CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3 Nota van beantwoording zienswijzen Wijzigingsbesluit Omgevingsplan gemeente Amsterdam Toevoeging van regels over horeca, darkstores en evenementenlocaties

RAAD 2 juli 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het Wijzigingsbesluit Omgevingsplan gemeente Amsterdam: Toevoeging van regels over horeca, darkstores en evenementenlocaties (VN2026-007926)46.438 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

gehouden met terrassen die in de huidige situatie gebruik maken van verwarming via bijvoorbeeld parasols of standalone terrasverwarmers. Voorts is het op grond van artikel 3.73 lid 3 Omgevingsplan enkel toegestaan objecten op het terras te hebben die kunnen worden verwijderd. Nu de terrassen van Yellow House en Morgan en Mees op eigen terrein liggen, zal er geen discussie over bestaan dat deze bepaling niet op haar terras van toepassing is. Deze bepaling is immers geschreven voor terras die gelegen zijn op de openbare weg, zodat eventueel noodzakelijk onderhoud kan plaatsvinden. Namens Yellow House wordt verzocht artikel 3.73 Omgevingsplan in zijn geheel niet van toepassing te laten zijn voor het eigen terras. Namens Morgan en Mees wordt verzocht het verbod uit lid 2 niet van toepassing te laten zijn en het verbod uit lid 1 af te stemmen op de gebruiksmogelijkheden die tot op heden voor het binnenterras gelden (dus geen inperking tot gebruik ex artikel 3.72 lid 1 Omgevingsplan). Reactie: Dat op grond van de exploitatievergunning activiteiten kunnen zijn toegestaan, die op grond van het omgevingsplan vervolgens toch verboden zijn, is op zich niet bezwaarlijk.

De voorschriften in de exploitatievergunning zullen immers met name zijn gesteld met het oog op openbare orde en veiligheid, terwijl de regels in het omgevingsplan worden gesteld met het oog op de doelen van de Omgevingswet. Wel wordt de afstemming van APV en omgevingsplan op elkaar beter geregeld. Nieuwe exploitatievergunningen zullen geen voorschriften meer bevatten over terrasverwarming. Het eerste lid van artikel 3.73 Omgevingsplan bepaalt dat objecten die het normaal gebruik van het horecaterras mogelijk maken, zijn toegestaan. Het tweede lid bevat aanvullend daarop een verbod op terrasverwarming in de vorm van losstaande elementen of verwerkt in een parasol of ander op het horecaterras staand object. De keuze voor het verbod komt rechtstreeks voort uit het vastgestelde Horecabeleid 2025. Daarin is ook de motivering opgenomen, namelijk dat veel vormen van terrasverwarming gevolgen hebben voor het milieu. Die reden geldt niet alleen voor horecaterrassen in de openbare ruimte, maar ook voor horecaterrassen op eigen terrein. De zienswijze geeft geen aanleiding daarvoor een uitzondering te maken. Op bestaande situaties is, wanneer er geen specifiek overgangsrecht is opgenomen, het algemeen overgangsrecht, opgenomen in hoofdstuk 23 Omgevingsplan, van toepassing. Dat is hier het geval.

Het derde lid van artikel 3.73 Omgevingsplan bepaalt dat alle objecten op een horecaterras verwijderd moeten kunnen worden als dat nodig is voor het gebruik of beheer van de openbare ruimte. Nu geen sprake is van een horecaterras in de openbare ruimte, raakt dit lid de exploitatie van Yellow House en Morgan en Mees niet. Het derde lid behoeft dus ook geen aanpassing. Hetzelfde geldt voor het vierde lid. Artikel 3.74 Omgevingsplan: openingstijden Namens Morgan en Mees wordt het volgende naar voren gebracht. De openingstijden zoals opgenomen in artikel 3.74 Omgevingsplan zijn afdoende voor de beide terrassen van Morgan en Mees. Echter, het bepaalde in artikel 3.76 lid 3 Omgevingsplan zorgt ervoor dat die tijden worden ingeperkt, conform de huidige exploitatievergunning. Morgan en Mees verzoekt die inperking voor de openingstijden van het winterterras uit de exploitatievergunning niet van toepassing te laten zijn voor haar binnenterras, maar aan te laten sluiten bij de openingstijden conform lid 2 en anders in ieder geval te verruimen van 8:00 uur tot 21:00 uur (in de exploitatievergunning is opgenomen: 10:00 uur-20:00 uur). Reactie: De openingstijden zoals opgenomen in artikel 3.74 Omgevingsplan vormen de buitenste grens van wat met het oog op een evenwichtige toedeling van functies kan worden toegestaan. Die openingstijden 41

kunnen worden beperkt bij omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wanneer dat nodig is met het oog op een aanvaardbaar woon- en lee limaat. Maar ze kunnen ook bij exploitatievergunning worden beperkt. Op grond van de geldende exploitatievergunning gelden reeds beperktere openingstijden. Op grond van artikel 3.76, derde lid, Omgevingsplan gelden die ook als vergunningvoorschrift van de omgevingsvergunning van rechtswege. Voorliggend wijzigingsbesluit brengt in de bestaande situatie dus geen verandering. Desgewenst kan een nieuwe exploitatievergunning en een nieuwe omgevingsvergunning horecaterras worden aangevraagd. Artikel 3.76 Omgevingsplan: omgevingsvergunning van rechtswege Namens zowel Yellow House als Morgan en Mees wordt het volgende naar voren gebracht. Op grond van artikel 3.76, lid 2, Omgevingsplan geldt voor bestaande legale terrassen een vergunning van rechtswege voor de ‘omgevingsplanactiviteit horecaterras’. Daaraan is de voorwaarde gekoppeld dat die activiteit naar aard en omvang niet verschilt van de activiteit zoals deze werd verricht voor de inwerkingtreding van het vast te stellen Ontwerpplan. Deze voorwaarde leidt tot veel (rechts)onzekerheid: hoe wordt de aard en omvang bepaald en geïnterpreteerd en welk moment, c.q.

tijdspanne is bepalend? Zo wordt in beide gevallen het terras met regelmaat heringericht, dan weer met losse tafels en stoelen, dan weer met picknicktafels, dan weer met statafels, etc. Ook het type gebruik is wisselend, dan weer als ‘regulier terras’, dan weer voor een cultureel event of anderszins. Het lijkt niet de bedoeling de huidige gebruiksmogelijkheden van terrassen weg te bestemmen. Daar is ook geen enkele aanleiding toe. Zowel Yellow House als Morgan en Mees stellen voor deze bepaling te herformuleren in die zin dat de volgende zinsnede wordt verwijderd: ‘, mits die activiteit naar aard en omvang niet verschilt van de activiteit zoals deze werd verricht voor de inwerkingtreding van die wet’. Dat heeft tot gevolg dat de huidige gebruiksmogelijkheden voor een terras (conform exploitatievergunning en ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan) mogen worden voortgezet. Reactie: De aard en omvang van het horecaterras zoals dat wordt uitgeoefend wordt met name bepaald door de exploitatievergunning, zoals die geldt op het moment van inwerkingtreding van voorliggend wijzigingsbesluit. Wijzigingen van het horecaterras die niet passen binnen de exploitatievergunning zoals die gold op het moment van inwerkingtreding van voorliggend wijzigingsbesluit wijzigen de aard en omvang van het horecaterras. Artikel 3.76, tweede lid, Omgevingsplan zal op dit punt worden verduidelijkt.

Voor wat betreft beide horecaterrassen is in dat kader relevant dat in de exploitatievergunning zoals die op het moment van het opstellen van deze nota gold, onder andere als voorschrift is opgenomen dat ‘[h]et terras uitsluitend [mag] worden geplaatst zoals is aangegeven op de terrastekening die bij deze vergunning hoort. Buiten de afmetingen en locatie zoals aangegeven op de tekening mag geen terrasmeubilair staan [ ].’ En de aard wordt bepaald door de bepaling over de wijze waarop het bedrijf wordt geëxploiteerd, in beide gevallen is dat als restaurant. Voor zover de huidige gebruiksmogelijkheden binnen die voorschriften passen, is geen sprake van een wijziging als bedoeld in artikel 3.76, tweede lid, Omgevingsplan. Artikel 3.78 Omgevingsplan: vergunningvoorschriften omgevingsvergunning van rechtswege Namens zowel Yellow House als Morgan en Mees wordt verzocht te bevestigen dat in de vergunning van rechtswege geen voorschriften worden verbonden aan het maximumaantal zit- c.q. staplaatsen (in afwijking van het bepaalde in artikel 3.78 lid 2 Omgevingsplan).

