame vervangen door de reisinformatie-cyclus.

Carrousel reisinformatie

Reclame

Carrousel reisinformatie

40 - 60 sec.

max. 60 sec.

40 - 60 sec.

Figuur 40. Cyclus reisinformatie – reclame – reisinformatie in de fase ‘rijden’.

20

Richtlijn reisinformatie in ov-voertuigen

Bijlage Voorbeelden van opmaak in verschillende vervoerderskleuren

B

Hoek van Holland Haven 18:23

Aankomst

Halte

18:24

Blaak

18:26

Beurs

18:27

Eendrachtsplein

18:28

Dijkzigt

18:30

Coolhaven

18:31

Delfshaven

18:36

Schiedam Centrum

19:00

Hoek van Holland Haven

3

19:06

B

611

Hoek van Holland Strand

19:14

A

Logo

2/4

55

Overstap

Aankomst

Frans Halsplein

17:35

Kloosterstraat

17:36

Julianapark

17:45

Haarlem Noord Spaarne Gasth.

1/4

Amsterdam, Station Zuid Overstap Metro

Vertrek

51

Westwijk

14:54

50 51

Gein Westwijk

14:55 15:15

51

Centraal Station

15:19

50

Gein

15:22

50

Isolatorweg

15:22

14:52

31

Overstap

Aankomst

Monster, De Tol

14:55

Den Haag, Parnassia

14:56

Ockenrode

14:57

Ockenburgh

14:57

Ockenburghstraat

14:58

Arnold Spoelplein

15:04

Den Haag, Leyenburg

Logo

2/4

Halte

14:53

Den Haag Leyenburg

15:03

Halte

15:04

Logo

14:50

Halte

Den Haag Leyenburg Monster, Plaats Langeveld

Station Zuid

14:52

Logo

14:50

1/4

Halte

Den Haag Leyenburg

17:32

Haarlem Station

31

Vertrek

31

Halte

17:34

Aankomst

Halte

Hoek van Holland Haven Overstap Bus

Haarlem N. Spaarne Gasth.

17:33

Hoek van Holland Haven 18:59

B Aankomst

19:00

Logo

1/4

Aankomst

Overstap

Leyenburg Overstap Tram

Vertrek

4

Den Haag de Uithof

15:09

6 4

Leidschendam Noord Lansingerland Zoetermeer

15:11 15:12

Logo

2/4

Figuur 41. Voorbeelden van opmaak in verschillende vervoerderskleuren

Bijlage

Voorbeelden van opmaak in verschillende vervoerderskleuren



21

22

Richtlijn reisinformatie in ov-voertuigen

Colofon

Richtlijn reisinformatie in ov-voertuigen  uitgave CROW, Ede artikelnummer D505 tekst en illustraties Michiel Meurs (FromAtoB Public Design) eindredactie Hedda Treffers fotografie Herman Stöver vormgeving Inpladi bv, Cuijk productie CROW bestellen Deze uitgave is via de webshop bij CROW te bestellen. Zie voor de actuele verkoopprijs www.crow.nl/shop

BIJLAGE 8: EISEN AAN HET OV-BETAALSYSTEEM

pagina 161 van 161

EISEN AAN HET OV-BETAALSYSTEEM

Artikel 1 1

De in de bijlage “Eisen aan het OV-Betaalsysteem” gehanteerde begrippen hebben de betekenis zoals gedefinieerd in de Begrippenlijst, tenzij in de Bijlage “Eisen aan het OVBetaalsysteem” hiervan uitdrukkelijk is afgeweken.

Artikel 2 1

2

3

2 3

1

Algemene verplichtingen OV-Betaalsysteem

De Concessiehouder is verplicht om het OV-Betaalsysteem, de OV-Chipkaart, gebaseerd op de Mifare-Classic technologie met een distributienetwerk en EMVc en Barcode bij aanvang van de Concessie in werking te hebben. Onder het OV-Betaalsysteem wordt in elk geval verstaan: a. een zodanig functionerend systeem dat alle Reizigers die in het bezit zijn van een geldige OV-Chipkaart en/of Nieuwe Betaalwijzen (ook van andere concessiehouders) kunnen reizen met het Openbaar Vervoer via zowel de geldige Proposities, waaronder begrepen maar niet uitsluitend Proposities gebaseerd op zones zoals de huidige sterabonnementen, als op Saldo; b. apparatuur (inclusief alle daarvoor benodigde hard- en software) die is gecertificeerd door TLS, of waar TLS voor certificering een ontheffing (“waiver”) heeft verleend; c. een systeem dat is aangesloten op en deel uitmaakt van de landelijke backoffice van TLS (“level 4”) en/of diens opvolger. Het OV-Betaalsysteem is zodanig ingericht dat het tenminste alle gegevens verzamelt die nodig zijn om door de Concessieverlener gevraagde informatie met betrekking tot de distributie en het gebruik van de OV-Chipkaart en Nieuwe Betaalwijzen op te leveren, met inachtneming van het bepaalde in Artikel 71 van het Programma van Eisen.

