CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 26 Ruimtelijke Ordening (23) 4. Bijlagen Omgevingseffectrapport Schinkel

RAAD 21 december 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Aanvaarden MER Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier en vaststellen van het bestemmingsplan Overschiestraat 182 en 188 VN2023-02248547.648 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

Brede panden aan hoofdstraat Om eenvormigheid te voorkomen zijn de blokken breder dan dat ze hoog zijn Basishoogte hoofdstraat Losse opbouwen 1 of 2 terugliggende lagen Schouderhoogte: 5-7 lagen

H O T E L

Basishoogte dwarsstraat Bouwhoogte: 3-5 bouwlagen Hoge plint

T a

a t

LE

st r

T OU

o fd

OR T

t

a ra

st

Blik uit de straat Ondergronds parkeren om perifeer programma en woningen te bedienen

rs a

Fietsenstallingen en techniek Nutsvoorzieningen en fietsenstallingen worden inpandig opgelost zodat ze vanaf de straat niet zichtbaar zijn

SP

o

w D

Ter hoogte van het Aalsmeerplein worden de bouwblokken van de Hoofddorppleinbuurt doorgezet om de verbinding te leggen tussen de stad en het deelgebied Schinkelhaven. Het Aalsmeerplein verandert daarbij in een bomenrijk verkeersplein, vergelijkbaar met het Hoofddorpplein.

Belangrijkste spelregels

Dubbelgebruik daklandschap Daken bieden niet alleen kansen voor wateropvang en pv-panelen, maar ook voor het representeren van het programma

Hoogteaccent Op nader te bepalen plekken

H

situatie (onder).

Ten westen van de aansluiting op de A10 ligt een half klaverblad met twee op- en afritten die het autoverkeer van de A10 naar de stadsstraten toe leiden. Deze op- en afritten nemen veel ruimte in beslag. Om de barrière­ werking te verminderen en het ruimtegebruik te optimaliseren, willen we graag in samenwer­ king met Rijkswaterstaat verkennen of de knoop A10-Henk Sneevlietweg opnieuw ontworpen kan worden. Een ontwerp dat compact, overzichtelijk en veilig is en met de bedoeling om de op- en afritten van de A10 zo snel mogelijk aan te sluiten op de stadsstraten. Op die manier kan aan weerszijden van de Henk Sneevlietweg ruimte vrijkomen voor nieuwe bouwblokken met aantrekkelijke straatwanden, vergelijkbaar met de Lelylaan. In het wegprofiel van de Henk Sneevlietweg blijft de autofunctie behouden. De Henk Sneevlietweg krijgt in beide richtingen twee rijstroken, daartussen komt een brede midden­ berm met dubbele bomenrij die ook wordt gebruikt als infiltratiegebied voor regenwater.

t

beoogde toekomstige

kundig kader Sloterstrip.

a

situatie (boven) en

Er blijft in dit gebied ruimte voor stadsverzor­ gende functies, zoals bouwmarkten, hotels, sportvoorzieningen, scholen en meubelzaken, maar voorwaarde daarvoor is intensivering door menging en stapeling van programma. Perifeer programma in een stedelijke jas, waarbij slimme functiecombinaties essentieel zijn. Zo kan een parkeerdek tevens binnentuin worden of sportveld voor de fitnessclub. Meervoudig ruimtegebruik is in Sloterstrip een must.

Uitsnede stedenbouw­

a

Sneevlietweg: huidige

de blokken maximaal tweemaal zo breed als ze hoog zijn. Daarbij vraagt de hellingbaan naar de A10 om slimme oplossingen om het hoogte­ verschil te overbruggen.

De bebouwing van Sloterstrip kent nu nog een losse opzet met perifere functies, waaronder een bouwmarkt, hotel, politiebureau, opslag­ gebouw en scholen voor voortgezet onderwijs. Gebouwen met twee gezichten die zich oriënteren op zowel de Vlaardingenlaan/Aletta Jacobslaan als de Henk Sneevlietweg. Die dubbele oriëntatie blijft ook in de toekomst bestaan. De stoepen en entrees blijven aan de hoofdstraten, maar daartussen komen dwars­ verbindingen die het binnengebied en parkeer­ garages ontsluiten. De gebouwen zijn gemid­ deld vijf lagen hoog met een dubbelhoge begane grondverdieping aan de hoofdstraten en maximaal twee extra verdiepingen die terug liggen. Om eenvormigheid te voorkomen zijn

o o fd st r

van de knoop A10-Henk

De Henk Sneevlietweg werpt in zijn huidige vorm een flinke barrière op. De weg ligt over een lengte van 800 meter op een dijklichaam. Het ligt voor de hand om deze verkeerscorridor te transformeren naar een stadsstraat die beter opgaat in zijn omgeving.

H

Beoogde ontmanteling

In de toekomst gaat dat veranderen, want de oriëntatie op de auto maakt plaats voor een oriëntatie op de fiets en het openbaar vervoer. Daarmee verandert ook de Henk Sneevlietweg van karakter. Er komen vrijliggende fietspaden en een openbaar vervoerverbinding naar het centrum. Om de ruimtelijke kwaliteit en klimaatbestendigheid van deze weg te kunnen garanderen, is behoud van een groene middenberm het uitgangspunt.

Perifeer programma in een stedelijke jas Begane grond beschikbaar voor grootschalige detailhandel, maar ook zorg en maatschappelijke functies, daarboven ruimte voor wonen Leefbaarheid Veel adressen aan hoofdstraat voor levendigheid

104

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

6.3 Riekerpark

Riekerpark wordt een woonbuurt met veel eengezinswoningen, veel groen en uit­ eenlopende voorzieningen. Daarnaast komen er kleinschalige bedrijfsruimten en woon-werk­ gebouwen voor kenniswerkers en creatieve ondernemers. Om wonen in Riekerpark

Riekerpark in een notendop Milieutypering centrumstedelijk woon/werkmilieu Economisch profiel stadswijk Woningen (55%)* circa 180.000 m2 bvo (40% sociaal, 40% middelduur, 20% vrije sector) Bedrijven en kantoren (35%)* circa 105.000 m2 bvo Voorzieningen (10%)* circa 30.000 m2 bvo Totale vloeroppervlakte circa 315.000 m2 bvo Oppervlakte plangebied circa 145.000 m2 Bruto FSI 2,2 Gemiddelde woninggrootte Aantal woningen Aantal inwoners Aantal arbeidsplaatsen

circa 105 m2 bvo (75 m2 gbo) circa 1.700 woningen circa 3.400 inwoners** circa 4.500 arbeidsplaatsen**

De verdeling van het programma vindt bij voorkeur plaats per kavel en, als dat niet mogelijk is, per bouwveld. * De verhouding (%) van het programma is afgerond op een 5-tal. ** Het aantal inwoners en aantal arbeidsplaatsen is afgerond op een 100-tal.

Het gebied Riekerpark werd in de jaren ‘60 in gebruik genomen als sportpark, maar aan die functie kwam de afgelopen jaren een eind. Momenteel zijn er vooral tijdelijke bestemmin­

Voormalig sportpark Riekerhaven. Foto: Theo Baart (2019).

gen, zoals het Startblok, een complex met 565 woningen voor jongeren en statushouders, en de Kaskantine, een zelfvoorzienend café­ restaurant.

105

mogelijk te maken, zorgen we aan de randen voor geluidwering. Aan de zuidzijde is dat de parkwal langs de A4, aan de oostkant aaneen­ gesloten eerstelijnsbebouwing langs de A10 en aan de westkant waar nodig geluids­schermen langs het metrospoor. Uitsnede stedenbouw­ kundig kader Riekerpark.

106

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

De bereikbaarheid per openbaar vervoer is goed door de ligging naast het aangepaste metrostation Henk Sneevlietweg dat een uitgang krijgt aan de Nieuwe Sloterweg. Voor het langzaam verkeer maken we aantrekkelijke routes, die aansluiten op het netwerk in de omgeving. De bereikbaarheid per auto blijft, maar binnen de buurt krijgt langzaam verkeer prioriteit en komt er een 30 km-zone.

Artist impression

Bepalend voor de structuur van Riekerpark is het centrale park, een groene ruimte met veel water en alle faciliteiten voor informele sport

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

en spel. Het waterpeil wordt hier verlaagd, zoals beschreven bij de hoofdkeuzes. Daarnaast krijgt het park een lage ligging om maximaal contact tussen land en water te behouden. Rond het park komt een carré van water, nodig voor waterberging en droog­ legging. Daaromheen ligt een stedelijk gebied met grote bouwblokken. De meeste straten zijn oost-west georiënteerd, zodat veel mensen aan of vlakbij het park wonen. Bovendien wordt zo contact gemaakt met de spoordijk, die kan zorgen voor verkoeling in de avond.

