Bijlage 1 - adviezen stadsdelen en reacties TenneT & Liander.pdf
Tekst van het document
Bijlage 1 (adviezen stadsdelen en reacties TenneT & Leander)
Adviesaanvraag B&W aan stadsdeelbestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) 2035
RO Ruimte en Duurzaamheid Datum behandeling staf WH 23 november 2021 Datum adviesaanvraag: 6 december 2021 Deadline ontvangst advies: 31 januari 2021 Advies mailen naar: g.nust@amsterdam.nl Meegestuurde stukken: Ontwikkelingskader EVA 2035, met kaart als separate bijlage en brief Heeft er consultatie vooraf Het Concept Ontwikkelingskader EVA 2035 is opgesteld samen met netbeheerders Liander plaatsgevonden? en TenneT. Het is ontwikkelingskader is op 20 september jl. in het Portefeuillehouders RO – overleg besproken, en separaat met verschillende portefeuillehouders en DB’s van stadsdelen besproken. Tijdens de adviesaanvraagperiode vindt ook nog consultatie plaats bij Team GO, het Expertiseteam RO, DMC, JMZ en het Havenbedrijf Amsterdam bv. Portefeuille: Directie:
Invullen door stadsdeel: … … … Datum stadsdeelcommissie: … Datum dagelijks bestuur: … Registratienr. (optioneel): … Stadsdeel:
Procesbegeleider: Datum weekstart/staf:
Over gevraagde adviezen: conform art. 12 van de verordening op het lokaal bestuur vraagt B&W advies aan een DB over besluiten die (lid 1) betrekking hebben op de taken en bevoegdheden van het DB of (lid 2) op de belangen van het stadsdeel . Het DB legt deze adviezen voor aan de stadsdeelcommissie (art. 19). Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie over indien het is vastgesteld met een meerderheid van stemmen en binnen de budgettaire kader past (art. 19 lid 5). Afwijkingen van het advies motiveert het DB.
Adviesvraag B&W Formuleer hier de vraag aan het stadsdeel
We vragen u, als dagelijks bestuur van het stadsdeel, het concept Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) 2035 te voorzien van advies namens uw stadsdeel. De groei van de stad en de opgave om Amsterdam klimaatneutraal te maken in 2050 hebben een grote impact op de elektriciteitsvoorziening van de stad. De elektriciteitsinfrastructuur zal moeten groeien, vanwege de sterk toenemende vraag naar elektrisch vermogen als gevolg van meer datagebruik (datacentra), de groei van de stad en de elektrificatie van industrie, warmte en mobiliteit. Studies laten zien dat de huidige vermogensvraag (1000 MW) als gevolg van deze ontwikkelingen en ambities 3 tot 4 keer zo hoog wordt in 2050. En dat de grootste groei in de komende 10 à 15 jaar wordt verwacht. Bovendien is er in bepaalde delen van de stad al congestie afgekondigd, wat de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk zeer urgent maakt. Daarom heeft de gemeente Amsterdam samen met de netbeheerders Liander en TenneT het afgelopen jaar gewerkt aan het Ontwikkelingskader EVA 2035. Het betreft een richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van de hoofd elektriciteitsinfrastructuur in Amsterdam, voor de middellange termijn. Het betreft de uitbreiding van 12 van de 23 bestaande onderstations en de ontwikkeling van 29 nieuwe onderstations in de stad.
Pagina 1 van 8
Na de adviesaanvraagronde en interne consultatie van Liander en TenneT wordt ontwikkelingskader afgerond en ter instemming aan het College van B&W aangeboden en wordt het ter kennisname aangeboden aan de gemeenteraad.
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Op 6 december 2021 heeft het college een adviesaanvraag gestuurd aan de stadsdelen waarin advies gevraagd wordt over het ontwikkelingskader elektriciteitsvoorziening Amsterdam 2035. Dit is een gezamenlijk product van de gemeente Amsterdam en de netbeheerders Liander en Tennet die beiden actief zijn in Amsterdam. Wij zien de noodzaak voor het versterken van het elektriciteitsnet in de Gemeente Amsterdam. Indien hierop geen maatregelen genomen worden zal het netwerk relatief snel uitvalsverschijnselen gaan krijgen. Het stadsdeel voelt op dit moment al de druk op het elektriciteitsnet. De toegestuurde documenten stadsdeel Noord bevatten echter enkele punten waar wij uw aandacht op willen vestigen en ons advies op willen geven. Planning Ten eerste, en het meest belangrijke is het gemis aan enige vorm van een planning. Hierdoor is het volledig onduidelijk wanneer de werkzaamheden uitgevoerd gaan worden en hoeveel mogelijkheden er nog zijn voor het stadsdeel om voor bepaalde dingen mee te denken in tracés en specifieke locaties. Wij zien graag zo snel mogelijk een realistische (indicatieve) planning waarin de fasering van de projecten uitgewerkt is, maar waar tevens ook voldoende ruimte is gehouden voor mogelijkheden voor stadsdeel Noord om betrokken te worden bij de nadere uitwerking. In deze planning moet ook ruimte opgenomen worden de ruimtelijke inpassing en (beeld)kwaliteit.
Aandacht kabeltracés en midden-/laagspanningsruimten vanuit de wijken De stroom de wijk in krijgen is ook nog een uitdaging. Wij adviseren het college de aanpak van de ontwerpen om de stroom in de wijk te krijgen vanuit de wijk plaats te laten vinden. Waar komen de kabeltracés, de verdere verdeelpunten (midden-/laagspanningsruimten) en hoe worden die ingepast. Neem de ontwikkelingen in het stadsdeel mee en kijk of er mogelijkheden zijn om de benodigde kasten in nieuw te bouwen voorzieningen op te nemen. Hieraan moet aandacht besteed worden in de planning, maar ook in de aanpak. Vervolgens willen we graag ingaan op de locaties van de onderstations. dit valt uiteen in twee delen, de bestaande onderstations die uitgebreid moeten worden en daarna de nieuwe stations die opgericht moeten worden. Hier eerst enkele algemene opmerkingen. Algemeen Wij adviseren het college aandacht te hebben voor de plaatsing, veiligheidsafstanden en de ontwerpen van de gebouwde voorzieningen. Dit zijn grote en prominente gebouwen die in het zicht staan. Daarmee is het noodzakelijk om hier duidelijk aandacht aan te besteden. Betrek hierbij de integrale opgavenkaart en de kansen- en verbindingenkaart die zijn opgesteld voor ons stadsdeel voor een zo integraal mogelijk planvorming. De ontwikkelingen dienen plaats te vinden in samenhang met bestaande functies en de plannen voor sport, groen en recreatie.
Daarnaast kunnen de plannen niet uitgevoerd worden in de Hoofdgroenstructuur.
Bestaande onderstations Ten aanzien van de uitbreiding van de bestaande onderstations is het duidelijk dat er voor alle stations voldoende ruimte is voor de uitbreiding. De gronden zijn of in bezit, of zijn verkrijgbaar. Het bestaande onderstation aan de Papaverweg kan uitgebreid worden op de terreinen van Liander. Het bestaande gebouw is niet alleen functioneel, maar ook duidelijk architectonisch functioneel. Voor uitbreiding en nieuwbouw is het goed om architectonisch passend aan te sluiten bij de bestaande bebouwing.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 8
Het is positief dat het bestaande TenneT openlucht onderstation Klaprozenweg wordt vervangen en uitgebreid naar een zogenaamd gas geisoleerd (GIS) onderstation, waardoor er ruimte vrijkomt voor andere functies in de Klaprozenbuurt. Het te vernieuwen bestaande station aan de Klaprozenweg zal invloed hebben op het programma voor het project Klaprozenweg Oost. Het stadsdeel Noord verzoekt om bij de uitwerking van dit te vernieuwen en uit te breiden TenneT onderstation ook te onderzoeken of er meervoudig gebruik van de ruimte kan plaatsvinden. Hierbij wordt bijvoorbeeld gedacht aan een sportveldje voor de buurt op open niet bebouwde deel van het toekomstige TenneT terrein. Het stadsdeel onderschrijft de wenselijke (gefaseerde) vernieuwing van het bestaande TenneT openlucht onderstation naar een veel compacter zogenaamd TenneT GIS onderstation, omdat er hiermee ruimte vrijkomt voor andere functies (werken/wonen). Het stadsdeel heeft de voorkeur voor de in het ontwikkelingskader genoemde GIS Twin optie, omdat het ruimtebeslag hiervan het meest beperkt is. Het bestaande station Vliegenbos ligt direct naast een beschermd stadsgezicht en in het transformatiegebied Hamerkwartier. Hier is een zorgvuldige ruimtelijke inpassing essentieel om het aanliggend beschermd stadsgezicht te beschermen, en vraagt afstemming met de overige ontwikkelingen in het Hamerkwartier nodig.
