A - 25 Onderwijs (20) Bijlage 4 Achtergrondapport G4 voorstel tegen kansenon
Tekst van het document
G4 31 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
1)
Rotterdam (‘De bedreigde stad); Den Haag (‘De stille stad’).
3)
Van Evert Verhulp en Paul de Beer.
Figuur 9 Uitsnede factorenmodel domein werk en inkomen OMGEVING
INSTITUTIES
Huishouden / achtergrond
Werk & Inkomen
3 Toereikende financiële situatie 3 Volwaardig werken en werkzekerheid
Buurt 3 Aanwezigheid positieve rolmodellen 3 Afwezigheid negatieve rolmodellen
Systemen Informele gedragsregels (formele regels en wetten) (impliciete afspraken) 3 Arbeidscontracten (flex/zzp/vast) 3 Sollicitatieprocedures en kanalen, toegankelijkheid vacatures
3 (Onbewuste) discriminatie op de arbeidsmarkt 3 Dominante (witte) organisatiecultuur
De commissie regulering van werk/Borstlap (2020) stelt
20 jaar geleden3 . Dit geldt vooral voor de oudere (55+)
verlening neemt het werkaanbod momenteel toe. Het Rijk
dat het Nederlands economisch verdienmodel in het ge-
beroepsbevolking en de lageropgeleiden. Zij zijn
kan burgers stimuleren tot (om)scholing en persoonlijke
ding is; er zijn té grote verschillen in bescherming en toe-
momenteel niet optimaal toegerust om deel te nemen
ontwikkeling door ze een (regionaal) ontwikkelfonds aan
rusting van verschillende categorieën werkenden. Het is
aan de snel veranderende arbeidsmarkt. De opleidings-
te bieden. Dit maakt het makkelijker om tijdens snel in
daarom van belang dat er meer (sociale) zekerheid komt
budgetten van werkgevers komen bovengemiddeld vaak
een andere beroepssector aan het werk te gaan en om
voor schijnzelfstandigen en flexibele werknemers. Bijvoor-
ten goede aan hogeropgeleiden en vooral aan diegenen
werkcompetenties een leven lang te blijven versterken.
beeld, door beperking van het gebruik van flexibele con-
met een vast contract. Zogenoemde ‘kennisveroudering’
tractvormen, en een verplichte bijdrage van werkgevers
is een urgent probleem, zeker nu tijdens de huidige
Dekker toont zich groot voorstander van een dergelijk
aan werknemerslasten van (schijn)zelfstandigen.
COVID-19 crisis het werkloosheidscijfer onder
‘rugzakje’ voor íedere Nederlander: “Wanneer de
laagopgeleiden snel dreigt op te lopen.
overheid Nederlanders een basisdekking geeft, idealiter
> Leven lang ontwikkelen
al vanaf de geboorte, bijvoorbeeld gekoppeld aan
De toenemende inzet van technologie en de hoge
De verwachte werkloosheid kan mogelijk deels voor-
verwachtingen van werkgevers met betrekking tot de
komen worden door in te springen op de huidige ver-
competenties van hun werknemers zorgen voor een
schuiving in werkgelegenheid: in de cruciale en
arbeidsmarkt die onzekerder en veeleisender is dan
vitale beroepen zoals zorg, onderwijs en online dienst-
G4 32 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
3)
Zie ook: ‘Het betere werk’ WRR (2020).
Kader 6 Discriminatie als overkoepelende ‘systeemfactor’
het BSN-nummer van mensen, dan zijn ze wendbaarder
Uit het recente rapport ‘Ervaren discriminatie in Nederland II’ (2020) van het Sociaal en Cultureel Planbureau
en weerbaarder wanneer de economie daarom vraagt.
