Bijlage 1 Jaarverslag 2021
Tekst van het document
Taxi De coronacrisis heeft in 2021 grote impact op de Amsterdamse taximarkt gehad. De maatregelen hebben tot een grote vraaguitval geleid, en de algemene omzetdaling in de taximarkt heeft een enorme impact op de financiële spankracht van taxichauffeurs en taxibedrijven. Er is nog steeds geen sprake van terugkeer naar de oude situatie. Inmiddels is er ook een tekort aan taxichauffeurs op piektijden doordat een gedeelte van de chauffeurs ander werk heeft gevonden en omdat het in deze onzekere tijden niet aantrekkelijk is om taxichauffeur te worden. Desondanks blijft de urgentie om een nieuw taxistelsel te introduceren groot. In 2021 heeft het college ingestemd met de Amsterdamse Taxi Aanpak, een nieuwe adaptieve en gebiedsgerichte aanpak om het taxivervoer van de opstap- én bestelmarkt beter te reguleren en daardoor de leefbaarheid en verkeersveiligheid te verbeteren. De adaptieve aanpak is gebaseerd op een monitoringsprogramma, gericht op de vier doelen betrouwbaar, veilig, bonafide taxivervoer, in een leefbare stad, zodat de taximaatregelen op maat in de gebieden worden ingezet waar de taxiproblemen spelen.
Om in de toekomst lokale regels te kunnen stellen voor betrouwbaar, veilig en bonafide vervoer op de hele Amsterdamse consumententaximarkt, is de gemeente een samenwerking opgestart met het Rijk om de Wet Personen vervoer 2000 te hervormen, zodat lokale overheden aanvullende handhavings bevoegdheden krijgen. 65
H 3.2.3
Nieuwe OV concessie Om de ambities van de Vervoerregio en gemeente Amsterdam voor duur zaam, hoogwaardig en inclusief openbaar vervoer waar te kunnen maken, werd afgelopen jaar gewerkt aan de vervroegde inbesteding van de concessie Amsterdam. Deze zou eind 2021 in gaan, 3 jaar eerder dan gepland. Het Dagelijks Bestuur (DB) van de Vervoerregio heeft samen met GVB moeten constateren dat de effecten van de pandemie dermate groot zijn, dat het maken van gedegen afspraken niet mogelijk was. Er was te veel onzeker op het gebied van prognoses over reizigersaantallen en de ontwikkelingen van de financiën. Op 9 juni 2021 is besloten om meer tijd te nemen voor een zorgvuldig proces, dat medio 2022 wordt hervat. De nieuwe onderhands gegunde concessie Amsterdam gaat dan per december 2024 in. GVB en de Vervoerregio gaan daarbij opnieuw een langjarige en duurzame samenwerking aan. De Vervoerregio heeft de concessie Zaanstreek Waterland voorbereid en per december 2021 op de markt gebracht. Vanaf de start eind 2023 zullen alle bussen volledig emissieloos rijden. Amsterdamse belangen bij deze concessie zijn een goede regionale ov bereikbaarheid, ook naar toeristische locaties, en een goede samenwerking tussen vervoerders om te komen tot een samen hangend ov-aanbod in stadsdeel Noord, waar deze concessiehouder de Lange Vonder en de Klaprozenweg bedient.
Nieuwe governance in het Amsterdams openbaar vervoer Vanaf 1 januari 2022 is de nieuwe ov-governance een feit. Aanleiding voor de wijziging in de ov-governance is de behoefte aan meer duidelijkheid in rollen en bevoegdheden de ov-keten en aan meer overzicht en voorspelbaarheid. De taken en verantwoordelijkheden zijn beter verdeeld onder Vervoerregio Amsterdam, stadsvervoerder GVB en gemeente Amsterdam. Metro en Tram is daarom per 31 december 2021 opgeheven. Vanaf 1 januari 2022 zijn de taken, verantwoordelijkheden en medewerkers over gegaan naar andere delen van de gemeente, Vervoerregio en GVB. Dat heeft positieve effecten op het aanbod voor de reiziger. De beoogde systeemverbetering en concrete doelstellingen zijn door de drie partijen gemeenschappelijk vastgelegd. Sluitende afspraken over rekening en risico tussen de drie partijen zijn van cruciaal belang.
De gemeente behoudt haar rol als uitvoerende partij van complexe ovprojecten. Ook zijn er afspraken gemaakt over de gemeentelijke rol als eigenaar van de railassets, uitvoerder van projecten, aandeelhouder van GVB en beleidsmaker op het gebied van het openbaar vervoer.
Spoor Samen met onze partner in de spoorsector, ProRail en NS, hebben we stappen gezet om de capaciteit op het Amsterdamse spoor verder uit te breiden. Op Amsterdam Centraal zijn de voorbereidende werkzaamheden op de grote verbouwing van start gegaan. Met ProRail hebben we goede afspraken gemaakt hoe we de omgeving gedurende de hele verbouwing zo goed mogelijk betrekken. Voor Amsterdam Lelylaan hebben de betrokken partijen de bestuursovereenkomst getekend die de basis is voor een grondige vernieuwing (ontvangsthal, fietsenstallingen én omgeving) van het bestaande station. En ook voor Amsterdam Amstel en Amsterdam Muiderpoort én Amsterdam Bijlmer Arena zijn we in gesprek met het ministerie, ProRail, NS enVRA om deze OV-knooppunten voor te bereiden op de wensen van de toekomst. In het westelijk havengebied vordert de aanleg van een nieuw spoorwegemplacement én hebben we een onderdoorgang voor (vracht) verkeer en fietsverkeer aangelegd tussen de Nieuwe Hemweg en de Contactweg. De overweg in de Kabelweg kon hiermee gesloten worden.
Programma Hoogfrequent Spoorvervoer In 2021 is in samenwerking met ProRail een onderdoorgang onder het spoor gerealiseerd tussen de Contactweg en de Nieuwe Hemweg. Deze onder doorgang was mede noodzakelijk voor de toekomstige ontwikkeling van Haven Stad. De onderdoorgang is gefinancierd door het ministerie van V&W, The Port of Amsterdam, V.R.A. en de gemeente Amsterdam. De werkzaamheden door ProRail aan het programma hoogfrequent spoor vervoer zijn afgelopen jaar gestart met de bouw van een vrije kruising bij de Dijksgracht en met het PHS-emplacement Westhaven. De komende 10 jaar zullen de werkzaamheden impact hebben op de stad. Om dit in goede banen te kunnen leiden is de samenwerking geïntensiveerd op ambtelijk en bestuurlijk niveau tussen ProRail, NS en gemeente Amsterdam en uitgebreid met het GVB en de VRA.
66
H 3.2.3
Geen onderdeel van PHS, maar wel een belangrijke verbetering voor het spoorsysteem rondom Amsterdam was de heropening van station Amsterdam Amstel afgelopen najaar. Onder meer een verhoogd dak, meer lichtinval en vernieuwde puien voor de winkelpanden moeten ervoor zorgen dat het station weer met zijn tijd meekan.
vervroegd in exploitatie kan worden genomen. Echter vanwege de corona pandemie en de terugloop van het aantal OV-reizigers is de planvoorbereiding hiervoor on hold gezet. Tot slot heeft de raad in 2021 een besluit genomen over de tijdelijke pont Sluisbuurt-Sporenburg. Planning is dat de pont verbinding in het najaar van 2022 gaat varen.
Uitbreiding metronetwerk en verbeteren regionale bereikbaarheid
Toekomstvisie Sociaal Vervoer
In april 2021 heeft de commissie Nationaal Groeifonds (NGF) geadviseerd om onder voorwaarden € 1,5 miljard te reserveren voor het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp. In een intensieve samenwerking met onder andere het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Vervoerregio Amsterdam, de spoorsector en Schiphol is in de maanden erna uitgebreid onderzoek gedaan, wat uiteindelijk in december 2021 heeft geresulteerd in een positieve aanbeveling vanuit het ministerie richting de commissie NGF. In het voorjaar van 2022 wordt bekend of de reservering wordt omgezet in een daadwerkelijke toekenning. Gelijktijdig is het onderzoek naar het sluiten van de Ringlijn verder opgepakt en wordt er toegewerkt naar gezamenlijke besluitvorming in 2022.