42

Reactie: Artikel 3.76, derde lid, Omgevingsplan bepaalt dat alleen reeds bestaande vergunningvoorschriften van de geldende exploitatievergunning als vergunningvoorschrift, verbonden aan de omgevingsvergunning van rechtswege gaan gelden. Als de huidige exploitatievergunning geen voorschriften bevat over het aantal zitplaatsen of bezoekers, gaan daarover dus geen voorschriften gelden. Dat neemt niet weg dat ze op een later moment wel gesteld kunnen worden. De keuze voor een omgevingsvergunning van rechtswege als vorm van overgangsrecht in plaats van een uitzondering op de vergunningplicht is mede ingegeven vanuit de mogelijkheid die dat biedt om in gevallen waar dat echt nodig is om onaanvaardbare gevolgen op de omgeving tegen te gaan, beperkende voorschriften aan die omgevingsvergunning van rechtswege te kunnen verbinden, zie meer uitgebreid paragraaf 3.9 van deze nota. Van de mogelijkheid wordt voor zover in dit geval relevant alleen gebruik gemaakt indien sprake is van een ernstige a reuk van een aanvaardbaar woon- en lee limaat. Deze mogelijkheid moet worden gezien in het licht van de eveneens toegevoegde specifieke zorgplicht (artikel 3.54 Omgevingsplan). Zolang sprake is van een normale exploitatiewijze, en de exploitant datgene doet wat mag worden verwacht om onaanvaardbare overlast te voorkomen, dan ligt gebruikmaking hiervan niet snel voor de hand.

Artikelen 3.76 en 23.5 Omgevingsplan Namens zowel Yellow House als Morgan en Mees wordt naar voren gebracht dat vanwege de nieuw gecreëerde vergunningplicht de verhouding tot het overgangsrecht in artikel 23.5 Omgevingsplan niet duidelijk is. Verzocht wordt te verduidelijken dat het overgangsrecht in artikel 23.5 Omgevingsplan niet van toepassing is. Reactie: In artikel 23.1 Omgevingsplan is bepaald dat elders in het omgevingsplan met specifieke overgangsrechtelijke bepalingen van hoofdstuk 23 Omgevingsplan kan worden afgeweken. En dat in dat geval dat specifieke overgangsrecht van toepassing is. Daarmee is reeds voorzien in de gevraagde verduidelijking dat artikel 23.5 Omgevingsplan vanwege artikel 3.76 Omgevingsplan in dit geval niet van toepassing is. Artikelen 3.77 en 3.79 Omgevingsplan: beoordelingsregels en aanvraagvereisten Namens Morgan en Mees wordt het volgende naar voren gebracht. In de artikelen 3.77 en 3.79 Omgevingsplan zijn de beoordelingsregels en aanvraagvereisten opgenomen voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras. Deze artikelen zijn ook van toepassing op een verzoek tot wijziging van een omgevingsplanactiviteit horecaterras. Verzocht wordt de beoordelingsregels voor dergelijke gevallen te versoepelen. Bijvoorbeeld door een lid toe te voegen waarin wordt beschreven dat in die gevallen mede rekening wordt gehouden met de bestaande situatie.

Hetzelfde geldt voor de aanvraagvereisten zoals opgenomen in artikel 3.79 Omgevingsplan. Zo zal een onderzoek naar stemgeluid niet altijd noodzakelijk zijn bij een verzoek tot wijziging van de vergunning, terwijl dit nu wel altijd als indieningsvereiste is voorgeschreven. In artikel 3.77 lid 6 Omgevingsplan wordt verwezen naar artikel 3.18 APV. Wat is met deze verwijzing beoogd? In de ontwerp APV staat enkel dat dat artikel komt te vervallen. Reactie: De opgenomen beoordelingsregels hebben betrekking op de aanvaardbaarheid van de eindsituatie. Bij een wijziging van een bestaand horecaterras leidt dit tot een nieuwe eindsituatie. Als die eindsituatie 43

niet aanvaardbaar is, kan geen vergunning worden verleend. Daarom wordt bij een aanvraag die betrekking heeft op de wijziging van een bestaand horecaterras, de aanvaardbaarheid van het gehele horecaterras beoordeeld. Om hierover geen misverstand te laten bestaan, is aan artikel 3.76 Omgevingsplan een nieuw lid toegevoegd, dat dit expliciet bepaalt. Ook de aanvraagvereisten hebben betrekking op de situatie zoals die zal ontstaan. Bij een initiatief tot uitbreiding van een bestaand terras zijn dan niet alleen gegevens nodig over de uitbreiding, maar gegevens over het gehele terras zoals dat beoogd wordt. Dat geldt ook voor bijvoorbeeld een wijziging van het aantal stoelen, of een wijziging van de openingstijden. Het is niet goed denkbaar dat alleen de aanvaardbaarheid van het aantal stoelen dat erbij komt wordt beoordeeld, of dat alleen wordt gekeken naar de extra uren dat het terras open mag zijn zonder dat daarbij de omvang en ligging van het terras worden betrokken, en daarover moeten gegevens worden aangeleverd. Vrijwel elke wijziging kan akoestisch gevolgen hebben, en wordt daarop beoordeeld. Bij een uitbreiding of verplaatsing van het terras, breidt de bron van stemgeluid uit, of verplaatst die zich. Bij een uitbreiding van het aantal stoelen breidt de bron eveneens uit.

Bij een verruiming van de openingstijden wordt de periode waarin overlast van stemgeluid kan worden ervaren verruimd. Slechts in een beperkt aantal gevallen kan een akoestische beoordeling achterwege blijven. Dat kan bijvoorbeeld aan de orde zijn als de wijziging betrekking heeft op het plaatsen van een terrasschot dat er voorheen niet stond. Het kan ook zo zijn dat reeds in het kader van een ander besluit reeds afdoende akoestisch onderzoek is gedaan. In gevallen waarin een akoestisch onderzoek niet nodig is, kan het bevoegd gezag aangegeven dat een akoestisch onderzoek achterwege kan blijven. Om dat duidelijk te maken, is aan onderdeel e van artikel 3.77 Omgevingsplan de zinsnede ‘, voor zover dat naar het oordeel van het college nodig is’ toegevoegd. De verwijzing naar artikel 3.18 APV is gewijzigd in een verwijzing naar artikel 3.20 APV. Dat artikel bepaalt dat de burgemeester, in het belang van de bescherming van de openbare orde en veiligheid of met het oog op de spanning waaraan het woon- en lee limaat ter plaatse reeds bloot staat, gebieden wegen of weggedeelten kan aanwijzen waar het verboden is een terras te exploiteren. Het is onwenselijk dat een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wordt verleend voor een locatie waarvan op voorhand vaststaat dat de exploitatievergunning horecabedrijf geweigerd zal worden.

Daarom bepaalt het zesde lid dat in die gevallen een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras in elk geval wordt geweigerd. Artikel 3.80 Omgevingsplan: vervallen omgevingsvergunning Namens zowel Yellow House als Morgan en Mees wordt het volgende naar voren gebracht. In artikel 3.80 Omgevingsplan is opgenomen dat een vergunning komt te vervallen op het moment dat bij een wijziging van het omgevingsplan geen aanduiding voor een horecaterras wordt opgenomen voor het betreffende terras. In combinatie met het overgangsrecht in artikel 23.6 lid 2 Omgevingsplan heeft dit – naar verwachting - tot gevolg dat het gebruik van een terras waarvan de ‘aanduiding’ is verwijderd onder het stringente overgangsregime valt uit artikel 23.5 Omgevingsplan. Dit is een forse inperking van de (rechts)bescherming ten opzichte van de voorheen geldende situatie. Enige rechtvaardiging van deze regeling ontbreekt in de toelichting van het Ontwerpplan. Verzocht wordt het regulier overgangsrecht van toepassing te laten zijn. Reactie: Artikel 3.80 wordt geschrapt. Het artikel was opgenomen omdat de situatie zich kan voordoen dat een horecaterras op een bepaalde locatie niet langer gewenst is. Bijvoorbeeld in verband met een herinrichting van de openbare ruimte, of een herontwikkeling van een gebied.

