CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 18 Openbare Orde en Veiligheid (4) 2 Ontwerp programmabegroting 2023

RAAD 22 juni 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Geen zienswijze indienen op de Jaarstukken 2021 en de Ontwerpprogrammabegroting 2023 inclusief actualisatie 2022 van de Veiligheidsregio Amsterdam-AmstellandVN2022-01703019.280 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Opkomsttijden worden niet gerealiseerd en andere afgesproken taken worden ook niet volledig gerealiseerd.

25%

2.000

Naheffing BTW over voorgaande jaren

Ambulance Amsterdam heft BTW Wegvallen, danwel afname van opbrengsten uit dienstverlening

Organisatieontwikkeling VrAA Verdichting van stad Amsterdam en toetreding van Weesp Boete door arbeidsinspectie

Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) Boete door Belastingdienst

NBC Steunpunt en versterkingsgelden

Aanvullende eisen vanuit de Omgevingswet

Benodigde weerstandscapaciteit

GHOR -

-

-

430

108

108

2.000

200

200

27

27

-

210

50

500

Hogere kosten die niet volledig gedekt worden uit opbrengsten.

50%

1.000

Als gevolg van een ongeval buiten de inzet kan een medewerker In bepaalde gevallen kan dit leiden tot een boete. gewond raken of kunnen ondeugdelijkheden aan het licht komen. Ook kan het zijn dat een dergelijke melding te laat wordt doorgegeven aan de arbeidsinspectie. Voor grote overheidswerkgevers, waartoe BAA behoort, geldt Indien controle plaatsvindt in 2019, kan dit leiden tot een boete vanaf 1 januari 2018 het quotum arbeidsbeperkten. als BAA niet (volledig) aan het quotum voldoet

25%

50

50%

25

13

13

Een belangrijk gevolg van de Wnra is de veranderde positie van vrijwilligers.

De positie van vrijwilligers is mogelijk in strijd met Europese en interne regelgeving, dit leidt tot hogere (loon-)kosten.

50%

2.500

1.250

1.250

De Belastingdienst kan fiscale controles uitvoeren op het gebied van onder meer loonheffingen, wkr, facturering, salarisadministratie en declaraties. De BAA ontvangt Rijksmiddelen voor het NBC-steunpunt en versterkingsgelden via de VRK. De besteding hiervan wordt verantwoord. De kans bestaat dat deze verantwoording als niet afdoende wordt beoordeeld. De Omgevingswet t vraagt om andere en nieuwe expertise van de brandweer.De inwerkingtreding van de Omgveningswet is uitgesteld naar oktober 2022 of 1 januari 2023, daarover moet nog besloten worden.

In bepaalde gevallen kan dit leiden tot een naheffing, boete en (8% heffingsrente)

10%

120

12

12

Indien de verantwoording niet als afdoende wordt beoordeeld leidt dit mogelijk tot (gedeeltelijke) terugvordering van de ontvangen bijdrage.

25%

1.000

250

250

50%

1.000

500

500

10%

4.054

405

405

25%

500

125

125

10%

2.000

200

200

20%

1.400

280

280

10%

200

20

20

50%

76

38

38

Door de invoering van de nieuwe wet loopt de Brandweer de kans dat er substantieel geïnvesteerd moet worden in de bijscholing van specialisten en investering in ICT-systemen. Tevens zullen taken wijzigen, waardoor andere expertise nodig is. Als de BAA niet goed mee gaan draaien in het systeem van de Omgevingswet kan het zijn dat (brand)veiligheid geen afweging is bij besluitvorming of dat externe bureaus dat van de BAA als adviseur gaan overnemen. In dat geval mist onze organisatie essentiële invloed op de veiligheid voor burgers en op veilig werken voor onze collega’s in de operationele dienst Aansprakelijk voor schade na Binnen de BAA worden persoonsgegevens verwerkt die Het onrechtmatig verwerken van persoonsgegevens en/of het onrechtmatige verwerking of betrekking hebben op werknemers en derden (per abuis) delen van persoonsgegevens van een individu met datalek onbevoegde derden kan resulteren in een schadeclaim van de betrokkene wegens inbreuk op de persoonlijke levenssfeer. Aanbestedingswet en Binnen de BAA is sprake van contractmanagement, waar We lopen het risicio dat er sprake is van onvoldoende contractmanagement bestaande contracten met leveranciers en nieuwe zekerheden rondom leveringsvoorwaarden, het failissement van verwervingstrajecten worden gecoördineerd. een leverancier of het onvoldoende zorgvuldig doorlopen van een Europees aanbestedingstraject.

Dit heeft mogelijk financiële consequenties, in de vorm van bijkomende kosten of claims van afgewezen partijen. Aansprakelijkheid voor schade De BAA is gehouden aan beroepsmatige handelwijze bij het Indien door derden schade wordt geleden bij of door het na of bij optreden optreden bij incidenten. Het kan in de praktijk voorkomen dat optreden van de brandweer en er is sprake van (vermeend) deze niet worden gevolgd. inadequaat optreden door de BAA, dan kunnen daar schadeclaims uit volgen. Bijvoorbeeld als gevolg van het vrijkomen van asbest of andere gevaarlijke stoffen. Gevolgen van terrorisme en De BAA kan te maken krijgen met cybercrime of gevolgen van De gevolgschade wordt onvoldoende gecompenseerd in het cybercrime terrorisme. budget. De schade als gevolg van terrorisme en extreem geweld ( bij voorbeeld bij inzet van QRT) is niet te verzekeren. Interregionale samenwerking Vanuit goed buurmanschap kan het voorkomen dat we Indien de verzekering(en) van de BAA of collega assistentie verlenen aan andere veiligheidsregio's. Hierdoor is Veiligheidsregio's de toegebrachte of ondervonden schade niet sprake van kans op toegebrachte of ondervonden schade buiten of niet volledig dekt, heeft dit financiële consequenties. het verzorgingsgebied. Deze schade wordt niet altijd gedekt vanuit een verzekering.

In- en uitlenen van Op grond van de Wet Allocatie Arbeidskrachten Door Niet naleven van deze verplichting kan leiden tot het opleggen arbeidskrachten Intermediairs (WAADI) (per 1 juli 2012)is het een ieder verboden van een bestuurlijke boete aan degene waaraan verplichtingen in Nederland arbeidskrachten door middel van een voortvloeiende uit de wet zijn opgelegd. onderneming of rechtspersoon ter beschikking te stellen Beheersmaatregel is goede check bij Inkoop, CIF én P&O en geen (uitlener) als deze activiteit niet is geregistreerd in het inhuur derden zonder toestemming vooraf. Handelsregister. Tevens is de inlener ook verplicht zich te registeren bij het Handelsregister. BAA is als inlenende organisatie geregistreerd bij het Handelsregister. Het risico bestaat dat, indien bij de uitlenende organisatie een WAADI registratie voor de betreffende medewerker ontbreekt en om die reden een boete riskeert, BAA eveneens een boete kan verwachten. Subtotaal kwantificeerbare risico's

500 13

3.365

28

13

334

4.699

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

Bedragen x € 1.000 Niet-kwantificeerbare risico's Risico Oorzaak Niet kwantificeerbare risico's Incidentele middelen benodigd Onvoorziene omstandigheden die nieuw/aanvullende om te kunnen inspelen op maatregelen vereisen in het lopende boekjaar. ontwikkelingen Niet op alle functies Krapte op de arbeidsmarkt, veranderende omstandigheden. gekwalificeerd personeel kunnen vinden Overige (onvoorziene) Onvoorziene omstandigheden ten aanzien van de reguliere exploitatierisico's VRAA exploitatie. Naast het wegvallen van baten kan de veiligheidsregio worden geconfronteerd met onvoorziene kosten, zoals bijvoorbeeld claims, onbekende gebreken aan gebouwen en andere risico’s.

