CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - VGR en themabijlage bruggen en kademuren maart 2022_groot.pdf

Tijdelijke Algemene Raadscommissie 19 mei 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de 4e voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren en bijbehorende raadsinformatiebrief (VN2022-013475)15.437 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Maart 2022 (rapportage over periode juli – december 2021)

Voortgangsrapportage Programma Bruggen en Kademuren Maart 2022

met themabijlage Samen met de stad

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Vooraf 2

Programma Bruggen en Kademuren (PBK) van de gemeente Amsterdam rapporteert twee keer per jaar over de voortgang op de opdracht om 838 bruggen en circa 205 kilometer kademuren te onderzoeken, veilig te houden en waar nodig versneld op orde te krijgen.

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

In deze vierde voortgangsrapportage rapporteren we over het tweede half jaar van 2021. We vertellen, zoals gebruikelijk, over de voortgang op de

P3 Inleiding

programmadoelen en de sturing- en beheersingsaspecten. De bijlage heeft deze keer als thema Samen met de stad. Hierin lees je onder andere meer over hoe het programma haar sociale verantwoordelijkheid invult, hoe we de ruimte benutten die ontstaat bij het plaatsen van veiligheidsconstructies en hoe we bewoners en andere geïnteresseerden betrekken bij onze opgave.

Het digitale dashboard van het programma, met een overzicht van de stand van zaken, is ook dit kwartaal geüpdatet. Je vindt een toelichting en link verderop in deze rapportage.

P5 Voortgang

We wensen je veel leesplezier!

P11

Programma Bruggen en Kademuren

Sturing en Beheersing

P18 Continu leren

P19 Dashboard

P20 Het document is navigeerbaar met de verticale navigatiebalk links op de pagina. De foto’s bij de inhoudsopgave van de hoofdstukken (zoals hiernaast) zijn ook aanklikbaar.

Bijlage: Samen met de stad

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

1. Inleiding Waar staan we? 3

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

In 2021 is de programma-aanpak in een stroomversnelling terecht gekomen, waarbij het zwaartepunt geleidelijk verschuift van korte termijn veiligheidsmaatregelen naar duurzame vernieuwing. Het onderzoeksprogramma geeft ons een steeds beter inzicht in de staat van de constructies en de veiligheidsaanpak werpt zijn vruchten af. We zien dat we minder vaak met spoed hoeven in te grijpen en waar we maatregelen treffen, loopt dat volgens een gestroomlijnd en herkenbaar proces. Tegelijkertijd zien we dat een fors deel van de constructies gebreken vertoont en in gevallen zelfs niet meer voldoet aan de wettelijke eisen. De onderzoeksresultaten bevestigen daarmee de grote omvang van de vernieuwingsopgave die ons te wachten staat. We sturen daarbij niet alleen op volledige vervanging van de bruggen en kademuren, maar ook op minder ingrijpende herstelmaatregelen, groot onderhoud en renovatie.

Levensduurverlenging is essentieel om de opgave haalbaar en betaalbaar te houden en overlast te minimaliseren. Samen met zes marktpartijen werken we aan een innovatietraject voor levensduurverlengende maatregelen bij kademuren. Het komende jaar onderzoeken deze partijen of hun oplossing goed werkt en, als het al een bestaande methode is, of zij ook toepasbaar is bij Amsterdamse kademuren.

Om onze bruggen en kademuren te beschermen en de stad ook leefbaarder te maken, gelden er per 1 oktober 2021 strengere regels voor zware voertuigen in de binnenstad, binnen de S100-ring. Samen met de directies Dienstverlening, Toezicht en Handhaving Openbare Ruimte (THOR) en Verkeer & Openbare Ruimte (V&OR) heeft het programma gezorgd voor een voortvarende invoering van het nieuwe beleid. Ook zien we strenger toe op het plaatsen van zware objecten op kademuren, zodat we schade door overbelasting zoveel mogelijk voorkomen.

met de beschikbare productiecapaciteit. PBK heeft moeite om de capaciteit van de voorbereiding- en uitvoeringsteams op orde te krijgen, onder ander door gedwongen uitstroom van zelfstandigen zonder personeel (ZZP’ers) en tekorten aan technisch personeel. Hierdoor zitten we nog niet op het gewenste tempo. Samen met het gemis aan financiële duidelijkheid brengt het onzekerheid in de samenwerking en langetermijnrelaties met marktpartijen en kennisinstellingen. In deze voortgangsrapportage lees je daar meer over.

Ondanks diverse uitdagingen, doen we meer dan ooit.

Vooruitblik 2022

Met onze samenwerkingspartners bereiden we de vernieuwing voor van veel meer bruggen en kademuren dan de afgelopen jaren. En ook buiten worden de werkzaamheden zichtbaar. We werken toe naar minimaal acht bruggen en twee kilometer kademuur per jaar met een langjarige planning, waarbij we zo veel mogelijk gebiedsgericht werken. En met de vastgestelde Uitvoeringsstandaard werken we aan steeds scherpere kaders en een betere voorspelbaarheid. We zien echter dat de praktijk weerbarstig is. Onder andere de aanwezigheid van monumentale bomen en moeilijk realiseerbare eisen ten aanzien van bereikbaarheid en veiligheid leiden tot een nog onvoldoende stabiele scope. Dat heeft de afgelopen tijd geleid tot verschuivingen in de planning en een andere toedeling van projecten aan onze samenwerkingspartners. Daardoor wordt de haalbaarheid van de programmering beïnvloed. Tegelijkertijd resulteren de vele ambities en projecten in het fysieke domein in een disbalans

Financiën In 2022 bouwen we door op de programmatische aanpak. Voor de vernieuwing van bruggen en kademuren heeft het college in totaal ruim € 457 miljoen aan investeringsruimte en € 206 miljoen in de exploitatie vrijgemaakt, waarmee de aanpak van het achterstallig onderhoud aan bruggen en kademuren een flinke impuls heeft gekregen. Met deze middelen zijn onder andere tientallen projecten in voorbereiding en uitvoering genomen, is een stevige organisatie opgebouwd en is een robuust veiligheidsproces ingericht. Maar voor de jaren na 2022 ontbreekt financiële zekerheid. De investeringsraming tot en met 2026 komt uit op € 1.060 miljoen, wat nog een tekort betekent van € 603 miljoen om nieuwe projecten uit te kunnen voeren. Ook is voor de jaren 2023 tot en met 2026 nog ca. € 182 miljoen nodig in de exploitatie, waaruit onder andere de noodzakelijke veiligheids-, onderzoeks- en innovatieaanpak wordt betaald. Voor de decennia na 2026 is op basis van

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

4

de huidige inzichten nog circa €200 miljoen per jaar nodig om het programma te kunnen voortzetten. Bij het uitblijven van structurele middelen neemt niet alleen de achterstalligheid toe, maar komen we ook in geen geval in de buurt van de beoogde versnelling en de langjarige samenwerking met de markt. Daarnaast betekent eventuele stagnatie in vernieuwing dat we de veiligheidsorganisatie langer in stand moeten houden. Veiligheidsmaatregelen nemen dan toe én duren langer, wat leidt tot een grote verslechtering van de bereikbaarheid en leefbaarheid in de stad.

