CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 1_Aanvullend_onderzoek_Dioxines.v2, incl. bijlagen.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 10 januari 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de resultaten van aanvullend bodemonderzoek naar dioxines rondom de Volgermeerpolder in Amsterdam Noord (VN2023-026392)32.378 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Filterdiepte

Analyse-

(m – mv)

pakket

Filtratie

Toetsingsresultaat

331-1A 331-1B 331-2A

2,6 – 3,6 2,6 – 3,6 10,5 – 11,5

VGM3 VGM3 VGM3

nee ja nee

>INEV

331-2B 705-1A

10,5 – 11,5 3,0 – 4,0

VGM3 VGM3

ja nee

>INEV

705-1B 1011-2A 1011-2B

3,0 – 4,0 9,0 – 10,0 9,0 – 10,0

VGM3 VGM3 VGM3

ja nee ja

-

overschrijding

Parameter >d

1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF

Uit de analyseresultaten volgt dat in de 4 voorafgaande aan de analyse gefilterde grondwatermonsters geen dioxines zijn aangetroffen. In de 4 ongefilterde monsters zijn in twee monsters overschrijdingen voor de INEV-waarde voor dioxines aangetroffen. Uit bovenstaande wordt, ondanks dat het een beperkt aantal monsters betreft, geconcludeerd dat de dioxines zich niet opgelost in het grondwater bevinden maar gebonden zijn aan de in het water aanwezige vaste deeltjes (onopgeloste bestanddelen). Hierbij is het opvallend dat in peilbuizen 331-1 en 1011-1 ook in de ongefilterde monsters geen dioxineoverschrijdingen zijn gemeten ondanks de overschrijdingen in laatste monitoringsronde van 2022/2023. Dit bevestigt een beeld van grilligheid van de metingen en de observatie dat bij herbemonstering niet structureel dioxines opnieuw boven de INEV-waarde worden gemeten.

Stap 3 – Aanvullend grondwateronderzoek buiten de Volgermeerpolder Er is onderzocht of er dioxine-overschrijdingen ook verder in de polder, waarschijnlijk buiten de invloedsfeer van de stort, worden waargenomen in het grondwater. Dit is onderzocht door van drie referentiepeilbuizen (81 bij de Poppendammerweeren, 94 bij de Burkmeer en 107 (herplaatst) bij de Belmermeer) het grondwater uit het freatische pakket en de tussenlaag te bemonsteren en analyseren. De bemonsteringswerkzaamheden voor stap 3 van het aanvullend onderzoek zijn uitgevoerd op 06-07-2023 door M.J. van de Vliert onder Kwalibo-erkenning (certificaat K40562). Op basis van de resultaten van stap 1 en 2 is ervoor gekozen de monsters voorafgaande aan de analyse in het laboratorium niet te filtreren voorafgaande aan de analyse. De resultaten van de analyses is weergegeven in tabel 4.4. Een overzicht van de locaties van de peilbuizen is te zien in bijlage 1B. rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 23 van 33

Tabel 4.4. Resultaten dioxine-analyses referentiepeilbuizen Analysemonster

Filterdiepte Analysepakket Toetsingsresultaat (m – mv) 3,9 – 4,9 10,2 – 11,2 3,0 – 4,0 8,4 – 9,4 1,0 – 2,0

81-1 81-2 94-1 94-2 107-1

VGM3 VGM3 VGM3 VGM3 VGM3

overschrijding

Parameter >rapportagegrens*

>INEV >INEV

1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF

1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD 107-2 9,0 – 10,0 VGM3 >INEV 1,2,3,7,8-PentaCDD 1,2,3,7,8,9-HexaCDD 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD * Doordat monsters voorafgaand aan de analyse niet gefiltreerd zijn is het waarschijnlijk dat de hier gemeten dioxines, dioxines betreffen die aan de onopgeloste bestanddelen in het grondwater (i.c. gronddeeltjes) gebonden zijn.

Een vergelijking op basis van de concentratie van dioxines geeft geen duidelijkheid over een mogelijke gradiënt van dioxineconcentraties met afstand tot de stort. De concentraties dioxines gemeten in de voorgaande monitoringsrondes in de controlezone varieert van 2 tot 5 pg/l waarbij de lagere waardes oude certificaten betreffen waarbij de groep dioxine-achtige polychloorbifenylen (PCB) niet is geanalyseerd en niet is meegenomen in de som TEQ (deze groep dioxine-achtige PCB’s zijn later pas toegevoegd voor de berekening van de som TEQ waardoor oude rapporten standaard lagere waardes rapporteren). De concentraties dioxine (som TEQ) in de referentiepeilbuizen in dit onderzoek zijn ca. 3,3 pg/l (incl. dioxine-achtige PCB’s). De concentraties zijn van vergelijkbare grote en er is geen gradiënt in concentratie zichtbaar.

Stap 4 – Aanvullend oppervlaktewateronderzoek buiten de Volgermeerpolder Uit stap 1 is gebleken dat bij het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) geen gegevens met betrekking tot dioxines in oppervlaktewater beschikbaar zijn. Teneinde meer inzicht te verkrijgen over dioxineverontreinigingen in het oppervlaktewater buiten de Volgermeerpolder zijn op acht locaties rondom de polder monsters genomen. Net buiten de controle zone zijn in de Veenderijgracht, Burkmeer, Belmermeer en Poppendammerweeren monsters genomen. Hiernaast is op vier punten op grotere afstand van de Volgermeerpolder een oppervlaktewatermonster genomen. In de bijlage 1B is een overzicht van de monsternamepunten opgenomen. In tabel 4.5 zijn de resultaten van de oppervlaktewatermonsters weergegeven. Tabel 4.5. Resultaten dioxine-analyses oppervlaktewatermonsters Analysemonster

Deellocatie

Analysepakket Toetsingsresultaat Som TEQ Overschrijding*

Parameter >d

(ng/l) Sloten nabij Volgermeerpolder 01 Burkmeer

03

VGM3

0,003324

Poppendammerweeren VGM3

0,003297

05

Belmermeer

VGM3

0,003423

07

Veenderijgracht

VGM3

0,003242

>INEV (grondwater) 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF OctaCDF >INEV (grondwater) 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF OctaCDF >INEV (grondwater) 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD 1,2,3,4,7,8-HexaCDF 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF OctaCDF >INEV (grondwater) 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD

rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 24 van 33

Analysemonster

Deellocatie

Analysepakket Toetsingsresultaat Som TEQ Overschrijding*

Parameter >d

(ng/l) 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF Referentiesloten 02

04 06 08 *

Burkmeer

VGM3

Poppendammerweeren VGM3 Belmermeer VGM3 Veenderijgracht VGM3

0,004850

>INEV (grondwater) 1,2,3,6,7,8-HexaCDD 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD 2,3,7,8-TetraCDF 1,2,3,7,8-PentaCDF 2,3,4,7,8-PentaCDF 1,2,3,4,7,8-HexaCDF 1,2,3,6,7,8-HexaCDF 2,3,4,6,7,8-HexaCDF 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF OctaCDF <0.003228 -** <0.003228 -** <0.003228 -** -

Vanuit de KRW zijn er voor oppervlaktewatermonsters geen normen opgesteld voor dioxines. Om toch inzichtelijk te krijgen of er dioxines voorkomen in het oppervlaktewater zijn de resultaten getoetst aan de INEV-waarde voor grondwater (0,001 ng/l) en de signaleringswaarde (1 μg/l) voor ‘overige antropogene parameters’ uit het drinkwaterbesluit.

** Indien alle individuele dioxines niet boven de detectiegrens worden gemeten wordt de som TEQ bepaald door de som te nemen van de detectiegrens vermenigvuldigd met een factor 0,7. Ondanks dat deze waarde 0,003228 ng/l is, en boven de INEV-waarde van 0,001 ng/l ligt, kan toch worden gesteld dat de INEV-waarde niet wordt overschreden omdat alle dioxines niet boven de detectiegrens zijn gemeten.

Uit de resultaten wordt geconcludeerd dat in het oppervlaktewater de concentratie dioxines de INEVwaarde overschrijdt. Deze overschrijdingen zijn gemeten in de vier monsterpunten dichterbij de volgermeerpolder (01, 03, 05, 07) en op één locatie verder van de polder af (02). De gemeten waarden liggen wel ruim onder de signaleringswaarde van 1 μg/l voor ‘overige antropogene parameters’ uit het Drinkwaterbesluit.