Gevolg

Percentage

Bedrag begroting

BAA

Benodigde weerstandscapaciteit

GHOR

Mogelijk negatief exploitatiesaldo boekjaar ten aanzien van de multidisciplinaire projecten

10%

480

48

Het is voor BAA bijvoorbeeld de afgelopen jaren steeds moeilijker geworden om voldoende gekwalificeerde medewerkers te werven. Mogelijk negatief exploitatiesaldo boekjaar

50%

592

282

10

291

2,0%

93.329

1.776

61

1.837

48

Subtotaal niet kwantificeerbare risico's

2.106

71

2.177

Totaal kwantificeerbare en niet kwantificeerbare risico's

5.471

405

6.876

8.2 Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering betreft de bedrijfsprocessen binnen een organisatie om de beleidsdoelstellingen te kunnen realiseren evenals de sturing en beheersing daarvan (Artikel 14 BBV). De ontwikkeling van de bedrijfsvoering, het programma excellente bedrijfsvoering uit het beleidsplan Buiten Gewoon Veilig, is in hoofdstuk 6 opgenomen (informatiegestuurd werken, informatiebeveiliging, digitalisering ondersteunende processen en duurzaamheid). In deze paragraaf gaan we nader in op enkele onderwerpen die in hoofdstuk 6 aan de orde zijn gekomen. Formatie en bezetting VrAA/BAA: het begrote fte’s (formatie) en het aantal bezette fte’s (bezetting) begin 2022 zijn respectievelijk 743,78 fte en 723.02 fte. De totale bezetting is 20,76 fte (2,8% van de formatie) lager dan de begrote formatie. Ziekteverzuim Het reguliere ziekteverzuim bij VrAA/BAA is met een gemiddeld verzuimpercentage van 12,15% nog onverminderd hoog. De lage verzuimdrempel speelt hierin een rol. Ook is een hoog aandeel psychisch verzuim (vaak relatie met PTSS) en veel verzuim is werk-gebonden. Met het nieuwe gezondheidsbeleid is er een focus op duurzame werkhervatting om zo de langdurige verzuimdossiers structureel op te lossen. Het doel is om het reguliere verzuimpercentage VrAA/BAA binnen 3 jaar (2024) te verlagen naar 7%.

In de aanpak is er aandacht voor frequent verzuim, mentale veerkracht en suïcide preventie.

8.3 Financiering 8.3.1 Treasury Leidend voor de treasuryfunctie is het Treasurystatuut van de Veiligheidsregio, met daarin de volgende uitgangspunten: -

het risico wordt laag gehouden door gebruik te maken van een liquiditeitsplanning en niet toestaan van het gebruik van allerlei risicovolle financiële producten; externe financiering wordt zoveel mogelijk beperkt door interne financieringsbronnen aan te spreken; 29

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

-

tijdelijke overschotten worden via Schatkistbankieren ondergebracht bij de het Ministerie van Financiën.

Afhankelijk van de ontwikkelingen in daadwerkelijke investeringen en de ontwikkelingen van reserves en voorzieningen worden extra financiële middelen aangetrokken. De kasgeldlimiet en renterisiconorm zijn daarbij kaderstellend. Om die reden is in de meerjarige begroting rekening gehouden met het aantrekken van aanvullend vreemd vermogen in 2022 (€ 6,181 mln.), in 2023 (€ 0,740 mln), in 2024 (€ 0,342 mln.) en in 2025 (€ 5,177 mln.), om de investeringen te kunnen financieren. Voor het jaar 2026 wordt rekening gehouden met een mogelijke verlaging van de leningenportefeuille van € 6,241 mln.

8.3.2 Schatkistbankieren Het wetsvoorstel Schatkistbankieren, waarin alle gemeenschappelijke regelingen en gemeenten verplicht zijn om hun overtollige middelen in de schatkist te storten, is op 15 december 2013 van kracht gegaan. Tot eind 2016 had de VRAA een vrijstelling, omdat ons vreemd vermogen door de Gemeente Amsterdam werd gefinancierd, en de bankrekening van de VRAA ondergebracht was in een bankrekeningstelsel bij de gemeente. Met ingang van 2017 is hier geen sprake meer van en moeten we het zelf regelen. In 2017 is aan de huisbankier BNG de opdracht gegeven het banksaldo boven een bedrag van € 0,25 mln. over te boeken naar de SKB-rekening. Hierdoor is het onmogelijk om boven het bestaande drempelbedrag van € 0,70 mln. uit te komen.

8.3.3 Financiering vaste activa In het onderstaand overzicht wordt de (stand van de) huidige leningenportefeuille en kredietfaciliteit van VrAA weergegeven. In totaal zijn vier vaste geldleningen afgesloten (in 2016 ging het om een aantal van drie en in 2019 om een aantal van één). Daarnaast is er begin 2021 een lening met een looptijd van 3 maanden afgesloten, die inmiddels is afgelost, De specificaties staan in het onderstaande overzicht weergegeven. De bedragen zijn weergeven in duizenden euro’s.

leningnr

Leninggever

Datum

Hoofdsom

Totale looptijd

Restschuld Werkelijke 31 december rente 2017

x € 1.000

40.110960 BNG 40.110961 BNG 40.110962 BNG 40.113266 BNG 532522 BNG Totaal

22-dec-16 22-dec-16 22-dec-16 2-dec-19 2-mrt-21

5.000 8.000 10.000 10.000 15.000 48.000

10 jr 15 jr 10 jr 5 jr 3 mnd

0,56% 0,98% 0,99% -0,15% -0,30%

Restschuld Aflossing in 31 december 2018 2018

Restschuld Aflossing in 31 december 2019 2019

Restschuld Aflossng in 31 december 2020 2020

Restschuld Aflossing in 31 december 2021 2021

x € 1.000

x € 1.000

x € 1.000

x € 1.000

x € 1.000

x € 1.000

x € 1.000

x € 1.000

x € 1.000

4.500 7.467 10.000 0

500 534 0 0

4.000 6.933 10.000 0

500 533 0 0

3.500 6.400 10.000 10.000

500 533 0 2.000

3.000 5.867 10.000 8.000

21.967

1.034

20.933

1.033

29.900

3.033

26.867

500 533 0 2.000 0 3.033

2.500 5.333 10.000 6.000 0 23.833

8.3.4 Renterisiconorm De Wet Fido begrenst via de renterisiconorm het deel van de totale langlopende schuld dat in een gegeven jaar een renterisico mag hebben. De renterisiconorm bepaalt dat het bedrag van de langlopende schuld dat binnen een gegeven jaar verplicht moet worden afgelost, of waarvan de 30

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

rente moet worden herzien, maximaal 20% van het begrotingstotaal mag bedragen. Het doel van deze norm is dat de portefeuille van langlopende leningen zodanig over de jaren verdeeld is, dat het renterisico dat voortkomt uit herfinanciering en renteherzieningen gelijkmatig wordt gespreid. In onderstaande tabel zijn de gegevens met betrekking tot de renterisiconorm opgenomen. Bedragen x € 1.000

Renterisiconorm

2021

2022

2023

2024

2025

-

-

-

-

-

-

3.033-

3.033-

3.033-

3.033-

1.033-

11.033-

C. Renterisico (A + B)

3.033-

3.033-

3.033-

3.033-

1.033-

11.033-

D. Begrotingstotaal

106.157

102.388

98.967

99.436

102.897

100.001

E. Renterisiconorm (D * 20%)

21.231

20.478

19.793

19.887

20.579

20.000

24.264 +

23.511 +

22.826 +

22.920 +

21.612 +

31.033

A. Renteherzieningen B. Aflossingen

Ruimte (+) / overschrijding (-) (E - C)

+

2026

Het renterisico van de veiligheidsregio ligt in de jaren 2022 t/m 2026 tussen de € 1,033 mln. en € 11,033 mln. Dit risico ligt alle jaren in deze periode ruim binnen de renterisiconorm, die zich in die periode bevindt tussen € 19,793 mln. en € 20,579 mln.

8.3.5 Kasgeldlimiet De Wet Fido begrenst middels de kasgeldlimiet de maximale kortlopende schuld. Deze limiet bepaalt dat de kortlopende schuld maximaal 8,2% van het begrotingstotaal mag zijn. De eindstand van het betreffende boekjaar wordt getoetst aan het bedrag van de kasgeldlimiet. In onderstaande tabel zijn de betreffende gegevens opgenomen. Bedragen x € 1.000

Kasgeldlimiet A. Begrotingstotaal B. Kasgeldlimiet (A * 8,2%) C. Netto kortlopende schuld Ruimte (+) / overschrijding (-) (B - C)

+

2021

2022

2023

2024

2025

2026

106.157 8.705

102.388 8.396

98.967 8.115

99.436 8.154

102.897 8.438

100.001 8.200

1.929 6.186 +

5078.661 +

2.86011.298 +

5.21213.412

75 8.630 +

2.296 6.100 +

De veiligheidsregio verwacht in de periode 2022 t/m 2026 ruim binnen de kasgeldlimiet te opereren.

