CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Begroting 2025 Amsterdam

RAAD 10 oktober 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Algemene Beschouwingen over de begroting 2025 VN2024-01320250.405 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 6

Mutaties onttrekkingen reserves 13 Coalitiemiddelen 2022-2026 Hogere onttrekking aan de reserve coalitiemiddelen, voor de energietransitie en klimaat- en energiebeleid. 14 Reserve Klimaatfonds Hogere onttrekking aan de reserve Klimaatfonds vanwege onze duurzaamheidsactiviteiten. Het overgrote deel van deze meerjarige middelen is geoormerkt voor projecten in het kader van “Duurzame Stad, Duurzame Banen” en voor gebiedsgerichte aardgasvrij maken van woningen. Daarnaast is voor een bedrag van € 20,4 miljoen nog vrij besteedbaar voor nieuwe initiatieven. De kaders voor de besteding van deze laatste categorie zijn door het college in het bestedingsperspectief 2023 vastgelegd. 15 Stedelijke Bodemsanering en Nazorg Bij de actualisatie van de te verwachten kosten aan bodemsanering en nazorg hebben wij de bestaande raming naar beneden bijgesteld. Doordat deze lasten gedekt worden uit de reserve Bodemsanering, neemt ook onttrekking af.

Mutaties toevoegingen reserves 16 Reserve Laadinfrastructuur Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen. 17 Stedelijke Bodemsanering en Nazorg Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

9 Gemeentebreed neutrale begrotingsbijstellingen Deze afwijkingen zijn kleiner dan € 1,0 miljoen en lichten we niet verder toe. 10 Nominaal Hogere lasten ter compensatie van nominale ontwikkeling van lonen en prijzen. 11 Reserve-gerelateerde wijzigingen Dit zijn voornamelijk de hier begrote onttrokken middelen vanuit het Klimaatfonds. 12 Overig Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Begroting 2025

61

H2.1.7

2.1.7 Begraafplaatsen en crematoria De gemeente Amsterdam faciliteert uitvaarten, herdenkingen en waar nodig uitvaarten van gemeentewege voor alle Amsterdammers ongeacht hun sociale, religieuze of culturele achtergrond. De totale CO2-uitstoot van programmaonderdeel 1.7 is: Scope 1 en 2 in de stad

0,00 ton CO2

Scope 1 en 2 van de eigen organisatie

138,16 ton CO2

Scope 3 van de eigen organisatie

326,78 ton CO2

In paragraaf 4.3 Duurzaamheid laten we zien voor hoeveel CO2-uitstoot alle programmaonderdelen verantwoordelijk zijn.

Wat willen we bereiken (doelen) en wat gaan wij daarvoor doen (activiteiten)? Doel 1.7.1 Amsterdam geeft tegen kostendekkende tarieven de mogelijkheid tot begraven en cremeren, waarbij ruimte is voor ieders persoonlijke wens, ongeacht sociale, religieuze of culturele achtergrond. Indicatoren doel

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

1

95% (2018)

Kostendekkendheid leges lijkbezorgingsrechten

94,5%

Begroting 2024 100%

Begroting Prognose 2025 2026-2028 100%

100%

Amsterdam geeft tegen kostendekkende tarieven de mogelijkheid tot begraven en cremeren, waarbij ruimte is voor ieders persoonlijke wens, ongeacht sociale, religieuze of culturele achtergrond. De hoogte van de verschillende leges die vallen onder de noemer lijkbezorgings­ rechten is op begrotingsbasis zo bepaald dat het totaal van de opbrengst lijkbezorgingsrechten 100 procent kostendekkend is.

Begroting 2025

Activiteit 1.7.1.1 We faciliteren begravingen, crematies en herdenkingen, en onderhouden het culturele erfgoed van de begraafplaatsen; de parken en monumenten (het stenen archief van de stad). Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

Begroting 2024

Begroting Prognose 2025 2026-2028

1

Aantal begravingen

756 (2017)

746

700

750

750

2

Aantal crematies

2.141 (2017)

1.986

2.250

2.050

2.050

3

Marktaandeel uitvaarten overledenen in Amsterdam

35% (2024)

Indicator niet benoemd

Indicator niet benoemd

35%

35%

4

NL Terreinlabel: duurzaamheidsambities begraafplaatsen De Nieuwe Ooster en De Nieuwe Noorder

Score C = voldoende (2024)

Indicator niet benoemd

Indicator Score C = niet voldoende benoemd

Score B = goed

De gemeentelijke begraafplaatsen streven naar behoud van marktaandeel van het aantal uitvaarten in Amsterdam. Er wordt gestreefd naar een marktaandeel van ongeveer 35 procent. NL Greenlabel heeft de organisatie ondersteund bij het opstellen van een duurzaamheidsambitie en het beoordelen van de huidige kwaliteit op het gebied van samenhangende duurzaamheid van het terrein De Nieuwe Ooster en De Nieuwe Noorder. Een belangrijke stap is het uitvoeren van een nulmeting en het bepalen van de ambitie, beide voorkomend uit de duurzaamheidsdoelen uit het coalitieakkoord. Medio 2024 is de beoordelingsnotitie van NL greenlabel opgeleverd. Deze stap is het resultaat van samenwerking tussen de begraafplaatsen , Ruimte en Duurzaamheid en het programma Green Office van de gemeente. Het doel van deze samenwerking is om tot een 100 procent duurzame organisatie in 2030 te komen. Het NL Terreinlabel is een procestool om de mate van duurzaamheid van terreinen aantoonbaar te maken. Op basis van 6 thema’s en 27 indicatoren wordt de mate van duurzaamheid inzichtelijk gemaakt. De organisatie heeft een NL Terreinlabel A (excellent) als ambitie gesteld voor beide begraafplaatsen. De nulmeting heeft voor beide begraafplaatsen een score opgeleverd van C (voldoende). Het realiseren van de duurzaamheidsambitie excellent

62

H2.1.7

is een grote uitdaging en niet eenvoudig te realiseren. Om uiteindelijk toch het gestelde ambitieniveau van excellent te bereiken zal een plan van aanpak inclusief een jaarplanning worden opgesteld, om te bepalen welke activiteiten en middelen nodig zijn om het gestelde ambitieniveau uiterlijk in 2030 te bereiken.

Meerjarige ontwikkeling van de baten en lasten De baten en lasten in dit programmaonderdeel blijven gelijk over de jaren heen.

Reserves Dit programmaonderdeel kent geen reserve mutaties.

Welke verbonden partijen schakelen we daarvoor in?

Financiële toelichting op de wijzigingen (bedragen x € 1 miljoen)

We schakelen geen verbonden partijen in voor dit programmaonderdeel.

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

9,5

10,1

10,1

10,1

10,1

Beginstand Begroting 2025

9,2

9,0

9,0

9,0

9,0

Mutaties 2024-2028

0,3

1,1

1,1

1,1

1,1

0,2

1,0

1,0

1,0

1,0

Baten

Financiële toelichting (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2023 2024 2025 2026 2027 2028

1 Gemeentebreed neutrale begrotingsbijstellingen

Baten

9,2

9,5

10,1

10,1

10,1

10,1

2 Overig

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

Lasten

9,7

9,6

10,6

10,4

10,4

10,4

Lasten

9,6

10,6

10,4

10,4

10,4

Saldo Baten en Lasten

-0,5

0,0

-0,5

-0,4

-0,4

-0,3

Beginstand Begroting 2025

9,4

9,3

9,3

9,3

9,3

Onttrekking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Mutaties 2024-2028

0,2

1,3

1,1

1,1

1,1

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

3 Actualisatie kapitaallasten

0,0

0,1

0,3

0,3

0,3

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

4 Gemeentebreed neutrale begrotingsbijstellingen

0,1

0,8

0,7

0,8

0,8

Totaal

-0,5

0,0

-0,5

-0,4

-0,4

-0,3

5 Nominaal

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

6 Overig

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

7 Onderhoud groen

0,0

-0,3

0,0

0,0

0,0

Onttrekking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

-0,5

-0,4

-0,4

-0,3

Baten en Lasten De baten in dit programma onderdeel bestaan voornamelijk uit de leges op de lijkbezorgingsrechten (€ 8,2 miljoen), consumptiegoederen van uitvaarten (€ 0,9 miljoen) en uitvaarten van gemeentewege (€ 0,8 miljoen). De lasten in dit programma­ onderdeel bestaan voornamelijk uit het uitvoeren van uitvaarten op de gemeentelijke begraafplaatsen en crematoria en het onderhoud van de begraafplaatsen en de gebouwen (€ 8,8 miljoen), het organiseren van uitvaarten gemeentewege (€ 0,8 miljoen).

