CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 28 Grond en Ontwikkeling (22) 20. Bijlage PN 3e onderzoeken veiligheid

RAAD 9 november 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de projectnota Marineterrein en instemmen met de voorbereiding van een investeringsbesluit VN2023-02206625.490 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bezoekadres: Gatwickstraat 11 1043 GL Amsterdam

Notitie

Postadres:

03448-56003-05v2 Quickscan externe veiligheid; Marineterrein in Amsterdam

Hoofdweg 76 3067 GH Rotterdam T +31 (0)88-5152505 E info@cauberghuygen.nl W http://www.cauberghuygen.nl K.V.K. 58792562 IBAN NL71RABO0112075584

Datum

Referentie

Behandeld door

11 januari 2023

03448-56003-05v2

H.J.W. van Wijngen/LCr

1

Inleiding

Het plangebied Marineterrein, onderdeel van de Kattenburg te Amsterdam, wordt ontwikkeld tot een innovatiedistrict met gemengde functies, waaronder woonblokken en een sportveld geschikt voor atletiek. Er is in 2017 verkennend onderzoek uitgevoerd door Cauberg Huygen op het gebied van omgevingsgeluid (spoorweglawaai en wegverkeerslawaai), luchtkwaliteit en externe veiligheid. Deze verkennende onderzoeken, moeten daar waar nodig door wetgeving of gewijzigde invoergegevens, worden geactualiseerd. 2

Uitgangspunten

2.1

Situatie plangebied Marineterrein

Het Marineterrein en de opstallen zijn in bezit van het Rijk. Het Rijk wil eigendom afstoten en het terrein komt beschikbaar voor herontwikkeling. Het Marineterrein is inmiddels openbaar toegankelijk, op het terrein komen steeds meer nieuwe functies in de plaats van de aan de Marine gerelateerde functies. Uiteindelijk zal de Marine slechts op een klein deel van het terrein aanwezig blijven, de rest van het terrein zal worden herontwikkeld. Daarbij gaat het om ontwikkeling van zowel bedrijvigheid als woningbouw en onderwijsfuncties. Het doel is om een plek te maken voor bedrijven en bewoners in de creatieve en technische (ICT) sector. Ook kleinschalige maakindustrie kan een plek krijgen op het terrein. Daarnaast is het doel het gebied autovrij te maken. In totaal gaat het om het realiseren van ca. 200.000 m2 vastgoed. Het plangebied Marineterrein, onderdeel van Kattenburg te Amsterdam is weergegeven in figuur 1.

Figuur 1:

Plankaart Marineterrein

3

Externe veiligheid Wet- en regelgeving

3.1

Toetsingskader externe veiligheid huidig

Externe veiligheid heeft betrekking op de risico’s voor de omgeving vanwege het gebruik, de productie, de opslag en het vervoer van gevaarlijke stoffen. In het geval van een verandering bij de risicobron of in de omgeving van de risicobron dient een afweging te worden gemaakt van de externe veiligheidssituatie. Hierbij moeten risicobronnen in het plangebied en in de omgeving in kaart worden gebracht en moeten deze worden getoetst aan twee risicomaten: − plaatsgebonden risico (PR). − groepsrisico (GR). Deze risicomaten gelden voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over weg, water, spoor, per buisleiding en bij risicovolle bedrijven. In de volgende AMvB’s en circulaires zijn risiconormen opgenomen die vanuit het oogpunt van externe veiligheid relevant zijn bij het vaststellen van een bestemmingsplan: − Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). In dit besluit zijn de risiconormen voor risicovolle inrichtingen weergegeven ten aanzien van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. Quickscan externe veiligheid; Marineterrein in Amsterdam

03448-56003-05v2 11 januari 2023 Pagina 2

−

−

− −

Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt). In dit besluit zijn de risiconormen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor en binnenwater opgenomen ten aanzien van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb). In het Bevb zijn de risiconormen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen door buisleidingen opgenomen ten aanzien van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. Vuurwerkbesluit. In dit besluit zijn voor de opslag van consumentenvuurwerk en professioneel vuurwerk veiligheidsafstanden vastgesteld. Circulaire opslag ontplofbare stoffen voor civiel gebruik. In deze circulaire zijn veiligheidszones (A-, B- of C-zone) vastgesteld voor de opslag van ontplofbare stoffen voor civiel gebruik. Binnen deze veiligheidszones worden de aanwezigheid van activiteiten en/of objecten uitgesloten. Het Activiteitenbesluit milieubeheer: In dit besluit zijn veiligheidsafstanden opgenomen die moeten worden aangehouden ten opzichte van (beperkt) kwetsbare objecten. Veiligheidsafstanden zijn vastgesteld voor onder andere opslagtanks met propaan/propeen, aardgastankstations en gasdrukmeet- en regelstations.

In tegenstelling tot het plaatsgebonden risico geldt voor het groepsrisico geen milieunorm als grens- of richtwaarde. Het groepsrisico kent echter de zogenaamde verantwoordingsplicht. De verantwoording van het groepsrisico moet worden uitgewerkt binnen het zogenaamde invloedsgebied. Het eindresultaat van de verantwoording van het groepsrisico is een kwalitatief oordeel over de aanvaardbaarheid van het groepsrisico. Het gaat om een politieke afweging van de (kwantitatieve) hoogte van het groepsrisico in relatie tot de aanwezige en mogelijk aanvullend te treffen bron- en ruimtelijke maatregelen, de bestrijdbaarheid van een mogelijk incident en de zelfredzaamheid van de aanwezige bevolking. Ook de beoordeling van maatschappelijk nut en noodzaak maakt onderdeel uit van de verantwoording van het groepsrisico. Bij de beoordeling van het groepsrisico is de vraag relevant of het nodig is om extra maatregelen te nemen die het risico verder beperken ofwel de veiligheid verhogen. Het gaat daarbij om extra maatregelen omdat risicobronnen altijd al voorzien moeten zijn van veiligheidsmaatregelen op grond van diverse wet- en regelgeving en veiligheidsnormen buiten de externe veiligheid om. 3.2

Externe veiligheid in de Omgevingswet

Een veilige en gezonde fysieke leefomgeving is het hoofddoel van de nieuwe Omgevingswet (Ow). De incidenttypen en de (wijze van bepalen van) de grootte van de aandachtsgebieden zijn landelijk uitgewerkt door het ministerie van I&W en RIVM. De Ow, specifiek het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), biedt een basisbeschermingsniveau voor omgevingsveiligheid via de norm voor het plaatsgebonden risico. Binnen de aandachtsgebieden moeten lokaal keuzes gemaakt worden voor de beheersing van het groepsrisico. Omgevingsveiligheid, specifiek de systematiek rondom het groepsrisico en de verplichting om een afweging te maken over aandachtsgebieden, is wettelijk geregeld. Een gemeente heeft beleidsvrijheid over de beleidsmatige/inhoudelijke invulling. Dit geeft een gemeente afwegingsruimte over hoe om te gaan met aandachtsgebieden. Een gemeente geeft idealiter in haar omgevingsvisie op hoofdlijnen aan hoe met omgevingsveiligheid wordt omgegaan en vertaalt deze invulling naar het omgevingsplan. Quickscan externe veiligheid; Marineterrein in Amsterdam

03448-56003-05v2 11 januari 2023 Pagina 3

Omgevingsveiligheid is als externe veiligheid op verschillende plaatsen opgenomen in de Omgevingswet. De eisen die hieraan gesteld worden in een omgevingsplan zijn opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Hoofdstuk 5 van het Bkl gaat in op omgevingsveiligheid. De regels in relatie tot aandachtsgebieden en voorschriftengebieden zijn opgenomen in artikel 5.12 t/m 5.15. Voor omgevingsveiligheid zijn (en blijven) twee begrippen van belang: • Het plaatsgebonden risico. • Het groepsrisico. Wat betreft het plaatsgebonden risico zijn er geen grote veranderingen ten opzichte van het juridisch kader voor inwerkingtreding van de Omgevingswet, behalve dat er niet meer wordt gesproken van een richtwaarde voor beperkt kwetsbare objecten, maar van een standaardwaarde voor beperkt kwetsbare gebouwen en locaties. Verder spreekt de wet van zeer kwetsbare gebouwen, kwetsbare gebouwen en kwetsbare locatie. Begrippen die voorheen onder de definitie kwetsbare objecten vielen. Net als in het huidige wettelijk kader moet een gemeente onder de Omgevingswet een afweging maken over het groepsrisico als gevolg van risicovolle milieubelastende activiteiten en gebouwen en locaties in de omgeving daarvan. Het Bkl kent geen verplichting meer om te rekenen aan het groepsrisico en het groepsrisico zo te kwantificeren. In plaats daarvan wordt gewerkt met zogenaamde aandachtsgebieden.

Aandachtsgebieden Onder de Omgevingswet wordt het groepsrisico in kaart gebracht en beoordeeld door gebruik te maken van zogenaamde aandachtsgebieden. Aandachtsgebieden zijn er in drie soorten (art. 5.12 Bkl): 1. Brandaandachtsgebieden (BAG): Een brandaandachtsgebied is de locatie begrensd door de afstand, waar als gevolg van een ongewoon voorval dat leidt tot een plasbrand of een fakkelbrand, de warmtestraling ten hoogste 10 kW/m2 is. 2. Explosieaandachtsgebieden (EAG): Een explosieaandachtsgebied is de locatie begrensd door de afstand, waar als gevolg van een ongewoon voorval dat leidt tot: i. een kokende vloeistof-gasexpansie-explosie (Boiling Liquid Expanding Vapor Explosion, BLEVE), de warmtestraling ten hoogste 35 kW/m2 is of ii. een explosie, anders dan onder a, de overdruk ten hoogste 10 kPa is. 3. Gifwolkaandachtsgebieden (GAG): Een gifwolkaandachtsgebied is de locatie begrensd door de afstand, waar als gevolg van een ongewoon voorval dat leidt tot een gifwolk, personen in een gebouw overlijden door blootstelling aan ten hoogste de bij ministeriële regeling vastgestelde concentratie van een gevaarlijke stof gedurende een daarbij aangegeven periode.

