CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

4 - Conceptverslag RO 09-12-2020

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 13 januari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslagen van de openbare vergadering van de Raadscommissie RO d.d. 9 december 2020 en van de inspreekavond 'Volkstuinen' d.d. 8 december 202018.606 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

16

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

moestuin. Zo zijn er meer voorbeelden. Zij denkt daarom meer aan gemeenschappelijke tuinen in de stad. Waar het gaat om de vraag hoe er gezorgd kan worden dat mensen met een smalle beurs ook kunnen blijven tuinieren, denkt het college aan een tegemoetkomingsregeling. Van de tuinders heeft zij begrepen dat zij het lastig vinden wat nu voorgesteld werd, maar die regeling was nog niet uitgewerkt. Daarvan werd ook gezegd dat het college daar nog naar wilde kijken en dat er ook andere mogelijkheden zijn. Dus ook hierover gaat nog gesproken worden met de tuinders. Het college heeft altijd gezegd dat die 20% een bovengrens is. Bij veel tuinen zal dat veel minder zijn. Zij denkt dat het idee van de CU, namelijk dat de gemeente aan de tuinen wil verdienen, niet geheel de lading dekt. Er zijn investeringen nodig in de tuinen, zoals de riolering, waaraan de gemeente bijdraagt. Aan elkaar verdienen is zeker niet het geval. Verder is het niet zo dat de volkstuinen ook dienen als compensatie van de groennormen die elders niet worden gehaald. Mevrouw Van Soest had twijfel bij de juridische haalbaarheid van sommige planonderdelen. Waar dat precies op slaat weet zij niet, maar in ieder geval zal ook dat gesprek met de tuinders aangegaan worden. De heer Nijssen had het over maatwerk en het rekeninghouden met de grote diversiteit in de tuinen. Dat was altijd al het plan, zo verzekert zij.

De tegenstelling tussen toegankelijkheid en veiligheid staat scherp op haar netvlies. Het totaal openhouden van tuinparken zal maar voor een heel klein aantal parken gelden. Veiligheid is een zaak waar het college voor staat. De heer Hofland heeft een aantal uitgangspunten meegegeven. Zij denkt dat zij die wensen ook gaat meenemen in de komende gesprekken met de tuinders. Verder zijn er veel specifieke vragen gesteld. Zij stelt voor de beantwoording van technische vragen uit te stellen tot na de gesprekken met de tuinders. Voor nu gaat zij globaal in op die vragen. Voor een deel heeft zij die vragen reeds beantwoord. De vraag naar de meerwaarde van openstelling is dat meer Amsterdammers ervan kunnen genieten. De tuinders zelf zien die meerwaarde ook. De heer HOFLAND preciseert zijn vraag, die namelijk was wat de meerwaarde van de nachtelijke openstelling is. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat dat de parken betreft met doorgaande fietsroutes die 24 uur per dag open zouden moeten zijn. Dat is dus maar een heel klein deel van de parken. Elders zou men aan avondopenstelling kunnen denken, afhankelijk van de mogelijkheid en de behoefte. De kosten van het beheer is ook afhankelijk van het park. De uitvoeringsstrategie is niet een plan van aanpak per park. In de gemeentelijke plannen moet dat nog precies worden uitgerekend.

De investeringen die vertraging zouden oplopen, zijn die investeringen die raken aan het openbaar maken van de parken. Dat verschilt ook weer per park. En dit is ook weer een punt waarop zij zal terugkomen, zodra er met de tuinders gesproken is. Dan als laatste punt het niet kunnen doorverkopen van een tuinhuisje aan een nieuwe huurder. Daar bestaan al jaren compensatieregelingen voor in Amsterdam. De heer Mangal had zorgen over de verlichting bij de fietspaden. Het is bekend dat fietspaden ook op een ecologisch verantwoorde wijze verlicht kunnen worden. Het punt van de inkomenspolitiek is ook weer een punt dat wel opgevoerd is, maar dat niet volledig uitgewerkt is. Dat zou via de stadspas gedaan kunnen worden. Bij1 wees op de wenselijkheid mensen veel eerder in het proces te betrekken. Er is veel met de bond overlegd in de afgelopen jaren. Er zijn een paar punten waarin zij van inzicht verschilt met de tuinders, maar heel veel van hun ideeën komen overeen met die van de gemeente. GroenLinks vroeg om een betere uitwerking van de tegemoetkomingsregeling. Daar wordt aan gewerkt. De heer Boomsma wil helemaal geen beleidskader en zeker geen huurverhoging. Zij denkt dat dat standpunt in gaat tegen de meerderheid van deze raad, maar ook tegen

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

de aangenomen motie van mevrouw De Heer, die oproept aan de slag te gaan met het beleid uit 2005. Mevrouw VAN RENSSEN herinnert aan haar punt dat als parken meer doen aan zelfbeheer en onderhoud van de openbare ruimte en de vraag of er dan geld of ruimte overblijft voor het gedeeltelijk financieren van de tegemoetkomingsregeling. Kan de wethouder dit punt ook meenemen in haar komende gesprekken met de tuinders? Wethouder VAN DOORNINCK benadrukt dat zeker te doen. De heer Bakker vroeg of de volkstuinen alleen voor Amsterdammers zijn of voor iedereen. Op dit moment kan iedereen een tuin huren in Amsterdam. In de uitvoeringsregeling wordt gesteld dat nieuwe leden afkomstig dienen te zijn uit het MRA-gebied. Verder vroeg de heer Bakker hoe groot de investeringen van de gemeenteraad zijn. Ook dat ligt weer aan de individuele ambities per park. Dat is precies de discussie die zij met de parken wil aangaan. Een duidelijke investering door de gemeente is die in de riolering. Zij herinnert aan het dreigement van Waternet dat er op een gegeven moment gestopt wordt met gedogen. Tweede termijn Mevrouw BLOEMBERG-ISSA benadrukt dat haar partij niet gerust is door de nota van beantwoording. Ook de tuinders zijn dat niet. De wethouder zegt steeds dat het gaat om een klein aantal parken wat de fietspaden betreft. Toch lijkt dat een doel op zich.

Dus ook de nachtelijke openstelling en de fietspaden wil zij uit de plannen. Zij willen een fundamenteel ander plan. De druk vanuit de stad roept de wethouder zelf over zich af. Er is heel veel behoefte aan volkstuinen. Dus er moeten andere keuzes gemaakt worden. Nieuwe wijken verdienen ook nieuwe volkstuinen. Mevrouw DE BRUINE reageert allereerst op het antwoord van de wethouder betreffende de compensatie voor het groen. In de nota leest zij op pag. 50 dat de volkstuinen moeten bijdragen aan de druk van de groeiende stad. Zij vraagt de wethouder te komen met een brief, waarin zij uitlegt hoe zij de participatie met betrekking tot het nieuwe plan gaat oppakken. Daar is zij niet gerust op. De heer BOOMSMA ontkent gezegd te hebben geen enkel beleidskader te wensen. Hij heeft gezegd ‘niet overal hetzelfde, maar maatwerk’. Verder sluit hij zich aan bij het verzoek van de CU om een brief waarin gereflecteerd wordt op wat er nu verkeerd is gegaan in de participatie om daar de nodige lessen uit te leren. Wethouder VAN DOORNINCK geeft aan richting mevrouw Bloemberg-Issa dat dat de reden is waarom zij opnieuw in gesprek gaat met de tuinders. Zij heeft gezegd dat er veel zorgen weggenomen kunnen worden, maar dat er een paar punten overblijven waar de zorgen liggen of waarover verschil van mening bestaat.