Begroting 2025

Beginstand Begroting 2025 Toevoeging Beginstand Begroting 2025 Eindtotaal

63

H2.1.7

Mutaties baten 1 Gemeentebreed neutrale begrotingsbijstellingen Dit zijn beleidsarme mutaties die per saldo geen effect hebben op het begrotingstotaal (in alle jaren). Veelal zal dit betekenen dat sprake is van een verschuiving over programma’s, programmaonderdelen of doelen. 2 Overig Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Mutaties lasten 3 Actualisatie kapitaallasten De kapitaallasten worden geactualiseerd aan de hand van het investeringsportfolio. 4 Gemeentebreed neutrale begrotingsbijstellingen Deze afwijkingen zijn kleiner dan € 1,0 miljoen en lichten we niet verder toe. 5 Nominaal Hogere lasten ter compensatie van nominale ontwikkeling van lonen en prijzen. 6 Overig Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen. 7 Onderhoud groen: Het onderhoudsniveau van de begraafplaatsen De Nieuwe Ooster en de Nieuwe Noorder is gemeten. Daaruit blijkt dat er sprake is van achterstallig onderhoud. Voor het wegwerken van dat achterstallig onderhoud maken we in 2025 € 0,3 miljoen vrij.

Begroting 2025

64

H2.2

2.2

2.2 Openbare ruimte, Water, Groen en Vervoer

Programma 2 | Portefeuillehouder: Van der Horst, Scholtes, Pels

H2.2

2.2 Openbare ruimte, water, groen, vervoer (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Baten

277,9

263,8

268,9

267,8

264,6

262,7

Lasten

1.179,3

1.260,1

1.405,4

1.309,9

1.270,2

1.262,9

Saldo Baten en Lasten

-566,3

-633,7

-720,8

-691,4

-650,3

-643,2

Onttrekking

234,3

181,2

53,5

37,8

19,0

7,7

Toevoeging

454,2

144,4

29,0

23,9

17,6

16,8

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-219,9

36,8

24,5

14,0

1,4

-9,2

Totaal Programma 2 Openbare ruimte, water, groen, vervoer

-786,2

-596,9

-696,3

-677,5

-648,9

-652,4

Jaarverslag 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

250,8

210,4

218,1

217,7

217,5

217,5

P

123456

(bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

Investeringen

Digitale stad / informatie

Democratisering

Programma 2 kent veel grote investeringen. De grootste zijn: • Programma Bruggen en Kademuren € 90 miljoen; • Vervangingsprogramma's Civiel, Groen, Verhardingen, OVL, VRI/VIS € 87 miljoen; • Aanpak wegtunnels: Verkeerscentrale, Arenatunnel en IJtunnel € 84 miljoen; • Vervangingsprogramma's materieel openbare ruimte en straatreiniging € 17 miljoen; • Vervanging en verduurzaming veren € 15 miljoen; • Programma Bovenwijks groen € 15 miljoen.

• Via Opgavegericht en Wendbaar Werken werken we steeds slimmer en efficiënter in een keten­ samenwerking voor het inrichten, beheren en gebruiken van de openbare ruimte. Dit leidt tot nog betere samenwerking, verbeteren van processen en digitalisering te versterken (waardoor medewerkers onder andere toegang hebben tot 1 actueel beeld). • We zetten in op datagestuurd werken om tot een betere informatiepositie te komen en slimme keuzes te maken. • We werken toe naar één architectuur voor assetmanagement om tot één informatiepositie te komen door een informatiemodel op te leveren. Om ook de samenwerking met aannemers te verbeteren • We betrekken privacy, security en compliance bij elke fase van digitalisering.

• Onder de noemer ‘Amsterdam Maakt Ruimte’ werken we aan een transitie van onze openbare ruimte en ons mobiliteitssysteem, gericht op een toekomst­ bestendige stad. Amsterdammers, ondernemers en bezoekers worden actief bij deze transitie betrokken. We voeren het gesprek met de stad over lastige keuzes die de komende jaren gemaakt moeten worden om de stad bereikbaar en leefbaar te houden, klimaatverandering op te vangen en te zorgen dat iedereen mee kan blijven doen in Amsterdam. Dat gesprek voeren we onder andere via een digitale raadpleging, thematafels met belanghebbenden over specifieke onderwerpen, ontwerpsessies met kinderen, stadsbrede bijeenkomsten en gesprekken met bewoners en ondernemers op straat.

Begroting 2025

66

H2.2

• De groene inrichting van de openbare ruimte wordt vaak in participatie ontwikkeld met de buurt en ook in co-creatie (bv. Het BrasaPark in Zuidoost). • Medebeheer van het openbare Groen is al jaren gebruikelijk in Amsterdam en wordt ook weer in 2024 voortgezet. Waar dit mogelijk en wenselijk is breiden we dit uit. • In het eerste half jaar va 2024 is het burgerberaad schone stad gehouden. Dat heeft geleid tot 15 adviezen die met een meerderheid van 67 procent zijn aangenomen. Dat betekent dat deze 15 adviezen aan de gemeenteraad zullen worden voorgelegd. Besluitvorming in de gemeenteraad over de adviezen van het burgerberaad vindt eind 2024 plaats. De thema's Duurzaamheid en Ongelijk investeren voor gelijke kansen worden apart toegelicht in een paragraaf.

Meerjarenbegroting: tegenover investering in wegwerken achterstallig onderhoud staan ook besparingen Voor de periode 2025-2028 ligt een begroting waarin voor een aantal onderdelen additionele middelen zijn toegekend. De incidentele € 45 miljoen ten behoeve van het wegwerken van het achterstallige onderhoud springt hierbij in het oog. Hier staat tegenover dat er ook een besparingsopgave is opgenomen oplopend van € 3,8 miljoen in 2026 naar € 7,5 miljoen in 2027 en € 15 miljoen structureel vanaf 2028. We verwachten de komende jaren een deel van de achterstanden in te kunnen lopen met de incidentele middelen die daarvoor beschikbaar worden gesteld. De staat van de openbare ruimte komt daarmee voor een groot deel op het afgesproken niveau. We verwachten dat we kunnen besparen door deze inhaalslag te combineren met het uitgangspunt dat we alleen onderhoudswerkzaamheden doen als er sprake is van een onderhoudsopgave. In de praktijk betekent dit minder tot geen herinrichtingen en scherpere keuzes in welke projecten we wel en niet doen. Voor de Begroting 2026 werken we uit op welke onderdelen bespaard kan worden.

Begroting 2025

67

H2.2.1

2.2.1 Verkeer, vervoer en parkeren Een toegankelijke stad voor iedereen, waar we aangenaam kunnen opgroeien verblijven en verplaatsen. Daar waar er verbeteringen in de openbare ruimte noodzakelijk zijn, geven we voorrang aan verbeteringen op het gebied van klimaatadaptatie, verkeersveiligheid en toegankelijkheid. We volgen hierbij de werkwijze zoals beschreven in Uitvoeringsstandaard Toekomstgericht werken aan de Openbare Ruimte en gaan pas ergens aan het werk als er sprake is van technische noodzaak. De totale CO2-uitstoot van programmaonderdeel 2.1 is: Scope 1 en 2 in de stad

746.362,94 ton CO2

Scope 1 en 2 van de eigen organisatie

36,87 ton CO2

Scope 3 van de eigen organisatie

57.009,12 ton CO2

Amsterdam maakt Ruimte

In paragraaf 4.3 Duurzaamheid laten we zien voor hoeveel CO2-uitstoot alle programmaonderdelen verantwoordelijk zijn.

Wat willen we bereiken (doelen) en wat gaan wij daarvoor doen (activiteiten)? Doel 2.1.1 De openbare ruimte van Amsterdam is een plek waar bewoners en bezoekers prettig, veilig en gezond kunnen verblijven en verplaatsen. Indicatoren doel

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

1

7,5 (2023)

WiA onderzoek; gemiddelde rapportcijfer leefbaarheid buurt.

n.v.t.*

Begroting 2024 n.v.t.*

Begroting Prognose 2025 2026-2028 7,5

7,5

*Voor Jaarverslag 2023 en Begroting 2024 bestonden geen waarden omdat dit een nieuwe indicator betreft en daarom is n.v.t. opgenomen. We stellen meer incidenteel geld beschikbaar voor het onderhoud van de stad. Daar waar er verbeteringen in de openbare ruimte noodzakelijk zijn, geven we voorrang aan verbeteringen op het gebied van klimaatadaptatie, verkeersveiligheid en

Begroting 2025

toegankelijkheid. We volgen hierbij de werkwijze zoals beschreven in Uitvoeringsstandaard Toekomstgericht werken aan de Openbare Ruimte en gaan pas ergens aan het werk als er sprake is van technische noodzaak. De druk op de openbare ruimte is de afgelopen jaren flink toegenomen. De groei en verdichting van de stad zorgt voor meer bezoekers en bewoners. En ook leggen de verschillende ambities zoals energietransitie, klimaatadaptatie, vergroening, gebiedsontwikkeling een extra claim op de openbare ruimte, zowel onder als boven de grond. Om goede afwegingen te kunnen maken over de inrichting en het gebruik van de ruimte, zowel op stedelijk niveau als op gebiedsniveau is in 2023 het Koersdocument Amsterdam maakt Ruimte opgesteld.