In afwijking van het derde lid wordt een gifwolkaandachtsgebied begrensd door de afstand van 1,5 km vanaf de locatie binnen de begrenzing van de activiteit bepaald volgens bij ministeriële regeling gestelde regels, als de afstand, bedoeld in het derde lid, groter is dan 1,5 km.

Quickscan externe veiligheid; Marineterrein in Amsterdam

03448-56003-05v2 11 januari 2023 Pagina 4

Figuur 2:

Aandachtsgebieden.

Op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt heeft iedere bestaande risicovolle milieubelastende activiteit een, twee of drie aandachtsgebieden. Of het er een, twee of drie zijn, is afhankelijk van de soorten stoffen en het type processen waarvan sprake is. Aandachtsgebieden mogen worden opgenomen in het omgevingsplan, maar dit is geen verplichting. Voorschriftengebieden Een gemeente is in beginsel conform het Bkl verplicht om binnen het gehele aandachtsgebied voor brand en explosie zogenaamde voorschriftengebieden 1 aan te wijzen (Bkl, art. 5.14). Een gemeente kan hier gemotiveerd van afwijken en geen of slechts voor een deel van het aandachtsgebied een voorschriftengebied aanwijzen. Er geldt een uitzondering voor bestaande zeer kwetsbare gebouwen en locaties die toekomstige zeer kwetsbare gebouwen toelaten. Voor die locaties is aanwijzing van een brand- en/of explosieaandachtsgebied verplicht. Er bestaan geen voorschriftengebieden voor gifwolk. Zodra een voorschriftengebied is aangewezen geldt op die locatie dat bij nieuwbouw bouwkundige maatregelen moeten worden getroffen. Welke maatregelen dit zijn, is uitgewerkt in § 4.2.14 Brand- en explosievoorschriftengebieden van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl, art. 4.90- 4.96). In plaats van deze maatregelen mogen ook alternatieve maatregelen worden getroffen, mits deze gelijkwaardig zijn.

Het kan hierbij gaan om alternatieve bouwkundige maatregelen, maar ook om omgevingsmaatregelen. Categorieën gebouwen en locaties In de Omgevingswet is de term objecten losgelaten en is vervangen door gebouwen en locaties. In de Omgevingswet zijn gebouwen en locaties als volgt ingedeeld in 3 categorieën: 1. zeer kwetsbaar (alleen gebouwen) 2. kwetsbaar (gebouwen en locaties) 3. beperkt kwetsbaar (gebouwen en locaties)

1

Bekijk hier een korte video over voorschriftgebieden: Voorschriftengebieden in het Omgevingsplan - YouTube

Quickscan externe veiligheid; Marineterrein in Amsterdam

03448-56003-05v2 11 januari 2023 Pagina 5

1.

Zeer kwetsbare gebouwen De categorie zeer kwetsbare gebouwen is nieuw ten opzichte van de voorheen geldende regelgeving. De gebouwen in deze categorie vielen eerder onder de categorie kwetsbare objecten. Een gebouw is 'zeer kwetsbaar' als het een gebouw is voor mensen die zichzelf niet op tijd in veiligheid kunnen brengen. Het gaat om de volgende gebouwen: • Woonfunctie voor 24-uurszorg • Basisscholen • Scholen voor minderjarigen met een lichamelijke of geestelijke beperking • Dagverblijf van personen met een lichamelijke of geestelijke beperking • Gezondheidszorg met bedgebied (ziekenhuizen en verpleeghuizen) • Kinderopvang • Gevangenissen

2.

Kwetsbare gebouwen en locaties Kwetsbare gebouwen zijn alle gebouwen met een woonfunctie (niet verspreid liggende bebouwing) en locaties bestemd voor grote evenementen of voor recreatief nachtverblijf voor meer dan 50 personen. Gebouwen en locaties zijn ook kwetsbaar als er veel personen een groot deel van de dag aanwezig zijn. Het gaat bijvoorbeeld om: • Woonfunctie • Bijeenkomstfunctie • Kantoorfunctie • Sportfunctie • Scholen voor volwassenen • Gezondheidszorg zonder bedgebied • Locatie voor evenementen in de open lucht voor ten minste 5.000 personen

3.

Beperkte kwetsbare gebouwen en locatie De overige gebouwen en locaties zijn beperkt kwetsbaar. De systematiek voor (beperkt) kwetsbare gebouwen is vergelijkbaar met die in het voormalige Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Nieuw is wel dat nu de nadruk ligt op de bescherming van de kwetsbare gebruiksfunctie van een gebouw in plaats van op de bescherming van het gebouw als geheel.

4

Beschrijving risicobronnen

Risicobronnen zijn op te splitsen in transportroutes van gevaarlijke stoffen en industrie. In figuur 3 zijn de relevante risico’s inzichtelijk gemaakt.

Quickscan externe veiligheid; Marineterrein in Amsterdam

03448-56003-05v2 11 januari 2023 Pagina 6

Plangebied

Het IJ

Spoor Figuur 3:

Risico’s in de omgeving van het plangebied (bron: EV risicokaart)

Op basis van de uitgevoerde onderzoeken worden de volgende risicobronnen relevant geacht voor de ontwikkeling van het Marineterrein: 1. Transport van gevaarlijke stoffen over het IJ. 2. Transport van gevaarlijke stoffen over het spoor. 4.1.1

Transport van gevaarlijke stoffen over het IJ

Aan de bovenzijde van de onderzoekslocatie is op circa 450 m afstand het IJ. Het IJ is aangewezen in het Basisnet Water. Dat betekent dat er rekening gehouden moet worden met plaatsgebonden risico en vrijwaringszone. Voor het vervoer over water zijn drie stofcategorieën opgenomen. Het betreft de stoffen: GT3, LF1 en LF2. Het betreft binnenvaartschepen. De afstand tot het plangebied is circa 450 m. Op deze afstand wordt ervan uitgegaan dat het transport geen verdere negatieve invloed heeft op het plangebied. Wel wordt geadviseerd om deze transportroute mee te nemen in de algehele verantwoording welke opgesteld dient te worden voor de overige risicobron, omdat het in het invloedsgebied bevindt. Geconcludeerd wordt dat het transport van gevaarlijke stoffen over het IJ geen belemmering is voor de ontwikkeling. 4.1.2

Transport van gevaarlijke stoffen over het spoor

Aan de noordzijde van het plangebied bevindt zich een hoofdspoortraject waarover vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Dit spoortraject is opgenomen in het Basisnet Spoor. De afstand tot het plangebied bedraagt circa 100 m. Er bevindt zich geen plasbrandaandachtsgebied. Over het onderhavige spoortraject rijden (op jaarbasis) de volgende aantallen ketelwagens. Quickscan externe veiligheid; Marineterrein in Amsterdam

03448-56003-05v2 11 januari 2023 Pagina 7

Tabel 1:

Aantallen ketelwagens (op jaarbasis) op het hoofdspoortracé

Spoortraject 280R.1

Stofcategorieën Pr 10-6

Breedte spoor

A

B2

B3

C3

D3

D4

25-49 meter

600

200

0

3450

200

100

contour Diemen

–

0

Warme/koude Bleve 0.0

Amsterdam Centraal Station (bron: Regeling Basisnet)

Een deel van het plangebied bevindt zich binnen de 200 meter (huidige regelgeving) van de risicobron het spoor. Voor het deel van het plangebied wat binnen deze afstand bevindt, moet het risico uitgebreid verantwoord worden. Het overige gebied kan verantwoord worden onder een zogenaamd licht regiem. Op basis van deze quickscan kan geconcludeerd worden dat het transport van gevaarlijke stoffen over het spoor invloed heeft op de ontwikkeling, maar geen belemmering zal vormen voor de ontwikkeling. Wel dient bij de ontwikkeling in een vroeg stadium gekeken te worden naar het risico, omdat het risico mogelijk effect heeft op de keuze van functies, materialen, gebiedsinrichting en plaatselijke voorzieningen ten aan zien van bestrijdbaarheid. 4.2

Risico in de Omgevingswet

In de Omgevingswet zijn het brandaandachtsgebied (rood) en het explosieaandachtsgebied (geel) van belang. In figuur 4 zijn deze beide afstanden zichtbaar gemaakt. Ten opzichte van de huidige wetgeving is voor de Omgevingswet het lastiger om een richting aan te geven. Ook in het kader van de Omgevingswet moet er een verantwoording opgesteld worden in verband met de risico’s. In paragraaf 3.2 is aangegeven dat hierbij de aandachtsgebieden van belang zijn. Op basis van de plan invulling van het bevoegd gezag kan het gebied ook aangewezen worden als voorschriftengebied. Deze beleidskeuzen hebben invloed op de te nemen maatregelen en de mate van afdwingbaarheid. De Omgevingswet biedt wel een breder afwegingskader dan de huidige regelgeving. Zo is het in de Omgevingswet mogelijk om meerdere milieuaspecten tegen elkaar af te wegen.