In Juli 2021 is de Toekomstvisie Sociaal Vervoer vastgesteld door de gemeenteraad. Deze gezamenlijke visie van de gemeente en Vervoerregio Amsterdam stelt dat mensen met een beperking in 2030 moeten kunnen reizen als ieder ander. Om dit te bereiken worden bus- en tramhaltes versneld toegankelijk gemaakt voor mensen met een fysieke of visuele beperking en worden vrijwillige vervoersinitiatieven gestimuleerd. Ook wordt de OV-coach ingezet, om mensen te leren zelfstandig met het OV te reizen. Daarnaast wordt Haltehulp in de GVB app gezet, die mensen met een beperking advies op maat geeft over de bruikbaarheid van het OV, en komt er een pilot met een inclusieve MaaS-app (mobiliteit als dienst).
Vrijwilligersvervoer Naast deze uitbreidingen van het metronet aan de westzijde van Amsterdam, is er ook gestudeerd op uitbreiding van het metronet middels een IJmeerlijn naar Almere. Andere regionale bereikbaarheidsstudies uit 2021 zijn onder meer de HOV-studie ZaanIJ en de HOV-studie Haarlem – Schiphol – Amsterdam Zuid. Er komen in 2024 en 2025 nieuwe, snelle busverbindingen tussen IJburg en NS stations Weesp en Bijlmer Arena voor de groeiende vervoersvraag op IJburg. Hiertoe zijn de nota’s van uitgangspunten van de HOV-buslijnen IJburg – Weesp en IJburg – station Bijlmer Arena vastgesteld. Ook heeft besluitvorming plaatsgevonden over de IJtram verlenging.
In november 2021 heeft het college besloten om subsidie te verlenen aan vrijwilligersinitiatief HeenenWeer, dat mensen die slechter ter been zijn voor €1 naar hun bestemming brengt. Op deze manier kunnen zij uitbreiden van de Pijp/Rivierenbuurt naar heel stadsdeel Centrum en Zuid. Vanaf 2022 wordt subsidie ook voor andere initiatieven beschikbaar, onder de naam Subsidie regeling Impuls Vrijwilligersvervoer 2022. Dit kan ervoor zorgen dat vrijwilligersvervoer op meer plekken en in grotere mate beschikbaar komt, zodat Amsterdammers die niet als vanzelfsprekend met het OV kunnen nog steeds voldoende mobiel kunnen zijn.
De IJtram wordt in 2 fases doorgetrokken naar Strandeiland. In juli is de raad akkoord gegaan met een leveringskrediet om tijdig spoorinfrastructuur te kunnen bestellen. Voor de verlengde IJtram staat een uitvoeringsbesluit (Raad) medio 2023 gepland. Planning is om spoedig na de eerste opleveringen van Strandeiland de verlengde IJtram operationeel te hebben. Eind 2021 heeft de raad voor de HOV busverbinding IJburg – Bijlmer Arena (O5) en de HOV busverbinding IJburg – Weesp (O6) een nota van uitgangs punten vastgesteld met route alternatieven en locaties voor de eind- en laadpuntvoorziening. Ook is onderzocht of de busverbinding naar Weesp
Aanbesteding van het AOV (aanvullend openbaar vervoer) Het AOV komt in beeld als OV en of ander vervoer onverhoopt geen passende oplossing biedt. In 2021 zijn de voorbereidingen gestart voor de inkoop van Aanvullend Openbaar Vervoer (AOV) met daarin aandacht voor de transitie van AOV naar OV. Op 1 augustus 2022 zal volgens de nieuwe aanbesteding gereden worden.
67
H 3.2.3
Projecten in uitvoering We werken aan het verbeteren van de ov-haltetoegankelijkheid. In 2021 zijn de voorbereidingen getroffen om, naast de haltes die met het zogenoemde ‘werk-met-werk’ toegankelijk gemaakt worden, zeven ov-haltes in 2022 versneld toegankelijker te maken. Dit betreft haltes die zijn geselecteerd op basis van het aantal mensen met een beperking die deze haltes waarschijnlijk gebruiken. Daarnaast is gekeken naar de lange termijn, voor het toegankelijk maken van alle ov-haltes in de stad. De Westtangent, de nieuwe buslijn 369, is in gebruik genomen door GVB. Om ervoor te zorgen dat de bus kan doorrijden, is op sommige delen van de route de busstrook vrijliggend gemaakt en zijn er extra opstelstroken aan gelegd. De haltes hebben nu beter toegankelijke perrons met meer ruimte.
In 2021 is op het IJ wederom een nieuwe hybride veerpont (type 60) in gebruik genomen. Op het Noordzeekanaal namen we de eerste twee volledig elektrische, emissievrije veren in de vaart. Ook is er laadinfra geplaatst bij de drie verbindingen over het Noordzeekanaal. In 2022 en 2023 wordt de verduurzaming van alle Noordzeekanaalverbindingen afgerond met nog eens 3 nieuwe schepen. De opgedane kennis bij het Noordzeekanaal-project nemen we mee bij de verduurzaming van de IJveren. In juli 2021 heeft het college de Update nota Veren 2021 vastgesteld. Hierin staan de geactualiseerde prognoses voor het aantal reizigers en de daarvoor benodigde vloot op het IJ. Ook wordt ingegaan op de verduurzaming van de IJ-veren-vloot. Bepalend uitgangspunt is dat alle nieuw aan te schaffen veerponten emissievrij zullen zijn.
Activiteit 2.3.1.1
Touringcar In 2021 hebben we gewerkt aan: het verkeersbesluit S100 en het daarbij horende ontheffingenbeleid, aan uitbreiding van halteercapaciteit buiten het centrum, aan een systeem voor het reserveren en beprijzen voor halteren, aan het Transferpunt Touringcar-Rondvaart bij de De Ruijterkade Oost (TTR DRKO) als overstappunt touringcar-rondvaart-riviercruise, en aan het maximaal beperken van het aantal touringcarbewegingen op de Jodenbreestraat (Gassan Diamonds).
We beheren en verbeteren de kwaliteit van onze OV infrastructuur. [zie bijlage Voorjaarsnota 2021, vervallen]
Activiteit 2.3.1.2 We onderhouden en breiden de veerverbindingen uit.
Specifieke beleidsdoelen
Indicatoren activiteit
Doel 2.3.1
1
Amsterdam is voor iedereen bereikbaar op een veilige en duurzame manier via het openbaar vervoer. Indicatoren doel 1
Tevredenheid reizigers over veren (010)
Peilwaarde (peiljaar)
Jaarverslag 2020
7,8 (2014)
8,4
De reiziger hoeft niet te wachten op een volgend veer omdat op de eerste te weinig ruimte beschikbaar is. Alleen bij uitzondering (maximaal 3 procent van de afvaarten) mag deze norm overschreden worden
Peilwaarde (peiljaar)
Jaarverslag 2020 < 3%
Begroting Jaarverslag 2021 2021 max 3%
< 3%
Begroting Jaarverslag 2021 2021 7,8
zie toelichting
Deze waarde komt uit het klanttevredenheidsonderzoek van het GVB, deze komt eind eerste kwartaal 2022 beschikbaar.
Activiteit 2.3.1.3 We zorgen dat ons OV-netwerk aansluit op het regionale en landelijke netwerk. [zie bijlage Voorjaarsnota 2021, vervallen] 68
H 3.2.3
Doel 2.3.2
Activiteit 2.3.2.3
Amsterdam is op een veilige en duurzame manier bereikbaar voor commercieel vervoer.
We werken aan een betrouwbaar en milieuvriendelijk taxivervoer.
Indicatoren doel
Peilwaarde (peiljaar)
Jaarverslag 2020
1
93% > 5,5 (2013)
In 2020 zijn er geen werkelijke resultaten voorhanden in verband met de coronacrisis. De indicatoren taxivervoer worden herijkt (Agenda Taxi 2020-2025) oplevering bij voorjaarsnota 2022, voor inwerkingtreding van het nieuwe taxistelsel.
Percentage Amsterdammers dat de laatste gemaakte taxirit met een 6 of hoger waardeert
Begroting Jaarverslag 2021 2021 n.v.t. (zie 2020)
Indicatoren activiteit
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020
1
250 (2015)
Aantal uitstootvrije TTO taxi’s
n.v.t. (zie 2020)
1.101 (=2019)
Begroting Jaarverslag 2021 2021 Niet gemeten
In het verleden hebben we alleen het aantal uitstootvrije taxi’s gemeten dat zich aangemeld had voor toegang tot schone taxistandplaatsen. Dit is geen goede weergave van het daadwerkelijke aantal uitstootvrije taxi’s in Amsterdam. Daarom is dit in het nieuwe taxistelsel geen relevante indicator meer.
