Bijlage 1 Gecombineerde adviezen stadsdelen aantrekkelijk OV in een 30 kmu stad-.pdf
Tekst van het document
Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Aantrekkelijk OV in een 30 km/u stad
Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit Verkeer & Openbare Ruimte Datum behandeling staf WH 30 januari 2023 Datum adviesaanvraag: 13 maart 2023 Deadline ontvangst advies: 9 mei 2023 l.vanderlinde@amsterdam.nl Advies mailen naar: Meegestuurde stukken: Notitie aantrekkelijk OV in een 30 km/u stad + Oplegger adviesaanvraag Heeft er consultatie vooraf Nee Portefeuille: Directie:
plaatsgevonden?
Invullen door stadsdeel: Oost Julika van Drongelen Datum weekstart/staf: 27 maart 2023 Datum stadsdeelcommissie: 11 april (voorbereidend) en 18 april 2023 (besluitvormend) Datum dagelijks bestuur: 4 april (conceptadvies) en 9 mei 2023 (finaal advies) Registratienr. (optioneel): Z-23-52735 Stadsdeel: Procesbegeleider:
Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: -
(art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of
-
(art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of
BM bij DB advies in. DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)
Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur
op het stedelijk openbaar vervoer. Om het effect zoveel mogelijk te mitigeren zijn mogelijke voorstellen in beeld brengen over de voorstellen en aandachtspunten aan te geven bij de mogelijk verdere planvorming van de voorstellen.
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Op een groot aantal wegen in de stad wordt eind dit jaar de snelheid van 50 km/u naar 30 km/u verlaagd. Dit is een belangrijke stap naar een veiligere en prettige leefomgeving. Onderzocht is wat het invoeren van 30 km/u in de stad voor invloed heeft op het OV. Naar verwachting zal de reistijd voor reizigers niet opvallend langer worden (de rijtijd per lijn neemt slechts enkele seconden tot max. 1-2 minuten toe). De maatregel leidt echter wel tot hogere exploitatielasten van het openbaar vervoer: de korte extra rijtijd per lijn telt bij elkaar op over de hele dag voor de vervoerders tot langere rijtijden en vraagt daardoor een extra inzet van voertuigen en personeel. Om ervoor te zorgen Pagina 1 van 12
dat het OV aantrekkelijk, betaalbaar en op niveau blijft is tevens onderzocht welke maatregelen mogelijk zijn om deze impact te minimaliseren. Het dagelijks bestuur van stadsdeel Oost hecht waarde aan goed openbaar vervoer. Zij wil benadrukken dat dit een belangrijke rol vervult als ruimte-efficiënt en duurzaam alternatief voor de auto én inclusieve vorm van mobiliteit. Tegelijkertijd ziet het DB een mooie kans om de uitgangspunten uit de Omgevingsvisie vorm te geven en de ambities op het gebied van leefbaarheid, verkeersveiligheid en duurzaamheid te realiseren door het ontmoedigen van het auto gebruik in de stad. In het advies reageert het DB nadrukkelijk op de ideeën zoals voorgesteld in de notitie Aantrekkelijk OV in een 30 km/u stad. Bij de verdere vervolgstappen blijft het stadsdeel graag nauw betrokken. De algemene-, bundelspecifieke- en locatiespecifieke aandachtspunten voor nadere uitwerking worden hieronder toegelicht.
Algemene aandachtspunten voor verdere uitwerking (uitvoeringstoets) Bij de verdere uitwerking van het voorstel kunnen de volgende aandachtspunten worden meegegeven: 1) Maak de effecten inzichtelijk Een verdere uitwerking van de voorstellen is gewenst om inzichtelijk te krijgen wat het effect is van de voorgestelde afsluitingen voor overige weggebruikers, wat dit oplevert ten aanzien van verkeersveiligheid, leefbaarheid en ruimte en hoe de daadwerkelijke invulling (geheel, éénrichtingsverkeer etc) van de afsluiting eruit gaat zien. Het DB adviseert om per maatregel een factsheet te maken met meer details zodat een beter beeld ontstaat bij de afsluiting. Hierbij dient ook inzichtelijk gemaakt te worden wat de effecten zijn voor groepen die afhankelijk zijn van de auto zoals ondernemers, minder validen en ouderen.
2) Gevolgen netwerk/lussenstructuur in Oost (Omgevingsvisie Amsterdam 2050) De ingrepen gezamenlijk hebben een grote impact op het netwerk van Oost. Het is goed om deze in samenhang te kunnen bekijken. Het DB adviseert de voorgestelde maatregelen voor mitigatie in een groter perspectief te plaatsen voor Oost en een studie naar het totale netwerk in Oost (met name Oud-Oost en Watergraafsmeer) te laten uitvoeren (zie ook bijlage 3). Tevens wordt door de voorgestelde afsluiting op de Linnaeusstraat de lussenstructuur zoals voorgesteld in de Omgevingsvisie 2050 niet meer mogelijk. Echter, gezien de andere ambities binnen de Omgevingsvisie op hoogwaardig OV, fiets- en stadstraten hoeft dit wat ons betreft geen bezwaar te zijn. Zie ook bijlage 2. 3) Afstemming Vervoerplan 2024 GVB en Concessie VRA (lange termijn) De voorstellen in Oost hebben het beoogde effect om de doorstroming te verbeteren voor de buslijnen 22, 41, 62 en 65 en tramlijn 12 en 19. Echter, als het Vervoersplan 2024 wordt aangenomen komen lijn 19 en 65 te vervallen en op de Kruislaan rijdt geen OV meer. Dat neemt een deel van de motivering weg. Ook voor de langere termijn in de nieuwe concessie is dit een aandachtspunt. Het lijkt strategisch onverstandig om nu maatregelen verder uit te werken die op korte termijn al geen nut meer hebben voor het OV.
Het DB adviseert de notitie (en maatregelen) af te stemmen met het Vervoerplan 2024 en de nieuwe concessie, zodat er nieuwe inzichten ontstaan in de effecten (tijdwinst) en leg het dan opnieuw voor. * * Dit was nog niet eerder mogelijk. De notitie is gebaseerd op onderzoek uit 2022. Het vervoerplan van GVB is pas in 2023 gedeeld met de gemeente.
Aandachtspunten van de bundels Voor Oost wordt voorgesteld om een aantal locaties af te sluiten voor het autoverkeer. Deze zijn onder gebracht in bundel III en bundel IV. Hiermee wordt doorgaand verkeer van de weg gehaald en blijft er minder verkeer over. Hierdoor kan het bestemmingsverkeer en het openbaar vervoer beter doorstromen.
Pagina 2 van 12
Bundel III (oranje) Deze bundel ziet toe op de locaties Sarphatistraat, tunnelbak Mauritskade of Torontobrug, Nieuwe Amstelbrug en de Berlagebrug (de bruggen over de Amstel). Deze bundel reduceert het binnenstedelijk autoverkeer tussen de stadsdelen Oost en Zuid (en deels van/naar het Centrum), waarbij autoverkeer wordt omgeleid via de A10. Om dit te realiseren moet de maatregelen gelijktijdig worden genomen. In deze bundel is een circulatiemaatregel nodig op de Torontobrug of bij de Mauritskade, de verschillen hiertussen zullen bij een verdere uitwerking onderzocht moeten worden. De bundel zorgt vooral voor een verbeterde doorstroming op de Berlagebrug voor de lijnen 12, 62 en 65. Aandachtspunten bij uitwerking: Deze afsluitingen sluiten aan bij de structuur van de Omgevingsvisie. In deze bundel is echter geen rekening gehouden met de Amstelstroomlaan. In theorie moet het verkeer via de groene route rijden, echter in de praktijk is de rode route nog mogelijk (zie afbeelding). Aangezien dit ook een knelpunt is qua fietsers en voetgangersruimte zou een mogelijk afsluiting van de Weesperzijde/Overzichtsweg (donkerblauwe cirkel) zowel deze sluiproute onmogelijk maken als ten goede komen aan fiets en voetganger. Deze maatregel is reeds onderzocht in het mobiliteitsplan Zuidoostflank, maar dient verder te worden uitgewerkt.