8.4 Investeringen 8.4.1 Investeringsbudget onder druk Investeringen zijn begroot in de meerjaren investeringsbegroting op basis van de vastgestelde afschrijftermijnen. De meerjaren investeringsbegroting wordt periodiek herijkt. Hierbij wordt rekening gehouden met conditiemetingen (eventueel uitstel van investeringen als er geen operationele noodzaak is), prijsontwikkelingen en planning (capaciteit, termijnen lopende raamcontracten en aanbestedingskalender). Ook zijn verwerkt de uitgangspunten uit het in september 2020 door het Veiligheidsbestuur vastgestelde strategisch vastgoedplan VrAA 2020-2030 (zie hiervoor paragraaf 8.5 Kapitaalgoederen). 31

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

Het structureel investeringsbudget staat onder druk. Recente ontwikkelingen op het gebied van het Amsterdams vastgoed hebben ervoor gezorgd dat (onderliggende berekeningen uit) het strategisch vastgoedplan bijgesteld moet worden. Dit betekent dat het verloop van de egalisatievoorziening kapitaallasten voor het Maatwerk (kazernes) van Amsterdam nu een meerjarig een negatief beeld laat zien.3 De kosten voor de renovatie van kazerne Dirk zijn door wet- en regelgeving, prijsontwikkelingen, eisen en wensen namelijk hoger dan verwacht. Ook de verkoopopbrengst van kazerne Pieter zal naar verwachting lager uitvallen dan een eerdere opgave onder meer door eisen van de gemeente Amsterdam t.a.v. de invulling van de woningbouwopgave. Dit zal zijn effect hebben op het financiële kader van de geplande renovatie van kazerne Hendrik. Hiervoor zullen verschillende haalbare scenario’s moeten worden beoordeeld alvorens een gedegen besluit kan worden genomen. NB Het meerjarig verloop van de egalisatievoorzieningen kapitaallasten voor het Maatwerk (kazernes) voor de andere vijf gemeenten is nog positief. Het meerjarig verloop van de egalisatievoorziening kapitaallasten Regionaal (materieel en materiaal) is nog positief. Een risico op dit verloop vormt echter de nog benodigde actualisatie van de gehanteerde prijzen in de meerjaren investeringsbegroting naar het huidige prijspeil.

Deze herberekening zal worden meegenomen in de eerstvolgende bijstelling van de meerjaren investeringsbegroting. 8.4.2 Totaaloverzicht investeringen komende vijf jaar Onderstaande tabel bevat een overzicht van de geplande investeringen in de komende vijf jaar. bedragen x € 1.000

Investeringen VrAA/BBAA

2022

2023

2024

2025

2026

Grond en gebouwen

4.453

7.993

3.929

150

150

Inventaris gebouwen en apparatuur

69

527

-

-

255

Inventaris voertuigen

387

374

-

-

-

Vaartuigen

280

-

-

-

-

Grote voertuigen

6.980

598

4.140

9.505

300

Kleine voertuigen en aanhangers

45

2.348

585

110

-

Persoonlijke beschermingsmiddelen

779

41

-

460

-

Overig

591

282

287

282

394

Communicatieapparatuur en ICT

1.463

673

393

393

493

Totaal

17.351

11.072

8.859

10.790

1.637

8.4.3 Grond en gebouwen Begin 2022 is het eigendom van kazerne Weesp overgedragen aan VrAA en activering vindt na een kleine verbouwing aan het einde van dat jaar plaats (€ 2,417 mln.). Daarnaast zijn binnen deze categorie verbouwingen en diverse aanpassingen aan de Amsterdamse kazernes IJsbrand, Osdorp, Pieter, Teunis, Victor en Maxima opgenomen (1,692 mln.), als ook voor de kazerne Amstelveen (€ 0,178 mln.) en de kazerne Uithoorn (€ 0,167 mln.). 8.4.4 Inventaris Bij de investeringen in 2022 in de inventaris van gebouwen gaat het om inrichtingskosten en buitenzonwering van kazernes IJsbrand en Weesp (€ 0,069 mln.). De investeringen in 2022 in de 3

De dekking van de kapitaallasten verloopt via de bijdrage (budget) kapitaallasten. Het jaarlijkse verschil tussen de bijdrage en de daadwerkelijke kapitaallasten wordt gedoteerd of onttrokken aan egalisatievoorziening kapitaallasten.

32

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

inventaris van voertuigen hebben met name betrekking op AED’s, first defenders, QRT, hydraulisch redgereedschap, kettingzagen, een gammaspectrometer en een polarisatiemicroscoop (€ 0,387 mln.). 8.4.5 Vaartuigen De investeringen in de vaartuigen in 2022 betreffen twee boten inclusief een aanhanger voor een bedrag van € 0,280 mln.) voor de kazernes Willem en Aalsmeer. 8.4.6 Grote voertuigen In 2022 zijn de grootste investeringen binnen deze categorie de aanschaf van drie autoladders (€ 2,400 mln.), vijf tankautospuiten (€ 1,405 mln.), vier dompelpompunits (€ 0,800 mln.) en een hulpverleningswagen (€ 0,545 mln.). Voor de beoogde investeringen geldt dat waar mogelijk eerst een conditiemeting wordt gedaan. Op basis hiervan kan het zijn dat enkele vervangingen in de tijd worden doorgeschoven omdat de conditie dat toelaat. 8.4.7 Kleine voertuigen en aanhangers in 2022 hebben de investeringen betrekking op 37 personenwagens en -bussen (€ 1,386 mln.), zes commandowagens (€ 0,726 mln.) en een waterongevallenvoertuig (€ 0,236 mln.). 8.4.8 Persoonlijke beschermingsmiddelen De investeringen in persoonlijke beschermingsmiddelen in 2022 betreffen vooral uitrukkleding (€ 0,608 mln.) en ademluchtcilinders (€ 0, 114 mln.).

8.4.9 Overig In 2022 betreffen de grootste investeringen binnen deze categorie enkele stelposten (€ 0,282 mln.), een mobiele pompcontainer (€ 0,150 mln.), sportkleding (€ 0,054 mln.) en een graafmachine (0,041 mln.) 8.4.10 Communicatiemateriaal en ICT in 2022 gaat het binnen deze categorie om investeringen in kantoorautomatisering (€ 0,393 mln.), een nieuw financieel en logistiek pakket (€ 0,383 mln.), objectportofoons (€ 0, 367 mln.), laptops (€ 0,220 mln.) en twee weg pagers voor de vrijwilligers (€ 0,100 mln.).

8.5 Kapitaalgoederen In het Strategisch vastgoedplan 2020-2030 VrAA (vastgesteld door het bestuur op 21 september 2020) is een overzicht gegeven van de vastgoedlocaties in de regio, met ambities voor de toekomst en een overzicht van de diverse financiele aspecten. Zodra al het vastgoed in eigendom van de Veiligheidsregio is (dit namelijk nog niet het geval voor de kazernes Aalsmeer en Duivendrecht) zal het systeem rondom en de hoogte van de maatwerkbijdrage opnieuw tegen het licht worden gehouden. Begin 2022 is het eigendom van de kazerne Weesp overgedragen aan VrAA. Het onderhoud van gebouwen wordt uitgevoerd op basis van een meerjarenplanning. De kosten worden geëgaliseerd via de daarvoor gevormde voorziening(en). Jaarlijks vindt bijstelling van de meerjarenplanning plaats door een nieuwe opname en inventarisatie van de stand van zaken. 33

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

Omdat de individuele voorzieningen per gemeente separaat worden geadministreerd, kan per gemeente een bijstelling worden doorgevoerd. Van bestedingen aan andere doeleinden dan het vastgoed binnen de betreffende gemeente kan simpelweg vanuit het oogpunt van rechtmatigheid geen sprake zijn. Ook de accountant ziet hier op toe. Het onderhoud van de voertuigen en overig materieel (waaronder de blusboot) vindt plaats op basis van een planning die is eveneens vastgelegd in een geautomatiseerd systeem. De kosten hiervan lopen echter niet via een voorziening 8.6 Verbonden partijen Een verbonden partij is volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de veiligheidsregio zowel een bestuurlijk als een financieel belang heeft. Onder een financieel belang wordt verstaan een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat (het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt). Onder een bestuurlijk belang wordt verstaan zeggenschap, via vertegenwoordiging in het bestuur of via stemrecht.

Dit houdt concreet in dat er sprake is van een bestuurlijk belang als een burgemeester of ambtenaar van de veiligheidsregio namens de veiligheidsregio in het bestuur van de verbonden partij plaatsneemt of namens de veiligheidsregio stemt. Dit houdt in dat organisaties waar bijvoorbeeld enkel sprake is van een financieel belang niet worden gezien als een verbonden partij. Bij verbonden partijen gaat het om privaatrechtelijke, publiekrechtelijke organisaties en publiekprivate samenwerkingen (PPS). VrAA kent één verbonden partij, namelijk de Gezamenlijke Brandweer Amsterdam (GBA).

