CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1: Jaarverslag Leerplicht 2021-2022- definitief.pdf

Raadscommissie Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding 21 juni 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van het jaarverslag Leerplicht schooljaar 2021-2022 (VN2023-014221)11.500 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Jaarverslag Leerplicht 2021-2022 Leerplicht maakt het verschil

Voorwoord Beste lezer, Voor u ligt het jaarverslag Leerplicht 2021-2022. Kinderen en jongeren hebben recht op onderwijs. Onze leerplichtorganisatie ziet erop toe dat dit recht wordt gehandhaafd. Onze betrokken leerplichtambtenaren zetten zich samen met de scholen in om verzuim en uitval van leerlingen te voorkomen. Mede door de preventieve aanpak maakt Leerplicht het verschil in verzuim en uitval. Daarom is de titel van dit jaarverslag ‘Leerplicht maakt het verschil’. De lockdowns en het onderwijs op afstand in de voorgaande coronajaren resulteerden zowel in leervertragingen, als in zorgen om de sociaal emotionele ontwikkeling en het welzijn van jongeren.¹ Als gevolg hiervan zagen wij een toename in het aantal afwezige leerlingen op school. Ook de toestroom van nieuwkomers, grotendeels door de oorlog in Oekraïne, leverde de scholen, ketenpartners en Leerplicht veel druk op. Hierdoor kende het schooljaar 2021-2022 veel uitdagingen. Er zijn ondanks deze uitdagingen van dit schooljaar mooie resultaten behaald. Het blijft een uitdaging voor Leerplicht om - in samenwerking met onze ketenpartners - voor ieder kind een passende plek te vinden. We hebben ieder kind in beeld! Onze leerplichtambtenaren werken nauw samen met scholen, ouders en ketenpartners aan de aanwezigheid van álle leerlingen.

Het volledig doorlopen van de schoolloopbaan is namelijk van groot belang voor het creëren van gelijke kansen voor alle kinderen en jongeren in Amsterdam. Zolang er nog steeds kinderen en jongeren voortijdig schoolverlaten of (langdurig) afwezig zijn, ligt er een uitdaging om ons ieder schooljaar weer hard voor te maken. Wij willen als verantwoordelijk wethouders het Amsterdamse team Leerplicht bedanken voor hun inzet en het waarborgen van het recht op onderwijs. Hartelijke groet, Marjolein Moorman (wethouder Onderwijs po/vo) en Sofyan Mbarki (wethouder mbo)

¹ www.onderwijsinspectie.nl/documenten/rapporten/2022/04/13/de-staat-van-het-onderwijs-2022

2

Inleiding In dit rapport treft u de cijfers over het schooljaar 2021-2022. Op veel plekken in dit verslag vergelijken we deze laatste cijfers met de cijfers van vorige jaren. Zijn er wetmatigheden te zien? Of wijken cijfers juist af van voorgaande jaren? Is daar een logische verklaring voor? De cijfers zijn voor ons een belangrijk gegeven om te sturen op ons beleid en op onze werkwijze.

Op basis van de cijfers stellen wij, wanneer dat nodig is, ons werk bij. Dit doen wij onder andere aan de hand van een leer, - en ontwikkelaanpak.

Om ieder kind goed in beeld te hebben, werken wij continu aan de professionalisering van onze medewerkers en onze werkwijze. Leerplicht heeft nauw contact met scholen en pakt meldingen van verzuim zo snel mogelijk op. Leerplicht bewaakt het recht op onderwijs en ontwikkeling en handelt waar mogelijk preventief door het stimuleren van aanwezigheid. Leerplichtambtenaren komen in actie bij afwezigheid. Leerplicht streeft naar het verminderen van absoluut verzuim en thuiszittende jongeren.

We proberen daarbij zo goed mogelijk in te spelen op wat de samenleving van ons vraagt. Wat hebben Amsterdamse kinderen en jongeren van ons nodig om een succesvolle schoolcarrière te doorlopen? Ieder kind, iedere jongere wordt door ons gezien. We willen zijn er voor ieder Amsterdams kind. Hun toekomst staat daarbij centraal.

Ter illustratie treft u in dit verslag zeven verhalen uit de praktijk aan, die deze samenwerking en inzet op preventie laten zien. Samen maken we het verschil!

Leerplicht heeft ieder kind in beeld. Met ons werk bewaken wij het recht op onderwijs en ontwikkeling. Wij stimuleren aanwezigheid en pakken door bij afwezigheid. Wij doen dit in samenspraak met het kind, de ouders/verzorgers, de school en ketenpartners. Als het nodig is, maken wij met maatwerk het verschil.

3

Inhoud Voorwoord2 Inleiding3 1. Hoofdpunten jaarverslag Leerplicht 2021-2022

5

2. Kerngetallen Leerplicht 

6

2.1 Algemene kerngetallen 

6

2.1.1 Inzicht in de leerlingpopulatie 

6

2.1.2 Begeleidingsresultaat naar school 

7

Het verhaal van Abdel, oud-leerling Calvijn met Juniorcollege 

8

2.2 Thuiszitters

10

Het verhaal van Marit van Luijn en Manon Stapel, onderwijsadviseurs11

2.3 Absoluut verzuim 2.3.1 Cijfers absoluut verzuim

14 14

Het verhaal van Sandra van den Brink, Locatiemanager crisisopvang16

2.4 Relatief verzuim

19

2.4.1 Cijfers relatief verzuim

19

2.4.2 Cijfers verzuim bovenleerplichtigen

20

Het verhaal van Jomara Riesebosch, teammanager ROCvA College West Zorg en Welzijn 

23

2.5 Vrijstellingen Het verhaal van Renata van der Molen, leerplichtambtenaar 

25 27

Het verhaal van Dominique Bosman en Lietje Petri Jeugdartsen Jeugdgezondheidszorg29

2.6 Handhaving

32

2.7 Deurbezoeken

32

Het verhaal van Yvonne Onsia, leerplichtassistent34

3. Speerpunten voor de komende jaren 

36

4. Begrippenlijst

37

Colofon38

1. Hoofdpunten jaarverslag Leerplicht 2021-2022 n

De kerngetallen van dit schooljaar (te weten: 2021-2022) zijn vergeleken met de kerngetallen van vorig schooljaar 2020-2021. Dit zijn de belangrijkste bevindingen van het Jaarverslag Leerplicht 2021-2022:

n

In het schooljaar 2021-2022 stijgt het aantal leerplichtigen licht met 0,2% ten opzichte van het vorige schooljaar (2020-2021). Ook het aantal bovenleerplichtigen stijgt met 2,7% ten opzichte van het jaar daarvoor;

n

Het (gemelde) verzuim in het primair onderwijs blijft gelijk met 0,2% ten opzichte van het schooljaar 2020-2021;

n

Het verzuim in het voortgezet onderwijs blijft gelijk met 3,6% bij leerplichtige leerlingen. Daarentegen is het verzuim bij bovenleerplichtige leerlingen (18+) in het voortgezet onderwijs 15%. Dat is 0,2% lager dan voorgaand schooljaar;

n

Het verzuim in het mbo stijgt bij leerplichtigen ten opzichte van het schooljaar 2020-2021 met 6,4% naar 33,3% en stijgt bij bovenleerplichtigen ten opzichte van het schooljaar 2020-2021 met 2,9% naar 41,1%;

n

Het verzuim in het speciaal onderwijs is afgenomen met 0,7% bij leerplichtige leerlingen van 8,8% naar 8,1%, het verzuim bij de bovenleerplichtige leerlingen is gedaald met 3,4% van 12,7% naar 9,3%;

n

Het aantal thuiszitters (LRV: Langdurig Relatief Verzuim) is hoger dan vorig schooljaar: 149 thuiszitters, peildatum 01-10-2022, ten opzichte van 129 thuiszitters in schooljaar peildatum 01-10-2021;

n

Er is een stijging van 22,82% van het totaal aantal vrijstellingen ten opzichte van het schooljaar 2020-2021. Deze stijging doet zich voor na twee schooljaren van lichte daling. De grootste stijgingen, zowel absoluut als in percentage, doen zich voor bij vrijstellingen op basis van artikel 5 sub a (fysieke/cognitieve beperkingen) en artikel 5 sub c (met name onderwijs in buitenland). Het is belangrijk om op te merken dat de stijging bij artikel 5 sub a zich uitstrekt over meerdere schooljaren, terwijl de stijging bij artikel 5 sub c sinds twee schooljaren zichtbaar is na twee schooljaren van daling;

n

Twee van de drie streefwaarden uit de begroting zijn in 2021-2022 behaald: 1 Het percentage absoluut verzuim bedraagt 0,9% (streefwaarde is 0,8%)*; 2 Het percentage relatief verzuim bedraagt 3,2% (streefwaarde is 3,3%); 3 80% van de jongeren van 23 jaar heeft een startkwalificatie gehaald (streefwaarde is 80%). * Deze streefwaarde is niet gehaald. In 2022 is Leerplicht geconfronteerd met een niet voorziene stroom vluchtelingen door de oorlog in Oekraïne. Daarmee is er een forse stijging in het aantal ‘nieuwkomers’ zonder inschrijving. Dit is een directe aanleiding voor de stijging van het absoluut verzuim.