Het schrappen van de aanduiding heeft vanwege artikel 23.6 Omgevingsplan nog niet het gewenste gevolg, namelijk dat ook de vergunning vervalt. Op grond van artikel 8.97 van het Besluit kwaliteit leefomgeving kan met het oog op de in artikel 3.77 Omgevingsplan opgenomen belangen ook aan een bestaande vergunning 44

worden ingetrokken. Zie meer uitgebreid paragraaf 3.9 van deze nota. In plaats van artikel 3.80 Omgevingsplan is daarom aan artikel 3.77 een lid toegevoegd dat erin voorziet dat de vergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wordt geweigerd als de activiteit niet is te verenigen met een voorgenomen herontwikkeling van het gebied of herinrichting van de openbare ruimte van het gebied waar het beoogde terras binnen valt. Daarmee is tevens een intrekkingsgrond gecreëerd die beter aansluit op het Besluit kwaliteit leefomgeving. Artikel 3.83 Omgevingsplan: openingstijden Namens Yellow House wordt het volgende naar voren gebracht. In artikel 3.83 Omgevingsplan zijn de openingstijden voor horecazaken opgenomen. Niet duidelijk is hoe de openingstijden worden bepaald voor een horecaconcept waarin verschillende horecavormen samenkomen? Reactie: Artikel 3.83 Omgevingsplan bevat openingstijden voor waar het bestemmingsplan nog niet is vervangen. De openingstijden waren in het Ontwerp Wijzigingsbesluit gekoppeld aan horecatypen: lunchroom, restaurant, café e.d. Welk horecatype is toegestaan, wordt bepaald door het nog geldende bestemmingsplan. Door de formulering leek het alsof de feitelijke exploitatie doorslaggevend zou zijn. Dat is niet beoogd. Doorslaggevend is hetgeen het bestemmingsplan op de locatie toelaat.

Dus als het bestemmingsplan op een locatie zowel een restaurant als een café toelaat, en er zit een restaurant, dan gelden daar op grond van artikel 3.83, eerste lid, onder c, Omgevingsplan de openingstijden voor een café. Artikel 3.83 Omgevingsplan is op dat punt verduidelijkt. Artikelen 3.82, 3.83 en 3.86 Omgevingsplan: overgangsrecht openingstijden Namens Yellow House wordt het volgende naar voren gebracht. Op grond van artikel 3.86, lid 1, Omgevingsplan gelden de in artikel 3.82 cq 3.83 Omgevingsplan genoemde openingstijden drie jaar ná inwerkingtreding van het wijzigingsbesluit. Onduidelijk is wat geldt in de tussenperiode, namelijk nádat de exploitatievergunning is geëxpireerd, maar de drie jaarstermijn uit artikel 3.86 Omgevingsplan nog niet is verlopen. Reactie: Artikel 3.82 Omgevingsplan bepaalt de openingstijden voor locaties waar het bestemmingsplan al is vervangen. Artikel 3.83 Omgevingsplan bepaalt de openingstijden waar dat nog niet is gebeurd. Zowel artikel 3.82 als artikel 3.83 Omgevingsplan moeten direct gaan gelden op het moment dat voorliggend wijzigingsbesluit in werking treedt, omdat er anders voor nieuwe horecazaken geen regels over openingstijden van toepassing zijn die zijn gesteld vanuit oogpunt van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

Voor bestaande horecabedrijven kan dat een beperking meebrengen ten opzichte van de exploitatievergunning, zoals die geldt op het moment dat voorliggend wijzigingsbesluit in werking treedt. Artikel 3.86 Omgevingsplan geeft in dat geval een overgangstermijn van drie jaar, waarbij binnen die drie jaar de ruimere openingstijden blijven gelden, zoals opgenomen in de exploitatievergunning zoals die gold op het moment van inwerkingtreding van voorliggend wijzigingsbesluit. Dat geldt dus ook als die exploitatievergunning, die tijdelijk is, binnen de termijn van drie jaar afloopt en er een nieuwe exploitatievergunning wordt verleend. De openingstijden van de exploitatievergunning zoals die gold op moment van inwerkingtreding van voorliggend wijzigingsbesluit blijven van toepassing. Dat staat expliciet verwoord in artikel 3.86, eerste lid. Dat neemt niet weg dat in een nieuwe exploitatievergunning meer beperkte openingstijden kunnen zijn opgenomen. Die openingstijden zijn dan gesteld met het oog op openbare orde en veiligheid. In dat geval zijn de beperktere openingstijden van de exploitatievergunning bepalend.

45

Dit alles was in het Ontwerp Wijzigingsbesluit opgenomen in het tweede lid, en dit staat nu (met een aangepaste formulering) in het eerste lid. Artikel 3.84 Omgevingsplan: ontbrekende leden Namens Yellow House wordt opgemerkt dat in artikel 3.84, lid 3, Omgevingsplan wordt verwezen naar artikel 3.82, leden 7 tot en met 9, Omgevingsplan. Die laatste leden zijn niet aangetroffen. Kan worden verduidelijkt welke verwijzing hier is bedoeld? Reactie: Artikel 3.84 Omgevingsplan heeft betrekking op locaties waar een zogenoemd TAM-omgevingsplan is vastgesteld. In het derde lid wordt bepaald dat artikel 3.82, leden 7 tot en met 9, Omgevingsplan, van overeenkomstige toepassing zijn. Anders dan in de zienswijze wordt aangegeven, staan die leden wel in het Omgevingsplan. Waarschijnlijk is gekeken op Regels op de kaart, en is daarbij gekeken op ‘Gekozen locatie’ in plaats van op ‘Gehele document’. In dat geval worden alleen de regels getoond die op de gekozen locatie gelden. Omdat de leden 7 tot en met 9 zijn gekoppeld aan een aanduiding die nog nergens geldt, zijn die leden in dat geval niet zichtbaar als wordt gezocht op ’Gekozen locatie’, maar wel als wordt gezocht op ‘Gehele document’. De leden zijn er dus wel, en zijn dus van overeenkomstige toepassing. Zie ook de bekendmaking in het Gemeenteblad: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025368550.html .

Artikelen 3.83 en 3.86 Omgevingsplan: verruiming openingstijden Namens zowel Yellow House als Morgan en Mees wordt het volgende naar voren gebracht. In artikel 3.83 lid 2 en 3 Omgevingsplan is geregeld dat een aantal keer per jaar een verruiming van de openingstijden is toegestaan. Op basis van artikel 3.86 Omgevingsplan gaat dit pas in drie jaar nádat het wijzigingsbesluit in werking is getreden. Het verzoek is deze ontheffing per direct werking te laten hebben. Reactie: Het eerste lid van artikel 3.86 Omgevingsplan leidde er inderdaad toe dat ook de bedoelde afwijkmogelijkheid zonder ontheffing pas na drie jaar in werking zou gaan. Dat is niet de bedoeling. Het betreffende eerste lid is geschrapt. Artikel 3.83 Omgevingsplan: 6 dagen tussen dagen met verruimde openingstijden De voorwaarde in art. 3.83 lid 4 Omgevingsplan (6 dagen tussen dagen met verruimde openingstijden) is nieuw ten opzichte van de regeling in de APV. Tijdens de ADE zijn de openingstijden altijd meerdere avonden achtereen verruimd. Als gevolg van deze voorwaarde wordt deze mogelijkheid in de toekomst ingeperkt. Kan aan lid 4 de uitzondering worden toegevoegd dat eenmaal per jaar drie dagen achtereen een overschrijding is toegestaan? Reactie: Artikel 3.83, vierde lid, heeft betrekking op reguliere ‘ontheffingen’ die voor iedere horecazaak overal binnen Amsterdam gelden.

