Bijlage 1 Bundeling adviezen stadsdelen
Tekst van het document
Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Jaarplan Vervoer GVB 2026 Portefeuille: Directie:
Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit Verkeer & Openbare Ruimte
Datum behandeling staf WH Datum adviesaanvraag: 2 april 2025 Deadline ontvangst advies: Advies mailen naar: Meegestuurde stukken:
Heeft er consultatie vooraf
28 mei 2025 t.gineswozniak@amsterdam.nl Het concept Jaarplan Vervoer GVB 2026, met een concept reactie van het college op het Jaarplan Vervoer ter consultatie aan DB-leden van de stadsdelen. Met daarbij een begeleidende brief van het College over de adviesaanvraag. Nee (wel een gespreksronde)
plaatsgevonden?
Invullen door stadsdeel: Centrum J. Rolf Datum weekstart/staf: 14 april 2025 Datum stadsdeelcommissie: 13 mei 2025 Datum dagelijks bestuur: 15 mei 2025 (akkoord Pfh) Registratienr. (optioneel): Stadsdeel: Procesbegeleider:
Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: -
(art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of
-
(art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of
BM bij DB advies in. DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)
Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur
Graag ontvangen wij uw reactie en aandachtspunten ter aanvulling op de concept reactie van het college op het concept Jaarplan Vervoer van GVB voor 2026. Zie begeleidende brief.
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Het dagelijkse bestuur dankt het college voor het bieden van een mogelijkheid om te reageren op haar conceptreactie. Voor wat betreft de voorgestelde wijzigingen in de Jaarplan Vervoer 2026 ziet het bestuur, ondanks een beperkt aantal wijzigingen in Centrum, toch impact voor het aanbod van openbaar vervoer in stadsdeel Centrum. Dit komt nog onvoldoende naar voren in de inhoudelijke punten in de concept-reactie van het college. Pagina 1 van 3
Voor wat betreft de in de concept-reactie opgenomen bredere zorgen en aandachtspunten steunt het dagelijks bestuur in ieder geval de inhoud van de brief. Wel wil het bestuur op de volgende punten wijzen. Met het verdwijnen van lijn 3 als verbinding naar Oost en daarmee naar het OLVG Oost wordt een belangrijke directe verbinding naar deze essentiële voorziening ontnomen aan de bewoners van de Noord Jordaan en Westelijke Eilanden. Deze wijken hebben veel bewoners met een zorgbehoefte. Het creëren van een extra overstap voor deze doelgroep in de verbinding naar het OLVG Oost is onze ogen onwenselijk. Daarnaast staat de komende jaren de OV verbinding vanuit Centrum naar West en Nieuw-West onder druk door de buiten gebruik stelling van de Raadhuisstraat en Rozengracht wat beperkingen geeft voor tramlijnen 13 en 17. Het is vanuit dat oogpunt essentieel dat bestaande alternatieve verbindingen naar het westen zoals buslijnen 18, 21 en 22 op een hoog niveau blijven rijden. Een keuze om lijn 18 in frequentie in weekenden te beperken tot 2x per uur is dan ook zeer ongewenst. Tot slot wil het dagelijks bestuur (wederom) vragen om bij de VRA te wijzen op de wenselijkheid om het gebruik van de breed opgezette en recent vernieuwde tramroute Vijzelstraat en -gracht voor de toekomst weer in overweging te nemen.
Niet alleen is een snelle tramverbinding op deze brede corridor passender en veiliger, maar ook kunnen hiermee de andere corridors zoals de veel smallere Utrechtsestraat of de overbelaste Leidsestraat worden ontzien. Hetgeen deze winkelstraten meer rust en kwaliteit zouden kunnen opleveren. In onze ogen zou het daarom passender zijn om de nieuwe route van de lijn 24 via de Vijzelstraat te laten lopen ter ontlasting van de Leidsestraat Verder heeft het dagelijks bestuur geen aanvullende punten of advies op de voorgelegde concept-reactie. Met betrekking tot de toekomstige ontvlechting van de metro, al is dit geen direct onderdeel van het Jaarplan Vervoer 2026, wijst het dagelijks bestuur graag op de functie van de directe metrolijn tussen Centrum en het BijlmerArena gebied voor grote publieksstromen bij evenementen en concerten. Behoud van deze directe lijn is vanuit dat opzicht zeer wenselijk.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
De stadsdeelcommissie verzoekt het dagelijks bestuur om zich in te zetten om de route van buslijn 22 te behouden. De stadsdeelcommissie verzoekt het dagelijks bestuur om zich in te zetten voor het behoud van de bereikbaarheid van de oostelijke eilanden door behoud van een meer frequente busverbinding dan in het huidige voorstel, met name in de avonduren, beeld door middel van bus 42
Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders
Het dagelijkse bestuur dankt het college voor het bieden van een mogelijkheid om te reageren op haar conceptreactie. Voor wat betreft de voorgestelde wijzigingen in de Jaarplan Vervoer 2026 ziet het bestuur, ondanks een beperkt aantal wijzigingen in Centrum, toch impact voor het aanbod van openbaar vervoer in stadsdeel Centrum. Dit komt nog onvoldoende naar voren in de inhoudelijke punten in de concept-reactie van het college. Voor wat betreft de in de concept-reactie opgenomen bredere zorgen en aandachtspunten steunt het dagelijks bestuur in ieder geval de inhoud van de brief.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 3
Wel wil het bestuur op de volgende punten wijzen. Met het verdwijnen van lijn 3 als verbinding naar Oost en daarmee naar het OLVG Oost wordt een belangrijke directe verbinding naar deze essentiële voorziening ontnomen aan de bewoners van de Noord Jordaan en Westelijke Eilanden. Deze wijken hebben veel bewoners met een zorgbehoefte. Het creëren van een extra overstap voor deze doelgroep in de verbinding naar het OLVG Oost is onze ogen onwenselijk. Daarnaast staat de komende jaren de OV verbinding vanuit Centrum naar West en Nieuw-West onder druk door de buiten gebruik stelling van de Raadhuisstraat en Rozengracht wat beperkingen geeft voor tramlijnen 13 en 17. Het is vanuit dat oogpunt essentieel dat bestaande alternatieve verbindingen naar het westen zoals buslijnen 18, 21 en 22 op een hoog niveau blijven rijden. Een keuze om lijn 18 in frequentie in weekenden te beperken tot 2x per uur is dan ook zeer ongewenst. Het dagelijks bestuur is niet blij met het opknippen van de huidige route van lijn 22. Door deze maatregel verdwijnt wederom een directe oost-west route in het OV netwerk en komt de bereikbaarheid en verbinding tussen het oosten en westen van de stad nog verder onderdruk te staan. Voor het oostelijk deel van de route zal hierdoor daarbij de frequentie van de buslijn substantieel worden verlaagd.
Samen met het eerdere schrappen van lijn 43 (Kattenburgerstraat) in het vervoerplan 2023/2024 begint hierdoor een zorgwekkende verschraling van het OV aanbod voor de Oostelijke Eilanden te ontstaan. Mede vanuit de stadsdeelcommissie vraagt het dagelijks bestuur het college dan ook om zich hard te maken voor het behoud van de volledige route van lijn 22 als oost-west verbinding. Wanneer het op splitsen van de route 22 onvermijdelijk is vraagt het dagelijks bestuur aan het college zich in ieder geval hard te maken voor het behoud van de OV bereikbaarheid van de Oostelijke Eilanden, met name in de avonduren. Dit door de frequentie van de nieuwe oostelijke lijn 42 op een hogere niveau te brengen dan in het huidige voorstel, door minimaal de bestaande frequentie van lijn 22 voort te zetten voor lijn 42. Tot slot wil het dagelijks bestuur (wederom) vragen om bij de VRA te wijzen op de wenselijkheid om het gebruik van de breed opgezette en recent vernieuwde tramroute Vijzelstraat en -gracht voor de toekomst weer in overweging te nemen. Niet alleen is een snelle tramverbinding op deze brede corridor passender en veiliger, maar ook kunnen hiermee de andere corridors zoals de veel smallere Utrechtsestraat of de overbelaste Leidsestraat worden ontzien. Hetgeen deze winkelstraten meer rust en kwaliteit zouden kunnen opleveren.