Zij denkt met mevrouw Bloemberg-Issa van mening te blijven verschillen op het punt dat als er groen wordt toegevoegd aan de stad of dat openbaar groen moet zijn of dat het parken moeten zijn waarin veel privétuinen zitten. Zij denkt dat zij en het college kiezen voor zoveel mogelijk openbaar, waarbinnen allerlei vormen van tuinieren kunnen plaatsvinden. Richting mevrouw De Bruine benadrukt zij dat openbaarmaking van tuinen bijdraagt aan een verdichtende stad. Alleen dat is niet de groennorm. Het gaat dus niet om het compenseren van het elders niet halen van de groennorm. De gevraagde brief vindt zij een lastig verzoek. Zij gaat liever eerst met de volkstuinen in gesprek. Daarna kan zij beter een brief sturen met de inhoud wat de tuinders en zij met elkaar bedacht hebben. Ook de brief waar de heer Boomsma om vraagt vindt zij een lastig punt. Zij meent reeds vrij uitgebreid te hebben uitgelegd waar er misgegaan is. Zij vindt dat voldoende. De VOORZITTER concludeert dat de commissie het erover eens is dat dit onderwerp van de raadsvergadering van volgende week gehaald kan worden.

18

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

12 Vaststellen van het Vestigingsbeleid Datacenters gemeente Amsterdam 2020 – 2030: Amsterdam Duurzaam Digitaal. Nr. BD2020-004565 Het duoraadslid VERKERKE meent dat alle klimaatklokken erop wijzen dat we weer dichter bij 12 uur staan dan eerder werd verwacht. De klimaatafspraken van Parijs zijn eigenlijk achterhaald. Het techno-optimisme van dit college wordt stevig bekritiseerd. Daarom bemoeien zij zich met deze ontwikkeling die het college aan het implementeren is. Om nu echter projecten aan te gaan die wringen met het idee van (?), daar zet Bij1 vraagtekens bij, want dit gaat meer stroom kosten dan het opbrengt. Veel van de verantwoorde stroom gaat naar deze uitbreiding toe. Hij vraagt zich af of er niet kritischer naar economisch groen gekeken moet worden. Wat bepaalt de selectie. Zijn het geen datacenters die te groot zijn voor Amsterdam? Hoeveel van de nieuwbouw is vervanging? Hij roept het college op tot grondbeperking. Er moet niet alleen naar groei gekeken worden, maar ook naar niet-groei en naar welzijn. Dan de vraag in hoeverre wat hier (??) als uitgangspunt aan het worden is. Met de PvdD maakt zijn fractie zich zorgen over de mate van democratische controle. De regie over de partijen is niet aanwezig. Op die manier wordt de democratie bedreigt. Planmatig wil niet zeggen dat zoveel extra groei naar datacenters moet.

(slecht verstaanbaar) Er moet eerder gedacht worden aan minder groei. Hoe eenvoudig is het om van ander water gebruik te maken dan van schoon drinkwater. Als kosten worden gesocialiseerd, horen de opbrengsten daar dan ook bij? Zo nee, hoeveel gaat dat kosten. De heer LEENDERS vindt het vreemd dat gesteld wordt dat het economisch beland van datacenters niet aan de hand van deze notitie beoordeeld kan worden. De vraag aan de wethouder is hoe het college die beoordeling denkt te gaan doen, want datacenters bieden weinig werkgelegenheid als er gekeken wordt naar de ruimte die zij innemen. Daar moet dan een goede grondprijs of erfpacht tegenover staan. Zijn fractie vindt dat datacenters prestige opleveren voor Amsterdam om als vestigingsplaats aantrekkelijk te zijn en te blijven. Daarom is het van belang om de economische waarde van datacenters goed te beoordelen. Mevrouw VAN RENSSEN meent ook dat datacenters heel veel ruimte vragen in de stad. Bovendien vergen ze ook heel veel energie en water. Naar haar mening moet er in ieder geval in de nota staan dat een eventuele groei geborgd is en als ze voldoende onderstations kunnen realiseren door de gemeente … Zij vraagt zich af of datacenters meebetalen aan deze onderstations. Ook vraagt zij zich af wat de waarde is van deze datacenters voor gewone Amsterdammers.

Waar het om werkgelegenheid gaat vraagt zij zich af of er iets gedaan kan worden met social return bijvoorbeeld en of daar eisen aan gesteld kunnen worden. Er zit een grens aan een nieuw te vestigen datacenter volgens dit beleid, maar er wordt ook gesproken over monitoring. Kan uit die monitoring ook duidelijk volgen dat de grens bereikt is? Of dat die grenzen anders gelegd worden ten aanzien van datacenters die met veel megavolt voltage kunnen worden gevestigd? Ten aanzien van de duurzaamheid staat dat verwacht wordt dat de elektriciteit die gebruikt wordt duurzaam wordt ingekocht en minimaal kwaliteit D heeft. Waarom wordt er niet gekozen voor een energievoorziening van kwaliteitsgroep A, desnoods B of C? Ook wordt aandacht gevraagd voor fossielvrije systemen voor nood- en piek framingen(?). Kan dat niet wat sterker gemaakt worden, bijvoorbeeld een stappenplan om dat volledig fossielvrij te maken. Is het mogelijk om de voorwaarde te stellen dat elk nieuw datacenter dat zich in Amsterdam zou willen vestigen ook een contract moet hebben met een energielabel 4, die daarvoor een heel nieuw project voor schone energie zal realiseren. Dat moet uiteraard een project zijn dat niet alleen energie oplevert voor een datacentrum, maar ook voor huishoudens. Zij overweegt ook met moties te komen ten aanzien van die duurzaamheid.

19

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

De heer MANGAL vindt het mooi dat er datacenters in de stad zijn en dat er nog meer bijkomen. Het is ook mooi dat Amsterdam een hub in Europa is en dat er nog verder kan worden uitgebouwd. Het gaat de stad ontzettend veel stroom kosten. Economisch gaat het vast heel veel opleveren. Er wordt hier en elders reclame gemaakt voor groene energie. Er worden overal zonnepanelen gebouwd, die worden gesubsidieerd. Hoeveel huishoudens kunnen daarmee worden voorzien van elektriciteit en warmte? Er is ook de belofte om ook van het gas af te gaan. Hij wil van de wethouder weten of de groene energie ook daadwerkelijk naar huishoudens gaat of dat het nu juist naar die datacenters gaat? Hij mist in het stuk een duidelijke stelregel, namelijk dat datacenters alleen groene stroom mogen gebruiken via voorzieningen die zij zelf moeten aanleggen of als aandeelhouder meedoen met een stroomopwekkingspark. Nu kunnen zij daar onderuit komen door GVO’s in te kopen en ermee te speculeren wanneer ze schaarse groene stroom kunnen consumeren zonder ook echt bij te dragen aan de uitbreiding van het aanbod van groene stroom. Waarom laten we dat openstaan? Hij hoort het graag van de wethouder. Dergelijke stroomopwekkers worden zwaar gesubsidieerd en dus betaald door huishoudens.

