Aanvulling Omgevingseffectrapportage Ontwikkelstrategie
Tekst van het document
figuur 4-1 Pluimgrafiek kernwaarde ‘inclusief & betaalbaar’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.2
Leefbaar Definitie kernwaarde Binnen de kernwaarde Leefbaar is aandacht voor de leefbaarheid. Kernwaarde Leefbaar
Criterium Score leefbaarheidssituatie
Streefwaarde/Ambitie Een score ‘goed’ (Vanaf 7,5)
•
•
Gewenste beweging Afname van het aantal slecht scorende wijken/buurten Stijging van de gemiddelde score
blad 26 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
Beschrijving OER De leefbaarheid in de gemeente Amsterdam scoort matig tot positief. Hierin bestaan er duidelijke verschillen tussen de stadsdelen. Zuid en Centrum scoren sinds het begin van de metingen van de leefbaarheid positief tot zeer positief. In Oost en West heeft de leefbaarheid in de afgelopen 20 jaar zich sterk verbeterd. Aandachtspunten blijven bestaan in stadsdeel Nieuw-west en in mindere mate Zuidoost en Noord. Het voorkeursalternatief dat beoordeeld is in het OER leidt tot een sterke verbetering op het vlak van de leefbaarheid in de gemeente. In de verschillende wijken waar aandachtspunten voor de leefbaarheid bestaan kan de verdichtingsopgave die geprojecteerd wordt een impuls geven aan een verbetering van de leefbaarheid. Effecten Ontwikkelstrategie In het OER komen er verschillen tussen enkele stadsdelen naar voren op het vlak van de leefbaarheid. Positief aan het voorkeursalternatief is dat de verdichtingsopgave aansluit bij de verschillende wijken waar aandachtspunten op het vlak van de leefbaarheid bestaan. Ten opzichte van het voorkeursalternatief vormt de Ontwikkelstrategie een verdere specificering van de locaties voor o.a. woningbouwontwikkeling tot 2035. De overkoepelende locaties voor stedelijke ontwikkeling blijven gelijk. Verdichting vindt voornamelijk plaats in Nieuw-West, Zuidoost en Noord.
Wel heeft er een verdere specificering van de ontwikkellocaties plaatsgevonden. Hierbij is de aansluiting met wijken met zwakkere leefbaarheidssituatie niet uit het oog verloren. Zo vindt er verdere verdichting plaats in Amsterdam-Osdorp, de Banne, en de Bijlmer. Bij de ontwikkeling is aandacht voor sociaaleconomische opgaven die spelen in verschillende buurten. Juist door verdichting op deze locaties gefaseerd op te pakken, treedt het in het OER OVA beschreven leefbaarheidseffect eerder op. Voor het aspect ‘leefbaarheid’ geldt dus een licht positievere beoordeling op de korte termijn dan in het OER OVA.
figuur 4-2 Pluimgrafiek kernwaarde ‘leefbaarheid’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
blad 27 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
4.1.3
Bereikbaar Definitie kernwaarde Binnen de kernwaarde Bereikbaar is aandacht voor een betrouwbare reistijd en de modal shift. Kernwaarde
Criteria
Streefwaarde/Ambitie Hoogwaardig OV bij iedereen in de buurt • Betrouwbare reistijd in de spits • Lager aandeel autogebruik in verplaatsingen dan nu en een optimale inrichting voor voetgangers, fietsers en het OV •
Betrouwbare reistijd
Bereikbaar Modal shift
Gewenste beweging Toename HOV in de gemeente Minder vertraging bij kruisingen voldoende OV-aanbod
en
Afname van het aandeel autogebruik ten opzichte van fiets, lopen en OV. Hogere kwaliteit (ongehinderd fietsen en lopen) en sneller OV.
Beschrijving OER De mobiliteit in de gemeente staat er overwegend goed voor. De auto wordt relatief weinig gebruikt. Daarnaast is gedurende de spits de vertraging redelijk tot goed op zowel het stedelijk wegennet als het hoofdwegennet. Aandachtspunten zijn de reistijd in het westelijk deel binnen de ring en de zichtbaarheid van de auto op straat. Verschillende maatregelen worden getroffen om deze trend voort te zetten. In het voorkeursalternatief worden verschillende ingrijpende maatregelen getroffen. De stapeling van deze maatregelen geeft een forse impuls aan de al ingezette modal-shift. Door de toename van hoogwaardig OV wordt de betrouwbaarheid van de reistijd verbeterd. Wel kan er een beperkte groei van autoverkeer plaatsvinden en werkt dit door in lokale aandachtspunten. Effecten Ontwikkelstrategie Binnen de ontwikkelstrategie wordt voortgebouwd op de maatregelen die binnen de Omgevingsvisie worden benoemd, zoals ontwikkeling rondom stationskwartieren. Voor het stadsdeel Noord wordt opgemerkt dat op verschillende plekken opgaven bestaan op het vlak van bereikbaarheid. Er wordt daarom ingezet op het versterken van verschillende infrastructurele verbindingen zoals de Waterlandse Zeedijk, de IJ-oeververbindingen en HOV-Zaan-IJ. Mobiliteitsinvesteringen worden randvoorwaardelijk gesteld aan een verdere ontwikkeling van de noordelijke IJ-oever.
In stadsdeel Oost worden nabij station Amstel kansen gezien voor verdere verdichting. Hierdoor wordt de bereikbaarheid voor (nieuwe) inwoners op peil gehouden. Cruciaal voor de ontwikkelingen in stadsdeel Zuidoost zijn de trein- en metrostations. Zo wordt rondom station Holendrecht gekeken hoe de plannen kunnen aansluiten bij ontwikkelingen rondom het innovatiedistrict. Daarnaast bestaat er de ambitie om de auto een minder prominente plek te geven. Enkele dreven kunnen worden afgewaardeerd, waarbij het OV en de voorzieningen rondom de metrohaltes wordt versterkt. De afwaardering van de A2 binnen de ring biedt daarnaast ook ruimte voor het faciliteren van fietsbewegingen tussen de verschillende stadsdelen. In stadsdeel Weesp wordt de verbinding tussen Weespersluis en het stedelijk gebied van Weesp versterkt door op de middellange termijn het stationsgebied en de sub-centra te verdichten tot woon-werkgebied met voorzieningen. In stadsdeel Zuid biedt de ontwikkeling van station Zuid tot knoop in het internationale treinverkeer kansen voor het verder versterken van de bereikbaarheid. In stadsdeel West/Nieuw-West is aandacht voor de verdichting op OV-locaties, zoals Osdorp-station Lelylaan. Het tracé van de Westtangent gaat een belangrijke rol spelen in de verbinding van de verschillende kernen. Bij de
blad 28 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
ontsluiting van Minervahaven-Zuid wordt rekening gehouden met de aanlanding van de toekomstige Westbrug over het IJ. De beoordeling van deze kernwaarde verandert niet ten opzichte van de Omgevingsvisie.
