A - 38 Ruimtelijke Ordening (30) Bijlage 7. Bijlagenbundel MER
Tekst van het document
Metrohalte Noorderpark Pont - bus - metro connectie
OV
Metrohalte Sixhaven?
500m radius vanaf metrohalte Huidige verbindingen Ontbrekende/gewenste verbindingen Veerponten
250m 500m
1km
2km
Er zijn geen grootschalige gevallen van ernstige bodemverontreiniging bekend die noodzaken tot het spoedig nemen van sanerende maatregelen. Er zijn echter weinig gegevens beschikbaar over de aanwezigheid van asbest in de bodem. Bij toekomstige ontwikkelingen zullen plaatselijk sanerende maatregelen van de bodem noodzakelijk zijn voor de realisatie van bouwwerken of ondergrondse infrastructuur. Voor meerdere kavels is kadastraal vastgelegd dat de kwaliteit van de bodem gebruiksbeperkingen geeft.
Herstellen historische verbinding Vliegenbos Veilige fietsoversteken en fietspaden
Herontwikkeling kan daarom leiden tot een saneringsverplichting, zeker indien een meer gevoelige bestemming zoals wonen met tuin of openbaar grond gerealiseerd gaat worden. Alle kavels binnen het Hamerkwartier zijn in erfpacht uitgegeven dan wel in particulier eigendom. In beide gevallen vindt
Indien grond wordt ontgraven voor ondergrondse parkeervoorzieningen en kelders, zal dit een (projectmatige) sanering betreffen. Hergebruik van vrijkomend materiaal binnen het plangebied is niet waarschijnlijk.
Archeologie Het toenmalige Bureau Monumenten & Archeologie heeft in 2011 een Archeologische Signaleringskaart Amsterdam samengesteld. In onderstaande figuur is een deel van ASA-Noord weergegeven. Het gebied is aangeplempt. Tot ver in de negentiende eeuw lag hier het (Afgesloten) IJ. Op een diepte van NAP -4 meter lag niet het voormalige maaiveld, maar de voormalige waterbodem. In het groen gemarkeerde gebied is de kans op waardevolle archeologische vondsten groot. Voorafgaand aan ingrepen in de bodem is een archeologisch bureauonderzoek vereist. In het grootste deel van het Hamerkwartier zijn de archeologische verwachtingen dusdanig, dat pas bij een bodemingreep met een oppervlakte van meer dan 10.000 m² en dieper dan NAP -4 meter een archeologisch bureauonderzoek nodig is.
Fietsverbinding noordelijke IJ-oever
Fiets Huidige verbindingen Ontbrekende/gewenste verbindingen Veerponten
Sprong over ‘t IJ, verschillende brug varianten mogelijk Sprong over ‘t IJ, intensivering ponten 250m 500m
38
1km
2km
39
Niet geëxplodeerde explosieven In een strook van zowel de land- als de waterbodem langs de zuidzijde van het Hamerkwartier kan zich afwerpmunitie bevinden. Het gaat om Britse brisantbommen van de kalibers 250 en 500 lbs (pond) die op 9 oktober 1940 in het Afgesloten IJ vielen. In de inmiddels gedempte Beitelhaven zouden klein kaliber munitie en granaten kunnen voorkomen. Op verzoek van het GVB heeft het gemeentelijk Ingenieursbureau in 2016 in de Ponthaven naoorlogse civieltechnische werkzaamheden geïnventariseerd en geanalyseerd. De uitkomst van de projectgebonden
2.8 Kabels en leidingen risicoanalyse was dat de waterbodem ter plaatse van de betreffende steiger niet (meer) verdacht is. Indien in van explosieven verdachte gebieden civieltechnische werkzaamheden plaats gaan vinden in de vorm van baggeren, graven en/of heien, wordt een risicoanalyse (RA CE) aanbevolen. Als de risicoanalyse tot de conclusie leidt dat (een deel van) het gebied verdacht blijft, is de vervolgstap detectieonderzoek, te onderscheiden in oppervlakte- en dieptedetectie.
KLIC-meldingen hebben eind 2016 nagenoeg alle kabels en leidingen in het Hamerkwartier in beeld gebracht. De ligging daarvan blijft altijd indicatief, maar de informatie is voldoende voor de komende planvormingsfases. De kabels en leidingen die bedrijven op het eigen terrein hebben aangelegd, komen niet terug in de KLICmeldingen. Deze informatie is enkel bekend bij de desbetreffende partijen.
Leidingen voor riolering en drinkwater Waternet is verantwoordelijk voor de riolering en het drinkwater in het Hamerkwartier. Bij stedelijke ontwikkelingen als het Hamerkwartier zijn nieuwe riolen en leidingen voor drinkwater noodzakelijk. Eventueel zullen bestaande riolen vervangen moeten worden door grotere leidingen. Ook kan dan uitbreiding van het aantal gemalen noodzakelijk zijn.
Warmtenet Vooralsnog zal Nuon het Hamerkwartier niet voorzien van stadswarmte, omdat het te ver gelegen is van de huidige aangesloten gebieden. De ontwikkelplannen voor het Hamerkwartier zijn echter wel aanleiding om samen met de gemeentelijke projectmanagers de mogelijkheid en wenselijkheid tot stadswarmte en (warme en koude) energievoorziening te onderzoeken.
Gasnet Gas ligt in het gehele Hamerkwartier. Bij nieuwbouw dient met bouwwerkzaamheden rekening te worden gehouden met de aanwezigheid van de gasleidingen. Voor nieuwbouw nabij gasstations gelden veiligheidseisen die in acht genomen dienen te worden. Vanaf 2018 geldt dat Liander geen nieuwbouwprojecten aansluit op het aardgasnet. Dit strookt met het gemeentelijke energiebeleid.
Transformatorhuisjes Liander is verantwoordelijk voor elektra in het Hamerkwartier. De noodzakelijke hoeveelheid trafo’s in het gebied is sterk afhankelijk van het gevraagde vermogen. Daarnaast spelen de eventueel terug te leveren vermogens vanuit duurzame energiebronnen zoals zonnepanelen een rol. Het alternatief om gezamenlijke trafovoorzieningen aan te leggen per ontwikkelveld wordt beaamd.
Grote kans op waardevolle archeologische vondsten Kleinere kans op waardevolle archeologische vondsten
50m
100m
Telecom Momenteel liggen er diverse telecomnetten van diverse aanbieders in het gebied. Het bestaande netwerk zal bij reconstructies en uitbreiding van het aantal woningen verlegd dan wel uitgebreid moeten worden. De twee grootste aanbieders die meegaan in nieuwe ontwikkelingen zijn Ziggo en Reggefiber (glasvezel).
250m
In de berm van de Aambeeldstraat, tegen het hek van de voormalige Draka en de huidige Ponthaven, staat een zendmast inclusief voorzieningengebouw. Voor bewoning in de buurt van zendmasten dient men rekening te houden met veiligheidseisen ten aanzien van eventuele straling.
Archeologische verwachtingen
Afwerpmunitie Munitie en granaten
50m
100m
250m
Explosieven verdachte gebieden
40
41
2.9 Watersysteem
2.10 Geluids- en veiligheidscontouren
Kade- en oeverconstructies
Oppervlaktewater
De in het Hamerkwartier gevestigde bedrijven maakten aanvankelijk voornamelijk gebruik van het water om hun producten en grondstoffen aan en af te voeren. De daarvoor uitgegraven watergangen zijn geheel of gedeeltelijk gedempt toen het wegtransport opkwam. Daarbij zijn de constructies verwijderd, maar de palen zijn zeer waarschijnlijk niet getrokken. Deze zullen zijn afgezaagd en zitten nog in de ondergrond. Indien er in oude kanalen nog objecten op de bodem lagen, zijn deze mogelijk niet opgeruimd.
In het Hamerkwartier zijn drie insteekhavens die aan het IJ grenzen. Rijkswaterstaat is waterbeheerder. In principe blijft het huidige watersysteem zoals het is. Ontwikkelingen in het oppervlaktewater en aan de oevers en kades zijn in veel gevallen vergunnings- of meldingsplichtig. Bij eventuele toename van het verhard oppervlakte dient 400 m² waterberging opgenomen te worden in de balans van de watercompensatie van de Noorder IJplas.
De oevers van het IJ hebben geen status als waterkering. Desondanks is het belangrijk dat het gebied zich in de toekomst voldoende wapent tegen hoogwater. Om te anticiperen om toekomstige klimaatveranderingen voor nieuwe hoogstedelijke ontwikkelingen langs de IJoever wordt een maaiveldniveau voor wonen van NAP+1,0 m. Hiermee wordt geanticipeerd op klimaatveranderingen. Het huidige maaiveldniveau van het Hamerkwartier varieert tussen NAP+0,6 m tot NAP+1,3 m en bevindt zich gemiddeld op circa NAP +1,0 m.