Verbonden partijen
Activiteit 2.3.2.1
GVB Holding NV We verplaatsen de touringcar zoveel mogelijk buiten de ring A10. [zie bijlage Voorjaarsnota 2021, vervallen]
Activiteit 2.3.2.2 We stimuleren schone, efficiënte en slim goederenvervoer door bundeling van goederen (cargohubs), intensiever gebruik van water en specifieke aandacht voor pakketbezorging Indicatoren activiteit 1
Afname overlast bestelbusjes en vrachtwagens. Aantal MORA meldingen per jaar
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020 in de periode janmei 2018 zijn er 873 MORAmeldingen binnengekomen
2592
Begroting Jaarverslag 2021 2021 6963
Om een beter zicht te krijgen op de klachten over logistiek zijn de zoektermen waarop de MORA-meldingen uitgebreid. Dit heeft tot een grote groei in het aantal getelde klachten geleid. Als met dezelfde zoektermen op historische meldingen gezocht wordt is de groei minder groot maar nog wel substantieel (2019: 5076 meldingen, 2020: 6182 meldingen). Vooral het aantal meldingen over bezorgdiensten is toegenomen.
Het GVB zorgt in Amsterdam voor het openbaar vervoer. Het GVB heeft verschillende dochterondernemingen, of heeft een belang in ondernemingen. Het gaat hier om: • GVB Exploitatie BV • GVB Veren BV • GVB Activa BV • GVB Railinfra BV GVB Exploitatie BV verzorgt in opdracht van de Vervoerregio het openbaar vervoer per bus tram en metro in de Concessie Amsterdam. GVB Activa BV is eigenaar van de zogenaamde strategische ov-activa. Dit zijn onder andere railvoertuigen, werkplaatsen, remises en eindpuntvoorzieningen. GVB Railinfra BV is opdrachtnemer voor met name dagelijks onderhoud aan railinfra en tramvervangingsprojecten. Wij zijn opdrachtgever voor de veerverbindingen over het IJ en het Noordzeekanaal. GVB Veren BV voert dit uit volgens het Contract voor Exploitatie Beheer en Onderhoud 2019-2024 en de aanbesteding van de verschillende investeringen. De gemeente Amsterdam en Vervoerregio Amsterdam zijn de enige aandeelhouders van GVB Holding NV. De Vervoerregio Amsterdam is medeaandeelhouder met een prioriteitsaandeel.
69
H 3.2.3
Vervoerregio Amsterdam (VRA) De Vervoerregio Amsterdam is een samenwerkingsverband van 15 gemeenten voor verkeer en openbaar vervoer. De belangrijkste taken zijn het opdracht geverschap van het openbaar vervoer en het verstrekken van subsidies voor infrastructuur. Dit laatste gebeurt via de verschillende Investeringsagenda’s: Ov, Weg en Fiets. De Vervoerregio is ook een partner in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). De Vervoerregio wordt volledig bekostigd uit een Rijks bijdrage (Brede Doeluitkering) van ongeveer € 375 miljoen per jaar. De regioraad stelt de begroting vast. De gemeenteraden van de deel nemende gemeenten kunnen een zienswijze daarover afgeven.
Financiële toelichting (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)
Rekening 2020
Primaire Begroting Begroting 2021 2021 (Najaarsnota)
Rekening 2021
Verschil Rekening Begroting 2021 (Najaarsnota)
Baten
121,7
128,7
124,1
139,2
15,1
Lasten
180,0
189,1
174,3
193,0
18,7
Saldo van baten en lasten
-58,3
-60,4
-50,2
-53,8
-3,6
Het programmaonderdeel 2.3 heeft ten opzichte van de begroting een negatief resultaat van € 3,6 miljoen. Dit komt (vooral) door hogere baten van € 15,1 miljoen en hogere lasten van € 18,7 miljoen. Het negatieve resultaat komt vooral door:
Baten De totale baten van € 139,2 miljoen zijn € 15,1 miljoen hoger dan begroot. Dit komt vooral door: • Hogere baten van € 21,9 miljoen door de dekking van de extra onderhoudswerkzaamheden aan de railinfrastructuur. De extra lasten worden volledig door de Vervoerregio (VRA) worden gedekt. • Hogere baten van € 1,1 miljoen voor het project Brug Elandsgracht/ Marnixstraat omdat de financiering vanuit de knelpuntenpot en een hogere bijdrage van VRA niet begroot was.
• Hogere baten van € 1,1 miljoen voor het project verbetering tracé van lijn 7 bij het Mercatorplein omdat het project is gedeeltelijk door geschoven van 2020 naar 2021. De bijdrage van VRA is in 2021 ontvangen. • Lagere baten van € 9,0 miljoen door afwijkingen bij diverse projecten, met als saldo lagere lasten. De belangrijkste afwijkingen worden bij de lasten toegelicht.
Lasten De totale lasten van € 193 miljoen zijn € 18,7 miljoen hoger dan begroot. Dit komt vooral door: • Hogere lasten van € 21,9 miljoen voornamelijk veroorzaakt door de extra onderhoudswerkzaamheden aan de railinfrastructuur). De kosten van zijn hoger dan begroot en worden volledig door de Vervoerregio (VRA) worden gedekt. • Hogere lasten van € 9,9 miljoen die het effect zijn van de over programmering zoals genoemd onder de financiële toelichting van programma 2. De lasten van veel projecten zijn hoger dan in het SMF voor dat jaar begroot. Deze projecten worden niet neerwaarts bijgesteld, omdat de ervaring leert dat de lasten van andere projecten gemiddeld 30% tot 40% lager zijn. Om te voorkomen dat het SMF in de begroting een tekort laat zien, verlaagt men de lasten in de begroting zonder deze verlaging toe te wijzen aan een of meerder specifieke projecten. De verlaging van deze lasten landen in de begroting dan op een zogenaamde stelpost. • Hogere lasten van € 2,3 miljoen bij OV-knoop Amstelstation van € 2,3 miljoen, omdat de financiële afwikkeling van dit project is doorgeschoven van 2020 naar 2021. Het project is gereed. Van de € 2,3 miljoen wordt € 1,1 miljoen gedekt uit VRA bijdragen en € 1,2 miljoen uit het SMF. • Hogere lasten van € 1,5 miljoen omdat projecten sneller konden worden uitgevoerd. • Lagere lasten van € 8,3 miljoen omdat projecten vertraagd zijn.
Dit betreft onder andere: – Van der Madeweg (Metro-Spaklerweg). Vanwege capaciteits problemen en omdat afstemming met stakeholders langer duurde dan gepland, is de uitvoering naar 2022 uitgesteld (€ 1,8 miljoen).
70
H 3.2.3
– OV Knoop Amstelveenseweg. Vanwege vertraging in het nemen van een uitvoeringsbesluit is er minder uitgegeven dan begroot (€ 1,5 miljoen). – Investeringsagenda OV (tranche versnelling tracés).; in afwachting van de financiële afwikkeling van de overige projecten uit de Investeringsagenda Openbaar Vervoer (IAOV) on-hold gezet (€ 1,1 miljoen). – Businfra Oostflank. Lagere lasten van € 1,0 miljoen door aanvullend onderzoek aangevraagd door stakeholders. – HOV-Westtangent. Lagere lasten van € 1,0 miljoen door vertraging bij het deelproject Oude Haagseweg. – Lagere lasten van € 2 miljoen voor diverse projecten met een afwijking per project van minder dan € 1,0 miljoen. • Lagere lasten van € 7,2 miljoen door verschillende oorzaken: – Vernieuwing Station Amsterdam Lelylaan: Lagere lasten van € 2,3 miljoen. De scope van het project is nog in beweging en de planning is daarop aangepast. Er is nog geen sprake van uitvoering. In 2022 wordt de NvU vastgesteld. – Verlenging IJtram: Lagere lasten van € 1,3 miljoen door fout in de kostenraming. – BR-Marnixplein: Lagere lasten van € 0,9 miljoen omdat er minder verkeersregelaars nodig waren het stilleggen van de bus tijdens de werkzaamheden bleek niet nodig te zijn. – Olympiabuurt fase 2: Lagere lasten van € 0,6 miljoen omdat voor een deelproject (Zeilstraat) geldt dat er door Corona geen betrouwbare verkeerstellingen gemaakt kunnen worden.
– Cruciale mijl HOV Oostflank: Lagere lasten van € 0,6 miljoen. Door bestuursopdracht getemporiseerd en iets lagere besteding door beperking inzet op fysieke activiteiten door Coronamaatregelen. – Lagere lasten voor handhaving om er door de Corona gerelateerde maatregelen minder gebruik wordt gemaakt van taxi’s (€ 0,5 miljoen). – Lagere lasten voor het verwijderen van opgeheven busstations. Dit is deels het verschuiven van uitvoering naar 2022 en deels zijn de middelen niet nodig gebleken omdat het verwijderen is meegenomen in andere uitgevoerde programma’s (€ 0,4 miljoen). – Lagere lasten voor de vernieuwing van de digitale systemen van Taxi omdat het project vertraagd is door corona en de ontwikkeling van de digitale systemen niet in 2021 is gebeurd. (€ 0,5 miljoen). • Lagere lasten van € 1,4 miljoen vanwege overige afwijkingen die afzonderlijk kleiner zijn dan € 0,2 miljoen.