De gebouwen ten oosten en westen van het park krijgen een basishoogte van vijf tot zes lagen. In de hele buurt zijn losse opbouwen mogelijk van één tot twee terugliggende lagen, die minimaal 2 meter achter de gevel liggen. Aan de noordkant van het park kan een

hoogteaccent komen van maximaal twaalf lagen. De meeste panden hebben een vaste rooilijn aan de openbare ruimte en het ­parkeren gebeurt in ondergrondse garages, bereikbaar via het Heenwegpad en de Overschiestraat.

Reuring aan de Nieuwe Sloterweg Aandacht voor transparante en geprogrammeerde plinten

Hoogteaccent Beoogd hoogteaccent boven maatgevende toetshoogte LIB

107

Belangrijkste spelregels voor het bouwen in Riekerpark.

Centraal park Gericht op gezinnen Ruimte voor sporten, speelplekken voor scholen en contact met water

Riekerpark.

Bie

b H

KS ELIJ

DAG

S

VER

UI V S WIAJN DE K

FIE

KOF

HEA

LTH

SPO

RT

Basishoogte Losse opbouwen 1 of 2 terugliggende lagen Schouderhoogte: 5 tot 6 lagen

Voorzieningen Dubbelhoge plint

Tussenstraten aan het park De meeste straten zijn oost-west gericht, zodat veel mensen aan of bij het park wonen

Rust in binnenterreinen Binnengebieden als kleine rustplekken te midden van de stedelijke dynamiek

Fietsenstallingen en techniek Nutsvoorzieningen en fietsenstallingen worden inpandig opgelost zodat ze vanaf de straat niet zichtbaar zijn Wonen voor gezinnen Diversiteit door stadswoningen en gezinsappartementen Blik uit de straat Collectieve ondergrondse parkeergarage of eigen parkeervoorziening per pand

Ten noorden van het park, op een centrale, goed bereikbare plek in het hart van Schinkelkwartier, kan het buurtverzorgende winkelcentrum komen. Hier komt een cluster van voorzieningen dat ook een functie vervult voor andere deelgebieden. Het parkeren wordt ondergronds opgelost. Hier is ruimte voor een winkelstraat die meegroeit met het aantal inwoners in de wijk.

Winkels en maatschappelijke functies, zoals een huis van de wijk, een huisartsenpraktijk en een apotheek, liggen rond een buurtplein aan de Nieuwe Sloterweg. Bezoekers van het plein hebben uitzicht over het park. Ten westen van het plein, aan weerszijden van de Nieuwe Sloterweg, liggen enkele basisscholen met bijbehorende sportvoorzieningen.

108

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Kansen voor het innovatiedistrict

109

Datacenter ve rp la

n se at

Fysiek Bestaande bedrijven Nieuw te ontwikkelen Nieuw gestapeld datacenter Bestaand datacenter te verhuizen

Groen in het gebied verbeteren

B. Amsterdam

Boomstructuur

or experim e vo en t te im u R

Parkwal, geluidswering en groen Indicatieve zone verbinding stad en land

n

Bereikbaarheid verbeteren

Autonoom vervoer verlengen

Route voor langzaam verkeer

Design Hotel Artemis

Autonoom personenvervoer Reservering tramlijn B. Amsterdam 2

Nieuwe metrolijn naar Schiphol

Atradius

Nieuw metrostation

Brunel

MBO / HBO

Opwaarderen, verplaatsen metrostation Henk Sneevlietweg Parkeergarage PwC

PwC

Knab

B. Amsterdam 3

IBM

Netwerk Interactie tussen bedrijven, scholen en bewoners

Economie, mengen van functies Ruimte voor experimenten, regelvrije zone Ruimte voor start-ups en scale-ups Kennisinstellingen en scholen naar het gebied halen Maatschappelijke voorzieningen

Zorg en boodschappen

Stedenbouwkundige vertaling van de

Horeca

kansenkaart voor innovatiedistrict Nieuwe Meer.

Innovatiedistrict Nieuwe Meer Innovatie gedijt goed in grote steden. Binnen de huidige economie leidt uitwisseling van kennis tot een continue verbetering en vernieuwing van diensten en producten. In Amsterdam bieden we op strategische locaties ruimte voor een innovatiedistrict. Dit is een plek waar toonaan­ gevende bedrijven en instituten clusteren en netwerken vormen met startups en broedplaatsen. Doorgewinterde kennis en nieuw talent versterken elkaar. De gemeente heeft de ambitie om een innovatiedistrict te ontwikkelen in Nieuwe Meer. Daarvoor is in 2019 een co-creatieproces gestart met bedrijven, instellingen en

omwonenden om ambities en kansen voor dit district in beeld te brengen. Het resultaat is een kansenkaart met belangrijke statements van de stakeholders (zie aparte bijlage). De kansenkaart was richtinggevend voor de uitwerking van het stedenbouw­ kundig plan. Creëer een netwerk van bedrijven, onderwijsinstellingen en voorzieningen, die elkaar aanvullen en versterken. • Meng functies in het gebied. Door het toevoegen van woningen en publiekstrekkende functies in gebouwen ontstaat er een levendig en stedelijk gebied. Functie­ •

menging is een voedingsbodem voor formele en toeval­ lige ontmoetingen. En dat kan weer leiden tot innovatie. • Verbeter de bereikbaarheid per fiets en openbaar vervoer. Creëer een aantrekkelijke omgeving voor fietsers en voetgangers. Meer ruimte voor het langzaam verkeer betekent minder ruimte voor de auto. Verbeter de kansen voor zelfrijdend vervoer en realiseer een P+R-voorziening bij het nieuwe metrostation. • Verbeter de samenhang tussen Nieuwe Meer West en Nieuwe Meer Oost. Hef de barrièrewerking van de Johan Huizingalaan waar mogelijk op. Dit kan door een versmal­ ling van de straat met behoud van het aantal rijstroken en meer kruispunten om snel en veilig over te steken.

Creëer ontmoetingsplekken in gebouwen en op straat voor verblijf en interactie. • Verbeter de gebruiksmogelijkheden en de kwaliteit van het groen. Hoog­waardig groen en water dragen bij aan de leefbaar­heid, biodiversiteit en klimaatbestendigheid van het gebied. Maak beter gebruik van het bestaande Landschapspark De Oeverlanden. Verbeter de sociale veiligheid en benut de kansen voor sport en ontspanning. • Maak ruimte om te experimenteren. Denk aan regelvrije gebieden, die als proeftuin dienen voor de ontwikkeling van innovatieve woon-werkconcepten. •

110

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

111

IBM terrein.

6.4 Nieuwe Meer Oost

Foto: Theo Baart (2019).

Nieuwe Meer Oost in een notendop Milieutypering centrumstedelijk woon/werkmilieu Economisch profiel innovatiedistrict Woningen (50%)* circa 250.000 m2 bvo (40% sociaal, 40% middelduur, 20% vrije sector) Bedrijven en kantoren (40%)* circa 180.000 m2 bvo Voorzieningen (10%)* circa 45.000 m2 bvo Totale vloeroppervlakte circa 475.000 m2 bvo Oppervlakte plangebied circa 230.000 m2 Bruto FSI 2,1 Gemiddelde woninggrootte Aantal woningen Aantal inwoners* Aantal arbeidsplaatsen

circa 80 m2 bvo (60 m2 gbo) circa 3.100 woningen circa 6.200 inwoners** circa 7.600 arbeidsplaatsen**

De verdeling van het programma vindt bij voorkeur plaats per kavel en, als dat niet mogelijk is, per bouwveld. * De verhouding (%) van het programma is afgerond op een 5-tal. ** Het aantal inwoners en aantal arbeidsplaatsen is afgerond op een 100-tal.

Nieuwe Meer Oost is het voormalige IBMterrein. In de vroege jaren ‘60 werden hier bedrijfshallen gebouwd, onder meer voor de productie van typemachines. Nu zijn er vijf grote functies: het datacenter Global Switch, bedrijfsverzamelgebouw B. Amsterdam, een

Datacenter Global Switch. Foto: Theo Baart (2019).

voormalig postdistributiecentrum, een gemeentelijk afvalpunt en het hoofkantoor van IBM. In de eigendomsgrens tussen Global Switch en B. Amsterdam is nog het beloop zichtbaar van de voormalige Sloterweg naar Amsterdam.