De Concessiehouder is verplicht om het OV-Betaalsysteem zoals bedoeld in het eerste lid gedurende de duur van de Concessie goed te beheren en deugdelijk te onderhouden en in stand te houden.

Artikel 3 1

Definities

Beschikbaarheid apparatuur en gevolgen voor de reiziger

Het OV-Betaalsysteem voldoet aan een beschikbaarheidspercentage dat redelijkerwijze kan worden verlangd van de Concessiehouder. Van deze verplichting kan door de Concessieverlener ontheffing worden verleend na een daartoe ingediende schriftelijke aanvraag van de Concessiehouder. Bij aanvang van de Concessie dient de Concessiehouder een zodanig werkend OVBetaalsysteem in werking te hebben dat voldoet aan hetgeen gesteld in lid 3 en 4 van dit artikel. De Concessieverlener hanteert ten aanzien van de beschikbaarheid van Post en Verkoopautomaten de later vermelde normen1. Hierbij is een tweedeling gemaakt in enerzijds normen met betrekking tot de afhandeling van storingen en anderzijds normen met betrekking tot de vereiste beschikbaarheid van apparatuur.

Zie anne1, normen m.b.t. de beschikbaarheid van Post en Verkoopautomaten.

4 5 6

7

2

Met betrekking tot Storingen aan OV-Betaalapparatuur in het Materieel gelden de eisen zoals vermeld later in dit document2. Bij onvolledige werking brengt de Concessiehouder bij een Reiziger – bij normaal gebruik – nooit meer in rekening dan de verschuldigde ritprijs, berekend op basis van de Tarieven welke vastgesteld zijn door de Concessieverlener voor het moment waarop gereisd is.3 Met betrekking tot Storingen aan Ophaal- en Oplaadautomaten voor OV-Chipkaarten bij wederverkopers zoals beschreven in Bijlage J van het Programma van Eisen gelden de volgende eisen: a. een Storing dient binnen 3 uur te worden opgevolgd door bezoek van een monteur, en b. indien een Storing niet ter plaatse kan worden verholpen, dient de desbetreffende automaat vervangen te worden door een goed werkende automaat zodanig dat de volledige functionaliteit weer beschikbaar is voor Reizigers. Bovenstaande eisen gelden tijdens de openingstijden van de desbetreffende wederverkoper, ook in geval van avond- en/of zondagsopenstelling. Ophaal- en Oplaadautomaten, zoals beschreven in Bijlage J van het Programma van Eisen, zijn gedurende ten minste 99% van de openingstijden van de wederverkopers beschikbaar voor Reizigers. Het beschikbaarheidpercentage als bedoeld in de vorige volzin wordt per Ophaal- en Oplaadautomaat per maand berekend.

Zie annex 2, Eisen m.b.t. Storingen aan het OV-Betaalsysteem in het Materieel. Dit betekent onder meer dat het systeem, ook in het geval dat OV- Betaalapparatuur zich in een staat van “onvolledige werking” bevindt, rekening moet houden met de eventuele omstandigheid dat een Reiziger is overgestapt binnen de landelijk overeengekomen overstaptijd (nu: 35 minuten) en hij/zij daardoor niet opnieuw het basistarief zou hoeven te betalen. Bovendien mag een Reiziger die recht heeft op korting (bijvoorbeeld vanwege zijn/haar leeftijd of omdat deze op een (ster)abonnement reist), nooit meer hoeven te betalen dan in de situatie dat de apparatuur wel naar behoren functioneert. 3