5

2. Kerngetallen Leerplicht In dit hoofdstuk presenteert Leerplicht de resultaten over het schooljaar 2021-2022. Leerplicht geeft daarbij inzicht in de cijfers over de volgende onderwerpen: de leerling populatie, het aantal thuiszitters, absoluut verzuim, relatief verzuim, voortijdig schoolverlaters, vrijstellingen, halt-verwijzingen, processen-verbaal en deurbezoeken. 2.1 Algemene kerngetallen

Figuur 1: Leerlingpopulatie schooljaar 2021-2022

2.1.1 Inzicht in de leerlingpopulatie Bij de kerngetallen gaat het om alle leerplichtige kinderen en jongeren tot 23 jaar in Amsterdam, zonder startkwalificatie. Dat waren 112.100 kinderen en jongeren in dit schooljaar. Dit betekent ten opzichte van het schooljaar 2020-2021 een stijging van ruim 2000 leerlingen. Leerlingen die in Amsterdam onderwijs volgen, maar in een andere gemeente wonen, vallen onder de Leerplicht van hun eigen woonplaats. Amsterdamse kinderen en jongeren, die buiten Amsterdam naar school gaan, zijn dus wel meegenomen in deze kerngetallen. Scholen zijn wettelijk verplicht en verantwoordelijk voor het melden van het verzuim aan Leerplicht. De cijfers in dit jaarverslag laten dan ook het gemelde verzuim zien.

Op peildatum 1 oktober 2021

112.100 0

20.000

40.000

60.000

Leerplichtig

80.000

100.000 120.000

Bovenleerplichtig

In het schooljaar 2021-2022 waren er 102.473 kinderen en jongeren leerplichtig. Hiervan is 4,6% (4693) in begeleiding geweest bij Leerplicht. Ten opzichte van het schooljaar 2020-2021 (3,7%) is dit een stijging van 0,9%

Veruit de meeste kinderen gaan gewoon naar school en worden niet bij Leerplicht gemeld. Dit betekent dat ze naar school gaan en werken aan hun toekomst. Ouders, leraren, en tal van andere professionals in en rond de school maken dit mogelijk.

Voor de coronajaren, schooljaar 2018-2019, was het aandeel leerplichtigen in begeleiding bij Leerplicht hoger, namelijk 4,8%.

In dit hoofdstuk spreekt Leerplicht over leerplichtigen en bovenleerplichtigen. Leerplichtigen zijn kinderen van 5 tot 16 jaar en jongeren van 16 tot 18 jaar die nog geen startkwalificatie hebben behaald; zij hebben een kwalificatieplicht. Bovenleerplichtigen zijn jongeren van 18 tot 23 jaar zonder startkwalificatie.

In het schooljaar 2021-2022 waren er 9627 jongeren bovenleerplichtig. Hiervan is 50,5% bij Leerplicht in begeleiding geweest. Ten opzichte van het schooljaar 2020-2021 (48,8%) is dit een daling van 1,9%. Voor de coronajaren, schooljaar 2018-2019, was het aandeel bovenleerplichtigen in begeleiding bij Leerplicht hoger, namelijk 67,8%. 6

Tabel 1: Aantal leerplichtige en bovenleerplichtige Amsterdamse kinderen en jongeren die in begeleiding zijn geweest bij Leerplicht

Leerplichtig

Doelgroep

Begeleiding in aantallen

Begeleiding in percentage

102.473

4693

4,6%

9627

4865

50,5%

112.100

9558

9%

Bovenleerplichtig Totaal

Tabel 1.1: Ontwikkeling aandeel leerplichtige en bovenleerplichtige Amsterdamse jeugdigen in begeleiding 2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

2021-2022

Leerplichtig

4,7%

4,8%

3,9%

3,7%

4,6%

Bovenleerplichtig

62,8%

67,8%

54,1%

48,8%

50,5%

Aandeel

10,5%

11,0%

8,7%

7,6%

8,5%

2.1.2 Begeleidingsresultaat naar school Uit het begeleidingsresultaat blijkt dat Leerplicht kinderen en jongeren die leerplichtig en bovenleerplichtig zijn, in beeld heeft. Het gewenste resultaat van de begeleiding is dat het verzuim stopt en de kinderen naar school gaan. Waar nodig zetten we andere begeleiding in.

tussentijd waren uitgeschreven uit de Amsterdamse gemeentelijke basisadministratie was 13,5% (632). Van de bovenleerplichtige jongeren die bij Leerplicht in behandeling zijn geweest vanwege verzuim gaat 41,8% (2032) 1 jaar na de begeleiding naar school. Leerplicht heeft 27,9% (1358) van de jongeren die in behandeling zijn geweest overgedragen aan Werk Opleiding Jongeren (WOJ).

Van de leerplichtige kinderen en jongeren die bij Leerplicht in behandeling zijn geweest vanwege verzuim gaat 75,0% (3520) 1 jaar na de begeleiding naar school. Leerplicht heeft 3,1% (145) van deze jongeren overgedragen aan Werk Opleiding Jongeren (WOJ). Werk Opleiding Jongeren is een onderdeel van de gemeente Amsterdam en begeleidt jongeren die voortijdig uitvallen naar werk, naar een andere opleiding of naar een andere passende dagbesteding. 1,8% (84) van de leerplichtige jongeren heeft een startkwalificatie behaald en behoort niet meer tot de doelgroep van Leerplicht. Het aantal leerplichtige kinderen en jongeren die niet meer onder de doelgroep vielen, omdat ze in de

Werk Opleiding Jongeren is een onderdeel van de gemeente Amsterdam en begeleidt jongeren die voortijdig uitvallen naar werk, naar een andere opleiding of naar een andere passende dagbesteding. 6,7% (324) van de bovenleerplichtige jongeren heeft een startkwalificatie behaald en behoort niet meer tot de doelgroep van Leerplicht. Het aantal leerplichtige kinderen en jongeren die niet meer onder de doelgroep vielen, omdat ze in de tussentijd waren uitgeschreven uit de Amsterdamse gemeentelijke basisadministratie was 15,6% (760).

Tabel 2: Begeleidingsresultaat op 1 oktober 2022 van de leerplichtigen en bovenleerplichtigen, uitgesplitst naar leerplichtstatus Startkwalificatie

Schoolgaand

Vrijstelling

Jongerenpunt

Niet schoolgaand

Geen doelgroep

16

145

296

6,3%

632

13,5%

4.693

100%

391

8,0%

760

15,6%

4.865

100%

687

7,2%

1392

14,6%

9.558

100%

Leerplichtig

84

1,8%

3.520 75,0%

Bovenleerplichtig

324

6,7%

2.032 41,8%

Totaal

408

4,3%

5.552 58,1%

0,3%

3,1%

1358 27,9% 16

0,2%

7

1.503 15,7%

Jeugdigen

Het verhaal van Abdel, Begeleiding naar school

"Die oprechte aandacht heeft mij veel goed gedaan."

Abdel (27) kreeg in een vorig leven als verzuimende leerling met de afdeling Leerplicht te maken. Dat is nu ongeveer twaalf jaar geleden. Intussen is hij de trotse eigenaar van een sportschool en vader van twee – bijna drie – geweldige kinderen. Met de afdeling Leerplicht heeft Abdel goede ervaringen. Hij kan het zich nog precies herinneren, ook al is het weer even geleden. Voor hem heeft leerplichtambtenaar Khalid ooit het verschil gemaakt.

Dit is een goede leerplichtambtenaar “Oef, dat vind ik lastig om te zeggen. Ik heb een goede ervaring gehad. De verhalen die ik daarover hoor, zijn wisselend. Ik hoop eigenlijk dat alle leerplichtambtenaren jongeren behandelen, zoals ik behandeld ben. Het is fijn als iemand raakvlakken met jou zoekt, zich in jou verdiept, daadwerkelijk in jou geïnteresseerd is. Als ik nu terugkijk op die periode in mijn leven, was ik best wel onwetend. Khalid snapte dat en benaderde mij op een manier die ik toen nodig had. Geen benadering uit een boekje, maar gebaseerd op mensenkennis. Ik gun iedere jongere een leerplichtambtenaar die op die manier het verschil kan maken.”

Rolmodel “Ja, dat kun je wel zeggen. Ik heb nu zelf die rol. Op mijn sportschool komen veel mensen recreatief sporten, omdat het gewoon leuk is. Maar sommige jongeren die hier komen, neem ik zo’n beetje onder mijn hoede. Nu ik wat ouder ben, en zelf intussen vader, hoop ik daarmee op mijn beurt het verschil te kunnen maken’’.