De komende jaren transformeert Nieuwe Meer Oost naar een gemengd woon-werkgebied met diverse functies in een hoge dichtheid. De bereikbaarheid per openbaar vervoer is goed door de ligging naast het aangepaste metro­ station Henk Sneevlietweg en het perspectief van een tweede metrostation bij de Johan

Huizingalaan. Het gebied is onderdeel van het innovatiedistrict Nieuwe Meer, een wijk met woningen en voorzieningen die gericht zijn op jonge kenniswerkers en internationale doel­ groepen. In het plan houden we rekening met een kinderdagverblijf, een huisartsenpraktijk en een basisschool.

Artist impression buurtplein bij B. Amsterdam.

112

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Artist impression ­binnenterrein.

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

In het ontwerp zitten hoogwaardige ruimtes die beschutting en geborgenheid bieden. Straten worden zoveel mogelijk beëindigd met bebouwing die de infrastructuur van sporen en drukke wegen buitensluit. Nieuwe Meer Oost krijgt een structuur van grote bouwblokken en royale binnenterreinen die groen, doorwaad­ baar en openbaar toegankelijk zijn. Ze bieden

de rust die nodig is om hier prettig te kunnen wonen en werken. In het hart van de buurt komt een autovrij plein. Het plein ligt naast B. Amsterdam aan de Nieuwe Sloterweg en biedt ruimte aan horeca, culturele functies en andere voorzieningen. Nader onderzoek moet uit­ wijzen of een ondergrondse fietsenstalling hier realistisch en (financieel) haalbaar is.

De bouwblokken hebben een vaste rooilijn aan de openbare ruimte. Ze zijn opgedeeld in autonome panden met een eigen ontsluiting die zelfstandig gebouwd of getransformeerd kunnen worden. Aan de randen van de buurt hebben ze een basishoogte van zeven lagen en een breedte tussen 16 en 64 meter. Binnen de buurt is de basishoogte vijf lagen en zijn de panden smaller, in breedte variërend van 16 tot 48 meter. Tussen de grote bouwblokken komen autoluwe, klimaatbestendige straten. Het regenwater wordt via deze straten afgevoerd naar de watergangen in het groen.

In de hele buurt zijn losse opbouwen mogelijk van één tot twee terugliggende lagen, die minimaal 2 meter achter de gevel liggen. Op geluidluwe locaties zijn er openingen in de bouwblokken, zodat contact ontstaat tussen straat en binnenterrein. Incidenteel zijn er hoogteaccenten om de oriëntatie in het gebied te versterken, zoals bij de entree van de Nieuwe Sloterweg en in de zuidoosthoek aan het park rond IBM. Het parkeren van auto’s vindt plaats in garages onder de gebouwen, bereikbaar via routes die aansluiten op de Johan Huizingalaan en Henk Sneevlietweg. Zo houden we veel straten en ook het buurt­ plein autovrij.

113

Uitsnede stedenbouwkundig kader Nieuwe Meer Oost.

114

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Menging Menging van functies op blok- en straatniveau is voorwaarde voor metropolitaan wonen XXL Bouwblokken met overmaat en grote binnenterreinen

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

6.5 Nieuwe Meer West Hoogteaccent Op nader te bepalen plekken

Nieuwe Meer West in een notendop

Rust Rust als conditie voor hoogstedelijk wonen (ontspanning, sport en spel) Een binnenterrein is minimaal 50% onverhard

Hoogte aan hoofdstraat Losse opbouwen 1 of 2 terugliggende lagen Schouderhoogte: 5-7 lagen

Milieutypering stedelijk werk/woonmilieu Economisch profiel innovatiedistrict

Doorwaadbaarheid Aan verschillende zijden openbare doorsteken die het binnengebied met de straat en aanliggende binnengebieden verbinden Basishoogte Losse opbouwen 1 of 2 terugliggende lagen Schouderhoogte: 5 lagen

Leefbaarheid Adressen aan de straat d.m.v. portieken Fietsenstallingen en techniek Nutsvoorzieningen en fietsenstallingen worden inpandig opgelost zodat ze vanaf de straat niet zichtbaar zijn

Belangrijkste spelregels voor het

115

Binnenwereld Entrees aan publiek toegankelijke binnengebieden

Woningen (20%)* circa 50.000 m2 bvo (40% sociaal, 40% middelduur, 20% vrije sector) Bedrijven en kantoren (70%)* circa 160.000 m2 bvo Voorzieningen (10%)* circa 15.000 m2 bvo Totale vloeroppervlakte circa 225.000 m2 bvo Oppervlakte plangebied circa 140.000 m2 Bruto FSI 1,6 Gemiddelde woninggrootte Aantal woningen Aantal inwoners Aantal arbeidsplaatsen

circa 75 m2 bvo (55 m2 gbo) circa 650 woningen circa 1.300 inwoners** circa 6.500 arbeidsplaatsen**

De verdeling van het programma vindt bij voorkeur plaats per kavel en, als dat niet mogelijk is, per bouwveld.

Blik uit de straat Collectieve ondergrondse parkeergarage of eigen parkeervoorziening per pand

* De verhouding (%) van het programma is afgerond op een 5-tal. ** Het aantal inwoners en aantal arbeidsplaatsen is afgerond op een 100-tal.

bouwen in Nieuwe Meer Oost.

Nieuwe Meer Oost wordt omgeven door een groenzone langs de spoordijk en het park rond het monumentale hoofdkantoor van IBM. Eventuele nieuwbouw moet zodanig in dit park verrijzen, dat dit markante gebouw zijn functie als baken in de stad behoudt en de ecolo­ gische structuur wordt gerespecteerd. Het nieuwe hoofdkantoor van IBM kan een plek krijgen aan de parkwal langs de A4 en ligt hiermee in de ecologische structuur. We onderzoeken hoe hiervoor compensatie kan worden geboden. Het nieuwe groen van het park kan als compensatie mogelijk een rol spelen. In de volgende fase wordt dit verder onderzocht en nader uitgewerkt. Een raads­ besluit is nodig om deze functiewijziging mogelijk te maken. In het park en de groenzone langs het spoor liggen niet alleen fiets- en voetpaden, maar ook sport- en speelmogelijkheden voor de buurt. Deze gebieden staan in verbinding met de Nieuwe Meer en het Riekerpark. Zo ontstaat een groot recreatiegebied dat tevens een ecologische verbindingsfunctie heeft. Het

nieuwe park wordt openbaar. Om de verblijfs­ waarde en kwaliteit te waarborgen respecteren we de weidsheid van deze groene ruimte.

Nieuwe Meer West is het voormalige Rieker Business Park, dat werd ontwikkeld in de jaren ‘80 en ‘90 als zichtlocatie voor kantoren aan de A4. Er was destijds ook sprake van plannen voor

een treinstation, maar dat is er nooit gekomen. De hoge gebouwen in een eilandenstructuur staan in sterk contrast met de kleinschalige Sloterweg en het ecologisch waardevolle Siegerpark.

De ontwikkeling van een innovatiedistrict stelt niet alleen eisen aan de inrichting van het gebied, maar ook aan het ontwerp van de Johan Huizingalaan. Deze weg, een belangrijke verbinding tussen de Sloterplas en de Nieuwe Meer, is in grote delen van Nieuw-West ingericht als stadsstraat met gebouwen aan weerszijden. In Schinkelkwartier werkt de weg echter vooral als een barrière. Er is veel lege ruimte en het verkeer domineert, waardoor contact tussen de gebieden aan weerskanten wordt belemmerd. In het stedenbouwkundig kader is daarom de rooilijn van de bouwblok­ ken opgeschoven naar de straat. Ook is er een volwaardige oversteek tussen de David Ricardostraat en het IBM-park gemaakt. Om dit mogelijk te maken, moeten kabels en leidingen worden verlegd. Nieuwe Meer West. Foto: Theo Baart (2019).

116

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Zicht vanuit De

De transformatie krijgt de komende jaren een vervolg door in meer gebouwen een woon­ functie te introduceren. Daarbij kan ook het lege centrumgebied worden ingevuld met een mix van kantoren, woningen en voorzieningen. Deze locatie vraagt om een transparant en doorwaadbaar gebouw met interne straten, pleinen en groene hoven, naar het voorbeeld van het Rotterdamse Stadstimmerhuis. Bij het gebouw hoort een grote ondergrondse parkeergarage, die ook een functie voor de omgeving heeft. Rond het complex komen straten met brede stoepen en actieve functies in de plint. Zo krijgt het innovatiedistrict in Nieuwe Meer West een eigen gezicht.