Hij ziet dit als een gemiste kans en hij hoopt dat de verplichte bijdrage aan een stroomopwekkingspark alsnog wordt opgenomen in het vestigingsbeleid voor datacenters. Wethouder VAN DOORNINCK vat samen dat de vragen van Bij1 neerkwamen op ‘moet je dit nu willen’. De donuteconomie gaat niet over groei. De donuteconomie gaat over groei en de vraag wat goed is voor een stad. De reden waarom het college er voor gekozen heeft om dit beleid voor datacenters in te voeren is om een selectie neer te zetten, dat er gekeken wordt wat er kan en wat er niet kan, dat er strenge eisen gesteld worden zoals ten aanzien van duurzaamheid, maar ook de grondinname. Dat is hier wezenlijk anders dan in andere gebieden waar heel veel terrein in beslag wordt genomen. Dit beleid dwingt datacenters om heel grondintensief te bouwen. Wat de kosten betreft die gemaakt worden, is het zo dat datacenters zelf hun eigen kosten betalen, dus het wordt niet betaald door Amsterdammers. De donuteconomie betekent dus niet per definitie geen groei, maar de donut is er om ervoor te zorgen dat dingen goed bij elkaar komen en goed tegen elkaar worden afgewogen. Daarom is dat beleid gemaakt. Als dat niet was gebeurd dan waren er heel veel datacenters gekomen, want ze willen heel graag naar Amsterdam komen. Er zijn dus beperkingen opgelegd in de gestelde eisen.

De vraag naar het economisch belang is heel logisch, maar niet makkelijk te beantwoorden, omdat datacenters een nieuwe tak vormen en het nog zoeken is hoe dat economische belang berekend moet worden. Verder is nog onduidelijk wat het betekent voor het vestigingsklimaat. Stavix is gevraagd dat onderzoek te doen. Zij zeggen dat de economische groei beperkt is, maar wel significant. Daarmee bedoelen ze dat er niet enorm veel nieuwe banen door bijkomen, maar de banen die erbij komen zijn hoogwaardige banen. Het economisch belang is met name gericht op de sector zelf. Daaromheen spelen er ook zaken rond installatietechniek, een bouw waar andere werkgelegenheid door komt. Bovendien is er een bijdrage in de indirecte werkgelegenheid in de ICT-sector, de interneteconomie en de creatieve sector. Door die beperkte economische waarde is besloten om goed te monitoren met een tweejaarlijkse beleidsevaluatie, omdat zij wil zien of het gewenste effect bereikt wordt en of het misschien toch een grotere impact heeft op een grotere energievraag. Mevrouw Van Renssen wees erop dat het ook veel vraagt waar het de energie en het water betreft. Zij wilde ook weten wat de monitor betekent. De monitor kan betekenen dat er toch een ander beleid wordt gesteld als blijkt dat de impact toch te groot of te negatief is.

De gemeente is niet in de positie om hoge eisen te stellen bij de nood- en piekvoorzieningen. Zij wil er wel aandacht voor vragen en wil ook dat datacenters die zich hier willen vestigen daaraan voldoen. Het kan alleen niet geëist worden, omdat het landelijke wet- en regelgeving is. Er wordt ingezet op het bevorderen van duurzame

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

maatregelen en innovaties. Gezien wordt dat dit maatregelen zijn waar datacenters aan willen voldoen. Dat geldt ook voor de vraag waarom er gekozen wordt voor kwaliteit D en niet voor A, B of C. Dat komt dus ook omdat die eis niet gesteld mag worden. Binnen de MRA is echter wel afgesproken om hierin wel zo veel mogelijk een gezamenlijke lijn te kiezen. De mogelijkheid om eisen te stellen ten aanzien van het contract met de energieleverancier voor energie, is heel interessant en kan met name gedaan worden daar waar het initiatieven zijn, die buiten de kaders van het bestemmingsplan vallen. Richting de heer Mangal wijst zij erop dat moeilijk te zeggen is wat wel of niet groene energie is voor huishoudens of datacenters. Daarom de eisen, die mevrouw Van Renssen daaraan wil stellen. Zij denkt dat dat waargemaakt kan worden, omdat men niet die scheiding kan maken tussen welke energie is voor wie. Zij heeft de suggestie van DENK wel goed gehoord om in Amsterdam zo veel mogelijk zelf groene energie op te wekken. Dat gebeurt ook al. De heer LEENDERS wil weten wanneer men de onderzoeksresultaten van Stavix kan verwachten en vraagt die te delen met de raad. Wethouder VAN DOORNINCK meent dat dat onderzoek van Stavix onderliggend is aan dit beleidskader. Als de raad dat nog niet ontvangen heeft, dan gaat zij bekijken of zij dat de raadsleden alsnog kan doen toekomen.

De heer MANGAL wil nog weten hoe speculatie van GVO’s in grondcertificaten wordt tegengegaan. Wethouder VAN DOORNINCK denkt niet dat het haar gaat lukken in deze vergadering daar een antwoord op te geven. Zij zal er schriftelijk op moeten terugkomen. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp hiermee voldoende besproken is en naar de raad kan waar het een korte behandeling zal krijgen.

Grondzaken 13 Instemmen met Investeringsnota Sloterdijk 2 Zuid. Nr. BD2020-004553 De heer LEENDERS wijst erop dat gesproken wordt over een pilot met serviceappartments. Hij wijst erop dat service-appartments niets nieuws zijn. Daarom wil hij van de wethouder horen waarom deze pilot gedaan wordt. Daarnaast wordt er gesproken van het testen van voorwaarden. Hij wil weten welke voorwaarden dan getest moeten worden. Waarom wordt er eigenlijk aan het overnachtingsbeleid (?), de serviceappartments zijn daar onderdeel van, en die worden met deze pilot nog niet gestart. Waarom kunnen het niet gewoon woningen worden? Wat kosten ze? De PvdA krijgt sterk het gevoel dat deze pilot in het leven geroepen wordt om een extra (?) weg te werken. De onderdelen Leisure en horeca worden niet nader omschreven in het aantal vierkante meters in dit plan. Dat kunnen dus ook gewoon hotels worden. Hij vraagt de wethouder of daar inderdaad sprake van is. Hij vraagt de wethouder deze vierkante meters nader te specificeren. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ leest in de nota van beantwoorden dat er heel veel zorgen zijn geweest over de positie van de zittende bedrijven. Het lijkt erop dat dit plan van het college de bedrijfsvoering van die bedrijven belemmert. Zij wil van de wethouder horen of dat zo is. De heer HOFLAND wijst erop dat daar een sportpark gaat ontbreken.

Hij vraagt zich af waarom in de 14 paragrafen van het hoofdstuk 6 – Beleidskaders, met belangrijke zaken als het broedplaatsenbeleid of het groen, de sportnorm ontbreekt. Verder leest hij dat in een straal van 800 meter rond station Sloterdijk er ruimte is voor maximaal 2

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

nachtzaken. Dus er is geen ruimte voor nieuwe nachtzaken in Sloterdijk II. Hij vraagt zich af waarom hier een maximum geldt van 2. Hier zijn nu juist maar weinig woningen, dus weinig geluidsoverlast. Waarom worden hier niet meer nachtzaken toegelaten? Mevrouw VAN RENSSEN begrijpt dat er de mogelijkheid is van een beperkt planprogramma. Met betrekking tot de gesprekken met de provincie over het maatwerk van de provinciale trainingsvorming, verbaast haar de opstelling van de provincie dat hier dit ontwerp is aangemerkt als provinciaal industriegebied en dat de provincie dit niet heeft aangepast. Daarnaast is er gelukkig ruimte gemaakt voor winter-, koudeopvang. Zou dit niet eventueel winteropvang kunnen zijn, zoals dat voorheen ook het geval. Zij die winteropvang ook op deze locatie kunnen worden gevestigd, zo vraagt zij zich af. Zij is ook blij met het park. Zij hoopt dat het zo snel mogelijk wordt aangelegd. Wethouder VAN DOORNINCK gaat allereerst in op de vragen van de heer Leenders over service-appartments en waarom dat beleid wordt gebezigd. Dat is echter een uitwerking van het coalitieakkoord, waarin gezegd wordt dat er gestopt wordt met Short Stay, maar dat er een pilot komt voor service-appartments.