Quickscan externe veiligheid; Marineterrein in Amsterdam

03448-56003-05v2 11 januari 2023 Pagina 8

Figuur 4:

Aandachtsgebieden (bron: EV signaleringskaart)

Het risico moet verantwoord worden. Dit zal afhankelijk zijn van de beleidskeuzes van het bevoegd gezag. Zoals zichtbaar is in figuur 4 ligt de noordelijke zone van het Marineterrein in het aandachtsgebied explosie. Het is dan van belang welke type gebouwen (voorheen objecten) geprojecteerd worden. Wanneer we uitgaan van woningen en dat het bevoegd gezag hier een voorschriftengebied van maakt moet er scherfwerend glas worden geplaatst. Afhankelijk van de keuze van het gebouw en bouwwijze, zal er een kosten toename zijn van circa € 700,-- tot € 2.000,-- per m2, boven op de bestaande kosten van het raam en gevel. De effectiviteit hiervan is tot op heden niet bekend. Tevens is het niet bekend wanneer wordt voldaan aan de definitie scherfwerend glas. Op het moment van schrijven is dit nog niet nader beschreven in de Omgevingswet. Dit geeft relatief weinig zekerheid aan de initiatiefnemers van het plan. Wel kunnen de initiatiefnemers ervan uitgaan dat woningbouw wel toegestaan is, maar mogelijk extra kosten met zich meebrengt bij de realisatie. Dit aspect wordt geregeld in de verantwoording, vandaar het advies externe veiligheid in een vroeg stadium uit te voeren zodat ook in een vroeg stadium een juiste kostenindicatie gegeven kan worden voor de realisatie van woningen binnen het aandachtsgebied. 5

Conclusie

Gezien de nabijheid van risicobronnen van het plangebied moet conform de huidige wetgeving het plaatsgebonden risico en het groepsrisico worden berekend. In het kader van de Ow hoeft er niet gerekend te worden, maar wordt aangesloten bij aandachtsgebieden.

Quickscan externe veiligheid; Marineterrein in Amsterdam

03448-56003-05v2 11 januari 2023 Pagina 9

Hierbij wordt nog steeds kwetsbaar en beperkt kwetsbaar gehanteerd, maar er moet nu ook gekeken worden of zeer kwetsbaar toegestaan wordt (zie paragraaf 3.2 kopje categorieën gebouwen en locaties). In alle gevallen dient het groepsrisico afgewogen (verantwoord) te worden. Hierbij moet extra aandacht besteed worden aan vluchtwegen en hulpverlening bij incidenten op zowel gebouwniveau als op wijkniveau. Cauberg Huygen B.V.

De heer ing. H.J.W. van Wijngen Senior-adviseur

Quickscan externe veiligheid; Marineterrein in Amsterdam

03448-56003-05v2 11 januari 2023 Pagina 10

Bezoekadres: Gatwickstraat 11 1043 GL Amsterdam

Notitie

03448-56003-06v2 Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

Postadres: Hoofdweg 76 3067 GH Rotterdam T +31 (0)88-5152505 E info@cauberghuygen.nl W http://www.cauberghuygen.nl K.V.K. 58792562 IBAN NL71RABO0112075584

Datum

Referentie

Behandeld door

24 februari 2023

03448-56003-06v2

F.P. van Dorresteijn/LVe

1

Inleiding

In het kader van de herontwikkeling van het Marineterrein in Amsterdam tot een nieuw werk- en woongebied zijn diverse indicatieve onderzoeken (quickscans) uitgevoerd op het gebied van milieu. In de voorliggende notitie is de uitgevoerde actualisatie van de quickscan van het omgevingsgeluid omschreven1. Wonen is een geluidgevoelige functie, nieuwe woningen op het Marineterrein zijn gesitueerd binnen de invloedssfeer van gemeentewegen (onder meer de Kattenburgerstraat en de IJ-tunnel) en van de hoofdspoorweg Amsterdam Centraal-Amsterdam Muiderpoort. Door middel van geluidcontourberekeningen zijn voor diverse hoogten (5, 10, 15, 20, 25 en 30 m) de gebieden vastgesteld waarbinnen eventueel dove gevels benodigd zijn, waarbinnen hogere geluidwaarden benodigd zijn of waarbinnen het direct geluidluw is. De geluidcontouren zijn getoetst aan de nieuwe toegestane geluidswaarden van de aankomende Omgevingswet (met daarin een aanscherping van de uiterste grenswaarde voor spoorweglawaai: van 68 naar 65 dB). Aanvullend zijn de geluidseffecten van de volgende aspecten indicatief onderzocht: a. Het verplaatsen helikopterplatform naar de nieuwe locatie (tevens te gebruiken als sportveld). b.

Het effect van reflecties van spoorgeluid door nieuwe (woon-)gebouwen op de geluidbelastingen ter plaatse van nabijgelegen woonboten in de Dijksgracht en het effect van reflecties van verkeersgeluid door de nieuwe kazerne aan de Kattenburgerstraat op de geluidbelastingen van bestaande woningen aan de overzijde van de Kattenburgerstraat. c. De mate van geluidhinder vanaf het nieuwe sportveld ter plaatse van nabijgelegen, bestaande woningen en woonboten. d. Het geluid van het passeren van rondvaartboten van en naar de nachtstalling Dijksgracht, ter plaatse van Oostenburg. e. Het geluid ten gevolge van de ontwikkeling van nieuwe logistieke hubs aan de Dijksgracht (passerend vaarverkeer) ter plaatse van de nieuwe woningen op het Marineterrein. 1

In 2017 is een eerste quickscan uitgevoerd (notitie “Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; quickscan omgevings-geluid, luchtkwaliteit en externe veiligheid”, met referentie 03448-22304-03 van 23 november 2017).

2 2.1

Wijzigingen geluidwetgeving en verkeersintensiteiten weg en spoor Wegverkeerslawaai en spoorweglawaai in de Omgevingswet

Bij inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet (Ow) komt de huidige Wet geluidhinder (Wgh) te vervallen. Veel van de systematiek van de Wet geluidhinder is in de nieuwe Ow overgenomen, enkele aspecten zijn gewijzigd. De meest relevante wijzigingen zijn:  Besluit hogere waarden: het besluit hogere grenswaarden (dan de voorkeursgrenswaarden) komt te vervallen. In het Omgevingsplan of in de Omgevingsvergunning worden hogere geluidwaarden toegestaan. Hogere geluidwaarden kunnen worden toegestaan indien is gebleken dat geluidbeperkende maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn of op bezwaren stuiten van diverse aard (verkeerskundig, financieel enzovoorts). Die systematiek van afweging van geluidbeperkende maatregelen is in hoofdlijnen ongewijzigd.  Ook in de Ow is onderzoek alleen nodig indien de nieuwe geluidsgevoelige functie is gelegen binnen een geluidszone, in de Ow geluidaandachtsgebied genoemd. De wijze waarop de omvang van de geluidaandachtsgebieden wordt bepaald is anders dan die in de huidige Wgh. In de Ow komt voor een aantal bronsoorten zoals rijkswegen en hoofdspoorwegen de begrenzing van het aandachtsgebied overeen met de geluidscontour waarop de standaardwaarde heerst, zie volgende opsommingsstreep. De vaste zonebreedtes bij wegverkeerslawaai (zones van 200, 250, 350, 400 of 600 m) komen te vervallen.

In het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) gaan de geluidaandachtsgebieden van verschillende geluidbronsoorten worden gepresenteerd.  In de Ow wordt gesproken over de standaardwaarde (voorheen: voorkeursgrenswaarde) en de grenswaarde (voorheen: maximale ontheffingswaarde).  De standaardwaarde en de grenswaarde gelden niet meer per bron (per weg), maar per geluidbronsoort. De geluidbijdragen van bijvoorbeeld alle gemeentewegen worden eerst gesommeerd, waarna de beoordeling aan de toetswaarden gebeurt. Geluidbronsoorten zijn onder meer: rijkswegen, hoofdspoorwegen, lokale spoorwegen (waar onder metro’s), gemeentewegen en provinciale wegen.  De standaardwaarden en grenswaarden wijken in getalswaarde veelal af van de huidige normen. Voor de voor het Marineterrein relevante geluidbronsoorten hoofdspoorwegen en gemeentewegen gelden standaardwaarden van 55 dB Lden (spoor) en 53 dB Lden (weg) en gelden grenswaarden van 65 dB Lden (spoor) en 70 dB Lden (weg). In de berekening van wegverkeerslawaai wordt de huidige aftrek volgens artikel 110g Wgh (variërend van 2 tot 5 dB) in de Ow niet meer gehanteerd.  Bij geluid boven de grenswaarde kunnen niet-geluidgevoelige gevels met bouwkundige maatregelen worden ingezet.

De bouwkundige maatregelen bestaan uit ofwel een gevel zonder te openen delen (de oude, échte dove gevel) ofwel uit geluidsvoorzieningen waarmee ter plaatse van te openen delen in de gevel (op het hele te openen deel) wordt voldaan aan de grenswaarden en aan de eisen van het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (die het huidige Bouwbesluit vervangt). Een van de belangrijke bouwfysische eisen is het hebben van buitenluchtkwaliteit voor én achter die geluidsvoorziening. Een niet-geluidgevoelige gevel met bouwkundige maatregelen dient – ten opzichte van een “gewone” gevel - een 3 dB hogere gevelgeluidwering te hebben. Een niet-geluidgevoelige gevel met bouwkundige maatregelen wordt in de geluidsbeoordeling van bijvoorbeeld een weg- of spooraanpassing buiten beschouwing gelaten.  De nieuwe berekeningsmethoden van het wegverkeerslawaai en het spoorweglawaai komen in hoofdlijn overeen met de bestaande berekeningsmethoden. Belangrijke wijzigingen zijn de geactualiseerde geluidemissies van motorvoertuigen (wegverkeerslawaai) en de bepaling van de meteocorrectieterm. De Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023 Pagina 2