We willen dat Amsterdam een stad is waar de voetganger veilig kan lopen, waar de auto een plek heeft maar niet dominant is, waar kinderen veilig kunnen spelen en waar de lucht schoon is. We zoeken een nieuwe balans tussen de ruimte voor mobiliteit en de ruimte voor groen en verblijven. In 2024 en 2025 geven we verder invulling aan Amsterdam maakt Ruimte door: • Het opstellen en actualiseren van beleid, waaronder het beleidskader verkeersnetten en doelgroepenbeleid bij verkeersfilters om goed onderbouwde keuzes te maken over toegankelijkheid en gebruik van de openbare ruimte en infrastructuur. • Het ondersteunen van initiatieven in de stad, het aanpassen van gemeentelijke werkwijzen en het opstarten van nieuwe projecten. • Het voortzetten van het gesprek met de stad.

Projecten De projectenportefeuille binnen Stadsverbetering laat een sterk aflopend beeld naar de toekomst zien. Dit komt omdat in de afgelopen 3 jaar weinig tot geen nieuwe projecten zijn opgevoerd, vanwege budgetverschuivingen naar het behoud van de stad. Dit is echter niet vol te houden, gezien de autonome groei van de bestaande stad en de uitdagingen die deze autonome groei op de bestaande stad met zich meebrengt. In de bestaande stad blijven ook herinrichtingen nodig en het bereikbaar maken van de nieuwe stad vergt grote investeringen. Daarom wordt in deze begroting alvast een reservering voorgesteld voor nog te programmeren projecten in 2027 en 2028. Voor het overige worden de projecten in de Stadsdelen, die al in de portefeuille waren opgenomen, voortgezet. Daarbij is een beperkt aantal nieuwe projecten opgenomen, met name gericht op vergroening (bijvoorbeeld in Zuidoost) en verkeersveiligheid (bijvoorbeeld Aanpak kruising 1e Oosterparkstraat/ Beukenweg).

68

H2.2.1

Doorontwikkeling Beleidsprogramma’s Het programma Stadsverbetering bevat een aantal deelprogramma’s met een specifiek doel. De mobiliteitsprogramma’s Autoluw, Taxi, Touringcar, Logistiek, Deelmobiliteit, Fiets en Verkeersveiligheid worden in de toekomst anders ingericht. De veranderende opgave en beschikbare financiële ruimte vragen om een andere manier van werken, meer integraal en gebiedsgericht. In 2025 wordt dit verder uitgewerkt. In de tussentijd wordt via uitvoeringsplannen gewerkt aan actuele ontwikkelingen en opgaven.

Activiteit 2.1.1.1 We beperken het ruimtebeslag van de auto, zowel rijdend als geparkeerd. Indicatoren activiteit 1

Opgeheven parkeerplaatsen

2

Aantal gereden autokilometers in Amsterdam*

In 2025 stellen we een nieuw geactualiseerd uitvoeringsplan verkeersveiligheid, voetganger en fiets vast met een concreet maatregelpakket.

De groei van de stad & de bestaande stad Amsterdam heeft een grote woningbouwopgave. Deze groei is niet mogelijk zonder maatregelen op het gebied van mobiliteit, zowel in de nieuwe stad als in de bestaande stad. Naast het bieden van voldoende capaciteit op de wegen, de fietspaden en in het openbaar vervoer, is er ook een overgang van autogebruik naar openbaar vervoer, fiets en deelmobiliteit nodig. Dat vraagt om een verandering in gedrag van Amsterdammers en een aantrekkelijk alternatief aanbod. Een goede OV-ontsluiting, ruimte om prettig en veilig te fietsen en te lopen en aanbod van deelmobiliteit. We maken ruimte vrij om de Oostbrug over het IJ te realiseren. Daarnaast werken we in 2025 verder aan de voorbereiding van de metrolijnen Ringlijn en de verlenging van de Noord-Zuidlijn. Grote projecten die we gaan oppakken zijn de Cruciale Mijl inclusief verplaatsing Tramstalling (Zeeburgereiland en IJburg), station Amsterdam Bijlmer Arena (Zuidoostflank), de Johan van Hasseltknoop en de HOV-verbinding richting Zaandam (Noord), de HOV-verbinding van CS naar Sloterdijk en uitbreiding van het aantal veren over het IJ. Ook worden relatief kleinere projecten opgepakt, zoals bijvoorbeeld het optimaliseren van het fietsnetwerk Zuidoost. Vanwege de beperkte financiële ruimte, wordt ook een aantal projecten uitgesteld.

Investeringen die we nu (nog) niet oppakken bevinden zich vooral rond de Zuidas, en in minder mate in Weesp en Zeeburgereiland / IJburg.

Begroting 2025

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

Begroting 2024

Begroting Prognose 2025 2026-2028

5.000 - 7.000 parkeer­ plaatsen (2020 – 2025)

1.647

1.000

1.000

1.000

4.463.000 km (2018)

4.500.000 km

4.800.000 km

4.800.000 km

4.700.000 km

*Voor de KPI ‘Aantal gereden kilometers in Amsterdam’ wordt een andere invulling gezocht omdat dit geen zuivere graadmeter is.

Autoluw, deelmobiliteit en smart mobility Door uitvoering van de Agenda Amsterdam Autoluw maken we meer ruimte voor lopen, fietsen, openbaar vervoer, groen, voorzieningen, spelen en verblijven. In 2025 ronden we dit uitvoeringsprogramma af omdat de meeste maatregelen uit de agenda zijn uitgevoerd. Denk bijvoorbeeld aan het autoluw maken van de noordelijke Van Woustraat, de fietsroute tussen het IJ en het Mr. Visserplein en verschillende parkeermaatregelen. Het werken aan een veilige, toegankelijke, gezonde en bereikbare stad gaat door. De door het programma ontwikkelde instrumenten blijven we toepassen in de stad. Denk hierbij aan het verlagen van parkeervergunningplafonds om parkeerplaatsen te herbestemmen voor ander gebruik en de toepassing van intelligente toegang in de stad. Ook blijven we kansen benutten voor fiets en voetganger met kleine en slimme ingrepen zoals bijvoorbeeld het verbeteren van de verkeersregelinstallaties. Goed aanbod van deelmobiliteit is belangrijk om een alternatief te kunnen bieden voor de eigen auto. Amsterdam geeft vergunningen uit voor de verschillende deelvoertuigen en werkt samen met aanbieders van deelvervoer om ervoor te zorgen dat het gebruik van deelvervoer in Amsterdam goed verloopt. Als er in 2024 wordt besloten een vervolg te geven aan de vergunningen voor de deelfiets dan zullen er in 2025 nieuwe vergunningen hiervoor worden uitgegeven.

Verder wordt het gebruik van deelvervoer gestimuleerd met onder andere een communicatiecampagne.

69

H2.2.1

Met het programma Smart Mobility werken we aan het benutten van nieuwe innovaties en technologische ontwikkelingen om verschillende vormen van vervoer slim te combineren en efficiënt in te zetten. Dit doen we in nauwe samenwerking Amsterdammers, bedrijven en kennisinstellingen waarbij leren het uitgangspunt is. In 2025 starten we met een onderzoeksagenda voor Amsterdam maakt Ruimte om zo met behulp van innovaties het Amsterdam van morgen vorm te geven.

Parkeren In juni 2023 heeft de gemeenteraad besloten om betaald parkeren in te voeren in een groot deel van Nieuw-West en Zuidoost. In april 2024 heeft de gemeenteraad besloten om ook in stadsdeel Noord en Sloterdijk betaald parkeren in te voeren. De uitbreiding van betaald parkeren treedt gefaseerd in werking. In 2024 Osdorp, De Punt, (Nieuw) Sloten, De Aker, De Bijlmer en een deel van Noord. In 2025 treedt betaald parkeren in werking in Zuidoost (Holendrecht, Reigersbos), en de resterende delen in Noord en Nieuw-West (Slotermeer en Sloterdijk). Gein (Gaasperdam) staat voor het jaar 2026 op de planning. In maart 2024 heeft het college van B en W de stadsdelen en het stadsgebied Weesp gevraagd te adviseren op het instellen van een progressief tarief bij sportvoorzieningen en begraafplaatsen. Hiermee wordt bedoeld dat voor de eerste drie uur een lager parkeertarief geldt dan voor de uren daarna. De uitkomsten van de consultatie worden op het moment van schrijven nog verwerkt. Besluitvorming in de raad is gepland eind 2024 en uitvoering in de loop van 2025, in combinatie met de geplande uitbreidingen van betaald parkeren. Voor het jaar 2025 worden naast de vergunning tarieven ook de kortparkeertarieven geïndexeerd.

