CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

4. 20240522notavanbeantwoording-couperusbuurt-anoniem.pdf

RAAD 17 juli 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de Investeringsnota Couperusbuurt en het beschikbaar stellen van een krediet. (VN2024-008240)15.788 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Investeringsnota Couperusbuurt Nota van beantwoording

CONCEPT dd. 22 mei 2024 1

Inhoud 1 Inleiding ................................................................................................................. 3 2 Inspraakperiode ...................................................................................................... 4 3 Advies stadsdeel Nieuw-West................................................................................... 5 4 Bewonerscommissie Couperusbuurt ....................................................................... 11 5 Inloopbijeenkomst ................................................................................................ 14 6 Reacties ............................................................................................................... 16 6.1 Algemeen ................................................................................................................................16 6.2 Herhuisvesting en woonprogramma........................................................................................18 6.3 Fasering .................................................................................................................................. 24 6.4 Waarom slopen en verdichten ................................................................................................

25 6.5 Woonprogramma .................................................................................................................... 27 6.6 Garages Adriaan van Oordthof ............................................................................................... 28 6.7 Verkoop sociale huurwoningen ............................................................................................... 28 6.8 Parkeren ................................................................................................................................. 28 6.9 Cultuurhistorie ....................................................................................................................... 29 6.10 Groen.....................................................................................................................................32 6.11 Voorzieningen........................................................................................................................32 6.12 Buurttoets .............................................................................................................................

33 6.13 Fouten en onzorgvuldigheden in concept nota ......................................................................34 6.14 Overig....................................................................................................................................34 7 Conclusie .............................................................................................................. 36

2

1 Inleiding

In deze Nota van Beantwoording doen we verslag van de inspraak op de concept Investeringsnota Couperusbuurt. De concept Investeringsnota Couperusbuurt geeft het kader aan waarbinnen de vernieuwing van de Couperusbuurt plaatsvindt. Bij de vernieuwing wijzigt de ruimtelijke inrichting van de wijk. De belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de huidige situatie zijn: • Sloop/nieuwbouw van ca. 370 duplexwoningen tussen de Louis Couperusstraat en de Burgemeester Röellstraat, langs de Burgemeester Rendorpstraat en enkele woningen aan de Burgemeester Eliasstraat. Hiervoor in de plaats komen circa 950 - 989 nieuwe woningen. De bouwhoogte varieert tussen de 3 tot 7 bouwlagen; • Renovatie van 168 duplexwoningen in het noordelijk deel van de buurt; • Renovatie en samenvoegen van 162 duplexwoningen tot ca. 81 eengezinswoningen. Deze woningen worden verkocht. • Het aantal sociale huurwoningen blijft gelijk en bestaat in de nieuwe situatie uit 168 gerenoveerde woningen en ca. 528 nieuwbouwwoningen. • Toevoegen van ongeveer 2.000 m2 bvo extra niet-woonruimte voor commerciële en maatschappelijke functies; • Daar waar in de huidige situatie de woningen allemaal klein zijn (35-40 m2), komt er in de nieuwe situatie een mix van woningen, zodat er zowel ruimte komt voor 1- en 2-persoons huishoudens als voor kleine en grotere gezinnen. • De reguliere huurders (d.w.z.

huurders met een reguliere huurovereenkomst) krijgen de mogelijkheid om naar wens terug te keren naar een gerenoveerde woning of een nieuwbouwwoning. Bewoners kunnen er ook voor kiezen om met hun stadsvernieuwingsurgentie naar een woning buiten de buurt te verhuizen. • Integrale herinrichting van de openbare ruimte: o Vermindering van het aantal parkeerplaatsen op straat; o Eenrichtingsverkeer voor autoverkeer tussen de Dichtersbuurt en Couperusbuurt om sluipverkeer tegen te gaan; o Integrale vernieuwing van de verharding en het groen; o De aanleg van drie nieuwe speelplekken. • De vernieuwing van de Couperusbuurt duurt minimaal 8 jaar. In deze periode komt er extra aandacht voor interim beheer om de buurt leefbaar te houden. In deze Nota van Beantwoording inspraak concept Investeringsnota Couperusbuurt gaan we in op het advies van stadsdeel Nieuw-West, de mondelinge reacties tijdens de inloopbijeenkomst en de zienswijzen die tijdens de inspraakperiode zijn binnen gekomen.

3

2 Inspraakperiode

De concept Investeringsnota heeft zes weken ter inzage gelegen van 20 maart 2024 t/m 1 mei 2024. De bewoners en omwonenden van het te vernieuwen gebied zijn hierover geïnformeerd met een informatiekrant waarin de plannen zijn toegelicht. Verder is informatie beschikbaar gesteld via de webpagina amsterdam.nl/couperusbuurt. Tevens zijn bewoners geattendeerd op de inspraakperiode via de digitale nieuwsbrief en sociale mediakanalen van stadsdeel Nieuw-West en een advertentie in de Westerpost. Om het plan toe te lichten en bewoners de gelegenheid te geven te reageren is op 26 maart een inloopbijeenkomst georganiseerd in het plangebied waarvoor alle bewoners in het verspreidingsgebied zijn uitgenodigd.

Figuur 1: in blauw: verspreidingsgebied. In rood: het te vernieuwen gebied.

4

3 Advies stadsdeel Nieuw-West

In zijn vergadering van 14 mei 2024 heeft het stadsdeel Nieuw-West het onderstaande advies vastgesteld: Bewoners van de Couperusbuurt wachten al jaren op de vernieuwing van hun buurt. Reeds in 2009 heeft de toenmalige deelraad Geuzenveld-Slotermeer hiervoor een vernieuwingsplan vastgesteld. Als gevolg van de crisis is dit toen niet uitgevoerd. Stadsdeel Nieuw-West is verheugd dat er nu eindelijk een concreet plan ligt voor de vernieuwing van deze buurt. De woningen zijn klein en technisch verouderd. Bewoners ervaren veel klachten. Wel zien we dat net als in 2009 de bewoners van de buurt nog steeds verdeeld zijn over de gewenste ingreep: of renovatie of sloop/nieuwbouw. Het voorstel om ongeveer de helft van de woningen te renoveren en de andere helft te slopen en te vervangen door nieuwbouw vinden we een goede keuze die recht doet aan de verdeeldheid in de buurt. Deze keuze betekent echter ook dat de voorstanders van sloop/nieuwbouw zullen vinden dat er te weinig gesloopt worden en de voorstanders van renovatie zullen vinden dat er te veel gesloopt wordt. Met dit in het achterhoofd hebben we de uitslagen van het woonwensenonderzoek en de buurttoets gelezen en gewogen. Zoals geformuleerd in de principenota Geuzenveld-Slotermeer is de vernieuwing allereerst bedoeld om de situatie voor de huidige bewoners te verbeteren.

Positief zijn we dan ook over het uitgangspunt dat bewoners ongeacht of men nu in een te slopen of in een te renoveren woning woont, men na de vernieuwing kan kiezen om terug te keren naar of een gerenoveerde woning of een nieuwe woning. Wij zijn ook positief over de grotere variatie in woninggroottes. Nu staan er alleen kleine woningen (van ongeveer 35-45 m2). In de nieuwe situatie komt er een breed palet aan soorten woningen, waaronder ook grote woningen voor gezinnen waar in Nieuw-West veel behoefte aan is. Dit is belangrijk om invulling te geven aan een doorlopende leeflijn waarbij er woningen beschikbaar zijn voor bewoners in hun verschillende levensfase. Verder is het goed dat er behalve woningen ook ruimte wordt gereserveerd voor economische en maatschappelijke functies. Om deze nieuwe voorzieningen goed te laten aansluiten bij de wensen en behoeften van de buurt, roepen we het college op om bij de invulling gebruik te maken van de expertise van het stadsdeel en de bewoners. In een leefbare buurt is ook de buitenruimte van belang. Zeker in het renovatiedeel blijft het groene karakter van de buurt goed behouden. Het zuidelijk deel van de buurt wordt gesloopt en vervangen door woningen in een grotere dichtheid. Dit betekent dat er minder ruimte overblijft voor groen.