Waterkwaliteit Het Hamerkwartier moet voldoen aan de eisen uit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Om verontreiniging van het milieu tegen te gaan dient het gebruik van uitlogende materialen (PAK, lood, zink en koper) voorkomen te worden.
Ondoorlatende kadeconstructies kunnen een blokkade voor de afstroming van grondwater vormen. Hierdoor kan de grondwaterstand stijgen, waardoor de ontwateringsdiepte afneemt. In sommige gevallen kan dit zelfs tot grondwateroverlast leiden. Het uitgangspunt is daarom dat de oevers of kadeconstructies altijd waterdoorlatend gemaakt worden, zodat het freatische grondwater kan afstromen naar het oppervlaktewater.
Grondwater Conform het GRP2016-2021 dient alle nieuwbouw in de eindsituatie te voldoen aan de gemeentelijke grondwaternorm. Aanvullend hierop kunnen beheerders van kabels, leidingen, wegen, sporen en openbaar groen aanvullende eisen hebben voor de ontwatering. De grondwaterzorgplicht vereist dat ontwikkelingen geen verslechtering van de grondwatersituatie mogen veroorzaken. Om deze reden dient er een grondwatertoets te worden uitgevoerd, waarbij het grondwatermodel voorafgaand wordt onderzocht. Gezien de geringe ontwatering in de huidige situatie op een aantal locaties in het Hamerkwartier, moet worden onderzocht of grondverbetering vereist is naast en onder ondergrondse (parkeer)garages of kelders. Daarnaast zullen kavels en wegen moeten worden opgehoogd met doorlatend zand. Omdat het Hamerkwartier gefaseerd wordt ontwikkeld, wordt verwacht dat dit knelpunten zal opleveren qua hemelwaterafvoer, maaiveldverschillen, kabels en leidingen en grondwater. Door de lager gelegen kavels op te hogen voordat wegen worden opgehoogd, kan het aantal knelpunten gereduceerd worden.
Hemelwater In nieuwe en her te ontwikkelen gebieden wordt aangestuurd op een gescheiden rioolstelsel.
De geluidsbelasting van Albemarle is op grond van de Wet geluidhinder wel van invloed op de ontwikkelingsmogelijkheden in het Hamerkwartier. Uit actuele berekeningen (gebaseerd op het geluidsmodel van Albemarle uit 2011) blijkt dat zonder maatregelen de geluidbelasting van de dichtst bij Albemarle gelegen mogelijke woningbouwlocaties de grenswaarde van 55 dB(A) overschrijdt.
De gemeente heeft bij de start van de planvorming onderzoek laten verrichten naar de milieueffecten van een transformatie van het gebied naar woonwerkgebied. Hierbij zijn de laatste milieuonderzoeken uit 2011 als vertrekpunt genomen. De bedrijven in het Hamerkwartier beïnvloeden in enige mate de gewenste ontwikkeling. Dit betreft vooral de vergunde geluidsruimte. De invloed is kleiner dan in het huidige bestemmingsplan zichtbaar is. Dit komt door het vertrek van enkele relevante bedrijven, zoals Draka. Voordat gestart kan worden met de eerste woningbouwplannen, is daarom een papieren geluidssanering nodig waarbij de niet langer gebruikte geluidscontouren worden teruggelegd of ingetrokken.
Als het niet mogelijk is de geluidbelasting van Albemarle te reduceren, kunnen woningen uitsluitend met toepassing van dove of vliesgevels worden gerealiseerd. De GVB-pontveerhaven en Schöne Edelmetaal zijn andere bedrijven die door geluids- en/of veiligheidscontour een beperking opleveren voor de ontwikkelingen in het gebied. De gemeente onderzoekt een alternatieve locatie voor de pontveerhaven. Schöne Edelmetaal denkt na over haar toekomst, al dan niet in het Hamerkwartier. Het verkeersgeluid in het gebied is overal lager dan de maximaal toelaatbare waarde, met uitzondering van een deel van het Gedempt Hamerkanaal. Met een aangepast en stiller wegdek wordt deze overschrijding tenietgedaan.
Bij de milieuonderzoeken is uitgegaan van de aanwezigheid en het ongewijzigd functioneren van BRZO bedrijf Albemarle. Voor het huidige bestemmingsplan is onderzoek gedaan naar de risico’s van het vervoer van gevaarlijke stoffen over het IJ en over de weg naar en van Albemarle. Gebleken is dat deze risico’s zeer beperkt zijn en de ontwikkelingen in het gebied niet in de weg staan. Wel dient het onderzoek naar het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg en het water in de volgende fase te worden geactualiseerd.
Voor het volledige milieuonderzoek wordt verwezen naar de bijlage bij deze Projectnota.
Voor verwerking van het overige hemelwater geldt de drietrapsstrategie ‘vasthouden, bergen, afvoeren’. Daaruit zijn de doelstellingen van Amsterdam Rainproof voortgekomen. Er wordt naar gestreefd het maaiveld zodanig te ontwerpen dat een bui van 60 mm in 1 uur kan worden verwerkt zonder schade te veroorzaken. Hemelwater (vertraagd) ‘afvoeren’ of tijdelijk ‘bergen’ heeft in het Hamerstraatgebied de voorkeur gezien de bodemopbouw zich niet goed leent voor infiltratie. Groene daken en gevels kunnen wel een rol spelen in het afvoeren van hemelwater. Openbaar groen, groene gevels en groene daken dragen bij aan een aangenaam stedelijk klimaat. Een mogelijke locatie waar extra waterberging in combinatie met groen gecreëerd kan worden, is langs de Vogelkade. Door de duiker langs de Vogelkade te vervangen voor een open watergang, ontstaat extra waterberging. Daarnaast kan middels brede straten in het Hamerkwartier water geborgen worden om ditvervolgens af te voeren naar het hemelwaterriool. Naast ‘vasthouden, bergen en afvoeren’ kunnen er overige maatregelen worden genomen zoals waterrobuust bouwen door kavels te verhogen en gebouwen op palen te plaatsen. In de bijlage is de waterrapportage terug te vinden. In een volgend stadium wordt er gewerkt aan een waterplan voor een optimale afstroom via cunetten richting het IJ.
Tevens zal een Rainproof plan worden gemaakt in het kader van de klimaatbestendige stad.
Zonegrens industrieterrein 50dB 55dB
125m 250m
Geluidscontour gezoneerd bedrijventerrein op 20m hoogte
42
43
500m
1km
2.11 Participatieresultaat
De planvorming van de gemeente verloopt door middel van een interactief proces, samen met alle partijen uit het projectgebied en de omliggende buurten. Hiervoor is gekozen omdat lokaal veel nuttige kennis aanwezig is, de gemeente geen grondpositie heeft en omdat de wens bestaat de omliggende buurten mee te laten profiteren van de ontwikkeling van het Hamerkwartier. Bovendien willen mensen graag meedenken en meepraten over zaken die spelen in hun leefomgeving. Onderstaande input is gefilterd op wenselijkheid en haalbaarheid. Tijdens een terugkoppel-bijeenkomst in mei 2017 heeft gemeente verantwoord welke keuzes zijn gemaakt. Alle informatie over de opgehaalde ideeën en de verwerking daarvan is te vinden in de bijlage. Samenvattend en gegroepeerd per thema heeft het participatietraject tot nog toe de volgende output opgeleverd.
Thema Identiteit Het Hamerkwartier moet gebruikmaken van het industriële karakter. Rauw, ruw, niet te gepolijst. De wijk moet trots op de geschiedenis uitstralen. De ligging aan het water is een sterk punt. Dit kan worden uitgebouwd, zodat de kracht van het water voor iedereen in het Hamerkwartier betekenis krijgt. De kleine ambachtelijke bedrijvigheid en de maakindustrie vormen het hart van de identiteit van het Hamerkwartier.
Thema Wonen en doelgroepen Het moet een buurt worden waar mensen met middeninkomens een plek vinden. Maar ook jongeren, studenten, netafgestudeerden en ouderen, makers, kunstenaars en thuiswerkende ZZP-ers. Een inclusieve buurt voor veel verschillende mensen. In de plint (op de begane grond) moeten niet alleen bedrijfjes, maar ook woningen komen Zodat het ook na werktijd leefbaar en veilig blijft in de buurt. Sfeerimpressie participatie avonden, met presentaties en gesprekstafels op thema januari en februari 2017
Thema Werken In het Hamerkwartier is ruimte voor kleinschalige werkgelegenheid en bedrijven in de maakindustrie. Dat zit er nu al en kan worden uitgebouwd. De bestaande panden bieden betaalbare mogelijkheden voor startende ondernemers. Houd het flexibel, zodat starters ook kunnen doorgroeien. Goede bereikbaarheid van de buurt betekent ook dat bedrijven zonder problemen moeten kunnen laden en lossen. Misschien kan de infrastructuur over water hierin ook een rol spelen.
