CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Samen werken aan de volkshuisvesting Onderhandelakkoord dd 16 jan 2024.pdf

RAAD 28 februari 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Uiten van wensen en bedenkingen ten aanzien van het onderhandelakkoord van de samenwerkingsafspraken voor de volkshuisvesting tussen huurderskoepels, corporaties en gemeente (VN2023-026764)18.186 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

4.4

4.5

Woonlasten 4.6

4.7

De corporaties kunnen de mogelijkheid benutten om een inkomensafhankelijke huurverhoging (IAH) door te voeren. De extra inkomsten van de inkomensafhankelijke huurverhoging komen ten goede aan investeringen in kwaliteit en duurzaamheid. De uitgaven worden per corporatie inzichtelijk gemaakt als onderdeel van de begroting van de totale investeringen in de bestaande woningvoorraad in Amsterdam. De IAH wordt niet meegenomen in de huursomstijging. De verantwoording van de besteding vindt plaats in het jaarlijkse overleg van de corporatie met de eigen huurderskoepel, zoals bedoeld bij 4.9. Eind 2024 bespreken de partijen in het BO Samenwerkingsafspraken de uitvoering van afspraak 4.6 t/m 4.10.

4.8

De corporaties passen de uitgangspunten toe uit de paragraaf “Hogere huren en door­ stroming” in de NPA in het hoofdstuk “Betaal­ baarheid”. Deze hebben onder meer betrek­ king op het bevorderen van door­stroming. De uitvoering hiervan wordt be­sproken in hetzelfde overleg bedoeld onder 4.9.

Voor de gehele stad én in de stadsdelen Centrum, Oost, West, Zuid en Weesp wordt tenminste 70% van de te verhuren sociale huurwoningen aangeboden onder de lage en hoge aftoppingsgrens, respectievelijk € 647,19 en € 693,60 (Update prijspeil 2023).

Aanbiedingsafspraken middensegment 4.2

4.3

Alle middeldure huurwoningen worden aangeboden met een huurprijs tussen de € 808,06 en € 1.131,28 euro (prijspeil 2023). Deze bovengrens wordt bepaald en geïndexeerd op basis van 140% van de liberalisatiegrens. Tenminste 50% van de middeldure huur­ woningen wordt bij voorrang aangeboden aan huishoudens die een sociale huurwoning van een woningcorporatie achterlaten in de regio Amsterdam. (NB: definitie regio: voormalig stadsregio Amsterdam, inclusief stadsgebied Weesp, aansluitend bij het woonruimteverdeelsysteem).

Prestatieafspraken

De corporaties gaan in gesprek met de eigen Amsterdamse huurderskoepel over de mogelijkheid van lastenverlichting voor de huurders. Aan deze lastenverlichting zal per corporatie nader invulling worden gegeven, bijvoorbeeld via de servicekosten, met een huurbevriezing voor mensen die financieel niet meer ‘passend’ wonen, het aftoppen van huurverhoging op de aftoppingsgrenzen of maatwerk wanneer mensen alsnog in de knel komen, etc. Hierbij zoeken de corporaties en hun huurderskoepels naar specifieke maat­ regelen om de huurders die het hardst geraakt worden door een huurverhoging te ontzien.

Inkomensafhankelijk huurverhoging

Aanbiedingsafspraken sociale huur 4.1

Daarnaast geldt dat huishoudens met een gezinsinkomen tot € 69.572 (prijspeil 2023) voorrang hebben op woningen die in de middeldure huur worden verhuurd. De aanvangshuur van nieuwe verhuringen van woningen in het middeldure segment bedraagt gemiddeld € 1.010,08 (prijspeil 2023). Deze grens wordt bepaald en geïndexeerd op basis van 125% van de liberalisatiegrens. (Deze grens opnieuw bepalen, in samenhang met nieuwe WWS).

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

20

4.9

Jaarlijks bespreekt de corporatie met de eigen huurdersorganisatie het al dan niet benutten van de IAH met de eigen huurdersorganisatie tijdens het jaarlijkse gesprek over de huur­ aanpassing in het kader van de WOHV. In dat gesprek worden daarnaast in ieder geval de volgende onderwerpen besproken: • De mogelijkheden voor lastenverlichting van de huurders, als bedoeld bij 4.6 • De verantwoording van de besteding van de IAH als onderdeel van de totale investeringen in de bestaande voorraad. • De toepassing van de onderwerpen en uitgangspunten uit “Hogere huren en doorstroming”.

Prestatieafspraken

4.10 Corporaties passen maatregelen toe om woningen die verkocht worden, aan te bieden aan huurders die een corporatie woning achterlaten.

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

21

5

Woningzoekenden en doelgroepen

Doel Het streven is dat Amsterdam een stad is waarin iedereen een passende woning kan vinden. Bewoners van corporatiewoningen moeten prettig kunnen wonen in een woning met een huurprijs die past bij de woning en het inkomen, maar ook in een woning die wat betreft het aantal kamers en oppervlakte past bij de samenstelling van het huishouden. De partijen streven ernaar om een inclusieve stad te creëren, waar Amsterdammers gedurende alle fasen van hun leven comfortabel kunnen wonen.

Opgave Het tekort aan woningen is groot, zeker aan sociale huurwoningen. Daardoor komen veel mensen niet aan een woning of ze wonen in een woning die niet passend is. Zo wonen er ouderen in woningen met steile trappen, alleenstaanden in woningen die geschikt zijn voor een gezin en vinden jongeren moeilijk een plek. Doordat het lang duurt om een woning te vinden, komen mensen die op korte termijn een woning nodig hebben in de problemen, zoals kwetsbare groepen, bepaalde beroepsgroepen, stadsvernieuwingsurgenten, jongeren en studenten.

met het nieuwe woonruimteverdeelsysteem nu zelf invloed op hun slaagkansen. Voor een aantal reguliere doelgroepen zetten de gemeente en corporaties zich extra in, bijvoorbeeld voor voldoende woonoplossingen voor ouderen (zie hoofdstuk wonen en zorg) en de corporaties blijven zorgen voor voldoende gelabelde voorraad voor jongeren. Uit de evaluatie van het jongeren­ contract blijkt dat de tijdelijkheid van het contract niet passend lijkt voor alle jongeren. Voor jongeren waarvoor het jongerencontract niet passend lijkt, zoals jonge gezinnen, statushouders en jongeren met begeleiding, wordt bij toewijzing in principe wel de jongerenvoorrang ingezet, maar geen jongerencontract toegepast. Daarnaast zijn er afspraken voor beroepsgroepen en kunstenaars. Voor studenten zetten corporaties, gemeente en onderwijsinstellingen zich gezamenlijk in voor de uitvoering van het Landelijk Actieplan Studenten­ huisvesting met een Amsterdamse focusagenda studentenhuisvesting. Komende periode gaan meerdere tijdelijke complexen uit exploitatie. Gezamenlijk wordt de uitstroom van bewoners bij deze complexen voorbereid.

Invulling van de opgave De corporaties en de gemeente huisvesten kwetsbare woningzoekenden met prioriteit via het Programma Huisvesting Kwetsbare Groepen (PHKG). Dit gaat onder meer om mensen die uitstromen uit de maatschappelijke opvang, mensen met een sociaalmedische urgentie en statushouders. Den Haag werkt aan de Wet regie Volkshuisvesting. Deze regelgeving zal lokaal effect hebben op de opgave en uitvoering. Deze afspraken zijn dan ook met inachtneming van toekomstige regelgeving. In de komende periode verwachten we een groot aantal stadsvernieuwingsurgenten te huisvesten in verband met de stedelijke vernieuwing in een aantal gebieden. Deze stadsvernieuwingsurgenten en een kleine groep die maatwerk nodig heeft, huisvesten we met prioriteit. Daarnaast beïnvloeden we de slaagkans van verschillende groepen reguliere woningzoekenden en de passendheid van woningen via voorrangsregelingen. Woningzoekenden hebben

Prestatieafspraken

Al deze groepen zijn reguliere woningzoekenden, maar met al deze voorrangsregelingen worden er bijna geen woningen meer aangeboden zonder voorrangslabel, waardoor mensen zonder voorrang minder gemakkelijk aan een woning komen. Het is nodig om het systeem van voorrangsregels te evalueren en te herijken. Gemeente, woningcorporaties en huurderskoepels intensiveren de samenwerking op doorstroming. We willen ervoor zorgen dat meer Amsterdammers passend wonen bij hun huishouden en levensfase. Om dit te bewerkstelligen richten de partijen zich op het bevorderen van een dynamische doorstroming in de stad, waarbij bewoners de kans krijgen om zo soepel mogelijk over te gaan naar woningen die het best passen bij hun veranderende levens­ omstandigheden. De behoefte van huurders en wat nodig is om hen te verleiden om meer passend te wonen, staan centraal. Daarbij is er oog voor zaken

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

22

als communicatie, financiële regelingen, mogelijk­ heden voor voorrang en manieren om te ontzorgen. Naast het vergroten van de woningvoorraad zetten we in op het creëren van meer woonplekken binnen de bestaande voorraad. Dit doen we onder andere door het voortzetten van Onder de Pannen.