De afwijkmogelijkheid is in het omgevingsplan ook in de vorm van algemene regels gesteld. Er vindt dus geen toets op aanvaardbaarheid plaats. Binnen de gestelde randvoorwaarden wordt het aanvaardbaar geacht. Voor ADE geldt dat sprake is van een bijzondere situatie, waarbij wel een toets op aanvaardbaarheid wenselijk is, en die zich daarom niet makkelijk laat vatten in algemene regels. Voor zover een voorgenomen activiteit niet binnen de algemene regels is toegestaan, en ook niet op andere wijze op grond van het omgevingsplan kan worden toegelaten, zoals drie avonden achter elkaar een

46

overschrijding van de openingstijden, dan kan een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit worden aangevraagd. Voor wat betreft specifiek ADE wordt op dit moment ambtelijk onderzocht hoe een en ander het beste vorm kan worden gegeven. Afwijkmogelijkheid locatieaanduiding horecaterrassen En als laatste, en dat is meer in algemene zin dan specifiek vanuit het belang van Yellow House en Morgan en Mees: kan er een binnenplanse afwijkingsbevoegdheid worden toegevoegd voor het toestaan van een terras waar die aanduiding niet voorkomt, c.q. waar een terras o.g.v. het tijdelijk deel niet is toegestaan? Dat maakt het voor de toekomst gemakkelijker een terras toe te staan op plekken waar deze nu nog niet (al dan niet rechtsreeks) is toegestaan. Reactie: Het is van belang dat vooraf duidelijk is waar een horecaterras kan komen. Dat gebeurt met de aanduiding ‘horecaterras toegestaan – vergunningplicht’. Artikel 3.70, eerste lid, Omgevingsplan bepaalt dat een horecaterras uitsluitend is toegestaan ter plaatse van die aanduiding 'horecaterras toegestaan – vergunningplicht’. Vervolgens is nog wel een vergunning nodig, waarbij het specifieke geval op aanvaardbaarheid wordt beoordeeld.6 Gelet op de impact die een horecaterras op de omgeving kan hebben, wordt geen aanleiding gezien van deze systematiek af te wijken middels een binnenplanse afwijkmogelijkheid.

Dat zou immers de functie van de aanduiding zinledig maken. Voor zover op voorhand al duidelijk is dat een groter gebied geschikt is voor het vestigen van een horecaterras, kan dat grotere gebied worden aangewezen. Die afweging kan per gebied worden gemaakt.

10. Stadion Amsterdam N.V., Stadion Amsterdam C.V. en Stadion Amsterdam Exploitatie B.V. Stadion Amsterdam N.V., Stadion Amsterdam C.V. en Stadion Amsterdam Exploitatie B.V. (Hierna: de ArenA) geeft aan dat een aantal onderdelen van het ontwerpbesluit dat verband houdt met de positie van de ArenA onduidelijk en rechtsonzeker is. Het gaat om het volgende: Evenementenlocaties Een evenementenlocatie is gedefinieerd als "een locatie in de openbare ruimte bedoeld voor het met enige regelmaat houden van evenementen". In het ontwerpbesluit zijn voetbalwedstrijden niet aangemerkt als evenement. De ArenA is geen openbare ruimte. De Arena kwalificeert dus niet als evenementenlocatie. Niettemin moet worden vastgesteld dat de definitie dat niet rechtstreeks uitsluit, maar slechts indirect. De ArenA hecht eraan - zonodig ten overvloede en ter voorkoming van misverstanden - dat uitdrukkelijk wordt opgenomen dat zij niet als evenementenlocatie in de zin van het Ontwerp wordt aangemerkt. Reactie: Met dit wijzigingsbesluit wordt voor wat betreft regulering van evenementenlocaties alleen een structuur neergezet. Het gaat om paragraaf 2.3.22 Omgevingsplan. Het daar opgenomen artikel 2.271 bepaalt het toepassingsbereik van de betreffende paragraaf. Daarin wordt bepaald dat de paragraaf 6

Deze systematiek is feitelijk niet anders dan dat geldt voor bouwwerken. Daarvoor geldt al jarenlang dat met ruimtelijke regels wordt bepaald binnen welke grenzen een bouwwerk is toegestaan. Vervolgens is nog wel een bouwvergunning nodig om het specifieke geval op bijvoorbeeld welstand te toetsen.

47

gaat over het gebruiksdoel van locaties met de aanduiding 'gebruiksdoel: evenementenlocatie' (eerste lid, onder a), en dat de paragraaf geldt ter plaatse van die aanduiding (tweede lid). Met dit wijzigingsbesluit wordt die aanduiding nog nergens toegekend. Ook niet aan de locatie van de ArenA. Onder een evenementenlocatie wordt zoals de ArenA aangeeft verstaan een locatie in de openbare ruimte bedoeld voor het met enige regelmaat houden van evenementen. Wanneer ergens een bestemmingsplan wordt vervangen, en daarbij evenementenlocaties worden aangeduid, dan gaat het om locaties die voldoen aan die omschrijving. Wanneer een locatie niet kwalificeert als openbare ruimte, dan kan die niet als zodanig worden aangeduid. De vraag of de ArenA of het terrein eromheen al dan niet als evenementen locatie moet worden aangewezen, is aan de orde bij het vervangen van het daar nog geldende bestemmingsplan. Als de ArenA te zijner tijd van mening is dat de omzetting van dat bestemmingsplan op verkeerde wijze gebeurt, kan in het kader van die procedure worden opgekomen. Maatwerkvoorschriften De Arena heeft in overleg met de Omgevingsdienst en de gemeente een zorgvuldig traject doorlopen om de omgevingsvergunning milieu aan te passen.

Inmiddels is deze vergunning van 22 maart 2024 onherroepelijk, en gelden de vergunningvoorschriften als maatwerkvoorschriften op basis van het Omgevingsplan of het Besluit activiteiten leefomgeving. Deze maatwerkvoorschriften hebben voorrang op de algemene (milieu) regels, hetgeen is bevestigd in de reactie op de ingediende zienswijze over de zogenoemde Basisregeling. Vastgesteld wordt dat de regels in het ontwerpbesluit vergaand afwijken van het doel en de strekking van de maatwerkvoorschriften. De ArenA vindt het wenselijk dat uitdrukkelijk wordt opgenomen dat de regels niet gelden voor de ArenA, althans dat de bestaande maatwerkvoorschriften voor de activiteiten van ArenA voorgaan op de algemene regels en dat haar bedrijfsvoering door de algemene regels niet kan worden beperkt. Uitgesloten zal moeten worden dat de regels in het ontwerpbesluit - onder meer ten opzichte van de maatwerkvoorschriften - enige beperking voor de bedrijfsvoering van de ArenA nu en in de toekomst met zich kunnen brengen. Reactie: Het is niet duidelijk op welke regels van het ontwerpbesluit wordt gedoeld die zouden afwijken van de bestaande maatwerkvoorschriften. Vanwege de relatie die de ArenA legt met de eerder vastgestelde milieuvergunning, lijkt het erop dat wordt gedoeld op regels over milieubelastende activiteiten, opgenomen in hoofdstuk 9 van het Omgevingsplan gemeente Amsterdam.

Voorliggend wijzigingsbesluit voorziet echter helemaal niet in aanpassing van die regels. Het besluit waarmee die regels zijn vastgesteld is inmiddels onherroepelijk. Die regels zijn al in werking getreden. In het kader van de procedure waarmee de regels in hoofdstuk 9 eerder zijn vastgesteld, is door de Arena een zienswijze naar voren gebracht van gelijke strekking. Toen is aangegeven dat op grond van het toepasselijke overgangsrecht de voorschriften van de omgevingsvergunning milieu worden aangemerkt als maatwerkvoorschriften onder de Omgevingswet (zie artikel 4.13, vierde lid, van de Invoeringswet Omgevingswet). Met een maatwerkvoorschrift kan het bevoegd gezag afwijken van de algemene regels die in het omgevingsplan zijn opgenomen. Dit betekent dat in het geval van de ArenA de vergunningvoorschriften bepalend zijn voor de geluidruimte van de activiteiten daar. Toen is ook reeds aangegeven dat daarop gelet een nadere, bijzondere kwalificatie in de (milieu)regels van het omgevingsplan niet nodig is en ook onwenselijk. Hiermee wordt aangesloten bij het algemene uitgangspunt dat maatwerkvoorschriften voor individuele milieubelastende activiteiten niet worden opgenomen in de regels van het omgevingsplan. Kortheidshalve wordt naar de beantwoording van die eerdere zienswijze verwezen.

48

11. Adressant 8, mede namens mede namens 74 omwonenden Amstelveld Adressant heeft een zienswijze ingediend, mede namens 74 omwonenden van het Amstelveld. De zorg wordt uitgesproken over de impact van de voorgestelde wijzigingen op de lee aarheid, rust en woonkwaliteit in onze buurt. De gemeente omschrijft de Amstelveldbuurt al jaren als "rustige" woonbuurt. Echter, de terrassen en de horeca veroorzaken in toenemende mate overlast. Met name in de avond en nachtelijke uren. Van "rustige" woonbuurt is dan geen sprake. Algemene reactie vooraf: De zienswijze wordt uitvoerig onderbouwd met teksten waarvan verondersteld wordt dat die uit het horecabeleid komen. Dat komen ze niet, en het is ook niet duidelijk waar we wel vandaan komen. De gebiedsmakelaar heeft de indiener van de zienswijze gevraagd waar deze teksten vandaan komen. Hierop is geen reactie gekomen. De indiener van de zienswijze wordt bij deze gewezen op het vastgestelde Horecabeleid 2025. Dat vormt het kader. De strekking van de zienswijze is echter duidelijk, die zal hieronder worden weergegeven en daarop zal hieronder worden ingegaan. Bescherm het woonkarakter van het Amstelveld Het Amstelveld en de omliggende straten kennen een overwegend woonbestemming met een hoge bewonersdichtheid en beperkte openbare ruimte.