Gezien het feit dat hiermee zo’n 400 woningen extra gebouwd kunnen worden, vinden wij dit een acceptabele keuze. We ondersteunen de ambitie in de investeringsnota om de openbare ruimte zo groen mogelijk in te richten, en vragen hierbij ook nadrukkelijk aandacht om de openbare ruimte zo in te richten dat de inrichting “ontmoeten” en “verbinden” stimuleert. Naast bovenstaande punten zien we dat de concept investeringsnota ook een aantal consequenties heeft die niet passen bij het uitgangspunt dat de vernieuwing primair is gericht 5

op de huidige huurders. Het gaat hierbij om betaalbaarheid voor de huurders, verkoop van sociale huurwoningen en het aantal sociale huurwoningen na de vernieuwing. Op deze punten pleiten we voor een aanpassing van het plan: 1. Ontbinden van huurovereenkomsten De vernieuwing van de buurten doen we primair voor de zittende bewoners. Dit is ook een belangrijk uitgangspunt van het Afsprakenkader Röellbuurten en het Nationaal Programma Samen Nieuw-West Afspraken over herhuisvesting en huurprijzen worden niet vastgelegd in de investeringsnota, maar hebben een plek in het Sociaal Plan dat door de corporatie wordt opgesteld. Een van de bepalingen in het sociaal plan is dat alle huurcontracten worden ontbonden en dat bewoners die in de buurt blijven wonen een nieuwe huurovereenkomst met nieuwe huurprijs krijgen aangeboden. Stadgenoot wil dit ook laten gelden voor de bewoners in een te renoveren woning die na de renovatie terug zouden willen keren naar hun woning. Binnen de gemeente is het uitgangspunt dat huurovereenkomsten alleen worden ontbonden als het niet anders kan (oftewel: “men kan niet terugkeren naar de woning omdat deze feitelijk niet meer bestaat”. Dit is meestal het geval bij sloop/nieuwbouw of bij een ingrijpende wijziging van de woning).

Het stadsdeel vindt dat de voorgenomen aanpassingen aan de te renoveren woningen niet fundamenteel genoeg zijn om de contracten van deze bewoners te ontbinden. Ook bij andere renovatieprojecten in het stadsdeel waarbij de woning niet ingrijpend verandert, is het gebruikelijk dat bewoners kunnen kiezen om of terug te keren naar hun gerenoveerde woning met behoud van de huurovereenkomst (met een toeslag voor de renovatie) of kunnen verhuizen naar een andere woning met een nieuwe huurovereenkomst. Het stadsdeel roept het college met klem op om hierover met Stadgenoot in gesprek te gaan met als inzet dat huurders terug kunnen keren naar hun gerenoveerde woning met behoud van de huurovereenkomst.

Beantwoording: Alhoewel het al dan niet ontbinden van huurovereenkomsten een zaak is tussen huurder en verhuurder, heeft deze discussie een relatie met de voorstellen in de investeringsnota en de later af te geven toestemming (peildatum) voor start herhuisvesting en geeft de gemeente ook een rol in deze discussie. Het uitgangspunt van de gemeente is dat bij een renovatie waarbij de woning niet fundamenteel wijzigt, de huurovereenkomst in stand dient te blijven. Naar aanleiding van de verschillende adviezen en reacties over dit onderwerp heeft Stadgenoot besloten om de huurders in de te renoveren woningen -die niet fundamenteel wijzigen- de mogelijkheid te bieden om terug te keren naar deze gerenoveerde woning met behoud van de huurovereenkomst. Wij zijn blij met deze stap van Stadgenoot, waarmee tegemoet wordt gekomen aan de wens van het stadsdeel en de zorgen bij bewoners uit de Couperusbuurt.

2. Woonprogramma De behoefte aan sociale huurwoningen in Amsterdam is groot maar er is ook behoefte aan meer middenhuurwoningen in Amsterdam. Het stadsdeel adviseert om bij de vernieuwing vooral in te zetten op het vergroten van het aantal middenhuurwoningen. Het stadsdeel kan zich een eindbeeld voorstellen van 60% sociale huur, 25 % middenhuur en 6

15 % vrije sector. Beantwoording: In de samenwerkingsafspraken is tussen gemeente en corporaties afgesproken dat bij gebiedsontwikkeling het aantal sociale huurwoningen in ieder geval gelijk dient te blijven. Vanwege deze noodzaak is de standaardverdeling van 40-40-20 niet toepasbaar en moeten we specifiek voor dit project de juiste verdeling bepalen. Hierbij spelen verschillende overwegingen een rol. Differentiatie en financiële haalbaarheid zijn daarbij belangrijke overwegingen. Het advies van het stadsdeel is om uit te komen op een eindbeeld van 60-25-15 voor de hele buurt (bestaande woningen en nieuwbouw). Dit is niet haalbaar. Het zou namelijk betekenen dat een zeer groot deel van de nieuwbouw in de middenhuur moet worden gerealiseerd en er vrijwel geen ruimte is voor vrije sectorwoningen. Voor een evenwichtige buurt denken we dat het beter is om ook voldoende vrije sector woningen toe te voegen. Daarnaast heeft het vooral inzetten op middenhuurwoningen grote financiële consequenties voor de grondexploitatie van zowel gemeente als van Stadgenoot. Het voorgestelde percentage kunnen we daarom niet overnemen. Wel is het mogelijk gebleken om extra middensegment-woningen toe te voegen. In de nieuwbouw komen we nu uit op een percentage van 54% sociaal, 23% middensegment en 23% vrije sector.

3. Verkoop van sociale huurwoningen Onderdeel van het plan voor de vernieuwing van de buurt is het samenvoegen en vervolgens verkopen van sociale huurwoningen. Het stadsdeel adviseert om de woningen niet te verkopen aan individuele kopers, maar te onderzoeken of de woningen verkocht kunnen worden aan een derde partij die de woningen vervolgens aanbiedt als middenhuurwoning. Beantwoording: Het samenvoegen en vervolgens verkopen van een aantal sociale huurwoningen is een belangrijk onderdeel voor de vernieuwing van de buurt. Op deze manier krijgt ook het noordelijk deel van de buurt een meer gedifferentieerde samenstelling en komen er eengezinswoningen beschikbaar die interessant zijn voor gezinnen met een iets hoger inkomen. We zijn blij dat een ruime meerderheid zich kan vinden in het samenvoegen en omzetten van deze woningen. Het advies om te onderzoeken of de woningen in plaats van te verkopen aan individuen, aan een derde partij verkocht kunnen worden die de woningen vervolgens aanbiedt als middenhuurwoning is interessant. De woningen zijn eigendom van Stadgenoot en deze constructie is alleen mogelijk als Stadgenoot hiermee akkoord is. De verkoop van de woningen is voor Stadgenoot van belang om de vernieuwing van de Couperusbuurt te kunnen betalen. We zullen in gesprek gaan met Stadgenoot om te verkennen of het gevraagde onderzoek voorstelbaar is.

4. Extra investeren in leefbaarheid tijdens de vernieuwing Veel bewoners wachten al lang op de vernieuwing van de buurt. Vanzelfsprekend kan de buurt niet in een keer worden aangepakt. Dit heeft echter wel als consequentie dat een deel van de bewoners nog een flinke tijd in hun verouderde woning zal moeten blijven wonen. We vinden het belangrijk dat er gedurende de verbouwing van de buurt voldoende aandacht blijft voor deze bewoners. Dat kan bijvoorbeeld door extra aandacht te besteden aan leefbaarheid en het beperken van de overlast zoals extra stortcontainers bij verhuizingen, maar ook door het organiseren van activiteiten gedurende de verbouwingen. Dit kan in gezamenlijkheid met het stadsdeel.

