7. Nota van Antwoord Actualisatie NvU Sprong over het IJ.pdf
Tekst van het document
Antwoord De stedelijke en de nautische belangen zijn in de Nota van Uitgangspunten beiden evenredig betrokken. Er is dus geen sprake van ‘te veel’ of ‘te weinig’ naar de scheepvaart luisteren. Het betrekken van álle belangen heeft geleid tot een goed, gebalanceerd en toekomstbestendig plan. Met een doorvaarthoogte van 12,5 meter ten opzichte van de maatgevende hoogwaterstand kan het scheepvaartverkeer goed doorstromen. Beroepsvaart en recreatievaart worden van elkaar gescheiden. De bruggen krijgen aan beide zijden van de vaargeul te openen delen om staande masten, beroepsvaart die te hoog is voor het vaste brugdeel en bijzonder transport te laten passeren. Door de twee te openen delen wordt kruisend verkeer op het water voorkomen. Vragen over de bediening van de te openen delen in de bruggen worden beantwoord bij 13: Openingsregime bruggen. Bij de te openen delen van de bruggen zijn wachtplaatsen nodig voor het aanmeren van hoge beroepsvaart (waaronder bijzonder transport) en de staande masten. Deze wachtplaatsen kunnen ook worden gebruikt door beroepsvaart bij een calamiteit. De wachtplaatsen liggen aan stuurboordzijde van de vaarweg en moeten voldoen aan de eisen uit de Richtlijnen Vaarwegen. Ze worden ingedeeld in een voorste stuk voor de te hoge recreatievaart en het achterste deel voor de te hoge beroepsvaart.
Een tunnel (ook een ondiepe tunnel) vormt geen beperking voor de reguliere scheepvaart. In het advies worden twee diepteliggingen aangegeven voor voetgangerspassages onder het IJ. De diepte is afhankelijk van het type scheepvaart dat onbelemmerd vrije doorgang moet hebben. De diepste ligging gaat uit van de situatie zoals die nu is: voor schepen die een vrije diepgang nodig hebben van 9,5 meter. Bij afwaardering van de vaarweg is het mogelijk de tunnel een stuk hoger te leggen: dan geldt voor de binnenvaart een minimaal beschikbare waterdiepte van 6,5 meter ten opzichte van NAP. De commissie heeft de bruggen als eerste maatregel voorgesteld, waarvoor een (gedeeltelijke) afwaardering van de maritieme vaarweg nodig is. De Voetgangerspassage CS is door de commissie als laatste maatregel voorgesteld. Deze fasering heeft de gemeente overgenomen.
Voorgestelde wijziging Geen.
33
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
Ingediend door 14933957, 01438860, 01864504, 02238353, 02431898, 04583499, 04950014, 05286183, 06078229, 0687 3930, 09814465, 14216897, 19596347, 21185818, 24895165, 26004091, 28656977, 29661803, 29754383, 30749395, 31241792, 31330183, 33610352, 34867642, 35311034, 35781041, 35894672, 36269482, 3628 9393, 37032992, 37298203, 37991729, 38227990, 39244951, 39431093, 39740820, 42090192, 43258838, 43346366, 44526407, 45541271, 45926370, 47562331, 48270024, 49099918, 49458938, 58934153, 5896 3546, 64668762, 65430388, 66252324, 66395451, 66740809, 67856052, 69037275, 69920024, 70934099, 71430982, 72517710, 73185235, 73420186, 73815177, 74746516, 75143626, 75149569, 75179672, 75415987, 75764702, 77344701, 77361667, 78530444, 78983523, 79440618, 81441209, 82638257, 83795082, 8681 4067, 87521145, 88139554, 91559712, 91566989, 91877206, 92731338, 92888623, 92980945, 94764768, 96230627, 98675912, 99247422, 99990011
26. Cruiseschepen Samenvatting reacties Een aantal mensen vindt het jammer als de cruiseschepen niet meer de stad in kunnen. Bovendien zorg je door verplaatsing van de PTA voor extra verkeer richting de stad om alle toeristen de stad in te krijgen. Hoe ga je dat doen? Hoe voorkom je drukte? Kunnen cruiseschepen nog wel passeren?
Antwoord Door aanleg van de Westbrug en een ondiepe voetgangerspassage wordt de Passengers Terminal Amsterdam (PTA) onbereikbaar voor zeecruise. Het is namelijk niet haalbaar om een brug te maken waarbij het te openen deel groot genoeg is voor de doorvaart van een cruiseschip. Wil Amsterdam het zeecruise toerisme voor Amsterdam en de regio behouden, dan moet de PTA worden verplaatst. Dit is ook in lijn met het advies van de commissie D'Hooghe. Op 16 februari 2021 heeft het college het besluit genomen om de Coenhaven aan te wijzen als voorlopige voorkeurslocatie. In de plannen voor HavenStad worden voorstellen gedaan om het extra verkeer tussen de terminal en de stad op te kunnen vangen, bijvoorbeeld met een tramlijn vanuit de binnenstad naar deze beoogde nieuwe locatie van de PTA.
Voorgestelde wijziging In de NvU is een tekstkader toegevoegd waarin bovenstaande nader wordt toegelicht (paragraaf 1.4 NvU).
Ingediend door 02238353, 07010692, 10606370, 11028619, 11861190, 24537409, 24895165, 26004091, 27391693, 2975 4383, 30303167, 31241792, 36246336, 36269482, 39244951, 43416386, 43964699, 49715019, 69179097, 73420186, 78530444, 88693661, 91877206, 98383796, 99704466
34
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
Openbaar vervoer 27. Openbaar vervoer Samenvatting reacties Er komen veel vragen over het OV in Noord. Een aantal insprekers heeft voorkeur alleen voor fietsers en voetgangers over de bruggen, een aantal juist ook voor OV. Hoe sluiten de bruggen straks aan op het OV? Komt er een tram in Amsterdam Noord? Wordt tram 7 straks doorgetrokken naar Noord? Wordt de metro doorgetrokken vanaf Isolatorweg naar NDSM? Komt metrostation Sixhaven als nog? Komt er een metrohalte bij de Meeuwenlaan? Bereikbaarheid Noord met het OV is verslechterd sinds komst van de NoordZuidlijn in de buurten die ver van de metro af liggen. Wordt dit beter?
Antwoord Bruggen met OV zorgen ook voor nieuwe verbindingen tussen bestaande en nieuwe buurten en wijken op beide oevers. Het OVaanbod verbetert ermee in verschillende delen van Noord, met name in die delen die wat verder van de metrostations van de Noord/Zuidlijn liggen. Het aantal reizigers is na realisatie van beide bruggen en de voetgangerspassage (uitgaand van het hoge scenario) rond de 130.000. Dit zijn deels nieuwe reizigers vanwege gebiedsontwikkelingen zoals HavenStad en deels reizigers voor wie de OVroutes over de bruggen aantrekkelijker zijn dan de huidige verbindingen (zoals de Noord/Zuidlijn of bus 36 door de Coentunnel). Zo kunnen OVreizigers tussen Molenwijk en de westelijke binnenstad in de toekomst met een bus (of tram) over de Westbrug reizen, waar ze dat nu via station Sloterdijk of het Centraal Station doen. De keuze voor het nieuwe systeem (bus of tram) op de HOV ZaanIJ (de OVverbinding over de Johan van Hasseltweg, de Klaprozenweg en de Cornelis Douwesweg naar Zaanstad) is bepalend voor de keuze tram en/of bus over de bruggen. Het doortrekken van een metrolijn naar Noord is geen onderdeel van de plannen van Sprong over het IJ. Indien op de verbinding naar Zaanstad straks een tram gaat rijden, dan ligt een keuze voor ook een tram over één (of beide) brug(gen) meer voor de hand.