"Dat is vooral wat mij is bijgebleven van Khalid. Zijn oprechte belangstelling voor mij als persoon.."

“Ik kreeg begeleiding van Leerplicht omdat het al een tijdje niet zo goed met mij ging op school. Ik was veel afwezig. Niet alleen doordat ik spijbelde. Meer dan eens lukte het me ook niet om op tijd uit bed te komen. Ik zat op het Calvijn College, in West, daar volgde ik de mbo 2 richting Zorg en Welzijn. Na een moeilijke periode heb ik uiteindelijk de opleiding afgemaakt en vervolgens ook een diploma op mbo 3 niveau gehaald. Van verder studeren is het daarna niet meer gekomen. Dat kwam doordat ik het erg druk had met mijn hobby kickboksen. Ik deed destijds aan veel grote wedstrijden mee.”

Oprechte interesse “Wat mij vooral is bijgebleven van Khalid is zijn oprechte belangstelling voor mij als persoon. Zijn geduld. We hadden veel raakvlakken in mijn beleving, en daardoor had hij ook een goede invloed op mij. Hij snapte mijn achtergrond, mijn cultuur, dat was op dat bewuste moment best belangrijk. Ik voelde me veilig. We hebben een bijzondere en respectvolle band opgebouwd. Ik vond hem gepassioneerd en betrokken. Hij oordeelde niet over mij, hij probeerde mij te begrijpen. Op alle fronten dacht hij mee in mijn leven. Daardoor ging het na verloop van tijd ook beter met mij. Hij behandelde mij werkelijk alsof ik een jonger broertje was. Die oprechte aandacht heeft mij veel goed gedaan. We hebben nog steeds contact.”

9

2.2 Thuiszitters

deze kinderen en jongeren ervaren problemen zoals armoede, schulden of een instabiele thuissituatie. Onderwijs is essentieel voor de ontwikkeling van een kind. Leerplicht wil voorkomen dat kinderen en jongeren thuiszitten. Onder meer om die reden gaat Leerplicht in gesprek met het onderwijs om een passende oplossing voor deze kinderen te vinden.

In deze paragraaf worden de ontwikkelingen en resultaten rondom thuiszitters beschreven. Een thuiszitter is een leerplichtige jongere tot 18 jaar die langer dan vier weken niet ingeschreven staat op een school of niet naar school gaat zonder geldige reden.

In tabel 3 is te zien dat het aantal kinderen en jongeren dat langdurig verzuimde, is toegenomen.² In de aanpak van het terugdringen van thuiszitters heeft Leerplicht de focus gelegd op nauwkeurig registreren en het versterken van toezicht. Samen met de Samenwerkingsverbanden PO en VO doorloopt Leerplicht de casussen. Om ervoor te zorgen dat beiden partijen dezelfde kinderen in beeld hebben, lopen de partijen elkaars registratie door. Met deze benadering zijn nu alle thuiszitters in beeld. Deze interventie heeft ertoe geleid dat het aantal thuiszitters bekend bij Leerplicht en de Samenwerkingsverbanden is toegenomen. Onze administratie is beter op orde. Ieder kind is nu in beeld.

Figuur 2: Aantal thuiszitters

In schooljaar 2021-2022

149 0

20

40

60

80

Geen schoolinschrijving

100

120

140

160

Langdurig schoolverzuim

Leerplicht zet in op de aanpak thuiszittende jongeren, hiervoor is er een stuur, - en werkgroep ‘voorkomen schoolverzuim en thuiszittende jongeren ‘opgericht. Het doel is om in augustus 2023 geen kind langer dan drie maanden thuis te hebben - zonder passend aanbod van onderwijs en/of zorg. Leerplicht zet hierbij in op een eenduidige registratie, een vroegtijdige aanpak bij (dreigende) thuiszittende jongeren en een effectieve integrale aanpak met ketenpartners, zoals samenwerkingsverbanden PO en VO, de GGD en het OKT.

In het schooljaar 2021-2022 zijn er 149 thuiszitters geregistreerd. In tabel 3 is te zien dat in het schooljaar 2021-2022 in totaal 28 kinderen en jongeren zonder schoolinschrijving thuis zaten. Er was hier sprake van absoluut verzuim. Een deel van deze kinderen en jongeren hebben een lichte lichamelijke handicap en/of psychische problemen, maar er is geen grond voor vrijstelling. Daarnaast hebben 121 ingeschreven kinderen en jongeren langdurig thuisgezeten. Het ging hier om langdurig relatief verzuim. Een deel van

Tabel 3: Ontwikkeling aantal leerplichtige thuiszitters Aanleiding

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

2021-2022

Geen schoolinschrijving

1

38

37

28

28

Langdurig schoolverzuim

13

190

158

101

121

Totaal

14

228

195

129

149

² Ten opzichte van schooljaar 2018-2019, voor de coronajaren, is het aantal thuiszitters gedaald.

10

Het verhaal van Manon en Marit, Samenwerkingsverband

"We versterken elkaar in die aanpak."

Het Samenwerkingsverband voortgezet onderwijs Amsterdam – Diemen met ruim 80 scholen, regulier en speciaal, maken zich samen sterk voor een leeromgeving die een leerling prettig vindt én nodig heeft. Met voor elk kind het juiste onderwijs en, als dat nodig is, passende jeugdhulp. Wat kan het bureau van het Samenwerkingsverband voor een jongere betekenen? Marit en Manon vertellen.

Onze dienstverlening Manon: “Scholen kunnen ons iedere werkdag raadplegen. Maar ook voor gezinnen en voor onze netwerkpartners zijn we bereikbaar. Iedere collega hier is het vaste aanspreekpunt van een aantal scholen. Door het jaar heen gaan wij er geregeld op bezoek. We bespreken dan de zorgstructuur op school, en de gewenste basisondersteuning. Daarbij komen vaak ook onderwerpen als verzuim, registratie en inzet van extra voorzieningen ter sprake. We nemen ook gezamenlijk casuïstiek door. Iedere school heeft een eigen leerplichtambtenaar. Al deze collega’s kennen wij, we komen elkaar zeer geregeld tegen op de uitvoeringsoverleggen op school.”

"Leerplicht is de laatste jaren veel meer werk gaan maken van preventie. Daar zijn wij als SVW vanzelfsprekend in meegegaan."

Manon: “Ik ben als onderwijsadviseur verbonden aan het Samenwerkingsverband. Dat werk doe ik samen met negen collega’s. We ondersteunen scholen als ze vragen hebben over hoe ze passend onderwijs kunnen organiseren voor hun leerlingen. We denken met ze mee en fungeren als sparringpartner. We hebben ook kennis over de verschillende trajecten voor jongeren die – soms tijdelijk – iets extra’s nodig hebben. Bij de meest uiteenlopende vragen kunnen wij de helpende hand bieden om maatwerk mogelijk te maken.”

Inzet op preventie Manon: “Preventie op school en in de klas is al jaren voor ons een belangrijk speerpunt. Ook leerplicht werkt op die manier: we versterken elkaar in die aanpak. We proberen bij de eerste signalen van verzuim snel te schakelen. Dat voorkomt vaak erger. Het coronavirus was een ingewikkelde periode voor ons allemaal, en niet in het minst voor onze jongeren. Nu dat voorbij is, hebben we veel extra aandacht voor onze vernieuwde samenwerking. We steken meer nog dan voorheen tijd in het elkaar beter leren kennen, en sparren over hoe onze samenwerking nog beter kan. Zo hebben we een start gemaakt met het gezamenlijk voeren van de jaarlijkse startgesprekken op scholen. Daarnaast betrekken we elkaar op schoolniveau en casusniveau. We brengen elkaar in positie. We weten elkaar intussen heel goed te vinden als er een vraag is of een onduidelijkheid. We sluiten aan bij elkaars werkoverleggen in de regio. We overleggen met de senior-leerplichtambtenaren, we stemmen af rondom de thuiszitters (screeners SWV en LPA meerdere malen per jaar afspraak + evalueren), we sluiten aan bij het Zorgadviesteam, etc. Aan het begin van het nieuwe schooljaar evalueren we het voorgaan de jaar en bespreken we de wensen voor het komende jaar.”

"Schoolveiligheid is een groter issue geworden. Ook dat zien we terug. Het is interessant om dat te duiden. Met elkaar willen we uiteindelijk zorgen voor een sterk pedagogisch klimaat op alle scholen. Dat is een belangrijke randvoorwaarde voor een veilig leerklimaat."

Een deel van de keten Manon: “Er zijn veel redenen waarom een kind kan vastlopen in het onderwijs. In complexe situaties is er van meer disciplines hulp nodig. We hebben mensen met hele diverse kennis in huis, dat maakt dat wij zeer breed kunnen adviseren. We schakelen daarbij ook met andere partijen zoals het Ouder, - en Kindteam of Bureau Jeugdzorg, als dat nodig is.”