2.2

meteocorrectieterm CM is een correctie (geluidsafname) die wordt toegepast op een geluidniveau die is berekend voor een zogenaamde meewindconditie. Omdat niet alleen meewindsituaties voorkomen wordt de meteocorrectieterm CM toegepast. In het huidige rekenvoorschrift wordt ervan uitgegaan dat alle windrichtingen even vaak voorkomen. Het nieuwe rekenvoorschrift geeft bij het bepalen van de meteocorrectieterm wel rekenregels voor de windrichtingsafhankelijkheid, op basis van een landelijk geldende windroos. In deze quickscan is gerekend volgens het nieuwe Rekenvoorschrift (laatst gewijzigd op 28 september 2022: Staatcourant 2022, nr. 26085). Tot slot zal het gemeentelijk geluidbeleid in de Omgevingsregeling worden opgenomen. Onduidelijk is op dit moment op welke punten het geluidbeleid gaat wijzigen. De eis van een geluidsluwe zijde wordt gehandhaafd. Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) en gevolgen voor het geluidregister

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer Het landelijke Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) maakt het mogelijk om het spoorvervoer fors te intensiveren (zowel een groei in reizigersvervoer als in goederenvervoer). Met betrekking tot de gemeente Amsterdam is in 2021 het Tracébesluit Programma Hoogfrequent Spoorvervoer Amsterdam Centraal vastgesteld. Voor het Tracébesluit is een geluidsonderzoek uitgevoerd. In dit geluidsonderzoek is een vergelijking gemaakt van de geluidproducties als gevolg van het groeiende spoorvervoer met de zogenaamde geluidproductieplafonds (GPP’s), die gelden ter plaatse van een groot aantal denkbeeldige referentiepunten aan weerszijden van het hoofdspoor (gelegen op 50 m afstand van het spoor, de onderlinge afstand bedraagt 100 m). Hieruit is gebleken dat ter plaatse van slechts vier referentiepunten (van de meer dan 300 punten) de nieuwe geluidproducties de GPP’s overschrijden. Een van die vier referentiepunten is ter hoogte van het Marineterrein, aan de zijde van de Piet Heinkade (zie de stervormige aanduiding in de figuur hiernaast). In de gebieden waar één of meer GPP’s worden overschreden wordt het geluidregister van ProRail aangepast. Hierbij zijn de brongegevens van de nieuwe situatie (de voorkeursvariant) in het geluidregister verwerkt.

Geluidregister Het landelijke geluidregister van ProRail is een overzicht van alle referentiepunten (ruim 50.000) met de geldende geluidproductieplafonds (GPP’s). Ook de brongegevens, die verband houden met deze GPP’s, zijn in het geluidregister opgenomen. De brongegevens houden onder meer in: de uurintensiteiten voor de dag-, avond- en nachtperiode van de spoorvoertuigen, de rijsnelheden en de aanwezige spoorconstructies.

Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023 Pagina 3

Het Reken- en meetvoorschrift schrijft voor dat deze brongegevens in het geluidregister het uitgangspunt vormen voor het berekenen van geluidbelastingen ter plaatse van nieuwe geluidsgevoelige gebouwen, zoals woningen en onderwijsgebouwen. Monitoring geluidproducties spoorweglawaai Jaarlijks wordt de werkelijk gemaakte geluidproducties berekend en getoetst aan de GPP’s. De uitkomsten hiervan worden gerapporteerd in nalevingsverslagen. Het laatste nalevingsverslag is dit jaar gepubliceerd en betrof de geluidproducties in het jaar 2020. Al sinds het begin van de monitoring van de geluidproducties is gebleken dat de geluidproducties langs het Amsterdamse hoofdspoor fors onder de GPP’s liggen: circa 5 dB, ook wel geluidsruimte genoemd. Deze geluidsruimte is dermate groot dat met het toenemen van geluidproducties door het PHS nog steeds aan de GPP’s wordt voldaan. Zolang geluidproducties blijven voldoen aan de GPP’s hoeven het geluidregister en de daarin opgenomen brongegevens niet te worden aangepast. Nieuwe verkeersintensiteiten en rijsnelheden als ook eventuele veranderingen in bijvoorbeeld spoorconstructies als gevolg van PHS zijn dan ook niet terug te vinden in het geluidregister.2 Gevolgen PHS voor herontwikkeling Marineterrein Omdat nagenoeg wordt voldaan aan de GPP’s zijn er ook nagenoeg geen wijzigingen in het geluidregister doorgevoerd.

Dat betekent dat voor het Marineterrein in deze actualisatie van de quickscan nagenoeg met dezelfde brongegevens van het hoofdspoor is gerekend als in de eerdere quickscan. 2.3

Geactualiseerde verkeersonderzoek

Wij hebben gerekend met de geactualiseerde verkeersintensiteiten. Gerekend is met de uurintensiteiten voor de “referentiesituatie 2033” en “plansituatie 2033”.

2 Het kan dus voorkomen dat er helemaal geen verband bestaat tussen de brongegevens in het geluidregister en de toekomstige gegevens van een infrastructuurprogramma zoals het PHS. Een ander voorbeeld hiervan is aan de orde in het geluidregister van Rijkswaterstaat over snelwegen. In dat geluidregister zijn ten westen van de Schinkel bij Amsterdam de oude brongegevens met de bestaande rijbanenopzet van knooppunt Nieuwe Meer gehandhaafd, ondanks dat het knooppunt in de toekomst gaat worden gewijzigd (inclusief de aanleg van een flyover). Langs het knooppunt werd voldaan aan de GPP’s.

Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023 Pagina 4

3

Geluidscontouren wegverkeerslawaai en spoorweglawaai

3.1

Geluidscontouren spoorweglawaai

In figuur 3.1 zijn de geluidcontouren weergegeven voor de ontvangerhoogten 5 en 30 m. In bijlage I zijn de plots van het spoorweglawaai voor de onderzochte hoogten 5, 10, 15, 20, 25 en 30 m opgenomen. In de weergegeven geluidscontouren is het effect van gebouwen meegenomen (bestaande en nieuw te bouwen gebouwen). De gebouwen zijn ingevoerd met een afwisselende hoogten van 20 en 30 m. De maatgevende hoogte – de hoogte waarop het spoorlawaai het meest ver in het plangebied komt – bedraagt 25-30 m. De onderstaande figuren suggereren dat ter plaatse van de meest noordelijke gevels het geluid van het hoofdspoor meer dan 65 dB Lden bedraagt en dat volgens de nieuwe Omgevingswet op die plaatsen dove gevels nodig zijn. De contourberekeningen zijn verricht inclusief het meerekenen van geluidreflecties tegen gebouwen, gebouwen hebben in de regel geluidreflecterende gevels. Echter: volgens het rekenvoorschrift wordt ter plaatse van een te beoordelen gevel gerekend met alleen het invallende geluid. De geluidreflectie tegen de “eigen” gevel wordt dan buiten beschouwing gelaten. Deze voorgeschreven rekensituatie is nagebootst met de invoer van toetspunten tegen die te beoordelen gevel, zie bijlage II. Wanneer op die wijze met toetspunten wordt gerekend, in plaats van contouren, wordt wel overal voldaan aan de nieuwe grenswaarde van 65 dB Lden. Er zijn dan nergens dove gevels nodig.

Figuur 3.1:

3.2

Geluidcontouren spoorweglawaai op 5 m (links) en 30 m (rechts) hoogte

Geluidbelastingen wegverkeerslawaai

In figuur 3.2 op de volgende pagina zijn de maatgevende geluidcontouren weergegeven met betrekking tot de gemeentewegen. In bijlage III zijn de plots met betrekking tot geluidbelastingen vanwege de gemeentewegen opgenomen voor de onderzochte hoogten 5, 10, 15, 20, 25 en 30 m. De maatgevende hoogte – de hoogte waarop het wegverkeerslawaai het meest ver in het plangebied komt – bedraagt 20-30 m. Overal wordt voldaan aan de nieuwe grenswaarde van 70 dB. Er zijn nergens dove gevels benodigd.

Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023 Pagina 5

Figuur 3.2:

3.2.1

Geluidcontouren gemeentewegen op 5 m (links) en 30 m (rechts) hoogte

Geluidluwe gevels

Conform het geluidbeleid van de gemeente Amsterdam kunnen hogere geluidwaarden (dan de standaardwaarden) worden toegestaan indien woningen naast de geluidbelaste zijde ook over een geluidluwe gevel beschikken. Te zien is dat in de geluidcontourfiguren gebieden zijn aan te wijzen waarbinnen direct aan beide standaardwaarden van weg- en spoorgeluid wordt voldaan. In figuur 3.3 zijn voor een toetshoogte van 5 en 25 m deze gebieden met groen aangegeven. Door middel van een akoestisch gunstige stedenbouwkundige opzet (bijvoorbeeld U-vormige of carré-vormige gebouwen) of gebouwmaatregelen op woningniveau (bijvoorbeeld geluidwerende balkons) kunnen aanvullende geluidluwe gebieden en gevels worden gerealiseerd.

Figuur 3.3:

Geluidsluwe gebieden voor beide geluidsbronnen weg en spoor op 5 m (links) en 25 m (rechts) hoogte

Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023 Pagina 6

4

Geluidseffecten ter plaatse van bestaande woonboten en woningen

4.1

Effecten spoorweglawaai door nieuwbouw op woonboten Dijksgracht

De geluidbelastingen door spoorweglawaai ter plaatse van de bestaande woonboten in Dijksgracht zijn berekend voor de situatie met de huidige gebouwen op het Marineterrein en voor de situatie met de nieuwe gebouwen. Uit de berekeningen blijkt dat ter plaatse van de woonboten overwegend zeer geringe geluidstoenamen optreden: tot 0,1 dB. Alleen bij de woonboten aan Dijksgracht 7-11 treedt een geluidstoename op van 0,8 dB. Deze geluidstoename is eveneens gering, niet waarneembaar en daarom aanvaardbaar.