Over de te kiezen lijn is op dit moment niets te zeggen, want dit is aan de vervoerder. Het is dus nog niet duidelijk of tram 7 straks wordt doorgetrokken naar Noord. Voor het verminderen van het aantal voetgangers op de centrale veren is nu de voorkeur uitgesproken voor een voetgangerspassage tussen Amsterdam Centraal en de Buiksloterweg, in plaats van metrostation Sixhaven. De commissie D’Hooghe adviseert de bruggen direct geschikt te maken voor openbaar vervoer. De gemeente heeft in de afgelopen periode onderzocht wat de betekenis hiervan is voor het totale OVnetwerk in de stad. Die betekenis is groot, omdat op deze manier gestrekte routes (zonder omweg) voor het OV op de flanken mogelijk worden, waardoor de druk op de binnenstad vermindert. Belangrijk aandachtspunt voor verdere uitwerking is het verkrijgen van verkeersveilige toevoerroutes voor zowel OV als fiets. Bij de plekken waar de bruggen aan land komen, komen in geval van gecombineerde fiets en OVbruggen meerdere verkeersstromen samen. Straks moeten we er zeker van kunnen zijn dat zowel het bestemmingsverkeer als het verkeer van en naar de bruggen verkeersveilig kan worden afgewikkeld. In de volgende fase pakt de gemeente, in afstemming met belanghebbenden in de omgeving, deze belangrijke opgave op. Een brug die ook geschikt is voor OV is ongeveer twee keer zo duur als een fietsbrug.
De bekostiging van de vaste oeverbindingen wordt in de volgende fase uitgezocht. Dan wordt ook besloten of er wel of geen OV over de bruggen komt.
Voorgestelde wijziging In de NvU is een samenvatting opgenomen van de aanvullende OVanalyse die is uitgevoerd samen met de Vervoerregio Amsterdam. Hierin is aangegeven welke betekenis OV over beide bruggen kan hebben voor de bereikbaarheid van Amsterdam Noord.
Ingediend door 01005161, 01588836, 01826204, 03238262, 03500919, 05206530, 05681327, 05957344, 06362862, 0659 3315, 11105843, 11660589, 12120369, 14055457, 16560489, 17211693, 18583209, 21073440, 21541279, 21981639, 22614818, 22796767, 22816172, 24008553, 24537409, 26004091, 27346540, 28036085, 2836 8210, 29201138, 30387092, 30476426, 32000868, 32444980, 34498026, 35442140, 36220858, 39789936, 40994242, 41685395, 42090192, 42249163, 43373272, 44023214, 46703275, 47104341, 47280671, 4869
35
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
6931, 48713061, 51209337, 51863530, 52508822, 53534444, 54405791, 55229206, 55607241, 56342019, 57408630, 58292072, 59134471, 59135321, 59177440, 59671997, 61087615, 61259098, 61627084, 6199 9075, 62292544, 62428104, 64286053, 66113029, 66252324, 66329029, 66912593, 69239799, 69612402, 71044708, 71179269, 71945127, 73565573, 73815177, 74115917, 75121932, 75450891, 76010442, 76562490, 77205010, 78530444, 79440618, 79640574, 79773309, 79949561, 80703927, 80839261, 81441209, 8185 2276, 82108108, 82242050, 82781049, 83795082, 84323718, 85119826, 87550321, 89347409, 89494214, 89709327, 90602824, 91002962, 91167829, 91674215, 92072770, 92941486, 94133043, 94385275, 9519 8831, 96231363, 98739797, 98793099, 99051143, 99514185, 99704466, 99869101, 18815136
28. Blijft de pont varen? Samenvatting reacties Amsterdam en de ponten horen bij elkaar. Dat blijkt uit de vele inspraakreacties van mensen die zich afvragen of de ponten blijven varen na de bouw van de bruggen. Deze vraag spitst zich vooral toe op de plekken die wat verder van de bruggen afliggen, zoals het Stenen Hoofd, de Distelweg, maar ook Pontsteiger en het IJplein.
Antwoord Het korte antwoord is: ja, de pont blijft varen. De commissie D’Hooghe adviseert over de veerverbindingen het volgende: ‘Zodra er nieuwe vaste oeververbindingen zijn, kan het aantal pontverbindingen verminderen. De veerdiensten van en naar het Azartplein, en tussen Pontsteiger en NDSMwerf, kunnen helemaal verdwijnen. De frequenties van de veerdiensten bij Centraal Station kunnen naar beneden’. Of een aantal veerverbindingen inderdaad kan verdwijnen, en met welke frequentie andere veren gaan varen, gaan we onderzoeken. Dat is pas aan de orde bij de komst van beide bruggen en de voetgangerspassage. Wat we op dit moment al wel weten, is dat er uiteindelijk een combinatie komt van vaste oeververbindingen en veren om toekomstbestendige en fijnmazige oversteken te garanderen. Het doel van het programma Sprong over het IJ is om de oversteek te verbeteren. Dit geldt ook als uitgangspunt bij de centrale oversteek (achter het Centraal Station), voor voetgangers én fietsers. Het mogelijk verbeteren van het Distelwegveer wordt onderzocht in het programma Veren. Hierbij bekijken zij ook of een aansluiting op het Stenen Hoofd vervoerwaarde heeft én of dit nautisch, ruimtelijk en verkeerskundig haalbaar en wenselijk is. Het programma Veren gaat ook onderzoek doen naar het Javaveer (tussen de kop van het Javaeiland en Hamerkwartier).
Of de pont vanaf de Pontsteiger blijft varen als de Westbrug er ligt, is nog niet bekend. Dit zal afhankelijk zijn van de hoeveelheid gebruikers die daar, als de brug er ligt, gebruik van blijft maken.
Voorgestelde wijziging We hebben beter toegelicht op welke wijze de adviezen van de commissie D’Hooghe worden opgepakt als het gaat om nieuwe veerverbindingen.
Ingediend door 00020546, 01588836, 01931599, 02120061, 02990555, 04600745, 05316695, 08143531, 10483556, 1110 5843, 11837368, 12120369, 13673691, 13734836, 14055457, 21981639, 23126796, 23325150, 23666753, 24008553, 24537409, 24895165, 25308671, 26004091, 26558008, 26655405, 26781916, 28036085, 2953 7787, 29900233, 30749395, 30830016, 31241792, 31340972, 31418668, 31596765, 32000868, 32662285, 32691325, 34107624, 34269759, 34498026, 35186210, 35311034, 35315144, 35433515, 36220858, 3626 9482, 36727160, 36759433, 37496704, 37558778, 38201333, 38283881, 39481796, 41387292, 41988890, 42183715, 42732616, 45237047, 48696931, 49285941, 49508729, 49696580, 53266657, 54018821, 5516 6770, 60786610, 61165169, 62428104, 62472616, 62634011, 63687186, 64286053, 64301863, 65010658, 65389366, 65544846, 66879825, 67745338, 68768789, 72331074, 72799318, 72921435, 73321687, 7453 9380, 75056122, 75134676, 75487791, 75582823, 76329001, 76378729, 76406304, 76562490, 77126756, 77134427, 77285738, 77344701, 77544477, 79617368, 79793022, 79882166, 80703927, 81779637, 82271177, 83795082, 83990575, 84878631, 85353701, 85489150, 85923679, 86996247, 87087952, 87624077, 8801 8863, 88846041, 89781219, 90105532, 90536628, 91002962, 91167829, 92875566, 93450249, 97019293,
36
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
97765175, 98052638
29. Tussentijdse drukte Samenvatting reacties Een enkeling vraagt zich af hoe de drukte op de ponten wordt opgelost in de tussentijd, aangezien het nog minstens tien jaar duurt voor de eerste brug is aangelegd en de drukte alleen maar toeneemt. Kunnen de ponten worden geïntensiveerd? Kan de pont Distelweg ook in het weekend varen en de pontjes buiten het centrum ook ‘s nachts?