Thema Openbare ruimte en verbindingen Aanpassing van de Meeuwenlaan is gewenst, zodat je daar veilig kunt oversteken en de Meeuwenlaan geen barrière vormt tussen het Hamerkwartier en de Vogelbuurt. Er komt veel bebouwing in het Hamerkwartier: bedrijven en woningen. Aandachtspunt daarbij is dat de openbare ruimte niet te krap en te benauwd wordt en dat de IJoever openbaar toegankelijk blijft. Overal in de wijk moet je de lucht en het water kunnen zien. En er moet op veel meer plekken groen komen dan alleen langs de randen.
Thema Voorzieningen “Maak ook autoluwe delen, waar de auto niet mag komen of alleen op bepaalde tijstippen.“
“Altijd levendig straatbeeld met wonen en werken in één straat. MIX to the MAX!”
Maak grote gezinswoningen!
Wacht met voorzieningen niet tot alle plannen klaar zijn, dat is een breed gedragen gevoel. De Hamerstraat zou een gevarieerd winkelgebied kunnen worden. Met winkels die echt iets toevoegen aan de buurt en waar bewoners uit omliggende buurten ook iets te zoeken hebben.
Centraal gelegen voorzieningen met een gezondheidscentrum, als verbinder van buurten.
Thema Duurzaamheid en gezondheid Duurzaamheid betekent ook behouden wat er te behouden valt. Dus herbestemming van bestaande panden en hergebruik van materialen. Een duurzame en gezonde wijk is een wijk met veel groen: zowel horizontaal als verticaal. Groene daken en gevels in combinatie met zonnepanelen zijn echt een must. Een gezonde wijk is een wijk met openbare ruimte die stimuleert tot bewegen, met brede stoepen, doorgaande fietspaden en goede verlichting,zodat je ’s avonds nog een blokje om durft te gaan.
Afwisseling van wonen en werken in de plint
Meng verschillende doelrgoepen en functies
Groene gevels en groen in de openbare ruimte
Hergebruik oude industriele bestratingsmaterialen
Uitwerking van een straat door team Hamerkwartier op aangeleverde input vanuit bewoners en stakeholders.
44
Aanbevelingen van bewoners en stakeholders zijn vertaald in strips.
45
3. Varianten Voor de herontwikkeling van het Hamerkwartier zijn het afgelopen anderhalf jaar diverse ruimtelijke en programmatische varianten onderzocht op kansen en risico’s. De optelsom van uitgangspunten en ambities, van leidende condities én de uitkomsten van het participatietraject leveren input voor waardering van de varianten. Na een zorgvuldige afweging leidt dit per onderwerp tot een voorkeursvariant. In dit hoofdstuk staat een beschrijving van de onderzochte varianten en hun waardering. De voorkeursvariant is telkens omkaderd en aangevinkt.
3.1 Ruimtelijke varianten
Hier worden twee aspecten nader bekeken: • De stedenbouwkundige herverkaveling. De herindeling van de openbare ruimte. •
46
47
Optie B: Campus model
Stedenbouwkundige opzet herverkaveling Gezien de eigendomsverhoudingen, de huidige verkavelingen en de te verwachten verschillen in ontwikkelsnelheid, -planning en -soort, is herverkaveling met name van toepassing op de zuidelijke kavels. Deze grote afgesloten terreinen vereisen een geschikte stedenbouwkundige structuur. Er zijn diverse vormen van herverkaveling onderzocht. Binnen het scala aan mogelijkheden zijn de volgende drie de meest voor de hand liggende.
Optie A: Gesloten bouwblok
Dit model kenmerkt zich door een parkachtige, ‘slingerende’ openbare ruimte, met daarin een variatie aan gebouwtypen. De gebouwen zijn van een hoogwaardige architectuur en dragen vanaf alle zijden bij aan de kwaliteit van de openbare ruimte. Het model is afgeleid van de Angelsaksische universiteitscampus. Aansprekende voorbeelden zijn het Chaséterrein Breda, Mullerpier Rotterdam, en in Amsterdam Funen en het GWL-terrein. Voor- en nadelen van deze opzet zijn: • Landschappelijk verleidelijke oplossing. • Kwetsbare oplossing omdat hij afhankelijk is van de kwaliteit van de architectuur. • Kwetsbaar omdat de overgang tussen privaat en publiek terrein niet altijd duidelijk is. • Weinig stedelijke dynamiek. • Bedrijvigheid lastig in te passen. • Lagere dichtheid, niet hoogstedelijk.
Optie C: Stroken-grid
Het gesloten bouwblok is een beproefde Amsterdamse stedenbouwkundige typologie, die haar sporen heeft verdiend in de grachtengordel, de negentiende-eeuwse wijken, plan Zuid en IJburg Haveneiland. Kenmerken zijn: • Een regelmatig stratenplan met daarbinnen kavels met een breedte van 50 tot 70 m en een variabele lengte. • Straten bij voorkeur even breed als de bouwhoogte van de aanliggende straatwanden. • Contrast tussen drukke publieke openbare ruimte en verstilde private binnentuinen.
Mengvorm tussen strokenbouw en flexibel grid met een beperkte breedte van 30 tot 50m. Mengvorm van de wijken Barceloneta in Barcelona en Quartier Massena in Parijs. De verkaveling van de noordstrook wordt doorgetrokken op de zuidelijke kavels. Dit resulteert in op het water georiënteerde langwerpige kavels, met een variatie aan gebouwtypen. Voordelen van dit model zijn: • Maakt optimaal gebruik van kwaliteit locatie: vanaf diep in het plangebied veel uitzicht op het IJ. • Veel gevellengte met veel adressen voor woningen, voorzieningen en bedrijven. • Maakt variatie aan gebouwtypen mogelijk, evenals het inpassen van bedrijfsbebouwing. • Gevarieerd en contrastrijk. • Goede bezonning van de smalle straten. • Flexibiliteit in realisatie.
De voor- en nadelen van deze opzet zijn: • Breed geaccepteerde oplossing. • Simpel en duidelijk, past goed in een bestaande stedelijke structuur. • Ontkent de specifieke kwaliteit van de locatie, omdat hiermee weinig uitzicht en oriëntatie op de IJ-oever is. • Biedt weinig ruimte voor gewenste variatie in woningtypes en bedrijfsbebouwing. • Bij smallere straten is er veel schaduwwerking. • De binnentuinen zijn exclusief groengebied voor een beperkt aantal omwonenden.
48
49
Herindeling openbare ruimte De openbare ruimte in het gebied zal opnieuw ingericht worden: lanen, straten, drie havenkommen en een enkel pleintje worden geschikt gemaakt voor veranderend en intensiever gebruik. Op de grote, nu private zuidelijke kavels wordt openbare ruimte toegevoegd. Ook hier kunnen keuzes gemaakt worden.
Optie A: Uniforme openbare ruimte en brede straten Over het hele plangebied de openbare ruimte gelijkmatig verdelen: straatbreedtes uniform, met veel pleintjes en kleine parkjes in het gebied. Voor- en nadelen zijn: Lokale, sterk op de buurt gerichte • oplossingen. •
Optie B: Opengraven kanalen
Optie C: Gevarieerd en contrastrijk
De kwaliteiten die het gebied bij de aanleg had, zijn leidend: Gedempte kanalen en insteekhavens worden opengraven. Loskades bepalen de overgangen van land naar water. Er is een beperkte toegankelijkheid over de weg.
Deze opzet kent veel verschillende soorten openbare ruimte, voor verschillend gebruik en verschillende gebruikers. De meeste aandacht gaat uit naar de onderscheidende openbare ruimtes: de IJ-boulevard en de drie havenkommen. Daarnaast is er veel aandacht voor de overgangen naar het omliggende gebied: de Meeuwenlaan en de Van Hasseltweg. Intern zijn er smalle straten, zoveel mogelijk gericht op het IJ, en bescheiden, luwe pocketparkjes.
De voor- en nadelen van deze optie zijn: • Onmiskenbare kwaliteit in beleving. • Kostbaar. • In realisatie en toekomstige bedrijfs- en woonlogistiek gecompliceerd. • Vraagt om collectiviteit ontwikkelaars en gemeente in planvorming en uitvoering. • Concluderend: prachtige maar niet realistische droom.
Smalle kades aan havenkommen en het IJ.
50
De voordelen van dit model zijn: • Rijke variatie in soorten openbare ruimtes, inrichting en beleving. • Speelt optimaal in op de kwaliteiten en mogelijkheden van de locatie. • Bedient stedeling, noorderling en buurtbewoners. • Maakt combinaties van gebruik mogelijk. • Verbindend en onderscheidend.
