CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

A - 07 Grondzaken (31) 06 Projectnota Schinkelkwartier

RAAD 26 januari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de projectnota Schinkelkwartier en vaststellen van de voorbereidingsgrondexploitatie Schinkelkwartier VN2021-03187943.926 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

50º - 30º

50º - 30º

30º - 20º

~ 12º

Water temperatuur, vraag en bron Stadsverwarming Gasleiding Temperatuur water gebruik Restwarmte beschikbaar Thermische energie uit oppervlaktewater en thermische energie uit afvalwater

Op basis van een energieverkenning zijn verschillende alternatieven voor verduurzaming van het energiesysteem onderzocht. Dat zijn aansluiting op het bestaande stadswarmtenet, aanleg van een warmtenet op lagere tempe­ ratuur met gebruik van lokale bronnen en energieoplossingen per bouwblok. Een aansluiting op het hoge temperatuur warmtenet is voor de meeste functies in Schinkelkwartier niet noodzakelijk.

Daarom heeft aansluiting op een retoursysteem of een decentraal net op lagere temperatuur vanuit duurzaamheid de voorkeur boven een aansluiting op het bestaande net. In principe kan de energie­opgave ook per bouwblok worden opgelost. Dat blijkt echter weinig schaalvoordeel op te leveren, biedt geen zekerheid over de beschikbaarheid van bron­ nen en kan afbreuk doen aan de ruimtelijke kwaliteit. Wel zijn decentrale systemen per deelgebied te overwegen.

60

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

4.2.9 Afval en circulariteit Energiesysteem zeer negatief

negatief

neutraal

positief

zeer positief Stedelijkheid Ruimtelijke kwaliteit Bereikbaarheid

Aansluiten op HT-warmtenet

Gezondheid/veiligheid Duurzaamheid Sociale inclusiviteit

Stedelijkheid Ruimtelijke kwaliteit Bereikbaarheid

Aanleg decentraal LT-warmtenet

Gezondheid/veiligheid Duurzaamheid Sociale inclusiviteit

Stedelijkheid Ruimtelijke kwaliteit Systeem per bouwblok

Bereikbaarheid Gezondheid/veiligheid Duurzaamheid Sociale inclusiviteit

Op basis van het onderzoek en de beoordeling is een definitieve keuze moeilijk. Daarom wordt aanbevolen om de systeemkeuze per deel­ gebied te maken. Belangrijk bij de afweging zijn de kosten van de systemen en de mogelijk­ heden voor een collectieve aanpak. In heel Nieuw-West geldt een concessie waarbij alle nieuwbouw aangesloten dient te worden op het bestaande stadswarmtenetwerk van Westpoort Warmte. In 2019 heeft de gemeenteraad de motie LT (lage temperatuur) aangenomen waarin de voorkeur is uitgespro­ ken om alle nieuwbouw aan te sluiten op een LT-systeem. De gemeente Amsterdam heeft private afspraken gemaakt met hierin een inspanningsverplichting, waarbij partijen op de hoogte moeten worden gebracht van de geldende aansluitplicht.

Voor opwekking van energie biedt Schinkelkwartier goede kansen. Vanwege de hoogtebeperkingen van Schiphol zijn wind­ molens in of nabij Schinkelkwartier niet mogelijk. Wel kan er gebruik worden gemaakt van zonnecollectoren op daken en gevels en mogelijk ook van zonnepanelen die geïnte­ greerd worden in geluidsschermen langs de snelwegen. Gemeente Amsterdam en Rijkswaterstaat doen hier inmiddels verken­ nend onderzoek naar. Daarnaast liggen er mogelijkheden in het overkappen van de gemeentelijke werven en het plaatsen van energieopwekkende solar-kunst.

Bij de inzameling van het huishoudelijk afval zijn op hoofdlijnen drie systemen te onder­ scheiden: ondergrondse containers met bovengronds transport, inpandige inzameling met rolcontainers en bovengronds transport, en ondergronds afvaltransport via een vacuüm­ systeem. Bij alle systemen is de inzameling van groente-, fruit- en tuinafval een aandachtspunt. Bij gescheiden inzameling kan dat worden omgezet in compost en groen gas en wordt vervuiling van het restafval voorkomen. Voor Schinkelkwartier zijn de alternatieven vergeleken op een aantal indicatoren, namelijk de kwaliteit van de dienstverlening, de ruimte­ lijke impact, het niveau van duurzaamheid en de kosten. Daarnaast is beoordeeld in welke mate de alternatieven bijdragen aan het behalen van de ambities. Op het eerste gezicht lijkt ondergronds transport aantrekkelijk, omdat daardoor het ruimtebeslag van de afvalinzameling wordt beperkt. Zo’n systeem past echter minder goed bij een gefaseerde gebiedsontwikkeling als Schinkelkwartier. Bovendien is er de wens om zo veel mogelijk aan te sluiten bij beproefde en bewezen inzamelingsmethoden in Amsterdam. Daarmee zijn schaalvoordelen te bereiken, zowel op het gebied van de kosten als van circulariteit. Het aanbrengen van ondergrondse containers in Schinkelkwartier heeft daarom vooralsnog de voorkeur (in ieder geval voor huishoudelijk afval).

Eén van de drukste afvalinzamelingspunten van Amsterdam is het afvalpunt Henk Sneevliet­ weg. Dit afvalpunt kan niet niet op de huidige locatie behouden blijven. Voor de gemeente is het hebben van een afval- en materialenpunt in of nabij Schinkelkwartier voorwaardelijk. Het is wenselijk deze te ontwikkelen tot een modern recyclecentrum met bijvoorbeeld een materialen­kringloopwinkel, educatieruimte, reparatiewerkplaats en bouwmaterialencen­ trum. Voorwaarde is wel dat er sprake is van een moderne en compacte functie met een beperkte milieubelasting, zodat de functie inpasbaar is in gemengd stedelijk gebied.

Het is daarnaast een ambitie om een gesloten grond­- en materialenbalans te hebben. Dit houdt in dat de grond en bestaande aanwezige materialen, in zowel gebouwen, maaiveld en ondergrond, in het gebied worden (her) gebruikt. Daarnaast is flexibel en adaptief bouwen, met open bouwsystemen het uitgangspunt en extra verdiepingshoogte de ambitie. Voorafgaand aan het slopen of demonteren is een inventarisatie van grondstoffen gewenst om de waarde van materialen te bepalen. Die inventarisatie kan verder worden uitgebreid tot producten en componenten. Een andere circulaire maatregel is het realiseren van gebouwen met een lage milieudruk, uitgedrukt in een MPG (Milieu Prestatie Gebouwen) met een score van maximaal 0,8. Die wordt bereikt door het gebruik van gerecycled beton, hout voor constructie en andere hernieuwbare materialen van biologische oorsprong. Een goed hulpmiddel hierbij is het opstellen van een materialenpaspoort.

61

62

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

5 Stedenbouwkundig kader

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Schinkelkwartier heeft een grillige ontwikkel­ geschiedenis die sterk verschilt van de plan­ matige stadsuitbreidingen in Nieuw-West en Oud-Zuid. Opeenvolgende plannen en wisselende bestemmingen hebben geleid tot een gefragmenteerd stadslandschap met infrastructurele barrières en een slechte bereikbaarheid vanuit de stad. De steden­ bouwkundige opgave is het ontwikkelen van een raamwerk van verkeersroutes, watergan­ gen en groen. Een raamwerk dat niet alleen

zorgt voor samenhang en bereikbaarheid, maar ook ruimte laat voor specifieke invullingen per deelgebied en particulier initiatief. De strategi­ sche ligging van het gebied tussen AmsterdamZuid en Schiphol is daarbij een sterke troef­ kaart. Die biedt alle kansen voor de bouw van een goed bereikbare en hoogwaardige entree van Amsterdam. Maar tegelijk levert die ligging ook een aantal beperkingen en uitdagingen op die samenhangen met geluid, luchtkwaliteit, vliegverkeer en veiligheid.

63

Impressie Schinkelkwartier in 2050.

64

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Raamwerkkaart LEGENDA

Raamwerkkaart LEGENDA

Indicatie toekomstige bebouwing Huidige bebouwing buiten plangebied Bouwvelden (groene binnenterreinen)

Indicatie toekomstige bebouwing Bouwvelden Huidige bebouwing buitenIndicatieve plangebiedzone verbinding stad en land

Raamwerkkaart LEGENDA

Bouwvelden (groene binnenterreinen) Plein Bouwvelden

Stedenbouwkundig kader

Indicatie toekomstige bebouwing

Plein

Hoofdroute langzaam verkeer

Schinkelkwartier.