Antwoord In de Update Nota Veren 2021 is berekend hoe de drukte op de veerponten zich ontwikkelt tot 2030. De verwachting is dat, onder andere door de gebiedsontwikkeling in Amsterdam Noord, het aantal reizigers toeneemt. In de Update Nota Veren gaan we daarom uit van een benodigde uitbreiding van 14 veerponten in 2021 en 18 veerponten in 2030. Van de huidige vloot worden in de komende jaren drie verouderde, relatief kleine veerponten (capaciteit: 251 personen) vervangen door nieuwe veerponten met een grotere passagierscapaciteit (310 personen). De verwachting is dat tussen 2025 en 2030 nog eens vier extra veerponten (capaciteit 310 personen) moeten worden toegevoegd aan de vloot. Daarnaast krijgen drie veerponten van de bestaande vloot een grote renovatie waarbij de capaciteit vergroot wordt van 251 naar 310 personen. Zo kan het toenemende aantal passagiers goed worden opgevangen. De vlootuitbreiding maakt het mogelijk om met meer en grotere veerponten te varen. Hiermee is ook voor de periode tot 2030 een veilige, betrouwbare en comfortabele oversteek over het IJ gegarandeerd. Indien nodig, kan het aantal ponten tot aan de komst van de eerste brug nog verder worden uitgebreid. Voorwaarde daarbij is dat hierover overeenstemming wordt bereikt met Rijkswaterstaat en Port of Amsterdam; de partijen die verantwoordelijk zijn voor het nautisch beheer van het druk bevaren IJ.
Het gebruik van de veerponten monitoren we continue. Mogelijk ontwikkelt het aantal passagiers zich anders dan nu kan worden voorzien, bijvoorbeeld door structurele veranderingen in het reisgedrag als gevolg van de coronacrisis, of doordat stadsdeel Noord zich langzamer of juist sneller ontwikkelt dan we nu verwachten. Als het aantal passagiers langzamer of sneller groeit dan nu voorzien, wordt de verenvloot hier tijdig op aangepast. Op een aantal verbindingen gaan de veren vaker varen. Vanaf 2023 wordt op de route IJpleinveer / Buiksloterweg gevaren met 6 veerponten. Daarmee komt het aantal vertrekken per uur per verbinding op 15 te liggen. Ter vergelijking: op het IJpleinveer is dat anno 2021 nog slechts 8 keer per uur. Deze frequentie hangt samen met de ingebruikname van een langzaam verkeersbrug over het Noordhollandsch Kanaal. Hiermee wordt het IJpleinveer een gelijkwaardig alternatief voor het druk bezette Buiksloterwegveer. Ook op andere verbindingen wordt de komende jaren meer gevaren of de dienstverlening uitgebreid. Vanaf het voorjaar van 2022 gaat het Distelwegveer doordeweeks vaker varen tussen de ochtendspits en avondspits. Momenteel ligt de frequentie buiten de spitsen nog relatief laag. In de weekenden zal er in 2022 nog niet gevaren worden. Daarvoor is het verwachte aantal reizigers nog te laag.
Ook zijn er voldoende alternatieve veerverbindingen in de relatieve nabijheid (het Buiksloterwegveer, het NDSMveer en het Pontsteigerveer). Uitbreiding van de dienstverlening naar het weekend voor het Distelwegveer is over enkele jaren wel een mogelijkheid. Dit is afhankelijk van budget hiervoor en de nadere ontwikkeling van Buiksloterham. Een precieze datum is daarom nog niet te noemen.
Voorgestelde wijziging We hebben een paragraaf opgenomen waarin wordt verduidelijkt op welke wijze in de tussentijdse drukte via de veren kan worden opgevangen
Ingediend door 00471386, 00510324, 00638402, 01113250, 04600745, 07258437, 17567602, 20306643, 23126796, 2565 4244, 28352729, 32000868, 32691325, 35711983, 37502677, 37576705, 49008589, 68110626, 68259600, 81108509, 81990966, 82271177, 84878631, 87087952, 88846041, 91002962, 91566989, 92731338, 9317 0950, 93450249, 93597474, 93700757, 95658274, 97758905, 00020546, 12991772
37
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
Diversen 30. Kabelbaan Samenvatting reacties De kabelbaan roept sterk wisselende reacties op, van Niet doen, is alleen voor toeristen, tot Fantastisch! Meteen doen. Waarom is de kabelbaan eigenlijk geen alternatief? Deze kan veel sneller en goedkoper gerealiseerd worden. En wat is straks de relatie tussen brug en kabelbaan? Is de brug nog wel nodig als de kabelbaan er is?
Antwoord De kabelbaan is een particulier initiatief van Stichting IJbaan en maakt geen onderdeel uit van Sprong over het IJ. De gemeente en de initiatiefnemers hebben in oktober 2021 een intentieovereenkomst ondertekend waarin afspraken zijn gemaakt over het uitvoeren van een haalbaarheidsonderzoek. Als de haalbaarheid is aangetoond dan kan de stap worden gezet naar een realisatieovereenkomst. De drie nieuwe vaste oeververbindingen en de kabelbaan kunnen goed samengaan. Verkeersonderzoek heeft aangetoond dat de kabelbaan van betekenis kan zijn voor het netwerk in dit deel van de stad (in plaats van enkel een toeristische attractie). Er is wel een wisselwerking met de Westbrug want zonder kabelbaan trekt deze brug circa 2.000 reizigers meer. Een Westbrug met O V trekt ook beduidend meer reizigers en draagt bij aan meer gestrekte OVroutes over langere afstand. Tegelijk kan de kabelbaan weer een andere groep OVreizigers bedienen, bijvoorbeeld reizigers die hun bestemming in de Minervahaven hebben of (nieuwe) overstappers op metrostation Isolatorweg. De kabelbaan kan de Westbrug niet vervangen, maar ze kunnen beide en naast elkaar hun eigen doelgroep bedienen.
Voorgestelde wijziging Geen.
Ingediend door 00264041, 00471386, 07010692, 08255350, 10505845, 11105843, 16139368, 18373871, 22159519, 2330 2463, 23918626, 24895165, 30387092, 31418668, 32029966, 33223829, 36280082, 36289393, 39070709, 42183715, 46703275, 48696931, 52674633, 53722404, 58963546, 59525966, 63020780, 66252324, 6930 8558, 70011256, 73001746, 73813862, 78752041, 79440618, 80697337, 80765306, 80890265, 82383060, 83795082, 88126042, 91674215, 92980945, 93632739, 96447601, 96932739
31. Ontsluiting IJburg en Zeeburgereiland Samenvatting reacties Een aantal reacties betreft de ontsluiting van Zeeburgereiland en IJburg. Waarom komt er geen brug naar Zeeburgereiland, de Sluisbuurt? Wanneer wordt de ontsluiting hier opgelost? De route van de tijdelijke pont wijkt af van de pontverbinding die Commissie D’Hooghe voorstelt. Hoe zit dat?
Antwoord De gemeente heeft, mede naar aanleiding van het advies van commissie D’Hooghe, geconcludeerd dat een nieuwe fietsbrug tussen het Zeeburgereiland en het Oostelijk Havengebied niet haalbaar is. De commissie adviseerde deze fietsbrug niet te maken, vanwege ernstige nautische en stedenbouwkundige bezwaren. Ook uit de onderzoeken die door de gemeente zelf zijn uitgevoerd blijkt dat een fietsbrug over dit deel van het AmsterdamRijnkanaal technisch en financieel niet realistisch is.
38
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
In de onderzoeken is gekeken naar vier varianten voor de nieuwe fietsverbinding, te weten: 1) Fietsbrug Sluisbuurt – Sporenburg (lage en hoge variant); 2) Fietsbrug Sluisbuurt – Cruquius – Borneo (lage en hoge variant); 3) Fietstunnel Sluisbuurt – Sporenburg; 4) Opwaarderen fietsverbinding Amsterdamsebrug. In eerdere onderzoeken (2017) ging de gemeente op basis van een externe studie nog uit van een noodzakelijke overspanning van 200 meter. Bij de nadere uitwerking in 2019/2020 werd duidelijk dat hiervoor de landelijke Richtlijn Vaarwegen moet worden gevolgd, en dat dit leidt tot een minimale overspanning van 300350 meter op deze plek van het AmsterdamRijnkanaal. Door deze lange overspanning blijft er te weinig ruimte over om de benodigde hellingbanen op een verkeerskundig logische en voor fietsers comfortabele manier in te passen. Rechte hellingen zouden alleen mogelijk zijn met grote gevolgen voor de bestaande stedenbouwkundige ruimte op Sporenburg en voor de geplande bouwblokken in de Sluisbuurt. Om dit te voorkomen zouden de hellingbanen een sterk slingerend verloop moeten krijgen, wat het fietscomfort ernstig beperkt. De benodigde hellingbanen voor op en afritten zijn dan niet meer goed inpasbaar, en de bouwkosten zouden 40 à 50% hoger zijn dan een fietsbrug met een overspanning van 200 meter waar in eerdere onderzoeken vanuit is gegaan.
