CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 01- Investeringsnota.pdf

RAAD 27 maart 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de investeringsnota en het stedenbouwkundig plan Stadscentrum Osdorpplein (VN2024-002008)12.738 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bereikbaarheid en parkeren De bereikbaarheid van Stadscentrum Osdorpplein en omgeving wordt belangrijk gevonden. De Meer en Vaart en Tussen Meer zijn drukke wegen waar vaak hard wordt gereden. In de mogelijke toekomstvisie voor fase 2b (die nog nader verkeerskundig worden onderzocht) worden maatregelen onderzocht om de barrièrewerking van de Meer en Vaart te verminderen en de Tussen Meer te herinrichten met meer ruimte voor voetgangers,

34

fietsers en groen. Daarnaast vinden mensen dat er voldoende parkeerplekken moeten zijn voor auto’s, scooters en fietsen. In de plannen voor fase 2a is hier rekening mee gehouden conform de Amsterdamse parkeernormen.

Veiligheid Het thema veiligheid is een belangrijk thema in de buurt. Mensen uiten zorgen over overlast in het gebied dat leidt tot een gevoel van sociale en fysieke onveiligheid. Genoemd worden overlast door hangjongeren, scooter- en autoverkeer dat met hoge snelheden rijdt en criminaliteit in de buurt. Dit thema is diverse keren bij verschillende loketten aan de orde gesteld met het verzoek de overlast zo veel als mogelijk te beperken. Het verbeteren van de veiligheid op straat is een belangrijke ambitie van de gemeente en staat daarom ook hoog op de agenda. In het plan wordt ingezet op levendige plinten en ‘ogen op straat’ om het gevoel van veiligheid te verbeteren.

Vergroening Een zorgpunt in de buurt is het ontbreken van voldoende openbaar groen in de vorm van bomen, struiken en planten. Er vindt in dit gebied een grote verdichting plaats waardoor de beschikbare open­ bare ruimte schaarser wordt. Er wordt gepleit dat de aanwezigheid van groen belangrijk is voor de biodiversiteit, een goede inrichting tegen hitte en de aantrekkelijkheid bevordert van pleinen. Bij de herinrichting van het Osdorpplein is geprobeerd zoveel mogelijk groen op te nemen in de openbare ruimte en de kwaliteit van het groen te verbeteren.

op verschillende plekken in het gebied een probleem is. Er worden uiteenlopende plekken benoemd waar vervuiling voorkomt zoals de boulevard aan de Sloterplas en de openbare ruimte op en rondom het Osdorpplein. Verder is genoemd dat de openbare ruimte rondom bouwprojecten al snel rommelig oogt door het niet onderhouden groen aan de randen van de projecten. Niet-onderhouden groen wordt vaker als niet bedoelde afvallocatie gebruikt. Mensen benoemen meerdere oorzaken voor de afval overlast, zoals het aanbiedgedrag van huisvuil en grofvuil, de frequentie van het ophalen van het afval en het aantal afvalpunten. In de uitwerking van het ontwerp wordt dit zorgpunt meegenomen.

Stedelijke verdichting Er zijn ook meerdere reacties binnengekomen met betrekking tot verdichting, hoogbouw, groen en de toevoeging van nieuwe functies zoals een hotel. Door de verdichting zijn er minder openbare parkeerplekken en wordt er hoger gebouwd. Omwonenden maken zich zorgen over de ontwikkelingen van Tussen Meer Zuid, in het specifiek over de bouwhoogte en de afstand van de bebouwing. In het stedenbouwkundig plan is de verkaveling van de Tussen Meer Zuid aangepast, met meer afstand tot de hogere bebouwing aan de zuidzijde ervan. Er zijn daarnaast meerdere reacties en vragen gekomen over het behoud van de bestaande bomen en de integratie van duurzaamheidsmaatregelen in het plan. In de uitwerking van het stedenbouwkundig plan en Tussen Meer Zuid worden leefbaarheid en het Amsterdamse duurzaamheidsvoornemen meegenomen als belangrijke uitgangspunten.