Oeverlanden op Nieuwe Meer West. Foto: Theo Baart (2019).

Een volgende stap in de ontwikkeling tot aantrekkelijk stadsgebied wordt mogelijk bij

De laatste jaren voltrekt zich een geleidelijke transformatie in het gebied. Het Dutch design hotel Artemis vestigde zich in het hart van het gebied en het markante Dynatos-gebouw, een voormalig kantoor van IBM, transformeerde naar een woongebouw. Ook zijn er depen­ dances van B. Amsterdam gekomen die het

Uitsnede stedenbouw­ kundig kader Nieuwe Meer West.

type bedrijvigheid en de schaal ervan hebben veranderd. Het gebied is per openbaar vervoer nog steeds slecht bereikbaar. Er zijn alleen in de spits twee buslijnen, gefinancierd door het bedrijfsleven. Op korte termijn gaat dit enigszins verbeteren doordat de buslijn vanaf Schinkelhaven naar Schiphol zal rijden.

verlenging van de Noord/Zuidlijn naar Hoofddorp. Een toekomstig metrostation betekent een schaalsprong in de bereikbaar­ heid per openbaar vervoer. Ten noorden van het station liggen kansen voor een stedelijk plein, vergelijkbaar met het Zuidplein in Amsterdam. Rond het plein liggen voorzienin­ gen die gericht zijn op de reiziger, onder het plein is ruimte voor een grote fietsenstalling. Mogelijk kan het metrostation ook een transferiumfunctie vervullen voor autopassa­ giers die hier overstappen op openbaar vervoer of fiets. Verder is voor dit gebied, evenals voor Nieuwe Meer Oost, versmalling en een betere oversteekbaarheid van de Johan Huizingalaan noodzakelijk.

117

Artist impression van het stationsplein in Nieuwe Meer West.

118

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

119

6.6 De Plantijn

Stad in blok Groot gemengd stadsblok met interne straten en hoven Afmetingen 60m x 100m Actieve plinten rondom Omsloten door hoge bebouwing geven kansen voor wonen

De Plantijn in een notendop Milieutypering werk/woonmilieu Economisch profiel zorgdistrict

Collectieve parkeeroplossing Belangrijkste spelregels voor het bouwen in

Woningen (20%)* circa 100.000 m2 bvo (40% sociaal, 40% middelduur, 20% vrije sector) Bedrijven en kantoren (20%)* circa 85.000 m2 bvo Voorzieningen (60%)* circa 270.000 m2 bvo Totale vloeroppervlakte circa 455.000 m2 bvo Oppervlakte plangebied circa 195.000 m2 Bruto FSI 2,3

Nieuwe Meer West.

circa 75 m2 bvo (55 m2 gbo) circa 1.300 woningen circa 2.700 inwoners** circa 6.700 arbeidsplaatsen**

N

ie

uw

e

o

nt

w

ik

ke

lin

g

Gemiddelde woninggrootte Aantal woningen Aantal inwoners Aantal arbeidsplaatsen

P

n>

in uiz

aa gal

H han

De verdeling van het programma vindt bij voorkeur plaats per kavel en, als dat niet mogelijk is, per bouwveld. * De verhouding (%) van het programma is afgerond op een 5-tal. ** Het aantal inwoners en aantal arbeidsplaatsen is afgerond op een 100-tal.

o

<J

Metrostation Nieuwe Meer Verlengde Noord/Zuidlijn richting Schiphol krijgt een station op deze locatie

M

Fietsparkeren Onder het stationsplein komt een grote fietsenstalling om gemakkelijk over te stappen op de metro

De Plantijn is een deelgebied dat zorgfuncties van nationale en internationale betekenis huisvest. De belangrijkste functies zijn het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis, het Nederlands Kanker Instituut, het farmaceutisch bedrijf Sanquin en het Centrum voor Zorg (CvZ) Slotervaart. Ruimtelijk richten deze voorzienin­

gen zich naar binnen, er is geen actieve verbinding met de omgeving. De openbare ruimte binnen het deelgebied is sterk ver­ steend en vooral ingericht voor het verkeer en parkeren. Ondanks de bouw van een parkeer­ garage domineert de auto nog steeds in het gebied.

De Plantijn. Foto: Theo Baart (2019).

120

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

De grootste uitdaging in De Plantijn is de transformatie van de openbare ruimte. Personeel, patiënten en bezoekers van het zorgkwartier komen uit heel Nederland en zijn afhankelijk van een goede autobereikbaarheid. Daarom moet er ruimte blijven voor parkeren. Het parkeren moet op termijn in ondergrondse voorzieningen worden opgelost, want dan ontstaat er ruimte voor een rustig, groen binnengebied, waar patiënten, personeel, bezoekers en toekomstige bewoners kunnen ontspannen of bijkomen van hun behandeling. Een brug voor fietsers en voetgangers over de

121

Christoffel Plantijngracht heeft veel toege­ voegde waarde, omdat er op die manier een verbinding ontstaat tussen de wijk NieuwSloten en de Delflandpleinbuurt. We zien kansen voor het versterken van biotech- en farmaceutische innovatie en het ontwikkelen van een 'life science and health cluster'. De inzet is om een campus te ontwik­ kelen die wordt gedragen door een sterke openbare ruimte. Inspiratie hiervoor is te vinden in de universiteitscampus van Rotterdam en de hightechcampus van Eindhoven.

De Plantijn. Foto: Theo Baart (2019).

Het stedenbouwkundig kader voor De Plantijn moet samen met de zorgpartijen verder worden ingevuld, maar in deze projectnota doen we alvast een voorzet. Belangrijk is vooral dat het introverte gebied een gezicht naar de omgeving krijgt. Dat kan door het aanbieden van ontwikkelruimte aan de randen, bij voor­

keur voor functies die ook betekenis hebben voor de bewoners van Nieuw-West. Denk aan zorggerelateerde opleidingen, fysiotherapie, sport en gezonde horeca. Daarnaast is ook in het binnengebied verdichting mogelijk, met name voor nieuwe woonvormen, gekoppeld aan behandeling of onderzoek.

Referentie van de universiteitscampus in Rotterdam. Bron: Juurlink [+] Geluk.

Uitsnede stedenbouw­ kundig kader De Plantijn.

122

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Verbeelding van een mogelijke transformatie waarbij de bestaande

Stenige buitenruimte De openbare ruimte is ingericht voor de auto

auto georiënteerde

Rust Het nieuwe zorgkwartier biedt ook ruimte voor verblijf, sport en het maken van ommetjes

7

buitenruimte van De Plantijn (boven) staps­ gewijs plaats maakt voor een groene campus (onder).

Ontwikkelstrategie

P n re ke ar

7.1 Voorwaarden scheppen

Reuring Ruimte voor levendige plinten aan de centrale wandelboulevard

Rust Het nieuwe zorgkwartier biedt ook ruimte voor verblijf, sport en het maken van ommetjes

Alle entrees aan de boulevard Door een parkeergarage te combineren met een verhoogde wandelboulevard wordt de vindbaarheid van instellingen verbeterd Verdichten aan de buitenkant, groen aan de binnenkant Instellingen mogen aan de buitenkant bouwen zodat de interne kwaliteit van het gebied wordt versterkt

We stemmen de ontwikkelstrategie voor Schinkelkwartier af op de bestaande condities van een gefragmenteerd gebied waarin ontwikkeling alleen mogelijk is als private eigenaren en ontwikkelaars investeren.

Per deelgebied bieden we op maat toe­ gesneden ontwikkelruimte om initiatieven en plannen te kunnen realiseren: regisseren waar het moet en faciliteren waar het kan.

Verbeelding van de situatie met aan­ wezigheid van NLR en Global Switch.

124

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Verbeelding van de beoogde eindsituatie 2050 na transformatie van NLR en Global Switch.

Privaat initiatief is in veel gevallen moeilijk te voorspellen. Daarom is maximale wendbaar­ heid vereist in schaal, snelheid en programme­ ring van het proces. De doorlooptijd van tenminste 25 jaar brengt ongetwijfeld ook wijzigingen in beleid en omstandigheden met zich mee. De ontwikkeling kent zowel interne als externe dynamiek.