12

Terugdringen verzuim Marit: “Daar zijn we ook op beleids- en bestuurlijk niveau mee bezig. De afgelopen jaren probeerden we de focus ook in beleid te verleggen van thuiszitten naar schoolaanwezigheid. Dan ben je er namelijk veel eerder bij en is er nog veel meer mogelijk. Onder meer aan de hand het dashboard van Leerplicht kijken we wat nodig is in de stad en sturen we bij. Ja, covid heeft een grote impact gehad. Des te belangrijker is de focus op schoolaanwezigheid. Daar dragen we samen met de gemeente nu aan bij met jongerenwerkers in de school, nu op 35 scholen, en met de aanpak schoolveiligheid. Met elkaar willen we zorgen voor een sterk pedagogisch klimaat op alle scholen. Dat is een belangrijke randvoorwaarde voor leerlingen om goed te kunnen leren.”

"’Het coronavirus was een ingewikkelde periode voor ons allemaal, en niet in het minst voor onze jongeren. Nu dat voorbij is, hebben we veel extra aandacht voor onze vernieuwde samenwerking." Trots op Manon: “Dat we meestal - samen met de school - tot oplossingen komen. Met de betrokken ouders en de leerling om tafel. We praten niet over ze, we praten met elkaar. Daarmee laten we een jongere weten dat hij of zij belangrijk is. In de regel bereiken we op die manier het meest. Als adviseur zijn we er om de school hierin te ondersteunen. Ik houd ervan om met alle partijen nauw samen te werken. Het is mooi om te zien als je ook complexe problemen met elkaar het hoofd kunt bieden.” Marit: “Ik ben trots op de stappen die we de afgelopen tijd hebben gezet in onze goede onderlinge samenwerking. We zien dat partijen elkaar sneller vinden. En dat komt alleen maar onze jongeren ten goede.”

13

2.3 Absoluut verzuim

2.3.1 Cijfers absoluut verzuim Figuur 3: Aantal absoluut verzuimers

In deze paragraaf worden de ontwikkelingen en resultaten rondom absoluut verzuim beschreven.

In schooljaar 2021-2022

0,9%

Er is sprake van absoluut verzuim als leer, - of kwalificatieplichtige kinderen of jongeren niet op school staan ingeschreven, zonder dat daarvoor op grond van de leerplichtwet een vrijstelling voor is afgegeven. Scholen zijn op grond van artikel 18 van de Leerplichtwet verplicht om in, - en uitschrijvingen te melden.

1,0% 0,8% 0,6% 0,4% 0,2% 0,0%

Wanneer er sprake is van absoluut verzuim zoekt de leerplichtambtenaar uit waarom dit kind of deze jongere (nog) geen schoolinschrijving heeft. Een registratie van absoluut verzuim kan zes verschillende redenen hebben. Een kind of jongere: n Is net 5 jaar geworden, en daarmee leerplichtig, maar de schoolinschrijving is nog niet definitief; n Is recent naar Amsterdam verhuisd vanuit een andere gemeente en staat nog niet ingeschreven op een school in Amsterdam, maar is wel al uitgeschreven door de school uit de andere gemeente; n Is een nieuwkomer/statushouder en kortgeleden in Amsterdam komen wonen; n Heeft een vrijstelling die is afgelopen en staat om die reden niet ingeschreven op een school; n Maakt de overstap naar een andere onderwijssector (po-vo, vo-mbo, overstap naar so). De vertrekkende school heeft al uitgeschreven, terwijl er nog geen nieuwe inschrijving bekend is; n Zit thuis in afwachting van een passend onderwijsaanbod.

20172018

20182019

20192020

20202021

20212022

In schooljaar 2021-2022 was het streven dat maximaal 0,8% van de leerplichtige kinderen en jongeren gemeld zou worden vanwege absoluut verzuim. Dit is in het schooljaar 2021-2022 uitgekomen op 0,9%. De streefwaarde is daarmee niet gehaald.³ Dit betekent ten opzichte van het schooljaar 2020-2021 een stijging van 0,4%. In het schooljaar 2021-2022 was bij 895 kinderen en jongeren sprake van absoluut verzuim, ten opzichte van 5184 in het schooljaar 2020-2021.5 Deze stijging is toe te schrijven aan de komst van de nieuwkomers.6 Onder hen zijn veel kinderen en jongeren met recht op onderwijs. Het aandeel absoluut verzuim onder de nieuwkomers was op peildatum 1 oktober 2022 361. Dit is een momentopname. Het werkelijke aantal verandert continu doordat er nieuwe vluchtelingen

Tabel 4: Ontwikkeling van het aandeel leerplichtige leerlingen Aanleiding Totaal Aantal kinderen en jongeren Aandeel totaal

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

2021-2022

846

819

555

518

895

101171

101101

101465

100449

102473

0,8%

0,8%

0,5%

0,5%

0,9%

³ Vanwege de inwerktreding van de vernieuwde absoluut verzuim werkinstructie is geen vergelijking te maken met het schooljaar 2018-2019, voor coronjaren. 4 Vanwege een aanpassing in de bedrijfsregels heeft zich een correctie voorgedaan op de cijfers van absoluut verzuim schooljaar 2020-2021 5 Peildatum 1 oktober 2022 6 Nieuwkomers zijn vluchtelingen of immigranten die naar Nederland komen voor werk of hun partner.

14

bij komen, kinderen een schoolinschrijving gekregen hebben en dus niet meer als absoluut verzuimers geregistreerd staan en kinderen en ouders de gemeente verlaten, maar nog ingeschreven staan in de gemeentelijke basisadministratie. De gemeente Amsterdam en de schoolbesturen hebben samen het onderwijs voor deze nieuwkomers georganiseerd. Hierbij is gebruik gemaakt van de structuur van het nieuwkomersonderwijs.7 Voor Leerplicht was de komst van de nieuwkomers een uitdaging. Het leidde onder andere tot een onvoorziene stijging van de caseload van de leerplichtambtenaren, die een groot beroep op de capaciteit deed. Het is Leerplicht gelukt om dit in goede banen te leiden. Er was sprake van een lange aanlooptijd om uit te vinden welke kinderen en jongeren naar school wilden, wat de afspraken waren met het onderwijs en of de scholen zich daar ook aan hielden. Daarnaast moesten we in korte tijd tijdelijke voorzieningen inrichten en de wachtlijsten het hoofd zien te bieden. Vanuit het recht op onderwijs heeft Leerplicht het belang van deze kinderen en jongeren onder de aandacht gebracht en samen met de scholen en het crisisteam met maatwerk naar oplossingen gezocht.

7 bboamsterdam.nl/nieuws/tussenvoorziening-opvang-onderwijs-voor-vluchtelingen-kinderen-uit-oekraine

15

Het verhaal van Sandra, Crisisopvang WOW-hostel

"Scholen zijn in AmsterdamWest heel bereidwillig om kinderen van vluchtelingen op te nemen."

Het WOW-hotel aan de Wiltzanghlaan huisvestte door de jaren heen veel verschillende soorten mensen. Kunstenaars. Backpackers. Studenten. Dakloze gezinnen. Sinds maart vangt HVO-Querido hier Oekraïense vluchtelingen op. Daaronder ook kinderen en jongeren in de leeftijd van 4 tot 18 jaar, die recht hebben op onderwijs. Sinds maart 2022 leidt Sandra van den Brink dit samen met het team allemaal in goede banen.

Leerplichtige kinderen “Vooral toen deze opvang net open was, boden we veel leerplichtige kinderen en jongeren onderdak. Het waren er ongeveer 60 in het begin. Er zijn de afgelopen maanden al aardig wat gezinnen uitgestroomd hier, deels naar de Riekerhof. Daar is een locatie met kleine woningen met eigen voorzieningen. Souhaïlla is hier onze vaste leerplichtambtenaar. Wij werken vooral samen in de check of kinderen op school zitten of waar ze in het proces van aanmelding bij Mundus college zitten. Middelbare schoolleerlingen moeten vaak erg lang wachten op plaatsing. De mensen hier in West zijn van oudsher al gewend aan nieuwkomers. Scholen zijn hier heel bereidwillig om kinderen van vluchtelingen op te nemen. Heel bijzonder om te zien dat zoveel mensen in dit deel van de stad zich willen inzetten.”

"Het gebeurt wel af en toe dat er een kind verzuimt van school. Dit horen wij dan in de regel via de school. Soms is het dan nodig om wat extra’s te doen, en kan de leerplichtambtenaar de helpende hand bieden."

“Dertig jaar geleden ongeveer begon mijn werkzame leven in de opvang bij een GGZ-instelling. Ik werkte daarna langere tijd onder andere als leidinggevende bij het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis. Begin dit jaar was ik op zoek naar een nieuwe opdracht. Het was het moment dat de eerste Oekraïense vluchtelingen naar Nederland kwamen. Ik wilde hier heel graag een bijdrage aan leveren.”