Stap 5 – Aanvullend grondonderzoek In peilbuizen 331-2 en 705-1 zijn in de grondwatermonsters concentraties dioxines gemeten die de INEV-waarde overschrijden. Daarnaast blijkt uit de in stap 2 uitgevoerde filtratie dat dioxine gebonden zijn aan de onopgeloste bestanddelen in het grondwater. Om deze reden is de grond nabij peilbuizen 331-2 en 705-1 nader onderzocht op dioxines. Hierbij is de bovengrond onderzocht in twee trajecten van 0,0 – 0,2 en 0,2 – 0,5 m -mv en is de bodemlaag rond de bovenkant van de filterstelling van de nabijgelegen peilbuis bemonsterd en geanalyseerd op dioxines. De boor- en bemonsteringswerkzaamheden zijn uitgevoerd op 21-07-2023 door P. Aarts onder Kwalibo-erkenning (certificaat K40562). De bodem bestaat tot 0,5 m -mv uit matig zandig, sterk humeus, klei. Van 0,5 m -mv tot minimaal 4,0 m -mv (maximale boordiepte) bestaat de bodem uit sterk kleiïg veen. Het freatisch grondwater is aangetroffen op een diepte van 0,3 m -mv. In bijlage 2 zijn de profielbeschrijvingen als boorstaten opgenomen. De analyseresultaten zijn gecorrigeerd naar een standaardbodem van 10% organische stof. De resultaten zijn getoetst aan de som TEQ. In bijlage 3 is een toelichting van het toetsingskader beschreven.

rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 25 van 33

Tabel 4.6. toetsingsresultaten dioxines in grond. Analysemonster A-705-1 A-705-2 A-705-3 B-705-1 C-331-1 C-331-2 C-331-3

Traject (m – mv) 0,0 - 0,2 0,2 - 0,5 3,0 - 3,5 0,0 - 0,2 0,0 - 0,2 0,2 - 0,5 2,5 - 3,0

Som TEQ (mg/kg ds) 0,000001 0,000001 0,000000 0,000003 0,000000 0,000002 0,000004*

>I (0,00018 mg /kg ds) -

Toepassing Vrij toepasbaar Vrij toepasbaar Vrij toepasbaar Vrij toepasbaar Vrij toepasbaar Vrij toepasbaar Vrij toepasbaar

* Na bepaling van de gehalten dioxines was niet genoeg monstermateriaal meer aanwezig voor de analyse op organisch stof. De correctie heeft daarom plaatsgevonden naar de maximale waarde waarop correcties worden uitgevoerd van 30% organische stof. C-331-3 bestaan uit veen wat typisch een organisch stof gehalte heeft van meer dan 25% en we verwachten dat het gerapporteerde gehalte dioxines niet ver afwijkt van waarden gecorrigeerd aan het echte organische stof gehalte.

In zowel de bovengrond als de laag rond de filterstelling van de verontreinigde peilbuis zijn geen overschrijdingen van de interventiewaarde van dioxines gemeten. Opvallend is dat de concentratie dioxines in de bovengrond hoger ligt dan in de laag rond de peilbuisfilter. Voor de som TEQ dioxines is een normwaarde voor het toepassen van grond of baggerspecie op of in de bodem opgesteld van 0,000055 mg/kg ds. Alle monsters zijn op basis van de gehalten dioxines geclassificeerd als vrij toepasbaar.

Chemische samenstelling Van elke individuele stap van het aanvullend onderzoek dioxines kan de chemische samenstelling van de gemeten dioxines worden bepaald (Figuur 4.4). Hieruit volgt hetzelfde beeld als in stap 1 waarbij dezelfde type dioxines gemeten worden (1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD, OctaCDD, 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF en OctaCDF), maar dat de relatieve concentraties wel kunnen fluctueren.

Chemische samenstelling dioxines aanvullend onderzoek 2023 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

2,3,7,8-TetraCDD 1,2,3,7,8-PentaCDD 1,2,3,4,7,8-HexaCDD 1,2,3,6,7,8-HexaCDD 1,2,3,7,8,9-HexaCDD 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD 2,3,7,8-TetraCDF 1,2,3,7,8-PentaCDF 2,3,4,7,8-PentaCDF 1,2,3,4,7,8-HexaCDF 1,2,3,6,7,8-HexaCDF 1,2,3,7,8,9-HexaCDF 2,3,4,6,7,8-HexaCDF 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF 1,2,3,4,7,8,9-HeptaCDF OctaCDF

Stap 2 Stap 3 Stap 4

Stap 5

Figuur 4.4. Chemische samenstelling dioxines van de verschillende onderzoeksstappen uit het nader onderzoek.

rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 26 van 33

Hiernaast kunnen we ook nog de vingerafdruk van de referentiepeilbuizen vergelijken met de peilbuizen uit de controlezone (monitoringsronde RPS 2022). Hierin zien we dat dezelfde type dioxines gemeten zijn in beide gevallen (Figuur 4.5). In de referentiepeilbuizen is meer 1,2,3,4,6,7,8HeptaCDF gemeten, maar dit valt binnen een fluctuatie die we ook zien in vingerafdrukbepalingen tussen verschillende monitoringsrondes. Dit is een sterke indicatie dat de dioxines uit de referentie- en monitoringspeilbuizen eenzelfde bron hebben. Dit gegeven samen met het feit dat we dioxines in de referentiepeilbuizen meten op grotere afstand van de stort, versterkt de hypothese van atmosferische depositie.

Chemische samenstelling dioxines Monitoringspeilbuizen versus referentiepeilbuizen 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

2,3,7,8-TetraCDD 1,2,3,7,8-PentaCDD 1,2,3,4,7,8-HexaCDD 1,2,3,6,7,8-HexaCDD 1,2,3,7,8,9-HexaCDD 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD

2,3,7,8-TetraCDF 1,2,3,7,8-PentaCDF 2,3,4,7,8-PentaCDF 1,2,3,4,7,8-HexaCDF 1,2,3,6,7,8-HexaCDF 1,2,3,7,8,9-HexaCDF 2,3,4,6,7,8-HexaCDF 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF 1,2,3,4,7,8,9-HeptaCDF OctaCDF

Monitoringspeilbuizen Referentiepeilbuizen

Figuur 4.5. Chemische samenstelling dioxines uit de monitoringspeilbuizen vergeleken met de referentiepeilbuizen.

Als we vervolgens deze resultaten van dit aanvullend onderzoek dioxines samenvoegen en dit vergelijken met de AVI en Philips Duphar wordt duidelijk dat er een sterke gelijkenis is met de chemische samenstelling van de afvalverbrandingsinstallatie (Figuur 4.6). Zoals beschreven in § 4.1.4 is deze bepaling niet nauwkeurig genoeg voor het achterhalen van de bron. Verificatie van de herkomst van de gemeten gehalten dioxines dient gedaan te worden via het meten van alle isomeren van de betreffende dioxines.

rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 27 van 33

Chemische samenstelling dioxines aanvullend onderzoek en mogelijke bronnen 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

2,3,7,8-TetraCDD 1,2,3,7,8-PentaCDD 1,2,3,4,7,8-HexaCDD 1,2,3,6,7,8-HexaCDD 1,2,3,7,8,9-HexaCDD 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD 2,3,7,8-TetraCDF 1,2,3,7,8-PentaCDF 2,3,4,7,8-PentaCDF 1,2,3,4,7,8-HexaCDF 1,2,3,6,7,8-HexaCDF 1,2,3,7,8,9-HexaCDF 2,3,4,6,7,8-HexaCDF 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF 1,2,3,4,7,8,9-HeptaCDF OctaCDF

Aanvullend onderzoek dioxines 2023 AVI Philips Duphar

Figuur 4.6. Chemische samenstelling dioxines uit het nader onderzoek vergeleken met de AVI en Philips Duphar.

Uit het vingerafdrukonderzoek komt naar voren in de monitoringsrapportages als huidig nader onderzoek dat dezelfde type dioxines het vaakst gemeten worden (1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD, OctaCDD, 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF en OctaCDF). Concentraties van deze individuele dioxines kunnen fluctueren maar dit is geen indicatie dat de dioxines voortkomen uit een andere bron.

