5. OD NZKG Meerjarenbegroting 2027-2030.pdf
Tekst van het document
Het zal mede afhangen van de voortgang van de transitie naar Groen Staal, van de resultaten van de lopende inspanningen om de bedrijfsinstallaties duurzaam te laten voldoen aan wet- en regelgeving en uiteindelijk vooral van het naleefgedrag van het bedrijf.
Pagina 24 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
3.7 Programma Randvoorwaardelijk Baten: € 10,3M In dit programma zit een aantal randvoorwaardelijke producten die voor elke opdrachtgever noodzakelijk zijn. Zoals bijvoorbeeld procesondersteuning, accountmanagement, consignatiedienst en juridische expertise. Voor een deel van deze producten is bij de prestatiegerichte financiering een vast budget afgesproken. De programma-overstijgende producten worden op regiebasis in rekening gebracht.
Huidige en toekomstige opgaven Transparantie overheid start met actieve openbaarmaking De Woo vereist van bestuursorganen actieve openbaarmaking van een aantal bij wet aangewezen categorieën en spreekt van een inspanningsverplichting om naast deze verplichte categorieën te onderzoeken welke aanvullende informatiecategorieën eveneens gepubliceerd kunnen worden. Deze inspanningsverplichting veronderstelt dat de overheid zich bij elk document actief de vraag moet stellen waarom het niet openbaar gemaakt zou moeten worden, ‘openbaar, tenzij’. De samenleving heeft immers het recht te weten wat er in de leefomgeving speelt. De Omgevingsdienst geeft invulling aan deze inspanningsverplichting met het project Actieve Openbaarmaking. De volledige implementatie zal ook vanaf 2027 nog onverminderd aandacht moeten krijgen. Hoewel het wetsartikel over actieve openbaarmaking nog niet volledig in werking is getreden, is de Omgevingsdienst al wel begonnen met de implementatie ervan. Daarin wordt ook aandacht geschonken aan de cultuurverandering die actieve openbaarmaking met zich meebrengt. Woo-verzoeken Burgers en bedrijven verwachten steeds meer transparantie in de besluitvorming en in het handelen van/door de overheid. Mede door sociale media staan wij vaker in het nieuws en worden er ook meer Woo-verzoeken ingediend.
Wel zien we een minder sterke stijging voor 2027 en verder in vergelijking tot de afgelopen 3 jaar, omdat inwoners en bedrijven de benodigde informatie steeds beter weten te vinden en de Omgevingsdienst hen ook beter kan verwijzen door de beschikbaarheid van data. Hoe dan ook blijven Woo-verzoeken veelal omvangrijk en complex en daarmee zeer arbeidsintensief en kostbaar. De actieve openbaarmaking zal de komende jaren een prominente rol gaan vervullen, echter betekent dit niet direct dat het aantal Woo-verzoeken zal afnemen.
Pagina 25 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Bibob Door de Omgevingsdienst wordt de wet Bevordering Integriteitsbeoordelingen Openbaar Bestuur (Bibob) toegepast op aanvragen voor omgevingsvergunningen voor de activiteiten bouw en milieu. De Bibob helpt voorkomen dat de overheid voor het verlenen van vergunningen criminele organisaties faciliteert. Er wordt ingegrepen wanneer blijkt dat een vergunning wordt misbruikt voor het plegen van strafbare feiten. De afgelopen jaren werd elk jaar een stijging in de aantallen Bibob-adviezen gerealiseerd. De verwachting is dat deze stijging zich de komende jaren zal voortzetten. Er wordt nauw samengewerkt met opdrachtgevers, waarbij de Bibob-jurist een belangrijke schakel is tussen het primair proces van de Omgevingsdienst en de afdelingen Bibob van de opdrachtgevers. Ontwikkeling consignatiedienst Regionale crisisprofielen laten een verschuiving zien van kortdurende incidenten naar langdurige en complexe crises. Om goed aan te blijven sluiten bij de crisisplannen van de zeven veiligheidsregio’s die in GRIP-situatie een beroep kunnen doen op de kennis van de Omgevingsdienst, is een doorontwikkeling van de consignatiedienst vereist. De Omgevingsdienst is in 2026 begonnen met de uitwerking van de cosingatiedienst zodat het vanaf 2027 is toegerust op langere periodes inzet en kan omgaan met multicrises.
Er wordt hiervoor onder andere geïnvesteerd in het traject genaamd ‘Opleiden, Trainen, Oefenen (OTO), wordt de interne en intercollegiale kennisdeling versterkt, alarmering geoptimaliseerd en mandaten waar nodig herzien. De consignatie zal ook tijdens de doorontwikkeling uiteraard altijd 24/7 beschikbaar zijn voor het behandelen van meldingen.
Ontwikkelingen 2027, capaciteit en lasten De ontwikkeling op het gebied van wet- en regelgeving leidt tot intensivering en uitbreiding van het takenpakket. De inzet op Woo, verweer in bezwaar en beroep en Bibob zal verder toenemen.
Pagina 26 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
3.8 Programma Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering ondersteunt en adviseert de organisatie op het gebied van: HR, informatievoorziening, financiële administratie, communicatie, huisvesting, facility, sturing, coaching en planning & control. Naast deze personele en materiële bedrijfsvoeringkosten worden de personele overheadkosten van het management van de gehele organisatie op dit programma verantwoord.
Huidige en toekomstige opgaven Informatieveiligheid De Omgevingsdienst heeft de afgelopen jaren stevig geïnvesteerd in het op orde brengen van haar informatieveiligheid en werkt aantoonbaar conform de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), met ondersteuning van de Informatiebeveiligingsdienst (IBD) voor monitoring, incidentrespons en forensische expertise. Tegelijkertijd groeit het dreigingsbeeld door toename van ransomware, kwetsbaarheden in software en de komst van de Europese NIS2-richtlijn, die vanaf 2025 in Nederlandse wetgeving wordt verankerd en zwaardere zorg-, melden verantwoordingsplichten met zich meebrengt. De aankomende jaren ontwikkelt informatieveiligheid zich binnen de Omgevingsdienst tot een samenhangend Governance, Risk & Compliance-domein (GRC), waarin een structureel ingericht GRC-team—met een stevig gepositioneerde CISO, risicomanagement, privacy, audit, compliance en informatiebeheer—zorgt voor aantoonbare beheersing. Onderzoek en (data)analyse De Omgevingsdienst investeert in onderzoek en data-analyses die de uitvoering van het VTH-werk continu versterkt.
Door structurele omgevingsanalyses, risicoprioriteringen, monitoring en dataproducten te ontwikkelen — zoals integrale omgevingsbeelden, trendanalyses en voorspellende inzichten — wordt steeds beter zichtbaar wat er speelt in het Noordzeekanaalgebied en waar de belangrijkste kansen en risico’s liggen. Richting 2027 groeit onderzoek en analyse uit tot een volledig geïntegreerde informatiebasis binnen de dienst, waarin losse dataproducten plaatsmaken voor samenhangende en steeds vaker geautomatiseerde signalering. Door de combinatie van datakwaliteit, domeinkennis en moderne analysemethoden kunnen we trends eerder duiden, ontwikkelingen sneller vertalen naar handelingsperspectief en onze organisatie wendbaarder maken. Zo ontstaat een volwassen, proactieve analysecapaciteit die een belangrijke bouwsteen vormt onder innovatie, datagedreven werken en verantwoorde inzet van AI.
Pagina 27 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Innovatie De Omgevingsdienst ontwikkelt zich ot een wendbare, datagedreven en technologisch volwassen organisatie waarin innovatie geen projectmatige activiteit meer is, maar een structureel onderdeel van het dagelijks werk. Door te bouwen op het stevige fundament van robotisering, NLP en hyperautomation ontwikkelen we slimme oplossingen die de effectiviteit van VTH&A versterken. De stappen die in 2024 zijn gezet met AI-toepassingen zoals cameratoezichtondersteuning, documentbegrip en eigen chatbots vormen hierbij een belangrijke katalysator. Deze toepassingen worden de komende jaren opgeschaald binnen een duidelijke OD-visie op AI, waarin mensgerichtheid, transparantie en zorgvuldigheid centraal staan. Tegelijkertijd groeit deze aanpak uit tot een organisatiebreed innovatieritme, ondersteund door een meerjarige innovatieagenda en een ontwikkelpad waarin processen, datakwaliteit en digitale vaardigheden hand in hand gaan. Vanaf 2027 verschuift de focus verder naar duurzame verankering: processen zijn slimmer ingericht, technologie ondersteunt medewerkers in professioneel oordeel, en het VTH-instrumentarium wordt steeds meer datagedreven, voorspellend en betrouwbaar. Zo ontwikkelt de Omgevingsdienst zicht tot een dienst die innovatie benut om maatschappelijke impact te vergroten en de uitvoering van het VTH-werk continu te verbetert.