In onze ogen zou het daarom passender zijn om de nieuwe route van de lijn 24 via de Vijzelstraat te laten lopen ter ontlasting van de Leidsestraat Verder heeft het dagelijks bestuur geen aanvullende punten of advies op de voorgelegde concept-reactie. Met betrekking tot de toekomstige ontvlechting van de metro, al is dit geen direct onderdeel van het Jaarplan Vervoer 2026, wijst het dagelijks bestuur graag op de functie van de directe metrolijn tussen Centrum en het BijlmerArena gebied voor grote publieksstromen bij evenementen en concerten. Behoud van deze directe lijn is vanuit dat opzicht zeer wenselijk.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 3
Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Jaarplan Vervoer GVB 2026 Portefeuille:
Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit
Directie:
Verkeer & Openbare Ruimte
Datum behandeling staf WH Datum adviesaanvraag:
2 april 2025
Deadline ontvangst advies:
28 mei 2025
Advies mailen naar:
t.gineswozniakamsterdam.n1
Meegestuurde stukken:
Het concept Jaarplan Vervoer GVB 2026, met een concept reactie van het college op het Jaarplan Vervoer ter consultatie aan DB-leden van de stadsdelen. Met daarbij een begeleidende brief van het College over de adviesaanvraag.
Heeft er consultatie vooraf
Nee (wel een gespreksronde)
plaatsgevonden?
Invullen door stadsdeel: Stadsdeel:
Nieuw-West
Procesbegeleider:
Antoon Groot
Datum weekstart/staf:
8 april (Staf)
Datum stadsdeelcommissie: 15 april (oordeelvormend), 13 mei (besluitvormend) Datum dagelijks bestuur:
6 mei (concept advies), 20 mei (definitief advies)
Registratienr. (optioneel):
Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of (art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in. DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 29). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 3o, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)
Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur
Graag ontvangen wij uw reactie en aandachtspunten ter aanvulling op de conceptreactie van het college op het concept Jaarplan Vervoer van GVB voor 2026. Zie begeleidende brief. Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuurformuleert hier -indien van toepassing- t. b. v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Het dagelijks bestuur is het grotendeels eens met de conceptreactie van het college op het concept Jaarplan Vervoer en heeft aanvullend nog de volgende adviezen: 1.
In de conceptreactie staat dat de frequentieverhoging van R-net 369 gewaardeerd wordt. Dit onderschrijven wij ten dele. Weliswaar rijden er per uur meer bussen maar niet over het volledige trace. Zo wordt voorgesteld dat overdag vier van de acht ritten eindigt op het Belgieplein en dus niet doorrijdt naar Schiphol. Hierdoor Pagina i van 5
ontstaat overdag een verslechtering ten opzichte van de huidige situatie. In dat Iicht wordt dan ook voorgesteld deze frequentieverlaging van de Westtangent 369 naar Schiphol als onwenselijke kanttekening te benoemen in de conceptreactie. Dit zou deels ondervangen kunnen worden door als eindhalte Anderlechtlaan i.p.v. Belgieplein aan te houden voor de bussen die niet doorrijden naar Schiphol. Hier halteert namelijk de 198 (Connexxion) die ook Schiphol aandoet (zie ook onder 2 b), zodat een logisch overstappunt ontstaat. 2.
Een ov busknooppunt te creeren bij de Oeverlanden (halte Anderlechtlaan) om de bereikbaarheid van zowel de Oeverlanden als Schiphol voor het stadsdeel verder te optimaliseren door de volgende lijnen door te trekken naar halte Anderlechtlaan : Lijn 18: De nieuwe lijn 18 biedt een enorme verbetering voor de ontsluiting van het gebied Nieuwe Meer. • Een verdere optimalisatie kan bewerkstelligd worden deze lijn door te trekken naar de halte Anderlechtlaan om zodoende een overstapmogelijkheid te bieden naar Schiphol via o.a. R-netlijn 369 en •
Connexxionlijn 198. Lijn 369: In het geval R-netlijn 369 niet bij alle ritten kan doorrijden naar Schiphol deze dan niet bij het Belgieplein te laten eindigen maar eindhalte Anderlechtlaan aan te houden. Hiermee wordt een goede overstapmogelijkheid geboden op Connexxionlijn 198.
3.
In het kader van het verbeteren van de fijnmazigheid van het ov in de wijk Nieuw-Sloten voor te stellen lijn 61 door te trekken naar Belgieplein en via Laan van Vlaanderen een rondje te laten rijden. Hierdoor kunnen in Nieuw-Sloten 4 haltes aangedaan worden.
4.
In de conceptreactie stelt het college dat het onwenselijk is dat delen van een aantal buslijnen in de vroege ochtend vanuit de stad naar Schiphol wordt verminderd. Het dagelijks bestuur onderschrijft dit ten voile, maar ziet hier graag de concrete nummers van de buslijnen bij benoemd, waaronder in elk geval de 369.
5.
De keerzijde van het doortrekken van lijn i8 richting De Nieuwe Meer is dat deze dan niet meer stopt bij halte Louweshoek. Dit is nadelig voor de omwonenden daar en bezoekers van Medisch Centrum Slotervaart. Het dagelijks bestuur adviseert om dit nadeel te compenseren, bijvoorbeeld door haltes toe te voegen bij de kruising Louwesweg/Johan Huizingalaan.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB Dp 13 mei zijn de volgende adviezen in de stadsdeelcommissie ter stemming gebracht. Gevraagd advies leden Biddle (GroenLinks), Janssen (D66), Daher (PvdA) Advies 1. Neem overgenomen stadsdeelcommissie-adviezen integraal over in het definitieve advies van het stadsdeel. Advies 2. Trek lijn 61 door naar het Belgieplein via Baden Powellweg en Laan van Vlaanderen West. Het is belangrijk dat het Osdorpplein onderdeel van de route blijft. Adviezen 1 en 2 unaniem aangenomen met 16 stemmen voor (2 VVD, 1 FvD, 3 DENK, 3 PvdA, 3 GL, 3 D66, 1 GBP. Afwezig: GBW!) Gevraagd advies lid Daher (PvdA) 1. Toegankelijkheid en Gebrek aan bushaltes langs de Ookmeerweg. Wij adviseren om de mogelijkheid te onderzoeken voor het toevoegen van extra bushaltes langs de Ookmeerweg om de toegankelijkheid te verbeteren.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 5
2. Ontbreken van nachtbussen tussen Sloterdijk en Schiphol. Gezien de 24-uurs economie en de groeiende vraag naar nachtelijk openbaar vervoer, adviseren wij om het nachtbussennetwerk tussen Sloterdijk en Schiphol te heroverwegen en waar mogelijk te herstellen. 3. Participatie en ontwikkeltafels. Wij adviseren structurele betrokkenheid van stadsdelen bij de zgn. ontwikkeltafels. Kennis van het gebied, bewoners en lokale mobiliteitsbehoeften is cruciaal voor effectieve besluitvorming en een gedragen vervoerplan. Advies 1 is ingetrokken en samengevoegd met advies 3 van lid Janssen (D66). Adviezen 2 en 3 unaniem aangenomen met 16 stemmen voor (2 VVD, 1 FvD, 3 DENK, 3 PvdA, 3 GL, 3 D66, 1 GBP. Afwezig: GBW!) Gevraagd advies lid Janssen (D66) Advies 1 — Realiseer een bushalte voor de ingang van het Sloterparkbad als onderdeel van Iijn 369 (en wellicht voor toekomstige Iijnen). Advies 2 — Onderzoek in hoeverre het mogelijk is om Iijn 61 langs de Baden Powellweg te laten rijden, via of de Ookmeerweg dan wel Tussen Meer om vervolgens zijn weg te vervolgen langs de Plesmanlaan en Laan van Vlaanderen. Advies 3 — Advies 2 zou betekenen dat er een extra bushalte zou moeten komen op de Ookmeerweg (wellicht ter hoogte van de Reimerswaalstraat). Het is verstandig om nu al de haalbaarheid van een extra bushalte op deze weg te onderzoeken.