Huidige bebouwing buiten plangebied

Groen

Secundaire route langzaam verkeer

Bouwvelden (groene binnenterreinen)

Water

Openbare fietsenstalling

Bouwvelden

Hoofdroute langzaam verkeer Ingang metrostation

Indicatieve zone verbinding stad en land

Secundaire route langzaamViaducten verkeer

Plein

Openbare fietsenstalling

Groen

Ingang metrostation

De omgeving van Schinkelkwartier is nu Water over­wegend perifeer en monofunctioneel. Hoofdroute langzaam verkeer Voor de transformatie naar een inclusieve, Secundaire route langzaam verkeer gemengde en groene stadswijk zijn ingrepen Openbare fietsenstalling nodig. We beschrijven deze ingrepen in dit Ingang metrostation hoofdstuk en volgen daarbij de hoofdkeuzes Viaducten die op basis van het OER zijn gemaakt. De ingrediënten uit dit hoofdstuk vormen samen de bouwstenen voor het stedenbouwkundig kader van Schinkelkwartier. Voor De Oeverlanden sluit het stedenbouwkundig kader aan op de uitgangspunten van de Ontwikkel­strategie Landschapspark De Oeverlanden.

Ontsluiting

Groen

Indicatieve zone verbinding stad en land Water

Viaducten

LEGENDA

Beoogd auto- en fietsnetwerk.

Stroomweg

Snelle fietsverbinding

Gebiedsontsluiting

Fietsverbinding

Buurtontsluiting

Onderdoorgang fiets

Onderdoorgang

Openbare fietsenstalling

Ingang metrostation

5.1 Verbindingen leggen Voor de transformatie van Schinkelkwartier zijn allereerst goede verbindingen nodig. Niet alleen om het gebied goed bereikbaar te maken, maar ook om functiemenging en verdichting te ondersteunen. Het verkeers­onderzoek en de hoofdkeuzes over mobiliteit in hoofdstuk 4 leiden tot de volgende ruimte­lijke vertaling.

Langzaam verkeer Door in hoge dichtheid te bouwen en functies te mengen, liggen woningen, werkplekken en voorzieningen dicht bij elkaar. Schinkelkwartier krijgt een fijnmazig fiets- en voetgangersnetwerk dat naadloos aansluit op zijn omgeving. Op die manier zijn alle bestemmingen gemakkelijk bereikbaar en wordt het aantrekkelijk om

verplaatsingen lopend of fietsend af te leggen. Samen met de verbetering en uitbreiding van het openbaar vervoer heeft dit een drukkend effect op de vraag naar automobiliteit. De centrale as in het plangebied wordt een snelle en autovrije route voor fietsers en voet­gangers: de Nieuwe Sloterweg. Deze route ligt in het verlengde van de historische Sloterweg en sluit, via een brug over de Schinkel, aan op de Stadionweg en de Churchilllaan. De realisa­ tie van het volledige programma leidt tot een verdubbeling van het aantal fietsbewegingen over de Schinkel. De fietsbrug is strategisch gepositioneerd om de bestaande Zeilbrug en de Nieuwe Meersluis te ontlasten en over­

65

66

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

belasting in de toekomst te voorkomen. Daarom wordt de positie in deze fase vast­ gelegd: tussen de Laan der Hesperiden en de Generaal Vetterstraat. Het ontwerp voor de aanlandingen van de fietsbrug vraagt om een zorgvuldige inpassing. Aan de Nieuwe Sloterweg liggen straks alle bijzondere plekken en belangrijke buurt­voorzieningen, zoals de winkels en de scholen.

kwaliteit. Minimaal 6% van alle parkeerplekken is geschikt voor bijzondere modellen, zoals bakfietsen. Ook streven we naar voorzieningen in de stallingen, zoals een service- of reparatie­ punt, een deelfietsenstalling en oplaadpunten voor e-bikes. De stallingen hebben niet alleen goed ­zichtbare entrees aan de straat, maar zijn ook van binnenuit bereikbaar. Om te zorgen voor maximaal gebruiksgemak streven we naar fietsparkeerplekken met een enkele laag rekken. Naast oplossingen per bouwblok bouwen we ook gemeenschappelijke in­pandige stallingen op veelgebruikte locaties. We volgen voor alle voorzieningen de Nota Parkeer­ normen Fiets en Scooter.

Er komen aantrekkelijke en veilige fietsroutes die aansluiten op de Ottho Heldringstraat, het Heenwegpad en de Overschiestraat. Op die manier zijn voorzieningen langs de Nieuwe Sloterweg goed bereikbaar vanuit nabij­ gelegen buurten in de omgeving. Ook creëren we informele routes, zodat voet­gangers kunnen ronddwalen door b ­ innenterreinen en groen­gebieden.

Schinkelkwartier is niet goed bereikbaar per openbaar vervoer. Het gebied heeft in het noorden één metro­station, Henk Sneevlietweg, en kent twee busdiensten die worden gefinan­

Beoogd toekomstig

Buikslotermeerplein

metronetwerk van Amsterdam met nieuwe stations bij Riekerpark (verplaatste station Henk Sneevlietweg) en Nieuwe Isolatorweg

Amsterdam Centraal

Station Sloterdijk

Waterlooplein

Vijzelgracht

Station Lelylaan

Weesperplein

Riekerpark Amstelveenseweg Nieuwe Meer

Station Zuid

VU

RAI

Station Amstel

Spaklerweg Van der Madeweg

Station Duivendrecht Schiphol

Station Bijlmer Arena Gaasperplas

Hoofddorp

Westwijk Gein Uithoorn

In lijn met de beschreven hoofdkeuzes willen we metrostation Henk Sneevlietweg aanpassen. Het zuidwaarts verplaatsen van dit station heeft onze voorkeur. Hierdoor komt het station centraal in Schinkelkwartier te liggen en trekt het veel extra reizigers. Het nieuwe station krijgt bij voorkeur ingangen aan de Henk Sneevlietweg en de Nieuwe Sloterweg. In de volgende fase worden de (on)mogelijkheden voor behoud van een ingang van het metrosta­ tion bij de Vlaardingenlaan nader onderzocht. Een ingang bij de Vlaardingenlaan is op voor­ hand niet uit te sluiten en is daarom op de kaart van het stedenbouwkundig kader opgenomen.

Openbaar vervoer

Om fietsgebruik te stimuleren worden in de openbare ruimte en gebouwen parkeerplekken voor fietsen en scooters gemaakt van hoge

Meer.

cierd door het bedrijfsleven. Veel ondernemers noemen de verbetering van het openbaar vervoer als hun belangrijkste wens.

In het profiel van de nieuwe Henk Sneevlietweg reserveren we ruimte voor de inpassing van toekomstig hoogwaardig openbaar vervoer naar het centrum van Amsterdam. Er zijn twee opties. We geven de voorkeur aan een tramlijn in de middenberm die via de Aalsmeerweg zijn route vervolgt naar het Hoofddorpplein en verder. Een terugval­optie is een buslijn over de rijbaan die via een brug over de Schinkel zijn route vervolgt naar het Stadionplein en verder. Ook houden we binnen Schinkelkwartier rekening met het doortrekken van de Noord/ Zuidlijn van Amsterdam-Zuid via Schiphol naar Hoofddorp. Ter hoogte van de Johan Huizinga­ laan reser­veren we ruimte voor een nieuw metrostation. Dit station krijgt ingangen aan het John M. Keynesplein en de oostzijde van de Johan Huizingalaan. Op deze locaties kijken we naar de inpassing van een fietsenstalling en kleinschalige stationsvoorzieningen.

Auto Voor de auto respecteren we de Johan Huizinga­ laan en Henk Sneevlietweg als hoofd­route voor het doorgaande verkeer, maar er komen geen nieuwe hoofdroutes bij. De capaciteit van de voorgestelde aansluiting van de Henk Sneevliet­ weg op de A10 in relatie tot de verwachte stijging van het verkeersaanbod is nog een aandachtspunt. Dit wordt bij de uit­werking van de investeringsnota voor deel­gebied Schinkel­ haven meegenomen. Het autoverkeer in de buurten vindt straks zijn bestemming via insteekwegen, waardoor er meer ruimte blijft voor de fietser en de voetganger. De snelheid op de wegen wordt aangepast aan de functie. De Johan Huizingalaan, de Henk Sneevlietweg en de Vlaardingenlaan/Aletta Jacobslaan zijn stroomwegen waar een ­maximale snelheid geldt van 50 km/uur. De overige straten krijgen zoveel mogelijk een inrichting als erftoegangsweg met een maxima­ le snelheid van 30 km/uur. De Johan Huizinga­ laan en Henk Sneevlietweg worden opnieuw ingericht, want in een centrumstedelijk gebied passen geen brede verkeersprofielen. We willen ze met behoud van hun verkeers­functie transformeren tot Amsterdamse stadsstraten met publieksfuncties en entrees aan de straat. De Henk Sneevlietweg biedt met zijn brede buitenbermen bij uitstek kansen voor zo’n nieuwe inrichting.

