A - 08 Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire Economie (42) 2. Bijlage
Tekst van het document
Huidige en gewenste situatie Eerder onderzoek liet zien dat er een brede maatschappelijke beweging van DOENers is, ook in de circulaire economie. Zie bijvoorbeeld: https://openresearch.amsterdam/nl/page/91474/onderzoek-naar-maatschappelijkeinitiatieven-en-collectieve-actie (april 2022) Maar liefst 70% van de ondervraagden ziet in eigen buurt mensen die samen maatschappelijke initiatieven organiseren en doen. 52% van de respondenten gaf aan weleens mee te doen aan activiteiten van deze initiatieven. Deze initiatieven zijn dus zichtbaar in de stad en hebben naast een hoge ‘gunfactor’ ook een ‘hefboomeffect’. Doordat mensen de buren in actie zien komen voor een duurzame, circulaire stad, gaan zij zichzelf ook duurzamer gedragen. Deze bevinding wordt ondersteund door andere onderzoeken (onder meer van Linda Steg, Rijksuniversiteit Groningen. Hoogleraar Tine de Moor onderschrijft het belang van deze ‘positieve besmettelijkheid’. Groot bereik en meervoudige impact Een eerdere analyse van MAEX liet zien dat collectieve initiatieven samen een brede impact hebben in de circulaire economie en op verschillende Sustainable Development Goals (SDG’s). De door MAEX geselecteerde 74 initiatieven bereiken samen 484.000 maal per jaar een Amsterdammer met de activiteiten die zij uitvoeren. Hierbij zijn in totaal 3.486 vrijwilligers betrokken en 308 betaalde medewerkers.
Bij eigenlijk alle initiatieven zien we een brede, integrale, ook maatschappelijke, impact, zoals bij initiatieven die onverkocht voedsel inzetten voor mensen met een kleine portemonnee of allerlei initiatieven gericht op het delen dan wel ruilen van spullen (kleding, gereedschap). Of buurtwerkplaatsen waar spullen worden gerepareerd, gedeeld of een tweede leven krijgen. Deze initiatieven, kort- en langlopend, hebben geen commercieel verdienmodel en bedienen soms kwetsbare doelgroepen. De potentie om van onderop bij te dragen aan systeemverandering is groot, maar er zijn nog tal van belemmeringen. Juridische en financiële belemmeringen, een nog kwetsbaar en klein ‘ecosysteem’ in Amsterdam en weinig kennis over meer dan financiële waarde en impact. Gewenste situatie De Amsterdam Donut Coalitie vervult als netwerkorganisatie een grotere rol als verbinder in het ondersteunen van veranderaars en het leren van elkaar. Het gaat ook om het verbinden van donutpioniers met gelijkgestemden binnen de gemeentelijke organisatie, oftewel van systeemwereld en leefwereld bij elkaar. Gestart wordt met een onderzoek uit onder vijftig ‘donutpioniers’ om deze verder in kaart te brengen voor initiatieven in de circulaire economie.
De resultaten (oktober/november 2023 beschikbaar) vormen belangrijke input voor de verdere uitwerking van het specifieke op donutinitiatieven gerichte ondersteuningsaanbod. De MAEX, een platform in gebruik door steden als Amsterdam, biedt een methode voor het kwantificeren van de maatschappelijke meerwaarde van initiatieven. Dit kan verder ingezet worden voor het in kaart brengen en kwantificeren van de maatschappelijke waarde van initiatieven. Kortom, het doel is: een versterking van de ‘maatschappelijke route’ in de circulaire economie. Zo creëren we samen een nieuw speelveld en dragen we bij aan de systeemverandering door de beweging die in de stad ontstaat. Motivatie
De transitie naar een circulaire economie is ook een sociale (maatschappelijke) transitie. Lokale initiatieven die concreet aan de slag zijn met het verwaarden van grondstoffen en het sluiten van kringlopen zijn essentieel voor het draagvlak voor de circulaire economie: ze maken het tastbaar, behapbaar en toegankelijk. Juist de verscheidenheid is hun kracht. Het is belangrijk dat ze er op meerdere plekken in de stad kunnen zijn en aansluiten bij specifieke vraagstukken en behoeftes in hun omgeving. Veelal zijn het die waarden (meedoen, zeggenschap, inkomen et cetera) die mensen in beweging brengen en motiveren om op een andere manier om te gaan met spullen en materiaalstromen. De gemeente, onder meer met AmsterDOEN en netwerken zoals de Amsterdam Donut Coalitie, jagen deze beweging aan. Door samen te werken met initiatieven leren we wat dit betekent en wat nodig is voor meer impact en verandering. Het betekent ook dat we onze systeemwereld verbinden aan de leefwereld van initiatiefnemers. Dat schuurt soms, maar door dit niet uit de weg te gaan ontstaat ruimte voor verandering.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 18
2.7
ndersteunen van en samenwerken met initiatieven die bijdragen aan de O donuteconomie
Eigenaar
Team Stedelijke innovatie, Directie Digitalisering en Innovatie
Naam actie
Circulair DOEN: Faciliteren en ondersteunen van de maatschappelijke route in de circulaire/donut-economie
Verwachte impact
Met het gebruik van MAEX – en mogelijk vergelijkbare benaderingen – brengen we de impact van de initiatieven in kaart. Dit zal veelal meervoudig zijn. Specifiek betekent dit het volgende: • directe ecologische impact door samen te consuminderen of anders te consumeren, spullen te hergebruiken, et cetera; • directe sociale impact door te sturen op gedragsverandering of juist het ontlasten/ondersteunen van initiatieven met een sociaal doel of kwetsbare doelgroep; • economische impact door aan te sluiten bij initiatieven en ecosystemen in Community Wealth Building – een initiatief om geldstromen meer lokaal te gaan organiseren – en bij de lokale economie; • verdieping met andere Europese steden leidt internationaal ertoe dat we van experimenteren en pionieren naar een gestructureerde aanpak komen (programmatische donut); • ook creëren we kennisdeling (en leren we) door samen te werken met AmsterDOENers in bijvoorbeeld energie en mobiliteit, en kennisinstellingen.
Looptijd
Looptijd: Finishlijn: september 2023 – december 2026 (Het AmsterDOEN-incubatorprogramma start in Q3/4 en loopt tot en met Q2/Q3 in 2024).
Verwacht resultaat
Belemmerende regelgeving en wetgeving is in kaart gebracht en (deels) verholpen. • Financieringsmogelijkheden zijn in kaart gebracht. Waar mogelijk worden deze, in samenwerking met partners en financiers, ook benut. • Er is een portfolio van relevante en impactvolle initiatieven (zes tot acht per jaar) die in samenwerking met de gemeente Amsterdam een stap verder zijn gekomen. • Een stevig netwerk brengt initiatieven in de stad samen en geeft deze een podium. • Er is inzicht in de maatschappelijke impact van lokale, collectieve initiatieven op de circulaire economie én de route daarnaartoe (hoe creëer je impact en hoe kan de gemeente daarin ondersteunen?). • Amsterdammers (in het algemeen), maar ook specifieke doelgroepen worden beter bereikt door samen te werken met initiatieven. • Er is bewustwording gecreëerd van de maatschappelijke principes van de circulaire en donuteconomie en hoe dit te vertalen in beleid van gemeente en andere organisaties.
Bijdrage aan systeemverandering
Eén bedrijf kan duizenden tonnen kleding recyclen, maar duizenden mensen creëren samen het sociale omslagpunt richting een nieuwe, duurzame en circulaire economie. Samen zetten we de nieuwe sociale norm: reduce, reuse, recycle. Daarbij zijn lokale initiatieven zeer zichtbaar voor Amsterdammers en hebben naast een hoge ‘gunfactor’ ook een ‘hefboomeffect’. Doordat mensen de buren in actie zien komen voor een duurzame, circulaire stad, gaan zij zichzelf ook duurzamer gedragen.
Strategie (voorkomen, verlengen, verwaarden, vervangen)
Alle treden van de R-ladder (V-ladder): verlengen levensduur, verkorten keten, voorkomen dat afval ontstaat.