Hubs en P+R Een hub is een plek waar overgestapt kan worden van de ene vorm van vervoer op de andere. In 2024 en 2025 onderzoeken we of en op welke wijze we deelmobiliteit kunnen aanbieden op de huidige Amsterdamse Parkeren en Reislocaties. Ook kijken we breder naar hoe we de P+R locaties kunnen verbeteren ten behoeve van een aantrekkelijke autoluwe stad. Met de partijen in de Metropool Regio Amsterdam werken we aan een regionale Parkeren en Reis en hub strategie.

Begroting 2025

Activiteit 2.1.1.2 We maken meer ruimte voor fietsers, voetgangers en verblijfsruimte. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

Begroting 2024

Begroting Prognose 2025 2026-2028

1

Tevredenheid over fietsparkeren (wordt 2-jaarlijks gemeten)

6,0 (2022)

7,2

7,0

7,0

7,0

2

Tevredenheid over fietsrit (wordt 2-jaarlijks gemeten)

6,7 (2022)

7,3

7,0

7,0

7,0

Voor 2025 stellen we een nieuw uitvoeringsplan verkeersveiligheid, voetganger en fiets vast met een concreet maatregelpakket. In de verschillende thema’s komt dit als volgt tot uitdrukking.

Verkeersveiligheid We verbeteren de verkeersveiligheid met het doel dat iedereen, van jong tot oud en met of zonder beperking, zich veilig kan verplaatsen. We evalueren de effecten van de maximumsnelheid van 30 kilometer per uur in de stad en zetten in op digitale verkeershandhaving. We hebben specifiek extra aandacht voor de aanpak van veilige schoolomgevingen, schoolstraten, veilig oversteken, opgevoerde e-bikes en verkeershandhaving.

Ruimte voor lopen en fietsen De ruimte voor de voetganger staat onder druk. Stedelijke voorzieningen zoals fietsenrekken, nutsvoorzieningen, afvalcontainers, groen en terrassen maken ook gebruik van schaarse ruimte op het trottoir. Bij herinrichtingen maken we meer ruimte voor de voetganger. Waar mogelijk passen we een vrije doorloopruimte van minimaal 2 meter op het trottoir toe. Op drukke voetgangersroutes houden we meer loopruimte vrij, zoals beschreven in het beleidskader ‘Ruimte voor de voetganger’. Daarnaast pakken we voetgangersknelpunten en toegankelijkheidsproblemen in de openbare ruimte aan. We stellen voor meer fietsparkeerplekken te realiseren bij ov-haltes om de combinatie fietsen en openbaar vervoer te stimuleren. We verbeteren fietsroutes. En stimuleren het fietsgebruik, bijvoorbeeld door het aanbieden van fietsvaardigheids- en reparatie­ trainingen en het beschikbaar stellen van fietsen. Het Rijk werkt aan een nationaal toelatingskader voor lichte elektrische voertuigen dat in de loop van 2025 zal gaan gelden. We gaan na of hiervoor aanpassingen nodig zijn, bijvoorbeeld in onze beleidsdocumenten.

70

H2.2.1

Activiteit 2.1.1.3

Activiteit 2.1.2.1

We zorgen voor een veilige doorstroming van voetgangers op drukke verblijfsplekken en momenten en rond evenementen in de openbare ruimte.

We werken aan een verkeersveilige en rustige stad waarin je onbezorgd van A naar B kunt bewegen.

Indicatoren activiteit

Indicatoren activiteit

1

We beperken het aantal Crowd Control situaties (politie inzet) als gevolg van drukte bij geplande activiteiten/evenementen en te voorspellen drukte

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023 -

2

Begroting 2024 0

Begroting Prognose 2025 2026-2028 0

0

De gemeente is bij evenementen verantwoordelijk voor het crowd management in de Openbare Ruimte. Dit doen we door inzet van maatregelen zoals onder andere hosts, hekken, bewegwijzering, tijdelijke afsluitingen en eenrichtingsverkeer. In samenwerking met de politie zorgen we ervoor dat gebeurtenissen die veel bezoekers trekken zoals voetbalwedstrijden, evenementen in de Ziggodome en in de ArenA en grootstedelijke evenementen zoals Koningsdag en de Pride goed verlopen.

Peilwaarde Jaarverslag Begroting Begroting Prognose (peiljaar) 2023 2024 2025 2026-2028

1

Ernstig gewonden verkeers­ ongevallen (ambitie 0 in 2050, streefgetal halvering in 2030 t.o.v. 2010)

2

Beleving ervaren verkeersveiligheid

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

1

15 (2022)

Dodelijk slachtoffers verkeersongevallen (ambitie 0 in 2050, streefgetal halvering in 2030 t.o.v. 2010)

Begroting 2025

14

Begroting 2024 <15

<15

<15

1.000

1.000

7,1 (2023)

7,1

7,0

7,0

7,0

We voeren regie op het gebruik van het mobiliteitsnetwerk van de stad.

1

Begroting Prognose 2025 2026-2028

1000

Activiteit 2.1.2.2

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

Doel 2.1.2

Indicatoren doel

1000

De data over ernstig gewonden verkeersongevallen loopt altijd 1 jaar achter.

Indicatoren activiteit

Bewoners en bezoekers kunnen zich verplaatsen van, naar en binnen Amsterdam.

1.150 (2022)

Aantal escalaties m.b.t. regie op het mobiliteitsnetwerk

-

-

Begroting 2024 -

Begroting Prognose 2025 2026-2028 n.t.b.

n.t.b.

Deze indicator is nog in ontwikkeling en heeft daarom nog geen waarden. We zorgen ervoor dat werkzaamheden worden uitgevoerd in de openbare ruimte met zo min mogelijk hinder voor Amsterdammers, ondernemers en bezoekers van Amsterdam. Dit doen we onder andere door goed plannen en afstemming van werkzaamheden met partijen als: Brandweer, Ambulance, GVB, interne stakeholders en opdrachtgevers van werkzaamheden. We maken op tijd afspraken over noodzakelijke verkeersmaatregelen en communicatie bij de uitvoering van deze werkzaamheden. Ook investeren we in een goed inzicht in het beschikbare verkeersnetwerk van vandaag en de geplande werkzaamheden in de toekomst. Om dit goed te kunnen doen in de drukke stedelijke gebieden zijn er voor de Westelijke Grachtengordel, de Zuidelijke Grachtengordel en het Wallengebied lokale netwerkregisseurs aangesteld.

71

H2.2.1

Regionale samenwerking op bereikbaarheid

Actieplan Schone Lucht

Op regionaal niveau zorgen we voor goede afstemming met partijen als: Rijkswaterstaat, ProRail, de Provincie en de Vervoerregio. We werken samen met deze partijen aan mobiliteitsmaatregelen, communicatie, monitoring en evaluatie van onze projecten.

Het Actieplan Schone Lucht (2019) richt zich op het verbeteren van de luchtkwaliteit in Amsterdam. Het doel is om in 2030 te voldoen aan de World Health Organisation advieswaarden voor luchtkwaliteit uit 2005 door in te zetten op de transitie naar uitstootvrij verkeer in de stad. Daarnaast dragen onderstaande maatregelen bij aan een reductie van CO2-uitstoot van circa 11 procent in de stad. We dragen daarmee bij aan de totale CO2-reductiedoelstellingen van de gemeente. Het Actieplan Schone Lucht wordt uitgevoerd binnen het landelijke kader van wetgeving, overgangsregelingen en ontheffingen.

Activiteit 2.1.2.3 We verbeteren de luchtkwaliteit en verminderen de CO2 uitstoot door in te zetten op uitstootvrije mobiliteit. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

Begroting 2024

Begroting Prognose 2025 2026-2028

1

Aantal toetspunten en straten waar niet wordt voldaan aan EUgrenswaarde stikstofdioxide (NO2, 40 μg/m3)

33% (2022)

0%

0%

0%

0%

2

Percentage van de toetspunten waar niet wordt voldaan aan de WHO-advieswaarde voor fijnstof (PM 2,5)

37% (2021)

9,2%

25%

25%

5-10%

Activiteit 2.1.2.4 We maken parkeren van auto en fiets duurzaam en kosteneffectief mogelijk. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

Begroting 2024

Begroting Prognose 2025 2026-2028

1

Aantal gemeentelijke garages met led-verlichting

24 (2022)

26

28

30

30

2

Aantal garages voorzien van laadpalen. In 2026 zijn alle garages in eigendom voorzien van laadpalen

21 (2022)

28

29

30

30

In 2025 geven we uitvoering aan de Uitvoeringsagenda Uitstootvrije Mobiliteit 20232026 (vastgesteld juni 2023). Dit betekent onder meer: • Invoering uitstootvrije zone stadslogistiek, brom- en snorfiets en pleziervaart per 1 januari 2025; • Monitoring van de effecten van de nul-emissiezones bedrijfs- en vrachtauto’s en brom- en snorfietsen (per 1 januari 2025); • Aanscherping van de milieuzone voor dieselpersonenauto’s en bestelwagens (per 1 januari 2025); • Invoer aanscherping van de schoner parkeren-regeling (per 1 januari 2025); • Update strategie verduurzaming personenauto’s; • Voorbereiding in samenwerking met het Rijk voor de invoering van de nulemissiezone taxi, uitbreiding van de nul-emissiezone bedrijfs- en vrachtauto’s en de invoer van een nul-emissiezone Touringcar. En daarnaast werken we ook aan: • De Uitvoeringsagenda voor Schone Mobiele Werktuigen. • De Uitvoering van het Beleidskader Houtstook. • Het publieke laadnetwerk – zowel gewoon als snelladen – gaan we verder uitbreiden en voorzien van ‘slim laden’, op basis van het Strategisch plan Laadinfrastructuur 2020-2030.