(SCP), blijkt dat 27% van de Nederlandse bevolking discriminatie ervaart. Dit aantal is vergelijkbaar met vijf
In deze rugzak sparen mensen ook zelf preventief (en
jaar geleden. Mensen met een migratieachtergrond, moslims, jongeren, LHBTI’ers en mensen met een
verplicht) mee voor mogelijke magere jaren in de
beperking ervaren relatief veel discriminatie. Wetenschappelijk onderzoek toonde het laatste decennia
toekomst,” aldus Dekker.
steevast aan dat discriminatie op de werkvloer, met name op grond van afkomst, veelvuldig voorkomt. Gregor Walz licht toe: “We weten inmiddels dat verschillen in arbeidsmarktpositie niet alleen door achter-
Uit nationaal economisch onderzoek (2018) blijkt dat
grondkenmerken zoals SES verklaard worden. Dit komt óók door een ongelijke behandeling van (migratie)
het toekennen van een scholingsfonds leidt tot een
groepen bij sollicitatieprocedures, of door geen contractverlening vanwege (bijvoorbeeld) zwangerschap”.
toename van de gemiddelde jaarinkomens, meer werkgelegenheid en veelal tot een daling van de
Dergelijke discriminatie kan er toe leiden dat mensen worden uitgesloten van de arbeidsmarkt, dat ze
inkomensongelijkheid onder gebruikers. De totale
geen loonsverhoging krijgen, dat ze werken onder hun niveau of dat ze zich niet veilig voelen op hun werk.
opbrengsten4 voor de overheid zijn op lange termijn
Dit zorgt vaak voor minder goede prestaties, ziekmeldingen, stress en uitval.
positief. Het scholingsfonds dient ook een preventieve functie: doordat mensen hun menselijk kapitaal een
Er wordt momenteel zowel landelijk als op gemeentelijk niveau gericht actie ondernomen om toezicht te
leven lang blijven ontwikkelen, vallen ze minder vaak
houden en te handhaven op arbeidsmarktdiscriminatie. Ook wordt maatschappelijke kennis en bewustwor-
terug op een uitkering.
ding op dit gebied langzaamaan groter en is er inmiddels aandacht voor gender- en leeftijdsdiscriminatie. Goede ontwikkelingen volgens Walz, maar daarnaast is het volgens hem van belang om discriminatie op andere levensgebieden niet uit het oog te verliezen.
> Moeten we participeren nog leren?
De mogelijkheden om met behulp van re-integratiebudgetten mensen met minder kansen op de arbeids-
“Uit het SCP onderzoek valt op dat ervaren discriminatie in het onderwijs toeneemt. Vooral LHBTI jongeren
markt een zetje in de rug te geven zijn in de afgelopen
voelen zich in Nederland nog vaak gediscrimineerd. Daarnaast kunnen nog niet alle kinderen met een beper-
decennia sterk verminderd. Voorafgaand aan de
king een (inclusieve) school vinden. En discriminatie op de stagemarkt komt –net als op de arbeidsmarkt- veel-
invoering van de Participatiewet (2015) is sterk bezuinigd
vuldig voor,” aldus Walz.
op re-integratiebudgetten van UWV en gemeenten.
Ook op de woningmarkt wordt discriminatie aan de hand van zogenoemde praktijktests steeds vaker aangetoond. Het blijkt voor kandidaat-huurders met een migratieachtergrond lastiger om een woning te vinden dan voor andere huurders. Een mogelijke oplossing hiervoor is het invoeren van een verhuurvergunning, waarmee verhuurders die discrimineren van de woningmarkt geweerd kunnen worden. G4 33 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
Deze hangen af van de opname van rechten en de rendementen; zie onderzoek SEO ‘Leerrechten doorgerekend’.