Nieuwe onderstations Ten aanzien van de nieuwe onderstations dient het onderstation Cornelis Douwes in directe samenspraak met Haven-Stad georganiseerd te worden. In de plannen komt in het verlengde van de CD-weg een nieuwe stedelijke entree van Noord en een verbinding met Zaanstad. Het stadsdeel ziet mogelijkheden voor de overige twee noordelijkere opties in zoverre dit aanpasbaar is in de plannen van Haven Stad, mits het niet aan de historische landschappelijke Waterlandse Zeedijk komt te liggen en niet binnen de hoofdgroenstructuur is. Daarnaast zien we mogelijkheden rond de A10. De grote voorkeur gaat echter uit naar het verwerken van de onderstations in de plannen van Haven-stad. Hier is een zorgvuldige inpassing wederom essentieel. De laatste twee geplande stations genaamd Buikslotermeer zijn complex. Voor het oude waterzuiveringsterrein met slibvelden ten noorden van de A10-Noord zijn er reeds afspraken gemaakt met andere partijen en liggen er diverse ruimteclaims. Behalve het TenneT onderstation en eventueel ook het Liander onderstation (terugvaloptie) wordt hier vooral ingezet op groen, recreatieve- en sportfuncties. De kansen en verbindingenkaart van stadsdeel Noord geeft richting aan het uitwerken van het stadsdeel en de mogelijkheden die er bestaan om wederzijdse versterking plaats te laten vinden.
Het oude waterzuiveringsterrein geeft een uitgelezen mogelijkheid om de combinatie van verschillende functies te onderzoeken. Sport is een essentieel onderdeel hiervan. Dit wordt dit voorjaar ook vastgelegd in de principenota voor dit gebied (“’t Groene Veld”). Wij adviseren het college om in het ontwikkelingskader in te gaan op de bestaande ruimteclaims voor deze locaties en de afspraken die hier al voor gemaakt zijn, en nu worden uitgewerkt in een Principenota. Ook adviseren we om naar een zo optimaal mogelijk ruimtegebruik van de onderstations te streven en –waar mogelijk- dubbel gebruik van de niet bebouwde terreinen. Voor het geplande Liander station is in eerste instantie het P+R terrein van de oostelijke aansluiting Nieuwe Leeuwarderweg – IJdoornlaan als zoeklocatie in beeld. Het terrein in de westelijk aansluiting is bestemd voor een 4laagse P+R-garage. V&OR onderzoekt of de oostelijke aansluiting ook gereserveerd moet worden voor een P+Rgarage of mobiliteitshub. Wij vragen het College om voor het Liander onderstation een goede integrale afweging te maken tussen deze P+Rlocatie en de locatie op de slibvelden bij de RWZI. We vragen hierbij ook om de mogelijkheid van een combinatie van een P+R-garage + Liander onderstation op de locatie P+R-terrein te onderzoeken.
Dan zal voor het Liander onderstation een overall afweging gemaakt moeten worden tussen deze locatie en de locatie op de slibvelden van de RWZI. Indien gekozen wordt voor de locatie oostelijk P+R terrein (al dan niet in combinatie met een P+R-garage), dan vraagt verbetering van de langzaamverkeer onvriendelijke inrichting aan deze toegang van Station Noord bijzondere aandacht.
Kabeltracés
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 8
Tenslotte hebben we nog enkele opmerkingen ten aanzien van de tracés. Het belangrijkste voor het stadsdeel is dat de impact van de tracés op het stadsdeel en de openbare ruimte (en voor bestaande bomen) zo klein mogelijk is bij de stijg en daallocaties. Daarom wordt verzocht om de ondergrondse kabeltracés zo veel mogelijk middels gestuurde boringen aan te brengen, om de verstoring en aantasting van de openbare ruimte in het stadsdeel zo veel mogelijk te beperken. Voor het TenneT kabeltracé van het onderstation Oostzaan naar het TenneT onderstation Buikslotermeer in op het terrein van de slibvelden bij de voormalige RWZI Noord (“’t Groene Veld”) heeft een tracé aan de noordzijde van de A10-Noord de voorkeur. De stippel lijn op de concept kaart Ontwikkelingskader EVA 2035 kan hier al op aangepast worden. Een aantal tracés zal diep ondergronds moeten vanwege de kruising met de kanaalzone en gebouwde gebieden. We vragen speciale aandacht voor de Waterlandsche Zeedijk. Deze moet gekruist worden en is een primaire waterkering. Hierover is afstemming met en instemming door hoogheemraadschap noodzakelijk. Het bovengronds komen van de leidingen dient voor de stations waar meerdere tracés binnenkomen geaggregeerd te worden zodat de ruimtelijke impact zo klein mogelijk zal zijn. Dit geldt eigenlijk voor alle locaties en tracés.
Participatie Tenslotte adviseren wij het college de bewoners te betrekken waar zij betrokken kunnen worden. Hierbij wordt verwezen naar het participatiekader. Dit houdt in dat participatie plaats dient te vinden op basis van een participatieplan zoals vastgesteld in het participatiekader door de gemeenteraad.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
De stadsdeelcommissie is erg blij met de punten die het Dagelijks Bestuur adviseert. Hier aan zouden we de volgende punten toe willen voegen. Wat de stadsdeelcommissie opvalt is een gevoel van urgentie in het invullen van de opdracht in het ontwikkelkader. Plotsklaps moet het aantal onderstations verdubbelt worden, waarbij ook een enorme hoeveelheid kabeltracés aangelegd moeten worden. Met het oog op de energietransitie is dit natuurlijk onvermijdelijk. Wij adviseren dat de gemeente probeert iets verder vooruit te plannen, waardoor het mogelijk zou worden om bijvoorbeeld kabeltracés aan te leggen terwijl er grootschalig onderhoud plaatsvindt aan wegen, en/of onderstations gepland worden in bestaande en/of te plannen bebouwing (zoals de nieuwe P+R voorzieningen). In dezelfde lijn zouden we ook willen adviseren of de kabeltracés en/of onderstations in te plannen zijn in aankomend groot onderhoud of nieuwbouw. Het dagelijks bestuur komt al met enige specifieke suggesties voor de onderstations. De onderbouwing dat deze nieuwe tracés en onderstations nodig zijn voor de energietransitie is niet aan ons om te toetsen. Wat we missen is een visie hoe we dit in de toekomst verder aan gaan pakken.