7

Het stadsdeel adviseert om in de grondexploitatie voldoende middelen op te nemen om tijdens de verbouwing de buurt leefbaar te houden (ook middelen voor verbinden en ontmoeten). Ook verzoeken we het college om met Stadgenoot afspraken te maken dat de woningen die nog niet aan de beurt zijn, voldoende worden onderhouden en dat Stadgenoot aanspreekbaar is bij klachten en overlast. Beantwoording: We zijn het eens met het advies van het stadsdeel om de buurt gedurende de vernieuwing leefbaar te houden en activiteiten te organiseren waardoor bewoners betrokken blijven bij hun buurt. De afgelopen jaren is een leefbaarheidsoverleg gestart waarin bewoners, Stadgenoot en gemeente de situatie in de buurt bespreken en concrete acties starten om knelpunten met de leefbaarheid aan te pakken. In de grondexploitatie is een bedrag voor interim beheer opgenomen. 5. Snelheidsbeperkende maatregelen Met het toevoegen van extra woningen kan de verkeersdrukte in de buurt toenemen. Reeds nu ervaren bewoners dat er op verschillende stukken te hard wordt gereden. Het stadsdeel adviseert om bij de herinrichting van de openbare ruimte voldoende snelheidsbeperkende maatregelen te treffen, zodat de nieuwe Couperusbuurt een veiligere buurt wordt. Beantwoording: We zijn het eens met het advies van het stadsdeel.

Bij de uitwerking van het inrichtingsplan voor de openbare ruimte zullen we extra aandacht besteden aan voldoende snelheidsbeperkende matregelen. Het Inrichtingsplan wordt vastgesteld door het stadsdeelbestuur, zodat het stadsdeel kan beoordelen of voldoende maatregelen worden genomen.

6. Leefbaarheid met focus op veiligheid en een schone straat De verbetering van de leefbaarheid in de Couperusbuurt moet een integrale aanpak omvatten, waarbij een schone en veilige leefomgeving centraal staat. Het is belangrijk om niet alleen te focussen op groenvoorzieningen, maar ook op het handhaven van een schone straat en het tegengaan van overlast. Dit kan worden bereikt door voldoende middelen te alloceren voor regelmatig onderhoud en reiniging van de openbare ruimte, en door actieve betrokkenheid van bewoners bij het handhaven van een prettige leefomgeving. Hoewel het belangrijk is om extra te investeren in leefbaarheid, moeten de prioriteiten gericht zijn op het creëren van een veilige en schone buurt. De huidige situatie, waarbij zowel de veiligheid 's nachts als de overlast door criminaliteit een magere score tussen 5,5 en 6 heeft (WiA, 2021), vereist dringende aandacht om de veiligheidssituatie te verbeteren. In lijn met de concept-investeringsnota moeten we ons richten op het waarborgen van sociale veiligheid en het voorkomen van overlast. Hierbij dienen we de richtlijnen van het 'Politiekeurmerk Veilig Wonen' nauwgezet te volgen. Deze richtlijnen omvatten onder andere het waarborgen van voldoende zicht vanuit woningen op de entrees naar de hoven, het installeren van adequate verlichting en verlichte wandelpaden.

Beantwoording: We zijn het eens dat de verbetering van de leefbaarheid in de buurt een integrale aanpak behoeft, waarbij er ook aandacht is voor een schone en veilige leefomgeving. Dit geldt overigens ook voor de andere wijken in het stadsdeel. Een belangrijke rol is hierbij weggelegd voor het wijkmanagement. De inzet vanuit wijkmanagement is geïntensiveerd en dit jaar is al gestart met extra activiteiten om te komen tot een schone en veilige buurt. Met het nationaal programma hopen we hier ook extra steun voor te krijgen. Ook ondersteunen we de oproep om bij de concrete uitwerking van de plannen gebruik te maken van het Politiekeurmerk Veilig Wonen. 8

7. Voorkom eentonigheid in architectuurbeeld. Als je doet wat je deed, krijg je je wat je had. Het stadsdeel adviseert om bij de nieuwbouw een te grote eentonigheid (te veel ononderbroken horizontale en verticale lijnen gebaseerd op de Stijlbeweging zoals in de investeringsnota Couperusbuurt beschreven staat) te voorkomen. Beantwoording: De architectonische kwaliteit in de stad wordt bewaakt door de Commissie Omgevingskwaliteit (voorheen Commissie Ruimtelijke Kwaliteit, Welstandscommissie). De commissie toetst de plannen aan de welstandsnota Schoonheid van Amsterdam. De nieuwbouw in de Couperusbuurt dient aan deze welstandseisen te voldoen en te passen binnen de ruimtelijke kenmerken van het gebied. De huidige buurt bestaat uit ongeveer 700 dezelfde duplexwoningen. In de nieuwe situatie zal de situatie zeker gevarieerder worden omdat de nieuwbouw door verschillende architecten zal worden ontworpen en er een grotere variatie zal ontstaan in bijvoorbeeld bouwhoogte en invulling van de plinten. De nieuwbouw langs de Burgemeester Röellstraat zal een andere uitstraling hebben dan nieuwbouw binnen in de buurt. Hierbij is het natuurlijk van belang, dat de ruimtelijke samenhang binnen de buurt behouden blijft.

8. Terugkeergarantie Het stadsdeel benadrukt dat bewoners die terug willen keren naar hun eigen buurt de garantie moeten krijgen dat zij ook daadwerkelijk terug kunnen komen. Beantwoording: In het Sociaal Plan voor de vernieuwing van de buurt heeft Stadgenoot opgenomen dat als huurders met een regulier contract aangeven door te willen stromen naar een woning in de wijk, Stadgenoot de inspanningsverplichting heeft om te helpen bij het vinden van een woning zo dicht mogelijk bij de oude woning en zoveel mogelijk naar wens van de bewoner. In de huidige situatie zijn er nog zo’n 350 huurders met een regulier contract die in aanmerking komen voor terugkeer. In de nieuwe situatie zijn er ongeveer 700 gerenoveerde en nieuwe woningen. Dit betekent dat er naar verwachting voldoende woningen zijn voor huurders die terug willen keren in de buurt. Bij het ontwerp van de nieuwbouw houdt Stadgenoot rekening met de herhuisvestingsopgave zodat terugkeerders maximaal gefaciliteerd worden. Als huurders nu een tuin hebben en die willen behouden, dan rekent Stadgenoot dat tot de inspanningsverplichting. Sommige sociale huurders willen en kunnen doorstromen naar vrije sectorhuur- en koopwoningen in de nieuwe Couperusbuurt. Stadgenoot spant zich in om deze huurders voorrang te geven voor de woningen.

9. Oog hebben voor zorgen bewoners bij 2 keer verhuizen Het stadsdeel adviseert tevens om oog te hebben voor de zorgen die bewoners hebben bij het twee keer verhuizen. Twee keer verhuizen heeft een ontmoedigend effect voor terugkeer onder de huidige bewoners door onder andere de financiële gevolgen. Beantwoording: Het streven bij de vernieuwing is dat huurders de willen terugkeren in de buurt, zoveel mogelijk in èèn keer naar hun definitieve woning kunnen verhuizen. Zeker in het begin zal dat nog niet mogelijk zijn, 9

omdat er dan nog geen nieuwbouw of gerenoveerde woningen aanwezig zijn in de Couperusbuurt. Deze bewoners die willen terugkeren zullen dan eerst gebruik moeten maken van een wisselwoning. Vanuit Stadgenoot zal extra ondersteuning worden aangeboden aan mensen die dat nodig hebben. Bij de start van de herhuisvesting krijgen alle huurders een huisbezoek waarin het proces wordt uitgelegd en bewoners hun wensen en zorgen kunnen bespreken. Aangezien de vernieuwing zich zal uitstrekken over een lange periode is het zinvol om het herhuisvestingsproces goed te monitoren en bij knelpunten actie te ondernemen.

10

4 Bewonerscommissie Couperusbuurt

In 2023 heeft de Bewonerscommissie Couperusbuurt naar aanleiding van de uitkomsten van de Buurttoets een reactie gegeven op de uitkomsten en het plan voor de vernieuwing van de buurt. Alhoewel de reactie formeel geen deel uitmaakt van het inspraaktraject, hebben we voor de volledigheid de reactie van de bewonerscommissie, inclusief de reactie die toen der tijd is gegeven in deze Nota van Beantwoording opgenomen. 1. De bewonerscommissie signaleert een tweedeling in de waardering voor de vernieuwing: gezinnen (en jongeren) waarderen de plannen meer positief en ouderen en kleinere huishoudens juist negatief. De commissie vindt dat de plannen voor beide groepen aantrekkelijk moeten zijn. Beantwoording: We herkennen de constatering dat oudere bewoners wat negatiever staan tegenover de vernieuwing, terwijl de jongere bewoners en de gezinnen de vernieuwing juist omarmen. De ouderen lijken meer waarde te hechten aan behoud van de huidige situatie en vrezen een verhoging van de huurprijzen. We zijn het eens dat de plannen voor beide groepen aantrekkelijk moeten zijn. In eerste instantie was het voorstel om alle duplexwoningen te slopen, zoals ook in 2009 met de vaststelling van het vernieuwingsplan Slotermeer Zuid was besloten.

