CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 1 KWINK evaluatie_medegebruik_lijnbusbaan_door_taxi_s.pdf

Raadscommissie Mobiliteit, Luchtkwaliteit, Water (MLW) 10 februari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van raadsbrief notitie Taxi en Verkeersveiligheid (ZD2022-000149)11.255 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

24

• Een campagne (communicatie, voorlichting, bewustwording) gericht op het vergroten van de bewustwording over hun rijgedrag en de veiligheidsrisico’s die dit veroorzaakt op de lijnbusbaan. • Een ‘incentive’-model, waarbij het loont voor chauffeurs om zich aan de gedragsregels te houden. Denk aan het gebruik van de snelheidsmeters met smileys of andere positieve incentives. • Een gedragsinterventie in de vorm van een fysieke aanpassing in de openbare ruimte (verkeersborden, andere inrichting, teksten op of langs de weg, etc.). • Onderzoek de mogelijkheid om ook andere verkeersdeelnemers en bewoners een laagdrempelige mogelijkheid te bieden om signalen over rijgedrag van chauffeurs aan de gemeente door te geven. Deze signalen kunnen worden teruggekoppeld aan de taxibranche.

25

Bijlage 1. Overzicht geraadpleegde documenten • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Asmussen, E. (1981). Een analyse van het verschijnsel verkeersveiligheid. In: Verkeer en vervoer in een historisch perspectief. Delftse Universitaire Pers, Delft. CBR (2016). Toetmatrijs Taxi Amsterdam Praktijk. Versie 21 januari 2016. CBR (2017). Toetsmatrijs Taxi Amsterdam Theorie. Versie 29 december 2017. CBR (2020). Overzicht objecten behorende bij het praktijkexamen taxi Amsterdam (TAP). Gemeente Amsterdam (2004) Beleid voor medegebruik lijnbusbaan-strook door taxi’s. Gemeente Amsterdam (2013). Beleid voor medegebruik van de lijnbusbaan/ -strook door taxi’s. Gemeente Amsterdam (2016). Aanvraagformulier Taxxxivergunning. Gemeente Amsterdam (2017). Onderzoek taxi’s op de lijnbusbaan. Gemeente Amsterdam (2017). Initiatiefvoorstel ‘Ruim (tram- en bus)baan voor taxichauffeurs’. Gemeente Amsterdam (2019). Handhaving taxibeleid 2019. Gemeente Amsterdam (28 februari 2018). Gemeenteblad Nr. 38595. Wijziging voorschriften voor medegebruik van de lijnbusbaan door taxi’s – 1e herziening, gemeente Amsterdam. Gemeente Amsterdam (2020). Taximonitor 2019. Gemeente Amsterdam (2020). Afdoening initiatiefvoorstel TA2017-000318 en moties TA2018-000915 en TA2018-000988. Gemeente Amsterdam (2020). Nota van Beantwoording Agenda Taxi 2020 – 2025. Gemeente Amsterdam (2020). Agenda Taxi 2020 – 2025. Gemeente Amsterdam (2020). Meerjarenplan verkeersveiligheid 2016-2021: aanscherping 2021 – 2022.

Keypoint Consultancy bv. (2020). Tussentijdse evaluatie van het Meerjarenplan Verkeersveiligheid Amsterdam 2016 – 2022. KNV & FNV (2020). Gebruik OV banen – T201022. Nilsen, P., Hudson, D.S., Kullberg, A., Timpka, T., Ekman, R. & Lindqvist, K. (2004). Making sense of safety. In: Injury Prevention, vol. 10, pp. 71-73. Rekenkamer Amsterdam (2012). Verkeersveiligheid: aanpak van blackspots. SWOV (2008), ‘Beleving van verkeersonveiligheid: Een probleemverkenning over subjectieve veiligheid’. SWOV (2014). Verkeersveiligheidsanalyse gemeente Amsterdam. SWOV (2019). Rapport ernstige verkeersongevallen met taxi’s. Vervoerregio Amsterdam (2017). Investeringsagenda Verkeersveiligheid. Programma 2018 – 2021.