Programma werving & selectie Werving van geschikte medewerkers blijft ook de komende jaren nog uitdagend. De Omgevingsdienst zet de vernieuwing op het gebied van werving en selectie voort en onderzoekt wat instroom verder kan bevorderen. De Omgevingsdienst blijft inzetten om haar zichtbaarheid verder te vergroten, via carrièrebeurzen, social media en door de directe inzet van in-house recruiters. ODNL ontwikkelt zich sterk naar een koepelorganisatie voor alle Omgevingsdiensten in Nederland. Steeds meer activiteiten krijgen een landelijk karakter, zoals de landelijke arbeidsmarktcampagne. Vanaf 2027 wordt voorzien dat ODNL zich hierin zal blijven ontwikkelen als landelijke coördinator voor campagnes. Duurzame inzetbaarheid Duurzame inzetbaarheid is erop gericht mensen gezond, gelukkig en bekwaam aan het werk te houden. De focus ligt hierbij voornamelijk op arbeidsomstandigheden, vitaliteit en een leven lang ontwikkelen. Vanuit goed werkgeverschap en zorg voor de gezondheid, het welzijn, de veiligheid en ook het werkplezier van medewerkers besteden we veel aandacht aan duurzame inzetbaarheid. Een belangrijke taak hierbij is weggelegd voor de teammanagers, zij moeten duurzame inzetbaarheid regelmatig bespreken met het team en de medewerkers.
De medewerkers zelf hebben hierin natuurlijk ook een eigen verantwoordelijkheid, om goed voor hun (geestelijke en lichamelijke) gezondheid te zorgen. Het Persoonlijk Budget Duurzame Inzetbaarheid dat zij als arbeidsvoorwaarde aangeboden krijgen, kan hierbij helpen. OD-school en coaching Naast werving is behouden en ontwikkelen van medewerkers de sleutel tot een optimale bezetting van onze organisatie. Vanaf 1 januari 2025 biedt de ODNL Academie een (groeiend) aanbod aan (specialistische) trainingen en opleidingen. De Omgevingsdienst ondersteunt ODNL bij de ontwikkeling van dit landelijke initiatief en gelooft dat deze het VTH-werk en de VTHA-keten van belangrijke kennispontwikkeling voorziet. Naast opleidingen zet de Omgevingsdienst ook in op loopbaancoaching; het ontwikkelen van middelen en programma’s om interne doorstroom te bevorderen en talent te behouden. Op basis van een verkenning van de behoeften in de organisatie en de mogelijkheden, geven we verder vorm en inhoud aan loopbaanadvisering en talentontwikkeling
Pagina 28 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Leiderschapsontwikkeling Ons leiderschap gaat zich richten op het creëren van een veilige ruimte waar medewerkers zich vrij voelen om ideeën te delen en fouten te maken. Hierdoor ontstaat een dynamische leeromgeving die de wendbaarheid en effectiviteit van de organisatie vergroot. We hebben onderzocht welke behoefte de managers hebben aan het versterken van hun coachingsvaardigheden en wat hun eigen ontwikkelpunten zijn. Programma Duidelijk OD Brieven en e-mails zijn belangrijke contactmomenten met de inwoners en bedrijven. De Omgevingsdienst verstuurt er jaarlijks circa 60.000. Het taalgebruik is vaak juridisch, abstract, technisch van aard, afstandelijk van toon en vaak niet goed te begrijpen. Met het programma Duidelijk OD wordt de aankomende jaren geïnvesteerd in begrijpelijkere communicatie. Hoe duidelijker (B1) en prettiger van toon de communicatie is, hoe beter het begrip en hoe groter de impact van het VTH-werk. Daarom zet de Omgevingsdienst zich in haar communicatie met heldere, samenlevingsgerichte teksten, die inwoners en ondernemers in het werkgebied begrijpen. Als de omgeving begrijpt wat er van hen verwacht wordt, heeft dat grote impact op een schonere en gezondere leefomgeving. Hybride werken Ons kantoorgebouw aan de Ebbehout in Zaandam is de plek waar we de verbinding vinden, waar we elkaar regelmatig persoonlijk ontmoeten.
Daar werken we samen, zien we elkaar tijdens een training en kunnen we terecht voor praktische zaken. Vanwege de groei van het aantal medewerkers de afgelopen jaren, maar de veranderingen in behoeften (het nieuwe werken) wordt het kantoorpand in 2026 grondig verbouwd. Het kantoorpand sluit straks aan bij de huidige wensen. Het kantoor wordt een plek waar collega’s elkaar ontmoeten en waar overleggen (deels) fysiek als ook (deels) digitaal plaatvinden, met de nodige technische ondersteuning hiervoor. Voor 2027 en verder zal het nieuwe werken verder normaliseren in het nieuwe kantoorpand. Ontwikkelingen 2027, capaciteit en lasten Om de personele groei van de organisatie en de nieuwe manier van hybride werken te faciliteren wordt het kantoor in 2026 grondig verbouwd. Ook op het vlak van data-gebruik (borging en veiligheid) zijn grote stappen gezet die in 2027 zullen stabiliseren. Inzet op datakwaliteit zal onverminderd aandacht krijgen, omdat innovatie veelal gepaard gaat met de kwaliteit van de data.
Onder bedrijfsvoering vallen de volgende onderdelen: Onderdelen Bedrijfsvoering fte % Directie- en management 33,1 20% Staf 6,0 4% Control, Inkoop en Financien 12,7 8% Communicatie 11,8 7% Mens & Organisatie 27,1 17% BV Facilitair & Evementen & Secretariaat 15,5 9% Proces & Informatie 29,9 18% Data & Innovatie 25,4 16% Ondersteuning 1,9 1% Totaal 163,4 100% *Inhuur programma Bedrijfsvoering is alleen vertaald in €’s, niet in FTE
Pagina 29 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Pagina 30 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
3. Financiële begroting 4.1 Resultaatmodel Tabel Resultaten per werkveld Programma & taakveld TOTAAL Baten TOTAAL Lasten
(x €1.000) Rekening 2026 met 2025 UVO 2026 -87.152 -92.165 86.740 92.165
Baten 2027 -92.395 -
Lasten 2027 92.395
Saldo 2027 -92.395 92.395
2028
2029
2030
-93.309 93.309
-93.310 93.310
-93.310 93.310
-6.571
-6.314
-17.591
10.940
-6.650
-6.650
-6.650
-6.650
Inkomsten
-17.270
-17.655
-17.591
-
-17.591
-17.591
-17.591
-17.591
Salarislasten Inhuur
6.468 3.810
6.501 4.437
-
6.335 4.221
6.335
6.335 4.221
6.335 4.221
6.335 4.221
Materieel Bouw
421 -6.571
404 -6.314
-17.591
384 10.940
384 -6.650
384 -6.650
384 -6.650
-
-
-
-2.408
-2.324
-7.857
5.359
Inkomsten Salarislasten Inhuur
-7.285 3.869 961
-7.809 4.672 750
-7.857 -
4.581 718
Materieel Bodem
47 -2.408
62 -2.324
-7.857
60 5.359
-21.456
-24.028
-55.841
Inkomsten Salarislasten
-50.463 21.091
-55.106 24.816
Inhuur Materieel Milieu en Seveso
4.593 3.323 -21.456
8.3
7.4
Wonen en bouwen
Milieubeheer
4.221 384 -6.650 -2.498 -7.857 4.581 718 60
-
-
-
-2.498
-2.498
-2.498
-7.857 4.581 718
-7.857 4.581 718
-7.857 4.581 718
60 -2.498
60 -2.498
60 -2.498
30.758
-2.498 -25.083
-25.311
-25.311
-25.311
-55.841 -
24.676
-55.841 24.676
-56.755 25.224
-56.755 25.224
-56.755 25.224
3.634 2.628 -24.028
-55.841
3.529 2.552 30.758
3.529 2.552
3.609 2.610 -25.311
3.609 2.610 -25.311
3.609 2.610 -25.311
-10.627
1.193 298 -10.352
-8.220 -2.055 -10.275
9.431 2.358 -
1.211 303 -10.275
1.211 303 -10.275
1.211 303 -10.275
8.730 1.550
10.535 1.242
-
10.513 1.211
10.513 1.211
10.513 1.211
10.513 1.211
795 448
67 1.491 -
-10.275 -
65 11.789 -
1.514 -
65 1.514 -
65 1.514 -
65 1.514 -
0.4 Overhead Baten uitvoeringsovereenkomsten (*)
29.891
32.487 -
-832 -
34.376 -
33.545 -
33.773 -
33.773 -
33.773 -
Inkomsten Salarislasten
-1.190 15.042
-743 18.039
-832 -
18.900
-832 18.900
-832 19.129
-832 19.129
-832 19.129