Advies 2 is ingetrokken en samengevoegd met advies 2 van leden Biddle (GroenLinks), Janssen (066), Daher (PvdA). Adviezen 1 en 3 unaniem aangenomen met 16 stemmen voor (2 VVD, 1 FvD, 3 DENK, 3 PvdA, 3 GL, 3 D66, 1 GBP. Afwezig: GBW!) Gevraagd advies lid van Zwoll (De Groenen Basis Piraten) Advies stadsdeelcommissie: Opnieuw in gebruik nemen bushalte Oude Haagseweg. Bij deze pleit ik de eindstop met een halte te verlengen naar waar vroeger bus 69 bij halte "Dude Haagseweg" stopte. Dit zou een opluchting voor alle bewoners in dit gebied zijn. Advies verworpen met 1 stem voor (GBP) en 15 stemmen tegen (2 VVD, 1 FvD, 3 DENK, 3 PvdA, 3 GL, 3 D66) Stemming conceptadvies DB Adviezen 1 t/m 5 unaniem aangenomen met 16 stemmen voor (2 VVD, 1 FvD, 3 DENK, 3 PvdA, 3 GL, 3 D66, 1 GBP. Afwezig: GBW!)
Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders Het dagelijks bestuur van stadsdeel Nieuw-West is het grotendeels eens met de conceptreactie van het college op het concept Jaarplan Vervoer. Aanvullend heeft het dagelijks bestuur nog de volgende adviezen, waarin de aangenomen adviezen vanuit de stadsdeelcommissie zijn verwerkt. 1.
In de conceptreactie staat dat de frequentieverhoging van R-net 369 gewaardeerd wordt. Dit onderschrijft het dagelijks bestuur ten dele. Weliswaar rijden er per uur meer bussen maar niet over het volledige trace. Zo wordt voorgesteld dat overdag vier van de acht ritten eindigt op het Belgieplein en dus niet doorrijdt naar Schiphol. Hierdoor ontstaat overdag een verslechtering ten opzichte van de huidige situatie. In dat Iicht adviseert het dagelijks bestuur deze frequentieverlaging van de Westtangent 369 naar Schiphol als onwenselijke kanttekening te benoemen in de concept reactie. Dit zou deels ondervangen kunnen worden door als eindhalte Anderlechtlaan i.p.v. Belgieplein aan te houden voor de bussen die niet doorrijden naar Schiphol. Hier halteert namelijk de 198 (Connexxion) die ook Schiphol aandoet (zie ook onder 2 b), zodat een logisch overstappunt ontstaat.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 5
2.
Het dagelijks bestuur adviseert een ov-busknooppunt te creiren bij de Oeverlanden (halte Anderlechtlaan), om de bereikbaarheid van zowel de Oeverlanden als Schiphol voor het stadsdeel verder te optimaliseren, door de volgende lijnen door te trekken naar halte Anderlechtlaan : a) Lijn 18: De nieuwe lijn i8 biedt een enorme verbetering voor de ontsluiting van het gebied Nieuwe Meer. Een verdere optimalisatie kan bewerkstelligd worden door deze lijn door te trekken naar de halte Anderlechtlaan om zodoende een overstapmogelijkheid te bieden naar Schiphol via o.a. R-netlijn 369 en Connexxionlijn 198. b) Lijn 369: In het geval R-netlijn 369 niet bij alle ritten kan doorrijden naar Schiphol deze dan niet bij het Belgieplein te laten eindigen maar eindhalte Anderlechtlaan aan te houden. Hiermee wordt een goede overstapmogelijkheid geboden op Connexxionlijn 198.
3.
In het kader van het verbeteren van de fijnmazigheid van het ov in de wijk Nieuw-Sloten adviseert het dagelijks bestuur om lijn 6i door te trekken naar Belgieplein en via de Baden Powellweg en Laan van Vlaanderen West een rondje te laten rijden. Hierdoor kunnen in Nieuw-Sloten 4 haltes aangedaan worden. Het is belangrijk dat het Osdorpplein onderdeel van de route blijft.
4.
In de conceptreactie stelt het college dat het onwenselijk is dat delen van een aantal buslijnen in de vroege ochtend vanuit de stad naar Schiphol wordt verminderd. Het dagelijks bestuur onderschrijft dit ten voile, maar adviseert om de concrete nummers van de betreffende buslijnen hierbij te benoemen, waaronder in elk geval de 369.
5.
De keerzijde van het doortrekken van lijn 18 richting De Nieuwe Meer is dat deze dan niet meer stopt bij halte Louweshoek. Dit is nadelig voor de omwonenden daar en bezoekers van Medisch Centrum Slotervaart. Het dagelijks bestuur adviseert om dit nadeel te compenseren, bijvoorbeeld door haltes toe te voegen bij de kruising Louwesweg/Johan Huizingalaan.
6.
In de huidige lijnvoering constateert het dagelijks bestuur dat er een lang stuk van de Ookmeerweg, tussen de Troelstralaan en de Baden Powellweg, helemaal niet door een bus wordt bediend. De 63 gaat wel parallel daaraan over de Osdorperban, maar dat is behoorlijk ver voor bewoners aan de Ookmeerweg. Het dagelijks bestuur adviseert om ook dat stuk van de Ookmeerweg te bedienen, bijvoorbeeld door een uitbreiding van of andere verdeling tussen lijnen 61 en 63 (zie ook onder 3). Daarbij is in elk geval een extra halte gewenst ter hoogte van de Reimerswaalstraat. Als dat niet voor 2026 haalbaar is (ivm infrastructurele ingrepen nodig voor het toevoegen van nieuwe haltes) adviseert het dagelijks bestuur om deze ambitie in elk geval in de ontwikkeltafels mee te nemen voor daarna.
7.
Al sinds de corona pandemie ontbreken de nachtbussen tussen Sloterdijk en Schiphol. Gezien de 24-uurs economie en de groeiende vraag naar nachtelijk openbaar vervoer, adviseert het dagelijks bestuur om het nachtbussennetwerk tussen Sloterdijk en Schiphol te heroverwegen en waar mogelijk te herstellen.
8.
Het dagelijks bestuur adviseert om structurele betrokkenheid van stadsdelen bij de op te zetten ontwikkeltafels te waarborgen. Kennis van het gebied, bewoners en lokale mobiliteitsbehoefte is cruciaal voor effectieve besluitvorming en gedragen ontwikkelplannen en jaarplannen vervoer.
9. Met het Sloterparkbad, 2 sportscholen en sporttoestellen biedt Nieuw-West een groot sport aanbod in het Sloterpark, zelfs voor olympische atleten. Helaas zijn deze faciliteiten niet goed bereikbaar met het openbaar vervoer. Het dagelijks bestuur adviseert daarom een extra bushalte te realiseren voor de ingang van het Sloterparkbad als onderdeel van lijn 369 (en wellicht voor toekomstige lijnen).
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 4 van 5
Aldus vastgesteld in de vergadering van het dagelijks bestuur van Stadsdeel Nieuw-West, Gemeente Amsterdam, 20 mei 2025 Het dagelijks bestuur van Stadsdeel Nieuw-West, Gemeente Amsterdam
De heer E.C. Burke Stadsdeeldirecteur
De haeiE. Oliver S a'dsdeelvoorzitter
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 5 van 5
Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Jaarplan Vervoer GVB 2026 Portefeuille: Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit Directie: Verkeer & Openbare Ruimte Datum behandeling staf WH Datum adviesaanvraag: 2 april 2025 Deadline ontvangst advies: 28 mei 2025 Advies mailen naar: t.gineswozniak@amsterdam.nl Meegestuurde stukken:
Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?