Reserves (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)
Rekening 2020
Onttrekkingen reserves
Primaire Begroting Begroting 2021 2021 (Najaarsnota)
5,8
2,2
2,6
Rekening 2021
Verschil Rekening Begroting 2021 (Najaarsnota)
2,6
0,0
Toevoegingen reserves
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
Mutatie reserves
5,8
2,2
2,6
2,6
0,0
Onttrekkingen reserves De onttrekking aan de reserves is gelijk aan de begroting.
Toevoegingen reserves De toevoeging aan de reserves is gelijk aan de begroting.
Subsidies van betekenis Er zijn in dit programmaonderdeel geen subsidies van betekenis toegekend.
Risico’s en maatregelen Actuele risico’s
Maatregelen
De coronacrisis kan structurele effecten hebben op het openbaar vervoer (minder aanbod), maar die laten zich op dit moment nog moeilijk voorspellen
Actieve monitoring en prognoses, actieve voorbereiding en inzet van maatregelen en eventuele bezuinigingsmaatregelen
De nieuwe governance binnen het OV-domein leidt niet tot een verlaging van het risicoprofiel van het werkend vervoer systeem (WVS).
Implementatie van risicomanagement en gezamenlijk beleid in de keten. Afspraken maken met VRA en GVB over de beheersing en sturing en de daarbij behorende overlegstructuur binnen de OV-keten.
Veren kunnen groeiende passagiersstroom onvoldoende aan.
Actieve monitoring van de reizigersstromen, diverse maatregelen aan de wal en de aanschaf van schepen over het IJ
Door hogere kosten voor onderhoud aan de railinfrastructuur en de bijbehorende kunstwerken bij een gelijkblijvend budget daalt het resterend budget van de Vervoerregio voor investerings bijdragen aan gemeenten, waardoor Amsterdam minder investeringsprojecten kan uitvoeren.
Meer efficiency door samen met VRA en GVB de OV Investeringsagenda uit te voeren en gezamenlijk inzetten op meer budget.
71
H 3.2.3
Beleidskaders • Update Nota Veren (juli 2021), hierin staan de geactualiseerde reizigersprognoses en de plannen voor uitbreiding en verduurzaming van de vloot. • Visie Openbare Ruimte 2025 (2017) heeft vijf ambities geformuleerd en principes uitgewerkt voor meer regie op ontwikkelen, inrichten, beheren en gebruiken van de openbare ruimte op stadsniveau. • MobiliteitsAanpak Amsterdam 2030 (2013), het overkoepelende kader voor het Mobiliteitsbeleid van de gemeente Amsterdam in de periode tot 2030. • Ruimtelijk Kader Hoogfrequent Spoorvervoer Amsterdam. • Investeringsagenda Openbaar Vervoer Stadsregio (2013), een overeenkomst met investeringen die Amsterdam en de Stadsregio Amsterdam (sinds 2017 Vervoerregio Amsterdam) in de komende periode in het Openbaar Vervoer doen. • Uitvoeringsagenda Mobiliteit (2015), de agenda die Amsterdam bereikbaar en aantrekkelijk houdt, met maatregelen voor meer ruimte en betere doorstroming voor voetganger, fietser, openbaar vervoerreiziger en de automobilist. • Beleidskader Verkeersnetten (2018). Hierin staan de ambities uit Mobiliteitsaanpak en Uitvoeringsagenda uitgewerkt met daarbij een afwegingskader bij conflicterende belangen. • Wet lokaal spoor, in werking getreden op 1 december 2015; deze wet maakt de VRA verantwoordelijk voor aanleg, beheer en veiligheid van lokale railinfrastructuur.
VRA stelt een vervoerder aan via de OVconcessie en VRA mag een beheerder van de infrastructuur aanwijzen. Dit laatste wordt gedelegeerd aan het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam. • De in 2015 vastgestelde Lijnennetvisie is het beleidskader voor het ontwikkelen van vervoerplannen. De gemeente voert overleg met vervoerbedrijven over inpassing van nieuwe vervoerplannen. • Taxiverordening Amsterdam 2012 (laatst gewijzigd in 2018). • Agenda Taxi 2020-2025. • Update Nota Veren (februari 2018), een strategie om tot een qua capaciteit en duurzaamheid toekomstbestendige verenvloot te komen. • Visie Lokaal Spoor (2015), vastgesteld door het dagelijks bestuur van de VRA en bindend kader voor de beheerder van het lokaal spoor. 72
Amsterdam Climate Neu
H 3.3
Programma 3 | Portefeuillehouder: wethouder de Vries
3.3 Economie
Samenvatting 3.3.1 Economie en Innovatie > Begin oktober is de Regionale Ontwikkel maatschappij (ROM) InWest van start gegaan. De ROM is gestart met een fondsvermogen van € 130 miljoen gericht op het innovatieve midden- en kleinbedrijf (MKB) en het versnellen van de klimaat- en energietransitie. De MRA heeft hierbij de krachten gebundeld met de regio Noord-Holland-Noord. De eerste investeringsaanvragen zijn inmiddels ingediend. Daarnaast zijn de innovatiedistricten aan de Zuidas (VU Kenniskwartier) en in Amsterdam Nieuw-West (New West Health & Innovation District) versterkt. De gemeente investeert in het energiezuinig maken van de zakelijke markt en we zetten in op de ontwikkeling van een groene waterstofeconomie en transformeren de Amsterdamse haven van een fossiel energie cluster naar een koploper in duurzame energie. Dit sluit aan bij de ambities uit de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050.
June 2019
> Ook in 2021 was de impact van de coronacrisis volop aanwezig in de Metropoolregio Amster dam (MRA). Sectoren die hard zijn getroffen zijn de toerismebranche en met name de hotels-, horeca- en evenementensector. Daarnaast hadden ook non-food winkels en markten het nog steeds zwaar. Internationaal gezien ging het beter met onze regio. Zo is er in de luchtvaart een bescheiden herstel te zien en zien we weer een stijging van het aantal vestigingen van buitenlandse bedrijven en internationaal talent. Enerzijds is dit een inhaalslag van zaken die stil hebben gestaan en anderzijds een teken dat de MRA internationaal gezien nog steeds een aantrekkelijke vestigingsplaats is. De hoge instroom van internationale werknemers is daarnaast te koppelen aan de huidige tekorten en de mismatch op de arbeidsmarkt. Als gemeente zijn we in 2021 gestart met het inzetten op herstel, het stimuleren van samenwerkingsverbanden en hebben we de focus van de verschillende actieprogramma’s aangepast.
In order to combat global warming and main quality of life in the city for future generatio CO2 emissions in Amsterdam must be reduce compared to 1990 levels. There will be an int step in 2030, by which time we must have red emissionsondernemers by 55%. hebben ook tijdens > Amsterdamse
de coronacrisis laten zien dat ze kiezen voor het This willaanpakken be achieved makingin the city natu gezamenlijk van - enby investeren hun2040, (winkel)gebied. 2021 hebben drie amongInother things. Our ambition is fo bedrijveninvesteringszones (biz’en) opnieuw to be emission-free by 2030. These measure gekozen voor een periode van vijf jaar en zijn er prevent too much of een theeffectieve earth becoming u zesto biz’en bijgekomen. Dit maakt due to climate change.en This means breaking samenwerking tussen gemeente onder nemers om knelpunten en kansen and mogelijk that’s why we’ve set up thevoor Amsterdam aantrekkelijke en veilige winkelgebieden en Neutral programme. The programme focuse werklocaties op te pakken. Met het programma released the city of reducing CO2stimuleren Amsterdam Impact we within ondernemers en Amsterdam de transitie naaras eenabrede welvaart result of energy use. economie, waarbij het oplossen van maat schappelijke vraagstukken staat. 2021 If Amsterdam is tocentraal become a In carbon-neutral hebben 527 impact ondernemers gebruik an energy transition is needed: a structural gemaakt van een speciaal programma om ze transformation of the Om energy door de coronacrisis te helpen. impactsystem away fr ondernemers te helpen hunand coal.
fossil fuels such bij as het oil,investeren naturalingas buurt is de buurtchallenge: Boost je Buurt! It will also be important to use available ene gelanceerd. Impact ondernemers die werken as sparingly as possible. aansources de maatschappelijke uitdagingen in hun stadsdeel konden een ondernemersprogramma winnen. In totaal zijn 28 ondernemers in de prijzen gevallen en brachten 4000 Amsterdammers hun stem uit voor de publieksprijzen. 73
H 3.3
Programma 3 | Portefeuillehouder: wethouder de Vries
3.3 Economie Financiële toelichting (bedragen x € miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)
Jaarverslag 2020
Primaire Begroting Jaarverslag Begroting 2021 (NJN) 2021 2021
Verschil JV 2021 Begroting 2021 (NJN)
Baten
24,5
18,6
23,0
23,4
0,4
Lasten
64,1
65,4
66,0
62,5
-3,5
Saldo
-39,6
-46,9
-43,0
-39,2
3,8
Het programma 3 heeft ten opzichte van de begroting een positief resultaat van € 3,8 miljoen. Dit komt (vooral) door hogere baten van € 0,4 miljoen en lagere lasten van afgerond € 3,5 miljoen. In de programmaonderdelen volgt een verdere toelichting van de afwijkingen op de baten en de lasten.