figuur 4-3: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Bereikbaar’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.4
Milieukwaliteit sociaal fundament: Geluid Definitie kernwaarde Binnen de kernwaarde Milieukwaliteit sociaal fundament: geluid is aandacht voor de mate van geluidhinder van verschillende bronnen. Kernwaarde Milieukwaliteit Geluid
Criteria Mate van geluidhinder van (weg)verkeer, vliegtuigen, rail en industrie
• • •
Streefwaarde/Ambitie Voldoen aan de WHOadvieswaarden voor geluid Alle (nieuwe) woningen hebben een stille zijde Percentage ernstig geluidgehinderen daalt bij elke nieuwe GGD monitor
• • •
Gewenste beweging Afname van de geluidsbelasting Toename van het percentage woningen met een stille zijde Afname van het aantal ernstig geluidgehinderden
Beschrijving OER In de huidige situatie wordt in het OER een negatieve trend gesignaleerd. De geluidbelasting en -hinder neemt toe. De beoogde streefwaarden worden niet gehaald. Autonoom worden verschillende stappen ondernomen om de geluidsbelasting te beperken, zoals het aanpakken van de overlast door brommers. Daarnaast komen er wel nieuwe geluidsbronnen bij door klimaatverandering en de energietransitie. De maatregelen die binnen het voorkeursalternatief worden genomen leiden tot een verlaging van de algehele geluidbelasting in de gemeente. Maatregelen die genomen zijn hierbij zijn lagere snelheden, de herpositionering van de A10 en de transformatie van drukke wegen. Wel speelt er een toename van het aantal geluidgehinderen bij spoorwegen en rondom Schiphol. Daarnaast zijn er verschillende ontwikkelgebieden nabij industriegebieden gelegen. Omdat de verwachting is dat eerst de woningbouw wordt gerealiseerd en dan de industrie verdwijnt, neemt eerst de geluidhinder toe om later weer af te nemen. Effecten Ontwikkelstrategie Met de ontwikkelstrategie wordt verder handen en voeten gegeven aan de woningbouwopgave. Doordat nabij verschillende stations gekozen wordt voor verdere verdichting speelt ook binnen de ontwikkelstrategie de toename van geluidsoverlast door treinverkeer. De transformatie van bedrijventerreinen heeft ook een plek gekregen in de ontwikkelstrategie.
Voor de ontwikkeling van Minvervahaven Zuid ontstaat ruimte na het verlopen van het pas-op-de-plaats convenant in
blad 29 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
2029. Voor Cornelis Douwes 0-1 wordt transformatie tot na 2040 uitgesloten. Op dit terrein bestaan er juist kansen voor bedrijven om hun activiteiten te intensiveren. Ook binnen de ontwikkelstrategie worden verschillende wegen getransformeerd, zoals noord-zuiddreven in stadsdeel Zuidoost. Over het algemeen sluiten deze maatregelen direct aan bij de maatregelen die binnen het Voorkeursalternatief zijn genomen. Echter zijn deze maatregelen verder geconcretiseerd. Een afwijkende keuze vormt de transformatie van Cornelis Douwes. Binnen de beoordeling van het voorkeursalternatief is hier wel vanuit gegaan, terwijl binnen de ontwikkelstrategie niet vanuit wordt gegaan. Dit maakt dat de geluidsbelasting van de activiteiten die hier spelen een rol blijft spelen. De beoordeling van deze kernwaarde verandert door de keuze om Cornelis Douwes op een latere termijn te herontwikkelen. Dit leidt tot een licht negatievere score op de middellange termijn.
figuur 4-4: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Milieukwaliteit - Geluid’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.5
Milieukwaliteit sociaal fundament: Geur en stof Definitie kernwaarde Binnen de kernwaarde Milieukwaliteit sociaal fundament: geur en stof is aandacht voor het aantal gehinderden. Kernwaarde Milieukwaliteit
Criteria Geur en stof
•
Streefwaarde/Ambitie Geen ernstig geur- en stofgehinderden
Gewenste beweging Afname van het aantal geuren stofgehinderden
Beschrijving OER Geurhinder komt in Amsterdam alleen voor rond het westelijk havengebied. Doordat de geurcontouren over nieuwe woongebieden heen liggen neemt het aantal gehinderden wel toe. Ook op grotere afstand, zoals Sloterdijk, is sprake van enige geurhinder. Grote geurveroorzakende bedrijven verdwijnen uit de Coen- en Vlothaven binnen het voorkeursalternatief. Ook in mindere mate speelt de transformatie van Cornelis Douwes een rol. Dit leidt tot een zeer positief effect op de geurhinder van bestaande buurten. Effecten Ontwikkelstrategie Binnen de ontwikkelstrategie wordt de transformatie van Cornelis Douwes 0-1 uitgesloten tot na 2040. Hier is juist plaats voor intensivering van gebruik voor bedrijvigheid. Daarmee wordt de (beperkte) geur- en stofhinder die met deze activiteiten plaatsvindt niet weggenomen. De beoordeling van deze kernwaarde verandert met de uitstel van de transformatie van Cornelis Douwes licht.