Kunnen we de pieken die ontstaan door de installatie van zonnepanelen in de buurten en het grotere gebruik van stroom opvangen door ook meer lokale opvang van stroom aan te moedigen en wellicht te subsidiëren? Kan dit ook worden gebruikt om bewoners te laten profiteren van deze veranderingen door stroom goedkoop in te kopen en dat later te kunnen gebruiken? Wij adviseren dit ook te onderzoeken. Als dit in andere onderzoeken gedaan wordt in ieder geval dit ook in de communicatie naar bewoners mee te geven. De ruimtelijke claims, en de enorme hoeveelheid werk in de drukke stad, zullen voor bewoners onverwachts lijken. Wij adviseren dan ook dat er veel aandacht wordt besteed aan de communicatie naar bewoners. Leg eens uit wat een onderstation is, en waarom deze essentieel zijn voor onze energievoorziening. Leg eens uit wat voor kansen we Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 4 van 8
creëren door hier nu in te investeren. En wees geruchten voor over mogelijke gezondheidsclaims door hier zo transparant mogelijk in te zijn. We zien dit ook als een goede kans om meer te investeren in technisch onderwijs, en een nieuwe generatie enthousiast te maken. Spendeer een deel van het budget aan het creëren van lesmateriaal voor de basisscholen en/of technische scholen in Noord. Zoals ook het dagelijks bestuur beaamt is participatie van bewoners enorm belangrijk in dit project. Dit betreft locaties, maar denk ook aan bijvoorbeeld meedenken over het ontwerp van gebouwen. Laat deze functionele gebouwen eens architectonisch iets toevoegen aan de schoonheid van ons stadsdeel. Denk aan het gebruik van glas om de techniek aan de binnenkant te laten zien. Deze gebouwen zijn onderdeel van de energietransitie, maar we zien geen melding van het plaatsen van zonnepanelen op de daken. Wij adviseren dat deze gebouwen waar mogelijk op deze manier dubbele functie hebben. In Landelijk Noord staan twee verschillende type hoogspanningsmasten, een voor hoog en voor middenspanning. Graag zien we het expliciet benoemt of er een manier is hoe de hoogspanningsmasten in landelijk noord uitgefaseerd kunnen worden, vooral op de middellange termijn.
Definitief advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders
Op 6 december 2021 heeft het college een adviesaanvraag gestuurd aan de stadsdelen waarin advies gevraagd wordt over het ontwikkelingskader elektriciteitsvoorziening Amsterdam 2035. Dit is een gezamenlijk product van de gemeente Amsterdam en de netbeheerders Liander en Tennet die beiden actief zijn in Amsterdam. Wij zien de noodzaak voor het versterken van het elektriciteitsnet in de Gemeente Amsterdam. Indien hierop geen maatregelen genomen worden zal het netwerk relatief snel uitvalsverschijnselen gaan krijgen. Het stadsdeel voelt op dit moment al de druk op het elektriciteitsnet. Opvallende hierin is het sterke gevoel van urgentie. Plotsklaps moet het aantal onderstations verdubbelt worden, waarbij ook een enorme hoeveelheid kabeltracés aangelegd moeten worden. Met het oog op de energietransitie is dit natuurlijk onvermijdelijk. Wij adviseren dat de gemeente probeert iets verder vooruit te plannen, waardoor het mogelijk zou worden om bijvoorbeeld kabeltracés aan te leggen terwijl er grootschalig onderhoud plaatsvindt aan wegen, en/of onderstations gepland worden in bestaande en/of te plannen bebouwing (zoals de nieuwe P+R voorzieningen). De toegestuurde documenten stadsdeel Noord bevatten echter enkele punten waar wij uw aandacht op willen vestigen en ons advies op willen geven. Planning Ten eerste, en het meest belangrijke is het gemis aan enige vorm van een planning.
Hierdoor is het volledig onduidelijk wanneer de werkzaamheden uitgevoerd gaan worden en hoeveel mogelijkheden er nog zijn voor het stadsdeel om voor bepaalde dingen mee te denken in tracés en specifieke locaties. Wij zien graag zo snel mogelijk een realistische (indicatieve) planning waarin de fasering van de projecten uitgewerkt is, maar waar tevens ook voldoende ruimte is gehouden voor mogelijkheden voor stadsdeel Noord om betrokken te worden bij de nadere uitwerking. In deze planning moet ook ruimte opgenomen worden de ruimtelijke inpassing en (beeld)kwaliteit. Tenslotte is het bij deze planning ook relevant om rekening te houden met aankomend groot onderhoud of nieuwbouw in het stadsdeel. Hiermee is het immers mogelijk om werk met werk te maken. Dit geldt voor zowel de kabeltracés als de onderstations. Aandacht kabeltracés en midden-/laagspanningsruimten vanuit de wijken
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 5 van 8
De stroom de wijk in krijgen is ook nog een uitdaging. Wij adviseren het college de aanpak van de ontwerpen om de stroom in de wijk te krijgen vanuit de wijk plaats te laten vinden. Waar komen de kabeltracés, de verdere verdeelpunten (midden-/laagspanningsruimten) en hoe worden die ingepast. Neem de ontwikkelingen in het stadsdeel mee en kijk of er mogelijkheden zijn om de benodigde kasten in nieuw te bouwen voorzieningen op te nemen. Hieraan moet aandacht besteed worden in de planning, maar ook in de aanpak. Vervolgens willen we graag ingaan op de locaties van de onderstations. dit valt uiteen in twee delen, de bestaande onderstations die uitgebreid moeten worden en daarna de nieuwe stations die opgericht moeten worden. Hier eerst enkele algemene opmerkingen. Algemeen Wij adviseren het college aandacht te hebben voor de plaatsing, veiligheidsafstanden en de ontwerpen van de gebouwde voorzieningen. Dit zijn grote en prominente gebouwen die in het zicht staan. Daarmee is het noodzakelijk om hier duidelijk aandacht aan te besteden. Betrek hierbij de integrale opgavenkaart en de kansen- en verbindingenkaart die zijn opgesteld voor ons stadsdeel voor een zo integraal mogelijk planvorming. De ontwikkelingen dienen plaats te vinden in samenhang met bestaande functies en de plannen voor sport, groen en recreatie.
Daarnaast kunnen de plannen niet uitgevoerd worden in de Hoofdgroenstructuur. Gemist wordt een visie op de toekomst. Deze visie is wat ons betreft breder dan alleen de kabeltracés en de onderstations, de directe aanleiding voor de versterking van de grid. Er dient ook gekeken te worden naar opslag van stroom, voor het opvangen van pieken in de stroombelasting door zonnepanelen en windenergie. Hierbij dient ook duidelijk aandacht besteed te worden aan een kleinschaliger lokale vorm van opslag. Wij adviseren het bestuur te onderzoeken of er mogelijkheden zijn om middels subsidies de opslag van energie te versterken. Het niet openemen van zonnepanelen als eis op de onderstations zou naar onze mening bijvoorbeeld een gemist kans zijn. We zien dit ook als een goede kans om meer te investeren in technisch onderwijs, en een nieuwe generatie enthousiast te maken. Spendeer een deel van het budget aan het creëren van lesmateriaal voor de basisscholen en/of technische scholen in Noord. Bestaande onderstations Ten aanzien van de uitbreiding van de bestaande onderstations is het duidelijk dat er voor alle stations voldoende ruimte is voor de uitbreiding. De gronden zijn of in bezit, of zijn verkrijgbaar. Het bestaande onderstation aan de Papaverweg kan uitgebreid worden op de terreinen van Liander.
Het bestaande gebouw is niet alleen functioneel, maar ook duidelijk architectonisch functioneel. Voor uitbreiding en nieuwbouw is het goed om architectonisch passend aan te sluiten bij de bestaande bebouwing. Het is positief dat het bestaande TenneT openlucht onderstation Klaprozenweg wordt vervangen en uitgebreid naar een zogenaamd gas geisoleerd (GIS) onderstation, waardoor er ruimte vrijkomt voor andere functies in de Klaprozenbuurt. Het te vernieuwen bestaande station aan de Klaprozenweg zal invloed hebben op het programma voor het project Klaprozenweg Oost. Het stadsdeel Noord verzoekt om bij de uitwerking van dit te vernieuwen en uit te breiden TenneT onderstation ook te onderzoeken of er meervoudig gebruik van de ruimte kan plaatsvinden. Hierbij wordt bijvoorbeeld gedacht aan een sportveldje voor de buurt op open niet bebouwde deel van het toekomstige TenneT terrein. Het stadsdeel onderschrijft de wenselijke (gefaseerde) vernieuwing van het bestaande TenneT openlucht onderstation naar een veel compacter zogenaamd TenneT GIS onderstation, omdat er hiermee ruimte vrijkomt voor andere functies (werken/wonen). Het stadsdeel heeft de voorkeur voor de in het ontwikkelingskader genoemde GIS Twin optie, omdat het ruimtebeslag hiervan het meest beperkt is. Het bestaande station Vliegenbos ligt direct naast een beschermd stadsgezicht en in het transformatiegebied Hamerkwartier.
