CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A- 29 Inburgering (21) onderzoek naar gezinsmigranten

RAAD 31 maart 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de uitkomsten van het onderzoek naar gezinsmigranten in Amsterdam. Nr. VN2021-00613822.450 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

bankrekening openen

20

54

13

6

22 3

heel makkelijk verzekeringen afsluiten

12

46

23

10

makkelijk

22 5

niet makkelijk, niet moeilijk info vinden over regels in NL

7

37

36

14

moeilijk

3 3

heel moeilijk nvt op mij

verblijfsvergunning regelen

12

29

34

14

8

12

weet niet / geen antwoord

belastingaangifte doen

6

18

20

20

8

11

17

% 0

20

40

60

80

100

Verschillen tussen groepen:  Gezinsmigranten met een partner die goed Nederlands spreekt, vinden het vaker makkelijk om informatie te vinden over de regels in Nederland.  De belastingaangifte wordt minder vaak moeilijk gevonden naarmate men langer in Nederland woont.

33

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

4 Het leven in Amsterdam

4.1 Nederlands leren en een woning vinden het vaakst moeilijk De volgende figuur laat zien hoe makkelijk of moeilijk bepaalde aspecten van het leven in Amsterdam zijn voor gezinsmigranten. Vervoer en leuke dingen doen zijn het vaakst (heel) makkelijk en Nederlands leren en een woning vinden het vaakst (heel) moeilijk. Figuur 4.1 Hoe makkelijk of moeilijk zijn de volgende dingen voor u in Amsterdam? n=504, procenten

vervoer in de stad

39

leuke dingen doen in A'dam

46

27

inschrijven bij gemeente

47

16

vrienden maken

10

57

9

28

27

inburgeringscursus volgen

5

21

25

werk vinden

5

20

27

woning vinden

6

Nederlands leren

4

17

21 6

16

5 3 12

20

21

23

9

8

heel makkelijk makkelijk

2 5

10

niet makkelijk, niet moeilijk

10

moeilijk 25

11

5

7

heel moeilijk 12

12

uitkering, toeslag aanvragen 2

12

kinderen opvoeden 2

11

0

7

13

30

25

15

12

20

22

35

7

4

32

18

38

nvt op mij

3 3

24

60

weet niet / geen antwoord

22

46

40

10

80

% 100

Verreweg de meeste gezinsmigranten vinden het in Amsterdam (heel) makkelijk om zich te verplaatsen (85%), leuke dingen te doen (74%) of zich in te schrijven bij de gemeente (73%). Migranten die het niet moeilijk, maar ook niet makkelijk vinden om leuke dingen te doen in de stad hebben relatief vaak een partner die niet (alleen) de Nederlandse nationaliteit heeft, geen Nederlands spreekt en/of laagopgeleid is. Bijna vier van de tien gezinsmigranten (37%) vinden het (heel) makkelijk om vrienden te maken in Nederland. Groepen die het vaker moeilijk vinden om vrienden te maken in Amsterdam zijn hoogopgeleiden, personen onder de 30 jaar en/of gezinsmigranten met een Aziatische nationaliteit. Over het volgen van de inburgeringscursus zijn de meningen verdeeld: 26% vindt dit (heel) makkelijk en 29% (heel) moeilijk. Westerse gezinsmigranten vinden het relatief vaak makkelijk en de groep die het moeilijk vindt komt relatief vaak uit Marokko of Azië en/of heeft een laagopgeleide partner.

34

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Over het leren van de Nederlandse taal is men meer eensgezind: 53% vindt dit het (heel) moeilijk. In Hoofdstuk 7 wordt verder ingegaan op inburgeren en het leren van de taal. Een woning vinden in Amsterdam wordt het vaakst heel moeilijk gevonden (30%). Marokkaanse gezinsmigranten vinden dit het vaakst moeilijk. Voor westerse migranten of migranten met een partner met de Nederlandse nationaliteit is het relatief vaak (heel) makkelijk om een woning te vinden. In dit laatste geval is de vraag ook vaker niet van toepassing, waarschijnlijk omdat de partner al een woning had in de stad. Werk vinden is volgens 36% (heel) moeilijk. Dit percentage ligt hoger onder migranten die korter dan een jaar in Amsterdam wonen, afkomstig zijn uit Marokko en/of hoogopgeleid zijn of een hoogopgeleide partner hebben. Westerse gezinsmigranten vinden het vaker dan gemiddeld (heel) makkelijk om werk te vinden. In hoofdstuk 6 wordt dieper ingegaan op het thema werk. Een uitkering of toeslag aanvragen, vindt ruim een op de tien moeilijk. Dit percentage is hoger onder laagopgeleiden en gezinsmigranten met een partner die (ook) een andere nationaliteit dan Nederlands heeft. Dit komt ook doordat de overige gezinsmigranten vaker aangeven dat het aanvragen van een uitkering op hen niet van toepassing is. Dit heeft waarschijnlijk te maken met het inkomen van de partner.

Tussen gezinsmigranten die wel of niet werken is geen verschil. Bijna drie op de tien gezinsmigranten weten nog andere dingen te noemen die ze moeilijk vinden in Amsterdam. In veel gevallen gaat het om toelichtingen op thema’s die ook in de vorige vraag zijn opgenomen. Nieuwe onderwerpen die vaker worden genoemd zijn:  De kosten van het inburgeren.  Een huisarts vinden en begrijpen waar je voor welke medische zorg terecht kunt.  Dat alle officiële informatie in het Nederlands is.  Informatie vinden over de rechten van werknemers.  Een rijbewijs halen.  Contact maken met Nederlanders.  Wennen aan het weer. Alle antwoorden zijn opgenomen in een aparte bijlage.

4.2 Meest gebruikte informatiebronnen: partner, bekenden en social media De meeste gezinsmigranten komen aan informatie over het leven in Amsterdam via hun partner (82%) of andere familie en bekenden (53%). Deze percentages zijn hoger als de partner Nederlands spreekt en minimaal een middelbare opleiding heeft. De helft van de gezinsmigranten haalt informatie van social media. Dit zijn vaker mensen onder de 40 jaar en hoogopgeleiden. Ruim een derde (34%) wordt op de inburgeringscursus geïnformeerd over het leven in de stad. Het gaat hierbij vaker om niet-westerse en/of laagopgeleide migranten. Bijna drie van de tien gezinsmigranten (29%) halen informatie van de site van de gemeente (amsterdam.nl) en 9% bezoekt (ook) andere sites voor informatie over Amsterdam. Sites die in dit verband vaker worden genoemd zijn AT5, iamexpat, iamsterdam, Google en YouTube.

35

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Informatiebronnen uit de categorie anders (8%) die vaker worden genoemd, zijn werk en collega’s, boeken, de bibliotheek, kranten, de sportschool, de universiteit en televisie. Tabel 4.2 Hoe komt u aan informatie over het leven in Amsterdam? Meerdere antwoorden mogelijk, n=504

mijn partner

%

Relatief vaak genoemd door

82

30-39 jaar Hoogopgeleid Partner spreekt NL, min. middelbaar opgeleid, NL nationaliteit

andere familie, vrienden of kennissen

53

social media (Facebook, Instagram) of

50

Hoogopgeleid Partner spreekt NL, minstens middelbaar opgeleid

internetfora

40-minners (partner) hoogopgeleid

via de inburgeringscursus

34

Marokkaanse, Aziatische en overig niet-westerse nationaliteit Laagopgeleid Partner slecht NL en/of maximaal middelbaar opgeleid

www.amsterdam.nl

29

buren

13

andere websites

9

folders

9

Partner laagopgeleid Marokkaanse nationaliteit Partner maximaal middelbaar opgeleid

organisatie voor migranten

7

2-3 jaar in NL

buurthuis / huis van de wijk

5

Marokkaanse en overige niet-westerse nationaliteit

anders

8

weet ik niet / geen antwoord

3

4.3 Een op de vijf gezinsmigranten heeft meer hulp nodig Zeven van de tien gezinsmigranten (69%) vinden dat ze genoeg tot zelfs teveel hulp krijgen met het beginnen van een nieuw leven in Amsterdam. Uit de toelichtingen blijkt dat in vrijwel alle gevallen de partner deze hulp biedt en dat de hulp als positief wordt ervaren. Vaak heeft de partner ook een netwerk van familie en vrienden waar de gezinsmigrant bij aan kan sluiten. Een andere veelgebruikte hulpbron is het internet, ook voor vertalingen. Als dit niet voldoende is, kan deze groep vaak bij iemand terecht om het te vragen. Zeker omdat men zich in Amsterdam goed kan redden met Engels. Figuur 4.3 Krijgt u genoeg hulp met het beginnen van een nieuw leven in Amsterdam? n =504 (%) 11%