Annex 1 Normen m.b.t. de beschikbaarheid van Post en Verkoopautomaten

I. Afhandeling Storingen a. Object In het kader van annex 1 van deze Bijlage is een Object een Post of Verkoopautomaat. b. Leverancier Een Leverancier is een partij die namens de Concessiehouder verantwoordelijk is voor het onderhoud, de reparaties en de vervanging van OV- Chipkaartapparatuur. De Concessiehouder kan ervoor kiezen de rol van Leverancier binnen de eigen organisatie in te vullen. c. Prioriteit De Prioriteit betreft de volgorde waarin Storingen moeten worden afgehandeld. Bij de toekenning van de Prioriteiten worden de volgende criteria gehanteerd: Prioriteit 1 • verwijderen van glas, scherven of scherven die nog deels in/aan de apparatuur vastzitten, uitstekende scherpe delen; • reparatie van glasschade; • reparatie van uitstekende scherpe delen; • reparatie van losliggende bekabeling, en • verwijderen van graffiti of krassen met persoonlijk kwetsende of discriminerende leuzen, teksten of tekens. Prioriteit 2 • alle overige Storingen Servicewindow oplossen Storingen Het servicewindow voor het oplossen van Storingen is als volgt: Service level Object Post Verkoopautomaat

Prioriteit Prioriteit 2 Prioriteit 1 en 2

servicewindow 24 uur per dag, 7 dagen per week 24 uur per dag, 7 dagen per week

a. Gemiddelde en maximale hersteltijd Storingen dienen te worden opgelost binnen de toegestane maximale hersteltijd zoals opgenomen in onderstaande tabel, waarbij de gemiddelde hersteltijd van de Storingen in enige maand niet meer bedraagt dan de toegestane maximale gemiddelde hersteltijd zoals opgenomen in onderstaande tabel. Onder de gemiddelde hersteltijd wordt verstaan de gemiddelde hersteltijd voor een Object bij uitval of Storing in de betreffende maand. De toegestane maximale hersteltijd en de toegestane maximale gemiddelde hersteltijd is afhankelijk van de Prioriteit die de Storing van het betreffende Object heeft. De toegestane maximale hersteltijd en de toegestane maximale gemiddelde hersteltijd betreft de periode van het moment van melding aan Leverancier of constatering door Leverancier tot aan het moment dat Leverancier het Object terecht hersteld meldt. De Concessiehouder dient een Storing, na constatering door de Concessiehouder zelf of na melding door een Reiziger, zo snel mogelijk te melden aan de Leverancier. De gemiddelde en maximale hersteltijd is inclusief reistijd van de Leverancier naar het betreffende Object.

Prioriteit 1 (reparatie gevaarlijke en kwetsende situaties) Object Toegestane maximale gemiddelde hersteltijd Verkoopautomaat 45 minuten

Prioriteit 2 (alle overige storingen) Object Post

Toegestane maximale gemiddelde hersteltijd 2 uur

Verkoopautomaat

45 minuten

Toegestane maximale hersteltijd 4 uur, welke in 95% van de gevallen gehaald dient te worden

Toegestane maximale hersteltijd 4 uur, welke in 95% van de gevallen gehaald dient te worden 4 uur, welke in 95% van de gevallen gehaald dient te worden

II. Beschikbaarheid Beschikbaarheid geeft aan dat een Object gedurende een vastgestelde exploitatietijd de overeengekomen functionaliteit biedt. De Beschikbaarheid wordt uitgedrukt in een percentage van de totale tijdsduur van de openstellingsperiode (de uren waarop het systeem toegankelijk is voor gebruik door reizigers) per Object per maand. Een Object wordt gedefinieerd als onbeschikbaar indien er sprake is van een Storing met betrekking tot het Object met Prioriteit 1 of 2. De onbeschikbaarheid van een Object geldt vanaf het moment van melding aan de Leverancier of constatering door de Leverancier tot aan het moment dat de Leverancier het Object terecht hersteld meldt (conform gemiddelde en maximale hersteltijd). De Concessiehouder meldt een Storing, na constatering door de Concessiehouder zelf of na melding door een Reiziger, zo snel mogelijk aan de leverancier. De volgende berekening wordt gehanteerd voor de Beschikbaarheid: Exploitatieperiode SYSTEEM - ∑ Tijdsduur Onbeschikbaarheid Beschikbaarheid = -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- X 100% Exploitatieperiode SYSTEEM

De beschikbaarheid van een Object wordt bepaald per dag. Voor de beschikbaarheid van een Object geldt de volgende norm: Object In % uitgedrukt Post ≥ 98,0% Verkoopautomaat ≥ 98,0% Vandalisme Bij alle normen in dit lid geldt dat deze – met uitzondering van Storingen met Prioriteit 1 – niet van toepassing zijn in het geval van vandalisme. In geval van vandalisme zal de Concessiehouder er in redelijkheid binnen zijn mogelijkheden alles aan doen om een Storing zo snel mogelijk op te lossen en rapporteert hierover desgevraagd aan de Concessieverlener.