Beleidsinstrumentarium
7 Normeren (wet- en regelgeving) 7 Beprijzen (financiële instrumenten) 7 Stimuleren (zachte instrumenten)
Organisatie
Eigenaar: team CE (R&D) in samenwerking met het innovatieteam voor het actieprogramma AmsterDOEN Werkt mee: stadsdelen in het aanjagen en ondersteunen van circulaire initiatieven en de Amsterdam Donut Coalitie Europese steden (via Europees subsidieproject)
Vervolgstap
We brengen het huidige gemeentelijke subsidielandschap in kaart in relatie tot donutgedreven initiatieven. De Amsterdam Donut Coalitie inventariseert knelpunten en/of belemmeringen onder vijftig donutpioniers. In het najaar van 2023 start onder andere de AmsterDOEN-incubator, een helpdesk. Op 13 november vindt de Donutdag plaats.
Financiële dekking
Binnen huidige dekking, nl Per jaar: • € 35.000,- ter ondersteuning van de Amsterdam Donut Coalitie (andere cofinanciers: HvA, Olympics en de JC Arena) • € 60.000,- à € 100.000,- cofinanciering van het incubatorprogramma binnen AmsterDOEN • € 700.000,- voor financiële ondersteuning (via bestaande subsidieregelingen en waarschijnlijk een aanvullend ‘donutfonds’ vanuit de MAEX) • € 100.000,- voor programmanagement en samenwerking met alle relevante partijen binnen en buiten de gemeentelijke organisatie. Voor internationale samenwerking zoeken we nog dekking, bijvoorbeeld via een Europese subsidieaanvraag.
Monitoring
• AmsterDOEN maakt een jaarlijkse evaluatie. • Resultaten worden ieder jaar gepresenteerd tijdens het donutfestival. • Met het gebruik van MAEX (en mogelijk vergelijkbare benaderingen) brengen we de impact van de initiatieven in kaart.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 19
2.7
ndersteunen van en samenwerken met initiatieven die bijdragen aan de O donuteconomie
Eigenaar
Team Stedelijke innovatie, Directie Digitalisering en Innovatie
Naam actie
Circulair DOEN: Faciliteren en ondersteunen van de maatschappelijke route in de circulaire/donut-economie
Leerdoel
Een meer intensieve samenwerking met Amsterdamse initiatieven vergt een andere manier van organiseren, denken, en doen. Dit houdt in dat we gaan leren hoe we deze ervaring(en) meer dan financieel kunnen waarderen, hoe we beter kunnen faciliteren en samenwerken en zo beter samenwerken aan een sociale en duurzame stad.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 20
3
Voorstellen Voedsel en organische reststromen
Voor de waardeketen ‘Voedsel en organische reststromen’ wordt (in overeenstemming met de Voedselstrategie) het re-rootconcept van het Nederlandse voedselsysteem ‘Re-rooting the Dutch food system, from more to better’ van Imke de Boer (WUR) als toekomstbeeld genomen. Hierin schetst zij, samen met een team van boeren, vertegenwoordigers van milieu- en landbouworganisaties en wetenschappers van Wageningen Universiteit hoe we in 2050 in Nederland tot een circulair voedselsysteem kunnen komen, een voedselsysteem zonder voedselverspilling, met waardering van reststromen en terugwinnen van nutriënten. Het gaat uit van bewuste, betrokken en voedselvaardige bewoners in een stedelijke omgeving.
3.1
Aanvalsplan voedselverspilling
Eigenaar
Ruimte en Duurzaamheid
Naam actie
Aanvalsplan voedselverspilling
Omschrijving actie
We stellen een plan van aanpak op om voedselverspilling terug te dringen. De focus ligt daarbij op : • preventie van voedselverspilling bij huishoudens (uitgewerkt in het format ‘Voedselverspilling huishoudens’); • preventie van voedselverspilling bij bedrijven (horeca en retail dat is uitgewerkt in format ‘Voedselverspilling bedrijven’); • voedsel redden dat om welke reden dan ook niet verkocht wordt en beschikbaar maken voor sociale voedselinitiatieven (Uitgewerkt in format ‘Voedsel redden ten behoeve van sociale initiatieven’). Daarbij worden zowel de Monitor Circulaire Economie (Monitor CE) als CircuLaw ingezet als instrumenten.
Ambitie
In navolging van ‘Amsterdam Circulair 2020-2025, Strategie’ (pagina 17): inzetten op de waardeketen ‘Voedsel en organische reststromen’ met de ambitie om voor 2030 voedselverspilling van consumenten en bedrijven met 50% te verminderen.
Huidige en gewenste situatie Hoewel de milieu-impact van voedselverspilling groot is, is de bestuurlijke aandacht en de inzet vanuit de gemeente op dit thema afgelopen jaren beperkt gebleven. Dit betekent dat we het onderwerp en de kansen (inventarisatie best practices) eerst goed in kaart willen brengen en dan gerichte acties gaan uitzetten. Het betekent ook dat we de Monitor CE gericht gaan inzetten om verspilling beter te meten. Daarnaast doen we via CircuLaw een wetsanalyse om de mogelijkheden te bepalen om maatregelen op te leggen, met name gericht op horeca, retail, distributiecentra, bedoeld om voedselverspilling terug te dringen. In 2026 willen we de voedselverspilling met 25% teruggedrongen hebben ten opzichte van 2015. Amsterdam gaat het gevecht tegen voedselverspilling aan en wil de reductie van 50% in 2030 halen! Motivatie
Voedselverspilling heeft een enorme (milieu)impact: denk aan CO2-uitstoot, watergebruik, biodiversiteitsverlies en grondgebruik. Om goed te kunnen inzetten op het halen van de doelstelling van 50% minder verspilling in 2030, schrijven we dit aanvalsplan Voedselverspilling met daarin de best mogelijke acties om dit te bereiken.
Verwachte impact
Directe impact: er wordt minder voedsel verspild. Dit betekent minder CO2-uitstoot. Sociale impact: het surplus aan goed voedsel wordt beter toegankelijk voor sociale initiatieven, waardoor Amsterdammers die hiervan gebruik willen maken meer toegang hebben tot (gezond) voedsel.
Looptijd
Looptijd: schrijven ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’ start Q3 2023. Finishlijn: Q1 2024, dan start de uitvoering van de acties (zie de formats: 3.2 Terugdringen voedselverspilling huishoudens, 3.3 Terugdringen voedselverspilling bedrijven, 3.4 Voedselverspilling casus CircuLaw, 3.5 Voedsel redden voor sociale initiatieven en 6.1 Monitoring voedselverspilling).
Verwacht resultaat
Voedselverspilling is in 2015 niet specifiek voor Amsterdam gemeten. Daarom wordt een inschatting gemaakt gebaseerd op de landelijke cijfers zoals die te vinden zijn bij de Stichting Samen tegen Voedselverspilling en het Voedingscentrum. In 2026 hebben we bereikt dat er 25% minder voedsel verspild wordt ten opzichte van 2015.
Bijdrage aan systeemverandering
Het verminderen van voedselverspilling is een belangrijke component in de transitie naar een circulaire voedselketen. Structurele veranderingen in voedsel inkopen, bereiden, de logistiek en wat er met reststromen gebeurt kunnen leiden tot significante besparingen in voedsel. Dit leidt tot een efficiëntere keten en vermindert land- en watergebruik en de uitstoot van broeikasgassen. Voedselverspilling tegengaan is een opgave die we binnen de gemeente vanuit de ‘Voedselstrategie Amsterdam’ samen met Afval en Grondstoffen (A&G) en Sociaal Domein (WPI en stadsdelen) zullen oppakken. Belangrijke externe partners zijn de Stichting Samen tegen Voedselverspilling (STV) en de vele landelijke en Amsterdamse initiatieven die zich inzetten voor dit onderwerp.
Strategie (voorkomen, verlengen, verwaarden, vervangen)
Refuse: minder inkopen: preventie van voedselverspilling. Reuse: efficiënter gebruiken wat je hebt. Recycle: zorg dat wat toch overblijft ofwel alsnog door mensen geconsumeerd kan worden of, als dat niet meer kan, wordt verwerkt tot bijvoorbeeld compost en zo kan terugkeren in de bodem en dus in de voedselkringloop.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 21
3.1
Aanvalsplan voedselverspilling
Eigenaar
Ruimte en Duurzaamheid
Naam actie
Aanvalsplan voedselverspilling
Beleidsinstrumentarium
Normeren (wet- en regelgeving) Beprijzen (financiële instrumenten) 7 Stimuleren (zachte instrumenten) NB: Voedselverspilling wordt ook een casus van CircuLaw [apart format]. Mogelijk dat hieruit kansen voor normering en beprijzing volgen.