Aangezien het hier om een gebied gaat waarin woningbouw niet is toegestaan, maar die service-appartments wel mogelijk zijn, is er voor gekozen om die pilot in dit gebied te doen plaatsvinden. Dat heeft het voordeel dat bij het ontbreken van Short Stay er verblijfsruimtes komen voor expats die kortdurend hier zijn. Een ander voordeel is dat het wat levendigheid in het gebied brengt. Verder is het een voordeel dat daardoor de exploitatie rond kan komen. Het is namelijk heel lastig om een bedrijventerrein te intensiveren. Het is echter een pilot, dus het moet nog aangetoond worden dat het inderdaad allemaal ook zo werkt. Het is dus geen toeristenverhuur of een omzeiling van het overnachtingsbeleid. De heer Leenders had nog een vraag over horeca en leisures. Hotels vallen niet onder Leisure. Het gaat om voorzieningen die de levendigheid in het gebied bevorderen. Het gaat daarbij niet om overnachtingen. Mevrouw Van Renssen vroeg of de winter-, koudeopvang ook winteropvang zou kunnen worden. Zij denkt dat dat geen ruimtelijke ordeningsvraag is, maar een vraag voor de commissie Zorg. Zij zal de vraag aan collega Kukenheim voorleggen. Het lijkt haar verder mooi als er met dat park weer een stukje groen aan de stad kan worden toegevoegd. Zij wijst er voorts op dat er uitvoerig onderzoek is gedaan naar de externe veiligheid. Er zijn geen belemmeringen voor de zittende bedrijven.

Mevrouw Van Renssen vroeg nog over de provincie: de provincie is van mening dat het erg belangrijk is om havenbedrijven goed te kunnen laten functioneren. Daarom wil men er voor zorgen dat de woningbouw niet verder oprukt. Dat is afgesproken. Voor de gemeente Amsterdam is het heel erg belangrijk dat er ook deze hoogwaardige bedrijventerreinen zijn. Afgesproken is dat er maatwerk in dit gebied toegepast gaat worden. De heer LEENDERS wil zijn vraag duidelijker formuleren. In het coalitieakkoord staat dat er nieuw beleid komt voor Short Stay. Er staat niets over een pilot. De PvdA vindt het vreemd dat er een pilot wordt toegepast op een concept dat allang bekend is. Waarom is daar een pilot voor nodig en wordt er niet eerst gewoon nieuw beleid geformuleerd? Hij begrijpt dat het de levendigheid kan stimuleren, maar dat kan ook met gewone woningen! Wethouder VAN DOORNINCK benadrukt dat gewone woningen hier niet mogen wegens de milieucontouren. Daarom leek het het college een goede plek voor serviceappartments. De pilot is bedoeld om helder te krijgen of dit een vorm is voor Amsterdam, die ingevoerd kan worden. Als dat het geval blijkt te zijn, kan er beleid op gemaakt worden. De heer HOFLAND miste de sport in de investeringsnota, maar nu ook in de beantwoording.

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

Wethouder VAN DOORNINCK benadrukt met betrekking tot ‘sport’ dat Sloterdijk II echt een bedrijventerrein is en geen woongebied. Er bestaat geen sportnorm voor een bedrijventerrein. Ten aanzien van ‘horeca en nachtgelegenheden’ wijst zij erop dat er ook in dit gebied voldaan moet worden aan de geluidsnormen via het Geluidsverdeelplan en dat gaat uit van een maximale geluidsnorm die bedrijven mogen produceren. Er is in dit gebied geen geluidsruimte voor een extra nachtzaak. De heer HOFLAND begrijpt waarom er in dit plan geen sport zit. Hij zou het fijn vinden dat ‘sport’ bij die 14 kaders standaard wordt opgenomen. Bij andere plannen krijgt hij te horen dat er per windrichting gekeken wordt. Daarom zijn verzoek ‘sport’ altijd te laten terugkomen, waardoor men kan zien waarom er geen ‘sport’ is. Wethouder VAN DOORNINCK zal voldoen aan deze wens van de heer Hofland. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ heeft nog een vraag rond haven-gebonden bedrijvigheid. Niet alleen de provincie houdt daarvan, maar ook de Kamer houdt ervan. Nu wethouder Van Doorninck nog. Zij leest in de beantwoording dat gewone woonfuncties niet mogelijk zijn. Waarom zijn service-appartments dan wel mogelijk? Wethouder VAN DOORNINCK denkt dat daar een enorme regelgeving achter zit, daarom komt zij hier graag in de komende raadsvergadering op terug.

Mevrouw NAOUM NÉHMÉ wil weten of de wethouder glashelder volhoudt dat de milieuruimte voor zittende bedrijven niet wordt ingeperkt door dit plan. Dat wordt wel gezegd in de zienswijze van het college. Wethouder VAN DOORNINCK benadrukt dat onderzoek uitwijst dat er geen belemmeringen zijn voor zittende bedrijven. De heer LEENDERS wil weten welke elementen binnen die milieucontouren bepalen dat het geen woningen maar wel service-appartments. Hij krijgt graag een toelichting. Wethouder VAN DOORNINCK gaat dat nog preciezer nakijken, maar planologisch vallen die service-appartments onder de logiesfunctie en dat mag wel, maar permanent wonen niet. Wat precies de lijn is in de milieucontouren is iets wat zij nog moet uitzoeken en daar komt zij in de raadsvergadering van volgende week op terug. De VOORZITTER constateert dat dit onderwerp hiermee voldoende besproken is. De voordracht zal kort in de raadsvergadering aan de orde zijn.

14 Kennisnemen van de brief aan de raad inzake het openbaar maken van WOZwaarden met peildatum 1 januari 2014. Nr. BD2020-004680 De eerste inspreker is de heer Holterberg op persoonlijke titel De heer HOLTERBERG noemt dit het symbool voor de erfpachtexplosie, die erfpachters kregen na 1 januari. Wethouder Van Doorninck zegt dat men niet over hoeft te stappen. De motie van begin vorig jaar riep op de erfpachters een persoonlijke brief te sturen over de kosten van de overstap voor en na 1 januari 2020. De kosten van de overstap na 1 januari 2020 stonden echter niet vermeld in de voorlichting. Met slechts algemene bewoordingen werd erop ingegaan. De erfpachters zijn daardoor onvolledig en onjuist hierover geïnformeerd. Vooraf was niet bekend dat de kostenstijging gemiddeld 148% zou bedragen. Er waren individuele berekeningen gemaakt van alle erfpachtrechten, met stijgingen tot 47% en bedragen tot 450.000 euro. Dat alles stond niet in de folder en niet in de brief. Er zijn