Het concept Jaarplan Vervoer GVB 2026, met een concept reactie van het college op het Jaarplan Vervoer ter consultatie aan DB-leden van de stadsdelen. Met daarbij een begeleidende brief van het College over de adviesaanvraag. Nee (wel een gespreksronde)
Invullen door stadsdeel: Noord Luuk van Gemert, strategisch adviseur; Elisabeth Koop, programmamanager Openbare Ruimte Datum weekstart/staf: 14 april 2025 Datum stadsdeelcommissie: 14 mei 2025 Datum dagelijks bestuur: 21 mei 2025 Registratienr. (optioneel): … Stadsdeel: Procesbegeleider:
Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of -
(art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in. DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)
Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur
Graag ontvangen wij uw reactie en aandachtspunten ter aanvulling op de concept reactie van het college op het concept Jaarplan Vervoer van GVB voor 2026. Zie begeleidende brief.
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Het Dagelijks Bestuur Noord constateert dat de voorgestelde wijzigingen in het Concept Jaarplan GVB 2026 zullen zorgen voor een verslechtering van het openbaar vervoer in Noord. Sinds de opening van de Noord-Zuidlijn en het invoeren van het bijbehorende visgraatmodel heeft Noord te stellen gehad met een verschraling van interne OVbereikbaarheid, met name in de sociaal-economisch kwetsbare wijken aan de noordoost- en noordwestkant. Voor Noord bleef helaas gelden: “Een volwaardig stadsdeel, maar onvolwaardig verbonden.” Dit jaarplan heft deze Pagina 1 van 6
verschraling niet op, maar versterkt deze, o.a. door de lage frequenties in de daluren, deels ontkoppeling van de busverbinding van de Noord/Zuidlijn en minder halteren. Ook is het BovenIJ ziekenhuis in het nieuwe plan slechter bereikbaar dan in de huidige situatie. Daarnaast is de woningbouw in Noord groot en wordt een forse toename in OVgebruik verwacht. Wij zien in het huidige Concept Jaarplan geen concrete voorstellen die inspelen op deze ontwikkelingen. De versnelde verbinding tussen Noord-West en Sloterdijk is weliswaar een verbetering, maar over het totaal genomen weegt dit niet op tegen de verslechteringen. Aanvullend daarop vindt het DB Noord de naamswijziging van de buslijnen onnodig verwarrend voor bewoners en ondernemers en blijft het gebrek aan participatie in deze tijd van de net vastgestelde participatieverordening een wonderlijke keuze. a) Interne bereikbaarheid: Door de voorgestelde frequentiebeperking van lijn 33 (voorheen grotendeels 35) wordt het in het westen van Noord moeilijk om zomaar op de bus te stappen, waardoor veel mensen zich gedwongen zullen voelen deze reis niet of op een andere, minder toegankelijke manier te maken. De Banne en Floradorp worden minder goed verbonden met de belangrijke kernen in midden/oost Noord, zoals het Olof Palmeplein.
Hierdoor worden voorzieningen als het ziekenhuis, begraafplaats de Nieuwe Noorder of winkelcentra moeilijker bereikbaar terwijl de afstanden in Noord groot zijn. Lijn 36 wordt door veranderende haltes minder goed bereikbaar vanuit Kadoelen/Zuideinde, gebieden met toch al een erg beperkt OV-aanbod. Onderaan de streep betekent dit dat intern reizen binnen Noord veel minder aantrekkelijk wordt met het OV, en het OV daardoor steeds minder een volwaardige optie is voor Noorderlingen. Dit verlaagt de mobiliteit van Noorderlingen, en staat op gespannen voet met de ambitie van de gemeente om OV als volwaardige voorziening in stand te houden. Naast deze aantasting van OV als publieke voorziening leidt het ook tot meer auto-afhankelijkheid. b) Externe verbondenheid: Dankzij de versnelling van lijn 36 als gevolg van het niet langer aandoen van halte Molenwijk, krijgt Noord een snellere verbinding met station Sloterdijk. Dit is een welkome verbetering. Helaas constateert het DB dat Noord op andere manieren, door verschraling van het aanbod binnen Noord, juist minder goed verbonden raakt met de rest van de stad. Doordat lijn 33 niet langer, zoals lijn 35, een snelle route rijdt richting station Noorderpark, raakt het westen van Noord een snelle verbinding met CS en de rest van het metronetwerk kwijt.
Historisch perspectief: lijn 35 kreeg bij de introductie van het visgraatmodel ook een andere route. De bewoners die daar nu geraakt worden, zijn dus precies de bewoners die toen ook te maken kregen met een langere reistijd. Daarnaast stopt lijn 38 niet meer op station Noord en is deze dus niet meer aangesloten op de metro. Voor zowel lijn 33 en lijn 38 geldt dat (een deel van de) gebruikers meer moeten overstappen, wat hoe dan ook leidt tot een tragere verbinding tussen de NZ-lijn en de rest van Noord. Dit staat ook in schril contrast met het voornemen van het GVB om meer te focussen op station Zuid: als je inzet op station Zuid en het belang van de NZ-lijn als hoofdas van het openbaar vervoer in Amsterdam, dan vraagt dit dat de verbinding met de NZ-lijn ook in Noord op orde is. c) Inclusiviteit: Onderaan de streep leiden deze aanpassingen tot een minder inclusief stadsdeel. Sociaal-economisch minder inclusief omdat auto-afhankelijkheid wordt verhoogd terwijl lang niet elke Noorderling een auto kan betalen. Minder sociale toegankelijkheid, omdat groepen die niet kunnen autorijden of (lange) afstanden kunnen fietsen minder mobiel worden binnen het stadsdeel, en minder verbonden met de hele stad. Tenslotte lijdt de sociale veiligheid ook onder deze plannen, met name door lagere frequenties in het weekend, de avond en de vroege ochtend op lijn 33.
Het is onprettig voor mensen, met name vrouwen en senioren, om lang te moeten wachten in het donker op haltes waar het veiligheidsgevoel niet altijd gegarandeerd kan worden. Concluderend, ziet het DB Noord dat dit Jaarplan op gespannen voet staat met het voornemen om OV een volwaardig onderdeel te laten worden van het mobiliteitsnetwerk in Noord. Wat stelt het DB voor ter verbetering? 1. De belangrijkste wijziging die Noord graag wil zien, is het frequenter laten rijden van lijn 33 (even frequent als 34 en 36), omdat dit veel problemen tegelijk oplost – zie onderstaand. a. Door vaker te laten rijden wordt het makkelijker om overstappen te halen tussen 33, 34 en 36. b. Daardoor worden west- en oost-Noord beter verbonden door een betere verbinding tussen de 36 en 33. c. Beide metrostations worden redelijk bereikbaar vanaf beide lijnen, door makkelijker overstap. d. Met de overstap 34-33 blijven de voorzieningen van het Olof Palmeplein bereikbaar met het OV vanuit Banne-Buiksloot en Floradorp. Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 6
e. Met de overstap 37-33 zijn oost- en west-Noord beter met elkaar verbonden, en west-Noord met stadsdeel Oost. f. Er wordt voorkomen dat de (sociale) veiligheid voor wachtenden op lijn 33 in het geding komt. Met het verhogen van de frequentie van lijn 33 tot het niveau van de andere lijnen worden dus vele vliegen in één klap geslagen. Uiteraard ziet het stadsdeel graag voorstellen om bovenstaande doelstellingen te bereiken als het onhaalbaar blijkt om lijn 33 op dezelfde frequentie te laten rijden als alle andere lijnen waarmee hij interacteert. 2. We waarderen dat het College aan het GVB vraagt om lijn 38 op termijn weer aan de metro te koppelen. Wat ons betreft is het echter ongewenst om de ontkoppeling überhaupt plaats te laten vinden. We stellen voor de koppeling van lijn 38 met de NZ-lijn in stand te houden. Dit is niet alleen voor Noorderlingen, maar voor de hele stad van belang.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
Advies Stadsdeelcommissie Noord: Jaarplan Vervoer GVB 2026 Inleiding Als stadsdeelcommissie Noord onderschrijven wij volledig het conceptadvies van het Dagelijks Bestuur (DB) Noord. Wij delen de analyse dat de voorgestelde wijzigingen in het Concept Jaarplan GVB 2026 zullen zorgen voor een verdere verslechtering van het openbaar vervoer in Amsterdam Noord. Sinds de opening van de Noord-Zuidlijn heeft Noord te maken gehad met een verschraling van de interne OVbereikbaarheid, voornamelijk in de sociaal-economisch kwetsbare wijken aan de noordoost- en noordwestkant. Voor Noord bleef helaas gelden: "Een volwaardig stadsdeel, maar onvolwaardig verbonden." Het nieuwe Jaarplan Vervoer versterkt deze problematiek in plaats van deze op te lossen. Ondersteuning hoofdpunten DB-advies Wij steunen nadrukkelijk de twee concrete voorstellen van het DB: 1. Frequentieverhoging lijn 33: Het frequenter laten rijden van lijn 33 (even frequent als 34 en 36) is cruciaal om: Makkelijker overstappen tussen lijnen mogelijk te maken West- en oost-Noord beter te verbinden De metrostations bereikbaar te houden Voorzieningen zoals het Olof Palmeplein bereikbaar te houden vanuit Banne-Buiksloot en Floradorp De sociale veiligheid te waarborgen door kortere wachttijden 2. Behoud koppeling lijn 38 met de metro: De ontkoppeling van lijn 38 en de Noord/Zuidlijn moet worden voorkomen.