Organisatie
Eigenaar: team CE (R&D) Belangrijke partners: Voedselstrategie, A&G (Afvalpreventieplan), Sociaal WPI, stadsdelen
Vervolgstap
• We zoeken goede voorbeelden en leren van anderen wat wel en niet werkt (zoals onder andere: - horeca-acties Rotterdam en Gelderland+; - FOODRUS EU-database met goede voorbeelden over terugdringen van voedselverspilling; - studiereis Milaan in juni 2023 om de succesvolle aanpak van deze stad te leren kennen en best practices te horen van tien andere steden uit Europa en de VS. • We brengen de ‘rest’-voedselstromen, onder andere van huishoudens, horeca, supermarkten, distributiecentra en markten, zo goed mogelijk in kaart (flowchart) om inzicht te krijgen in waar de grootste absolute verspilling plaatsvindt (Monitor CE). Deze inzichten worden gebruikt om het ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’ te schrijven met daarin gerichte acties die zo groot mogelijke impact maken. • We zijn partner van de Stichting Samen tegen Voedselverspilling (STV) en kijken met deze organisatie welke instrumenten het beste ingezet kunnen worden om voedselverspilling terug te dringen.
Financiële dekking
7 Binnen huidige dekking, nl: aanvalsplan schrijven, uren team CE (R&D) 7 Dekking moet nog worden gevonden, nl: • Inschatting budget voor de uitvoering (Acties) van het aanvalsplan Voedselverspilling: • CE Voedsel: € 800.000,- aanvraag CE-coalitiemiddelen 2024-2026 (hiervan is: - € 200.000,- preventie voedselverspilling huishoudens; - € 200.000,- preventie voedselverspilling bedrijven; - € 400.000,- voedsel redden ten behoeve van sociale initiatieven. NB: Begroting en exacte budgetaanvraag wordt opgesteld in het ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’. Toezegging bijdrage en medewerking, hoogte bedrag nog onbekend: • Voedselstrategie p.m. • A&G (Afvalpreventieplan) p.m. • Sociaal p.m.
Monitoring
Monitor CE (zie apart format 6.1 Monitoring voedselverspilling)
Leerdoel
Voedselverspilling is een groot (inter)nationaal probleem. Ongeveer een derde van het voedsel wereldwijd wordt verspild. We willen leren hoe we een pakket aan maateregelen – stimuleringsmaatregelen, maatregelen gericht op gedragsverandering, juridische maatregelen – kunnen inzetten om verspilling tegen te gaan. Door te meten (Monitor CE) leren we welke maatregelen werken. We doen dit niet alleen, wij leren van anderen en de acties uit ons aanvalsplan zullen relevant zijn voor de direct betrokken partijen, maar ook voor alle andere initiatieven en organisaties die zich bezighouden met het thema voedselverspilling.
3.2
Terugdringen voedselverspilling huishoudens
Eigenaar
Ruimte en Duurzaamheid
Naam actie
Terugdringen Voedselverspilling van huishoudens
Omschrijving actie
NB: Deze actie wordt verder uitgewerkt in het ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’ Aangezien de voedselverspilling bij huishoudens groot is – ongeveer 10% van de totaal gekochte hoeveelheid voedsel wordt volgens Stichting Samen Tegen Voedselverspilling (STV) weggegooid door huishoudens – is een eerste inventarisatie van acties gedaan: • Specifieke actie op brood, in het kader van Europees project FOODRUS. Brood wordt het meest verspild. Inventarisatie van de juridische maatregelen om het overschot aan brood terug te dringen, worden in kaart gebracht via CircuLaw. Vervolgens worden de maatregelen waar mogelijk in horeca en retail ingezet. • Amsterdam doet mee aan de verspillingsvrije week in september en maakt daarbij gebruik van de instrumenten die beschikbaar zijn via bijvoorbeeld de STV. • In samenwerking met het Voedingscentrum neemt Amsterdam deel aan een koplopersgroep die handelingsperspectief gaat ontwikkelen en testen om verspilling bij huishoudens terug te dringen. • Door een studietour naar Milaan (winnaar van de EarthShot Prize 2023) leren we van de aanpak van voedselverspilling in deze stad en delen kennis met tien internationale steden.
Ambitie
In navolging van ‘Amsterdam Circulair 2020-2025, Strategie’ (pagina 17): inzetten op de waardeketen ‘Voedsel en organische reststromen’ met de ambitie om voor 2030 voedselverspilling van consumenten en bedrijven met 50% te verminderen.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 22
3.2
Terugdringen voedselverspilling huishoudens
Eigenaar
Ruimte en Duurzaamheid
Naam actie
Terugdringen Voedselverspilling van huishoudens
Huidige en gewenste situatie Schatting is dat nu 10% van het ingekochte voedsel thuis wordt weggegooid. Met verschillende acties willen we dit met 50% in 2030 terugdringen. Dat betekent dat in 2030 maximaal 5% van het gekochte eten weggegooid wordt. In samenwerking met de Monitor CE zoeken we naar data over voedselverspilling vanaf 2015 door huishoudens. Het is belangrijk dit te monitoren, want we willen weten wat in Amsterdam gemiddeld aan voedsel wordt weggegooid en de milieu-impact van voedsel is hoog. • We doen een sorteeranalyse van vuilniszakken (steekproef, in samenwerking met A&G). • Elke drie jaar houden we een enquête onder Amsterdammers waarin we vragen naar voedselgewoonten. • We zoeken naar beschikbare data over verspilling via bronnen van het Voedingscentrum en STV, en we verkennen welke lokale en landelijke bronnen van data er verder nog zijn. Motivatie
We weten dat voedselverspilling van huishoudens relatief het grootst is. Amsterdam heeft bijna 500.000 huishoudens. Hier reductie bewerkstelligen betekent impact maken. Daarnaast is huishoudelijk afval relatief volumineus en zwaar in het restafval. Minder verspillen betekent dat het volume restafval afneemt en dat er minder restafval ingezameld hoeft te worden.
Verwachte impact
Directe impact: (refuse op de R-ladder) Kostenbesparing: gemiddeld € 130,- per persoon per jaar aan verspild voedsel Positieve norm verspillingsvrij leven, waardering van voedsel, kennis en bewustwording over voedsel en de voedselketen.
Looptijd
Looptijd: 2024-26 Deze actie wordt verder uitgewerkt in het nog op te stellen ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’ (gereed Q1 2024).
Verwacht resultaat
In 2026 hebben we bereikt dat er 25% minder voedsel verspild wordt.
Bijdrage aan systeemverandering
Voedselverspilling tegengaan heeft een enorme (milieu-) impact (CO2-uitstoot, watergebruik, grondgebruik, biodiversiteitsverlies). Voedsel weggooien is ook duur; geld kan een reden zijn voor gedragsverandering.
Strategie (voorkomen, verlengen, verwaarden, vervangen)
Refuse: minder kopen Reuse: gebruiken wat je hebt Recycle: zorg dat anderen er wat aan hebben of zorg minstens dat je afval gescheiden houdt (gfe-inzameling of buurtcompost)
Beleidsinstrumentarium
Normeren (wet- en regelgeving) Beprijzen (financiële instrumenten) 7 Stimuleren (zachte instrumenten)
Organisatie
Eigenaar: team CE Belangrijke partner: A&G en STV
Vervolgstap
Het Aanvalsplan Voedselverspilling schrijven en hierin de hierboven genoemde acties verder uitwerken. Inzichten uit de Monitor CE meenemen, plus de uitkomsten van de wetsanalyse door CircuLaw. Budget aanvragen en vervolgens uitvoeren.
Financiële dekking
7 Binnen huidige dekking, nl: uren Team CE (R&D) 7 Dekking moet nog worden gevonden, nl: in overleg met Afval en Grondstoffen Naar schatting € 200.000,- voor voedselverspillingsacties huishoudens aanvragen bij CE-coalitiemiddelen. Begroting en exacte budgetaanvraag wordt opgesteld in ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’.