Inhuur Autonome ontwikkelingen
3.176 -
1.091 -
-
1.118 -
1.118 -
1.118 -
1.118 -
1.118 -
Materieel 0.8 Overige baten en lasten Onvoorzien
12.864 -
14.099 -813 -813
-
14.358 -827 -827
14.358 -827 -827
14.358 -827 -827
14.358 -827 -827
14.358 -827 -827
0.9 Vennootschapsbelasting (VpB) Bedrijfsvoering
29.891
31.674
-832
33.549
32.717
32.946
32.946
32.946
-
7.4
Milieubeheer
7.4 Milieubeheer 8.3 Wonen en bouwen Inkomsten Salarislasten Inhuur Materieel Randvoorwaardelijk
Saldo voor mutatie reserves
-96
500
-92.395
92.395
0.10 Mutaties reserves Toevoegingen
-316 -
-500 -
-
-
Onttrekkingen Financien, bedrijfsvoering Saldo na mutatie reserve
-316 -316 -412
-500 -500 -
-92.395
92.395
-25.083 1.211 303 -10.275 10.513 1.211 65
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Pagina 31 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Uitgangspunten voor 2027-2030 In de kaderbrief 2027 zijn de uitgangspunten opgenomen voor de meerjarenbegroting 2027-2030. De basis voor het opstellen van de begroting is het jaar 2026 en de volumeafspraken, die afgesproken zijn voor de Uitvoeringsovereenkomsten (UVO’s) 2026. De volgende aanvullende uitgangspunten zijn verwerkt: • De berekende benodigde formatie is gebaseerd op de UVO en overige opdrachten. Daarbij is de gestreefde vast-/flexnorm 90/10. Voor het werkveld Bouw wordt een lagere norm gehanteerd van circa 70/30. • Aan de basis van de begroting 2027 ligt de aangepaste begroting van 2026. De wijziging van de begroting 2026 is op basis van de getekende UVO’s van 2026. Deze wijziging ligt gelijktijdig met deze meerjarenbegroting 2027-2030 voor bij het bestuur.
4.2 Toelichting bij de meerjarenbegroting en financiële positie De totale omzet stijgt in 2027 naar € 92,7M, ofwel een stijging van € 0,6M t.o.v. 2026. • •
Extra inzet basistaken Indexatie conform kaderbrief:
• • • • •
Herprioritering: € 3,2M -/Afbouw Omgevingswet en Energiebesparingsakkoord € 1,6M -/SPUK gelden THE: € 0,9M -/Maatwerk projecten: € 0,3M -/Daling onttrekking reserve: € 0,2M -/€ 6,0M lagere baten
€ 3,4M € 3,2M € 6,6M hogere baten
Loon- en prijscompensatie De meerjarenbegroting is conform de kaderbrief 2027-2030 geïndexeerd. De prijscompensatie is 3,0% inclusief nacalculatie en is gebaseerd op de consumentenprijsindex (CPI) van het Centraal Plan Bureau (CPB), dit is conform bestendig beleid. De prijzen worden vooralsnog na 2027 constant gehouden. In onze meerjarenbegroting wordt jaarlijks rekening gehouden met een cumulatieve looncompensatie. Voor 2027 is hiervoor een percentage van 3,8% gehanteerd inclusief nacalculatie. De huidige cao eindigt op 30 juni 2026. Op dit moment zijn er nog geen gegevens voor de nieuwe provinciale cao ná 30 juni 2026 waaronder de OD NZKG valt. Er bestaat derhalve nog een onzekerheid of de opgenomen looncompensatie 2026 overeenkomt met de daadwerkelijke cao-stijging. Financiële positie Op basis van onderhavige meerjarenbegroting is de algehele financiële positie van de OD NZKG goed. De meerjarenbegroting is structureel sluitend. Het weerstandsvermogen voldoet aan de ratio weerstandsvermogen (1 tot 1,5), mits de reserve gelijk blijft aan zijn huidige omvang.
Pagina 32 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Verplichte paragrafen BBV 4.3 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding De paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing is een door het Besluit Begroting en Verantwoording voor gemeenten en provincies (BBV) voorgeschreven paragraaf. De beleidskaders vanuit de OD NZKG zijn vastgelegd in de nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement. De paragraaf bestaat uit de volgende onderdelen: • Weerstandsvermogen, bestaande uit: Inventarisatie risico’s Inventarisatie weerstandscapaciteit Berekening en beoordeling van het weerstandsvermogen • Financiële kengetallen Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio van de noodzakelijke weerstandscapaciteit ten opzichte van de beschikbare weerstandscapaciteit. In onderstaande tabel volgt een overzicht van de risico’s. Van alle risico’s is het financieel effect (gevolg) ingeschat. Afhankelijk van de kans dat een risico zich voordoet, wordt een percentage van het financieel effect meegenomen in de berekening van de noodzakelijke weerstandscapaciteit. Tabel: overzicht risico’s In bijlage 5.4 is een tabel opgenomen met een toelichting op de kans dat deze risico’s zich voordoen en de meerjarige effecten hiervan.
Toelichting risico’s Wet- en regelgeving (totaal geschat financieel effect € 5,7M) Omgevingswet De Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) hebben per 1 januari 2024 de juridische kaders van de taken en werkprocessen van de OD NZKG ingrijpend gewijzigd. Op basis van de besluiten van het Algemeen bestuur van 16 sept 2022 over de afrekensystematiek gedurende de invoering van de Omgevingswet is de volgende werkwijze gekozen. Afwijkingen in het outputpakket tussen de -5 en +5 % worden niet verrekend met opdrachtgevers, maar lopen via algemene reserve van de OD. We rekenen met een risico van 5% over € 31M output gerelateerde omzet. Voor 2026 en 2027 is bestuurlijk besloten om de 5% regeling af te schaffen en af te rekenen op basis van daadwerkelijk uren. Vanaf 2028 gaat OD NZKG werken met een nieuwe financieringssystematiek, waarbij werken onder de omgevingswet wordt meegenomen in de systematiek ( zie ook risico Prestatie gericht financieren). De OD loopt derhalve geen risico meer op de 5% afwijking op het output pakket, daarom nihil vanaf 2026 en verder.
Pagina 33 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Beheersmaatregelen: Het programma Omgevingswet heeft de taken overgebracht naar de lijnorganisatie en is onderdeel geworden van de reguliere VTH activiteiten. •
De kans op dit risico is gedaald van gemiddeld naar klein. Het risicobedrag is € 306K voor 2025 en nihil voor 2026 en latere jaren.
Algemene Verordening Gegevensbescherming Op 25 mei 2018 is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) in werking getreden. Door het toenemende gebruik van data, waarbij ook sprake is van privacybescherming, blijft er een continu risico voor het optreden van datalekken. Niet naleven van de AVG kan leiden tot boetes en persoonlijke aansprakelijkheid. De boete kan maximaal € 20M. of indien hoger 4% van de jaaromzet bedragen. Beheersmaatregelen: In de organisatie zijn functionarissen aangesteld, waaronder een functionaris gegevensverwerking en privacyfunctionaris. Zij zorgen voor de borging, het beleid en het ontwikkelen van bewustzijn binnen de organisatie. De kans op dit risico is zeer klein. Het risicobedrag is € 41K voor 2025 en € 44K voor 2026 en later. Klimaatadaptatie en Circulair Programma Rondom klimaat - en circulaire programma's ontstaan strategisch gezien in toenemende mate wetten die impact hebben op ons werk en op de bedrijven en burgers in onze leefomgeving. Voor de bedrijven kunnen de wetgevingsinstrumenten zoals bijvoorbeeld een CO2-heffing grote gevolgen hebben voor hun bedrijfsvoering. Meer kosten, investeringen, nieuwe vergunning aanvragen. Voor de OD NZKG ontstaat een grotere inspanningsverplichting. De veranderende wetgeving heeft impact op het bedrijvenbestand.