Crisisopvang “Gemiddeld verblijven hier ongeveer 250 tot 300 mensen. Een deel van de tijdelijke bewoners verblijft hier intussen al meer dan 6 maanden. We treffen hier veel jonge mensen tussen 20 en 30 jaar.”

Naar school of ….. “We bemerken soms enige aarzeling bij ouders. In het voorjaar hadden velen nog de hoop dat de oorlog snel voorbij zou zijn. Sommigen kozen daarom voor online Oekraïense les. Wij als HVO-medewerkers proberen ouders uit te leggen dat het voor de sociale ontwikkeling van hun kind heel goed is om een school te bezoeken. Veel van onze Oekraïense bewoners hebben hier intussen een baan. En dat is mede mogelijk doordat hun kinderen nu naar school gaan.”

"Verzuim heeft vaak met heel andere dingen te maken. Soms komt een ouder met zijn kind net uit de oorlog. Laat dan je kind maar eens achter op een school, op een plek die je niet kent, in een wildvreemd land. Ik begrijp dit wel!."

Leerrecht of leerplicht? “Daar heb ik het met Souhaïlla af en toe over. Ze informeert geregeld of alle kinderen die hier zitten, intussen naar school gaan. Ze hebben soms even tijd nodig om te landen. Er is tijd nodig ook, om een BSN voor ze aan te vragen. In Nederland zijn alle rechten op voorzieningen rechtstreeks aan dat nummer gekoppeld. Leerrecht of leerplicht voor zo’n kind? Ik vind het soms een lastig vraagstuk. Toen Oekraïners naar Nederland kwamen dachten ze snel weer naar huis te gaan.

17

Dus vonden veel ouders het niet nodig dat kinderen Nederlands zouden leren. Ouders kozen voor online les in Oekraïne. Nu het langer duurt is er meer motivatie. Voor leerlingen van 17/17,5 is het moeilijk om nog voor korte tijd naar school te gaan. Ze willen vaak graag werken en niet meer op een nieuwe school beginnen.”

Activeren en laten leren “Er valt ons op dat de ouders hier weinig spelen met hun kinderen. We proberen de kinderen hier te activeren om spelletjes te doen, buiten te zijn, te sporten, met elkaar dingen te ondernemen. De kinderen beginnen in principe op een school in een Oekraïense klas, met een Oekraïense docent, maar de afgelopen maanden zijn er al aardig wat kinderen in gestroomd in het reguliere Nederlandse onderwijs. Ik hoop dat ze snel vriendjes krijgen, een leven kunnen opbouwen.

"Heel bijzonder om te zien dat zoveel mensen in dit deel van de stad zich willen inzetten – het beste willen voor deze door oorlog getroffen vluchtelingen." Verzuim “Het gebeurt wel af en toe dat er een kind verzuimt van school. Dit horen wij dan in de regel via de school. Soms komt een ouder met zijn kind net uit de oorlog. Laat dan je kind maar eens achter op een school, op een plek die je niet kent, in een wildvreemd land. Ik begrijp dit wel!” De Regenboog, het Leger des Heils en HVO-Querido vangen Oekraïense vluchtelingen op in Amsterdam op diverse locaties.

18

2.4 Relatief verzuim of jongere bij. Uit het onderzoek moet blijken wat de oorzaak is voor het verzuim en of er sprake is van verwijtbaarheid. Samen met het kind en/of jongere, ouders/verzorgers, school en andere ketenpartners wordt een oplossing gezocht om het verzuim te stoppen. Als er sprake is van persoonlijke problemen thuis dan wordt hulpverlening of begeleiding ingeschakeld. Doen ouders onvoldoende om het verzuim te stoppen, dan zijn zij wettelijk gezien strafbaar. Dit geldt ook voor een kind van twaalf jaar en ouder. De leerplichtambtenaar kan dan een procesverbaal opmaken. Het Openbaar Ministerie en de rechtbank beslissen over het opleggen van eventuele geldboetes, begeleiding door de jeugdreclassering of een taakstraf.

In deze paragraaf worden de ontwikkelingen en resultaten rondom relatief verzuim beschreven. Er is sprake van relatief verzuim als leer, - of kwalificatieplichtige kinderen of jongeren ingeschreven staan op school, maar tijdens schooltijd verzuimen. Ook veel veelvuldig te laat komen rekenen we hiertoe. Scholen zijn op grond van artikel 21 van de Leerplichtwet verplicht om wettelijk verzuim te melden. Bij alle verzuimmeldingen stelt de leerplichtambtenaar een onderzoek in. Daar hoort ook een gesprek met ouders/verzorgers en (vanaf 12 jaar) het kind en/

Tabel 5: Cijfers voortijdig schoolverlaters vo Amsterdam-Diemen

mbo Amsterdam-Diemen

Totaal Amsterdam-Diemen

Totaal RMC 21-agglomeratie Amsterdam

0,61%

7,05%

1.245

2.159

2.4.1 Cijfers relatief verzuim Figuur 4: Aantal geregistreerde meldingen van relatief verzuim in het schooljaar 2021-2022

In schooljaar 2021-2022

3,2%

Primair Onderwijs Speciaal Onderwijs Voortgezet Onderwijs Middelbaar Beroepsonderwijs 0%

5%

10%

15%

In schooljaar 2021-2022 was het streven dat maximaal 3,5% van de leerplichtige kinderen en jongeren gemeld zou worden vanwege relatief verzuim. Dit is in het schooljaar 2021-2022 uitgekomen op 3,2% (3301).8 De streefwaarde is daarmee behaald. Dit betekent ten opzichte van het schooljaar 2020-2021 een stijging van 0,2%. Leerplicht heeft ingezet op een preventieve aanpak ten aanzien van relatief verzuim. Deze aanpak kenmerkt zich door een goede samenwerking met scholen. Er is ingezet op preventieve spreekuren en het structureel voeren van start, - en eindgesprekken met scholen.

20%

25%

30%

35%

Het ongeoorloofd verzuim is toegenomen bij leer­plichtige jongeren op het middelbaar beroeps­ onderwijs. Daar steeg het verzuim van 26,9% (20202021) naar 33,3% (2021-2022).9 Dit is een stijging van 323 leerlingen die gemeld zijn vanwege verzuim. Het al hoge percentage ongeoorloofd verzuim is daarmee nog verder gestegen. Dat is zorgelijk. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat het mentale welbevinden van deze jongeren onder druk staat. Leerplichtige kinderen en jongeren hebben als gevolg van de coronacrisis leer, - en ontwikkelachterstanden opgelopen.

8

Ten opzichte van schooljaar 2018-2019, voor de coronajaren, is het aandeel van de leerplichtige kinderen en jongeren die zijn gemeld vanwege relatief verzuim gedaald. 9

Ten opzichte van schooljaar 2018-2019, voor de coronajaren, is het aandeel van de leerplichtige kinderen en jongeren die zijn gemeld vanwege relatief verzuim op het mbo gedaald.

19

Anderzijds is het verzuim op het speciaal onderwijs gedaald van 8,8% (2020-2021) naar 8,1% in (2021-2022).

Tabel 6*: Ontwikkeling aandeel leerplichtige verzuimers naar schoolsoort percentueel Schoolsoort

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

2021-2022

Primair Onderwijs

0,1%

0,2%

0,1%

0,2%

0,2%

Speciaal Onderwijs

12,4%

13,0%

7,9%

8,8%

8,1%

Voortgezet Onderwijs

3,4%

3,4%

3,1%

3,6%

3,6%

Middelbaar Beroepsonderwijs

38,0%

34,6%

28,5%

26,9%

33,3%

Particulier Onderwijs

0,0%

0,3%

0,1%

0,0%

0,0%

Aandeel

3,5%

3,3%

2,8%

3,0%

3,2%

**

(*) Percentage berekend a.d.h.v. totaal leerplichtigen verzuimers per schoolsoort t.o.v. leerlingenaantal van dezelfde schoolsoort. Hiermee kan je de ontwikkeling van een schoolsoort zien. (**) Percentage berekend a.d.h.v. totaal leerplichtigen verzuimers t.o.v. totaal leerplichtigen jongeren. Hiermee kan je van het totaal de ontwikkeling zien.