Voor het alternatief, een fietsbrug tussen Sluisbuurt – Cruquius – Borneo, geldt dat het grootste bezwaar is deze niet goed aansluit op de doorgaande routes en dat hij niet inpasbaar is in de bestaande stedelijke omgeving, met name op Borneoeiland. Op Borneoeiland zijn de straten relatief smal en niet ontworpen voor het afwikkelen van grote stromen fietsers. Voor de derde variant, een fietstunnel, geldt het bezwaar van de sociale onveiligheid (vanwege de lengte van de tunnel), verminderd comfort en zeer hoge kosten. (lees ook het antwoord op vraag 8, waarom de keuze voor een brug of tunnel?). De conclusie is dat het verbeteren van de fietsverbinding via de Amsterdamsebrug, in combinatie met een pontverbinding tussen Zeeburgereiland en het Oostelijk Havengebied de voorkeur heeft. Voor de tijdelijke pontverbinding zijn er zes aanlandlocaties in het Oostelijk Havengebied onderzocht: Azartplein, Kop KNSM, Kop Sporenburg, de Steltloper, Kop Borneo en Kop Cruquius. De conclusie van het onderzoek is dat de voorkeursvariant de route tussen Kop Sporenburg en de Sluisbuurt is. Deze vaarroute is kort en nautisch veilig, de fietsroute is geschikt en deze route kan op de meeste gebruikers rekenen. Volgens planning zal de tijdelijke pontverbinding vanaf de herfst van 2022 gaan varen voor een periode van zeven jaar.
In die periode wordt onderzocht of en hoe een definitieve pontverbinding haalbaar is. Voor de definitieve pont adviseert de Commissie D’Hooghe een permanente veerverbinding tussen Sporenburg (zoekgebied) en de Sluisbuurt. Het advies van D’Hooghe is in lijn met de voorkeursvariant voor de tijdelijke pontverbinding. De definitieve plannen hiervoor zullen te zijner tijd worden uitgewerkt in het kader van het programma Bereikbaarheid Zeeburgereiland en IJburg.
Voorgestelde wijziging Geen.
Ingediend door 54028158, 01158846, 04060339, 23918626, 24119738, 36246336, 37502677, 42102243, 45497509, 4759 0701, 47772972, 49508729, 54658378, 55111944, 57654762, 67902811, 68648998, 75487791, 81285385, 91374726, 96750166
32. Bouwput Samenvatting reacties De plannen zullen zorgen voor een jarenlange bouwput, hoe zorgen we ervoor dat de buurten leefbaar blijven en de scheepvaart veilig door kan varen?
Antwoord De bouw van bruggen en tunnels zal de nodige impact hebben op de omgeving. De gemeente gaat hierover in overleg met de betrokkenen uit de omgeving. Samen wordt gezocht naar een manier om de overlast zo veel mogelijk te beperken. Voor de bouw zal een plan worden opgesteld waarin overlast zoveel mogelijk beperkt dient te worden. Met name de aanvoer van bouwmaterialen of bouwdelen zal zoveel mogelijk over water plaatsvinden. De bouw van de brug wordt in nauw overleg met Rijkswaterstaat en andere partners (onder andere Centraal Nautisch Beheer en Port of Amsterdam) gepland. Eventuele stremmingen van het scheepvaartverkeer
39
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
moeten zo veel mogelijk worden voorkomen.
Voorgestelde wijziging Geen.
Ingediend door 06799931, 23237920, 26856847, 32160355, 96645868
33. Ambtelijke taal Samenvatting reacties Een enkeling verbaast zich over de tekst van de Nota van Uitgangspunten. Als deze toch bedoeld is voor Amsterdammers om zich over uit te spreken, waarom is de tekst dan zo ambtelijk geschreven?
Antwoord De toegankelijkheid van de gemeente Amsterdam in ons contact met burgers en bedrijven vinden we heel belangrijk. We proberen in alle documenten en besluiten zo helder mogelijke woorden en taal te gebruiken, met zo min mogelijk gebruik van vakjargon en onalledaagse woorden. Ook gebruiken we visualisaties en ‘infographics’ om onderwerpen zo duidelijk mogelijk uit te leggen. Dit gaat bij het ene onderwerp makkelijker dan bij het andere. In de Nota van Uitgangspunten over de oeververbindingen over het IJ komen veel onderwerpen aan de orde, zoals ‘nautische zaken’ (zaken gerelateerd aan scheepvaart), waarvoor niet altijd toegankelijke, laagdrempelige woorden beschikbaar zijn, of waarbij het kennelijk ‘makkelijker’ is om het moeilijke woord te gebruiken in plaats van te zoeken naar een beter en duidelijker alternatief. We zullen bij toekomstige documenten en besluiten hier de nodige aandacht voor hebben en er naar te streven de stukken toegankelijk te maken voor zoveel mogelijk Amsterdammers.
Voorgestelde wijziging We hebben een samenvatting toegevoegd waarin we de inhoud van de plannen zo duidelijk mogelijk hebben samengevat.
Ingediend door 59525966
34. Reacties advies Commissie D’Hooghe Samenvatting reacties Wat is er gedaan met de eerdere reacties op het advies van Commissie D’Hooghe?
Antwoord De reacties op het advies zijn geclusterd beantwoord en vormen een bijlage bij de concept Nota van Uitgangspunten die van 20 september tot en met 14 november in de inspraak is geweest. Ook zijn reacties en de beantwoording daarvan betrokken bij het opstellen van de concept Nota van Uitgangspunten Sprong over het IJ. De reacties op het advies, blijken veelal ook terug te komen tijdens de inspraak. Deze reacties zijn beantwoord in deze nota.
40
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
Voorgestelde wijziging Geen.
Ingediend door 23237920, 60440826, 61815258, 98946334
35. Gemengde en negatieve reacties zonder toelichting Samenvatting reacties Ongeveer 26% van de reacties was gemengd van aard, op sommige punten positief en op andere punten negatief. 20,5% was negatief over de plannen. Een aantal van deze reacties bestond bijvoorbeeld uit Niet doen, Slecht plan, etc. en bevatte geen vragen of opmerkingen. Enkele lege reacties zijn ook in deze groep opgenomen.
Antwoord Wij hebben deze reacties voor kennisgeving aangenomen.
Voorgestelde wijziging Geen.
Ingediend door 01450212, 07540159, 08143531, 08672001, 08877506, 11251501, 11891432, 13971021, 14395258, 1808 2463, 19262231, 20005657, 21356176, 24895165, 27488937, 35428414, 38311717, 40311683, 44223064, 49084387, 49437251, 52192962, 57021229, 58779297, 59622796, 59778574, 61959494, 63937753, 6598 5485, 65996706, 69074470, 70066489, 70751915, 73734897, 84792091, 88036431, 91838407, 94371374, 98029887
36. Reacties buiten scope Programma Sprong over het IJ Samenvatting reacties Er zijn ook enkele reacties binnengekomen die vallen buiten de scope van het programma Sprong over het IJ.
Antwoord Deze reacties zijn doorgezet naar de verantwoordelijke afdelingen en/of projecten. Vanuit daar worden deze vragen beantwoord.
Voorgestelde wijziging Geen.
Ingediend door 01158846, 13707930, 28148240, 42379205, 44353216, 79949561, 83401244
41
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
5 Bedrijven en organisaties
5.1 Inleiding In dit hoofdstuk zijn de inspraakreacties van de bedrijven en organisaties opgenomen. Na een korte samenvatting van de reactie is de beantwoording van de gemeente terug te vinden. De reacties staan op alfabetische volgorde.