51
3.2 Programmatische uitwerking strokengrid verkaveling Bouwblok en gebouwtypologieën Streven is het Hamerkwartier (zich) te (laten) herontwikkelen tot een hoogstedelijk, gemengd gebied. Zoektocht is welk programma (verhouding tussen wonen, werken en voorzieningen) daarbij passend is, en van welke omvang en in welke dichtheden. Het totale volume, de dichtheid en de functionele samenstelling van het programma kunnen variëren. Verder kan het programma worden gemengd binnen een gebied of per functie zijn eigen zone krijgen. Om hierin keuzes te maken, moet worden gedefinieerd wat hoogstedelijkheid in Amsterdam betekent en meer specifiek wat voor de Noordelijke IJ-oever, en welke dichtheid dan passend is.
Welke gebouwtypologieën geschikt zijn voor het Hamerkwartier, hangt deels samen met de gekozen stedenbouwkundige typologie. Op dit punt regie voeren is in het Hamerkwartier wenselijk. Ruimtelijk, om zoveel mogelijk mensen te laten genieten van de kwaliteit van de locatie en bij hoogstedelijke dichtheid ook in het gebied voldoende kwaliteit te borgen (licht en zon).Programmatisch, om de gewenste functiediversiteit (met name bedrijvigheid) langdurig te huisvesten en kansrijk te laten functioneren.
Optie A: Werk-woongebied, 51-49 % Dit is conform de Structuurvisie Amsterdam 2040. Ten minste 51% van het te ontwikkelen grondvlak is gereserveerd voor stadsverzorgende bedrijven (ambachtslieden en vaklieden die voorzien in de behoefte van de stedeling aan reparatie en onderhoud). Voor- en nadelen zijn: • Regeling die op verschillende wijzen kan worden uitgewerkt. • Zonering lijkt voor de hand te liggen, maar in de praktijk verdringen de woonfuncties vaak na verloop van tijd de werkfuncties. • Indien perceelsgewijs toegepast en gemengd, verspreid over het hele Hamerkwartier, wel een kansrijke en passende oplossing. • Bedient in die vorm ook doelgroepen die grotendeels al vertrokken zijn naar agglomeratie, namelijk stadsverzorgende bedrijven.
Uitgangspunt voor de herontwikkeling van het Hamerkwartier zijn de Structuurvisie Amsterdam 2040 en Koers 2025 Ruimte voor de Stad. Daarnaast is voor de gewenste programmatische invulling de nota Ruimte voor de Economie van Morgen van belang. Vanuit deze invalshoeken zijn de mogelijke functionele samenstelling onderzocht, de gewenste dichtheid en de parkeeroplossingen.
Functionele samenstelling De functionele samenstelling van het gebied is de verhouding tussen en de invulling van de mix wonenniet wonen. Wonen is binnen de functiemix de meest winstgevende component en heeft daardoor de neiging om zonder kaders werken te verdringen.
Optie A: Gesloten bouwblok met gevelwand in uniforme bouwhoogte Al dan niet gecombineerd met bedrijvigheid of voorzieningen in de plint. De bouwhoogte is variabel. Voor- en nadelen zijn: • Beproefde variant, met hoge dichtheid. • Eenvormigheid in vastgoed, dat wil zeggen vastgoed met een beperkte bandbreedte en flexibiliteit. • Risicomijdend door gelijkheid, beperkend door gelijkvormigheid. • Beperkte mogelijkheden voor bedrijfshuisvesting. • Boven 20 m risico op wandwerking die uitzicht en (zon)licht toetreding beperkt.
45-60m
30m
45-60m
45-60m 30m
Optie B: Wonen-niet wonen 90-10 %
Optie C: Wonen-niet wonen 2/3-1/3
Optie B: Samengesteld blok/strip
De plinten (begane grond) worden geprogrammeerd met commerciële en publieke functies, de bovengelegen lagen bieden ruimte aan wonen. Voor- en nadelen zijn: • Pragmatische, eenvoudige oplossing, maar levert op gebiedsniveau niet de beoogde kwaliteit op. • Maakt tempo en volume woningbouw mogelijk. • Bedient beperkt deel van gewenste economie binnen de ring. • Met name gericht op voorzieningen en dienstverlening. • Stelt fysiek beperkingen aan bedrijvigheid (te kleine vrije vloeren, woningen te nabij).
Perceelsgewijze ontwikkeling van hybride vormen van maakindustrie (maakindustrie die traditionele productie mengt met andere bedrijfsactiviteiten), voorzieningen en wonen naast en boven elkaar. Voor- en nadelen: • Sluit aan op ambities van de nota Ruimte voor de Economie van Morgen. • Maakt een langdurige en kansrijke mix van functies in passend vastgoed mogelijk. • Leefbare en gevarieerde mix met wonen mogelijk. • Te combineren met hoge dichtheid. • Heeft zekere ruigheid die als aantrekkelijk ervaren kan worden, maar ook als niet passend bij een woongebied.
Gecombineerde toepassing van gebouwtypes toren, loods en strook. Met als voor- en nadelen: • Toe te passen in blok en strook. • Flexibele variant door parcellering (pandsgewijze invulling van de straatwand). • Contrastrijk. • Kan als chaotisch ervaren worden. • Grote variatie aan woningtypen en functies mogelijk. • Past het beste bij de verschillende ontwikkelsnelheden in het gebied.
45-60m
45-60m
45-60m 30m
52
53
Dichtheid Een hoge dichtheid wordt gemotiveerd door de ambitie zoveel mogelijk zoekenden naar woningen en bedrijfshuisvesting te bedienen én kritische massa en dus draagvlak voor een rijk aanbod van stedelijke voorzieningen te creëren. Het risico van te hoge dichtheid is dat er wordt ingeboet op kwaliteit. Dat maakt een zorgvuldige afweging noodzakelijk. In onderstaande opties wordt gemiddelde netto FSI per ontwikkelveld genoemd. FSI staat voor Floor Space Index, een begrip dat wordt gebruikt om de mate van intensief ruimtegebruik aan te geven. De FSI geeft de verhouding tussen het bebouwde bruto vloeroppervlak en de oppervlakte van het terrein weer. Een FSI van 1,0 betekent dat er op één hectare grond (100x100 m) 10.000 m² bebouwd oppervlak is.
Optie A: Stedelijk: FSI gemiddeld 2,6
Optie B: Hoogstedelijk: FSI gemiddeld 3,7
Optie C: Super hoogstedelijk: FSI gemiddeld 5,0
• • •
Waarbij de zuidstrook een hogere dichtheid heeft dan de noordstrook. • Vergelijkbaar met ingezette ontwikkeling zuidelijk deel NDSM-werf en Sluisbuurt. • Stevige dichtheid met ranke hoogbouw tot 60 meter en ontspannen doorzichten, wanden tot 20 meter. • Maakt op gebiedsniveau ca. 780.000m² bvo programma mogelijk in Hamerkwartier.
•
Veilige stedelijke dichtheid. Startpunt ontwikkeling NDSM-werf. Maakt op gebiedsniveau ca. 550.000m² bvo programma mogelijk in Hamerkwartier.
54
• • • •
Variatie in noordstrook (FSI 5,5) en zuidstrook (FSI 9). Vergelijkbaar met delen Zuidas en ontwikkeling en in noordstrook NDSM-werf. Voor Amsterdam nieuwe vorm van metropolitane stedelijkheid. Wanden tot 35 meter, torens tussen 60 en 100 meter. Maakt op gebiedsniveau meer dan 1.000.000 m² bvo programma mogelijk.
55
Parkeren Een parkeerplek vraagt tot 30m² bvo. De hoeveelheid parkeerplekken (de norm die gaat worden toegepast) en de fysieke invulling daarvan hebben grote invloed op de gebiedsontwikkeling. Zowel op volume, kwaliteit als functionaliteit. Dit geldt voor zowel parkeren voor bewoners, werken en voorzieningen en voor bezoekers. Fysiek zijn voor het parkeren diverse oplossingen denkbaar.
Optie A: Op straat
Optie C: Ondergrondse, duurzame parkeervoorzieningen
Parkeervakken aan de straat, langs, schuin of haaks. Voor- en nadelen: • Betaalbare oplossing. • Parkeerplekken kunnen gecombineerd worden met laad- en losplekken. • Veel ruimtebeslag en concurrentie met andere ruimteclaims op openbare ruimte. • Niet of nauwelijks te combineren met gevraagde hoogstedelijke dichtheid in deze gebiedsontwikkeling.
In één of twee lagen onder de gebouwde ontwikkeling. Voor- en nadelen: • Prijzige oplossing. • Ontwikkelingen moeten een bepaalde omvang hebben om deze oplossing mogelijk te maken. • Bij realisatie moet rekening worden gehouden met een desinvestering, want deze oplossing is ongeschikt voor transformatie.