Afspraken 5.1

5.2

5.3

5.4

Minimaal 50 procent van de jaarlijkse verhuringen van sociale huurwoningen gaat naar de reguliere woningzoekenden. Daarnaast wordt er rekening gehouden met 30 procent aan PHKG, 15 procent van de jaarlijkse verhuringen aan stadsvernieuwings­ urgenten en 5 procent maatwerk. Maximaal 6 procent van de sociale voorraad wordt met een jongerencontract (tot 28 jaar) verhuurd. In 2026 evalueren we het nieuwe woonruimteverdeelsysteem. Dit wordt uitgewerkt door gemeente en corporaties. Op basis daarvan bepalen we de gewenste voorraad van woningen die met een jongeren­ contract wordt verhuurd. We bekijken wat het effect is op de beschikbaarheid voor jongeren en andere groepen en welke aanvullende afspraken nodig zijn. De woningen, verhuurd met een jongeren­ contract, zijn in principe maximaal 40 m² binnen de Ring A10 (exclusief stadsdeel Noord) en maximaal 50 m² buiten de Ring A10 (inclusief stadsdeel Noord), op basis van WWS. Maximaal 5 procent van de toegewezen woningen die opnieuw verhuurd worden met een jongerencontract mogen groter dan deze grenzen zijn. We streven naar een redelijke spreiding over de stad. Jaarlijks monitoren we het aantal aan jongeren toegewezen woningen met en zonder jongerencontract. Voor jongeren waarvoor het jongerencontract niet passend lijkt, geven we gezamenlijk uitwerking aan de inzet van de reguliere contracten.

Daarin nemen we het aantal woningen voor deze doelgroepen en de kaders rondom o.a. woninggrootte mee.

Prestatieafspraken

5.5

Jaarlijks wijzen de corporaties 300 woningen toe aan potentiële kandidaten uit specifieke beroepsgroepen, zoals in de huisvestings­ verordening zijn opgenomen. 5.6 We zetten de afspraak voort van de ijzeren voorraad van 293 atelierwoningen. De corporaties zorgen ervoor dat deze ijzeren voorraad de komende jaren minimaal behouden blijft. Daarnaast zijn er inmiddels al zo’n 100 kunstenaarswoningen van de Amsterdamse corporaties die via CAWA worden toegewezen. We werken in 2024 aan een nieuwe, aangepaste beschrijving van de werkwijze van corporaties en gemeente via CAWA én aan de definitie van atelierwoningen en kunstenaarswoningen. Daarbij worden ook afspraken gemaakt over het toepassen van verschillende soorten contracten. 5.7 We evalueren en herijken het systeem van voorrangsregels in 2025. 5.8 Alle maatregelen die mogelijk zijn om doorstroming te bevorderen worden bekeken en zo effectief mogelijk ingezet. Dit leidt tot een gezamenlijk aanpak doorstroming die in 2024 gereed is. 5.9 Hospitaverhuur wordt gefaciliteerd. Huurders en corporaties moeten de benodigde vergunningen kunnen krijgen. 5.10 Gemeente, corporaties, huurderskoepels en woonwagenbewoners onderzoeken met elkaar of, hoe en onder welke voorwaarden de verhuur en het beheer van woonwagens en woonwagenlocaties op termijn over kunnen gaan naar de corporaties.

Monitoring 5.11 Jaarlijks monitoren we het aantal verhuringen aan reguliere woningzoekenden, PHKG, SV-urgenten en de overige diverse hierboven genoemde doelgroepen.

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

23

6

Huishoudens in kwetsbare situaties en Wonen en zorg

Doel Iedereen heeft een (t)huis nodig, vooral mensen in een kwetsbare situatie. Daarom moeten zij de mogelijkheid krijgen om zelfstandig te (blijven) wonen als daar de behoefte of noodzaak ligt. Dit betekent dat de Amsterdammer en zijn of haar zorgen ondersteuningsbehoefte centraal staan. Op die manier kunnen de mensen, die uitstromen vanuit de maatschappelijk opvang/beschermd wonen, zo goed mogelijk landen in de wijk. We zetten ons in om alle Amsterdammers in een kwetsbare situatie zo snel mogelijk aan een passende woonplek te helpen. Ook zou iedere Amsterdammer, die in de loop van zijn of haar leven zorg nodig heeft, daar een beroep op moeten kunnen doen en zo lang en zo zelfstandig mogelijk thuis kunnen wonen.

Opgave In Amsterdam van vandaag zijn er uitdagingen rondom wonen en zorg die nauw met elkaar verweven zijn. Denk aan het vinden van een geschikte plek om te wonen die goed aansluit bij de zorgbehoeften. Het aantal Amsterdammers in een kwetsbare situatie, die op wettelijke basis of op maatschappelijke gronden recht heeft op huisvesting, groeit. Daarnaast wonen veel ouderen niet geschikt om passende zorg te kunnen ontvangen. Dit is gecompliceerd door de relatieve vermindering van het aantal verpleegzorgplekken, hogere zorgkosten, gebrek aan zorgpersoneel, de wens om zelfstandig te blijven en de uitdagingen die bij een stedelijk gebied horen, zoals portiekwoningen. Het is belangrijk om manieren te vinden waarop de woon­ omgeving kan helpen gezond en gelukkig te blijven. Daarom is het nodig om samen te werken aan creatieve oplossingen die het leven voor de Amsterdammers kunnen verbeteren.

Invulling van de opgave Dit vraagt van de partijen om goed en efficiënt samen te werken, waarbij allen hun verantwoordelijkheid, rol en instrumentarium inzetten. We gaan ons in de uitvoering inzetten om samen met de corporaties, bewoners, zorgaanbieders en gemeente het verschil te maken.

Prestatieafspraken

In de stuurgroep Geclusterd Wonen voor Ouderen, het Stedelijk Overleg Zorghuisvesting en de Aanpak Rolstoelwoningen is er samenwerking bij het realiseren van meer passende woningen voor de verschillende (zorg)doelgroepen. Op dit moment worden zeven Lang Leven Thuisflats gerealiseerd en zitten vier initiatieven in de verkenningsfase. Via het programma PHKG (Programma Huisvesting Kwetsbare Groepen), economisch daklozen en permanente intermediaire verhuur huisvesten we versneld urgente doelgroepen. Het hoofddoel van het PHKG is het realiseren van woonoplossingen voor kwetsbare groepen in combinatie met ondersteuning. Om te zorgen dat alle Amsterdammers in hun woning passende zorg of begeleiding krijgen, is de Woonzorganalyse de leidraad voor de zorgbehoefte in de stad en komen we in 2024 tot een samen­ werkingsverband. Voor statushouders in gemengde complexen is ondersteuning door zorg- en welzijns­ partijen beschikbaar. Aan de hand van de Tien werkafspraken Thuis in de wijk geven we kwetsbare bewoners een goede landing in hun buurt. In samen­werking met de Meldpunten Zorg- en Woonoverlast pakken de gemeente en corporaties meldingen van overlast op en worden er zorg­ trajecten gestart. Aan zorgzame buurten werken corporaties, gemeente en zorgpartijen onder andere via Lang Leven Thuisflats en woonzorgcirkels. Zo worden buurten meer geschikt om langer zelfstandig thuis te wonen.

Aandachtspunt hierbij is de wijze van verhuur en de toewijzing van de woningen in deze woonconcepten. De partijen blijven nieuwe woon(zorg)concepten ontwikkelen om meer aan de verscheidenheid van behoeftes van de bewoners tegemoet te komen. Ook blijven ze zich inzetten voor voldoende maatschappelijke voorzieningen in buurten.