Hier is een zorgvuldige ruimtelijke inpassing essentieel om het aanliggend beschermd stadsgezicht te beschermen, en vraagt afstemming met de overige ontwikkelingen in het Hamerkwartier nodig.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 6 van 8
Nieuwe onderstations Ten aanzien van de nieuwe onderstations dient het onderstation Cornelis Douwes in directe samenspraak met Haven-Stad georganiseerd te worden. In de plannen komt in het verlengde van de CD-weg een nieuwe stedelijke entree van Noord en een verbinding met Zaanstad. Het stadsdeel ziet mogelijkheden voor de overige twee noordelijkere opties in zoverre dit aanpasbaar is in de plannen van Haven Stad, mits het niet aan de historische landschappelijke Waterlandse Zeedijk komt te liggen en niet binnen de hoofdgroenstructuur is. Daarnaast zien we mogelijkheden rond de A10. De grote voorkeur gaat echter uit naar het verwerken van de onderstations in de plannen van Haven-stad. Hier is een zorgvuldige inpassing wederom essentieel. De laatste twee geplande stations genaamd Buikslotermeer zijn complex. Voor het oude waterzuiveringsterrein met slibvelden ten noorden van de A10-Noord zijn er reeds afspraken gemaakt met andere partijen en liggen er diverse ruimteclaims. Behalve het TenneT onderstation en eventueel ook het Liander onderstation (terugvaloptie) wordt hier vooral ingezet op groen, recreatieve- en sportfuncties. De kansen en verbindingenkaart van stadsdeel Noord geeft richting aan het uitwerken van het stadsdeel en de mogelijkheden die er bestaan om wederzijdse versterking plaats te laten vinden.
Het oude waterzuiveringsterrein geeft een uitgelezen mogelijkheid om de combinatie van verschillende functies te onderzoeken. Sport is een essentieel onderdeel hiervan. Dit wordt dit voorjaar ook vastgelegd in de principenota voor dit gebied (“’t Groene Veld”). Wij adviseren het college om in het ontwikkelingskader in te gaan op de bestaande ruimteclaims voor deze locaties en de afspraken die hier al voor gemaakt zijn, en nu worden uitgewerkt in een Principenota. Ook adviseren we om naar een zo optimaal mogelijk ruimtegebruik van de onderstations te streven en –waar mogelijk- dubbel gebruik van de niet bebouwde terreinen. Voor het geplande Liander station is in eerste instantie het P+R terrein van de oostelijke aansluiting Nieuwe Leeuwarderweg – IJdoornlaan als zoeklocatie in beeld. Het terrein in de westelijk aansluiting is bestemd voor een 4laagse P+R-garage. V&OR onderzoekt of de oostelijke aansluiting ook gereserveerd moet worden voor een P+Rgarage of mobiliteitshub. Wij vragen het College om voor het Liander onderstation een goede integrale afweging te maken tussen deze P+Rlocatie en de locatie op de slibvelden bij de RWZI. We vragen hierbij ook om de mogelijkheid van een combinatie van een P+R-garage + Liander onderstation op de locatie P+R-terrein te onderzoeken.
Dan zal voor het Liander onderstation een overall afweging gemaakt moeten worden tussen deze locatie en de locatie op de slibvelden van de RWZI. Indien gekozen wordt voor de locatie oostelijk P+R terrein (al dan niet in combinatie met een P+R-garage), dan vraagt verbetering van de langzaamverkeer onvriendelijke inrichting aan deze toegang van Station Noord bijzondere aandacht.
Kabeltracés Tenslotte hebben we nog enkele opmerkingen ten aanzien van de tracés. Het belangrijkste voor het stadsdeel is dat de impact van de tracés op het stadsdeel en de openbare ruimte (en voor bestaande bomen) zo klein mogelijk is bij de stijg en daallocaties. Daarom wordt verzocht om de ondergrondse kabeltracés zo veel mogelijk middels gestuurde boringen aan te brengen, om de verstoring en aantasting van de openbare ruimte in het stadsdeel zo veel mogelijk te beperken. Voor het TenneT kabeltracé van het onderstation Oostzaan naar het TenneT onderstation Buikslotermeer in op het terrein van de slibvelden bij de voormalige RWZI Noord (“’t Groene Veld”) heeft een tracé aan de noordzijde van de A10-Noord de voorkeur. De stippel lijn op de concept kaart Ontwikkelingskader EVA 2035 kan hier al op aangepast worden. Een aantal tracés zal diep ondergronds moeten vanwege de kruising met de kanaalzone en gebouwde gebieden. We vragen speciale aandacht voor de Waterlandsche Zeedijk. Deze moet gekruist worden en is een primaire waterkering. Hierover is afstemming met en instemming door hoogheemraadschap noodzakelijk.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 7 van 8
Het bovengronds komen van de leidingen dient voor de stations waar meerdere tracés binnenkomen geaggregeerd te worden zodat de ruimtelijke impact zo klein mogelijk zal zijn. Dit geldt eigenlijk voor alle locaties en tracés. Tenslotte adviseren we om, nu we de grid grootschalig aan gaan pakken, ook kritisch te kijken naar de bestaande kabeltracés. Hierbij vragen we specifiek aandacht voor de hoogspanningstracé en de 150 kV tracé in Landelijk Noord. Onderzoek de mogelijkheden om de tracés ondergronds te brengen zodat de horizonvervuiling in het, intensief gebruikte en reeds drukke, buitengebied van Amsterdam zo veel mogelijk teruggebracht wordt. Participatie De ruimtelijke claims, en de enorme hoeveelheid werk in de drukke stad, zullen voor bewoners onverwachts lijken. Wij adviseren dan ook dat er veel aandacht wordt besteed aan de communicatie naar bewoners. Leg de nut en noodzaak van de versterking van de grid duidelijk uit en maak duidelijk wat er gebeurd als we dit niet doen. Dit geldt zeker ook voor de mogelijke gezondheidsclaims rond hoogspanning en transformators. Tenslotte adviseren wij het college de bewoners te betrekken waar zij betrokken kunnen worden. Hierbij wordt verwezen naar het participatiekader. Dit houdt in dat participatie plaats dient te vinden op basis van een participatieplan zoals vastgesteld in het participatiekader door de gemeenteraad.
Laat bewoners bijvoorbeeld meedenken over de architectonische invulling van de onderstations zodat zij kunnen bijdragen aan de schoonheid van het stadsdeel. Het uitwerken van een aantal modules (basis-, sjieke bakstenen- en een groen ingepakte variant bij voorbeeld) voor de onderstations kan hierbij een mooie manier zijn.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 8 van 8
Adviesaanvraag B&W aan stadsdeelbestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) 2035
RO Ruimte en Duurzaamheid Datum behandeling staf WH 23 november 2021 Datum adviesaanvraag: 6 december 2021 Deadline ontvangst advies: 31 januari 2021 Advies mailen naar: g.nust@amsterdam.nl Meegestuurde stukken: Ontwikkelingskader EVA 2035, met kaart als separate bijlage en brief Heeft er consultatie vooraf Het Concept Ontwikkelingskader EVA 2035 is opgesteld samen met netbeheerders Liander plaatsgevonden? en TenneT. Het is ontwikkelingskader is op 20 september jl. in het Portefeuillehouders RO – overleg besproken, en separaat met verschillende portefeuillehouders en DB’s van stadsdelen besproken. Tijdens de adviesaanvraagperiode vindt ook nog consultatie plaats bij Team GO, het Expertiseteam RO, DMC, JMZ en het Havenbedrijf Amsterdam bv. Portefeuille: Directie:
Invullen door stadsdeel: Zuidoost Katja Schinkel 21 december 2021 Datum stadsdeelcommissie: 13 en 27 januari 2022 Datum dagelijks bestuur: 1 februari 2022 Registratienr. (optioneel): … Stadsdeel:
Procesbegeleider: Datum weekstart/staf:
Over gevraagde adviezen: conform art. 12 van de verordening op het lokaal bestuur vraagt B&W advies aan een DB over besluiten die (lid 1) betrekking hebben op de taken en bevoegdheden van het DB of (lid 2) op de belangen van het stadsdeel . Het DB legt deze adviezen voor aan de stadsdeelcommissie (art. 19). Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie over indien het is vastgesteld met een meerderheid van stemmen en binnen de budgettaire kader past (art. 19 lid 5). Afwijkingen van het advies motiveert het DB.