Verwachtingen voor de komende periode Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Voor de ingenieursdiensten en het vernieuwen van de kademuren zijn langjarige samenwerkingsovereenkomsten (SOK) afgesloten. In 2022 volgt een contract voor de vernieuwing van bruggen. Samen met de marktpartijen maken we heldere afspraken over leveringen, verwachtingen en hoe we samen leren en verbeteren. Een aantal activiteiten die we nu zelf uitvoeren dragen we aan onze partners over, zodat er meer capaciteit beschikbaar komt binnen de teams. Ook het komende jaar zullen veiligheids­ maatregelen nodig blijven, terwijl de gevolgen voor de bereikbaarheid van de stad door stapeling van werkzaamheden, afsluitingen, versterkingsconstructies en afgezette parkeervakken steeds zichtbaarder worden. Afgelopen jaar is een nieuw contract afgesloten voor het realiseren van veiligheidsmaatregelen, waarmee we wanneer nodig snel kunnen handelen. Alleen wanneer het lukt om minimaal twee kilometer kademuur en acht bruggen per jaar te

vernieuwen, wordt het achterstallig onderhoud structureel aangepakt en nemen bestaande en nieuwe veiligheidsmaatregelen uiteindelijk af. Het komende jaar gaan we meer resultaten zien vanuit de innovatietrajecten, bijvoorbeeld op het gebied van monitoring en vanuit het Innovatiepartnerschap Kademuren, waar dit jaar de eerste proeftuinen in uitvoering gaan. Daarnaast boeken we mooie voortgang met de PBK Academy, waar we laten zien hoe we sociale meerwaarde leveren op het gebied van educatie, werk en kunst en cultuur in de stad. Zo wordt door een van de opdrachtnemers een Bouw- en Infratraject gestart voor werkzoekenden met een afstand tot de arbeidsmarkt en gaan we de samenwerking aan met het Amsterdam Light Festival. Ook zien we de eerste voorbeelden ontstaan van koppelkansen met duurzaamheid, zoals de toepassing van de energiepaal (WKO) bij de Kostverlorenvaart en nieuwe vormen van mobiliteit met vervoer en afvalinzameling over water in het Wallengebied.

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

2. Voortgang programmadoelen 5

Veilige en functionele bruggen en kademuren Toenemend inzicht

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

De archieven op orde brengen is een belangrijk onderdeel van het programma, om daarmee de daadwerkelijke opgave te kunnen duiden en een solide basis voor het beheer neer te zetten. De risicogestuurde onderzoeken naar de staat van de constructies zijn in 2021 goed op stoom gekomen. Het onderzoek naar alle bruggen met houtenpaalfunderingen is eind 2021 afgerond. Een mijlpaal, waarbij het team 267 bruggen heeft geïnspecteerd, de gebreken gedocumenteerd en de houten palen onderzocht. In totaal zijn er zo’n 5700 houtmonsters verzameld. Uiteindelijk bleek bij ongeveer 30 van de 267 onderzochte bruggen in het verleden al renovatiewerk te zijn verricht. Die bruggen stonden geheel of deels op een stalen of betonnen fundatie. Tot en met 2021 zijn de funderingen van 219 kademuren (circa 37 van de 208 km) kwalitatief beoordeeld. Komend jaar gaan we verder met de risicobeoordelingen. Met die data kunnen we de programmering weer verder aanscherpen. 44 van de geïnspecteerde brugfunderingen op houten palen (23%) en ongeveer de helft van de onderzochte kades blijkt in dusdanig slechte staat dat gedeeltelijk of geheel vernieuwen nodig is. Met de inzichten van nu verwachten we dat dit in

totaal voor circa 10 tot 15% van de bruggen en zo’n 30% van de kademuren nodig is. In absolute aantallen telt de verwachting op tot zo’n 80 tot 125 bruggen en circa 60 km kademuur (ca. 350 kademuren) die de komende decennia hersteld moeten worden. Daarnaast kent het areaal nog veel oude constructies, waar geen acuut veiligheidsrisico is, maar die wel het einde van de levensduur hebben bereikt. De noodzaak om door te pakken op de opgave is dus groot, zeker nu geconstateerd is dat de wettelijke ondergrens van onderhoud op plekken is bereikt of al overschreden wordt.

In de Westelijke Grachtengordel is de Wim Sonneveldbrug (brug 175), terwijl het verkeer en de tram gewoon door reed, met behulp van een nieuwe methode versterkt. De brug staat op de programmering om in 2033-2034 vernieuwd te worden, maar vorig jaar bleek uit onderzoek dat de fundering er slecht aan toe was. Het toepassen van nieuwe methoden van versterken (een vorm van levensduurverlenging) biedt veel waardevolle inzichten voor het vervolg van de programmaaanpak en geven ruimte om de complexe programmeerpuzzel te optimaliseren.

Bewaken, beperken, versterken

Dat enige spoed toch af en toe nog geboden is, zagen we begin dit jaar bij de afsluiting van de relatief nieuwe Marie Thomas Tonnonbrug over het Twiske. Scheuren in het beton duiden op een constructief probleem. Onderzoek wees uit dat te weinig wapening de oorzaak is van de scheurvorming. Het programma heeft samen met het Stadsdeel en de OV-partners in korte tijd maatregelen getroffen om de bereikbaarheid in het gebied te waarborgen. Er is een tijdelijke pontonbrug voor fietsers en voetgangers gerealiseerd en een pendelbusje naar openbaar vervoerhaltes ingezet. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan een passende oplossing om de brug te versterken, zodat de brug weer gebruikt kan worden door bussen, fietsers, voetgangers en ook vaarverkeer.

Tot begin maart 2022 is er bij 93 kademuren en 33 bruggen een lastbeperking ingevoerd, en bij 46 kademuren en 14 bruggen een veiligheidsconstructie geplaatst. We monitoren niet alleen kademuren (22,2 km/ 189 kademuren) en bruggen (97 stuks), maar we houden ook panden langs 57 rakken in de gaten en we monitoren de projectlocatie bij molen de Otter. Een actueel overzicht is te vinden op het online dashboard. Alhoewel we minder vaak met spoed hoeven te handelen, was het ook in de afgelopen periode op plekken nodig om veiligheidsmaatregelen te treffen. Sinds begin dit jaar is brug 295 over de Krom Boomssloot weer open voor wegverkeer. De brug was lange tijd afgesloten vanwege de slechte staat van het metselwerk en de landhoofden. Omdat de brug belangrijk is voor de doorvaart en het verkeer in dit gebied is de constructie versterkt in afwachting van de geplande vernieuwing in 2025 en 2026.

Nieuwe integrale afweging Oude Waal (Waalseilandsgracht) In januari 2021 is het besluit genomen om de kades van de Waalseilandsgracht te versterken. Door uitloop in de planning van dit complexe

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

6

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

project, onder andere vanwege de vele woonboten in de gracht, zit er relatief veel tijd tussen dit besluit en de geplande start van de werkzaamheden. In die tijd is nieuwe technische en omgevingsinformatie beschikbaar gekomen. Zoals actuele meetgegevens, waaruit blijkt dat de kademuur bij de Oude Waal sinds de ingevoerde lastbeperkende veiligheidsmaatregelen nagenoeg niet heeft bewogen en de situatie minder snel verslechtert dan verwacht. Het programma heeft op basis van deze nieuwe informatie beoordeeld dat het versterken van de kademuur op dit moment niet noodzakelijk is. Met monitoring wordt de situatie bewaakt en kan eventueel snel ingegrepen worden indien de kade toch achteruit gaat. In de programmering wordt de vernieuwing van deze kade eerder ingepland. Succesvolle proeftuinen monitoring De proeftuinen voor alternatieve meettechnieken voor deformatiemetingen zijn afgelopen jaar afgerond. Twee nieuwe meettechnieken (fotogrammetrie en laserscan) gaven goede resultaten en worden in 2022 ingezet om het deel van het areaal in beeld te brengen, dat we nu nog niet monitoren. Met deze nieuwe monitoringstechnieken kunnen we tot vier keer zo snel werken als met de huidige technieken van tachymetrie en waterpassing.

Proefbelasting We weten van veel van onze bruggen en kademuren niet wat de precieze staat, belastbaarheid en restlevensduur is. We baseren ons voor een groot deel op inschattingen op basis van bijvoorbeeld leeftijd, materiaaleigenschappen, belasting

en bodemgesteldheid. Met onze huidige berekeningsmethoden kunnen we onvoldoende voorspellen hoe sterk onze kademuren echt zijn. We ontwikkelen daarom nieuwe berekeningsmethoden om bestaande kademuren beter te kunnen toetsen. Om hier meer kennis over op te doen, proefbelasten we segmenten van een bestaande kademuur van een gebiedsontwikkeling bij Overamstel. Dit doen we binnen gecontroleerde omstandigheden terwijl ondertussen de bewe­gingen worden gemonitord. Zo kunnen we preciezer bepalen welke kademuren nog een periode behouden kunnen blijven en nog niet vervangen hoeven te worden. Bij deze proef zijn verschillende kennisinstituten betrokken, waaronder de TU Delft en AMS.