23

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

bovendien kosten doorgevoerd voor bestaande contracten. De depreciatie is verlaagd, de canon is verhoogd en de btw is bijgeteld. In de brochure staat dat als men niets wil doen er niets verandert. Maar over deze wijzigingen in de bestaande voorwaarden zijn erfpachters niet geïnformeerd. Daarom misten zij relevante informatie voor de beslissing om over te stappen voor januari en na januari. Dat is misleiding, want onvolledige en onjuiste informatie is in strijd met allereerst de doelstelling van de eeuwigdurende erfpacht, transparantie en (?). Ten tweede is het in strijd met richtlijnen van het ministerie, die willen dat mensen inschattingen moeten kunnen maken van de te verwachten prijsontwikkelingen. Die informatie werd dus niet gedeeld. Het is verboden om onvolledige informatie te verstrekken. De volgende inspreker is de heer Schrijver. De heer SCHRIJVER meent dat de wethouder op een paar punten ontspoort. Allereerst de Pardonregeling. In de pers zijn documenten omhoog gekomen waaruit blijkt dat de gemeente in de communicatie met de erfpachters ernstig te kort is geschoten. De kracht van de hefboomwerking is niet door de gemeente aan de mensen voorgerekend. Dat had twee gevolgen: 1) een (?) door erfpachters en 2) een aantal beklagenswaardige Amsterdammers heeft de krant in de onderlinge voorlichting gemist. Vervolgens hebben ze niet de driewekelijkse raadscommissie gevolgd.

Zij kregen dit jaar de schrik van hun leven door te merken dat ze tienduizenden euro’s armer zijn geworden. Het gaat daarbij dus niet om mensen die bewust gekozen hebben om niet te willen overstappen. De wethouder snapt dus niet waar het over gaat. De consequentie daarvan is eerst dat de gemeente schuldig is aan onbedoeld verzuim om deze relatief kleine aantallen sociaal zwakke erfpachters goed voor te lichten. Hij vraagt of de wethouder een pardonregeling maakt voor mensen die alsnog onder de voorwaarden van 2017 willen overstappen. Hij stelt voorts dat de inhoud van de brief van de wethouder aangaande de blackbox juridisch onhoudbaar is. De gehanteerde WOZ in 2014 is essentieel voor de mensen om te kunnen narekenen. Zowel de Raad van State als de Hoge Raad hebben ondubbelzinnig uitgesproken dat de overheid de parameters van geautomatiseerd berekende lasten moet openbaren. Dat zal de Hoge Raad in geval van erfpacht zeker weer doen. Hij noemt het de eer van de wethouder en de raad om deze rechterlijke uitspraak voor te zijn. De Vangnetregelen. Hij vraagt zich af waarom de wethouder niet meer te raden gaat bij de AFM, die eerder negatief adviseerde wegens het verkeerde begrip van uitstel van betaling.

De gemeente moet haar verplichtingen ten aanzien van haar geautomatiseerde erfpachthandelingen eindelijk nakomen! Mevrouw NAOUM NÉHMÉ hoort de heer Schrijver stellen dat het college geen openbaarheid heeft betracht door in de voetnoot op te nemen dat de hefboomwerking bestaat. Volgens haar is dat niet zo en zij verwijst naar de plek waar die informatie te vinden is. Is de heer Schrijver daarmee bekend? De heer SCHRIJVER zegt niet te refereren aan een rapport, maar aan de gedachtewisseling in de raadscommissie zelf. Daar kan men zien dat het ergens in een voetnoot is verwerkt, terwijl dat niet zo had gemoeten. Dat is ook waarop in de pers wordt gewezen. De volgende inspreker is mevrouw Heijning Mevrouw HEIJNING vraagt de wethouder en de raadsleden waarom de blackbox van de erfpachters nog steeds (?)recht is. (veel storing in het geluid, waardoor mevrouw Heijning slecht te verstaan is). Zij vraagt zich af of de berekeningen van de blackbox wel eerlijk zijn. Daar wordt aan getwijfeld. Vooral de ondoorzichtige BSQ roept veel vragen op. Er zijn moties ingediend en uitspraken van de Hoge Raad aan gewijd. Voor de zomer zegde de verantwoordelijk wethouder toe dit najaar met een reactie te komen. Het antwoord van de wethouder is nu te zien in de stukken van de commissie. Zo te zien is de wethouder nog steeds niet doordrongen van de ernst van de situatie.

Ze introduceert nu vertragingsacties en geeft erfpachters ongeschikte informatie, ook

24

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

juridisch gezien. Vanuit niets blijkt dat ze de gemeenteadvocaat heeft geraadpleegd. De argumentatie waarom zij niet kan leveren is juridisch (?). Dit bevestigt het vermoeden dat wanneer die gevraagde gegevens wel worden aangeleverd en de deksel van de blackbox gaat, het hele gemeentelijke bouwwerk van de eeuwigdurende erfpacht in elkaar stort. Deze situatie heeft in zich om uit te groeien tot een groot gemeentelijk fiasco. Allemaal weggegooid belastinggeld! Erfpachters hebben principieel het recht om de enorme bedragen die de gemeente aan hen toerekent aan de grond van hun woningen te kunnen narekenen. Zij verzoekt de gemeenteraad dringend om zich van zijn controlerende taak te kwijten. Als van de wethouder verlangt wordt dat zij met spoed advies vraagt van de externe huisadvocaat, dan dient zijn advies meteen openbaar gemaakt te worden. De volgende inspreker is de heer Vreeken. Mevrouw VREEKEN vindt het mooi dat men nu met een erfpacht in een proces verkeert dat gecombineerd kan worden met de volkstuintjes. Het zijn naar zijn mening vergelijkbare processen. Het gaat om afspraken die gemaakt zijn met de woningbouwcorporaties over erfpacht. (problemen met het geluid) In 2016 golden dergelijke afspraken ook. Toen verbaasden particuliere erfpachters zich over het grote verschil in berekeningswijze tussen de grondprijzen voor woningbouwcorporaties met gewone erfpachters.

Dat komt tot uiting in de BSQ. Dat verschil gold niet alleen voor sociale woningen, maar ook voor de vrije sector. Dat is volgens hem aan te merken als staatssteun van een bepaalde marktpartij. Daar ligt al sinds jaren een klacht over bij de Europese Commissie. Voor 2020 tot 2024 zijn er weer precies overeenkomstige afspraken gemaakt. Waarom is er niet gecorrigeerd? Waarom vallen de woningbouwcorporaties met hun vrijemarktwoningen niet gewoon onder de BSQ en de Overstapregeling? Gisteren kreeg hij Zwartboek 3.0 in handen. Daarin staat o.a. in de passage over 58.000 woningen van woningbouwcorporaties die zijn meegeteld in de populatie die in aanmerking zou kunnen voor het overstappen naar eeuwigdurende erfpacht. Het ging hierbij echter om woningen die op de nominatie stonden te worden verkocht op de vrije markt, maar daar niet voor in aanmerking kwamen. Daarmee is de Overstapregeling aanvankelijk 25% omvangrijker voorgesteld, dan in werkelijkheid bleek. Volgens hem is de raad hierover verkeerd ingelicht. De erfpachters voelen zich in de kou gezet. Hij hoopt dat de raad dit recht gaat trekken. Behandeling Mevrouw NAOUM NÉHMÉ sluit zich aan bij het eerder gemaakte punt van de WOZ-waarde, waarbij zij het redelijk vindt dat erfpachters hun eigen rekening moeten kunnen narekenen. Zij vindt dat de nodige openbaarheid hierbij betracht moet worden.