Doel 2.1.3 Amsterdam is op een veilige en duurzame manier bereikbaar voor commercieel vervoer. Indicatoren doel 1

Begroting 2025

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

Begroting 2024

Begroting Prognose 2025 2026-2028

zie indicatoren onder activiteit 2.1.3.1 / 2.1.3.2

72

H2.2.1

Activiteit 2.1.3.1 We stimuleren schoon, licht, verkeersveilig en efficiënt (goederen)vervoer door bundeling van goederen (logistieke hubs), intensiever gebruik van water en specifieke aandacht voor gebieden in de stad waar de (logistieke) druk hoog is. Indicatoren activiteit 1

Verminderen aandeel zware voertuigen (maximum massa boven de 30 ton) ten opzichte van alle bestel- en vrachtwagens in de ZZV per jaar binnen de S100

2

Stijging van de gemiddelde beladingsgraad van bestel- en vrachtauto’s in de hele stad

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023 0,72% (2022)

Begroting 2024

Begroting Prognose 2025 2026-2028

0.72%

0,70%

0,68%

0,68%

0.65%

0,68%

0,69%

0,68%

Vanaf 2024 is de berekeningsmethode iets aangepast ten behoeve van de betrouwbaarheid. In plaats van 3 maanden wordt het hele jaar meegerekend. De nieuwe berekeningsmethode leidt voor 2023 tot een kleinere vermindering van het aandeel zware voertuigen, 0,74 procent in plaats van de 0,65 procent die in het jaarverslag 2023 is opgenomen. Om die reden is de prognose voor 2025 en 2026-2028 iets naar beneden bijgesteld en zou de waarde voor de begroting 2024 op circa 70 procent uitkomen. Met deze bijstellingen streven we een daling na die dan ook is opgenomen: van 0,74 procent in 2023 naar 70 procent in 2024 naar 0,69 procent in 2025 en 0,68 procent in 2028.

Activiteit 2.1.3.2 We werken aan een betrouwbaar en milieuvriendelijk taxivervoer. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

Begroting 2024

Begroting Prognose 2025 2026-2028

1

Percentage uitstootvrije taxi’s

12,1 % (2020)

21%-

23%

25 %

30%-

2

Aantal gemeten unieke taxivoertuigen rond de S100 tijdens de weekendnachten

-

-

-

Zie toelichting

-

3

Aandeel ontheffinghouders taxi t.o.v. aantal gemeten unieke taxivoertuigen

-

-

-

Zie toelichting

-

Begroting 2025

Er is nog geen ontheffingenbeleid ingevoerd. Aanleiding daarvoor is evaluatie van de landelijke regelgeving voor Taxi’s, de WP2000 en onduidelijkheid over eventuele aanpassing van de regels door het ministerie. We zijn hierover in gesprek en werken aan actualisatie van het Amsterdamse taxibeleid.

Logistiek, touringcar en taxi Commercieel vervoer zoals Taxi, Touringcar en Logistiek dragen bij aan de bereikbaarheid en toegankelijkheid van bestemmingen en voorzieningen en de bevoorrading van de stad. Tegelijkertijd heeft commercieel vervoer effect op de leefbaarheid, veiligheid en de bruggen en de kademuren in de stad. De opgave is om daar een goede balans in te vinden. We stimuleren elektrisch transport, bundeling van goederen (logistieke hubs), transport over water en besteden specifieke aandacht aan gebieden in de stad waar de (logistieke) druk hoog is. Voorbeelden van wat we in 2025 gaan opleveren: • Advies voor nieuw logistiek regime voor de Wallen en Lastagegebied. • Advies laad- en loslocaties in de Oude Pijp. • Een werkconferentie waar overheden, brancheorganisaties en ondernemers met elkaar in gesprek gaan over een schonere, lichtere, efficiëntere en veiliger logistiek • Een beleidskader voor logistieke hubs. • Een platform voor data en informatie over logistiek in Amsterdam. • Een aanpak stimulering transport over water. We weren touringcars zwaarder dan 7,5 ton uit het centrum van Amsterdam. Om touringcars te faciliteren in het vlot afwikkelen van halteren, bufferen en parkeren zoeken we naar geschikte locaties, buiten het centrum en aan de rand van de stad.

In de Agenda Taxi 2020-2025 staan vier doelen centraal: betrouwbaar, veilig, bonafide taxivervoer, in een leefbare stad. In 2024 en 2025 wordt de aanpak geactualiseerd vanwege onderstaande ontwikkelingen. • De taximarkt is de afgelopen jaren sterk veranderd als gevolg van de platformeconomie. De verschuiving van de opstap- naar de bestelmarkt verloopt sneller en is groter dan verwacht. Inmiddels is de verhouding tussen opstap- en bestelmarkt ongeveer 15/85. Dit brengt uitdagingen met zich mee zoals regulering, toezicht en handhaving. • Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft de landelijke taxiwet en – regelgeving (WP2000) geëvalueerd begin 2024. In de evaluatie wordt gesteld dat de landelijke wetgeving over het algemeen goed werkt. Alleen in Amsterdam en andere grote steden, waar relatief veel taxi’s rijden, schiet de landelijke wetgeving te kort. Dat is vooral vanwege bovengenoemde verschuiving van opstap naar bestelmarkt. Het is op dit moment nog onduidelijk of de landelijke regelgeving wordt aangepast, we blijven hierover in gesprek met het ministerie. 73

H2.2.1

• Tot slot: Amsterdam is van plan om binnen de Ring A10 een uitstootvrije zone voor taxi´s in te voeren. In dit gebied mogen taxi’s alleen rijden als ze uitstootvrij zijn. De geplande ingangsdatum van de uitstootvrije zone voor taxi’s per 1 januari 2025 wordt niet gehaald. Het voorstel dat het mogelijk maakt om een uitstootvrij zone voor taxi’s in te stellen, moet eerst nog worden behandeld in de Tweede Kamer. Het is op dit moment niet in te schatten wanneer de zone wel ingevoerd kan worden. We blijven werken aan maatregelen om uitstootvrije taxi’s te stimuleren.

Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2023 2024 2025 2026 2027 2028 Toevoeging

423,7

141,2

12,0

12,0

12,0

12,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-332,6

-118,5

196,5

4,3

-1,6

-12,3

Totaal

-491,4

-282,0

-10,0

-179,2

-155,8

-154,4

Welke verbonden partijen schakelen we daarvoor in?

Baten en lasten

Vervoerregio Amsterdam (VRA)

De baten in dit programmaonderdeel van € 55,4 miljoen bestaan voornamelijk uit parkeerinkomsten uit gemeentelijke garages en fietsenstallingen en voor een kleiner deel uit inkomsten door bijdragen van derden met name afkomstig van de Vervoersregio Amsterdam (VRA). De lasten van € 261,8 miljoen bestaan voornamelijk uit lasten gerelateerd aan parkeren en projecten en onderhoud in de openbare ruimte.

De Vervoerregio Amsterdam is een samenwerkingsverband van 15 gemeenten rond verkeer en openbaar vervoer. De belangrijkste taken zijn het opdrachtgeverschap van het openbaar vervoer en het verstrekken van subsidies voor infrastructuur. Dit laatste gebeurt via de Investeringsagenda Mobiliteit. De Vervoerregio is ook een partner in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). De Vervoerregio wordt volledig bekostigd uit een Rijksbijdrage (Brede Doeluitkering) van ruim € 400 miljoen per jaar. De regioraad stelt de begroting vast. De gemeenteraden van de deelnemende gemeenten kunnen een zienswijze daarover afgeven.

Servicehuis Parkeer en Verblijfsrechten (SHPV) Voor het handhaven van het betaald parkeren gebruiken we het Nationaal ParkeerRegister (NPR) van de coöperatie Servicehuis Parkeer- en Verblijfsrechten (SHPV). Het SHPV beheert namens aangesloten gemeenten het register. Zo kunnen we op dezelfde landelijke digitale manier parkeren registreren en raadplegen voor (digitale) handhaving. Als parkeergarages in eigendom van ons en onderdeel van een gebouwencomplex zijn, dan zijn wij verplicht lid van de Vereniging van Eigenaren (VvE).