Een functionerende stad tijdens de opgave Gebiedsteams Het programma voert de werkzaamheden zo veel mogelijk per corridor (zoals de Oranje Loper of Leidsestraat) en gebied uit. We hebben het gebiedsgericht werken geïntroduceerd in de Burgwallen en breiden dit uit naar meer gebieden. Dit leidt tot een efficiënte en nauwe samenwerking tussen het projectteam en de omgeving, aannemer en andere betrokken partijen. Inmiddels zijn de eerste SOK-projecten en het gebiedsteam in het Wallengebied van start gegaan.

Woonbotenprotocol voor tijdelijke en definitieve verplaatsingen Zowel vanuit de gemeente als vanuit woonbootbewoners leefde er grote behoefte

aan een eenduidige werkwijze wanneer woonbootverplaatsingen aan de orde zijn. Zeker nu tijdelijke verplaatsingen vaker voor komen vanwege de grote vernieuwingsopgave van het programma. Vanwege de samenhang is gekozen om gelijktijdig het protocol voor definitieve verplaatsingen, die bijvoorbeeld voortkomen uit ruimtelijke ontwikkelingen, op te pakken. Het college heeft op 1 maart 2022 zowel een protocol voor de tijdelijke verplaatsing als een protocol voor de definitieve verplaatsing van woonboten in Amsterdam vastgesteld. Het protocol is het kader waarbinnen Amsterdam en de woonbooteigenaar afspraken maken over de tijdelijke of definitieve verplaatsing en beschrijft de uitgangspunten, werkwijze en te volgen stappen. Deze afspraken worden bij voorkeur in een verplaatsingsovereenkomst vastgelegd. Hiervoor is een standaard format opgesteld. De protocollen zijn samen met woonbootverenigingen en andere betrokken organisaties opgesteld. Zij zijn zeer tevreden over het doorlopen proces en de voortvarendheid waarmee dit is opgepakt door de gemeente.

Vergroening van veiligheidsmaatregelen De laatste maanden is hard gewerkt aan de ver­ groening van verschillende versterkings­constructies. Dat is onder andere te zien bij de Kloveniers­ burgwal, de Leliegracht en de Groenbrugwal bij de Staal­meestersbrug. Viskorven, klimplanten, bloemrasters, bloembollen en vleermuiskasten dragen bij aan de vergroening en biodiversiteit in de buurt. Het schoonhouden van het tijdelijk groen vraagt nog aandacht. Daar worden afspraken over gemaakt met Stadswerken. In de themabijlage lees je meer over deze projecten.

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Communicatie

7

We willen het gesprek met en informeren van de stad en alle betrokkenen en geïnteresseerden breed faciliteren. In het Auke Bijlsma symposium en met een motie (motie 773) is daar ook vanuit de gemeenteraad aandacht voor gevraagd. PBK gaat met regelmaat werkbezoeken aan projecten organiseren, externe expertise betrekken bij technische sessies en we openen in april 2022 het PBK-bezoekerscentrum, dat breed benut kan worden voor informatievergaring en kennisdeling.

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Gekoppeld aan het ritme van de Voortgangs­ rapportage organiseert het programma twee keer per jaar een conferentie over actuele thema’s, dat open staat voor iedereen met interesse in het programma. Op 9 maart 2022 heeft de eerste PBK conferentie plaatsgevonden, waarbij we in gesprek gingen over de programma-aanpak met de heren Cloo (Voorzitter Adviesraad PBK) en Veerman (voorzitter Commissariaat Civiele Constructies) en er panelgesprekken waren over wat de onderzoeksresultaten ons leren en de mogelijkheden van waardevermeerdering door koppeling met duurzaamheid en het sociale domein. De conferentie is breed gesprek geworden met en over de stad en bezocht door onder andere onze samenwerkingspartners, collega-overheden, bewoners, raadsleden, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties.

Realiseerbare programmering Vernieuwing kademuren Het werk aan de kademuren binnen de samenwerkingsovereenkomsten Kademakers wordt nu ook buiten zichtbaar. In 2021 hadden we circa 20 lopende kademuurprojecten, grotendeels in de voorbereidende fase, en drie projecten in uitvoering. De projecten Herengracht (278 meter) en Molen de Otter (50 meter) zijn buiten in uitvoering gegaan en het project Rechtboomssloot is in 2021 opgeleverd (130 meter). De haalbaarheid van de ambitie uit de program­ mering is nog onzeker, onder andere door de beschikbare capaciteit binnen het programma en onzekerheid over langjarige financiering. Beloofde aantallen meters kademuur kunnen we nog niet waarmaken. We zien dat de samenwerking met de opdrachtnemers daardoor onder druk staat. De SOK partners geven aan dat de onzekerheid hen aarzelend maakt te investeren in zaken als uitbreiding van vaste personele bezetting, innovatie, duurzaamheid en social return. Daarover vindt intensief overleg plaats. Om als lerende organisatie samen met onze opdrachtnemers beter te worden, is besloten een adempauze in te lassen en een aantal projecten in tijd te verschuiven of geheel stil te leggen. Door nu de tijd te nemen en in de samenwerking en organisatie te investeren, kan daarna de stap naar voren worden gezet.

Dat neemt niet weg dat het vernieuwingstempo van kademuren nu nog steeds vele malen hoger is dan de afgelopen jaren.

Daarnaast wordt uit de voorbereiding van de projecten en onderzoek naar kostenramingen duidelijk dat extra eisen aan de uitvoering op bijvoorbeeld het gebied van BLVC, vervoer over water, en monumentaal bouwen, veel invloed hebben op de planningen en normkosten. We zijn gewend in Amsterdam om werk met werk te maken en zo veel mogelijk alle verkeersstromen in stand te houden. Werkzaamheden duren daardoor langer en worden complexer. We zien dat dit belangrijke oorzaken zijn van het overschrijden van normkosten.

Uitvoeringsstandaard vastgesteld Met het vaststellen van de Uitvoeringsstandaard door het college en de raad in het 4e kwartaal van 2021 hebben we belangrijke kaders voor de uitvoering afgegeven, bijvoorbeeld over het vierkant afsluiten en tegen gaan van scopeuitbreidingen. We zien echter dat de praktijk weerbarstig is. De Uitvoeringsstandaard bestaat uit een set regels, afspraken en standaarden waarmee we onze besluitvorming stroomlijnen en onze werkprocessen versnellen. Om de noodzakelijke versnelling te kunnen realiseren, zetten we in op zoveel mogelijk projecten waarbij we zo min mogelijk scope-uitbreidingen meenemen. Dat neemt niet weg dat we oog hebben en houden voor andere partijen al dan niet van de gemeente, die ook werk te doen hebben in de stad, denk aan Waternet en Liander. Voor de werkzaamheden van Waternet en Liander worden samenwerkingsovereenkomsten opgesteld, om heldere afspraken te maken over de raakvlakken. Deze zijn in concept gereed. Maar ook klimaatadaptatie, nieuwe vormen van mobiliteit

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

8

en sociale vraagstukken raken aan de opgave. Dat biedt naast de nodige afstemming, ook kansen voor het toevoegen van waarde. De langjarige programmering geeft de gemeente de ruimte om deze werkzaamheden en ambities tijdig te koppelen of bewust te ontkoppelen, zonder in de valkuil te stappen om de scope continu te wijzigen. Zoals met de Uitvoeringsstandaard is vastgesteld, gaan we deze koppelkansen zakelijk aanpakken met een heldere deadline om de scope vast te stellen. Ook worden de werkzaamheden aangestuurd onder één projectregie en één directievoering.

Vernieuwingsketen ingericht Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

In 2021 is het voorbereidingsteam gestart met de voorbereiding van 23 rakken verdeeld over 6 grachten (uitvoering 2023/2024) en 18 bruggen (uitvoering 2025/2026), in samenwerking met de SOK Ingenieursdienstpartners en de uitvoeringsteams. Dit team vormt de aansluiting tussen de programmering van de uitvoeringsprojecten en de uitvoeringsteams. Het team zorgt voor een heldere scope, maakt keuzes over belangrijke thema’s op programmaniveau (bijvoorbeeld bomen, woonboten, kabels & leidingen, waterberging, etc.) en bereidt deze voor vanuit kennisteams. Hierdoor kunnen projecten in de uitvoering effectiever worden opgepakt en sneller worden voorbereid en uitgevoerd. De overdracht van deze informatie van conditionering naar de uitvoering gebeurt aan de hand van standaard digitale projectkaarten.