Bezorging van pakketten en maaltijden met de auto of kleine busjes kan leiden tot onveilige situaties op straat, terwijl wij juist veilige en aantrekkelijke straten voor langzaam verkeer willen. In de volgende planfase werken we per deelgebied slimme, ruimtelijke maatregelen uit voor bestelverkeer en buurtlogistiek.

Impressie Henk Sneevlietweg als stadsstraat.

67

68

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

M Heemstedestraat

2

M Heemstedestraat

2

2

2

347

347 15 69

2

15

357

62

69

397

2 H. Sneevlietweg

247

68*

18

195

24

Zoekgebied halte

HOV

18

2 Nieuw Sloten

2 Nieuw Sloten

397

62

M H. Sneevlietweg

195

357

62

62 247

69

24 Riekerpark

0m

Zoekgebied Eindpunt Schinkelhaven

40

68* 62

p Loo

afs

ta

62

nd

Optie Route A

247

267

st an d

68*

247

80 0m

69

69

af op Lo

Optie Route B

Nieuwe Meer

M Amstelveenseweg

24 VUmc

267

24

za

la

lP

r o aa h N hip Sc

62

Parkeerzones huidig

Parkeerzones toekomst

LEGENDA

LEGENDA

VUmc 62

Huidige situatie van

Private buslijn

A-locatie parkeerbeleid

HOV-lijn

Loopafstand vanaf metro (400-800 meter)

Mogelijke toekomstige

parkeerzones voor de

Bus

B-locatie parkeerbeleid

Bus

Verlengde Noord/Zuidlijn

situatie van parkeerzones

C-locatie parkeerbeleid

Tram

A-locatie parkeerbeleid

Metro

Metro

B-locatie parkeerbeleid

Trein

Trein

C-locatie parkeerbeleid

auto. Bron: maps. amsterdam.nl

Tram

voor de auto.

Zoekgebied eindpunt buslijn

Om de openbare ruimte in Schinkelkwartier optimaal te kunnen gebruiken voor verblijf en langzaam verkeer gelden er strenge regels voor het autoparkeren bij nieuwbouw en maatwerk bij transformatie. Autoparkeren vindt plaats op eigen terrein, waarbij het uitgangs­ punt ondergronds parkeren is. Bij het bepalen van de parkeernorm is de Nota Parkeernormen Auto kaderstellend, inclusief het daarbij behorende locatiebeleid voor kantoren. Er komt een lage parkeernorm in Schinkel­ kwartier. We zetten in op ruimtelijk efficiënte parkeeroplossingen in de deelgebieden zoals het dubbelgebruik van parkeervoor­ zieningen van kantoren en bedrijven met het parkeren van bewoners en gebruikers van

voorzieningen. Speciale aan­dacht gaat uit naar ruimte voor deelauto’s en elektrische auto’s met laadpunten. Voor sociale huurwoningen en middeldure huurwoningen geldt geen verplichting om parkeerplaatsen op eigen terrein te realiseren. Voor vrije sectorwoningen geldt een beperkte verplichting. Op basis van dit beleid en het stedelijke uitgangspunt voor woningbouw (40% sociaal, 40% middelduur en 20% vrije sector) leidt dat voor heel Schinkelkwartier tot een maximum van 0,3 parkeerplaats per woning. Bewoners worden daarbij uitgesloten van een parkeervergunning op straat.

Bezoekersparkeren vindt plaats in openbaar toegankelijke garages en, alleen als dat niet mogelijk is, op straat. We hanteren daarbij de stedelijke norm voor gebieden met een sterke functiemix, namelijk 0,1 parkeerplek per woning. Dat is binnen de norm van 0,3 parkeer­ plek per woning. Voor kantoren is de huidige parkeernorm voor Schinkelkwartier voor het grootste deel gebaseerd op de status als B-locatie. Dit komt neer op 1 parkeerplaats per 125 m2 bvo. Een uitzondering hierop is Nieuwe Meer West met een status als C-locatie. Het voornemen is om de parkeernorm voor kantoren gefaseerd aan te scherpen op basis van de ligging ten opzichte van het openbaar vervoer en de

ontwikkeling daarvan. Nieuwe Meer West wordt daarom in eerste instantie aangepast van C-locatie naar B-locatie. Voor gebieden binnen een loopafstand van 400 meter van een metrostation wordt aangestuurd op aanpas­ sing naar A-locatie, waarvoor een norm geldt van maximaal 1 parkeerplek per 250 m2 bvo. Dat is vergelijkbaar met de norm rond de stations van de Noord/Zuidlijn. Voor bedrijven en voorzieningen geldt, zoals aangegeven in de Nota Parkeernormen Auto, maatwerk met de richtlijnen van het CROW (publicatie 381) als uitgangspunt.

70

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

71

5.2 Het landschap inrichten De eerste landschappelijke ingreep die nodig is om in Schinkelkwartier te kunnen wonen, is het aanbrengen van geluidwerende voor­ zieningen langs infrastructuur. Het OER heeft geleid tot de keuze voor een breed pakket met maatregelen, waaronder een brede geluidswal langs de snelweg en afschermende bebouwing of geluidsschermen op andere locaties in het gebied.

Het ontwerpprincipe van de parkwal (boven) en spelregels voor het bouwen in deze wal (onder).

Het concept van de brede wal hebben we uitgewerkt voor de zones die grenzen aan de A4. Hier is voldoende ruimte voor een multi­ functionele parkwal van 80 meter breed, vergelijkbaar met het Haagse Ypenburg. De realisatie van een parkwal kan een middel zijn om grondgeluid van startende vliegtuigen te weren. De wal zorgt niet alleen voor geluid­ wering, maar biedt mogelijk ook ruimte voor grondberging en ondergronds parkeren. Daarnaast ontstaat zo een wijkpark met recreatieve routes en ecologische verbindin­ gen. In het talud van de wal is ruimte voor vrijstaande gebouwen, die in hetzelfde ritme staan als de kantoorpanden van het bestaande Rieker Business Park. Het concept van de wal lijkt sterk genoeg om ook te worden herhaald aan de overzijde van de A4 in de richting van Schiphol. Zo kan in de corridor Schiphol-Amsterdam een bijzondere groene economische entree ontstaan met het bestaan­ de spoordijkenlandschap als inspiratiebron. De uitwerking van dit concept ter hoogte van de Oude Haagseweg valt buiten de scope van Schinkelkwartier.

Reuring Niet alleen werken, maar ook sporten en voorzieningen Rust Natuurlijke parkzone met natte natuur doorsneden met recreatieve paden

Representatieve zijde aan de snelweg Brede gebouwen opdelen in schijven Zichtlocatie aan de A4

Parkwal, dubbelgebruik als geluidswering en groen verblijfsgebied Flauwe helling maakt verblijf mogelijk Inclusief keermuur voor geluidswering

Verlengde Noord/Zuidlijn Groene inpassing metrotracé

Entree aan parkzijde Rooilijn

Parkeren uit het zicht in de wal Het groene karakter van het park behouden Ruis Snelweg, spoor en metro

De parkwal krijgt aan de snelwegzijde een steil talud en aan de binnenzijde een veel flauwere helling, zodat er een recreatiegebied ontstaat waar men kan hardlopen, sporten of de hond uitlaten. Verder biedt de parkwal ruimte voor

de toekomstige inpassing van de verlengde Noord/Zuidlijn. De parkwal is een eerste aanzet voor een nieuwe groenen water­structuur, maar er is meer nodig in Schinkelkwartier.

Beoogde parkwal ten noorden van de A4 en de indicatieve doortrekking van het concept aan de zuidzijde van de A4, ter hoogte van de Oude Haagseweg.

5.2.1

Waterstructuur

Om de doorstroming, het bergend vermogen en de kwaliteit van het water te verbeteren, ontwerpen we een nieuwe hoofdwaterstruc­ tuur in de deelgebieden Riekerpark en Nieuwe Meer Oost. Daarin zijn de losse sloten bijeen­ gebracht in een samenhangend watersysteem met twee karakteristieken. In het noordelijk deel van de polder wordt de structuur van Nieuw-West voortgezet met lange kanalen in een rechthoekig patroon. In het zuiden, aan de voet van de parkwal en onder de spoordijken, ontstaat een meer natuurlijk waterlandschap met losse waterpartijen als een voortzetting van het bestaande waterpark rond IBM. Een verbinding tussen het water van de deelgebie­ den zorgt voor een robuuste watercirculatie. De in het vorige hoofdstuk voorgestelde verbinding van de Westlandgracht met de havenkom in Schinkelhaven lost een oude belofte in van het Algemeen Uitbreidingsplan (AUP). Zo ontstaat een recreatief vaarrondje naar de grachten van Amsterdam en wordt Schinkelhaven via het water aangesloten op de binnenstad. De bruggen over de Westlandgracht krijgen voldoende doorvaart­ hoogte voor kleine sloepjes.