Het gebied heeft te maken met:  geluidsoverlast door bestaande horeca en evenementen,  drukte door bezoekersstromen, vooral tijdens markten en festivals,  beperkte parkeerruimte en verkeersdruk door autoverkeer, fietsers en toeristen. Kijkend naar het Horecabeleid 2025 kwalificeert de Amstelveldbuurt als woonbuurt. Verzocht wordt het gebied als zodanig aan te merken. Dit zou betekenen dat terrassen door de week om 22.00 uur en in het weekend om 23.00 uur moeten sluiten. Verder betekent dit dat horeca zich vestigt op doorgaande wegen in woonwijken. Hoeken zijn daarvoor de meest logische plekken. Concentratie van horeca is niet wenselijk. Kleinschalige, laagdrempelige horeca gericht op de buurt. De horeca mag de leefomgeving niet aantasten. Ook geschikt voor de veranderende functie van horeca als ontmoetingsplek en werkplek. Reguliere horeca fastfood kan ook, maar sporadisch en kleinschalig. Onder voorwaarden kan reguliere en middelzware horeca ook worden toegestaan, zodat wat later dineren, ook op een terras, mogelijk is. Reactie: Zoals aangegeven in bijlage 4 van het Horecabeleid 2025 kan er, volgend op het horecabeleid, uitvoeringsbeleid op stadsdeel- en stadgebiedsniveau worden opgesteld, waarin een gebiedsindeling kan worden opgenomen. De impact van de horeca op de omgeving kan vanwege de specifieke kenmerken van het gebied verschillen.

Vanuit dat oogpunt zijn er in de bedoelde bijlage 4 globaal zeven verschillende typen gebieden te onderscheiden, waaronder woongebied. Deze kunnen als basis gebruikt worden voor de gebiedsindeling per stadsdeel. Per type gebied staat beschreven welke vormen van horeca het best passend is. Het lokale bestuur mag hier zelf invulling aan geven. Het is dus niet zo dat met het Horecabeleid 2025 reeds kwalificaties aan gebieden zijn toegekend. Dat kan, indien een stadsdeel dat wenst, op een later moment worden bepaald. Daarbij wordt dan ook bepaald welke beleidsconsequenties daaraan worden gegeven. Over die beleidskeuzes zal inspraak plaatsvinden. Voorliggend wijzigingsbesluit heeft hierop geen betrekking.

49

Bestaande situatie Over een afstand van grofweg 50 meter zijn 3 terrassen gevestigd, te weten van café Marcella, café Bouwman en café Onder de Ooievaar. Over een afstand van ca 125 meter komt daar nog een vierde terras bij (Brasserie Nel).  Als de terrassen vol zitten, bevinden zich ca. 300 mensen op de 3 terrassen gezamenlijk en dus over een afstand van ca 50 meter. En ruim 450 mensen over een afstand van 125 meter. Dit door de week tot 1.00 uur en in het weekend tot 2.00 uur. Dit is onwenselijk in een woonbuurt.  De terrasopbouw vindt plaats om 7.00 uur in de ochtend, maar voor 7.00 uur (wat niet is toegestaan), is geen uitzondering. Dit gaat gepaard met veel lawaai.  Terras sluiting is 1.00 uur, respectievelijk 2.00 uur in de nacht. Veel gasten nemen met veel lawaai en geschreeuw afscheid en/of blijven napraten op straat. Dan wordt het terras weer afgebroken. Dit gaat eveneens gepaard met veel lawaai.  Dan wordt nog een uur na sluitingstijd de (illegaal in de openbare ruimte geplaatste) glascontainer naar binnen gereden en volgestort met glas, dit gaat eveneens gepaard met veel lawaai.

Aan de volgende voorwaarden wordt niet voldaan:  Concentratie van horeca is niet wenselijk  Geschikt voor kleinschalige, laagdrempelige horeca gericht op de buurt  De horeca mag de leefomgeving niet aantasten  Onder voorwaarden kan reguliere en middelzware horeca ook worden toegestaan, zodat wat later dineren, ook op een terras, mogelijk is Reactie: Zoals hiervoor aangegeven zijn dit geen in het beleid gestelde voorwaarden. Het beleid geeft richting aan de wijze waarop gebieden door middel van een gebiedsgerichte uitwerking kunnen worden getypeerd, en wat dat zou kunnen betekenen. Zowel de gebiedstypering als wat dat concreet zou betekenen zijn nu niet aan de orde. Te veel terrassen voor een aanvaardbaar woon- en lee limaat Al met al kan gesteld worden dat er aan het Amstelveld niet voldaan wordt aan de door de gemeente zelf opgestelde richtlijnen. De hoeveelheid terrassen trekt een te grote wissel op het woon- / lee limaat en lee aarheid van de buurt. Reactie: Er is voor het gebied nog geen gebiedsgerichte uitwerking vastgesteld. Op de vraag of in dat beleid conclusies worden getrokken over het aantal terrassen in deze buurt, en welke conclusies dat dan zouden zijn, kan niet worden vooruitgelopen. Voorliggend wijzigingsbesluit heeft ook geen gevolgen voor bestaande horecaterrassen.

Voor nieuwe en wijziging van bestaande horecaterrassen geldt wel dat aan de opgenomen omgevingsvergunningplicht beoordelingsregels zijn opgenomen die expliciet beogen onaanvaardbare gevolgen voor het woon- en lee limaat te voorkomen. Te veel middelzware horeca Daarbij komt dat de 4 horecagelegenheden vallen onder "middelzware horeca". Reactie: De vraag onder welke zwaartecategorie ze komen te vervallen is nu niet aan de orde. Wel kan worden opgemerkt dat bij het omzetten van het bestemmingsplan als uitgangspunt geldt dat de maximale mogelijkheden van het bestemmingsplan worden overgenomen. Wanneer vergunning is verleend om af te wijken van het bestemmingsplan, wordt uiteraard daarnaar gekeken, met inachtneming van de 50

daarbij gestelde voorschriften. In uitzonderlijke situaties kan worden afgeweken van dat uitgangspunt. Dit vraagt een lokale afweging, die per te vervangen bestemmingsplan zal worden gemaakt. Daarop kan in het kader van voorliggend wijzigingsbesluit niet vooruitgelopen worden. Zie meer uitgebreid hierover paragraaf 3.2 van deze nota. Horecaterrassen en openingstijden Voor het Amstelveld en directe omgeving wordt gevraagd geen uitbreiding van bestaande terrassen toe te staan, de openingstijden te beperken, met name in de avonduren, om nachtelijke geluidsoverlast te voorkomen, en de huidige situatie in te perken waarbij horeca ondergeschikt wordt aan de woonfunctie. Het eigen beleid moet worden uitgevoerd en gehandhaafd. Reactie: Zoals hiervoor reeds aangegeven is er geen eigen beleid dat erin voorziet dat de hoeveelheid horeca of het aantal horecaterrassen moet worden teruggebracht. Voor een uitbreiding van de bestaande horecaterrassen zal naast een exploitatievergunning ook een omgevingsvergunning horecaterras verplicht worden. Bij de beoordeling van een vergunningaanvraag worden de gevolgen voor het woonen lee limaat nadrukkelijk betrokken. Noodzaak van gebiedsgerichte afweging Het wijzigingsbesluit kiest voor een uniforme aanpak voor heel Amsterdam, maar het Amstelveld is een kleinschalige, historische woonbuurt.

Gevraagd wordt om gebiedsspecifieke kaders voor het Amstelveld, de bestaande woonfunctie te beschermen, en in overleg te treden met bewonersgroepen, buurtorganisaties en ondernemers om tot een evenwichtige invulling te komen. Reactie: Juist met dat doel biedt het Horecabeleid 2025 het instrument van de gebiedsgerichte uitwerking. Er komt een gebiedsgerichte uitwerking voor stadsdeel Centrum. De planning is nog niet bekend. De conceptgebiedsgerichte uitwerking zal te zijner tijd ter inspraak worden voorgelegd.