Bruggenbouwers in de startblokken Afgelopen jaar zijn drie uitvoeringsteams voor de vernieuwing van bruggen van start gegaan.

Elk team gaat met ongeveer zes bruggen aan de slag. Er is een team Leidse corridor, een team Westelijke grachtengordel en een team de Wallen. De teams zijn gestart met het ondersteunen van het voorbereidingsteam om de conditionerende werkzaamheden voor de 18 bruggen voor het zomerreces van dit jaar af te kunnen ronden.

de aanbesteding te publiceren en eind 2022 de gunning te realiseren voor de SOK-aannemers. Voor het realiseren van veiligheidsmaatregelen is vorig jaar een nieuwe raamovereenkomst afgesloten en ook de SOK Ingenieursdiensten zijn van start.

Het programma levert een financiële bijdrage aan ruim tien vernieuwingsprojecten, die worden uitgevoerd door projectteams buiten PBK. Veelal gaat het om een onderdeel van een groter herinrichtingsproject. Dit zijn onder andere de Oranje Loper, waarbinnen 9 bruggen worden vernieuwd, de vernieuwing van de Kikkerbilsluis (brug) en het maaiveld rond de brug in de Prins Hendrikkade, en de vernieuwing van de Da Costakade waar ruim 2 km kade wordt meegenomen. Lessen uit deze projecten nemen we mee in de programma-aanpak.

Van team Markt & Inkoop naar team Marktsamenwerking & Contractzaken Team Markt & Inkoop heeft de afgelopen jaren de basis gelegd voor de samenwerkings- en contractstructuur met marktpartijen. Langjarige samenwerking om een systeemverandering teweeg te brengen. Het kader hiervoor is de marktstrategie die in juni 2020 door het college van B&W is vastgesteld. Nu de belangrijkste samenwerkingsovereenkomsten zijn afgesloten of in voorbereiding verschuift de focus van inkoop, naar de daadwerkelijke samenwerking met de markt. De ambitie van team Marktsamenwerking & Contractzaken is dan ook om in 2022 de marktstrategie en samenwerkingsprincipes uit de SOK’ s in de praktijk te brengen. We doen dit samen met de markt en kennisinstellingen. Niet alleen door effectief gebruik te maken de capaciteit, kennis en kunde die zij in huis hebben, maar ook om de systeeminterventies te realiseren die nodig zijn en ons verder te ontwikkelen. Dit kan alleen als we de programma-opgave seriematig aanpakken en een stabiele stroom van werkpakketten realiseren. En dat in een (werk)omgeving waarin leren en verbeteren de norm is.

Samenwerking met de markt

Regie op bouwlogistiek

IIn 2021 is de inkoopstrategie voor de SOK Bruggen opgesteld, in lijn met de Marktstrategie van het programma. We verwachten op 1 mei 2022

We zien dat er behoefte aan is om steeds meer logistiek over water te laten plaatsvinden, met name voor zwaar vervoer, omdat op het water

Na een periode van voorbereiding is begin van dit jaar begonnen met de vernieuwing van de Walter Süskindbrug, de brug op de hoek van de Amstel en de Nieuwe Herengracht. Doordat we het ijzeren skelet en de houten bekleding zoveel mogelijk prefab maken, en de fundering gewoon kan blijven staan, kunnen we de brug ook snel weer opleveren. Als alles goed verloopt, kan de brug in april 2022 weer open.

Bijdrage aan projecten buiten PBK

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

9

geen aslastbeperkingen gelden. Maar ook hier is een vergunning nodig, geldt er regelgeving en moet rekening gehouden worden met andere gebruikers. De ambitie van team Bouwlogistiek is het sturen op een betere bereikbaarheid in de stad door de projecten van bruggen en kademuren in te richten op efficiënte bouwlogistiek. Dat doen we door de opgave centraal te stellen, mogelijkheden om vervoersbewegingen te verminderen, te optimaliseren en dilemma’s met betrekking tot de bereikbaarheid aan de kaak te stellen en op de juiste tafels neer te leggen. Concreet betekent dit voor de komende maanden dat gebiedsplannen uitgewerkt worden waarin de samenhang van geprogrammeerde bruggen en kaden in relatie

tot projecten van derden in kaart worden gebracht. Hierbij wordt ook in kaart gebracht wat de impact van de werkzaamheden zijn op de mobiliteitsstromen in het gebied en of en hoe het mogelijk is om de puzzel uit te voeren.

Optimaliseren en innoveren Living labs en Proeftuinen Het afgelopen jaar zijn de eerste proeftuinen in uitvoering gegaan voor levensduurverlenging, toetsing, monitoring en sensoring, en vernieuwing. Eén daarvan is het infiltratiekrat, een slimme oplossing voor waterberging. De IPK-projecten krijgen steeds meer vorm, waaruit concrete

resultaten zichtbaar gaan worden. Komend jaar gaan er diverse proeftuinen in uitvoering voor toetsen, vernieuwen, monitoring en sensoring, logistiek en levensduurverlenging. Levensduurverlengende maatregelen treffen we in die gevallen waarin de constructieve staat van een brug of kade geen acuut veiligheidsrisico vormt, maar er tegelijkertijd wordt vastgesteld dat er niet gewacht kan worden op het in de programmering opgenomen moment van vernieuwing. Hiermee krijgen we meer grip op de haalbare programmering. Afgelopen jaar is een proeftuin uitgevoerd bij de Prinsengracht, waar groutinjectiepalen zijn toegepast om een kade te versterken.

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

10

Op de proeftuinlocatie Overamstel, waar de proefbelasting wordt uitgevoerd, worden ook nieuwe geotechnische meetmethoden en monitoringstechnieken getest en wordt een innovatieve veiligheidsconstructie (de honingbeer) gerealiseerd.

NWO Call for proposals

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Afgelopen jaar is in samenwerking met NWO het onderzoeksprogramma Urbiquay (‘Urban Bridge and Quay Wall Innovations’) opgezet. Het programma is onderdeel van de thematische programmering van de Nationale Wetenschapsagenda. Deze call for proposals roept kennisinstellingen en andere geïnteresseerde partijen op tot het ontwikkelen van onderzoeksprojecten gericht op kennisleemtes met betrekking tot de ontwikkeling van duurzame oplossingen voor technische en procesuitdagingen rond herstel, vernieuwing en beheer van bruggen en kademuren in een complexe stedelijke context. Onderzoekers in consortia hebben voorstellen kunnen indienen, gerelateerd aan de Living labs. Begin dit jaar vindt de beoordeling plaats. Voor deze call is € 4 miljoen beschikbaar. Toekenningen zullen naar verwachting in het tweede kwartaal van 2022 worden gedaan.

PBK Academy krijgt vorm Onze langjarige en brede opgave geeft ons de kans iets terug te doen voor de stad. De PBK Academy is het afgelopen jaar goed van start gegaan. Hiermee zet het programma sociaal opdrachtgeverschap hoog op de agenda door samen met opdrachtnemers en met het eigen handelen een bijdrage te leveren aan het creëren van sociale

meerwaarde voor de stad en de Amsterdammers. De PBK Academy is begonnen met techniek in het basis-, middelbaar en voortgezet onderwijs op de kaart te zetten. Collega’s geven gastlessen op basisscholen, in samenwerking met de Techcampus Amsterdam wordt voor 15 Amsterdamse vmbo scholen loopbaanoriëntatie en begeleiding bij technische projectweken georganiseerd en er is een samenwerking aangegaan met de Bouw- en Infraopleiding van ROC Noord.

Vergunningenboek Vanaf nu maken we voor de aanvraag van

vergunningen en ontheffingen gebruik van het Vergunningenboek. Dit handboek is speciaal gemaakt voor PBK en helpt om de aanvraag van vergunningen en ontheffingen bij alle PBK-werkzaamheden zo snel en soepel mogelijk te laten verlopen. Het Vergunningenboek is een document waarin onder meer een inventarisatielijst, een vergunningenregister en een checklist met de verschillende vereisten voor een aanvraag zijn opgenomen. Het Vergunningenboek gaat helpen om de procedures van aanvragen en meldingen sneller en beter te doorlopen, en voorkomt dat medewerkers steeds opnieuw zelf het wiel moeten uitvinden.