Apparaatslasten (bedragen x € miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)
Apparaatskosten
Rekening 2020
20,0
Primaire Begroting Begroting 2021 2021 (Najaarsnota)
15,6
17,3
Rekening 2021
Verschil Rekening Begroting 2021 (Najaarsnota)
20,2
2,9
74
H 3.3.1
3.3.1 Economie en innovatie Het versterken van de economie die werkt voor iedereen, nu en in de toekomst.
Belangrijke ontwikkelingen De economie van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) wordt naar verhouding hard geraakt door de coronacrisis. Dit komt doordat sectoren die hard geraakt zijn door de coronacrisis, zoals horeca, cultuur en luchtvaart, sterk vertegenwoordigd zijn in de MRA. In de perioden dat de coronamaatregelen konden worden versoepeld, kon de economie weer snel opveren. Het aanscherpen van de maatregelen in het laatste kwartaal van het jaar vormde een flinke klap voor de betrokken sectoren. De omvangrijke steunmaatregelen van de overheid hebben eraan bijgedragen dat weinig bedrijven zijn omgevallen en veel werkgelegenheid in stand kon blijven. Maar onduidelijk is hoeveel leed en schulden onder de radar zijn gebleven die later alsnog zichtbaar worden. De economie als geheel toonde aanpassingsvermogen en veerkracht. Hoewel de totale overslag in de haven nog iets lager was dan in 2020 is de nettowinst van het Havenbedrijf niet aangetast door de coronacrisis. De stad bleef aantrekkelijk als vestigingsplaats voor nieuwe en innovatieve bedrijven, en nieuwe inwoners uit binnen- en buitenland. De kansen voor economische ontwikkeling blijven daarmee aanwezig maar de uitdagingen ook: een krappe arbeidsmarkt, schaarste aan woningen en bedrijfsvastgoed en mensen die onvoldoende kunnen delen in de welvaartsontwikkeling van de stad.
We blijven daarom ook in 2021 investeren in de vergroting van de veerkracht en het duurzaam herstel van de Amsterdamse economie.
Specifieke beleidsdoelen Doel 3.1.1 Amsterdam biedt bewoners aantrekkelijke commerciële voorzieningen verspreid over de stad en biedt ondernemers een goed ondernemersklimaat. Indicatoren doel
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020
Begroting Jaarverslag 2021 2021
1
Gemiddelde waardering voorzieningenaanbod bewoners (tweejaarlijks gemeten)
7,3 (2017)
Geen meting
7,0
7,3
2
Waardering ondernemersklimaat (tweejaarlijks gemeten)
6,8 (2017)
Geen meting
6,0
6,5
3.1.1.1 Ten opzichte van 2019 en peiljaar 2017 is de waardering van Amsterdammers voor het dagelijkse winkel- en horeca-aanbod in de buurt zo goed als gelijk gebleven. De waardering voor dagelijkse winkels in de buurt is zelfs iets toegenomen, terwijl de waardering voor horeca in de buurt heel licht daalde
3.1.1.2 De gemiddelde beoordeling van het ondernemersklimaat in Amsterdam is lager dan de peilwaarde uit 2017. De als gevolg van corona verwachte verdere daling van die beoordeling ten opzichte van 2019 (6,1) heeft niet plaatsgevonden.
Activiteit 3.1.1.1 We ontwikkelen de buurteconomie door individueel ondernemerschap te versterken, de samenwerking met en tussen ondernemers te stimuleren, en te sturen op een divers aanbod van winkels en ambulante handel.
75
H 3.3.1
Indicatoren activiteit
*
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020
Begroting Jaarverslag 2021 2021
1
Aantal bedrijveninvesteringszones
62 (2018)
64
71
68
2
Gemiddeld rapportcijfer bewoners voor aanbod winkels dagelijkse boodschappen in de buurt (110) (tweejaarlijks gemeten)
7,6 (2017)
Geen meting
7,6
7,7
3
Gemiddeld percentageleegstand winkels (Locatus) jaarlijkse peiling
3,4% (2018)
5,5%
7%
6%
4
Gemiddeld algemeen oordeel markten (tweejaarlijks gemeten)
7,2% (2017)
Geen meting
Geen meting
Geen meting
5
Waardering (1-10) in de keuzemogelijkheden voor foodwinkels in winkelgebieden in Amsterdam *
7,0 (2018)
6,9
6
Waardering (1-10) in de keuzemogelijkheden voor non-foodwinkels in Amsterdam *
6,0 (2018)
6,0
Gemiddelde van 56 winkelgebieden verspreid over de stad - voor elk winkelgebied minimaal 20 bewoners als respondenten (ongeveer tweejaarlijks gemeten, afhankelijk van actualiteit en capaciteit).
3.1.1.1.4 Door beperkende maatregelen als gevolg van corona (geen verkoop van niet-essentiële producten, 1,5 meter opstelling) was de situatie op de markten afgelopen jaar niet representatief. Daarom heeft in 2021 geen meting plaatsgevonden. De volgende monitor markten is gepland voor 2022.
3.1.1.1.5 In Begroting 2021 is ten onrechte opgenomen dat er geen meting zou plaatsvinden. Vanwege corona is de Consumentenquête naar voren gehaald, waardoor eind 2021 toch nieuwe resultaten beschikbaar waren.
3.1.1.1.6 In Begroting 2021 is ten onrechte opgenomen dat er geen meting zou plaatsvinden. Vanwege corona is de Consumentenquête naar voren gehaald, waardoor eind 2021 toch nieuwe resultaten beschikbaar waren.
3.1.1.1.1
Doel 3.1.2
Het aantal bedrijveninvesteringszones (biz’en) is lager uitgevallen dan 71 omdat één biz de draagvlakmeting niet positief heeft afgerond en daarmee geen biz werd. Daarnaast zijn twee gebieden in het voorbereidende proces afgehaakt, omdat ze de kans groot achtten dat ze de draagvlakmeting niet zouden redden.
De metropoolregio Amsterdam heeft (inter)nationaal gezien een aantrekkelijk vestigingsklimaat.
3.1.1.1.2 De gemiddelde waardering van bewoners voor het aanbod van winkels voor de dagelijkse boodschappen in de buurt ligt iets hoger dan verwacht en is licht toegenomen ten opzichte van de laatste meting in 2017 en 2019 (beiden 7,6). Door corona is de oriëntatie op winkels in de eigen buurt over het algemeen toegenomen. Mogelijk draagt dit bij aan de iets hogere waardering.
3.1.1.1.3 Door de coronacrisis dalen de omzetten van winkels. Ten opzichte van een jaar geleden heeft dit per saldo geleid tot een lichte stijging van de winkel leegstand, waarbij de stijging in de binnenstad hoger was dan in de rest van de stad. De stijging is minder hoog dan werd verwacht.
Indicatoren doel
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020
1
0,5% (gemiddelde afgelopen tien jaar)
Hogere economische groei Metropoolregio Amsterdam ten opzichte van de economische groei van Nederland
-1,1%
Begroting Jaarverslag 2021 2021 0,2%
Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft de regionale en nationale groeicijfers over 2020 in de loop van 2021 herzien. Het in Jaarverslag 2020 opgenomen negatieve groeiverschil van -1,1% werd vanwege corona fors bijgesteld naar -3,3%. Dit bevestigt dat de MRA economie conjunctuur gevoelig is. Verwachting is dat ook het groeicijfer over 2021 in de loop van 2022 nog wordt bijgesteld.