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

De mogelijke transformatie van de kavels van Global Switch en NLR zijn op dit moment het moeilijkst te voorspellen. Daarom is de situatie waarin de terreinen van NLR en Global Switch nog niet transformeren apart beschouwd. Deze situatie wordt stedenbouwkundig en planolo­ gisch aanvaardbaar geacht.

We kiezen daarbij voor maatwerk. Per project treffen we een op het plan afgestemde bestemmingsregeling. Met regelingen per project voorkomen we grote gedetailleerde bestemmingsplannen, waarvan in de praktijk meestal toch moet worden afgeweken.

Om vooruitlopend op de investeringsbesluiten al uitgaven te kunnen doen voor verwerving, infrastructuur, geluidafschermende maat­ regelen en andere gemeentelijke investeringen wordt bij deze projectnota tevens een ­voorbereidingsgrondexploitatie geopend.

Investeren

Faciliteren tijdelijke initiatieven

Als derde moet de gemeente zelf investerings­ ruimte maken voor maatregelen in de open­ bare ruimte per project of deelgebied. Dat kan door het opstellen van een investeringsnota per gebied, gevolgd door het nemen van een investeringsbesluit. Maatgevend voor planning en fasering daarvan zijn vooral private initiatie­ ven. Waar veel investeringsbereidheid bestaat bij eigenaren moet ook de gemeente in actie komen. Bij de huidige stand van zaken zijn vooral investeringsbesluiten voor de deel­ gebieden Nieuwe Meer Oost, De Plantijn en Schinkelhaven noodzakelijk. Hier moeten de gemeente en eigenaren op korte termijn tot uitvoeringsafspraken komen.

Het duurt meer dan 25 jaar voordat de beoog­ de eindsituatie in het gebied is bereikt. In de tussentijd is er ruimte voor tijdelijke initiatie­ ven. Er zijn al diverse initiatieven in het gebied tot stand gekomen, zoals de broedplaats in het voormalige ACTA-gebouw en de Kaskantine in Riekerpark. In de toekomst willen we deze spontane ontwikkeling van ondernemerschap graag blijven aanmoedigen en faciliteren. In juni 2019 heeft er een eerste expertmeeting plaatsgevonden. Nu werken we aan een strategische visie op tijdelijkheid met een bijbehorend afwegingskader. Aan de hand daarvan kunnen we de potentie van initiatieven beter toetsen op hun meerwaarde voor de gebiedsontwikkeling en de stedelijke thema’s die in Amsterdam een rol spelen. De visie dient bovendien als verdere inspiratiebron voor interne en externe stakeholders om gezamen­ lijk doelen te stellen voor een optimale benutting van de tussentijd.

Daarnaast is er de mogelijkheid om zelf actief te verwerven. Dat kan nodig zijn om maat­ schappelijke voorzieningen zoals scholen, sportgebouwen of zorg te realiseren, of om openbare ruimte aan te kunnen leggen.

7.2 Aanpak per deelgebied

Bovenplanse maatregelen realiseren

Juridisch planologische ruimte

Het doel van de ontwikkelstrategie is het scheppen van de juiste voorwaarden waar­ onder private initiatieven tot stand kunnen komen. Allereerst door te zorgen voor een helder stedenbouwkundig raamwerk met de benodigde infrastructuur. Daarnaast moeten onderdelen van de groen- en waterstructuur worden ontwikkeld. Hetzelfde geldt voor de geluidwerende maatregelen, die noodzakelijk zijn voor het realiseren van gevoelige bestem­ mingen zoals wonen. Sommige maatregelen kunnen en moeten snel worden uitgevoerd, andere vragen om verschillende redenen meer tijd.

Een tweede voorwaarde is het scheppen van de benodigde juridisch planologische ruimte. Om gemengde bestemmingen in het gebied mogelijk te maken, is uitgebreid onderzoek verricht. Dat resulteerde in een concept OER, dat gelijktijdig met deze projectnota is opge­ steld. Vervolgens zijn voor private projecten (afwijkingen van) bestemmingsplannen en, na inwerkingtreding van de Omgevingswet, (afwijkingen of wijzigingen van) het omgevings­ plan nodig. De formele aan­vaarding van het definitieve OER door de gemeenteraad vindt plaats bij de vaststelling van de eerste van deze bestemmings­wijzigingen.

Per deelgebied zijn, afhankelijk van de eigen­ domssituatie, verschillende deelstrategieën nodig. Monitoring van het beoogde en gerealiseerde programma is een belangrijke taak om de samenhang en afgesproken maatschappelijke voorzieningen in het gebied te bewaken.

Schinkelhaven Schinkelhaven is van oudsher een stads­ verzorgend bedrijventerrein. Het is een dicht­bebouwd gebied met veel verschillende erfpachters en eigenaren, waardoor het gebied zich pandsgewijs ontwikkelt. Dit vergt veel begeleiding. Er zijn ook ontwikkelaars die er vastgoed hebben verworven in afwachting van toekomstige ontwikkelkansen. Sommige bedrijven hebben milieucontouren die het wonen in de omgeving moeilijk maken. Met een aantal erfpachters wordt al gesproken over toekomstige transformatiemogelijkheden.

Voor Schinkelkwartier werken we als eerste aan een investeringsnota voor deelgebied Schinkelhaven, mede om de centrale fietsroute, herinrichting van het Aalsmeerplein en door­ trekken van de Westlandgracht mogelijk te maken. Ook is voor Schinkelhaven een facet­­ bestemmingsplan nodig om de geluidzonering van het bedrijventerrein te wijzigen en woning­ bouw mogelijk te maken. Verder moet per project maatwerk worden toegepast. Een punt van zorg is het realiseren van de maatscha­p ­pe­lijke functies en het behoud van productieve bedrijven. De gemeente heeft nauwelijks grond die niet in erfpacht is uitgegeven. Daarnaast zijn de erfpachtpercelen over het algemeen te klein voor een gemengd project. Via intentieovereenkomsten en bestemmings­ wijzigingen wordt de ontwikkeling zoveel mogelijk gestuurd. Mogelijk moet actief worden verworven om de nodige maatschap­ pelijke voorzieningen te realiseren. Wel is er al

125

126

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

ruimte op gemeentegrond gevonden voor één of twee scholen. Voor het aanleggen van de openbare ruimte en vergroten van boezem­ water aan de noordzijde van de havenkom is verwerving voorwaardelijk.

Sloterstrip Sloterstrip is een brede strook tussen de Vlaardingenlaan/Aletta Jacobslaan en de Henk Sneevlietweg met stadsverzorgende functies. De strip heeft een gevarieerde invulling met onder meer een hotel, bouwmarkt, scholen, maatschappelijke voorzieningen, opslag en politiebureau. Er zijn hier verschillende erfpachters op grote percelen. Herontwikkeling vindt vooral plaats binnen de bestaande erfgrenzen met de gemeente in een facili­ terende rol. En hoofdzakelijk bloks­gewijs, waarbij meerdere eigenaren samen of ­gefaseerd een blok realiseren. In verband met de gewenste aanpassingen van de Henk Sneevlietweg is een investeringsbesluit over Sloterstrip noodzakelijk. Het gedeelte van de Sloterstrip ten westen van de Johan Huizingalaan is als strategische reservelocatie in het stedenbouwkundig kader opgenomen. Dat wil zeggen dat hiervoor nog geen stedenbouwkundig eindbeeld is uitge­ werkt met als reden om binnen het plangebied ruimte beschikbaar te houden voor eventueel uit te plaatsen functies. Uitgangspunt is om in de volgende fase met betrokkenen de ontwik­ kelmogelijkheden nader te verkennen.

Riekerpark Deelgebied Riekerpark is momenteel gevuld met (tijdelijke) functies zoals tijdelijke woning­ bouw, een handbalvereniging en honden­ training. De verhuringen kennen verschillende einddata, die lopen tot na 2026. De grond in het gebied is in eigendom van de gemeente en nog niet uitgegeven in erfpacht. Na vertrek van de tijdelijke functies kunnen de verschillen­ de kavels via openbare tenders in de markt worden gezet. Vooruitlopend op de eerste tenders moet voor Riekerpark een inves­ teringsbesluit worden genomen.