26

Bijlage 2. Overzicht gesprekspartners Gemeente Amsterdam Verkeer & Openbare ruimte Beleidsadviseurs OV

Rianne Boot en Fokko Kuik

Programma Verkeersveiligheid

Wiebe van der Veen en Nynke Ottink

Team Verkeerstactiek

Bouwe van den Ende

Voorzitter van de Werkgroep Blackspot Amsterdam (WBA) van de gemeente Amsterdam

Geert van Ham Programma Taxi

Openbare Orde en Veiligheid

Martha Specker

Programma Taxi

Rick Batelaan en Aimane Toutouh Beleidsmedewerkers

Stadsdeel Centrum

Roeland Langedijk

Stadsdeel West

Caroline Vonk Vervoerders

Vervoerregio Amsterdam

Bart Schalkwijk en Marc van Deventer

GVB

Debora Zijdenbos

27

Taxi Centrale Schiphol

Gamis el Bouakili

Staxi

Fouad Ben Ali Veiligheidsdiensten

Politie Amsterdam

Bert Evers

Brandweer Amsterdam

Rob Mom

Overige gesprekspartners CBR

Erik Timmermans

Senior Handhaving

Rob Kreuger

Gemeente Utrecht

Martijn Bijl en Hein Maas

Gemeente Den Haag

Twee medewerkers

Tabel 4. Overzicht gesprekspartners

28

Bijlage 3. Voorschriften lijnbusbaanontheffing Voorschriften voor taxi’s bij het gebruik van de verharde vrijliggende lijnbus-baan/lijnbusstrook met ingang van 1 januari 2018 Algemeen 1. Onder busbaan wordt verstaan een rijbaan waarop het woord «BUS» of «LIJNBUS» is aangebracht. Onder busstrook wordt verstaan: een door doorgetrokken of onderbroken strepen gemarkeerd gedeelte van de rijbaan waarop het woord «BUS» of «LIJNBUS» is aangebracht. Onder busbaan en busstrook worden voor de toepassing van dit beleid ook tram- en busbanen begrepen die zijn voorzien van een van de volgende borden: • F13 Rijbaan of rijstrook, uitsluitend ten behoeve van lijnbussen; • F15 Rijbaan of rijstrook uitsluiten ten behoeve van trams; • F17 Rijbaan of rijstrook uitsluitend ten behoeve van lijnbussen en trams; • F19 Rijbaan of rijstrook, uitsluitend ten behoeve van vrachtauto’s en lijnbussen. Deze tram- en busbanen worden beëindigd met: • F14 einde busbaan of busstrook; • F16 einde trambaan of tramstrook; • F18 Einde busbaan of trambaan of busstrook of tramstrook; • F20 Einde rijbaan of rijstrook voor vrachtauto’s en lijnbussen.

Onder taxivoertuig wordt in deze voorschriften verstaan: a) Een auto die wordt gebruikt voor het aanbieden van personenvervoer conform de Wet Personenvervoer 2000; b) Een auto, die op dat moment feitelijk wordt gebruikt voor de opleiding van personen in het kader van het behalen van het Taxi Amsterdam Praktijk (TAP) Examen; c) Een auto, die op dat moment feitelijk wordt gebruikt voor het afleggen van een examen Taxi Amsterdam Praktijk. Onder werktijd en/of diensttijd wordt verstaan alle vervoer die met het taxivoertuig wordt uitgevoerd behalve privéritten. De bestuurder van een taxivoertuig met een geldige lijnbusbaanontheffing mag slechts gebruik maken van de tram- en busbanen en tram- en busstroken, die zijn gemarkeerd met LIJNBUS op het wegdek of die worden ingeleid met de Fbebording zoals genoemd in onder 2. De ontheffing is persoonsgebonden en alleen geldig in combinatie met een geldige chauffeurskaart en tijdens werk- en/of diensttijd. Tijdens een TAP opleiding of een TAP examen wordt door de kandidaat gebruik gemaakt van de ontheffing van de instructeur / examinator. 3. Bij het gebruik van de lijnbusbaanontheffing op de lijnbusbaan/ -strook gelden de volgende voorwaarden: De ontheffing (raamkaart) moet vanaf het begin van de werktijd en/of diensttijd in het motorvoertuig aanwezig zijn;

29

4. 5.

De ontheffing (raamkaart) moet altijd goed zichtbaar zijn aangebracht in de linkerbenedenhoek achter de voorruit; De voorzijde van de ontheffing (raamkaart) moet altijd duidelijk zichtbaar en leesbaar zijn voor toezichthouders; De ontheffing (raamkaart) moet op eerste vordering van een toezichthouder ter inzage worden afgegeven. De oude ontheffing wordt altijd bij het afhalen van een nieuwe ontheffing ingeleverd. Het is verboden een ontheffing waarvan de geldigheid is verlopen in de taxi mee te voeren. 30