34

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9. Geconsolideerde begroting VrAA 9.1 Geconsolideerd overzicht van baten en lasten en meerjarenbegroting VrAA Voor de toelichting op de geconsolideerde begroting wordt verwezen naar de volgende hoofdstukken 10 en 11 waarin de exploitatieoverzichten van de twee werkmaatschappijen (VrAA/BAA en GHOR) zijn opgenomen en toegelicht. De meerjarenbegroting 2023 tot en met 2026 geeft inzicht in het financiële kader bij ongewijzigd beleid. bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Baten Uitgeleend personeel Huren Overige goederen en diensten Inkomensoverdrachten - Rijk Inkomensoverdrachten - Gemeenten Inkomensoverdrachten - Gemeenschappelijke Regelingen Overige bijdragen Rentebaten Totale baten

469 341 4.178 11.613 84.731 18 101.350

39 433 2.328 10.509 84.731 98.039

215 111 2.945 10.736 87.239 101.246

98 111 3.706 10.836 87.139 101.891

98 111 3.706 10.836 87.139 101.891

98 111 3.706 10.836 87.139 101.891

98 111 3.706 10.836 87.139 101.891

Lasten Salarissen en sociale lasten Belastingen Kapitaallasten Duurzame goederen Ingeleend personeel Overige goederen en diensten Totale lasten

72.901 247.467 211 5.862 19.739 106.156

65.034 30 7.279 108 2.824 17.345 92.619

67.161 30 7.622 113 4.385 23.076 102.388

68.669 30 7.622 113 2.524 20.009 98.967

69.011 30 7.622 113 2.524 20.135 99.436

72.389 30 7.622 113 2.524 20.219 102.897

69.817 30 7.622 113 2.524 19.894 100.001

Saldo van baten en lasten

4.807-

5.420

1.142-

2.924

2.455

1.006-

1.890

RESERVES Onttrekkingen Dotaties Mutaties in reserves

6.494 434 6.060

203 5.623 5.420-

5.289 4.148 1.142

206 3.130 2.924-

206 2.661 2.455-

1.440 434 1.006

206 2.096 1.890-

Resultaat

1.253

-

-

-

-

-

-

VrAA

Bovenstaand overzicht bevat ook de baten en lasten van het FLO-overgangsrecht (FLO) bij de werkmaatschappij VrAA/BAA. Dit is de belangrijkste oorzaak van: -

het positief saldo van baten en lasten in de begroting 2022 en in de begotingen 2023, 2024 en 2026 en het negatief saldo van baten en lasten in de jaarrekening 2021 en de begroting 2025.

Omdat de baten, lasten en reservemutaties met betrekking tot de FLO elk jaar dienen uit te komen op een resultaat van € 0, heeft dit ook een groot effect op de dotaties en onttrekkingen aan de reserves. Om inzicht te geven in de jaarrekening 2021, begroting 2022, geactualiseerde begroting 2022 en de begrotingen 2023 t/m 2026 exclusief de FLO, zijn in onderstaand overzicht de baten, lasten en reservemutaties betreffende de FLO weggelaten.

35

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Baten Uitgeleend personeel Huren Overige goederen en diensten Inkomensoverdrachten - Rijk Inkomensoverdrachten - Gemeenten Inkomensoverdrachten - Gemeenschappelijke Regelingen Overige bijdragen Rentebaten Totale baten

469 341 4.178 11.613 75.231 18 91.850

39 433 2.328 10.509 75.231 88.539

215 111 2.945 10.736 77.739 91.746

98 111 3.706 10.836 77.639 92.391

98 111 3.706 10.836 77.639 92.391

98 111 3.706 10.836 77.639 92.391

98 111 3.706 10.836 77.639 92.391

Lasten Salarissen en sociale lasten Belastingen Kapitaallasten Duurzame goederen Ingeleend personeel Overige goederen en diensten Totale lasten

58.420 247.467 211 5.862 19.461 91.397

61.107 30 7.279 108 2.824 16.961 88.309

61.759 30 7.622 113 4.385 22.692 96.601

62.464 30 7.622 113 2.524 19.409 92.163

62.464 30 7.622 113 2.524 19.409 92.163

62.450 30 7.622 113 2.524 19.424 92.163

62.667 30 7.622 113 2.524 19.207 92.163

452

231

4.855-

228

228

228

228

RESERVES Onttrekkingen Dotaties Mutaties in reserves

1.235 434 801

203 434 231-

5.289 434 4.855

206 434 228-

206 434 228-

206 434 228-

206 434 228-

Resultaat

1.253

-

-

-

-

-

-

VrAA - exclusief FLO

Saldo van baten en lasten

Uit bovenstaand overzicht valt op te maken dat bij de VrAA zonder de FLO in alle jaren, op de geactualiseerde begroting 2022 na, sprake is van een bescheiden positief saldo van baten en lasten.

9.2 Structureel begrotingssaldo meerjarenbegroting VrAA In de notitie structurele en incidentele baten en lasten (d.d. 30 augustus 2018) adviseert de commissie BBV het structurele begrotingssaldo te presenteren. Hiermee wordt inzicht gegeven of de begroting en meerjarenraming structureel in evenwicht zijn. De incidentele baten en lasten beïnvloeden het structureel begrotingssaldo. Incidentele lasten beïnvloeden het structureel begrotingssaldo positief en incidentele baten beïnvloeden het structureel begrotingssaldo negatief. bedragen x € 1.000

Structureel begrotingssaldo Saldo van baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Begrotingssaldo na bestemming (+/+ is batig) Waarvan incidentele baten en lasten (saldo) Structureel begrotingssaldo (+/+ is batig)

Rekening 2021 4.8076.060 1.253 741.327

Begroting 2022 5.420 5.42000-

Actualisatie 2022 1.1421.142 0 756 756-

Begroting 2023 2.924 2.9240 0

Begroting 2024 2.455 2.4550 0

Begroting 2025 1.0061.006 0 0

Begroting 2026 1.890 1.8900 0

VrAA biedt een begroting aan die structureel in evenwicht is. Alleen de geactualiseerde begroting 2022 kent een nadeling structureel begrotingssaldo. In paragraaf 9.3 is een overzicht opgenomen van de incidentele baten en lasten inclusief een bijbehorende toelichting, waarin uiteengezet is hoe het nadelig saldo is opgebouwd. De actualisatie 2022 kent hoge benodigde extra incidentele kosten om de ambities te kunnen realiseren en tegelijkertijd de bezetting op peil te houden gezien het hoge ziekteverzuim en diverse openstaande vacatures. Het is nodig om extra uitrukpersoneel te werven en op te leiden. Daarnaast is een incidentele impuls nodig voor onder meer de verdere inrichting van 36

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

het HRM-pakket en de doorontwikkeling van het in 2022 in gebruik genomen financieel en logistiek pakket. Zoals in de inleiding reeds verwoord, staat het budget van VrAA structureel onder druk. De veiligheidsregio kent grote maatschappelijke opgaven en moet toekomstige steeds complexer wordende crises het hoofd bieden. Daarnaast vraagt de modernisering van de brandweerorganisatie structureel om een grote investering in vakmanschap en leiderschap. En ook de ambities om een inclusieve organisatie te worden betekenen een structurele investering. De noodzakelijke extra structurele bijdrage vanuit de gemeenten aan de veiligheidsregio is door het bestuur (h)erkend en honorering daarvan is afhankelijk van de eventuele in 2022 nieuw af te sluiten coalitieakkoorden en/of opname in de gemeentelijke begrotingen 2023 en verder.