blad 30 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
figuur 4-5: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Milieukwaliteit – Geur en stof’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.6
Milieukwaliteit sociaal fundament: Luchtkwaliteit Definitie kernwaarde De kernwaarde luchtverontreiniging heeft impact op het welzijn van mensen (en dieren). Daarmee is het onderdeel van het sociaal fundament. De criteria waarop de luchtverontreiniging beoordeeld zijn, zijn de concentraties NO2 en PM10/PM2.5. In de tabel is naast deze criteria ook de streefwaarde en beoogde beweging opgenomen. Kernwaarde Milieukwaliteit Luchtkwaliteit
Criteria NO2 PM10 PM2,5
Streefwaarde/Ambitie 40 μg/m3 Maximaal 20 μg/m3 Maximaal 10 μg/m3
Gewenste beweging Afname van de concentraties NO2, PM10 en PM2.5
Beschrijving OER De luchtverontreiniging is in de stad Amsterdam de afgelopen jaren sterk afgenomen. In 2020 was de luchtkwaliteit verbeterd naar een matige tot redelijk goede staat. Er blijven wel grote aandachtspunten bestaan voor de luchtkwaliteit. Zo wordt op diverse plekken nog niet voldaan aan de WHO streefwaarden. Voor NO2 betreft dit enkele drukke straten. Voor PM10 voldoen grote delen van de stad en voor PM2,5 ligt een fractie boven de gewenste streefwaarde. Op verschillende manieren wordt ingezet op het verder verbeteren van de luchtkwaliteit. Het voorkeursalternatief heeft vier effecten op de luchtkwaliteit. Bij nieuwe ontwikkelingen kan de toename van verkeer leiden tot een toename van de concentraties stikstofdioxide en (ultra) fijnstof. Door het verdwijnen van bedrijvigheid bij transformatie, de lagere snelheid en minder verkeer in het centrum en de herpositionering van de A10 nemen de concentraties stikstofdioxide en (ultra) fijn stof af. Effecten Ontwikkelstrategie Binnen de ontwikkelstrategie worden vergelijkbare effecten verwacht als binnen het voorkeursalternatief, namelijk: Toename van verkeer door ontwikkelingen: door de woningbouwopgave kan er een lichte toename optreden van verkeersstromen, ondanks dat ontwikkelingen autoluw worden uitgevoerd.
Verdwijnen van bedrijvigheid bij transformatie: Binnen de ontwikkelstrategie worden bedrijventerreinen maar voor een deel getransformeerd. Dit leidt tot een beperkte verbetering van de luchtkwaliteit. In de Ontwikkelstrategie wordt benoemd dat men terughoudend is met de transformatie van bedrijventerreinen. De keuze om voor de periode van de ontwikkelstrategie af te zien van de transformatie van Cornelis Douwes is hierin een belangrijk element. Daarmee vormt de ontwikkelstrategie een specificatie van locaties waar maatregelen genomen zouden moeten worden, en worden er tegelijkertijd ook aanvullende maatregelen getroffen.
blad 31 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
De keuze om minder in te zetten op transformatie van bedrijventerreinen en, concreet, de transformatie van Cornelis Douwes uit te stellen betekent dat luchtkwaliteit lichter negatief scoort.
figuur 4-6: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Milieukwaliteit – Luchtkwaliteit’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.7
Gezond Definitie kernwaarde De criteria waarop de mate van gezondheidsbevordering beoordeeld zijn, zijn bewegen, overgewicht, gezond voedselaanbod en een rookvrije omgeving. Voor bewegen is een norm vastgelegd die uitgaat van: op vijf of meer dagen per week minimaal een half uur matig lichamelijk actief zijn. Voor mensen van 55 jaar en ouder is deze beweegnorm minder streng. Voor overgewicht geldt dat specifiek gekeken is naar het percentage obesitas (een BMI van meer dan 30) en het percentage overgewicht (een BMI tussen de 25 en 30). Kernwaarde Gezond
• • • •
Criteria Beweegvriendelijke omgeving Overgewicht Gezond voedselaanbod Rookvrije omgeving
Streefwaarde/Ambitie Overgewicht lager dan gemiddeld in Nederland • Minstens 50% van het voedselaanbod is gezond • 70% Amsterdammers voldoen aan de beweegnorm • Minstens 50% van de openbare ruimte voldoet aan de bouwstenen van de beweeglogica • Het percentage rokers is lager dan gemiddeld in Nederland •
• • • • • •
Gewenste beweging Afname van het percentage overgewicht Toename percentage gezond voedselaanbod Toename percentage mensen (kinderen) dat voldoet aan beweegnorm Toename mensen die aan de beweegnorm voldoen Afname van het percentage rokers Toename van het oppervlak rookvrij gebied
Beschrijving Omgevingsvisie In vergelijking tot de G4 en de rest van Nederland staat de gezondheid van de gemiddelde Amsterdammer er redelijk tot goed voor. Er bestaan wel grote verschillen tussen verschillende stadsdelen. De stadsdelen Nieuwwest, Zuidoost en Noord scoren significant slechter op overgewicht, bewegen, voeding en roken dan andere delen van de stads. In de afgelopen jaren zijn er in de gehele gemeente stappen gezet op het vlak van bewegen. Met name de stadsdelen nieuw-West, Zuidoost en Noord blijven achter. De gemeente heeft verdere ambities om de gezondheid van haar inwoners op verschillende vlakken te verbeteren. Wel laat de landelijke trend zien dat beweging en een gezond gewicht (onder kinderen) onder druk staat.
blad 32 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
Binnen het voorkeursalternatief worden ingrepen genomen die uitnodigen tot meer bewegen. Verder is het positief dat verdichtingslocaties nabij gebieden liggen die meer aandacht behoeven. Effecten Ontwikkelstrategie Binnen de ontwikkelstrategie is er aandacht voor de sociaal economische situatie in enkele stadsdelen. Verdichting en woningbouw worden, net als binnen het voorkeursalternatief, ingezet als aanjager voor een gezondere inrichting van de buurt. Met de woningbouwopgave ontstaat er ook de mogelijkheid om de openbare ruimte en het groen aan te pakken. Ook wordt er onderzocht of er ruimte gegeven kan worden aan sport, cultuur en recreatie in bijvoorbeeld het Groene Veld, Melkweg/Oostzanerwerf en de D-buurt. Er worden geen concrete maatregelen genoemd op het vlak van een gezonde leefstijl. De beoordeling van deze kernwaarde verandert niet ten opzichte van de Omgevingsvisie.