Bundel IV (paars) Bundel IV ziet toe op de locaties Linnaeusstraat, bij Muiderpoort tussen de Insulindeweg Wijttenbachstraat, bij de Molukkenstraat-Noord en in één richting op de Kruislaan, richting de A10. Het effect van deze voorstellen zorgt voor een verbeterde doorstroming van bus 25, 41 en 65 en tram 19.
Aandachtspunten bij de locaties van de bundels Bundel III 1. Berlagebrug: de brug gaat dit jaar tijdelijk dicht voor onderhoud. De tijdelijke afsluiting biedt een uitgelegen kans om de effecten van een knip op het bredere autonetwerk in kaart te brengen. Het DB vraagt nadrukkelijk om heel spoedig onderzoek en monitoring in te zetten zodat deze kans voor meer inzicht verzilverd kan worden. 2. Torontobrug: hier rijdt geen OV, duidelijk maken hoe het OV hiervan profiteert. 3. Nieuwe Amstelbrug: geen aandachtspunten Bundel IV 1. Linnaeusstraat: Het voorstel is het afsluiten van het doorgaand verkeer op de Linnaeusstraat ten hoogte van de Ringvaart. Deze maatregel wordt gezien als kansrijke locatie om separaat eerder uit te voeren tegen relatief lage kosten. Het DB vindt dit een interessante locatie om dergelijke ingrepen te onderzoeken, want er moet iets gebeuren. Met het mogelijke afstel van de tunnel Sciencepark neemt de urgentie om maatregelen te nemen toe aangezien de Middenweg vastloopt. Deze wegvlakken zijn hoofdnet auto, maar plusnet fiets. Het OV en de voetganger hebben beperkte ruimte. Om dit te verbeteren is dit in het kader van het project Pagina 3 van 12
Linnaeusstraat/Middenweg in een eerdere netwerkstudie onderzocht. Het DB vraagt het college dan ook de mogelijke ingrepen op deze locatie met enige urgentie verder te onderzoeken. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van de al bestaande projectorganisatie van project Linnaeusstraat/Middenweg. Aandachtspunt is de locatie van de maatregel en het effect op parallelle wegen en dan met name de Beukenweg/Nobelweg. Met het afsluiten van het autoverkeer zal het daar drukker worden en daar rijdt ook OV. De vraag is of een optionele afsluiting voor doorgaand verkeer nodig is (paars, zie onderstaande afbeelding). Daarbij is de verwachting dat een afsluiting ter hoogte van de Ringvaart niet gesteund zal worden door de ondernemers van Oostpoort. Een aandachtspunt is dan ook welke gevolgen deze maatregel heeft voor het winkelgebied Oostpoort en de Q-Parkgarage.
Aandachtspunt: locatie van de afsluiting. Hiervoor zijn meerdere locaties mogelijk. Ook moet goed gekeken worden naar parallelle wegen. 2. Molukkenstraat-Noord: Het voorstel betreft het afsluiten van het doorgaand verkeer op het noordelijke deel van Molukkenstraat tussen de Zeeburgerdijk en de Javastraat (linker afbeelding). Deze maatregel wordt gezien als kansrijke locatie om separaat eerder uit te voeren tegen relatief lage kosten. In de huidige ov situatie is dit goed voor de lijnen 14, 22, en 65 (ook in het concept vervoerplan van GVB rijden hier drie lijnen). Belangrijk aandachtspunt is de locatie van de afsluiting, i.r.t. het invoeren van éénrichtingsverkeer op de Javastraat, omdat er een risico is op sluipverkeer. Een betere plek voor de afsluiting is mogelijk tussen de Javastraat en de Insulindeweg (rechter afbeelding). Hiervoor wordt geadviseerd om een verkeerscirculatieplan voor de buurt op te stellen. Ander aandachtspunt is het opheffen van parkeerplekken. De parkeerdruk in de buurt is namelijk hoog en hiervoor zal mogelijk geen draagvlak zijn als dat nodig is voor de afsluiting.
Aandachtspunt: locatie van afsluiting en verkeerscirculatieplan zijn van belang om sluipverkeer te voorkomen. De linker afbeelding met sluipverkeer (paars) door de buurt willen we voorkomen. Om dit te voorkomen zijn aanvullende maatregelen nodig. In de rechter afbeelding een voorbeeld. Een andere mogelijkheid voor de afsluiting is op de Hartmanbrug (over de Ringvaart). Deze mogelijkheid zorgt ervoor dat er geen doorgaand verkeer meer over de Molukkenstraat zal rijden. In combinatie met de andere voorgestelde afsluitingen heeft dit een hele grote impact op het netwerk van Oost (linker afbeelding). Dit zal
Pagina 4 van 12
mogelijk zorgen voor veel doorgaand verkeer op de Beukenweg, Nobelweg en Hugo de Vrieslaan (waar het OV met het verkeer meerijdt). Een voorbeeld van een aanvullende maatregel is een afsluiting op de Nobelweg t.h.v. de Ringvaart (rechter afbeelding). Zie ook het stukje over de afsluiting Linnaeusstraat voor de opties hierin. In het scenario 3 afsluitingen op de Ringvaart kan het doorgaande verkeer alleen nog maar rijden via Wibautstraat. Een afsluiting op de Hartmanbrug kan niet los gezien worden van een afsluiting op de Linnaeusstraat en moet in een breder perspectief worden onderzocht.
3. Kruislaan, richting A10: Dit betreft het afsluiten van het doorgaand verkeer van de Kruislaan naar de Middenweg (t.h.v. de rode stippellijn, zie afbeelding hieronder). Hier rijdt dan alleen het OV wat dan niet meer in de file staat met het overige verkeer. Aandachtspunt is mogelijk sluipverkeer door Tuindorp Frankendeal. De groene pijlen kunnen hier een mogelijkheid in zijn. Aandachtspunt is ook de omleiding (paarse route). Op deze route rijdt ook OV dat mogelijk in de file komt te staan bij het kruispunt Hugo de Vrieslaan-Middenweg. Aanvullend aandachtspunt bij deze maatregel is het Vervoerplan van het GVB. In het huidige concept rijdt er geen OV over de Kruislaan. Hiermee zou de nut van deze maatregel komen te vervallen. Het advies is om deze maatregel pas verder uit te werken als hier meer duidelijk over is.
Aandachtspunten zijn sluipverkeer (paars is de gewenste omleiding) en mogelijke file bij de omleiding, waar ook OV rijdt.