Oppervlaktewater monster 02 Van de oppervlaktewatermonsters zijn in 5 van de 8 monsters dioxines boven de detectielimiet aangetoond. Hierbij komen in de 4 monsters van de locaties relatief dicht bij de stort (01, 03, 05 en 07) dezelfde individuele dioxines voor als in analyses uit voorgaande monitoringsrondes, grondwater en grondmonsters uit dit aanvullend onderzoek dioxines en het onderzoek naar de AVI-GEB Amsterdam Noord. Uitzondering hierop is monster 02 die verder van de stort genomen is. In monster 02, komen deze dioxines ook voor, maar hier bovenop zijn er nog 7 dioxines gemeten, waarvan er 3 nooit eerder zijn gemeten in en rondom de Volgermeerpolder. Ook voor dit individuele monster komt de chemische vingerafdruk, gebaseerd op de gewichtspercentages van de afzonderlijke dioxines in de berekende som, overeen met de samenstelling van de AVI Amsterdam-Noord. Dit geeft echter geen uitsluitsel over de bron van dioxines.

rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 28 van 33

5

INTERPRETATIE & BEANTWOORDING ONDERZOEKSVRAGEN

Wat zijn de concentraties dioxines uit voorgaande monitoringsronden en onderzoeken en waar zijn deze gemeten? Is er een trend te zien in de concentraties, chemische samenstelling (vingerafdruk) en locaties tussen de onderzoeken? (onderzoekstap 1). Uit de trendanalyse van dioxineoverschrijdingen in de monitoringsrondes van 2009 tot en met 2023 blijkt dat de dioxineoverschrijdingen niet beperkt zijn tot één deel van de controlezone rondom de Volgermeerpolder. Op alle deellocaties en op alle diepten worden, random, overschrijdingen in het grondwater gemeten. De dioxines die worden gemeten betreffen vaak wel één of meerdere van een select groepje (1,2,3,7,8,9-HexaCDD, 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD, OctaCDD. 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF). De concentraties dioxines gemeten in de voorgaande monitoringsrondes in de controlezone varieert van 2 tot 5 pg/l. Wat is de chemische samenstelling van dioxines gemeten in de stort vóór de saneringsmaatregelen en is deze chemische samenstelling vergelijkbaar met dioxines gemeten in de monitoringsrondes en huidig aanvullend onderzoek? (onderzoeksstap 1) De oorspronkelijke methode om de vingerafdruk van de ‘Volgermeerdioxine’ vast te stellen is, door de samenstelling van het dioxinepakket gebruikt voor de monitoring van het grondwater in de controlezone, niet bruikbaar.

Derhalve is een alternatieve methode gebruikt waarbij de op diverse locaties gemeten dioxine concentraties tegen elkaar zijn afgezet als percentage. Deze methode wordt als niet betrouwbaar gezien omdat hierbij dioxine-overschrijdingen die op basis van de oorspronkelijke methode zijn toegeschreven aan het stort in de Volgermeer, nu worden toegeschreven aan een andere bron (AVI Amsterdam Noord). In de rapportage waarvan het oorspronkelijke onderzoek naar de vaststelling van de Volgermeer Dioxine door de UvA onderdeel is (Grontmij, 2000), staat vermeld dat in het grondwater rond de Volgermeer dioxines worden aangetroffen. Hier is vermeld dat deze dioxines géén relatie hebben met het stort in de Volgermeer, maar een andere bron moeten hebben. Het is derhalve aannemelijk dat in alle navolgende jaren in de monitoring van het grondwater in de controle dezelfde dioxinen zijn gemeten als in het onderzoek in 2000 en derhalve niet gerelateerd zijn aan het stort en een andere bron moeten hebben. Op basis van de chemische samenstelling wordt geconcludeerd dat de dioxines gemeten in de monitoringsrondes hoogstwaarschijnlijk niet te relateren zijn aan de stort, maar waarschijnlijk een verhoogde achtergrondwaarde betreft gelinkt aan de AVI Amsterdam Noord en/of branden die gewoed hebben op de stort zelf.

Is het vanuit literatuur bekend dat dioxines op kunnen lossen in water, of dat dioxines zich hechten aan gronddeeltjes? (onderzoekstap 1) De literatuur bevestigt dat dioxines zeer slecht oplosbaar zijn, maar wel gehecht kunnen zitten aan vaste deeltjes. Als de dioxine uit het stort afkomstig zouden zijn (vingerafdruk) betekent dit dat de vaste deeltjes zich met het grondwater verspreiden. Deze hypothese is echter onwaarschijnlijk daar deze haaks staat op de uitkomsten van de hydrologische verspreidingsmodellen waarbij geconcludeerd is dat vaste deeltjes niet met het grondwater meebewegen. Als de betrouwbaarheid van de algemeen geaccepteerde hydrologische modellen niet in twijfel wordt getrokken, betekent dit dat de dioxine in het grondwater van de controlezone een andere bron moeten hebben. Hetgeen in weer in overeenstemming zou zijn met de resultaten van het in 2000 door Grontmij uitgevoerde nader onderzoek.

rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 29 van 33

Zijn er vanuit het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) gegevens bekend over dioxines in oppervlaktewater rondom de Volgermeerpolder? Er zijn vanuit het HHNK geen gegevens beschikbaar met betrekking tot dioxine concentraties in het oppervlaktewater rondom de Volgermeerpolder. Hoewel de stof onderdeel is van de KRW is er geen norm voor beschikbaar en wordt er derhalve geen onderzoek naar gedaan. Zijn de verhoogde concentraties dioxines in het grondwater te relateren aan de wijze van monstername en/of meetfouten? (onderzoekstap 2) • Is een verhoogde concentratie dioxines het gevolg van gronddeeltjes in het grondwatermonster. Is er een correlatie tussen troebelheid (NTU) en gemeten concentraties dioxines? Er is geen verband zichtbaar tussen de mate van troebelheid en de gemeten concentraties dioxines in ongefilterde monsters. Een hoge NTU leidt niet automatisch tot een hogere concentratie dioxine bij analyse en een lagere NTU niet tot een lagere concentratie dioxine. •

Laat de filtratie van de duplo grondwatermonsters een ander beeld zien dan de niet gefiltreerde monsters? Filtratie van de grondwatermonsters laat zien dat na filtratie geen dioxines in meetbare gehalten aanwezig zijn in het grondwater. Dit bevestigt de hypothese dat de dioxines gebonden zijn aan de vaste deeltjes (onopgeloste bestanddelen) in het grondwater en dat ze niet opgelost in het grondwater aanwezig zijn. Op basis van de huidige hydrologische modellen is het de verwachting dat de dioxines zich niet met het grondwater uit het stortlichaam verspreiden.

•

Heeft het afpompen van een peilbuis een effect op de andere filters doordat de afdichtende laag niet goed is hersteld? In twee peilbuizen is gecontroleerd of de afsluitende laag tussen de grondwaterpakketten bij plaatsing van de peilbuis goed is hersteld. Hierbij is vastgesteld dat bij één peilbuis (331) de afsluitende laag waarschijnlijk niet goed is hersteld. Hierdoor wordt bij monstername mogelijk water uit een boven- of onderliggende waterhoudende laag aangetrokken.

Zijn de gemeten concentraties dioxines in het grondwater en oppervlaktewater (boven- en benedenstrooms) vergelijkbaar met concentraties in de omgeving, op grotere afstand van de Volgermeerpolder? Indien in de omgeving ook verhoogde concentraties gemeten worden, is dan de chemische vingerafdruk van de dioxines vergelijkbaar met die uit de Volgermeerpolder? (Worden dezelfde/vergelijkbare combinatie van dioxines gemeten? (onderzoekstap 3 en onderzoekstap 4). In zowel het grond- als oppervlaktewater worden in de directe omgeving (buiten de controlezone) en op grotere afstand van de Volgermeerpolder dioxines gemeten met concentraties >INEV waarde. Voor oppervlaktewater is er echter geen norm opgesteld en is de INEV waarde voor grondwater aangehouden om aan te geven of er dioxines worden gemeten. Wanneer de oppervlaktewatermonsters getoetst worden aan ‘overige antropogene parameters’ uit het drinkwaterbesluit vallen de waardes hier ver onder. De chemische samenstelling van beide type monsters lijkt sterk overeen te komen met de AVI in Amsterdam Noord en de dioxines zouden dus te relateren zijn aan atmosferische depositie. Dit kan echter niet definitief bevestigd worden omdat niet alle karakteristieke isomeren zijn gemeten.

Een opvallend resultaat is het voorkomen van dioxines in het oppervlaktewater in 4 van de 4 monsters net buiten de controlezone, en in slechts 1 van de 4 monsters op grotere afstand van de Volgermeerpolder. Worden in de peilbuizen waar na herbemonstering in het grondwater dioxines zijn aangetroffen deze ook aangetroffen in grondmonsters en omvatten deze dezelfde chemische vingerafdruk? rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 30 van 33

In geen van de grondmonsters zijn overschrijdingen van de interventiewaarde gemeten. Daarnaast zijn alle monsters op basis van het gehalte dioxine beoordeeld als grond van de bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur. Daarnaast is er een gradiënt te zien van afnemende concentratie dioxine met toenemende diepte wat het beeld van atmosferische depositie bevestigt. De chemische samenstelling van de grondmonsters komt overeen met de chemische samenstelling van de grondwater- en oppervlaktewatermonsters en van de AVI in Amsterdam Noord (op basis van de alternatieve bepaling van de chemische samenstelling). Een onderscheid maken tussen dioxines van de stort en een mogelijk andere bron op basis van de chemische vingerafdruk is niet mogelijk omdat karakteristieke isomeren van dioxines voor de stort en afvalverbrandingsinstallaties niet zijn gemeten.