Locaties 6. De bestuurder van een taxivoertuig mag in geval van de volgende verkeerstekens gebruik maken van de lijnbusbaan of -strook. Daarvoor gelden de voorschriften bij deze ontheffing. Deze uitzondering geldt als genoemde verkeerstekens ter plaatse het gebruik van de lijnbusbaan/-strook verbieden: C1 (gesloten in beide richtingen voor bestuurders), - C2 (eenrichtingsweg); D2 (gebod voor alle bestuurders het bord voorbij te gaan aan de zijde die de pijl aangeeft); D4 t/m D7 (gebod te volgen rijrichting); Artikel 76 RVV 1990 (doorgetrokken streep) en; Artikel 77 van het RVV 1990 (gebruik verdrijvingsvlakken). • Hierbij mag niet van de voor de tram en/of bus geldende rijrichting worden afgeweken. 7. De ontheffing voor de verkeerstekens D4 tot en met D7 (gebod volgen rijrichting) geldt niet als: deze zijn geplaatst op een met verkeerslichten geregelde kruising, of - bij doorgetrokken strepen, of als er sprake is van pijlmarkering op het wegdek. 8. De ontheffing voor verkeersteken G7 (voetpad) geldt alleen op het voetpad aan de noord- en oostzijde van het Rembrandtplein, op de tijden vermeld onder punt 9. 9. De bestuurder van een taxivoertuig mag de Amstelstraat, het voetpad van het Rembrandtplein (noord- en oostzijde) en de Reguliersbreestraat slechts stapvoets berijden op dinsdag tot en met donderdag van 01:00 – 06:00 uur. 10.

De volgende lijnbusbanen/-stroken mogen permanent niet medegebruikt worden door taxi’s: Stadsdeel Centrum: busstation aan de IJzijde van het Centraal Station inclusief de oostelijk en westelijk gelegen op- en afritten van en naar dit busstation; het gehele voetgangersgedeelte inclusief de daarin gelegen trambanen aan de voorzijde van het Centraal Station; busstation inclusief de daarin gelegen trambanen in de Prins Hendrikkade tussen Damrak en Martelaarsgracht; busstation Elandsgracht/Marnixstraat; Damrak in beide rijrichtingen;

30

Gemeente Amsterdam (2020). Beleid voor medegebruik van de lijnbusbaan/ -strook door taxi’s , Bijlage 4: 1e Herziening voorschriften lijnbusbaanontheffing 2018

30

-

Rokin in beide rijrichtingen; Utrechtsestraat in beide rijrichtingen over de hele lengte; Czaar Peterstraat in beide rijrichtingen; Marnixstraat vanaf brug 175 over de Leidsegracht tot en met het Leidseplein in beide rijrichtingen; Weteringschans tussen T-kruising met de Spiegelgracht en kruising met Kleine-Gartmanplantsoen in beide rijrichtingen van 21.00 tot 07.00 uur Het Leidseplein vanaf de noordkant van de keerlus van de taxistandplaats tot aan de Leidsestraat; Kleine-Gartmanplantsoen in beide rijrichtingen; Muiderstraat en Hortusbrug gelegen over het water van de Nieuwe Herengracht, voor zover verhard, in beide rijrichtingen; Raadhuisstraat vanaf de Westermarkt in de richting naar de Nieuwezijds Voorburgwal tot aan de even zijde van het Singel; Raadhuisstraat vanaf de Nieuwezijds Voorburgwal tot aan de Westermarkt, over de hele lengte, inclusief alle bruggen; Westermarkt, met inbegrip van brug nummer 63 over het water van de Prinsengracht; - Waterlooplein in de rijrichting van Amstel naar Mr. Visserplein, vanaf de toegang tot de taxistandplaats/parkeergarage Stadhuis/Muziektheater tot en met het Mr. Visserplein; Singel tussen Spui en Koningsplein in beide rijrichtingen; De Vijzelstraat in noordelijke richting tussen de Reguliersdwarsstraat en de Reguliersbreestraat.

Stadsdeel Zuid: busstation Haarlemmermeerstation; tram- en busstation bij station RAI; Johannes Vermeerstraat en Ruysdaelstraat, vanaf de Hobbemakade tot aan de Van Baerlestraat (voor zover het het verharde gedeelte betreft); Ferdinand Bolstraat tussen de Stadhouderskade en de Ceintuurbaan in beide rijrichtingen; Albert Cuypstraat tussen de Frans Halsstraat en de Ferdinand Bolstraat alleen in de richting van de F. Bolstraat; Ceintuurbaan vanaf de Van Woustraat in de richting van en tot aan de Amstelbrug; J.M. Coenenstraat tussen Roelof Hartplein en Apollolaan in beide rijrichtingen; Stadsdeel Nieuw-West: busstation bij station Lelylaan; tram- en busstation bij station Sloterdijk op het Carrascoplein gelegen tussen de Zaventemweg en de Changiweg; Stadsdeel Oost: busstation bij station Muiderpoort; bus- en tramstation bij station Amstel; Nieuwe Amstelbrug; Stadsdeel Zuidoost: busstation bij station Holendrecht;