Pagina 5 van 12
4. Muiderpoort (Insulindeweg Wijttenbachstraat): De vraag is hoeveel winst het OV hier behaalt. Er is al een vrije tram/busbaan. Op dit moment rijden er wel veel lijnen. Lijn 1, 3, 37 (doorgaand) en lijn 40 en 41. Er worden kansen gezien om de verkeersveiligheid te verbeteren en de toegankelijkheid van het OV te vergroten, echter hiervoor zal na afsluiting van het autoverkeer een herinrichting moeten plaatsen vinden. Hier zijn dus kansen, maar die gaan mogelijk gepaard met relatief hoge kosten. Ander aandachtspunt is de onderdoorgang bij de Eerste van Swindenstraat en de Javastraat (paarse afsluiting). Deze zal ook afgesloten moeten worden voor het autoverkeer om sluipverkeer te voorkomen. Dit wordt gedeeltelijk voorzien in het project Javastraat. In dat project wordt de onderdoorgang in één richting af gesloten. Aandachtspunt: het moet onderzocht worden of één richtingsverkeer in de onderdoorgang in combinatie met de afsluitingen niet leidt tot sluipverkeer op de Javastraat en de Eerste van Swindenstraat.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
De stadsdeelcommissie heeft 1 motie in stemming gebracht. Motie 1 Onderwerp: Advies uitbrengen over de notitie Aantrekkelijk OV in een 30 km/u-stad De stadsdeelcommissie, Gehoord de discussie over aantrekkelijk OV in een 30 km/u-stad, Constaterende dat: - in de twee GVB-vervoersplannen diverse OV-lijnen (3, 19, 53 en 65) in Oost worden opgeheven; - de ANWB zich grote zorgen maakt over de gevolgen van het beleid voor de A10 en adviseert om eerst de effecten van de maatregelen in kaart te brengen (zie brief in bijlage); Overwegende dat: - het OV in Oost hierdoor minder aantrekkelijker wordt; - de maatregelen uit de GVB- de effecten van de maatregelen niet in kaart zijn gebracht;
rekkelijk OV in een 30 km/u-
Verder overwegende dat: - het DB van Oost op diverse punten kritische vragen stelt over de Notitie Aantrekkelijk Openbaar Vervoer in een 30 km/u-stad; - het niet mogelijk is om een degelijk advies te geven over een onderwerp waar nog zoveel onduidelijkheid over bestaat, met name omdat het Vervoerplan van het OV nog ter discussie staat. Verzoekt het dagelijks bestuur: de stad aan te passen aan een 30 km/u situatie; - Het advies van het DB van Oost te zien als waardevolle kritische opmerkingen bij deze denkrichting; - Een nieuwe adviesaanvraag over een Aantrekkelijk OV in een 30 km/u-stad voor te leggen aan de stadsdeelcommissie zodra er meer bekend is over het nieuwe Vervoerplan voor het OV met een overzicht van de belangrijkste effecten van de maatregelen. De motie is unaniem aangenomen.
Pagina 6 van 12
Advies dagelijks bestuur Vervolgens is het DB advies in stemming gebracht. Deze is met 9 stemmen voor en 2 stemmen tegen aangenomen. Voor hebben gestemd de partijen: St3m-Méérbelangen, D66, GroenLinks, Partij van de Arbeid, SP Tegen hebben gestemd de partijen: de Groenen Basispiraten, VVD
Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders
Op een groot aantal wegen in de stad wordt eind dit jaar de snelheid van 50 km/u naar 30 km/u verlaagd. Dit is een belangrijke stap naar een veiligere en prettige leefomgeving. Onderzocht is wat het invoeren van 30 km/u in de stad voor invloed heeft op het OV. Naar verwachting zal de reistijd voor reizigers niet opvallend langer worden (de rijtijd per lijn neemt slechts enkele seconden tot max. 1-2 minuten toe). De maatregel leidt echter wel tot hogere exploitatielasten van het openbaar vervoer: de korte extra rijtijd per lijn telt bij elkaar op over de hele dag voor de vervoerders tot langere rijtijden en vraagt daardoor een extra inzet van voertuigen en personeel. Om ervoor te zorgen dat het OV aantrekkelijk, betaalbaar en op niveau blijft is tevens onderzocht welke maatregelen mogelijk zijn om deze impact te minimaliseren. Het dagelijks bestuur van stadsdeel Oost hecht waarde aan goed openbaar vervoer. Zij wil benadrukken dat dit een belangrijke rol vervult als ruimte-efficiënt en duurzaam alternatief voor de auto én inclusieve vorm van mobiliteit. Tegelijkertijd ziet het DB een mooie kans om de uitgangspunten uit de Omgevingsvisie vorm te geven en de ambities op het gebied van leefbaarheid, verkeersveiligheid en duurzaamheid te realiseren door het ontmoedigen van het auto gebruik in de stad.
In het advies reageert het DB nadrukkelijk op de ideeën zoals voorgesteld in de notitie Aantrekkelijk OV in een 30 km/u stad. Bij de verdere vervolgstappen blijft het stadsdeel graag nauw betrokken. De algemene-, bundelspecifieke- en locatiespecifieke aandachtspunten voor nadere uitwerking worden hieronder toegelicht.
Algemene aandachtspunten voor verdere uitwerking (uitvoeringstoets) Bij de verdere uitwerking van het voorstel kunnen de volgende aandachtspunten worden meegegeven: 4) Maak de effecten inzichtelijk Een verdere uitwerking van de voorstellen is gewenst om inzichtelijk te krijgen wat het effect is van de voorgestelde afsluitingen voor overige weggebruikers, wat dit oplevert ten aanzien van verkeersveiligheid, leefbaarheid en ruimte en hoe de daadwerkelijke invulling (geheel, éénrichtingsverkeer etc) van de afsluiting eruit gaat zien. Het DB adviseert om per maatregel een factsheet te maken met meer details zodat een beter beeld ontstaat bij de afsluiting. Hierbij dient ook inzichtelijk gemaakt te worden wat de effecten zijn voor groepen die afhankelijk zijn van de auto zoals ondernemers, minder validen en ouderen.
5) Gevolgen netwerk/lussenstructuur in Oost (Omgevingsvisie Amsterdam 2050) De ingrepen gezamenlijk hebben een grote impact op het netwerk van Oost. Het is goed om deze in samenhang te kunnen bekijken. Het DB adviseert de voorgestelde maatregelen voor mitigatie in een groter perspectief te plaatsen voor Oost en een studie naar het totale netwerk in Oost (met name Oud-Oost en Watergraafsmeer) te laten uitvoeren (zie ook bijlage 3). Tevens wordt door de voorgestelde afsluiting op de Linnaeusstraat de lussenstructuur zoals voorgesteld in de Omgevingsvisie 2050 niet meer mogelijk. Echter, gezien de andere ambities binnen de Omgevingsvisie op hoogwaardig OV, fiets- en stadstraten hoeft dit wat ons betreft geen bezwaar te zijn. Zie ook bijlage 2. 6) Afstemming Vervoerplan 2024 GVB en Concessie VRA (lange termijn) De voorstellen in Oost hebben het beoogde effect om de doorstroming te verbeteren voor de buslijnen 22, 41, 62 en 65 en tramlijn 12 en 19. Echter, als het Vervoersplan 2024 wordt aangenomen komen lijn 19 en 65 te vervallen en op de Kruislaan rijdt geen OV meer. Dat neemt een deel van de motivering weg. Ook voor de langere termijn Pagina 7 van 12
in de nieuwe concessie is dit een aandachtspunt. Het lijkt strategisch onverstandig om nu maatregelen verder uit te werken die op korte termijn al geen nut meer hebben voor het OV. Het DB adviseert de notitie (en maatregelen) af te stemmen met het Vervoerplan 2024 en de nieuwe concessie, zodat er nieuwe inzichten ontstaan in de effecten (tijdwinst) en leg het dan opnieuw voor. * * Dit was nog niet eerder mogelijk. De notitie is gebaseerd op onderzoek uit 2022. Het vervoerplan van GVB is pas in 2023 gedeeld met de gemeente.
Aandachtspunten van de bundels Voor Oost wordt voorgesteld om een aantal locaties af te sluiten voor het autoverkeer. Deze zijn onder gebracht in bundel III en bundel IV. Hiermee wordt doorgaand verkeer van de weg gehaald en blijft er minder verkeer over. Hierdoor kan het bestemmingsverkeer en het openbaar vervoer beter doorstromen. Bundel III (oranje) Deze bundel ziet toe op de locaties Sarphatistraat, tunnelbak Mauritskade of Torontobrug, Nieuwe Amstelbrug en de Berlagebrug (de bruggen over de Amstel). Deze bundel reduceert het binnenstedelijk autoverkeer tussen de stadsdelen Oost en Zuid (en deels van/naar het Centrum), waarbij autoverkeer wordt omgeleid via de A10. Om dit te realiseren moet de maatregelen gelijktijdig worden genomen. In deze bundel is een circulatiemaatregel nodig op de Torontobrug of bij de Mauritskade, de verschillen hiertussen zullen bij een verdere uitwerking onderzocht moeten worden. De bundel zorgt vooral voor een verbeterde doorstroming op de Berlagebrug voor de lijnen 12, 62 en 65. Aandachtspunten bij uitwerking: Deze afsluitingen sluiten aan bij de structuur van de Omgevingsvisie. In deze bundel is echter geen rekening gehouden met de Amstelstroomlaan. In theorie moet het verkeer via de groene route rijden, echter in de praktijk is de rode route nog mogelijk (zie afbeelding).