figuur 4-7: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Gezondheid’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.8
Veilig Definitie kernwaarde De kernwaarde veiligheid omvat drie onderwerpen. De criteria, streefwaarde/ambitie en gewenste beweging zijn opgenomen in onderstaande tabel. Kernwaarde
Veiligheid
Criteria Aantal ernstige slachtoffers en doden bij verkeersveiligheid Omgevingsveiligheid Waterveiligheid
• • •
• •
Streefwaarde/Ambitie 90 ernstige slachtoffers per 100.00 inwoners in 2020 0 verkeersdoden in 2050 Geen nieuwe extra kwetsbare functies nabij risicobronnen Zo laag mogelijke overstromingskans Niet bouwen op plekken die een extra waterveiligheidsrisico hebben
Gewenste beweging Afname (25% reductie tussen 2010-2020) van het aantal slachtoffers door verkeersongevallen • •
Geen nieuwe risicobronnen bewoond gebied Afname risicobronnen
in
Beschrijving Omgevingsvisie Op het vlak van verkeersveiligheid is te zien dat het aantal gewonden en doden in het verkeer is afgenomen. De gestelde ambities worden echter niet gehaald, en in de afgelopen jaren is een lichte verslechtering van de verkeersveiligheid te zien. Net als in de rest van Nederland wordt het risico van gevaarlijke stoffen met basisregels zeer klein gehouden. De afgelopen jaren is het risico van met name stationaire bronnen sterk verminderd.
blad 33 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
Door het herpositioneren van de A10 binnen het voorkeursalternatief worden positieve effecten verwacht op de verkeersveiligheid. Een aandachtspunt voor de verkeersveiligheid vormt de verwachte toename van het aandeel en aantal fietsers in de stad. Op het vlak van externe veiligheid betekent de ontwikkeling van Havenstad en de Noordelijke IJ-oevers, in de beoordeling van de Omgevingsvisie 2050, dat er stationaire risicobronnen worden weggehaald. De veiligheidssituatie op deze locatie verbeterd. De verdichting langs de A2 en nabij stationslocaties leiden wel tot aandachtspunten op het vlak van externe veiligheid. Overal in de stad wordt nu, dan wel in 30 jaar, voldaan aan de wettelijke eisen voor waterveiligheid. De stedelijke ontwikkelingen binnen de bestaande stadsstructuur zijn met name voorzien in gebieden waar geen tot een kleine kans op overstroming is. Een aantal ontwikkellocaties ligt in gebied met een middelgrote overstromingskans, zoals de locaties in Amstel III en een locatie in Nieuw-West, de Brettenscheg en Noord. Effecten Ontwikkelstrategie Verkeersveiligheid In de ontwikkelstrategie worden geen specifieke maatregelen genomen voor de verkeersveiligheid. Gelijkend met het voorkeursalternatief leidt het autoluw maken van de gemeente tot minder veiligheidsrisico’s. De toename van verkeer in de stad maakt juist dat veiligheidsrisico’s in het verkeer toenemen.
figuur 4-8: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Veilig – verkeer’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
Omgevingsveiligheid In het OER is voor de kernwaarde ‘veilig - risico’s’ aangegeven dat dit een belangrijk aandachtspunt is vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor en de stationsontwikkeling. De vastgestelde routes van gevaarlijke stoffen over het spoor komen uit het Basisnet en zijn weergegeven in figuur 4.3.
blad 34 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
figuur 4-9 Routes vanuit het Basisnet Spoor
Op basis van deze routes is af te leiden dat dit met name speelt rondom Haven-Stad en in Zuidoost. In het Basisnet Spoor zijn transporthoeveelheden opgenomen, maar de praktijk laten vaak andere cijfers zien. In tabel 4-1 zijn de geprognotiseerde cijfers vanuit het Basisnet vergeleken met de realisatiecijfers. Het gaat hierbij om de categorie brandbare gassen (zoals LPG), die het meest relevant zijn voor gebiedsontwikkeling. tabel 4-1 Prognose en daadwerkelijk gereden transporten gevaarlijke stoffen (brandbare gassen) in 2022 Traject
Prognose Basisnet
Daadwerkelijk gerealiseerd
Breukelen - Duivendrecht
2040
586
Duivendrecht – Diemen - Weesp
1440
586
Duivendrecht - Amsterdam Singelgracht
600
0
Amsterdam Singelgracht - Amsterdam Westhaven
600
0
Uit de tabel blijkt dat de daadwerkelijk gerealiseerde transporten sterk lager ligt dan de prognose, variërend van 66% tot 100%. Deze trend is al enige jaren in de monitoringsrapportages zichtbaar op deze trajecten. Hoewel er op de trajecten ook andere gevaarlijke stoffen, zoals brandbare vloeistoffen en toxische gassen, vervoerd worden, is het risico aanmerkelijk lager. Naar de toekomst toe is het belangrijk om deze trend te bestendigen in afspraken met andere overheden om zo dit effect verder vast te leggen. Aandachtspunt op het vlak van externe veiligheid is de keuze om Cornelis Douwes voor de periode van de ontwikkelstrategie niet te transformeren tot hoogwaardig woon- en werkmilieu. Dit maakt dat de daar aanwezige externe veiligheidsrisico’s blijven bestaan. Waterveiligheid In de ontwikkelstrategie komt op verschillende punten de waterhuishouding binnen de verschillende stadsdelen aan bod. Zo wordt er binnen stadsdelen rekening gehouden met een hoger calamiteitenpeil in het IJ/Noordzeekanaal. Op het vlak van waterveiligheid spelen geen aanvullende risico’s ten opzichte van de beoordeling van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 Bovenstaande effectbeschrijving betekent dat de scores voor de kernwaarde ‘veilig – risico’ positiever beoordeeld kan worden dan in het OER is gedaan, zie figuur 4-10. Hiermee zou deze kernwaarde wel als voldoende geclassificeerd kunnen worden.
blad 35 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
figuur 4-10 Pluimgrafiek kernwaarde ‘veilig-risico’s’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.9
Klimaatbestendig Definitie kernwaarde De kernwaarde klimaatbestendig omvat drie onderwerpen. De criteria, streefwaarde/ambitie en gewenste beweging zijn opgenomen in onderstaande tabel. Kernwaarde
Criteria • Wateroverlast •
Klimaatbestendig
Droogte • Hitte
Streefwaarde/Ambitie Schade en overlast door extreme buiten voorkomen (bij een bui van 60 mm in 1 uur tijd) Schade aan gebouwen, groen, infrastructuur, water en dijken door droogte zoveel mogelijk voorkomen en overlast beperken. Schade en overlast veroorzaakt door hitte in zowel het fysieke als het sociale domein zoveel mogelijk voorkomen en beperken
Gewenste beweging Minder plekken waar na een extreme bui het water tot schade leidt. Minder schade na een lange periode van droogte
Minder plekken waar hittestress ontstaat en meer plekken die verkoelend op de omgeving werken.