Met deze ingrepen wordt voor heel Schinkelkwartier voldaan aan de verplichte watercompensatie bij een toename van verharding. Er is sprake van een positieve waterbalans, aangezien er per saldo meer oppervlaktewater wordt toegevoegd. Bij het bepalen van de peilhoogte in Riekerpark kiezen we voor het combinatiemodel dat uit het OER naar voren is gekomen. Namelijk een peilverlaging tot -1,9 meter NAP, gelijk aan het polderpeil in de omgeving, en vervanging van de bestaande bovenlaag door grond die beter waterdoorlatend is. Daarbij kan de benodigde ophoging van het maaiveld (het aardoppervlak) beperkt blijven en bedraagt de afstand tussen land en water maximaal 1,4 meter. In verband met onvoldoende stabiliteit van de spoorbaan worden de spoorsloten in Riekerpark losgekoppeld van het watersysteem en als wadi’s beheerd. Verder krijgen de straten in Schinkelkwartier een klimaatbestendige inrichting. Regenwater wordt bijvoorbeeld in Riekerpark en Nieuwe Meer Oost afgekoppeld van het riool en via m ­ olgoten en/of verlaagde beplantingsvakken naar de omliggende watergangen en wadi’s geleid.

72

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

samenkomen. Daarnaast introduceren we een groot nieuw park, namelijk het Riekerpark. Een centraal gelegen park dat ruimte biedt voor spelen, sporten en ontspannen.

Sloterbinnen en Middelveldsepolder

VP -2,20

Nieuwe vaarroute binnenstad

VP -2,10

Nieuw Sloten

Westlandgracht verbinden met haven

Huis te Vraag peil -0,60

VP -2,80 Beweegbare brug over Schinkel i.v.m. staande mast route

Klimaatbestendige straten

Havenkom vergroten voor recreatie sloepen

Polderpeil verlagen en maaiveld opbollen

VP -2,30

VP -1,90

Tweede watergang voor circulatie

Schinkel peil -0,40

5.3 Binnenruimte scheppen

Sloten beheren als wadi’s

Volkstuinenpark Lissabon VP -2,50

VP -4,25

VP -1,90

Riekerpolder

Nieuwe Meer boezempeil -0,60

Waterstructuur

Gemaal Nieuwe Meer

LEGENDA

Beoogde ­waterstructuur.

Open water

Vast waterpeil

Keerwand

Wadi

Bestaande brug

Sluis

Afwateringsrichting

Nieuwe brug

Stuw

Indirecte secundaire waterkering

Recreatieve route

Duiker Gemaal

Secundaire waterkering

Primaire watergang

Groen infiltratiezone

VP

Begrenzing polderpeilgebied

Secundaire watergang

Aan de zuidrand van Schinkelkwartier ligt het gebied De Oeverlanden. Dit gebied krijgt in de toekomst naast de belangrijke natuurfunctie

De fysieke barrières van de grootschalige infrastructuur drukken een zware stempel op de ruimtelijke beleving van Schinkelkwartier. Het overal aanwezige geweld van wegen, spoorlijnen, dijken en viaducten vraagt om binnenruimte, beschutte plekken die ruimte bieden voor ontmoeting en verblijf. Daarom ontwerpen we per deelgebied bijzondere plekken die verbonden zijn met de stadsstraten en die elke buurt een eigen identiteit geven. Maat­schappelijke en commerciële voorzienin­ gen, zoals winkels, scholen en buurtkamers, clusteren we rond deze plekken. Dat is ­mogelijk doordat de belasting met geluid en fijnstof vooral optreedt aan de randen van de deelgebieden.

ook een belangrijke recreatieve functie met ruimte voor nieuwe stadsstrandjes. Aan de westrand liggen het Siegerpark en het Christoffel Plantijnpad, een ecologische en recreatieve verbinding tussen de Sloterplas en de Nieuwe Meer. Deze verbinding versterken we door het toevoegen van faunapassages onder de kruisende wegen.

De invulling van de plekken is afhankelijk van de ruimtelijke context en het programma. In Schinkelhaven is het natuurlijke hart de havenkom, waar we ruimte maken voor een verblijfsgebied aan het water. In Riekerpark, een echte woonbuurt, is de centrale plek een groot buurtpark met ruimte voor spelen en informele sport, dat ook gebruikt kan worden door de scholen. Aan de noordzijde van dit park liggen straks de buurtwinkels en een aantal buurtvoorzieningen.

Ook binnen het plangebied wordt het aan­ wezige groen versterkt en uitgebreid. De westelijke groenzone langs de spoordijk wordt verbreed tot een beweegpark. Een zone waarin verschillende sport- en speelvoorzieningen voor diverse leeftijds- en gebruikersgroepen

In Nieuwe Meer Oost wordt het centrum een stedelijk plein naast B. Amsterdam, de econo­ mische aanjager in deze buurt. Ook in Nieuwe Meer West wordt het hart een stadsplein bij het toekomstig metrostation. De havenkom, het park en de stadspleinen worden met elkaar

5.2.2 Groenstructuur Rondom Schinkelkwartier liggen verschillende groengebieden die kansen bieden voor ­ver­sterking. Aan de oostrand van het gebied kan het versnipperde groen langs de Schinkel worden samengesmeed tot een volwaardig oeverpark. Een park dat open is voor het Amsterdamse publiek met onder meer de bestaande bomen en sloten. Binnen dat park blijft begraafplaats Huis te Vraag vanwege het unieke karakter en de bijzondere kwaliteiten een plek voor rust.

We gaan zorgvuldig om met de aangewezen hoofdgroenstructuur en ecologische structuur. In de plannen per deelgebied wordt een ontwerp gemaakt voor de openbare ruimte, waarbij we rekening houden met de regels die gelden voor de hoofdgroenstructuur en ecologische structuur. In verband met de ligging van de parkwal in de ecologische structuur is waar­ schijnlijk een raadsbesluit nodig voor functie­ wijziging.

Bij de inrichting van de straten en de openbare ruimte bouwt Schinkelkwartier voort op de structuren van het AUP en Nieuw-West. Hierin bepalen robuuste oost-west georiënteerde bomenlanen het beeld tussen de Sloterplas en de Nieuwe Meer. Het nieuwe profiel van de Henk Sneevlietweg krijgt met vier dubbele bomenrijen het karakter van een boulevard die de verschillende buurten met elkaar verbindt. Ook de bomenstructuur van de Johan Huizinga­laan wordt uitgebreid en zo mogelijk doorgetrokken naar De Oeverlanden. Het aantal bomen in Schinkelkwartier neemt de komende jaren, in het kader van de gebieds­ ontwikkeling, sterk toe.

verbonden door de centraal gelegen Nieuwe Sloterweg, zodat ze te voet en per fiets optimaal bereikbaar zijn. Ook De Plantijn heeft een openbare ruimte nodig die minder op het verkeer en meer op verblijven en ontmoeten is gericht. De vorm van deze binnenruimte moet nog verder worden uitgewerkt, samen met de eigenaren in het gebied. Naast de binnenruimtes zijn er ook nieuwe stadspoorten; plekken die toegang geven tot het gebied. Zo wordt het nieuwe Aalsmeerplein niet alleen een sluitstuk van de Hoofddorpplein­ buurt, maar ook de toegangspoort tot Schinkelkwartier. Bij de inrichting van dit plein willen we de verkeersafwikkeling verbeteren en de ruimtelijke kwaliteit verhogen door nieuwe gebouwen toe te voegen met publieksfuncties in de plint. Daarnaast zijn er poorten bij de knooppunten van openbaar vervoer. Zo krijgen de nieuwe metrostations entreegebieden waar reizigers vertrekken en arriveren.

73

74

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

75

5.4 Transformeren en bouwen In een aantal deelgebieden, zoals Schinkelhaven, Sloterstrip, Nieuwe Meer West en De Plantijn, ligt de ruimtelijke structuur al vrijwel vast. Op die locaties zijn specifieke en locatiegebonden oplossingen nodig, die recht doen aan het bestaande stadslandschap, de waarde van bestaande gebouwen en het programma en de wensen van aanwezige stakeholders. In Nieuwe Meer Oost en Riekerpark is er meer vrijheid om een eigen typologie te kiezen.

gebruikte, bruisende stadsstraten als rustige, groene binnenterreinen. De binnenterreinen zijn goed zichtbaar, uitnodigend, toegankelijk voor fietsers en voetgangers en hebben soms ook functies met adressen. Door een netwerk van informele routes staan de binnen­terreinen en omringende straten met elkaar in verbin­ ding. De beschreven typologie is ook effectief om het weerkaatsen van luchtvaartgeluid te beperken.