4) )
“Dit had tot gevolg dat de werklozen met de meeste
Kinderen die opgroeien in dergelijke gezinnen
“Verkeerde beslissingen kunnen leiden tot financiële
kansen opnieuw aan het werk geholpen werden, maar
ervaren aan armoede gerelateerde chronische stress.
problemen die weer een verhoging van stress tot gevolg
dat de groep met de meeste afstand tot de arbeidsmarkt
Ze groeien op in een weinig stabiele thuissituatie, in een
hebben. Goed ontwikkelde levensfuncties helpen
niet bereikt werd door gemeenten. Door deze wet- en
onveilige buurt, hebben weinig contact met steunende
mensen om vooruit te kijken, en uiteindelijk uit de kluwen
regelgeving is het voor hen alleen maar lastiger geworden
volwassenen en hebben moeite om mee te komen op
van problemen te komen. Op lange termijn is dit zeker zo
om werk te vinden,” aldus Dekker.
school. Recent onderzoek van de Harvard Universiteit
belangrijk voor de zelfredzaamheid van een individu als
toont aan dat chronische stress leidt tot het minder goed
de meer basale vaardigheden zoals lezen en rekenen,”
De eindevaluatie van de Participatiewet (2019)5 leert ons
ontwikkelen van doelgericht handelen; ook wel het
aldus Jungmann.
dat méér nodig is om te zorgen dat werkgevers meer
executief functioneren genoemd.
langdurig werklozen en mensen met een arbeidsbeper-
> Integrale armoedebestrijding in de praktijk: Schuldenlab070
king in dienst nemen dan nu het geval is. Het verhogen
Nadja Jungmann legt uit: “Executieve functies zijn
van het participatiebudget en een aanpassing7 van de
cognitieve levensfuncties; ze stellen ons in staat om
regels van de Participatiewet kunnen hierbij helpen.
vooruit te plannen, aandacht uit te oefenen en onze
en een onderontwikkeld vermogen om beslissingen te
Daarnaast is bij het helpen re-integreren van mensen
doelen te bereiken. Wanneer onze levensfuncties niet
nemen hebben een directe (negatieve) invloed op de
met een afstand tot de arbeidsmarkt een integrale
optimaal ontwikkeld zijn, of tijdelijk worden ‘gepauzeerd’
gezondheid en levensverwachting van Nederlanders die
aanpak van belang: zij hebben vaker gezondheids-
door langdurige stress dan is het ontzettend lastig om
leven in armoede. Er dient bij daarom bij armoedebestrij-
problemen dan mensen met een baan.
verder vooruit te kijken dan de waan van de dag”.
ding niet alleen aandacht voor de welvaart van mensen te
Volgens Jungmann is het juist het doelgericht handelen
zijn, maar ook voor het welzijn.
> Levensfuncties
Chronische stress, ziekte, een verminderd levensgeluk
wat mensen in staat stelt om (bijvoorbeeld) hun opleiding
Armoede is een belangrijke oorzaak van de inter-
af te maken, of om financieel vooruit te plannen zodat
generationele overdracht van kansenongelijkheid. In
schulden worden voorkomen.
Nederland zijn er 600.000 gezinnen die leven onder de armoedegrens. Het is een belangrijke taak van de
Om armoede effectief te bestrijden moet daarom in
overheid om bij te dragen aan de bestaanszekerheid van
eerste instantie gewerkt worden aan het executief
burgers, zeker wanneer zij tijdelijk of voor langere tijd
functioneren van ouder en kind. Dit kan alleen wanneer
niet zelf in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Het is
de chronische stress rondom het gezin minder wordt
daarom van belang om de bestaanszekerheid van deze
en er ook aandacht is voor positieve en hechte relaties
minima op verschillende manieren te vergroten7.
tussen de gezinsleden.