Er ontstaan zowel nieuwe bedrijven als faillissementen in kapitaalintensieve industrie die de veranderende omstandigheden niet kunnen bolwerken. Daarnaast kan het toetsingskader voor de VTH-processen niet toereikend of meer passend zijn. Het financiële risico is dat de toenemende inzet en expertise die gevraagd wordt, moeilijker leverbaar en financierbaar blijkt. Dit verklaart ook het stijgende karakter van het risico bedrag van € 41K in 2024, naar € 83K in 2025 en € 177K voor 2026 en verder. Beheersmaatregelen: De OD NZKG biedt aan opdrachtgevers en bedrijven haar expertise aan om te voorkomen dat wet- en regelgeving een belemmering wordt voor de uitvoeringspraktijk. De kansen worden zo ook gesignaleerd. De OD NZKG blijft inzetten op passende contracten voor haar taken bij de huidige opdrachtgevers in de gemeenschappelijke regeling. Daarnaast is de verwachting dat de inzet in de komende jaren ook via het Rijk ontvangen kan worden. Anticiperen gaat zowel organisatorisch als door actieve deelname in de Rijksprogramma's. De kans op dit risico is gemiddeld. Het risicobedrag neemt toe van € 83K in 2025 tot € 177K in 2026 en verder. Terugdringen Milieubelasting Het terugdringen van de milieubelasting om de milieu gerelateerde gezondheid te verbeteren zal de komende jaren steeds belangrijker worden.
Er lopen vanuit het Rijk vele programma's die uiteindelijk gaan leiden tot strengere wetgeving. Enkele voorbeelden zijn de stikstof situatie (PAS), het schoon lucht programma, het oppervlaktewater en de Zeer Zorgwekkende Stoffen. De verwachting is dat de inventariserende programma's zullen leiden tot daadwerkelijke wetgeving in 2027. Er ontstaan dan in hoofdlijn twee grote effecten. De OD NZKG zal meer en andere werk ontvangen en kan zich voor een groter vergunning potentieel en meer toezicht zien staan. Aan de andere kant ontstaat er voor bedrijven economisch gezien een sterke verhoging van kosten voor een productieproces en hun beheersing van de milieueffecten. Faillissementen en bedrijfsverplaatsingen kunnen ontstaan. Het financiële risico is dat de veranderingen sneller gaan dan de financiering via contracten met de opdrachtgevers. Ofwel, dat de kosten voor de Pagina 34 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
baten uitgaan. Dit verklaart ook het stijgende karakter van het risico bedrag van € 41K in 2024, naar € 83K in 2025 en € 177K voor 2026 en verder. Beheersmaatregelen: diverse opdrachtgevers, zoals PNH, Zaanstad en Amsterdam, hebben de OD NZKG gevraagd mee te denken bij het duiden van de opgave en het meedenken bij een regionale en lokale aanpak op basis van de wetgeving. De kans op dit risico is gemiddeld. Het risicobedrag neemt toe van € 83K in 2025 tot € 161K in 2026 en verder. Wijziging beleid rijk of provincie voor Tata Steel Het risico dat het beleid ten aanzien van Tata Steel impactvol verandert, als gevolg van gewijzigde politieke omstandigheden. Met de toezegging van PNH voor een meerjarig budgettair groeipad startend in 2024 is er een zekerheid van budgettering voor het VTH-werk dat de OD uitvoert bij Tata voor de aankomende jaren. Ook het Rijk heeft aangekondigd de PNH de komende jaren te ondersteunen met een decentralisatie uitkering via het Provinciefonds. Hoe de financiering vorm gaat krijgen is nog niet formeel bekend. Het risico wordt nu gezien over de langere termijn. De gevolgen zijn afnemende werkzaamheden door andere beleidsprioriteiten. Minder taken op het vlak van toezicht en handhaving. Aangezien de UVO van 2026 al gereed is inclusief TATA uren, wordt pas vanaf 2027 een risico verwacht van gewijzigd beleid.
Beheersmaatregelen: Bij afnemende taken en werkzaamheden moeten medewerkers op andere plekken in de organisatie worden ingezet. De kans op dit risico is klein. Het risicobedrag is € 143K vanaf 2027 Conjuncturele ontwikkelingen, arbeidsmarkt, Groen Staal en Tata Steel (totaal geschat financieel effect € 6,0M) Omzetfluctuatie, Economische en conjuncturele ontwikkelingen Na jaren van stabiele financiering zien we bij alle gemeentelijke opdrachtgevers een daling op het gemeentefonds en toenemende lasten gezien de enorme prijsstijgingen van de afgelopen jaren. Diverse opdrachtgevers hebben aangegeven dat de bedragen naar beneden worden bijgesteld dan wel zij overwegen om bepaalde (plus) taken niet meer door de OD NZKG te laten uitvoeren. We lopen hiermee een risico op frictiekosten. Het risico is dat de organisatie niet tijdig kan anticiperen op de omzetfluctuaties. Er kunnen tekorten ontstaan bij omzetdalingen als de lasten van lopende contracten niet tijdig kunnen worden bijgesteld. Andersom kan het zijn dat de economie snel weer aantrekt en dat er een sterke stijging is van initiatieven. Dit betekent ongepland werk voor de gehele VTH-keten. Met betrekking tot het bedrijvenbestand lopen dan de kosten voor de baat uit. Beheersmaatregelen: De gevolgen voor de uitvoering worden afgestemd met de opdrachtgevers en als het nodig is samen met hen geprioriteerd.
Het risico van omzetverlies wordt in eerste instantie zoveel als mogelijk opgevangen door de afbouw van de flexibele schil. De arbeidsmarkt is echter zo weerbarstig dat een volledige flexibiliteit in contractering ook niet altijd mogelijk is. Voor 2026 zijn de UVO bedragen gestegen ten opzichte van 2025. Hierdoor is voor 2026 dit risico niet van toepassing. Vanaf 2027 zijn er aanvullende bezuinigingen bij opdrachtgevers. Het is onduidelijk of alle budgetten worden toegekend. Daarom houden we rekening met een dubbele omvang voor 2027. De kans op dit risico is klein. Het risicobedrag is € 443K voor 2027, daarna naar € 221K voor latere jaren.
Pagina 35 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Arbeidsmarkt en inhuur De krapte op de arbeidsmarkt en voor sommige functies beperkte beschikbaarheid van inhuurkrachten, kunnen gevolgen hebben voor het realiseren van de productie- en kwaliteitsafspraken. Dit wordt nog eens versterkt door de extra capaciteit en de specifieke expertise die nodig zijn voor opvolging van nieuwe wetgeving en de uitvoering van het Klimaatakkoord. Op dit moment bestaat er nog veel onduidelijkheid over de continuering van de wet DBA en mogelijke inwerkingtreding van de wet VBAR. Dit leidt regelmatig tot nieuwe inzichten, publicaties en handreikingen over de toepassing van de wetgeving. De OD NZKG blijft urgentie voelen om contracten met externe medewerkers die niet voldoen aan de wet DBA, te beëindigen. Het niet realiseren van productieafspraken leidt tot lagere inkomsten. Dit kan gevolgen hebben voor de dekkingsbijdrage van de overheadkosten. Het beëindigen van contracten met zzp'ers leidt tot een risico op productieverlies, zeker wanneer posities niet of niet volledig ingevuld worden door medewerkers met een vast contract. Beheersmaatregelen: De OD NZKG werkt met een flexibele schil van personeel. We zetten in op arbeidsmarktcommunicatie en werken samen met wervingsbureaus. Innovatie op het vlak van digitalisering en data-analyse wordt ingezet om zo efficiënt mogelijk te werven.
Daarnaast worden medewerkers opgeleid waaronder trainees, opleidingstrajecten voor zij instromers en training on-the-job constructies. We bewegen voor wat betreft de wet DBA en de voorgenomen wet VBAR mee met steeds veranderende inzichten. Voor de zzp-ers die, met de kennis van nu, niet voldoen aan de criteria van de wet DBA, maken we een ‘plan per contract’. In dit plan omschrijven we de risico’s in het geval een contract beëindigd zou worden en welke oplossingen denkbaar zijn. •
De kans op dit risico is gedaald van gemiddeld naar klein, door de afname van het aantal zzp-ers. Het risicobedrag bedraagt € 133K vanaf 2026.