We hebben dat idee losgelaten en we denken dat we met de keuze voor deels renovatie en deels sloop/nieuwbouw een plan hebben gemaakt dat tegemoet komt aan de wensen van beide groepen (maar tegelijkertijd een plan waarvan beide groepen mogelijk vinden dat het te ver gaat of juist niet ver genoeg gaat). 2. De bewonerscommissie is van mening dat in de buurttoets te weinig gevraagd is naar specifieke onderdelen van het plan, waardoor het ook niet goed mogelijk is om de precieze pijnpunten te benoemen. De bewonerscommissie vraagt om een aanvullend onderzoek te doen waarbij expliciet naar de pijnpunten zoals benoemd door de bewonerscommissie, wordt gevraagd. Beantwoording: In de gesprekken die we met de bewonerscommissie hebben gehad over de vraagstelling van de buurttoets is dit ook aan de orde gekomen. De wens van de bewonerscommissie was om per blok en per ingreep uit te vragen wat bewoners van de voorstellen vinden. We hebben toen aangegeven dat het om een integraal plan gaat met alle plussen en minnen en we juist willen weten of er voldoende draagvlak is voor het plan als geheel. Dat hebben we uitgevraagd en de uitkomsten van de buurttoets laten zien dat een meerderheid het totaal steunt. Omdat het om een samenhangend geheel gaat, heeft het geen meerwaarde om het draagvlak per ingreep uit te vragen.

In de buurttoets hebben we naast de algemene vraag over wat bewoners vinden van het vernieuwingsplan in zijn algemeenheid ook een aantal deelvragen gesteld om een beter beeld te krijgen van het draagvlak, zoals:

11

•

•

•

“Nieuwbouw en renovatie: Wat vindt u ervan dat een deel van de woningen wordt opgeknapt (ingrijpend gerenoveerd) en een deel van de woningen wordt vervangen door nieuwbouw?” Een ruime meerderheid van 58% is (zeer) positief en 25% is (zeer) negatief. Ook hebben we expliciet gevraagd naar de mening over bebouwing langs de Burgemeester Röellstraat: “Nieuwbouw Burgemeester Röellstraat: Wat vindt u ervan dat er langs de Burgemeester Röellstraat nieuwbouw komt van 3 tot 7 lagen, zodat er extra woningen gebouwd kunnen worden?” Ook hierover blijkt 58% (zeer) positief te zijn en 25% (zeer) negatief. Daarnaast hebben bewoners kunnen aangeven wat men het meest positief en wat men het meest negatief vindt van de plannen. Op deze manier heeft iedereen zijn/haar eigen pijnpunten onder de aandacht kunnen brengen.

3. De bewonerscommissie is van mening dat er eerst nieuwbouw moet zijn gerealiseerd, voordat er wordt gerenoveerd of gesloopt. Beantwoording: Het verzoek om eerst nieuwbouw te realiseren in de Couperusbuurt en dan pas woningen te slopen of te renoveren, is helaas niet haalbaar. “Nieuwbouw zonder eerst te slopen” is alleen mogelijk langs de Burgemeester Röellstraat bij het Nico van Suchtelenhof en Willem Paaphof. Om hier te kunnen bouwen, moet echter eerst een warmte-transportleiding worden verlegd en dat werk zal niet eerder gereed zijn dan op zijn vroegst in 2026. Dat betekent dat de eerste nieuwbouw op die locatie pas in 2028 kan worden opgeleverd en bewoners dus tot die tijd in hun woningen moeten blijven wonen. Dit sluit niet aan bij de wens van een grote groep bewoners om vooral vaart te maken met de vernieuwing. Stadgenoot heeft daarom voorgesteld om te starten met de renovatie van de woningen aan de noordkant van de buurt en de sloop van twee kleinere blokjes aan de Burgemeester Eliasstraat (18 woningen) en Burgemeester Rendorpstraat (18 woningen) omdat hier meer woningen kunnen worden teruggebouwd waarmee de herhuisvesting op gang kan worden gebracht. Stadgenoot stelt woningen beschikbaar in de nabije omgeving, zodat bewoners in GeuzenveldSlotermeer kunnen blijven wonen.

Alle huurders met een regulier contract hebben daarnaast de toezegging dat wie dat wil -eventueel via een wisselwoning- terug kan keren naar een gerenoveerde of nieuwe woning in de Couperusbuurt. Daarnaast hebben we met de andere corporaties in de Röellbuurten afstemming over de herhuisvesting en proberen we waar mogelijk daarin samen te werken zodat bewoners desgewenst ook naar de nieuwbouw van de andere corporaties kunnen doorverhuizen. 4. • • •

•

Door de verdichting verdwijnt het karakter van de buurt, daarom stellen jullie voor: Geen 7 bouwlagen langs Burgemeester Röellstraat Alleen nieuwbouw op lege plekken en eerste rij langs de Burgemeester Röellstraat; Nieuwbouw in het midden van de buurt niet acceptabel: o Burgemeester Rendorpstraat (veld 10B) o Burgemeester Eliasstraat (veld 1B). Meer groen in de zuidstrook en minder verstopt in de (afgesloten) hoven.

Beantwoording: We begrijpen de opmerkingen over de mate van verdichting en de verandering die dat met zich meebrengt. Zeker de plannen voor de nieuwbouw langs de Burgemeester Röellstraat betekenen een 12

aanzienlijke verandering in de buurt. Nu is het een laagbouwbuurt en straks wordt het een gebied met bouwhoogten van 3 tot 7 bouwlagen. Gezien de grote woningbouwopgave van de stad is in de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 aangegeven dat de buurten langs de Burgemeester Röellstraat een meer stedelijke invulling krijgen. De voorgestelde verdichting en bouwhoogte zijn hierbij passend en gewenst. Ook sluit de aanpak en dichtheid die we voor ogen hebben voor het deel langs de Burgemeester Röellstraat goed aan op die van de Dichtersbuurt en Lodewijk van Deysselbuurt. De hoogste bebouwing (7 lagen) komt hierbij langs de Burgemeester Röellstraat en aan de kant van de Couperusstraat wordt de bebouwing vijf lagen hoog. Hiermee sluit het aan bij de bouwhoogte van de bestaande appartementenblokken bij onder andere het Nico van Suchtelenhof. De bouwhoogte langs de Burgemeester Röellstraat wordt in de buurttoets slechts door een klein aantal bewoners als meest negatieve punt naar voren gebracht. Behalve de nieuwbouw in de strook tussen Louis Couperusstraat en Burgemeester Röellstraat is het voorstel om twee kleine nieuwbouwprojecten te realiseren aan de Burgemeester Rendorpstraat en aan de Burgemeester Eliasstraat. Met deze projecten is het mogelijk om snel nieuwbouw te realiseren zonder eerst grootschalig te slopen.

Stedenbouwkundig kan dit op een verantwoorde manier en de winst voor de herhuisvesting is aanzienlijk. De opgave om extra woningen te bouwen, betekent dat de hoeveelheid openbare ruimte vermindert. Aan de andere kant wordt in het gemeentelijk parkeerbeleid het aantal parkeerplaatsen op straat verminderd. Dit biedt de mogelijkheid om straten met meer groen in te richten. De hoeveelheid openbare ruimte wordt minder, maar zal wel groener worden ingericht.

5. De bewonerscommissie is tegen het ontbinden van de huurovereenkomsten, waardoor bewoners die terugkeren een nieuwe huurovereenkomst moeten afsluiten tegen een vaak fors hogere huurprijs. Beantwoording: Voor de beantwoording verwijzen we naar de beantwoording van het advies van stadsdeel NieuwWest.