37

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.3 Incidentele baten en lasten bedragen x € 1.000 Incidentele baten en lasten Incidentele baten: onttr. aan reserves/aanw. van voorzieningen

Rekening 2021 1.131

Begroting 2022 -

Actualisatie 2022 5.898

Begroting 2023 428 -

Begroting 2024 116

Begroting 2025 81

Begroting 2026 81

781

-

154-

1.979

-

-

-

Incidentele lasten: overig

7

-

4.989

428

116

81

81

Incidentele baten en lasten (saldo)

74-

-

756

-

-

-

-

Rekeni ng 2021: i nci dentel e ontt a a n res erves /a a nw va n voorzi eni ngen

1131

a l gemene res erve ter dekki ng eenma l i ge extra l a s ten GHOR

367

bes temmi ngs res erve HRM

118

pers oneel s gerel a teerde voorzi eni ng

466

bes temmi ngs res erve Informa ti es turi ng

180

Rekeni ng 2021: i nci dentel e ba ten overi g = bui tengewone ba ten

781

vergoedi ng a fgebra nde a utol a dder Teuni s (des i nves teri ng i n 2020)

664

terugga a f BTW 2020

115

Incidentele baten: overig Incidentele lasten: dotaties aan reserves en voorzieningen

overi g Rekeni ng 2021: i nci dentel e dota ti es a a n res erves en voorzi eni ngen Al gemeen (BTW GBA) pers oneel s gerel a teerde voorzi eni ng Incoura nte voorra a d Rekeni ng 2021: overi g i nci dentel e l a s ten = bui tengewone l a s ten

2 1.979 187 1.612 180 7

Actua l i s a ti e 2022: i nci dentel e ontt a a n res erves /a a nw va n voorzi eni ngen

5.898

Al g. res erve t.b.v. hoge a mbi ti es en eenma l i ge l a s ten a .g.v. zi ekteverzui m en di vers e va ca tures VrAA/BAA

700

Al g. res erve t.b.v. eenma l i ge extra l a s ten GHOR

81

Bes temmi ngs res erve FLO t.b.v. hoge a mbi ti es en eenma l i ge l a s ten a .g.v. zi ekteverzui m en di vers e va ca tures2.000 VrAA/BAA na a fs temmi ng met gemeente Ams terda m bes temmi ngs res erve HRM

447

bes temmi ngs res erve Informa ti es turi ng

268

bes temmi ngs res erve O&O

915

pers oneel s gerel a teerde voorzi eni ng

1.487

Actua l i s a ti e 2022: i nci dentel e ba ten overi g = nega ti eve ba ten door wegva l l en s ubs i di es

-154

Actua l i s a ti e 2022: i nci dentel e dota ti es a a n res erves en voorzi eni ngen

0

Actua l i s a ti e 2022: overi ge i nci dentel e l a s ten

4.989

Sa l a ri s s en en s oci a l e l a s ten (ta a ks tel l i ng)

-479

Inhuur derden: onderzoek Goed bra ndweer optreden, VIK, houtges tookt oefenobject op

1.861

Ci ndu terrei n, verzui mbel ei d, PTSS, i nri chti ng HRM pa kket en opva ng va n zi ekte en va ca tures Energi e

60

Opl ei den en oefenen: voora l a .g.v. opl ei den extra bl i kki es door zi ekteverzui m en l ei ders cha ps tra ject

2.369

Pers oneel gerel a t. kos ten: m.n. extra kos ten Arbodi ens t, wervi ngs ca mpa gne, a s s es s ments en communi ci a ti e 208 Kl edi ng

82

Gebouwgerel a teerde kos ten

19

Bra ndweers peci fi eke kos ten

79

Overi ge ma teri el e kos ten: rea l i s a ti e va n houtges tookt oefenobject op Ci ndu terrei n,

703

juri di s che bi js ta nd, a rbei ds juri di s che onders teuni ng a a nl s ui ti ng op s ys teem Omgevi ngs wet Overi ge

87

Begroti ng 2023: i nci dentel e ontt a a n res erves /a a nw va n voorzi eni ngen

428

a l gemene res erve t.b.v. eenma l i ge extra l a s ten GHOR

81

Al gemeen (BTW GBA)

187

pers oneel s gerel a teerde voorzi eni ng

160

Begroti ng 2024: i nci dentel e ontt a a n res erves /a a nw va n voorzi eni ngen

116

a l gemene res erve t.b.v. eenma l i ge extra l a s ten GHOR

81

pers oneel s gerel a teerde voorzi eni ng

35

Begroti ng 2025: i nci dentel e ontt a a n res erves /a a nw va n voorzi eni ngen

81

a l gemene res erve t.b.v. eenma l i ge extra l a s ten GHOR

81

Begroti ng 2026: i nci dentel e ontt a a n res erves /a a nw va n voorzi eni ngen

81

a l gemene res erve t.b.v. eenma l i ge extra l a s ten GHOR

81

38

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.4 Geconsolideerde geprognosticeerde balans VrAA en financiële kengetallen 9.4.1 Algemeen

De begroting is opgesteld met inachtneming van het “Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten” en de financiële verordening VrAA met de bijbehorende nota’s.

9.4.2 Waardering De vaste activa zijn gewaardeerd op basis van historische aanschafwaarde onder aftrek van de afschrijvingen. De afschrijvingen vinden bij de meeste activa lineair plaats en zijn afhankelijk van de verwachte economische levensduur, waarbij geen rekening wordt gehouden met restwaarden. Op grond wordt niet afgeschreven. Op verzoek van de gemeenten Amstelveen en Diemen vindt er annuïtaire afschrijving plaats op het maatwerk om de kapitaallasten gelijkmatig over de tijd te spreiden. Met ingang van 2022 maakt VrAA gebruik van een nieuw financieel en logistiek softwarepakket en is daarmee overgestapt op het waarderen van de voorraden op basis van de fifo-regel (first-in firstout). Daarvoor werd de vaste verrekenprijs (v.v.p.) gebruikt. De investeringen die nog niet opgeleverd zijn in het lopende jaar, worden per ultimo boekjaar als onderhanden werk (activa in uitvoering) in de jaarrekening verantwoord. De vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde, onder aftrek van een voorziening voor het risico van oninbaarheid. Liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de algemene reserves, de bestemmingsreserves en het saldo van de rekening van baten en lasten.

Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de voorzienbare verplichting, het verlies en/of risico’s, voor zover de omvang hiervan redelijkerwijs is in te schatten. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De kortlopende schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde.

39

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.4.3 Geconsolideerde balans VrAA Bedragen x € 1.000

ACTIVA

Ultimo 2021

Ultimo 2022

75.107

81.568

86.572

87.312

88.071

80.282

Voorraden

6.379

3.662

1.317

431

811

431

Gereed product en handelsgoederen Onderhanden werk

431 5.948

431 3.231

431 886

431 -

431 380

431 -

Vorderingen korter dan één jaar

3.741

1.526

1.893

4.329

6.682

9.034

Vorderingen op openbare lichamen Rek. cour. Verh. Niet fin. Instellingen Overige vorderingen Overige uitzettingen

1.526 2.215

1.526 -

1.526 367

1.526 2.803

1.526 5.156

1.526 7.508

Liquide middelen

256

250

250

250

250

250

Bank- en girosaldi

256

250

250

250

250

250

Overlopende activa

1.676

1.676

1.676

1.676

1.676

1.676

Overige nog te ontvangen bedragen en vooruit betaalde bedragen

1.676

1.676

1.676

1.676

1.676

1.676

Totaal

87.159

88.682

91.708

93.998

97.490

91.673

Ultimo 2021

Ultimo 2022

Eigen vermogen

24.228

23.086

26.010

28.465

27.459

29.349

Algemene reserve Bestemmingsreserve Resultaat voor bestemming

8.254 14.720 1.254

7.473 15.613 -

7.392 18.617 -

7.311 21.153 -

7.230 20.228 -

7.149 22.200 -

Voorzieningen

20.799

17.283

16.645

16.138

15.459

13.993

Voorzieningen

20.799

17.283

16.645

16.138

15.459

13.993

Langlopende schulden langer dan één jaar

24.417

30.598

31.338

31.680

36.857

30.616

Overige binnenlandse sectoren Financial Lease

23.833 584

30.374 224

31.338 -

31.680 -

36.857 -

30.616 -

Vlottende passiva Netto vlottende schulden korter dan één jaar

2.546

2.546

2.546

2.546

2.546

2.546

Bank- en girosaldi Overige schulden

2.546

2.546

2.546

2.546

2.546

2.546

Overlopende passiva

15.169

15.169

15.169

15.169

15.169

15.169

Verplichtingen voorlopend begrotingsjaar

15.169

15.169

15.169

15.169

15.169

15.169

Totaal

87.159

88.682

91.708

93.998

97.490

91.673

Ultimo 2023 Ultimo 2024 Ultimo 2025 Ultimo 2026

Vaste activa Materiële vaste activa Vlottende activa

Bedragen x € 1.000

PASSIVA

Ultimo 2023 Ultimo 2024 Ultimo 2025 Ultimo 2026

Vaste passiva

40

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

In bovenstaande overzichten is de geprognosticeerde meerjarenbalans opgenomen. Hiervoor zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: -

De materiele vaste activa zijn berekend op basis van de afschrijvingen en meerjaren investeringsbegroting; De voorraden zijn berekend op basis van het gemiddelde van de afgelopen jaren; De vorderingen zijn berekend op basis van het gemiddelde van de afgelopen jaren; Het restant van de benodigde middelen wordt gefinancierd middels een leningenportefeuille bij de BNG; De ontwikkeling van de algemene reserve, de bestemmingsreserve en de voorzieningen is gebaseerd op de meerjarenramingen; De overlopende activa en passiva zijn berekend op basis van het gemiddelde van de afgelopen jaren; Het banksaldo is de resultante van alle overige mutaties.