Figuur 4.1:

Geluidbelastingen Lden door spoorgeluid t.p.v. woonboten Dijksgracht. Boven: bestaande situatie, onder: toekomstige situatie

Geluidstoenamen door de komst van de nieuwe gebouwen houden doorgaans verband met het maken van nieuwe, geluidreflecterende gebouwen op nog lege plekken. Dat is ook de oorzaak van de geringe tot zeer geringe geluidstoenamen bij de woonboten. De hoogten van die nieuwe gebouwen spelen geen rol in de geluidreflecties. Reflecterend spoorlawaai dat de woonboten bereikt zijn op lagere bouwlagen van de nieuwe gebouwen weerkaatst. Geluidreflecties op hogere bouwlagen bereiken de woonboten niet (dat geluid gaat over de woonboten). Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023 Pagina 7

4.2

Effecten wegverkeerslawaai door nieuwbouw op bestaande woningen

Ook de geluidbelastingen ter plaatse van de bestaande woningen aan de Kattenburgerstraat en langs de Piet Heijnkade, maar dan door wegverkeerslawaai, zijn berekend voor de situatie met de huidige gebouwen op het Marineterrein en voor de situatie met de nieuwe gebouwen. Daarnaast zijn de veranderende verkeersintensiteiten (verschil tussen referentie- en plansituatie) in de berekeningen mee beschouwd. Uit de berekeningen blijkt dat de volgende geluidstoenamen optreden: 1. Piet Heijnkade (141-163) : geluidstoename van 0,3 dB. 2. Jollemanhof (19-73, 22-252) : geluidstoename van 0,5 tot 0,7 dB. 3. Kattenburgerstraat (10-410) : geluidstoename van 0,5 dB. De berekende geluidstoenamen zijn eveneens gering, niet waarneembaar en daarom aanvaardbaar. De berekende geluidseffecten zijn voornamelijk toe te kennen aan de veranderende verkeersintensiteiten op de wegen. 5

Verplaatsing helikopterstandplaats naar nieuwe locatie (nieuwe sportveld)

In de nieuwe stedenbouwkundige opzet van het Marineterrein wordt de bestaande helikopterstandplaats circa 150 m in oostelijke richting verplaatst. De nieuwe locatie van de helikopterstandplaats is op het nieuwe sport-veld. De standplaats wordt incidenteel door Defensie gebruikt (maximaal 10 maal per jaar en bij eventuele calamiteiten). Getracht is om te onderzoeken welke geluidniveaus bij landen of opstijgen van een helikopter optreden op omliggende gebouwen en of er sprake is van geluidhinder ter plaatse van geluidsgevoelige gebouwen (woningen). Er is weinig literatuur over helikoptergeluid beschikbaar. In 1995 is een inventarisatie van onderzoeken over helikopter en geluidhinder gedaan (blad Geluid, 1995, nummer 4). In deze onderzoeken betrof het woongebieden nabij een helikopterplatform of een militaire basis. Ook is een onderzoek door TNO over “rattle noise” (2013). Een helikopter die op korte afstand (minder dan ongeveer 700 m) een gebouw passeert, kan dat gebouw, onderdelen ervan en voorwerpen erin in trilling brengen. In een Amerikaanse studie wordt gesproken van een optredend geluidniveau bij een helikopterpassage op 150 m afstand van circa 98 dB in de zeer lage frequenties (toonhoogte) tot 100 Hz. Geluidniveaus bij het landen kunnen hoger zijn dan bij een horizontale helikopterpassage. Het laagfrequente geluid van de helikopter kan bouwdelen in trilling brengen.

Tevens komt het laagfrequente geluid het huis binnen door de geveldelen, die over het algemeen dit lage geluid slecht tegenhouden. Laagfrequent geluid en/of trillingen kunnen de huisraad die aan de wanden hangt of op de vloeren staat laten trillen waardoor het “rattle noise” geluid kan ontstaan.

Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023 Pagina 8

Of bij de nieuwe helikopterstandplaats hinder of zelfs schade vanwege trillingen optreedt aan omliggende gebouwen is zonder nadere studie moeilijk vast te stellen. In de bestaande situatie wordt een helikopterstandplaats op circa 40 m afstand van een bestaand gebouw gebruikt. Is de helikopter vergelijkbaar met die in de Amerikaanse studie? Treden in dit gebouw de bovenomschreven effecten op? Staat dit gebouw al ten dienste van Defensie (de gebruiker van het gebouw maakt uit)? Welke bouwwijze is in dat gebouw gehanteerd? Hoewel de standplaats incidenteel wordt gebruikt is het raadzaam om nader onderzoek van helikoptergeluid te doen, naar mogelijke schade aan gebouwen ervan en naar mogelijke hinder bij omwonenden. Voorstelbaar is dat kwetsbare groepen (bijvoorbeeld mensen met psychische zorg) niet nabij de nieuwe helikopterstandplaats (niet aan het nieuwe sportveld) moeten worden gehuisvest. Aanwezige omwonenden (Dijksgracht en Kattenburgerstraat) zullen in de toekomst naar verwachting vergelijkbare geluidniveaus en mate van geluidhinder ondervinden als in de huidige situatie. 6

Geluid nieuwe sportveld

Het nieuwe sportveld kan zowel door Defensie als de nieuwe bewoners worden gebruikt. Het sportveld voldoet primair aan de eisen van Defensie en krijgt in ieder geval een omloopbaan (atletiekbaan). Het wordt buiten de gebruiksuren van Defensie opengesteld voor publiek gebruik, waarmee wordt voorzien in een behoefte aan ruimte voor sport in dit deel van de stad. Sportvelden tussen (woon)gebouwen kunnen tot hoge geluidsniveaus ter plaatse van die gebouwen leiden: bij vergelijkbare situaties van sportveld(en) met eromheen woningen gesitueerd zijn geluidniveaus van 60 dB(A) langtijdgemiddeld of mogelijk meer en maximaal (piekgeluid) 70 dB(A) berekend. Mogelijk zijn de activiteiten van Defensie op het sportveld meldingsplichtig conform Activiteitenbesluit. In die situatie gelden wettelijke geluidgrenswaarden op gevels van woningen:  Langtijdgemiddeld 50 dB(A) overdag, 45 dB(A) ’s avonds en 40 dB(A) ’s nachts.  Maximaal 70 dB(A) overdag, 65 dB(A) ’s avonds en 60 dB(A) ’s nachts. In de situatie van een meldingsplicht en dat woningen rond het sportveld worden geprojecteerd, zijn bij die woningen dove gevels nodig. Raadzaam is dat die woningen een andere gevel hebben waar wel aan de geluidgrenswaarden wordt voldaan. De dove gevel kan daarnaast worden uitgewerkt volgens het gemeentelijk geluidbeleid (geluidwerende balkons in een dove gevel).

Indien er geen meldingsplicht is, is het nog steeds raadzaam om de woningen te voorzien van geluidwerende balkons of van een tweede, geluidsluwe gevel. Het sportgeluid bereikt ook de bestaande woonboten aan de Dijksgracht (16-24). Geadviseerd wordt om te onderzoeken of langs het sportveld, aan de zijde van Dijksgracht, een geluidafschermende voorziening nodig is.

Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023 Pagina 9

7

Geluid passerende rondvaartboten en boten van en naar microhubs

Onderzocht is het geluid van het passeren van rondvaartboten, die varen van en naar de nachtstalling Dijksgracht, ter plaatse van Oostenburg. In de berekeningen is uitgegaan van 30 passerende rondvaartboten ’s ochtends en 30 passerende rondvaartboten ’s avonds. De geluidvermogenniveaus van rondvaartboten zijn ontleend aan het onderzoeksrapport “Onderzoek naar de milieubelasting vanwege rederij Blue Boat Company te Amsterdam” d.d. maart 2012 van de Dienst Milieu en Bouwtoezicht (DMB) van de gemeente Amsterdam. Door DMB zijn zogenaamde bronmetingen bij de rondvaartboten uitgevoerd. De in het rapport omschreven geluidvermogenniveaus LA,rW zijn als volgt:  De geluidvermogenniveaus van varende rondvaartboten met een dieselmotor bedraagt langtijdgemiddeld 95 tot 97 dB(A).  Voor elektrisch aangedreven rondvaartboten gelden lagere vermogenniveaus: langtijdgemiddeld 77 dB(A) (varend). Uitgegaan is van een vaarsnelheid van 6 km/uur. In de situatie dat enkel rondvaartboten met een dieselmotor passeren treden langtijdgemiddelde geluidniveaus op van 41 tot 44 dB(A) overdag (7-19 u) en van 46 tot 49 dB(A) ’s avonds (19-23u, evenzoveel passages als overdag, maar binnen een korter tijdsbestek). Deze geluidniveaus worden overigens berekend ter plaatse van zowel de nieuwe woningen als de bestaande woonboten.