3% ja, zelfs te veel

ja, genoeg

20%

nee, ik heb meer hulp nodig 66%

weet niet / geen antwoord

36

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Een op de vijf gezinsmigranten (20%) geeft aan meer hulp nodig te hebben. Middelbaar en hoogopgeleiden geven vaker aan hulp te kunnen gebruiken dan laagopgeleiden. De thema’s waarbij men meer hulp zou willen, zijn:  ondersteuning bij het leren van de taal  betaalbare taal- en inburgeringscursussen  het vinden van een woning  het vinden van werk  algemeen: alleen hulp van de partner is niet altijd voldoende  ondersteuning bij het regelen van officiële zaken en contact met de gemeente. Niet iedereen weet waar te beginnen  ondersteuning bij het integreren. Alle toelichtingen op de hulpvraag zijn opgenomen in de open antwoordenbijlage. Desgevraagd heeft ruim driekwart van alle respondenten (77%) een of meer dingen waar zij meer hulp bij zouden willen. Hulp bij Nederlands leren wordt het vaakst genoemd (53%), gevolgd door hulp bij het vinden van werk (32%) en het inburgeren (31%). Opvallend is dat middelbaar en hoog opgeleiden vaker aangeven meer hulp te willen dan laagopgeleiden. Zij denken daarbij vaker aan Nederlands leren, werk vinden, belastingaangifte doen en vrienden maken. Onderwerpen waar laagopgeleiden vaker dan anderen extra hulp bij kunnen gebruiken zijn het inschrijven bij de gemeente, een bankrekening openen en het vervoer in de stad. Bijlage 4 bevat een aanvullende tabel met daarin aangegeven welke groepen relatief vaak behoefte hebben aan extra hulp.

Tabel 4.4 Zijn er dingen waar u meer hulp bij zou willen? Meerdere antwoorden mogelijk, n=504 (procenten) % Nederlands leren

53

werk vinden

32

inburgering

31

woning vinden

26

belastingaangifte doen

20

informatie vinden over de regels in NL

15

vrienden maken

14

uitkering of toeslagen aanvragen

10

leuke dingen doen in Amsterdam

8

verblijfsvergunning regelen

7

verzekeringen afsluiten

6

kind(eren) opvoeden

5

inschrijven bij de gemeente

4

bankrekening openen

4

vervoer in de stad (fiets, auto, OV)

3

anders

7

nee, ik heb niet meer hulp nodig

13

weet ik niet / geen antwoord.

10

37

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Leven in Amsterdam: hulp van partner in het begin onmisbaar, taal blijft struikelblok Verschillende van de zeven geïnterviewde gezinsmigranten geven aan dat ze tijdens hun eerste periode in Amsterdam nieuwsgierig waren naar hun nieuwe woonplaats. Eenmaal in Amsterdam zijn de meeste deelnemers positief, maar vinden ze het lastig om hun leven hier op te bouwen. De partners regelen en vertalen veel, bijvoorbeeld bij huisartsbezoek of post van instanties. Gezinsmigranten kunnen hierdoor erg afhankelijk zijn van hun partner. Verschillende geïnterviewden bleven in het begin veel thuis; iemand ging bijvoorbeeld niet zonder haar man boodschappen doen. Veel deelnemers geven aan dat ze het zonder de partner niet gered hadden in Nederland. De taal maakt het ook lastig om zelf een sociaal netwerk op te bouwen of gepast werk te vinden. Twee gezinsmigranten noemen dat hun sociale netwerk vooral uit de vrienden van hun partner bestaat. Als hun Nederlands beter was, zouden ze makkelijker vrienden kunnen maken, werk kunnen vinden dat bij hen past en (nog) zelfstandiger worden. Na enkele jaren zijn veel geïnterviewde gezinsmigranten al wat meer gewend en zelfredzamer. Wel blijft de taal het belangrijkste struikelpunt dat deelnemers ervan weerhoudt om zich echt thuis te voelen. De taal kan nog steeds een barrière zijn. Als je de taal spreekt, open je meer naar mensen.

Je kan beter met elkaar communiceren. Dat ik de taal niet kon spreken is moeilijk, maar mijn man helpt mij altijd, en hij spreekt Nederlands.

Mijn partner verdient een prijs voor het helpen met de taal en inburgering.

38

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

5 Contact met de gemeente Amsterdam

5.1 Helft gezinsmigranten vindt dingen regelen met de gemeente (heel) makkelijk De meeste gezinsmigranten (63%) hebben wel eens contact met de gemeente (gehad). Het vaakst heeft men contact met de gemeente voor een identiteitsbewijs (42%). Daarna volgt met 23% de categorie ‘anders’. Deze antwoorden hebben bijna allemaal te maken met het bevolkingsregister: inschrijven, BSN, trouwen, geregistreerd partnerschap afsluiten, geboortes, verblijfsvergunning, uittreksels en VOG. Contact over de Stadspas volgt op afstand met 9%. Tabel 5.1 Waarvoor heeft u wel eens contact (gehad) met de gemeente Amsterdam? Meerdere antwoorden mogelijk, n=504 (%) % paspoort, ID kaart of rijbewijs

42

Stadspas

9

hulp bij laag inkomen

6

activiteiten in de wijk

2

hulp bij schulden

1

anders

23

geen, ik heb (bijna) nooit contact met de gemeente Amsterdam

26

weet ik niet / geen antwoord

11

Bijna de helft van de respondenten (49%) vindt het (heel) makkelijk om dingen te regelen met de gemeente. Ruim een derde is neutraal (34%) en 10% vindt het (heel) moeilijk. In deze laatste groep zitten relatief veel respondenten die 1 tot 2 jaar in Nederland wonen. Figuur 5.2 Hoe moeilijk of makkelijk vindt u het om dingen te regelen met de gemeente Amsterdam? n=349, procenten

3% 7%

7%

10%

heel makkelijk makkelijk niet makkelijk, niet moeilijk moeilijk

39% 34%

heel moeilijk weet niet / geen antwoord

39

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

5.2 Suggesties voor betere dienstverlening Van de respondenten die wel eens contact hebben met de gemeente heeft 29% een suggestie gedaan voor hoe de gemeente dingen makkelijker zou kunnen maken voor mensen zoals zijzelf. Onder hen is 7% die geen suggesties heeft, omdat ze vinden dat de dienstverlening van de gemeente al goed is. In de tabel staat een samenvatting van de thema’s die de overige respondenten noemen. Alle suggesties zijn opgenomen in een losse bijlage. Tabel 5.3 Hoe zou de gemeente dingen makkelijker kunnen maken voor mensen zoals u? thema

voorbeelden

Informatie in meerdere talen

Site, brieven, medewerkers

Contactpersoon

Eén plek /persoon voor alle informatie

Meer / betere informatie

Zoveel mogelijk duidelijke informatie op de website, bv: -Wat moet je meenemen bij afspraken? -Waar kan je de benodigde documenten verkrijgen? -Wanneer maak je wel en wanneer niet een afspraak?

Beter geïnformeerde

Verschillende medewerkers geven verschillende informatie

medewerkers Proces

-Betere afstemming informatie tussen DUO en gemeente -Mogelijk maken dat BSN geregeld wordt bij aanvraag verblijfsvergunning -Betere digitale interactie: makkelijk inloggen, chatbox etc. -Wachtduur in het proces verkorten, alles duurt lang -Meer mogelijkheden voor afspraken bij stadsloket -Minder documenten opvragen als gegevens al bekend zijn -Herinneringsmail sturen bij afspraken -Informatie over taallessen in een vroeg stadium sturen

Kosten inburgeren

-Meer controle over de prijzen -Goedkopere / gratis lessen

Hulp bij beginperiode

-Eén startbijeenkomst waarin alles duidelijk wordt gemaakt -Eén begeleider voor de eerste 3 maanden -Waar moet je op letten, hoe regel je het? -Welkomstpakket of folder met informatie over wat de gemeente kan doen

Maatwerk

-Kijk naar de persoonlijke situatie -Voor werkende mensen mogelijkheden om in het weekend in te burgeren -Ook aandacht voor expats, alles lijkt gericht op lage inkomens/vluchtelingen

Woning

-Informatie over hoe je snel aan een woning kunt komen -Hulp bij de woonsituatie

Buitenlandse documenten

-Hulp bij omzetten rijbewijs / diploma’s -Er worden documenten gevraagd die niet beschikbaar zijn in land van herkomst