Beschrijving Omgevingsvisie De situatie van klimaatbestendigheid in de gemeente is redelijk. Er bestaan knelpunten en aandachtspunten op het vlak van wateroverlast, maar deze zijn beheersbaar. In toenemende mate is hittestress een aandachtspunt. Stedelijke hitte-eilanden doen zich voornamelijk in het centrum en langs de infrastructuur voor. Beleidsmatig wordt ingezet op het verder aanpakken van klimaatverandering. Klimaatverandering is wel een proces dat autonoom verder doorzet. Het voorkeursalternatief kan een grote verbetering op het gebied van klimaatadaptiviteit betekenen. Door vergroening en het klimaatbestendig ontwerpen van nieuwe woonlocaties worden er mogelijkheden voor klimaatadaptatie gecreëerd. Effecten Ontwikkelstrategie De klimaatopgave wordt de komende decennia meer nadrukkelijk. Daarom kiest de gemeente Amsterdam voor ontwikkellocaties toekomstbestendig kunnen worden, of dat al zijn. Klimaatmitigerende maatregelen worden getroffen op plaatsen waar nieuwe ontwikkelingen plaatsvinden, maar ook op andere locaties in het stedelijk gebied. Binnen verschillende stadsdelen worden specifieke klimaatopgaven, zoals een tekort aan oppervlaktewater op de Zuidas, naar voren gebracht in de ontwikkelstrategie. De verdere vergroening in de verschillende stadsdelen draagt daarnaast ook bij aan het klimaatadaptief maken van de buitenruimte.
De beoordeling van deze kernwaarde verandert niet ten opzichte van de Omgevingsvisie.
blad 36 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
figuur 4-11: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Klimaatbestendig’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.10 Ruimtelijke kwaliteit Definitie kernwaarde De kernwaarde ruimtelijke kwaliteit omvat twee onderwerpen. De criteria, streefwaarde/ambitie en gewenste beweging zijn opgenomen in onderstaande tabel. Kernwaarde
Criteria Cultuurhistorie
• •
• Ruimtelijke kwaliteit
Landschap, stedenbouw architectuur
• en • •
Streefwaarde/Ambitie Identiteit versterken; Kwaliteit waarderen; Met erfgoed transformeren; Een duurzaam en met de stad verbonden landschap van hoge kwaliteit. Hoge stedenbouwkundige kwaliteit van de stad; Hoge kwaliteit architectuur.
Gewenste beweging Instandhouding cultuurhistorische waarden. Erfgoed een volwaardige plek geven in ruimtelijke ontwikkelingen. Behoud en ontwikkeling van kernkwaliteiten niet-stedelijk landschap, stedenbouwkundige kwaliteit en architectonische kwaliteit.
Beschrijving Omgevingsvisie De gemeente Amsterdam heeft kwalitatief (zeer) hoog erfgoed. Zo is de grachtengordel van internationale waarde. Daarnaast heeft de gemeente een grote culturele en sociale diversiteit. Dit komt o.a. tot uiting in vrijplaatsen, plekken waar onafhankelijke cultuurproductie mogelijk is. Op fysiek vlak vraagt de hoge, huidige erfgoedwaarde om erfgoed als onderdeel in te zetten van de (her)ontwikkelingsopgaven naar de toekomst toe. Daarnaast zijn er ook op het sociale vlak ontwikkelingen die de erfgoedwaarde onder druk kunnen zetten. De stad wordt steeds meer het ‘speelterrein’ van de hogere middenklasse en toerisme. Het voorkeursalternatief biedt kansen voor de ruimtelijke kwaliteit van Amsterdam. De Omgevingsvisie biedt de mogelijkheid om naar stadsdelen als geheel te kijken en vanuit dat perspectief een impuls aan de ruimtelijke kwaliteit te geven. Binnen het voorkeursalternatief wordt verspreid over de stad ruimte gegeven aan ontwikkeling, waardoor een evenwichtige ontwikkeling van de stad plaatsvindt. Effecten Ontwikkelstrategie De gemeente benoemt in de ontwikkelstrategie dat verschillende maatregelen vragen om maatwerk. Zo moet bij verdichting in bestaande buurten oog gehouden worden voor de bestaande historie, erfgoed en identiteit van een buurt. In wezen verschilt deze aanpak niet met de aanpak uit het voorkeursalternatief.
In de ontwikkelstrategie is een concretiseringsslag gemaakt om een tijdspad uit te zetten voor de komende jaren. De verdere uitwerking op de ruimtelijke kwaliteit volgt bij de keuzes die in projecten worden gemaakt. De keuze om ontwikkelingen mede in te zetten om een impuls te geven aan stedelijk groen levert een positieve bijdrage aan het stedelijke landschap. Mede door in te zetten op verdichting binnen de bestaande rode contouren blijft ook het landschap buiten de stad open voor natuur en groen. Door verdichting in de stad hand in hand te
blad 37 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
laten gaan met vergroening wordt het aannemelijker dat stedelijke ontwikkeling niet ten koste gaat van bestaand groen én dat groen in de stad zich verder ontwikkelt. De groennorm die sinds 2016 van kracht is, stelt dat er een specifiek aantal vierkante meters aan groen voor elke woning dient te worden gerealiseerd. De keuze daarnaast om de ontwikkelingsstrategie in te zetten op de verschillende stadsdelen van de gemeente Amsterdam om deze tot zelfstandige kernen te ontwikkelen werkt tweeledig ook door op de binnenstad. De binnenstad zelf wordt ontzien van grootschalige ontwikkelingen waardoor bestaande cultuurhistorische waarden behouden kunnen blijven. Anderzijds geeft het ook ruimte aan bezoekers op andere plekken, waardoor de druk op de binnenstad wordt verminderd. Dit is lijn met het voorkeursalternatief uit de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. De beoordeling van deze kernwaarde verandert niet ten opzichte van de Omgevingsvisie.