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

24

Afspraken 6.1

6.2

6.3

We bestemmen 30 procent van de jaarlijkse sociale verhuringen (uitgaande van het gemiddelde van afgelopen drie jaar permanente bouw, rekeninghoudend met pieken in de flexbouw) voor huurders die zich in een kwetsbare situatie bevinden, met inachtneming van toekomstige regelgeving. Doelgroepen die zijn toegevoegd aan het PHKG: urgenten via de toeslagenaffaire, WLZ uitstroom, Openbare Orde en Veiligheid, ruggensteun omslagkandidaten, status­ houders gemengde/ flexlocaties (incl. eerste verhuur) en permanente intermediaire verhuur. Deze 30% berekenen we over het totale aantal verhuringen van alle zelfstandige sociale huurwoningen, exclusief de verhuringen in woongroepen (loopt via coöptatie), van atelier­woningen (loopt via de CAWA) en woningruil. De reden van uitsluiting van deze drie categorieën is dat deze woningen niet beschikbaar zijn voor verhuring aan een doelgroep van het PHKG. Jaarlijks maakt het college van B&W de verdeling van de beschikbare woningen over de doelgroepen binnen de 30 procent. Voor gemengde complexen en de nog te realiseren flexlocaties bepalen de gemeente, corporaties en de huurderskoepel in overleg en rekening houdend met de eisen vanuit het Rijk per complex het percentage kwetsbare doelgroepen, waarbij in ieder geval minimaal 30 procent statushouders is.

Daarnaast kan een klein deel van de woningen toegewezen worden aan andere (niet) kwetsbare groepen zoals economisch daklozen en/of beroeps­ groepen. Daarbij spelen de aard en de grootte van het complex, de voorzieningen in de buurt, randvoorwaardes van de subsidies en de beschikbare ondersteuning een rol. De komende periode worden in samenwerking met de gemeente, woningcorporaties en huurders de uitgangspunten voor de doel­ groepenmix verder uitgewerkt en vastgesteld.

Prestatieafspraken

6.4

6.5

6.6

We monitoren in het PHKG samen met de partners en de stadsdelen de draagkracht en de draaglast van een buurt. Als een buurt te kwetsbaar is, maken alle betrokken partijen in een leefbaarheidsoverleg afspraken over extra interventies. Zo nodig escaleren we richting directieniveau. De gemeente is hier de regisseur en de partij die het overzicht heeft in de buurt. Dit heeft een relatie met het thema leefbaarheid. De gemeente en de corporaties gaan samen met het zorgkantoor en de zorgaanbieders aan de slag met de woonzorganalyse en komen tot een samenwerkingsverband in 2024. Daarbij benutten ze optimaal de bestaande samenwerkingsverbanden. We onderzoeken de wijze waarop de huurderskoepels te betrekken zijn bij het Programma Huisvesting Kwetsbare Groepen en bij de uitwerking van de woonzorganalyse. Vanzelfsprekend is dit een afweging samen met de zorginstellingen die bij deze trajecten aan tafel zitten. De samenwerking op het gebied van geclusterd wonen, thuisflats en woonzorg­cirkels, woon­ concepten, zoals woonzorgcirkels, op praktisch en strategisch niveau intensiveert en maandelijks is er een ‘woonconceptenoverleg’. In dat overleg is er ruimte om structurele kwesties en actuele ontwikkelingen die vragen om een gezamenlijke aanpak te bespreken. De huurderskoepels en/of lokale bewoners­ organisaties worden hier ook bij betrokken.

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

25

7

Leefbaarheid

Doel Het doel is dat Amsterdam een stad is met buurten waar het prettig wonen is en waar oud en jong, arm en rijk zich thuis voelen, opgroeien en oud worden, waar de huidige bewoners zich gezien en gehoord voelen en waar ook ruimte is voor nieuwe bewoners. Schoon, heel, veilig en prettig samenleven, dat is nodig voor een leefbare wijk. Om te zorgen dat volgende generaties in de minder kansrijke gebieden in Zuidoost, Nieuw-West en Noord volop kunnen deelnemen aan het succes in de stad, een gezond leven kunnen leiden en zich kunnen ontplooien is een gebiedsgerichte aanpak ingevoerd die we langjarig volhouden.

Opgave Elke buurt staat voor een eigen opgave. Naast vernieuwen en verbeteren van woningen is meer nodig, zoals bewoners die elkaar kunnen ontmoeten, geen onveiligheid in de wijken en de openbare ruimte en het groen, die op orde zijn en blijven. We streven naar gedifferentieerde buurten met een mix aan woningen voor verschillende doelgroepen en inkomensgroepen. De uitdaging is voornamelijk om meer vanuit een gedeelde visie, op wat er nodig is in een wijk, te komen tot een samenhangende aanpak op wonen, leefbaarheid, voorzieningen, veiligheid en openbare ruimte. Specifieke buurten hebben extra inzet nodig om de draagkracht en weerbaarheid van de bewoners en de veerkracht van buurten te behouden en te versterken.

Invulling van de opgave Geen buurt is hetzelfde, elke buurt heeft iets anders nodig. Gemeente, corporaties en huurders zetten zich ieder met het eigen instrumentarium en samen in voor een veilige en leefbare buurt. Dit betekent dat de corporaties verantwoordelijk zijn voor ­leefbaarheid in de complexen, de gemeente voor de openbare ruimte en de voorzieningen, de welzijn- en zorgaanbieders voor de ondersteuning, de politie voor de veiligheid. Daarbij zijn actieve bewoners en bewonersorganisaties de ogen en oren in de wijk. Alleen samen is de leefbaarheid in wijken te ­bevorderen. Dit geldt voor alle gebieden in de stad. We maken geld en capaciteit vrij om dit te laten slagen. Dit zorgt vooral ook dat er mensen zijn die in de wijken doen wat nodig is en

Prestatieafspraken

samen­werken met en aansluiten bij lokaal actieve bewoners(groepen). De samenwerking van gemeente, corporaties en bewoners is een integraal onderdeel van het gebiedsgericht werken en ligt bij het betreffende stadsdeel. Een belangrijke rol in de buurten is weggelegd voor het buurtteam, onder regie van het stadsdeel. We verbeteren de samenwerking door opnieuw te investeren in het verhelderen van de rolverdeling en doelen waar het gaat om gebiedsgericht werken. Hiervoor is het formuleren van hernieuwde, goed uitvoerbare werkafspraken nodig. Initiatieven van bewoners dragen bij aan de leefbaarheid en veerkracht van de wijken. In het kader van het Masterplan Zuidoost en het Nationaal Programma Samen Nieuw-West en de Aanpak Noord is de investering voor gelijke kansen. Daar worden bewoners betrokken bij de keuzes voor de inzet in deze gebieden. Op dit moment doen de partijen de volgende zaken aan leefbaarheid en hier gaan we mee verder: • In het kader van leefbare buurten en wijken werken we samen in de verschillende gebieden in de stad. • De stadsdelen en corporaties bespreken samen de opgaven in het gebied, combineren de fysieke en sociale aspecten en leggen ook verbindingen naar andere maatschappelijke partners en actieve bewoners(organisaties).

• We zetten de sociale en fysieke interventies zo in dat ieder elkaars inzet versterkt, goed gebruikmakend van de kracht die er al is in de buurten en bij bewoners(organisaties) door hen te betrekken bij ontwikkelingen op het gebied van leefbaarheid. • Voor de inclusieve stad zijn maatschappelijke voorzieningen onmisbaar. De corporaties en gemeente onderzoeken gezamenlijk de mogelijkheden in bestaande en nieuwbouw buurten tot het realiseren van maatschappelijk voorzieningen. • We werken samen in de aanpak van overlast, woonfraude en ondermijnende criminaliteit. Zowel preventief als in de nazorg, omdat incidenten blijven voordoen.

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

26

• Onze afspraken in het kader van buurt­ bemiddeling, de treiteraanpak en hoarding zetten we voort. Periodiek evalueren we de werking en stellen bij waar nodig.

7.5

Afspraken 7.1

7.2

7.3

7.4

We brengen data en praktijkkennis op gebieds­ niveau bij elkaar om te komen tot een gemeenschappelijk beeld van de wijken en buurten en een gemeenschappelijke aanpak. De gemeente heeft hierbij de regie. Het is niet in een keer in de hele stad mogelijk. We starten in de stadsdelen Zuidoost, Nieuw-West en Noord. Het is leren door te doen en zo bouwt geleidelijk de gebiedsgerichte aanpak verder uit, afhankelijk van welke gebieden daarom vragen. De projecten BuurtBalans van de gemeente en partners en Buurtstrategie (gezamenlijke leefbaarheidsinterventies en portefeuillestrategie voor de meest kwetsbare buurten) van de corporaties kunnen hiervoor als basis dienen. Corporaties en gemeente stemmen ontwikkelingen en investeringen tussen corporaties onderling af en met werkzaam­ heden van gemeente, zodat met een stapeling van investeringen een synergetisch effect te bereiken is. Partijen delen de plannen en planning die de corporaties hebben voor vernieuwing en verduurzaming van woningen en de plannen van de gemeente voor de openbare ruimte. Waar mogelijk stemmen we de inzet op elkaar af. Zo werken we effectief samen aan de leefbaarheid. Op het gebied van overlast gaan we intensiever samenwerken om de last voor omwonenden zoveel mogelijk te beperken.