Dit is van belang voor zowel Noorderlingen als voor de hele stad. Aanvullende aandachtspunten Naast de hoofdpunten van het DB willen wij de volgende aanvullende punten onder de aandacht brengen: 1. Nachtvervoer in Noord Het huidige voorstel bevat onvoldoende aandacht voor nachtvervoer in Noord. Met name doordeweeks ontbreekt dit volledig, terwijl dit essentieel is voor sociale veiligheid, bereikbaarheid voor avond- en nachtwerkers, en vermindering van autoafhankelijkheid.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 6
Een specifiek probleem vormt de beperkte dienstverlening van zowel veren als metro's in de nacht. Momenteel vaart alleen de Buiksloterveer 's nachts, wat volstrekt ontoereikend is voor een groeiend stadsdeel als Noord. Daarnaast stopt de metro rond 01:00 uur, terwijl uitgaanspubliek en mensen met nachtdiensten vaak veel later thuiskomen. Concreet voorstel: Wij vragen het college om samen met het GVB een breed onderzoek te doen naar een volwaardig nachtnet in Noord, ook doordeweeks, waarbij specifieke aandacht moet zijn voor: Uitbreiding van veerdiensten tot minimaal 03:00 uur Mogelijkheden voor uitbreiding van metrodiensten in de nacht Doordeweekse nachtbusverbindingen die belangrijke wijken verbinden met uitgaansgebieden, werklocaties met avond- en nachtdiensten, en ziekenhuizen 2. Reistijden in kaart brengen De huidige OV-structuur in Noord leidt tot onnodig lange reistijden door meerdere overstappen voor relatief korte afstanden. Binnen Noord kan een reis die met de auto 10 minuten duurt, met het OV 30-40 minuten in beslag nemen inclusief twee overstappen. Dit stimuleert autogebruik en benadeelt mensen die afhankelijk zijn van het OV.
Concreet voorstel: Wij vragen het college om een vergelijkende reistijdenkaart te laten maken die per wijk in Noord de reistijden visualiseert per OV, fiets en auto naar drie belangrijke knooppunten: metrostation Noord, Centraal Station en Buikslotermeerplein. Deze kaart moet duidelijk maken waar de grootste discrepanties zitten tussen reistijden met OV versus auto, zodat hier gericht verbeteringen kunnen worden doorgevoerd. 3. Waarborgen tijdelijkheid van frequentieverlagingen In het Jaarplan wordt aangegeven dat de lagere frequenties tijdelijk zijn (2026-2027) vanwege personeelstekorten. Zonder waarborgen bestaat het risico dat deze tijdelijke situatie permanent wordt. Concreet voorstel: Wij vragen het college om in de reactie aan het GVB een concreet tijdpad met specifieke mijlpalen op te nemen voor het terugbrengen van de frequenties naar het oorspronkelijke niveau. Wij verzoeken om halfjaarlijkse rapportages over de voortgang en jaarlijkse evaluaties waarbij bijsturing mogelijk is. 6. Aansluiting lijn 391 behouden Sinds de werkzaamheden op de Prins Hendrikkade is er een tijdelijke bushalte bij metrohalte Noorderpark waar lijn 391 (richting Zaandam) stopt. Deze verbinding is cruciaal voor de OV-bereikbaarheid van Buiksloterham en NDSM.
Concreet voorstel: Wij vragen het college om bij de Vervoerregio en het GVB te pleiten voor het permanent maken van de tijdelijke halte van lijn 391 bij metrostation Noorderpark, en dit op te nemen in het definitieve Jaarplan Vervoer 2026. Conclusie Als stadsdeelcommissie Noord dringen wij erop aan dat het college onze voorstellen overneemt in haar reactie op het concept Jaarplan Vervoer 2026. De voorgestelde wijzigingen in het Jaarplan zullen de bereikbaarheid van Noord verder verslechteren, terwijl juist een verbetering noodzakelijk is gezien de groei van het stadsdeel en de gemeentelijke ambities voor een autoluwe stad. De voorgestelde aanpassingen zijn niet alleen van belang voor de leefbaarheid en bereikbaarheid van Noord, maar sluiten ook aan bij de bredere doelstelling van de gemeente om een inclusief, duurzaam en toekomstbestendig OVnetwerk te realiseren dat meerdere stedelijke kernen met elkaar verbindt.
Finaal advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 4 van 6
Het Dagelijks Bestuur Noord constateert dat de voorgestelde wijzigingen in het Concept Jaarplan GVB 2026 zullen zorgen voor een verslechtering van het openbaar vervoer in Noord. Sinds de opening van de Noord-Zuidlijn en het invoeren van het bijbehorende visgraatmodel heeft Noord te stellen gehad met een verschraling van interne OVbereikbaarheid, met name in de sociaal-economisch kwetsbare wijken aan de noordoost- en noordwestkant. Voor Noord bleef helaas gelden: “Een volwaardig stadsdeel, maar onvolwaardig verbonden.” Dit jaarplan heft deze verschraling niet op, maar versterkt deze, o.a. door de lage frequenties in de daluren, deels ontkoppeling van de busverbinding van de Noord/Zuidlijn en minder halteren. Ook is het BovenIJ ziekenhuis in het nieuwe plan slechter bereikbaar dan in de huidige situatie. Daarnaast is de woningbouw in Noord groot en wordt een forse toename in OVgebruik verwacht. Wij zien in het huidige Concept Jaarplan geen concrete voorstellen die inspelen op deze ontwikkelingen. De versnelde verbinding tussen Noord-West en Sloterdijk is weliswaar een verbetering, maar over het totaal genomen weegt dit niet op tegen de verslechteringen. Hiervoor wordt o.a. personele capaciteit als reden opgevoerd waardoor het risico bestaatdat deze tijdelijke situatie permanent wordt.