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

met afvalpunt. De werf wordt rond 2023 gesloten in verband met gemeentelijke reorganisatie. Voor het afvalinzamelpunt Henk Sneevlietweg gaan we actief op zoek naar een alternatieve locatie in of nabij het plangebied. Voor twee kavels hebben de eigenaren in samenwerking met het project­team ontwikkel­ plannen opgesteld. Daarom is een gemeente­ lijk investeringsbesluit urgent. Datacenter Global Switch legt beperkingen op aan de gebiedsontwikkeling. Het extensieve ruimtegebruik en de geluidbelasting belem­ meren de gewenste dichtheid, functiemen­ ging, woningbouwopgave en ruimtelijke kwaliteit. De positie van Global Switch is complex te noemen, omdat de hardware van het data­center inclusief alle ondergrondse infrastructuur niet eenvoudig te verplaatsen zijn en verplaatsing bovendien kostbaar is. In de gefaseerde gebiedsontwikkeling moeten we voor Global Switch nadere afschermings- of bronmaat­regelen en eventuele verplaatsings­ mogelijk­heden binnen en buiten Schinkel­ kwartier verkennen. Het gesprek daarover met de eigenaar is nog in de oriënterende fase. Onze verwachting is dat verplaatsing pas concreet na tien jaar in beeld is. Tot die tijd brengen we ook de kansen voor gebruik van de door het datacenter geproduceerde restwarmte in het gebied in beeld. Het gaat dan om gebruik als eventuele bron voor een warmtenet op lagere temperatuur.

Nieuwe Meer West Nieuwe Meer West is een monofunctionele kantorenlocatie met dichte plinten, weinig tot geen voorzieningen en beperkt openbaar vervoer. De bestaande gebouwen zijn ruim twintig jaar oud en grotendeels in gebruik. Ze hebben nog een hoge (rest)waarde. Er zijn verschillende erfpachters op redelijk grote kavels, enkele gebouwen staan op eigen grond. De transformatie van dit projectgebied vindt naar verwachting plaats door functie­­ verandering binnen de bestaande gebouwen en een aantal toevoegingen. De eerste transformatie op gebouwniveau is in 2020 afgerond.

Nieuwe Meer Oost Nieuwe Meer Oost is een gebied met kanto­ ren, een groot datacenter en een aantal hallen, die allemaal veel ruimte in beslag nemen. De erfpachtsituatie is overzichtelijk; er zijn drie grote erfpachters en een gemeente­lijke werf

De beste kans voor verdichting ligt op het terrein midden in het gebied. Dit uitgeefbare terrein, dat nu nauwelijks wordt gebruikt, kan via een tender op de markt worden gebracht en ruimte bieden aan uiteenlopende functies.

Denk aan woningen, kantoren en voorzienin­ gen. De timing van dit project moet worden afgestemd op de besluitvorming over een eventueel te realiseren metrostation bij de Johan Huizingalaan.

willen toevoegen. Ook het Nederlands Kanker Instituut wil graag kunnen uitbreiden. De ont­wikkelstrategie hangt samen met de specifieke wensen van de gebruikers en moet daarom in samenspraak met hen worden opgesteld.

De Plantijn In zorgkwartier De Plantijn is sprake van een overzichtelijke erfpachtsituatie. Er zijn vijf grote erfpachtpercelen en vier erfpachters. Er is geen eigen grond. De bestemming van het gebied is medisch/maatschappelijk. Voor het voormalige Slotervaartziekenhuis denken we aan zorg­ voorzieningen, gecom­bineerd met zorg­ gerelateerd wonen. Daarbij is de verwachting dat de eigenaren in de toekomst vastgoed

Een belangrijk aandachtspunt is het parkeren dat momenteel gebeurt in een bovengrondse parkeergarage en op straat. Samenwerking van de gemeente met de aanwezige eigenaren is noodzakelijk om tot een gezamenlijke invulling van het gebied te komen. Om gemeentelijke investeringen mogelijk te maken, is het opstel­ len van een investerings­nota nodig.

7.3 Planning en fasering De planning van de transformatie van Schinkel­ kwartier wordt voor een belangrijk deel bepaald door private initiatieven. Deze afhankelijkheid maakt dat voor Schinkel­k wartier geen gedetail­ leerde planning kan worden vastgesteld. Tegelijk wordt ingezet op investeringen in de infrastructuur en openbare ruimte op die plekken waar dit de ontwikkeling van het Schinkelkwartier het meeste stimuleert. In deze paragraaf wordt aangegeven wat er tot 2030 staat gepland aan investeringen, waarbij zoveel mogelijk wordt aangesloten bij de huidige private initiatieven. Dit kan wijzigen als nieuwe initiatieven zich aandienen. Verplaatsing van kabels en leidingen en inrichting van openbare ruimte vinden ­gekoppeld aan de projecten plaats. Het realiseren van de voorzieningen zoals groen, sport, scholen en winkels gaat zoveel mogelijk gelijk op met het realiseren van de

7.3.1

woningen. Aan de ontwikkeling van (tijdelijke) scholen wordt reeds gewerkt. Voor de ontwikkeling van Riekerpark is de gemeente niet afhankelijk van private initia­ tieven. Het huidige gebruik (de tijdelijke ­wonin­gen van het Startblok) eindigt in 2027, daarom verdient het de voorkeur tegen die tijd het gebied te ontwikkelen. De aanleg van de parkwal in de sporendriehoek is pas ruim na 2025 mogelijk, vanwege het huidige gebruik als werkterrein voor Zuidas­dok. De ontwikkeltijd van het gehele gebied wordt geschat op minimaal 25 jaar. De transformatie van de terreinen van NLR en Global Switch wordt niet voor 2035 verwacht. Wat deze latere timing van de transformatie van Global Switch betekent voor de ontsluiting, en daarmee mogelijk de planning, van de rest van deel­gebied Nieuwe Meer Oost moet nog worden bepaald. Dit in combinatie met de planning van de verplaat­ sing van de werf aan de Henk Sneevlietweg.

Agenda tot 2030

Planproducten Na vaststelling van de projectnota wordt een voorbereidingsgrondexploitatie geopend om de eerste gemeentelijke investeringen mogelijk te maken. Daarnaast worden er een strategisch geluidsplan, een waterhuishoudkundig plan, een strategisch voorzieningenplan, een

monitoringsplan, een strategie duurzame energie, een beeldkwaliteitsplan, een plan voor de ondergrondse infrastructuur en een BLVC-­kader opgesteld. In 2022 wordt het OER aanvaard, gekoppeld aan het eerste ruimtelijk besluit in Schinkelkwartier. Voor de ontwikkeling van de deelgebieden

127

128

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

worden per deelgebied investeringsnota’s opgesteld. Dit houdt in dat we werken aan een stedenbouwkundig plan, een ontwerp open­bare ruimte en een grondexploitatie. Hierin komt ook de planning van de aanpassin­ gen aan de infrastructuur en de openbare ruimte per deelgebied aan de orde. De deelgebie­den Nieuwe Meer Oost (exclusief Global Switch en inclusief de Johan Huizinga­ laan), De Plantijn en Schinkelhaven komen daarbij het eerst aan bod, omdat daar de meeste private initiatieven zijn. De andere deelgebieden volgen later. Voor Schinkelhaven wordt ook een facet­bestemmingsplan opge­ steld om de geluid­zonering aan te passen. Voor de ontwikkelprojecten worden de benodigde bestemmingsregelingen vastge­ steld. Tevens wordt er gewerkt aan een plan voor tijdelijke initiatieven en placemaking.

Bovenplanse ingrepen Tot 2030 wordt aan de volgende bovenplanse infrastructurele ingrepen gewerkt: Verbetering van het busvervoer over bestaande wegen. • Een langzaam verkeersroute over de Nieuwe Sloterweg met een brug over de Schinkel. • Voorbereiding van aanpassing van het metrostation Henk Sneevlietweg met een aansluiting op de Nieuwe Sloterweg. • Voorbereiding herprofilering Henk Sneevlietweg. • Voorbereiding en uitvoering herprofilering van (een deel van) de Johan Huizingalaan. •

7.3.2

Geluidsmaatregelen Voor een groot deel van de geplande wonin­ gen in Schinkelkwartier zijn afschermende geluidsmaatregelen langs infrastructuur noodzakelijk. De planning van de transforma­ tie wordt dan ook in belangrijke mate bepaald door de uitvoering van deze maatregelen. In de periode tot 2030 wordt gewerkt aan de plaatsing van geluidsschermen langs de A10 en de sporen, en de aanleg van het eerste deel van de parkwal langs de A4. Voor de voorbereiding en uitvoe­ring van deze werk­ zaamheden moet rekening worden gehouden met doorlooptijden van jaren. Het uitgangspunt is dat de aanleg van geluidafschermende maatregelen zoveel mogelijk vooruitloopt op de woningbouwinitiatieven. Hierbij is maatwerk en flexibiliteit per initiatief nodig, zowel wat betreft de (tijdelijke) fysieke maatregelen als de toepassing van wetgeving. Totdat de afschermende maatregelen zijn gerealiseerd kijken we naar de mogelijkheden van (tijdelijke) gevelmaatregelen, (tijdelijk) afwijken van geluidsnormen of tijdelijk geen geluidgevoelige functies. De strategie en fasering voor geluidsmaatregelen worden in de volgende fase nader uitgewerkt in een strategisch geluidsplan. Op sommige kavels is de bouw van woningen qua geluidafscherming afhankelijk van geplande afschermende bebouwing van andere erfpach­ters.