Adviesvraag B&W Formuleer hier de vraag aan het stadsdeel
We vragen u, als dagelijks bestuur van het stadsdeel, het concept Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) 2035 te voorzien van advies namens uw stadsdeel. De groei van de stad en de opgave om Amsterdam klimaatneutraal te maken in 2050 hebben een grote impact op de elektriciteitsvoorziening van de stad. De elektriciteitsinfrastructuur zal moeten groeien, vanwege de sterk toenemende vraag naar elektrisch vermogen als gevolg van meer datagebruik (datacentra), de groei van de stad en de elektrificatie van industrie, warmte en mobiliteit. Studies laten zien dat de huidige vermogensvraag (1000 MW) als gevolg van deze ontwikkelingen en ambities 3 tot 4 keer zo hoog wordt in 2050. En dat de grootste groei in de komende 10 à 15 jaar wordt verwacht. Bovendien is er in bepaalde delen van de stad al congestie afgekondigd, wat de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk zeer urgent maakt. Daarom heeft de gemeente Amsterdam samen met de netbeheerders Liander en TenneT het afgelopen jaar gewerkt aan het Ontwikkelingskader EVA 2035. Het betreft een richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van de hoofd elektriciteitsinfrastructuur in Amsterdam, voor de middellange termijn. Het betreft de uitbreiding van 12 van de 23 bestaande onderstations en de ontwikkeling van 29 nieuwe onderstations in de stad.
Na de adviesaanvraagronde en interne consultatie van Liander en TenneT wordt ontwikkelingskader afgerond en ter instemming aan het College van B&W aangeboden en wordt het ter kennisname aangeboden aan de gemeenteraad. Pagina 1 van 3
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Het EVA betreft een richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van de hoofd elektriciteitsinfrastructuur in Amsterdam, voor de middellange termijn. Wij zijn verheugd over het feit dat dit onderzoek er ligt want ook voor ZuidOost is directe actie vereist om congestie op het elektriciteitsnet in de nabije toekomst te voorkomen. Dit ruimtelijk kader gaat bijdragen aan het op peil brengen van de netcapaciteit. Advies: Tennet station Vanuit de gebiedsontwikkeling is op eigen initiatief met het UAMC een locatieonderzoek opgestart om te voorkomen dat in het gebied rondom het UAMC congestie ontstaat. Locatie Alliander onderstations: Stadsdeel Zuidoost: nieuwe onderstations in Gaasperdam, Amsterdam UMC terrein, Amstel III, Bijlmer Noord (D-buurt e.o.) en Bijlmer Oost. Er is een theoretische studie uitgevoerd vanuit het netwerkoogpunt. Dit is goed, maar geeft onvoldoende praktische handvatten om de 47.000 geplande nieuwbouwwoningen (deels al in ontwikkeling) in Zuidoost van voldoende elektriciteit te voorzien. Zo wordt in het EVA aan het onderstation in Gaasperdam prioriteit gegeven. Terwijl vanuit de gebiedsontwikkeling een andere prioritering noodzakelijk is: 1) Nabij het AMC (Bijlmer Oost 1 i.c.m.
Tennet) 2) De Nieuwe Kern (Bijlmer Noord, geen grondgebied van Amsterdam 3) Bijlmer Oost , bedrijventerrein Amstel III onderstation van Alliander 4) Bijlmer Oost Gaasperdam/Holendrecht Onderbouwing: In het gebied Bijlmer Oost 1 (Gaasperdam-Holendrecht) kunnen beide locaties niet snel ontwikkeld worden. Het gaat zeker meer dan vijf jaar duren voordat de voorbereiding gestart kan worden. Dit komt door de huidige ruimte claims en gemaakte afspraken met RWS. Het bedrijventerrein Amstel III lijkt daarom een betere optie. Inpassing onderstation Alliander: ruimtelijk en qua inpassing is veel mogelijk. Maar de ruimte is schaars in Amsterdam. Het is noodzakelijk om een slimmer en compacter gebouw te ontwerpen in meerdere lagen en met minder ruimtelijke impact, passend in een stedelijke context. De huidige traditionele benadering zoals voorgesteld in het EVA pas niet bij de huidige stedelijke complexiteit in dit deel van Amsterdam. Laadpunten: In stadsdeel Zuidoost hebben de infra aannemers als één van de eersten in Nederland een emissie loze bouwplaats. Alles is elektrisch zo ook de vrachtwagen(s). Die verbruiken circa 180 kw/h. Nadeel daarvan is dat er voor de bouw in Zuidoost slechts één oplaadpunt is van Fastnet met een commercieel laadtarief. Dit bouwverkeer moet dus steeds weer terugrijden naar het oplaadpunt in Zuidoost. Deze vrachtwagens hebben al de beoogde max.
30 ton gewicht die de stad vereist in verband met de belasting van bruggen. Dit kan opgelost worden door de bouw van de nieuwe snellaadpunten met behulp van een batterij. Onafhankelijk van de lokale netcapaciteit kan met behulp van een hoog voltage batterijsysteem in combinatie met een oplaadstation een etruck in minder dan een uur worden opgeladen met duurzame, lokaal opgewekte zonne-energie. Alliander mag dit wettelijk niet, de stad wel. Actie is vereist. Aangezien de bouwproductie fors aan het toenemen is in Zuidoost. Voorts: Voor elke locatie geldt dat rekening moet worden gehouden met een hoogwaardige architectuur en materialiseren en een wat compacte volume. Wij missen in het EVA slimme oplossingen zoals het LIFE project in Arenapoort om slim stroom uit te wisselen op lokaal niveau om ‘tijd te winnen’ tot de bouw over 5-8 jaar van de beoogde stations. Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 3
Zuidoost heeft een sociale energievisie opgesteld en zijn er initiatieven zoals bijvoorbeeld CO-force. Wij missen een collectieve aanpak samen met bewoners en ondernemers om energie slimmer in de wijk te houden. Om zo netcongestie en piekbelastingen te voorkomen. En energie die over is (bij groot aanbod zon), te delen met die Amsterdammers die minder draagkracht hebben. Wij maken ons als stadsdeel zorgen over de aanpak en uitvoerings-daadkracht in dit dossier. Dat betreft ook de ambtelijke capaciteit die beschikbaar is om het congestie-risico te voorkomen. Dit past niet bij de beoogde bouw- en verduurzamingsambitie van de stad. In stadsdeel Zuidoost moet dit dossier dit daadkrachtig opgepakt worden. Spoed is vereist. Amsterdam mist op dit moment een uitvoeringsorganisatie en een opdrachtgever die capabel is om dit projectmatig aan te pakken.
Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
…
Definitief advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders
…
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 3
Adviesaanvraag B&W aan stadsdeelbestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Portefeuille: Directie:
Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) 2035 RO Ruimte en Duurzaamheid
Datum behandeling staf WH 23 november 2021 Deadline ontvangst advies:
6 december 2021 31 januari 2021
Advies mailen naar:
g.nustRannsterdam.n1
Meegestuurde stukken:
Ontwikkelingskader EVA 2035, met kaart als separate bijlage en brief Het Concept Ontwikkelingskader EVA 2035 is opgesteld samen met netbeheerders Liander en TenneT. Het is ontwikkelingskader is op 20 september jl. in het Portefeuillehouders RO — overleg besproken, en separaat met verschillende portefeuillehouders en DB's van
Datum adviesaanvraag:
Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?
stadsdelen besproken. Tijdens de adviesaanvraagperiode vindt ook nog consultatie plaats bij Team GO, het Expertiseteam RO, DMC, JMZ en het Havenbedrijf Amsterdam by. Invullen door stadsdeel: Stadsdeel: Procesbegeleider: Datum weekstart/staf: Datum stadsdeelcommissie: Datum dagelijks bestuur:
Nieuw-West Elwin van der Klis Staf: 21 december 2021 — Weekstart Fase 2: 10 januari 2022 Vergaderdatum: 18 januari 2022 25 januari 2022
Registratienr. (optioneel):
Over gevraagde adviezen: conform art. 12 van de verordening op het lokaal bestuur vraagt B&W advies aan een DB over besluiten die (lid 2) betrekking hebben op de taken en bevoegdheden van het DB of (lid 2) op de belangen van het stadsdeel . Het DB legt deze adviezen voor aan de stadsdeelcommissie (art. 29). Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie over indien het is vastgesteld met een meerderheid van stemmen en binnen de budgettaire kader past (art. 19 lid 5). Afwijkingen van het advies motiveert het DB.
Adviesvraag B&W Formuleer hier de vraag aan het stadsdeel
We vragen u, als dagelijks bestuur van het stadsdeel, het concept Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) 2035 te voorzien van advies namens uw stadsdeel. De groei van de stad en de opgave om Amsterdam klimaatneutraal te maken in 2050 hebben een grote impact op de elektriciteitsvoorziening van de stad. De elektriciteitsinfrastructuur zal moeten groeien, vanwege de sterk toenemende vraag naar elektrisch vermogen als gevolg van meer datagebruik (datacentra), de groei van de stad en de elektrificatie van industrie, warmte en mobiliteit. Studies laten zien dat de huidige vermogensvraag (1000 MW) als gevolg van deze ontwikkelingen en ambities 3 tot 4 keer zo hoog wordt in 2050. En dat de grootste groei in de komende 10 a 15 jaar wordt verwacht. Bovendien is er in bepaalde delen van de stad al congestie afgekondigd, wat de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk zeer urgent maakt. Daarom heeft de gemeente Amsterdam samen met de netbeheerders Liander en TenneT het afgelopen jaar gewerkt aan het Ontwikkelingskader EVA 2035. Het betreft een richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van de hoofd elektriciteitsinfrastructuur in Amsterdam, voor de middellange termijn. Het betreft de uitbreiding van 12 van de 23 bestaande onderstations en de ontwikkeling van 29 nieuwe onderstations in de stad.
Na de adviesaanvraagronde en interne consultatie van Liander en TenneT wordt ontwikkelingskader afgerond en ter instemming aan het College van B&W aangeboden en wordt het ter kennisname aangeboden aan de gemeenteraad. Pagina 3. van 5
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier t. b. v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies Het dagelijks bestuur onderschrijft de behoefte en noodzaak tot netverzwaring. Gegarandeerde levering en van elektriciteit voor bewoners en ondernemers van Nieuw-West is cruciaal. Wellicht ten overvloede wil het dagelijks bestuur adviseren dat in geval van krapte op het net de levering aan bewoners, maatschappelijke organisaties en voorrang moet krijgen. Het dagelijks bestuur begrijpt dat de energietransitie tot verregaande maatregelen op het energienet leidt. Voorafgaand aan de inhoudelijke advisering plaatst het dagelijks bestuur een opmerking over de kwaliteit van het ontwikkelingskader: de kwaliteit van sommige van de afbeeldingen en bijbehorende legenda's was behoorlijk laag. Daardoor was het slecht leesbaar. Wij hebben ons advies mede gebaseerd op deze afbeeldingen in de hoop de informatie goed te hebben geInterpreteerd. Beter was het geweest hier hoog resolutie afbeeldingen te gebruiken, omwille van de leesbaarheid. Het dagelijks bestuur raadt aan hier verbetering in aan te brengen. Het dagelijks bestuur wil een aantal randvoorwaarden en vragen meegeven voor dit noodzakelijke plan: Dit kader geeft invulling aan de behoefte om het net te verzwaren vanwege de sterk gestegen energievraag.
Zowel de verandering in manier van leven — door een sterk groeiend gebruik van elektrische apparatuur o.a. — als de extra vraag die verband houdt met de energietransitie —zonnepanelen, warmtepompsystemen etc. vergen deze aanpassingen. Wel zou het dagelijks bestuur ook graag aandacht vragen voor het verbruik van energie en dan met name het besparingspotentieel. Indien mensen en bedrijven energie besparen, dan is wellicht zo'n verregaande aanpassing aan het net niet nodig. Hier moet aandacht voor zijn. Aanvullend op voorgaand punt benadrukt het dagelijks bestuur dat met name datacenters een grote energievraag hebben. In het kader is te zien dat het energieverbruik van die type ondernemingen de komende jaren ook verder stijgt. Het dagelijks bestuur adviseert om daar kritisch naar te kijken. Immers, matiging van toevoeging van deze bedrijfsactiviteiten zorgt voor minder druk op het overbelaste net. Op pagina 8 van het kader is een kaart opgenomen waaruit blijkt dat het te verwachten tekort voor West/Nieuw-West en het havengebied het grootst is. De verwachting van het dagelijks bestuur is dat dit m.n. komt door ontwikkelingen in de haven en Haven-Stad. Dit blijkt echter niet uit het kaartje. Ook adviseert het dagelijks bestuur het energietekort of te zetten tegen het huidige energieverbruik. Dat geeft het relatieve tekort op het net beter weer.
Er wordt ruimtelijk uitgegaan van het "hoog-scenario", het dagelijks bestuur kan zich hierin vinden. Hoe wordt de vinger aan de pots gehouden m.b.t. keuze en wijziging van het energiescenario. Kortom, wanneer wordt het midden-scenario voor energie verlaten en wordt er opgeschaald naar het hoog-scenario? Dit is een relevante vraag, om ervoor te zorgen dat de stad niet voor eventuele verrassingen komt te staan als de elektriciteitsvraag nog harder toeneemt dan nu wordt voorzien. De directe noodzaak tot verzwaring is duidetijk, maar wordt er voldoende ruimte geboden aan pilotprojecten die op de korte termijn al lokale, decentrale energie-oplossingen voorstellen (projecten zoals Schoonschip in Amsterdam Noord: volledig off-the-grid (en daarmee het energienet niet belastend)). Denkbaar is dat de komende jaren op wijkniveau dit soort ontwikkelingen gaan plaatsvinden en het dagelijks bestuur zou graag zien dat hiervoor ruimte wordt geboden, zowel vanwege de innovatie die dit soort oplossingen biedt als het feit dat het een positief effect heeft ter verlichting van de druk op het elektriciteitsnet. Op welke manier worden de randvoorwaarden m.b.t. magnetische velden en geluidsoverlast tot een minimum beperkt. Juist met zaken als magnetisme, trillingen en geluid kunnen mensen die daarvoor gevoelig zijn overlast ervaren, ook als de wettelijke normen in acht worden genomen.