Aangezien dit ook een knelpunt is qua fietsers en voetgangersruimte zou een mogelijk afsluiting van de Weesperzijde/Overzichtsweg (donkerblauwe cirkel) zowel deze sluiproute onmogelijk maken als ten goede komen aan fiets en voetganger. Deze maatregel is reeds onderzocht in het mobiliteitsplan Zuidoostflank, maar dient verder te worden uitgewerkt. Bundel IV (paars) Bundel IV ziet toe op de locaties Linnaeusstraat, bij Muiderpoort tussen de Insulindeweg Wijttenbachstraat, bij de Molukkenstraat-Noord en in één richting op de Kruislaan, richting de A10. Het effect van deze voorstellen zorgt voor een verbeterde doorstroming van bus 25, 41 en 65 en tram 19.
Aandachtspunten bij de locaties van de bundels Bundel III 4. Berlagebrug: de brug gaat dit jaar tijdelijk dicht voor onderhoud. De tijdelijke afsluiting biedt een uitgelegen kans om de effecten van een knip op het bredere autonetwerk in kaart te brengen. Het DB vraagt nadrukkelijk om heel spoedig onderzoek en monitoring in te zetten zodat deze kans voor meer inzicht verzilverd kan worden. 5. Torontobrug: hier rijdt geen OV, duidelijk maken hoe het OV hiervan profiteert. 6. Nieuwe Amstelbrug: geen aandachtspunten
Pagina 8 van 12
Bundel IV 5. Linnaeusstraat: Het voorstel is het afsluiten van het doorgaand verkeer op de Linnaeusstraat ten hoogte van de Ringvaart. Deze maatregel wordt gezien als kansrijke locatie om separaat eerder uit te voeren tegen relatief lage kosten. Het DB vindt dit een interessante locatie om dergelijke ingrepen te onderzoeken, want er moet iets gebeuren. Met het mogelijke afstel van de tunnel Sciencepark neemt de urgentie om maatregelen te nemen toe aangezien de Middenweg vastloopt. Deze wegvlakken zijn hoofdnet auto, maar plusnet fiets. Het OV en de voetganger hebben beperkte ruimte. Om dit te verbeteren is dit in het kader van het project Linnaeusstraat/Middenweg in een eerdere netwerkstudie onderzocht. Het DB vraagt het college dan ook de mogelijke ingrepen op deze locatie met enige urgentie verder te onderzoeken. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van de al bestaande projectorganisatie van project Linnaeusstraat/Middenweg. Aandachtspunt is de locatie van de maatregel en het effect op parallelle wegen en dan met name de Beukenweg/Nobelweg. Met het afsluiten van het autoverkeer zal het daar drukker worden en daar rijdt ook OV. De vraag is of een optionele afsluiting voor doorgaand verkeer nodig is (paars, zie onderstaande afbeelding). Daarbij is de verwachting dat een afsluiting ter hoogte van de Ringvaart niet gesteund zal worden door de ondernemers van Oostpoort.
Een aandachtspunt is dan ook welke gevolgen deze maatregel heeft voor het winkelgebied Oostpoort en de Q-Parkgarage.
Aandachtspunt: locatie van de afsluiting. Hiervoor zijn meerdere locaties mogelijk. Ook moet goed gekeken worden naar parallelle wegen. 6. Molukkenstraat-Noord: Het voorstel betreft het afsluiten van het doorgaand verkeer op het noordelijke deel van Molukkenstraat tussen de Zeeburgerdijk en de Javastraat (linker afbeelding). Deze maatregel wordt gezien als kansrijke locatie om separaat eerder uit te voeren tegen relatief lage kosten. In de huidige ov situatie is dit goed voor de lijnen 14, 22, en 65 (ook in het concept vervoerplan van GVB rijden hier drie lijnen). Belangrijk aandachtspunt is de locatie van de afsluiting, i.r.t. het invoeren van éénrichtingsverkeer op de Javastraat, omdat er een risico is op sluipverkeer. Een betere plek voor de afsluiting is mogelijk tussen de Javastraat en de Insulindeweg (rechter afbeelding). Hiervoor wordt geadviseerd om een verkeerscirculatieplan voor de buurt op te stellen. Ander aandachtspunt is het opheffen van parkeerplekken. De parkeerdruk in de buurt is namelijk hoog en hiervoor zal mogelijk geen draagvlak zijn als dat nodig is voor de afsluiting.
Pagina 9 van 12
Aandachtspunt: locatie van afsluiting en verkeerscirculatieplan zijn van belang om sluipverkeer te voorkomen. De linker afbeelding met sluipverkeer (paars) door de buurt willen we voorkomen. Om dit te voorkomen zijn aanvullende maatregelen nodig. In de rechter afbeelding een voorbeeld. Een andere mogelijkheid voor de afsluiting is op de Hartmanbrug (over de Ringvaart). Deze mogelijkheid zorgt ervoor dat er geen doorgaand verkeer meer over de Molukkenstraat zal rijden. In combinatie met de andere voorgestelde afsluitingen heeft dit een hele grote impact op het netwerk van Oost (linker afbeelding). Dit zal mogelijk zorgen voor veel doorgaand verkeer op de Beukenweg, Nobelweg en Hugo de Vrieslaan (waar het OV met het verkeer meerijdt). Een voorbeeld van een aanvullende maatregel is een afsluiting op de Nobelweg t.h.v. de Ringvaart (rechter afbeelding). Zie ook het stukje over de afsluiting Linnaeusstraat voor de opties hierin. In het scenario 3 afsluitingen op de Ringvaart kan het doorgaande verkeer alleen nog maar rijden via Wibautstraat. Een afsluiting op de Hartmanbrug kan niet los gezien worden van een afsluiting op de Linnaeusstraat en moet in een breder perspectief worden onderzocht.
7.
Kruislaan, richting A10: Dit betreft het afsluiten van het doorgaand verkeer van de Kruislaan naar de Middenweg (t.h.v. de rode stippellijn, zie afbeelding hieronder). Hier rijdt dan alleen het OV wat dan niet meer in de file staat met het overige verkeer. Aandachtspunt is mogelijk sluipverkeer door Tuindorp Frankendeal. De groene pijlen kunnen hier een mogelijkheid in zijn. Aandachtspunt is ook de omleiding (paarse route). Op deze route rijdt ook OV dat mogelijk in de file komt te staan bij het kruispunt Hugo de Vrieslaan-Middenweg. Aanvullend aandachtspunt bij deze maatregel is het Vervoerplan van het GVB. In het huidige concept rijdt er geen OV over de Kruislaan. Hiermee zou de nut van deze maatregel komen te vervallen. Het advies is om deze maatregel pas verder uit te werken als hier meer duidelijk over is.