Annex 2 Eisen m.b.t. storingen aan OV-Betaalapparatuur in het Materieel

Met betrekking tot Storingen aan OV-Betaalapparatuur in het Materieel gelden de volgende eisen. a. Object In het kader van annex 2 van deze Bijlage wordt onder een Object een boordcomputer en/of Kaartlezer in het Materieel en/of het level 2/3 systeem van de Concessiehouder verstaan. b. Storingsklassen Storingen van de OV-Betaalapparatuur in het Materieel worden ingedeeld in de volgende standaard storingsklassen:

A

B

Situatie Belangrijke (combinaties van) Kaartlezers werken niet. Het gaat daarbij om: - Kaartlezer bij de Bestuurder, en/of: - twee Kaartlezers bij dezelfde deur. Een of meerdere – niet belangrijke - Kaartlezers in een Voertuig werken niet of werken in Degraded mode1.

Gevolg/Actie Het Voertuig kan de rit afmaken en de defecte OV-Betaalapparatuur moet bij een Eindpunt worden gerepareerd of vervangen.

Het Voertuig kan de dienst/dag afmaken en de defecte OV- Betaalapparatuur moet aan het einde van de dienst/dag worden gerepareerd.

De Concessiehouder dient bovenstaande storingsclassificatie te hanteren. Wanneer de Concessiehouder voornemens is een afwijkende storingsclassificatie te hanteren dient hij de Concessieverlener hierover tijdig te informeren. De Concessieverlener zal akkoord gaan met een afwijkende storingsclassificatie, mits de Concessiehouder aantoont dat dit geen nadelige gevolgen voor Reizigers heeft (zo mag de afwijkende storingsclassificatie in ieder geval niet leiden tot meer of langer durende verstoringen). c. Prioriteit De volgende prioriteitsstelling wordt gehanteerd: Prioriteit 1: Systeemstoringen (= een Klasse A of Klasse B storing) waardoor Reizigers niet kunnen in/uitchecken die meerdere Voertuigen betreft; Prioriteit 2: Systeemstoringen waardoor Reizigers niet kunnen in/uitchecken die één Voertuig betreft; Prioriteit 3: Overige Storingen. d. Gemiddelde en maximale hersteltijd Storingen dienen te worden opgelost binnen de toegestane maximale hersteltijd zoals opgenomen in onderstaande tabel, waarbij de gemiddelde hersteltijd van de Storingen in enige maand niet meer bedraagt dan de toegestane maximale gemiddelde hersteltijd zoals opgenomen in onderstaande tabel. Onder de gemiddelde hersteltijd wordt verstaan de gemiddelde hersteltijd voor een Object bij uitval of Storing in de betreffende maand.

De toegestane maximale hersteltijd en de toegestane maximale gemiddelde hersteltijd is afhankelijk van de Prioriteit die de Storing van het betreffende Object heeft. De toegestane maximale hersteltijd en de toegestane maximale gemiddelde hersteltijd betreft de periode van het moment van melding aan Leverancier of constatering door Leverancier tot aan het moment dat Leverancier het Object terecht hersteld meldt. De Concessiehouder meldt een Storing, na constatering door de Concessiehouder zelf of na melding door een Reiziger, zo snel mogelijk aan de Leverancier. De gemiddelde en maximale hersteltijd is inclusief reistijd van de Leverancier naar het betreffende Object.

Prioriteit 1 Een Klasse A of Klasse B Storing die meerdere Voertuigen betreft Toegestane maximale gemiddelde Toegestane maximale hersteltijd hersteltijd 2 uur 4 uur (tot acceptabele workaround) Prioriteit 1 Een Klasse A of Klasse B Storing die één Voertuig betreft Toegestane maximale gemiddelde Toegestane maximale hersteltijd hersteltijd 4 uur 8 uur Prioriteit 3 Overige Storingen Toegestane maximale gemiddelde hersteltijd 24 uur

Toegestane maximale hersteltijd 48 uur

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14447206/1