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

3. Sturing en beheersing 11

Financiën Binnen het programma zijn de beschikbaar gestelde financiële middelen onder te verdelen naar de programmakosten (exploitatie) en middelen voor investeringen (vernieuwingsopgaven). De programmakosten van totaal € 130,5 miljoen voor de periode 2021-2022 zijn bedoeld voor incidentele uitgaven voor onder meer de

veiligheidsmaatregelen, onderzoeken, monitoring, handhaving, omgevingsmanagement, etc. Deze middelen worden gedekt uit de reserve Achterstallig onderhoud. Voor de periode vanaf 2023 zijn nog aanvullende middelen nodig omdat de verwachte uitgaven nog € 56 miljoen bedragen en worden afgebouwd naar € 44 miljoen in 2025. Voor de veiligheidsmaatregelen is voor deze periode circa € 10 miljoen per jaar opgenomen en voor onderzoek €20 miljoen per jaar. Deze werkzaamheden nemen af, naarmate het programma vordert en de vernieuwing op stoom komt, grofweg vanaf 2025. In de Begroting 2022 is voor het jaar 2023 € 12 miljoen beschikbaar gesteld, maar verder zijn er voor de programmakosten vanaf 2023 nog geen middelen beschikbaar.

De vernieuwingsopgaven betreffen de investeringen die we doen om de bruggen en kademuren te vervangen of te renoveren (levensduurverlenging) en daarnaast een financiële bijdrage te leveren aan bruggen en kademuren die buiten het programma worden uitgevoerd, zoals bijvoorbeeld de Oranje Loper. De investeringen worden grotendeels gedekt vanuit het Stedelijk Mobiliteitsfonds, waarbinnen het college (in 2019) € 10 miljoen aan kapitaallasten heeft gereserveerd voor de vernieuwing van bruggen en kademuren en bij de Begroting 2022 aanvullend € 126,5 miljoen (waarvan € 85,0 miljoen voor de bruggen van de Oranje loper). Voor de periode t/m 2026 zijn aanvullende middelen van € 555,7 miljoen nodig om de vernieuwingsopgaven van bruggen

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

(Bedragen in miljoenen)

Portefeuille

Begroting 2021

Realisatie 2021

Verschil 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

1: Directie

2,8

3,6

-0,8

2,9

2,8

2,8

2,8

2,8

2: Omgeving

5,7

4,8

0,9

5,3

4,0

3,4

3,4

3,4

3: Sturing en Beheersing

8,2

9,9

-1,7

11,5

11,8

11,0

9,1

9,1

4: Veiligheid, Kennis en Advies wv. Preventie & Interventie

41,1 15,0

41,0 16,4

0,1 -1,4

38,8 13,4

31,9 10,1

26,7 6,8

23,7 6,8

23,7 6,8

5: Programmering, Markt en Versnelling

3,0

3,8

-0,8

7,8

5,5

5,5

5,4

4,8

6: Vernieuwsopgave

1,3

1,3

-

0,3

-

-

-

-

Totaal

62,1

64,4

-2,3

66,6

55,9

49,5

44,4

43,8

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

en kademuren te financieren. De totale kosten t/m 2026 bedragen daarmee € 1.012,3 miljoen.

12

Programmalasten

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

De raad heeft voor het programma € 206 miljoen beschikbaar gesteld voor de periode 2019/8? 2022. Hiervan was tot en met 2020 € 75,5 miljoen besteed. In 2021 is € 64,4 miljoen besteed, waardoor voor het jaar 2022 nog € 66,1 miljoen resteert in de reserve. De uitgaven van 2021 zijn € 2,3 miljoen hoger dan de bij de Najaarsnota 2021 bijgestelde begroting van € 62,1 miljoen. De extra uitgaven ten opzichte van de Najaarsnota 2021 worden onttrokken aan de reserve Achterstallig Onderhoud, waardoor dit geen effect heeft op het rekeningresultaat 2021 van de gemeente. In onderstaande tabel zijn de uitgaven (en begrotingen) onderverdeeld naar de verschillende portefeuilles binnen het programma. De afwijking van de uitgaven ten opzichte van het jaarbudget en de bijgestelde prognose voor 2022 worden hieronder verder toegelicht. Uitgaven 2021 Op basis van cijfers van het eerste half jaar en de budgethoudergesprekken is halverwege het jaar een prognose opgesteld en is de begroting verlaagd van € 68,1 miljoen naar € 62,1 miljoen in de Najaarsnota 2021. De uitgaven in 2021 zijn € 64,4 miljoen en daarmee € 2,3 miljoen hoger dan begroot. Dit komt vooral door: • Hogere lasten van € 1,4 miljoen voor preventie en interventiemaatregelen doordat er meer

noodconstructies benodigd waren dan vooraf begroot voor kademuren zoals bijvoorbeeld de Waalseilandsgracht, de Kloveniersburgwal, de Prinsengracht en Herengracht. Daartegenover stonden lagere kosten voor maatregelen aan bruggen. Het is voorafgaand aan een jaar lastig in te schatten hoeveel noodconstructies voor kademuren en bruggen noodzakelijk zijn, omdat deze grotendeels afhankelijk zijn van de uitkomsten van de onderzoeken. • Hogere lasten voor het bouwen met informatie (BMI) van € 1,3 miljoen. Dit komt vooral doordat er meer wordt ingezet op het ontwikkelen van (sturing)informatie ten behoeve van het programma, zoals rapportages over de kwaliteit van bruggen en kademuren. • Hogere lasten voor Mobiliteitsregie van € 1,1 miljoen bij de directie, omdat deze kosten niet waren begroot en worden doorbelast vanuit V&OR. • Lagere lasten van € 1,2 miljoen voor het toetsen van de veiligheidsconstructies van de bruggen, omdat er uiteindelijk minder nadere onderzoeken zijn uitgevoerd. Dit komt deels door stagnatie van de nadere onderzoeken, die doorschuiven naar 2022. • Lagere lasten voor Zone Zwaar Verkeer (€ 0,7 miljoen) doordat een deel van de projectkosten doorschuift naar 2022 en deels doordat minder maatregelen (minder inzet handhaving, verkeersborden, andere communicatie) nodig waren, omdat er vanwege de Covid minder verkeer was.

Begroting 2022 (en meerjarig) De begroting voor 2022 verhogen we naar € 66,6 miljoen en is daarmee € 4,3 miljoen hoger dan de huidige begroting van € 62,3 miljoen, waarvan € 66,1 miljoen gedekt worden uit de reserve achterstallig onderhoud en € 0,5 miljoen gedekt wordt uit een subsidie voor erfgoed. De toevoeging betreft vooral het deel van de oorspronkelijke begroting voor 2021 dat niet is besteed en waarvan de werkzaamheden (en uitgaven) doorschuiven naar 2022. De verhoging van € 4,3 miljoen wordt vooral ingezet en toegevoegd aan de budgetten voor: • Hoger budget van € 3,6 miljoen voor het bouwen met informatie (BMI), omdat we zien dat de behoefte en daarmee de (structurele) kosten voor informatievoorziening hoger zijn dan we eerder hadden voorzien. • Hoger budget van € 2,0 miljoen voor toetsen constructieve veiligheid kademuren, vooral omdat een deel van de verwachte onderzoeken aan kademuren doorschuiven naar 2022. • Hoger budget van € 2,4 voor Markt & Inkoop, vooral vanwege hogere uitgaven voor de werkzaamheden van de SOK ingenieursdiensten van € 1,8 miljoen. Daarnaast zijn er meer contractmanagers werkzaam (en nodig) voor het programma dan afgelopen jaar was bedacht. • Hoger budget van € 1,4 voor Monitoring, doordat we een steeds groter deel van het areaal kunnen monitoren.