Pagina 10 van 12
Aandachtspunten zijn sluipverkeer (paars is de gewenste omleiding) en mogelijke file bij de omleiding, waar ook OV rijdt. 8. Muiderpoort (Insulindeweg Wijttenbachstraat): De vraag is hoeveel winst het OV hier behaalt. Er is al een vrije tram/busbaan. Op dit moment rijden er wel veel lijnen. Lijn 1, 3, 37 (doorgaand) en lijn 40 en 41. Er worden kansen gezien om de verkeersveiligheid te verbeteren en de toegankelijkheid van het OV te vergroten, echter hiervoor zal na afsluiting van het autoverkeer een herinrichting moeten plaatsen vinden. Hier zijn dus kansen, maar die gaan mogelijk gepaard met relatief hoge kosten. Ander aandachtspunt is de onderdoorgang bij de Eerste van Swindenstraat en de Javastraat (paarse afsluiting). Deze zal ook afgesloten moeten worden voor het autoverkeer om sluipverkeer te voorkomen. Dit wordt gedeeltelijk voorzien in het project Javastraat. In dat project wordt de onderdoorgang in één richting af gesloten. Aandachtspunt: het moet onderzocht worden of één richtingsverkeer in de onderdoorgang in combinatie met de afsluitingen niet leidt tot sluipverkeer op de Javastraat en de Eerste van Swindenstraat. Motie Stadsdeelcommissie De stadsdeelcommissie heeft 1 motie in stemming gebracht.
Onderwerp: Advies uitbrengen over de notitie Aantrekkelijk OV in een 30 km/u-stad De stadsdeelcommissie, Gehoord de discussie over aantrekkelijk OV in een 30 km/u-stad, Constaterende dat: - in de twee GVB-vervoersplannen diverse OV-lijnen (3, 19, 53 en 65) in Oost worden opgeheven; - de ANWB zich grote zorgen maakt over de gevolgen van het beleid voor de A10 en adviseert om eerst de effecten van de maatregelen in kaart te brengen (zie brief in bijlage); Overwegende dat: - het OV in Oost hierdoor minder aantrekkelijker wordt; - de maatregelen uit de GVB- de effecten van de maatregelen niet in kaart zijn gebracht;
rekkelijk OV in een 30 km/u-
Verder overwegende dat: - het DB van Oost op diverse punten kritische vragen stelt over de Notitie Aantrekkelijk Openbaar Vervoer in een 30
Pagina 11 van 12
km/u-stad; - het niet mogelijk is om een degelijk advies te geven over een onderwerp waar nog zoveel onduidelijkheid over bestaat, met name omdat het Vervoerplan van het OV nog ter discussie staat. Verzoekt het dagelijks bestuur: de stad aan te passen aan een 30 km/u situatie; - Het advies van het DB van Oost te zien als waardevolle kritische opmerkingen bij deze denkrichting; - Een nieuwe adviesaanvraag over een Aantrekkelijk OV in een 30 km/u-stad voor te leggen aan de stadsdeelcommissie zodra er meer bekend is over het nieuwe Vervoerplan voor het OV met een overzicht van de belangrijkste effecten van de maatregelen. Deze motie is unaniem aangenomen.
Pagina 12 van 12
Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Aantrekkelijk OV in een 30 km/u stad
Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit Verkeer & Openbare Ruimte Datum behandeling staf WH 30 januari 2023 Datum adviesaanvraag: 13 maart 2023 Deadline ontvangst advies: 9 mei 2023 l.vanderlinde@amsterdam.nl Advies mailen naar: Meegestuurde stukken: Notitie aantrekkelijk OV in een 30 km/u stad + Oplegger adviesaanvraag Heeft er consultatie vooraf Nee Portefeuille: Directie:
plaatsgevonden?
Invullen door stadsdeel: Centrum J. Rolf Datum weekstart/staf: 3 april 2023 Datum stadsdeelcommissie: 4 en 18 april 2023 Datum dagelijks bestuur: Registratienr. (optioneel): Stadsdeel: Procesbegeleider:
Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: -
(art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of
-
(art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of
BM bij DB advies in. DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)
Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur
OV in een 30km/u stad in de . Om het effect zoveel mogelijk te mitigeren zijn mogelijke voorstellen in beeld gebracht. Aan u wordt gevraagd kennis te nemen van de brief Aantrekkelijk ov in een 30 km/u stad en advies uit te brengen over de voorstellen en aandachtspunten aan te geven bij de mogelijk verdere planvorming van de voorstellen.
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
OV-vervoer is van groot belang voor het functioneren van de stad. Daarnaast vervult het verbeteren van het OV in de stad een essentiële rol in het realiseren van de autoluw ambities voor de stad. Een fijnmazig, snel en comfortabel OV heeft daarom hoge prioriteit voor het stadsdeel Centrum. Maatregelen die hieraan bijdragen kunnen dan ook op onze steun rekenen. De mitigerende maatregelen lijken in eerste instantie hieraan bij te dragen. Deze maatregelen kunnen echter niet los Pagina 1 van 5
worden gezien van de keuzes die gemaakt worden in het vervoersplan van het GVB die beperkend zijn voor doorkruisbaarheid van de stad. Terwijl juist het OV het comfortabele en directe alternatief moet bieden voor binnenstedelijke ritten. Het dagelijks bestuur wil dan ook zijn ongenoegen uitspreken over de wijze waarop aan de ene kant het OV wordt gefaciliteerd om beter, sneller en consistenter te kunnen opereren in de 30km/u stad, maar aan de andere kant het tekort aan investeringen in het OV het GVB noodzaakt te bezuinigen op de fijnmazigheid en frequentie van het OV. Het dagelijks bestuur wil dan ook in de eerste plaats het college vragen om niet alleen door infrastructurele keuzes het OV tegemoet te komen maar alles in haar macht te stellen om bezuinigingen en verdere verschraling van het OV te voorkomen. Dit gezegd hebbende, heeft het dagelijks bestuur inhoudelijk het volgende advies ten aanzien van de mitigerende maatregelen. De specifieke maatregelen die betrekking hebben op het stadsdeel Centrum hebben hun basis in en zijn in lijn met de keuzes die in de Omgevingsvisie voor de langere termijn zijn neergelegd. Dat wil zeggen een lussenstructuur binnen de A10. Het dagelijks bestuur staat zeer positief tegenover deze langere termijn ontwikkeling en steunt de ontwikkeling in die richting.
Met de mitigerende maatregelen wordt op kortere termijn een deel van deze structuur gerealiseerd namelijk daar waar het bij zal dragen aan de doorstroming van het OV. Hierdoor dreigt wel een risico dat elders in het verkeerssysteem negatieve effecten optreden . Het onderbouwende onderzoek van RHDHV richt zich met name op de analyse van waar het OV wordt belemmerd en waar winst te behalen valt voor het OV, en doet geen diep(er)gaande analyse van effecten op het overige verkeer in de stad. Er lijkt dan ook een voorstel te liggen met maatregelen die wenselijk zijn vanuit OV-oogpunt maar waarvan nog onvoldoende duidelijk is wat of wanneer, vanuit breder verkeersperspectief, nu al mogelijk of wenselijk is. Het dagelijks bestuur is verheugd dat nu al de eerste stappen worden gezet richting de gewenste lussenstructuur en begrijpt dat een nadere uitwerking noodzakelijk is. Het dagelijks bestuur adviseert om, na de afronding van de uitvoeringstoetsmet duidelijkheid over het moment en de combinaties van maatregelen die genomen kunnen of moeten worden, met de concrete voorstellen en een mogelijke planning terug te komen bij de stadsdelen. Meer specifiek inhoudelijk gaat het voor Centrum om de impact en effecten van drie bundels.
Bundel I: Afsluiten doorgaand autoverkeer op 4 locaties rondom Vondelpark Deze bundel heeft het meeste effect op de doorstroming van het OV, en wekt de verwachting dat het autoverkeer in de betrokken stadsdelen afneemt. Voor stadsdeel Centrum wordt gesproken over drie knippen op de hoofdgrachten ter hoogte van de Leidsestraat. Hierbij wordt gesproken over Onduidelijk blijft wat hiermee wordt bedoeld. Dit kan te maken hebben met indien de OV doorstroming dit nodig heeft of wanneer het sluipverkeer door het Centrum verdere maatregelen noodzakelijk maakt knippen mogelijk worden overwogen en hoe de monitoring en besluitvorming hierop zal plaatsvinden. Voor het functioneren van het stadsdeel is van belang dat weloverwogen wordt omgegaan met mogelijkheden voor logistiek en de wijze van bevoorrading. Het dagelijks bestuur adviseert; Voordat maatregelen vanuit Bundel I worden uitgevoerd met een heldere uitwerking te komen van het proces en afweging voor het instellen van de knippen ter hoogte van de Leidsestraat.. Ook vraagt het dagelijks bestuur expliciet rekening te houden met de mogelijkheden voor logistiek en de wijze van bevoorrading . Bundel II: Afsluiten doorgaand autoverkeer op 6 locaties in Stadsdeel West In deze bundel wordt een optie genoemd waarbij een extra knip wordt ingesteld ter hoogte van de Bullebak op de Marnixstraat.