Financiële toelichting (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2023 2024 2025 2026 2027 2028 Baten

68,1

59,8

55,4

45,7

45,7

45,7

Lasten

226,9

223,3

261,8

229,1

200,0

187,8

Saldo Baten en Lasten

-158,8

-163,5

-206,4

-183,4

-154,2

-142,1

91,1

22,7

208,5

16,3

10,4

-0,3

Onttrekking

Begroting 2025

Meerjarige ontwikkeling van de baten en lasten De baten dalen in 2024 vergeleken met Jaarverslag 2023 en ook tussen 2024 en 2026. Dat komt vooral door aanpassingen van bestedingen over meerdere jaren rondom projecten in de openbare ruimte. Deze bestedingen worden gedeeltelijk of geheel gedekt door een bijdrage van een derde partij, voornamelijk de VRA (€ 5,0 miljoen lager in 2024, € 2,0 miljoen lager in 2025 en 10,0 miljoen lager in 2026). Tussen 2023 en 2024 dalen de baten door lagere inkomsten uit nieuwe contracten voor de laadpalen en subsidies (Nationale Laadagenda Deelname G4) (€ 14,0 miljoen lager in 2024). De baten uit parkeren stijgen tussen 2023 en 2024 door aanpassen van Parkeerregime Amsterdamse Bos, verhoging evenement parkeertarieven in het Arenagebied en het stapsgewijs kostenneutraal maken van de P+R-systematiek voor de gemeente Amsterdam conform het coalitieakkoord (€ 6,0 miljoen hoger in 2024). De lasten dalen in 2024, stijgen in 2025 en dalen vanaf 2026. Vanaf 2024 nemen de lasten voor projecten in de openbare ruimte af om in 2025 weer toe te nemen en van 2026 weer te dalen. Dit is hoofdzakelijk het gevolg van het projectmatige karakter van het bestedingsvoorstel voor het programma stadsverbetering. Hierdoor wordt het ene jaar meer begroot dan het andere jaar.

Dit wordt geneutraliseerd door middel van een kasschuif waardoor het beeld meerjarig sluitend is (€ 12,2 miljoen lager in 2024, € 27,1 miljoen hoger in 2025, € 28,5 miljoen lager in 2026, € 22,7 miljoen lager in 2027 en € 8,5 miljoen lager in 2028). De nieuwe parkeerbeheerder P1 heeft bij de start van het contract hoge implementatiekosten bedongen die in 2024 worden gerealiseerd. In de loop van het contract vanaf 2025 leidt dit tot lagere kosten (€ 6,0 miljoen hoger in 2024, € 1,0 miljoen lager in 2025, € 1,0 miljoen hoger in 2026, € 1,0 miljoen lager in 2027 en € 3,0 miljoen lager in 2028). Omdat de coalitiemiddelen voor het verminderen van de CO2 uitstoot voertuigen aflopen dalen de lasten tussen 2026 en 2027 (€ 4,0 miljoen). 74

H2.2.1

Reserves De onttrekkingen van de reserves van € 208,5 miljoen bestaan voornamelijk uit onttrekkingen uit de financieringsreserve, en daarna de reserves Laadinfra, Leidseplein, Coalitiemiddelen, Incidentele bijdragen Schaalsprong, programma Stadsbehoud en achterstallig onderhoud openbare ruimte en groen. De toevoegingen betreffen de reserve Incidentele bijdragen Schaalsprong. Vanaf 2025 zijn de toevoeging aan de reserves aanzienlijk lager. Dit komt door het opheffen van de reserves programma Stadsbehoud (€ 89,6 miljoen) en achterstallig onderhoud (26,0 miljoen) en de financieringsreserve (€ 10,3 miljoen).

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

-20,7

30,6

23,4

3,0

5,2

15 Nominaal

2,9

4,9

3,6

2,3

2,3

16  Reserve-gerelateerde wijzigingen

-4,7

-3,6

-1,6

4,5

-5,5

17 Overig

0,0

0,3

0,3

0,3

0,2

Onttrekking

19,4

208,5

16,3

10,4

-0,3

14 Intertemporele mutaties

Financiële toelichting op de wijzigingen

Beginstand Begroting 2025

20,7

11,1

7,7

0,0

0,0

(bedragen x € 1 miljoen)

Mutaties 2024-2028

-1,3

197,4

8,5

10,4

-0,3

18 Coalitiemiddelen 2022-2026

0,0

0,0

2,0

0,0

0,0

19 Kwaliteitsimpuls Groen

0,0

-0,7

-1,3

0,0

0,0

20 Reserve Laadinfrastructuur

-2,5

0,0

-0,5

2,0

0,0

21 Reserve Programma Stadsbehoud

-0,6

3,1

-0,6

0,0

0,0

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

59,8

55,4

45,7

45,7

45,7

Beginstand Begroting 2025

57,0

55,0

45,4

45,4

45,4

Mutaties 2024-2028

2,9

0,3

0,3

0,3

0,3

1 Gemeentebreed neutrale begrotingsbijstellingen

0,0

0,1

0,1

0,1

0,1

22 Reserve IJ-oeververbinding (Plan Openbare Ruimte)

0,0

-2,1

-0,5

2,8

0,0

2 Reserve-gerelateerde wijzigingen

2,9

0,0

0,0

0,0

0,0

23 Reserve Leidseplein

-0,3

-0,2

0,0

0,0

0,0

3 Overig

0,0

0,2

0,2

0,2

0,2

0,0

1,3

0,0

0,0

0,0

223,3

261,8

229,1

200,0

187,8

24 Reserve achterstallig onderhoud, infrastructuur, openbare ruimte en groen

Beginstand Begroting 2025

247,5

225,7

206,6

201,0

205,1

188,1

0,0

0,0

-0,3

-24,1

36,0

22,5

-1,0

-17,3

25 Financieringsreserve activa met maatschappelijk nut

0,0

Mutaties 2024-2028 4 Doorstroming McGallivrylaan

0,0

2,0

0,0

0,0

0,0

26 Incidentele bijdragen Schaalsprong

-1,2

4,7

6,2

5,3

0,0

5 Besparingsopgave openbare ruimte

0,0

0,0

-3,8

-7,5

-15,0

27 Sprong over het IJ (brug)

3,3

3,1

3,2

0,4

0,0

6 Besparingsopgave

0,0

-4,3

-7,7

-7,7

-7,7

137,9

12,0

12,0

12,0

12,0

7 Straatparkeren

0,0

4,0

3,8

3,8

3,8

133,7

135,0

143,3

142,4

131,9

8 Fietswrakken

0,0

1,0

1,0

0,0

0,0

Mutaties 2024-2028

4,2

-123,0

-131,3

-130,4

-119,9

9 Coalitieakkoord

0,0

0,0

1,0

0,0

0,0

28 Reserve Programma Stadsbehoud

0,4

-94,7

-106,3

-105,4

-94,9

10 Uitbreiding betaald parkeren

0,0

1,4

2,1

2,2

2,2

-25,0

-25,0

-25,0

-25,0

0,0

-3,9

-4,1

-3,6

-4,0

29 Reserve achterstallig onderhoud, infrastructuur, openbare ruimte en groen

0,0

11 Actualisatie kapitaallasten 12 Areaal

0,0

0,4

0,4

0,4

0,4

-3,3

0,0

0,0

0,0

-1,7

3,2

4,1

1,2

0,7

30 Financieringsreserve activa Maatschappelijk Nut

3,9

13 Gemeentebreed neutrale begrotingsbijstellingen

-282,0

-171,6

-165,5

-167,6

-171,8

Baten

Lasten

Begroting 2025

Toevoeging Beginstand Begroting 2025

Eindtotaal

75

H2.2.1

Mutaties baten 1 Gemeentebreed neutrale begrotingsbijstellingen Deze afwijkingen zijn kleiner dan € 1,0 miljoen en lichten we niet verder toe. 2 Reserve-gerelateerde wijzigingen De baten stijgen omdat nu meer inzicht is in indicatoren zoals laadsessies en aantal plaatsingen laadpalen. Hierdoor is het beter te voorspellen welke inkomsten er zullen zijn. 3 Overig Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Mutaties lasten 4 Doorstroming McGallivrylaan Hogere lasten door inzet extra budget voor de doorstroming McGallivrylaan (€ 2,0 miljoen). 5 Besparingsopgave openbare ruimte Lagere lasten door de besparingsopgave in de openbare ruimte. Dit betreft een besparingsopgave voor heel programma 2 om te komen tot een sluitend financieel beeld in de meerjarenbegroting 2024 tot en met 2028. Deze wordt ingevuld bij Begroting 2026. 6 Besparingsopgave Lagere lasten vanaf 2025 als gevolg van een besparingsopgave. Dit betreft een verschuiving van deze besparingsopgave naar de opdrachtgevers in programma 1 en programma 2. 7 Straatparkeren Hogere lasten door intensievere handhaving en opleggen naheffingsaanslagen buitenlandse voertuigen. 8 Fietswrakken Budget verwijderen fietswrakken.