Andere onderwerpen Afval en vervuiling Een ander thema dat tijdens gesprekken met de buurt en in inspraakreacties ter sprake is gebracht is afval. Mensen wijzen erop dat de hoeveelheid (zwerf) afval

Het aanbod aan kunst en cultuur en voorzieningen voor jongeren zijn ook onderwerpen die regelmatig ter sprake kwamen. In het Verhalenhuis is een uitgebreid aanbod aan kunst en cultuurvoorzieningen opgenomen,

die ook voor jongeren bedoeld zijn (radio, cinema, bibliotheek e.d.). Ook de invulling van de huidige locatie van de Meervaart was een veelbesproken onderwerp, met name het hotel. Is daar behoefte aan? Dit nemen we mee in de verdere uitwerking van deze locatie. Een andere wens die naar voren kwam is een groter en gevarieerder aanbod aan winkels en horeca. De plannen voor fase 2a zorgen voor deze uitbreiding. Voor kinderen zijn meer speelplekken gewenst. Op de noordkade van de Nieuwe Osdorpergracht worden sport- en speelvoorzieningen geplaatst. Daarnaast komen er verspreid door het gebied speelplekken: in het buurtpark aan de Van Suchtelen van de Haarestraat, in de groenstrook in de nieuwe Martini van Geffenstraat en in het te vernieuwen plantsoen in de Hanenbergstraat. De urban sports / free running speel- en sportplek aan de Sloterplas wordt uitgebreid. Ook is er behoefte aan genoeg hondenuitlaatplekken. In de uitwerking van het ontwerp voor de openbare ruimte wordt bekeken of en waar in de buurt hiervoor mogelijkheden zijn. In principe zijn in de omliggende parken voldoende mogelijkheden voor het uitlaten van honden. Het opruimen van de hondenpoep door de uitlater van de hond is verplicht, echter blijft een punt van aandacht.

5.1.4 Consultatie gebouweigenaren, ontwikkelaars en erfpachters Naast gesprekken met bewoners en belangstellenden zijn er gesprekken gevoerd met eigenaren, project­ ontwikkelaars en erfpachters. Op een aantal ontwikkel­ locaties leidde dit tot het gezamenlijk aanpassen van het concept SP om te komen tot een beter plan. Inmiddels wordt gewerkt aan overeenkomsten en stedenbouwkundige planuitwerking ten behoeve van de ontwikkeling van de locaties Bladergroen, SuHa3, Tussen Meer Zuid en Noordwesthoek. Met de erfpachters en eigenaren van gebouwen aan de

35

noordrand van het stadscentrum zijn informerende en verkennende gesprekken gevoerd. Dit deel is onderdeel van de lange termijnplanning, fase 2b, en wordt op termijn in samenspraak met betrokken partijen uitgewerkt.

en is de omgeving beter voorbereid op mogelijk te verwachten overlast tijdens de bouw.

5.2.2 Omgevingsscan

• Overlast door opslag bouwmaterialen. • Wantrouwen vanuit omgeving t.o.v. gemeente en oud zeer • Beheer en schoon (rattenoverlast, zwerfafval, hondenpoep etc.).

Belangen en issues

5.2 Vervolg participatie 5.2.1 Doelstelling De participatiedoelstelling vormt de basis voor de inrichting van het omgevingsmanagement van het project in de toekomst en daarmee ook van de participatieaanpakken van deelprojecten. De Inspraak­ verordening (2016) en Beleidskader Participatie (2021) van gemeente Amsterdam fungeren hiervoor als kader en er wordt gehandeld in de geest van de nieuwe nog vast te stellen (naar verwachting in de loop van 2024) Participatieverordening van de gemeente. We onderscheiden de volgende participatiedoelen:

Zorgen voor een kwalitatief betere leefomgeving Bij de transformatie van Osdorpplein en omgeving willen we lokale kennis, expertise en creativiteit van betrokkenen en belanghebbenden gebruiken om de plannen, van initiatieffase tot en met uitvoering en beheer, beter te maken. Ook willen we dat de leefomgeving zo veel mogelijk aansluit bij de behoefte van bewoners zodat deze ook goed gebruikt wordt.