Monitoring
Voedselverspilling meten met de Monitor CE: • kg verspild voedsel (vermijdbaar); • kg gfe per inwoner van Amsterdam in restafval; • kg gfe gescheiden ingezameld. Nulmeting, kwantitatieve evaluatie en procesevaluatie achteraf
Leerdoel
Interventies die invloed hebben op huishoudens/gedragsverandering zijn nodig in de gehele duurzaamheidstransitie. De lessons learned zullen de moeite waard zijn om te delen met andere directies en/of focusteams, alsmede met andere steden.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 23
3.3
Terugdringen voedselverspilling bedrijven
Eigenaar
Ruimte en Duurzaamheid
Naam actie
Aanvalsplan Voedselverspilling bij bedrijven (focus op horeca en cateraars)
Omschrijving actie
NB: Deze actie wordt verder uitgewerkt in het ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’ Bedrijven verspillen naar schatting ongeveer 70% van het kwart aan voedsel dat totaal verspild wordt. Hiervan zit ongeveer 10% bij supermarkten, en 10 tot 15% in de horeca en catering. In absolute hoeveelheden (kg) is de verspilling in deze sectoren in Amsterdam naar verwachting heel groot. We brengen de stromen ( horeca, supermarkten, distributiecentra, markten) in kaart om inzicht te krijgen in waar de grootste (absolute) verspilling plaatsvindt. Met behulp van de Monitor CE wordt hiertoe een flowchart opgesteld voor deze stromen. Gerichte acties voor bedrijven zullen onder andere bestaan uit: • In navolging van succesvolle projecten in Rotterdam en Gelderland opstarten van een project/proces met een groot aantal hotels/restaurants dat ertoe leidt dat deze deelnemers hun voedselverspilling terugdringen. In samenwerking met Koninklijke Horeca Nederland (KHN) en STV en gespecialiseerde bureaus, partijen als Orbisk, Green Dish en WasteWatchers. • Deelnemen aan project Scale12.3NL dat zich richt op interventies en specifiek banqueting en ontbijtbuffetten, waarvan bekend is dat hiervan de verspilling zeer hoog is. Samenwerking Green Hotel club (voorheen koplopergroep hotels) zoeken.
• Vervolg op de CoP duurzame catering, waarin terugdringen verspilling een belangrijk speerpunt is: grote werkgevers, waaronder de gemeente zelf, committeren zich aan het verduurzamen van hun catering en terugdringen van verspilling, bijvoorbeeld door het opzetten van clusters rond productgroepen als brood en koffie. • Samenwerking Instock en andere aanbieders van overschot en circulaire producten om het aanbod in de horecasector te verduurzamen en de footprint fors te verlagen. • Verkenning bredere systemische aanpak: link met verpakkingen (alternatieven voor wegwerpplastic), met retourlogistiek, met producentenverantwoordelijkheid. • NB: verspilling terugdringen bij de gemeentelijke catering is belegd bij de Voedselstrategie en Green Office en niet bij team CE.
Ambitie
In navolging van ‘Amsterdam Circulair 2020-2025, Strategie’ (pagina 17): inzetten op de waardeketen ‘Voedsel en organische reststromen’ met de ambitie om voor 2030 voedselverspilling van consumenten en bedrijven met 50% te verminderen.
Huidige en gewenste situatie Er zijn weinig data over voedselverspilling bij bedrijven in Amsterdam en de afgelopen jaren zijn er ook geen acties vanuit de gemeente geweest binnen dit thema. We proberen via de Monitor CE zo goed mogelijk in kaart te brengen welke data we hebben over voedselverspilling bij bedrijven vanaf 2015. Daarnaast gaan we in samenwerking met STV kijken welke instrumenten er zijn en welke het beste werken om verspilling in de genoemde sectoren terug te dringen. Via CIrcuLaw brengen we de juridische mogelijkheden in kaart die de gemeente heeft om terugdringing van de voedselverspilling af te dwingen bij deze sectoren. Waar mogelijk worden dwingende maatregelen opgelegd. De gewenste situatie is 50% minder verspilling in 2050 en 25% minder in 2026. Dit betekent in de periode 2024-06 de best mogelijke acties in kaart brengen en uitvoeren om dit te bereiken. Motivatie
De milieu-impact van voedselverspilling is groot. We weten dat voedselverspilling in Amsterdam bij horeca, supermarkten, catering, markten, distributiecentra in absolute zin (kg) aanzienlijk is. Hier reductie bereiken betekent impact maken. Voedsel weggooien is ook duur; minder verspillen kan bedrijven geld opleveren.
Verwachte impact
Directe impact: er wordt minder voedsel verspild.
Looptijd
Looptijd: start 2024 (starttijd en looptijd volgen uit ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’) Finishlijn: 2026
Verwacht resultaat
In 2026 hebben we bereikt dat er 25% minder voedsel verspild wordt.
Bijdrage aan systeemverandering
Voedselverspilling tegengaan heeft een enorme (milieu-)impact (CO2-uitstoot, watergebruik, grondgebruik, biodiversiteitsverlies). Bedrijven moeten hierin hun verantwoordelijkheid nemen en het goede voorbeeld geven.
Strategie (voorkomen, verlengen, verwaarden, vervangen)
Refuse: minder inkopen, efficiënter. Reuse: gebruiken wat je hebt. Recycle: zorg dat wat toch overblijft ofwel alsnog door mensen geconsumeerd kan worden, ofwel verwerkt anderszins verwaard kan worden tot bijvoorbeeld compost.
Beleidsinstrumentarium
Normeren (wet- en regelgeving) Beprijzen (financiële instrumenten) 7 Stimuleren (zachte instrumenten)
Organisatie
Eigenaar: team Circulaire Economie Belangrijke partner: Voedselstrategie, A&G
Vervolgstap
Het ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’ schrijven en hierin de hierboven genoemde acties verder uitwerken. Inzichten uit de Monitor CE meenemen, plus de uitkomsten van de wetsanalyse door CircuLaw. Budget aanvragen en vervolgens uitvoeren.
Financiële dekking
7 Binnen huidige dekking, nl: CE-coalitiemiddelen 7 Dekking moet nog worden gevonden, nl: in overleg met Voedselstrategie Naar schatting € 200.000,- voor voedselverspillingsacties bedrijven aanvragen bij CE-coalitiemiddelen. Begroting en exacte budgetaanvraag wordt opgesteld in ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 24
3.3
Terugdringen voedselverspilling bedrijven
Eigenaar
Ruimte en Duurzaamheid
Naam actie
Aanvalsplan Voedselverspilling bij bedrijven (focus op horeca en cateraars)
Monitoring
• kg gfe meten en inschatten bij de genoemde doelgroepen: horeca, retail, markten, distributiecentra; • periodiek herhalen. Monitor CE: nulmeting, kwantitatieve evaluatie, en procesevaluatie achteraf
Leerdoel
Relevant voor overheden en bedrijven landelijk
3.4
Voedselverspilling casus CircuLaw
Eigenaar
Stedelijke Innovatie
Naam actie
CircuLaw-casus voedselverspilling
Omschrijving actie
In een CircuLaw-casus middels wetsanalyse onderzoeken welke juridische mogelijkheden Amsterdam heeft om voedselverspilling tegen te gaan.
Ambitie
In het verlengde van ‘Amsterdam Circulair 2020-2025, Strategie’ (pagina 17): inzetten op de waardeketen ‘Voedsel en organische reststromen’ met de ambitie om voor 2030 voedselverspilling van consumenten en bedrijven met 50% te verminderen.
Huidige en gewenste situatie Momenteel bestaat de indruk dat de overheid/gemeente weinig juridische mogelijkheden heeft om voedsel verspilling tegen te gaan. Dat neemt niet weg dat er af en toe pilots of voorbeelden van toepassing van juridische instrumenten langskomen van elders die veelbelovend lijken. In de gewenste situatie weten we welke juridische mogelijkheden er in de gehele keten zijn om verspilling af te dwingen, zodat we deze als gemeente kunnen inzetten. Daar waar we instrumenten missen, gaan we met het Rijk in gesprek om meer mogelijkheden tot sturing te krijgen. Een concreet voorbeeld van een actie die we ook voor Amsterdam gaan verkennen, is gericht op brood. Bij een pilot in Gelderland is een verbod uitgevaardigd voor supermarkten om niet-verkocht brood te retourneren naar de bakkerij. Op dit moment kan een supermarkt het brood dat niet verkocht wordt, retourneren naar de bakkerij waarna het voornamelijk wordt verwerkt tot veevoer. Brood is het meest verspilde product. Aan de hand van de impact van de pilot in Gelderland bekijken we of Amsterdam ook een dergelijk verbod voor supermarkten wil uitvaardigen. Motivatie
De milieu-impact van voedselverspilling is groot. Met acties die alleen gericht zijn op stimuleren en verleiden, wordt onvoldoende reductie bereikt. We willen de juridische mogelijkheden van drang en dwang in beeld krijgen en waar mogelijk ook gaan inzetten.