Afbreukrisico Groen Staal Tata Steel heeft op 27 juni 2025 het MER (>4000 A4) voor het project Heracless Groen Staal ingediend, nadat eerder het concept MER (dd. 20 december 2024) door de OD was beoordeeld op volledigheid. Inmiddels is gebleken dat de aanvraag en bijbehorend MER onvolledig is en dat er aanvullingen nodig zijn. In februari 2026 zal een brief met het verzoek om aanvullende gegevens verstuurd worden. Tata Steel verwacht negen maanden nodig te hebben om de aanvullende gegevens aan te leveren. Hiernaast worden door Tata Steel andere vergunningaanvragen voorbereid waar de OD NZKG over geïnformeerd zal worden. Het risico dat deze plannen geen doorgang vinden is nog aanwezig. De VTH-A werkzaamheden komen dan te vervallen. De medewerkers die op Groen Staal zijn ingezet, komen daarmee zonder werk te zitten. De medewerkers die op het project Groen Staal werkzaam zijn, moeten op andere werkzaamheden worden ingezet. Beheersmaatregelen: Een groot deel van de medewerkers werken deeltijd op het project en houden binding met hun eigen team. Hiermee kan het wegvallen van het werk voor Groen Staal makkelijk worden opgevangen. De kans op dit risico is gemiddeld. Het risicobedrag is € 95K vanaf 2027. Tata Steel vertrekt uit Nederland – risico vanaf 2028 Tata Steel zou kunnen besluiten uit Nederland te vertrekken.
Dit zou kunnen vanwege tegenvallende financiële resultaten en/of vanwege geen of onvoldoende subsidie vanuit Nederland of Europa voor de transitie en het investeringsprogramma Groen Staal. De Europese Staalmarkt is onderhevig aan grote concurrentie vanuit China en VS. De geopolitieke situatie met o.a. ook de oorlogen in Oekraïne en Midden-Oosten maken de marktsituatie erg onvoorspelbaar. Tata Steel levert mondiaal het meest hoogwaardige staal. Pagina 36 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Vanwege de verouderde installaties en druk op de emissie reductie, wordt vanuit Tata een besluit verwacht in de komende 1-3 jaar. Dit besluit kan meerdere uitkomsten hebben. De kans op optreden is verhoogd ten opzichte van vorig jaar. Voor de OD zal een vertrek betekenen dat er, wanneer het staalproces wordt stopgezet, er – afhankelijk van hoe snel het bedrijf vertrekt – een groot aantal medewerkers beschikbaar komt op termijn. Op korte termijn wordt er eerst meer werk verwacht voor het gecontroleerd stopzetten van het productieproces (1-2 jaar) in de milieuteams. Voor collega’s van Bouw (sloop) en Bodem (sanering) zal een toename aan werkzaamheden kunnen ontstaan, afhankelijk van de toekomstige inrichting van de locatie. De werkveld gebieden zijn voor de medewerkers op expertise niet uitwisselbaar. Beheersmaatregelen: Wanneer er door Tata Steel wordt ingezet op een snel vertrek, dan kan de situatie ontstaan dat op korte termijn een piek aan werkzaamheden zal zijn. Verwachting is dat de opdrachtgever deze piekbelasting zal opvangen in de financiering. Voor collega’s van Milieu zal vertrek op lange termijn een daling van werkzaamheden betekenen. Voor collega’s van Bouw (sloop) en Bodem (sanering) zal dan een toename aan werkzaamheden ontstaan, afhankelijk van de snelheid van herontwikkeling. De werkveld gebieden zijn voor de medewerkers op expertise niet uitwisselbaar.
De kans op dit risico gestegen van klein naar gemiddeld. Het risicobedrag is vanaf 2028 € 388K. Bedrijfsvoering (totaal geschat financieel effect € 1,2M) Nieuw zaaksysteem In 2025 heeft OD NZKG een nieuwe VTH-systeem, PowerBrowser, geïmplementeerd en in gebruik genomen. Voor 2026 gaan we uit van situatie in normale support en doorontwikkeling die geen extra risico's met zich meebrengt. De kans op dit risico is verlaagd van zeer groot naar zeer klein. Het risicobedrag was in 2025 € 517K, daarna nihil. Informatiebeveiliging De dreiging tot informatiebeveiligingsincidenten blijft toenemen. Het risico van een informatiebeveiligingsincident is dat de dienstverlening en bedrijfsvoering volledig kan stil komen te liggen. Daarnaast kunnen informatiebeveiligingsincidenten leiden tot fouten in de dienstverlening en kan vertrouwelijke informatie in verkeerde handen komen te vallen. De informatiebeveiligingsdienst (IBD) ziet op dit moment twee soorten dreigingen: meer ransomware en steeds meer en ernstige kwetsbaarheden en gevaren in software. Vanaf 17 oktober 2024 is de NIS2 richtlijn (Network and Information Security Directive) in werking. Dit is een Europese richtlijn waarbij essentiële organisaties in Europa wettelijk verplicht worden om zichzelf te beschermen tegen cybercriminaliteit.
De kosten zijn terug te voeren op het herstel van de systemen, onderzoek naar de aanval, alsmede het betalen van losgeld bij een ransomeware-aanval. Het verschilt per aanval welke kosten hiermee gemoeid zijn. De NIS2 is 2025 omgezet in de nationale Cyberbeveiligingswet (Cbw). Als gevolg hiervan kunnen ook boetes opgelegd gaan worden aan organisaties die zich niet houden aan deze wet. De boetes kunnen oplopen van 1,4% tot 2% van de omzet. Ook kunnen directieleden persoonlijk aansprakelijk worden gesteld bij nalatigheid. Beheersmaatregelen: Algemeen: Om de toename aan cybercriminaliteit het hoofd te bieden is een CISO aangesteld en een security team. Dit team komt wekelijks bij elkaar om security issues te bespreken. Het Computer Emergency Response Team (CERT) team komt bij elkaar als crisisbestrijding bij een acute dreiging. Daarnaast is een ICT-consignatiedienst bij dreigingen. Tevens is de OD NZKG aangesloten bij een SIEM SOC die alle dataverkeer monitort op afwijkend gedrag. De implementatie van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO)2 loopt. Voor het bewustzijn van de Pagina 37 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
medewerkers worden er awareness trainingen gevolgd. Er is extra technische software aangeschaft als bescherming tegen hacken. Voor de NIS2 richtlijn is een ISMS-systeem aangeschaft om de interne en externe audits en rapportageverplichtingen te kunnen registreren. Inmiddels is het ISMS-systeem ingericht en initieel gevuld, waarbij begin 2026 de invoer gecontroleerd, uitgebreid en beschikbaar gesteld wordt aan de organisatie. Waarmee de plan/do/check/act cyclus met monitoring effectief wordt. Interne pre-audit: Dit is een interne beoordeling die organisaties helpt om hun huidige nalevingsstatus te begrijpen en eventuele tekortkomingen te identificeren voordat een externe audit plaatsvindt. Externe audit: Deze audits worden uitgevoerd door erkende auditorganisaties en gespecialiseerde cyberbeveiligingsauditors. Ze beoordelen of de noodzakelijke beveiligingsmaatregelen aanwezig zijn en effectief functioneren. Doorlopende supervisie: Voor essentiële entiteiten omvat dit regelmatige inspecties ter plaatse, off-site toezicht en beveiligingsscans. Belangrijke entiteiten kunnen ook audits ondergaan als er aanwijzingen zijn dat ze mogelijk niet voldoen aan de richtlijn. Rapportage en aanbevelingen: Na de audit levert de auditor een gedetailleerd rapport met bevindingen, tekortkomingen in de naleving en verbeterpunten.
Dit rapport bevat praktische aanbevelingen om geïdentificeerde problemen aan te pakken en de cyberbeveiligingshouding van de organisatie te verbeteren. De kans op dit risico is groot. Het risicobedrag is € 621K vanaf 2026. Groen Staal niet volledig kunnen leveren Om het Groen Staal traject goed uit te lopen, is € 5 miljoen subsidie per jaar bij het Rijk gevraagd (2023 - 2030). OD NZKG heeft een inspanningsverplichting wanneer alle aanvragen worden ingediend. Er kan schade ontstaan op het vlak van imago (herstel) en schadeclaims van Tata Steel bij onvoldoende tijdige vergunning levering. De OD NZKG kan aansprakelijk gesteld worden voor vertraging schade in de voortgang van het project. Het is in deze fase van het project moeilijk om het gevolg van het risico realistisch te kwantificeren. Beheersmaatregelen: Vooruitlopend op het vrijkomen van het geld, zijn de werving, inhuur en opleidingen van medewerkers in voorbereiding. De aansprakelijkheid is beoordeeld in relatie met de bedrijfsaansprakelijkheid verzekering. Daarnaast is de communicatie met Tata Steel over de project voortgang en afstemming is essentieel voor zowel OD NZKG als Tata Steel. De kans op dit risico is gemiddeld. Het risico vanaf 2023 als PM opgenomen.