Optie B: Bovengronds gebouwd
Optie D: Demontabele of transformeerbare gebouwen
Mogelijk is een parkeervoorziening in één of twee lagen, omzoomd door plintfuncties, afgedekt door een daktuin. Een andere oplossing zijn in gevelwanden opgenomen parkeergebouwen. Voor- en nadelen: • Betaalbare oplossing. • Meest optimaal te combineren met gesloten bouwblokken. • Verdringt ander programma. • Op begane grond bedrijfsfuncties, op verdiepingen woonprogramma. • Niet te combineren met gevraagde dichtheid en functiediversiteit.
Her te gebruiken bouwpakket of om te vormen gebouw met sterke constructie. Voor- en nadelen: • Passende oplossing bij verwachte afname parkeervraag. • Verdringt in aanvang ander programma (dan wel creëert strategische reserve).
56
57
3.3 Conclusies
Flexibel stroken grid Op basis van bovenstaand variantenonderzoek en de voorkeusopties kan een eerste, globale ontwikkelrichting voor het Hamerkwartier worden gekozen. De keuze valt op een gemengd hoogstedelijk milieu met een rijke functiemix over het hele Hamerkwartier. Er wordt nadrukkelijk niet gekozen voor een zonering met residentiële woonbuurten aan het IJ en een gemengd woon-werkmilieu in de noordelijke strook. Functiescheiding en zonering is een concept dat op Overhoeks en aan de zuidelijke IJ-oever al ruimschoots voorhanden is. Het Hamerkwartier wil zich hiervan onderscheiden. Gemengde milieus binnen het Hamerkwartier zijn een kernkwaliteit. Een functiemix wonen-niet wonen 2/3 - 1/3 is daarbij passend. Daarmee wordt ook recht gedaan aan de uitgangspunten van de Structuurvisie Amsterdam 2040 (die een werkwoongebied 50/50 voorstelt), Koers 2025 en Ruimte voor de Economie van Morgen. En tevens voldoet aan kwalitatieve uitgangspunten en voldoende luchtigheid en doorzichten biedt. Een stedenbouwkundige structuur met gesloten bouwblokken past hier niet bij, wel een flexibel grid met oriëntatie op het IJ, in te vullen met een diversiteit aan gebouwtypes. Hiermee wordt bovendien recht gedaan aan de landschappelijke kwaliteiten en potenties van het Hamerkwartier.
De ambitie om te profiteren van de specifieke, historische kwaliteiten van het Hamerkwartier is ook mede bepalend voor de keuze voor een contrastrijke en gevarieerde openbare ruimte, met uitgesproken keuzes en met veel gebruikskwaliteit voor uiteenlopende doelgroepen. Veel aandacht gaat uit naar de verbindingen met het omliggende gebied. Parkeren wordt met een lage norm deels definitief en duurzaam ondergronds opgelost, deels in transformeerbare of demontabele gebouwen. Een programmavolume van circa 780.000 m² met een bijbehorende FSI van gemiddeld 3,7 levert een mate van hoogstedelijkheid op die breed gedragen als passend wordt ervaren. Bovendien beantwoordt dit aan de ambities om zoveel mogelijk zoekenden maar woningen en bedrijfshuisvesting te bedienen én voldoende draagvlak voor een rijk aanbod van stedelijke voorzieningen te creëren. Deze mate van hoogstedelijkheid heeft niet de nadelen van hogere dichtheden, waarbij ingeboet zou worden op kwaliteit.
Maquette voorkeursmodel, flexibel strokengrid Uitgaande van: •
Een programmavolume van circa 780.000 m2 met een bijbehorende gemiddelde FSI van 3,7
•
Tijd: volledige ontwikkeling kan meerdere decennia in beslag nemen.
•
Eigendom: volledige ontwikkeling door alle eigenaren. Ook panden die in de huidige context nog een tijdelijke exploitatie hebben of goed functioneren.
Meatpacking district , New York: gemengd hoogstedelijke milieu met rijke functiemix. Een inspirerend beeld dat op de participatie breed gedragen werd.
58
59
4. Ontwikkelkader Stedelijk wonen tussen de creatieve maakindustrie
In de vorige hoofdstukken is de context geschetst waarbinnen de transformatieopgave voor het Hamerkwartier beschouwd is, zoals gemeentelijk beleid, huidige kwaliteiten van het gebied, het huidige gebruik, ontwikkelingen op stadsdeel en stadsniveau en randvoorwaarden op het gebied van bodem, water en milieu. In hoofdstuk 3 zijn vanuit deze context per onderwerp voorkeursvarianten geselecteerd. In dit hoofdstuk wordt dit vertaald naar een verdere uitwerking van de transformatieopgave, en wel voor de volgende thema’s: Stedenbouwkundige structuur; Economie; Wonen; Werken; Maatschappelijke voorzieningen; Openbare ruimte en verbindingen; Duurzaamheid.
4.1 Stedenbouwkundige structuur In de afgelopen tijd is met verschillende stakeholders (waaronder bewoners) gesproken over wat wordt gezien als kenmerkende en waardevolle elementen in het Hamerkwartier. Aanbevolen wordt om bij de ontwikkeling van het Hamerkwartier de bestaande kwaliteiten als uitgangspunt te nemen:
•
•
De nog aanwezige water- en wegstructuur.
•
Een zorgvuldige inpassing van de Javabrug ten opzichte van waardevolle gebouwen.
•
De grillige, karakteristieke industriële afwerking van het gebied.
•
Een aantrekkelijke overgang tussen Hamerkwartier en de omliggende wijken.
De karakteristieke indeling van de kavels en de maatverschillen in gebouwgrootte.
•
Het creëren van meerwaarde voor de omliggende buurten in de ontwikkeling van het Hamerkwartier.
•
60
De cultuurhistorisch waardevolle complexen en gebouwen als dragers van de historische identiteit. Het Hamerkwartier heeft geen monumenten.
Daarnaast wordt aanbevolen te zorgen voor:
61
Nieuwe plek voor de hele stad: het Oeverpark, kijkend naar centraal station
62
63
Identiteit en karakter
Stedenbouwkundige structuur
Hamerblok
Het Hamerkwartier transformeert van bedrijventerrein naar een bruisende, hoogstedelijke woon-werkbuurt, verbonden met de omliggende buurten IJplein en Vogelbuurt waar van oudsher veel van de fabrieksarbeiders woonden die werkten in de gebouwen op het bedrijventerrein. Deze transformatie wordt onder meer mogelijk gemaakt door de verwachte komst van de Javabrug, die bijdraagt aan een betere ontsluiting voor langzaam verkeer van het Hamerkwartier via JavaEiland naar de zuidelijke IJ-oever. Naast deze nieuwe noord-zuidverbinding, zullen ook de verbindingen naar de rest van Noord en naar omliggende buurten moeten verbeteren, in oost-west richting.
Over de gehele lengte van het plangebied aan het IJ wordt een 50 meter breed oeverpark aangelegd. Daarin komt een doorgaande fietsverbinding met een brug over het Motorkanaal en een verbinding oostwaarts door het W.H. Vliegenbos en Rietlanden. Er worden door het projectteam Javabrug varianten onderzocht voor de aanlanding van de brug in het Hamerkwartier. Er zijn referentie ontwerpen gemaakt met een aanlanding ter hoogte van het Motorkanaal en de Boorstraat. Ook meer oostelijke varianten worden onderzocht. Naar verwachting eind 2018 zal een besluit worden voorgelegd over de definitieve aanlandingslocatie.
Binnen de gridstructuur is ruimte voor flexibiliteit en een variërende, ontspannen volumeopbouw, met voldoende licht in de straten. Om vorm te kunnen geven aan een mix van wonen als werken wordt binnen dit grid gewerkt met het ‘Hamerblok’. Dit blok is samengesteld uit verschillende gebouwtypen, waarbinnen wonen en werken worden gecombineerd. Hierdoor kunnen werkunits van circa 1.500 m² (footprint 1.000 m²) ook in de toekomst veranderen van omvang en in gebruik. Bedrijven kunnen worden gehuisvest in gebouwen met een kolomvrije vloer en een vrije verdiepingshoogte van 8 meter. Stadsappartementen vinden een plaats in hogere gebouwen van 30 tot 60 meter. Als deze staan op een footprint van 500 m², kan daaromheen ruimte vrij blijven voor bedrijven en stadswoningen op de begane grond. Bedrijven kunnen op de begane grond vrij functioneren. Vanuit de woningen kunnen de groene, openbaar toegankelijke daken van bedrijven worden bereikt. Vanuit de appartementen kan er genoten worden van het uitzicht op het IJ en het Vliegenbos, ook vanuit de tweede linie.