5.2 Albemarle Samenvatting inspraakreactie Albemarle heeft 450 medewerkers en beschikt over een research en ontwikkelingsafdeling, en testfaciliteiten. Albemarle kan zich niet verenigen met de uitgangspunten voor de Oostbrug. De gemeente heeft niet voldaan aan algemene beginselen van behoorlijk bestuur vindt Albermarle. Het bedrijf vindt dat de conceptnota onzorgvuldig is voorbereid, onvoldoende is gemotiveerd en onvoldoende rekening houdt met de belangen van Albemarle. De keuze voor aanlandingslocatie en het tracé aan de oostzijde heeft tot gevolg dat Albemarle in haar (toekomstige) bedrijfsvoering wordt beperkt. Er is onvoldoende in kaart gebracht welke effecten de Sprong over het IJ zal hebben op de (toekomstige) bedrijfsvoering van Albemarle. Ook is niet voldoende gemotiveerd hoe de belangen van Albemarle zijn meegenomen in de besluitvorming. Albemarle verzoekt het college om bij het opstellen van de aangepaste Actualisatie NvU alsnog rekening te houden met de belangen van Albemarle. Albemarle is bereid tezamen oplossingen te vinden.
Concrete punten: aanlandingslocatie belemmert de inzet door hulpdiensten, risico’s van externe veiligheid, gevoel van onveiligheid bruggebruikers, Albemarle verwacht aanvullende veiligheidsmaatregelen te moeten nemen, aangeboden expertise is niet aangenomen, de reactie van Albemarle is niet meegenomen, er is geen rekening gehouden met de voorziene ontwikkelingen bij Albemarle waar een vergunning voor is aangevraagd om productieproces te verduurzamen (bijv. meer transport over water), Albemarle begrijpt niet dat de kwestie van grondeigendom zal worden meegenomen bij de uitwerking van de Oostbrug, en geen overweging is in de concept Actualisatie Nota van Uitgangspunten (hierna: NvU). Beantwoording De gemeente betreurt het om te lezen dat Albemarle van mening is dat bij het opstellen van de NvU niet is voldaan aan de beginselen van behoorlijk bestuur. De gemeente spant zich in om 42
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
Albemarle vroegtijdig te (blijven) betrekken en heeft Albemarle steeds op de hoogte gehouden en van informatie voorzien. In de definitieve NvU heeft de gemeente een verkenningsgebied opgenomen om aan te geven dat de aanlanding en de exacte ligging van de Oostbrug nog niet vastligt. Dit verkenningsgebied loopt niet over het grondgebied en de inrichting van Albemarle, maar de zone loopt wel vlak langs de oever bij Albemarle en komt over de op gemeentegrond gelegen betonnen plaat naast de oude scheepshelling. De optimale inpassing van de aanlanding en de aansluiting van de Oostbrug op de bestaande infrastructuur in het aanlandingsgebied wordt in samenspraak met bewoners, bedrijven en belanghebbenden in de volgende fase verder onderzocht. Bij de definitieve inpassing wordt rekening gehouden met de plaatsgebonden risicocontour (PR 10⁻ ⁶) die als gevolg van de bedrijfsactiviteiten van Albemarle (gedeeltelijk) over het verkenningsgebied loopt waar de aanlanding van de brug is voorzien. Daarbij wordt ook rekening gehouden met de gevolgen voor het groepsrisico. Ook wanneer de plaatsgebonden risicocontour als gevolg van de definitieve inpassing gedeeltelijk over de Oostbrug komt te lopen, vormt dit geen directe belemmering. Een brug wordt in de wet en regelgeving over externe veiligheid niet aangemerkt als een kwetsbaar of beperkt kwetsbaar object.
Dit betekent dat een brug in beginsel kan worden gerealiseerd binnen een risicocontour. Dit neemt niet weg dat er bij dit voorkeursbesluit en bij de toekomstige besluitvorming over de ligging en de aanlanding van de brug wel rekening is en wordt gehouden met de bestaande en voldoende concrete toekomstige bedrijfsactiviteiten van Albemarle. Bij de definitieve inpassing wordt ook rekening gehouden met de nood en hulpdiensten die Albemarle – waar nodig ook over water – moeten kunnen bereiken. Verder kunnen ook maatregelen worden betrokken die de externe veiligheid (bij een incident) kunnen vergroten, zoals vluchtroutes en het direct kunnen afsluiten van de brug en aanvoerroutes bij een incident. Ook wil de gemeente in overleg met Albemarle bekijken hoe het gevoel van onveiligheid bij de bruggebruikers kan worden beperkt. Daarbij kan gedacht worden aan het afschermen van bepaalde activiteiten en tegelijkertijd voldoende aandacht besteden aan de juiste voorlichting en communicatie. De gemeente vindt het van belang om hierover in gesprek te blijven met Albemarle om te onderzoeken hoe de brug in de directe nabijheid van Albemarle het beste kan worden ingepast. Dit geldt ook voor de plannen van Albemarle voor het vervoer over water, waarvoor de vergunningaanvraag overigens is ingediend nadat de inspraakperiode voor de voorgenomen plannen voor de Oostbrug is gestart.
Daarbij kan worden bekeken of er een geschikte (alternatieve) locatie is, waarbij Albemarle meer verladingen over water kan aan en afvoeren die tegelijkertijd geen belemmering vormen voor de toekomstige aanlanding van de Oostbrug.
5.3 Amsterdam Marina Samenvatting inspraakreactie
43
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
De jachthavengroep waar Amsterdam Marina onderdeel van uitmaakt, heeft sinds 2012 het kavel water rondom het kraanspoorgebouw in erfpacht en daar een jachthaven gerealiseerd met een bijzonder havengebouw. Ten aanzien van de voorgestelde brug ten oosten van de jachthaven (uitkomende op de westhelling van het NDSMterrein) hebben zij op 27 juni 2020 hun zorgen geuit; aantasting uitzicht, doorbreken beoogde boulevard, voorkomen golfindringing jachthaven en beperking verder ontwikkelruimte jachthaven. Nu is het tracé westelijker ingetekend en is er sprake van verplaatsing van de haveningang. Hier ligt een golfbreker die nodig is om de golfhoogte in de jachthaven beperkt te houden. Houd rekening met de doorvaarruimte. De brug zou beperking betekenen van uitzicht en privacy en geluidsoverlast opleveren. Wat betreft het voorkeurstracé over de boulevard en langs het kraanspoorgebouw geeft Amsterdam Marina aan dat het tracé gaat door hun gebouw gaat en de jachthaven in tweeën splitst. Dit maakt de ligplaatsen onbruikbaar en onaantrekkelijk. Eerder genoemde reactie (27 juni 2020) geldt nu nog sterker. Ze zijn niet van plan mee te werken, hebben het gevoel dat Amsterdam Marina geslachtofferd wordt. Beantwoording De gemeente begrijpt dat uitbreiden van het verkenningsgebied tot en met het Kraanspoor ingrijpende gevolgen kan hebben voor Amsterdam Marina.
Op dit moment is de voorkeur van het college een aanlanding via het Kraanspoor. In deze fase is echter nog geen keuze gemaakt of de Westbrug via het Kraanspoor of via het geplande Hellingpark zal aanlanden. In de volgende fase wordt verder onderzocht op welke wijze de brug het beste kan worden ingepast. Dit hangt mede af van de keuze of er OV over de bruggen gaat rijden. Ook een aanlanding via het Kraanspoor hoeft niet per definitie te betekenen dat de brug `door´ het Havengebouw heengaat of de haven in tweeën splijt. Dit zijn afwegingen die in de volgende fase van nadere inpassing en ontwerp gemaakt moeten worden. De gemeente wil in een volgende fase graag verder in gesprek gaan met Amsterdam Marina om te onderzoeken wat de consequenties zijn van een aanlanding van de Westbrug, en hoe de belangen van Amsterdam Marina betrokken kunnen worden bij het bepalen van de precieze aanlanding en het ontwerp van de brug. Daarbij wordt onder meer rekening gehouden met het eventueel verplaatsen van de golfbreker en voldoende doorvaarruimte.