Samenwerking OD’s Noord Holland Een recent advies van bestuurlijk verkenner Onno Hoes (opgesteld in opdracht van bestuurders van Provincie NoordHolland en bestuurders van omgevingsdiensten) laat zien dat een verkenning van niet alleen verregaande samenwerking, maar ook een fusie tussen beide omgevingsdiensten gewenst is. De OD NZKG zal in 2026 starten met een voorverkenning van een meerwaarde van een eventuele fusie van OD NZKG en ODIJmond op VTH-A gebied, en de meerwaarde voor bedrijven en omwonenden. Een go/no go besluit voor een daadwerkelijke fusie wordt niet eerder dan in de tweede helft van 2026 voorzien. Bij een eventuele fusie van de OD's zullen integratiekosten gemaakt worden voor onderzoek naar samengaan van processen en systemen. Het financiële risico betreft uitgaven aan integratiekosten die niet gedekt zijn uit de lopende activiteiten. Gezien de aanleiding tot het onderzoek de tekortkoming in de robuustheid van ODIJmond betreft, liggen reducties in de personele bezettingen voor de VTH uitvoering minder voor de hand.
Pagina 38 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Beheersmaatregel: De verwachting is dat de OD’s ieder zullen participeren in de integratieactiviteiten naar omvang, mogelijk met financiering vanuit de Provincie Noord Holland. De kans op dit risico is groot. Het risico is € 177K voor 2026, daarna € 355K. Prestatiegericht financieren (totaal geschat financieel effect € 5,0M) Afwijking ten opzichte van vastgesteld kengetal – risico vanaf 2028 Bestuurlijk is besloten om de huidige vastgelegd methodiek van begroten en afrekenen te continueren tot eind 2027. Er ligt een landelijk voorstel om te komen tot een financiering voor alle omgevingsdiensten. Nader onderzoek en analyse hebben uitgewezen om voorlopig niet over te gaan naar het model landelijke financiering, maar de PGF systematiek te herijken. Hiervoor wordt een programmaplan uitgewerkt. Het plan betreft o.a. reële kengetallen, evaluatie UUN en een aangepaste PDC rondom de Omgevingswet. Een herijking van de systematiek kan resulteren in een herverdeeleffect van de deelnemersbijdragen. Het risico is aanwezig dat de kengetallen die worden opgesteld niet robuust blijken te zijn om alle taken uit te voeren. Bij grote herverdeeleffecten tussen de opdrachtgevers kan er discussie ontstaan over de hoogte van de kengetallen en de hoogte van de bijdrage. Op dit moment is het nog niet bekend hoeveel procent van de omzet zal worden gebaseerd op een kengetal.
Grove inschatting dat dit minimaal de helft van onze begroting zal zijn. Ofwel een bedrag van circa € 44M. Afwijking op totaal niveau wordt ingeschat op 10%. Het risico wordt in het eerste jaar na invoering op laag ingeschat omdat gebruikt wordt gemaakt van gevalideerde kengetallen. Afwijkingen kunnen later toenemen (+10%) als gevolg van aanpassingen in wetgeving, andere werkwijzen etc. Invoering zal op zijn vroegst plaatsvinden in 2028. Beheersmaatregelen: De afwijking op de kengetallen wordt jaarlijks gemonitord. Praktijkervaringen zullen worden gebruikt om te komen tot nieuwe kengetallen. Voordat wordt overgegaan op een (nog nader te bepalen) systematiek zal een validatietraject worden ingeregeld. Op basis hiervan kunnen kengetallen worden herijkt. De kans op dit risico is klein. Het risicobedrag is € 440K vanaf 2028 Risico onderhandewerk Bouw en Bodem Op basis van de PGF-systematiek wordt een deel van het toezicht en de handhaving voor Bouw en Bodem als output product gefinancierd (op basis van vergunningaanvragen). Omdat toezicht en handhaving niet altijd in het lopende jaar plaatsvindt, is er een risico dat er geen dekking is voor onderhandenwerk, als het aantal vergunningen in een jaar drastisch afneemt. In 2026 en 2027 rekenen we Bouw en Bodem toezicht af op werkelijke uren. Daarom wordt geen financieel risico verwacht voor deze jaren.
Voor 2028 en verder wordt een nieuwe financieringssystematiek ontwikkeld, bestuurlijk dient nog te worden vastgesteld hoe de afrekening zou zijn. Daarom wordt het risico op PM gezet. Beheersmaatregelen: We maken jaarlijks een inschatting van de verwachte aanvragen en maken op basis daarvan UVO/VTHUP-afspraken met de opdrachtgevers. Als een drastische daling wordt verwacht en er een dekkingstekort is voor het onderhandenwerk wordt dit bij de halfjaarrapportage en meerjarenbegroting gemeld. De kans op dit risico is groot bij gebruik van kengetallen. Het risicobedrag wordt op PM gezet vanaf 2028.
Pagina 39 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Inventarisatie weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden van een organisatie om niet-begrote kosten die onverwacht en substantieel zijn te dekken. Het gaat dus om buffers in het eigen vermogen of middelen die in de exploitatie kunnen worden vrijgemaakt zonder dat dit gevolgen heeft voor het bestaande beleid en de uitvoering van taken. De hoogte van de weerstandscapaciteit is per 31-12-2025 € 3.082K. Tabel: meerjarig beschikbare weerstandscapaciteit bedragen x 1.000
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Reserve weerstandsvermogen
€ 3.082
€ 3.082
€ 3.082
€ 3.082
€ 3.082
€ 3.082
€ 3.082
€ 3.082
€ 3.082
€ 3.082
€ 3.082
€ 3.082
Dotatie Beschikbare weerstandscapaciteit
Berekening en beoordeling van het weerstandsvermogen De beschikbare weerstandscapaciteit en de noodzakelijke weerstandscapaciteit worden tegen elkaar afgezet met de ratio weerstandsvermogen1. Het algemeen bestuur heeft in 2017 een ratio van 1 tot 1,5 vastgesteld. Uit onderstaand overzicht blijkt dat meerjarig de verhouding tussen noodzakelijke en beschikbare weerstandscapaciteit voldoet aan de ratio weerstandsvermogen (1 tot 1,5). Tabel: meerjarige ratio voor het weerstandsvermogen bedragen x 1.000
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Beschikbare weerstandscapaciteit Noodzakelijke weerstandscapaciteit Ratio weerstandsvermogen
€ 3.082 € 2.064 1,5
€ 3.082 € 1.330 2,3
€ 3.082 € 2.189 1,4
€ 3.082 € 2.795 1,1
€ 3.082 € 2.839 1,1
€ 3.082 € 2.888 1,1
Financiële kengetallen Legenda Ratio
Waardering
>2
Uitstekend
1,5 - 2,0
Ruim Voldoende
1,0 - 1,5
Voldoende
0,8 - 1,0
Matig
0,6 - 0,8
Onvoldoende
<0,6
Ruim onvoldoende
In de volgende tabel staan de drie financiële kengetallen die van toepassing zijn op de OD NZKG. Voor de ratio’s zijn normen opgesteld op basis van input van de VNG en op eigen inzichten. De onderstaande beschrijving van de ratio’s bevat een verdere toelichting en beoordeling.
Tabel: financiële kengetallen Norm
Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2025 2026 2027 2028 2029 2030
netto schuldquote
≤ 0%
-8%
-4%
-5%
-4%
-5%
-6%
solvabiliteitsratio
≥ 20%
26%
25%
24%
24%
24%
24%
structurele exploitatieruimte
≥ 0%
1%
0%
0%
0%
0%
0%
Netto schuldquote Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. De schuldpositie van de OD NZKG bestaat voornamelijk uit kortlopende verplichtingen. Daarom hanteren we een norm van 0% of lager. Om aan de norm te voldoen moeten de eigen middelen hoger zijn dan de schuldpositie. In afwijkende gevallen, bijvoorbeeld een grote investering waarvoor we geld wordt aangetrokken, zal het kengetal boven de 0% stijgen. Voor 2027 is het kengetal -/- 5%. Het voldoet daarmee aan de gestelde norm.