13

5 Inloopbijeenkomst

Tijdens de inloopbijeenkomst op 26 maart waren er 33 bewoners aanwezig. Zij konden in gesprek gaan met medewerkers van de gemeente en medewerkers van Stadgenoot. Bewoners deelden opmerkingen en vragen over de plannen, met nadruk op de behoefte aan duidelijkheid en zekerheid rondom de nieuwe woningen. De inloopbijeenkomst viel in de ramadan. Na een gesprek met contacten uit de islamitische gemeenschap is besloten om aan het einde van de avond een iftar te organiseren en mensen de gelegenheid te bieden om naar de inloopbijeenkomst te komen en ook samen te eten. Hieronder een impressie van de vragen en opmerkingen die tijdens de bijeenkomst zijn gesteld: • Graag duidelijker aangeven in de investeringsnota wat er met de Adriaan van Oordthof gaat gebeuren en meer specifiek wat er met de garageboxen gaat gebeuren; Antwoord: in de investeringsnota zal duidelijk worden aangegeven wat de plannen zijn voor de garageboxen. • Het Adriaan van Oordthof staat nu als laatste in de planning. Kan dat worden versneld? Antwoord: de Couperusbuurt is een grote buurt. Niet alles kan in een keer worden aangepakt, met name omdat niet alle bewoners in één keer (tijdelijk) geherhuisvest kunnen worden. Het omdraaien van de fasering betekent dat andere delen van de buurt later aan de beurt zijn. Het is daardoor niet wenselijk om de Adriaan van Oordthof naar voren te halen.

Het veranderen van de fasering zou er ook toe kunnen leiden dat pas later met de nieuwbouw kan worden begonnen. De nieuwbouw is dringend gewenst om bewoners die willen terugkeren een nieuw huis aan te kunnen bieden. • Er worden nog steeds gezinnen met een kind toegewezen in de duplexwoningen. Daar zijn deze woningen niet geschikt voor. Waarom gebeurt dit? Antwoord: Stadgenoot heeft onlangs toestemming gekregen om te starten met tijdelijke verhuur in fase 1. Hiermee kan Stadgenoot beter sturen op de verhuring van de woningen. De verwachting is dat hierdoor minder ongewenste verhuringen zullen optreden. • Is er al meer duidelijkheid wat voor (zorg/welzijns)voorzieningen er bij komen in de buurt? Antwoord: In de nieuwbouw wordt in ieder geval rekening gehouden met de mogelijkheid voor vestiging van een kinderdagverblijf. De overige zorg/welzijnsvoorzieningen zijn nog niet bekend en worden later bepaald. • Een aantal bewoners in te renoveren woningen geeft aan tegen het ontbinden van de huurovereenkomsten te zijn; Antwoord: zie paragraaf 5.2. • Een aantal bewoners wil graag zo snel mogelijk duidelijkheid hebben over de uitvoering en wanneer men herhuisvestingsurgent wordt. Antwoord: zie paragraaf 5.1. • Een aantal bewoners vraagt of men nu al kan verhuizen met een vergoeding en urgentie. Antwoord: Dat is helaas nog niet mogelijk.

Eerst moet de investeringsnota zijn vastgesteld en een peildatum worden afgegeven. • Ik zou heel graag weer in mijn eigen woning terug willen, kan dat? Antwoord: zie paragraaf 5.2. • Komen er ook woningen voor ouderen? Antwoord: Ja. In de nieuwbouw komen 60 ouderenwoningen. 14

•

•

•

•

• • •

Positieve reacties op de speelplekken. Blij dat de voetbalkooi in het ‘centrum’ van de buurt blijft. Verder de tip gekregen om de speelplekken niet in de buurt van ouderenwoningen te plaatsen. Positief over dat er iets van horeca in de buurt komt. Wel plaatst men daarbij de kanttekening dat dat geen shisha lounges moeten worden. De aanwezige shisha-lounge in de buurt zorgt nu al voor overlast en veel autoverkeer in de buurt. De groenstrook langs het water bij de burgemeester Cramergracht kan wel een opknapbeurt gebruiken. Meer bankjes zodat je lekker aan het water kan zitten. Gaat dat ook mee in de plannen? Antwoord: de groenstrook langs de Cramergracht valt buiten het plangebied en wordt dus niet meegenomen in de vernieuwing. De opmerking wordt doorgegeven aan de gebiedsmakelaar van het gebied. Ouderen willen heel graag meteen doorschuiven naar een ouderenwoning. Twee keer verhuizen is teveel. Antwoord: zie paragraaf 5.2. Gezinnen willen zo snel mogelijk naar een grotere nieuwbouwwoning. Een aantal bewoners weet niet in welke fase hun woning wordt vernieuwd en wat dat voor hun herhuisvesting betekent. Advies van een bewoner om niet te veel bedrijfsruimten aan Burgemeester Röellstraat te maken maar in de wijk. Antwoord: de meeste bedrijfsruimte komt langs de Burgemeester Rendorpstraat en op de hoek met de Burgemeester Röellstraat.

15

6 Reacties

Tijdens de inspraakperiode van 20 maart t/m 1 mei 2024 zijn in totaal 38 schriftelijke reacties ontvangen per mail en via het online reactieformulier. Ook is tijdens de inloopbijeenkomst ter plekke een inspraakreactie ingevuld en afgegeven. Onderstaand zijn de reacties thematisch geclusterd en beantwoord. De mensen die een schriftelijke zienswijze hebben ingediend worden in deze Nota van Beantwoording aangeduid als “inspreker”.

6.1 Algemeen B1: De investeringsnota ziet er goed uit. Hopelijk volgt er zo snel mogelijk een peildatum voor de eerste fase, zodat bewoners niet lang in onzekerheid hoeven te zitten. B3: graag meer duidelijkheid over wat en wanneer gaat gebeuren. Voor de rest zijn de plannen wel goed. Ik wil graag terugkeren naar mijn vernieuwde oude woning. Ook inspreker B11 zou graag een duidelijke lijst willen zien wat er precies gerenoveerd gaat worden in de woningen, welke woningen koop en welke huur worden. Worden bij de renovatie de woningen op de 1ste verdieping ook groter en komt er een vaste trap naar de zolderverdieping? Ook B17 heeft nog veel vragen over de herhuisvesting, maar krijgt daar tot nu toe geen duidelijke informatie over. Ook inspreker B19 heeft behoefte aan eerlijke antwoorden, helderheid en nagekomen beloftes. Inspreker heeft het gevoel tegen een reus te moeten boksen. Inspreker B25 constateert dat de woningcorporatie Stadgenoot en de gemeente aan de bewoners hun goedkeuring vragen voor de plannen. Wat stoort is dat er mooie schetsen zijn gemaakt voor de buurt, maar dit is voor de bewoners niet concreet genoeg. Zij willen weten hoe hun gerenoveerde woning er daadwerkelijk uit gaat zien, voordat zij hier hun mening over kunnen geven. Ook inspreker B27 geeft aan dat er nog veel onduidelijkheid is wat de vernieuwing nu concreet voor de bewoners betekent.