De aantrekkelijkste, cultuurhistorisch waardevolle en goed functionerende werkgebouwen en voorzieningen blijven staan. De nieuwbouw plooit zich hieromheen. Gemengd door de buurt en op logische plekken is veel ruimte voor voorzieningen en nieuwe werkgebouwen. Direct aan de straten, de pleinen en aan het park in robuuste industriële gebouwen. Alles bij elkaar opgeteld ontstaat het beeld van een aantrekkelijke en onderscheidende buurt, een duurzaam, gemengd stuk stad, waarin het goede behouden blijft en potenties worden benut. Tegelijkertijd moet het Hamerkwartier een contrastrijk stadsdeel blijven, waarin het industriële verleden zichtbaar blijft en een hoge diversiteit past aan architectuur, gebouwen, functies en structuren. Een stuk stad dat intensief en verschillend wordt gebruikt, waar oud en nieuw hand in hand gaan en waar zowel oude en nieuwe bewoners zich thuis voelen.
De fijnmazige stedenbouwkundige structuur in de noordelijke kavels tussen Meeuwenlaan en Gedempt Hamerkanaal functioneert in de huidige staat prima en is maatgevend voor het grid van het Hamerkwartier. In het op het IJ georiënteerde flexibele grid dat ontstaat, kunnen in de toekomst extra doorsteken gemaakt worden in de oost-westrichting. Dit zorgt voor een informeel en fijnmaziger netwerk met meer gevellengte en adressen. Op de grote zuidelijke kavels worden naar het oeverpark en het IJ (deels autoluwe) straten aangelegd van 15 m breed. Deze sluiten aan op en liggen in het verlengde van de straten op de noordelijke kavels, of flankeren de te handhaven gebouwen. Hiertussen ontstaan flexibel in te vullen kavels, stroken in breedte variërend van 30 tot 60 m, en met maximaal 150 m gevellengte. Verspreid over het plangebied blijven in ieder geval het cultuurhistorisch waardevol vastgoed, te behouden opstallen of goed functionerende bedrijven staan. De overige delen van de kavels kunnen gefaseerd transformeren (noordstrook) of grootschaliger geparcelleerd ontwikkeld worden (zuidelijke kavels). Naast de te behouden opstallen wordt circa 80.000 m² bvo bedrijfsvloer toegevoegd, waarvan circa 75.000 m² in zelfstandige units van gemiddeld 1.000 m² footprint, op de begane grond, kolomvrij, met een vrije hoogte van circa 8 m.
Naast ruimte voor bedrijven zal ook ruimte voor voorzieningen gecreëerd moeten worden. Zowel maatschappelijke als commerciële voorzieningen.
Samengevat bestaat het Hamerblok dus uit: •
8m hoge bedrijfsbebouwing in units van circa 1.500 m² bvo met een toegankelijk groen dak.
•
Appartementsgebouwen van 15 tot 30 meter hoog, met hoge plint met voorzieningen en werkfuncties.
•
In de tweede lijn ranke woontorens met hoogtes variërend van 30 tot 60 meter (In de zone rondom de Johan van Hasseltkom is er een zoekgebied voor torens tot 140meter), met collectieve buitenruimtes op het groene dak van naastgelegen bedrijfspanden (component 1).
In de transformatie wordt de bouw van woontorens (30m, 45m en 60m hoog) in een footprint van 500m² gekoppeld aan de realisatie van minder renderend vastgoed. In de vorm van een bedrijfsgebouw, met een vrije hoogte van 8m en een footprint van minimaal 1.000m². Het dak van de bedrijfsruimte kan vervolgens dienen als collectieve daktuin. De footprint voor de ontwikkeling van een woontoren met bijbehorende bedrijfsloods bedraagt dus minimaal 1.500m².
45-60m
1. Zonlicht en uitzicht
2. Functie mix 50/50 in gevel &footprint BG
3. Waarde van behouden en hergebruik
4. Financieel schema
Havenkommen Waterfront Groene entrees Pocket parken
Hoofdopzet openbare ruimte raamwerk
64
65
Collectieve daktuin, bovenop de bedrijfsruimte
66
67
ad
fstraat
elk
e
we g
Za me nh ofs tra at
ass elt
Hamerstraat
Sch aaf str aa t
Beitelka elk
an we nla Me eu
an
ad e
Zame nhofs traat
de
Vo g Joh
va nH
we g
Compositie silhouette Om doorzicht vanuit achterliggende buurten op het IJ vrij te houden, wordt er een luchtig silhouet voorgesteld. Dit levert voor de tussenstraten haaks op het IJ een getrapte opbouw op. Bouwhoogtes aan straten zijn leidend.
60m
45m
30m
25m
30m
25m 15m
7m
15m
Ge
at tra
de mp tH
kers Mo
am
er k
an aa l
ass elt
Hoogbouwzones - Verdraaiing gedempt Hamerkanaal - Oeverpark en IJ-zijde - Havelkommen
Gebiedsniveau
va nH
Fixatie torenposities 60m
Zamen ho
Me eu we nla an
an
e Spijkerkad
ven Spijkerha
Aa ade Beitelk
Minimale onderlinge afstand Minimaal 50m afstand van hart tot hart, 35 m van gevel tot gevel
Ge
t straa
de mp tH
ker Mo
am
erk
de
an aa l
Spijkerka
kanaal
aven Spijkerh
pt Hamer Gedem
Ha vik sla an
Sch aaf str aa t
Za
al
me nh ofs
t aa str
tra at
eld
be m
merkana
at Hamerstra
aan t Ha enlmp euwde MeGe
Hamerst
Aa
raat
eld
be m
Toren + groen Alleen langs grote openbare ruimtes en pockets mogen torens direct aan de straat staan.
t aa str
l
raat
30 meter
200m
100m
25m 50m
200m 100m hoofdstructuur
hoofdstraat of lijn 100m
20 meter
200m 25m
al Noordw
100m
50m
30 meter
hoofdstructuur
hoohoo fdstraat fdstraat of lijn tussenstraat
20 meter
200m
hoofdstraat
raat hootussenst fdstraat hoofdstraat tussenst raat
15 meter 15 meter
50m
2 torens per ontwikkelveld Maximaal twee hoogte accenten per ontwikkelveld
Slagschaduw op andere gebouwen beperken tot een paar uur dag tussen apr-sept
60m 19L
Afmetingen gevel en hoogte Hoogte 30-60m Gevellengte Max. 25m
BVO/FSI Per ontwikkelveld zijn er maatgevende regels
Bedrijfsruimte Aan een torenpositie wordt de realisatie van een zelfstandige bedrijfsruimte gekoppelt van 1000m2. Deze heeft een vrije hoogte en dient tevens als daktuin voor bewoners van de toren.
nhofs ho trafs attraa
VVoogelk geade lka d
e
elt
Oriëntatie Haaks op het IJ en stratenpatroon
we g
Vrij uitzicht Vanuit woningen moet er minimaal 50% vrij zicht gegarandeerd kunnen worden
Footprint toren max.500m2: ranke torens
ZZaam meen hno hfsotra fastt ra
at
JJoohhan avnan H vaasse n Hltw aesgs
Za Zam meen
MMeee euuwe wnelaa nnla an
t
tussenstraat
Flexibele regels toren posities 30m, 45m en 60m hoog
Hamerst
25m 50m
Ontwikkelveld
erkanaa
Gebouw
t Ham Gedemp
al Motorw 2
al an a
* Daarnaast zullen er in specifieke zoekgebieden torens van 140m hoog aangewezen worden.
am er k
de
mp tH Gae md erk eam nap alt H de
str at ker a Moerstr k Mo
aat
IJ
25m
20m
20m
aal
8
n nl aa uw e
30m
9
rstraa meraat Haerst Ham
Motorkan
toalrwal torw Mo Mo
1
ee
naa t Hamerka Gedemp naal
Hamerka
m
at
a saattr str edld beeel mmb AaAa
l
Gedempt
g ha ede m m er pt ka na al
n
ijkederkade pijkerka SSp
rhave aven ijke Spkerh Spij
naal aal rka kanme t Ha
laa
aa fst raa t
lka ade ite telk Be Bei
11
Hamer mptmp Geede Ged
HHa vaik vsiklaa sn
Sch aaf str Scaaht
at raat erst erstra Ham Ham
laan uwen
Mee enlaan Meeuw
Ge
m
Vo g Joh
15m
15m
15m
t 7
25m
50m
100m
200m
Flexibele accenten van 30m
6
30 meter
al al ordw Noo Nordw
100m
Flexibele accenten van 45m
4
3
50m
Gefixeerde accenten van 60m 25m 50m
5
hoofdstructuur hoofdstraat of lijn
20 meter
fdstraat 50m radius vanuit hethoo hart tussenstraat
200m
15 meter
68
15m
25m
Zuidstrook
15m
40m
Noordstrook
Laagbouw en straatwanden sluiten aan op omliggende buurten. Hogere accenten 30-60m komen tussen de laagbouw, met veel lucht tussen de verschillende accenten. Aan het IJ is een grotere maat qua ruimte en kunnen meer en hogere toren gepositioneerd worden.