De typologie van Schinkelkwartier wordt sterk bepaald door de aanwezigheid van vlieg­ verkeer waardoor de bouwhoogte in grote delen van het gebied is beperkt. Er moet een hoge dichtheid worden bereikt zonder hoog te kunnen bouwen. Tegelijk moet ook een rustige en groene leefomgeving worden geboden waarin goed gewoond en gewerkt kan worden. Die c­ om­binatie vraagt een efficiënte hoofd­ structuur met samengestelde bouwblokken en relatief weinig openbare verkeersruimte. Het samen­gestelde bouwblok is een groot blok waarin verschillende panden samen een eenheid vormen.

Een inspiratiebron voor bouwblokken met grote binnenterreinen is het project Île Seguin Rives de Seine in Boulogne-Billancourt (Parijs), waar zonder extreme bouwhoogte toch sprake is van een hoge dichtheid en een aantrekkelijke leef­omgeving. Bij de uitwerking van deze typologie volgden we het advies van het College van Rijksadviseurs over de inrichting van hoogstedelijke milieus in transformatie­ gebieden, de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 en de nota Ruimte voor de Economie van Morgen. Hierin is uitgegaan van een combina­ tie van reuring, ruis en rust. Reuring staat voor stede­lijke woon­vormen met een hoog voor­ zieningenniveau en veel interactie, ruis voor infrastructuur, bedrijvigheid en productiviteit, en rust voor wonen, werken en verblijven in relatieve stilte.

De grote bouwblokken hebben geluidluwe, in erfpacht uitgegeven binnenterreinen die publiek toegankelijk zijn. Op deze manier ontstaat er een gebied met zowel intensief

Cityplot in Buiksloterham, voorbeeld van een samengesteld bouwblok. Bron: www.studioninedots.nl

Beoogde groenstructuur.

76

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Bouwen Om kwaliteit en duurzaamheid van de ruimtelij­ke structuur te borgen, gelden er bij de ontwik­ke­ ling van bouwplannen verschillende spelregels. We noemen hier de belangrijkste principes. Bij het ontwerp van de buurten vinden we vooral de beleving op ooghoogte belangrijk. Om levendigheid op straat te borgen, is de begane grond van de gebouwen langs de hoofdroutes geschikt voor publieks­functies, zoals horeca, maatschappe­lijke voorzieningen, kleinschalige bedrijvigheid en winkels. De begane grondverdieping heeft een bruto hoogte van minimaal 4,5 meter. De hoogte van de bebouwing varieert per deelgebied en per bouwblok. De blokken in de deelgebieden Nieuwe Meer Oost, Riekerpark en Sloterstrip zijn opgebouwd uit vijf lagen, eventueel met losse opbouwen van één of twee terugliggende lagen. Langs de randen van de deelgebieden is een bouwhoogte mogelijk van 32 meter. De bebouwing bestaat op die plekken uit zeven lagen, eventueel met losse opbouwen van één of twee terugliggen­ de lagen. Technische installaties op het dak van gebouwen vallen binnen de maximale bouw­ hoogte. Om in de toekomst transformatie en functieverandering mogelijk te maken, ambië­ ren we voor de lagen boven de plint tot de vijfde of zevende laag een bruto verdiepings­ hoogte van minimaal 3,4 meter. De hoogte van Haveneiland IJburg, voorbeeld van individuele panden met een eigen

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

de overige verdiepingen volgt minimaal het Bouwbesluit. De uitgangspunten voor de bebouwing in de deelgebieden Schinkelhaven, Nieuwe Meer West en de Plantijn zijn terug te vinden in hoofdstuk 6 en bijlage 2.

vliegveiligheid. NLR heeft in een studie de haalbaarheid van de gewenste bouwhoogtes al wel beoordeeld en verwacht dat er geen belemmering is voor de veiligheid van het vliegverkeer.

behouden of creëren van productieve bedrijfs­ ruimte, het realiseren van maatschap­pelijke voorzieningen of het kiezen van extra duurza­ me oplossingen. Deze aanpak vraagt maatwerk per project.

Naast de hiervoor genoemde bouwhoogten zijn twee categorieën hoogteaccenten in een bouwblok mogelijk. De eerste kent een bouw­hoogte van maximaal 41 meter en vinden we terug in de omgeving van metrostations en langs de hoofdwegen. De tweede categorie is een beperkt aantal hoogteaccenten van maximaal 55 meter, die uitsluitend voorkomen op locaties waar ze de ruimtelijke samenhang en oriëntatie op ooghoogte versterken. Denk daarbij aan een accent bij de kruising Johan Huizingalaan/Nieuwe Sloterweg en aan de noordzijde van het Riekerpark. De exacte locaties van hoogteaccenten in Schinkelkwartier worden in de volgende fase nader uitgewerkt in het stedenbouwkundig plan per deelgebied.

Bebouwing langs de A10 in deelgebieden Schinkelhaven en Riekerpark moet een afscher­ mende functie hebben voor het achterliggend gebied in verband met geluid en veiligheid. De bouwhoogte van deze zoveel mogelijk aaneen­ gesloten, eerstelijnsbebouwing is hoger dan de daarachter gelegen bebouwing en bedraagt 5 tot 7 bouwlagen.

In bijlage 2 zijn spelregels opgenomen voor het transformeren en bouwen in Schinkelkwartier.

De realisatie van bebouwing hoger dan de (maatgevende en radar) toetshoogte in het LIB is onder voorbehoud van een verklaring van geen bezwaar (vvgb) door Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Voor het LIB toetsvlak tot 41 meter geldt dat een vvgb voor hogere bebouwing alleen wordt afgegeven als sprake is van afscherming door een bestaand gebouw of als met een luchtvaartstudie is aangetoond dat er geen gevaar is voor de

De woningen worden zoveel mogelijk o ­ ntsloten via een portieketage, waardoor veel voor­ deuren aan de straat liggen en het aantal woningen per portiek beperkt is. Dat draagt bij aan een afwisselend straatbeeld en versterkt de sociale samenhang. Het ruimtebeslag voor de auto op straat blijft daarbij beperkt, ondergronds parkeren is het uitgangspunt. Ook technische voorzieningen en fietsen­ stallingen houden we uit het zicht. Bouwblokken bestaan uit behapbare een­heden, individuele panden met een eigen ontsluiting die zelfstandig gebouwd of getransformeerd kunnen worden. Waar nodig worden bouw­ kundige geluidmaatregelen getroffen, zoals loggia’s, luifels en geluidabsorberende gevelmaterialen. We stimuleren de toepassing van groene daken en groene gevels, en de gebouwen voldoen aan de gemeentelijke eisen voor circulair, natuurinclusief en klimaat­ adaptief bouwen.

ontsluiting. Bron: www.kenkarchitecten.nl

Naast deze algemene eisen zijn er ook projecten locatiegebonden wensen. Bijvoorbeeld het

Welstand Door voortschrijdende verdichting en functie­ menging groeit de gebruiksintensiteit in Schinkelkwartier. Deze ontwikkeling kan alleen op een succesvolle manier plaatsvinden als er voldoende aandacht is voor ruimtelijke kwaliteit. Daarbij gaat het niet alleen om een hoogwaardige inrichting van de openbare ruimte, maar ook om kwaliteit en duurzaam­ heid van de bebouwing. De kwaliteit van een gebouw wordt niet alleen bepaald door dat gebouw zelf, maar ook door zijn relatie met de omgeving. Zo vormen de gebouwen rondom het Riekerpark en de gebouwen rondom het bestaande hoofdkantoor van IBM specifieke en beeldbepalende ensembles. Gebouwen moeten aan redelijke eisen van welstand voldoen, niet alleen als individueel object maar ook als volwaardig onderdeel van de stad. Op dit moment is het welstandsregime in Schinkelkwartier beperkt tot niveau ‘gewoon’. In Schinkelhaven is slechts niveau ‘eenvoudig’ van kracht. We verhogen het welstandsregime voor heel Schinkelkwartier naar ‘bijzonder’ om de gewenste kwaliteit op verschillende schaalniveaus te borgen in het plan. Daarnaast kan er per deelgebied een welstandskader worden opgesteld waarin we het beoogde welstandsniveau verder uitwerken en vast­leggen.

5.5 Voorzieningen borgen Bij een complete wijk hoort ook een compleet pakket van maatschappelijke en commerciële voorzieningen. In hoofdstuk 3 is het voor­ zieningenprogramma al toegelicht, hier beschrijven we de ruimtelijke vertaling ervan. De sociaal-­ruimtelijke structuur is herkenbaar en de inrichting van de openbare ruimte nodigt uit tot ontmoeten en bewegen. Dit ontstaat door een divers en hoogwaardig voorzieningen­ pakket dat op tijd meegroeit met de ontwik­

keling van het gebied. Het is van belang dat de voorzieningen bereikbaar en toegankelijk zijn voor een diverse groep gebruikers. De voor­ zieningen en bijzondere plekken geven identiteit aan elk deelgebied. In dit hoofdstuk wordt per maatschappelijke voorziening in tekst en/of kaart aangegeven hoe we de referentienorm invullen.