Om de onderlinge communicatie en die naar bewoners bij incidenten te verbeteren, stellen de gemeente en de corporaties een escalatieproces op.

Prestatieafspraken

7.6

7.7

7.8

Corporaties en gemeente zetten in op veilige buurten en woonomgeving en werken meer samen bij explosies en ontploffingen in buurten. We maken een gezamenlijke aanpak op de preventieve kant, delen informatie en de (na)zorg aan bewoners. In de gebieden waar we aan de slag gaan met het verder brengen van het gebieds­ gericht werken werken we samen met actieve bewoners­(organisaties). Daar waar nog weinig bewoners actief zijn, bevorderen we het actief worden van bewoners. De komende 25 jaar werken we in Masterplan Zuidoost, Nationaal Programma Samen Nieuw-West en Aanpak Noord door een meerjarige aanpak aan de verbetering van de kwaliteit van het bestaan van de inwoners door een integrale aanpak. Dit gebeurt door extra investeringen en bestaande middelen beter in te zetten en door ongelijk te investeren in het verbeteren van de woningvoorraad, de openbare ruimte en voorzieningen voor gelijke kansen. Hier werken we samen met de stadsdelen die over de beste lokale kennis van het gebied beschikken. Op basis van de rol in het gebied en/of de positie in het Nationaal Programma/de Aanpak is er één vertegenwoordiger namens de overige corporaties. Partijen werken samen om de herhuisvesting van bewoners in de stedelijke vernieuwings­ gebieden soepel te laten verlopen en de doorstroming in de eigen buurt mogelijk te maken.

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

27

8

Monitoring

We maken meerjarige afspraken, voor vier jaar, met een jaarlijkse cyclus van monitoring en bestuurlijke bespreking van de ontwikkelingen in de stad. Deze cyclus vervangt voor Amsterdam de wettelijke cyclus, waarbij ieder jaar opnieuw prestatieafspraken worden gemaakt op basis van een jaarlijks activiteiten­ overzicht en -aanbod. De afspraken zijn er niet om elkaar af te rekenen, maar noodzakelijk om het goede inhoudelijke gesprek te voeren. Daarbij is het uitgangspunt: houden aan de afspraken en uitleggen, als dat niet gaat, waarom niet en welke keuzes er zijn gemaakt. 8.1

8.2

8.3

8.4

8.5

8.6

Jaarlijks stellen we een monitorrapportage op over de gemaakte afspraken en de bereikte resultaten voor de stad. In het voorjaar van 2024 ontwikkelen we met de drie partijen gezamenlijk de monitor voor de komende vier jaar. De afspraken en rapportages richten zich op de collectieve voortgang. Daarbij worden ook de individuele bijdragen per corporatie inzichtelijk gemaakt en zo nodig besproken. De drie partijen komen in ieder geval drie keer per jaar bestuurlijk samen om de ontwikkelingen, eventuele knelpunten en de samenwerking te bespreken. Tijdens een van deze bestuurlijke overleggen, elk jaar in juni, bespreken de partijen de monitor samen­ werkingsafspraken over het voorafgaande jaar. We komen zo nodig extra bij elkaar bij actuele ontwikkelingen die vragen om snelle actie, bij nieuwe extra projecten of om opnieuw prioriteiten te bepalen. Corporaties geven hun huurdersorganisatie de gelegenheid om voorafgaand aan een bestuurlijk gesprek met hun corporatie in gesprek te gaan over de monitorrapportage. De corporaties zetten de financiële transparantie voort en bieden de gemeente en de huurders jaarlijks inzicht in de ontwikkeling van de financiën en de voorgenomen werkzaamheden van de individuele corporaties. Hiertoe gebruiken de corporaties het kasstroommodel en het overzicht van de voorgenomen werkzaamheden.

Prestatieafspraken

8.7

Partijen spreken af met elkaar in overleg te treden over de afspraken wanneer er externe omstandigheden zijn die het nakomen van afspraken sterk bemoeilijken of aanleiding zijn voor het eventueel aanpassen van de afspraken. Dat kunnen bijvoorbeeld ontwikkelingen zijn in het Rijksbeleid of veranderde economische ontwikkelingen.

Achtervang Corporaties kunnen om financiering aan te trekken, gebruikmaken van borging door het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). De gemeenten en het Rijk vormen de achtervang voor het WSW. Met deze borging kunnen de corporaties goedkoper geld lenen. De gewenste investeringen in de sociale woningbouw zijn hiermee (beter) haalbaar. 8.8

De gemeente en corporaties bespreken halfjaarlijks de ontwikkeling van de borgings­ behoefte van de corporaties. De gemeente stelt voor de gewenste volkshuisvestelijke prestaties in Amsterdam borgingsruimte beschikbaar bij het WSW op basis van de borgingsbehoefte en haar eigen risicoanalyse.

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

28

Bijlagen

Prestatieafspraken

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

29

Bijlage 1 Corporatiebezit per gebied OIS_122GBN

Percentage sociale voorraad corporaties 2021*

sociale voorraad corporaties Ultimo 2021: Zelfstandige woongelegenheid

DX01 Centrum-West

27

6.908

DX02 Centrum-Oost

29

6.876

DX03 Westerpark

42

9.429

DX04 Bos en Lommer

39

6.961

DX05 Oud-West/De Baarsjes

30

11.576

DX06 Geuzenveld-Slotermeer-Sloterdijken

56

11.495

DX07 Osdorp

49

8.408

DX08 De Aker, Sloten en Nieuw Sloten

18

2.421

DX09 Slotervaart

39

9.251

DX10 Oud-Zuid

17

4.808

DX11 Buitenveldert/Zuidas

19

3.003

DX12 De Pijp/Rivierenbuurt

31

11.610

DX13 Oud-Oost

46

9.228

DX14 Indische Buurt/Oostelijk Havengebied

41

8.408

DX15 Watergraafsmeer

35

7.257

DX16 IJburg/Zeeburgereiland

27

3.496

DX17 Noord-West

50

8.790

DX18 Oud-Noord

58

9.178

DX19 Noord-Oost

47

6.803

DX21 Bijlmer-Centrum

52

6.360

DX22 Bijlmer-Oost

50

6.395

DX23 Gaasperdam/Driemond

50

7.642

Weesp

30

3.013

37*

169.316

DX20 Bijlmer-West

* Op basis van WiA 2021. In deze cijfers is ‘sociaal’ alleen gebaseerd op de kale huurprijs van corporatiewoningen. ** Obv AFWC Databank 2022 In deze cijfers is ‘sociaal’ gebaseerd op de vraag of de woning bij aanvang van het contract een sociaal huurcontract had. Daarbij tellen ook woningen mee die vanwege huurverhogingen inmiddels boven de liberalisatiegrens zitten. NB. Het is door de verschillende definitie van “sociale huur” niet zo dat je beide kolommen één op één naar elkaar kunt terug rekenen.

Prestatieafspraken

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

30

Bijlage 2 Tabellen over energielabels en over programmering van verduurzaming Tabel 1: EFG-labelopgave in corporatievoorraad Corporatie

Totale aantal EFG-label woningen

Monumenten (Rijks/gem.)

EFG-labels binnen de NPA opgave

EFG-labels in vve’s

de Alliantie

4098

492

3606

1621

Eigen Haard

4877

92

4785

1267

Lieven de Key

4727

1094

3633

1064

Rochdale

3018

236

2782

571

Stadgenoot

5532

416

5116

1053

Woonzorg

324

0

324

0

Ymere

6877

1458

5419

1039

totaal

29453

3788

25665

6615

Toelichting bij tabel 1: In de tabel is te zien hoeveel EFG-labels corporaties (peildatum oktober 2023) hebben en welke van deze woningen binnen de opgave vanuit de Nationale Prestatieafspraken vallen (hierbij worden monumenten uitgezonderd). De tabel maakt tevens zichtbaar hoeveel EFG-label woningen in vve’s zitten. Het totaal aantal EFG-labels is minder dan in het Samenwerkingsvoorstel van de corporaties (april 2023) is gecommuniceerd. Dit komt mede door veranderingen in de labelsystematiek 1. Er is afgesproken om jaarlijks het aantal EFG-labels te monitoren.