Inspreker leeft daardoor in onzekerheid. Hetzelfde geldt voor inspreker B33. B4: al jaren horen we hetzelfde verhaal. Graag meer duidelijkheid over wat en hoe. Niet voor of tegen sloop, maar wil vooral zekerheid wat er gaat gebeuren. B2: De informatie die tijdens bijeenkomsten is getoond was alleen voor de vorm en het ontbrak aan voortgang en definitieve plannen hoe de buurt er uit gaat zien na de vernieuwing. Inspreker B10 heeft gehoord van de bewonerscommissie dat er nogal veel haken en ogen aan de plannen zitten en er onwaarheden in de nota staan. Inspreker maakt daarom bezwaar omdat het niet gaat om wat de bewoners willen, maar wat de gemeente wil. Inspreker is het daar niet mee eens. Inspreker B13 vindt het schandelijk dat alleen per mail op de plannen gereageerd kan worden omdat de meeste ouderen geen PC hebben. 16

Inspreker B23 veronderstelt dat veel mensen (van buitenlandse afkomst) de taal onvoldoende beheersen om de investeringsnota te kunnen lezen en begrijpen. Inspreker had het beter gevonden als iedereen persoonlijk thuis was bezocht om precies te horen wat de plannen en gevolgen voor hen zijn. Dan was er waarschijnlijk veel meer bezwaar geweest tegen bijv. het beëindigen van de huurcontracten. Inspreker B36 heeft het idee dat inspreker over de rest van de plannen geen zeggenschap heeft gehad. Inspreker B15 is van mening, dat er in de toekomst of eigenlijk nu al een wet moet komen in dit land die bepaalt dat voortaan niet de woningbouwvereniging bepaalt dat er huizen gerenoveerd worden maar de bewoners zelf. Dit moet gaan gelden voor kopers en alle huurders, want die mensen wonen zelf in hun huis en hebben er het beste zicht. De kantoormensen van een corporatie hebben dat zicht niet, vindt inspreker. Inspreker is tevreden met zijn woning en ziet geen noodzaak voor ingrijpende maatregelen. Inspreker B31 vindt het verbazingwekkend dat als er een geveltje wordt aangepast of een dakkapel wordt geplaatst er bergen regels zijn. Maar als een hele wijk om zeep gaat worden gebracht, kun je schijnbaar volstaan met een plan waar alleen maar in staat dat je het gaat doen.

Geen onderbouwing, geen financiële doorrekening, geen echte onderzoeken naar de klimaatimpact, een participatietraject dat uitsluitend als afvinklijstje is en zelfs geen idee hebben hoe het er in het eindstadium uit moet komen te zien. Volgens inspreker B35 lijkt het er op dat de investeringsnota is gemaakt door een 4-jarige van de kleuterschool en er staan volgens inspreker veel onwaarheden en leugens in. Inspreker mist in de investeringsnota informatie over hoe de vernieuwing bekostigd gaat worden.

Beantwoording: Fijn om te horen dat het plan bij een aantal insprekers in de smaak valt. De vraag om meer duidelijkheid over hoe en wanneer is begrijpelijk. Zodra de investeringsnota is vastgesteld, kan de verdere planning concreter gemaakt worden. Zo zal Stadgenoot na vaststelling van de investeringsnota een peildatum aanvragen voor de start van de herhuisvesting fase 1. Ook start Stadgenoot dan met de uitwerking van het ontwerp van de te renoveren sociale huurwoningen. Dan wordt precies bepaald op welke wijze de woningen gerenoveerd worden. Ook start Stadgenoot dan met het maken van de gebouwontwerpen voor de nieuwbouwwoningen. We zien dat er veel behoefte is aan duidelijkheid over hoe de woningen er precies uit gaan zien en wat voor woningen op welke plek gebouwd worden. Dat is heel begrijpelijk. Echter, in de investeringsnota gaat het vooral over de hoofdlijnen en de kaders voor de vernieuwing en leggen we een stedenbouwkundig plan vast voor de nieuwbouw. In deze fase worden nog geen uitgewerkte (ver)bouwplannen gemaakt. Dat komt pas in de volgende fase. Dit is helaas inherent aan deze fase en kan leiden tot onduidelijkheid bij bewoners. Om dit op te vangen organiseert Stadgenoot spreekuren in de buurt waar bewoners terecht kunnen voor extra informatie.

Ook nodigt Stadgenoot de bewoners van fase 1 nu al uit om mee te denken over een uitwerking van het sociaal plan voor fase 1 en de bewoners van het hele gebied om mee te denken over de gebouwontwerpen. De investeringsnota geeft de kaders voor de vernieuwing. In de volgende fase worden de gebouwontwerpen en renovatieplannen opgesteld. Om deze plannen te kunnen uitvoeren, moeten de

17

gewone vergunningprocedures worden gevolgd. In dat traject worden ook gedetailleerde onderzoeken uitgevoerd en getoetst aan wet- en regelgeving. Het is juist dat de plannen die we in 2024 bij de start van deze inspraakperiode hebben laten zien, grotendeels gelijk waren aan de plannen die in 2023 zijn getoond. We vonden het toch belangrijk om de plannen nog een keer te laten zien bij de start van de inspraak zodat iedereen goed op de hoogte was van deze plannen en goed geïnformeerd kan reageren. Na vaststelling van de investeringsnota start Stadgenoot met het maken van concrete ontwerpen voor de renovatie en nieuwbouw van woningen en de gemeente begint met het verder uitwerken van het plan voor de inrichting van de openbare ruimte. In de investeringsnota zijn verschillende illustraties opgenomen, juist om een beeld te geven van hoe de nieuwe buurt er uit zal gaan zien. Omdat de architectonische ontwerpen nog niet zijn gemaakt, moeten het in deze fase impressies blijven. De vraag hoe de vernieuwing bekostigd gaat worden staat inderdaad niet in de investeringsnota. De kosten naar nieuwbouw en renovatie zijn voor rekening van Stadgenoot. De kosten voor de herinrichting van de openbare ruimte en de ambtelijke inzet worden betaald uit de grondexploitatie die bij het vaststellen van de investeringsnota wordt vastgesteld door de gemeenteraad.

6.2 Herhuisvesting en woonprogramma Ontbinden huurcontracten De insprekers B2, B6, B12, B13, B15, B16, B20, B21, B22, B23, B30, B31 en B38 geven aan dat het sociaal plan zeker voor de (oude) bewoners niet goed is en met name als gevolg heeft dat huurcontracten worden ontbonden en dat bewoners een nieuwe huurovereenkomst met een fors hogere huur moeten afsluiten. Ook inspreker B17 maakt zich zorgen over de grote huurverhoging waar mensen mee te maken krijgen als ze een nieuw contract moeten afsluiten. Inspreker B27 maakt bezwaar tegen de plannen omdat er straks een peildatum wordt afgegeven terwijl nog onduidelijk is wat er daarna gaat gebeuren. Er zijn alleen nog maar ideeën en nog geen concrete plan. Ook vraagt inspreker zich af of het ontbinden van de huurovereenkomsten wel rechtmatig is. Inspreker maakt zich verder zorgen over de herhuisvesting omdat inspreker en zijn partner beide slecht ter been zijn en niet weten of de nieuwe woning wel geschikt voor hen is. Inspreker B25 schrijft dat in de investeringsnota wordt aangegeven dat er een plek is voor bewoners die terug willen keren in de buurt. Dit klopt, maar de bewoners mogen niet terugkeren in hun eigen woning als ze dat willen. Alle huurcontracten worden ontbonden. Met gevolgen voor de plek waar je komt te wonen en de huurlasten.

Immers, de huurverhoging in gerenoveerde eigen woning is anders dan de huurverhoging in een andere gerenoveerde woning. Inspreker B15 geeft aan dat het altijd zo was, dat bij een renovatie de huurovereenkomst niet werd ontbonden en men terug kon keren (via een wisselwoning) naar de gerenoveerde woning. Inspreker wil dat dat nu ook mogelijk wordt gemaakt. Inspreker B20 woont in een te slopen woning en is tegen het ontbinden van het huurcontract waardoor ze veel meer huur zal moeten betalen (ondanks huurtoeslag). Ze wil haar oude huur meenemen, zoals nu ook kan in andere gevallen, zoals bij van groot naar beter. Ook inspreker B31 vindt het ongebruikelijk en ongewenst voor bewoners die willen terugkeren in de buurt dat bij sloop van de woning de huurcontracten worden ontbonden. 18

Insprekers B30 constateert dat het ontbinden van de huurcontracten ertoe zal leiden dat bewoners te maken krijgen met forse huurverhogingen, terwijl het niet-ontbinden de verhogingen beperkt kunnen blijven. Inspreker B23 wil graag een gedegen antwoord op de vraag wat er is gedaan met het advies van de bewonerscommissie over met name het beëindigen van alle huurcontracten en het niet terug kunnen keren in eigen huis. huurverhoging Inspreker B15 vindt dat er geen huurverhoging mag komen als je als nieuwe bewoner terugkeert in de buurt of na je wisselwoning terug keert in je gerenoveerde woning. De huur, (bruto, netto en rekenhuur) moet hetzelfde blijven met als enige uitzondering dat als je eerst geen dubbel glas had en nu wel dan zou er eventueel 20 euro bovenop kunnen per maand. Stadgenoot en andere corporaties dwingen de mensen uit hun woning waar ze zelf niet eens om vragen en dan zou je na terugkomst nog veel meer huur moeten gaan betalen ook omdat het dan nieuwbouw of renovatie is maar de meeste mensen vinden zelf altijd dat ze al goed en prima wonen en willen helemaal niet weg of hun huis uit. Ook inspreker B31 vindt dat het verschil tussen de huidige en nieuwe huur veel te groot is. Inspreker B32 vindt dat de huur van de nieuwe woning te hoog wordt, zelfs als je rekening houdt met huurtoeslag.