Ontmoeting

Plekken om vrienden te maken, mensen te ontmoeten

40

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Gemeente zou gezinsmigranten meer op weg kunnen helpen De eerste periode in Amsterdam moeten gezinsmigranten van alles regelen. Meerdere geïnterviewden geven aan dat zij graag een soort checklist hadden gehad met daarop alles waar men aan moet denken. Ook heeft men behoefte aan een vorm van een oriëntatie of introductie door de gemeente, die de gezinsmigranten helpt om wegwijs te worden in de stad. Een vast contactpersoon zou daarbij welkom zijn. Een deel van de zeven geïnterviewde gezinsmigranten heeft behoefte aan meer ondersteuning aan het begin van hun inburgeringstraject. Men vindt het moeilijk te bepalen hoe men zich het beste kan voorbereiden op de examens. Zij zien een rol voor de gemeente om mensen te helpen hierin keuzes te maken. De informatie die de gemeente (online) aanbiedt wordt niet door iedereen gevonden. Sommige geïnterviewden zijn bekend met het gratis lesaanbod (door de gemeente betaald), maar dat is niet toegankelijk voor mensen die inburgeren. Dit vinden zij frustrerend. Men zou graag zien dat de gemeente zorgt voor (meer) betaalbaar lesaanbod. Ik begreep niet wanneer en hoe ik me moest inschrijven [bij de gemeente]. Ik snapte niet hoe het ophalen van het afval werkt. (…) En sommige dingen denk je niet meteen aan maar je moet ze wel doen, zoals verzekeringen afsluiten. Een vriend vertelde dat de gemeente [gratis Nederlandse les aanbiedt].

Dus ik wilde me daarvoor inschrijven, maar de gemeente vertelde me dat het niet voor mij is (…). Toen was ik heel teleurgesteld.

41

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

6 Werk

6.1 Zes van de tien gezinsmigranten hebben betaald werk Van de gezinsmigranten die meedoen aan het onderzoek heeft 60% betaald werk en 26% heeft geen werk, maar zou wel willen werken. Het aandeel dat werkt loopt langzaam op naarmate men langer in Nederland woont. Een groep van 9% wil (nog) niet werken.14 Zij zijn relatief vaak laag opgeleid, ouder dan 40 jaar en/of hebben kinderen. Tabel 6.1 Heeft u op dit moment betaald werk? (in dienst bij een bedrijf of met een eigen bedrijf), naar periode dat men in Nederland woont, n=504 (%) < 1 jaar

1-2 jaar

2-3 jaar

totaal

ja

54

57

69

60

nee, maar zou ik wel willen

29

30

19

26

nee, en dat wil ik ook (nog) niet

12

9

6

9

geen antwoord totaal

5

4

6

5

100

100

100

100

Driekwart van de gezinsmigranten met werk (75%) vond voor het eerst betaald werk in Nederland in het eerste halfjaar dat zij in Nederland waren. Tabel 6.2 Periode waarna men betaald werk heeft gevonden in Nederland, n=317 (%) % (bijna) meteen

12

1 maand

16

2-6 maanden

47

0,5 - 1 jaar

9

1 - 1,5 jaar

6

1,5 - 2 jaar

3

2 – 2,5 jaar

1

2,5 – 3 jaar

-

langer dan 3 jaar

3

weet niet / geen antwoord totaal

14

3 100

Voor personen in Nederland die een verblijfsvergunning aanvragen voor de gezinsmigrant geldt een inkomenseis van minimaal €1.680 sociaal-verzekeringsloon per maand zonder vakantiegeld. Niet voor elke gezinsmigrant is er financiële noodzaak om te werken.

42

|

Onderzoek, Informatie en Statistiek

Gezinsmigranten in Amsterdam

6.2 Een op de drie gezinsmigranten die (willen) werken vindt (heel) moeilijk werk Een op de drie gezinsmigranten die werken of willen werken vindt het (heel) moeilijk om werk te vinden in Nederland. Bij degenen die nog geen werk hebben gevonden gaat het zelfs om 54%. Groepen die het vaker moeilijk vinden om werk te vinden zijn gezinsmigranten uit Marokko of Aziatische landen, hoogopgeleiden, degenen met een partner met de Nederlandse nationaliteit en/of die korter dan een jaar in Nederland wonen. De groep gezinsmigranten die het (heel) makkelijk vindt om in Nederland werk te vinden, is met 23% kleiner dan de groep die het moeilijk vindt. Onder degenen die al werk hebben gevonden gaat het om 31%. Respondenten die werk vinden makkelijk vinden zijn relatief vaak laagopgeleid, afkomstig uit een overig niet-westers land en/of wonen langer dan 2 jaar in Amsterdam. Figuur 6.3 Gezinsmigranten die werken of willen werken naar hoe moeilijk of makkelijk zijn het vinden om werk te vinden in Nederland? n=404 (procenten)

heel makkelijk

zou willen werken 1 (n=110)

7

23

36

18

14

makkelijk niet makkelijk, niet moeilijk

heeft werk (n=294)

6

25

42

16

8

4

moeilijk heel moeilijk

totaal (n=404)

4

19

37

22

11

7

weet niet / geen antwoord 0

20

40

60

80

100

%

De respondenten hebben toegelicht waarom het makkelijk of moeilijk is om een baan te vinden. Belangrijke factoren zijn:  de mate waarin men Nederlands spreekt  het opleidingsniveau  werkervaring  de bereidheid om werk onder het eigen opleidingsniveau aan te nemen. De samenvatting van de antwoorden staat in de tabel op de volgende pagina. In de losse bijlage zijn alle volledige toelichtingen opgenomen.

43

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Tabel 6.4 Samenvatting van toelichtingen op waarom het makkelijk of moeilijk is om werk te vinden toelichtingen (heel) makkelijk

Uitzendbureau Online veel vacatures te vinden Makkelijke sectoren: horeca / schoonmaken Internationale bedrijven Hoog / passend opgeleid Via een bekende / bij het bedrijf van mijn partner Ik spreek goed Nederlands

neutraal

Meestal is (een beetje) Nederlands gewenst / taalbarrière Baan met voldoende salaris moeilijk / alles aannemen makkelijk Baan onder niveau makkelijk / passend bij opleiding lastig Veel internationale bedrijven waar Nederlands niet noodzakelijk is Vacature vinden makkelijk / baan krijgen lastig door grote concurrentie Werkervaring bij een internationaal bedrijf in land van herkomst is belangrijk

(heel) moeilijk

Ik spreek niet voldoende Nederlands Ook bij laaggeschoold werk willen ze liever dat je Nederlands spreekt Geen reacties op sollicitatiebrieven Werkervaring in Nederland nodig Corona maakt het nu moeilijk Buitenlandse diploma’s worden niet geaccepteerd Veel concurrentie bij Engelstalige banen Ik heb geen / een klein netwerk Leven nog niet op orde (woning zoeken, inburgeren)

Veel verschillende ervaringen in het vinden van (gepast) werk Meerdere geïnterviewde gezinsmigranten werk(t)en in Nederland. Van hen doet/deed een enkeling werk op niveau, voor de anderen geldt dat niet. Dat komt bijvoorbeeld doordat hun beheersing van de Nederlandse taal onvoldoende is, diploma’s niet zijn omgezet of in Nederland niet worden erkend. In één geval bestaat de indruk dat de omgezette, erkende diploma’s worden gewantrouwd door potentiële werkgevers. Een ander moet eerst geld en tijd investeren in de inburgering voordat tijd en geld geïnvesteerd kan worden in het omzetten van zijn licentie, om zijn beroep in Nederland uit te kunnen voeren. Deze geïnterviewden hebben een baan beneden hun niveau om toch geld te verdienen, om hun leven te bekostigen maar bijvoorbeeld ook de inburgering te betalen. Ik heb een bachelorsdiploma maar toen ik naar Nederland kwam, realiseerde ik me dat ik de eerste de beste baan moest nemen. Ik moet werken om de rekeningen te betalen, om voor mezelf te zorgen, voor mijn gezin en mijn familie in mijn herkomstland. Na het inburgeren wil ik werken. Ik ben naaister (…). Ik kan ook goed koken en bijvoorbeeld in een restaurant werken.