12. Papa Zatarra Papa Zatarra, gevestigd Jacob Bontiusplaats 10, is een dynamische, open en verbindende plek in het hart van Oostenburgereiland. Waar overdag gasten samenkomen voor lunch of koffie, verandert Papa Zatarra in de avond regelmatig in een levendige ontmoetingsplek. Maandelijks worden salsaavonden georganiseerd. Daarnaast worden regelmatig verjaardagen, diners, vergaderingen en bijeenkomsten gefaciliteerd. Zwaartecategorie In de huidige vorm valt Papa Zatarra feitelijk onder de zware horeca-categorie, ondanks dat de naam en vergunningen de horecagelegenheid typeren als bar/cafe. Dit komt doordat naast reguliere exploitatie ook regelmatig zaalverhuur wordt verzorgd voor dansavonden, private diners en culturele of zakelijke evenementen. Tijdens deze activiteiten is er sprake van muziek, maar nooit op een volume dat overlast veroorzaakt of de grenzen van de huidige geluidsnormen overschrijdt. Er zijn nooit klachten of meldingen van overlast geweest sinds de opening. Een herindeling naar een lichtere categorie zou betekenen dat een groot deel van de activiteiten moeten worden gestaakt en dat daarmee de economische basis wordt verloren.

51

Reactie: Zoals aangegeven in paragraaf 3.2 geldt bij het omzetten van de horecabestemming naar zwaartecategorie als uitgangspunt dat de maximale mogelijkheden van het bestemmingsplan worden overgenomen. In uitzonderlijke situaties kan worden afgeweken van dat uitgangspunt. Dit vraagt een lokale afweging, die per te vervangen bestemmingsplan zal worden gemaakt. Daarop kan in het kader van voorliggend wijzigingsbesluit niet vooruit worden gelopen. Op grond van het bestemmingsplan Uitwerking Oostenburgervaart - Stadswerf Oostenburg geldt de bestemming Gemengd-4, waarbinnen horeca 3 en horeca 4 zijn toegestaan. Op grond van dat bestemmingsplan is binnen horeca 3 een ‘café’ toegestaan. Als niet van het hiervoor genoemde uitgangspunt voor de omzetting van het bestemmingsplan naar zwaartecategorieën wordt afgeweken, zal aan deze locatie, met inachtneming van de in het bestemmingsplan opgenomen locatiespecifieke beperkingen, middelzware horeca worden toegekend. Daarbinnen is het ten gehore te brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 77 dB(A) toegestaan, maar wel met inachtneming van de geluidsnormering zoals opgenomen in subparagraaf 9.2.2.3 Omgevingsplan. Het aanbieden van een dansvloer is hierbinnen niet toegestaan, met uitzondering van locaties waaraan de aanduiding ‘aanbieden van een dansvloer toegestaan’ wordt gegeven.

Of die aanduiding aan een locatie wordt gegeven, wordt bepaald bij het vervangen van het bestemmingsplan (zie meer uitgebreid paragraaf 3.3 van deze nota). Over het houden van salsa-avonden wordt opgemerkt dat op grond van het bestemmingsplan onder horeca 3 wordt verstaan “horecabedrijven, die tot doel hebben het voor consumptie ter plaatse verstrekken van dranken en (kleine) etenswaren en/of maaltijden, waarbij het accent ligt op het verstrekken van dranken. Onder horeca 2 vallen “horecabedrijven, al dan niet met een besloten karakter, die tot hoofddoel hebben het voor consumptie ter plaatse verstrekken van dranken, waarbij het gelegenheid bieden tot dansen op en tot het beluisteren van overwegend mechanische muziek een wezenlijk onderdeel vormt. Horeca 2 bedrijven zijn in elk geval discotheken en sociëteiten.” Horeca 2 is op deze locatie niet toegestaan. Hieruit valt op te maken dat op grond van het bestemmingsplan een exploitatie waarbij het gelegenheid bieden tot dansen op en tot het beluisteren van overwegend mechanische muziek een wezenlijk onderdeel vormt, niet is toegestaan. De vraag of het maandelijks houden van een salsa-avond passend is binnen het geldende bestemmingsplan, is in het kader van voorliggende procedure niet aan de orde. Voor zover een exploitant daarover twijfelt, kan contact worden opgenomen met het betreffende stadsdeel.

Dat neemt niet weg dat het incidenteel kunnen organiseren van een dansavond in een restaurant niet op voorhand onmogelijk moet zijn. Vereist is wel dat dit niet leidt tot onaanvaardbare overlast. Daartoe wordt ten opzichte van het Ontwerp Wijzigingsbesluit de mogelijkheid toegevoegd om bij maatwerkvoorschrift het incidenteel aanbieden van een dansvloer toe te staan (artikel 2.246 Omgevingsplan). Openingstijden De huidige openingstijden (tot 01:00 doordeweeks en tot 03:00 in het weekend) zijn essentieel voor de bedrijfsvoering en komen overeen met het karakter van de avondactiviteiten. Deze tijden zijn altijd zonder klachten gehandhaafd en vormen een bewezen, goed functionerend ritme binnen de buurt. Verzocht wordt om behoud van deze rechten binnen de nieuwe regelgeving.

52

Reactie: Zoals hiervoor aangegeven zal, als niet van het in paragraaf 3.2 genoemde uitgangspunt voor de omzetting van het bestemmingsplan naar zwaartecategorieën wordt afgeweken, aan deze locatie middelzware horeca worden toegekend. Artikel 3.82, derde lid, Omgevingsplan bepaalt dan de volgende openingstijden: • op zondag tot en met donderdag van 07.00 tot 01.00 uur de dag erna; en • op vrijdag en zaterdag van 07.00 tot 03.00 uur de dag erna. Zolang het bestemmingsplan nog niet is vervangen, gelden op grond van artikel 3.83, eerste lid, Omgevingsplan dezelfde openingstijden. Voor een meer uitgebreide toelichting, zie paragraaf 3.7 van deze nota. Deze openingstijden komen overeen met de openingstijden zoals die volgens de zienswijze in de exploitatievergunning zijn opgenomen. Terrasexploitatie Papa Zatarra beschikt over een bestaande exploitatievergunning en alcoholvergunning voor het terras, dat tot 00:00 u geopend mag zijn. Verzocht wordt om behoud van deze terrasrechten. Reactie: De openingstijden voor horecaterrassen worden in het omgevingsplan als volgt geregeld (artikel 3.74 Omgevingsplan). Er gelden voor heel Amsterdam de volgende sluitingstijden:  op zondag tot en met donderdag uiterlijk tot 01.00 uur;  op vrijdag en zaterdag uiterlijk tot 02.00 uur. Van 1 november tot 1 maart geldt een maximum sluitingstijd van 24.00 uur.

Daarbij is bepaald dat in de verplicht geworden omgevingsvergunning voor een horecaterras een vroeger tijdstip als maximale sluitingstijd kan zijn bepaald. Dit is gelijk aan de openingstijden, zoals die nu nog zijn opgenomen in artikel 3.14 van de APV. Voor legaal bestaande terrassen gaat een omgevingsvergunning van rechtswege gelden (artikel 3.75 Omgevingsplan). De openingstijden zoals opgenomen in de exploitatievergunning, zoals die geldt op het moment van inwerkingtreding van het wijzigingsbesluit, gelden als vergunningvoorschrift, verbonden aan de omgevingsvergunning van rechtswege, en zijn dus toegestaan. De aangegeven openingstijden blijven dus van toepassing. Verzoek tot duidelijke communicatie en maatwerk De huidige onduidelijkheid over gebiedsindeling en categorie-toewijzing zorgt voor onzekerheid. Verzocht wordt om een transparant proces met ruimte voor maatwerk, zodat bedrijven die aantoonbaar goed functioneren, zoals Papa Zatarra, niet onnodig worden beperkt. Reactie: In paragraaf 3.2 van deze nota wordt nader ingegaan op de wijze waarop omzetting plaatsvindt. Kortheidshalve wordt daarnaar verwezen. Daadwerkelijke indeling vindt plaats bij wijziging van het omgevingsplan, waarbij het nog geldende bestemmingsplan wordt vervangen.

Mocht de exploitant van Papa Zatarra te zijner tijd van oordeel zijn in een te lichte zwaartecategorie te zijn geplaatst, of het om andere redenen oneens zijn met de regels die dan van toepassing zullen gaan worden, staan in het kader van die procedure middelen open om dit kenbaar te maken, en eventueel in beroep te gaan.