Zijn de gemeten concentraties dioxines in het grondwater en oppervlaktewater afkomstig uit de stort en is er sprake van verspreiding? (onderzoekstap 2, 3 en 4) • Als in de omgeving geen dioxines worden gemeten, maar in de peilbuizen in de controlezone langs de Volgermeerpolder wel, is dan de monitoring op de gidsparameters (de meest mobiele verontreinigingsparameters) effectief als betreffende parameters niet aantoonbaar in het grondwater aanwezig zijn? Ja, de monitoring op de gidsparameters wordt als effectief beschouwd als indicatie voor mogelijke verspreiding van dioxines uit de stort omdat het beschreven scenario in de vraag niet de huidige situatie beschrijft. In zowel de controlezone als de referentiepeilbuizen zijn dioxines gemeten in vergelijkbare concentraties. De referentiepeilbuizen staan op dergelijke afstand van de stort dat het onwaarschijnlijk is dat de dioxines aan de stort te relateren zijn en het is aannemelijk dat er sprake is van een verhoogde achtergrondconcentratie. Om te blijven monitoren of er toch verspreiding uit de stort plaatsvindt (in de toekomst) wordt de monitoring op de gidsparameters nog steeds als zinvol beschouwd. Maar moet in acht worden genomen dat er een verhoogde achtergrondconcentratie dioxines (aan vaste deeltjes) aanwezig is en dat er wél dioxines maar géén gidsparameters gemeten kunnen worden.

• Is er een gradiënt zichtbaar waarbij de concentraties dioxines dichter bij de stort (of lek) hoger zijn dan op grotere afstand? Nee, een gradiënt is niet onderzocht. Er zijn echter geen grote verschillen gemeten in concentraties tussen peilbuizen uit de controlezone en referentiepeilbuizen. Dit geeft dus ook geen aanleiding om te vermoeden dat er een gradiënt aanwezig is tussen de stort en de referentiepeilbuizen. De concentraties dioxines in het grondwater in de controlezone en in de referentiepeilbuizen zijn van vergelijkbare hoogte. Het is aannemelijk dat er geen verspreiding vanuit de stort plaatsvindt maar dat er een andere bron van dioxines is. • Hoe verspreiden de slecht oplosbare dioxines zich met het grondwater? (valt buiten scope van dit onderzoeksvoorstel) Er kan worden geconcludeerd dat dioxines zich niet via het grondwater uit het stort verspreiden omdat 1) er in de grote monitoringsronde geen gidsparameters gemeten zijn in de controlezone daar waar dioxines zijn gemeten en 2) dioxines zich hechten aan gronddeeltjes die volgens hydrologische modellen niet met het grondwater meebewegen. Verwacht wordt dat de dioxines buiten de Volgermeerpolder door atmosferische depositie in de grond en het grondwater terecht zijn gekomen.

• Bestaan er potentieel ontoelaatbare risico’s aan een eventuele verspreiding van dioxines uit het stort? In relatie tot het oppervlaktewater en veedrenking kan hier een inschatting gedaan worden. (wat dit betekent voor de verspreiding in het grondwater in relatie tot het saneringsconcept valt buiten scope van onderhavig onderzoeksvoorstel). Geconcludeerd wordt dat het onwaarschijnlijk is dat er verspreiding plaatsvindt vanuit de stort. Toch zijn de potentiële risico’s onderzocht mocht er toch verspreiding plaatsvinden: De nu in het grondwater, oppervlaktewater en grond gemeten concentraties dioxines leveren, op basis van een beoordeling door de GGD, geen risico’s op voor de volksgezondheid. Hiernaast leveren de concentraties, op basis van een eerste risicobeoordeling door het RIVM (bijlage 7) geen gevaar op door doorvergiftiging naar de mens via melk en vlees van koeien. rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 31 van 33

6

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Conclusies

Doordat in 2022 bij de monitoring van het grond- en oppervlaktewater in de controlezone van de Volgerpolder dioxines is nader onderzoek naar de aanwezigheid van dioxines in grondwater, oppervlaktewater en grond uitgevoerd. Op basis van het uitgevoerde bureau- en veld- en laboratoriumonderzoek wordt ten aanzien van de dioxines aangetroffen in het grond- en het oppervlaktewater en de grond geconcludeerd dat de aangetroffen dioxines waarschijnlijk niet afkomstig zijn uit het voormalige stort in de Volgermeerpolder. Derhalve is er geen aanleiding de monitoring te intensiveren en/of aanvullende maatregelen te nemen om verspreiding van dioxines vanuit het voormalige stort te voorkomen. Deze conclusie wordt getrokken op basis van de resultaten uit de verschillende onderzoeksstappen: - Stap 1: In het onderzoek van Grontmij uit 2000 is geconcludeerd dat dioxines zich in het grondwater rondom de Volgermeerpolder bevinden die niet afkomstig zijn uit de stort. Een andere bron wordt niet gespecificeerd. Ook in oude monitoringsrapportages (2005-2019) worden dioxines in de controlezone en in referentiepeilbuizen aangetroffen, vermoedelijk dezelfde dioxines als uit het onderzoek van Grontmij uit 2000. - Stap 2: Dioxines hechten zich aan zwevende gronddeeltjes en zitten niet opgelost in het grondwater.

Deze gronddeeltjes verspreiden zich niet via het grondwater uit de stort, zoals geconcludeerd uit hydrologische modellen. - Stap 3: In de peilbuizen in de controlezone en de referentiepeilbuizen worden vergelijkbare concentraties dioxines gemeten met een vergelijkbare chemische samenstelling indicatief voor een andere bron dan de stort. - Stap 4: Vlak naast de Volgermeerpolder is vaker (4/4) dan verder van de stort af (1/4) dioxine gemeten in ongefilterde monsters. Echter is wel de chemische samenstelling van alle oppervlaktewatermonsters vergelijkbaar met de grondwatermonsters waardoor verwacht wordt dat de dioxines uit eenzelfde bron komen. - Stap 5: In de grondmonsters is een zeer lage concentraties dioxines gemeten waarbij in de toplaag hogere concentraties aanwezig zijn vergeleken met grond op grotere diepte. Dit versterkt de hypothese voor atmosferische depositie als bron. Uit een beoordeling door de GGD (bewonersavond) en een aanvullende risicobeoordeling door het RIVM volgt dat de aangetoonde gehalten geen risico vormen voor de gezondheid van omwonenden als gevolg van eventueel direct contact met de grond-, het grondwater en/of het oppervlaktewater. Ook indirect contact via de consumptie van melk- en/of vleesproducten van koeien de aangrenzend in de wei gestaan hebben vormt hierbij geen risico.

Aanbevelingen Een verificatie van de bron van dioxines via een chemische vingerafdruk is niet mogelijk met het huidige analysepakket. Om het vermoeden te bevestigen dat de dioxines aangetroffen in het grondwater, het oppervlaktewater en de grond daadwerkelijk afkomstig zijn uit een andere bron en niet het voormalige stort in de Volgermeerpolder wordt aanbevolen monsters uit bovengenoemde matrices aanvullend te onderzoeken op het dioxinepakket gebruikt bij het onderzoek naar van de chemische vingerafdruk van de “Volgermeerdioxine” (Grontmij, 2000). Het is hierbij belangrijk om de watermonsters niet eerst te filtreren, omdat hiermee alle dioxines (gehecht aan gronddeeltjes) uit het monster gefilterd worden. Aanbevolen wordt de om aan de analyse van de grondwatermonsters op dioxines in de monitoring van het grondwater in de controlezone van de Volgermeerpolder wel een filtratiestap toe te voegen. rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 32 van 33

Hiernaast wordt aanbevolen de peilbuizen waarop in de grote monitoringsronden dioxines worden gemeten vast te leggen in een database zodat de ruimtelijke verdeling en verloop van gehalten in de tijd gemonitord kan worden (trensanalyse). Overwogen moet worden of de huidige monitoring conform de huidige opzet waarbij random op 5% van het totaal aantal peilbuizen op de aanwezigheid van dioxines wordt onderzocht moet worden voortgezet. Mogelijk dat dit aangepast moet worden naar een aangewezen 5% van de peilbuizen. Dit is afhankelijk van of het belangrijker wordt geacht om mogelijke verspreiding op te merken of dat het maken van een trendanalyse voorkeur heeft. De vooren nadelen zijn opgesomd in tabel 6.1. Tabel 6.1. Voor- en nadelen van monitoringsmethodes op dioxines. Methode Spreiding Trendanalyse

Risico op verspreiding

Random 5% Vast aangewezen 5% De spreiding over de gehele polder is groter, alle De spreiding is klein, een vast aantal locaties wordt locaties worden wel eens onderzocht onderzocht, de overige locaties niet Er kan niet makkelijk een trendanalyse gemaakt Omdat de peilbuizen elk jaar geanalyseerd worden worden omdat peilbuizen niet systematisch kan een duidelijke trendanalyse gemaakt worden bemonsterd worden Er is een risico dat verspreiding pas laat Er is een risico dat verspreiding niet opgemerkt opgemerkt wordt omdat de locatie van wordt omdat je maar op een paar plaatsen meet onderzochte peilbuizen telkens wisselt