Het stadsdeel Centrum wijst er graag op dat op dit moment vanuit het project Binnenring wordt gewerkt aan de Marnixstraat Noord. Hier wordt gewerkt aan een nieuwe inrichting waarbij een fietsstraat gelijk aan de rest van de Binnenring het uitgangspunt is. Vanuit dit project is een knip op de Bullebak al eerder bekeken en voor Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 5
nu afgewezen omdat dit te grote negatieve gevolgen heeft voor de fietsvriendelijk in richting van de Marnixstraat. Wanneer het verkeer niet kan afrijden in noordelijke richting over de Bullebak moet de Marnixstraat in twee ontstaat er meer druk op het Marnixplein en komt minder ruimte vrij voor de fiets. Wanneer vanwege sluipverkeer een dergelijke knip toch zal worden overwogen dient dit in goede afstemming te gebeuren met het ontwerp voor de Marnixstraat. Gezien het stadium waarin het project Binnenring (Marnix Noord) nu zit is het essentieel dat op zeer korte termijn, voor mei dit jaar, duidelijk wordt of deze knip op de Bullebak wel of niet noodzakelijk zal zijn. Dit om aanpassing van een nieuwe inrichting en daarmee kapitaalvernietiging in de toekomst te voorkomen. Het dagelijks bestuur is geen voorstander van maatregelen die het comfort van de fietser en de mogelijkheden voor een volwaardige fietsstraat nadelig beïnvloeden en adviseert om terughoudend te zijn met het overwegen van deze ingreep, en vraagt in belang van het lopende project op korte termijn duidelijkheid. Bundel III: Afsluiten doorgaand autoverkeer op 4 bruggen over de Amstel Het stadsdeel Centrum maakt zich zorgen over de effecten van deze bundel op de Wibaut-as en daarmee op de hoeveelheid verkeer op de Weesperstraat en Valkenburgerstraat.
De precieze effecten hiervan zijn moeilijk te overzien en vragen om een uitgebreidere analyse. In de lussenstructuur voorzien in de Omgevingsvisie wordt niet meer uitgegaan van doorgaand verkeer op de corridor Weesperstraat en Valkenburgerstraat. Wanneer echter wordt gekozen om de Amstelbruggen te knippen en deze corridor (voor nu) in stand te houden ziet het stadsdeel dit als een groot risico op waterbedeffecten op de Weesperstraat en Valkenburgerstraat. Het dagelijks bestuur adviseert om de keuze voor een definitieve knip op de Weesperstraat te verbinden aan de maatregelen voor bundel III. Samenvattend deelt het dagelijks bestuur de ambitie van het college om een 30km/u regime in de gehele stad in te voeren en de effecten hiervan op het OV zoveel mogelijk te mitigeren. Het dagelijks bestuur is enthousiast over de toekomstige lussenstructuur waar naar toegewerkt wordt. Zij ziet de nadere uitwerking op basis van de uitvoeringstoets met vertrouwen tegemoet.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
De stadsdeelcommissie kan zich in grote lijnen vinden in het advies van het dagelijks bestuur. Als aanvulling daarop constateert zij dat in het rapport van RHDHV zorgen worden geuit over de vertragende werking van taxi s met een lijnbusbaanontheffing (LBO) voor bus- en tramverkeer. Het blijft echter onduidelijk welke invloed dit heeft op de doorstroming van het bus- en tramverkeer in Centrum. Ook wordt in de notitie van het college hier geen aandacht aan besteed of maatregelen op voorgesteld. De stadsdeelcommissie adviseert het dagelijks bestuur om het college te verzoeken in het kader van de adviesaanvraag Aantrekkelijk OV in een 30km/u stad een analyse te maken van de effecten van taxi s met een lijnbusbaanontheffing op de doorstroming van bus- en tramverkeer. De stadsdeelcommissie heeft naast de effecten op het openbaar vervoer van lijnbusbaanonheffingen voor taxi s ook grote zorgen over de verkeersveiligheid van het medegebruik van vrij-liggende trambanen door taxi met name bij snelheidsdifferentie tussen rijbaan en trambaan.
Daarom adviseert de stadsdeelcommissie het dagelijks bestuur om in aanloop naar de herijking van het taxibeleid (los van deze onderliggende adviesaanvraag) een analyse te maken van wat de effecten zijn voor de verkeersveiligheid op de verschillende wegen in Centrum waar een lijnbusbaanontheffing geldig is voor taxi s en wat de effecten zijn als taxi s met 50km/u op bepaalde trambanen mogen rijden, waar op de andere rijbanen 30 km/u gereden mag worden.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 5
Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders
OV-vervoer is van groot belang voor het functioneren van de stad. Daarnaast vervult het verbeteren van het OV in de stad een essentiële rol in het realiseren van de autoluw ambities voor de stad. Een fijnmazig, snel en comfortabel OV heeft daarom hoge prioriteit voor het stadsdeel Centrum. Maatregelen die hieraan bijdragen kunnen dan ook op onze steun rekenen. De mitigerende maatregelen lijken in eerste instantie hieraan bij te dragen. Deze maatregelen kunnen echter niet los worden gezien van de keuzes die gemaakt worden in het vervoersplan van het GVB die beperkend zijn voor doorkruisbaarheid van de stad. Terwijl juist het OV het comfortabele en directe alternatief moet bieden voor binnenstedelijke ritten. Het dagelijks bestuur wil dan ook zijn ongenoegen uitspreken over de wijze waarop aan de ene kant het OV wordt gefaciliteerd om beter, sneller en consistenter te kunnen opereren in de 30km/u stad, maar aan de andere kant het tekort aan investeringen in het OV het GVB noodzaakt te bezuinigen op de fijnmazigheid en frequentie van het OV. Het dagelijks bestuur wil dan ook in de eerste plaats het college vragen om niet alleen door infrastructurele keuzes het OV tegemoet te komen maar alles in haar macht te stellen om bezuinigingen en verdere verschraling van het OV te voorkomen.
Dit gezegd hebbende, heeft het dagelijks bestuur inhoudelijk het volgende advies ten aanzien van de mitigerende maatregelen. De specifieke maatregelen die betrekking hebben op het stadsdeel Centrum hebben hun basis in en zijn in lijn met de keuzes die in de Omgevingsvisie voor de langere termijn zijn neergelegd. Dat wil zeggen een lussenstructuur binnen de A10. Het dagelijks bestuur staat zeer positief tegenover deze langere termijn ontwikkeling en steunt de ontwikkeling in die richting. Met de mitigerende maatregelen wordt op kortere termijn een deel van deze structuur gerealiseerd namelijk daar waar het bij zal dragen aan de doorstroming van het OV. Hierdoor dreigt wel een risico dat elders in het verkeerssysteem negatieve effecten optreden . Het onderbouwende onderzoek van RHDHV richt zich met name op de analyse van waar het OV wordt belemmerd en waar winst te behalen valt voor het OV, en doet geen diep(er)gaande analyse van effecten op het overige verkeer in de stad. Er lijkt dan ook een voorstel te liggen met maatregelen die wenselijk zijn vanuit OV-oogpunt maar waarvan nog onvoldoende duidelijk is wat of wanneer, vanuit breder verkeersperspectief, nu al mogelijk of wenselijk is. Het dagelijks bestuur is verheugd dat nu al de eerste stappen worden gezet richting de gewenste lussenstructuur en begrijpt dat een nadere uitwerking noodzakelijk is.