76
H 3.3.1
Activiteit 3.1.2.1
3.1.2.2.2
We bieden gecombineerde overheidsdienstverlening aan internationale nieuwkomers via IN Amsterdam. Indicatoren activiteit 1
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020
Waardering dienstverlening door klanttevredenheidsonderzoek (tweejaarlijks gemeten)
8,5 (2017)
Geen meting
Begroting 2021
Jaarverslag 2021
8,0
Geen meting (volgt 1e helft 2022)
De tweejaarlijkse meting in Q4 2021 is doorgeschoven naar de eerste helft van 2022. In Q4 was er vanwege corona geen ruimte om deze meting te laten uitvoeren omdat we alle zeilen moesten bijzetten om de dienstverlening te laten doorgaan. De HappyorNot paal in kantoor laat zien dat 99,3 % van de klanten in 2021 tevreden de deur uitging, waarvan 96,3% zelfs zeer tevreden.
Met de toename van het aantal nieuwe in de metropoolregio gevestigde bedrijven is ook het aantal nieuwe arbeidsplaatsen in 2021 weer gestegen. Daarbij is in 2021 ook een toename te zien van het gemiddelde aantal arbeidsplaatsen per nieuwe vestiging: van circa 20 arbeidsplaatsen per bedrijf in 2020, naar meer dan 30 per bedrijf in 2021. Doel 3.1.3 De stad maakt een schaalsprong naar de metropoolregio Amsterdam. Indicatoren doel 1
Percentage functiemenging verhouding tussen banen en woningen (BBVverplicht)
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020 59,8% (2017)
Begroting Jaarverslag 2021 2021
60,9%
60,8%
Nog niet bekend
Resultaat komt beschikbaar na publicatie van het jaarverslag. Activiteit 3.1.2.2 Activiteit 3.1.3.1 We streven ernaar om (internationale) bedrijven voor de regio aan te trekken, te behouden en we ondersteunen bedrijfsuitbreidingen. Deze inspanningen zijn gericht zijn op werkgelegenheid, duurzaamheid en innovatie voor de regio.
We creëren voldoende ruimte voor bedrijven en kantoren in bestaande en nieuwe delen van de stad en de regio. Indicatoren activiteit
Indicatoren activiteit 1
Aantal nieuwe internationale bedrijven per jaar in de metropoolregio
2
Aantal extra arbeidsplaatsen door buitenlandse bedrijven
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020
Begroting Jaarverslag 2021 2021
153 (2018)
101
75
133
4.170 (2018)
1.970
1.500
4.089
1
Aantal vestigingen per 1.000 inwoners leeftijd 1574 jaar (BBVverplicht)
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020 217,3 (2017)
Begroting Jaarverslag 2021 2021
236,4
230,8
Nog niet bekend
Resultaat komt beschikbaar na publicatie van het jaarverslag.
Activiteit 3.1.3.2
3.1.2.2.1 Het aantal nieuwe in de metropoolregio gevestigde bedrijven heeft in 2021 een inhaalslag gemaakt ten opzichte van het eerste coronajaar 2020. Dit is te verklaren door het inhaaleffect van de bedrijven die in 2020 nog de gevolgen van de pandemie wilden afwachten, maar in 2021 toch besloten hebben hun vestiging in de MRA door te zetten.
We zetten in op het spreiden van bezoekers over stad en regio. Indicatoren activiteit 1
Drukte in de stad (Onderzoek toeristische draagkracht en leefbaarheid OIS) *
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020 3 (2019)
Begroting Jaarverslag 2021 2021
Geen meting
3
Nog niet bekend
* Aantal wijken waar de toeristische draagkracht onder druk staat.
Resultaat komt beschikbaar na publicatie van het jaarverslag.
77
H 3.3.1
Doel 3.1.4 Metropoolregio Amsterdam heeft een economie die voorbereid is op toekomstige ontwikkelingen. Indicatoren doel
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020
Begroting Jaarverslag 2021 2021
1
De positie van NoordHolland in de Regional Innovation Scoreboard van de Europese Commissie *
Innovation Leader minus (2017)
Innovation Leader - minus
Innovation Leader - minus
Innovation Leader - minus
2
Verhouding tussen het aantal werklozen en het aantal vacatures **
1,0 (stand Q4 2017 bron CBS)
1,5
1,0
Nog niet bekend***
*
De Regional Innovation Scoreboard (RIS) van de Europese Commissie vergelijkt hoe Europese regio’s scoren op het gebied van innovatie. Noord-Holland zit in de hoogste categorie namelijk Innovation Leaders. De RIS-score varieert van - (minus), 0 (neutral) tot + (plus). De ambitie is om in deze categorie van Innovation Leaders te blijven. ** Het aantal werklozen per vacature is het gemiddeld aantal werklozen gedeeld door het aantal openstaande vacatures (gecorrigeerd voor seizoensinvloeden). *** Resultaat komt beschikbaar na publicatie van het jaarverslag.
Aanvullende investeringen die zijn gepleegd vanuit ditzelfde budget, zonder dat dit in aanmerking komt voor de bovenstaande berekening: • € 3,0 miljoen als exploitatiebijdrage aan de in 2021 opgerichte Regionale Ontwikkelingsmaatschappij (ROM) InWest. • € 0,4 miljoen voor de Amsterdamse deelname aan Innovation by Creative Economy (ICE) consortium voor de Europese subsidieaanvraag bij het European Institute of Innovation & Technology (EIT) voor de nieuwe ‘KIC Culture & Creative Industries’. Bij toekenning van de aanvraag (omvang: € 150 miljoen) door het EIT, zal dit bedrag worden ingebracht als Amsterdamse cofinancieringsbijdrage, waarmee in Amsterdam een co-location center zal worden gerealiseerd (totale investering: € 1,8 miljoen). Activiteit 3.1.4.2 We stimuleren en faciliteren Amsterdamse kennisparken en vergroten toegang tot Amsterdamse kennisen onderzoekinstellingen.
Activiteit 3.1.4.1
Indicatoren activiteit
We stimuleren de groei van private investeringen in de (kennis)economie.
1
Aantal m2 kantoorof labruimtes dat in ontwikkeling wordt genomen en wordt toegevoegd op de Amsterdamse kennisparken *
7.776 (2018)
20.000
1.000
12.000
2
Aantal nieuwe publiekprivate samen werkingsprojecten met in Amsterdamse gevestigde kennisen onderzoeks instellingen (bron IXA)
5 (2017)
33
14
12
Indicatoren activiteit 1
*
Direct uitgelokte investeringen (multiplier subsidies) in de (kennis)economie *
Peilwaarde (peiljaar)
Jaarverslag 2020
0 (2019)
€ 16,5 miljoen
Begroting Jaarverslag 2021 2021 € 20 miljoen
€ 42 miljoen
Investeringen worden in de volle omvang opgenomen in het jaar waarin de subsidiebeschikking wordt vastgesteld.
*
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020
Begroting Jaarverslag 2021 2021
Projecten worden meegeteld als ze in het betreffende jaar in ontwikkeling zijn genomen.
3.1.4.2.1 In 2021 hebben we de volgende subsidies toegekend in het kader van economische structuur- en arbeidsmarktversterking (met tussen haakjes de investeringen die daarmee zijn uitgelokt): • € 0,5 miljoen om innovatief, circulair en duurzaam midden- en kleinbedrijf (MKB) te ondersteunen bij het verkrijgen van financiering via het Programma Investeringsgereed Innovatief MKB (PIM) (€2,5 miljoen) • € 3,1 miljoen voor de ontwikkeling en realisatie van een Innovation Center bij de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) (€ 36,9 miljoen) • € 0,5 miljoen voor herontwikkeling van het CDT-gebouw (Sanquin) tot nieuwe broedplaats voor biotechnologie (€ 2,4 miljoen) • € 0,6 miljoen aan programma House of Skills 2.0 (€ 3,3 miljoen)
In 2021 zijn, gesteund door een financiële bijdrage van de gemeente Amsterdam, investeringsbesluiten genomen ten aanzien van de ontwikkeling van 12.000 m2 aan nieuwe kantoor-/labfaciliteiten: • nieuwbouw Innovation Center Vrije Universiteit Amsterdam (VU): 10.000 m2 (oplevering verwacht in 2025) • herontwikkeling CDT-gebouw (Sanquin) New West Health & Innovation District: 2.000 m2 (oplevering verwacht in 2023)
78
H 3.3.1
Verbonden partijen
3.1.4.2.2 Op het moment van schrijven waren alleen de samenwerkingsprojecten die zijn gestart vanuit de Universiteit van Amsterdam (UvA) bekend. De aantallen van bijvoorbeeld de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) ontbreken nog. Het rapportagemoment van Innovation Exchange Amsterdam (IXA, bron) over de definitieve aantallen van alle kennisinstellingen gezamenlijk over 2021 staat gepland na publicatie van het jaarverslag.