Begroting 2025

9 Coalitieakkoord Hogere lasten voor het halen van klimaatdoelen. In 2024 zijn de middelen voor luchtkwaliteit toereikend, met inachtneming dat ook klimaatakkoordgelden worden ingezet. In latere jaren, 2026 en verder, zijn de middelen substantieel lager, terwijl wel uitgaven worden verwacht om de klimaatdoelen te halen. Daarom wordt € 1 miljoen van de coalitiemiddelen doorgeschoven naar 2026. 10 Uitbreiding betaald parkeren Uitbreiding betaald parkeren Noord en Sloterdijk en het verwijderen van de blauwe zones. 11 Actualisatie kapitaallasten De kapitaallasten worden geactualiseerd aan de hand van het investeringsportfolio. 12 Areaal Dit betreft de toedeling van gereserveerde middelen voor areaaluitbreiding in 2025. 13 Gemeentebreed neutrale begrotingsbijstellingen Lagere lasten in dit programmaonderdeel in 2024 en hogere lasten vanaf 2025 door intertemporele, gemeentebreed neutrale en overige aanpassingen.

Dit komt voornamelijk door kasritmeaanpassingen van het programma Stadsverbetering (SV), een nieuw contract voor de nieuwe parkeerbeheerder en lasten in verband met uitbreiding betaald parkeren in Noord en Sloterdijk ,een administratieve correctie met betrekking tot de herverdeling van loon en prijsindexatie, invullen van een deel van de taakstelling met dekking van hogere reclameopbrengsten uit programmaonderdeel 2.4 (€ 2,2 miljoen in 2024) , doorbelasting overhead naar exploitatieprojecten conform regelgevingen en interne juridische diensten voor de afhandeling van bezwaar- en beroepszaken (€ 28,8 miljoen). 14 Intertemporele mutaties Lagere lasten in dit programmaonderdeel in 2024 en hogere lasten vanaf 2025 door intertemporele, gemeentebreed neutrale en overige aanpassingen.

Dit komt voornamelijk door kasritmeaanpassingen van het programma Stadsverbetering (SV), een nieuw contract voor de nieuwe parkeerbeheerder en lasten in verband met uitbreiding betaald parkeren in Noord en Sloterdijk ,een administratieve correctie met betrekking tot de herverdeling van loon en prijsindexatie, invullen van een deel van de taakstelling met dekking van hogere reclameopbrengsten uit programmaonderdeel 2.4 (€ 2,2 miljoen in 2024) , doorbelasting overhead naar exploitatieprojecten conform regelgevingen en interne juridische diensten voor de afhandeling van bezwaar- en beroepszaken (€ 28,8 miljoen).

76

H2.2.1

15 Nominaal Hogere lasten ter compensatie van nominale ontwikkeling van lonen en prijzen. 16 Reserve-gerelateerde wijzigingen Lagere lasten van 2024 tot en met 2026, hogere lasten in 2027 en weer lagere lasten in 2028 door reserve-gerelateerde wijzigingen. Dit komt voornamelijk door uitstel van de herinrichting van de Prins Hendrikkade Oost (dekking uit de reserve POR zuid IJ-oever), het verschuiven van de toekenning van een nominale tranche voor 2024 voor het programma Stadsbehoud (dekking uit de reserve programma Stadsbehoud), kasritme aanpassingen voor projecten in het Westerpark, Sloterpark, Rembrandtpark en Martin Luther Kingpark (dekking uit de reserve kwaliteitsimpuls groen), het bomenvervangings­ programma (zie toelichting staat onder 'toevoeging aan de reserves' bij programmaonderdeel 2.1, dekking door de reserve programma Stadsbehoud), kasritme aanpassingen en voorbereidingslasten voor het doortrekken van de metro Ringlijn tussen Sloterdijk en Amsterdam Centraal (dekking door de reserve Schaalsprong) en kasritme aanpassingen in het kader van behalen van de klimaatdoelen uitstoot vrije mobiliteit in 2030 (dekking door de reserve Laadinfra) (€ 3,6 miljoen). 17 Overig Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Mutaties onttrekkingen reserves 18 Coalitiemiddelen 2022-2026 Hogere onttrekking aan de reserve Coalitiemiddelen 22-26. Verdere toelichting is te vinden onder de toelichting op de lasten in dit programmaonderdeel (€ 2,0 miljoen in 2026). 19 Kwaliteitsimpuls Groen Lagere onttrekking aan de reserve Kwaliteitsimpuls Groen. Verdere toelichting is te vinden onder de toelichting op de lasten in dit programmaonderdeel (€ 0,7 miljoen).

21 Reserve Programma Stadsbehoud Lagere onttrekking in 2024, hogere onttrekking in 2025 en lagere onttrekking in 2026 aan de reserve programma Stadsbehoud. Omdat deze reserve wordt opgeheven zijn er diverse aanpassingen in de begroting nodig in meerdere programmaonderdelen waarvan het totale effect nihil is (€ 3,1 miljoen). 22 Reserve IJ-oeververbinding (Plan Openbare Ruimte) Lagere onttrekking van 2025 tot en met 2026 en hogere onttrekking in 2027 aan de reserve POR Zuid IJ-oever. Verdere toelichting is te vinden onder de toelichting op de lasten in dit programmaonderdeel (€ 2,1 miljoen). 23 Reserve Leidseplein Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen. 24 Reserve achterstallig onderhoud, infrastructuur, openbare ruimte en groen Hogere onttrekking aan de reserve Achterstallig onderhoud, openbare ruimte en groen in 2025. De reserve Achterstallig Onderhoud wordt opgeheven. Hierdoor valt er in programmaonderdeel 2.1 in 2025 € 1,3 miljoen vrij (€ 1,3 miljoen). 25 Financieringsreserve met maatschappelijk nut Hogere onttrekking aan de financieringsreserve met maatschappelijk nut in 2025. De financieringsreserve wordt opgeheven. Hierdoor valt er in programmaonderdeel 2.1 in 2025 € 182,9 miljoen vrij (€ 182,9 miljoen).

26 Incidentele bijdragen Schaalsprong Lagere onttrekking in 2024 en hogere onttrekkingen vanaf 2025 in programma 2.1 aan de reserve Incidentele bijdragen Schaalsprong. Verdere toelichting is te vinden onder de toelichting op de lasten in dit programmaonderdeel (€ 4,7 miljoen). 27 Sprong over het IJ (brug) Hogere onttrekkingen aan de reserve Sprong over het IJ ter dekking van voorbereidingskosten voor het project Sprong over het IJ.

20 Reserve Laadinfrastructuur Lagere onttrekking aan de reserve Laadinfra in 2024 en 2026 en een hogere onttrekking in 2027. Verdere toelichting is te vinden onder de toelichting op de lasten in dit programmaonderdeel (€ 2,5 miljoen in 2024, € 0,5 miljoen in 2026 en € 2,0 miljoen in 2027).

Begroting 2025

77

H2.2.1

Mutaties toevoegingen reserves 28 Reserve Programma Stadsbehoud Lagere toevoeging aan de reserve programma Stadsbehoud. Gedeeltelijk door een administratieve correctie op de indexatie en vanwege de dekking van vier extra fte voor groen (2 fte), business lead beheer openbare ruimte en basisgegevens grootschalige topografie (€ 1,4 miljoen). Voornamelijk als gevolg van het opheffen van de reserve Stadsbehoud worden de dotaties aan de reserve Stadsbehoud die wordt gerapporteerd in programmaonderdeel 2.1 uit de begroting gehaald en overgezet als lasten naar programma onderdeel 2.4. Daarvan uit worden de toegekende middelen Stadsbehoud verder verdeeld (€ 98,8 miljoen). Hogere toevoeging aan de reserve programma Stadsbehoud. Om het groenonderhoud op orde te krijgen, structurele dekking te vinden voor structurele taken en een begin te maken met het inlopen van het achterstallig onderhoud wordt voorgesteld het bomenvervangingsprogramma (12 miljoen per jaar), wat nu bekostigd wordt vanuit de reserve Stadsbehoud, meerjarig te dekken vanuit de kredieten (€ 38 miljoen) en het programma Stadsverbetering (€ 22 miljoen). Binnen deze € 60 miljoen wordt naast het reguliere bomenvervangings­ programma ook geld vrijgemaakt voor het inlopen van achterstalligheid in bomen (inlopen lege boomspiegels en vervangen van slechte bomen á € 2 miljoen per jaar).