Ruimte in Amsterdam is schaars en dit geldt ook voor Nieuw-West. In dit kader gaat het over inpassing van de uit te breiden elektriciteitsvoorziening. Echter, daar blijft het niet bij: ook voor de warmtetransitie zal ruimte moeten worden gereserveerd (bv. Buurtenergiesystemen, Aquathermie Sloterplas, verdeelstations voor het Warmtenet). Worden de benodigde ruimtelijke inpassingen ook samengebracht om een totaatoverzicht te geven en wordt er gekeken of er een combinatie van functies mogelijk is, zodat de inpassingen tot de minste overlast leiden. Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 2 van 5
Momenteel zijn de onderstations strenge en anonieme gebouwen. Wordt er ook nagedacht om de gebouwen een andere uitstraling te geven, zoals door begroeiing met planten, groene daken etc. Hoewel dit slechts een kleine klimaatadaptieve bijdrage levert, biedt het esthetische meerwaarde en vergroot het het draagvlak voor de inpassing. Inpassing van de gebouwen hebben een behoorlijke ruimtelijke impact. Het dagelijks bestuur adviseert dan ook dat er goed met de buurt en omgeving wordt gecommuniceerd om hier draagvlak voor te organiseren — en dan met name in dichtbebouwde gebieden. Het dagelijks bestuur vraagt nog een aanvulling, namelijk dat daadwerkelijke inpassing van nieuwe bouwwerken niet alleen wordt getoetst aan bestemmingsplannen, welstandscommissie en overige in de tekst genoemde formele procedures, maar tevens ter besluitvorming aan het dagelijks bestuur van het stadsdeel wordt voorgelegd. Het dagelijks bestuur wil benadrukken dat voor een grote technische opgave als verzwaring van het elektriciteitsnet en daarmee gepaard gaande inpassing van nieuwe ruimtelijke objecten, het onontbeerlijk is dat er technische ondersteuning wordt georganiseerd vanuit het project. Dit zowel in de adviesprocedure, als later in het traject, wanneer de feitelijke inpassingen gaan plaatsvinden. Advies stadsdeelcommissie: Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
Het conceptadvies is unaniem aangenomen door de stadsdeelcommissie. GroenLinks en Denk hadden nog een aantal kleine toevoegingen geplaatst, welke in het definitieve advies (zie hieronder) zijn opgenomen, te weten: Toevoeging van teruglevering; Toevoeging van essentiele voorzieningen Toevoeging van een voorbeeld uit Haarlemmermeer voor een buurtbatterij. Voorafgaand aan de vergadering zijn vragen van de VVD toegestuurd, in de bijlage is de schriftelijke beantwoording hierop te vinden. De Stadsdeelcommissie is ermee akkoord deze vragen en antwoorden buiten het definitieve advies te laten, omdat het vragen zijn die vooral in het vervolgtraject spelen — concrete plekken van plaatsing en gevolgen daarvan. Dit kader is de schets voor toekomstige ontwikkelingen. De PvdA heeft voorafgaand aan de vergadering aanvullend adviezen toegestuurd. Deze zijn unaniem aangenomen en als bijlage toegevoegd bij de stukken.
Definitief advies DB: Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders
Het dagelijks bestuur onderschrijft de behoefte en noodzaak tot netverzwaring. Gegarandeerde levering en teruglevering van elektriciteit voor bewoners en ondernemers van Nieuw-West is cruciaal. Wellicht ten overvloede wil het dagelijks bestuur adviseren dat in geval van krapte op het net de levering aan bewoners, maatschappelijke organisaties en essentiele voorzieningen voorrang moet krijgen. Het dagelijks bestuur begrijpt dat de energietransitie tot verregaande maatregelen op het energienet leidt. Voorafgaand aan de inhoudelijke advisering plaatst het dagelijks bestuur een opmerking over de kwaliteit van het ontwikkelingskader: de kwaliteit van sommige van de afbeeldingen en bijbehorende legenda's was behoorlijk laag. Daardoor was het slecht leesbaar. Wij hebben ons advies mede gebaseerd op deze afbeeldingen in de hoop de informatie goed te hebben geInterpreteerd. Beter was het geweest hier hoog resolutie afbeeldingen te gebruiken, omwille van de leesbaarheid. Het dagelijks bestuur raadt aan hier verbetering in aan te brengen. Het dagelijks bestuur wil een aantal randvoorwaarden en vragen meegeven voor dit noodzakelijke plan: Dit kader geeft invulling aan de behoefte om het net te verzwaren vanwege de sterk gestegen energievraag. Zowel de verandering in manier van leven — door een sterk groeiend gebruik van elektrische apparatuur o.a.
— als de extra vraag die verband houdt met de energietransitie — zonnepanelen, warmtepompsystemen etc. vergen deze aanpassingen. Wel zou het dagelijks bestuur ook graag aandacht
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 3 van 5
vragen voor het verbruik van energie en dan met name het besparingspotentieel. Indien mensen en bedrijven energie besparen, dan is wellicht zo'n verregaande aanpassing aan het net niet nodig. Hier moet aandacht voor zijn. Aanvullend op voorgaand punt benadrukt het dagelijks bestuur dat met name datacenters een grote energievraag hebben. In het kader is te zien dat het energieverbruik van die type ondernemingen de komendejaren ook verder stijgt. Het dagelijks bestuur adviseert om daar kritisch naar te kijken. Immers, matiging van toevoeging van deze bedrijfsactiviteiten zorgt voor minder druk op het overbelaste net. Op pagina 8 van het kader is een kaart opgenomen waaruit blijkt dat het te verwachten tekort voor West/Nieuw-West en het havengebied het grootst is. De verwachting van het dagelijks bestuur is dat dit m.n. komt door ontwikkelingen in de haven en Haven-Stad. Dit blijkt echter niet uit het kaartje. Ook adviseert het dagelijks bestuur het energietekort of te zetten tegen het huidige energieverbruik. Dat geeft het relatieve tekort op het net beter weer. Er wordt ruimtelijk uitgegaan van het "hoog-scenario", het dagelijks bestuur kan zich hierin vinden. Hoe wordt de vinger aan de pols gehouden m.b.t. keuze en wijziging van het energiescenario.
Kortom, wanneer wordt het midden-scenario voor energie verlaten en wordt er opgeschaald naar het hoog-scenario? Dit is een relevante vraag, om ervoor te zorgen dat de stad niet voor eventuele verrassingen komt te staan als de elektriciteitsvraag nog harder toeneemt dan nu wordt voorzien. De directe noodzaak tot verzwaring is duidelijk, maar wordt er voldoende ruimte geboden aan pilotprojecten die op de korte termijn al lokale, decentrale energie-oplossingen voorstellen (projecten zoals Schoonschip in Amsterdam Noord: volledig off-the-grid (en daarmee het energienet niet belastend) — of een project als de buurtbatterij van Tegenstroom in Haarlemmermeer, waarbij deelnemers hun zonnepanelenstroom gezamenlijk opslaan en op minder zonnige dagen gebruiken). Denkbaar is dat de komendejaren op wijkniveau dit soort ontwikkelingen gaan plaatsvinden en het dagelijks bestuur zou graag zien dat hiervoor ruimte wordt geboden, zowel vanwege de innovatie die dit soort oplossingen biedt als het feit dat het een positief effect heeft ter verlichting van de druk op het elektriciteitsnet. Op welke manier worden de randvoorwaarden m.b.t. magnetische velden en geluidsoverlast tot een minimum beperkt. Juist met zaken als magnetisme, trillingen en geluid kunnen mensen die daarvoor gevoelig zijn overlast ervaren, ook als de wettelijke normen in acht worden genomen.
Ruimte in Amsterdam is schaars en dit geldt ook voor Nieuw-West. In dit kader gaat het over inpassing van de uit te breiden elektriciteitsvoorziening. Echter, daar blijft het niet bij: ook voor de warmtetransitie zal ruimte moeten worden gereserveerd (bv. Buurtenergiesystemen, Aquathermie Sloterplas, verdeelstations voor het Warmtenet). Worden de benodigde ruimtelijke inpassingen ook samengebracht om een totaaloverzicht te geven en wordt er gekeken of er een combinatie van functies mogelijk is, zodat de inpassingen tot de minste overlast leiden. Momenteel zijn de onderstations strenge en anonieme gebouwen. Wordt er ook nagedacht om de gebouwen een andere uitstraling te geven, zoals door begroeiing met planten, groene daken etc. Hoewel dit slechts een kleine klimaatadaptieve bijdrage 'evert, biedt het esthetische meerwaarde en vergroot het het draagvlak voor de inpassing. Inpassing van de gebouwen hebben een behoorlijke ruimtelijke impact. Het dagelijks bestuur adviseert dan ook dat er goed met de buurt en omgeving wordt gecommuniceerd om hier draagvlak voor te organiseren — en dan met name in dichtbebouwde gebieden.