hoofdstraat tussenstraat
69
4.2 Woningen voor alle doelgroepen Bouwhoogtes De bouwhoogtes aan de straten lopen op van 15 m aan de Meeuwenlaan, via 20 m aan het Gedempt Hamerkanaal tot maximaal 30 m aan de IJ-boulevard. Hoogbouwaccenten tot 60 m zijn gefixeerd op plekken die bijzondere lijnen en plekken op de Noordelijke IJ-oever markeren. Als verbijzondering hierop zijn er specifieke zoekgebieden voor torens tot 140m opgenomen. Deze zones zijn op de spelregelkaart (voorblad) aangegeven rond de Johan van Hasselt kom en de GVB pontveerhaven, de plek waar het IJ een verdraaiing kent en het oude kanaal profiel samenkomen.Deze plek raakt aan de zoeklocatie van een hoogbouwaccent tot 140 meter in de gebiedsvisie. In de volgende planfase worden de wenselijkheid en haalbaarheid van deze accenten onderzocht. Hoogbouwaccenten tot 45 m zijn toebedeeld per ontwikkelveld. De exacte locaties worden aan de hand van een aantal spelregels vastgelegd. Grenzend aan Vogelbuurt en Vogeldorp zijn hoogbouwaccenten gemaximeerd op 30 m, met een enkele van 60 m uitgezonderd.
Dit levert een aantal kwaliteiten op, passend bij locatie en ambities: •
Optimaal benutten uitzicht en kwaliteit van wonen aan het IJ.
•
Mix van woningtypes, elk met eigen kwaliteit.
•
Maximale mogelijkheid tot bezonning van woningen.
•
Zelfstandige bedrijfsgebouwen met vrije vloer, met op de daken collectieve tuinen voor bewoners.
•
Licht in compacte straten en doorzichten naar het IJ vanuit achterliggende wijken en bouwblokken.
•
Laat verschillende korrelgroottes, ontwikkelingen en ontwikkelsnelheden toe.
•
Sluit het best aan op de bestaande context en te
12.00 u 9.00u
15.00 u 18.00 u
Silhouet
Slagschaduw
Uitzicht
Doorzichten IJ visuele verbindingen met omliggende wijken
Maximaal 1x per dag schaduw op je woning Zon in belangrijke publieke ruimtes met maanden april - september als uitgangspunt
Woonkwaliteit 1/2 van je zicht moet vrij zijn Lichtinval garantie/ uitzicht garantie
Zowel vanuit de bestuurlijke opdracht als vanuit het participatietraject komt een duidelijke wens naar voren om van het nieuwe Hamerkwartier een buurt voor iedereen te maken. Voor jong en oud, Amsterdammers en nieuwkomers, voor verschillende inkomensklassen en verschillende gezinssituaties. Een belangrijk middel om hierin te sturen is de opbouw van het woonprogramma, dat circa 6.700 woningen (ca. 510.000m² bvo) beslaat. Insteek is realisatie van een grote diversiteit aan woningtypes. Met variaties in prijsstelling, grootte, type, onderscheidende kwaliteit en bovendien realisatie van woningen voor bijzondere doelgroepen. Ook de relatie met voorzieningen is van belang. Dit staat in paragraaf 4.4 beschreven. In het Hamerkwartier wordt gestreefd naar de volgende verdeling in woninggroottes: 30% klein, 45% middelgroot en 25% groot.
Binnen het Hamerkwartier is ruimte voor circa 300 studentenwoningen en jongerenwoningen, waarbij de verhouding 60-40% is. Dit betekent circa 180 studentenwoningen en 120 jongerenwoningen. Woningen voor statushouders. Woningen voor grote gezinnen (drie of meer kinderen) met een laag inkomen, en met een woonoppervlak van tenminste 80 m². Voor de bouw van grote sociale huurwoningen door corporaties is (onder andere voor Noord) een subsidie beschikbaar (Subsidieverordening Stedelijke Vernieuwing).
Doelgroepen Het woonprogramma van het Hamerkwartier speelt in op de behoeften van verschillende doelgroepen. Het belangrijkste uitgangspunt is dat alle woningtypen (groot en klein) aanpasbaar worden gebouwd (volgens de richtlijn Aanpasbaar Bouwen), zodat flexibiliteit voor toekomstige doelgroepen geborgd wordt. Verder is een verdeling over verschillende financieringscategorieën van belang en daarbinnen de mix aan woninggroottes voor gezinnen, koppels en alleenstaanden. Daarnaast is er aandacht voor speciale doelgroepen, in zelfstandige woningen dan wel geclusterde vormen van zelfstandige woningen al dan niet in combinatie met zorg. Behoefte aan geclusterde woonvormen is ontstaan als gevolg van vernieuwingen in de zorg (scheiden wonen-zorg/ extramuralisatie). Voor de realisatie hiervan hebben private partijen interesse, maar ook zorginstellingen die innovatieve woonzorgvormen voor kwetsbare groepen willen realiseren. Doelgroepen die in het woonprogramma van Hamerkwartier worden onderscheiden zijn: Ouderenwoningen: deze beslaan minimaal 5% van het totaal aantal woningen, in elk segment.
Dit is besloten naar aanleiding van een aangenomen motie van Partij van de Ouderen bij de vaststelling van de Woonagenda 2025 In de volgende fase wordt onderzoek gedaan naar levensloopbestendige woningen, voor een wooncarrière voor ouderen in de derde en vierde levensfase, ook voor ouderen uit de omliggende buurten. In de volgende fase zal ook onderzoek worden gedaan om deze woningen in de buurt van het zorg- en welzijnscentrum te realiseren. Woningen voor zorgbehoevenden, waaronder mensen met een lichamelijke beperking (rolstoel). Minimaal 1% van de woningen. Voor het Programma Huisvesting Kwetsbare
70
Groepen zijn met corporaties afspraken gemaakt om kwetsbare mensen met een urgente woonvraag te huisvesten.Maximaal 30% van hun vrijkomende sociale huurwoningen gaat naar deze groepen.
Sociale huurwoningen Sociale huurwoningen en passend toewijzen Onder de gereguleerde huursector worden sociale huurwoningen verstaan met een huurprijs tot € 710,68 (prijspeil 2017). Sociale huur in de omliggende wijken De Vogelbuurt, het Vogeldorp en de IJpleinbuurt hebben een woningvoorraad van zo’n 4000 woningen. De buurten kennen een vrij eenzijdige sociaaleconomische bewonersopbouw doordat 67% (bron: Gebied in Beeld, OIS Amsterdam) van deze woningbouw uit sociale huurwoningen bestaat. Slechts 8% is middeldure huur en 20% zijn koopwoningen en dure huurwoningen. Daarnaast zijn met name de woningen in de Vogelbuurt relatief klein, niet geïsoleerd, gehorig en vochtig en is er sprake van achterstallig onderhoud. In de IJplein-Vogelbuurt zijn veel woningen geschikt voor verhuring aan kwetsbare doelgroepen. Hiermee wordt een groot beroep gedaan op de draagkracht van deze buurten. In 2018 is het programma Ongedeelde wijk gestart met een intensief traject om met en tussen de corporaties strategie-afspraken te maken. De ambitie is om een gezamenlijke vastgoedaanpak vorm te geven voor de IJplein-Vogelbuurt en de kansen die de ontwikkeling van het Hamerkwartier biedt. Vastlegging van deze afspraken wordt in 2019 verwacht. Sociale huur in het Hamerkwartier Om de transformatie door grondeigenaren en erfpachters haalbaar te maken wordt in het Hamerkwartier ingezet op 30% sociale huur.
Daarbij is het noodzakelijk in de volgende fase de woningtypes en
71
Woningprogramma Totaal programma Hamerkwartier
1
ca. 780.000 m2 bvo ca. 2/3
ca. 1/3
werken & voorzieningen ca. 270.000 m2 bvo
2
Sectorale typologieën GO 30%
€
Sociale huur
€
Middeldure huur
€
Vrije sector koop/huur
30%
45%
25%
klein
middelgroot
groot
1.281
335
335
-
1.951
650
woningen
650
650
650
woningen
1.931
2.936
1.635
6.502
40% 30%
woningen
woningen
woningen
2.601
1.950
woningen
*
gemiddelde woninggrootte is 77m2 bvo
**
De woningaantallen zijn excl. de ca. 150 bestaan te handhaven woningen.