In deze gevallen moet er nauwe afstemming tussen de verschillende erfpachters plaatsvinden, gefaciliteerd door de gemeente.

Monitoring

Om tijdens de gebiedsontwikkeling in te kunnen spelen op veranderende omstandig­ heden is monitoring van belang. Daarmee wordt het mogelijk om te sturen op het behalen van de gestelde ambities, vinger aan de pols te houden en zo nodig tussentijds bij te sturen. Zo kan bijvoorbeeld worden gestuurd op het tijdig realiseren van maat­

schappelijke voorzieningen zoals groen, sport en scholen. Daarnaast is monitoring van belang om het OER actueel te houden, zodat dit ook als basis kan dienen voor toekomstige ruimtelijke besluiten in Schinkelkwartier. In de volgende fase wordt monitoring nader uitgewerkt in een monitoringsplan.

8 Consultatie, participatie en communicatie 8.1 Algemeen Bij de ontwikkeling van Schinkelkwartier betrekken we vastgoedeigenaren, bedrijven en bewoners uit het gebied zo goed mogelijk. Participatie zien we als het actief en structureel laten ‘meedoen’ van stakeholders - bewoners, ondernemers, erfpachters en andere stakehol­ ders en gebruikers van het gebied - aan (onderdelen van) de planvorming. Participatie is van groot belang in alle fasen van gebieds­ ontwikkeling. Participatie zorgt voor een betere kwaliteit van en meer draagvlak voor de plannen. We volgen daarbij het beleidskader Participatie, d.d. 1 juni 2021. Het niveau en de vorm van participatie, dus de manier waarop we stakeholders betrekken bij de planvorming, kan in alle fasen verschillen. Dit is afhankelijk van het doel van de partici­ patie dat per fase gesteld wordt. Naast de fasering uit het Plaberum heeft Schinkel­ kwartier verschillende deelgebieden met

uiteenlopende eigenschappen. Bijvoorbeeld wat betreft het grondeigendom, complexiteit, aard van het deelgebied en aantal bewoners. Dat betekent dat de participatieaanpak per deelgebied kan verschillen. We zetten in op een zo hoog mogelijk niveau van participatie bij ontwerpen en keuzes waar dit kan, en geven een heldere uitleg waar een lager participatieniveau de algemene belangen beter reflecteert. Kaders en randvoorwaarden moeten voor alle belanghebbenden duidelijk zijn en gelden voor een ieder. We maken de belangen en wensen van alle stakeholders inzichtelijk en wegen deze mee in het proces van het opstellen van de investeringsnota’s in de volgende planfase. Dat betekent dus niet per se dat alle belangen en wensen van stakeholders één op één in de nota’s komen, maar wel dat we deze serieus in overweging nemen bij de afweging van de keuzes.

8.2 Projectnota: fase 2 Participatie en communicatie projectnota Schinkelkwartier Voor de haalbaarheidsfase van Schinkel­k wartier is gekozen voor de participatieniveaus ‘infor­ meren’ en ‘meedenken’. We hebben hierbij als doel dat de door de gemeente genomen

beslissingen beter geaccepteerd worden. Het hoogste niveau van participatie van de diverse stakeholdergroepen is in deze planfase het niveau ‘meedenken’ geweest. Dit niveau komt voort uit de strategische opgaven en keuzes die in deze fase gemaakt moeten worden om

130

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

de ‘haalbaarheid’ aan te tonen binnen de wettelijke en geldende gemeentelijke beleids­ kaders en –doelstellingen. We hebben ingezet op helder en zo breed mogelijk informeren en het ophalen van ideeën en reacties zowel voor als tijdens de inspraak­ periode. Dit is op meerdere manieren gebeurd: onder meer door het faciliteren van (online) informatiebijeenkomsten, het laten maken van filmpjes over de gehele gebiedsontwikkeling en de opgave per deelgebied. Daarnaast hebben we ambtelijk en bestuurlijk contact onderhouden met zowel de stadsdelen Zuid als Nieuw-West. We hebben de projectpagina www.amsterdam.nl/schinkelkwartier gestructu­ reerd en transparant ingericht (inclusief een overzicht met vragen en antwoorden).

Gesprekken Daarnaast hebben we stakeholders gevraagd mee te denken. Dit is ook op meerdere manieren gebeurd: zo hebben er veel gesprek­ ken plaatsgevonden met de BIZ Rieker Business Park, met ondernemers uit Schinkelhaven en met erfpachters en grondeigenaren. Voor deelgebieden Nieuwe Meer Oost en West hebben we met ondernemers en omwonenden geparticipeerd over een kansenkaart voor dit gebied. In de volgende alinea’s volgt een uit­gebreidere uiteenzetting van de bijeenkom­ sten en gesprekken die hebben plaatsgevonden. In 2018 zijn we gestart met een participatie­ proces op individuele basis en hebben we kennismakingsbezoeken gebracht aan tiental­ len ondernemers, ontwikkelaars en beleggers. Ook met de vereniging Woonschepen Zuid is vanaf 2018 regelmatig overleg geweest. Tijdens deze één-op-één gesprekken bespraken we de bestaande situatie, de knelpunten in het gebied en hun wensen en plannen voor de toekomst.

Planoverleg Nieuwe Meer Oost Omdat twee erfpachters van grote kavels herontwikkelingsplannen voor hun gebouwen en terrein hebben in een groot deel van Nieuwe Meer Oost, zijn met deze twee partijen vooruitlopend op het vaststellen van de projectnota in overleg stedenbouwkundige studies uitgevoerd. Deze studies zijn als input meegenomen in het stedenbouwkundige kader van de projectnota.

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Planoverleg De Plantijn

Informatiebijeenkomsten

Met drie van de vier partijen die erfpachter en belangrijke en toonaangevende instanties in het medisch- en zorgcluster De Plantijn zijn, hebben we gesprekken gevoerd over hun toekomstplannen. De vier partijen werken aan een toekomstvisie met de projectnota als uitgangspunt. We gaan daarbij in op hun onderlinge samenhang wat betreft functies, gebruik, terreininrichting en fasering op raakvlakken met het verkeer en de openbare ruimte rondom De Plantijn. We zetten deze gesprekken individueel en gezamenlijk voort.

Tussentijds is de stand van zaken van de planontwikkeling besproken tijdens verschillen­ de bijeenkomsten. • ondernemersbijeenkomst Schinkelhaven, maart 2019 • stakeholder informatiemiddag, september 2019 • ondernemers van Schinkelhaven (Wicked Grounds, december 2019, 60 deelnemers) • eigenaren, investeerders en ontwikkelaars (B. Amsterdam, december 2019, 30 deelnemers) • bewoners van de woonschepen in de Schinkel (Hotel Jansen, januari 2020, 50 deelnemers) • bewoners van het Spijtellaantje en de Generaal Vetterstraat (Wicked Grounds, februari 2020, 25 deelnemers) • bewoners van de woonbuurt Park Haagseweg (Broedplaats Radion, februari 2020, 50 deelnemers) • BIZ Rieker Business Park (Artemis Hotel, maart 2020, 20 deelnemers) • BIZ Schinkelhaven (in oprichting) (Atelier, september 2020) • Bewoners van de Generaal Vetterstraat, Spijtellaantje en woonbootbewoners en belangenvereniging Nieuwe Meer/ Oeverlanden (digitaal, najaar 2020 en 2021).