53

Onderbouwing van bedrijfsvoering en ruimtegebruik De omvang van onze zaak is bewust gekozen om de eerdergenoemde activiteiten te kunnen faciliteren en dit is ook altijd zo gepresenteerd aan banken en overheidsinstanties. Wij beschikken ook over de juiste licenties bij Buma en Stemra om muziekavonden te organiseren. Als de huidige restricties al voor onze opening bekend waren geweest, en het duidelijk was dat wij deze activiteiten niet konden uitvoeren, hadden wij niet voor dit pand en deze locatie gekozen. De grote ruimte die wij huren is enkel rendabel omdat wij deze kunnen inzetten voor meerdere doeleinden en daarmee voldoende omzet genereren. Reactie: Zoals hiervoor aangegeven zal, als niet van het uitgangspunt voor de omzetting van het bestemmingsplan naar zwaartecategorieën wordt afgeweken, aan deze locatie middelzware horeca worden toegekend. Daarbinnen is het afspelen van muziek met een geluidsniveau hoger dan dat van achtergrondmuziek toegestaan. Ook worden er meer maatwerkmogelijkheden opgenomen voor het aanbieden van een dansvloer (zie meer uitgebreid paragraaf 3.3 van deze nota). Zaalverhuur voor feesten en partijen wordt niet meer als aparte activiteit gereguleerd (zie paragraaf 3.4 van deze nota). Conclusie Gelet op de bestaande activiteiten kwalificeert Papa Zatarra als zware horeca.

Papa Zatarra exploiteert inmiddels meerdere jaren zonder een enkele klacht, omdat de balans wordt gevonden tussen levendigheid en lee aarheid. Verzocht wordt als gebruiksdoel zware horeca toe te kennen. Een lichtere classificatie zou betekenen dat de culturele en sociale functie verloren gaat. Reactie: Zoals hiervoor aangegeven zal, als niet wordt afgeweken van het algemeen geldend uitgangspunt voor de omzetting van het bestemmingsplan, aan deze locatie middelzware horeca worden toegekend. Dat zal naar verwachting niet leiden tot beperkingen ten opzichte van wat nu is toegestaan. Voor het houden van dansavonden kan eventueel een maatwerkvoorschrift worden aangevraagd.

13. La Perla / Shylock B.V. La Perla is gevestigd op Tweede Tuindwarsstraat 14H en Tweede Tuindwarsstraat 53. Het belang van een evenwichtige horecasector die rekening houdt met lee aarheid en ruimtelijke kwaliteit wordt onderschreven. Toch wordt bezwaar gemaakt tegen enkele onderdelen van het horecabeleid, die in de praktijk leiden tot ongelijke behandeling van bestaande ondernemers en onnodige beperkingen op goed functionerende, buurtgerichte horecazaken. Reactie: De zienswijze heeft betrekking op een tweetal locaties, waarvoor op grond van het nog geldende bestemmingsplan verschillende juridisch-planologische mogelijkheden gelden. Voor een goed begrip van de beantwoording wordt hier reeds opgemerkt dat op de locatie Tweede Tuindwarsstraat 14H onder andere is toegestaan detailhandel, met inbegrip van een mengformule, maar geen horeca. Op de locatie Tweede Tuindwarsstraat 53 is naast detailhandel, met inbegrip van een mengformule, ook horeca 4 toegestaan. Tweedeling tussen winkels met additionele horeca en reguliere horeca Het nieuwe beleid introduceert een meldplicht voor winkels die additionele horeca aanbieden. Deze maatregel lijkt bedoeld om toeristisch georiënteerde nieuwe concepten te reguleren, maar heeft 54

ook gevolgen voor bestaande buurtgerichte ondernemingen. La Perla heeft een duidelijke buurtfunctie en onderscheidt zich van concepten die primair op toeristen zijn gericht. De manier waarop wij horeca combineren met ambachtelijke foodverkoop is vanzelfsprekend gegroeid binnen het bestaande bestemmingsplan en past bij het karakter van de wijk. Het opleggen van een meldplicht voelt dan ook onterecht en onnodig belastend. Verzocht wordt om de meldplicht voor winkels met additionele horeca te beperken tot nieuwe situaties of zaken met een overwegend toeristisch karakter. Bestaande ondernemingen met een buurtfunctie zouden hiervan moeten worden vrijgesteld. Reactie: Subparagraaf 3.2.13.2 bevat regels over additionele horeca, waaronder een meldingsplicht voor additionele horeca binnen detailhandel (artikel 3.60 Omgevingsplan). Voor additionele horeca die op de datum van inwerkingtreding van deze subparagraaf rechtmatig werd uitgeoefend, geldt dat de melding binnen één jaar na de datum van inwerkingtreding van deze subparagraaf moet zijn gedaan (artikel 3.61, derde lid, Omgevingsplan). Anders dan wordt verondersteld is de meldingsplicht niet in het leven geroepen om toeristisch georiënteerde nieuwe concepten te reguleren. Additionele horeca kan negatieve gevolgen hebben op het woon- en lee limaat ter plaatse.

Dit geldt met name voor additionele horeca bij winkels, omdat in veel gevallen de grens tussen additionele horeca en reguliere horeca vervaagt. Het ondergeschikte karakter van de additionele horeca is zoek. Om die negatieve gevolgen te voorkomen, en om het additionele karakter te borgen, zijn nieuwe regels over additionele horeca in het leven geroepen, die gemeentebreed gaan gelden. Om goed zicht te hebben op waar additionele horeca zich bevindt, is daarbij ook een meldplicht voor additionele horeca bij winkels in het leven geroepen. Doel daarvan is dat het makkelijker wordt om controle uit te oefenen op naleving van de regels. Door de meldplicht is immers bekend waar additionele horeca binnen winkels plaatsvindt, en waaruit die bestaat. De zienswijze geeft geen aanleiding om ondernemingen met een buurtfunctie van die meldplicht uit te zonderen. Afschaffing regeling `tropenterrassen' in het centrumgebied De afschaffing van de regeling voor tijdelijke terrasuitbreiding bij warm weer (tropenterrassen) raakt met name ondernemers in het centrum onevenredig. Deze regeling heeft in de praktijk goed gefunctioneerd. Het volledig schrappen van deze mogelijkheid voelt als een stap terug, zeker gezien de klimaatverandering en het toenemende aantal warme dagen.

Verzocht wordt om de regeling voor tijdelijke terrasuitbreiding bij warm weer te behouden of te vervangen door een maatwerkregeling per stadsdeel (bijvoorbeeld voor het centrumgebied), waarbij bestaande goed functionerende terrassen in aanmerking blijven komen voor tijdelijke verruiming. Reactie: Bij tropisch weer gold sinds 1995 in stadsdeel Centrum een werkwijze waarbij terrassen mochten uitwaaieren. Ook mogen horecabedrijven zonder terrasvergunning dan een klein terras plaatsen, bijvoorbeeld één of twee tafeltjes aan de gevel. Dit om ruimte te bieden aan bewoners die geen buitenruimte hebben. Zolang ondernemers zich aan de voorwaarden hielden, werd er niet opgetreden tegen een groter terras op de dagen dat het tropisch weer scenario gold. Er was sprake van een gedoogconstructie. Door de huidige drukte in de stad gaat het intensieve gebruik van de openbare ruimte niet meer samen met het laten uitwaaieren van terrassen op warme dagen. Het vertalen in een daadwerkelijke juridische toestemming is, zoals uit het Horecabeleid 2025 volgt, niet gewenst. Voorliggend wijzigingsbesluit voorziet daarin derhalve niet.

55

Openingstijden Aangegeven wordt vooralsnog geen bezwaar te hebben tegen de indeling in horecacategorieën. Niet duidelijk is in hoeverre ondernemers inspraak hebben in de uiteindelijke categorisering waarin zij worden geplaatst. De manier waarop een bedrijf wordt ingedeeld heeft directe gevolgen voor zaken als openingstijden en exploitatiemogelijkheden. Voor La Perla is het essentieel dat de huidige openingstijden binnen de bestaande vergunning behouden blijven. Verzocht wordt om bij de verdere uitwerking van de horecacategorieën duidelijk te maken hoe en wanneer inspraak mogelijk is voor ondernemers, en te garanderen dat bestaande vergunningen en openingstijden behouden blijven, tenzij er sprake is van aantoonbare overlast of structurele overtredingen. Reactie: De openingstijden voor additionele horeca bij winkels zijn geregeld in artikel 3.56 Omgevingsplan. Totdat het geldende bestemmingsplan is vervangen, zijn de daarin opgenomen regels over mengformules van toepassing. Op grond van de exploitatievergunning voor de locatie Tweede Tuindwarsstraat 53 gelden nu de volgende openingstijden: op zondag tot en met donderdag van 07.00 tot 01.00 uur, en op vrijdag en zaterdag van 07.00 tot 03.00 uur.