Activiteit 3.1.4.3 We zorgen dat de beroepsbevolking meer wendbaar is op de (toekomstige) arbeidsmarkt. Indicatoren activiteit
Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020
Begroting Jaarverslag 2021 2021
1
Aantal uitgereikte skillspaspoorten
0 (2018)
134
2.000
750
2
Aantal aangemaakte profielen
0 (2018)
1.390
10.000
8.991
3.1.4.3.1 De indicatoren verwijzen naar instrumenten van House of Skills. De oorspronkelijke programmaperiode van House of Skills liep in 2021 af. Vanaf 1 april 2021 is House of Skills onderdeel van de Amsterdam Economic Board. Voor deze vervolgfase zijn met de partners opnieuw activiteiten en doelstellingen vastgesteld, gebaseerd op de financiering die voor 2021-2022 beschikbaar is. In de begroting 2022 zijn de streefwaarden hierop aangepast. Het skillspaspoort is het instrument van House of Skills dat nog het meest in de kinderschoenen staat, en de (technische) ontwikkeling vraagt meer tijd en de bijdrage van meer partijen dan vooraf was ingeschat. Vooralsnog is alleen in een aantal pilots met het skillspaspoort ervaring opgedaan. Het wordt nog niet als regulier instrument ingezet. Daarom blijft het aantal achter op de streefwaarde.
Amsterdam Clipper Beheer De Clipper ‘Stad Amsterdam’ is eigendom van Randstad en de gemeente. Wij beschikken jaarlijks over 20 vaardagen op de Clipper. De Clipper wordt normaal gesproken ingezet voor promotie en representatie van Amsterdam tijdens buitenlandse reizen en in Nederland. De Clipper is hard getroffen door de corona maatregelen: tot en met de zomer van 2021 hebben alle activiteiten van de Clipper stilgelegen. Daarna is het programma voorzichtig weer opgestart, met om te beginnen enkele activiteiten in Nederland en in onze buurlanden.
Beurs van Berlage vennootschappen De Beurs van Berlage (Beurs) staat op een belangrijke strategische plek in de stad. De Beurs heeft een culturele, creatieve, publieke en maatschappelijke functie, waaronder het behoud van cultureel erfgoed in de stad. De georganiseerde beurzen en (publieks)evenementen van de Beurs dragen bij aan het leefklimaat en de economische bedrijvigheid van de stad. De corona maatregelen hebben een grote impact gehad op de congressen- en evenementenbranche, en daarmee ook op de Beurs.
Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied De zeehavengemeenten Amsterdam, Zaanstad, Beverwijk en Velsen werken op basis van een Gemeenschappelijke Regeling samen in het Centraal Nautisch Beheer (CNB) Noordzeekanaalgebied. Het doel hiervan is het bevorderen van een veilige, vlotte en milieuverantwoorde afwikkeling van het scheepvaartverkeer. De uitvoering van deze taak heeft het CNB Noordzee kanaalgebied belegd bij de Divisie Havenmeester van Havenbedrijf Amsterdam NV. Alle functies van de Divisie Havenmeester hebben de coronacrisis goed doorstaan. De vlotte en veilige doorvaart van het scheepsverkeer heeft niet te lijden gehad van de coronacrisis.
79
H 3.3.1
Havenbedrijf Amsterdam NV/Port of Amsterdam
RAI Holding B.V.
Port of Amsterdam ontwikkelt, exploiteert en beheert de Amsterdamse havenregio. Daarbij zijn de vijf publieke belangen, die zijn vastgelegd in de Gemeentelijke Visie Haven 2020-2040 (2020), leidend. Deze publieke belangen zijn: 1. Duurzaamheid: klimaatneutraal en circulair 2. Versterking van de haven als logistiek knooppunt 3. Versterking van de haven als industrieterrein 4. Rekening houden met verstedelijking (hoog stedelijke woonwerkmilieus) 5. Veilig gebruik van de nautische ruimte
RAI werkt aan een toekomstplan om een verdere bijdrage te kunnen leveren aan de gebiedsontwikkeling in Zuidas door middel van het toevoegen van woningbouw, het toegankelijker maken van de omgeving van de RAI, het verbeteren van de mobiliteit rond de RAI en het verminderen van overlast. Daarnaast draagt RAI bij aan de economische bedrijvigheid als bijproduct van de georganiseerde beurzen en evenementen. De RAI was sinds 16 maart 2020 nagenoeg gesloten. Op de corona test- en vaccinatiestraat en een korte periode met enkele beurzen na hebben er weinig activiteiten plaatsgevonden.
De continuïteit van bedrijven en dienstverleners was als gevolg van de coronacrisis niet in het geding, wel viel de zeecruisevaart volledig en de riviercruisevaart gedeeltelijk stil. De totale goederenoverslag was lager dan verwacht en bleef onder het niveau van 2020. Vanwege de hoge gasprijs steeg de overslag van kolen met 41 procent. De doelstelling blijft om in 2030 een kolenvrije haven te zijn. De nettowinst van het Havenbedrijf is door de coronacrisis echter niet aangetast.
Life Sciences Fund Amsterdam Het Life Sciences Fund Amsterdam (LFSA) is begin 2009 opgericht om het economisch potentieel van het Life Sciences cluster in de regio Amsterdam te versterken. Het fonds is momenteel uit geïnvesteerd.
Matrix Innovation Center Het Matrix Innovation Center (MIC) is opgericht in 1989 en is een initiatief van de gemeente Amsterdam, de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), Rabobank Amsterdam en de Universiteit van Amsterdam (UvA). MIC biedt vooral laagdrempelige huisvesting en laboratoriumruimte aan startende, om kleinere flexibele ruimte vragende ondernemingen op het Amsterdam Science Park in Amsterdam Oost. Op deze wijze stimuleert MIC samenwerking en kennisoverdracht tussen kennisinstellingen en het bedrijfs leven en draagt het bij aan de ontwikkeling van het Amsterdam Science Park. MIC exploiteert zes bedrijfsverzamelgebouwen (Matrix II tot en met VII) en is ongeschonden door de coronacrisis gekomen. In 2022 wordt het zevende gebouw (Matrix One) opgeleverd.
Regionale Ontwikkelingsmaatschappij InWest De Regionale Ontwikkelingsmaatschappij (ROM) InWest jaagt investeringen in duurzame economische ontwikkelingen aan. De ROM doet dit door bedrijven te ondersteunen bij business development (het ontwikkelen van nieuwe kansen). Daarnaast investeert de ROM via het MKB fonds en het Transitiefonds in kansrijke technologieën die niet voldoende middelen uit de markt alleen kunnen halen.
Schiphol Schiphol levert als hub en logistiek knooppunt een bijdrage aan het vestigings klimaat van de Metropoolregio Amsterdam (MRA). Wij zijn (minderheids) aandeelhouder van Royal Schiphol Group. We hebben invloed op de ontwikkeling van Schiphol via onder andere de Bestuurlijke Regie Schiphol. De coronapandemie heeft een ongekende invloed gehad op luchthaven Schiphol en de luchtvaartsector als geheel. De verwachting is dat een volledig herstel van het vliegverkeer nog enkele jaren gaat duren.
Schiphol Area Development Company Doel van de Schiphol Area Development Company (SADC) is om zo goed mogelijk ruimte te bieden aan de economische dynamiek in de regio rond Schiphol door bedrijventerreinen te ontwikkelen. De coronacrisis heeft vrijwel geen gevolgen voor de SADC en haar projectvennootschappen op de korte termijn.
80
H 3.3.1
Stichting Amsterdam Economic Board De Amsterdam Economic Board is een netwerkorganisatie met een slimme, groene en gezonde MRA als doel. De Amsterdam Economic Board werkt aan oplossingen voor grootstedelijke vraagstukken door vernieuwing en samenwerking tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid.
Stichting Science & Business Amsterdam Science Park De stichting is in 2015 door de drie grondeigenaren (gemeente Amsterdam, UvA en NWO) opgericht om het Science Park te ontwikkelen tot een van de meest toonaangevende wetenschapsparken in Europa.