Vergroten van begrip Een andere doelstelling is om bewustwording te creëren door ingrijpende wijzigingen actief en tijdig met belanghebbenden te delen. Met de omgeving wordt het gesprek gevoerd over de huidige stand van zaken en de vervolgstappen. Daarmee ontstaat ook vaak meer begrip tussen belanghebbenden onderling in de omgeving en de gemeente voor gemaakte keuzes

De opgave voor het vernieuwen van het Osdorpplein brengt voor de mensen die in de buurt wonen of werken zogenaamde issues met zich mee. Dit zijn zaken waar men belang aan hecht en zich soms zorgen over maakt. In de tijdelijke situatie zijn dat bijvoorbeeld bouwwerkzaamheden die kunnen leiden tot geluidsoverlast, trillingshinder, omleidingen en verminderde leefbaarheid. In de definitieve situatie kan worden gedacht aan een andere inrichting van de openbare ruimte waardoor functies een andere plek krijgen (bijvoorbeeld afvalpunten en speellocaties), een ander straatbeeld of veranderde routes voor voetganger, fietser en auto. Bij het betrekken van de omgeving bij de vernieuwing van het Osdorpplein vinden we het belangrijk om te weten welke issues en belangen er vanuit de omgeving spelen, zodat we daar rekening mee kunnen houden in de plannen. Mede op basis hiervan wordt het participatieniveau bepaald. We hebben door een omgevingsscan een aantal belangen en issues in beeld gebracht. Voorbeelden daarvan zijn: • • • • • • • • •

Kwaliteitsgroen in de openbare ruimte Hoogbouw: uitzicht en bezonning Verbeteren bereikbaarheid van het gebied Afvalpunten (aantal en bereikbaarheid) Speelvoorzieningen en speelaanleidingen Sociale veiligheid Parkeerhinder op stoepen en pleinen Opheffen parkeerplekken op maaiveld. Leefbaarheid tijdens werkzaamheden

Issues zijn vaak locatie- en situatie-afhankelijk. In het project wordt per deelproject bekeken welke issues er spelen.

Doelgroepen Door het in kaart brengen en analyseren van de issues en belangen die spelen in het project kan worden onderzocht welke doelgroepen relevant zijn en welke positie zij innemen in het krachtenveld. Per deelproject is een analyse van de afgebakende doelgroep nodig. Bij de uitwerking hiervan staan we ook stil bij de representativiteit van de belanghebbenden: welk en wiens belang brengen zij in en hoe wordt daarmee omgegaan? In deze paragraaf zijn de belangrijkste stakeholders bij de vernieuwing van Osdorpplein in kaart gebracht: • Bewoners in en rondom Stadscentrum Osdorpplein (huidig en toekomstig) • Bewoners in omliggende gebieden van het Osdorpplein: – Osdorp-Midden – De Aker – De Punt – Sloten/Nieuw-Sloten • Bezoekers en gebruikers van het plein – Algemene bezoekers – Mindervaliden – Ouderen – Jongeren – Personen met een beperking. • Ondernemers Stadscentrum Osdorpplein;

36

• (Semi) gemeentelijke instellingen zoals OBA, Theater de Meervaart, GGZ Ingeest en het Stadsloket; • Belangenorganisaties zoals de Vrienden van de Sloterplas; • Gebouweigenaren en ontwikkelaars zoals Kroonenberg, Lebo, MRP, Eigen Haard etc.; • Raakvlakprojecten zoals vernieuwing Tussen Meer I en II (deel buiten Osdorppleingebied), herinrichting Lelylaan, etc.; • Maatschappelijke organisaties en sleutelfiguren om doelgroepen in de breedte te betrekken: – Combiwell – Moskeeën in de buurt (Turkse moskee, Sadik Moskee, etc.) – Hart van Osdorp en De Opgang (christelijke insteek) – Bewonersorganisatie Eigenwijks – Jongeren Informatiepunt Amsterdam (JIP) – Grote Spelers – Activiteitencentrum De Wachter.

5.2.3 Kernwaarden Uit de omgevingsscan blijkt dat de gebiedstransformatie een complexe opgave is met een groot aantal belang­ hebbenden waar diverse, en soms tegengestelde, belangen een rol spelen. Aangezien de ontwikkelingen meer dan 10 jaar zullen duren en veel belanghebbenden raken, is het van belang vanuit heldere kernwaarden te werken. De kernwaarden hebben als doel: het werken aan vertrouwen en bij te dragen aan de participatie­ doelstellingen zoals beschreven in paragraaf 5.2.1. Onderstaande kernwaarden sluiten aan bij de Leidraad Burgerparticipatie zoals vastgesteld door de gemeenteraad als onderdeel van het Beleidskader Participatie (2021). • Tijdig: we betrekken stakeholders tijdig in een periode dat stakeholders mee kunnen praten.