77

78

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

5.5.1

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

79

Groen, sport en spelen

De nieuwe groenstructuur van Schinkelkwartier voldoet ruimschoots aan de referentienormen voor gebruiksgroen en ecosysteemgroen. De norm voor gebruiksgroen zorgt voor stedelijk attractief groen waarin men kan verblijven en recreëren, zoals plantsoenen, moestuinen, buurt- en wijk­parken. Gebruiksgroen is stedelijk groen dat uit minimaal 0,5 hectare aaneengesloten openbaar groen bestaat. Voor een goede spreiding van gebruiksgroen hanteren we een v­ erzorgingsgebied van 250 meter voor een buurtpark en 750 meter voor een stadspark. Te midden van het gebruiks­ groen is ruimte voor sport en spel. De norm voor ecosysteemgroen heeft als belangrijkste doel de buurt klimaatadaptief te maken en biodiversiteit te vergroten, maar draagt ook bij aan de beleving en gezondheid van de Amsterdammer. Ecosysteemgroen betreft groen in de straat en op kavels, zoals plant­ vakken, hagen, wadi’s en groene daken. Het is overigens niet uitgesloten dat delen van gebruiksgroen ook als ecosysteemgroen kunnen fungeren en vice versa. Het reeds aanwezige groen in Schinkelkwartier is meegeteld in de groenberekening. Reden hiervoor is dat Schinkelkwartier op dit moment een monofunctioneel werkgebied is en er zodoende een beperkte claim rust op het huidige groen.

Daarnaast wordt het bestaande groen in Schinkelkwartier opgewaardeerd tot kwalitatief gebruiksgroen en krijgt het een kwaliteits­impuls door vergroting van de bio­­diversiteit en klimaatadaptatie. De bereke­ ning is g ­ ebaseerd op het uiteindelijke pro­ gramma. Hierin zijn zowel het bestaande programma als de beoogde toekomstige ontwikkelingen opgenomen. De in erfpacht uitgegeven binnenterreinen van bouwblokken tellen we voor de helft mee als ecosysteemgroen. Groene daken zijn wense­ lijk, maar niet nood­zakelijk voor het behalen

Sport, spelen en bewegen zijn integraal onder­ deel van de ontwikkeling van Schinkel­­kwartier. Doel is een zo divers en toegankelijk mogelijk aanbod van sporten, spelen en bewegen voor de toekomstige bewoners. Van voldoende sport- en speel­aanleidingen in de openbare ruimte tot een wisselend aanbod aan in- en outdoor sport­accommodaties. Gebouwde sport­voorzieningen, zoals fitness en zaalvoet­ bal, worden meegenomen in de vastgoedont­ wikkeling door publieke en private partijen.

Fasering sport

Het tempo van de gebiedsontwikkeling bepaalt de behoefte aan sportvelden. We kijken eerst naar de mogelijkheden binnen Schinkel­k wartier en tegelijk naar de kansen op de goed bereikbare en nabij gelegen bestaan­ de sportparken Sloten en Sloten-west. Er is daar capaciteit en ruimte om een belangrijk deel van de opgave van Schinkel­k wartier op te vangen. De bestaande sportparken met grote verenigingssporten, zoals hockey, honkbal en voetbal, en de ontwikkeling van stedelijke sportvoorzieningen in Schinkelkwartier vullen elkaar programmatisch aan en kunnen elkaar

2022-2027 25% sportnorm

versterken. We streven naar vitale verenigin­ gen en een compleet sportaanbod op de beide sport­parken. Op de sportparken kunnen we de bestaande sportvelden opti­ maliseren en intensiveren, bijvoorbeeld in toename van leden en veldbezetting. Indien nodig kan sportpark Sloten mogelijk zelfs uitbreiden. Ook verkennen we de mogelijk­ heden voor buitensport in Landschapspark De Oeverlanden, ­passend bij de waarden voor gebruik en inrichting die zijn genoemd in de Ontwikkelings­strategie Landschapspark De Oeverlanden.

2027-2035 70% sportnorm

Volgens de referentienorm is 4,8 hectare netto veldoppervlak nodig voor de georganiseerde buitensport. We realiseren daarvan tenminste 1 hectare aan buitensport in Schinkelkwartier in de vorm van compacte en intensief te gebruiken sportvelden. Uitgangspunt is het handhaven van de huidige (beach)handbal­ vereniging tot 2027. Daarna zoeken we naar een passende oplossing, bij voorkeur in Schinkelkwartier zelf en anders in de nabije omgeving. Naast binnensport en georganiseerde buiten­ sport is volgens de referentienorm 11.000 m2 aan (ongeorganiseerde) sportaanleidingen in de openbare ruimte nodig zoals trapveldjes, hardlooproutes en urban gyms. Er komen dertig kleine speelplekken en tien grote speelvelden. Deze zijn onderdeel van de open­bare ruimte zoals pleinen en parken in de buurt. Sport- en speelaanleidingen maken inte­ graal onderdeel uit van de ontwerpen voor de openbare ruimte. In elke buurt spreiden we deze plekken voor ongeorganiseerd sporten en spelen, zodat sport altijd om de hoek aanwezig is. In combinatie met aantrekkelijke

Beoogd groen in plangebied

Benodigd groen op basis van referentienorm

Gebruiksgroen

18,6 ha

17,6 ha

Ecosysteemgroen

21,5 ha

18,03 ha

Totaal

40,1 ha

35,63 ha

Groenbalans Schinkelkwartier op basis van referentienormen, zie kaartbeeld op p. 80/81

Groeimodel - Brede aanpak buitensport

van de norm. Het is niet nodig om het groen van De Oeverlanden in de normberekening mee te nemen, maar met dit gebied in de nabije omgeving is er meer dan voldoende groen aanwezig.

2035-2045 100% sportnorm

Fasering sportvraag LEGENDA

Fase

routes voor langzaam verkeer zorgen we hiermee voor een leefomgeving die beweging en gezondheid stimuleert. Ook geven we gedurende de gebiedsontwik­ keling ruimte aan (tijdelijke) sportinitiatieven om te kunnen experimenteren en te ontwikke­

Onderzoeken / Verkennen

Eventuele nieuwe sportlocaties Oeverlanden

Plannen / Starten

Tijdelijk gebruik sport

Realiseren / In gebruik

Permanent gebruik sport

len. We laten deze sportvoorzieningen met een innovatief karakter naar behoefte ontstaan en geven ze de ruimte. Met name in Nieuwe Meer West en in Riekerpark zijn er mogelijkheden. We blijven bovendien in de volgende planfase zoeken naar meer ruimte voor buitensport in de verschillende deelgebieden.

80

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

81

Groen, sport en spelen Groen

Sport

Bestaand

Bestaand

Begraafplaats Huis te Vraag

Georganiseerde buitensport

Buurtgroen + straal 250 m

Sporthal Watersportvereniging

Park + straal 750 m

Afstand tot sport

Gebruiksgroen Plangrens

Veldoppervlak

16 m2 per woning waarvan 60% levend groen (40% kan worden ingericht voor paden, sport, spel en water)

5 m2 per woning en de helft bij studentenwoningen. Tijdelijke georganiseerde buitensport in Nieuwe Meer West en/of Riekerpark

Park 5,78 ha + straal 750 m

Sportpark Sloten west huidig veldoppervlak: 1,7 ha netto Op korte / middellange termijn 1,7 ha sportpark Sloten-west inzetten

totaal: referentienorm:

2,2 km 27 min lopen 10 min fietsen

1,9 km pen in lo 23 m fietsen in m 6

Op midden / lange termijn 1,6 - 2,1 ha door optimaliseren en intensiveren sportvelden en verenigingen.

Tijdelijke sportinitiatieven

Sportpark Sloten huidig veldoppervlak: 13,3 ha netto

Buurtgroen 12,78 ha + straal 250 m

Combineren onderwijs en sport

6 m2 per woning + 0,1 m2 per 1 m2 BVO kantoor-, winkel- of bedrijfsruimte (terrein)

Groene binnenterreinen (11 ha), waarvan 5 ha meetelt omdat maximaal 25% van de referentienorm ecosysteemgroen op kavel of dak mag worden gerealiseerd

totaal: referentienorm:

groen-, sport- en speelvoorzieningen (indicatie).