1 In de beantwoording van de schriftelijke vragen van lid Kreuger (JA21) inzake EFG-labels bij corporaties (gepubliceerd op 18 januari 2024) wordt ingegaan op de veranderingen van de labelsystematiek en de effecten hiervan op het aantal Energielabels in Amsterdam.

Prestatieafspraken

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

31

Tabel 2: Programmering van woningverduurzaming voor 2024-2025 per gebied Gebieden

Renovatie onbewoonde staat

Renovatie bewoonde staat

Separaat programma

Planmatig onderhoud plus

Totaal

1024

0

403

387

1814

Bijlmer-Oost

0

0

0

269

269

Bijlmer-West

391

0

17

1654

2062

Bos en Lommer

33

0

0

594

627

Buitenveldert, Zuidas

31

0

346

271

648

Centrum-Oost

0

0

0

824

824

Centrum-West

0

0

0

0

0

De Aker, Sloten, Nieuw-Sloten

488

0

539

361

1388

De Pijp, Rivierenbuurt

0

0

215

164

379

Gaasperdam

0

0

42

398

440

Geuzenveld, Slotermeer

80

400

225

722

1427

IJburg, Zeeburgereiland

965

0

421

1345

2731

Indische Buurt, Oostelijk Havengebied

13

0

0

953

966

Noord-Oost

107

0

135

69

311

Noord-West

112

0

0

980

1092

Osdorp

0

0

0

0

0

Oud-Noord

0

0

20

680

700

Oud-Oost

295

0

0

696

991

Oud-West, De Baarsjes

507

0

645

188

1340

Oud-Zuid

310

0

865

728

1903

Sloterdijk Nieuw-West

348

0

134

600

1082

Slotervaart

0

0

0

196

196

Watergraafsmeer

66

0

109

465

640

Weesp, Driemond

0

0

0

0

0

Westerpark

0

0

0

479

479

4770

400

4116

13023

22309

Bijlmer-Centrum

Totaal

Toelichting bij tabel 2: In deze tabel is het aantal woningen opgenomen dat komende twee jaar wordt verduurzaamd per gebied. Er zijn vier stromen waarmee corporaties woningen verduurzamen: Renovatie in onbewoonde staat, renovatie in bewoonde staat, separaat verduurzamingsprogramma’s (bijvoorbeeld alleen toevoegen van zonnepanelen) en verduurzaming bij planmatig onderhoud (bijvoorbeeld door enkel glas te vervangen bij schilderwerk). Er is afgesproken dat er vanaf nu jaarlijks gerapporteerd wordt welke woningen er zijn verbeterd en welke er komende jaren verbeterd worden. De bovenstaande tabel gaat over de programmering voor de komende twee jaar omdat corporaties relatief kort van tevoren flexibiliteit in de planvorming nodig hebben om te reageren op acute kwesties, stijgende bouwkosten of lokale of nationale omstandigheden.

Prestatieafspraken

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

32

Bijlage 3 Verwijzingen naar lopende programma’s 1.

Aanpak Noord Aanpak Noord - Gemeente Amsterdam

2.

Aanpak Rolstoelwoningen Aanpak-Rolstoelwoningen-15-03-2021-def-gecomprimeerd.pdf (huisvestingkwetsbaregroepen.nl)

3.

Aanpak Vroeg signalering en voorkomen huisuitzettingen Vroeg signalering schuldhulpverlening - Sociaal Domein (amsterdam.nl)

4.

ACE Vaststellen Afkoopsommen erfpacht voor.pdf

5.

Amsterdamse Aanpak ernstige woningvervuiling https://www.amsterdam.nl/sociaaldomein/zorgprofessionals/verbetering-aanpak/

6.

Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting

7.

Amsterdam Circulair 2020 – 2025 Amsterdam Circulair 2020 - 2025 - Gemeente Amsterdam

8.

Amsterdams Armoedebeleid Volg het beleid: inkomen - Gemeente Amsterdam

9.

Amsterdamse kaderafspraken; Voor vernieuwing en verbeteringen Handboek Vernieuwing en Verbetering Amsterdamse Kaderafspraken 2020 - 2024

10. Amsterdam Rainproof https://www.rainproof.nl

11. Atelierwoningen https://www.amsterdam.nl/veelgevraagd/atelierwoning-of-atelier-zoeken-8eca2

12. Broedplaatsen https://www.amsterdam.nl/kunst-cultuur/ateliers-broedplaatsen/over-broedplaatsen/ loket-broedplaatsen/

13. Eropaf en Vroeg eropaf Vroeg Eropaf-Amsterdam Algoritmeregister

14. Intentieverklaring Doorbouwen 7.1 Doorbouwakkoord Amsterdam versie 230907.pdf (windows.net)

15. Landelijke Actieplan Studentenhuisvesting 2022 – 2030 Landelijk Actieplan Studentenhuisvesting 2022 tot 2030 (overheid.nl)

Prestatieafspraken

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

33

16. Masterplan Zuidoost ZO-Zuidoost-Masterplan_final-2021-2040.pdf (zoiszuidoost.nl)

17. Monitor Samenwerkingsafspraken 2020-2023 Monitor samenwerkingsafspraken 2020-2023

18. Nationaal Programma Nieuw-West Nationaal Programma Samen Nieuw-West

19. Onder de Pannen Amsterdam Onder de Pannen Amsterdam | Onder de pannen

20. Ontwikkelingsstrategie 2035: groeien binnen de stadsgrenzen Ontwikkelstrategie 2035: groeien binnen de stadsgrenzen - Gemeente Amsterdam

21. Programma Huisvesting Kwetsbare Groepen (PHKG) Huisvesting Kwetsbare Groepen

22. Rapport Nationale Prestatieafspraken corporatiesector https://aedes.nl/media/document/volledige-tekst-nationale-prestatieafspraken

23. Samenwerkingsafspraken 2020 – 2023 Samenwerkingsafspraken_2020-2023

24. Stuurgroep Geclusterd wonen voor ouderen Intentieverklaring Zelfstandig geclusterd wonen voor ouderen in Amsterdam 2020-2025

25. Treiteraanpak Treiteraanpak - Gemeente Amsterdam

26. Warm Amsterdam Warm Amsterdam - AFWC

27. Wet Overleg Huurders Verhuurders (WOHV) wetten.nl - Regeling - Wet op het overleg huurders verhuurder - BWBR0009810 (overheid.nl)

28. Woningbouwplan 2022-2028 Woningbouwplan 2022-2028

29. Uitvoeringsovereenkomst verkoop sociale huur uitvoeringsovereenkomst verkoop sociale huurwoningen 2020 tm 2024

30. Verhuisregeling van Hoog naar Laag https://www.amsterdam.nl/veelgevraagd/financiele-tegemoetkoming-verhuizing-eninrichting-voorheen-verhuiskostenvergoeding-aanvragen-73846

31. Verhuisregeling van Groot naar beter https://www.amsterdam.nl/subsidies/subsidieregelingen/subsidie-verhuisregeling-groot-beter/

Prestatieafspraken

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

34

Bijlage 4 Verklarende Woordenlijst Onderstaande begrippen zijn bedoeld ter verduidelijking van de afspraken in “Samen werken aan de volkshuisvesting. Amsterdamse prestatie­ afspraken voor 2024 t/m 2027 tussen de woning­ corporaties, de huurderskoepels en de gemeente”. Aan de onderliggende definities kunnen dan ook geen rechten worden ontleend.