Op deze geldt op grond van het bestemmingsplan Westelijke binnenstad de bestemming Centrum-3, met functieaanduiding ` specifieke vorm van centrum - horeca van categorie 4 toegestaan in de eerste bouwlaag’. Voor zover relevant is in elk geval een restaurant toegestaan. Als niet van het in paragraaf 3.2 genoemde uitgangspunt voor de omzetting van het bestemmingsplan naar zwaartecategorieën wordt afgeweken, zal aan deze locatie, met inachtneming van de in het bestemmingsplan opgenomen locatiespecifieke beperkingen, reguliere horeca worden toegekend. Artikel 3.82, tweede lid, Omgevingsplan bepaalt dan de volgende openingstijden: • op zondag tot en met donderdag van 07.00 tot 01.00 uur de dag erna; en • op vrijdag en zaterdag van 07.00 tot 02.00 uur de dag erna. Zolang het bestemmingsplan nog niet is vervangen, gelden op grond van artikel 3.83, eerste lid, Omgevingsplan dezelfde openingstijden. Voor een meer uitgebreide toelichting, zie paragraaf 3.7 van deze nota. Deze openingstijden komen niet overeen met de openingstijden zoals die volgens de zienswijze in de exploitatievergunning zijn opgenomen. Op grond van artikel 3.86 Omgevingsplan geldt wel dat gedurende de eerste drie jaar na inwerkingtreding van het wijzigingsbesluit de openingstijden van de exploitatievergunning, zoals die gold op het moment van inwerkingtreding van dit wijzigingsbesluit, blijven gelden.

Dat betekent dat bestaande horecabedrijven pas na die overgangstermijn van drie jaar een beperking kunnen ondervinden. Voor die bedrijven die het betreft is in een persoonsgebonden ontheffingsmogelijkheid voorzien (artikel 3.86, derde en vierde lid, Omgevingsplan). Of die kan worden verleend, wordt per aanvraag beoordeeld. De overgangstermijn van drie jaar geeft de exploitant de gelegenheid de exploitatie aan de nieuwe openingstijden aan te passen, dan wel tijdig een ontheffing aan te vragen.

56

14. Cannibale Royale e.a. Namens de volgende ondernemingen (hierna gezamenlijk: adressanten) is zienswijze ingediend:  Hannekes Boom - Dijksgracht 4  Cannibale Royale - Handboogstraat 17B  Vergulden Eenhoorn - Ringdijk 58  Cannibale Royale Ruysdaelkade - Ruysdaelkade 149  Cannibale Royale Lange Niezel - Lange Niezel 15  Hannekes Boot - Dijksgracht 4D  Cannibale Royale du Nord - mt. Ondinaweg 32  Cannibale Royale Rozengracht - Rozengracht 114  Café Nieuw Amsterdam, Het West-Indisch Huis, matter of Taste - Haarlemmerstraat 75  Aloha - De Ruyterkade 151  Groot Melkhuis - Vondelpark 2  Cannibale Royale Amstelveenseweg - Amstelveenseweg 170B-H  Cafe Vertigo, het VondelparkPaviljoen - Vondelpark 3  Ceintuur Theater - Ceintuurbaan 282-284  Central Golf - Willem Fenengastraat 16A  IJ IJ IJ - NDSM-kade 5-7 A aalmogelijkheden Vanuit een café-restaurant worden regelmatig maaltijden meegegeven aan gasten. Volgens het wijzigingsbesluit zou dit niet meer mogen als er sprake is van bereiden, beleggen of verwarmen. Dat is in de praktijk niet uitvoerbaar: het verschil tussen een belegd of onbelegd broodje is niet te handhaven. Reguliere horeca geeft maaltijden mee. Van een besluit mag worden verwacht dat die bestaande praktijk wordt meegenomen en dat het beleid ook duurzaam is.

Wat onder meer inhoudt dat het met de tijd mee is gegaan en enigszins bestendig is tegen veranderende behoeften van inwoners en voorbijgangers. Reactie: Uit de zienswijzen blijkt dat de regels omtrent a aalmogelijkheden onvoldoende duidelijk zijn, en daardoor onbedoeld beperkingen opleggen of in elk geval op lijken te leggen die niet zijn beoogd. De betreffende regels worden aangepast. Daarmee wordt duidelijk dat het meegeven van bijvoorbeeld maaltijden voor consumptie thuis, wat inderdaad in de dagelijkse praktijk veel gebeurt, wel is toegestaan. Het meegeven van etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte blijft in veel gevallen niet toegestaan. Uitzondering daarop zijn locaties waar fastfoodhoreca is toegestaan, en, en kleine etenswaren, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen. Kortheidshalve wordt voor een meer uitgebreide toelichting verwezen naar paragraaf 3.6 van deze nota. Bestaande rechten: horecacategorie en terras Voor horeca met een terras wordt ervan uitgegaan dat het terras in omvang en openingstijden ongewijzigd blijven. In het nieuwe beleid moet staan dat de bedrijven die een terrasvergunning hebben en conform die vergunning opereren, het recht hebben dat te blijven doen (dus ongeacht of er in bestemmingen iets anders staat).

Reactie: Met voorliggend wijzigingsbesluit wordt voorzien in een omgevingsvergunning van rechtswege voor bestaande legale horecaterrassen. De relevante voorschriften zoals opgenomen in de 57

exploitatievergunning horecabedrijf, zoals die geldt op het moment van inwerkingtreding van het wijzigingsbesluit, gelden daarbij als vergunningvoorschrift. In zoverre kunnen ondernemers conform die vergunning blijven opereren. Wel is vereist dat er sprake is van een legaal bestaande situatie. Anders dan in het ontwerp van het wijzigingsbesluit werd aangeven, wordt als uitgangspunt genomen dat die geldt voor horecaterrassen met een geldende exploitatievergunning. Artikel 3.76 Omgevingsplan zal daarop gewijzigd worden vastgesteld. Voor een meer uitgebreide toelichting op de omgevingsvergunning van rechtswege voor horecaterrassen wordt verwezen naar paragraaf 3.9 van deze nota. Openingstijden Een restaurant is soms langer open dan 02.00 uur in het weekend. Volgens het wijzigingsbesluit is een ontheffing van sluitingstijden alleen mogelijk voor fastfood bedrijven. Dat is niet logisch: ook reguliere horecaconcepten voorzien aantoonbaar in een behoefte, functioneren zonder overlast en zouden dezelfde mogelijkheden moeten krijgen. Verzocht wordt om een ontheffing voor de huidige openingstijden met de zaken waarmee op een horeca IV vergunning wordt geëxploiteerd. Verzocht wordt dit meteen bij de omzetting te geven.

In dit geval gaat het concreet over Cannibale Royale Rozengracht aan de Rozengracht 114 en Cannibale Royale Ruysdaelkade aan de Ruysdaelkade 149 Reactie: Op de locatie Rozengracht 114 is op grond van het bestemmingsplan horeca 4 toegestaan in de eerste bouwlaag. Dat maakt dat op grond van de daarop van toepassing zijnde regels daar onder andere een restaurant is toegestaan. Als niet van het hiervoor genoemde uitgangspunt voor de omzetting van het bestemmingsplan naar zwaartecategorieën wordt afgeweken, zal aan deze locatie, met inachtneming van de in het bestemmingsplan opgenomen locatiespecifieke beperkingen, reguliere horeca worden toegekend. Artikel 3.82, tweede lid, Omgevingsplan bepaalt dan de volgende openingstijden: • op zondag tot en met donderdag van 07.00 tot 01.00 uur de dag erna; en • op vrijdag en zaterdag van 07.00 tot 02.00 uur de dag erna. Op de locatie Ruysdaelkade 149 is op grond van het bestemmingsplan horeca van categorie 4 toegestaan. Dat maakt dat op grond van de daarop van toepassing zijnde regels onder andere een eetcafé is toegestaan. Als niet van het hiervoor genoemde uitgangspunt voor de omzetting van het bestemmingsplan naar zwaartecategorieën wordt afgeweken, zal aan deze locatie, met inachtneming van de in het bestemmingsplan opgenomen locatiespecifieke beperkingen, middelzware horeca worden toegekend.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17132496/1