1 De normeringsystematiek is ontwikkeld door het Nederlandse Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR) in samenwerking met de
universiteit Twente. Pagina 40 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Solvabiliteit Dit cijfer geeft inzicht in de mate waarin de organisatie in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid. Dit cijfer geeft dus een soort toekomstvisie weer. Het betreft het aandeel van het eigen vermogen in het totale vermogen. De VNG geeft aan dat bij een ratio lager dan 20% de organisatie zich op glad ijs bevindt. De norm voor de OD NZKG is daarom minimaal 20%. Het kengetal valt vrij laag uit omdat we met voorschotten van de opdrachtgevers werken. De voorschotten hebben een negatief effect op de ratio maar zorgen niet voor een slechte financiële weerbaarheid. Het kengetal is gecorrigeerd met de voorschotten en komt daarmee uit op 24% in 2027. De ratio is daarmee voldoende. Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt om te beoordelen welke structurele ruimte de OD NZKG heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Is dit cijfer negatief dan biedt het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte om de lasten te blijven dragen. De norm voor de OD NZKG is 0% of hoger. In 2027 is de ratio 0% vanwege het aanbieden van een sluitende begroting.
4.4 Onderhoud kapitaalgoederen De kapitaalgoederen die de OD NZKG in bezit heeft, bestaan uit apparatuur, automatisering, meubilair, laadpalen en de verbouwing van het gehuurde pand Ebbehout in Zaandam. Als afschrijvingstermijn wordt de economische levensduur als uitgangspunt genomen (conform de financiële verordening). In 2025 zijn nieuwe investeringen gedaan in de materiële vaste activa. Dit betreft vervangen en upgraden van laadpalen, nieuwe laptops en telefoons en investeringen voor de meetdienst locatie Abcoude. Ebbehuis Vanwege de groei van de organisatie, maar ook vanwege de invoering van de Omgevingswet en de vervanging van het VTH-systeem Mozard is ervoor gekozen om de aanpassing van het kantoorgebouw niet in 2025, maar in 2026 plaats te laten vinden. De kapitaallasten worden dus nu vanaf 2027 in de meerjarenbegroting opgenomen. De groei van de organisatie betekende ook dat het werkplekconcept opnieuw tegen het licht is gehouden om ervoor te zorgen dat we voldoende ruime hebben om een fijne, gezonde en veilige werkomgeving te creëren. Er vinden in 2026 gesprekken plaats met de gemeente Zaanstad om nog extra werkplekken te huren op de 6e etage.
Strengere eisen voor beveiliging en hogere prijzen door uitstel van de verbouwing betekenen wel dat er nog strakker gestuurd moet worden op de beschikbare budgetten en er keuzes moeten worden gemaakt tussen gewenste en noodzakelijke aanpassingen.
4.5 Financiering In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeleid van de OD NZKG. Dit zijn onder andere het risicobeheer (vooral rente- en kredietrisico), de financieringspositie en het kasbeheer. Beleidskader De uitvoering van de financieringsfunctie dient plaats te vinden binnen de kaders zoals gesteld in de wet Financiering decentrale overheden (Wet Fido) en de daarbij behorende ministeriële regelingen. In deze wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. De transparantie komt daarbij tot uitdrukking in voorschriften voor een verplicht Financierings- (treasury-)statuut evenals een financieringsparagraaf in begroting en rekening. De OD NZKG werkt volgens het aangepaste Treasurystatuut dat is vastgesteld op 9 december 2015. Eén van de doelstellingen van dit statuut is het beschermen van vermogens- en (rente-) resultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, liquiditeitsrisico’s en kredietrisico’s.
Pagina 41 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Financierings- en schuldpositie Per balansdatum 31-12-2025 heeft de OD NZKG geen leningen. Voor 2027-2030 zijn geen leningen bij derden noodzakelijk en niet aanwezig in deze begroting. Kasbeheer De OD NZKG beperkt haar interne liquiditeitsrisico’s door haar treasury activiteiten te baseren op een adequate liquiditeitsplanning. Doordat overtollige liquide middelen moeten worden aangehouden in de schatkist zijn er geen kredietrisico’s. Om het renterisico te beperken is vastgelegd dat de kasgeldlimiet en de renterisiconorm niet worden overschreden. Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning, de rente typische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie. Binnen deze kaders streeft de OD NZKG naar spreiding in de rente typische looptijden van uitzettingen.
4.6 Bedrijfsvoering De paragraaf Bedrijfsvoering is een verplichte paragraaf conform de Besluit Begroten en Verantwoorden vereisten. Het programma Bedrijfsvoering wordt beschreven in paragraaf 3.8. Informatie voor derden Iv3 De Omgevingsdienst voldoet aan de verplichting om de financiële gegevens voor begrotingen, halfjaarrapportages en jaarrekeningen ter beschikking te stellen aan het Centraal Bureau voor de Statistiek in verband met het Publicatiebeleid Iv3 open data voor gemeenten, gemeenschappelijke regelingen, provincies en waterschappen. Rechtmatigheid en Verbijzonderde Interne Controle OD NZKG heeft de verbijzonderde interne controle (VIC) uitbesteed. De OD NZKG kan door de uitbesteding van de VIC de onafhankelijke rol beter borgen, de eigen organisatie is hiervoor te klein. In 2026 e.v. worden de volgende processen ge-audit. UVO-beheerproces Debiteurenproces Personeelsproces – instroom/doorstroom/uitstroom Inkoop- en crediteurenproces Leges Ten aanzien van het legesproces wordt in 2026 bekeken hoe de VIC effectiever kan worden ingericht. Hierbij dient te worden opgemerkt dat het VIC legesproces betrekking heeft op de rechtmatigheid van de opdrachtgevers en niet op de rechtmatigheid van OD NZKG. Openbaarheidsparagraaf Sinds 2022 bevat onze verslaggeving een openbaarheidsparagraaf.
Dit vloeit voort uit wettelijke verplichtingen én uit de overtuiging dat openbaarheid essentieel is voor transparantie en verantwoording. De Woo schrijft voor dat bestuursorganen in begroting en verantwoording beleid en uitvoering rond openbaarheid toelichten. Hieronder lichten we de in 2025 uitgevoerde activiteiten toe die de kwaliteit van actieve en passieve openbaarmaking verder hebben verbeterd. Actieve openbaarmaking De nieuwe wet zegt dat bestuursorganen een aantal wettelijke categorieën actief openbaar moet maken. Daarnaast moeten zij moeite doen om te onderzoeken welke extra informatie zij nog meer kunnen publiceren, naast de informatie die verplicht is.
Pagina 42 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Door deze inspanningsverplichting moet de overheid zich bij elk document actief de vraag stellen waarom het niet openbaar gemaakt zou moeten worden, ‘openbaar, tenzij’. De samenleving heeft immers het recht te weten wat er in de leefomgeving speelt. De Omgevingsdienst staat volledig achter deze wet. Hoewel het betreffende artikel nog niet volledig in werking is getreden, is de Omgevingsdienst al begonnen met de implementatie. We hebben eerst in kaart gebracht welke categorieën wettelijk verplicht openbaar moeten worden gemaakt en vervolgens bepaald welke aanvullende categorieën we zelf willen publiceren. Hiervoor is een plan van aanpak opgesteld, met aandacht voor de cultuurverandering die de wet vergt en een projectplanning voor de komende jaren. De Omgevingsdienst voldoet aan de eerste verplichte categorieën. Daarnaast nemen we actief deel aan de landelijke werkgroep openbaarmaking van handhavingsbeschikkingen (afronding voorzien in 2026) en hebben we in 2025 binnen ODNL een kennisgroep actieve openbaarmaking geïnitieerd voor afstemming en waar mogelijk uniformering tussen omgevingsdiensten. Ook zijn we gestart met de doorontwikkeling van het e‑Data‑loket voor het ontsluiten van documenten. Doel is de vindbaarheid en compleetheid te vergroten; dit traject loopt in 2026 door.
Passieve openbaarmaking Het aantal Woo‑verzoeken - waaronder zeer omvangrijke - is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Daarom is de begroting fors verhoogd (van 1.755 uur in 2022 naar 10.022 uur in 2025), waardoor de Woo sinds 2023 programma‑overstijgend is belegd. In 2025 was 10.022 uur begroot; 9.393 uur is daadwerkelijk geschreven. Het verschil wordt vooral verklaard door ziekte en het niet tijdig kunnen invullen van vacatures.