De heer VAN SCHIJNDEL geeft nu reeds aan dit agendapunt te willen piepen voor raadsvergadering in januari. Naar zijn mening hebben we hier te maken met geheim ambtenarenbestuur. De Raad van State en andere juridische gremia hebben geconcludeerd dat burgers ook in privaatrechtelijke verhoudingen in staat moeten zijn om beslissingen van overheidsorganen te controleren. De brief van de wethouder gaat daar geheel aan voorbij. Zij komt dan met een verhaal over wettelijke regels, die zich verzetten tegen bekendmaking van achterliggende gegevens. Daarbij wordt niet aangegeven welk artikel dit betreft. Tussen de regels door kan men lezen dat het gaat om de Wet Onroerende Zaakbelasting. De tekst van die wet spreekt van verstrekkingen in bulk van gegevens: Artikel 41.b Hij leest dit artikel voor: Bij AmvB wordt bepaald in welke gevallen, onder welke voorwaarden en tegen welk tarief een verzameling van waardengegevens betreffende onroerende zaken, die in hoofdzaak tot woning dienen, verstrekt kan worden via het loket voor openbare WOZ-waarden in een zodanige vorm dat daarmee rechtstreeks een geautomatiseerde verwerking mogelijk is ten aanzien van een op voorhand onbepaalde groep van woningen of personen.

25

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

Dit artikellid is helemaal niet van toepassing, zo oordeelt hij. Hij maakt duidelijk waarom. Hij vindt het een schande dat de gemeente hiermee (?). Is de huisadvocaat gevraagd ook hier zijn oordeel over te vellen? Is er overleg afgerond met de Waarderingskamer over de lezing die in de brief wordt gegeven? Is de Waarderingskamer het met de strekking van die brief eens? Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat de heer Van Schijndel dit punt al vaker naar voren heeft gebracht. Er heeft inderdaad een discussie plaatsgevonden met de Waarderingskamer, die ervoor gezorgd heeft dat de gemeente meer openbaar kan maken dan eerst gebeurde. Nog steeds blijft gelden dat die bulkaanlevering niet mag. Na de zomer heeft zij uitgebreid met de commissie gediscussieerd over wat er wel kan en wat er niet kan. Met wat er wel kan, kan zij inmiddels ook de grondwaarderapporten leveren, wat het voor erfpachters veel makkelijker maakt om zaken na te rekenen. Daarbij moet nog steeds rekening gehouden worden met het feit dat een aantal gegevens nog steeds niet verstrekt kan worden. Zij begrijpt dat de heer Van Schijndel ervanuit gaat dat hier een vraag voor de huisadvocaat ligt. Zij kan zich die toezegging niet herinneren. Zij wil dat desgevraagd wel alsnog doen. Zij zegt dit toe.

De heer VAN SCHIJNDEL vindt het jammer dat er zo veel tijd verloren gaat voor een betrekkelijk eenvoudige kwestie. Hij hoort graag wat de huisadvocaat hierover zegt. Hij vraagt de wethouder de correspondentie hierover met de Waarderingskamer beschikbaar te stellen. De WETHOUDER benadrukt die niet zo maar toe te kunnen zeggen. Zij weet namelijk niet of het een mondeling gesprek is geweest of dat er sprake is van correspondentie. De VOORZITTER stelt vast dat dit punt hiermee voldoende besproken is. Richting de heer Van Schijndel, die dit punt wilde piepen, geeft hij aan dat dit een raadsvoordracht is voor de komende gemeenteraad, volgende week. Daar zal het behandeld worden.

BESPREEKPUNTEN Zuidas en Marineterrein 15 Kennis te nemen van de halfjaarrapportage Zuidas 2020 (jan-juni). Nr. BD2020004625 De behandeling van dit agendapunt is uitgesteld tot de commissievergadering van januari 2021

Bouwen en Wonen 16 Kennisnemen van de Monitor Kantoren – medio Nr. BD2020-004626 De heer LEENDERS vraagt de wethouder tijdig, het liefst einde eerste kwartaal, met een beeld te komen van actuelere informatie, want de laatste ontwikkelingen en de ontwikkelscenario’s dienen met de raad gedeeld te worden. Hij dankt de wethouder voor haar notitie. Het is mooi om te zien dat het kan, het nieuwe hoofdkantoor van ING springt er echt uit. Zijn vraag die hij reeds stelde, is nog steeds niet beantwoord, namelijk dat vanaf 1 januari 2023 de verplichting voor alle kantoren groter dan 100m2 (onverstaanbaar). Hij wil weten op welke manier de gemeente Amsterdam helpen in het maken van het (?) door kennis te delen.

26

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

Mevrouw VAN RENSSEN heeft ook een aantal vragen over de kantorenmonitor, die sinds juni een beetje achter de feiten aanloopt. In de kantorenvisie van vorig jaar staat o.a. dat er gewerkt wordt met de uitbreidingsvraag van 25.000m2 kantoren per jaar. Dat is volgens haar nog steeds de basis voor de plannen die op dit moment gemaakt worden. Zij vraagt zich af of daarmee geen leegstand in de hand gewerkt wordt, want er is sprake van een veranderende ruimtevraag, wegens het nu veelvuldig toegepaste thuiswerken, hetgeen tot een andere vraag naar type kantoren en werkmilieus leidt. Daarom wil zij weten of de wethouder op korte termijn een aanpassing van de kantorenvisie voorziet ten aanzien van die uitbreidingsvraag. Mevrouw VAN SOEST heeft de vraag of de tenders die nu op de Zuidas uitstaan niet opnieuw bekeken moeten worden in verband met de verwachte leegstand in kantoren. Is de wethouder bereid daarnaar te kijken en ze af te voeren, zodat er nog een beetje geld uit verkregen kan worden. Wethouder EVERHARDT begrijpt de wens om dit beleid te kunnen volgen. Er wordt gebruik gemaakt van een andere dataleverancier. Daarmee gaat hij tweemaal per jaar de data, inclusief de behandelingsdingen, beoordelen. Hij zal er naar streven om in het eerste of tweede kwartaal van volgend, die gegevens te delen met de raad. Verder wordt er aandacht gevraagd voor duurzaamheid.

Per 1 augustus 2020 heeft 68% van de kantoren een geregistreerd energielabel C of hoger. Men is gebonden aan de verplichting per 1 januari 2023 minimaal energielabel C te hebben. Die doelstelling wordt bereikt door te informeren en bewustwording te creëren. Er wordt ook gratis advies en ondersteuning verstrekt aan de kantoren die willen verduurzamen en energiebesparing nastreven. Op deze manier besteedt Amsterdam in samenwerking met de Omgevingsdienst direct aandacht aan de label C in de communicatie richting die bedrijven en instellingen. Het doel is om in 2021 zo veel mogelijk te informeren over deze label Cplicht. Hierdoor wordt voorkomen dat de stad in een situatie terechtkomt dat er heel veel overtredingen plaatsvinden. De kern van de aanpak is dat het kantorenplan aangeeft wat er gebouwd wordt voor de vraag. Dus de vraag staat centraal. Men is terughoudend op dit moment door het inzakken van de vraag naar kantoorruimten. Hij heeft regelmatig contact hierover met ontwikkelaars en hij verwacht dat wanneer de markt weer aantrekt dat contact weer geïntensiveerd gaat worden, zodat kansen gepakt kunnen worden. Er wordt dus op de vraag gestuurd. Hij denkt dat daardoor dit plan op dit moment volstaat. Hij blijft het proces monitoren met ook aandacht voor leegstand. Verder is het zo dat de bouwplannen een jarenlange ontwikkeling vergen voordat het pand er uiteindelijk staat.