G4 34 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
oor het CPB. D Om flexibel inkomen beter te kunnen verrekenen en beperkt met een uitkering bij te mogen verdienen. 7) In de propositie worden de volgende aanpassingen voorgesteld: een voorspelbaar toeslagensysteem, een verhoging van het sociaal minimum en wet minimum loon; inclusief koppeling, een verruiming van de Wet Structuur Uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen. 5) 6)
Kader 7 Weten wat werkt: Schuldenlab 070
De gemeente Den Haag wil de vicieuze cirkel van het
Schulden de stad uit. Dat is de missie van Schuldenlab070, een netwerkorganisatie met zowel lokale als
leven in armoede doorbreken en heeft het RIVM mid-
landelijke partners. Binnen Schuldenlab070 is ruimte voor innovaties werkwijzen op het gebied van schulden,
dels een verkenning (2019) input gevraagd voor het
zowel preventief als curatief. Daarmee zorgt Schuldenlab070 voor een breder netwerk rondom het thema
versterken van het beleid op het gebied van integrale
schulden en zet ze in op een hoger bereik en het beter helpen van mensen die binnen het huidige systeem
armoedebestrijding. Het RIVM raadt een integrale aanpak
niet geholpen kunnen worden.
aan voor mensen die leven in armoede, welke zowel hun financiële stabiliteit als hun beslisvaardigheden verbetert.
Een voorbeeld daarvan is het Jongeren Perspectief Fonds (JPF) waarbij niet de schuld, maar het toekomst-
Een dergelijke aanpak zorgt ervoor dat de chronische
perspectief van jongeren centraal staat. Programmamanager Inge Luttikhuizen legt uit: “Bij deelname aan
stress afneemt, wat een direct positief effect heeft op de
JPF halen we eerste de schuldenstress weg door een snel saneringskrediet en wordt daarna, aan de hand van
gezondheid. En aangezien door een verbetering van de
het perspectiefplan op maat, de leef- en woonsituatie van de jongere verbeterd. Met concrete doelen om aan
beslisvaardigheden ook de leefstijl van deze stedelingen
te werken, zoals het volgen van een opleiding”.
verbetert, neemt de kans dat ze ziek worden af. Als onderdeel van een integrale aanpak armoede-
“Het is bijzonder om te zien dat jongeren die geen perspectief meer hebben, uit de negatieve spiraal
bestrijding wordt in Den Haag geëxperimenteerd met
komen. Zij raken niet alleen schuldenvrij, maar gaan ook weer een opleiding volgen of komen aan een baan.
innovatieve werkwijzen. Bijvoorbeeld op het gebied van
Ze hebben weer perspectief. Al onze innovaties hebben als belangrijk uitgangspunt dat we mensen nieuw
integrale schuldhulpverlening, waarbij naast schulden
en goed perspectief willen bieden”.
ook problemen op andere levensgebieden worden aangepakt. Schuldenlab 070 demonstreert dat deze aanpak,
Een ander project binnen Schuldenlab070 is het Sociaal Hospitaal waarbij het draait om een integrale
dankzij de samenwerking tussen gemeente, maatschap-
aanpak voor gezinnen met meerdere problemen. Naast een plan van aanpak om uit de (financiële)
pelijke organisaties en schuldeisers, werkt en krijgt dan
problemen te komen, wordt zorg en ondersteuning op maat geboden. Hierbij gaat het om relatief simpele
ook landelijk navolging (Kader 7).
oplossingen die mensen echt verder helpen, maar die wel een bureaucratische doorbraak vergen. Schuldenlab070 werkt en daarom is de Haagse aanpak opgeschaald naar SchuldenlabNL (d.d. november 2018). Inmiddels hebben 38 gemeenten aangegeven dat zij geïnteresseerd zijn in de projecten van SchuldenlabNL. Hiermee wordt de kennisoverdracht tussen gemeenten vergroot en zorgen we met elkaar voor borging van deze practice based aanpak.