• Zinvol: de input die opgehaald wordt in de parti­ cipatie wordt daadwerkelijk meegenomen in de besluitvorming en het project. • Transparant: als we weten wat er speelt dan vertellen we het. We nemen de omgeving mee in de te nemen stappen. Zoveel als mogelijk delen we documenten en kunnen er ook voor kiezen om documenten te delen die nog niet definitief zijn als dat het proces helpt. • Open en eerlijk: we zijn toegankelijk en beschikbaar voor vragen en opmerkingen (open luiken). • Duidelijk zijn over kaders: stakeholders weten waar wel en niet over kan worden meegepraat en op welke manier. • Navolgbaar: we hanteren een helder proces waar de gemeente zich ook aan houdt. • Belangen staan centraal: stakeholders met de grootste belangen krijgen de meeste aandacht en waar we kunnen wegen we belangen mee in het project. • Kwaliteit verhogen: we benutten kennis en kunde van de omgeving om de kwaliteit van het project te vergroten. • Actief werken aan betrokkenheid: we zullen ons blijvend, actief inspannen om de betrokkenheid van de omgeving te vergroten. • Werken aan vertrouwen: we werken aan het realiseren van het project maar ook aan het lange termijn vertrouwen tussen gemeente en stakeholders. • Leuk en toegankelijk: meepraten met het project doen we op een manier waar stakeholders energie van krijgen en waarvan de vorm geen groepen uitsluit, maar juist bij betrekt.

5.2.4 Participatiecyclus De participatie van een deelproject doorloopt een participatiecyclus. Het organiseren van alleen bijeenkomsten – hoeveel dat er ook mogen zijn – is niet genoeg. Juist een goed doordacht totaal­ participatieproces voegt waarde toe, en daar zijn misschien zelfs minder participatiemomenten of bijeenkomsten voor nodig. We richten ons op door­ lopende participatie. Want participatie met de omgeving eindigt niet aan het eind van een bepaalde fase of project, maar kan zelfs de start zijn van een proces waar belanghebbenden zelf verantwoordelijk worden voor het vormgeven, inrichten en beheren van hun omgeving. Deze cyclus bestaat uit de volgende stappen: 1.  Ophalen. In deze stap worden belangen van betrokkenen uit de omgeving geïnventariseerd. Daarnaast worden meningen, ideeën en wensen voor verdere planontwikkeling opgehaald. Hoe verder in de planvorming, hoe meer de nadruk op het laatste komt te liggen omdat de meeste belangen dan geïnventariseerd zijn. 2. Verwerken. In deze stap wordt afgewogen welke belangen, ideeën en wensen een plek krijgen in het plan en welke niet of verder moeten worden onderzocht. Deze afweging wordt goed onderbouwd en vastgelegd. Zie voor meer informatie hierover het kopje ‘belangenafweging: waarom en hoe? 3.  Terugkoppelen.

De conceptplannen worden aan de omgeving gepresenteerd waarbij wordt aangegeven welke belangen, ideeën en wensen zijn meegenomen, welke niet en welke verder worden onderzocht met bijbehorende onderbouwing. De omgeving geeft hierop een reactie.

37

4. Besluiten. De plannen worden ter besluitvorming aan de bestuurders voorgelegd. Onderdeel hiervan is de onderbouwing welke belangen en input uit de omgeving zijn meegenomen, en de reacties van de omgeving op het plan. Het besluit wordt vervolgens gecommuniceerd naar deelnemers en belanghebbenden.