Bij herbemonstering van de peilbuisfilters is vastgesteld dat de scheidende laag tussen de verschillende waterlagen niet in alle gevallen goed is hersteld bij plaatsing van de peilbuis. Hierdoor bestaat het risico dat bij de monstername in het kader van de monitoring grondwater uit onder- en/of bovenliggende lagen wordt aangetrokken. Omdat het in het kader van onderhavig onderzoek ging om een beperkt aantal peilbuisfilters is er nu geen zicht op de omvang van dit ‘probleem’. Aanbevolen wordt voortaan in alle peilbuisfilters waarin overschrijdingen van de signalerings- en/of actiewaarde worden aangetroffen bij herbemonstering na te gaan, of de scheidende lagen voldoende hersteld zijn. Dan wel moet dit bij een volgende grote monitoringsronde (alle peilbuizen) voor alle peilbuizen worden nagegaan.

rps.nl NL202033308.004-R23-819 | 2 november 2023 Pagina 33 van 33

BIJLAGE 1. Kaartmateriaal

A. B. C. D. E. F. G.

rps.nl

STAP 1: Locaties met dioxine overschrijdingen freatisch grondwater uit monitoringsdata STAP 1:Locaties dioxine overschrijdingen grondwater tussenlaag uit monitoringsdata STAP 1: Locaties dioxine overschrijden 1 e WVP uit monitoringdata STAP 2: Peilbuislocaties filt erproef (wel/geen filtratie onopgeloste bestanddelen voor analyse) STAP 3: Peilbuislocatie t.b.v. dioxine bemonstering op grotere afstand van het stort van de Volgermeer STAP 4: Locatie monsternamepunten oppervlaktewater STAP 5: Locaties monstername grond

301 500

204

504505

Legenda

Peilbuizen controlezone freatisch

322

Overschrijding

<Detectielimiet > INEV

605

Geen eenduidig oordeel

228606 608 610 614

615 621 622 624

405

221

339 402

334

331

Regionale ligging

schaal

1:250.000

309 312 705 710

706

311 Wij z.

713

216

Datum

Get .

Om schrijving:

Project:

Volgermeerpolder Opdrachtgever:

Om schrijving:

Ov erz icht toetsingsresultaten dioxines monitoringsrondes 2009-2023 Projectnummer: Projectleider:

0

115

pdf/ print door: roen.warring, 26-10-2023

230

460

690

920 Meters

Pto lem a e us laa n 40

35 28 B P Ut re ch t, T he N et he r lan d s T + 31 8 8 - 99 0 4 8 00 W w ww. rp s. nl

NL202033308

Formaat:

A3

R. Vink

Schaal:

1:7.500

R. Warring

Status:

Definitief

Fase:

Datum:

26-10-2023

Logo opdracht gever:

Blad:

Auteur: Wate r en b od em

Bijlage 1AA: Freatische peilbuiz en

Nummer:

1 van 1

NL202033308-001

Wij z:

© ondergrond: Esri Nederland, Com munit y Map Cont ribut ors

Gemeente Amsterdam

\\E ur-nl-f s-01\data\GGI \1 P roject en\NL202033308\NL202033308.004\3 Werkdossier\ 04 Tekeningen\ 8_P DF\ Volgermeerpolder dioxi nes.mxd

500

504505

Legenda

333

Peilbuizen controlezone tussenlaag

322

Overscheiding

<Detectielimiet

604

>INEV

1011 605

Geen eenduidig oordeel

228 608 610

614613

617

623 622 621

405406

222

400 339 331

402

Regionale ligging

schaal

1:250.000

319 309

702

312 215

705 706

712 Wij z.

216

Datum

Get .

Om schrijving:

Project:

Volgermeerpolder Opdrachtgever:

Om schrijving:

716

Ov erz icht toetsingsresultaten dioxines monitoringsrondes 2009-2023 Projectnummer: Projectleider:

0

115

pdf/ print door: roen.warring, 26-10-2023

230

460

Wate r en b od em

690

920 Meters

Pto lem a e us laa n 40

35 28 B P Ut re ch t, T he N et he r lan d s T + 31 8 8 - 99 0 4 8 00 W w ww. rp s. nl

NL202033308

Formaat:

A3

R. Vink

Schaal:

1:7.500

R. Warring

Status:

Definitief

Fase:

Datum:

26-10-2023

Logo opdracht gever:

Blad:

Auteur:

719

Bijlage 1AB: Tus senlaag peilbuiz en

Nummer:

1 van 1

NL202033308-001

Wij z:

© ondergrond: Esri Nederland, Com munit y Map Cont ribut ors

Gemeente Amsterdam

\\E ur-nl-f s-01\data\GGI \1 P roject en\NL202033308\NL202033308.004\3 Werkdossier\ 04 Tekeningen\ 8_P DF\ Volgermeerpolder dioxi nes.mxd

Legenda

Peilbuizen controlezone 1e watervoerend pakket

323

Overscheiding

<Detectielimiet >INEV Geen eenduidig oordeel

605

622

332

339

Regionale ligging

schaal

1:250.000

309 312

216

316

Wij z.

Datum

Get .

Om schrijving:

Project:

Volgermeerpolder Opdrachtgever:

Om schrijving:

Ov erz icht toetsingsresultaten dioxines monitoringsrondes 2009-2023 Projectnummer: Projectleider:

0

115

pdf/ print door: roen.warring, 26-10-2023

230

460

690

920 Meters

Pto lem a e us laa n 40

35 28 B P Ut re ch t, T he N et he r lan d s T + 31 8 8 - 99 0 4 8 00 W w ww. rp s. nl

NL202033308

Formaat:

A3

R. Vink

Schaal:

1:7.500

R. Warring

Status:

Definitief

Fase:

Datum:

26-10-2023

Logo opdracht gever:

Blad:

Auteur: Wate r en b od em

Bijlage 1AC : 1e watervoerend pakk et

Nummer:

1 van 1

NL202033308-001

Wij z:

© ondergrond: Esri Nederland, Com munit y Map Cont ribut ors

Gemeente Amsterdam

\\E ur-nl-f s-01\data\GGI \1 P roject en\NL202033308\NL202033308.004\3 Werkdossier\ 04 Tekeningen\ 8_P DF\ Volgermeerpolder dioxi nes.mxd

Legenda

Peilbuizen filtratieproef Peilbuis

1011-2

331-1 / 331-2 Regionale ligging

schaal

1:250.000

Projec t:

Aanv ullend dioxine onderzoek Volgermeerpolder Opdrachtgever:

Gemeente Amsterdam Om sc hrijv ing:

Ov erz ichtsk aart locaties peilbuizen v oor filtratieproef

NL202033308.004

Formaat:

A4

R. Vink

Schaal:

1:10.000

Auteur:

R. Warring

Status :

Definitief

Fas e:

Veldwerk

Datum:

26-10-2023

Projec tnummer: Projec tleider:

0

112,5 225

pdf/ print door: roen.warring, 26-10-2023

450

675

900 Meters

Wate r en b od em

Pto lem a e us laa n 40 35 28 B P Ut re ch t, T h e Ne th er lan d s

Ma te n i n m e te rs , te n zi j a n d e rs ve r me l d D ia m e te rs i n mi l l im e te rs , te n z ij a n d e rs v er m e ld H oo g te m a te n i n m et er s t.o .v. N .A .P., te n zi j a n d e rs ve r me l d Li g g i n g b es ta a n d e ka b e l s en l e i d in g e n te r i nd i c a tie i n g e te ke n d

T + 31 8 8 - 99 0 4 8 00 W w ww. rp s. nl

Bijlage 1AD:

Logo opdrac ht gev er:

Blad:

1 van 1

Nummer:

NL202033308.004-001

Wij z:

© ondergrond: Es ri Nederland, Community Map Contribut ors

705-1

\\E ur-nl-f s-01\data\GGI \1 P rojec ten\NL202033308\NL202033308.004\3 Werkdoss ier\ 04 Tekeningen\ 2_M XD\NL202033308.004 dioxines in grond. mxd

Legenda

Monstertype Oude pb Peilbuis

Oude pb

Regionale ligging

schaal

1:250.000

Projec t:

Aanv ullend dioxine onderzoek Volgermeerpolder Opdrachtgever:

Gemeente Amsterdam Ov erz ichtsk aart locaties peilbuizen v oor filtratieproef

NL202033308.004

Formaat:

A4

R. Vink

Schaal:

1:10.000

Auteur:

R. Warring

Status :

Definitief

Fas e:

Veldwerk

Datum:

26-10-2023

Projec tnummer: Projec tleider:

0

112,5 225

pdf/ print door: roen.warring, 26-10-2023

450

675

900 Meters

Wate r en b od em

Pto lem a e us laa n 40 35 28 B P Ut re ch t, T h e Ne th er lan d s

Ma te n i n m e te rs , te n zi j a n d e rs ve r me l d D ia m e te rs i n mi l l im e te rs , te n z ij a n d e rs v er m e ld H oo g te m a te n i n m et er s t.o .v. N .A .P., te n zi j a n d e rs ve r me l d Li g g i n g b es ta a n d e ka b e l s en l e i d in g e n te r i nd i c a tie i n g e te ke n d

T + 31 8 8 - 99 0 4 8 00 W w ww. rp s. nl

Bijlage 1AE:

Logo opdrac ht gev er:

Blad:

1 van 1

Nummer:

NL202033308.004-001

Wij z:

© ondergrond: Es ri Nederland, Community Map Contribut ors

Om sc hrijv ing:

\\E ur-nl-f s-01\data\GGI \1 P rojec ten\NL202033308\NL202033308.004\3 Werkdoss ier\ 04 Tekeningen\ 2_M XD\NL202033308.004 dioxines in grond. mxd

Legenda Type

Oppervlaktewater monsterpunt

008

007 006 001

002

005 Regionale ligging

schaal

1:250.000

Projec t:

Aanv ullend dioxine onderzoek Volgermeerpolder

004

Opdrachtgever:

Gemeente Amsterdam Om sc hrijv ing:

NL202033308.004

Formaat:

A4

R. Vink

Schaal:

1:25.000

Auteur:

R. Warring

Status :

Definitief

Fas e:

Veldwerk

Datum:

15-11-2023

Projec tnummer: Projec tleider:

Wate r en b od em

0

250

500

pdf/ print door: roen.warring, 15-11-2023

1.000 Meters

Bijlage 1AF: Oppervlaktewater

Ov erz ichtsk aart met weergav e onderzoeks loc aties

Pto lem a e us laa n 40 35 28 B P Ut re ch t, T h e Ne th er lan d s

Ma te n i n m e te rs , te n zi j a n d e rs ve r me l d D ia m e te rs i n mi l l im e te rs , te n z ij a n d e rs v er m e ld H oo g te m a te n i n m et er s t.o .v. N .A .P., te n zi j a n d e rs ve r me l d Li g g i n g b es ta a n d e ka b e l s en l e i d in g e n te r i nd i c a tie i n g e te ke n d

T + 31 8 8 - 99 0 4 8 00 W w ww. rp s. nl

Logo opdrac ht gev er:

Blad:

1 van 1

Nummer:

NL202033308.004-001

Wij z:

© ondergrond: Es ri Nederland, Community Map Contribut ors

003

\\E ur-nl-f s-01\data\GGI \1 P rojec ten\NL202033308\NL202033308.004\3 Werkdoss ier\ 04 Tekeningen\ 2_M XD\NL202033308_004_Oppervl ak tewaterm ons ters_Volgermeerpolder. mxd

Legenda Type

Bestaande peilbuis Boring tot 4,0 m-mv Peilbuis

C-331331

Regionale ligging

schaal

1:250.000

Projec t:

Aanv ullend dioxine onderzoek Volgermeerpolder

A-705

Opdrachtgever:

Gemeente Amsterdam Ov erz ichtsk aart met weergav e onderzoeks loc aties dioxines in grond NL202033308.004

Formaat:

A4

R. Vink

Schaal:

1:4.000

Auteur:

R. Warring

Status :

Definitief

Fas e:

Veldwerk

Datum:

26-10-2023

Projec tnummer: Projec tleider:

0

40

80

pdf/ print door: roen.warring, 26-10-2023

160

Bijlage 1AG:

Om sc hrijv ing:

B-705

240

320 Meters

Wate r en b od em

Pto lem a e us laa n 40 35 28 B P Ut re ch t, T h e Ne th er lan d s

Ma te n i n m e te rs , te n zi j a n d e rs ve r me l d D ia m e te rs i n mi l l im e te rs , te n z ij a n d e rs v er m e ld H oo g te m a te n i n m et er s t.o .v. N .A .P., te n zi j a n d e rs ve r me l d Li g g i n g b es ta a n d e ka b e l s en l e i d in g e n te r i nd i c a tie i n g e te ke n d

T + 31 8 8 - 99 0 4 8 00 W w ww. rp s. nl

Logo opdrac ht gev er:

Blad:

1 van 1

Nummer:

NL202033308.004-001

Wij z:

© ondergrond: Es ri Nederland, Community Map Contribut ors

705

\\E ur-nl-f s-01\data\GGI \1 P rojec ten\NL202033308\NL202033308.004\3 Werkdoss ier\ 04 Tekeningen\ 2_M XD\NL202033308.004 dioxines in grond. mxd

BIJLAGE 2. Boorprofielen

rps.nl

Bijlage 2 - Boorprofielen

Boring:

A-705

Boring:

B-705

Datum:

21-7-2023

Datum:

21-7-2023

X:

128355,01

X:

128370,08

Y:

491795,36

Y:

491774,82

GWS:

50

GWS:

50

N.A.P. (cm) 0 1

-192

weiland

-212

Klei, matig zandig, sterk humeus, neutraal grijsbruin, Schep

-242

Klei, matig zandig, sterk humeus, neutraal grijsbruin, Schep

2 50

-292

Boring:

C-331

Datum:

21-7-2023

X:

128819,28

Y:

492071,96

GWS:

50

-494

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor -544

350

-592

400

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

8

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

9

-444

300

-542

350

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

7

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

8

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor -394

250

-492

300

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

6

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

7

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

-344

200

-442

250

Klei, matig zandig, sterk humeus, neutraal grijsbruin, Schep

5

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

6

-244

-294

150

-392

200

Klei, matig zandig, sterk humeus, neutraal grijsbruin, Schep

4

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

5

weiland

-214

3 100

-342

-194

2 50

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

4 150

1

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

3 100

N.A.P. (cm) 0

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

9 400

-594

N.A.P. (cm) 0 1

-183

weiland

-203

Klei, matig zandig, sterk humeus, neutraal grijsbruin, Schep

-233

Klei, matig zandig, sterk humeus, neutraal grijsbruin, Schep

2 50

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

3 -283

100

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

4 -333

150

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

5 -383

200

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

6 -433

250

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

7 -483

300

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

8 -533

350

Veen, sterk kleiïg, donker grijsbruin, Edelmanboor

9 400

-583

Projectnaam:

Onderzoek dioxines Volgermeerpolder

Projectcode:

NL202033308.004 Getekend volgens NEN 5104

Legenda (conform NEN 5104)

grind

klei Grind, siltig

geur Klei, zwak siltig

geen geur zwakke geur

Grind, zwak zandig

matige geur

Klei, matig siltig

sterke geur Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

matige olie-water reactie sterke olie-water reactie

Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10

Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000 Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

Zand, uiterst siltig

>10000

monsters

geroerd monster

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

BIJLAGE 3. Toetsingskader

BIJLAGE Toelichting toetsingskader dioxines Bepaling gehalte dioxine (som TEQ) In de Circulaire Bodemsanering 2013, Staatscourant 16675 d.d. 27 juni 2013 zijn interventie- en INEVwaarden voor respectievelijk grond- en grondwater opgesteld op basis van de som TEQ. Voor dioxine wordt de som TEQ berekend als de som van de producten van de concentraties van dioxines, dibenzofuranen en dioxine-achtige PCB’s en de TEF overeenkomstig de volgende formule: 𝑠𝑜𝑚 𝑇𝐸𝑄 =

∑

(𝐶 · 𝑇𝐸𝐹)

𝑑𝑖𝑜𝑥𝑖𝑛𝑒𝑎𝑐ℎ𝑡𝑖𝑔𝑒

Hierin is C de concentratie van dioxines, dibenzofuranen en dioxine-achtige PCB’s en TEF de Toxiciteits Equivalentie Factor zoals weergegeven in onderstaande tabel. Voor het berekenen van de concentraties dioxines lager dan de detectiegrens is de meetwaarde vervangen door 0,7 x detectiegrens

Stof Gechlorineerde dibenzo-p-dioxines 2,3,7,8-TetraCDD 1,2,3,7,8-PentaCDD 1,2,3,4,7,8-HexaCDD 1,2,3,6,7,8-HexaCDD 1,2,3,7,8,9-HexaCDD 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD OctaCDD Gechlorineerde dibenzofuranen 2,3,7,8-TetraCDF 1,2,3,7,8-PentaCDF 2,3,4,7,8-PentaCDF 1,2,3,4,7,8-HexaCDF 1,2,3,6,7,8-HexaCDF 1,2,3,7,8,9-HexaCDF 2,3,4,6,7,8-HexaCDF 1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF 1,2,3,4,7,8,9-HeptaCDF OctaCDF PCB’s PCB 77 PCB 81 PCB 105 PCB 114 PCB 118 PCB 123 PCB 126 PCB 156 PCB 157 PCB 167 PCB 169 PCB 189