Vereniging Woonschepen Zuid Ook zijn we in 2018 een overleg gestart met de Vereniging Woonschepen Zuid over het onderzoek naar nieuwe verbindingen. In dat onderzoek zijn vier alternatieven onderzocht, alle met een nieuwe oeververbinding over de Schinkel. Deze verbinding heeft veel impact. Waarschijnlijk moeten drie woonschepen worden verplaatst en anderen krijgen te maken met meer hinder. Tijdens de overleggen is het onderzoek kritisch gevolgd. Ook zijn de belangen van de bewoners en de gevolgen van een nieuwe brug aan de orde gekomen. Bijvoorbeeld het beperken van (geluids) over­last tijdens de bouw, het gebruik van materialen die geluidsoverlast tijdens het gebruik beperken, het gebruik van de brug, een goede landschappelijke inpassing in relatie tot het groen bij de woonschepen, de verwer­ ving of verplaatsing van de woonschepen door de gemeente die niet kunnen blijven met de komst van de nieuwe brug en duidelijkheid over schadeloosstelling door de gemeente. We nemen deze zaken serieus mee in onze plannen voor de brug.

Co-creatieproces innovatiedistrict Nieuwe Meer Oost en West Er hebben meerdere sessies met de onder­ nemers, gebruikers en met een aantal bewo­ ners van Nieuw Sloten over de ontwikkeling van een innovatiedistrict plaatsgevonden. Hier is eind 2018 een co-creatieproces gestart, waarin wensen en ideeën zijn verzameld en vertaald naar een ruimtelijke kansenkaart. Deze kaart vormt een belangrijke bouwsteen voor het stedenbouwkundig kader, waarin de meeste onder­delen van de kansenkaart een plek hebben gevonden.

Een belangrijke uitkomst van deze ronde is de vrees bij huurders van bedrijfspanden dat zij straks gedwongen worden te vertrekken. Een ander belangrijk punt is dat in het concept stedenbouwkundig kader in sommige gevallen

nog onvoldoende rekening was gehouden met bestaande erfgrenzen en ontwikkelplannen. Om dat te herstellen zijn met een aantal partijen vervolggesprekken gehouden, waarin het plan kritisch is gescreend en aangepast. Ook zijn er tegengestelde belangen op tafel gekomen. Hoewel een aantal bewoners en ondernemers de urgentie van een doorgaande fietsroute en een brug begrijpt, heeft de komst van een brug over de Schinkel gevolgen voor de bewoners van een aantal woonschepen. Bewoners van de Generaal Vetterstraat en het Spijtellaantje hebben op hun beurt vragen over de toenemende drukte door de mogelijke komst van een basisschool en de aanpak van het Aalsmeerplein. Er zijn verschillende onderwerpen waarover de bewoners graag willen meepraten, zoals de brug, de school, het groen en het fietspad. Ook zijn afspraken gemaakt waarover en hoe zij in de volgende fase betrokken worden bij de plannen.

Naamgevingsoverleg Naast bijeenkomsten over het stedenbouw­ kundig kader is er overleg met stakeholders over de naamgeving van de deelgebieden geweest. Hun inbreng is doorslaggevend bij de keuze van de namen geweest. De stakeholders zijn gevraagd om in de toekomst mee te denken over op welke wijze we Schinkelkwartier als geheel en de verschillende deelgebieden het beste op de kaart kunnen zetten.

8.3 Inspraak projectnota: fase 2 Na de vrijgave van de concept projectnota is de inspraakperiode van zes weken gestart. Hiervoor is een digitale informatiebijeenkomst georganiseerd voor geïnteresseerden uit Schinkelkwartier en omliggende buurten. Tijdens een online informatiebijeenkomst zijn de plannen gepresenteerd met behulp van ondersteunend beeldmateriaal. In verband met de avondklok is de digitale bijeenkomst van te voren opgenomen. Vragen stellen en reacties geven tijdens de bijeenkomst was om die reden

niet mogelijk, maar wel ervoor en erna. Ook zijn er gedurende inspraakperiode telefonische spreekuren geweest om vragen te stellen en verduidelijking te geven waar nodig. Alle vragen zijn verzameld en staan in een overzicht met vragen en antwoorden op de project­ website. Ook is een zestal korte films gemaakt die de plannen uit de projectnota toegankelijk en beknopt in beeld brengen. Via een online formulier was het mogelijk een formele inspraakreactie op het plan te geven.

131

132

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Maquette

Bij de projectnota hebben we ons nog vooral gericht op het legitimeren van ambities en doelstellingen. In de volgende fase van de investeringsnota’s gaan we een stap verder: we gaan in dialoog met belanghebbenden om inzichtelijk te maken waar de belangen, de ideeën, zorgen en de kansen voor het deel­ gebied liggen. We beschouwen dit tevens als het vergroten van de ruimte voor stakeholders om mee te doen. We maken hierbij een gedegen afweging tussen het algemeen belang en de verschillende belangen van stakeholders. Belangrijk is dat we bij de uiteindelijke voorstellen in de investerings­ nota’s goed inzichtelijk maken waar de voor­ stellen afwijken van de ingebrachte input en een heldere terugkoppeling geven aan de participanten.

Schinkelkwartier. Bron: Made by Mistake maquettebouw.

De inspraakperiode en de informatiemogelijk­ heden zijn vooraf breed gecommuniceerd, via zowel off- als online kanalen. In een Nota van beantwoording en wijzigingen zijn de

inspraakreacties vervolgens verzameld en beantwoord. Daarin zijn ook de wijzigingen in de projectnota opgenomen ten opzichte van de concept projectnota.

8.4 Consultatie, participatie en communicatie in fase 3 en 4 Bij een grote gebiedsontwikkeling als Schinkelkwartier moet blijvend worden gecom­ municeerd, zowel met de huidige ondernemers, bewoners en omwonenden als met externe partijen. En betrekken we stakeholders bij de Fase 1 Verkenning

Fase 2 Haalbaarheid principenota principebesluit

planvorming. Na vaststelling van de project­ nota volgt fase 3. Deze fase bestaat uit het maken van de investeringsnota’s per deelge­ bied. We hebben in totaal zes deelgebieden.

Fase 3 Ontwerp projectnota projectbesluit

In deze planfase wordt het stedenbouwkundig plan opgesteld met hierin de richtlijnen voor de ontwikkeling van de bebouwing, schetsmatige inrichting van de openbare ruimte en het programma van wonen, werken en voorzienin­ gen. Bij deze fase hoort ook het opstellen van

Fase 4 Uitvoering investeringsnota investeringsbesluit

diverse besluiten

de grondexploitatie als het financiële kader. In deze fase worden nog geen concrete ontwer­ pen gemaakt voor de inrichting van de open­ bare ruimte; dat gebeurt conform het Plaberum in fase 4.1

1 Omdat we in de ontwikkelstrategie in de projectnota hebben gekozen voor het parallel laten lopen van de gemeentelijke planvorming en het faciliteren van particuliere initiatieven, worden er wel al bouwenveloppen voor individuele kavels opgesteld vooruitlopend op het investeringsbesluit.

We hebben in deze fase nog steeds te maken met een hoog schaalniveau met complexe opgaven waarin veel facetten gewogen moeten worden zoals beleid, maatschappelijke vraag­ stukken, wettelijke eisen en financiën. Zo moeten bijvoorbeeld grote maatschappelijke belangen worden afgewogen tegen privé belangen en de financiële onderbouwing worden doorgerekend om de plannen tot uitvoering te laten komen. Om deze redenen zien we in deze fase vooral ruimte voor infor­ meren, legitimeren en meedenken, terwijl we meedoen en co-creatie alleen doen waar dat mogelijk is.

Aandacht voor specifieke thema’s Schinkelhaven, De Plantijn en Nieuwe Meer Oost zijn de eerste deelgebieden waarvoor we een investeringsnota opstellen en waar een verdiepingsslag gemaakt wordt met de participatie. Naast algemene sessies om belangen, kansen en zorgen op te halen bij stakeholders speelt er een aantal inhoudelijke thema’s waarover we graag op een wat dieper niveau van gedachten willen wisselen met de betrokken stakeholders. Uit onder meer de ingediende inspraakreacties en vragen die we hebben ontvangen tijdens de digitale bijeen­ komst over de projectnota Schinkelkwartier, hebben we aantal inhoude­lijke thema’s kunnen inventariseren zoals (fiets)infrastructuur en mobiliteit, richtlijnen voor een park, groen, programma, duurzaamheid, richtlijnen voor Aalsmeerplein en de identiteit van het makers­ district. We zullen stakeholders uitnodigen voor de themabijeenkomsten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13652695/1