9.4.4 Financiële kengetallen In het BBV Wijzigingsbesluit van 15 mei 2015 is in artikel 11 een nieuw onderdeel over (financiële) kengetallen toegevoegd. Het opnemen van kengetallen in de begroting en rekening past in het streven naar meer transparantie en omdat daarmee wordt beoogd provinciale staten, de raad en besturen van openbare lichamen in staat te stellen gemakkelijker inzicht te krijgen in de financiële positie en over de baten en de lasten. De kengetallen vormen een verbinding tussen de verschillende de aspecten die het bestuur en de gemeenteraden in hun beoordeling van de financiële positie moeten betrekken om daar een verantwoord oordeel over te kunnen geven. Voor veiligheidsregio’s zijn de volgende kengetallen relevant: - netto schuldquote; - netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; - solvabiliteitsratio; - structurele exploitatieruimte; - EMU-saldo. In de onderstaande tabellen zijn de kengetallen van de VrAA weergegeven. Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De twee kengetallen 'netto schuldquote' en de 'netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen' zijn voor VrAA identiek aangezien zij geen leningen aan derden verstrekt.

De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de veiligheidsregio ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie (Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden, jaargang 2015, 206). De netto schuldquote (en ook de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) van de veiligheidsregio voor de rekening 2021, actualisatie 2022, begroting 2023, begroting 2024, begroting 2025 en begroting 2026 zijn respectievelijk 36,0%, 44,3%, 44,4%, 42,3%, 45,1% en 36,7%. In de VNG-uitgave ‘Houdbare Gemeentefinanciën’ (2013) is aangegeven dat wanneer een schuld lager is dan het begrotingstotaal (de quote is <100%), dit als voldoende kan worden bestempeld en boven de 130% als onvoldoende. De percentages van de veiligheidsregio liggen ruim binnen de normen van de VNG. 41

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

Bedragen x € 1.000 Rekening 2021

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Ratio netto schuldquote (A+B+C-D1-E-F-G)/H*100% Ratio netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen (A+B+C-D2-E-F-G)/H*100%

36,0%

44,3%

44,4%

42,3%

45,1%

36,7%

36,0%

44,3%

44,4%

42,3%

45,1%

36,7%

A. Een raming van het totaal van de vaste schulden.

24.417

30.598

31.338

31.680

36.857

30.616

B. Een raming van het totaal van de netto vlottende schulden.

2.546

2.546

2.546

2.546

2.546

2.546

C. Een raming van het totaal van de overlopende passiva. D1. Het totaal saldo van de financiële vaste activa, genoemd in artikel 36, onderdelen d,e en f, van het BBV provincies en gemeenten. D2. Het totaal saldo van de financiële vaste activa, genoemd 36, onderdelen b,c,d,e en f, van het BBV provincies en gemeenten. E. Een raming van het totaal van de uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar.

15.169

15.169

15.169

15.169

15.169

15.169

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

9.034

Omschrijving kengetal

3.741

1.526

1.893

4.329

6.682

F. Een raming van het totaal van alle liquide middelen.

256

250

250

250

250

250

G. Een raming van het totaal van de overlopende activa. H. Het geraamde totaal saldo van de baten, exclusief de mutaties reserves.

1.676

1.676

1.676

1.676

1.676

1.676

101.349

101.246

101.891

101.891

101.891

101.891

Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio drukt het eigen vermogen uit als een percentage van het totale vermogen en geeft daarmee inzicht in de mate waarin de veiligheidsregio in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen (Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden, jaargang 2015, 206). Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van veiligheidsregio. De solvabiliteitsratio’s van de veiligheidsregio voor de rekening 2021, actualisatie 2022 en begroting 2023, begroting 2024, begroting 2025 en begroting 2026 zijn respectievelijk 27,8%, 26,0% en 28,4%, 30,3%, 28,2% en 32,0%. In de VNG-uitgave ‘Houdbare Gemeentefinanciën’ (2013) is aangegeven dat wanneer een solvabiliteitsratio hoger is dan 30% dit als voldoende kan worden bestempeld en lager dan 20% als onvoldoende. De percentages van de veiligheidsregio zijn in alle jaren in deze periode hoger dan 20% en in twee jaren net iets hoger dan 30%. Zij zijn daarmee volgens de norm van de VNG aan de lage kant, maar nog niet onvoldoende. Bedragen x € 1.000 Rekening 2021

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Solvabiliteitsratio A/B*100%

27,8%

26,0%

28,4%

30,3%

28,2%

32,0%

A. Een raming van het totale eigen vermogen.

24.228

23.086

26.010

28.465

27.459

29.349

B. Een raming van het totaal van de passiva.

87.159

88.682

91.708

93.998

97.490

91.673

Omschrijving kengetal

De structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door de optelsom van het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves te delen door de totale baten, uitgedrukt in een percentage. Een positief percentage betekent dat de 42

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken (Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden, jaargang 2015, 206). De ratio’s structurele exploitatieruimte van de veiligheidsregio voor de rekening 2021, actualisatie 2022, begroting 2023, begroting 2024, begroting 2025 en begroting 2026 zijn respectievelijk 0,7%, -/- 3,1%., -/- 0,1%, -/- 0,1%, -/- 0,1% en -/- 0,1%. Dit betekent dat de structurele baten in de actualisatie 2022 niet toereikend zijn geweest om de structurele lasten te dekken. In de periode 2023 t/m 2026 is het percentage net niet toereikend. Bedragen x € 1.000 Omschrijving kengetal Ratio structurele exploitatieruimte ((B-A)+(D-C))/E*100%

A. Structurele lasten = het totaal van de geraamde lasten minus het geraamde totaal van de incidentele lasten per programma. B. Structurele baten = het geraamde totaal van de baten minus het geraamde totaal van de incidentele baten per programma C. Het beoogde totaal van de structurele toevoegingen aan de reserves voor het overzicht. D. Het totaal van de structurele onttrekkingen aan de reserves voor het overzicht. E. Het geraamde totaal van de baten, exclusief de mutaties reserves.

Rekening 2021

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

0,7%

-3,1%

-0,1%

-0,1%

-0,1%

-0,1%

104.171

97.399

98.539

99.320

102.816

99.920

99.437

95.501

101.463

101.775

101.810

101.810

434

4.148

3.130

2.661

434

2.096

5.829

2.878

125

125

1.359

125

101.349

101.246

101.891

101.891

101.891

101.891

EMU-saldo Het EMU-saldo1 geeft inzicht in hoe de uitgaven zich verhouden tot de inkomsten in een jaar (en hoe investeringen in een jaar zich verhouden tot de afschrijvingen). Bij een negatief EMU-saldo besteedt de veiligheidsregio meer geld dan dat zij ontvangt (en overstijgen de investeringen de afschrijvingen), bij een positief EMU-saldo is dit andersom. De EMU-saldi voor de rekening 2021, actualisatie 2022, begroting 2023, begroting 2024, begroting 2025 en begroting 2026 zijn respectievelijk -/- € 0,445 mln., -/- € 9,736 mln., € 0,265 mln., € 3,776 mln., -/- € 1,437 mln. en € 10,928 mln. Het EMU-saldo gaat niet uit van baten en lasten, maar gaat uit van ontvangsten en uitgaven, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het Europese systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie. Investeringen tellen bijvoorbeeld niet mee in het stelsel van baten en lasten, waarbij wordt uitgegaan van de kapitaallasten van de investeringen. Investeringen in een jaar tellen echter wel volledig mee in het EMU-saldo. Bij een sluitende begroting kan de veiligheidsregio daardoor toch een negatief EMU-saldo hebben.

43

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

Bedragen x € 1.000 EMU-Saldo EMU-Saldo (A+B+C-D+E+F-G+H-I-J-K) A. Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves. B. Afschrijvingen ten laste van de exploitatie. C. Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie minus de vrijval van de voorzieningen ten bate van de exploitatie. D. Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd. E. Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post D. F. Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord. G. Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan) H. Baten bouwgrondexploitatie: Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord. I. Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen.