Aanvullend daarop vindt het DB Noord de naamswijziging van de buslijnen onnodig verwarrend voor bewoners en ondernemers en blijft het gebrek aan participatie in deze tijd van de net vastgestelde participatieverordening een wonderlijke keuze. a) Interne bereikbaarheid: Door de voorgestelde frequentiebeperking van lijn 33 (voorheen grotendeels 35) wordt het in het westen van Noord moeilijk om zomaar op de bus te stappen, waardoor veel mensen zich gedwongen zullen voelen deze reis niet of op een andere, minder toegankelijke manier te maken. De Banne en Floradorp worden minder goed verbonden met de belangrijke kernen in midden/oost Noord, zoals het Olof Palmeplein. Hierdoor worden voorzieningen als het ziekenhuis, begraafplaats de Nieuwe Noorder of winkelcentra moeilijker bereikbaar terwijl de afstanden in Noord groot zijn. Lijn 36 wordt door veranderende haltes minder goed bereikbaar vanuit Kadoelen/Zuideinde, gebieden met toch al een erg beperkt OV-aanbod. Onderaan de streep betekent dit dat intern reizen binnen Noord veel minder aantrekkelijk wordt met het OV, en het OV daardoor steeds minder een volwaardige optie is voor Noorderlingen. Dit verlaagt de mobiliteit van Noorderlingen, en staat op gespannen voet met de ambitie van de gemeente om OV als volwaardige voorziening in stand te houden.
Naast deze aantasting van OV als publieke voorziening leidt het ook tot meer auto-afhankelijkheid. b) Externe verbondenheid: Dankzij de versnelling van lijn 36 als gevolg van het niet langer aandoen van halte Molenwijk, krijgt Noord een snellere verbinding met station Sloterdijk. Dit is een welkome verbetering. Helaas constateert het DB dat Noord op andere manieren, door verschraling van het aanbod binnen Noord, juist minder goed verbonden raakt met de rest van de stad. Doordat lijn 33 niet langer, zoals lijn 35, een snelle route rijdt richting station Noorderpark, raakt het westen van Noord een snelle verbinding met CS en de rest van het metronetwerk kwijt. Historisch perspectief: lijn 35 kreeg bij de introductie van het visgraatmodel ook een andere route. De bewoners die daar nu geraakt worden, zijn dus precies de bewoners die toen ook te maken kregen met een langere reistijd. Daarnaast stopt lijn 38 niet meer op station Noord en is deze dus niet meer aangesloten op de metro. Voor zowel lijn 33 en lijn 38 geldt dat (een deel van de) gebruikers meer moeten overstappen, wat hoe dan ook leidt tot een tragere verbinding tussen de NZ-lijn en de rest van Noord.
Dit staat ook in schril contrast met het voornemen van het GVB om meer te focussen op station Zuid: als je inzet op station Zuid en het belang van de NZ-lijn als hoofdas van het openbaar vervoer in Amsterdam, dan vraagt dit dat de verbinding met de NZ-lijn ook in Noord op orde is. Onderdeel hier van is een goed verbonden nachtnetwerk. Het huidige voorstel bevat onvoldoende aandacht voor nachtvervoer in Noord. Met name doordeweeks ontbreekt dit volledig, terwijl dit essentieel is voor sociale veiligheid, bereikbaarheid voor avond- en nachtwerkers, en vermindering van autoafhankelijkheid. Een specifiek probleem vormt de beperkte dienstverlening van zowel veren als metro's in de nacht. Momenteel vaart alleen de Buiksloterveer 's nachts, wat ontoereikend is voor een groeiend stadsdeel als Noord. Daarnaast stopt de metro rond 01:00 uur, terwijl uitgaanspubliek en mensen met nachtdiensten vaak veel later thuiskomen.
c) Inclusiviteit: Onderaan de streep leiden deze aanpassingen tot een minder inclusief stadsdeel. Sociaal-economisch minder inclusief omdat auto-afhankelijkheid wordt verhoogd terwijl lang niet elke Noorderling een auto kan betalen. Minder sociale toegankelijkheid, omdat groepen die niet kunnen autorijden of (lange) afstanden kunnen fietsen minder mobiel worden binnen het stadsdeel, en minder verbonden met de hele stad. Tenslotte lijdt de sociale veiligheid ook onder deze plannen, met name door lagere frequenties in het weekend, de avond en de vroege ochtend Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 5 van 6
op lijn 33. Het is onprettig voor mensen, met name vrouwen en senioren, om lang te moeten wachten in het donker op haltes waar het veiligheidsgevoel niet altijd gegarandeerd kan worden. Concluderend, ziet het DB Noord dat dit Jaarplan op gespannen voet staat met het voornemen om OV een volwaardig onderdeel te laten worden van het mobiliteitsnetwerk in Noord. Wat stelt het DB voor ter verbetering? 3. De belangrijkste wijziging die Noord graag wil zien, is het frequenter laten rijden van lijn 33 (even frequent als 34 en 36), omdat dit veel problemen tegelijk oplost – zie onderstaand. a. Door vaker te laten rijden wordt het makkelijker om overstappen te halen tussen 33, 34 en 36. b. Daardoor worden west- en oost-Noord beter verbonden door een betere verbinding tussen de 36 en 33. c. Beide metrostations worden redelijk bereikbaar vanaf beide lijnen, door makkelijker overstap. d. Met de overstap 34-33 blijven de voorzieningen van het Olof Palmeplein bereikbaar met het OV vanuit Banne-Buiksloot en Floradorp. e. Met de overstap 37-33 zijn oost- en west-Noord beter met elkaar verbonden, en west-Noord met stadsdeel Oost. f. Er wordt voorkomen dat de (sociale) veiligheid voor wachtenden op lijn 33 in het geding komt. Met het verhogen van de frequentie van lijn 33 tot het niveau van de andere lijnen worden dus vele vliegen in één klap geslagen.
Uiteraard ziet het stadsdeel graag voorstellen om bovenstaande doelstellingen te bereiken als het onhaalbaar blijkt om lijn 33 op dezelfde frequentie te laten rijden als alle andere lijnen waarmee hij interacteert. 4. We waarderen dat het College aan het GVB vraagt om lijn 38 op termijn weer aan de metro te koppelen. Wat ons betreft is het echter ongewenst om de ontkoppeling überhaupt plaats te laten vinden. We stellen voor de koppeling van lijn 38 met de NZ-lijn in stand te houden. Dit is niet alleen voor Noorderlingen, maar voor de hele stad van belang. 5. Het huidige Concept Jaarplan nodigt op dit moment niet uit tot de keuze voor OV. We vragen het College om bij het GVB een vergelijkende reistijdenkaart op te vragen die per wijk in Noord de reistijden visualiseert per OV, fiets en auto naar de drie knooppunten (Station Noord, CS, Buikslotermeerplein). 6. Om de tijdelijkheid van de frequentieverlagingen te waarborgen vragen wij het College om in de reactie aan het GVB een concreet tijdpad met specifieke mijlpalen op te nemen voor het terugbrengen van de frequenties naar het oorspronkelijke niveau. 7.