Verwachte impact
De casus zou op termijn moeten leiden tot minder verspilling. De impact daarvan (niet alleen in CO2-uitstoot, maar ook in watergebruik, landgebruik, biodiversiteitsverlies) is de impact groot.
Looptijd
Looptijd: Q3 2023 – Q4 2023 Finishlijn: wetsanalyse eind 2023 Daarna in 2024 – 2026 inzet instrumenten en maatregelen
Verwacht resultaat
De juridische mogelijkheden van drang en dwang om voedselverspilling tegen te gaan, zijn eind 2023 in beeld. De vervolgstap zou zijn de meest effectieve manieren om te zetten in actie. Dit wordt opgenomen in het ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’ (Q1 2024 gereed).
Bijdrage aan systeemverandering
Deze actie draagt bij aan de mogelijkheden om voedselverspilling aan te pakken. Momenteel zijn die zeer beperkt (vaak wordt ingezet op bewustwordingscampagnes, waarvan de effectiviteit beperkt is).
Strategie (voorkomen, verlengen, verwaarden, vervangen)
R1, refuse R2, reduce R3, reuse
Beleidsinstrumentarium
7 Normeren (wet- en regelgeving) Beprijzen (financiële instrumenten) Stimuleren (zachte instrumenten)
Organisatie
Eigenaar: SI (CircuLaw) in opdracht van team CE (R&D) Werkt mee: STV
Vervolgstap
CircuLaw voert in Q3 2023 een brede wetsanalyse uit voor deze casus, conform de ontwikkelde methode.
Financiële dekking
7 Binnen huidige dekking, nl: drang-en-dwangbudget
Monitoring
• hoeveelheid geïdentificeerde instrumenten; • hoeveelheid geïmplementeerde instrumenten; • effect van geïmplementeerde instrumenten.
Leerdoel
De geïdentificeerde instrumenten worden openbaar gepubliceerd op het CircuLaw-platform, zodat deze door alle gemeenten in Nederland kunnen worden ingezet. Gemeenten kunnen vervolgens hun ervaring bij toepassing met elkaar delen.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 25
3.5
Voedsel redden voor sociale initiatieven
Eigenaar
Ruimte en Duurzaamheid
Naam actie
Voedsel redden voor sociale initiatieven
Omschrijving actie
NB: Deze actie wordt verder uitgewerkt in het ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’ We gaan samen met bewoners en ondernemers actief werken aan het redden van goed voedsel (surplus food) van verspilling. We ondersteunen initiatieven en activiteiten gericht op verschillende doelgroepen en locaties/gebieden: • Sociale voedselinitiatieven in kaart brengen. Sociale hubs ondersteunen, helpen met opzetten en ontwikkelen van nieuwe sociale voedselhubs. Deze hubs zijn een combinatie van buurtkeukens, voedselcirkel, opslag, distributie en uitgiftepunt en kunnen voedselinitiatieven van voedselreststromen voorzien naar voorbeeld van Milaan die hiermee de Earthshot Prize won. De studiereis is gepland in juni 2023. • Het bestaande netwerk van (informele) voedselinitiatieven in de stadsdelen inzetten. Deze organisaties ontvangen al donaties van lokale ondernemers. In sommige gevallen is er bij individuele initiatieven een overaanbod en tegelijkertijd bij andere initiatieven een tekort. We proberen de mismatch tussen vraag en aanbod te verminderen, zodat minder voedsel verspild wordt. • Digitale middelen toepassen om vraag en aanbod voedselverspilling bij elkaar te brengen. • Alternatieve economische verdien- en ondernemersmodellen onderzoeken. • Versterken van de coördinatie en logistiek tussen vraag en aanbod van voedselreststromen.
Ambitie
Strategie CE, waardeketen ´Voedsel en organische reststromen´: verminderen voedselverspilling met 50% voor 2030 door consumenten en bedrijven.
Motivatie
Voedselverspilling heeft een grote milieu-impact. Deze actie leidt tot minder verspilling. Met de inzet op het herverdelen van goed voedsel wordt aangesloten bij bottom-up-initiatieven en wordt de verbinding gemaakt met de sociale kant en het armoedevraagstuk. Voedsel (bestaanszekerheid) functioneert als sociaal culturele verbinder.
Verwacht resultaat
Een sterk functionerend netwerk van informele voedselinitiatieven, betere afstemming vraag en aanbod, uitbreiding aantal voedseldonateurs. Dit leidt tot een aanzienlijke reductie van voedselverspilling. De inschatting van het percentage reductie volgt uit Flowchart Monitor CE en het ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’.
Looptijd
Looptijd: 2023-2026 Finishlijn: 2026, doorloop daarna
Strategie (voorkomen, verlengen, verwaarden, vervangen)
Hergebruik
Beleidsinstrumentarium
Normeren - regelgeving en handhaving Beprijzen 7 Stimuleren – faciliteren
Organisatie
Eigenaar: team CE (R&D) en Voedselstrategie (R&D) Werkt mee: Sociaal (WPI) en stadsdelen Externen: voedselondernemers en sociale (bewoners)initiatieven
Financiële dekking
7 Dekking moet nog worden gevonden, nl: Dekking vanuit WPI, Voedselstrategie en CE-coalitiemiddelen samen. Inschatting kosten volgt uit ‘Aanvalsplan Voedselverspilling’. Naar verwachting bedragen deze: • € 100.000,- uit CE-coalitiemiddelen (2024-26) • x € uit impulsregeling en startup-financiering Voedselstrategie (bedrag nog niet bekend) • x € WPI (bedrag nog niet bekend) Cofinanciering vanuit initiatief en/of stadsdeel en fondsen
Monitoring
• aantal voedselhubs en spreiding door de stad; • de hoeveelheid voedsel die gered is door deze initiatieven (in kg) en beschikbaar is gekomen voor kwetsbare Amsterdammers.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 26
3.6
Kader voor experimenteerruimte organische reststromen
Naam indiener
Ruimte en Duurzaamheid in samenwerking met Stedelijke Innovatie
Naam actie (project)
Kader opstellen om experimenteerruimte te creëren voor het verwerken van organische stromen tot bodemverbeteraars (compost, biobased meststoffen) ten behoeve van de bodem en het voedselsysteem.
Omschrijving actie
Een kader opstellen waarbinnen pilots met bodemverbeteraars uit bronnen in de stad mogelijk worden. Denk aan stadscompost, wormencompost, bokashi, digestaat uit vergisters, meststoffen uit urine, struviet. Dit is verboden behalve voor eigen gebruik en voor elk initiatief moet een lang en ondoorzichtig traject afgelegd worden om tot een ontheffing of vergunning te komen. Het kader sluit aan op de gezamenlijke visie die ontwikkeld wordt met Waternet op het vraagstuk centraal en/of decentraal. Waternet heeft centrale (zuiverings)installaties voor urine, fecaliën en biogas. Daarnaast komen er steeds meer lokale initiatieven die de gemeente ruimte wil geven. Hoe gaan we om met de inzameling en verwerking van afvalstoffen (gfe, urine, fecaliën) op centraal en/of decentraal niveau?
Ambitie
Organische reststromen worden hoogwaardig verwerkt. Amsterdam maakt ruimte en creëert kansen voor reststromen.
Huidige en gewenste situatie Momenteel wordt naar schatting meer dan 90% van de organische reststromen in Amsterdam verbrand als onderdeel van het restafval of als zuiveringsslib. Waardevolle nutriënten voor de landbouw en bodem gaan verloren. Tegelijkertijd kopen boeren op grote schaal compost en kunstmest in. Kunstmest kost veel energie om te produceren, maakt gebruik van eindige primaire bronnen (fosfaat) en zorgt voor oneerlijke verdeling van nutriënten op wereldschaal. In een circulair voedselsysteem levert de stad het organisch materiaal terug aan de bodem en wordt daarmee de organische kringloop gesloten. Wet- en regelgeving – onder andere einde afvalstatus, meststoffenwet, hygiënewetten – staan dit nu niet toe. In januari is een aantal gesprekken gevoerd met betrokken instanties om de haalbaarheid van een gezamenlijk kader te polsen. Hieruit bleek dat er brede consensus is over de wenselijkheid van en bereidheid mee te denken over een kader waarbinnen op veilige manier pilots en experimenten kunnen plaatsvinden. Het kader zal aangeven waaraan projecten moeten voldoen om volgens deze instanties voldoende veilig te zijn om doorgang te kunnen vinden. De ervaringen uit deze pilots zullen bijdragen aan de hoognodige kennis over de waarde en veiligheid van bodemverbeteraars uit de stad.