TEF 1 1 0,1 0,1 0,1 0,01 0,0003 0,1 0,03 0,3 0,1 0,1 0,1 0,1 0,01 0,01 0,0003 0,0001 0,0003 0,00003 0,00003 0,00003 0,00003 0,1 0,00003 0,00003 0,00003 0,03 0,00003

Voor het bepalen van de kwaliteit van het onderzochte grond en grondwater worden monsters getoetst aan toetsingswaarden vastgelegd in de Circulaire Bodemsanering 2013, Staatscourant 16675 d.d. 27 juni 2013. Wanneer uit onderzoek blijkt dat mogelijk sprake is van een ernstig geval van bodemverontreiniging treedt

de Wet bodembescherming (Wbb) in werking. In de hiernavolgende paragrafen wordt nader uitleg gegeven over de toetsingsnorm met betrekking tot de Wbb. Toetsingsnormen Bij toetsing van de analyseresultaten van het laboratoriumonderzoek wordt uitgegaan van een standaard bodem (10% organische stof). Indien het percentage organische stof in het onderzochte materiaal hiervan afwijkt, wordt de in het laboratorium gemeten gehalten van de zware metalen, arseen en organische verbindingen omgerekend naar een standaardbodem. Doorgaans is dit van toepassing op alle onderzochte bodemmonsters. In de circulaire is één somwaarde gegeven voor de beoordeling van de concentraties van dioxine in de bodem en waaraan getoetst wordt: • Interventiewaarde (I-waarde): de interventiewaarde geeft de concentratie aan waarboven sprake is van een ernstige of dreigende ernstige vermindering van de functionele eigenschappen van mens, plant en dier. De interventiewaarde voor dioxine (som TEQ) is vastgesteld op 0,00018 mg/kg ds bij standaardbodem. Bij een overschrijding van de interventiewaarde in meer dan 25 m3 bodemmateriaal is sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging en dient sanering plaats te vinden. De urgentie van het geval wordt bepaald door middel van een risico-onderzoek, dat deel uitmaakt van het nader bodemonderzoek. • Achtergrondwaarde (A-waarde): Deze is niet formeel vastgesteld.

Wanner er geen achtergrondwaarde is vastgesteld dan geldt de rapportage of detectiegrens van het laboratorium als achtergrondwaarde. Wordt de rapportagegrens in het laboratorium niet overschreden (de aanwezigheid van de stof wordt niet vastgesteld) dan is de grond niet verontreinigd. Wordt de aanwezigheid van de stof vastgesteld dan is sprake van een verontreiniging. Grond Dit leidt tot de volgende indeling: • Dioxine (som TEQ) < rapportage grens • Dioxine (som TEQ) > rapportage grens en < I-waarde • Dioxine (som TEQ) > I-waarde

- niet verontreinigd - licht verontreinigd - sterk verontreinigd

Grondwater In de Circulaire Bodemsanering 2013, Staatscourant 16675 d.d. 27 juni 2013 zijn geen streef- en/of interventiewaarde voor dioxine in grondwater opgesteld. Er is wel een INEV-waarde (Indicatief Niveau voor Ernstige Verontreiniging) bepaald. De INEV-waarde voor dioxine (som TEQ) in grondwater is vastgesteld op 0,001 ng/l. Dit leidt tot de volgende indeling: • Gehalte < rapportagegrens • gehalte > rapportage grens en < INEV • gehalte > INEV

- niet verontreinigd - niet verontreinigd - sterk verontreinigd

Geval van ernstige bodemverontreiniging Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging en urgentie van sanering wanneer in meer dan 25 m3 grond of in meer dan 100 m3 grondwater de concentratie van een verontreinigende stof hoger is dan de interventiewaarde. Van een ernstig geval van bodemverontreiniging moet melding worden gemaakt bij het bevoegd gezag, in de meeste gevallen de provincie. Daarnaast zijn er enkele bevoegdgezaggemeenten (zie Besluit aanwijzing bevoegdgezaggemeenten Wbb, Stb. 2000, 591 – 21 december 2000) die gelijk worden gesteld met een provincie, waardoor een dergelijk geval binnen de gemeentegrenzen bij de desbetreffende gemeente moet worden gemeld. Veelal wordt als gevolg van een melding in het kader van de Wbb een beschikking afgegeven. In het kader van de Wet bodembescherming is de meldingsplicht van toepassing wanneer handelingen worden verricht met: • Een ernstig geval van bodemverontreiniging. Er is sprake van een ernstig geval indien meer dan 25m3 grond en/of 100 m3 grondwater sterk is verontreinigd. • Meer dan 50 m3 licht tot matig verontreinigde grond of 1.000 m3 licht tot matig verontreinigd grondwater wordt verplaatst en er geen samenloop is met andere wettelijke kaders zoals de Woningwet (aanvraag bouwvergunning). Oppervlaktewater De normen ten aanzien van oppervlaktewater is vastgelegd in de Kaderrichtlijn Water (KRW).

In de KRW is dioxine aangewezen als een prioritaire stof, maar zijn er geen normwaarden voor betreffende stof gedefinieerd. De Wbb en de bijbehorende normwaarden voor grond- en/of grondwater uit de circulaire bodemsanering zijn derhalve formeel niet van toepassing op het oppervlaktewater.

BIJLAGE 4. Analysecertificaten

RPS Advies- en Ingenieursbureau BV T.a.v. de heer J. Huijsmans Ptolemaeuslaan 40 3528BP UTRECHT

Uw kenmerk : NL202033308.004-Onderzoek dioxines Volgermeerpolder Ons kenmerk : Project 1561346 Validatieref. : 1561346_certificaat_v1 Opdrachtverificatiecode : NFPR-YUCV-ABVZ-MJUM Bijlage(n) : 4 tabel(len) + 1 bijlage(n) Bijlage dioxines (extern lab) in 1561346_-_7759560_dioxines_(extern_lab).pdf Bijlage dioxines (extern lab) in 1561346_-_7759561_dioxines_(extern_lab).pdf Bijlage dioxines (extern lab) in 1561346_-_7759562_dioxines_(extern_lab).pdf Bijlage dioxines (extern lab) in 1561346_-_7759563_dioxines_(extern_lab).pdf Bijlage dioxines (extern lab) in 1561346_-_7759564_dioxines_(extern_lab).pdf Bijlage dioxines (extern lab) in 1561346_-_7759565_dioxines_(extern_lab).pdf Bijlage dioxines (extern lab) in 1561346_-_7759566_dioxines_(extern_lab).pdf Bijlage dioxines (extern lab) in 1561346_-_7759559_dioxines_(extern_lab).pdf

Amsterdam, 20 juni 2023 Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam volgens de methoden zoals ze zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat L086 en/of in de bundel "Analysevoorschriften Eurofins Omegam". De in dit onderzoek uitgevoerde onderzoeksmethoden van de geaccrediteerde analyses zijn in een aparte bijlage als onderdeel van dit analyse-certificaat opgenomen. De methoden zijn, voor zover mogelijk, ontleend aan de accreditatieprogramma's/schema's en NEN- EN- en/of ISO-voorschriften. Ik wijs u erop dat het analyse-certificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam,

Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Dit analyse-certificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Omegam B.V. H.J.E. Wenckebachweg 120 NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht Nederland

T +31-(0)20-597 66 80 CSOmegam@eurofins.com www.eurofins.nl

IBAN NL 16 BNPA 0227667980 BIC BNPANL2A BTW nr. NL8139.67.132.B01 KvK nr. 34215654

Ing. J. Tukker Manager productie

Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Dit analyse-certificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Omegam B.V. H.J.E. Wenckebachweg 120 NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht Nederland

T +31-(0)20-597 66 80 CSOmegam@eurofins.com www.eurofins.nl

IBAN NL 16 BNPA 0227667980 BIC BNPANL2A BTW nr. NL8139.67.132.B01 KvK nr. 34215654

Tabel 1 van 4 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1561346 : NL202033308.004-Onderzoek dioxines Volgermeerpolder : RPS Advies- en Ingenieursbureau BV

Uw Monsterreferenties 7759559 = 331-1-1-1 331-1A 7759560 = 331-1B-1-1 331-1B 7759561 = 331-2-1-1 331-2A Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Uw Matrix Uitbestede analyses dioxines (extern lab)

: : : : :

08/06/2023 08/06/2023 08/06/2023 7759559 Grondwater

bijlage

08/06/2023 08/06/2023 08/06/2023 7759560 Grondwater

bijlage

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: NFPR-YUCV-ABVZ-MJUM

08/06/2023 08/06/2023 08/06/2023 7759561 Grondwater

bijlage

Ref.: 1561346_certificaat_v1

Tabel 2 van 4 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1561346 : NL202033308.004-Onderzoek dioxines Volgermeerpolder : RPS Advies- en Ingenieursbureau BV