31

Stadsdeel Noord: busstation Noord (in gebruik medio 2018) busstation Noorderpark (in gebruik medio 2018) busbaan Twiske, in beide rijrichtingen, gelegen langs: o Lange Vonder; o de brug over het Twiske; o de Pieter A. van Heijningestraat; o Gerardus Groeplaan; o Johannes J. Glasweg; Stadsdeel West: Molenwerf over de gehele lengte; Frederik Hendrikstraat voor wat betreft de doorsteek op het Hugo de Grootplein, in beide rijrichtingen; trambaan tussen de Admiraal Helfrichstraat en de ingang van het GVBgarage aan de Jan Tooropstraat (voor zover het het vrijliggende verharde gedeelte betreft); De busbaan tussen de parallelweg Spaarndammerdijk en de Haparandaweg in beide rijrichtingen; Stadhouderskade tussen Overtoom en Leidsebrug in de richting van de Leidsebrug; Op de Leidsebrug tussen Stadhouderskade en Marnixstraat in beide rijrichtingen. Overige lijnbusbanen of lijnbusstroken: mogen niet worden medegebruikt als deze, op welke wijze dan ook, tijdelijk of permanent gesloten zijn voor taxi’s en/of ontheffinghouders.5 Gedrag 11. De bestuurder van een taxivoertuig is bij het gebruik van een lijnbusbaan of lijnbusstrook bij een verkeerslicht op een kruising of wegvak verplicht zich te houden aan de verkeerslichtenregeling voor het openbaar vervoer, het ‘negenoog’. 12.

Het is verboden om andere rijrichtingen te volgen dan die, die in de verkeerslichtenregeling voor het openbaar vervoer met wit licht worden geregeld. 13. De bestuurder van een taxivoertuig dient zich bij het passeren van haltes voor het openbaar vervoer (inclusief calamiteitenhaltes) te houden aan de maximumsnelheid van 20 kilometer per uur. 14. De bestuurder van een taxivoertuig mag een lijnbusbaan/-strook niet tussentijds op- en afrijden. 15. De bestuurder van een taxivoertuig mag op de lijnbusbaan/-strook geen voertuigen inhalen en voorbijgaan. 16. De bestuurder van een taxivoertuig mag niet stilstaan op de lijnbusbaan/-strook -inclusief halteplaats, ook niet om passagiers in- of uit te laten stappen.

32

Bijlage 4. Oorzaken belemmering doorstroom Belemmering witlicht

Veel van de vertragingen ontstaan doordat de tram gehinderd wordt om met de aangevraagde witfase af te kunnen rijden. Dit betekent dat de tram een extra cyclus moet wachten (tot de volgende witfase). Hier zijn vier hoofdredenen voor mogelijk. 1. Taxi wacht voor rood in zijn richting en blokkeert de achterliggende tram; 2. De VRI is niet optimaal afgesteld voor medegebruik door taxi; 3. Het kruispunt heeft onvoldoende capaciteit, waardoor er te kort wit aan de trams kan worden aangeboden; Detectie van voertuigen gaat niet goed waardoor er geen witfase wordt aangevraagd.

Belemmering doorstroming

De doorgang van een tram kan worden belemmerd doordat ander verkeer (waaronder taxi’s) het kruispunt bezet houdt: 1. Blokkade op het kruispunt 2. Blokkade benedenstrooms waardoor tram onvoldoende ruimte heeft om het kruispunt goed te verlaten

Belemmering halteren

Indien een halte vlak voor het kruispunt met negenoog ligt, kan het zijn dat de tram niet op de aanbevolen positie (kopteken) van de tramhalte kan stoppen omdat hier een taxi staat te wachten. Dit levert mogelijk vertraging op door: 1. Langer in/uitstappen 2. Belemmering halteren 2de tram

Tabel 5. Indeling van mogelijke hoofdoorzaken waarop taxiverkeer op de lijnbusbaan voor vertraging en verstoring van het OV kan zorgen (Gemeente Amsterdam, 2017). 31

31

Gemeente Amsterdam (2017). Onderzoek taxi’s op de lijnbusbaan.

33

Nassaulaan 1 2514 JS Den Haag

+31 (0)70 359 6955 info@kwinkgroep.nl www.kwinkgroep.nl

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11075816/1