Een dergelijk kader betekent dat maatschappelijke initiatieven en ondernemers die bodemverbeteraars (compost, biobased meststoffen) produceren – mits ze voldoen aan het kader – deze ook kunnen gaan afzetten en dat afnemers deze mogen gebruiken op hun land. Motivatie
In de stad gaan nu zeer veel waardevolle organische stoffen en nutriënten afkomstig van het voedsel dat wij eten, verloren. In een circulair voedselsysteem – en in bijvoorbeeld regeneratieve landbouw – keren alle nutriënten die via de oogst aan het systeem onttrokken worden en die gegeten worden in de stad, weer terug in de bodem en wordt de kringloop zo gesloten. In de landbouw wordt nu op grote schaal kunstmest ingekocht, omdat het goedkoop is en omdat vanuit de stad vrijwel geen nutriënten worden teruggegeven. Meer dan 90% van het gfe en het slib in Amsterdam wordt verbrand. Deze actie is nodig om stappen te zetten richting een circulair voedselsysteem in 2050, zoals geschetst in de Re-rootvisie van Imke de Boer. Zij zegt hierover: “Food waste will also have decreased by 80% and we will be utilising valuable nutrients in human excreta to fertilise soils. By-products that cannot be prevented, eaten by humans or are not needed to restore or conserve soil fertility are given to farm animals (including farmed fish or insects), who can convert them into valuable food and manure. A circular food system will be the new paradigm as valuable nutrients are recycled from soil, water and the atmosphere into living organisms and back, and across farms and regions” (Re-rooting the Dutch Foodsystem, from more to better, Imke de Boer et al., pagina 3).
Verwachte impact
De actie is indirect, maar zal directe impact hebben als er, dankzij het opgestelde kader, daadwerkelijk experimenteerruimte komt voor pilots met bodemverbeteraars uit de stad. Dit moet ertoe leiden dat meststoffen uit de stad kunstmest (voor een deel) kunnen vervangen. De pilots zullen bijdragen aan de kennis hierover en daarmee de ontwikkelingen versnellen.
Looptijd
Looptijd: start 2023 Finishlijn: 2026
Verwachte resultaat
Het resultaat is een kader ‘Experimenteerruimte bodemverbeteraars uit de stad’ waar alle betrokken instanties achter staan. Het kader geeft criteria aan waaraan pilots moeten voldoen om doorgang te mogen vinden. Doel is een kader dat ruimte laat voor experimenten, maar geen gevaar voor mens en milieu creëert. De ervaringen uit deze pilots zullen bijdragen aan de hoognodige kennis over de waarde en veiligheid van bodemverbeteraars uit de stad.
Bijdrage aan systeemverandering
Een toekomstbestendig voedselsysteem moet circulair zijn en de stad is daarin nu de ontbrekende schakel. Belemmerende wet- en regelgeving die gebruik van bodemverbeteraars uit de stad nu verbiedt, zal op termijn aangepast moeten worden. Hierop kan nu al ingezet worden via lobby. Echter, dit gaat traag. Amsterdam wil vooruitlopend hierop dit kader opstellen waarbinnen experimenten en pilots mogelijk zijn en op die manier de periode overbruggen tot belemmerende wetgeving daadwerkelijk aangepast wordt. CircuLaw doet een wetsanalyse die de basis zal vormen voor het kader dat we zullen opstellen.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 27
3.6
Kader voor experimenteerruimte organische reststromen
Naam indiener
Ruimte en Duurzaamheid in samenwerking met Stedelijke Innovatie
Naam actie (project)
Kader opstellen om experimenteerruimte te creëren voor het verwerken van organische stromen tot bodemverbeteraars (compost, biobased meststoffen) ten behoeve van de bodem en het voedselsysteem.
Strategie (voorkomen, verlengen, verwaarden, vervangen)
De R-ladder is hierop niet van toepassing. De R-ladder en ook de ladder van Moerman gaan uit van ‘bruikbaarheid voor de mens’ en niet van ecologische balans en kringlopen sluiten. Dit gaat over de ontbrekende schakel in de organische kringloop toevoegen en daarmee de kringloop rondmaken. Reuse (namelijk van nutriënten en organische stof) komt het meest in de buurt.
Beleidsinstrumentarium
7 Normeren (wet- en regelgeving) Beprijzen (financiële instrumenten) 7 Stimuleren (zachte instrumenten) Via CircuLaw wetgeving in kaart brengen. Daarnaast met experts (bureau Leaf) en betrokken instanties het kader opstellen.
Organisatie
Eigenaar: R&D/team CE (R&D), SI (CircuLaw) voor analyse, uitvoering proces: team CE Werkt mee: Dit moet verder afgestemd worden als onderdeel van deze actie. Positieve eerste reactie op een dergelijk kader van: ODNZKG, PNH, Waternet, de ministeries van LNV, I&W en RWS en waterschappen.
Vervolgstap
CircuLaw voert in Q3 een wetsanalyse uit op basis van ontwikkelde methode, waarbij de gehele keten onder de loep wordt genomen. Met betrokken instanties wordt gewerkt aan het opzetten van een kader voor experimenteerruimte, gecoördineerd vanuit team CE (R&D). Een extern expertbureau wordt ingezet voor inhoudelijke kennis en risicoanalyse.
Financiële dekking
7 Binnen huidige dekking, nl: dwang- en drangbudget 7 Dekking moet nog worden gevonden, nl: Inhuur expertbureau € 50.000,- uit CE-coalitiemiddelen
Monitoring
Er zal een procesevaluatie achteraf plaatsvinden.
Leerdoel
Het is landelijk relevant. De resultaten worden op het CircuLaw-platform gepubliceerd, zodat alle decentrale overheden hiervan kunnen gebruikmaken en van elkaar kunnen leren. Het opgesteld kader zal waardevol zijn voor alle steden in Nederland die hiermee aan de slag zijn. Met de provincie Zuid-Holland is overleg geweest. Deze provincie is met een gelijksoortige exercitie bezig en wil graag samenwerken.
3.7
Buurtcompost faciliteren en verwaarden
Eigenaar
Afval en Grondstoffen en Ruimte en Duurzaamheid
Naam actie
Buurtcompost faciliteren en verwaarden
Omschrijving actie
Compostinitiatieven in buurten mogelijk maken en (laten) bewijzen dat de geproduceerde compost veilig, zonder vervuiling en van hoge waarde is en dus gebruikt kan worden als bodemverbeteraar.
Ambitie
Organische reststromen worden hoogwaardig verwerkt. Amsterdam maakt ruimte en creëert kansen voor reststromen.
Huidige en gewenste situatie In Amsterdam zijn nu al een honderdtal compostinitiatieven: afval naar oogst (tumblers), wormenhotels, lokale composthopen, biovergisters. Er is potentie voor opschaling en/of uitbreiding. Amsterdam wil deze initiatieven mogelijk maken en faciliteren. De compost is vermoedelijk van hoge kwaliteit (betrokken, bewuste bewoners) en de sociale kant zorgt daarbij voor sociale cohesie. Het betrekt mensen direct bij de circulaire economie. Bovendien draagt het bij aan vergroening van de buurt door lokaal gebruik in tuin en buurtmoestuin. Behalve initiatieven in de stad faciliteren, doen we ook mee aan een onderzoek van de universiteit in Wageningen (WUR). Er wordt in Amsterdam meer compost geproduceerd dan mensen zelf nodig hebben. Echter, de compost mag nu alleen ingezet worden voor eigen gebruik en op eigen grond. Er is een markt voor echt goede compost. Ook boeren geven aan dat met name wormencompost van grote energetische waarde is voor de bodem. Om te bewijzen dat dit klopt en dat de compost bovendien veilig toegepast kan worden, wordt door de WUR en de gemeente in een aantal pilots bekeken of stadscompost ingezet kan worden in bijvoorbeeld de gemeentelijke groenvoorziening of bij stadslandbouw.