Rekening 2021

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

445-

9.763-

265

3.776

1.437-

10.928

4.807-

1.142-

2.924

2.455

1.006-

1.890

5.416

7.515

8.412

9.005

9.651

9.806

4.788

1.071

-

1.175

708

869

5.842

17.207

11.071

8.859

10.790

1.637

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

J. Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post A genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten.

-

-

-

-

-

-

K. Verwachte boekwinst op exploitatie van verkoop van effecten.

-

-

-

-

-

-

44

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.5 Begroting VrAA/BAA overzicht Het onderstaande overzicht bevat de begroting VrAA/BAA. bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Baten Uitgeleend personeel Huren Overige goederen en diensten Inkomensoverdrachten - Rijk Inkomensoverdrachten - Gemeenten Inkomensoverdrachten - Gemeenschappelijke Regelingen Overige bijdragen Rentebaten Totale baten

469 341 4.178 8.959 84.403 18 98.368

39 433 2.328 7.904 84.403 95.106

215 111 2.945 8.083 86.859 98.213

98 111 3.706 8.183 86.759 98.858

Lasten Salarissen en sociale lasten Belastingen Kapitaallasten Duurzame goederen Ingeleend personeel Overige goederen en diensten Totale lasten

72.901 247.441 211 4.060 18.219 102.808

65.034 30 7.253 108 772 16.410 89.608

67.161 30 7.597 113 2.703 21.670 99.274

68.669 30 7.597 113 842 18.603 95.853

Saldo van baten en lasten

4.440-

5.498

1.061-

3.005

RESERVES Onttrekkingen Dotaties Mutaties in reserves

6.127 434 5.693

125 5.623 5.498-

5.209 4.148 1.061

125 3.130 3.005-

Resultaat

1.253

-

-

-

VrAA/BAA

45

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.6 Toelichting baten 9.6.1 Rentebaten bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Rente rekening-courant

18

-

-

-

Totaal

18

-

-

-

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Opbrengsten detachering

469

39

215

98

Totaal

469

39

215

98

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Huuropbrengsten

341

433

111

111

Totaal

341

433

111

111

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

613

570

500

570

Rentebaten

9.6.2 Uitgeleend personeel bedragen x € 1.000

Uitgeleend personeel

9.6.3 Huren bedragen x € 1.000

Huren

9.6.4 Overige goederen en diensten bedragen x € 1.000

Overige goederen en diensten

Baten Veiligh.-& Vergunningsadv. Baten ETC

23

-

-

-

Externe omzet BOCAS

1.260

1.200

1.458

2.154

Baten overige dienstverlening

1.076

235

384

304

Extern gefinancierde activiteiten

161

205

90

210

Overige baten

264

118

145

100

Buitengewone baten

781

-

368

368

4.178

2.328

2.945

3.706

Totaal

46

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.6.5 Rijksbijdragen bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Algemene Rijksbijdrage Bijzondere bijdrage CBRNE Bijzondere bijdrage aandeel versterkingsgeld

7.846 175 938

6.791 175 938

6.970 175 938

7.070 175 938

Totaal

8.959

7.904

8.083

8.183

Gemeentelijke regionale bijdrage VrAA/BAA

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Aalsmeer Amstelveen Amsterdam Diemen Ouder-Amstel Uithoorn

1.147 4.528 62.566 1.125 613 1.209

1.147 4.528 62.566 1.125 613 1.209

1.164 4.595 64.841 1.142 622 1.227

1.164 4.595 64.741 1.142 622 1.227

Totaal

71.188

71.189

73.591

73.491

Gemeentelijke maatwerk bijdrage VrAA/BAA

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Aalsmeer Amstelveen Amsterdam Diemen Ouder-Amstel Uithoorn

65 603 12.225 186 135

65 603 12.225 186 135

66 612 12.264 189 137

66 612 12.264 189 137

Totaal

13.214

13.213

13.268

13.268

Rijksbijdragen VRAA/BAA

9.6.6 Gemeentelijke bijdragen – regionaal bedragen x € 1.000

De nominale ontwikkeling 2022 is toegepast.

9.6.7 Gemeentelijke bijdragen – maatwerk bedragen x € 1.000

De nominale ontwikkeling 2022 is toegepast op alle onderdelen behalve op de maatwerkbijdrage FLO.

47

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.7 Toelichting lasten 9.7.1 Salarissen en sociale lasten bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Loonkosten beroeps, vrijwilligers en staf FLO-uitkeringen Bijdrage GMK

57.535 14.481 885

60.222 3.927 885

62.114 4.162 885

62.912 4.872 885

Totaal

72.901

65.034

67.161

68.669

Salarissen en sociale lasten

Loonkosten beroeps en vrijwilligers De stijging van de loonkosten in de geactualiseerde begroting 2022 is vooral het gevolg van de nieuwe CAO.4 FLO-uitkeringen Er was in 2021 sprake van flink hogere loonkosten voor het FLO-overgangsrecht. Door het stopzetten van de levensloopregeling in 2022 zijn er in 2020 en in 2021 extra bijdragen betaald aan de levenslooptegoeden FLO-regeling. De kosten zullen vanaf het jaar 2022 weer een stuk lager zijn. In 2015 is een FLO (functioneel leeftijdsontslag) convenant afgesloten tussen de brandweer en de gemeenten Amsterdam en Amstelveen, waarin de afspraken zijn vastgelegd over het beleid en dekking van de kosten met betrekking tot de tweede loopbaan en andere consequenties van het FLO akkoord. Vervolgens is in samenspraak met de gemeenten Amsterdam en Amstelveen een plan van aanpak opgesteld voor de tweede loopbaan, dat vanaf 2016 geleidelijk wordt uitgevoerd. Amsterdam betaalt een jaarlijkse maatwerkbijdrage voor de uitvoering van het FLO-akkoord. In 2021 en verder bedraagt deze € 9,5 miljoen om vanuit de reserve FLO aan de plichten te kunnen voldoen die de komende jaren voortvloeien uit de bestaande regeling(en). De Amstelveense FLO-kosten maken geen onderdeel uit van de exploitatie van de brandweer, omdat deze kosten direct worden doorbelast aan de gemeente.

De VrAA heeft tot en met het jaar 2046 FLO-verplichtingen van in totaal € 129 miljoen voor de FLO’ers van Amsterdam. Deze zijn in het jaarverslag 2021 opgenomen onder de niet uit de balans blijkende verplichtingen.

4

Definitief akkoord “Doorwerking akkoord CAO Gemeenten/SGO 2021-2022 naar personeel veiligheidsregio’s” d.d. 7 februari 2022.

48

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.7.2 Belastingen bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Te betalen Vennootschapsbelasting

24-

30

30

30

Totaal

24-

30

30

30

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Rente vaste activa Toevoeging egalisatievoorziening Onttrekking egalisatievoorziening Afschrijvingen materiële vaste activa Boekwinst/-verlies vaste activa Buitengewone baten/lasten vaste activa

162 1.979 185.393 74-

1.088 1041.0217.290 -

938 902 175.774 -

1.081 235 1.0597.339 -

Totaal

7.441

7.253

7.597

7.597

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Kleine inventaris en meubilair

211

108

113

113

Totaal

211

108

113

113

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Bedrijfsvoering Crisisbeheersing Risicobeheersing en preparatie Projecten Overig

1.374 148 1.160 433 946

257 425 90

911 747 844 201

257 495 90

Totaal

4.060

772

2.703

842

Belastingen

9.7.3 Kapitaallasten bedragen x € 1.000

Kapitaallasten

9.7.4 Duurzame goederen bedragen x € 1.000

Duurzame goederen

9.7.5 Personeel van derden bedragen x € 1.000

Personeel van derden

49

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.7.6 Overige goederen en diensten bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Brandweerspecifieke kosten Buitengewone lasten Energie Gebouwgerelateerde kosten Kleding Opleiden, oefenen en ontwikkeling (extern) Overige materiële kosten Personeelsgerelateerde kosten Voertuig gerelateerde kosten

1.571 7 978 4.447 279 1.594 4.840 3.021 1.483

583 2925 3.633 339 1.529 4.689 2.984 1.730

609 539 1.110 3.790 411 3.691 6.514 3.237 1.769

530 452 1.050 3.770 330 1.959 5.713 3.029 1.769

Totaal

18.219

16.410

21.670

18.603

Overige goederen en diensten

50

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.8 Toelichting mutaties reserves 9.8.1 Onttrekkingen aan de reserves bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Onttrekkingen VrAA/BAA

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Algemene reserve Bestemmingsreserve WW Bestemmingsreserve Vastgoed Amsterdam Bestemmingsreserve FLO Amsterdam Bestemmingsreserve Strategisch HRM Bestemmingsreserve Informatiebesturing Bestemmingsreserve Mobiliteit Bestemmingsreserve Innovatie Bestemmingsreserve Opleiden en Oefenen

112 5.260 118 180 457

Totaal

6.127

125

5.208

125

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

5.189

3.714

2.696

434

434

434

434

434

5.623

4.148

3.130

125

700 125 2.000 447 268 753 915

125

Voor een toelichting op de reserves, zie paragraaf 11.2.