5.2.5 Participatieniveau vernieuwing Stadscentrum Osdorpplein Het toekennen van het niveau voor participatie hangt af van het issue, het belang en ook de mate van invloed van de belanghebbende. Daarnaast is het van belang hoe haalbaar en ook zinvol participatie is. De kansen voor participatie binnen het gehele projectgebied Osdorpplein liggen bij het informeren en meedenken (raadplegen) en adviseren voor specifieke projectonderdelen. Met informeren wordt de omgeving in de project­ omgeving meegenomen in de inhoud van het project en wat er gaat gebeuren. In principe is de participatie binnen dit projectgebied gericht op informeren als het onderhouds- en vervangingswerkzaamheden in de openbare ruimte betreft. Er is weinig tot geen ruimte voor het uitoefenen van invloed of zeggenschap voor inwoners. Straten en stoepen moeten eenmaal van tijd tot tijd onderhouden of vervangen worden. Dit geldt

ook als het gaat om kaders en beleidsuitgangspunten, zoals het autoluw maken van het gebied of ingevoerde parkeernorm. De gemeente informeert de omgeving over de stedenbouwkundige kaders (stedenbouw­ kundig plan) voor nieuwbouw. Er liggen ook kansen voor meedenken (raadplegen). Met meedenken worden de plannen voorgelegd aan de omgeving, dit kan een (concept) ontwerp zijn of variantenstudie. Belanghebbenden worden in de gelegenheid gesteld om meningen, ervaringen en ideeën naar voren te brengen of voorkeuren aan te geven. De reacties van belanghebbenden worden meegenomen in het vervolgproces. Tot slot liggen er kansen om advies van de omgeving te vragen. De belanghebbenden worden in een vroeg stadium betrokken waar er ideeën en suggesties opgehaald worden. Deze ideeën spelen een volwaardige rol om het plan vorm te geven. In Stadscentrum Osdorpplein is de gemeente verant­ woordelijk voor o.a. de inrichting van de open­bare ruimte en daarmee de invulling van de openbare verblijfs- en recreatieplekken met groen, voorzieningen en kunst. Juist om de kwaliteit te borgen voor de inrichting van de openbare ruimte liggen hiervoor kansen. Omdat elk deelproject een andere context kent, verschilt het specifieke participatieniveau ook per deelproject. Het is hierbij van belang om de duidelijk te hebben wat de kaders zijn en hoeveel ruimte er is om belangen uit de omgeving mee te nemen.

Aan de hand van een strategisch omgevingsmanagement (SOM) Quick Scan wordt voor elk deelproject een participatie aanpak opgesteld en worden de issues, stakeholders en hun belangen stapsgewijs geïnventariseerd en geanalyseerd. Aparte participatieaanpakken bij

deelprojecten zijn o.a.: • Integrale opgave inpassing de Nieuwe Meervaart / zuidwestoever • Kop van de Nieuwe Osdorpergracht; • Inrichting Nicolaas Anslijnstraat; • Openbare ruimte Tussen Meer Zuid; • Buurtpark SuHa3.

Participatieniveau bij ontwikkeling door derden In het projectgebied Stadscentrum Osdorpplein worden gebouwde ontwikkelingen niet alleen vanuit het project geïnitieerd. Er zijn projecten van de gebiedspartners die zich binnen de fysieke scope bevinden of de scope raken zoals de vernieuwing Tussen Meer I en II (deel buiten Osdorppleingebied), herinrichting Lelylaan en de nieuwbouw en transformatieprojecten van eigenaars. Het is belangrijk om afstemming met deze projecten te hebben en waar nodig en mogelijk een gezamenlijke participatie uitgangspunten op te zetten. Hoewel de gemeente de omgeving informeert over de stedenbouwkundige kaders, nemen de vastgoedpartijen het voortouw om participatie en communicatie te organiseren voor eigen geïnitieerde projecten, zoals de ontwikkeling van de gebouwen en bijbehorende binnentuinen. De gemeente trekt samen op met de eigenaars en houdt regie op de overkoepelende participatie uitgangspunten, zodat de samenhang tussen de verschillende projecten geborgd blijft.

5.2.6 Vervolgproces investeringsnota en bijbehorende plannen De Nota van Beantwoording en de aangepaste plannen worden voorgelegd aan het college van burgemeester en wethouders. Daarna neemt de gemeenteraad een besluit over de plannen van fase 2a. Iedereen die een inspraakreactie heeft gestuurd, ontvangt de nota

38

van beantwoording en wordt geïnformeerd over de vergadering van de raadscommissie waarin de plannen worden besproken. In deze vergadering is er een mogelijkheid om de inspraakreactie mondeling toe te lichten aan de raadscommissie. Bewoners, ondernemers en andere betrokkenen worden ook uitgenodigd voor een informatiebijeenkomst waar een verdere toelichting wordt gegeven op de plannen en wat er met de inspraakreacties is gebeurd. Daarnaast worden bijeenkomsten voor de belanghebbenden rondom de gebiedsontwikkeling SuHa 3 en Tussen Meer Zuid georganiseerd omdat hier de grootste wijzigingen in het stedenbouwkundig plan zijn. Meer informatie over de plannen is te vinden op amsterdam.nl/osdorpplein en in de huis-aan-huis verspreide speciale editie van de Vernieuwingskrant over het stedenbouwkundig plan en investeringsnota.