Eventueel nieuwe sportlocaties in Oeverlanden = 0 - 0,5 ha

Ecosysteemgroen

Groen in straten 2 ha t.b.v. klimaatadaptatie en biodiversiteit, ca 10% van profiel

Fasering: Veldoppervlak integreren in de wijk = minimaal 1 ha

18,57 ha* 17,60 ha

Ecologische structuur en groen rond infrastructuur 14,5 ha

minimaal 1 ha vertalen in o.a. urban sports, sportkooien

Verkennen buitensport Landschapspark De Oeverlanden

Beoogde spreiding van

+

3 velden in sportpark Sloten-west inzetten = 1,7 ha Sportpark Sloten optimaliseren / intensiveren = 1,6 - 2,1 ha totaal: referentienorm:

+

4,8 ha 4,8 ha

1 sporthal per 24.000 inwoners, 3.000 m2 (BVO) Sporthal (icm VO) 1.500 m2 BVO

+

21,5 ha** 18,03 ha

* Het bestaande groen is meegeteld (bij gebruiksgroen) om twee redenen: 1. Het wordt opgewaardeerd naar kwalitatief gebruiksgroen in de vorm van recreatief groen en parken. 2. In de huidige situatie rust er een beperkte claim op het bestaande groen en is er ruimte om dit bestaande groen intensiever te gebruiken ** Het bestaande groen is meegeteld (bij ecosysteemgroen) omdat het groen een kwaliteitsimpuls krijgt in de vorm van het vergroten van de biodiversiteit en klimaatadaptatie.

Strand en zwemwater De Oeverlanden Commercieel sportcentrum Naschools gebruik gymzaal primair onderwijs

Sport en spelen in de openbare ruimte 1 m2 aan ongeorganiseerde sport in de openbare ruimte per woning sportaanleidingen, trapveldjes, hardlooproutes en urban gyms. ca. 11.000 m2 terrein 1 speelplek per 300 woningen (150 m2 terrein) 30 speelplekken 150 m2 x 30 = 4.500 m2 terrein 1 speelveld per 1.000 woningen (1.000 m2 terrein) 10 speelvelden 1.000 m2 x 10 = 10.000 m2 terrein

82

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

5.5.2 Onderwijs

Onderwijs Bestaand Basisschool + straal 350 m Voortgezet onderwijs

300m

(indicatie).

afgesloten terreinen, maar zijn onderdeel van de openbare ruimte in het gebied. Bij de inpassing van scholen volgen we de normering voor geluid en houden we rekening met de beperkingen vanwege luchtkwaliteit. Daarnaast zoeken we verbinding met programmatische clusters in het gebied zoals zorg en innovatie.

2025-2035

Nieuw

300m

1 PO-school per 1440 woningen 7 basisscholen: 28.000 m2 BVO

Combineren VMBO onderwijs en Zorg

Basisonderwijs + straal 350 m 4.000 m2 BVO 1.750 m2 buitenruimte waarvan 950 m2 in de openbare ruimte voor bovenbouw

Plangrens

2020-2025

2025-2030

MBO/HBO/WO

2020-2025

2030-2035

Beperkingenzones gevoelige bestemmingen luchtkwaliteit 50 m vanaf binnenstedelijke weg, geldt alleen voor eerstelijnsbebouwing

C++ Computertalentschool

300m

300m MBO / HBO / WO

300m

onderwijsvoorzieningen

beleid en bestaande voorzieningen in het gebied en de directe omgeving. Voor primair onderwijs is gekeken naar de behoefte op buurtniveau. We integreren de scholen bij voor­ keur in de bouwblokken, waar mogelijk in combinatie met andere maatschappelijke functies. Schoolpleinen worden zo geen

300m

Beoogde spreiding van

Schinkelkwartier kent een uitgebreid onderwijs­ programma met onder meer zeven alles-in-éénscholen en bijbehorende sport- en speelvoor­ zieningen. De referentienormen voor onderwijs zijn vertrekpunt geweest voor maatwerk per ontwikkelgebied. Voor voort­gezet onderwijs wordt rekening gehouden met het spreidings­

300 m vanaf rijksweg

83

500 m voor ouderen + 800 m overig (Indicatief)

Huisartsenpraktijk

84

Woonzorgcomplex Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Nieuw

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Beperkingenzones gevoelige bestemmingen luchtkwaliteit

Clustering zorg

5.5.3 Jeugd-, zorgen basisvoorzieningen 0,3 m (BVO) praktijkruimte per woning

85

50 m vanaf binnenstedelijke weg, geldt alleen voor eerstelijnsbebouwing

2

Huisartsenpraktijk (loopafstand rijksweg m vanaf 300 Om het jeugd­en zorgprogramma te 6x realise­ ren, 500m) Allereerst zijn er twee zorggerelateerde clusters. - 2FTE 300 m2 BVO krijgt Schinkelkwartier 1.800 een netwerk van Het gebied De Plantijn voorziet, met het Antoni 2 m BVO voorzieningen dat herkenbaar, bereikbaar en van Leeuwenhoek ziekenhuis, farmaceutisch m2 (BVO) maatschappelijke dienstverlening toegankelijk is. 0,01 De invulling daarvan moet bedrijf Sanquin en het voormalige Slotervaart­ en wijkzorg per woning kunnen meebewegen met de wensen van ziekenhuis, in een enorm aanbod aan boven­ 2 Indicatief, 4x - 200 m (+1 mogelijk) 2 referentienormen specifieke doelgroepen. De wijkse zorg. Medische zorg en medische voor800m BVO zijn een vertrekpunt voor maatwerk per ontwik­ zieningen kunnen hier samengaan met woon­ 0,05 m2 (BVO) apotheek (commercieel) per woning kelgebied geweest. Zo wordt bijvoorbeeld vormen, waarin wonen wordt gecombineerd Apotheken 4x - 200 m2 (+1 mogelijk) voor maatschappelijke 800 opvang rekening met onderzoek en behandeling. De Plantijn kan 2 m BVO gehouden met het spreidings­beleid en zo bijdragen aan innovatie en werkgelegenheid 0,5 m2 (BVO) opvanglocatie per en woning Jeugd-, zorg- bestaande voorzieningen in het gebied de in Amsterdam, en aan de leefbaarheid in Maatschappelijke opvanglocatie 3x directe omgeving. Nieuw-West.

Het voormalige Slotervaartzieken­ en basisvoorzieningen - 800-1.200 m2 BVO

huis (zowel de tangenten als het kruisgebouw) wordt ingericht als een locatie met maatschap­ pelijke en laagdrempelige zorgfuncties. Op wijkniveau biedt Riekerpark een tweede cluster voor lokale zorg, zowel maatschappelijk als commercieel. Dit cluster richt zich vooral op de gezinnen in de wijk en combineert een huis van de wijk met gezinsopvang, een huisartsen­ post, tandzorg en een apotheek.

Bijzondere voorzieningen in Schinkelkwartier zijn verder een jongerencentrum en buurt­ kamers die in elk deelgebied zijn voorzien. Bij de inpassing van kinderopvang en woon­ zorg­complexen houden we rekening met de beperkingen vanwege luchtkwaliteit.

Beoogde spreiding van zorg-, jeugd- en basisvoorzieningen (indicatie).

3.200 m2 BVO

Jeugd Bestaand Ouder- en kindteam Kinderopvang

Basisvoorzieningen

0,03 m2 (BVO) dagbestedingslocatie per woning Dagbesteding 2x - 200-700 m2 Bestaand 900 m2 BVO + 500 m Buurtkamer Gewenste loopafstand 0,008 m2 (BVO) hospice per woning Hospice 1x (+1 mogelijk) 300 m2 BVO

Nieuw

Jeugd Ouder- en kindteam 1x

Basisvoorzieningen

Bestaand

Bestaand

ZorgOuder- en kindteam Bestaand Kinderopvang Ziekenhuis

Nieuw

Huisartsenpraktijk Kinderopvang Woonzorgcomplex

1 Ouder- en kindteam per 19.000 woningen 650 m2 (BVO)

Nieuw

Ouder- en kindteam 1x Clustering zorg

Zorg

0,3 m2 (BVO) praktijkruimte per woning Huisartsenpraktijk 6x (loopafstand 500m) - 2FTE 300 m2 BVO Bestaand 1.800 m2 BVO Ziekenhuis 0,01 m2 (BVO) maatschappelijke dienstverlening Huisartsenpraktijk en wijkzorg per woning Indicatief, 4x - 200 m2 (+1 mogelijk) Woonzorgcomplex 800m2 BVO 0,05 m2 (BVO) apotheek (commercieel) per woning Nieuw Apotheken 4x - 200 m2 (+1 mogelijk) Clustering zorg 800 m2 BVO

0,3 m22 (BVO) praktijkruimte per woning 0,5 m (BVO) opvanglocatie per woning Huisartsenpraktijk 6x (loopafstand 500m) Maatschappelijke opvanglocatie 3x - 2FTE 300 m22BVO - 800-1.200 m BVO 1.800 m22 BVO 3.200 m BVO 0,01 m22 (BVO) maatschappelijke dienstverlening 0,03 m (BVO) dagbestedingslocatie per woning en wijkzorg per woning Dagbesteding 2x - 200-700 m2 Indicatief, 4x - 200 m2 (+1 mogelijk) 900 m2 BVO 800m2 BVO 0,008 m2 (BVO) hospice per woning 0,05 m2 (BVO) apotheek (commercieel) per woning Hospice 1x (+1 mogelijk) Apotheken 4x - 200 m2 (+1 mogelijk) 300 m2 BVO 800 m2 BVO