Op termijn zou compost uit de stad – ook de compost van de grootstedelijke inzameling – moeten bijdragen aan het uitfaseren van turf, een vast bestanddeel van gangbare compost met zeer grote milieu-impact waarvoor natuurgebieden afgegraven worden. In Engeland is overigens reeds een verbod op het gebruik van turf uit natuurgebieden.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 28
3.7
Buurtcompost faciliteren en verwaarden
Eigenaar
Afval en Grondstoffen en Ruimte en Duurzaamheid
Naam actie
Buurtcompost faciliteren en verwaarden
Motivatie
In de stad gaan nu waardevolle organische stoffen en nutriënten, afkomstig van het voedsel dat wij eten, verloren. Buurtcompostinitiatieven zamelen gfe in en zo blijft het organisch materiaal behouden. Daarnaast maakt het lokaal composteren van organische reststromen de waarde ervan zichtbaar en begrijpelijk voor burgers. De (stads)landbouw – of beter gezegd de bodem – heeft goede, schone, veilige compost nodig. Echter, de compost van de buurtinitiatieven mag hiervoor vanwege landelijke wetgeving nu niet gebruikt worden. Door buurtcompostinitiatieven te faciliteren en daarnaast mee te doen aan onderzoek naar de veiligheid en waarde voor gebruik, wordt bijgedragen aan het verwaarden van organische reststromen, de autonomie en betrokkenheid van bewoners en het meer circulair maken van het voedselsysteem in en rond de stad. Imke de Boer zegt hierover in Re-rooting: “To maximise the recycling of unavoidable household waste, consumer cooperatives will have heavily invested in waste separation systems, yielding separate flows of plant-based and animal-contaminated food waste to increase recycling potential” (Re-rooting the Dutch Foodsystem, from more to better, Imke de Boer et al., pagina 4).
Verwachte impact
Meer buurtinitiatieven leveren een groter bewustzijn bij bewoners op over de waarde van organisch afval voor de bodem en de noodzaak om keukenafval zonder vervuiling aan te bieden. Bovendien gaat dit huishoudelijke groente- en fruitafval niet bij het restafval, waardoor dit in gewicht zal verminderen en niet verbrand wordt. Plekken met buurtcompostvoorzieningen geven handelingsperspectief aan Amsterdammers die moeite willen doen om hun groente- en fruitafval te scheiden. De initiatiefnemers zijn de ambassadeurs in de buurt voor het bewaken van de kwaliteit van het organische afval en de gemaakte compost. Meer buurtinitiatieven leveren meer goede compost op. Bewijs van waarde en veiligheid kan leiden tot toestemming voor bij (stads)landbouw gebruik en daarmee linkt het aan de actie ‘Kader voor experimenteerruimte organische reststromen’. Tevens zal dit bijdragen aan de kennis over hoogwaardige verwerking van organische reststromen en deze ontwikkelingen versnellen.
Looptijd
Looptijd: 2023 - 2026 Finishlijn: looptijd van het WUR-onderzoek tot april 2026. Daarnaast ondersteuning van lokale initiatieven en pilots: doorlopend (in samenwerking met A&G)
Verwacht resultaat
In de stad zijn ongeveer honderd plekken waar buurttuinen compost nodig hebben. Toename van goede buurtcompost en bewijs dat deze waardevol en veilig is, zorgt ervoor dat buurttuinen en (stads)landbouw geen compost van buiten de stad hoeven in te kopen. Op termijn kan de stad ook compost leveren aan boeren in de omgeving. Ook wordt met de stedelijke groenvoorziening toegewerkt naar gebruik van Amsterdamse compost.
Bijdrage aan systeemverandering
De actie draagt bij aan een veranderende mentaliteit bij bewoners dat organisch keukenafval waardevol is en niet in de vuilniszak thuishoort. Een toekomstbestendig voedselsysteem moet circulair zijn en de stad is daarin nu de ontbrekende schakel. Gfe gaat nu immers grotendeels bij het restafval en wordt verbrand. Door gfe-buurtcompostinitiatieven te faciliteren, wordt bijgedragen aan het verwaarden van de organische reststroom en het terugbrengen van de waardevolle stoffen in het voedselsysteem. Bovendien dragen buurtinitiatieven bij aan de grotere transitie, omdat ze in tegenstelling tot centrale grootschalige inzameling meerwaarde hebben in het creëren van betrokkenheid, sociale cohesie, klimaatbewustzijn et cetera.
Strategie (voorkomen, verlengen, verwaarden, vervangen)
De R-ladder, en ook de ladder van Moerman, gaan niet uit van ecologische balans en het sluiten van organische kringlopen. Daarom staat op deze ladders compost heel laag, onder veevoer en chemische toepassingen. (Organisch) materiaal onttrekken aan de kringloop betekent echter dat het via een andere weg moet worden aangevuld: in dit geval kunstmest. In een circulair voedselsysteem, waarin de stad een bron is van nutriënten, is kunstmest overbodig.
Beleidsinstrumentarium
7 Normeren (wet- en regelgeving) aantonen dat belemmerende regelgeving overbodig is Beprijzen (financiële instrumenten) 7 Stimuleren (zachte instrumenten)
Organisatie
Eigenaar buurtcomposteren: A&G, programma gfe/t in samenwerking met team CE (R&D) Eigenaar compost verwaarden: team CE (R&D) in samenwerking met A&G Werkt mee: buurtinitiatieven, WUR, samenwerking zoeken met stedelijke groenvoorziening
Vervolgstap
A&G en team CE faciliteren de buurtinitiatieven om zelf compost te maken van het huishoudelijke afval. De initiatiefnemers zijn en blijven de eigenaar van de compost en het sluiten van de kringloop tussen buurttuinen en (stads)landbouw. De gemeente kan ondersteunen en makelaar-schakelaar zijn tussen initiatieven en (stads) landbouwers.
Financiële dekking
7 Binnen huidige dekking, nl: het gfe/t-programma van A&G heeft in 2023 en 2024 € 70.000,- om buurtinitiatieven te faciliteren bij verschillende manieren van inzamelen gfe. Voor de jaren erna dient dekking gevonden te worden. 7 Dekking moet nog worden gevonden, nl: Vanuit team CE vanuit de voedselstrategie jaarlijks een bedrag beschikbaar stellen gelijk aan dat van A&G, dus € 70.000,- (CE-coalitiemiddelen) voor 2024-2026. Totaal € 210.000,Daarbij gaat het om het verwaarden van de ingezamelde gfe en het verkennen van afzetmogelijkheden binnen de voedselketen (gezonde bodem). De rolverdeling is dat A&G focust op inzameling en team CE op verwaarding organische reststromen. Onderzoek WUR is reeds gedekt. De subsidieaanvraag van de WUR is toegekend en A&G en CE dragen beide per jaar € 10.000,- bij, gedurende drie jaar (2023-2025).
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 29
3.7
Buurtcompost faciliteren en verwaarden
Eigenaar
Afval en Grondstoffen en Ruimte en Duurzaamheid
Naam actie
Buurtcompost faciliteren en verwaarden
Monitoring
• aantal compostinitiatieven; • kg compost geproduceerd; • kwaliteit van de compost (WUR-onderzoek). Nulmeting, kwantitatieve evaluatie en een procesevaluatie achteraf.
Leerdoel
3.8
Samenwerken binnen de keten met lokale partners en vrijwilligers, ieder vanuit zijn eigen rol en kracht.
Gfe/t-inzameling
De afkorting gfe/t staat voor groente, fruit, etensresten/tuinafval. In Amsterdam zijn er gemiddeld veel minder tuinen en zijn etensresten een grotere fractie van de huishoudelijke organische reststromen, waardoor de verwerking andere eigenschappen kent. Vandaar dat onder experts het ‘normale’ begrip gft wordt vervangen voor gfe/t of de term ‘natte fractie’. Eigenaar
Afval en Grondstoffen
Naam actie
Gfe/t-inzameling
Omschrijving actie
Realiseren van 75.00o extra gfe/t-inzamelvoorzieningen in de stad tot en met 2026. In 2022 zijn er 22.600 huishoudens aangesloten op een totaal van 6.577 gfe/t-inzamelvoorzieningen.
Ambitie
In 2030 zijn 75% van de huishoudens in Amsterdam aangesloten op gescheiden gfe/t-inzamelvoorzieningen.