44

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

7 Inburgeren

7.1 Bijna de helft start met inburgeren in het eerste halfjaar in Nederland Van de gezinsmigranten die aan het onderzoek hebben meegedaan, geeft 91% aan inburgeringsplichtig te zijn:  15% van alle respondenten heeft de inburgering al afgerond. Bij de groep die 2 tot 3 jaar in Nederland woont, ligt dit percentage hoger op 24%. Deze groep migranten heeft de inburgering erg snel afgerond. Bijna twee derde (64%) geeft aan het diploma binnen een jaar te hebben gehaald en 21% gedurende het tweede jaar.  76% van alle respondenten moet het inburgeringstraject nog afronden. Bij de respondenten die korter dan 1 jaar in Nederland wonen, gaat het om 84% en bij degenen die 2 tot 3 jaar in Nederland wonen om 68%. De groep die niet hoeft in te burgeren (6%) is vaker ouder dan 40 jaar, middelbaar opgeleid, en/of afkomstig uit Zuid- of Midden-Amerika, voornamelijk Suriname. Tabel 7.1 Situatie inburgering naar woonduur in Nederland? (procenten) < 1 jaar

1-2 jaar

2-3 jaar

totaal

n-=144

n=161

n=99

n=504

ik heb mijn inburgeringsdiploma gehaald

3

15

24

15

Ik moet inburgeren en heb mijn diploma nog niet gehaald

84

77

68

76

ik hoef niet in te burgeren

7

4

7

6

weet niet / geen antwoord

6

4

1

4

100

100

100

100

totaal

Van de respondenten begon 49% met het inburgeringstraject in het eerste halfjaar dat ze in Nederland waren. Dit geldt vaker voor gezinsmigranten uit Marokko. Migranten uit westerse landen starten vaker later met inburgeren. Dit wordt ook beïnvloed door het feit dat deze groep vaker al langer in Nederland woonde zonder inburgeringsplichtig te zijn.

45

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Tabel 7.2 Periode in Nederland waarna men is begonnen met het inburgeringstraject, n=462 (procenten) % (bijna) meteen

11

1 maand

7

2-6 maanden

31

0,5 - 1 jaar

20

1 - 1,5 jaar

7

1,5 - 2 jaar

3

2 – 2,5 jaar

1

2,5 – 3 jaar

1

langer dan 3 jaar

5

weet niet / geen antwoord

15

totaal

100

‘Kennisgeving Inburgering’ eerste moment waarop inburgeringsplicht bekend wordt Van de zeven geïnterviewde gezinsmigranten wisten de meeste voor hun verhuizing naar Nederland nog niet dat zij hier (verder) moesten inburgeren. De schriftelijke ‘kennisgeving inburgeringsplicht’ van DUO was voor hen het moment dat zij hier achter kwamen. Ondanks dat en de soms hoge kosten die hierbij komen kijken, is iedereen zeer gemotiveerd om het inburgeringsdiploma te halen. Deels omdat het verplicht is, maar ook omdat zij het zelf belangrijk vinden om Nederland te leren kennen en de taal te leren. Ik kreeg een brief van DUO. Die kon ik niet lezen. Mijn man las deze brief voor mij. Na de brief gingen we naar een taalschool dichtbij, en die heeft het goed uitgelegd. Ik denk dat het goed is om Nederlands te leren, zodat je echt onderdeel van de samenleving wordt.

7.2 Einde inburgering in derde jaar vaak nog niet in zicht Aan het onderzoek hebben 389 respondenten meegedaan die inburgeringsplichtig zijn, maar hun inburgering nog niet hebben afgerond (77%). Figuur 7.3 laat zien dat de meeste van hen in die 2-3 jaar in Nederland zijn het participatieverklaringstraject hebben afgerond (84%), maar dat de overige onderdelen van de inburgering slechts door een minderheid zijn behaald. Dit geldt ook voor de groep die 2 tot 3 jaar in Nederland is: 39% heeft Nederlands lezen afgerond, 36% Nederlands luisteren en 25% oriëntatie op de Nederlandse arbeidsmarkt (ONA).

46

|

Onderzoek, Informatie en Statistiek

Gezinsmigranten in Amsterdam

Tabel 7.3 Gezinsmigranten die nog niet klaar zijn met inburgeren naar hun vorderingen op de verschillende onderdelen* en hun woonduur in Nederland, n=389 100 7

7

90

5

3

7

4

4

7

7

8

17

14

10

10

27 32

8 36

17

3

43

14

5

7

4

6

16

12

10

15

17

5

25

18 19

42

17

45

31

8

26

74

60

40

11 83

50

19 42

43

40

49

48

42

53

17

41

25

3

35

31

17 65

23

1-2

15

25

2-3

9

10

17

52

42 26

50 30

22

48

37 30

33

47 31

29

1-2

45

2-3

20

46

1-2

58 49

2-3

30

29

20

4

PVT

NL lezen

NL luisteren

ONA

nog niet begonnen

mee bezig

klaar

KNM

NL schrijven

hoef ik niet te doen

NL spreken

1-2

2-3

0-1

0-1

0-1

2-3

1-2

0-1

2-3

1-2

0-1

2-3

1-2

0-1

0-1

1-2

2-3

6

0-1

0

4

28

70 40

5

22

27 39

6

18 6

80

6

Staats examen NT2

weet ik niet / geen antwoord

*Staatsexamen NT2 is niet verplicht en een alternatief voor de taalonderdelen van het inburgeringstraject

Van de gezinsmigranten die moeten inburgeren zegt 9% aan nog geen enkel onderdeel te zijn begonnen. De meerderheid van hen geeft wel aan zich voor te bereiden op de examens met zelfstudie of een cursus. Dit zou de groep die nog helemaal niet begonnen is met inburgeren terugbrengen tot 4%. Er zijn verschillen tussen groepen:  30-plussers zijn vaker verder gevorderd met hun PVT. Evenals migranten waarvan de partner goed Nederlands spreekt, hoog is opgeleid en/of de Nederlandse nationaliteit heeft.  40-plussers zijn vaker verder met Kennis Nederlandse Maatschappij (KNM) dan jongere gezinsmigranten.  Overig niet-westerse migranten zijn vaker verder gevorderd met Nederlands schrijven dan westerse migranten.  Westerse gezinsmigranten geven relatief vaak aan ONA niet te hoeven doen.

7.3 Circa de helft bereidt zich voor op de examens met inburgeringscursus Van de gezinsmigranten die nog bezig zijn met hun inburgering zegt 40% zich voor te bereiden op de examens door een inburgeringscursus te volgen bij een taalaanbieder en geeft 9% een antwoord in de categorie ‘anders’, waarmee men over het algemeen ook een taalcursus bedoelt gecombineerd met zelfstudie, bijvoorbeeld bij UVA talen, een buurthuis of online. Het is niet

47

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

bekend of het daarbij om cursussen met een BOW keurmerk gaat. Onder de categorie ‘anders’ valt ook een enkeling die aangeeft geen interesse te hebben in het leren van Nederlands. Bij de groep die al klaar is met inburgeren, ligt het aandeel dat een cursus bij een inburgeringscursus of anders heeft gevolgd op 55%. Ruim een derde kiest voor zelfstudie: bij degenen die nog bezig zijn gaat het om 33% en bij degenen die al klaar zijn om 38%. Dit zijn relatief vaak hoogopgeleide gezinsmigranten zonder kinderen. Tabel 7.4 Hoe bereidt u zich voor op de inburgeringsexamens? (procenten) Nog bezig

Relatief vaak

(n=389) inburgeringscursus bij

Al klaar

Relatief vaak

(n=80)

40

laagopgeleid

49

33

-Westerse landen en

38

taalaanbieder zelfstudie

Midden/Zuid-Amerika

-hoogopgeleid -geen kinderen

-hoogopgeleide partner die goed Nederlands spreekt anders

9

6

weet niet / geen antwoord

18

7

totaal

100

100

7.4 Helft oefent inburgeringsexamen met vrienden en familie De volgende tabel laat zien dat er geen verschil is tussen de groep die nog bezig is met inburgeren en degenen die het traject binnen drie jaar hebben afgerond in de keuze met wie zij oefenen voor hun inburgeringsexamen. In beide gevallen oefent ongeveer de helft met familie en vrienden en 30% met klasgenoten van de inburgering. Er zijn wel verschillen naar achtergrondkenmerken. Laagopgeleide migranten hebben minder mogelijkheden om te oefenen met familie of vrienden. Zij zijn hierdoor meer aangewezen op de inburgeringsklas die zij ook relatief vaak volgen. Andere manieren die werden genoemd om te oefenen zijn: met niemand (zelfstudie), nog niet gestart, niet nodig want ik spreek goed Nederlands, boeken, OBA, Duolingo, het internet, met partner, voorbeeldexamens, YouTube, taalcafé en de Rotary.