Indien ook elektrisch aangedreven rondvaartboten passeren, zijn de geluidniveaus lager: indien 50% van de passerende rondvaartboten elektrisch is aangedreven, bedragen de langtijdgemiddelde geluidniveaus 38 tot 41 dB(A) overdag en 43 tot 46 dB(A) ’s avonds. Deze geluidniveaus zijn aanvaardbaar. Wanneer volledig elektrisch wordt gevaren, dan bedragen de geluidniveaus minder dan 40 dB(A). Bovendien wordt elektrisch varen vanaf 2025 verplicht. Het vaargeluid zal in de toekomst daarom verder afnemen. Het geluid van andere boten die van en naar microhubs varen zal, bij gelijke vaarbewegingen, vergelijkbaar zijn. Bij elektrisch varen zal er nagenoeg geen vaargeluid meer zijn. Ook het geluid bij het laden en lossen van goederen zal door inzet van elektrische middelen beperkt zijn. Bij concrete planvorming van de microhubs zal dit naar verwachting in een onderzoeksrapport moeten worden aangetoond. Cauberg Huygen B.V. De heer ing. F.P. van Dorresteijn Senior adviseur Bijlagen Bijlage I Bijlage II Bijlage III

Geluidscontouren geluid hoofdspoorweg Geluid hoofdspoorwegen t.p.v. eerstelijnsbebouwing Geluidscontouren geluid gemeentewegen

Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023 Pagina 10

Bijlagen Bijlage I

Geluidscontouren geluid hoofdspoorweg

Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023

periode:

65

0 - 55 dB 55 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 75 dB

487600

55

Lden

60 65 60

55

55

0m

100 m schaal = 1 : 3000

Geluid hoofdspoorwegen

60

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 5 m hoogte

Banen Gebouwen

487400

122800 123000 123200 AREG, railverkeer, [Februari 2023 - spoorweglawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 5 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

487200

Lden

0 - 55 dB 55 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 75 dB

487600

60

55 60

0m

100 m schaal = 1 : 3000

55 55

Geluid hoofdspoorwegen

periode:

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 10 m hoogte

Banen Gebouwen

487400

122800 123000 123200 AREG, railverkeer, [Februari 2023 - spoorweglawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 10 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

487200

Lden

0 - 55 dB 55 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 75 dB

487600

65 55 65

60 0m

55

100 m

55 schaal = 1 : 3000

Geluid hoofdspoorwegen

periode:

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 15 m hoogte

Banen Gebouwen

487400

122800 123000 123200 AREG, railverkeer, [Februari 2023 - spoorweglawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 15 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

487200

60

487600

Lden

0 - 55 dB 55 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 75 dB

65

65 55 55 0m

55 60

100 m schaal = 1 : 3000

55

Geluid hoofdspoorwegen

periode:

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 20 m hoogte

Banen Gebouwen

487400

122800 123000 123200 AREG, railverkeer, [Februari 2023 - spoorweglawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 20 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

487200

periode: 487600

0 - 55 dB 55 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 75 dB

65

55

55 60

Lden

65

55 55 55 55

0m

60

100 m schaal = 1 : 3000

55

Geluid hoofdspoorwegen

65

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 25 m hoogte

Banen Gebouwen

55 487400

55

122800 123000 123200 AREG, railverkeer, [Februari 2023 - spoorweglawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 25 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

487200

periode: 487600

0 - 55 dB 55 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 75 dB

65

65

Lden

60 55

55

65

55

55

55

0m

100 m schaal = 1 : 3000

60

Geluid hoofdspoorwegen

65

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 30 m hoogte

Banen Gebouwen

55

487400

55

122800 123000 123200 AREG, railverkeer, [Februari 2023 - spoorweglawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 30 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

487200

Bijlage II

Geluid hoofdspoorwegen t.p.v. eerstelijnsbebouwing

Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023

periode:

Lden

0m

70 m schaal = 1 : 1600

61/61/62/62/62/62 62/62/63/63/63/63 62/63/64/64/64/64 487600

63/64/64/65/65/65

Geluid hoofdspoorwegen t.p.v. eerstelijnsbebouwing

487700

Toetshoogten waarneempunten: 6, 9, 15, 21, 24 en 27 m

Banen Toetspunten Gebouwen Schermen Hoogtelijnen

64/64/65/65/65/65

63/64/64/65/65/65

122900 123000 AREG, railverkeer, [Februari 2023 - spoorweglawaai Plansituatie 2033 toetspunten eerstelijns] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123100

123200

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

487500

Bijlage III

Geluidscontouren geluid gemeentewegen

Herontwikkeling Marineterrein in Amsterdam; actualisatie quickscan omgevingsgeluid

03448-56003-06v2 24 februari 2023

Lden

0 - 53 dB 53 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 70 dB 70 - 75 dB

487600

70

0m

100 m schaal = 1 : 3000

53

Geluid gemeentewegen

periode:

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 5 m hoogte

Wegen Gebouwen

53 487400

53

70 53

65 53 487200

70 70

122800 123000 123200 AREG, wegverkeer, [Februari 2023 - Wegverkeerslawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 5 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

70

Lden

0 - 53 dB 53 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 70 dB 70 - 75 dB

487600

53

0m

100 m schaal = 1 : 3000

53

Geluid gemeentewegen

periode:

53

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 10 m hoogte

Wegen Gebouwen

60

53

487400

53 60

60 487200

53

122800 123000 123200 AREG, wegverkeer, [Februari 2023 - Wegverkeerslawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 10 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

53

Lden

0 - 53 dB 53 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 70 dB 70 - 75 dB

487600

53 65

65 53

0m

100 m schaal = 1 : 3000

60

Geluid gemeentewegen

periode:

53

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 15 m hoogte

Wegen Gebouwen

487400

53

65 53

65

487200

65

122800 123000 123200 AREG, wegverkeer, [Februari 2023 - Wegverkeerslawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 15 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

60 53

0 - 53 dB 53 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 70 dB 70 - 75 dB

487600

53

Lden

60

0m

100 m schaal = 1 : 3000

Geluid gemeentewegen

periode:

53

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 20 m hoogte

Wegen Gebouwen

53

487400

53 60

53

60

487200

65

122800 123000 123200 AREG, wegverkeer, [Februari 2023 - Wegverkeerslawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 20 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

53

periode:

Lden

0 - 53 dB 53 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 70 dB 70 - 75 dB

487600

53

53 0m

53

100 m schaal = 1 : 3000

Geluid gemeentewegen

53

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 25 m hoogte

Wegen Gebouwen

60 487400

53 53

53

487200

65

122800 123000 123200 AREG, wegverkeer, [Februari 2023 - Wegverkeerslawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 25 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

60

Lden

0 - 53 dB 53 - 60 dB 60 - 65 dB 65 - 70 dB 70 - 75 dB

487600

53

53

60

0m

100 m schaal = 1 : 3000

53

Geluid gemeentewegen

periode:

53

Plansituatie 2033 geluidscontouren op 30 m hoogte

Wegen Gebouwen

53 487400

53 60

487200

122800 123000 123200 AREG, wegverkeer, [Februari 2023 - Wegverkeerslawaai Plansituatie 2033 geluidscontouren op 30 m hoogte] , Geomilieu V2022.4 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

123400

Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Amsterdam

60

$%&'%()*+%,-ÿ .%ÿ/))0ÿ12ÿ 3425ÿ67ÿ$%,8ÿ 6',8)*+%,-ÿ 7''9*:%;ÿ<=ÿ >=4<ÿ?7ÿ@'88%+*)Aÿ ÿ BÿC>1ÿD=E22F313G3=3ÿ HÿIJ9'KL)MN%+;OMP;%JQJ0ÿ /ÿO88R-SS:::QL)MN%+;OMP;%JQJ0ÿ ÿ TQUQTQÿ32<VG34Gÿ W$XYÿYZ<1@X$[=11G=<3325ÿ

ÿ 2345678744756ÿ9 8743 ÿ 3 57 ÿ874ÿ4 56ÿ5856 74ÿ487ÿ2345678744756ÿÿ ÿ ÿ 38 ÿ ÿ36345ÿÿ 77476857ÿ !"#ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ

ÿ ÿ

ÿ

!6"6365746ÿ  ÿ !2377476ÿ 1234567633645ÿ89 76329 ÿ ÿ 2 46ÿ763ÿ3945ÿ4745 63ÿ376ÿ1234567633645ÿ ÿ #279ÿ ÿ25234ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ $ 327663ÿ %6966576ÿ89 76329ÿ ÿ #4657ÿ%35 ÿ65ÿ$57&4645ÿ ÿ 7'ÿ(ÿ ÿ  ÿ)%ÿ81*+,!#81ÿ -5727635ÿ 163&ÿ1.ÿ!465732ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ )625 6ÿ3ÿ #6ÿ663ÿ43.ÿ1.ÿ2637ÿÿ ÿ #6ÿ663ÿ43.ÿ1.ÿ*46365'3ÿ ÿ -2'63ÿ/065ÿ).1.ÿ ÿ )6262 363ÿ ÿ #6ÿ422ÿÿ ÿ ÿ/ÿ)67ÿ ÿ 72 363ÿ ÿ /"&6ÿ5 ÿ ÿ  5ÿ%/ÿ!776329ÿ ÿ +66"5ÿ  ÿ