De behandeling van Woo‑verzoeken is arbeidsintensief. Naast het beoordelen op uitzonderingsgronden en het verwerken van grote documentvolumes vraagt het proces om soft skills: verzoekers verwachten vaker tussentijdse updates en collega’s moeten goed worden meegenomen in de laatste Woo‑ontwikkelingen. Ook zienswijzen worden steeds uitgebreider ingediend en verdienen een zorgvuldige behandeling; daarmee is in meerdere dossiers bezwaar en/of beroep voorkomen. In 2025 zijn de processen verder geoptimaliseerd en deels geautomatiseerd, waardoor het handwerk afneemt. Dit zal zich naar verwachting vertalen in snellere termijnafhandeling. Door de uitbreiding van actieve openbaarmaking verwacht de Omgevingsdienst dat het aantal Woo‑verzoeken op termijn afneemt, al duurt het vermoedelijk enkele jaren voordat dit effect zichtbaar wordt.
Pagina 43 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
4. Bijlagen 5.1 Resultaatmodel per programma en taakveld de baten en lasten Tabel Resultaten per werkveld Programma & taakveld
(x €1.000) Rekening 2025
Eerste Primitieve begrotingsbegroting wijziging 2026 2026 -90.266 -92.165
Baten 2027
Lasten 2027
Saldo 2027
2028
2029
2030
TOTAAL Baten
-87.152
-92.395
-
-92.723
-93.309
-93.309
-93.309
TOTAAL Lasten
86.740
90.266
92.165
-
92.723
92.723
93.637
93.637
93.637
8.3 Wonen en bouwen Inkomsten
-6.571 -17.270
-6.437 -17.679
-6.314 -17.655
-17.591 -17.591
11.006
-6.585 -17.591
-6.585 -17.591
-6.585 -17.591
-6.585 -17.591
Salarislasten Inhuur
6.468 3.810
6.319 4.521
6.501 4.437
6.373 4.247
6.373 4.247
6.373 4.247
6.373 4.247
6.373 4.247
Materieel Bouw
421 -6.571
402 -6.437
404 -6.314
386 11.006
386
-17.591
-6.585
386 -6.585
386 -6.585
386 -6.585
5.425
-2.433 -7.857
-2.433
-2.433
-2.433
-7.857
-7.857
-7.857
4.637 727
4.637
4.637
4.637
727
727
727
61
61 -2.433
61 -2.433
7.4
-2.408
-2.109
-2.324
-7.857
Inkomsten
Milieubeheer
-7.285
-7.583
-7.809
-7.857
Salarislasten
3.869
4.616
4.672
4.637
961
791
750
727
47 -2.408
66 -2.109
62 -2.324
-7.857
61 5.425
-2.433
61 -2.433
30.824
-25.017
-25.246
-25.246
-25.246
24.729 3.537
-55.841 24.729 3.537
-56.755 25.276 3.617
-56.755 25.276 3.617
-56.755 25.276 3.617
2.558
Inhuur Materieel Bodem 7.4
-21.456
-23.818
-24.028
-55.841
Inkomsten Salarislasten Inhuur
-50.463 21.091 4.593
-53.753 22.914 4.533
-55.106 24.816 3.634
-55.841
Materieel Milieu en Seveso
3.323 -21.456
2.487 -23.818
2.628 -24.028
-55.841
2.558 30.824
-25.017
2.616 -25.246
2.616 -25.246
2.616 -25.246
426
1.193
-8.220
9.484
1.264
1.264
1.264
1.264
298 -10.352
-2.055 -10.275
2.371
-10.627
210 -10.301
316 -10.275
316 -10.275
316 -10.275
316 -10.275
8.730 1.550
9.145 1.383
10.535 1.242
10.571 1.218
10.571 1.218
10.571 1.218
10.571 1.218
10.571 1.218
Materieel
795
410
67
66
66
66
66
66
Randvoorwaardelijk
448
636
1.491
-10.275
11.855
1.580
1.580
1.580
1.580
29.891
31.597
31.674
-832
33.615
32.783
33.011
33.011
33.011
-832
-832
-832
-832
19.191
19.191
19.191
1.122 13.530
1.122 13.530
1.122 13.530
7.4
Milieubeheer
Milieubeheer
8.3 Wonen en bouwen Inkomsten Salarislasten Inhuur
0.4 Overhead Baten uitvoeringsovereenkomsten (*) Inkomsten
-1.190
-950
-743
Salarislasten
15.042
17.399
18.039
18.962
-832 18.962
Inhuur Materieel
3.176 12.864
1.735 13.414
1.091 13.286
1.122 13.530
13.530
-
132
-
-
132
-
-
-
29.891
31.729
Saldo voor mutatie reserves 0.10 Mutaties reserves
-96 -316
-
Toevoegingen Onttrekkingen
-316
Financien, bedrijfsvoering Saldo na mutatie reserve
-316 -412
0.8
Overige baten en lasten
Onvoorzien 0.9
Vennootschapsbelasting (VpB)
Bedrijfsvoering
-
1.122
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
31.674
-832
33.615
32.783
33.011
33.011
33.011
500 -500
-92.395 -328
92.723 -
328 -
328 -
328 -
-500
-328
-
328 -328 -328
-
-
-
-500 -
-328 -92.723
92.723
-328 -0
328
328
328
-
Pagina 44 van 59
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
5.2 Uitvoeringsovereenkomsten per deelnemer Voor alle opdrachtgevers, met uitzondering van Amsterdam, is voor het maximale budgettair kader het budget uit de Meerjarenbegroting 2026-2029 gehanteerd en dan jaarschijf 2027 plus loon en prijsindexatie voor 2027 minus de bijdrage vanuit de EBA-gelden, voorheen PEA. De opdrachtgevers Aalsmeer, Diemen, Ouder-Amstel, Uithoorn en Utrecht hebben voor 2026 een hogere UVO afgesloten dan was opgenomen in de Meerjarenbegroting 2026-2029, deze inzet werkt door naar 2027. Dit is door deze opdrachtgevers toegevoegd aan het maximale budgettaire kader. Aanvullend is hierop voor de Provincie Noord Holland rekening gehouden met een besparing van € 1,0 mln. op de vier OD’s, waarvan OD NZKG verwacht 75% reductie te krijgen (€ 750k). Daarnaast is het budget met € 1,0 mln. verhoogd ten behoeve van het programma VTH Tata Steel. Voorgaande was niet volledig verwerkt in de Meerjarenbegroting 2026-2029. Amsterdam heeft het maximaal beschikbare budget bepaald op basis van de UVO 2026 minus de daling voor de inzet op de Omgevingswet, bijdrage vanuit de EBA-gelden en plus de loon-prijs indexatie van 2027. Dit, omdat de UVO 2026 uiteindelijk hoger is uitgevallen dan in de meerjarenbegroting 2026 – 2029 was voorzien. In deze meerjarenbegroting zijn verschillende basistaken opgenomen die we vanaf 2027 moeten uitvoeren.
Deze waren niet opgenomen of gekwantificeerd in de meerjarenbegroting 2026-2029. In het overzicht op de volgende pagina is het benodigd deelnemersbedrag voor 2027 opgenomen (kolom E). Onze ambities voor 2027 e.v. moeten, voor de deelnemersbijdragen, passen binnen het beschikbare budget van de opdrachtgevers. Concreet betekent dit dat op verzoek van deze opdrachtgevers, voor 2027 een herprioritering/ombuiging is verwerkt in deze meerjarenbegroting. De UVO begroting 2027 komt hiermee uit op € 90,4 mln. (kolom G). De opdrachtgevers wordt gevraagd aanvullende middelen beschikbaar te stellen voor het uitvoeren van deze wettelijke basistaken en/ of aan te geven welke taken OD NZKG niet meer uitvoert in 2027.. OD NZKG onderzoekt daarnaast welke mogelijkheden er zijn voor efficiency. Uitkomsten hiervan worden verwerkt in de definitieve UVO’s 2027. Hierbij dient te worden opgemerkt dat een deel van ons werk vraag gestuurd is. Met het maximaliseren van de UVO’s blijft de kans altijd aanwezig dat onze inzet hoger is dan begroot. Indien dit het geval is zullen wij u hier t.z.t. bij de 6-maandsrapportage dan over informeren. De overige baten en SPUK dalen met € 0,9 mln., voornamelijk door de overheveling van SPUK Groen Staal naar de UVO 2026 van PNH en het vervallen van SPUK THE per 2027.