Dat geeft gelegenheid om tijdig te kunnen bijsturen. Die monitoring geldt ook de bouwplannen op de Zuidas, waarbij een toets aan de markt plaatsvindt. Dit proces gaat nauwgezet gevolgd worden en via de monitor van de Zuidas zal hierover gecommuniceerd worden. Op dat moment kan er weer verder over gesproken worden. Mevrouw VAN RENSSEN zei niet dat er helemaal geen resultaat meer is, maar dat er vooral sprake is van een veranderende ruimtevraag. Kan daar naar gekeken worden om het kantorenplan eventueel aan te passen? Wethouder EVERHARDT benadrukt dat er ook goed gekeken gaat worden naar hoe de vraag naar ruimte eruitziet. Hij ziet dat de vraag naar ruimte binnen kantoren anders kan zijn. Dit betekent op dit moment echter niet dat dit tot wijzigingen van het kantorenplan leidt. De VOORZITTER constateert dat dit onderwerp hiermee op dit moment voldoende is besproken en verder voor kennisgeving wordt aangenomen.

Grondzaken

27

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

17 Kennisnemen van het collegebesluit tot het vaststellen van het Uitvoeringsbesluit 020 bij de Algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht voor woningcorporaties 1998 Amsterdam Nr. BD2020-004624 De behandeling van dit agendapunt is uitgesteld tot de commissievergadering van januari 2021

Ruimtelijke Ordening 18 Kennisnemen van het Collegebesluit tot het vaststellen van aanvullend beleid voor de overgang van erfpachtrechten naar eeuwigdurende erfpacht ten behoeve van de overname van corporatiewoningen door wooncoöperaties. Nr. BD2020-004621 De behandeling van dit agendapunt is uitgesteld tot de commissievergadering van januari 2021

19 Beantwoording vraag raadslid Naoum Néhmé over bouwverhoudingen in Sloterdijk-Centrum Nr. BD2020-004275 De behandeling van dit agendapunt is uitgesteld tot de commissievergadering van januari 2021

20 Kennisnemen van het Collegebesluit inzake voortgang eeuwigdurende grafrust. Nr. BD2020-004622 De behandeling van dit agendapunt is uitgesteld tot de commissievergadering van januari 2021

21 Kennis te nemen van bijgevoegde brieven als de beantwoording van het raadsadres inzake ingebrekestelling verzoek wijziging bestemmingsplan Lutkemeerpolder. Nr. BD2020-004276 De heer VAN SCHIJNDEL is van mening dat de interim-directeur van Ruimte en Duurzaamheid veel te snel oordeelt, want er is geen belanghebbendheid bij het verzoek om herziening van het bestaande bestemmingsplan. Hij vindt dat dit de rechten van de gemeenteraad verkort, die gaat er over en zeker niet het college van B en W. Mevrouw DE BRUINE heeft een vraag over de voorbereidende werkzaamheden. Volgens de brief van 13 maart jl. zou er 5,5 ha worden voorbereid. Daar zou een reserveringsovereenkomst voor zijn. In de vorige vergadering zij de wethouder dat er volgens de afspraken werd gewerd. Er bereiken haar echter berichten dat er inmiddels wel zo’n 16 ha zijn voorbereid. Zij wil van de wethouder hoeveel hectare er nu werkelijk bouwrijp is gemaakt. Hoeveel van de 16ha wordt bouwrijp gemaakt op basis van de gebruiksovereenkomsten en hoeveel op basis van de reserveringsovereenkomst? Duolid VERKERKE meldt dat zijn fractie zich verzet tegen een distributiecentrum (slecht verstaanbaar). Deze kwestie is al vele malen aan de orde gekomen. Hij beperkt zich nu tot de opmerking dat democratie ook hier weer een lastig iets blijkt te zijn.

Hij wil van de wethouder horen in hoeverre de oorzaak van de onterechte afwijzing van de stichting Lutkemeer iets verandert. Verder is er een vraag over het grondwerk, dat niet

28

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

alleen voor fase 1A blijkt te zijn, maar ook voor 1B. Voor dit laatste zou er geen overeenkomst zijn. Hoe kan dat gebeuren? De heer KÖHLER meldt dat hij als statenlid Noord-Holland de natuurportefeuille beheert. Lutkemeer heeft hij al een paar keer in Provinciale Staten opgevoerd als natuurbeheer vervangend voorbeeld. Hij acht dit een mogelijke herkansing voor Amsterdam. Hij denkt dat alle ingrijpende maatregelen van de laatste jaren draaien om het behoud van dit soort natuur. Helaas is volgens sommigen natuur geen issue meer is in Amsterdam. Dat wordt bevestigd door de rampzalige manier waarop de volkstuinders worden behandeld. Vanaf 1963 herinnert hij zich de fantastische plannen van wethouder Financiën, Joop den Uyl, waardoor hij en zijn ouders gedwongen uit Ruigoord moesten verhuizen. Met de komst van wethouder Groot Wassink is hij opgehouden met de inmiddels nationaal fameuze geldverbrandingslijst. Hollebolle Gijs Amsterdam constateert dagelijks dat zijn bankrekening weer opnieuw is aangevuld. Hij gaat niet nog meer pleiten voor het behoud van de Lutkemeerpolder. De coalitieakkoord heeft die 20 miljoen euro kennelijk nodig om in een ander gedoemd project te verstoken. Hij laat het bij een opsomming en geheel aan de raad over om een keer goed te luisteren en te bezien. Hij heeft geen vragen, maar doet een oproep aan alle collega’s raadsleden.

De geschiedenis van Lutkemeer in een notendop. De Lutkemeer is een 19e -eeuwse droogmakerij aan de westzijde van Amsterdam met zeer vruchtbare grond. Na de afschaffing van het Rijksbufferbeleid kreeg het gebied de status van bijzonder provinciaal landschap. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ merkt dat de heer Köhler goed in de wedstrijd zit. Zij hoort een zekere berusting, waardoor 20 miljoen euro meer of minder overmaken aan ODC geen punt meer is. Zij vraagt zich af of deze houding niet wat jammer is. De heer KÖHLER vindt 20 miljoen euro ook heel veel geld, maar afgezet tegen de miljoenen die uitgegeven worden aan de metro, ziet hij geen reden om moeilijk te gaan doen over die 20 miljoen euro, want er staat iets tegenover. Hij zet zijn betoog voort. Het gebied verdient de status van bijzonder provinciaal landschap. De Lutkemeer maakt deel uit van de wereldberoemde groene scheggen van Amsterdam. In het kader van de stadsvernieuwing ging Amsterdam in de Lutkemeer onteigenen en herbestemmen om uitgeplaatste bedrijven een plek te geven. Hij beschrijft het falen van dit beleid. De meeste grond in de Lutkemeer is ondergebracht bij SADC, waarvan Amsterdam een van de vier aandeelhouders is. Een deel van de grond van de Lutkemeer behoorde daarna tot de winstgevende projecten. Enige tijd geleden werd in de Lutkemeer grond uitgegeven voor de bouw van o.a.

dit distributiecentrum, dat goeddeels leeg lijkt te staan. Kan de wethouder dit misschien bevestigen of ontkrachten? Dan is er zelfs sprake van een tweede distributiecentrum. Er bestond in de Lutkemeer een bloeiende agrarische gemeenschap, waarin veel buurtbewoners aan de slag gingen. De Lutkemeer groeide de afgelopen decennia uit tot een biopolder. De 40 ha groene Lutkemeer levert met zijn sociaal economische functies en recreatie annex natuurwaarden jaarlijks miljoenen euro’s op. Ondanks verzoeken van de groene gemeenschap onder het platform Behoud Lutkemeer volhardde B en W Amsterdam in het niet teruggeven van de groene bestemming. Dat staat haaks op het huidige groene beleid in de Groenvisie, dat vraagt om een circulaire economie. Wethouder VAN DOORNINCK hoorde de heer Van Schijndel twijfelen aan het juridische argument dat de Stichting Behoud Lutkemeer geen belanghebbende is in de Lutkemeer in de zin dat men een bestemmingsplanwijziging kan doen. Dat is volgens het college wel zo. Zij denkt dat de heer Van Schijndel met meer argumenten moet komen om aan te tonen dat de stichting wel belanghebbende is. Daar heeft het college zich ook aan gehouden.