Op de hoogte blijven Op de website www.amsterdam.nl/osdorpplein en de BouwApp Stadscentrum Osdorpplein wordt het laatste nieuws gedeeld over de voortgang van de vernieuwing van Stadscentrum Osdorpplein. Hier zijn ook alle belangrijke documenten te downloaden. Ook kan men zich hier inschrijven voor de digitale nieuwsbrief ‘Osdorpplein’. Minimaal drie keer per jaar verschijnt de Vernieuwingskrant, die op ruim 17.000 adressen huisaan-huis wordt bezorgd in en rondom Stadscentrum Osdorpplein. De ‘Bouwapp’ omvat de laatste informatie over het project. Deze is voor iedereen te downloaden. Onder de naam ‘Stadscentrum Osdorpplein’ is het project terug te vinden.

39

40

6. Organisatie Veel partijen werken samen aan de transformatie van Stadscentrum Osdorpplein: gemeente, eigenaren en erfpachters (eigenaren van gebouwen op in erfpacht uitgegeven grond), ondernemers en sociaal culturele en maatschappelijke organisaties. Voor het uitvoeren van de werkzaamheden door de gemeente zijn het projectteam Stadscentrum Osdorpplein en het projectteam Nieuwe Meervaart opgericht. Daarin zitten vertegenwoordigers van de betrokken diensten van de gemeente Amsterdam en stadsdeel Nieuw-West. Zij voeren de taken uit die van gemeentekant nodig zijn om de transformatie mogelijk te maken. Het projectteam Stadscentrum Osdorpplein is verant­ woordelijk voor het maken van de plannen voor de vernieuwing van Stadscentrum Osdorpplein, zoals deze investeringsnota en bijlagen. Dit in samenwerking met het projectteam Nieuwe Meervaart. Ook heeft het projectteam Stadscentrum Osdorpplein contact met bewoners, gebruikers, eigenaren en erfpachters uit het gebied en de omgeving. Omdat fase 1 van de transformatie nog volop in uitvoering is, gaat dat contact deels over de lopende werkzaamheden en deels over de plannen voor fase 2a.

Na de vaststelling van de definitieve investeringsnota door de gemeenteraad, zetten de projectteams Stadscentrum Osdorpplein en Nieuwe Meervaart hun werkzaamheden voort. Het projectteam Nieuwe Meervaart werkt verder aan het plan voor het nieuwe gebouw voor de Meervaart. Het projectteam Stads­ centrum Osdorpplein begeleidt initiatiefnemers bij het uitwerken van hun plannen, zorgt voor de communicatie met de buurt en treedt op als opdrachtgever voor ontwerp en uitvoering van de herinrichting van de openbare ruimte, kunst en de nieuwe gracht met bijbehorende bruggen. Daarnaast zorgt zij indien nodig voor het bouwrijp maken van de grond en het verleggen van kabels en leidingen. Belangrijk aandachtspunt voor het projectteam bij de uitvoering van bouwwerkzaamheden is het zoveel mogelijk beperken van de overlast die onvermijdelijk is bij bouwwerkzaamheden. Alle plannen worden daarom getoetst op de gemeentelijke eisen voor bereikbaarheid, leefbaarheid en veiligheid van omliggende functies. Daarnaast worden activiteiten ondernomen in het kader van placemaking en gebiedsmarketing.

41

42

7. Financiën Een groot deel van het stedenbouwkundig plan Stadscentrum Osdorpplein fase 2a heeft betrekking op transformaties van bestaande gebouwen. Voor de uitvoering is de gemeente afhankelijk van de mede­ werking en investeringsbereidheid van de huidige erfpachters. Vandaar de verwachting dat het gebied zich ‘organisch’ zal ontwikkelen. De ruimtelijke uitwerking van fase 2a wordt financieel getoetst aan de grondexploitatie. Voor de investeringen wordt bij de investeringsnota krediet aangevraagd bij de gemeenteraad. Voor fase 2b wordt dat nog niet gedaan.