• Lager budget van € 6,0 miljoen voor preventie en interventiemaatregelen, omdat we merken dat het aantal te plaatsen noodconstructies afneemt. Het programma heeft bij het opstellen van de jaarplannen voor 2022 ook de meerjarenbegroting

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Vernieuwingsopgave (investeringen)

13

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Prognose 2021

Realisatie 2021

Prognose 2022

Prognose 2023

Prognose 2024

Prognose 2025

Prognose 2026

Bruggen

14,0

9,5

24,3

24,0

17,5

79,7

147,5

Kademuren

26,1

20,3

51,9

86,5

82,5

80,9

67,5

Overige

1,0

0,7

1,0

1,0

1,0

1,0

-

Bijdrageprojecten bruggen

32,6

28,2

32,5

50,2

53,7

33,9

-

Bijdragenprojecten kademuren

5,1

3,3

12,2

15,1

16,4

15,7

13,0

Totaal

78,8

62,2

122,2

176,7

171,1

211,2

228,0

geactualiseerd. In eerdere Voortgangsrapportages hebben we aangegeven dat de benodigde middelen voor de ‘brandweerorganisatie’ vanaf 2023 verlaagd kunnen worden naar € 43,3 miljoen structureel. Deze beoogde afbouw verloopt echter minder snel dan gehoopt. De verwachte kosten van € 55,9 miljoen in 2023 en € 49,5 miljoen in 2024 zijn vooral hoger doordat meerdere activiteiten verder doorlopen en/ of doorschuiven naar later jaren. In 2025 en 2026 ligt het kostenniveau meer in lijn met de eerdere inventarisaties.

2021, als uitvoeringskredieten voor projecten die al uitvoering gaan en een meerjarige financiering behoeven.

Investeringen

Uitgaven 2021

De raad heeft circa € 450 miljoen beschikbaar gesteld, waarvan in 2021 voor € 79 miljoen aan kredieten is toegekend, naast het uitvoeringskrediet voor de Oranje Loper (december 2021). Het programmakrediet van € 79 miljoen bestaat uit zowel voorbereidingskredieten voor alleen het jaar

De totale investeringsuitgaven in 2021 van € 62,2 miljoen zijn lager dan voorafgaand begroot (€ 97,9 miljoen) en de prognose die halverwege het jaar is bijgesteld naar € 78,8 miljoen. De lagere uitgaven van € 16,6 miljoen komt zowel doordat er minder is geïnvesteerd in de brug- en kadeprojecten van het programma zelf (€ 10,3 miljoen), als in de

De totale vernieuwingsopgave tot en met 2026 bedraagt ruim € 1 miljard, waarvan voor circa € 450 miljoen reeds investeringsmiddelen beschikbaar zijn gesteld. In onderstaand overzicht zijn de verwachte (begrote) investeringsuitgaven opgenomen en voor 2021 afgezet tegen de gerealiseerde kosten van 2021.

brug- en kadeprojecten (€ 6 miljoen) die buiten het programma worden uitgevoerd, onder andere de bruggen van de Oranje Loper en de kademuren van de Da Costakade. Hieronder volgt een nadere toelichting. Bruggen De totale uitgaven van de vernieuwing bruggen van € 9,5 miljoen is € 4,5 miljoen lager dan de prognose (€ 14,0 miljoen). De uitgaven zijn lager doordat voor een aantal lopende projecten als de Walter Süskindbrug, de Bullebakbrug en de Berlagebrug een deel van de kosten doorschuiven naar 2022 voor circa € 4,3 miljoen. Daarnaast zijn de uitgaven voor de voorbereiding van de 18 bruggen, die in 2025/2026 worden vervangen, ongeveer € 1,0 miljoen lager, doordat deze uitvoeringsteams pas in de loop van het derde kwartaal zijn gestart. De afgelopen maanden hebben deze uitvoeringsteams informatie verzameld ter voorbereiding, die tevens

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

14

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

gebruikt is om de raming van de 18 bruggen te actualiseren.

moet worden. Op dit moment bestaat ruim 33% van de uitvoeringsteams uit vacatures.

Kademuren De totale uitgaven aan de vernieuwing binnen de SOK Kademakers van € 20,3 miljoen zijn € 5,8 miljoen lager dan de prognose 2022. Dit komt vooral doordat de uitvoering van een aantal projecten als Herengracht, Molen de Otter, Jacob Catskade, Nieuwe Herengracht, Geldersekade en Entrepotdok later zijn gestart. De oplevering van producten, zoals het Definitief Ontwerp en bestek, blijft achter bij de oorspronkelijke planning, waardoor de uitvoering buiten nog niet kan starten. Dit komt onder meer door capaciteitsgebrek, een te positieve planning en vertraging door het opnieuw moeten doen van bomenonderzoeken door de discussie rond boombehoud. De SOKpartners helpen ons om de ontwerpproducten af te ronden, maar dit kon de opgelopen vertraging niet verkleinen. In de vorige voortgangsrapportage hebben we aangegeven dat een heroverweging of bomen wel of niet gekapt kunnen worden ook voor vertraging zorgt. Specifiek voor de Leliegracht, voor deze kademuur liggen alle werkzaamheden minimaal een half jaar stil, totdat het onderzoek is afgerond naar de monumentale boom. NB: deze boom is bij de storm in februari 2022 omgewaaid.

De in het Uitvoeringsprogramma en in de Voortgangs­­rapportage gebruikte investerings­ ramingen zijn nog opgesteld conform de in Amsterdam gebruikelijke uitvoeringsmethodieken. De kostprijsverlagende effecten van de innovaties en of versnellings­maatregelen zijn hierin nog niet verwerkt omdat het nog niet is te voorspellen hoe deze (financieel) uitpakken. Op dit moment wordt wel een eerste richtinggevende keuzenotitie voorbereid, waarin voor een aantal onderwerpen de keuzemogelijkheden financieel inzichtelijk worden gemaakt. Deze zal in het tweede kwartaal van dit jaar worden gepresenteerd.

Ook voor 2022 is het gebrek aan voldoende en juiste capaciteit een groot issue met risico op vertragingen en te positieve planningen, budgetten en prognoses als gevolg. Scherpe keuzes zijn noodzakelijk, terwijl tegelijkertijd de personeelsstrategie, werving en selectie verbetert

Bijdrage aan vernieuwingsprojecten buiten PBK De uitgaven van de bijdrage aan projecten van € 31,5 miljoen zijn ruim € 6 miljoen lager dan de prognose. Het programma levert een bijdrage aan ruim tien brug-en kademuurprojecten, die worden uitgevoerd door projectteams buiten ons programma. De uitgaven zijn vooral lager bij de bijdrage voor de Oranje Loper, die uiteindelijk € 3,3 miljoen minder hebben uitgegeven. In het afgelopen jaar is hard gewerkt aan de ontwerpen en de kostenramingen voor de bruggen en straten, wat geleid heeft tot een vastgesteld uitvoerings- en kredietbesluit in de raadsvergadering van december 2021. Bij de vorige voortgangsrapportage is de prognose al met € 5,5 miljoen naar beneden bijgesteld, mede omdat de start van de het vervangen van de bruggen niet meer in 2021 heeft plaatsgevonden. Verder zijn de totale uitgaven van € 1,5 miljoen voor

het project de Da Costakade € 1,0 miljoen lager de verwachting. Dit komt onder andere doordat werkzaamheden zijn doorgeschoven naar begin 2022. Dit komt mede doordat er vertragingen zijn in de voorbereiding door gewijzigde inzichten van ruimteregie over parkeerdruk, de uitgebreide procedure van het afwegingskader voor de wissellocaties voor woonboten en afwegingen van gemeentelijke investeringen. Ook de kosten voor het bijdrageproject Kikkerbilsluis zijn € 1,0 miljoen lager dan de prognose. Dit komt onder andere doordat niet alle werkzaamheden van de leverancier zijn gefactureerd en daarnaast het verwachte meerwerkrisico lager is uitgevallen dan was voorzien. Enkele risico’s zijn wel naar 2022 verschoven, zoals grondstofprijsstijgingen, vermeende vertragingskosten en aanvullende werkzaamheden door de aannemer. Meerjarige prognose investeringen De totale investeringssom tot en met 2026 bedraagt ruim € 1 miljard. In de voorgaande voortgangsrapportage was de behoefte tot en met 2025 nog € 772,1 miljoen. De stijging van € 240,0 miljoen komt grotendeels door het toevoegen van de jaarschijf 2026 van € 228 miljoen, maar dat geeft enigszins een vertekent beeld. Een deel van de projectkosten voor lopende projecten loopt namelijk door in 2027. De verwachte gemiddelde kosten per jaar voor 8 bruggen en 2 km kademuur liggen ook hoger dan de verwachte standaard van € 150 miljoen.