9.8.2 Dotaties aan de reserves bedragen x € 1.000

Dotaties VrAA/BAA Algemene reserve Bestemmingsreserve WW Bestemmingsreserve Vastgoed Amsterdam Bestemmingsreserve FLO Amsterdam Bestemmingsreserve Strategisch HRM Bestemmingsreserve Informatiebesturing Bestemmingsreserve Mobiliteit Bestemmingsreserve Innovatie Bestemmingsreserve Opleiden en Oefenen Totaal

De aan uw veiligheidsbestuur voorgelegde resultaatbestemming 2021 (te weten een dotatie aan de reserve Strategisch HRM van € 550.000, een dotatie aan de reserve Informatiesturing van € 203.000 en een dotatie van € 500.000 aan de nieuw in te stellen reserve Mobiliteit) is in bovenstaand overzicht nog niet in de Actualisatie 2022 opgenomen. Voor een toelichting op de reserves, zie paragraaf 11.2.

51

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

9.9 Meerjarenbegroting VrAA/BAA bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Baten Uitgeleend personeel Huren Overige goederen en diensten Inkomensoverdrachten - Rijk Inkomensoverdrachten - Gemeenten Inkomensoverdrachten - Gemeenschappelijke Regelingen Overige bijdragen Rentebaten Totale baten

469 341 4.178 8.956 84.403 18 98.365

39 433 2.328 7.904 84.403 95.106

215 111 2.945 8.083 86.859 98.213

98 111 3.706 8.183 86.759 98.858

98 111 3.706 8.183 86.759 98.858

98 111 3.706 8.183 86.759 98.858

98 111 3.706 8.183 86.759 98.858

Lasten Salarissen en sociale lasten Belastingen Kapitaallasten Duurzame goederen Ingeleend personeel Overige goederen en diensten Totale lasten

72.901 247.441 211 4.060 18.219 102.808

65.034 30 7.253 108 772 16.410 89.608

65.921 30 7.597 113 2.703 21.670 98.034

67.336 30 7.597 113 842 18.603 94.520

67.338 30 7.597 113 842 18.729 94.648

66.970 30 7.597 113 842 18.812 94.364

67.187 30 7.597 113 842 18.895 94.663

Saldo van baten en lasten

4.443-

5.498

179

4.337

4.210

4.494

4.194

RESERVES Onttrekkingen Dotaties Mutaties in reserves

6.127 434 5.693

125 5.623 5.498-

5.209 5.388 179-

125 4.462 4.337-

125 4.335 4.210-

125 4.619 4.494-

125 4.319 4.194-

Resultaat

1.250

-

-

-

-

-

-

VrAA/BAA

In de meerjarige begroting zijn alle bekende meerjarige ontwikkelingen verwerkt.

52

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

10. Begroting GHOR 10.1 Begroting GHOR overzicht Het onderstaande overzicht bevat de begroting de GHOR. bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

2.653 328

2.562 328

2.653 380

2.653 380

2.981

2.890

3.033

3.033

26

26

26

26

1.802 1.521 3.349

1.995 1.030 3.051

1.682 1.406 3.114

1.682 1.406 3.114

Saldo van baten en lasten

367-

161-

81-

81-

RESERVES Onttrekkingen Dotaties Mutaties in reserves

367 367

161 161

81 81

81 81

-

0-

-

-

GHOR Baten Uitgeleend personeel Huren Overige goederen en diensten Inkomensoverdrachten - Rijk Inkomensoverdrachten - Gemeenten Inkomensoverdrachten - Gemeenschappelijke Regelingen Overige bijdragen Rentebaten Totale baten Lasten Salarissen en sociale lasten Belastingen Kapitaallasten Duurzame goederen Ingeleend personeel Overige goederen en diensten Totale lasten

Resultaat

10.2 Toelichting baten <toelichting>

10.3 Toelichting lasten <toelichting>

10.4 Toelichting mutaties reserves <toelichting>

53

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

10.5 Meerjarenbegroting GHOR bedragen x € 1.000

Rekening 2021

Begroting 2022

Actualisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

2.653 328

2.562 328

2.653 380

2.653 380

2.653 380

2.653 380

2.653 380

2.981

2.890

3.033

3.033

3.033

3.033

3.033

26

26

26

26

26

26

26

1.802 1.521 3.349

1.995 1.030 3.051

1.682 1.406 3.114

1.682 1.406 3.114

1.682 1.406 3.114

1.682 1.406 3.114

1.682 1.406 3.114

Saldo van baten en lasten

367-

161-

81-

81-

81-

81-

81-

RESERVES Onttrekkingen Dotaties Mutaties in reserves

367 367

161 161

81 81

81 81

81 81

81 81

81 81

-

0-

-

-

-

-

-

GHOR Baten Uitgeleend personeel Huren Overige goederen en diensten Inkomensoverdrachten - Rijk Inkomensoverdrachten - Gemeenten Inkomensoverdrachten - Gemeenschappelijke Regelingen Overige bijdragen Rentebaten Totale baten Lasten Salarissen en sociale lasten Belastingen Kapitaallasten Duurzame goederen Ingeleend personeel Overige goederen en diensten Totale lasten

Resultaat

In de meerjarige begroting zijn alle bekende meerjarige ontwikkelingen verwerkt.

54

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

11. Bijlagen 11.1 Overzicht gemeentelijke bijdragen

11.1.1 Actualisatie 2022 VRAA/BAA bedragen x € 1.000

Totaal bijdragen gemeenten VrAA/BAA

Aalsmeer

Amstelveen

Amsterdam

Diemen

Ouder-Amstel

Uithoorn

Totaal

Regionale bijdrage

1.164

4.595

64.841

1.142

622

1.227

73.591

Maatwerk bijdrage

66

612

12.264

189

-

137

13.268

Actualisatie 2022

1.229

5.207

77.106

1.331

622

1.364

86.859

In de geactualiseerde begroting 2022 is de begroting 2022 als basis genomen en hierop is de nominale ontwikkeling 2022 toegepast. De nominale ontwikkeling 2022 is toegepast op alle onderdelen behalve op de maatwerkbijdrage FLO. De nominale ontwikkeling op de regionale bijdrage is in totaal € 1,049 mln. De nominale ontwikkeling op de maatwerkbijdrage bedraagt in totaal € 0,054 mln. Daarnaast is de regionale bijdrage van de gemeente Amsterdam verhoogd met € 1,353 mln. door de komst van Weesp. bedragen x € 1.000

Maatwerk VrAA/BAA per gemeente

Aalsmeer

Amstelveen

FLO

Amsterdam

Diemen

Ouder-Amstel

Uithoorn

Totaal

9.500

Eigenaarslasten kazernes

66

593

9.500

2.681

Blusboot

155

-

102

3.597

83

83

Preventie

34

Jeugdbrandweer

34

69

18 66

Actualisatie 2022

612

18 12.264

189

-

137

13.268

GHOR bedragen x € 1.000

Totaal bijdragen gemeenten GHOR

Aalsmeer

Amstelveen

Amsterdam

Diemen

Ouder-Amstel

Uithoorn

Totaal

Regionale bijdrage

10

28

319

9

4

9

380

Actualisatie 2022

10

28

319

9

4

9

380

In de geactualiseerde begroting 2022 is de begroting 2022 als basis genomen en hierop is de nominale ontwikkeling 2022 toegepast. De nominale ontwikkeling 2022 is toegepast op alle onderdelen. De nominale ontwikkeling op de regionale bijdrage is in totaal € 380,-. Daarnaast is de regionale bijdrage van de gemeente Amsterdam verhoogd met € 0,047 mln. door de komst van Weesp.

55

Ontwerp-programmabegroting 2023 & actualisatie 2022 VrAA

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11596404/1