ÿ

1234567633645ÿ89 76329 ÿ 2 46ÿ763ÿ3945ÿ4745 63ÿ376ÿ1234567633645ÿ ÿ

 ÿ ÿ25234ÿ ÿ 2452ÿÿ

ÿ

!"#$%&"''(%)ÿ

ÿ +ÿ,56445ÿ -67ÿ256.46 ÿ1234567633645/ÿ5 6366ÿ25ÿ 6ÿ027765.3ÿ76ÿ89 76329/ÿ137ÿ57146ÿ77ÿ665ÿ 4552746 47347/ÿ967ÿ6965 6ÿ25746ÿ12235 63ÿ15.65ÿ65ÿ665ÿ376ÿ647ÿ3ÿ276746+ÿ33ÿ 4ÿ45ÿ 4ÿ6365565 ÿ5 6356ÿ47663ÿ3ÿ62.63ÿ-765ÿÿ67ÿ6.46 ÿ25ÿ964564ÿ 831621224ÿ65ÿ1663663212249/ÿ71247647ÿ65ÿ6:76356ÿ64464+ÿ ÿ ;227ÿ27ÿ656ÿ6365565 6ÿ5 635665/ÿ223ÿ1223ÿ5 4ÿ3ÿ167645ÿ2ÿ61454 6ÿ45636665/ÿ 96765ÿ1365ÿ62724663/ÿ4ÿ63ÿÿ5461ÿ6365565 ÿ5 6356ÿ61657ÿ5223ÿ5 63ÿ25 636ÿ6ÿ9276ÿ 25ÿ47ÿ65ÿ6445 63ÿ2522ÿ67ÿ54616ÿ376ÿ763ÿ2276ÿ25ÿ52.46665ÿ5461.1+ÿ ÿ <47ÿ5 6356ÿ477ÿ54ÿ76ÿ77ÿ67ÿ692276ÿ4757163/ÿ6ÿ47.636654565ÿ65ÿ6ÿ3672765ÿÿ6.46 ÿ 25ÿ4745 63/ÿ65ÿ6ÿ922736665ÿ9ÿ4745 63ÿ76ÿ5565ÿ94549246365+ÿ ÿ +ÿ=672765ÿ 33ÿ4ÿ665ÿ4757163ÿ69227ÿ3ÿ67ÿ376ÿ6.349265 ÿ25ÿ=6:<67ÿ271236+ÿ -67ÿ57163ÿ4ÿ67677ÿ225ÿ6ÿ25 ÿ25ÿ63474553965ÿ65ÿ6ÿ3474565ÿÿ67ÿ6.46 ÿ25ÿ4745 63+ÿ <6ÿ3676365 6ÿ4745 63ÿ4ÿ61257424663ÿ3ÿ46325ÿ6ÿ4576547647ÿ76ÿ76765ÿ225ÿ36512236ÿ ÿ -67ÿ4757163ÿ.67227ÿ47ÿÿ92765ÿ967ÿ45ÿ7722ÿ ÿ23927365ÿ65ÿ25ÿ35465ÿ45ÿ ÿ:ÿ3455726ÿ 634745 76376ÿ967ÿ665ÿ64927464ÿ25ÿ/+ÿ<6ÿ63.45 452273ÿ>236ÿ=2745ÿ4ÿ92:4922ÿ+ÿ

-463966ÿ67ÿ67ÿ57163ÿ225ÿ6ÿ6465ÿ3ÿ37665ÿ967ÿ665ÿ7324545 6645 6+ÿ ÿ ?63ÿ2276ÿ25ÿ6ÿ769 746ÿ6.165ÿ25ÿ256.46 ÿ1234567633645ÿ7366 7ÿ665ÿ92:4926ÿ4776376ÿ25ÿ + ÿ25 62ÿ+ÿ<223966ÿ137ÿ 6ÿ6766ÿ36512236ÿ25ÿ 6ÿ;6 6325 6ÿ@74745ÿ3ÿ A6347455 6ÿ846352ÿ;@AA9/ÿ34745ÿ349 7ÿ6336 65+ÿ<656ÿ12236ÿ545ÿ.63665 ÿ3ÿ6ÿ 9667ÿ9227665 6ÿ66ÿ63ÿ634645ÿ76ÿ77ÿ/ÿ96763ÿ.65ÿ92246+ÿ<6ÿ76ÿ4745 63ÿ 12236ÿ1365ÿ.622ÿÿ6ÿ5 6376ÿ634645ÿ25ÿ6ÿ9465 6ÿ6.165/ÿ65ÿ56965ÿ22ÿ967ÿ6ÿ 76+ÿ ÿ +ÿ6546ÿ 365ÿ4757163ÿ27ÿ67ÿ6 46ÿ376ÿ4657ÿ76ÿ634765ÿ65ÿ6ÿ665 6ÿ53965ÿ3ÿ276746ÿ52ÿ 6465ÿ77ÿ665ÿ633445ÿ25ÿ6ÿ36512236ÿ3ÿ4745 63ÿÿ3416ÿ26ÿ225365565 6ÿ66ÿ35 9ÿ 67ÿ376ÿ45ÿ67ÿ256.46 ÿ1234567633645+ÿ<223966ÿ4ÿ326ÿ25ÿ665ÿ344ÿÿ4745 63ÿ45ÿ656ÿ 6.165+ÿ ÿ B9 27ÿ67ÿ344ÿÿ4745 63ÿ16ÿ76ÿ56965/ÿ545ÿ63ÿÿ 346ÿ7765ÿ922736665ÿ.622/ÿ76ÿ16765Cÿ .35922736665/ÿ63327922736665ÿ65ÿ922736665ÿ.4ÿ6ÿ572563+ÿ ÿ <6ÿ922736665ÿ225ÿ6ÿ.35ÿ.67225ÿ47ÿ67ÿ2576365ÿ25ÿ665ÿ64563ÿ36656.46 ÿ2ÿ25 636ÿ6347456465+ÿ A3ÿ63327922736665ÿ67ÿ27ÿ665ÿ2263945ÿ63624663ÿ4657ÿ76ÿ1365ÿ35 9ÿ67ÿ376+ÿ 122736665ÿ.4ÿ6ÿ572563ÿ5565ÿ516ÿ.67225ÿ47ÿ67ÿ5467ÿ767225ÿ25ÿ45 636646ÿ25746ÿ35 9ÿ

67ÿ376ÿ2ÿ47ÿ67ÿ36246365ÿ25ÿ665ÿ2263945ÿ763ÿ2276ÿ25ÿ247654565ÿ45ÿ6ÿ66ÿ 365565 ÿ225ÿ67ÿ376/ÿ1223966ÿ67ÿ547ÿÿ6ÿ47.35565ÿ137ÿ.6637+ÿ 1234567633645ÿ89 76329 ÿ 2 46ÿ763ÿ3945ÿ4745 63ÿ376ÿ1234567633645ÿ ÿ

 ÿ ÿ25234ÿ ÿ 2452ÿÿ

ÿ

!"#$%&'$()*+,ÿ

ÿ !"/,0&0")ÿ ÿ 203)*")'(%"3,"ÿ ÿ 5472746ÿ256646 ÿ1234567633645ÿ ÿ 5472746ÿ5376ÿ ÿ 7$,3'0")'8*&,9ÿ ÿ 869656ÿ34745ÿ66736;;65 6ÿ4745 63ÿ25ÿ6ÿ<5==ÿ ÿ =6347456465ÿ2767466225ÿ ÿ >"&,9?$,8ÿ@**39,),/,"ÿ+$$98$@,"ÿ/0A#3#0"&,9ÿ ÿ C6659 6ÿ ÿ D57E63ÿ63474545722746ÿ ÿ F66276ÿ634745ÿ ÿ G465ÿ634745ÿ2767466225ÿ ÿ C672765ÿ4745 63ÿ ÿ H63645ÿ3672765ÿ ÿ I**39,),/,"ÿ ÿ 122736665ÿ225ÿ6ÿ635ÿ ÿ D63327922736665ÿ ÿ 122736665ÿ64ÿ6ÿ572563ÿ ÿ M$"A/%'0,ÿ

ÿ

1234567633645ÿ89 76329 ÿ 2 46ÿ763ÿ3945ÿ4745 63ÿ376ÿ1234567633645ÿ ÿ

1ÿ 4ÿ ÿ ÿ :ÿ ÿ ÿ BBÿ ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ ÿ BJÿ Kÿ ÿ Lÿ NOÿ

 ÿ ÿ25234ÿ ÿ 2452ÿÿ

ÿ

ÿ "#$%&'&#(ÿ )5ÿ 327ÿ25ÿ6ÿ6966576ÿ89 76329ÿ4ÿ45ÿ *ÿ3ÿ6ÿ6357+4645ÿ25ÿ67ÿ1234567633645ÿ6365565 ÿ 5 63,6ÿ47663ÿ 3ÿ-2.63ÿ/065ÿÿ67ÿ6.46 ÿ25ÿ964564ÿ13+62+224ÿ65ÿ +6636632+22423ÿ7+247647ÿ65ÿ6476356ÿ644645ÿ 6227ÿ27ÿ6ÿ6365565 6ÿ5 63,6653ÿ223ÿ+223ÿ5 43ÿ96765ÿ+365ÿ62724663ÿ3ÿ+67645ÿ7ÿ 6+4,4 6ÿ456366653ÿ4ÿ63ÿÿ546+ÿ6365565 ÿ5 63,6ÿ6+6575ÿ ÿ 8ÿ6ÿ6ÿ25ÿ67ÿ546+6ÿ3763ÿ763ÿ2276ÿ25ÿ52.46665ÿ.67225 6ÿ6.+653ÿ4ÿ5 63,6ÿ 6+657ÿ5223ÿ5 63ÿ25 636ÿ6ÿ9276ÿ25ÿ4745 635ÿ ÿ /67ÿ1234567633645ÿ+37ÿ57+46ÿ77ÿ665ÿ4552746 47347ÿ967ÿ6965 6ÿ75746ÿ+2235 63ÿ+5.65ÿ 65ÿ665ÿ376ÿ27ÿ647ÿ4ÿ3ÿ2767465ÿ89ÿ67ÿ376ÿÿ52ÿ,55 6325ÿ76ÿ5565ÿ6.3465ÿ ,2ÿ6,6ÿ+365ÿ3,465ÿ25ÿ665ÿ634745457227465ÿ)5ÿ47ÿ5 63,6ÿ4ÿ665ÿ34546ÿ4757+63ÿ69227ÿ 27ÿ4ÿ67677ÿ225ÿ 6ÿ365+22365ÿ47ÿ 6ÿ34745ÿ4745 63ÿ25ÿ 6ÿ66 6325 6ÿ974745ÿ3ÿ :6347455 6ÿ146352ÿ69::23ÿ9ÿ67ÿ344ÿÿ4745 63ÿ.4ÿ45 636646ÿ.676994565ÿ76ÿ .636655ÿ ÿ

1234567633645ÿ89 76329 ÿ 2 46ÿ763ÿ3945ÿ4745 63ÿ376ÿ1234567633645ÿ ÿ

 ÿ ÿ25234ÿ ÿ 2452ÿÿ

ÿ

ÿ "#$%&'%()*'$+'ÿ ÿ ,#$*&$#+ÿ)-&'%+.#+/ÿ0&1#'+$+11+#'ÿ 267ÿ256346 ÿ12345676336454ÿ5 6366ÿ25ÿ52776533ÿ76ÿ89 763294ÿ637ÿ57646ÿ77ÿ665ÿ 4552746 473477ÿ8ÿ5 6366ÿ25ÿ6ÿ54663625565ÿ4657ÿ4745 63ÿ2ÿ3672576ÿ25ÿ665ÿ5466ÿ76ÿ 36246365ÿ376ÿ3965ÿ76ÿ6365ÿ8946ÿ:43ÿ7;7ÿ ÿ