G4 35 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
G4 36 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
HOOFDSTUK 5
Kansenongelijkheid op het gebied van wonen Wonen in de grote stad is voor veel verschillende
net afgestuurde starters zonder een vast contract
Het G4 factorenmodel1 geeft inzicht in de belangrijkste
mensen aantrekkelijk: van zelfstandige jongeren die een
en/of een flink eigen vermogen zijn bijvoorbeeld
factoren die op omgeving- en institutieniveau leiden tot
eigen ontwikkelruimte nodig hebben, tot onafhankelijke
momenteel nog steeds aangewezen op het té dure en
kansenongelijkheid op het gebied van wonen (Figuur 11).
ouderen die voldoende toegang tot sociaal contact
té krappe middensegment.
willen behouden. Kortom, er is sprake van krapte op de woningmarkt en
> Vechten voor je plek?
Er zijn een aantal grootstedelijke trends die zorgen voor
Echter, de prijzen van de grootstedelijke huurwoningen
te hoge woonlasten. Het aandeel sociale huurwoningen
de huidige krapte op de woningmarkt. Zo is de stad een
zijn de afgelopen 10 jaar fors gestegen; in Amsterdam
in de totale woningmarkt is hoger in de G4 (38%) dan
steeds populairdere woonbestemming geworden en is
met maar liefst 22%. De particuliere huurmarkt is
in Nederland (30%); zie ook figuur 10. Daarnaast is er
het aantal sociale huurwoningen de laatste jaren door
hierdoor ontoegankelijker geworden voor de lage-
in grootstedelijke wijken waar veel sociale huurwoningen
sloop en renovaties fors afgenomen. Ook worden veel
en middeninkomensklassen. Door de lage rente en
staan, een concentratie van stedelingen met een (zeer)
woningen tegenwoordig als investeringsobjecten opge-
de hypotheekrenteaftrek zou kopen, ondanks de
lage SES ontstaan. De leefbaarheid, vooral betreffende
kocht door particuliere beleggers, waardoor stedelingen
huidige hoge huizenprijzen, een goed alternatief kunnen
van ervaren veiligheid en overlast, gaat in deze wijken
vaker te maken krijgen met uitsluiting op de woningmarkt
zijn voor het huren in de vrije sector. Alleen hebben veel
achteruit.
en te hoge woonlasten.
Door de voorziene economische recessie, ten gevolge
Het marktgericht woonbeleid versterkt de toenemende
van de COVID-19 crisis, zullen deze problemen ver-
druk op de woningvoorraden voor lage- en midden-
ergeren en uiteindelijk leiden tot steeds meer kansen-
inkomens. De door het Rijk verplicht gestelde verhuurder-
ongelijkheid. De vraag naar goedkope woningen zal
heffing belemmert woningcorporaties en particuliere
verder groeien, terwijl de bouw van deze woningen
verhuurders meer sociale woningbouw op de markt te
naar verwachting terug zal vallen. Niet alleen dreigt de
brengen. Ook mogen woningcorporaties slechts 10% van
stedelingen geen toegang tot deze markt:
Figuur 10 Aandeel sociale huur van totale woningaanbod NL vs. G4
stad dan haar woonallure te verliezen voor de lagere inkomensgroepen en jongeren, ook zijn er negatieve indirecte lange termijneffecten te verwachten betreffende van gezondheid, onderwijs en werk voor de huidige stadsbewoners.
G4 37 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
1)
Zie hoofdstuk 1.
2)
Van Evert Verhulp en Paul de Beer.
Figuur 11 Uitsnede factorenmodel domein wonen OMGEVING
INSTITUTIES
Huishouden / achtergrond 3 Passende woonsituatie (sociaal en vrije sector) 3 Kwaliteit van woonsituatie Wonen
Buurt 3 Gemêleerde buurt (herkomst, opleidingsniveau en woonvormen)
Systemen Informele gedragsregels (formele regels en wetten) (impliciete afspraken) 3 Sociale woningbouw en vrije sector 3 Wacthlijst en plaatsingmethodiek 3 Vermogensongelijkheid tussen kopers en huurders
3 (Onbewuste) discriminatie op de woningmarkt 3 Dominante wijkcultuur
> Wat is een goede plek?