Aanpasbaar bouwen Een aanpasbaar gebouwde woning is ‘ready’ om levensloopbestendig te worden gemaakt met kleine aanpassingen. Het komt erop neer dat er reeds in de ontwerpfase rekening mee wordt gehouden dat een toekomstige bewoner een beperking zou kunnen krijgen. Dit maakt dat de woning in potentie geschikt is voor meerdere doelgroepen, maar dat het bij oplevering nog niet levensloopbestendig is. De woning is levensloopbestendig te máken. Bron: definities van tussenwoonvormen, volkshuisvesting Nederland, z.d. https://www.volkshuisvestingnederland.nl/ documenten/publicaties/2022/10/10/definitiesvan-tussenwoonvormen

Aardgasvrij Een aardgasvrij woning betreft een woning of een gebouw, waar er geen gas aansluiting meer aanwezig is ten behoeven van ruimte verwarming, tapwater bereiding en koken voor de woning of voor de in het gebouw gelegen woningen en/of wooneenheden. Bron: Nationale Prestatieafspraken 2022 https://open.overheid.nl/documenten/ronl-5876ce 9d61deab2b6cf83e37649fd936548d6843/pdf

Achtervang De achtervang van de gemeente is het sluitstuk van de zekerheidsstructuur binnen het borgstelsel. Dit heeft betrekking op leningen die corporaties aangaan bij het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). Pas als het WSW niet de betaalverplichtingen van corporaties kan voldoen, verstrekt de gemeente (en het Rijk) renteloze leningen aan het WSW. Bron: Waarborgfonds Sociale Woningbouw https://www.wsw.nl/gemeenten/over-achtervang/

Prestatieafspraken

Aftoppingsgrens De aftoppingsgrens, is de grens waarboven de huurtoeslag wordt verlaagd. Het deel van de huur­prijs tussen de kwaliteitskortingsgrens en de aftoppingsgrens wordt voor 65% vergoed door huurtoeslag. De huurprijs boven de aftoppings­ grens en onder de liberalisatiegrens wordt bij 1 persoons-, mindervalide meerpersoons- en oudere meerpersoons huishoudens voor 40% vergoed door huurtoeslag en bij overige meerpersoons huis­ houdens voor 0%. Er zijn twee aftoppingsgrenzen die jaarlijks per 1 januari worden vastgesteld. Bron: Begrippenlijst Datawonen Rijksoverheid, z.d. https://begrippenlijst.datawonen.nl/mosaic/ dashboard/begrippenlijst

Atelierwoning Een huurwoning met tenminste één ruimte die in het bijzonder geschikt voor kunstproductie (atelierwoning). Bron: Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 | Lokale wet- en regelgeving (overheid.nl) In afspraak 5.6 staat onder meer aangegeven: “We werken in 2024 aan een nieuwe, aangepaste beschrijving van de werkwijze van corporaties en gemeente via CAWA én aan de definitie van atelierwoningen en kunstenaarswoningen.”

Specifieke Beroepsgroepen De specifieke beroepsgroepen waarover in de Samenwerkingsafspraken wordt gesproken zijn docenten in het primair- en secundair onderwijs, bevoegde medewerkers – in dienst zijnde van zorginstellingen met bepaalde criteria – die directe zorg of ondersteuning verlenen aan patiënten en cliënten én personen werkzaam in de operationele sterkte bij de politie-eenheid Amsterdam die in de uitvoering werkzaam zijn of minstens een jaar in opleiding zijn bij de politieacademie. Bron: Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 | Lokale wet- en regelgeving (overheid.nl)

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

35

Circulair Circulaire economie is een model van productie en consumptie, waarbij bestaande materialen en producten zo lang mogelijk worden gedeeld, verhuurd, hergebruikt, hersteld, opgeknapt en gerecycleerd om meer waarde te creëren. Op deze manier wordt de levenscyclus van producten uitgebreid. In de praktijk betekent dit dat het afval tot een minimum wordt beperkt. Wanneer een product het einde van zijn levensduur bereikt, worden de materialen zoveel mogelijk binnen de economie gehouden dankzij recycling. Deze kunnen keer op keer productief worden gebruikt, waardoor meer waarde wordt gecreëerd. Bron: Europees Parlement 2023 https://www.europarl.europa.eu/news/nl/headlines/ economy/20151201STO05603/circulaireeconomie-definitie-belang-en-voordelen

Doorstroming Op de woningmarkt is dit de verhuizing van de ene woning naar de andere; de verlaten woning komt hiermee beschikbaar voor anderen. Bron: Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting, Gemeente Amsterdam, juli 2023 https://aanpakvolkshuisvesting.amsterdam.nl/

Energielabel Het energielabel voor woningen geeft aan hoe energiezuinig een huis is, in vergelijking met ander huizen van hetzelfde type. Er zijn verschillende klassen: energielabel A++ (zeer energiezuinig) tot en met G (zeer onzuinig). Het energielabel wordt sinds 1-1-2021 berekend volgens de methodiek NTA8800. Een afgemeld energielabel is echter 10 jaar geldig dat betekent dat door de jaren heen in de voorraad volgens verschillende methodieken labels zijn opgesteld. Corporaties sturen echter op een zogenaamd huidig label, deze wordt door de software berekend volgens de laatste rekenmethode. Op basis van dit huidig label rapporteren corporaties aan gemeente(n), de Autoriteit Woningcorporaties (dVi/dPi) en aan Aedes. Bron: Begrippenlijst Datawonen Rijksoverheid z.d https://begrippenlijst.datawonen.nl/mosaic/ dashboard/begrippenlijst

Energietransitie Energietransitie is de overgang naar een situatie waarin de energievoorziening structureel anders van aard en vorm is dan in het huidige energie­ systeem. In dit nieuwe systeem heeft er een overgang plaatsgevonden van het gebruik van fossiele energie naar energie uit duurzame

Prestatieafspraken

energiebronnen, is er veel aandacht voor energie­ besparing en energieopslag en is de energie­ voorziening meer decentraal georganiseerd. Bron: Energietransitie, Centraal Bureau voor de Statistiek, z.d. https://www.cbs.nl/nl-nl/economie/industrie-enenergie/energietransitie

Erfpacht (voortdurende erfpacht voor woningcorporaties) Erfpacht betekent dat iemand het recht heeft om een stuk grond te houden of te gebruiken dat eigendom is van een ander. De erfpachter betaalt hiervoor een bedrag aan de eigenaar van de grond: het zogeheten erfpachtcanon. De gemeente geeft aan woningcorporaties percelen uit in voortdurende erfpacht. Erfpacht is een recht om een aan een ander toebehorend stuk grond te gebruiken. De gronduitgifte geschiedt in erfpacht voor onbepaalde tijd, te verdelen in tijdvakken van 50 of 75 jaar. Corporaties betalen voor dit tijdvak een afkoopsom, een bedrag-ineens dat in plaats komt van een jaarlijkse canon. Bron: Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting, Gemeente Amsterdam, juli 2023; Algemene Bepalingen voor erfpacht in Amsterdam, Gemeente Amsterdam, februari 2017. https://aanpakvolkshuisvesting.amsterdam.nl/

Erfpachtafdracht Indien een corporatie een sociale huurwoning verkoopt of liberaliseert betaalt het hiervoor erfpachtafdracht aan de gemeente. Bij verkoop is dit een bedrag per m2 bvo, bij liberalisatie (m.u.v. liberalisatie naar het middensegment) is dit een bedrag per woning. Bron: Gemeenteblad van Amsterdam 2020 https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ gmb-2020-287383.html

Flexwoningen Flexibele woningen zijn verplaatsbare woningen. Onder verplaatsbare woningen worden woningen verstaan die voldoen aan de eisen die gelden voor nieuwbouw, die voor een bepaalde tijd op een tijdelijke locatie (met woonbestemming of tijdelijke afwijking bestemmingsplan) mogen worden gebouwd óf die getoetst zijn aan tijdelijke woningen zoals gedefinieerd in het Bouwbesluit (termijn van ten hoogste 15 jaar). Bron: Begrippenlijst Datawonen Rijksoverheid z.d https://begrippenlijst.datawonen.nl/mosaic/ dashboard/begrippenlijst

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

36

Gbo

Hospitaverhuur

De gebruiksoppervlakte wordt ook wel de GBO of GO genoemd. Het is de oppervlakte waarvoor wordt ingeschat dat deze nuttig gebruikt kan worden. Deze maat wordt gebruikt voor het vergelijken van woningen, maar ook voor het maken van berekeningen met betrekking tot bijvoorbeeld brandveiligheid en gebruiksbelasting. Daarnaast wordt het GBO ook in de vastgoedwereld gebruikt om de prijs per vierkante meter (GBO) uit te drukken. De gebruiksoppervlakte wordt bepaald volgens NEN 2580. De GO is in feite het totale vloer­ oppervlak tussen de omsluitende wanden van de gebruiksfunctie minus de vaste obstakels van enige omvang. Bron: Keurhuis Nederland, z.d https://www.keurhuisnederland.nl/wat-is-hetgebruiksoppervlak-gbo/