Het dagelijks bestuur vraagt nog een aanvulling, namelijk dat daadwerkelijke inpassing van nieuwe bouwwerken niet alleen wordt getoetst aan bestemmingsplannen, welstandscommissie en overige in de tekst genoemde formele procedures, maar tevens ter besluitvorming aan het dagelijks bestuur van het stadsdeel wordt voorgelegd. Het dagelijks bestuur wil benadrukken dat voor een grote technische opgave als verzwaring van het elektriciteitsnet en daarmee gepaard gaande inpassing van nieuwe ruimtelijke objecten, het onontbeerlijk is dat er technische ondersteuning wordt georganiseerd vanuit het project. Dit zowel in de adviesprocedure, als later in het traject, wanneer de feitelijke inpassingen gaan plaatsvinden.
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 4 van 5
Aldus vastgesteld in de vergadering van het dagelijks bestuur van stadsdeel Nieuw-West, Gemeente Amsterdam, 25 januari 2022. Het dagelijks bestuur van stadsdeel Amsterdam Nieuw-West, gemeente Amsterdam
mevrouw E.J.M. Plasmeijer
de heer E. Onver,
stadsdeelsecretaris
voorzitter
Registratienummer Z17-81484 / 2605 Pagina 5 van 5
Adviesaanvraag B&W aan stadsdeelbestuur Invullen door directie: Onderwerp adviesaanvraag: Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) 2035
RO Ruimte en Duurzaamheid Datum behandeling staf WH 23 november 2021 Datum adviesaanvraag: 6 december 2021 Deadline ontvangst advies: 31 januari 2021 Advies mailen naar: g.nust@amsterdam.nl Meegestuurde stukken: Ontwikkelingskader EVA 2035, met kaart als separate bijlage en brief Heeft er consultatie vooraf Het Concept Ontwikkelingskader EVA 2035 is opgesteld samen met netbeheerders Liander plaatsgevonden? en TenneT. Het ontwikkelingskader is op 20 september jl. in het Portefeuillehouders RO – overleg besproken en separaat met verschillende portefeuillehouders en DB’s van stadsdelen besproken. Tijdens de adviesaanvraagperiode vindt ook nog consultatie plaats bij Team GO, het Expertiseteam RO, DMC, JMZ en het Havenbedrijf Amsterdam bv. Portefeuille: Directie:
Invullen door stadsdeel: Centrum Hendriekje de Jong/Nora Waindrich 17 januari 2022 Datum stadsdeelcommissie: 25 januari 2022 Datum dagelijks bestuur: Voorlopig nvt Registratienr. (optioneel): nvt Stadsdeel:
Procesbegeleider: Datum weekstart/staf:
Over gevraagde adviezen: conform art. 12 van de verordening op het lokaal bestuur vraagt B&W advies aan een DB over besluiten die (lid 1) betrekking hebben op de taken en bevoegdheden van het DB of (lid 2) op de belangen van het stadsdeel . Het DB legt deze adviezen voor aan de stadsdeelcommissie (art. 19). Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie over indien het is vastgesteld met een meerderheid van stemmen en binnen de budgettaire kader past (art. 19 lid 5). Afwijkingen van het advies motiveert het DB.
Adviesvraag B&W Formuleer hier de vraag aan het stadsdeel
We vragen u, als dagelijks bestuur van het stadsdeel, het concept Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) 2035 te voorzien van advies namens uw stadsdeel. De groei van de stad en de opgave om Amsterdam klimaatneutraal te maken in 2050 hebben een grote impact op de elektriciteitsvoorziening van de stad. De elektriciteitsinfrastructuur zal moeten groeien, vanwege de sterk toenemende vraag naar elektrisch vermogen als gevolg van meer datagebruik (datacentra), de groei van de stad en de elektrificatie van industrie, warmte en mobiliteit. Studies laten zien dat de huidige vermogensvraag (1000 MW) als gevolg van deze ontwikkelingen en ambities 3 tot 4 keer zo hoog wordt in 2050. En dat de grootste groei in de komende 10 à 15 jaar wordt verwacht. Bovendien is er in bepaalde delen van de stad al congestie afgekondigd, wat de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk zeer urgent maakt. Daarom heeft de gemeente Amsterdam samen met de netbeheerders Liander en TenneT het afgelopen jaar gewerkt aan het Ontwikkelingskader EVA 2035. Het betreft een richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van de hoofd elektriciteitsinfrastructuur in Amsterdam, voor de middellange termijn. Het betreft de uitbreiding van 12 van de 23 bestaande onderstations en de ontwikkeling van 29 nieuwe onderstations in de stad.
Na de adviesaanvraagronde en interne consultatie van Liander en TenneT wordt ontwikkelingskader afgerond en ter instemming aan het College van B&W aangeboden en wordt het ter kennisname aangeboden aan de gemeenteraad. Pagina 1 van 5
Conceptadvies DB: Het dagelijks bestuur formuleert hier t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies
Het dagelijks bestuur van stadsdeel Centrum heeft kennisgenomen van de adviesaanvraag Ontwikkelingskader Elektriciteitsnetwerk Amsterdam. Het DB onderschrijft de urgentie en de noodzaak van uitbreiding van het capaciteitsnetwerk, maar ziet ook de ruimtelijke impact die dit met zich meebrengt. Het DB geeft de volgende aandachtspunten mee voor stadsdeel Centrum: Participatie Het is van groot belang dat de directe omgeving (o.a. buurtbewoners en ondernemers) in een vroeg stadium worden betrokken bij de plannen voor de ruimtelijke inrichting rondom uitbreidingen of nieuwe onderstations. Tijdige participatie dient plaats te vinden over de ruimtelijke inpassing en het uiterlijk van de onderstations voor zover dit redelijkerwijs mogelijk is. Daarom adviseren wij de participatie per locatie zo vroeg mogelijk op te starten, bij voorkeur al voor het vergunningstraject . Communicatie Wij vinden het belangrijk dat er aandacht is voor tijdige en heldere communicatie met de directe omgeving, van start tot uitvoering. Dit geldt zowel voor de locaties van onderstations als de kabeltrace’s. Er dient goede afstemming plaats te vinden met andere ruimtelijke en infrastructurele ingrepen die gepland staan, zodat werkzaamheden in de openbare ruimte integraal opgepakt kunnen worden met zo min mogelijk overlast voor de omgeving.
Er moet bij de locaties van onderstations rekening gehouden worden met de richtlijnen wat betreft de elektromagnetische velden (EMV), in verband met de gezondheid en veiligheid van kinderen in de directe omgeving. Daarom willen we u adviseren in de communicatie met de directe omgeving ook alvast aandacht te besteden aan het nieuwe landelijke voorzorgsbeleid over elektromagnetische velden (EMV).
Ruimtelijke inpassing De onderstations dienen op een goede manier ruimtelijk te worden ingepast. Voor de locatie Uilenburg en (wellicht) Hoogte Kadijk geldt dat dit (mogelijk) consequenties heeft voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, waar we zo vroeg mogelijk zicht op willen hebben. Het dagelijks bestuur vraagt daarom aandacht voor de mogelijke spanning die kan ontstaan tussen de noodzakelijke uitbreidingsopgave en de gewenste en potentiële stedelijke ontwikkelingen in stadsdeel Centrum. Daarnaast hebben wij de volgende aandachtspunten bij de volgende specifieke zoeklocaties: Uilenburg Het dagelijks bestuur wil voorkomen dat er op andere mogelijke uitbreidingslocaties een situatie ontstaat zoals op Uilenburg. Op deze locatie is een (ouderen)huisvestingsplan ‘on hold’ gezet vanwege plannen voor een nieuw onderstation ter vervanging van een bestaand onderstation in combinatie met op handen zijnde nieuw landelijk beleid met betrekking tot o.a. EMV. Vanwege de krappe binnenstedelijke locatie binnen het beschermd stadsgezicht dient hier extra aandacht te zijn voor de ruimtelijke en architectonische inpassing van de nieuwbouw in relatie tot de belendende panden aan weerszijden, de straat en het water.