48

|

Onderzoek, Informatie en Statistiek

Gezinsmigranten in Amsterdam

Tabel 7.5 Hoe oefende u voor de inburgeringsexamens? Meerdere antwoorden mogelijk (procenten) Nog bezig (%, n=382) familie /

52

vrienden klasgenoten

30

inburgering

Afgerond Relatief vaak

(%, n=80)

-minimaal middelbaar opgeleid

46

Relatief vaak -hoogopgeleiden

-partner min. middelbaar opgeleid en/of

-partner hoogopgeleid en/of

spreekt goed Nederlands

spreekt goed Nederlands

-Marokkaanse en overig niet-westerse

30

nationaliteit -laagopgeleiden -partner laagopgeleid en/of spreekt slecht Nederlands

op mijn werk

19

-langer dan 2 jaar in NL

16

30-minners

-partner max. middelbaar opgeleid taalcoach /

18

-overige niet-westerse nationaliteiten

20

7

-Marokkaanse nationaliteit

4

taalmaatje buurthuis / huis van de wijk

-40+

-partner met (ook) een nietNederlandse nationaliteit

anders

25

30

weet niet / geen

13

9

antwoord

Internationale stad als Amsterdam maakt het Nederlands leren soms moeilijker Gezinsmigranten die Engels spreken geven aan dat zij geen moeite hebben om zich zonder Nederlands te redden in de stad. Zij kunnen vrijwel overal met Engels uit de voeten. Dit maakt het wel moeilijk om toch Nederlands te leren. Ook als hun partner Nederlands spreekt, spreken de meeste gezinsmigranten thuis een andere taal, omdat dit nu eenmaal makkelijker is. Voor gezinsmigranten die geen Engels spreken is het Nederlands wel essentieel om zich te kunnen redden in de stad. Een deel vertelt dat zij dagelijkse dingen zoals reizen met het ov of boodschappen in het begin niet zonder hun partner konden doen. Nu zij (een beetje) Nederlands spreken doen zij dit wel zelfstandig. De meeste mensen met wie ik om ga spreken geen Nederlands dus dat is moeilijk om te oefenen. Op mijn werk was iedereen Nederlands, maar het was niet efficiënt om met mij Nederlands te praten. Het ging langzaam en ik begreep dingen niet. Dus de meeste communicatie ging in het Engels. Als je boodschappen doet moet je wel Nederlands spreken. Maar in de supermarkt werken natuurlijk ook weer vaak nietNederlanders, dus dan spreek je ook weer Arabisch.

49

|

Onderzoek, Informatie en Statistiek

Gezinsmigranten in Amsterdam

7.5 Ruim een op de vijf vindt uitzoeken taalaanbieder (heel) moeilijk De meeste gezinsmigranten (64%) vonden het niet moeilijk tot heel gemakkelijk om een inburgeringscursus uit te kiezen. Voor 21% was het echter (heel) moeilijk. Mensen die het (heel) moeilijk vonden om een inburgeringscursus uit te kiezen zoeken relatief vaak informatie via het internet. Figuur 7.6 Hoe makkelijk of moeilijk was het om een inburgeringscursus uit te kiezen, n=229 (%)

7%

15%

heel makkelijk

4%

makkelijk

28% niet makkelijk, niet moeilijk 17% moeilijk heel moeilijk 29% weet niet / geen antwoord

Het internet is de meeste gebruikte bron bij het zoeken van informatie over inburgeringscursussen (45%). Dit geldt met name voor migranten met minstens een middelbare opleiding en migranten met een partner die goed Nederlands spreekt en ook middelbaar of hoger is opgeleid. Bijna een op de drie benadert de gemeente voor informatie over inburgeringscursussen. Dit zijn vaker gezinsmigranten uit overig niet-westerse landen, 40-plussers, laagopgeleiden en migranten met een partner die slecht Nederlands spreekt en/of laagopgeleid is. Ruim een kwart (27%) wint informatie in bij familie en bekenden. Dit zijn vaker Aziatische gezinsmigranten en/of laagopgeleiden. Vaker genoemde antwoorden in de categorie anders (9%) zijn DUO, de partner en het maatschappelijk werk. Tabel 7.7 Hoe heeft u informatie over inburgeringscursussen gevonden? Meerdere antwoorden mogelijk, n=229 (procenten)

niet makkelijk, (heel) makkelijk

niet moeilijk

(heel) moeilijk

gemiddeld

via internet

43

51

67

45

via de gemeente

39

40

27

32

via familie / bekenden

33

34

25

27

anders

9

10

13

9

weet niet / geen antwoord

-

-

-

23

50

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

De locatie is de meest genoemde reden om voor een bepaalde inburgeringscursus te kiezen (45%). Dit geldt wat sterker voor migranten uit Marokko of Azië en 40-plussers. Op de tweede en derde plaats staan de kwaliteit van de lessen en de grootte van de klassen. De prijs wordt door 17% genoemd. Dit zijn relatief vaak hoogopgeleiden en/of westerse migranten en migranten van wie de partner goed Nederlands spreekt en/of hoog opgeleid is. Respondenten die de prijs noemen vinden het ook vaker moeilijk om een keuze voor een school te maken. Tabel 7.8 Waarom heeft u deze inburgeringscursus uitgekozen? Meerdere antwoorden mogelijk, n=229

dichtbij

%

Relatief vaak

45

Marokkaanse of Aziatische nationaliteit 40+

goede lessen

34

kleine klassen

18

Marokkaanse of Aziatische nationaliteit 40+ Partner Nederlandse nationaliteit

de prijs

17

Westerse nationaliteit, hoogopgeleid Partner hoogopgeleid en/of spreekt goed NL Keuze maken voor school moeilijk

bekenden van mij volgen cursus bij deze

14

aanbieder anders

8

weet niet / geen antwoord

28

De respondenten die een antwoord in de categorie anders hebben gegeven hebben over het algemeen een aanbeveling opgevolgd van bijvoorbeeld de gemeente, DUO of een internetrecensie. Daarnaast geven enkele respondenten aan dat ook het tijdstip van de lessen een rol speelde.

51

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Wat is de beste school? Een aantal geïnterviewde gezinsmigranten hadden geen moeite met het vinden van een school voor de inburgeringscursus. Zij vonden die bijvoorbeeld in de buurt of op de website van de gemeente Amsterdam en/of met hulp van mensen in hun omgeving. Gezinsmigranten die meer moeite hebben met het vinden van een school, vinden het bijvoorbeeld lastig om te kiezen vanwege de hoge kosten van de taalscholen. Zo vindt iemand het lastig om een betaalbare taalschool te vinden en een ander wil voor de taalscholen weten wat voor kwaliteit tegenover de hoge kosten staat, dat is lastig te beoordelen. Ik kan informatie vinden over wat nodig is voor de examens, maar ik weet niet waar ik informatie kan krijgen over welke school beter is voor mij om het examen te halen. Makkelijk, ik heb gebruik gemaakt van de website van de gemeente.

7.6 Acht procent (heel) ontevreden over inburgeringscursus Bijna de helft (48%) van de gezinsmigranten die begonnen is met inburgeren en een cursus volgt is (heel) tevreden met de inburgeringscursus. Daarnaast is 23% neutraal en 8% (heel) ontevreden. In de groep die (heel) ontevreden is zitten relatief veel westerse migranten, migranten die langer dan twee jaar in Nederland wonen en migranten die het moeilijk vonden om een cursus uit te zoeken. Figuur 7.9 Hoe tevreden bent u met uw inburgeringscursus? n =229 (%)

21%

11%

heel tevreden tevreden

1% 7%

neutraal 37%

ontevreden

heel ontevreden 23%

weet niet / geen antwoord

52

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Taalcursus niet altijd de sleutel tot het leren van het Nederlands De ervaringen van de zeven geïnterviewde gezinsmigranten met hun taallessen zijn zeer gemengd. Een aantal is heel positief, anderen hadden er meer van verwacht. Lessen in groepsverband sluiten niet altijd aan bij het niveau van de cursist, of men vindt het spannend om in een groep te oefenen en fouten te maken. Na het volgen van een taalcursus voelt men zich niet altijd klaar voor de examens, maar ook mensen die (een deel van) de examens al hebben gehaald zijn soms nog niet tevreden over hun eigen taalniveau. Naast of in plaats van betaalde taallessen oefenen de gezinsmigranten hun Nederlands op uiteenlopende manieren. Men maakt gebruik van taalapps zoals DuoLingo, Nederlandse televisie, gratis lessen via de bibliotheek of het buurthuis of praatgroepjes. Desondanks zouden de meesten, als de kosten geen rol zouden spelen, de voorkeur geven aan formele taallessen van een professional. Een aantal van de geïnterviewden zouden het liefst een intensieve cursus volgen, privéles of in een kleine groep, maar kan dit niet betalen of combineren met hun werk In het begin heb ik 12 weken les gedaan voor 800 euro, maar daar haalde ik niet genoeg uit. Het ging te snel. Het leek meer voor mensen die hier al twee jaar wonen. In de bibliotheek geeft een man gratis les. Daar zouden er meer van moeten zijn.