hun woningen in de vrije sector ontwikkelen, terwijl zij
Er zijn structurele hervormingen3, zoals het anders inrich-
juist één van de weinige partijen zijn die woningen voor
ten van de verhuurdersheffing, nodig om de (sociale)
middeninkomens kunnen realiseren.
huurwoningmarkt weer toegankelijk te maken. Maarten
tussen stedelingen die in lage SES wijken wonen en
van Ham ziet daarnaast een mogelijke oplossing in het
stedelingen uit hoge SES wijken. In lage SES wijken
De huidige ontwikkelingen kunnen volgens Godfried
ontwikkelen van collectieve eigendomsvormen, zeker
wonen mensen die relatief vaak gezondheidsproblemen
Engbersen leiden tot polarisatie: grote steden die in de
nu tijdens de COVID-19 crisis eenzaamheid een actueel
hebben, die laagopgeleid zijn en die vaak onder de
toekomst slechts nog door toeristen, (zeer) lage SES- en
maatschappelijk probleem wordt:
armoedegrens leven. Dergelijke individuele kwetsbaarheid kan worden versterkt (of verminderd!) door de wijk
(zeer) hoge SES inwoners bewoond worden. “In Denemarken en Zweden zijn mooie voorbeelden van “Er ontstaat bij uitstek een kloof tussen arm en rijk
bouwgroepen, zogenoemde coöps, te vinden. Bij der-
wanneer middeninkomens niet langer een huis in de stad
gelijke huizen koop je een aandeel in een woongebouw
weten te vinden. Een zekere mate van gemend wonen kan
en daarmee heb je het recht om in een appartement te
op lange termijn zorgen voor een veilige en aantrekkelijke
wonen. Een woningcorporatie zorgt voor het onderhoud.
stad voor iedereen”.
Dit trekt ook lagere inkomensgroepen naar de koopmarkt, en je ziet vaak mooie gemeenschappelijke buurtinitiatieven ontstaan”.
G4 38 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
Er is gemiddeld 6 jaar verschil in levensverwachting
waarin iemand woont. Hierbij spelen fysieke en sociale
Vanuit de propositie worden de volgende andere aanpassingen voorgesteld: het aandeel van de WOZ waarde voor de bepaling van de maximum huurprijs te maximeren op ¼, de liberalisatiegrens te verhogen, de markttoets voor corporaties te vereenvoudigen of af te schaffen, de mogelijkheid te geven voor zelfbewoningsplicht van bestaande koopwoningen, het Rijk te vragen om ook na de woningbouwimpuls financieel bij te blijven dragen en duidelijkheid te creëren rond Rijksinvesteringen om woningbouw te stimuleren.
3)
> Het indirecte wijkeffect
ringen in de leefbaarheid tussen grootstedelijke wijken
Hoewel wetenschappelijk onderzoek steevast aantoont
te bewerkstelligen, is volgens wetenschappers vooral
gen, de mate van sociale cohesie en de voorzieningen-
dat individuele verschillen in vaardigheden, hulpbronnen
het sturen op kwaliteit van woningen, voorzieningen en
infrastructuur. Frank van Lente licht toe: “Bewoners van
en achtergrond in eerste instantie belangrijker dan zijn de
openbare ruimte nodig.
minder welvarende buurten leven vaak in ongunstiger
wijk waarin iemand woont, blijkt ook dat wijksamenstel-
buurtomstandigheden. Deze wijken liggen bijvoorbeeld
ling via een omweg de kansen van opgroeiende kinderen
“Investeren in kwalitatief goede, duurzame woningen
vaker langs snelwegen, waardoor luchtvervuiling de
wel degelijk kan beïnvloeden.