5.4 P. Assink & C.G. Beentjes (via Akd) Samenvatting inspraakreactie Eigenaar van bedrijfspanden aan de Johan van Hasseltweg 76 t/m 98. Ter plekke van de panden wil de gemeente de noordaansluiting van de Oostbrug landschappelijk inpassen. Op termijn zouden de panden dus moeten worden gesloopt. Eigenaar vindt de huidige locatiekeuze onhoudbaar en vraagt de gemeente om de voorlopige keuze om de aanlanding van de Oostbrug te positioneren ter plaatse van de bedrijfspanden te heroverwegen. Redenen: Slopen van bedrijfspanden staat haaks op uitgangspunten gemeentebeleid. Het is niet duurzaam om relatief jonge panden te slopen. Bovendien is er in Amsterdam schaarste aan bedrijfspanden. Slopen van bedrijfspanden staat haaks op bestemmingsplan Hamerkwartier 1e herziening (Raadsbesluit 8 juli 2021) waarin de bedrijfspanden positief zijn bestemd. 44
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
Eigenaar voelt zich slachtoffer van salamitactiek omdat eerst de ophogingmogelijkheid is wegbestemd en vervolgens de panden helemaal weg moeten. Dit is ongehoord. Eigenaar en huurders verzetten zich tegen gekozen uitvoeringsvariant. Eigenaar verliest, als de plannen doorgaan, een rendabele belegging. De huurders moeten dan op zoek naar een andere plek en lijden schade. De gekozen uitvoeringsvariant is erg duur omdat bedrijfspanden moeten worden verworven (binnen planperiode, desnoods door onteigening). Er wordt niet ingegaan op de consequenties van de gekozen uitvoeringsvariant voor de eigenaar en de huurders. Voor een zuivere belangenafweging door de raad is dit wel noodzakelijk. Er bestaan alternatieven waarnaar (tot nu toe) onvoldoende onderzoek naar is gedaan. In een volgende fase moet een m.e.r. worden opgesteld waarin alternatieven moeten worden opgenomen. Waarom dit nu niet is gebeurd, begrijpt de eigenaar niet. Gekozen aanlanding is niet in overeenstemming met goede ruimtelijke ordening (fysieke scheiding van verkeer). Indien de gemeente vasthoud aan de huidige plannen, vraagt de eigenaar om deze keuze deugdelijk te motiveren. Ook zal de gemeente in dat geval de schade volledig moeten compenseren.
Beantwoording Met het vaststellen van dit voorkeursbesluit wijzigt de gemeente de voorkeurslocatie van de Javabrug naar een brug tussen het Azartplein en de Johan van Hasseltweg (de Oostbrug). De keuze voor een Oostbrug op deze locatie is gebaseerd op het advies van de commissie D’Hooghe. De commissie heeft om tot haar advies te komen de eerdere locaties uit het in 2017 door de raad vastgestelde voorkeursbesluit Sprong over het IJ bij haar advies betrokken. Daarnaast heeft de commissie diverse locaties en verschillende varianten (voor zowel een brug als een tunnel) voor de oeververbindingen over het IJ onderzocht. Op basis hiervan adviseert de commissie in het advies “Genereus verbonden” een Oost en een Westbrug en een voetgangerspassage. De gemeente heeft vervolgens de haalbaarheid en de vervoerswaarde van deze drie vaste oeververbindingen over het IJ verder onderzocht. Dit heeft ertoe geleid dat de gemeente met dit voorkeursbesluit en de daarbij behorende Nota van Uitgangspunten (hierna NvU) de voorkeur uitspreekt voor de locatie en aanlanding van de Oostbrug voor langzaam verkeer met mogelijk OV. Door een verkenningsgebied op te nemen wordt verduidelijkt dat de aanlanding en de exacte ligging van de Oostbrug nog niet vastligt. Ook de keuze voor OV over de bruggen volgt in de volgende fase.
De gemeente begrijpt dat dit voorkeursbesluit impact kan hebben voor eigenaren, bewoners en gebruikers van bestaande gebouwen in de gebieden waar de aanlanding is voorzien. De gevolgen van de Oostbrug kunnen positief zijn, omdat een brug kan leiden tot een betere en een aantrekkelijke ontsluiting van het gebied. Er zijn begrijpelijkerwijs ook zorgen over bijvoorbeeld de toename van het verkeer over de Johan van Hasseltweg, het ruimtebeslag van de aanlanding en de wegprofielen en de invloed op de bestaande bebouwing. De precieze ligging van de Oostbrug en de keuze of er al dan niet OV over gaat rijden, is bepalend voor het ruimtebeslag van de brug, de aanlanding en de toevoerroutes (het wegprofiel van de Johan van Hasseltweg). De belangen van eigenaren, bewoners en gebruikers zijn meegenomen in de afweging voor dit voorkeursbesluit, maar in het kader van dit voorkeursbesluit kan nog niet 45
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
worden gezegd of de bestaande bebouwing aan de Johan van Hasseltweg behouden kan blijven. Dit volgt in een volgende fase. Bovendien is de uitvoering van het Investeringsbesluit voor Hamerkwartier hiervoor ook van belang. In deze fase van de besluitvorming bestaat geen aanleiding om bedrijfspanden al weg te bestemmen. Daarom wordt er ook nog geen bestemmingsplan voorbereid om de brug in te passen. Als verwerving van de panden aan de orde is, zal de gemeente met u in overleg willen treden om minnelijk tot overeenstemming te komen. Mocht onverlet onteigening op termijn nodig zijn, dan worden hiervoor de benodigde procedures gevolgd. Zoals in de concept NvU al is aangegeven wordt in de volgende fase verder beoordeeld of er een m.e.r (beoordeling) wordt doorlopen. In dat kader zullen de daarvoor benodigde onderzoeken worden uitgevoerd en waar nodig eventuele alternatieven worden betrokken. Welke procedure wordt gevolgd is mede afhankelijk van de vraag of er OV over de bruggen komt. De omgeving zal actief worden geïnformeerd en de gemeente blijft de belangen van deze eigenaren en gebruikers betrekken bij de verdere uitwerking in de volgende fase.
5.5 BBZ belangenvereniging voor de beroepschartervaart Samenvatting inspraakreactie De BBZ, belangenvereniging voor de beroepschartervaart is tegen de komst van bruggen. De bruggen vormen een belemmering voor de scheepvaart (niet onderdoor kunnen varen met een staande mast). De veiligheid is onvoldoende gegarandeerd voor zowel het weg als het scheepvaartverkeer. Ook bij regelmatige brugopeningen maken zij zich zorgen over: storingsgevoeligheid, niet altijd geopend kunnen worden bij veel wind, opstoppingen met veel wachtend verkeer kan zorgen voor onveilige situaties. Indien bruggen er komen wil indiener als stakeholder betrokken worden bij de besluitvorming rondom de bediening. Beantwoording De scheepvaartbelangen zijn zorgvuldig betrokken bij het opstellen van de Nota van Uitgangspunten. Ook de scheepvaartveiligheid en het belang van een goede doorvaart voor de scheepvaart is meegenomen. De bruggen worden zo ontworpen dat de scheepvaart vlot en veilig kan blijven passeren. Amsterdam onderzoekt met de nautische partijen een optimaal brugontwerp waarbij gekeken wordt op welke wijze het ontwerp kan bi jdragen aan kortere openingstijden.
Belangrijke uitgangspunten hierbij zijn bijvoorbeeld de doorvaarthoogte van 12,5 meter, de twee bewegende delen waardoor kruisend verkeerd wordt voorkomen en het IJ bereikbaar blijft voor de staande mastenroute, de indeling van de vaarweg met een hoofdgeul van 160 meter nevengeulen van elk 35 meter nevengeul, bruggen loodrecht op de vaarweg , goede zichtlijnen op deze locaties en voldoende wachtplaatsen. Bij het ontwerp van de bruggen is Richtlijnen Vaarwegen 2020 het uitgangspunt.
46
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
Wij beamen dat het maken van goede afspraken ten aanzien van de bediening van belang is. De opgave hierbij is dat een goede en veilige doorstroom op het water, én op het land gewaarborgd moet worden. Afspraken over bediening worden in volgende fase gemaakt met het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en Rijkswaterstaat. Port of Amsterdam, Centraal Nautisch Beheer en belanghebbenden zullen hierbij worden betrokken.