We hebben meer nodig dan hij biedt. Hij zet de computer aan, maar ik wil meer interactie.

53

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

7.7 Bijna drie van de tien gezinsmigranten sluiten een lening af bij DUO Van de inburgeringsplichtige gezinsmigranten heeft 28% een lening afgesloten bij DUO voor de inburgeringscursus en/of de inburgeringsexamens. De meeste van hen (22%) lenen het hele bedrag van de inburgeringskosten. Groepen die vaker een lening hebben afgesloten zijn: huishoudens met kinderen, migranten uit Marokko of overige niet-westerse landen, 40-plussers, laagopgeleiden en migranten met een partner die niet goed Nederlands spreekt, maximaal middelbaar opgeleid is en /of (ook) een nietNederlandse nationaliteit heeft. Tabel 7.10 Heeft u een DUO-lening afgesloten voor de inburgeringscursus en/of uw inburgeringsexamens? n=462 (procenten) % ja, het hele bedrag

22

ja, een deel van het bedrag

6

Nee

63

weet niet / geen antwoord

9

Totaal

100

Van de 80 respondenten die klaar zijn met inburgeren heeft 53% meer dan € 1.000 betaald voor de inburgeringscursus en de examens. Bij 15% lag het bedrag tussen de € 2.501 en € 5.000 en bij 8% was het meer dan € 5.000. De respondenten die nog bezig zijn met inburgeren hebben vaker geen antwoord gegeven op deze vraag. De gemaakte kosten liggen over het algemeen iets onder het niveau van de groep die al klaar is met inburgeren. Tabel 7.11 Hoeveel heeft u tot nu toe betaald voor uw inburgeringscursus en/of uw inburgeringsexamens? n=456 Nog bezig (%)

Klaar met inburgeren (%)

totaal

niets

22

14

21

< €1.000

27

33

28

€1.001 - € 2.500

19

25

20

€ 2.501 - €-5.000

8

15

9

€ 5.001 - € 7.500

3

4

3

€ 7.501 - € 10.000

1

4

2

> €10.000

1

-

1

weet niet / geen antwoord

19

4

17

totaal

100

100

100

54

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Kosten kunnen een belemmering zijn om een inburgeringscursus te volgen Het betalen van de inburgering doen de zeven geïnterviewde gezinsmigranten allemaal op een andere manier: waar de één een lening afsluit bij DUO, wil de ander geen schulden maken om de inburgering te bekostigen. Wel vinden de meesten de kosten hoog, naast bijvoorbeeld kosten die zijn gemaakt om naar Nederland toe te komen, om het eerste A1examen te halen in het herkomstland en het dure leven in Amsterdam. Voor een enkeling is het bekostigen van de inburgering geen probleem, maar voor een aantal wel. Zo zijn er geïnterviewden die het liefst de taal zouden leren met behulp van lessen bij een taalschool, maar de kosten daarvan zijn voor hen (te) hoog. Eén van de gezinsmigranten is gestopt bij de taalschool vanwege de kosten. Deze persoon had tijdens de taalcursus al veel moeite met het kunnen combineren van de lessen met werk, wat nodig was om de school te kunnen betalen. Een ander moet de inburgering in etappes doen: na elk onderdeel moet diegene stoppen om weer geld te sparen voor het volgende onderdeel. Op deze manier zakt opgedane kennis weer weg. Het is heel duur, het geld is het probleem. Niet elk huishouden krijgt heel veel geld binnen. Er zijn ook andere kostenposten. [De kosten] zijn geen probleem, maar omdat ik het zelf moet betalen, wil ik de juiste keuze maken voor een school.

7.8 De Nederlandse taal en de kosten vaak het moeilijkste aan inburgeren In de tabel op de volgende pagina staan de punten die de respondenten het moeilijkste vinden aan inburgeren. Alle antwoorden zijn opgenomen in een losse bijlage.

55

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Tabel 7. 12 Samenvatting van wat men het moeilijkste vind aan inburgeren toelichtingen De taal leren

Moeilijke taal Nederlanders spreken altijd Engels terug Spreken, want ik spreek het alleen bij de les

De kosten

De lessen zijn (te) duur. Ik heb geen geld Prijs PVT te hoog voor wat je er voor krijgt

Tijd

Moeilijk te combineren met voltijd baan Moeilijk te combineren met werk en kinderen Participatieverklaring is tijdens werktijd Geen tijd om te oefenen

Bureaucratie / proces

Onnodig veel stappen / instellingen / brieven, etc. Communicatie niet duidelijk Te vereenvoudigen door de participatieles te combineren met de taallessen Het duurt te lang voor je je BSN krijgt

Wanneer wat

Examendata vinden lastig Wanneer moet je wat doen om in te burgeren?

Taalschool vinden

Een goede taalaanbieder vinden

Te weinig informatie voor

Duidelijke informatie nodig over wat je moet doen voor het examen

zelfstudie

Syllabus voor KNM beschikbaar stellen (Lijst met) geschikte boeken voor zelfstudie beschikbaar stellen

Onnodig

Ik werk al twee jaar, maar krijg geen vrijstelling ONA niet geschikt voor ZZP’ers Participatieverklaring is zinloos Ik red me prima met Engels Ik spreek en schrijf al m’n hele leven Nederlands Ik ben geïntegreerd, maar inburgeren is een last

Geen maatwerk

Het programma is voor iedereen hetzelfde, terwijl de behoefte verschillend is DUO behandelt iedereen alsof ze uit een achtergestelde situatie komen

Corona

Ik sta nu stil

Netwerk / cultuur

Nederlanders staan niet open voor buitenlanders

De lessen zijn in het Nederlands

Ik heb uitleg nodig in mijn eigen taal

KNM

Bij het examen kan je niet een gedeelte van de video terugluisteren, alleen het hele filmpje en dat kost te veel tijd.

56

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

7.9 Meerderheid wil na inburgering meer Nederlandse lessen nemen Van de respondenten zegt 55% na het afronden van de inburgering nog meer Nederlandse les te willen gaan volgen. De belangrijkste reden is dat men betere kansen voor zichzelf wil creëren in Nederland (zie tabel). Het gaat relatief vaak om hoogopgeleiden. Een groep van 12% weet het nog niet en 11% heeft geen interesse in verdere lessen. Deze laatste groep is relatief vaak 40+ en/of laagopgeleid. Tabel 7.13 Wilt u nog meer Nederlandse les volgen na uw inburgering? n=462 (procenten)

Ja

%

Toelichting samengevat

55

Beter voor mijzelf Kans op betere baan Beter voor sociale leven Om het bij te houden, ik spreek het namelijk nooit Ik wil vloeiend Nederlands spreken / ik wil verder leren / mooie taal Ik wil hier langdurig wonen

Misschien

12

Ik vind het moeilijk / Ik heb meer tijd nodig / eerst inburgeren Ik wil graag leren Beter werk

Nee

11

Duur / Geen tijd Ik spreek goed Nederlands (bv uit Suriname) Ik leer het in de praktijk Ik kan mezelf goed redden

weet niet / geen antwoord

22

totaal

100

57

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Inburgeringsplicht is voor sommige gezinsmigranten een bron van stress Voor een deel van de zeven geïnterviewde gezinsmigranten is de inburgeringsplicht een bron van enige tot veel stress. De kosten zijn voor een deel van de gezinsmigranten een barrière om (meer) taalles te volgen, maar men maakt zich zorgen of het zonder betaalde lessen lukt om de examens te halen. Daarbij is het spannend om relatief veel geld te investeren in een cursus terwijl men erg onzeker is over wat dit op zal leveren. Voor gezinsmigranten met een baan is de inburgering soms moeilijk te combineren met hun werk. De voorbereiding op de examens kost relatief veel tijd en soms is het moeilijk om lessen te vinden die buiten hun werktijden vallen. [De inburgering] kost veel tijd naast mijn baan. Ik probeer geld te verdienen en bij te dragen aan mijn leven hier. Ik wil niet dat mijn vriendin ons allebei moet onderhouden. Ik had niet genoeg tijd om naar school te gaan vanwege mijn werk. Als ik genoeg tijd had gehad sprak ik nu misschien perfect Nederlands. Je krijgt ook nog eens elke keer brieven van de IND. ‘Je hebt nog zo en zo veel tijd, haal je het niet, dan krijg je een boete of je vergunning wordt ingenomen.’ Je voelt je onder druk gezet maar je krijgt geen hulp. .