voor mensen in de minst welvarende buurten is belangrijk
factoren een belangrijke rol, zoals de veiligheid, schone lucht, de hoeveelheid en kwaliteit van groenvoorzienin-
voor het terugdringen van gezondheidsverschillen. Ook
gezondheid van bewoners schaadt. Uit recent onderzoek blijkt dat ook verschillen in voedselomgeving een rol
Ruimtelijke segregatie leidt vaak tot basisschoolsegrega-
trekt dit mensen met een middeninkomen aan. Samen
spelen bij het verklaren van gezondheidsverschillen. Het
tie, omdat kinderen in hun eigen wijk naar school gaan
kunnen deze mensen op hun beurt weer iets voor de
aantal fastfoodwinkels nam sneller toe in minder welva-
en met alle nadelige gevolgen van dien. Ook blijkt uit
wijk betekenen. En zo kunnen kinderen uit verschillende
rende buurten dan in meer welvarende buurten”.
kwalitatief onderzoek dat wijken waar bewoners niet of
inkomensgroepen samen sporten en samen naar school,”
weinig participeren op de arbeidsmarkt voor een negatief
aldus van Lenthe.
4
De sterke geografische clustering van ongezond gedrag
socialisatie-effect kunnen zorgen. Buurtbewoners onder-
in buurten met een lager gemiddeld inkomen, betekent
vinden nadeel van een buurtstigma, van een gebrek aan
dat een gebiedsgerichte aanpak van ongezond gedrag
nuttige sociale netwerken, of van de afwezigheid van
potentieel effectief kan zijn.
voorzieningen.
> Mengen dan maar?
Gemengde wijken waarin zowel Nederlanders uit lageinkomensklassen als uit hoge-inkomensklassen bij elkaar wonen zorgen voor positieve intergenerationele effecten.
“Het aanpakken van de omgevingsoorzaken die roken,
“Dit effect is het grootst bij kinderen; hun aspiraties
Maarten van Ham licht toe: “Internationaal onderzoek
lichamelijke inactiviteit en overgewicht veroorzaken zijn
om ‘hogerop’ te komen zijn een stuk minder wanneer
toont aan: wanneer kinderen voor hun 12e levensjaar van-
vooral interessant; zo kan iedereen uiteindelijk vanuit
zij in een achterstandswijk opgroeien in vergelijking
uit een lage SES buurt verhuizen naar een hoge SES buurt
vergelijkbare omstandigheden de gezonde keuze maken”
met de ambities van kinderen die wonen in een
dan verdienen ze later 31% meer dan leeftijdsgenoten die
aldus van Lenthe.
betere wijk,” aldus Engbersen.
in een lage SES buurt bleven wonen”.
Juist doordat kinderen er samen naar school gaan, er samen buiten spelen en er samen naar de (wijk)voetbalclub gaan, kan de wijk een belangrijke plek zijn waar kinderen oefenen met sociale netwerken. Om structurele verande-
G4 39 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
Zie H3 Kansenongelijkheid op het gebied van onderwijs.
4)
Dat gemengde wijken op lange termijn bijdragen aan
“Het is van belang om de kortetermijneffecten te
opwaartse mobiliteit voor Nederlanders met een lage
mitigeren door huishoudens die gedwongen moeten
SES komt vooral door een betere schoolomgeving voor
verhuizen goed te begeleiden naar een nieuwe wijk.
hun kinderen, door het zogenoemde peer group
En daarnaast door te investeren in de bestaanszekerheid
effect en doordat men in aanraking komt met positieve
van lage-inkomensgroepen én door doelgericht te streven
rolmodellen.
naar het mengen van scholen. Alleen dan kan de vicieuze cirkel van segregatie in de toekomst worden voorkomen,”
Van Ham licht toe: “Iemands gedrag kan ten goede
aldus van Ham.
worden beïnvloed door positief gedrag van mensen in zijn nabije omgeving. Het duurt alleen wel even voordat kwetsbare groepen profiteren van een gemêleerde woonomgeving”.