De geactualiseerde prognoses voor de investeringsprojecten van het programma zijn individueel hoger dan in de vorige raming.

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

15

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

• De verwachte uitgaven voor het vervangen van de 18 bruggen in 2025/2026 zijn circa € 100 miljoen hoger. Dit komt doordat de oorspronkelijke raming gebaseerd is op de vervangingswaarde van een brug, maar we nu een betere schatting kunnen maken op basis van de verzamelde (benodigde) informatie ter voorbereiding. De bruggen blijken in werkelijkheid bijna 20% groter te zijn dan is opgenomen in de basisinformatie (GISIB). Daarnaast is in een standaard vervangingswaarde vrij beperkt rekening gehouden met de kosten voor bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid en communicatie (de BLVC kosten), die bijvoorbeeld voor de corridor Leidsestraat meer in lijn liggen met de Oranje Loper. Ook de bijkomende engineeringskosten en de risicoreservering stijgen hierdoor. • Daarnaast zijn de verwachte uitgaven voor de lopende projecten van de kademakers ook gestegen met € 30 miljoen. Dit komt vooral door hogere bouwkosten, overhead (transport over water en materiaalkosten) en te lage inschattingen van de productienormen bij het opstellen van ramingen. Bij het actualiseren van de ramingen wordt veelal rekening gehouden dat de capaciteit van de organisatie op volle sterkte is en we niet (of vrij beperkt) aanlopen tegen vertragende factoren, zoals het verplaatsen van woonboten/ het wel of niet mogen kappen van bomen.

Indien de capaciteit van het programma niet voldoende is en (externe) factoren zorgen voor vertraging, komt daarmee de behoefte van het vervangen van 8 bruggen per jaar en 2 kilometer kademuur in gevaar. Ook

de uitputting van de budgetten loopt daarmee vertraging op. We hebben, rekening houdend met deze ontwikkelingen, grove bijgestelde ramingen opgesteld waarbij we rekening houden met een lagere bezetting en vertragende factoren in de uitvoering. Jaarlijks wordt het uitvoeringsprogramma geactualiseerd en aan college en raad voorgelegd.

Programmarisico’s Periodiek worden de risico’s en beheersmaatregelen in kaart gebracht aan de hand van risicosessies op programma-, taakveld- en projectniveau. Analyse van de risico’s en evaluatie van beheersmaatregelen gebeurt in gesprekken met de directieleden en taakveldmanagers, in samenwerking met de risicoadviseurs. Op basis daarvan zijn de vijf toprisico’s gedefinieerd, die een negatieve impact kunnen hebben op de programmadoelstellingen. Risico: Watervergunningen worden niet verleend door Waternet. De mogelijkheid bestaat dat door de hoeveelheid geplande vernieuwingsprojecten en het groeiend aantal veiligheidsmaatregelen dat voldoende doorstroming of wateropslag in het boezemgebied wordt belemmerd. Tevens bestaat de kans dat vanuit nautisch perspectief, in verband met voldoende garantie voor de vlotte en veilige doorvaart, geen akkoord wordt gegeven op de voor de realisatie benodigde vergunningen. Dit heeft als gevolg dat er vertraging optreedt in de uitvoering en op termijn herziening van de programmering nodig is. Ook innovatieve oplossingsruimte kan worden beperkt. Op

directieniveau vindt afstemming plaats tussen PBK en Waternet om tot gemeenschappelijk gedragen oplossingen te komen. Ook wordt gepolst welke oplossingsrichtingen bestuurlijk voorgelegd moeten worden. Risico: Er is niet voldoende en geschikte capaciteit beschikbaar Vanwege de krapte op de arbeidsmarkt is er binnen de gemeente/ bij het Ingenieursbureau (IB) onvoldoende geschikt personeel beschikbaar om invulling te geven aan de benodigde vacatures. Er wordt te laat geanticipeerd bij kennisneming van vertrek van personeel. Dit resulteert in het niet behalen van planningen en de beoogde kwaliteit en in overbelasting van werknemers met uitval als gevolg. Het risico wordt geëscaleerd bij het IB. De urgentie van de opgave en de personele bezetting vanuit het IB dient aan te sluiten op elkaar. Daarnaast moet PBK gebruik maken van de goede naam bij werving van medewerkers. Risico: Een stroeve samenwerking tussen verschillende portefeuilles en taakvelden De afhankelijkheden tussen de portefeuilles en/of taakvelden zijn niet duidelijk (vastgelegd). Daarnaast komen taakvelden niet tot een gemeenschappelijke aanpak. Binnen de vernieuwingsketen zijn de taakvelden vernieuwingsopgave, programmatisch conditioneren en programmering niet complementair aan elkaar.

Dit heeft als gevolg dat werkzaamheden en voortgang kunnen stagneren, waarop kan volgen dat de organisatie niet gesteld staat voor de opgave. Binnen de veiligheidsketen is de organisatiesturing ingericht op het ketenproces, met als resultaat dat teams weten wat ze van elkaar

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

kunnen en mogen verwacht. De organisatiesturing binnen vernieuwingsketen wordt ook vanuit het ketenproces ingericht. 16

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Risico: Programma bruggen en Kademuren krijgt onvoldoende budget De kans bestaat dat door het handhaven van een financieel investeringsplafond het programma onvoldoende budget krijgt om de noodzakelijke aanpak voort te zetten. Bij ontbreken van voldoende financiële middelen op de lange termijn kunnen de ambities en programmadoelen niet bereikt worden. Dit kan resulteren in onveilige situaties in de stad, waarbij kademuren kunnen instorten en bruggen afgesloten moeten worden. Ook zal het een toenemend aantal noodconstructies tot gevolg hebben, wat de bereikbaarheid en leefbaarheid van de stad negatief beïnvloedt. Het is noodzaak dat bij de coalitieonderhandelingen van het nieuwe college de benodigde financiële middelen voor het programma worden toegekend. Risico: De contractuele afspraken tussen marktpartijen en het Programma Bruggen en Kademuren worden niet nagekomen De samenwerking met de markt zoals beoogd komt niet op gang, waardoor de gewenste versnelling ook niet wordt behaald. Het programma (inclusief de Vernieuwingsopgave) en het Ingenieursbureau staan niet gesteld voor de nieuwe manier van samenwerken met de marktpartijen. Ook vallen aanbestedingen binnen de nadere overeenkomsten hoger uit dan verwacht en rekenen marktpartijen binnen de Samenwerkingsovereenkomst Ingenieursdiensten

met hogere tarieven dan afgesproken. Dit leidt tot het vervallen in oude patronen en manier van samenwerking. Marktpartijen binnen de Samenwerkingsovereenkomsten kunnen overgaan tot het indienen van claims wanneer PBK het afgesproken werk niet kan leveren.

Planning Het team van planningsadviseurs werkt continu aan de benodigde sturingsinformatie van dit omvangrijke programma. Op dit moment ligt het zwaartepunt van de werkzaamheden (los van de dagelijkse planningswerkzaamheden) op het inzichtelijker maken van de veiligheidsketen en de vernieuwingsketen. Hiermee wordt invulling gegeven aan het beter in beeld brengen

van de samenhang tussen de verschillende programmaonderdelen. Deze inzichten worden gebruikt om de realiteit te toetsen aan de ambities van het programma. De analyses die hierop volgen zijn weer input om op strategisch en tactisch niveau onderbouwde keuzes te maken met betrekking tot het beheeraspect tijd, waarmee sturing op programmaniveau wordt gefaciliteerd. De opgebouwde data van de afgelopen jaren geven steeds meer houvast om realistische en onderbouwde prognoses op te stellen, en daarmee programma-ambities naar boven of naar beneden bij te stellen. Het directieteam werkt met een Mijlpalenplan. In de tweede helft van 2021 zijn de volgende

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

17

mijlpalen behaald: • Het voorbereidingsteam is gestart met de conditionering van de eerste 18 projecten. • Er is gestart met het werken met de SOK Ingenieursdiensten en een Raamoverkomst voor veiligheidsconstructies. • Alle bruggen op houtenpaalfunderingen zijn onderzocht. Een aantal belangrijke mijlpalen voor het programma voor het eerste half jaar 2022 zijn: • De eerste experimenten voor levensduur­ verlengende technieken gereed. • Het starten van de pilots IPK en eerste resultaten Living Lab vernieuwing.