5.6 Koninklijke BLN‐Schuttevaer Samenvatting inspraakreactie Belangenvereniging nautischtechnische zaken en infrastructuur. De bezwaren van de scheepvaart zijn door commissie D’Hooghe onderkent en die adviseerde onder andere een hogere brug te bouwen. De Actualisatie Nota van Uitgangspunten die nu voor ligt zijn deze adviezen verwerkt en de scheepvaartbelangen zijn beter geborgd. Bruggen op 12,50 meter volstaat voor de meeste schepen. Ze steunen grootste deel NvU, één punt van zorg: scheepvaart op een hoofdtransportas als het IJ heeft een ruim bedieningsregime nodig, eventuele spitssluitingen van de brug zijn niet bespreekbaar. Beantwoording Dank voor uw steun en positieve reactie. Wij beamen dat het maken van goede afspraken ten aanzien van bediening van belang is. Een belangrijk uitgangspunt hierbij is dat een goede en veilige doorstroming op het water, én op het land gewaarborgd wordt. Afspraken over bediening worden in volgende fase gemaakt met het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en Rijkswaterstaat. Port of Amsterdam, Centraal Nautisch Beheer en belanghebbenden worden hierbij betrokken.
5.7 Cliëntenbelang Amsterdam Samenvatting inspraakreactie Goed dat toegankelijkheid als voorwaarde in de Nota van Uitgangspunten is opgenomen. Opmerkingen over Openbaar Vervoer: Cliëntenbelang is voorstander van bruggen die geschikt zijn voor OV. Twee nieuwe OV verbindingen geeft mensen meer keuze en directe verbindingen, en maakt het metrosysteem minder kwetsbaar voor storingen. Let op dat nieuwe aanlandingen (zoals NDSM) nu niet bereikbaar zijn met OV. Opmerkingen Toegankelijkheid en sociale veiligheid van de bruggen: goed toegankelijke, overzichtelijke en sociaal veilige route naar liften en roltrappen, meerdere liften, toevoegen (publieks) functies bij aanlanding bruggen, beschutting tegen weer en wind bij roltrappen en op de bruggen, voldoende rustpunten/plateaus bij fietshellingen en noodtrappen en aandacht voor (verbetering van) de toegankelijkheid en veiligheid van ponten. Opmerkingen Voetgangerspassage: tunnel maakt Noord beter bereikbaar, meerdere liften (en roltrappen) in plaats van één grote lift per aanlanding, groepeer (rol)trappen en liften en voorkom “nis”, maak fietsverbindingen aantrekkelijk en fietsen voor de tunnel niet (uitzondering voor scootmobielen) en dimensioneer liften en de capaciteit ervan vooral op scootmobielen.
Cliëntenbelang verwacht dat toegankelijkheid en veiligheid een belangrijke factor zijn in de besluitvorming en blijft graag betrokken. 47
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
Beantwoording De gemeente onderkent net als Cliëntenbelang dat het geschikt maken van de bruggen voor OV van toegevoegde waarde is. Het aantal OVreizigers wordt in de eindsituatie (in het hoge scenario) geschat op rond de 30.000 per dag. Dit zijn deels nieuwe reizigers vanwege gebiedsontwikkelingen zoals HavenStad en deels reizigers voor wie de OVroutes over de bruggen aantrekkelijker zijn dan de huidige verbindingen (zoals de Noord/Zuidlijn of bus 36 door de Coentunnel. Een brug die ook geschikt is voor OV is ongeveer twee keer zo duur als een fietsbrug. In de volgende fase wordt bekeken of er voldoende financiering kan worden gevonden voor de vaste oeverbindingen met OV. Op basis daarvan wordt definitief besloten of er wel of geen OV over de bruggen gaat rijden. Indien gekozen wordt voor bruggen met OV, dan zal ook het aangrenzende netwerk hierop moeten worden aangepast zodat er goede OVverbindingen ontstaan. De nieuwe vaste oeververbindingen worden alleen goed gebruikt als deze ook voor een iedereen toegankelijk zijn. Voor voetgangers en mensen met een beperking komen er trappen en liften op beide oevers. Deze stijgpunten liggen zo dicht mogelijk bij het hoogste punt van de bruggen en vragen om een goede, prettige en veilige inpassing in de openbare ruimte. De gemeente hecht aan sociale veiligheid op de bruggen en in de tunnel.
Toegankelijkheid en veiligheid blijven een belangrijke factor in de volgende fase. Er zijn verschillende manieren om de tunnel sociaal veiliger te maken. Voor het ontwerp is het belangrijk goed te kijken naar de inrichting, de ruimte bij de toegangen, eventueel daglichttoetreding bij de ontsluitingen en verlichting in de tunnel zelf. Ventilatie kan ingezet worden. Eventueel kan toezicht op de vloer en via camera’s worden geregeld. Dat draagt ook bij aan sociale veiligheid en hoe de tunnel ervaren wordt. De gemeente blijft Cliëntenbelang bij de ontwikkeling van de plannen en het ontwerp van de bruggen betrekken.
5.8 Eggerding B.V. / Havenbedrijf Coenhaven B.V. Samenvatting inspraakreactie Beide bedrijven zijn gevestigd aan de Coenhavenweg 22 en hebben een erfpachtrecht tot 2085, de activiteiten zijn volledig vergund. De ontwikkelingen, zoals de verplaatsing van de PTA en ontwikkeling van HavenStad, zijn bedreigend voor hun bedrijfslocatie. Bedrijven spreken van een beeld van uitroken omdat door de gefaseerde en projectmatige besluitvorming bedrijven iedere keer opnieuw in geweer moeten komen tegen deelbesluiten. Gemeente heeft al verschillende reacties gehad. De havenbedrijven verzoeken met klem specifieke aandacht te hebben voor hun belangen. Beantwoording De gemeente heeft kennisgenomen van uw reactie. In de besluitvorming over de verplaatsing van de Passenger Terminal (PTA) wordt zorgvuldig omgegaan met de belangen van uw bedrijven. Daarbij wordt ook rekening gehouden met de nautische ruimte van Eggerding/Havenbedrijf Coenhaven en met de looptijd van het geldende erfpachtcontract.
48
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
Het is ons bekend dat Eggerding/Havenbedrijf Coenhaven een recht van erfpacht heeft tot 2085. Bekend zijn ook uw bezwaren tegen de transformatie van de Coenhaven naar een hoogstedelijk woon/werkgebied (HavenStad). Voor de verplaatsing van de PTA en de realisering van Haven Stad gelden afzonderlijke besluitvormingstrajecten. Dit betekent dat u uw bezwaren in beide trajecten naar voren zult moeten brengen. Het is niet onze bedoeling uw bedrijven door deze gefaseerde en projectmatige besluitvorming uit te roken. In beide besluitvormingstrajecten is specifieke aandacht voor uw belangen bij ontplooiing van uw bedrijfsactiviteiten (goede ruimtelijke ordening). Mocht een verplaatsing van uw bedrijven noodzakelijk zijn, dan wordt in overleg met het Havenbedrijf gezocht naar een zo optimaal mogelijke benutting van havengronden.
5.9 Fietsersbond Samenvatting inspraakreactie De fietsersbond is betrokken bij de planvorming voor de vaste IJoever verbindingen. Zij ondersteunt de uitgangspunten; verbindingen met hoge vervoerswaarde en goed ingebed in het (te versterken) netwerk, veilig zowel voor verkeer en nautisch als sociaal, comfortabel en aantrekkelijk, gratis, betrouwbaar voor fietsers en scheepvaart, toekomstbestendig en dus berekend op verkeerskundige ontwikkelingen. Dat de vaste oeververbindingen nodig zijn staat vast. De huidige beperkingen (capaciteit, frequentie, mondkapje) maken de vaste IJ oeververbindingen een waardevolle toevoeging. Ook vanuit nautische veiligheid zijn deze verbindingen te prefereren boven ponten.