Het dagelijks bestuur adviseert om, na de afronding van de uitvoeringstoetsmet duidelijkheid over het moment en de combinaties van maatregelen die genomen kunnen of moeten worden, met de concrete voorstellen en een mogelijke planning terug te komen bij de stadsdelen. Meer specifiek inhoudelijk gaat het voor Centrum om de impact en effecten van drie bundels. Bundel I: Afsluiten doorgaand autoverkeer op 4 locaties rondom Vondelpark Deze bundel heeft het meeste effect op de doorstroming van het OV, en wekt de verwachting dat het autoverkeer in de betrokken stadsdelen afneemt. Voor stadsdeel Centrum wordt gesproken over drie knippen op de hoofdgrachten ter hoogte van de Leidsestraat. Hierbij wordt gesproken over Onduidelijk blijft wat hiermee wordt bedoeld. Dit kan te maken hebben met indien de OV doorstroming dit nodig heeft of wanneer het sluipverkeer door het Centrum verdere maatregelen noodzakelijk maakt knippen mogelijk worden overwogen en hoe de monitoring en besluitvorming hierop zal plaatsvinden. Voor het functioneren van het stadsdeel is van belang dat weloverwogen wordt omgegaan met mogelijkheden voor logistiek en de wijze van bevoorrading. Het dagelijks bestuur adviseert; Voordat maatregelen vanuit Bundel I worden uitgevoerd met een heldere uitwerking te komen van het proces en afweging voor het instellen van de knippen ter hoogte van de Leidsestraat..
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 4 van 5
Ook vraagt het dagelijks bestuur expliciet rekening te houden met de mogelijkheden voor logistiek en de wijze van bevoorrading . Bundel II: Afsluiten doorgaand autoverkeer op 6 locaties in Stadsdeel West In deze bundel wordt een optie genoemd waarbij een extra knip wordt ingesteld ter hoogte van de Bullebak op de Marnixstraat. Het stadsdeel Centrum wijst er graag op dat op dit moment vanuit het project Binnenring wordt gewerkt aan de Marnixstraat Noord. Hier wordt gewerkt aan een nieuwe inrichting waarbij een fietsstraat gelijk aan de rest van de Binnenring het uitgangspunt is. Vanuit dit project is een knip op de Bullebak al eerder bekeken en voor nu afgewezen omdat dit te grote negatieve gevolgen heeft voor de fietsvriendelijk in richting van de Marnixstraat. Wanneer het verkeer niet kan afrijden in noordelijke richting over de Bullebak moet de Marnixstraat in twee ontstaat er meer druk op het Marnixplein en komt minder ruimte vrij voor de fiets. Wanneer vanwege sluipverkeer een dergelijke knip toch zal worden overwogen dient dit in goede afstemming te gebeuren met het ontwerp voor de Marnixstraat. Gezien het stadium waarin het project Binnenring (Marnix Noord) nu zit is het essentieel dat op zeer korte termijn, voor mei dit jaar, duidelijk wordt of deze knip op de Bullebak wel of niet noodzakelijk zal zijn.
Dit om aanpassing van een nieuwe inrichting en daarmee kapitaalvernietiging in de toekomst te voorkomen. Het dagelijks bestuur is geen voorstander van maatregelen die het comfort van de fietser en de mogelijkheden voor een volwaardige fietsstraat nadelig beïnvloeden en adviseert om terughoudend te zijn met het overwegen van deze ingreep, en vraagt in belang van het lopende project op korte termijn duidelijkheid. Bundel III: Afsluiten doorgaand autoverkeer op 4 bruggen over de Amstel Het stadsdeel Centrum maakt zich zorgen over de effecten van deze bundel op de Wibaut-as en daarmee op de hoeveelheid verkeer op de Weesperstraat en Valkenburgerstraat. De precieze effecten hiervan zijn moeilijk te overzien en vragen om een uitgebreidere analyse. In de lussenstructuur voorzien in de Omgevingsvisie wordt niet meer uitgegaan van doorgaand verkeer op de corridor Weesperstraat en Valkenburgerstraat. Wanneer echter wordt gekozen om de Amstelbruggen te knippen en deze corridor (voor nu) in stand te houden ziet het stadsdeel dit als een groot risico op waterbedeffecten op de Weesperstraat en Valkenburgerstraat. Het dagelijks bestuur adviseert om de keuze voor een definitieve knip op de Weesperstraat te verbinden aan de maatregelen voor bundel III.
Andere maatregelen Ook constateert het dagelijks bestuur, net als de stadsdeelcommissie, dat in het rapport van RHDHV zorgen worden - en tramverkeer. Het blijft echter onduidelijk welke invloed dit heeft op de doorstroming van het bus- en tramverkeer in Centrum. Ook wordt in de notitie van het college hier geen aandacht aanbesteed of maatregelen op voorgesteld. Het dagelijks bestuur adviseert het college dan ook een nadere analyse te maken van de effecten van taxi s en overig verkeer met een lijnbusbaanontheffing op de doorstroming van bus- en tramverkeer en zo nodig en zo mogelijk maatregelen op te nemen. Samenvattend deelt het dagelijks bestuur de ambitie van het college om een 30km/u regime in de gehele stad in te voeren en de effecten hiervan op het OV zoveel mogelijk te mitigeren. Het dagelijks bestuur is enthousiast over de toekomstige lussenstructuur waar naar toegewerkt wordt. Zij ziet de nadere uitwerking op basis van de uitvoeringstoets met vertrouwen tegemoet. Wel vraagt zij om ook breder te kijken en een nadere analyse te maken van de stremmende werking van medegebruik van de trambaan op het OV door ander verkeer.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 5 van 5
Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Aantrekkelijk OV in een 30 km/u stad Portefeuille: Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit
Verkeer & Openbare Ruimte Directie: Datum behandeling staf WH 30 januari 2023 Datum adviesaanvraag: Deadline ontvangst advies: Advies mailen naar: Meegestuurde stukken: Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?
13 maart 2023 9 mei 2023 l.vanderlinde@amsterdam.nl Notitie aantrekkelijk OV in een 30 km/u stad + Oplegger adviesaanvraag Nee
Invullen door stadsdeel: Noord Darren Rijsdijk 03-04-2023 Datum stadsdeelcommissie: 19-04-2023 Datum dagelijks bestuur: 09-05-2023 Registratienr. (optioneel): … Stadsdeel:
Procesbegeleider: Datum weekstart/staf:
Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en -
bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of (art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in.
DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)
Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur
De notitie ‘Aantrekkelijk ov in een 30km/u stad’ brengt in beeld wat de impact is van de invoering van ’30 in de stad’ op het stedelijk openbaar vervoer. Om het effect zoveel mogelijk te mitigeren zijn mogelijke voorstellen in beeld gebracht. Aan u wordt gevraagd kennis te nemen van de brief ‘Aantrekkelijk ov in een 30 km/u stad’ en advies uit te brengen over de voorstellen en aandachtspunten aan te geven bij de mogelijk verdere planvorming van de voorstellen.