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Informatie Het team Informatiemanagement werkt aan een actueel inzicht en overzicht in programma- en sturingsinformatie. Het team beheert de actuele informatiebehoefte in een portfolio en prioriteert deze. Op basis van de informatie- en functionele behoefte wordt een integraal applicatie-landschap gevormd samen met de ketenpartners V&OR, IB, Stedelijk beheer (SB) en Informatievoorziening (IV). De afgelopen periode zijn onder andere functionaliteiten toegevoegd aan de Digitale werkomgeving (DIWO). Het Amsterdam Inspectie Portaal (AIP) is voorbereid voor externe contractpartners. De GIS-producten en het PBK Dashboard zijn verder geprofessionaliseerd op het gebied van actualiteit, kwaliteit en vindbaarheid. De komende periode zal de transformatie naar de nieuwe i-domein organisatie van de

Gemeente worden verkend en zal er meer gestuurd gaan worden naar een integraal data- en applicatielandschap voor alle ketenpartners.

Organisatie In het programma werkten aan het eind van 2021 375 medewerkers, 249 fte, vanuit verschillende directies samen aan de opgave. Het IB levert 74% van de capaciteit (vast en inhuur). Voor 2022 zijn er naar verwachting nog 90 vacatures te vervullen. Dat staat gelijk aan 70 fte, nodig voor verloop en nieuwe vraag. Vanwege kennisbehoud, continuïteit en lagere kosten heeft het aantrekken van vaste medewerkers van de gemeente Amsterdam de voorkeur, maar door de voortdurende krapte op de arbeidsmarkt kan hier vaak niet aan voldaan worden en móet er worden ingehuurd. Eind 2021 was 30% van de bezetting van het programma ingehuurd. 47% van de inhuur in het programma bestaat uit ZZP’ers. Inzet van ZZP’ers is door de beheersmaatregelen wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) van het college minder mogelijk geworden. Het is niet realistisch om te verwachten dat deze ZZP’ers, in een krappe technische arbeidsmarkt, op korte termijn volledig kunnen worden vervangen door vaste medewerkers of door op andere basis ingehuurde medewerkers. Het personeelsprobleem, ZZP of anderszins, is een groot risico voor de ambities van het programma. Of de eind vorig jaar afgesloten langjarige SOK Ingenieursdiensten hiervoor een oplossing kan zijn, zal nog moeten blijken.

Samenwerking Het programma heeft last (gehad) van de coronacrisis. Het jonge programma heeft veel nieuwe collega’s, die afgelopen twee jaar zijn gestart. Het thuiswerken heeft invloed gehad op de samenwerking en samenhang in de teams. De taken en verantwoordelijkheden zijn niet altijd even duidelijk. In de tweede helft van 2021 is daarom gewerkt aan een aantal HR gerelateerde activiteiten (uitwerking van rolprofielen, een smoelenboek, cultuurontwikkeling, etc.). In 2022 gaan we daar mee verder.

Kantoor Achtergracht De programmaorganisatie heeft sinds september 2021 een nieuwe thuisbasis. Het oude pakhuis aan de Achtergracht is ingericht met gerecyclede meubels en ingewijd tijdens openingsdagen in september. Op deze nieuwe locatie komt ook het bezoekerscentrum en zoeken we de verbinding met elkaar en met de stad.

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

4. C  ontinu leren Evalueren en tegenspraak 18

Expertsessie normen en uitgangspunten

Voortgangsrapportage Bruggen en Kademuren

Bij eerdere themasessies met bewoners, experts en betrokken organisaties uit het maatschappelijk veld zijn gesprekken op gang gekomen rond de technische beoordelingskaders voor veiligheidsafwegingen en de normen die de gemeente hanteert voor het toetsen van de staat van de kademuren. In september 2021 heeft een expertsessie plaatsgevonden waar deze onderwerpen uitgediept zijn en waarbij ook de afwegingen bij het tijdelijk versterken en het ontwerpen van nieuwe kademuren zijn besproken. De gemeente heeft de deelnemers - initiatiefnemers van het plan De Goede Wal en hun expert van het Expertisecentrum Regelgeving Bouw, vertegenwoordigers van Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad en experts van TNO, TU Delft en Deltares - gevraagd adviezen te geven over onderdelen van de programma-aanpak. Dit heeft geleid tot een waardevol advies over te nemen vervolgacties, zodat de gemeente onder andere op basis daarvan tot een besluit komt over mogelijke aanpassing of doorontwikkeling van de aanpak. Een deel van de adviezen is reeds opgepakt of past in de onderzoekstrajecten die zijn opgestart met kennisinstellingen en experts. Voor de overige adviezen wordt beoordeeld of en op welke wijze deze een plek krijgen binnen de programma-aanpak en welke experts en kennisinstellingen daarbij betrokken worden. Het

geheel landt in een uitvoeringsplan, waarvan de voortgang terugkomt in de rapportages van het programma. Het verslag van de sessie in gepubliceerd op de open researchpagina van de gemeente Amsterdam.

Evaluatie Waalseilandsgracht Het aanbrengen van een veiligheidsconstructie bij de kade aan de Binnenkant (Waalseilandsgracht) was zowel voor bewoners als voor de medewerkers van PBK een zeer intensief traject. Juist van de complexiteit, de fouten en successen kunnen we veel leren. De evaluatie naar de samenwerking, zowel intern als met bewoners, wordt momenteel afgerond en zal in een volgende voortgangsrapportage terugkomen. Ook gaan we de geleerde lessen breder delen binnen de gemeentelijke organisatie.

Evaluatie organisatie Om voortvarend door te kunnen pakken met het oog op de nieuwe bestuursperiode wordt in het eerste kwartaal van 2022 een korte evaluatie naar de organisatie van het programma en de positionering binnen de gemeente gedaan. Wat leren we van wat goed gaat? En wat is er nodig om de volgende fase met gepaste voortvarendheid aan te gaan? Deze evaluatie wordt door het commissariaat Civiele Constructies (o.l.v. de heer Veerman) en de commissie Cloo uitgevoerd. De uitkomsten komen terug in de eerste volgende voortgangsrapportage en worden benut voor de doorontwikkeling.

Kwaliteitsborging In de tweede helft van 2021 heeft er binnen het programma een brede informatieronde over het kwaliteitsmanagementsysteem (KMS) plaatsgevonden en daarnaast vindt er periodiek overleg plaats met kwaliteitsmanagement van het IB, SB en V&OR. Inmiddels zijn het IB, Metro & Tram (nu Bijzondere Projecten) en de gemeenten Utrecht (grote projecten) en Rotterdam (innovatieve projectaudit aanpak) geïnterviewd over de ontwikkeling van een optimale programma- en projectaudit systematiek voor het programma Bruggen en Kademuren. De uitkomsten hiervan volgen begin 2022. Het KMS is nog niet breed geïmplementeerd en de auditorganisatie is nog niet ingericht. Enerzijds wegens capaciteitsissues van de kwaliteitsmanagers en anderzijds door herprioritering in verband met uit te voeren evaluaties voor de Waalseilandsgracht en de Recht Boomssloot. Daarnaast loopt de afronding van het onderzoek naar de optimale auditaanpak uit. We verwachten in de eerste helft van 2022 het KMS te kunnen implementeren en de auditorganisatie in te richten, mede door de uitbreiding van capaciteit op programmaniveau en de inhuur van externe capaciteit. In het eerste kwartaal van 2022 worden een aantal bijeenkomsten met de proceseigenaren ingepland om het KMS verder te implementeren en onder de aandacht te brengen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11467163/1