7.10 Suggesties voor het beter of makkelijker maken van het inburgeringstraject Bijna de helft van de respondenten (46%) heeft een suggestie gegeven voor hoe het inburgeren makkelijker of beter gemaakt zou kunnen worden. De samenvatting staat in tabel 7.14 en alle volledige antwoorden zijn opgenomen in een losse bijlage.

58

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Tabel 7.14 Samenvatting van hoe inburgeren makkelijker of beter gemaakt kan worden Toelichtingen Goedkoper / gratis

Het is te duur / gratis lessen voor iedereen Gratis online lessen gecombineerd met integratielessen in lokale buurthuizen De mogelijkheid om te lenen zorgt voor hoge prijzen De gemeente zou de lessen moeten verzorgen

Meer maatwerk

Eerst een face-to-face intake, daarna leerlingen indelen op niveau Niet (alles) verplicht, afhankelijk van de situatie

Meer begeleiding

Iemand die je helpt met het uitzoeken van cursussen etc Hulp bij het leren van de taal

Een aanspreekpunt /

Een duidelijk loket

informatiepunt

Een website waarin het volledige proces wordt beschreven Op zijn minst: welk instituut bel je voor welk onderdeel

Betere informatie, met name voor

Wat zijn de exacte eisen voor het examen en waar staat deze informatie?

zelfstudie

Het tijdspad, hoeveel tijd kost wat, checklist Alles online

Niet alles in het Nederlands

Opstartinstructies in het Engels Uitleg in de eigen taal Vragen stellen in het Engels, antwoorden in het Nederlands

Bijeenkomst / ontmoeting

Meer nadruk op menselijke contacten i.p.v. examens Gemeenschappelijke activiteiten met Nederlanders

Minder versnipperd aanbod

Alle type cursussen bij dezelfde aanbieder Niet heel veel kleine verschillende aanbieders Overal dezelfde leerlijn / boeken Grotere keuze in aanbieders

Betere inhoud

Precies aansluiten bij de examens Meer aansluiten bij cultuur en praktijk

Geen / minder examens

Wel lessen, maar geen examens

Examen spreken kan beter

Te veel geluid door elkaar

PVT

Afschaffen, saai, alles in drie talen, tijdverspilling Geen aparte les, maar combineren met de taallessen Levert te weinig op voor twee vrije dagen en de kosten

KNM

Moet zonder cursus kunnen als er een goed boek/ syllabus is

ONA

Niet nodig als je al een goede baan hebt

Makkelijker maken

Meer tijd voor het examen, onderdelen schrappen

Tijd

Rekening houden met werktijden, langer de tijd om te studeren

59

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Bijlage 1 Resultaten uit eerder onderzoek

Er zijn in de periode 2013-2018 diverse landelijke onderzoeken uitgevoerd naar de situatie van nieuwkomers in Nederland. Hieronder staan kort enkele resultaten die (ook) betrekking hebben op de inburgering van gezinsmigranten. Een overzicht van de gebruikte bronnen staat aan het einde van dit hoofdstuk.

Succesfactoren en knelpunten voor inburgeringstrajecten Informatievoorziening Informatie over inburgeren blijkt vaak pas na vestiging in Nederland bij de migrant te landen. De informatie is afkomstig van verschillende instanties (DUO, belastingdienst, gemeente etc.) en niet altijd eenduidig. Men geeft de voorkeur aan informatie via fysieke personen. De brief ‘Kennisgeving Inburgeringsplicht’ die in het Nederlands de verplichting tot inburgering mededeelt, is een belangrijk uitvalmoment: deze brief blijft ongelezen of men onderneemt geen actie. Basis op orde Inburgeren is een intensief traject en niet makkelijk te combineren met de drukke eerste fase in een nieuw land. Omstandigheden binnen het huishouden zijn van grote invloed op de mate waarin leeractiviteiten kunnen worden ondernomen. Een partner die goed de weg weet in de Nederlandse samenleving kan bijdragen aan een succesvolle inburgering. Tegelijkertijd vinden migranten het niet altijd prettig zo sterk afhankelijk te zijn van hun partner. Motivatie Vaak begint men met inburgeren omdat het verplicht is en komt de motivatie gaandeweg als er toekomstperspectief ontstaat. Een deel wil niet inburgeren omdat zij zich redden met Engels of binnen de eigen gemeenschap. Ook kunnen traditie en/of geloof een rol spelen, met name voor vrouwen. Taal Taal is de meest essentiële voorwaarde voor succesvolle participatie.

Vanaf het basisniveau staat men meer open voor de sociaal-culturele aspecten en waarden en normen van de maatschappij. De beperkte mogelijkheden om het Nederlands spreken te oefenen, onder ander door weinig contact met Nederlanders, zijn een drempel voor veel inburgeraars. Werk Actief solliciteren helpt de inburgeraar bij het inburgeringstraject. Bij het zoeken naar een baan kan het besef doordringen dat Nederlands spreken noodzakelijk is. Of men vindt een baan waarbij het Nederlands spreken niet noodzakelijk is. Daar staat tegenover dat een inburgeringstraject lastig is te combineren met werk.

60

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Kosten Grofweg 60% van de inburgeraars betaalt meer dan € 1.000 per kwartaal om in te burgeren. Ook kosten voor kinderopvang zijn een knelpunt, evenals de boete van maximaal € 1.250 bij het niet op tijd halen van het examen. De cursus Voornaamste succesfactoren voor het slagen van de inburgeringscursus zijn volgens docenten: gekwalificeerde docenten, controle op aanwezigheid, gebruik van computers/internet in de klas, intaketoets voor taal en studieniveau, indelen op taalniveau en oefenexamens maken. De inburgeringscursus is niet verplicht, maar er zijn weinig succesverhalen over zelfstudie. Sociale contacten Het is voor nieuwkomers lastig om echt contact te krijgen met Nederlanders. Voor degenen die zich sociaal geïsoleerd voelen, zijn de inburgeringsklas of andere bijeenkomsten waardevol.

Suggesties voor verbeteringen Verbetermogelijkheden volgens migranten  Informatie over inburgeren in meerdere talen beschikbaar maken, in het bijzonder de Kennisgeving Inburgeringsplicht.15  Alle informatie bij elkaar, samen met de mogelijkheid om vragen te stellen op een forum, website of hulplijn.  Checklist met wat je moet doen na het verkrijgen van een visum.  Participatiebijeenkomsten korter na aankomst (praktische informatie, mogelijkheid om contact te leggen met andere migranten).  Mogelijkheid van een buddy die het allemaal al doorlopen heeft.  Hulp bij vinden van werk. Verbeterpunten volgens instanties (Nationale Ombudsman, docenten inburgering)  Betere communicatie en informatie voor iedereen: nieuwkomer, partner en instanties.  Verwachtingsmanagement vooraf; vaak hebben migranten veel te positieve verwachtingen over hun mogelijkheden in Nederland.  Duidelijk aanspreekpunt voor vragen.  Ontzorg inburgeraars in de eerste tijd, om ze de kans te geven hun basis op orde te brengen voordat ze bijvoorbeeld moeten inburgeren.  Maak de inburgeraar wegwijs in schoolkeuze, instanties, vrijstellingen, toeslagen en beschikbare ondersteuning.  Kwetsbare migranten zo snel mogelijk identificeren en benaderen.  Ketenaanpak door dienstverlening en informatie van verschillende instanties op elkaar aan te laten sluiten.

 Meer maatwerk, bijvoorbeeld wat betreft het ontzorgen of het opleggen van sancties. Daarnaast aansluiten bij de wensen van de inburgeraar.

15

Op de website van DUO voor inburgeraars is deze brief wel in meerdere talen beschikbaar.

61

Onderzoek, Informatie en Statistiek

    

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Duidelijke eisen aan de inburgeraar die geen drempels opwerpen, maar een goede start in Nederland faciliteren. Verleiden is beter dan beboeten. Ga proactief op zoek naar klachten en signalen en/of zet hiervoor een meldpunt op. Differentieer cursussen naar taal- en opleidingsniveau op inhoud, methode en intensiteit. Meer examentraining (omgaan met stress, etc.) en garandeer rust in de examenlocatie. De wetgeving omtrent het examenonderdeel Oriëntatie op de Nederlandse Arbeidsmarkt (ONA) verduidelijken voor docenten van inburgeringscursussen.