Door deze schuif ontstaat er ruimte in de reserve Stadsbehoud voor het groen onderhoud (€ 5,5 miljoen). 29 Reserve achterstallig onderhoud, infrastructuur, openbare ruimte en groen Lagere toevoeging aan de reserve Achterstallig onderhoud, Openbare Ruimte & groen omdat deze reserve wordt opgeheven. 30 Financieringsreserve activa met maatschappelijk nut Hogere toevoeging aan de financieringsreserve door veranderde kasritmes en doorschuif van onbenut budget uit 2023 voor de projecten Gaasperpark, Brasapark vervanging IJveren. Lagere toevoeging aan de financieringsreserve omdat deze reserve wordt opgeheven.

Begroting 2025

78

H2.2.2

2.2.2 Openbaar vervoer Openbaar vervoer vervult in onze stedelijke mobiliteit een belangrijke rol als ruimteefficiënte, duurzame en inclusieve vorm van mobiliteit voor iedereen. Veel Amsterdammers zijn voor hun werk en sociale leven afhankelijk van goed openbaar vervoer. We werken daarom samen met de Vervoerregio Amsterdam en GVB aan het verbeteren ervan.

De reiziger weet het Amsterdamse openbaar vervoer na de coronapandemie weer te vinden, maar de reizigersaantallen blijven nog wel achter ten opzichte van vóór corona. De uitdagingen voor het ov zijn nog niet achter de rug, onder andere door stijgende kosten en personeelskrapte. Amsterdam pleit bij de GVB en de vervoerregio nadrukkelijk voor een fijnmazig en frequent netwerk aan bus- en tramverbindingen in met name Noord, Zuidoost en Nieuw West, om daarmee inhoud te geven aan: ongelijk investeren in gelijkheid. Dit doet natuurlijk geen afbreuk aan het algemene principe dat OV in heel de stad nabij, frequent en goed toegankelijk behoort te zijn.

De totale CO2-uitstoot van programmaonderdeel 2.2 is: Scope 1 en 2 in de stad

0,00 ton CO2

Scope 1 en 2 van de eigen organisatie

5,30 ton CO2

Scope 3 van de eigen organisatie

6.247,16 ton CO2

In 2025 komt er meer aandacht voor groepen die belemmeringen ervaren om van het OV-gebruik te maken. Het gaat onder andere om belemmeringen op het gebied van prijs, bereikbaarheid en toegankelijkheid van haltes.

In paragraaf 4.3 Duurzaamheid laten we zien voor hoeveel CO2-uitstoot alle programmaonderdelen verantwoordelijk zijn.

Wat willen we bereiken (doelen) en wat gaan wij daarvoor doen (activiteiten)?

Activiteit 2.2.1.1 We beheren en verbeteren de toegankelijkheid van onze OV infrastructuur in samenwerking met GVB en de Vervoerregio Amsterdam.

Doel 2.2.1 Amsterdam is voor iedereen op een prettige en aantrekkelijke manier bereikbaar via het openbaar vervoer. Indicatoren doel

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

Begroting 2024

Begroting Prognose 2025 2026-2028

1

Tevredenheid reizigers over GVB bus, tram en metro (0-10)

8,2 (2022)

7,8

8,2

8,0

8,2

2

De passagiers zijn tevreden over de veren (0-10)

7,8 (2022)

8,5

7,5

8,3

7,5

Vervoerregio Amsterdam, GVB en gemeente Amsterdam werken daarom samen aan het verbeteren ervan. Het ov in Amsterdam staat echter op meerdere manieren onder druk.

Begroting 2025

Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2023

1

30% (2022)

Het aandeel toegankelijke OV haltes

41%

Begroting 2024 30%

Begroting Prognose 2025 2026-2028 35%

35%

Plan versterken OV 2024 Amsterdam stelt € 7,5 miljoen beschikbaar om te investeren in maatregelen om het openbaar vervoer toegankelijker, beter bereikbaar en betaalbaarder te maken. Bijvoorbeeld door het versneld toegankelijk maken van ov-haltes voor mensen met een beperking, het aanpassen van de wegen om meer bussen te kunnen laten rijden in wijken waar nu nog weinig ov is en er wordt meer geld vrijgemaakt voor het ondersteunen van vrijwilligersvervoer.

79

H2.2.2

In nieuwbouwgebieden zijn maatregelen nodig omdat het aantal reizigers toeneemt. Zo wordt in Zuidoost de openbare ruimte rondom een aantal metrostations verbeterd, in Nieuw-West komt er meer ruimte voor fietsparkeren bij metrostations. We verbeteren het aansluiten van fietsgebruik en stellen voor om extra geld beschikbaar te stellen voor fietslessen en fietsen om meer mensen aan het fietsen te krijgen. Samen met GVB en de Vervoerregio wordt onderzocht of er een mogelijkheid is om de metro in het weekend ’s nachts langer te laten rijden. Op deze manier wil het stadsbestuur ervoor zorgen dat het ov meegroeit met de groei van de stad en dat meer mensen gebruik maken van het openbaar vervoer.

Gratis openbaar vervoer voor kinderen We willen kinderen (en hun ouders) stimuleren om het openbaar vervoer te gebruiken. Een bezoek aan een museum, op visite bij familie of vrienden, of samen naar het park of zwembad. Het zijn uitstapjes die de wereld van de kinderen in onze stad verrijken. We hebben structureel € 1 miljoen beschikbaar voor gratis openbaar vervoer voor Amsterdamse kinderen van 4 tot en met 11 jaar. Ook in 2025 zal de succesvolle maatregel daarom een vervolg krijgen. In overleg met GVB zetten we in op een zo ruim mogelijk aanbod binnen het beschikbare budget. Wij hopen dat in 2025 in ieder geval de helft van alle kinderen gebruik zal maken van dit aanbod.

Toegankelijk openbaar vervoer Iedereen zou met het openbaar vervoer moeten kunnen reizen. Daarom is het belangrijk dat haltes voor iedereen zoveel mogelijk toegankelijk en inclusief zijn. In het Plan Versterken openbaar vervoer trekt de gemeente € 1 miljoen extra uit voor toegankelijke bushaltes, bovenop de bestaande € 1 miljoen voor 2024 en 2025. Hiermee kunnen in 2024 en 2025 een flink aantal haltes worden opgeknapt. Begin 2024 was 31 procent van de haltes volledig toegankelijk, een toename van 4 procent ten opzichte van het jaar ervoor. Voor 2025 streven we naar 35 procent.

Vrijwilligersvervoer De gemeente zet zich sinds enkele jaren in om vrijwillige vervoersinitiatieven (zoals HeenenWeer) te ondersteunen. In 2023 maakte het college daarom € 1,1 miljoen vrij voor de periode 2023 tot 2027. In de loop van 2024 bleek dat het vervoer sneller groeit dan verwacht, zodat het college nog eens € 500.000 vrij maakt om de groei van de komende jaren in goede banen te leiden. Mede dankzij deze subsidie verwacht de gemeente dat er in 2025 in de stadsdelen West en Oost nieuwe initiatieven zullen starten. Daarnaast zet het college zich in om nieuwe initiatieven te ondersteunen bij de opstart. Met het oog op ongelijk investeren in gelijke kansen doet het college dit met name in Noord, Zuidoost en Nieuw-West, waardoor er de laatste jaren meerdere initiatieven zijn gestart in deze gebieden. Ook organiseert de gemeente een jaarlijkse bijeenkomst, waar de initiatieven van elkaar kunnen leren over zaken als voertuigen, vrijwilligers en verzekeringen. Begroting 2025

Metro uitbreidingen De duurzame toekomst en verantwoorde groei van de stad, vraagt om een grote sprong in het openbaar vervoer. Vorig jaar en dit jaar zijn verkenningen gestart naar het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp, het sluiten van de metroring tussen Isolatorweg en Amsterdam Centraal Station en de het doortrekken van tramlijn 5 richting de Minervahaven. Het doortrekken van de Noord-Zuidlijn is belangrijk om de Schiphol­ tunnel te ontlasten en ruimte te geven voor meer (internationaal) treinverkeer. Het sluiten van de metroring maakt het metrosysteem robuuster en betrouwbaarder. Het doortrekken van tramlijn 5 is wenselijk om de groei van het aantal reizigers op te kunnen vangen. Deze verkenningen moeten leiden tot definitieve besluit voor trajecten in 2025.

Spoor Het spoor is belangrijk voor een (snelle) verbinding tussen Amsterdam en de regio, de rest van Nederland en Europa. Het betreft zowel personen- als goederenvervoer. Amsterdam werkt mee aan de plannen om bij station Zuid een vijfde en zesde perron aan te leggen en onder de grond een internationale terminal te bouwen waar vanuit in de toekomst reizigers naar Londen kunnen vertrekken. Internationaal werkt Amsterdam aan een lobby voor snelle spoorverbindingen tussen grote steden, ook om de overgang van vliegen (Schiphol) naar treinen mogelijk te maken. De lobby richt zich vooral op de Europese Commissie, maar ook op de grote steden aan routes die voor Amsterdam belangrijk zijn. Dit project zal de komende drie jaar uitgebouwd worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14621311/1