Tenslotte vragen wij het college om samen met het GVB een breed onderzoek te doen naar een volwaardig nachtnet in Noord, ook doordeweeks, waarbij specifieke aandacht moet zijn voor: • Uitbreiding van veerdiensten tot minimaal 03:00 uur • Mogelijkheden voor uitbreiding van metrodiensten in de nacht • Doordeweekse nachtbusverbindingen die belangrijke wijken verbinden met uitgaansgebieden, werklocaties met avond- en nachtdiensten, en ziekenhuizen
8. Daarnaast verzoeken we het GVB de nachtelijke verbinding naar Schiphol (lijn 345) niet in te korten zodat hiermee de nachtelijke bereikbaarheid van Noord verbeterd wordt.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 6 van 6
Adviesaanvraag college aan dagelijks bestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Jaarplan Vervoer GVB 2026 Portefeuille: Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit Directie: Verkeer & Openbare Ruimte Datum behandeling staf WH Datum adviesaanvraag: 2 april 2025 Deadline ontvangst advies: 28 mei 2025 Advies mailen naar: Meegestuurde stukken:
Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?
t.gineswozniak@amsterdam.nl Het concept Jaarplan Vervoer GVB 2026, met een concept reactie van het college op het Jaarplan Vervoer ter consultatie aan DB-leden van de stadsdelen. Met daarbij een begeleidende brief van het College over de adviesaanvraag. Nee (wel een gespreksronde)
Invullen door stadsdeel: Stadsdeel: Oost Procesbegeleider: Rodine Oldewarris Datum weekstart/staf: 14 april 2025 Datum stadsdeelcommissie: 6 mei (voorbereidend) en 20 mei 2025 (besluitvormend) Datum dagelijks bestuur: Registratienr. (optioneel):
7 mei (conceptadvies) en 27 mei 2025 (finaal advies) Z-25-53013
Over gevraagde adviezen: Conform de Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022: (art. 12, lid 1) betrekt college en BM het DB bij voorbereiding van stedelijke kaders als deze kaders betrekking hebben op taken en bevoegdheden van DB of DB een rol krijgt in uitvoering van die kaders, of -
(art. 12, lid 2) als college of BM voornemens is over stedelijke kaders besluit te nemen of voornemens is ander besluit te nemen waarbij belangen van een of meer stadsdelen zijn betrokken, in ieder geval bij vaststellen van bestemmingsplannen, wint college of BM bij DB advies in. DB legt deze adviezen voor aan SDC (art. 19). Bij besluitvorming maakt DB inzichtelijk wat advies van SDC is en hoe eventuele voorstellen of moties als bedoeld in art. 30, lid 3, zijn verwerkt. DB neemt advies van SDC over indien is vastgesteld met meerderheid van stemmen en past binnen stedelijke en budgettaire kaders. DB kan uitsluitend schriftelijk met zeer zwaarwegende redenen afwijken van advies of voorstel van SDC. (art. 19, lid 5) Als standpunten van stadsdeelcommissieleden bij uitbrengen van advies uiteenlopen, worden in advies standaard alle verschillende standpunten binnen commissie kenbaar gemaakt. (art. 30, lid 5)
Adviesvraag college Formuleer hier de vraag aan het dagelijks bestuur
Graag ontvangen wij uw reactie en aandachtspunten ter aanvulling op de concept reactie van het college op het concept Jaarplan Vervoer van GVB voor 2026. Zie begeleidende brief.
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier -indien van toepassing- t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Het dagelijks bestuur van stadsdeel Oost maakt graag gebruik van deze mogelijkheid om te reageren op het jaarplan 2026. Het dagelijks bestuur constateert dat het Jaarplan Vervoer 2026 van GVB meerdere wijzigingen in het OV net in Oost voorstelt. De wijzigingen verschillen van grote en in gevolgen, zowel positief als negatief. De aanpassingen in het tramnetwerk zijn overwegend neutraal. De aanpassingen in het busnetwerk zijn overwegend positief. De frequenties Pagina 1 van 8
van de lijnen is een aandachtspunt. Zorgen over oost-westverbindingen in de stad Met het verdwijnen van lijn 3, het “opknippen” van lijn 22 en opknippen van lijn 48 en in het inkorten van lijn 14 in het verleden zijn er vier directe oost-west verbindingen binnen de stad verdwenen. Om van Oost naar West te reizen (en andersom) is met directe verbindingen al een lange reis. Extra overstappen maakt dit nog lastiger. Met lijn 1, 7 en 19 zijn er nog alternatieven. We willen benadrukken dat de oost-westverbindingen binnen de stad niet verder uit beeld moeten verdwijnen. Ontvlechting van de metro Dit betreft een grote aanpassing in het metronetwerk. Hiervoor loopt een apart traject. Het is ook passend om in dit aparte traject met een inhoudelijke reactie te komen. Er wordt aangegeven dat de aanpassing afhankelijk is van besluitvorming. Op welke manier wordt het dagelijks bestuur betrokken bij deze besluitvorming? Adviezen tram 1. Er zijn bewoners in Oost die zorgen hebben over het opheffen van tram 3. We adviseren om alternatieven te onderzoeken, bijvoorbeeld het terugbrengen van buslijn 65 in plaats van tram 25 doortrekken. Door het opheffen van tram 3 raken we weer een Oost-West verbinding kwijt en een directe lijn naar bijvoorbeeld het Museumplein. 2.
Neem maatregelen om te compenseren dat vanaf 2026 het Amstelstation onvoldoende Centraal Station en station Zuid kan ontlasten richting Leidseplein. 3. Zorg voor goede informatie voor reizigers/bewoners zodat zij zich kunnen voorbereiden op de vele aanpassingen. Op het tramnetwerk zijn er veel wijzigingen in de stad. Dit kan verwarrend zijn voor de reizigers. Toelichting wijzigingen tram De aanpassingen in Oost betreffen het vervallen van lijn 3, het introduceren van lijn 25, de aanpassing van lijn 12, het “omklappen” van lijn 1 en 7 en de verlenging lijn 26. Op de aanpassing van lijn 26 na zijn de aanpassingen in het tramnetwerk het gevolg van het doortrekken van lijn 25. Ze hebben een 1 op 1 relatie hiermee. ▪ Tramlijn 3 en 25 Effect neutraal binnen Oost. Een bepalende keuze in het plan is het doorrijden van tram 25 van huidig eindpunt station Zuid (vanuit Uithoorn) naar station Muiderpoort en het opheffen van lijn 3. Het positieve is dat er een directe verbinding komt tussen het OLGV Oost en station Zuid. Het nadeel is dat Oost een directe verbinding verliest met het Museumplein en een deel van stadsdeel West. Met het doortrekken van lijn 25 wordt de verbinding met station Zuid verbeterd. Het terugbrengen van buslijn 65 naar station Zuid zou een alternatief kunnen zijn. Tot en met 2023 reed buslijn 65 vanuit Oost door naar station Zuid.
▪ Tramlijn 12 Deze tramlijn verbindt Amstelstation met het centrum. De aanpassing is direct verbonden aan de aanpassing van lijn 3 en 25. Met de aanpassing van lijn 12 verliest Amstelstation een directe verbinding met Leidseplein en Leidsestraat. Voor Oost is dit neutraal omdat er alternatieven binnen Oost zijn met lijn 1, 7 en 19 en omdat lijn 12 een verbinding krijgt met West en hiermee een deel van lijn 3 overneemt. Hiermee krijgt Amstelstation een directe verbinding met Museumplein. Voor de meerkernige stad en de positie van Amstelstation als intercitystation heeft dit wel gevolgen. Dit station kan zo niet meer Centraal Station en station Zuid ontlasten voor de bestemming Leidseplein en omgeving. Hiermee is het voor Amstelstation een kleine negatieve ontwikkeling en dit geldt mogelijk ook voor de centrale stad. ▪ Tramlijn 1 en 7 Effect is licht positief in Oost. Lijn 1 zal naar Azartplein rijden. Hiermee krijgt lijn 1 een overstap op de IJtram. Zeeburgereiland en IJburg krijgen met één overstap een deel van West en Nieuw-West erbij. De IJtram heeft geen overstap meer met lijn 7, maar de haltes van lijn 7 zijn met één overstap van CS te bereiken. Het doortrekken van lijn 7 naar Flevopark betekend dat de Indische buurt Oost een directe verbinding krijgt met Leidseplein en omgeving. De verbinding met West en het Museumplein komt te vervallen.