Tabel 7: Ontwikkeling aandeel leerplichtige verzuimers naar schoolsoort verzuimers 2017-2018

verzuimers 2018-2029

verzuimers 2019-2020

verzuimers 2020-2021

verzuimers 2021-2022

Primair Onderwijs

75

88

68

118

92

Speciaal Onderwijs

292

310

194

215

206

Voortgezet Onderwijs

1.243

1.230

1.144

1347

1.378

Middelbaar Beroepsonderwijs

1.882

1.675

1.400

1302

1.625

Totaal

3.492

3.303

2.806

2982

3.301

Schoolsoort

2.4.2 Cijfers verzuim bovenleerplichtigen Figuur 5: Aantal bovenleerplichtige jongeren in het schooljaar 2021-2022

In schooljaar 2021-2022

32,5%

SO VO MBO 0%

5%

10%

15%

20%

Met ingang van 1 januari 2002 is de Wet over de Regionale Meld, - en Coördinatiefunctie Voortijdig Schoolverlaten (RMC) in werking getreden. In de wet is vastgelegd dat het bestrijden van voortijdig

25%

30%

35%

40%

45%

schoolverlaten een gezamenlijke taak is van de schoolbesturen en de gemeente. Vanaf 1 januari 2002 zijn de schoolbesturen verplicht om voortijdig schoolverlaters te melden bij de gemeente. 20

Jongeren van 18 tot 23 jaar (18+) vallen niet meer onder de Leerplichtwet, maar onder de RMC wet, - en regelgeving. De gemeente heeft onder andere als taak zicht te houden op verzuim en in te grijpen bij risico op voortijdig schoolverlaten.

Over de gehele aanpak voortijdig schoolverlaten wordt de gemeenteraad na de zomer geïnformeerd. Het speciaal onderwijs laat voor het derde achtereenvolgende jaar een afname zien van het aantal bovenleerplichtige verzuimers. Deze daling is gestart in het schooljaar 2019-2020 (15,3%) en is afgenomen tot 9,3% in het schooljaar 2021-2022.

In het schooljaar 2021-2022 is het totaal aantal geregistreerde meldingen van verzuim van bovenleerplichtige studenten 32,5% (3129) ten opzichte van 29,8% (2848) in het schooljaar 2020-2021.10 We zien een duidelijke toename ten opzichte van de schooljaren waarin coronamaatregelen golden. De stijging is vooral te herleiden naar de bovenleerplichtige jongeren op het middelbaar beroepsonderwijs.11 Ook hierbij geldt dat dit een zorgelijk hoog percentage is. Daarom gaan we intensief met de mbo-instellingen in gesprek wat hieraan gedaan kan worden. Vorig jaar zijn reeds afspraken gemaakt met de mboinstellingen over betere samenwerking bij verzuim van bovenleerplichtigen. Tot nu was de afspraak dat mbo-instellingen een melding bij de gemeente deden als een bovenleerplichtige jongere meer dan 16 uur in 4 weken ongeoorloofd verzuimde. Dit leidde tot een enorm aantal automatisch gegenereerde meldingen richting Leerplicht, zonder dat daarbij door de mboinstelling gemeld werd wat er met de jongere aan de hand was. Vaak had de mbo-instelling zelf nog niet met de jongere gesproken om te zien waarom hij of zij ongeoorloofd afwezig was. Met de mbo-instellingen is nu afgesproken zich intensiever gaan inzetten om bovenleerplichtigen bij ongeoorloofd verzuim in beeld te krijgen en te begeleiden.

Leerplicht wordt daarbij proactief ingeschakeld door de mbo-instelling als hun expertise en inzet nodig is. Hierdoor wordt de samenwerking met - en overdracht naar - Leerplicht verbeterd. Scholen blijven daarbij wettelijk verplicht om al het ongeoorloofde verzuim van 4 aaneengesloten weken te melden aan de gemeente. Daarnaast wordt in het kader van het voorkomen van schooluitval ook samengewerkt met het Jongerenpunt van de gemeente. Op elke mbo-locatie is een jongeren­adviseur van het Jongerenpunt van de gemeente aanwezig is om jongeren die voortijdig gaan stoppen met hun opleiding te begeleiden naar werk of eventueel een andere opleiding. Afgelopen jaar is gewerkt aan het verstevigen van het netwerk van de jongerenadviseurs en de samenwerking met Leerplicht.

10

Ten opzichte van schooljaar 2018-2019, voor de coronajaren, is het aandeel van de bovenleerplichtige jongeren die zijn gemeld vanwege relatief verzuim gestegen. 11

Ten opzichte van schooljaar 2018-2019, voor de coronajaren, is het aandeel van de bovenleerplichtige jongeren die zijn gemeld vanwege relatief verzuim op het mbo gedaald.

21

Tabel 8*: Ontwikkeling van het aandeel bovenleerplichtige verzuimers naar schoolsoort Schoolsoort

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

2021-2022

Speciaal Onderwijs

19,9%

22,7%

15,3%

12,7%

9,3%

Voortgezet Onderwijs

14,7%

19,3%

11,4%

15,2%

15,0%

Middelbaar Beroepsonderwijs

45,9%

47,7%

40,4%

38,2%

41,1%

Aandeel**

29,4%

32,0%

28,4%

29,8%

32,5%

(*) Percentage berekend a.d.h.v. totaal bovenleerplichtige verzuimers per schoolsoort t.o.v. leerlingenaantal van dezelfde schoolsoort. Hiermee kan je de ontwikkeling van een schoolsoort zien. (**) Percentage berekend a.d.h.v. totaal bovenleerplichtige verzuimers t.o.v. totaal bovenleerplichtige jongeren. Hiermee kan je van het totaal de ontwikkeling zien.

Tabel 9: Ontwikkeling van het aandeel bovenleerplichtige verzuimers naar schoolsoort Schoolsoort

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

2021-2022

Speciaal Onderwijs

30

35

25

18

13

Voortgezet Onderwijs

124

165

94

115

130

Middelbaar Beroepsonderwijs

3.157

3.340

2.916

2.715

2.986

Totaal

3.311

3.540

3.035

2.848

3.129

22

Het verhaal van Jomara, ROCvA College West Zorg en Welzijn

"Met nadruk. Samen doen we alles om de student zo goed mogelijk te bedienen."

Al bijna 35 jaar is Jomara werkzaam voor het mbo. De doelgroep. Het onderwijs. Het is haar grote passie, ze zit er helemaal op haar plek. Zestien jaar geleden zette zij het LEC op voor het ROC-college in West. Het bleek in een grote behoefte te voorzien.

Relatie met leerplicht “Ik ben echt dol op deze collega’s, want zo zie ik ze: als collega’s. In de tijd van het Gaasterlandcollege, zo’n 25 jaar geleden, had ik al een goede band met ze. Onze docenten vonden dat soms lastig, de leerplichtambtenaar in school. Een handhaver. De afgelopen jaren heeft het vak van leerplicht een heel andere invulling gekregen. Een heel ander type mensen kiest nu voor dit vak. Allemaal even betrokken, en vaak met een zorgachtergrond. Maar wel kordaat, ze kennen de wet, en houden van doorpakken.”

"’Gezamenlijk bekijken we hoe we een jongere het best kunnen helpen. Wat heeft een jongere nodig om verder te komen? Daar draait het allemaal om. Heel simpel."

Brede dienstverlening “Onze studenten kunnen met heel uiteenlopende vragen bij ons terecht. Voor loopbaanadvies bijvoorbeeld, als een student dreigt uit te vallen, of wanneer hij of zij een verkeerde studiekeuze heeft gemaakt. We hebben hier een compleet jeugdteam klaar staan, met een arts, en een maatschappelijk werker. Ook op gebied van passend onderwijs kunnen de studenten hier ondersteuning verwachten. Daarnaast hebben instellingen als de Jellinek en Arkin hier op de opleiding hun vaste inloopspreekuren. Er is ambulante hulp beschikbaar. En een budgetcoach kan onze studenten helpen bij financiële vraagstukken. En ja, ook de leerplichtambtenaar maakt deel uit van ons team. Met nadruk. Want die kan vooral bij dreigende uitval een belangrijke rol spelen. We versterken elkaar!”

Affiniteit met het mbo “Ik vind het belangrijk dat een leerplichtambtenaar iets heeft met onze studenten. Hij of zij heeft hier op de opleiding een plek binnen het LEC. Als er door een student te veel verzuimd wordt, kunnen we binnen het LEC direct actie ondernemen. Gezamenlijk bekijken we hoe we een jongere het best kunnen helpen. Wat heeft een jongere nodig om verder te komen? Daar draait het allemaal om. Heel simpel.”

"Ik vind het belangrijk dat een leerplichtambtenaar iets heeft met onze studenten. Hij of zij heeft hier op de opleiding een plek binnen het LEC."

We doen het samen “Met nadruk. Samen doen we alles om de student zo goed mogelijk te bedienen. Daarbij hebben we veel profijt van deze locatie. Het gebouw is laagdrempelig toegankelijk, open, en dat werkt onder alle gebruikers openheid in de hand. Wij zijn als school de vindplaats voor jongeren die wat extra’s nodig hebben, maar dat doen we echt met nadruk samen met al onze partners in het veld. Onze studenten verdienen het.”