300m

0,063 m2 (BVO) huis van de wijk per woning Huis van de wijk 1x 500 m2 BVO 0,063 m2 Buurtkamer (BVO) buurtkamer per woning + 500 m Buurtkamer 3x - 120 m2 BVO Gewenste loopafstand 360 m2 BVO

Focus op ouderen

300m

650 m2 (BVO)

0,03 m2 (BVO) jongerencentrum per woning Gezondheidscentrum 1x Jongerencentrum 1x 800 m2 BVO 300 m2 BVO

24-uurs opvang

500m Ouderen

Plangrens 2030

Winteropvang

Nieuw Loopafstand cluster basisvoorzieningen 500 m voor ouderen + 800 m overig 0,03 m2 (BVO) jongerencentrum per woning (Indicatief) Jongerencentrum 1x 300 m2 BVO

Combineren met zorg

Gezinsopvang

Beperkingenzones gevoelige

0,063 m2 (BVO) huis van de wijk per woning bestemmingen luchtkwaliteit Huis van de wijk 1x 2 BVObinnenstedelijke weg, geldt 500mmvanaf 50

alleen voor eerstelijnsbebouwing 0,063 m2 (BVO) buurtkamer per woning Buurtkamer - 120 m2 BVO rijksweg m vanaf 3x 300 360 m2 BVO

Combinatie horeca en welzijn

300m

300m Werkplaats

Loopafstand cluster basisvoorzieningen 500 m voor ouderen + 800 m overig (Indicatief)

Beperkingenzones gevoelige bestemmingen luchtkwaliteit 50 m vanaf binnenstedelijke weg, geldt alleen voor eerstelijnsbebouwing 300 m vanaf rijksweg

300m

Jeugd-, zorgKinderopvang en basisvoorzieningen 1 Ouder- en kindteam per 19.000 woningen

300m

Nieuw

86

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

87

5.5.4 Kunst en cultuur Het programma voor kunst en cultuur blijkt in de praktijk niet zo makkelijk om in aard en omvang te bepalen. We maken daarom in dit stadium van de gebiedsontwikkeling gebruik van referentienormen en laten ook ruimte voor het onbekende.

en cultuurgebied. Bijvoorbeeld in de vorm van broedplaatsen of een tijdelijke bioscoop of theater. Naarmate de bereikbaarheid van het gebied toeneemt, stijgen de kansen voor publiekstrekkende en wijkoverstijgende culturele voorzieningen.

Bij het karakter Schinkelkwartier als Kunst en van Cultuur transformatiegebied past dynamiek op kunst-

Verder kunnen kunst en cultuur in de openbare ruimte de identiteit van specifieke plekken

versterken. De Nieuwe Sloterweg, het oever­ park aan de Schinkel, de parkwal en het uitgestrekte park langs de spoordijk zijn hiervoor geschikte plekken.

Beoogde spreiding van kunst en cultuur (indicatie).

Bestaand Kunst en cultuur op stedelijk niveau Kunst en cultuur op wijkniveau

450 meter

Vestiging OBA (Openbare Bibliotheek Amsterdam)

Nieuw

OBA punt Casa Sofia

Culturele voorziening op wijkniveau 0,25 m2 (BVO) per woning 4x - circa 725 m2 BVO

Electric Tram Museum

(gewenste loopafstand 350 m) 2.900 m2 BVO - Podium - Bibliotheek - Broedplaats

Plangrens

Kunst in de openbare ruimte Op alle beeldbepalende parken en pleinen aandacht voor kunst in de openbare ruimte 9x Culturele voorziening op stedelijk niveau 0,2 m2 (BVO) per woning 2.000 m2 BVO Loopafstand cluster kunst en cultuur

Gewenste loopafstand 500 m voor ouderen + 800 m voor overige doelgroepen Potentiele locaties voor een culturele wijkvoorziening Potentiële locatie voor recreatieve / educatieve voorzieningen

Culturele voorziening 2.000 m2 (BVO)

88

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

89

5.5.5 Commerciële voorzieningen De hoofdroutes in het gebied zijn de belang­ rijkste dragers voor commercieel programma. De begane grond verdieping van veel nieuwe bebouwing is minimaal 4,5 meter hoog, zodat commerciële voorzieningen daar goed terecht kunnen. De Henk Sneevlietweg leent zich meer voor stadsverzorgende voorzieningen die ­profiteren van een goede bereikbaarheid met auto en openbaar vervoer. Denk aan een sportschool, meubelzaak of notariskantoor.

De weg wordt een levendige stadsstraat die via de Aalsmeerweg aansluit op de buurt­ voorzieningen van het Hoofddorpplein. De Nieuwe Sloterweg is de buurtstraat in het gebied. Hier kunnen bewoners terecht voor dagelijkse boodschappen en ontmoeting. Voorzieningen die hier een plek kunnen krijgen zijn bijvoorbeeld een café, buurtsupermarkt, traiteur of fietsenwinkel.

Beoogde spreiding van

Commerciële voorzieningen Winkelcentra en horeca

Perifere detailhandel

Bestaand

Bestaand

commerciële ­voorzieningen (indicatie).

Sierplein

Perifere/grootschalige detailhandel bestaand

Winkelstructuur bestaand

Amstelveenseweg

Dagelijkse boodschappen binnen 750 m loopafstand

Nieuw Sloterstrip, perifere detailhandel in een stedelijke jas

Nieuw

ZORG

Woninginrichtingswinkel

Delflandplein

Voorzieningenlint, Nieuwe Sloterweg

Bouwmarkt

Publieke plekken, pleinen

Fitness en sportschool

Clustering voorzieningen

Perifeer programma in een stedelijke jas

Plangrens

STRIP

Belgiëplein

Buurtverzorgend Horecaplein

winkelcentrum

Buurtverzorgend centrum

PARK

+ 750 m loopafstand

Cultuurcluster

HAVEN

IN LE

6.000 m2 BVO

P

Gemakssupermarkt 300 m2 BVO Koffietent of kleine eetgegelegenheid Buurtvoorzieningen Delicatessen Borrel of uitgaansgelegenheid Restaurant of café Kunst en cultuur Creatieve bedrijvigheid Perifere uitgaansgelegenheid Zorggerelateerde detailhandel

Metroplein

Creatief cluster

90

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

Gemeente Amsterdam Projectnota Schinkelkwartier

91

Voorzieningen Schinkelkwartier Overzicht van de beoogde voorzieningen (indicatie).

Onderwijs

De Plantijn

Sport

Basisscholen 7x

Sporthal (icm VO)

MBO/HBO/WO

Strand en zwemwater Oeverlanden

ZORG

Commercieel sportcentrum

Jeugdvoorzieningen MBO/HBO

Kinderopvang

Sloterstrip

Eventueel nieuwe sportlocaties in Oeverlanden

Ouder- en kindteam 1x

STRIP

Tijdelijke sportinitiatieven

Zorgvoorzieningen

Riekerpark

Schinkelhaven Huisartsenpraktijk 6x

Nieuwe Meer Oost

PARK

HAVEN

EIN

Op korte / middellange termijn 1,7 ha sportpark Sloten-west inzetten

Sportpark Sloten optimaliseren

PL

OEVERPARK

Indicatief, maatschappelijke dienstverlening en wijkzorg 4x (+1) Apotheek commercieel 4x (+1)

1,7 ha

3 velden sportpark Sloten-west inzetten Veldoppervlak integreren in de wijk = minimaal 1 ha

Sport en spelen in de openbare ruimte

Dagbestedingslocatie 2x

Sport in de openbare ruimte (Differentiatie sportvelden in urban sports, sportzalen of hardlooppaden)

Hospice 1x (+1)

Speelplekken 30x

Gezondheidscentrum 1x

Speelvelden 10x

Maatschappelijke opvanglocatie 3x

A4 Parkwal MBO/HBO/WO

METRO/BUS PLEIN Nieuwe Meer West

Optimaliseren / intensiveren Sportpark Sloten 1,6 - 2,1 ha veldsport

Tijdelijke sportinitiatieven

Basisvoorzieningen

minimaal 1 ha vertalen in o.a. urban sports, sportkooien

Jongerencentrum 1x Op midden / lange termijn 1,6 - 2,1 ha door optimaliseren en intensiveren sportvelden en verenigingen.

Huis van de wijk 1x Buurtkamer 3x Verkennen buitensport Landschapspark De Oeverlanden

Culturele voorziening op wijkniveau 4x

Programma per deelgebied

Culturele voorziening op stedelijk niveau 1x

De Plantijn

20

20 Sloterstrip

60

40 50

De Plantijn

20

10 Nieuwe Meer Oost Riekerpark

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11034017/1