Bronnen  

 

 

ICSB: Klantreis gezinsmigranten gemeente Rotterdam. 10 januari 2019 Nationale Ombudsman: Een valse start. 10 oktober 2018. https://www.nationaleombudsman.nl/onderzoeken/2018065-onderzoek-naar-behoorlijkeinburgering BMC Onderzoek: Eindrapportage behoefteonderzoek migranten voor vertrek naar Nederland. November 2013. MWM²: Rapportage deelonderzoek inburgeraars: inburgeringsonderwijs. Januari 2017. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2017/02/22/deelonderzoekinburgeraars-inburgeringsonderwijs MWM²: Rapportage verdiepend onderzoek inburgeraars (cohort 2013-1 en 2). 11 oktober 2016 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2016/10/11/rapportage-verdiependonderzoek-inburgeraars MWM²: Website evaluatie inburgeren.nl (DUO) en ikwilinburgeren.nl (Blik op Werk). De Correspondent: Inburgeren in Nederland. 17 januari 2017. https://decorrespondent.nl/6015/inburgeren-in-nederland-matige-lessen-in-te-grotegroepen-voor-te-veel-geld/400827570-2a1065aa

62

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Bijlage 2 Werkwijze enquête en interviews

Werkwijze enquête Alle Amsterdamse gezinsmigranten die na 1 oktober 2017 inburgeringsplichtig zijn geworden zijn schriftelijk uitgenodigd om deel te nemen aan het onderzoek (bron: PVT-registratie WPI). In totaal is de enquête verstuurd aan 2.348 personen. De respondenten hadden de keuze om of de meegestuurde Nederlandstalige papieren vragenlijst in te vullen en kosteloos te retourneren naar het antwoordnummer van OIS of om een online vragenlijst in te vullen in het Engels of Nederlands op de site van OIS. Na een looptijd van twee weken is de vragenlijst telefonisch afgenomen bij 35 aselect gekozen gezinsmigranten die de vragenlijst nog niet hadden ingevuld. De dataverzameling vond plaats tussen 2 april en 7 mei 2020. In totaal is de vragenlijst ingevuld door 504 gezinsmigranten. De respons is hiermee 21%. Dit is een goede respons voor een schriftelijke uitnodiging. B2.1 Respons naar methode aantal

%

schriftelijk Nederlands

238

47

online Nederlands

89

18

online Engels

142

28

telefonisch Engels of Nederlands

35

7

totaal

504

100

Werkwijze interviews In de enquête is gevraagd of respondenten mee zouden willen doen met vervolgonderzoek in de vorm van interviews. 144 gezinsmigranten gaven aan hier bereid toe te zijn. Vervolgens heeft er een selectie plaatsgevonden onder de gezinsmigranten die zich hadden aangemeld, om een gevarieerde groep mensen te interviewen. Met zeven respondenten zijn aanvullend online interviews gehouden via een videoverbinding om de informatie uit de enquête te verdiepen. De interviews vonden plaats tussen 19 mei en 5 juni 2020. Eén interview was in het Nederlands, vier in het Engels en bij twee interviews vertaalde de partner van de gezinsmigrant. Hieronder is een overzicht te zien van de achtergrondkenmerken van deze zeven geïnterviewde gezinsmigranten.

63

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

7 geïnterviewde gezinsmigranten: 6 verschillende nationaliteiten

4 mannen, 3 vrouwen. 3 onder de 35, 4 boven de 35. 5 met partner, 2 met partner en kinderen.

4 hoogopgeleid, 1 middelbaar opgeleid, 2 laagopgeleid.

1 heeft de inburgering voltooid en de rest is er mee bezig.

Om de verhalen van gezinsmigranten in kaart te brengen is er gebruik gemaakt van semigestructureerde interviews aan de hand van een topiclijst (zie bijlage 6). De focus lag tijdens de gesprekken op het leven in Amsterdam en de inburgering. Bij sommige vragen hebben we associatiekaarten gebruikt. Dit zijn een aantal foto’s die bij iedereen andere gevoelens en emoties kunnen oproepen. De associaties kunnen helpen om sommige antwoorden op vragen uit te diepen en/of om het gesprek op gang te brengen.

64

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

Bijlage 3 Samenstelling respondenten enquête

Deze bijlage beschrijft kort de samenstelling van de 504 gezinsmigranten die aan het onderzoek hebben meegedaan. Waar mogelijk wordt deze vergeleken met de samenstelling van de populatie, namelijk alle Amsterdamse PVT-plichtige gezinsmigranten.

Meerderheid jonger dan 40 jaar en/of hoog opgeleid De meeste inburgeringsplichtige gezinsmigranten zijn jonger dan 40 jaar (69% van de respondenten en 77% van de PVT-plichtige gezinsmigranten). De helft van de respondenten is hoogopgeleid. Onder veertigplussers is het aandeel laagopgeleiden hoger dan bij de jongere gezinsmigranten (26% versus 12%). B3.1 Populatie en respondentgroep naar leeftijd PVT-plichtige gezinsmigranten (n = 2.265

respons (n = 504)

%

aantal

%

18-29

35

140

28

30-39

42

205

41

40-65

24

131

26

geen antwoord

-

28

6

100

504

100

totaal B3.2 Respondenten naar opleidingsniveau, n=504

aantal

%

laag (geen opleiding / lagere school / lager beroepsonderwijs)

80

16

middelbaar (middelbare school of middelbaar beroepsonderwijs)

138

27

hoog (hbo / universiteit)

252

50

geen antwoord

34

7

totaal

504

100

Gezinsmigrant meestal niet-westers De respons is goed verdeeld over de verschillende herkomstgroepen. Ruim een kwart (26%) komt uit een van de overige niet-westerse landen, 22% uit Azië (exclusief Indonesië en Japan, die tot de westerse landen worden gerekend). Bijna een op de vijf gezinsmigranten komt uit Midden of Zuid Amerika, 14% uit Marokko en 13% uit een westers land.

65

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

B3.3 Populatie en respons naar nationaliteit* PVT-plichtige gezinsmigranten n=2.265)

respons (n = 504)

%

aantal

%

99

22

Azië Chinese

3

15

3

Pakistaanse

3

12

2

3

21

4

n.b.

51

10

Filipijnse

overig Aziatisch Suriname en ov. Zuid en Midden Amerika

98

19

7

37

7

5

16

3

n.b.

45

9

63

13

Surinaamse Braziliaanse overig Zuid en Midden Amerika Westers (incl. Indonesië en Japan)

Marokko

Nederlandse

-

<10

-

Amerikaanse

7

20

4

Australische

3

<10

-

overig westers

10

35

7

Marokkaanse

16

overig niet-westers

70

14

129

26

Ghanese

8

42

8

Russische

3

<10

-

3

10

2

n.b.

68

13

Egyptische overig niet-westers

onbekend / geen antwoord totaal

1

45

9

100

504

100

*11 respondenten hebben Nederlands en een andere nationaliteit opgegeven, waarvan 9 Surinaams. De dubbele nationaliteit wordt in het rapport verder buiten beschouwing gelaten.

Acht van de tien keer heeft de partner de Nederlandse nationaliteit Ruim twee derde van de respondenten geeft aan dat ze met hun partner wonen zonder kinderen. Uit de toelichtingen van de respondenten die in de enquête voor de categorie anders hebben gekozen blijkt dat zij vaak samenwonen met andere familieleden, vaak de (schoon)ouders. B3.4 Respons naar huishoudsamenstelling, n=504 aantal

%

twee volwassenen

336

67

twee volwassenen en kinderen

125

25

alleenwonend

<10

-

anders

34

7

weet niet / geen antwoord

<10

-

totaal

504

100

De meeste respondenten (79%) hebben een partner met (ook) de Nederlandse nationaliteit.

66

Onderzoek, Informatie en Statistiek

|

Gezinsmigranten in Amsterdam

B3.5 Respons naar nationaliteit partner, n=504 aantal

%

341

68

Nederlandse en/of Marokkaanse*

37

7

Nederlandse en/of Surinaamse**

<10

-

Nederlandse en overig niet-westerse

12

2

Nederlandse en andere westerse

<10

-

overige westerse nationaliteiten

<10

-

overige niet-westerse nationaliteiten

52

10

Nederlandse

weet niet / geen antwoord

44

9

totaal

504

100

*<5 respondenten alleen Marokkaans **<5 respondenten alleen Surinaams

Bijna de helft van de partners is hoogopgeleid. B3.6 Respons naar opleidingsniveau partner, n=504 aantal

%

laag (geen opleiding / lagere school / lager beroepsonderwijs)

59

12

middelbaar (middelbare school of middelbaar beroepsonderwijs)

127

25

hoog (hbo / universiteit)

241

48

geen antwoord

77

15

totaal

504

100

Verschillen naar nationaliteit Er is samenhang tussen de achtergrondkenmerken van de respondenten. In de onderstaande tabel wordt gekeken naar de samenhang met nationaliteit.

67

Onderzoek, Informatie en Statistiek

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9920920/1