Huidige en gewenste situatie In 2022 zijn 6.577 gfe/t-inzamelvoorzieningen in Amsterdam. Het aantal huishoudens dat toegang heeft tot een gfe/t-inzamelvoorziening zal stijgen van 5% in 2022 tot 8% in 2023 en 30% in 2026. Het ambitieuze doel is om in 2026 30% van de inwoners te kunnen voorzien van een inzamelmiddel. Daarom plaatsen we in 2023 60 verzamelcontainers. Vanaf 2024 komt de uitrol op gang en worden jaarlijks, tot en met 2030, 500 à 800 verzamelcontainers geplaatst bij hoogbouw. Tussen 2023-2028 plaatsen wij gemiddeld 10.000 a 15.000 minicontainers per jaar bij laagbouwwoningen met tuin. Van 2023- 2025 plaatsen wij tussen de 60 tot gemiddeld 600 tuinkorven voor tuinafval in tuinrijke gebieden. Dit is een grote opgave voor de uitvoering, want het zijn vele containers en wagens die we extra nodig zullen hebben. De opgave is om uiteindelijk in 2030 75% van de Amsterdamse huishoudens toegang te bieden tot een inzamelvoorziening Motivatie
Vermindering van de natte fractie in het huishoudelijk afval vermindert de CO2-uitstoot van het verbranden van huishoudelijk afval en vergroot de hoeveelheid composteerbare biomassa in de regio, waarmee het gebruik van kunstmest kan worden teruggedrongen.
Verwachte impact
Directe impact: door gfe/t apart in te zamelen, wordt dit afval niet verbrand maar verwerkt tot compost. Hierbij komt minder CO2 vrij en deze compost kan weer worden ingezet als bodemverbeteraar in plaats van bijvoorbeeld kunstmest.
Looptijd
Looptijd: 2022-2030 Finishlijn: 2030
Verwacht resultaat
In 2030 heeft 75% van de Amsterdamse huishoudens toegang tot een gfe/t-inzamelvoorziening.
Bijdrage aan systeemverandering
Deze actie richt zich op hoogwaardiger verwerken aan het eind van de keten. Het standaardproces waarbij gfe/t via het restafval wordt ingezameld en verbrand, wordt deels vervangen door een aparte inzameling van gfe/t en verwerking door vergisting.
Strategie (voorkomen, verlengen, verwaarden, vervangen)
Met deze actie verwerken we een huidige materiaalstroom hoger op de R-ladder dan we nu doen. We gaan van recover naar recycle. Of, volgens de ladder van Moerman drie treden omhoog van verbranden als afval naar verwerken door vergisting.
Beleidsinstrumentarium
Stimuleren (zachte instrumenten)
Organisatie
Eigenaar: A&G
Vervolgstap
Stadsbrede uitrol van gfe/t-inzameling
Financiële dekking
Dekking is t/m 2024 geborgd via de afvalstoffenheffing en wordt daarna jaarlijks opnieuw voorgelegd aan het gemeentebestuur.
Monitoring
• aantal geplaatste gfe/t-inzamelvoorzieningen; • hoeveelheid gescheiden gfe/t; • hoeveelheid restafval.
Leerdoel
Gfe/t-inzameling wordt op dit moment wijk voor wijk ingevoerd. Omdat we inwoners vragen een nieuwe stroom te scheiden, leren we veel over wat hen motiveert dit wel of niet te doen.
Bijlage bij de Uitvoeringsagenda circulair 2023-2026 | 30
3.9
Stadsmarkten circulair
Eigenaar
Stadswerken (afdelingen Schoon en Markten)
Naam actie
Markten Circulair
Omschrijving actie
Bij markten blijft veel groente- en fruitafval achter dat meestal bij het restafval gaat en dus verbrand wordt. Een onderzoek naar de markt op Plein 40-45 liet zien dat hier 3000 kg groente en fruit per dag overblijft. Uit ditzelfde onderzoek komt een aantal scenario’s voort hoe de markten meer circulair gemaakt kunnen worden. In vervolg op dit onderzoek willen we een pilot uitvoeren op de markt Plein 40-45, gekoppeld aan een verdiepend onderzoek naar de maatschappelijke businesscase. Deze actie zou Amsterdam handvatten moeten bieden om de regelgeving en fiscale prikkels voor markten te herinrichten, zodat het leidt tot meer circulariteit.
Ambitie
Gezond en duurzaam voedsel voor Amsterdammers. Amsterdam maakt ruimte voor het verwaarden van organische reststromen
Huidige en gewenste situatie Op dit moment ontstaan enorme hoeveelheden afval op de markten, waarvan op de meeste markten een groot percentage ongescheiden organisch afval. Een groot deel van dit afval komt voort uit het gebruik van restpartijen groenten en fruit, waarvan slechts een beperkt aandeel verkoopbaar is. Ter referentie: op een drukke dag is de hoeveelheid organisch afval (3 ton) van de markt op Plein 40-45 ongeveer gelijk aan wat zo’n tweeduizend huishoudens gemiddeld per dag aan organisch afval produceren. De gewenste situatie is dat in het gehele systeem van groothandel naar consument zo min mogelijk voedsel verspild wordt. In het voorkomen van deze verspilling kunnen markten een belangrijke rol spelen. Via markten vindt dat voedsel zijn weg naar Amsterdammers met een kleine portemonnee. Dat is nu nog vrij marginaal, maar wordt wel als onderdeel van onderzoek meegenomen. De link naar sociaal is er met name, doordat een groot deel van de marktondernemers goedkoop groente en fruit verkoopt door gebruik te maken van bijvoorbeeld restpartijen. Daarnaast is het belangrijk dat organisch materiaal dat weggegooid wordt, zo vroeg mogelijk in de keten gescheiden wordt ingezameld en hoogwaardig wordt verwerkt. Motivatie
Het circulair inrichten van het afvalsysteem op de Amsterdamse markten draagt bij aan het verminderen van afval en dringt voedselverspilling terug op een sociaal maatschappelijk relevante manier. Het geeft het marktondernemers meer eigenaarschap en handelingsperspectief over het afvalprobleem op de markt.
Verwachte impact
Deze actie stelt Amsterdam in staat om betere voorwaarden en eisen te stellen aan een markt. Restafval wordt zoveel mogelijk gereduceerd. De stromen die wel ontstaan worden circulair verwerkt. Daarnaast kan Amsterdam verkopers op de markt faciliteren in het voorkomen van afval, het terugdringen van voedselverspilling en tegelijk bijdragen aan een brede welvaart.
Looptijd
Looptijd: half 2023 Finishlijn: half 2024
Verwacht resultaat
Het huidige onderzoek geeft weer hoe de stadsmarkten circulair gemaakt kunnen worden. Ook geeft het weer hoe circulair die nu zijn. De verwachte uitkomst is dat Amsterdam de markten helpt om afval te verminderen en voedselverspilling terug te dringen. Amsterdam schept de juiste voorwaarden om organische reststormen apart in te zamelen en in het algemeen afval te voorkomen. Daarnaast is een verwachte uitkomst een set aan maatregelen die Amsterdam als voorwaarde kan stellen aan markten.
Bijdrage aan systeemverandering
Er wordt toegewerkt naar een circulair marktensysteem in de hele stad. De gemeente heeft hiertoe de juiste instrumenten in handen. Dit creëert ook zichtbaarheid en bewustwording bij de Amsterdammer evenals bij de ondernemers. Marktondernemers worden vanaf het begin actief bij de actie betrokken en hierbij worden hen ook voordelen in het vooruitzicht gesteld.
Strategie (voorkomen, verlengen, verwaarden, vervangen)
R2, reduce R3, reuse R8, recycle
Beleidsinstrumentarium
7 Normeren (wet- en regelgeving) Beprijzen (financiële instrumenten) 7 Stimuleren (zachte instrumenten)
Organisatie
Eigenaar: directie Stadswerken (afdelingen Schoon en Markten) Stadswerken heeft de clusteropdracht gekregen om de markten duurzamer en schoon te krijgen. Daarnaast gaat het om rolverduidelijking van de gemeente bij afvalinzameling en verbetering van (interne) samenwerking. Dit is een directie overstijgende ambitie en opdracht. Werkt mee: directie A&G, directie Toezicht Handhaving Openbare Ruimte (THOR), afdeling EZC. THOR is niet echt een kernpartij bij circulair maken van het afvalsysteem, maar Stadsdeel NW is wel nauw betrokken vanuit pilot bij de markt op Plein 40-45. Team CE (R&D) wordt middels deze actie aangehaakt.