Financiële toelichting (bedragen x € miljoen) (bedragen x € miljoen)
Baten
Rekening 2020
Primaire Begroting Begroting 2021(NJN) 2021
24,5
18,6
23,0
Rekening 2021
Verschil Rekening Begroting 2021 (Najaarsnota)
23,4
0,4
Lasten
64,1
65,4
66,0
62,5
-3,5
Saldo
-39,6
-46,9
-43,0
-39,2
3,8
Het programmaonderdeel 3.1 heeft ten opzichte van de begroting een positief resultaat van € 3,8 miljoen. Dit komt door hogere baten van € 0,4 miljoen en lagere lasten van € 3,5 miljoen. Het positieve resultaat komt vooral door:
Baten De totale baten van € 23,4 miljoen zijn € 0,4 miljoen hoger dan begroot. Dit komt door: • Hogere baten door het ontvangen van subsidies met betrekking tot het Europees Klimaatproject: Climate KIC 2021 en IP Scale up mobiliteit. Deze baten vallen weg tegen hogere projectuitgaven dan begroot in Programma 3 (€ 0,6 miljoen). • Lagere baten in verband met bezoekersafhankelijke onderdelen of dienst verlening die geraakt zijn door de corona maatregelen (€ 0,1 miljoen).
• Overige afwijkingen lichten we verder niet toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 0,2 miljoen (€ 0,1 miljoen).
Lasten De totale lasten van € 62,5 miljoen zijn € 3,5 miljoen lager dan begroot. Dit komt door: • Lagere lasten van € 2,1 miljoen op de middelen Economische Structuuren Arbeidsmarktversterking (ESA). We hebben minder subsidies verstrekt aan initiatieven voor het stimuleren van projecten die bijdragen aan de economische structuur- of arbeidsmarktversterking (€ 1,5 miljoen). Daarnaast hebben we ook minder subsidies verstrekt vanuit het Economisch Herstel- en Investeringsplan (HIP) (€ 0,6 miljoen). Dit komt in beide gevallen doordat een aantal projecten is begonnen in 2021 maar door langere voorbereidingstijd nog niet tot een subsidie beschikking heeft geleid. Deze projecten zitten in een afrondende fase en gaan in het komende jaar alsnog tot een uitgave leiden. De totale afwijking van € 2,1 miljoen is gemeentebreed neutraal omdat dit via een egalisatiereserve Economische Structuurversterking (ESV) loopt in het onderdeel Algemene dekkingsmiddelen (A.5.3 Reserves). • Lagere lasten door het schuiven van een subsidieverstrekking voor het Amsterdam Health Technology Institute (AHTI) naar het eerste kwartaal van 2022. Tegenover deze lagere lasten staat ook een lagere onttrekking uit de reserve Amsterdams Investeringsfonds (AIF) in het onderdeel Algemene dekkingsmiddelen (A.4 Reserves). Daarmee is dit gemeentebreed neutraal (€ 0,7 miljoen).
• Lagere lasten door minder afvalinzameling en lagere afrekening energie kosten op de markten in vergelijking met voor corona (€ 0,5 miljoen). • Lagere lasten door vrijval van subsidie Proof of concept fund. Dit is gemeentebreed neutraal omdat dit valt onder Algemene dekkings middelen (A.4 Reserves) (€0,2 miljoen). • Hogere lasten door hogere projectuitgaven met betrekking tot het Europees Klimaatproject: Climate KIC 2021 en IP Scale up mobiliteit. Tegenover deze hogere lasten staan ook hogere baten voor het ontvangen van subsidies (€0,6 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we verder niet toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 0,2 miljoen (€ 0,8 miljoen).
81
H 3.3.1
Reserves
Subsidies van betekenis
(bedragen x € 1 miljoen)
Subsidie
(bedragen x € 1 miljoen)
Onttrekkingen reserves
Rekening 2020
10,6
Primaire Begroting Begroting 2021 2021 (Najaarsnota)
Rekening 2021
14,7
23,1
20,9
Verschil Rekening Begroting 2021 (Najaarsnota)
Begroting 2021
Jaarverslag 2021
Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan Solutions
€ 4,8
€ 4,8
amsterdam&partners
€ 3,7
€ 3,7
Amsterdam Economic Board
€ 1,5
€ 1,5
-2,2
Toevoegingen reserves
5,1
7,2
20,0
20,0
0,0
Mutatie reserves
5,5
7,6
3,1
0,9
-2,2
Onttrekkingen reserves De onttrekking aan de reserves is € 2,2 miljoen lager dan begroot. Dit komt door: • Lagere onttrekking van € 2,1 miljoen aan de reserve Economische Structuurversterking (ESV). Deze lagere onttrekking hangt samen met lagere lasten op de middelen Economische Structuur- en Arbeidsmarktversterking (ESA) in programma 3. We hebben minder subsidies verstrekt aan initiatieven voor het stimuleren van projecten die bijdragen aan de economische structuur- of arbeidsmarktversterking (€ 1,5 miljoen). Daarnaast hebben we ook minder subsidies verstrekt vanuit het Economisch Herstel- en Investeringsplan (HIP) (€ 0,6 miljoen). Dit komt in beide gevallen doordat een aantal projecten is begonnen in 2021 maar door langere voorbereidingstijd nog niet tot een subsidiebeschikking heeft geleid. Deze projecten zitten in een afrondende fase en gaan in het komende jaar alsnog tot een uitgave leiden. De totale afwijking van € 2,1 miljoen is gemeentebreed neutraal omdat dit via een egalisatiereserve (ESV) loopt in het onderdeel Algemene dekkingsmiddelen (A.5.3 Reserves). • Overige afwijkingen lichten we verder niet toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 0,2 miljoen (€ 0,1 miljoen).
1. Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan Solutions (AMS) Met de subsidie die het AMS ontvangt, houdt AMS zich bezig met: het aantrekken en opleiden van talent, het doen van verdiepend onderzoek en het stimuleren en ontwikkelen van innovatie en nieuwe economische activiteit. Ook bedenken ze oplossingen voor Amsterdamse uitdagingen op verschillende gebieden zoals: • duurzaamheid en kwaliteit van leven • bereikbaarheid • energietransitie • water- en afvalbeheer • beschikbaarheid van middelen • voedselzekerheid • welzijn AMS heeft in 2021 een aantal ontwikkelingen uitgevoerd. Enkele voorbeelden: • ‘s Werelds eerste roestvrijstalen 3D-geprinte brug geplaatst in het hart van Amsterdam. • Onderzoek van MADE studenten van AMS naar de waardering van groen door Amsterdammers gedurende de coronapandemie en de impact van de lockdown op het welzijn in Nederland. • Bruggen en Kademuren: er wordt gewerkt aan een geavanceerde oplossing om een prioriteitsvolgorde te kunnen bepalen in de aanpak van de kademuren. AMS ontvangt in de periode tot en met 2025 maximaal € 50 miljoen vanuit het Final Contract van 19 maart 2014. Het is gemiddeld € 5 miljoen per jaar, maar vanuit meerjarenprognoses en realisaties kan het hiervan afwijken, zoals ook in 2021 is gebeurd.
82
H 3.3.1
2. amsterdam&partners De subsidie aan amsterdam&partners (a&p) ten behoeve van hun uitvoeringsplan wordt verstrekt voor: • het bouwen van de gewenste reputatie van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) voor de doelgroepen: – bewoners (inclusief internationale bewoners) – bedrijven – bezoekers. • het uitvoeren van activiteiten voor de leefbaarheid, aantrekkelijkheid en welvarendheid van de MRA, door het informeren en begeleiden van bewoners, bedrijven en bezoekers. • het onderzoeken en monitoren van effecten en resultaten, het analyseren van data en hiermee een benchmark aanleggen van grootstedelijke ontwikkelingen. In 2021 is de subsidie met name besteed aan het interpreteren van data en inzichten voor de dagelijkse communicatie met alle doelgroepen (inclusief de cultuur- en zakelijke bezoekers) om reputatie te bouwen en te gidsen. Extra aandacht ging uit naar bewoners om hun stad te ontdekken en de opbouw van de zakelijke reputatie rond tech, Life Sciences & Health (LSH) en Artificial Intelligence (AI).
3. Amsterdam Economic Board De subsidie wordt verstrekt voor de vaste basisformatie van de stichting Amsterdam Economic Board en stelt de Board-organisatie in staat om samen met bedrijven, kennisinstellingen en overheden te werken aan een slimme, groene en gezonde metropoolregio van de toekomst.
Risico’s en maatregelen Actuele risico’s
Maatregelen
Bij een economische teruggang neemt het aantal bedrijventerreinen dat verkocht wordt af en bestaat het risico dat de lening aan de deelneming Schiphol Area Development Company N.V. (SADC) niet terugbetaald kan worden.
Er zijn regelmatig (aandeelhouders)overleggen met SADC. Onze invloed is echter beperkt omdat we minderheidsaandeelhouder zijn. De lening wordt naar verwachting in 2022 geheel afgelost.