figuur 4-12: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Ruimtelijke kwaliteit’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.11 Economisch vitaal Definitie kernwaarde De huidige en referentiesituatie voor de kernwaarde economische vitaliteit wordt afgemeten langs de volgende criteria, zie ook onderstaande tabel. • Ontwikkeling van het bruto regionaal product (brp); • De werkgelegenheid en werkloosheid; • Bijdragen van sectoren aan economische groei en werkgelegenheid. Kernwaarde
Criterium Ontwikkeling brp
Economisch Vitaal
Werkgelegenheid en werkloosheid
Streefwaarde/Ambitie Goede positie in wereldeconomie bestendigen Groei in werkgelegenheid en daling werkloosheid in praktisch geschoolde sectoren bestendigen
• •
Gewenste beweging Doorontwikkeling van het brp binnen de grenzen van Amsterdam Verdere groei van werkgelegenheid en verdere daling van werkloosheid
Beschrijving Omgevingsvisie Amsterdam scoort voor wat betreft economische vitaliteit hoger dan het Nederlands gemiddelde, de MRA en andere Europese hoogstedelijke regio’s. Economische voorspoed is onvoorspelbaar. Wel is het mogelijk dat, doordat Amsterdam steeds krapper in haar jas komt te zitten, dat er verdringingseffecten op gaan treden. Uitgangspunt van de Omgevingsvisie is dat er ruimte wordt geboden aan 200.000 banen. Het evenwichtig spreiden van deze werkgelegenheid heeft de voorkeur. Lokaal doen er wel risico’s voor. Bijvoorbeeld bij de transformatie van bestaande industrieterreinen. Door de omgevingsvisie neemt de efficiëntie van het ruimtegebruik toe. Desondanks kan verdringing van bedrijvigheid plaatsvinden.
blad 38 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
Effecten Ontwikkelstrategie Met de ontwikkelstrategie kiest Amsterdam voor verantwoorde groei. Het creëren van vitale buurten werkt onder andere door in werkgelegenheid. In het gemengde stedelijke programma wordt gekeken naar cultuur, onderwijs en werkgelegenheid. Daarnaast wordt in ontwikkelstrategie ruimte geboden aan werk en vitale functies. Door het blijven bieden van ruimte aan bedrijven die bijdragen aan het functioneren van de stad blijft onder andere de werkgelegenheid die ze bieden behouden. Inzet op vitale buurten betekent verder ook dat er oog is voor buurtgebonden bedrijvigheid. Door ruimte te bieden aan bedrijvigheid wordt de buurteconomie versterkt. De beoordeling van deze kernwaarde verandert niet ten opzichte van de Omgevingsvisie. Ten opzicht van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 is er wel een verschuiving in type werkgelegenheid, maar geen verhoging van werkgelegenheid.
figuur 4-13: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Economisch vitaal’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.12 Klimaatneutraal Definitie kernwaarde Het beoordelingskader voor deze kernwaarde is eenduidig, namelijk de emissie van broeikasgassen. Kernwaarde
Criteria •
Klimaatverandering
Emissie broeikasgassen (in CO2-equivalenten) • •
Streefwaarde/Ambitie 2030: reductie 55% ten opzichte van 1990 op grondgebied van de gemeente, geen CO2-emissie meer door mobiliteit; gemeentelijke organisatie klimaatneutraal; 2040: Amsterdam aardgasvrij; 2050: reductie 95% ten opzichte van 1990, alle energie uit duurzame bronnen
•
Gewenste beweging Vooral in de periode tot 2030 is een forse reductie noodzakelijk
Beschrijving OER In de afgelopen 30 jaar is de uitstoot van CO2 equivalenten met ongeveer 30 procent gestegen. De afgelopen jaren is wel een dalende trend ingezet. De doelstelling van 95 procent reductie ten opzichte van 1990 is dus nog ver weg. Met de routekaart naar een CO2 neutraal Amsterdam worden stappen gezet om de Amsterdamse energietransitie verder handen en voeten te geven door acties op het vlak van de gebouwde omgeving, mobiliteit, elektriciteit en haven en industrie. Ook de RES en de warmtetransitievisie geven handvaten om gestelde ambities waar te maken.
blad 39 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
Uit de beschrijving van het voorkeursalternatief in het OER Omgevingsvisie Amsterdam 2050 komt het volgende naar voren: Door een verwachte lichte stijging van het aantal autobewegingen neemt de CO2 uitstoot op dit vlak licht toe. Door verschuiving in het mobiliteitsbeeld neemt de CO2 uitstoot licht af. Het verdwijnen van de industrie draagt bij aan een afname van de totale CO2 uitstoot. Dit komt door de mindere uitstoot van de woningen die hiervoor in de plaats komen. In de gemeente liggen verschillende zoekgebieden voor windenergie. Effecten Ontwikkelstrategie In de ontwikkelstrategie wordt niet specifiek ingegaan op de opwek van duurzame energie. De manier waarop de ontwikkelstrategie doorwerkt op het aspect Klimaatneutraal is indirect, door een veranderende energievraag van wonen en mobiliteit. Op het vlak van wonen zorgt de toename in het aantal woningen tot een stijgende energievraag voor wonen. Echter ontwikkeling van deze woningvoorraad in bestaand stedelijk gebied zorgt ervoor dat de footprint van de woningbouwopgave zo klein mogelijk is. Bestaande voorzieningen (zoals OV-punten etc.) kunnen zo benut worden door de nieuwe bewoners. Daarnaast zorgt het meekoppelen van duurzaamheidsmaatregelen voor bestaande bebouwing met verdichtingsmaatregelen ervoor dat het energieverbruik van bestaande bebouwing wordt verminderd.