> Gemengd wonen in de praktijk: Veelzijdig Wonen
De Gemeente Utrecht werkt al tien jaar vanuit een kansengerichte strategie aan een sociale aanpak in de wijk Over-
Engbersen en van Ham tonen zich beiden voorstander
vecht. Integraal en optimistisch wordt er aan de toekomst
van ‘begrensd mengen’, wat vooral op de lange termijn
van de wijk gewerkt. Veelzijdig Wonen illustreert hoe een
een positief effect heeft. Op korte termijn blijkt het
prettige woonomgeving gecreëerd kan worden waarin
mengen van wijken juist meer stress en psychische
ook aandacht is voor de sociale en economische behoef-
problemen bij lage SES buurtbewoners tot gevolg te
ten van haar bewoners (Kader 8).
5
hebben. Dit komt vooral doordat ze stress en soms zelfs psychische problemen ervaren door zichzelf te vergelijken met anderen die het beter hebben. Ook kunnen er vlak na het mengen conflicten tussen buurtbewoners uit verschillende inkomensgroepen ontstaan. Zomaar oude sociale huurwoningen afbreken en er nieuwe huizen voor middeninkomens voor terug plaatsen is dus niet zaligmakend. Na minimaal 1 generatie.
5)
G4 40 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
Kader 8 Weten wat werkt: Veelzijdig Wonen
Als onderdeel van de wijkaanpak Samen voor Overvecht is in de gemeente Utrecht in 2020 het Veelzijdig Wonen project van start gegaan. Op basis van onderzoek van de Hogeschool Utrecht is een aanpak ontwikkeld die op termijn een prettige woonbuurt beoogt te creëren waarin sociale cohesie, veiligheid, netheid en rust in de wijk hoog in het vaandel staan. Bij Veelzijdig wonen, wonen zogenoemde ‘vragende’ en ‘dragende’ bewoners samen in één flat. Bewoners zijn onderling betrokken bij het wel en wee van medeflatbewoners. Dit gebeurt onder begeleiding van een professional (flatcoach) die de bewoners met elkaar verbindt op basis van wederkerigheid. Zo kan een werkloze tuinman aan de slag bij een oudere flatbewoner met een verwaarloosd tuintje. De professionals werken methodisch volgens practice en evidence based inzichten. Bij Veelzijdig wonen zijn er korte lijnen tussen de zorgpartijen die verantwoordelijk zijn voor de ondersteuning van de flatbewoners en de woningbouwvereniging die verantwoordelijk is voor het sociaal beheer. Ook worden er expliciet huurders aangetrokken die een positieve bijdrage willen leveren aan het sociale experiment. Veelzijdig wonen wordt gemonitord en onderzocht binnen de ‘Ontwikkelwerkplaats’ van de Hogeschool Utrecht.
G4 41 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
G4 42 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID
BIJLAGE
Aantal andere grootstedelijke integrale (actie)programma’s NB: Deze lijst is een niet complete opsomming van G4
DOMEIN
programma’s. Er zijn in de steden nog (veel) meer (actie) programma’s actief. Gezondheid & zorg
Onderwijs
STAD
PROGRAMMA
Amsterdam
Aanpak gezond gewicht
Den Haag
Aanpak perinatale gezondheid
Den Haag
Gezond Gelukkig Den Haag
Utrecht
Centering Pregnancy & Moederbabygroepen
Amsterdam
High Dosage Tutoring
Amsterdam
De transformatieve school
Utrecht
Gelijke Kansen Allianties
Utrecht
10-14 school
Utrecht
Buurtvader
Amsterdam
Maatwerk ontwikkelteam
Amsterdam
Aanpak arbeidsmarkt discriminatie
Rotterdam
De Nieuwe Kans
Utrecht
Actieagenda Utrechters schuldenvrij
Utrecht
Actieagenda Werkbeweging
Utrecht
Werkwinkel
Wonen
Werk & inkomen
G4 43 > ACHTERGRONDRAPPORT VOORSTEL TEGEN KANSENONGELIJKHEID