▪ Tramlijn 26 De verlenging van tramlijn 26 is positief voor de ontwikkeling van IJburg. Lijn 25 doortrekken naar Flevopark
Pagina 2 van 8
De concept reactie van het college vraagt aan Stadsdeel Oost om een advies te geven op lijn 25 verder doortrekken naar Flevopark i.p.v. lijn 7 zoals wordt voorgesteld in het vervoerplan. Vanuit het stadsdeel kan geen goede afweging gemaakt worden over wat beter is voor de reiziger vanuit de Indische buurt. Hierover ontvangen wij graag advies van GVB. Tevens ziet Stadsdeel Oost het ook nog als een mogelijkheid om dit in het vervoerplan van 2027 te wijzigen. Met de verwachting dat hier dan meer bekend over zal zijn. Adviezen Bus 4. Onderzoek een alternatief voor de verbinding naar Cruquius. Gebruik hiervoor lijn 41 in plaats van lijn 42 en laat lijn 42 naar Muiderpoort rijden. Voordeel voor Cruquius is dat het direct wordt verbonden met Muiderpoort, de Dappermarkt en Oostpoort. Daarnaast blijft de verbinding met Muiderpoort behouden; 5. Onderzoek of er een halte voor buslijn 65 kan komen ter hoogte van de Insulindeweg; 6. Onderzoek een extra stop bij buslijn 360 in Zuidoost – halte Hogevecht; 7. Maak de nieuwe haltes zichtbaar op de kaarten. Toelichting wijzigingen bus ▪ Buslijn 41. Het is positief dat lijn 41 weer naar Muiderpoort gaat rijden. We waren eerder tegen de inkorting van de lijn. Met het terugbrengen van lijn 41 zijn de Dappermarkt, de ROC en Oostpoort weer beter bereikbaar. ▪ Buslijn 42 (was lijn 22).
Met de wijziging van lijn 22 naar 42 in Oost en de verlegging naar Cruquius komt er OV in die wijk. Dit is heel positief. Wel heeft de aanpassing ook andere gevolgen. Het grootste nadeel is dat heel het Oostelijk Havengebied (stadsdeel Oost) en de Oostelijke eilanden (stadsdeel Centrum) geen ov-verbinding meer hebben met Muiderpoort. Hiervoor moeten ze twee keer overstappen. Of één keer overstappen met een enorme omweg. Het twee keer overstappen om bij Muiderpoort te komen heeft er mee te maken dat buslijn 65 niet halteert ter hoogte van de Insulindeweg. Op deze plek kunnen reizigers overstappen op OV naar Muiderpoort, het OLVG en het Centrum. ▪ Buslijn 49. De verlenging van deze lijn naar Strandeiland is positief voor de ontwikkeling van IJburg. ▪ Buslijn 62. Deze buslijn verbindt Amstelstation direct met het VU-ziekenhuis. Dit is een lange rit, maar hierdoor is Oost in veel gevallen met slechts één overstap verbonden met dit ziekenhuis. Voor ouderen is dit fijn. In het voorstel rijdt buslijn 62 niet meer langs het VU. De reizigers die niet ver kunnen lopen vanuit Oost zullen 2x moeten overstappen. Hiermee is dit een kleine negatieve ontwikkeling. Deze aanpassing is gekoppeld aan de wijziging in frequentie van lijn 24, die weer gekoppeld is aan het doortrekken van lijn 25. ▪ Schiphollijn 246. Deze vroege ochtend bus (05.00 uur) verbindt een deel van Oost met Schiphol.
We hebben geen inzicht in het gebruik. Wel is duidelijk dat er geen ov-alternatief is in de vroege ochtend. ▪ De snelle buslijn 360 verbindt IJburg met station Bijlmer-Arena. Met een extra stop in Zuidoost bij halte Hogevecht wordt Bijlmer Sportpark vanuit IJburg goed bereikbaar met ov (500 meter lopen vanaf de halte). Het extra stoppen biedt ook een overstap op buslijn 41 naar station Holendrecht/het AMC. Hiermee heeft de ovreiziger een extra reis optie. Een extra stop op deze plek draagt bij aan de bereikbaarheid van sportvoorzieningen en de robuustheid van het ov-systeem. Advies frequenties 8. Geef inzicht in welke ov-lijnen wel een uitbreiding van de frequenties mogelijk is, wanneer dat is en welke ov-lijnen daarvoor als eerst in beeld zijn; 9. Geef duidelijkheid of en wanneer het nachtnet doordeweeks weer terugkomt. Frequenties tram en bus onder de maat Veel lijnen zijn sinds het vervoerplan 2022 en de daaropvolgende vervoerplannen afgeschaald. Dat gebeurt ook weer in dit vervoerplan. Op tramlijnen 1 en 26 na gaan alle tramlijnen in Oost doordeweeks na 20:00 uur in de avond nog maar één keer per kwartier. Na 22:00 geldt dit zelfs voor alle tramlijnen behalve lijn 26. Tramlijnen met een frequentie lager dan 4 keer per uur vinden wij niet geloofwaardig als goedwerkend tramnetwerk. Voor de bussen geldt een vergelijkbaar iets.
Van de 8 buslijnen gaan er 5 (40, 41, 42, 43 en 66) na 20:00 uur nog maar twee keer per uur. Voor de lijnen 40, 42 en 66 gaat het om een afschaling ten opzichte van 2025. Op IJburg komt hier lijn 360 gedeeltelijk voor terug. Daarnaast valt op dat buslijn 37 doordeweeks in de ochtendspits wordt afgeschaald. De uitbreiding van de dienstregeling was voorzien vanwege de komst van InHolland. Voor InHolland werkt deze bus nog niet omdat de nieuw bushalte nu niet bereikbaar is vanuit de school. Het gebied staat in de hekken vanwege zetting
Pagina 3 van 8
problemen in de Sluisbuurt. In Oost, maar ook in de rest van de stad is er tussen 20.00 en 22.00 uur doordeweeks nog veel activiteit in de stad. De voorgestelde frequenties passen niet bij een actieve stad, bij een autoluwe stad en zal reizigers niet verleiden om het OV te nemen. Met een halfuur dienst neemt de reistijd namelijk snel toe, zeker als er overgestapt moet worden. Verdere afschaling zou een zeer slechte ontwikkeling zijn. Nachtnet doordeweeks In het Jaarplan 2026 is er nog nachtnet doordeweeks in een deel van Oost (N85 en N87). Ook op IJburg ver van de rest van de stad is een nachtnet ov doordeweeks gewenst. Zeker in dit gebied (vanwege de afstanden) is er geen alternatief voor de auto. Vervolg Stadsdeel Oost wordt graag op de hoogte gehouden van de ontwikkeling van het Jaarplan Vervoer 2026. We ontvangen graag van GVB een reactie op het advies van het dagelijks bestuur van stadsdeel Oost. Het dagelijks bestuur wil daarnaast graag meedenken aan het ontwikkelplan voor 2028 en verder.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
Algemeen In het kader van duurzaamheid, schone lucht en een autoluwe stad hecht de stadsdeelcommissie Oost aan een Amsterdam Oost dat voor iedereen bereikbaar is en blijft – op elk moment van de dag. De stadsdeelcommissie Oost is daarom blij dat ze advies mag geven over het Jaarplan Vervoer van het GVB voor 2026. Er zijn een paar positieve punten, zoals de terugkeer van buslijn 41 en de komst van openbaar vervoer op Cruquiuseiland. Tegelijkertijd ziet de commissie ook een aantal knelpunten en doet ze vier voorstellen voor verbeteringen. Sommige van deze punten sluiten aan bij het advies van het dagelijks bestuur van stadsdeel Oost, andere worden toegevoegd. Meer inzicht in de achterliggende cijfers is nodig Hoewel de commissie het waardeert dat ze mag meedenken, is het moeilijk om goed advies te geven zonder toegang tot de cijfers waarop de plannen zijn gebaseerd. Het is niet duidelijk wat precies de gevolgen zijn van de voorgestelde veranderingen. (1) Daarom vraagt de stadsdeelcommissie Oost om in de toekomst meer openheid te geven over de data waarop beslissingen zijn gebaseerd. Tramlijn 3 moet blijven In de plannen van het GVB verdwijnt tramlijn 3. In plaats daarvan zou tramlijn 25 worden verlengd van station Zuid naar station Muiderpoort. Reizigers die van Oost naar West willen, moeten dan overstappen op tramlijnen 1, 7 of 12.