Op het vlak van mobiliteit zorgt de keuze voor verdichting ervoor dat er minder CO2 uitstoot wordt gegenereerd in vergelijking tot nieuwbouw in uitleglocaties. Inwoners hoeven een minder grote afstand af te leggen naar hun werk in de stad. De beoordeling van deze kernwaarde verandert ten opzichte van de Omgevingsvisie.
figuur 4-14: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Klimaatneutraal’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
4.1.13 Natuurlijk Definitie kernwaarde Het beoordelingskader voor de kernwaarde Natuur bestaat uit drie criteria, die nog verder kunnen worden geconcretiseerd. Dit geldt vooral voor het onderdeel biodiversiteit. Op basis van informatie over het voorkomen van soorten (zowel doelsoorten als overige soorten) per km-hok kan bijvoorbeeld een ambitie of doel worden geformuleerd, dat ook goed is te monitoren. Voor wat betreft stikstofdepositie geldt dat in aansluiting bij landelijke ontwikkelingen de beoordeling plaatsvindt op basis van de emissie en niet de depositie. Het monitoren van de emissie is eenvoudiger en maakt ook een connectie mogelijk met de monitoring voor andere kernwaarden (verontreiniging, luchtkwaliteit, klimaatverandering) waar ook emissies worden beoordeeld.
blad 40 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
Kernwaarde
Criteria •
Streefwaarde/Ambitie Geen achteruitgang oppervlak natuurgebied
•
Alle delen van de stad dragen bij aan de biodiversiteit Geen achteruitgang ten opzichte van 2020 Stikstofneutraal ontwikkelen
•
Oppervlak natuur Natuurlijk
Mate van biodiversiteit Emissie van stikstofverbinding en (NOx, NH3)
• • •
Gewenste beweging Constant houden, waar nodig verlies compenseren • Vergroten van de biodiversiteit Forse reductie van emissie
Beschrijving OER De biodiversiteit in Nederland staat onder druk, al is er in de gemeente Amsterdam wel sprake van een lichte positieve ontwikkeling. De natuurwaarde van de stad neemt toe. Op het vlak van stikstofdepositie speelt er nog wel een overspannen situatie in Natura 2000-gebieden. Binnen het voorkeursalternatief in de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 worden verouderde bedrijventerreinen getransformeerd. Inwoners van Amsterdam komen zo dichterbij de scheggen wonen. Ook worden bestaande natuurgebieden versterkt. Biodiversiteit wordt aangetrokken, bijvoorbeeld door natuurinclusief te bouwen. Effecten Ontwikkelstrategie In de ontwikkelstrategie wordt ingezet op een verdere vergroening van de verschillende stadsdelen. Naast dat de vergroening van de stadsdelen ruimte biedt aan recreatie voor inwoners en bezoekers geven deze gebieden ook ruimte aan de inwoners. De ontwikkelstrategie vormt met het aanwijzen van buurten en straten voor vergroeningsmaatregelen een concretiseringsslag van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. Er wordt geen aanvullende inzet in de ontwikkelstrategie beschreven. Daarmee is de beoordeling van deze kernwaarde gelijk aan die van de Omgevingsvisie.
figuur 4-15: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Natuurlijk’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
blad 41 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
4.1.14 Milieukwaliteit ecologisch plafond: lucht, bodem en water Definitie kernwaarde Het beoordelingskader voor deze kernwaarde staat in onderstaande tabel. Kernwaarde
Milieukwaliteit ecologisch plafond
Criteria Mate van luchtverontreiniging (emissie naar de atmosfeer) Mate van bodemverontreiniging (emissie naar de bodem) Mate van waterverontreiniging (emissie naar oppervlaktewater)
• • •
• •
Streefwaarde/Ambitie NOx, PM10 : emissieloos verkeer en vervoer 2030 Afname emissies overige bronnen (haven, industrie etc). Standstill en verbetering algehele bodemkwaliteit
Afname waterverontreiniging Geen verontreinigingen
van ‘nieuwe’
•
Gewenste beweging Reductie van emissie van verontreinigende stoffen
•
Afname reinigingen
•
Verbreden zuiveringscapaciteit RWZI’s (nieuwe stoffen) en minder verontreiniging
bodemveront-
Beschrijving Omgevingsvisie Emissies naar het water en de lucht zijn al verschillende jaren aan het dalen. Hier bestaan ook geen aandachtspunten voor in de gemeente. Ook op het vlak van bodemverontreiniging speelt een positieve ontwikkeling. Beleid is gericht op het voorkomen van nieuwe verontreinigingen en het saneren waar nodig. Naast de loodgehaltes in de binnenstad zijn er geen aandachtspunten bekend. Voor alle emissies geldt dat beleid dat genomen wordt om klimaatverandering tegen te gaan sterk bijdraagt aan de vermindering van uitstoot en verontreiniging. De verouderde bedrijventerreinen die worden getransformeerd in het voorkeursalternatief hebben te maken met verontreinigingen en vervuilde gronden. Door de transformatie kunnen deze verontreinigingen aangepakt worden. Dit verbetert niet alleen de bodemkwaliteit, maar werkt ook door in de waterkwaliteit. Door het verdwijnen van vervuilende bedrijvigheid en het verminderen van de vervuiling van andere bedrijvigheid neemt daarmee de luchtverontreiniging af. Effecten Ontwikkelstrategie In de Ontwikkelstrategie wordt niet specifiek ingegaan op de kernwaarde lucht en bodem. Wel zijn er doorwerkingen van keuzes op deze aspecten. Met name door de keuze om nog niet alle bedrijventerreinen te transformeren blijven bestaande vervuilingen op het vlak van lucht en bodem bestaan.