Bij hospitaverhuur verhuurt een bewoner een deel van zijn woning – waarin hij zelf woont – aan een ander huishouden. Deze huurder huurt een of meer kamers in de woning. De hospita en de huurder delen alle of een deel van de voorzieningen, zoals de keuken, het toilet en de bad/doucheruimte. Bron: Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting, Gemeente Amsterdam, juli 2023 https://aanpakvolkshuisvesting.amsterdam.nl/

Geclusterd wonen voor ouderen Geclusterd wonen gaat om woonvormen, waar woningen die in elkaars buurt worden gebouwd, zodat voorzieningen gemakkelijk gedeeld kunnen worden. Het gaat eenzaamheid tegen en draagt bij aan de gezondheid, en vitaliteit van senioren. Dit kunnen bijvoorbeeld woonvormen zijn tussen zelfstandig wonen en het verpleeghuis in. Bron: Handreiking geclusterde woonvormen 2023 https://www.volkshuisvestingnederland.nl/ documenten/publicaties/2023/07/25/handreikinggeclusterde-woonvormen

Gelabelde voorraad De voorraad woningen welke voor een specifieke doelgroep (bijvoorbeeld jongeren) is bestemd. Ook kan de voorraad gelabeld worden voor andere doeleinden, zoals voor energielabels. Bron: Mensen, stenen, geld, het beleidsproces bij woningcorporaties, z.d. https://mensenstenengeld.nl/inleiding/deel-2/ maatschappelijke-sturing/?hilite=label

Geregelde betaling Op verzoek van Amsterdammers kan de gemeente hun vaste lasten inhouden op de uitkering (geregelde betaling). Dat kan tijdelijk zijn, bijvoorbeeld als er mensen door een stressvolle gebeurtenis hun financiën even niet meer overzien of langdurig, bijvoorbeeld als er sprake is van een lichte verstandelijke beperking, waardoor functioneren in onze complexe samenleving ingewikkeld is. Bron: Gemeente Amsterdam, Schuldhulpverlening in Amsterdam https://www.amsterdam.nl/sociaaldomein/voorintermediairs-werk-participatie-en/ schuldhulpverlening-amsterdam/vroegsignalering/

Prestatieafspraken

Huursomstijging De totale huursomstijging betreft het percentage dat alle huren van zelfstandige woningen met een gereguleerd huurcontract die gedurende één jaar zowel op 1 januari van dat betreffende jaar als op 1 januari van het daaropvolgende jaar zijn verhuurd (van individuele woningcorporaties) bij elkaar opgeteld mogen stijgen. De maximale huurs­ omstijging geldt alleen voor zelfstandige woningen in het gereguleerde segment; niet voor onzelfstandige woningen (kamers), woonwagens en woonwagenstandplaatsen. Bron: Circulaire Huurprijsbeleid voor de periode 1 januari 2023 tot en met 30 juni 2024 Circulaire Huurprijsbeleid voor de periode 1 januari 2023 tot en met 30 juni 2024.pdf

Huurtoeslag Een door de Belastingdienst uitgekeerde toeslag aan huurders die in verhouding tot hun inkomen duur wonen. Woningen met een huurprijs lager dan de minimum basishuur of hoger dan de liberalisatie­ grens komen niet voor huurtoeslag in aanmerking. Bron: Begrippenlijst Datawonen Rijksoverheid, z.d. https://begrippenlijst.datawonen.nl/mosaic/ dashboard/begrippenlijst

Inkomensafhankelijke huurverhoging Inkomensafhankelijke huurverhoging is de huur­ verhoging die woningcorporaties kunnen doorvoeren voor huurders in een sociale huurwoning die een (midden)hoog inkomen hebben. Het gaat om maximaal 50 tot 100,- euro per jaar. Bron: Inkomensafhankelijke hogere huurverhoging en huursprongen voor zeer lage huren in 2022, Ministerie van BZK, z.d. https://www.volkshuisvestingnederland.nl/ onderwerpen/passende-huur/inkomensafhankelijkehogere-huurverhoging-en-huursprongen-voorzeer-lage-huren-in-2022

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

37

Inkomensgrens sociale huur Dit is de inkomensgrens tot waar een huishouden in aanmerking komt voor een te verhuren sociale huurwoning. In de wet staat hierover: “bij algemene maatregel van bestuur voor de toepassing van artikel 48, eerste lid, te bepalen bedrag dat verschillend kan worden vastgesteld naar gelang de omvang van het huishouden”. Bron: Woningwet, artikel 1, eerste lid https://wetten.overheid.nl/BWBR0005181/2024-01-01

betrekt met een huur boven de kwaliteitskortings­ grens, kan géén toeslag krijgen, omdat een hogere prijs geassocieerd wordt met een hogere woning­ kwaliteit. De kwaliteitskortingsgrens wordt jaarlijks per 1 januari vastgesteld. Bron: begrippenlijst Datawonen Rijksoverheid, z.d https://begrippenlijst.datawonen.nl/mosaic/ dashboard/begrippenlijst

Lang Leven Thuisflats

Voor een middeldure huurwoning met een kale huur tot € 1.175,72 mag het gezamenlijk inkomen van uw huishouden niet hoger zijn dan € 69.573,(bedrag 2023). Deze grens is niet van toepassing als iemand een sociale huurwoning van een woningcorporatie in de woningmarktregio leeg achterlaat. Bron: Huisvestingvergunning, Gemeente Amsterdam, 2023, https://www.amsterdam.nl/veelgevraagd/ huisvestingsvergunning-aanvragen-25437#

In een Lang Leven Thuisflat werken de woning­ corporatie (eigenaar), een zorgpartij en een welzijns­ organisatie samen met bewoners aan een omgeving en diensten om ouderen te faciliteren om zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen blijven wonen, in een bestaande flat van een woningcorporatie waar al veel ouderen wonen. Partijen zorgen voor zorg en ondersteuning in nabijheid, voorlichting, vroeg­ signalering en de fysieke toegankelijkheid en veiligheid van de flat (braak, vallen, brand). Bron: Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting, Gemeente Amsterdam, juli 2023 https://aanpakvolkshuisvesting.amsterdam.nl/

Jongerencontract

Liberalisatiegrens

Het jongerencontract is een huurcontract voor verhuur aan jongeren (tot 28 jaar). De duur van het contract is minimaal 5 jaar, met de mogelijk tot verlenging met 2 jaar. Bron: Rijksoverheid, z.d https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/ woning-verhuren/vraag-en-antwoord/welke-regelsgelden-als-ik-een-woning-aan-een-bepaaldedoelgroep-verhuur

Dit is een begrip uit de huurprijsregelgeving. De huurtoeslaggrens is qua bedrag gelijk aan de liberalisatiegrens. De liberalisatiegrens wordt jaarlijks per 1 januari vastgesteld. Bron: Begrippenlijst Datawonen Rijksoverheid https://begrippenlijst.datawonen.nl/mosaic/ dashboard/begrippenlijst

Inkomensgrens middenhuur

Klimaatadaptatie Onder klimaatadaptatie wordt verstaan: het tijdig en effectief aanpassen aan het actuele of verwachte klimaat, waardoor schade door klimaatverandering beperkt kan worden. Bron: Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting, Gemeente Amsterdam, juli 2023 https://aanpakvolkshuisvesting.amsterdam.nl/

Kwaliteitskortingsgrens De ‘kwaliteitskortingsgrens’ is een begrip uit de huurtoeslag. De kwaliteitskortingsgrens (in 2023 € 452,20). Voor jongeren met een laag inkomen is een huurprijs boven de kwaliteitskortingsgrens te hoog. Wie als 23-minner een (zelfstandige) woning

Prestatieafspraken

Middensegment (Middeldure huurwoning) Middeldure huurwoningen zijn huurwoningen met een huurprijs boven de sociale huurgrens (=€808,06 prijspeil 2023). Voor de verdere definitie in de voorliggende afspraken verwijzen we naar afspraak 4.2.