Veranderende dienstverlening “Ik vind het heerlijk om dagelijks met deze jongeren te werken. Door hen weet ik altijd wat er in de wereld speelt, wat ze bezighoudt. Ja, onze jongeren hebben door corona een moeilijke tijd achter de rug. Dat zien we zeker. Maar hun veerkracht is ondanks alles bijzonder indrukwekkend. Ik ben overigens ook heel trots op mijn collega’s, hoe die deze periode zijn doorgekomen. Want ons onderwijs ging gewoon door! We hebben geleerd om digitale hulpmiddelen op een slimme manier in te zetten. Dat heeft het ons in ieder geval gebracht.” 24

2.5 Vrijstellingen

Daarnaast wordt er momenteel een onderzoek uitgevoerd door de G4 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht) naar de oorzaak van deze stijging. Het onderzoek zal worden afgerond in het voorjaar van 2023.

In deze paragraaf worden de ontwikkelingen en resultaten rondom vrijstellingen beschreven. In de Leerplichtwet is een aantal criteria opgenomen op grond waarvan vrijstelling van de leerplicht kan worden aangevraagd. Deze zijn: n Vrijstelling artikel 5 sub a: vrijstelling om lichamelijke of psychische redenen. n Vrijstelling artikel 5 sub b: vrijstelling op basis van bedenkingen tegen de richting van het onderwijs. n Vrijstelling artikel 5 sub c: vrijstelling op basis van een inschrijving op een school in het buitenland. n Vrijstelling artikel 15: vrijstelling wegens het volgen van ander onderwijs, bijvoorbeeld een bedrijfsopleiding of een speciale vakopleiding.

Artikel 5 sub b In het schooljaar 2021-2022 zijn 66 vrijstellingen van rechtswege op grond van artikel 5 sub b toegekend. Dit is een toename van 11 vrijstellingen ten opzichte van het schooljaar 2020-2021. Er vindt vanuit Leerplicht in samenwerking met het Openbaar Ministerie een aanscherping op de toetsing van artikel 5 sub b plaats. Het werkproces artikel 5 sub b wordt vernieuwd. Artikel 5 sub c In het schooljaar 2021-2022 zijn 432 vrijstellingen van rechtswege toegekend op grond van artikel 5 sub c. Dit is een toename van 113 vrijstellingen ten opzichte van het schooljaar 2020-2021. Naar aanleiding van deze toename heeft Leerplicht een dossieronderzoek uitgevoerd. Uit dit onderzoek bleek dat er geen zorgwekkende redenen voor deze toename zijn. De belangrijkste redenen van ouders/verzorgers die zich beroepen op art. 5 sub c zijn: mantelzorg in het buitenland, werk in het buitenland en verhuizing.

Er is een stijging van 22,82% van het totaal aantal vrijstellingen ten opzichte van het schooljaar 20202021 en deze stijging blijft aanhouden, na twee schooljaren van daling. De grootste stijgingen, zowel absoluut als in percentage, doen zich voor in artikel 5 sub a en artikel 5 sub c. Het is belangrijk om op te merken dat de stijging in artikel 5 sub a zich uitstrekt over meerdere schooljaren, terwijl de stijging in artikel 5 sub c sinds 2 schooljaren zichtbaar is na twee schooljaren van daling. Artikel 5 sub a In het schooljaar 2021-2022 zijn er 484 vrijstellingen verleend op basis van artikel 5 sub a. Dit is een toename van 36 vrijstellingen vergeleken met het voorgaande schooljaar. Deze trend van stijgende vrijstellingen is al meerdere jaren gaande. Als reactie op deze toename heeft Leerplicht een eigen analyse uitgevoerd op alle dossiers waarin vrijstellingen op basis van artikel 5 sub a zijn verleend. Hieruit zijn enkele aanbevelingen voortgekomen, die momenteel worden geïmplementeerd binnen Leerplicht.

Artikel 15 In het schooljaar 2021-2022 zijn 80 vrijstellingen van rechtswege toegekend op grond van artikel 15. Dit is een toename van 32 vrijstellingen ten opzichte van het schooljaar 2020-2021. Naar aanleiding hiervan heeft Leerplicht een dossieronderzoek uitgevoerd. Uit dit onderzoek blijkt dat de vrijgestelde jongeren vervangend onderwijs volgen en/of tijdelijk aan het werk zijn.

Tabel 10: Ontwikkeling aantal leerplichtigen vrijgesteld van leerplicht naar vrijstellingsgrond (artikel van de Leerplichtwet) Wetsartikel

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

2021-2022

Artikel 5 sub a

348

373

419

448

484

Artikel 5 sub b

51

61

50

55

66

Artikel 5 sub c

427

355

274

319

432

Artikel 15

48

37

52

48

80

Totaal

880

830

800

872

1071

25

Tabel 11: Aantal leerplichtigen vrijgesteld van leerplicht naar schoolsoort en vrijstellingsgrond schooljaar 2021-2022 Schoolsoort

Artikel 5 sub a

Artikel 5 sub b

Artikel 5 sub c

Artikel 15

Totaal

Primair Onderwijs

6

4

155

0

165

Speciaal Onderwijs

16

0

1

5

22

Voortgezet Onderwijs

11

0

79

20

114

Middelbaar Beroepsonderwijs

8

0

2

11

26

Particulier Onderwijs

1

0

11

1

13

Geen onderwijs gevolgd

442

62

184

43

731

Totaal

484

66

432

80

1071

26

Het verhaal van Renata, leerplichtambtenaar

"Ik ben er trots op dat wij als leerplichtambtenaar het verschil kunnen maken."

Het vak verandert

“Ik leerde het vak ooit in een kleinere gemeente. Maar intussen ben ik alweer een tijdje senior leerplichtambtenaar in Amsterdam West/NieuwWest. Mijn takenpakket is breed. Daaronder valt ook het inwerken van nieuwe collega’s. Als wij dat goed doen, merken ouders en jongeren in de stad dat. Het verbetert de kwaliteit van ons werk.”

“Jazeker! Van handhaver naar een steeds meer intermediaire rol. We zijn geen hulpverleners, al schuren we daar soms wel tegenaan. Ik vaar op mijn eigen morele kompas. Met collega’s heb ik geregeld gesprekken over hoe we ons vak inhoud willen geven. Dit doen wij o.a. tijdens onze casuïstiekbesprekingen. Veel verzuimgevallen die op ons pad komen, betreft recidive. Het is vaak een zoektocht naar passende hulp. Samenwerking met onze ketenpartners is daarbij cruciaal.”

"Ieder kind in deze stad heeft recht op een mooie toekomst, op perspectief, en dus op onderwijs! Daartoe zijn wij op aard!"

Voer de dialoog “Het allerbelangrijkste in ons werk. Spar bij twijfel met jouw collega’s: zie jij ook wat ik zie? Bel met school, met de hulpverlener, als daar cruciale informatie ligt. Of als je dreigt vast te lopen. Met de wil om het op te lossen, te kijken wat nodig is, kun je echt zaken verder brengen.”

Passie voor het vak Onze taak

“Jawel, dat moet je zeker hebben. Je moet het echt willen, mensen aanspreken, de regie pakken, verschillende petten opzetten, schakelen op alle niveaus. Dan is dit werkelijk het mooiste en meest dankbare werk wat er is. Ik ben er trots op dat wij als leerplichtambtenaar het verschil kunnen maken.”

“In mijn beleving zijn we er niet primair om te handhaven. Een proces verbaal uitschrijven is wat mij betreft het allerlaatste middel. Ons werk is vooral communicatie! Hart hebben voor de zaak, en dat ook naar de buitenwereld uitdragen. Ieder kind in deze stad heeft recht op een mooie toekomst, op perspectief, en dus op onderwijs! Daartoe zijn wij op aard!

"Van oorsprong bedoeld om jongeren die kwalificatieplichtig zijn vrij te stellen van schoolinschrijving."

Een gemiddelde dag “Van scholen krijgen we continu verzuimmeldingen door. Het is hun wettelijke plicht om dat goed bij te houden. We wisselen informatie uit. Wat heeft de school zelf tot nu toe ondernomen? Dan roep ik ouders en/of de leerling op en ga in gesprek. Onbevooroordeeld. Ik zet altijd in op een goed en open gesprek. We zijn er om jongeren verder te helpen! Dat wil ik vooral ook laten zien.”