Investeringen De belangrijkste investeringen in fase 2a betreffen de begeleiding en uitvoering van de herinrichting van de zuidwestoever vanwege de inpassing van een nieuwe gebouw voor de Meervaart in de Sloterplas, het bouwrijp maken van de ontwikkellocaties en de herinrichting van de openbare ruimte.

Opbrengsten Het programma uit het stedenbouwkundig plan Stadscentrum Osdorpplein fase 2a is vertaald naar opbrengsten in de grondexploitatie. Deze vallen uiteen in drie categorieën. Voor kavels in particulier eigendom (1), moet de gemeente aantonen dat het kostenverhaal verzekerd is. De ‘Wet op de ruimtelijke ordening’ verplicht de gemeente kosten die ze maakt te verhalen op alle grondeigenaren. De gemeente streeft ernaar om deze kosten op vrijwillige basis te regelen door met particulieren ‘Anterieure Overeenkomsten’ te sluiten. Lukt dit niet, dan is de gemeente verplicht

een exploitatieplan te laten vaststellen en zo het kostenverhaal te verzekeren. Bij de herziening van erfpachtrechten (2) zullen de investeringen in de openbare ruimte worden gedekt uit de meer­ opbrengsten van de transformatie. Dit kan zodra de nieuwe bestemming een economisch hogere waarde heeft dan de oude functie en het verschil ten goede komt aan de grondexploitatie. En bij nieuwe uitgiftes (3) komende volledige grondopbrengsten ten gunste van de grondexploitatie.

Resultaat De opbrengsten van het project zullen niet opwegen tegen de kosten. De grondexploitatie van fase 2a kent een negatief saldo. Vanwege de vernieuwingsopgave zijn de ambities hoog ten aanzien van de openbare ruimte. Door de grote transformatieopgave in het gebied stromen grotendeels alleen meeropbrengsten uit erfpacht naar de grondexploitatie. Deze zullen over het algemeen lager liggen dan grondopbrengsten bij volledig nieuwe uitgifte.

43

De totale nominale kosten van fase 2a zijn begroot op zo’n € 67,8 mln en de nominale opbrengsten op afgerond € 53 mln. Per saldo kent fase 2a daarmee een negatief nominaal saldo van € -14,8 mln. Op contante waarde (prijspeil 01-01-2023) bedraagt het negatief saldo € -16,7 mln.

bovenplanse ingrepen die samenhangen met de ontwikkeling van fase 2a zal cofinanciering worden gezocht binnen de gemeente en de stadsregio. Eventuele bijdragen en subsidies zijn nog niet ingecalculeerd, maar bieden kans op een positiever financieel resultaat.

Doorkijk naar fase 2b In fase 2b staan aanpassingen aan de verkeersstructuur voorzien (Meer en Vaart, Tussen Meer, keerlus tram en bus) en de transformatie van enkele kavels aan de noordzijde van het Osdorpplein. De totale investeringen in fase 2b worden begroot op zo’n € 38 mln. De opbrengsten zijn voorlopig doorgerekend op zo’n € 18 mln, waarmee fase 2b uitkomt op een negatief nominaal saldo van € 20 mln. Voor fase 2b zal op een later moment een apart investeringsbesluit voorgelegd worden, waarin krediet aangevraagd wordt voor de investeringen.

Risico’s De medewerking van de vastgoedpartijen in het gebied vormt het belangrijkste risico binnen het hele project, omdat de gemeente medewerking niet kan afdwingen. Daarnaast staan in fase 2a een tweetal hotelontwikkelingen voorzien. Er zal binnen de kaders van het stringente Amsterdamse hotelbeleid gekeken worden hoe hier invulling aan gegeven kan worden. En tot slot vormt de inpassing van de Nieuwe Meervaart nog een belangrijke uitdaging. Gebouw en omgeving zullen aansluiting op elkaar moeten vinden. De kosten die dit investeringsbesluit met zich meebrengen voor beheer, afvalinzameling en maatschappelijke voorzieningen zijn benoemd en zullen door de betreffende gemeentelijke directies separaat ter besluitvorming worden voorgelegd. Voor

44

45

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13943368/1