Inspreker B5 geeft aan dat zij gezien hun inkomen nu niet in aanmerking zouden komen om terug te keren naar een sociale huurwoning, maar dat men binnen enkele jaren met pensioen gaat en een forse terugval krijgt in inkomen en de duurdere woning niet meer te betalen is. En dat men dan weer eerst op een wachtlijst komt voordat men terug kan keren naar een sociale huurwoning. Ook inspreker B17 verdient nu boven de huurgrens voor sociale huur maar gaat op korte termijn ver omlaag. Maakt zich zorgen niet meer terug te kunnen keren in de sociale huur en aangewezen te zijn op de vrije sector terwijl zijn inkomen niet zo hoog is.

Terugkeer naar huidige woning en gelijkwaardige woning Een aantal insprekers B3, B12, B15, B23, B34, B36 en B38 geeft aan na de renovatie van hun woning terug te willen keren naar deze gerenoveerde woning. Inspreker B15 geeft hierbij aan dat als men toch gedwongen wordt om te verhuizen, men een gelijkwaardige woning terug moet krijgen en niet een “passende” woning (die veel kleiner kan uitvallen dan de woning die men nu heeft). Ook inspreker B34 geeft aan tevreden te zijn met de huidige woning en gedacht hier oud te kunnen worden. In de woning zijn aanpassingen gedaan vanwege slecht ter been zijn. Inspreker wil terugkomen in deze woning en als dat niet kan naar een woning met 2 slaapkamers. Maar dat kan vanwege passend toewijzen niet beloofd worden. Inspreker B36 constateert dat er geen redenen worden gegeven waarom men niet naar de huidige woning terug kan keren. Inspreker B14 woont in een te slopen woning en wil niet verhuizen. En als inspreker toch weg moet, wil inspreker in de wijk terug keren. Inspreker woont nu in een benedenwoning met tuin en wil graag straks ook een benedenwoning met tuin terwijl inspreker gehoord heeft waarschijnlijk op 1 hoog terecht te komen. Inspreker B15 wijst er op dat het altijd zo was dat als je verplicht moet verhuizen, je recht had op iets vergelijkbaar. Inspreker vreest door het “passend” toewijzen dat hij een kleinere woning zal krijgen.

Ook inspreker B33 wil een gelijkwaardige woning en niet een “passende” woning, omdat

19

men vreest er dan in woningkwaliteit op achteruit te gaan. Inspreker zegt op basis van het inkomen alleen te kunnen reageren op 1-kamer woningen. En inspreker B16 heeft nu met 5 kinderen beschikking over een dubbele woning (twee duplex = 1 eengezinswoning) en wenst bij verhuizing ook weer een eengezinswoning met tuin te krijgen. Ook heeft inspreker behoefte aan ondersteuning bij het zoeken naar een andere betaalbare nieuwe woning. Inspreker wil terug kunnen keren in de Couperusbuurt. Inspreker B18 wil terug keren in de Couperusbuurt en niet naar een woning in “de buurt”. Inspreker B31 is van mening dat er weliswaar evenveel sociale huurwoningen terugkomen, maar dat dat niet perse gelijkwaardige woningen zijn, omdat bij de herhuisvesting het begrip ‘passendheid’ wordt gehanteerd. Inspreker stelt dat in de huidige tijd ook een woning van 30 m2 als passend wordt beschouwd. Ook is Inspreker B31 van mening dat bewoners uit fase 2 en later weinig tot geen kans maken op ene gelijkwaardige woning in de eigen wijk. Zeker de bewoners die nu een tuin hebben. Zij komen achteraan de rij van bewoners die eerder geplaatst zijn in een wisselwoning. Ook hebben de fase 1 bewoners een SV-urgentie met een hogere prioriteit dan de bewoners uit ene latere fase.

Twee keer verhuizen Een aantal insprekers B5, B14, B21, B25, B33 geeft aan moeite te hebben met het feit dat bewoners soms 2 keer moeten verhuizen (via een wisselwoning) terwijl men maar 1 keer een verhuisvergoeding krijgt. Ouderen Inspreker B13 maakt zich grote zorgen over de impact van de vernieuwing en verhuizing op ouderen en doet de oproep om beter rekening te houden met ouderen. Inspreker heeft het gevoel dat de corporatie nu al de ouderen probeert weg te pesten doordat in de huidige situatie er mensen worden toegewezen op de woningen die veel overlast veroorzaken voor de oudere bewoners. Voorrang bij koopwoningen Inspreker B11 vraagt of huurders die moeten verhuizen ook voorrang krijgen voor de koopwoningen. Inspreker B25 schrijft dat in de investeringsnota staat dat Stadgenoot zich inspant om huurders uit de Couperusbuurt voorrang te geven bij de verkoop van de woningen. Dit zou geen inspanning maar een regel moeten zijn. Maar belangrijker is om aan te geven om welke koopprijs het gaat. Bewoners moeten wel hun hun huis uit, kunnen het huis waarschijnlijk niet terug kopen, en moeten dan blij zijn met kopers die hun woonplek innemen.

Sociaal plan en relatie met bewonerscommissie Volgens inspreker B31 heeft Stadgenoot een concept sociaal plan simpelweg omgetoverd tot een definitief sociaal plan, terwijl de bewonerscommissie heeft aangegeven dat er nog een aantal enorme hobbels zijn. Hobbels die het draagvlak sterk ondermijnen en zeer negatief uitpakken voor de huidige bewoners. Ook is Stadgenoot volgens inspreker bezig met het verwijderen van de huidige bewonerscommissie en te vervangen door een sub-bewonerscommissie met bewoners uit fase 1 vanuit het idee dat deze bewoners terugkeren naar de woningen. Volgens inspreker is afgesproken dat bewoners uit andere fases ook in dezelfde wijk terug kunnen keren. Maar deze bewoners worden niet uitgenodigd voor deze sub-bewonerscommissie. Volgens inspreker geeft Stadgenoot hiermee een signaal af van cherry-picking, een incapabele en meegaande bewonerscommissie creëren en de bestaande kennis en vaardigheden die de bewonerscommissie in de loop der jaren heeft opgebouwd en die lastig is voor Stadgenoot, te elimineren. 20

overig Inspreker B8 zou graag zien dat bewoners uit latere fasen en nog niet SV-urgent zijn, die zelf al eerder kunnen verhuizen, eerder in aanmerking komen voor een verhuisvergoeding. Inspreker B38 vraagt waarom er geen/onvoldoende rekening te gehouden met het gewijzigde Woningnet. Woningnet is drastisch gewijzigd en hanteert een puntensysteem en heet nu DAK. Er zijn vier soorten punten: wachtpunten, zoekpunten, situatie- en startpunten. • Bijvoorbeeld de bewoner zal moeten verhuizen naar een wisselwoning bij renovatie van de huidige woning. Hoelang gaat het duren voordat er weer kan worden teruggekeerd naar de buurt/eigen woning? • Er is afgeweken van het oorspronkelijke plan wat betekent dat er nu eerst wordt gerenoveerd i.p.v. eerst slopen en bouwen.

Waarom is deze afweging gemaakt? • Wat betekent dit voor de termijn van terugkeren naar de oorspronkelijke gerenoveerde woning dan wel een gelijkwaardige woning met tuin? • Hoelang dient de bewoner in een wisselwoning te blijven wonen? • Bestaat de mogelijk dat de bewoner mogelijk 2 tot 5 jaar of langer in een wisselwoning dient te wonen? • Wat is de termijn van wonen in een nieuwbouw woning (immers is er nog niets gesloopt dan wel gebouwd)? • Is terugkeren überhaupt mogelijk na zo'n lange termijn van bijvoorbeeld 5 jaar? • Een alternatief zou kunnen zijn dat de bewoner kiest om met de stadsvernieuwingsurgentie elders een andere woning te vinden.