Artikel 15 “Van oorsprong bedoeld om jongeren die kwalificatieplichtig zijn (16-&17-jarigen) vrij te stellen van schoolinschrijving - omdat zij bijvoorbeeld naar de politieschool of de Hoogovensschool gingen. Ik ken het zelf vooral als gedoogartikel voor jongeren die een verkeerde mbo-opleiding kozen, al ruim 17 jaar zijn en de laatste maanden van het schooljaar willen werken. Er is wel een risico. Werk en salaris went vrij snel, en je raakt uit het schoolritme. Ik kijk daarom altijd of er alternatieven zijn. De mbo’s bieden die ook in de vorm van een kans, - of oriëntatieklas bijvoorbeeld. Of een combi van werk en een aangepast schoolrooster. We zetten deze interventie zo nu en dan in omdat het voor sommige jongeren een passende actie is. Werken zie ik overigens ook als ontwikkelen. Je doet andere vaardigheden op. En het creëert voor een jongere vaak de ruimte om weer gemotiveerd met een nieuwe opleiding te starten.” 28

Het verhaal van Dominique en Lietje, GGD Amsterdam

"Bij een ziekgemelde leerling kijken we naar de belastbaarheid van het kind. Het welzijn van het kind staat daarbij centraal." 29

Lietje Petri en Dominique Bosman zijn beiden GGD-jeugdarts in de regio Amsterdam Amstelland. Op welke manier krijgt een jeugdarts met Leerplicht te maken? En wat is hun rol als je het hebt over vrijstelling van de leerplichtwet? Lietje en Dominique vertellen.

De meeste kinderen willen gewoon graag naar school! Onze rol is om de belastbaarheid van kind of jongere in te schatten en te adviseren over wat er wenselijk is. Is dat op medisch, psychisch of sociaal gebied, of een combinatie? Soms zijn daar andere hulpverleners bij nodig en die halen we er dan bij. Maar soms ook kan heel simpel een advies van ons al werken. Advies bij slaap, - of ritmeproblemen bijvoorbeeld. Samen maken we de vertaling naar de schoolsituatie: wat is er nodig? Soms zijn school en ouders vastgelopen in een bepaalde situatie. Soms kunnen wij helpen om dat vlot te trekken. Een tijdelijk aangepast rooster kan een goede oplossing zijn, zonder dat de school van achterliggende oorzaken hoeft te weten. Doel is uiteindelijk om het kind weer volledig naar school te krijgen. Als dat haalbaar is natuurlijk.”

Lietje: “Wij komen in beeld als een kind geregeld wordt ziekgemeld, of voor langere tijd ziek is. Een ouder meldt zijn kind ziek bij de school. Dat is altijd een signaal, er is een reden waarom het kind niet naar school gaat. Zowel Dominique als ik werken voor het VO en mbo, Dominique ook voor het PO. Bij een ziekgemelde leerling kijken we naar de belastbaarheid van het kind. Het welzijn van het kind staat daarbij centraal. We kijken dus ook wat daarvoor nodig is. Dat doen we met behulp van de zogeheten MAZL-methodiek. De letters staan voor Meer Aandacht voor de Ziekgemelde Leerling. Ook Leerplicht heeft hier een belangrijke rol in. MAZL is een mooie aanpak om schooluitval te verminderen, en is in de praktijk vaak effectief. Daar zijn we natuurlijk erg blij mee.”

"’Bij jonge kinderen zijn de redenen om een vrijstelling af te geven vaak vrij eenduidig, zoals bij een ernstige meervoudige handicap." Artikel 5 sub a vrijstelling Lietje: “De vrijstellingsclausule. Dan gaat het over vrijstelling van inschrijving aan een school, dus geoorloofd niet naar school, en dan op medische en/ of psychische gronden. Dat is iets anders dan als ‘ziek’ geregistreerd staan en verbonden blijven aan een school.’’

"Een vrijstelling kan soms wat lucht geven. Er is dan wel een vangnet nodig, enige vorm van hulpverlening. Juist in zo’n situatie kan de leerplichtambtenaar een belangrijke rol spelen."

Dominique: ‘’Bij jonge kinderen zijn de redenen om een vrijstelling af te geven vaak vrij eenduidig, zoals bij een ernstige meervoudige handicap. In het PO en VO hebben we meer te maken met uitval, met thuiszitters, dan hoeft niet altijd een vrijstelling te worden afgegeven. Dan kijken we met de leerling wat deze nodig heeft en maken we een plan voor geleidelijke terugkeer. Daarbij is overleg met school, leerling, ouder, SWV, LP en JGZ cruciaal. Het kan dan tot een ‘gedoog’ beleid komen van de leerplicht, wat de leerling ruimte geeft om rustig te reintegreren. Dit heeft meer dan eens tot succes geleid.”

Wat een kind nodig heeft Lietje: “Dat bespreken we als het nodig is binnen het Zorg Advies Team, het ZAT. Dat komt eenmaal per zes of per acht weken bij elkaar, een beetje afhankelijk van de school. Daar komen leerplichtambtenaar en jeugdarts elkaar tegen. En de ouder, - en kindadviseur natuurlijk. Vanuit de school maken de zorg coördinator en medewerker passend onderwijs er deel van uit, soms ook anderen. Een school heeft dan vaak al uitgebreid met leerling en/of ouders gepraat. Wij staan naast de leerling om gezamenlijk naar een goede oplossing te zoeken.

Lietje: “Ik beoordeel nogal wat aanvragen voor jongeren in de leeftijd 15 plus. Soms wordt de verplichting van onderwijs als zo drukkend ervaren dat dit herstel juist in de weg staat. Dit veroorzaakt bij sommige jongeren angstklachten. Een vrijstelling kan soms wat lucht geven. Er is dan wel een vangnet nodig, enige vorm van hulpverlening. Juist in zo’n situatie kan de leerplichtambtenaar een belangrijke rol spelen.”

30

Dominique: “Het afgeven van een vrijstelling, voor kortere of langere tijd, is geen lichtvaardig besluit. Als voorwaarde stel ik dan dat er een begeleidende instantie is, en er een plan komt, met een einddoel. Het uiteindelijke doel is dat een kind in beeld blijft! Zelf doe ik bij een advies voor een vrijstelling altijd een extra check bij de onderwijsspecialist passend onderwijs van het SWV. Is er misschien toch iets qua onderwijs mogelijk? Dat is zorgvuldig: dan zie je als professional niets over het hoofd.’’

Lietje: ‘’Wat mij wel opvalt – zoals ik eerder vertelde - is het feit dat de jongeren die de druk van school niet meer aankunnen, een soort overgevoeligheid hebben ontwikkeld. Vergeet niet, aan een vrijstellingsaanvraag gingen vaak jaren vooraf van met veel moeite naar school gaan. Sjorren, trekken, duwen. Het zou mij niet verbazen als dit soort situaties in de loop der jaren is toegenomen. Tegelijk is de prestatiedruk in het onderwijs toegenomen. Dieperliggende problemen worden ook hier zichtbaar!”

Ken je netwerk!

"Ik herken een toename niet direct in mijn dagelijkse praktijk, met de kanttekening dat ik vooral cases van jonge kinderen toegewezen krijg. We hadden de afgelopen jaren natuurlijk wel te maken met corona. Dat is voor heel veel kinderen en jongeren niet goed geweest."

Lietje: “De contacten met partners zoals SWV en Leerplicht zijn onmisbaar voor ons. Je hoort geregeld over trajecten voor specifieke doelgroepen. Er zijn veel programma’s waar kinderen of jongeren die buiten de boot dreigen te vallen, terecht kunnen. Maar je moet ze als professional wel kennen en de weg weten. Weet dus wat er te koop is! Zorgvuldig handelen en blijven toetsen. Dan is er vrijwel altijd wel een oplossing te vinden. Voor vrijwel ieder kind, en voor vrijwel iedere jongere.’’

Toename van het aantal vrijstellingen? Dominique: “Ik ben niet op de hoogte van de recente cijfers. Ik herken een toename niet direct in mijn dagelijkse praktijk, met de kanttekening dat ik vooral cases van jonge kinderen toegewezen krijg. We hadden de afgelopen jaren natuurlijk wel te maken met corona. Dat is voor heel veel kinderen en jongeren niet goed geweest. Landelijk zien we dat er meer jongeren kampen met psychosociale vraagstukken. Mogelijk dat dit doorwerkt in de cijfers van vrijstellingsaanvragen. Het zou interessant zijn om te onderzoeken welke vragen achter die aanvragen zitten. Er zijn veel redenen denkbaar waarom een kind (tijdelijk) niet naar school kan of wil. Een belangrijke gesprekspartner daarbij voor ons is het Samenwerkingsverband (SWV). Zij kunnen helpen bij de zoektocht naar het meest passende onderwijs voor een individueel kind. Dat doen zij vanuit hun onderwijskundige kennis. Dat is een zeer waardevolle toevoeging voor ons, wij kijken immers vooral met de blik van een arts naar een kind.”

31

2.6 Handhaving

Het aantal processen-verbaal dat is opgesteld in schooljaar 2021-2022 is hoger dan het schooljaar daarvoor.¹² Leerplicht heeft bij aanhoudend en zorgelijk verzuim weer vaker een proces-verbaal ingezet. Het aantal absoluut verzuim, luxe verzuim en 16 uur processen-verbaal dat is opgesteld in schooljaar 2021-2022, is hoger dan het schooljaar daarvoor.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12852002/1