29

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

De heer VAN SCHIJNDEL vindt dat de stichting belanghebbende is. Het kan volgens hem gewoon niet dat dit wordt afgewimpeld als zijnde ‘geen belanghebbende’. Wethouder VAN DOORNINCK is geïnteresseerd in de juridische onderbouwing van het standpunt van de heer Van Schijndel. Zij is bereid daar uitgebreid over te discussiëren. Ze heeft tot nu toe nog geen juridische reden gehoord. Mevrouw De Bruine had vragen bij het bouwrijp maken van de grond. De gemeente is bezig is bezig met het bouwrijp maken van het eerste deel. Binnen dit deelgebied is er een reserveringsovereenkomst getekend van 5,5 ha. De heer KÖHLER herinnert aan zijn vraag aan de wethouder of zij op de hoogte is van de leegstand van het distributiecentrum dat al gerealiseerd is. Wethouder VAN DOORNINCK noemt het het distributiecentrum, maar het is gewoon het eerste deel van het bedrijventerrein. Dat is inderdaad nog niet helemaal vol. De VOORZITTER stelt vast dat dit punt hierbij voor kennisgeving kan worden aangenomen.

TE HAMEREN RAADSVOORDRACHTEN Ruimtelijke Ordening 22 Vaststellen van de Wijzigingsverordening geldelijke voorzieningen externe commissieleden (toevoeging Technische Adviescommissie Hoofdgroenstructuur) Nr. BD2020-004516 Hiervoor is, aldus de VOORZITTER, geen raadsvoordracht ontvangen. Om die reden wordt dit punt gehamerd, ook in de raad.

23 Verdeling van extra kosten bij realisatie van maatschappelijke voorzieningen als gevolg van generieke beleidsambities en project-specifieke eisen. Nr. BD2020-004331 Mevrouw Van Soest had hier het woord gevraagd, maar is niet langer aanwezig. Daarom stelt de VOORZITTER voor die agendapunt toch als behandeld te beschouwen. Hij stelt vervolgens vast dat het gehamerd zal worden in de raadsvergadering. Grondzaken 24 Het vaststellen van de Nota van Uitgangspunten kruising Meeuwenlaan – J. van Hasseltweg. Nr. BD2020-004419 De heer HOFLAND heeft een vraag naar aanleiding van punt 4 van het advies van stadsdeel Noord, waarin gevraagd wordt om de voortzetting van een gedegen participatietraject. Hij is benieuwd te horen hoe ervoor gezorgd wordt dat de belangen van bewoners, ondernemers en andere betrokkenen goed worden meegenomen in het proces zowel als in de inhoud van de planvorming. Hoe worden zij in de gelegenheid gesteld om hun ideeën mee te geven? Mevrouw VAN RENSSEN maakt zich zorgen over de oversteekbaarheid als de rotonde straks veranderd is in een breed opgezet kruispunt met stoplichten voor voetgangers en fietsers. De grote hoeveelheid autoverkeer in Noord speelt ook hier weer. De regulering van het autoverkeer is moeilijk. Zij denkt dat hier het denken van de jaren zestig botst met de huidige ideeën over de krappere straten in Oud-Noord. Het is volgens

30

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 9 december 2020

RO

haar nog maar de vraag of de aanpassing tot een oplossing leidt. Daarom vraagt zij het college speciale aandacht te hebben voor die opstelstroken en de oversteekbaarheid. Wat kan er verder nog meer gedaan worden om het autogebruik te reguleren? Wethouder VAN DOORNINCK legt uit dat dit niet een kwestie is voor de commissie Verkeer, maar voor deze commissie omdat het raakt aan het Havenstraatterrein. Het Gaat om een nota van uitgangspunten en mevrouw Van Renssen maakte zich zorgen over de oversteekbaarheid. Zij zal dat punt nog een keer specifiek onder de aandacht brengen. Die oversteekbaarheid is van belang, omdat men die ongedeelde wijk wil. Zij deelt de zorg van mevrouw Van Renssen betreffende het vele asfalt van het brede kruispunt, maar dat is het gevolg van het feit dat er met verkeerslichten wordt gewerkt. Minder asfalt kan daardoor niet in dit geval. Dit kruispunt wordt verder niet alleen voor de ontwikkeling van het Havenstraatkwartier aangelegd, maar het huidige verkeer verreist dit reeds. Richting de heer Hofland erkent zij de problematiek van de participatie, want ook hier gaat het om een transformatiegebied, waarin participatie altijd problematisch is. Dat is hier extra belangrijk, want voor mensen uit de Vogelbuurt is de ontwikkeling van het Havenstraatkwartier iets waar zij grote zorgen over hebben. Daarom neemt zij die participatie zeer serieus.

Mevrouw VAN RENSSEN komt terug op haar vraag betreffende de regulering van autoverkeer. Zij wijst erop dat de fractie van GroenLinks hierover een motie overweegt. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat de regulering van het autoverkeer ook een wens is van dit college. Vandaar dat er op dit moment de laatste hand wordt gelegd aan het mobiliteitsplan Noord. Daarin wordt ook op dit punt ingegaan. Zij raadt aan die motie dan daarbij in te dienen. Mevrouw VAN SOEST (die opgehouden werd) heeft vier vragen aan de wethouder. Er is onvoldoende duidelijk gemaakt waarom de rotonde vervangen moet worden door dit kruispunt en niet door een turborotonde. Er is bovendien niet duidelijk gemaakt waarom men in de participatie hieraan voorbij is gegaan. De keuze voor een kruispunt wordt onderbouwd op oneigenlijke argumenten, zoals capaciteit en de nota voor de aanleg van een Schellingwoudelaan. Zij heeft haar argumenten uit een advies van een bureau dat veel bekendheid geniet op dit terrein. Wethouder VAN DOORNINCK wijst er nogmaals op dat het huidige kruispunt niet meer voldoet aan de te stellen eisen. Bovendien zit er groei aan te komen, dus er moet aan gewerkt worden. De enige goede manier om hier soelaas te bieden is een oplossing met stoplichten.

Zij constateerde reeds dat er veel reacties zijn gekomen, die betrekking hadden op het Havenstadkwartier dan op deze kruising, omdat men ziet dat deze kruising echt gewenst is. De VOORZITTER stelt vast dat die punt naar de raadsvergadering kan waar het een korte behandeling zal krijgen.

BESLOTEN DEEL B1 is gehamerd

De VOORZITTER sluit deze vergadering om 17.55 uur.

31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9577483/2