<43ÿ7=ÿÿ 252237ÿ1234567633645ÿ

ÿ

ÿ

ÿ ,#$*&$#+ÿ,)>1$?+-/ÿÿ 267ÿ76ÿ36246365ÿ376ÿ4657ÿ6347ÿ76ÿ6365ÿ9 27ÿ63ÿÿ95 63ÿ247ÿ637ÿ25ÿ63657ÿ@3ÿ4ÿ5ÿ 665ÿ4757663ÿ22566947ÿ8ÿ5 6366ÿ25ÿ47ÿ5 6396ÿ4ÿ3ÿA2363ÿ2B65ÿ665ÿ4757663ÿ 6767ÿC47ÿ57663ÿ4ÿ665ÿ345463764ÿ27ÿ2ÿ6ÿ66:7ÿ9ÿ67ÿ344ÿÿ4745 63ÿ76ÿ5565ÿ 62574:463657ÿ@65ÿ6:454746:ÿ63474525ÿ4657ÿ45ÿ665ÿ2763ÿ72 49ÿ5ÿ76ÿ6365ÿ47666377ÿ 267ÿ376ÿ92ÿ4567665 ÿ3627ÿ665ÿ233225ÿ65ÿ665ÿ94 656346 7ÿ@3ÿ4ÿ3ÿ94 6ÿ25ÿ665ÿ 9276576454ÿ47ÿ 725 223ÿ4725565ÿ3ÿ 63646ÿ 376654ÿ665ÿ4757663ÿ69227ÿ 27ÿÿ 6ÿ6766ÿ6465ÿ47ÿ53965ÿ3ÿ37634745ÿ2277ÿC696ÿ92765ÿ967ÿ47335565ÿ945ÿ66636665ÿ45ÿ :43ÿ77ÿ ÿ 1234567633645ÿ89 76329 ÿ 2 46ÿ763ÿ3945ÿ4745 63ÿ376ÿ1234567633645ÿ ÿ

 ÿ ÿ25234ÿ ÿ 2452ÿÿ

ÿ

"43ÿ#$ÿÿ %47&35565ÿÿ92765ÿ765ÿ&666ÿ25ÿ634745ÿÿ376ÿ

ÿ

ÿ '3ÿ6ÿ6456ÿ2(725 ÿ25ÿ6ÿ47&35565ÿ77ÿ6ÿ9465 6ÿ&6&)45*ÿ&67227ÿ63ÿ665ÿ344ÿÿ4745 63ÿ 45 465ÿ45ÿ6ÿ6&)65ÿ35 9ÿ67ÿ6ÿ45 636646ÿ&676994565ÿ)365ÿ63624663#ÿ '6ÿ66ÿ+77ÿ ÿ96763ÿ76,ÿ365-65 ÿ225ÿ67ÿ376ÿ6&&65ÿ665ÿ34-5726ÿ2(725 ÿ77ÿ6ÿ4792765ÿ +ÿ96763ÿ475776,ÿ234.365 ÿ25ÿ ÿ77ÿÿ96763#ÿ ÿ

1234567633645ÿ89 76329 ÿ 2 46ÿ763ÿ3945ÿ4745 63ÿ376ÿ1234567633645ÿ ÿ

 ÿ ÿ25234ÿ ÿ 2452ÿ!ÿ

ÿ

ÿ "#$%&'()&*+,$-ÿ ÿ ./)$0$($ÿ-'12%/'3(ÿ4$%-$55$(,$ÿ/'12%2'(,$-ÿ6+(ÿ,$ÿ7899ÿÿ :6ÿ994 46ÿ;4745 63ÿ25ÿ 6ÿ<6 6325 6ÿ=74745ÿ3ÿ>6347455 6ÿ66?7ÿ45ÿ@@@ÿ665ÿÿ 225A6645ÿ476A327ÿB22345ÿ365B22365ÿB365ÿ676ÿ225ÿ37634745CDÿ:6E6ÿ994 46ÿ66?7ÿ 6ÿ225A6645ÿ676ÿÿA24ÿ25ÿ6F76356ÿ5 63E665DÿGH5ÿ25ÿ6E6ÿ5 63E665ÿ4ÿ5 63ÿ25 636ÿ45ÿ  327ÿ25ÿ67ÿ145476346ÿ25ÿ>IJ1ÿ47663Dÿ:6E6ÿ<=>>34745ÿ4ÿ37ÿ6267663ÿ45ÿ 6ÿÿ A673367322KÿE46ÿ5 63ÿ9663ÿ8LI=ÿ   MNÿDDÿÿ?6A3234ÿ MKÿ967ÿ5296ÿ3DDÿDÿ77ÿÿ 65ÿ967ÿDMDÿÿ ÿ O5ÿ569A63ÿ ÿ66?7ÿ6ÿ994 46ÿ4745 63ÿ6ÿI4745ÿ;4745 63ÿ476A327Dÿ:6E6ÿ34745ÿ927ÿ6ÿ 45 ÿ25ÿ6ÿ4?ÿ66363ÿ476665ÿ665Kÿ2256ÿ967ÿ3474565ÿ3ÿ67ÿ3965ÿ25ÿ4745 63ÿ3ÿ 474773245ÿ47ÿ6AB65Dÿ:665ÿÿ77ÿ65ÿ967ÿÿ25ÿ6ÿ335646ÿ34745ÿE45ÿ967ÿ67ÿ47965ÿ25ÿ6ÿ 546B6ÿ34745ÿ965ÿ76ÿ63265Dÿ ÿ P47ÿ6ÿ636445ÿ25ÿ6ÿ34745ÿ47ÿ@@@ÿ967ÿ6ÿI4745ÿ;4745 63ÿ47ÿ ÿA47ÿ27ÿ6ÿ365B22365ÿ225ÿ 6ÿ634745 76376ÿ296 6ÿ 6ÿ4776376ÿ5467ÿ6B4E4 ÿE45DÿG65945ÿE45ÿ 6ÿ9667ÿ65ÿÿ A63645967 6ÿ6B4E4 Dÿ ÿ O5ÿ 6ÿI4745ÿ;4745 63ÿ47ÿ ÿB365ÿ365B22365ÿ6665ÿ3ÿ 6ÿ47694 46ÿ25ÿ665ÿ 63474545722746ÿ3ÿ37299 2746ÿ763ÿ3945ÿ25ÿ4745 63ÿ3ÿ9B565 65Dÿ:6ÿE56 45 645ÿ65ÿ6ÿ223A4ÿA6365

6ÿ365B22365ÿ7225ÿB6636665ÿ45ÿ72A6ÿDDÿ ÿ O5ÿ 6ÿ9667ÿ366576ÿI4745ÿ;4745 63ÿ47ÿ  ÿ4ÿ665ÿ2256345ÿ25ÿ 6ÿ64ÿ65965ÿ3ÿ 63474545722746ÿ46ÿ252?ÿÿ569A63ÿ ÿB365ÿ63624663ÿ?ÿA67225 6ÿ63474545722746ÿ B22325ÿ6ÿ23927365ÿ52ÿÿ569A63ÿ ÿB365ÿ632565DÿQ5?39ÿ6E6ÿ34745ÿ4ÿ63ÿ326ÿ25ÿ665ÿ 234R365 6ÿ365B2236ÿ2?2564ÿ25ÿ6ÿ2?725 ÿ7 65ÿ47A35ÿ65ÿ645 636ÿ65ÿ6ÿ2?9674565ÿ25ÿ6ÿ 47A35ÿ46ÿE47A223ÿ4ÿ3ÿ6ÿ645 636DÿS46ÿÿ72A6ÿD2ÿ65ÿDADÿ :6ÿ234R365 6ÿ365B2236ÿB223ÿ546B6ÿ63474545722746ÿ967ÿ4525ÿ252?ÿÿ569A63ÿ ÿ225ÿ 46565ÿ76ÿ65KÿE2ÿ45ÿ 6ÿ3672765ÿ25ÿ5 6324ÿ5 63E6ÿB365ÿ2256 65ÿ2ÿ A636452 63Dÿ ÿ ;4745 63ÿ4657ÿ2665ÿ67677ÿ76ÿB365ÿÿ4745 636646ÿA676994565ÿ223ÿB223ÿE4ÿ74657466ÿ 645 6365ÿA645 65DÿJ5 63ÿ645 6365ÿB365ÿ63465 6ÿ3665ÿ637225KÿE2ÿB66A3463Kÿ A67363ÿ25ÿ73253794 665Kÿ2735965Kÿ527346?6AA63Kÿ?32ÿ65ÿ?252Kÿ65ÿ9B565 65Dÿ J5 63ÿ9B565 65ÿB37ÿ66546 63ÿ637225ÿ46ÿE4ÿÿ665ÿ276ÿ227ÿA645 7ÿ65ÿ6 365 6ÿ25636ÿ74ÿ B37ÿA7676ÿ225ÿ47452ÿ25ÿ6569 6ÿ47762 4565DÿL43A66ÿA6B563Kÿ96 6B6363ÿ25ÿ A6 3465ÿ?ÿ63565ÿ46ÿ63A465ÿ45ÿ65ÿ?ÿE46654E65DÿT365B2236ÿ3ÿ4745 63ÿE45ÿ3ÿ26ÿ 3665ÿ645 6365ÿ64Dÿ L657225 6ÿ6?454746ÿ657ÿ665ÿ7636ÿ25246ÿ967ÿ64

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13455825/1