Oostbrug: aandachtspunt is de inbedding in het fietsnetwerk. Een fietsvriendelijke Johan van Hasseltweg, een brug over zijkanaal K, goede fietsroute naar de Czaar Peterstraat verhogen de vervoerswaarde van deze brug drastisch. De bond vraagt om tijdige ruimtelijke reserveringen zodat noodzakelijke toekomstige maatregelen genomen kunnen worden. De bond raadt een helling aan van 2% ipv de 2,7% die de gemeente aanhoudt en waarmee de brug minder aantrekkelijk wordt. De hoogte van de bruggen: Bij een doorvaarhoogte van 9,1 meter vindt slechts een klein deel hinder. De verhoging van de doorvaarhoogte met 3 meter komt ten goed aan zo weinig schepen dat zij dit niet vinden opwegen tegen het nadeel van de fietsers die dagelijks de Oost en Westbrug gaan gebruiken. Ontwerp uitgangspunten voor West en Oostbrug: veilig, gebruiksvriendelijk en betrouwbaar. Dit houdt in: reserveer voldoende breedte om aan weerszijde van OV brede fietspaden aan te leggen, be en afscherming tegen wind, vergevingsgezinde inrichting (bijv. rekening houden met slingeren), aparte strook of op OVbaan van LEV’s en fietsachtigen (sneller, breder en zwaarder dan normale fietsen), openingsregime zoals de Schellingwouderbrug (bijv. niet open tijdens de spits en kort dicht voor wegverkeer), dubbel uitvoeren van liften en 2 bewegende brugdelen zodat een deel van de brug bruikbaar blijft bij storingen en onderhoud.
Tunnel bij CS openstellen voor fietsers: de tunnel kan leiden tot een afname van de vervoersvraag bij de Buiksloterwegveer met als gevolg een afname in de vaarfrequentie. Hierdoor verslechtert de oeververbinding voor fietsers. Dit drijft fietsers (illegaal) de tunnel in wat vraagt om 24/7 handhaving. Of toegangspoortjes, of fietsenstallingen. Stel de tunnel, i.i.g. bij een vaarfrequentie van minder dan 15 ponten per uur, open voor fietsers. Diepte tunnel is belangrijk voor het comfort, voorkeur voor een minder diepe en gebruiksvriendelijke tunnel. 49
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
Westbrug: Maak tijdig ruimtelijke reserveringen om de Westbrug en inbedding in netwerk mogelijk te maken. Wat betreft sociale veiligheid heeft aanlanding in het Hellingpark de voorkeur, maar voor verbinding met noordelijke en westelijke delen van de stad en Havenstad heeft de aanlanding langs Kraanspoor de voorkeur. Bij de aanlanding moet de infrastructuur worden verbeterd. Beperkte breedte van de Spaarndammerstraat is een punt van aandacht. Toevoeging bij onderwerp Ladder met sporten en aansluiting op rest van netwerk: sluit deze ladder optimaal aan op het bestaande netwerk. Met name “staander” langs de noordzijde; brug over zijkanaal K en verbindingen over het Johan van Hasseltkanaal. Veren blijven noodzakelijk. In Nota van Uitgangspunten wordt terecht een koppeling gemaakt tussen sprong en de verenstrategie. Met name daar waar een tunnel of brug niet mogelijk is, is een veer de logische derde optie. Bijvoorbeeld bij stenen hoofd en Buiksloterham Kabelbaan: Kan van waarde zijn. Uitvoering en realisatie: Het tempo zou hoog moeten zijn. Volgens MKBA lite: eerste brug opleveren in 2025. Financiering is belangrijk (nationaal Groeifonds, MIRT). Nu investeren in de fiets komt niet alleen Amsterdammers op de fiets ten goede, maar geeft ook een extra impuls voor uitstootvrij vervoer en ontlast het autowegennetwerk.
Willen is kunnen! Tijdelijke voorzieningen en verbeteringen: Ook met de realisatie van de Oostbrug wordt 70% toename van passagiers op de veerverbindingen verwacht in de periode 203040. Ze vragen ook voor deze periode voldoende veerverbindingen voor fietsers en voetgangers. Ook de frequentie van het Oostveer en het Houthavenveer moet worden verhoogd.
Conclusie: Hoe eerder hoe beter. Beantwoording De gemeente is verheugd dat de Fietsersbond diverse uitgangspunten in de NvU ondersteunt, het maken van toekomstbestendige verbindingen die de verwachte vervoervraag kunnen afwikkelingen. De commissie D’Hooghe heeft geadviseerd om twee bruggen op de flanken en een voetgangerspassage achter het Centraal Station te realiseren. Dit advies sluit goed aan bij de visie van Amsterdam (zoals ook door de raad vastgesteld in de Omgevingsvisie Amsterdam 2050) om de stad te ontwikkelen tot een meerkernige stad; een stad met meerdere centra. De vaste oeververbindingen worden voor de lange termijn aangelegd en moeten daarom ook passen en bijdragen aan deze lange termijnvisie van de stad. Een fietstunnel achter CS past niet in deze visie. Een fietstunnel achter CS betekent dat meer fietsers via het centrum de oversteek maken. Hiermee wordt geen bijdrage geleverd aan het ontwikkelen van de meerkernige stad en het spreiden van drukte. Een fietstunnel achter CS heeft een aanzuigende werking en zal de drukte in het centrum en specifiek achter CS vergroten. De nieuwe voetgangerspassage is een aanvulling op de bestaande veren achter CS.
Door een voetgangerspassage aan te leggen zorgt Amsterdam er voor dat de voetgangers gebruik kunnen maken van de tunnel waardoor er voldoende ruimte blijft op veren voor de andere vervoersmiddelen voor langzaam verkeer (zoals (brom)fietsers, Canta’s e.d.). Zo ontstaat een scheiding van verkeersstromen wat de afwikkeling ervan op nu al drukke punten straks verbetert. Daarnaast is er achter CS onvoldoende ruimte om een fietstunnel goed en verkeersveilig in te passen in lijn met de richtlijnen voor tunnels zoals ook door de commissie D’Hooghe geadviseerd (en die gebaseerd zijn op landelijke richtlijnen (CROW):
50
Gemeente Amsterdam Verkeer en Openbare Ruimte Nota van antwoord publieke reacties en stadsdeeladviezen
11 januari 2022
1. Niet hoeven afstappen, waardoor liften, roltrappen of rolpaden voor fietsers moeten worden vermeden. Dit in verband met het te verwachten hoge aantal gebruikers. 2. Oriëntatie: gebruikers moeten weten en kunnen zien waar ze zijn en in welke richting ze zich bewegen. Bij wokkels maken diverse verkeersstromen in tegengestelde richting met verschillende snelheden gebruik van dezelfde wokkel. Dit maakt het gebruik van wokkels verkeersonveilig en daarmee zeer onwenselijk. Bovendien is een goede oriëntatie ook van belang voor het gevoel van veiligheid in de tunnel (sociale veiligheid). Wokkels en blinde hoeken dragen hier niet aan bij. Zie ook het antwoord op de vraag van Syb van Breda & Co Architect. 3. Hellingbanen mogen niet te steil zijn, namelijk een maximale helling van 2,7% met twee vlakstanden. Dit leidt tot een hellingbaan van circa 570 meter, wat zou leiden tot een tunnelopening ter hoogte van de Nieuwezijdse Kolk. De gemeente onderschrijft het belang van het waar nodig maken van ruimtelijke reserveringen voor de toevoerroutes van de bruggen. Op dit moment is zicht op de potentiële toevoerroutes voor fiets en OV en de aandachtspunten die hierbij zijn. Zie hiervoor o.a. het kaartmateriaal in paragraaf 3.2 (Oostbrug) en 4.2 (Westburg) van de NvU.
In de volgende fase worden deze routes in afstemming met de omgeving en andere betrokken partijen, waaronder de Fietsersbond, verder uitgewerkt. Hierbij wordt ook onderzocht in hoeverre bestaande fietsroutes moeten worden aangepast om de toegenomen verkeersdruk als gevolg van de bruggen, goed en verkeersveilig te kunnen verwerken. Pas na deze uitwerking en het wegen van alle belangen die hierbij komen kijken, kunnen er keuzes worden gemaakt over de voorkeursroutes op beide oevers voor fiets en OV van/naar de twee bruggen. Uit deze keuzes volgen waar nodig de ruimtelijke reserveringen. De gemeente heeft, samen met het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Provincie Noord Holland, Rijkswaterstaat, Port of Amsterdam en Centraal Nautisch Beheer afgesproken dat de door de Commissie D’Hooghe geadviseerde uitgangspunten inzake de bruggen worden overgenomen. Dit betreft onder andere het gemiddelde hellingpercentage en de doorvaarthoogte. De gemeente ziet met inachtneming van deze uitgangspunten geen belemmeringen om aantrekkelijke en verkeersveilige vaste oeververbindingen te realiseren.