Zou u kunnen aangeven waar deze 'andere' woningen van hetzelfde karakter (ruimtelijk, open, groen, rustige buurt) zijn te vinden in Amsterdam? • Hoe verhoudt zich dit aanbod tot het Sociaal Plan welke in samenspraak met de huidige bewoners is opgesteld? • Worden er woningen 'gereserveerd'? • De gemeente Amsterdam geeft op de website onder andere het volgende aan; Voorrang voor zittende bewoners - Gemeente Amsterdam Is hierop voorhand al over nagedacht in welke delen van het stadsdeel er eveneens aanbod beschikbaar is t.z.t.? Ook vraagt inspreker B38 waarom (dure) stadsverwarming verplicht gesteld wordt in een sociale huurwoning terwijl er ook andere alternatieven zijn? Beantwoording: De vernieuwing van de Couperusbuurt richt zich primair op het verbeteren van de situatie voor de huidige huurders. Ontbinden huurcontracten Veel insprekers geven aan bezwaar te hebben tegen het ontbinden van de huurovereenkomsten -zeker waar het gaat om bewoners in te renoveren woningen. Ook het stadsdeel Nieuw-West heeft in zijn advies aangegeven van mening te zijn dat huurovereenkomsten alleen ontbonden mogen worden als de woning fundamenteel wijzigt.

Alhoewel het al dan niet ontbinden van huurovereenkomsten een zaak is tussen huurder en verhuurder, heeft deze discussie een relatie met de voorstellen in de investeringsnota en de later af te geven toestemming (peildatum) voor start herhuisvesting en geeft de gemeente ook een rol in deze discussie. Het uitgangspunt van de gemeente is dat bij renovatie waarbij de woning niet fundamenteel wijzigt, de huurovereenkomsten in stand dient te blijven.

Naar aanleiding van de verschillende adviezen en reacties over dit onderwerp heeft Stadgenoot besloten om de huurders in de te renoveren woningen -die niet fundamenteel wijzigen- de 21

mogelijkheid te bieden om terug te keren naar deze gerenoveerde woning met behoud van de huurovereenkomst. Wij zijn blij met deze stap van Stadgenoot, waarmee tegemoet wordt gekomen aan de wens van het stadsdeel en de zorgen bij bewoners uit de Couperusbuurt. Ook enkele bewoners in te slopen woningen geven aan dat de huurovereenkomst in stand zou moeten blijven. Het ontbinden van huurovereenkomsten ingeval van sloop/nieuwbouw is echter gebruikelijk en van belang om de vernieuwing te kunnen uitvoeren. In het sociaal plan zijn afspraken opgenomen over de herhuisvesting en de mogelijkheden om terug te kunnen keren in de buurt. Terugkeer naar woning en gelijkwaardige woning Een aantal insprekers geeft aan dat men na renovatie terug wil keren in de huidige woning. Dit heeft ook een samenhang met het punt over het ontbinden van de huurcontracten. Als een huurovereenkomst in stand blijft, dan kan men ook terug keren naar de gerenoveerde woning. Ten aanzien van de mogelijkheid om terug te keren naar de Couperusbuurt is in het sociaal plan vastgelegd, dat als huurders met een regulier contract aangeven door te willen stromen naar een woning in de wijk, dat Stadgenoot de inspanningsverplichting heeft om te helpen bij het vinden van een woning zo dicht mogelijk bij de oude woning en zoveel mogelijk naar wens van de bewoner.

In de huidige situatie zijn er nog zo’n 350 huurders met een regulier contract die in aanmerking komen voor terugkeer. In de nieuwe situatie zijn er ongeveer 700 gerenoveerde en nieuwe sociale huurwoningen. Dit betekent dat er naar verwachting voldoende woningen zijn voor huurders die terug willen keren in de buurt. Bij het ontwerp van de nieuwbouw houdt Stadgenoot rekening met de herhuisvestingsopgave zodat terugkeerders maximaal gefaciliteerd worden. Als huurders nu een tuin hebben en die willen behouden, dan rekent Stadgenoot dat tot de inspanningsverplichting. Of de zorg van inspreker B31 dat bewoners in fase 2 minder kans hebben op een gelijkwaardige woning, zeker als men nu over een tuin beschikt- terecht is of niet, kunnen we nog niet bepalen. Dat hangt af van het aantal bewoners (met tuin) dat terug wil keren en ook weer een tuin zou willen hebben. Gezien het feit dat de bewoners met een 5-jaren contract niet terugkeren in de buurt, ontstaat er op zich veel ruimte. Stadgenoot heeft aangegeven het als een inspanningsverplichting te zien om huurders die nu een tuin hebben en die willen behouden, hierin tegemoet te komen. Dit onderwerp moet zeker verder besproken worden in het overleg tussen bewonerscommissie en Stadgenoot. Een van de insprekers heeft twijfels of de nieuwe sociale huurwoningen wel gelijkwaardig zullen zijn aan wat er nu staat.

Hij wijst er hierbij op dat tegenwoordig een woning van 30 m2 ook passend kan zijn. In de huidige situatie zijn het vrijwel allemaal woningen van 35-40 m2 groot. In de nieuwe situatie komt er juist een grotere variatie in woninggroottes. Zowel woningen met 2, 3 en 5 kamers. Dit biedt bewoners die nu te klein wonen de kans om in een beter passende woning te komen. Huurverhoging Een aantal insprekers is van mening dat de huur van de nieuwe woningen te hoog wordt. Voor de sociale huurwoningen geldt dat ze passend worden toegewezen en in combinatie met huurtoeslag wordt er vanuit gegaan dat de woningen betaalbaar zijn. Voor mensen die nu een relatief lage huur betalen kan het zijn dat hun nieuwe huur hoger uitvalt. Binnen de regelgeving wordt het echter wel gezien als een betaalbare woning. Bewoners in de te renoveren woningen die in de sociale huur blijven, kunnen er voor kiezen om terug te keren naar hun huidige woning met behoud van hun huurovereenkomst. Hiermee blijft de huursprong beperkt. Twee keer verhuizen Een aantal insprekers en ook stadsdeel Nieuw-West vraagt aandacht voor de situatie dat bewoners twee keer moeten verhuizen (eerst naar een wisselwoning en vervolgens naar hun definitieve woning). Het streven bij de vernieuwing is dat huurders die willen terugkeren in de buurt, zoveel mogelijk in 1 keer naar hun definitieve woning kunnen verhuizen.

Zeker in het begin zal dat nog niet mogelijk zijn,

22

omdat er dan nog geen nieuwbouw of gerenoveerde woningen aanwezig zijn in de Couperusbuurt. Deze bewoners die willen terugkeren zullen dan eerst gebruik moeten maken van een wisselwoning. Een aantal insprekers heeft specifieke woonwensen en verkeert in onzekerheid of daaraan wel tegemoet zal worden gekomen. Bij de start van de herhuisvesting krijgen alle bewoners een 1 op 1 gesprek met een van de woonbegeleiders van Stadgenoot. In dat gesprek wordt informatie gegeven over de procedure en worden de specifieke wensen geïnventariseerd. In onze reguliere overleggen met Stadgenoot zullen we Stadgenoot vragen om regelmatig verslag te doen van deze 1 op 1-gesprekken en over de wijze waarop wel of niet aan specifieke bewonerswensen kan worden voldaan. Voorrang op koopwoningen Een van de insprekers vraagt of huurders ook voorrang krijgen voor de nieuwe koopwoningen. Dit is geregeld in het sociaal plan. In het sociaal plan is opgenomen dat Stadgenoot zich inspant om huurders uit de Couperusbuurt voorrang te geven bij de verkoop van de woningen. Een andere inspreker vindt dat dit geen inspanning maar een regel zou moeten zijn. Dit is een onderwerp dat de bewoners in het kader van het sociaal plan met Stadgenoot moeten bespreken en nadere afspraken over kunnen maken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14382196/1