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Oorsprong advies en relatie tot coalitieakkoord. Motie 852 van lid Vroege wees op de impact van het 30 km/u regime op het openbaar vervoer en constateerde dat inzicht omtrent deze impact en mogelijk mitigerende maatregelen voor het reduceren van deze impact nog ontbrak. De impact en mitigerende maatregelen zijn nu onderzocht door RHDHV. Het onderzoek en de genoemde maatregelen Pagina 1 van 6
richt zich op de volgende twee vragen. 1. Is het mogelijk het resterende exploitatietekort dat ontstaat voor het bus- en tramvervoer ten gevolge van de invoering van 30 km/u in de stad in Amsterdam te mitigeren? 2. Welke mitigerende maatregelen zijn er mogelijk? In de studie van RHDHV staat vermeld dat het exploitatieverlies met de beoogde snelheidsaanpassingen kan oplopen tot 66.000 dienstregelingsuren (DRU’s). Maatregelen om dit exploitatieverlies tegen te gaan behelzen voornamelijk het afsluiten van wegen voor doorgaand autoverkeer (zie onderstaande afbeeldingen). Implementatie van alle geïdentificeerde maatregelen genoemd in het onderzoek kan jaarlijks 35.500 DRU’s (dienstregeling uren) aan mitigerende rijtijdeffecten opleveren. Dit betekent dat 54% van het eerder berekende exploitatieverlies gecompenseerd kan worden d.m.v. uitvoeren van de geïdentificeerde maatregelen. Dit betekent dat de transitie naar 30 km/u, ondanks te nemen maatregelen, een exploitatieverlies van 30.500 DRU veroorzaakt.
-De voorgestelde maatregelen vanuit het onderzoek van RHDHV.
Dat de transitie naar 30 km/u een grote impact heeft op de exploitatie van openbaar vervoer baart ons als stadsdeel Noord zorgen, zeker in de bredere context van het coalitieakkoord waar o.a. wordt gesproken over de verdere uitrol van Agenda Autoluw en de uitbreiding van betaald parkeren daar waar de parkeerdruk hoog is. Als DB zijn we ervan overtuigd dat het succes van deze ontwikkelingen valt en staat met het beschikbaar zijn van geschikte alternatieven. In het coalitieakkoord wordt ook vermeldt dat we inzetten op fijnmaziger, duurzamer en betaalbaarder ov, als alternatief voor de auto. In de concept plannen voor het ov voor zowel 2023 als 2024 wordt echter geconstateerd dat de betaalbaarheid van het ov juist nu al onder druk staat. In de studie van RHDHV zijn er voor Stadsdeel Noord geen concrete maatregelen voorgesteld. De bundels en maatregelen zijn voorgesteld in hoog stedelijk gebied, omdat hier meer ov ritten en knelpunten zijn. Echter vinden we de voorstellen in dit stadium onvoldoende uitgewerkt om voldoende te kunnen beoordelen wat de effecten van deze voorgestelde maatregelen in Noord zullen zijn. Vandaar geven we toch een aantal adviezen puntsgewijs mee. Mogelijke effecten verder exploitatie tekort op Noord. Sinds de indiensttreding van de Noord/Zuid lijn in Juli 2018 is het ov-netwerk in de stad opnieuw ingericht.
Van het kronkelige spinnenweb met vele buslijnen, naar het strakke visgraat model met focus op de metroverbinding. Deze transitie heeft voor Noord destijds al een aantal knelpunten opgeleverd. Bijvoorbeeld te vaak overstappen als er geen gebruik wordt gemaakt van de Noord/Zuidlijn, langere reistijd voor ritten binnen Noord, langere overstaptijd en grotere afstanden tot haltes voor bewoners. Een goed functionerend ov-systeem is echter cruciaal voor de bereikbaarheid van Noord. Dit geldt voor het stadsdeel op dit moment, maar wordt nog urgenter als we de forse groei die Noord nog gaat doormaken in ogenschouw nemen. Onze zorgen omtrent ov zitten zowel bij lijnvoering alsmede de frequenties. De invoering van ‘30 km/u in de stad’ heeft een negatieve impact op de exploitatie van het openbaar vervoer in de stad, van met name het GVB. Bij een oplopend exploitatietekort wordt er mogelijk stads-breed gekeken naar het Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 6
verminderen van frequenties van bepaalde routes. In bepaalde buurten in Noord is het ov momenteel geen (volwaardig) alternatief voor de auto. Het is wat ons betreft dus niet acceptabel om verder te versoberen op het ov vanwege de invoering van ’30 in de stad’. Dit in ogenschouw nemend is het van belang dat er maatregelen worden genomen om het effect op de exploitatie op zo kort mogelijke termijn daadwerkelijk tot een minimum weten te reduceren. Op deze manier kan er weer ruimte komen om in te zetten op een verbeterd, fijnmaziger ov. Indien 30 km/u tot exploitatieverlies leidt, dienen er goede afspraken gemaakt worden met de Vervoerregio en vervoerders om verdere negatieve impact op het ov te vermijden. Werk de voorstellen verder uit en breng in beeld wat de effecten op de gehele stad zijn. Geen van de voorgestelde bundels en maatregelen is in Noord, echter kunnen afsluitingen in de rest van de stad wel degelijk impact hebben op de mobiliteit in Noord. Een voorbeeld hiervan zijn de plannen voor de pilot Weesperstraat, die ervoor zorgen dat autoverkeer vanuit Noord richting bijvoorbeeld de Wibautas enkel via de A10 kan verlopen. De voorstellen/afsluitingen voorgesteld in dit onderzoek zijn nu nog niet uitgewerkt genoeg om inhoudelijk te beoordelen wat de impact hiervan zou kunnen zijn op de bereikbaarheid en ontsluiting van Noord.
Om de mogelijke impact van deze maatregelen op stadsdeel Noord te kunnen beoordelen is het essentieel om te weten hoe de invulling van de afsluitingen eruit komt te zien. Een groot deel van de maatregelen heeft namelijk niet alleen een lokaal effect, maar zal ook stads-brede impact hebben. We zouden graag zien dat de effecten per maatregel en per geheel beter in beeld worden gebracht. Idealiter niet alleen voor de auto, maar ook voor het ov en fiets. Uitrol van Omgevingsvisie 2050. De brief Aantrekkelijk ov in een 30 km/u stad refereert naar de Omgevingsvisie 2050. ‘’ In 2021 is de Omgevingsvisie voor Amsterdam 2050: een menselijke metropool door de gemeenteraad vastgesteld. De omgevingsvisie beschrijft de gewenste ontwikkeling van de stad en vormt het kader voor ruimtelijke ontwikkelingen’’ De voorgestelde maatregelen geven een eerste invulling aan een mogelijk toekomstig autonetwerk zoals is opgenomen in de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. De A10 functioneert in dit voorstel als verdeelring voor het autoverkeer van de stad. Elk stadsdeel is via de Ring A10 bereikbaar. Als een automobilist van één stadsdeel naar een ander stadsdeel wil reizen, zal dit in de eindsituatie zoals geschetst in de Omgevingsvisie via de A10 plaatsvinden. Deze situatie kan een forse impact hebben op de bredere ontsluiting en bereikbaarheid van Noord.
Als in de transitie van 50km/u naar 30 km/u de eerste stappen worden voorgesteld om tot toekomstig autonetwerk te komen is het van groot belang om verder inzicht te krijgen in hoe de verdere uitwerking en fasering van de totstandkoming van deze structuur eruitziet.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
De stadsdeelcommissie is blij met het besluit van het college om de maximale snelheid te verlagen naar 30km/uur omdat het in sommige delen van ons stadsdeel zal leiden tot een aanzienlijke verbetering van de verkeersveiligheid. Voorbeelden zijn de Pomonastraat en de Meteorenweg waar de bussen met 50 km/uur veel te dicht langs fietsers komen. Dit leidt nu, met name op de plekken waar auto’s op de fietssuggestiestroken staan geparkeerd, tot levensgevaarlijke situaties. Toch deelt de stadsdeelcommissie de zorgen van het dagelijks bestuur met betrekking tot de exploitatie. De extra kosten mogen niet leiden tot een vermindering van het aanbod. Noord is het enige stadsdeel binnen de ring waar geen voorgenomen mitigerende maatregelen zijn genomen. Met het uitblijven van beslissingen over vaste oeververbindingen is het strikt noodzakelijk dat het OV-netwerk in Amsterdam Noord niet verder verslechterd. Ook vinden we het zorgwekkend dat de impact van 30 km/uur voor Noord in grote lijnen bekeken