Uw Monsterreferenties 7759562 = 331-2B-1-1 331-2B 7759563 = 705-1-1-1 705-1A 7759564 = 705-1B-1-1 705-1B Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Uw Matrix Uitbestede analyses dioxines (extern lab)

: : : : :

08/06/2023 08/06/2023 08/06/2023 7759562 Grondwater

bijlage

08/06/2023 08/06/2023 08/06/2023 7759563 Grondwater

bijlage

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: NFPR-YUCV-ABVZ-MJUM

08/06/2023 08/06/2023 08/06/2023 7759564 Grondwater

bijlage

Ref.: 1561346_certificaat_v1

Tabel 3 van 4 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1561346 : NL202033308.004-Onderzoek dioxines Volgermeerpolder : RPS Advies- en Ingenieursbureau BV

Uw Monsterreferenties 7759565 = 1011-1-1 1011A 7759566 = 1011B-1-1 1011B Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Uw Matrix Uitbestede analyses dioxines (extern lab)

: : : : :

08/06/2023 08/06/2023 08/06/2023 7759565 Grondwater

bijlage

08/06/2023 08/06/2023 08/06/2023 7759566 Grondwater

bijlage

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: NFPR-YUCV-ABVZ-MJUM

Ref.: 1561346_certificaat_v1

Tabel 4 van 4 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1561346 : NL202033308.004-Onderzoek dioxines Volgermeerpolder : RPS Advies- en Ingenieursbureau BV

Opmerkingen m.b.t. analyses Opmerking(en) algemeen De volgende informatie is indien van toepassing verstrekt door de opdrachtgever: Project omschrijving, Monsterreferentie(s), Opgegeven bemonsteringsdatum, Matrix, Monsterdiepte, Potnr (Barcode), Veldgegevens, Veldwaarnemingen en Bemonsteringsdata. De opgegeven bemonsteringsdatum kan van invloed zijn op de geldigheid van de resultaten.

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: NFPR-YUCV-ABVZ-MJUM

Ref.: 1561346_certificaat_v1

Bijlage 1 van 1 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1561346 : NL202033308.004-Onderzoek dioxines Volgermeerpolder : RPS Advies- en Ingenieursbureau BV

Barcodeschema's Monstercode Uw referentie

uw monsterref.

uw diepte

uw barcode

7759559

331-1-1-1 331-1A

331-1-1-1 331-1A

0317170HH

7759560

331-1B-1-1 331-1B

331-1B-1-1 331-1B

0317171HH

7759561

331-2-1-1 331-2A

331-2-1-1 331-2A

0317164HH

7759562

331-2B-1-1 331-2B

331-2B-1-1 331-2B

0317166HH

7759563

705-1-1-1 705-1A

705-1-1-1 705-1A

0317167HH

7759564

705-1B-1-1 705-1B

705-1B-1-1 705-1B

0317165HH

7759565

1011-1-1 1011A

1011-1-1 1011A

0317163HH

7759566

1011B-1-1 1011B

1011B-1-1 1011B

0317162HH

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: NFPR-YUCV-ABVZ-MJUM

Ref.: 1561346_certificaat_v1

Eurofins GfA Lab Service GmbH Neuländer Kamp 1a D-21079 Hamburg GERMANY Tel: +49 40 49294 5050 Fax: +49 40 49294 5009 dioxins@eurofins.de Eurofins GfA Lab Service GmbH · Neuländer Kamp 1a · D-21079 Hamburg

www.dioxine.de; www.dioxins.de

Person in charge ASM

Eurofins Omegam B.V. attn. report Postbus 94685 1090 GR Amsterdam NIEDERLANDE

Ms. S. Böye Ms. S. Böye

Report date

19.06.2023

Page 1/4

{25E88FA4-E61A-4A13-89CF-C0B5607FF27E}

Analytical report AR-23-GF-021295-01 AR-23-GF-021295-01 Sample Code 710-2023-15292002 ¹Reference ¹Sample sender Reception date time Transport by ¹Client Purchase order nr. ¹Purchase order date ¹Client sample code Number of containers Reception temperature End analysis

ÌAR-23-GF-Ç",ÃÈ-01qÎ

331-1B-1-1 331-1B 005-10530-0004058192 report 13.06.2023 DHL 1561346 12.06.2023 7759560 1 room temperature 19.06.2023

¹: This information was provided by the customer. Data provided by the customer may have an impact on the validity of the test results.

Test results GFU02

polychlorinated dibenzodioxins and -furans (17 PCDD/F): water, drinking water, sewage (°) (#) Method Internal, GLS DF 130:2022-11-09, GC-MS/MS 2,3,7,8-TetraCDD < 0.686 pg/l 1,2,3,7,8-PentaCDD

< 0.914

pg/l

1,2,3,4,7,8-HexaCDD

< 1.83

pg/l

The results of examination refer exclusively to the checked samples. Any publication of this report requires written permission. An excerpt publication is not allowed. Eurofins GfA Lab Service GmbH · Neuländer Kamp 1a · D-21079 Hamburg Headquarters: Eurofins GfA Lab Service GmbH – Neuländer Kamp 1a D-21079 Hamburg HRB 115907 AG Hamburg General Managers: Dr. Felix Focke VAT No.: DE275912372 Hypovereinsbank ● Bank code: 207 300 17 ● Account No.: 7000002400 ● SWIFT-BIC: HYVEDEMME17 IBAN: DE12 2073 0017 7000 0024 00 Our General Terms & Conditions, available upon request and online at http://www.eurofins.de/lebensmittel/kontakt/avb.aspx, shall apply.

Accredited testing Laboratory by DIN EN ISO/IEC DAkkS according to DIN EN ISO/IEC 17025:2018 The accreditation is valid only for the scope listed in the annex of the

Page 2/4

Analytical report AR-23-GF-021295-01 Sample Code

710-2023-15292002

1,2,3,6,7,8-HexaCDD

< 1.83

pg/l

1,2,3,7,8,9-HexaCDD

< 1.83

pg/l

1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDD

< 1.56

pg/l

OctaCDD

< 11.0

pg/l

2,3,7,8-TetraCDF

< 1.22

pg/l

1,2,3,7,8-PentaCDF

< 1.64

pg/l

2,3,4,7,8-PentaCDF

< 1.64

pg/l

1,2,3,4,7,8-HexaCDF

< 1.52

pg/l

1,2,3,6,7,8-HexaCDF

< 1.52

pg/l

1,2,3,7,8,9-HexaCDF

< 1.52

pg/l

2,3,4,6,7,8-HexaCDF

< 1.52

pg/l

1,2,3,4,6,7,8-HeptaCDF

< 1.45

pg/l

1,2,3,4,7,8,9-HeptaCDF

< 1.45

pg/l

OctaCDF

< 3.05

pg/l

WHO(2005)-PCDD/F TEQ (lower-bound)

ND

pg/l

WHO(2005)-PCDD/F TEQ (upper-bound)

3.47 ± 0.867

pg/l pg/l

I-TEQ (NATO/CCMS) (lower-bound)

ND

pg/l

I-TEQ (NATO/CCMS) (upper-bound)

3.38 ± 0.846

pg/l pg/l

GFU07 polychlorinated biphenyls (12 WHO PCB): water, drinking water, sewage (°) (#) Method Internal, GLS DF 130:2022-11-09, GC-MS/MS PCB 77 < 34.3 pg/l PCB 81

< 4.57

pg/l

PCB 105

< 74.3

pg/l

PCB 114

< 8.95

pg/l

PCB 118

< 267

pg/l

PCB 123

< 7.62

pg/l

PCB 126

< 4.38

pg/l

PCB 156

< 41.9

pg/l

PCB 157

< 7.81

pg/l

PCB 167

< 21.0

pg/l

The results of examination refer exclusively to the checked samples. Any publication of this report requires written permission. An excerpt publication is not allowed. Eurofins GfA Lab Service GmbH · Neuländer Kamp 1a · D-21079 Hamburg Headquarters: Eurofins GfA Lab Service GmbH – Neuländer Kamp 1a D-21079 Hamburg HRB 115907 AG Hamburg General Managers: Dr. Felix Focke VAT No.: DE275912372 Hypovereinsbank ● Bank code: 207 300 17 ● Account No.: 7000002400 ● SWIFT-BIC: HYVEDEMME17 IBAN: DE12 2073 0017 7000 0024 00 Our General Terms & Conditions, available upon request and online at http://www.eurofins.de/lebensmittel/kontakt/avb.aspx, shall apply.

Accredited testing Laboratory by DIN EN ISO/IEC DAkkS according to DIN EN ISO/IEC 17025:2018 The accreditation is valid only for the scope listed in the annex of the

Page 3/4

Analytical report AR-23-GF-021295-01 Sample Code

710-2023-15292002

PCB 169

< 22.9

pg/l

PCB 189

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13622202/1