Natuurinclusief Bij natuurinclusief renoveren/ bouwen wordt rekening gehouden met eventueel het vergroten van de biodiversiteit. Een voorbeeld is het gebruik van vleermuiskasten. Bron: Natuurinclusief bouwen, Gemeente Amsterdam, z.d. https://www.amsterdam.nl/bestuur-organisatie/ volg-beleid/groen/biodiversiteit/

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

38

NPA (Nationale Prestatieafspraken)

Rolstoelwoningen

Afspraken tussen het Rijk, Aedes (branchevereniging woningcorporaties), de Woonbond (Nederlandse landelijke vereniging voor huurders) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten over hoe de vrijgekomen investeringsruimte van woning­ corporaties door het afschaffen van de verhuurders­ heffing moet worden ingezet. Dit betreft bijvoorbeeld maatregelen op het gebied van duurzaamheid, nieuwbouw en leefbaarheid. Bron: Nationale prestatieafspraken voor de volkshuisvesting, Ministerie van BZK, z.d., https://www.volkshuisvestingnederland.nl/ onderwerpen/nationale-prestatieafspraken-voorde-volkshuisvesting

Een rolstoelwoning is een woning waarin iemand die afhankelijk is van een rolstoel zelfstandig kan wonen. Dat wil zeggen dat de toegang tot de woning en alle ruimtes in de woning toe- en doorgankelijk zijn met een rolstoel. Bron: Huisvesting kwetsbare groepen https://www.huisvestingkwetsbaregroepen.nl/ wp-content/uploads/2022/02/AanpakRolstoelwoningen-15-03-2021-defgecomprimeerd.pdf

Ongedeelde stad Het principe dat iedereen (ongeacht inkomen) overal in de stad moet kunnen wonen.

Onzelfstandige woning Een onzelfstandige woning is een woning die geen eigen toegang heeft of de keuken, toilet of wasgelegenheid (douche/bad) gedeeld wordt met de bewoners van andere woningen/kamers. Bron: Wat is een zelfstandige woning en wat is een onzelfstandige woning? Rijksoverheid Wat is een zelfstandige woning en wat is een onzelfstandige woning? | Rijksoverheid.nl

Sociale huurwoning Sociale huurwoningen zijn huurwoningen met een sociaal huurcontract, waarbij de aanvangshuur onder de toenmalige liberalisatiegrens viel. Bron: Staat van de Woningmarkt, Jaarrapportage 2021, Ministerie van BZK, juli 2021 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/ rapporten/2021/07/01/rapport-staat-van-dewoningmarkt-2021

Stadsvernieuwingsurgenten

Programma waarbij alleen zonnepanelen op een dak worden (Photo Voltaic) geïnstalleerd.

Als een huurwoning (van een woningcorporatie) wordt gesloopt of ingrijpend wordt gerenoveerd, herstelt of onderhouden, kan de huurder een stadsvernieuwingsurgentie krijgen. Met deze urgentie kan de bewoner met voorrang reageren op vrijkomende sociale huurwoningen van corporaties. Bron: Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 | Lokale wet- en regelgeving (overheid.nl)

Regulier Woningzoekenden

Transformatiegebied

Reguliere woningzoekenden zijn alle woningzoekenden die niet vallen onder één van de volgende drie groepen: a. Stadsvernieuwingsurgenten b. Urgenten behorend bij één van de kwetsbare groepen, zoals gedefinieerd in het Programma Huisvesting Kwetsbare Groepen (PHKG) en de huishoudens met een WLZ-indicatie die perspectief hebben op een huurcontract op eigen naam. (WLZ = Wet langdurige Zorg) c. Verhuringen conform de maatwerkregeling corporaties (maximaal 5% van de voorraad) Al deze drie groepen hebben voorrang op de woningmarkt. Een deel van deze groep zoekt zelfstandig naar een andere woning, in veel gevallen vindt aan hen ook directe toewijzing van een woning plaats. Bron: Samenwerkingsafspraken 2020 – 2023 https://www.amsterdam.nl/bestuur-organisatie/ organisatie/ruimte-economie/wonen/ samenwerkingsafspraken/

Een gebied dat is aangewezen voor het proces van transformatie, in de Amsterdamse context het omzetten van bijvoorbeeld een (voormalig ) bedrijventerrein naar een woongebied of gemengd wonen-werken. Bron: Woningbouw en transformatie, Gemeente Amsterdam, z.d., https://www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/ vastgoedprofessionals/woningbouwtransformatie/#hc2da6842-bedb-4d58-aeca804d8b6b5efd

PV Only programma

Prestatieafspraken

Transitievisie Warmte Een transitievisie warmte is een beleidsdocument dat een eerste richting geeft aan de aanpak van het isoleren en aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. Minimaal elke 5 jaar wordt de transitie­ visie warmte geactualiseerd. Bron: Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie https://nplw.nl/strategieuitvoering/ transitievisiewarmte/default.aspx

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

39

Verkoopafdracht

Warmtenet

Het bedrag per m2 bvo (Bruto-vloeroppervlakte, gemeten conform de NEN 2580) dat een corporatie bij de verkoop van een sociale huurwoning aan de gemeente moet betalen Bron: Uitvoeringsbesluit Erfpacht Woningcorporaties 2020 https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb2020-287383.html

Een warmtenet is een netwerk van leidingen onder de grond waardoorheen warm water stroomt. Met dit warme water kunnen woningen, kantoren en andere gebouwen worden verwarmd. Het warmte­ net is aangesloten op één of meerdere warmtebronnen. Bron: Alternatieven voor aardgas, Gemeente Amsterdam, z.d., https://www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/ duurzaam-amsterdam/aardgasvrij/ alternatieven/#h7169c841-3b5d-44f1-ac0d657ea2c2fe73

Voorrangsregelingen In Amsterdam zijn verscheidene regelingen waarmee specifieke huishoudens of mensen, die aan de voorwaarden van de regeling voldoen, voorrang krijgen op vrijkomende sociale huurwoningen. Dit is vastgelegd in de huisvestingsverordening van de gemeente Amsterdam. Bron: Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting, Gemeente Amsterdam, juli 2023 https://aanpakvolkshuisvesting.amsterdam.nl/

VvE’s (gemengde VvE’s) Afkorting voor vereniging van eigenaren. Als een gebouw door middel van een splitsingsakte wordt gesplitst in appartementen die los verkocht kunnen worden, moet er een vereniging van eigenaren opgericht worden. De eigenaren van de appartementen zijn automatisch (‘van rechtswege’) lid van die vereniging. Het doel van de VvE is het behartigen van de gemeenschappelijke belangen van de eigenaars van de appartementsrechten. Hieronder valt met name het onderhoud van de gemeenschappelijke zaken. Welke zaken gemeenschappelijk zijn, staat beschreven in de splitsingsakte. Een gemengde VvE bestaat uit appartementsrechten van een groot eigenaar (bijvoorbeeld een corporatie), eigenaar-bewoners en/of verhuurders. Bron: Wat is een gemengde VvE, Belangenorganisatie voor de VvE en appartementseigenaar, z.d. https://www.vvebelang.nl/kennisbank/algemeen/ gemengde-vve/#:~:text=Als%20in%20het%20 gebouw%20eigenaars,die%20er%20zelf%20 niet%20woont).

Prestatieafspraken

Woonfraude Onder woonfraude wordt verstaan: onrechtmatige bewoning zonder daartoe de vereiste vergunning, dan wel in strijd handelen met het huurcontract voor woning. Tevens kan het betrekking hebben op onrechtmatig gebruik van de woning in strijd met de Woningwet, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of de Leegstandsverordening Amsterdam 2022. Hieronder vallen onder meer illegale onderhuur, illegale verhuur aan toeristen, prostitutie in een woning en langdurige leegstand. Bron: Preventie en handhaving woningmisbruik, Gemeente Amsterdam, z.d., https://www.amsterdam.nl/bestuur-organisatie/ organisatie/ruimte-economie/wonen/ aanpakwoningmisbruik/

Woonlasten Het totale bedrag aan woonkosten, zoals huur- of hypotheek- en onderhoud en verbeteruitgaven bij eigenaren-bewoners, inclusief de bijkomende woonuitgaven zoals: onroerendzaakbelasting, premies voor woonverzekeringen, rioolrechten, gas, water, elektra. Bron: Begrippenlijst Datawonen Rijksoverheid https://begrippenlijst.datawonen.nl/mosaic/ dashboard/begrippenlijst

(Nieuwe) Woonruimteverdeelsysteem Amsterdam Per 16 januari 2023 geldt in Amsterdam het nieuwe woonruimteverdeelsysteem. Sociale huurwoningen worden vanaf dan verdeeld op basis van punten. Bron: Woonruimteverdeelsysteem sociale huurwoningen per januari 2023, Gemeente Amsterdam, z.d. https://www.amsterdam.nl/veelgevraagd/ woonruimteverdeling-sociale-huurwoningen-perjanuari-2023-776fa-kp

Samen werken aan de volkshuisvesting | Onderhandelakkoord d.d. 16 januari 2024

40

Woonwagen

WSW

Een voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst. Bron: Woningwet, art 1, z.d https://wetten.overheid.nl/BWBR0005181/2024-01-01

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13823327/1