Wel benoemd de gemeente concreet de waterkwaliteit in verschillende stadsdelen als een aandachtspunt. Ook worden maatregelen, zoals natuurvriendelijke oevers, benoemd om de waterkwaliteit te verbeteren. De positieve effecten van het transformeren van bedrijventerreinen komen pas na de periode van de huidige ontwikkelstrategie tot uiting. Dit leidt tot de volgende beoordeling:
figuur 4-16: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Milieukwaliteit’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
blad 42 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
4.1.15 Circulair Definitie kernwaarde Kernwaarde
Criteria Voedsel en organische reststromen
Circulair
Consumptiegoederen
Gebouwde omgeving
Streefwaarde/Ambitie - mate van afzet regionale producten in de stad - ruimte voor korte ketens logistiek ruimte voor stadslandbouw mate van voedselverspilling - bijdrage sluiten nutriëntenkringloop - mate waarin organische reststromen hoogwaardig hergebruikt worden
- winkelaanbod dat hoogwaardig hergebruik consumptiegoederen ondersteunt - ruimte vrijgemaakt voor faciliteren deelconcepten (o.a. mobiliteit) ruimte voor reparatie consumptiegoederen ruimte voor inzameling, opwaardering, verwerking afgedankte producten - mate van circulair ontwerpen - mate van circulair renoveren - ruimte voor circulair slopen - mate van circulair onderhoud & beheer
Gewenste beweging - streefwaarde is om minstens 25% regionaal, gezond voedsel van boer naar bord in Amsterdam te verwezenlijken in 2030 voedselverspilling 50% afgenomen in 2030 - nutriëntenkringloop volledig gesloten - regionale partijen versterken samenwerkingsverbanden om korte ketens te stimuleren
- Vermindering van de consumptie/aankoopfrequen tie van goederen - voorkomen gebruik van primaire grondstoffen in de productie van consumptiegoederen - Alle ontwerpen voor de verbouw en nieuwbouw zijn volgens circulaire principes uitgevoerd en bevorderen multifunctioneel ruimtegebruik - Gebouwen en bouwwerken worden demontabel en adaptief gebouwd, om levensduur te vergroten en destructieve sloop te voorkomen - Gebouwen en bouwwerken zijn gedigitaliseerd met behulp van materiaalpaspoorten en andere relevante tools voor onderhoud, beheer en hergebruik doeleinden om waarde te behouden waardeinventarisaties (kwalitatief en kwantitatief). Aanwezige waarden (fysiek en immaterieel) die behouden kunnen blijven in de voorziene ontwikkeling
Beschrijving Omgevingsvisie Er bestaat een positieve trend op het vlak van hergebruik en het scheiden van grondstoffen die vrijkomen bij (nieuw)bouw en sloopprojecten. Er valt nog veel winst te behalen bij de circulaire voedselvoorzieningen en hergebruik van afgedankte producten. Met het ingezette beleid wordt er verder gewerkt aan een verdere circulariteit. Het voorkeursalternatief wordt als positief beoordeeld, omdat er ingezet wordt op een compacte stad met beperkt ruimtegebruik, een versterking van de kringloop van consumptie goederen en voor ruimte voor lokale voedselproductie.
blad 43 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
Effecten Ontwikkelstrategie In de ontwikkelstrategie worden keuzes met betrekking tot de kernwaarde circulair niet verder aangescherpt of uitgebreid ten opzichte van de Omgevingsvisie. Daarmee is de beoordeling van deze kernwaarde gelijk aan die van de Omgevingsvisie.
figuur 4-17: Pluimgrafiek kernwaarde ‘Circulair’; afkomstig uit OER Amsterdam, aangepast n.a.v. Ontwikkelstrategie
blad 44 van 46
datum 15 januari 2024 projectnummer 0489194.100 betreft Aanvulling OER
5.
Conclusies en aanbevelingen
5.1
Samenvattend overzicht Door de ontwikkelstrategie zijn op drie kernwaarden positievere effecten te verwachten dan bij de beoordeling van de omgevingsvisie. Dit zijn: • Sociaal en inclusief • Leefbaar • Veilig – risico’s Deze positievere waardering komt voort uit de nadere concretisering en fasering die in de ontwikkelstrategie wordt voorgesteld. Voor veilig komt dit ook voort uit nadere informatie omtrent vervoersaantallen gevaarlijke stoffen. Voor de overige kernwaarden verandert de uiteindelijke score niet. Er zijn wel lokale verschillen door de fasering, maar overall blijft uiteindelijk de scores gelijk. Hierbij geldt uiteraard de kanttekening dat de beoordeling voor heel Amsterdam voor een kernwaarde is en dat lokale verschillen groot kunnen zijn. In de volgende figuur is de aangepaste effectbeoordeling samengevat te zien.
5.2
Aanbevelingen Op basis van de Aanvulling op het OER zijn drie aanbevelingen relevant: 1. Werk de staat van de leefomgeving en impact op de kernwaarden voor Weesp nader uit. Dit kan bijvoorbeeld bij de eerste monitoringsrapportage van het OER. Hierdoor maakt Weesp dan vervolgens ook integraal onderdeel uit van de beoordeling. 2. Ga bij de (gebieds)programma’s en plannen in op de impact van de kernwaarden. Dit kan in de vorm van een m.e.r. of plan-m.e.r.-beoordeling. 3. Voor de kernwaarden waar de stap tussen de huidige situatie en de beoogde kwaliteit groot is én de kernwaarden waar de kwaliteit matig is (met name inclusief en betaalbaar) is het van belang dit expliciet onderdeel te maken van de vervolguitwerkingen van de ontwikkelstrategie. Hierbij kan aangesloten worden bij aanbeveling 2.
blad 45 van 46
Over Antea Group Antea Group is het thuis van 1500 trotse ingenieurs en adviseurs. Samen bouwen wij elke dag aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Je vindt bij ons de allerbeste vakspecialisten van Nederland, maar ook innovatieve oplossingen op het gebied van data, sensoring en IT. Hiermee dragen wij bij aan de ontwikkeling van infra, woonwijken of waterwerken. Maar ook aan vraagstukken rondom klimaatadaptatie, energietransitie en de vervangingsopgave. Van onderzoek tot ontwerp, van realisatie tot beheer: voor elke opgave brengen wij de juiste kennis aan tafel. Wij denken kritisch mee en altijd vanuit de mindset om samen voor het beste resultaat te gaan. Op deze manier anticiperen wij op de vragen van vandaag en de oplossingen voor morgen. Al 70 jaar.
Contactgegevens Monitorweg 29 1322 BK Almere Postbus 10044 1301 AA Almere T. +31 6 20 49 18 85 E. Tim.Artz@Anteagroup.nl
Copyright © 2024 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs. De informatie die in dit rapport is opgenomen is uitsluitend bestemd voor geadresseerde(n) en kan persoonlijke of vertrouwelijke informatie bevatten. Gebruik van deze informatie, door anderen dan de geadresseerde(n) en gebruik door hen die niet gerechtigd zijn van deze informatie kennis te nemen, is niet toegestaan. De informatie is uitsluitend bestemd om te worden gebruikt door de geadresseerde, voor het doel waarvoor dit rapport is vervaardigd. Indien u niet de geadresseerde bent of niet gerechtigd bent tot kennisneming, is openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking van deze informatie aan derden niet toegestaan, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group en wordt u verzocht de gegevens te verwijderen en direct een melding te maken bij security@antegroup.nl. Derden, zij die niet geadresseerd zijn, kunnen geen rechten aan dit rapport ontlenen, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group.
www.anteagroup.nl