Gebruiksoppervlak (GO)
60m 20L
+ 70m2 60m2
30-70m2
10L
50m2 60m2 5-10m
+70m2
2L
Doelgroepen en ruimtegebruik Student/uit huis
Jongeren
€ €
50m2
30m
€
€
€
Doelgroepen naar levensfase Samenwonend/starters Eenkinds gezin
15-30 m2
ruimtegebruik
1.951
woningen
Conceptuele uitwerking doelgroepenmix hamerblok
3
Middeldure woningen (huur&koop)
huurniveaus binnen dit segment voor het Hamerkwartier nader te definiëren. Tegelijkertijd willen we een deel van de sociale huur reserveren om de aansluiting met het bestaande gebied te borgen. Zo maken we de gewenste dynamiek in de vastgoedvoorraad – zoals de doorstroming van ouderen naar passende nieuwbouw en hoogwaardige renovatie van de historische arbeiderswoningen in o.a. de Vogelbuurt mogelijk.
woningen ca. 510.000 m2 bvo
30-50 m2
Alleenstaande ouder
Meerkinds gezin
Empy nesters
Senioren
Doorstroom De ontwikkeling van het Hamerkwartier kan bijdragen aan een betere balans van het woonprogramma in de omliggende wijken als doorstroom van omwonende sociale huurders naar passende woningen in het Hamerkwartier gestimuleerd wordt. Binnen de vastgoedaanpak vallen mogelijk ook afspraken over de liberalisatie van sociale huurwoningen naar middeldure huur om de draagkracht van de omliggende wijken te vergroten. Bij het opstellen van de Investeringsnota zal, in samenwerking met de woningcorporaties, een verdiepingsslag worden gemaakt t.a.v. het sociale woningbouwprogramma voor het Hamerkwartier. Hierbij zullen de ontwikkelingen in de woningvoorraad in de bestaande buurten nauwlettend worden gemonitord. Duurzame sociale huur Door private ontwikkelaars gebouwde en geëxploiteerde sociale huurwoningen groter dan 40m2 kunnen na 15 jaar worden verkocht op de vrije markt. Daarbij worden deze woningen verhuurd buiten Woningnet om en geldt hier niet de afspraak die de stad heeft met de woningcorporaties dat minimaal 30% van de vrijkomende woningen wordt verhuurd aan kwetsbare groepen. Om ook op de langere termijn een stabiele voorraad sociale huurwoningen in het gebied te hebben en om structureel huisvesting te realiseren voor kwetsbare huishoudens zetten we ons in om sociale huurwoningen door woningbouwcorporaties te laten ontwikkelen.
Middeldure huurwoningen zijn zelfstandige huurwoningen met een huur van €710 tot €971 (prijspeil 2017). Er zijn te weinig middeldure huurwoningen in Amsterdam. De gemeente zet daarom in op de bouw van 1.500 middeldure huurwoningen per jaar tot 2025. In dit segment moet ook ruimte zijn voor marktcontraire, grotere woningen voor gezinnen. Voorgesteld wordt om hiervoor een verdeling van 75% middelgroot – 25% groot te hanteren. Voor grote locaties als het Hamerkwartier gaat de gemeente uit van zowel middeldure huur als middeldure koopwoningen (koopsom VON vanaf €152.000 tot €250.000). Voorgesteld wordt om gezien de opgave voor de stad in het Hamerkwartier in te zetten op de 40% middeldure woningen.
Dure woningen (huur&koop) Hieronder worden verstaan alle huurwoningen met een huur vanaf €971 per maand en de koopwoningen vanaf een koopsom VON van €249.000. Voorgesteld wordt om gezien het beperkte aanbod dure woningen in de omliggende buurten en de bijzondere verdeling van de grondposities (geen gemeentelijke grondposities) in het Hamerkwartier,30% van het woningaanbod in het dure segment te positioneren.
Aanpassing gemeentelijk beleid Dit vergt echter wel aanpassing van het gemeentelijk beleid. Er is namelijk afgesproken dat op gemeentelijke grond corporaties voorrang hebben voor het realiseren van sociale huurwoningen. Maar op reeds uitgegeven grond, waar in het Hamerkwartier sprake van is, is deze afspraak niet van toepassing. Op de grotere kavels (een bruto ontwikkelveld groter dan 2500 m²) lijkt realisatie van sociale huurwoningen door en/of voor toegelaten instellingen het meest kansrijk. De ambitie is om ook op kavels kleiner dan 2500 m² bruto ontwikkelveld toegelaten instellingen sociale huurwoningen te laten realiseren. Grote sociale huurwoningen Streven is om in aantallen minimaal 17,5% grote sociale huurwoningen (groter dan 65m² GO) te realiseren.
50-90 m2
90-120m2
72
73
74
75
Totaal programma Hamerkwartier
4.3 Economie: werk voor iedereen
woningen ca. 510.000 m2 bvo
ca. 1/3
werken & voorzieningen ca. 270.000 m2 bvo
Werken & voorzieningen
showroom
bedrijfsruimte
kantoor
Behoud programma ca. 100.000m² Bvo Voorzieningen ca. 40.000m² Bvo
wonen wonen
Nieuwe werkfuncties ca. 130.000m² Bvo Solitair kantoor (max 500m²) ca. 50.000m² Bvo Bedrijfsvloeren * ca. 80.000m² Bvo
showroom
bedrijfsruimte
kantoor
an
Vo g Joh
an
elk
ad
e
Zame nhofs
Met de kleinere bedrijfstypen en de intensivering van de hoeveelheid werknemers per vierkante bedrijfsmeter, zullen er straks in het gebied ongeveer 5.000 mensen werken, uitgaande van gemiddeld 35m² per werknemer. Dit is een verdubbeling van het huidige aantal arbeidsplaatsen. Ongeveer één derde van de mensen die straks in het gebied aanwezig zijn, zal bij een van de bedrijven werken; twee derde is dan bewoner.
traat
* waarvan ca. 60.000 m² bvo in grondgebonden solitaire bedrijfsbebouwing (op een footprint van ca.40.000 m²) met een vrije hoogte van 8 m en eenkantooraandeel per vestiging van maximaal 50%)
va nH
we g
enlaan Meeuw
Za
ade Beitelk
an aa l Ge
t traa
de mp tH
kers Mo
am
erk
aven
ade Spijkerk
naal t Hamerka
Spijkerh
Gedemp
Ha vik sla an
me nh
ofs tra at
ass elt
Sch aaf str aa t
at Hamerstra
Uit onderzoek blijkt dat perspectief op werk in combinatie met goede opleidingsmogelijkheden mensen de meeste kansen biedt om te ontsnappen aan langdurige werkloosheid en armoede. De belangen van de omliggende wijken en de versterking van de buurteconomie worden daarom nadrukkelijk meegenomen in de sociaaleconomische ontwikkeling van het Hamerkwartier. Dit wordt gedaan door ruimte te bieden aan ambachten. Daarnaast wordt ernaar gestreefd om in de toekomst naast kenniswerk ook werkgelegenheid te bieden aan vakgeschoolden. Verder moet de transformatie van het Hamerkwartier mede een impuls geven aan lokale initiatieven om vraag en aanbod van werk bij elkaar te brengen en stage- en werkervaringsplaatsen te scheppen en bewoners behulpzaam te zijn bij het opzetten van hun eigen onderneming. Nu al wordt gesproken met organisaties zoals Eva en Adam, Eigen Werk, WPI en Noord Werkt.
In het Hamerkwartier zijn kansen om een deel van de aanwezige bedrijvigheid die past in het woonmilieu te integreren in de ontwikkeling van de nieuwe wijk. Door de geleidelijke transformatie zonder gedwongen uitplaatsing van bedrijven blijft ongeveer 100.000m² bvo bestaand bedrijfsvastgoed gehandhaafd, verspreid over het gebied. Daarnaast wordt ongeveer 130.000m² bvo nieuw werkprogramma in kleine, middelgrote en grote units van zo’n 1.500m² bvo toegevoegd. Het gaat hierbij om hybride bedrijven (50% bedrijfsruimte op begane grond, 50% kantoorruimte op de bovengelegen bouwlagen), zoals moderne productiebedrijven, mode-industrie en architectenbureaus, waarbij productieprocessen steeds meer in kantoorruimtes plaatsvinden. Daarnaast is ook ruimte voor klassieke ambachten, zoals lokale voedselbewerking en technische ambachten die nu ook al in de Hamerstraat gevestigd zijn. Conform de Kantorenstrategie Amsterdam uit 2017, wordt ingezet op een kantoorvolume van 50.000m² na 2020.Om het werkprogramma niet te laten wegdrukken door het lucratievere woonprogramma, wordt voorgesteld een harde ondergrens van 270.000 m² bvo werken en voorzieningen te hanteren. Dit kan publiekrechtelijk (omgevingsplan) én privaatrechtelijk (erfpacht) worden geborgd.
ca. 2/3
we nla
Versterking van de buurteconomie
Concreet: omvang werkprogramma en werkgelegenheid