3 Nota van Beantwoording.pdf
Tekst van het document
Reactie college van B en W Het beleidskader Ruimte voor de Voetganger geeft normen voor de maatvoering van de voetgangersruimte en gaat niet over afwegingen tussen alle modaliteiten en functies. Voor de andere modaliteiten kennen we al jaren richtlijnen voor de maatvoering (breedte van parkeervakken, breedte van fietspaden, etc.).
Wijziging ten opzichte van consultatieversie In paragraaf 3.6 van het aangepaste kader is een verwijzing opgenomen naar het Beleidskader Verkeersnetten en de Agenda Amsterdam Autoluw.
Bij het maken van afweging tussen de modaliteiten helpt het Beleidskader Verkeersnetten, waarin de gevraagde prioritering per straat is vastgelegd. Ook de Agenda Amsterdam Autoluw geeft richting in de prioritering tussen ruimteclaims, bijvoorbeeld in de ‘Inrichtingsprincipes voor een autoluwe stad’ die bij de Agenda zijn vastgesteld. De afweging/prioritering wordt bij herinrichtingen uitgewerkt in een Nota van Uitgangspunten die bestuurlijk wordt vastgesteld. Wij zijn het eens met de constatering dat kleine maatregelen al een groot effect kunnen hebben op de voetgangersruimte. In het kader van de Agenda Amsterdam Autoluw worden de voetgangersknelpunten in 15 straten aangepakt. De Dagelijks Besturen van de stadsdelen kunnen ook zelf bestaande situaties aanpakken door opdracht te geven tot het maken van integrale herverdelingsplannen, daar waar ernstige knelpunten voor de voetganger aanwezig zijn.
geen wijzigingen
Pagina 33 van 50
Stadsdeel Noord Nr.
Reactie 13. Het DB adviseert tijdens de herinrichting rekening te houden met aanpassingen voor slechtzienden en mensen met een beperking. Tegelijkertijd adviseren we de looproutes seniorenproof te maken. Verder stelt het DB dat de oversteekbaarheid van straten aandachtig moet worden bekeken en waar kan worden verbeterd. 14. Voorts betwijfelt het dagelijks bestuur of een doorloopruimte van 2 meter, waartoe het ingediende amendement van de leden Ernsting, Bakker en Boutkan oproept, haalbaar is. In hoeverre wordt er dan een norm vastgesteld waarop vervolgens vaak uitzonderingen gemaakt dienen te worden? Het Dagelijks Bestuur adviseert het college de haalbaarheid van een dergelijke norm nader te onderzoeken, en wel zo dat deze toepasbaar is binnen de hierboven genoemde afwegingssystematiek. 15. Als laatste vraagt het dagelijks bestuur aandacht te hebben en een oplossing te bieden voor specifieke straten en wijken waarin een trottoirruimte van 2 meter fysiek niet mogelijk is. In stadsdeel Amsterdam-Noord geldt dat bijvoorbeeld voor de dijken (zoals Durgerdammerdijk, Schellingwouderdijk, Nieuwendammerdijk, en Oostzanerdijk), de vele tuindorpen met hun smalle straten en de dorpen in Landelijk Noord.
Reactie college van B en W Bij het opstellen van de norm is expliciet rekening gehouden met mensen met een beperking. Het beleidskader gaat over de benodigde ruimte voor voetgangers. Zaken als oversteken, geleidelijnen, etc. zijn opgenomen in landelijke richtlijnen en de uitwerking daarvan in de Leidraad CVC.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie geen wijzigingen
Maatwerk is mogelijk zoals beschreven in hoofdstuk 3.
geen wijzigingen
Maatwerk is mogelijk zoals beschreven in hoofdstuk 3.
geen wijzigingen
Pagina 34 van 50
STADSDEEL OOST
Stadsdeel Oost Nr. 16.
Reactie
Reactie college van B en W
Wij vragen u om nader te kijken naar het proces voor de prioritering van de eisen van de verschillende modaliteiten en van andere gebruikers. Dit bij herinrichtingen maar ook bij het introduceren van nieuwe functies of gebruik. Duidelijkheid over prioritering tussen eisen verschillende modaliteiten (tram, auto, fiets, voetganger) mist. De afweging tussen de beleidskaders is essentieel om uiteindelijk voldoende voetgangersruimte te creëren. Stadsdeel Oost adviseert om tenminste op de Plus- en Hoofdnet Voetganger en bij locaties waar veel minder valide voetgangers zijn, denk hierbij onder andere aan ziekenhuizen en zorginstellingen, een harde keuze te maken voor de voetganger op 1. Hiermee zien wij kansen om in drukke voetgangersstraten met smalle voetpaden meer ruimte te maken voor de voetganger eventueel ten koste van andere modaliteiten of bijvoorbeeld parkeerplaatsen.
Het beleidskader Ruimte voor de Voetganger geeft normen voor de maatvoering van de voetgangersruimte en gaat niet over afwegingen tussen alle modaliteiten en functies. Voor de andere modaliteiten kennen we al jaren richtlijnen voor de maatvoering (breedte van parkeervakken, breedte van fietspaden, etc.). Bij het maken van afweging tussen de modaliteiten helpt het Beleidskader Verkeersnetten, waarin de gevraagde prioritering per straat is vastgelegd. Ook de Agenda Amsterdam Autoluw geeft richting in de prioritering tussen ruimteclaims, bijvoorbeeld in de ‘Inrichtingsprincipes voor een autoluwe stad’ die bij de Agenda zijn vastgesteld. De afweging/prioritering wordt bij herinrichtingen uitgewerkt in een Nota van Uitgangspunten die bestuurlijk wordt vastgesteld.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie In paragraaf 3.6 van het aangepaste kader is een verwijzing opgenomen naar het Beleidskader Verkeersnetten en de Agenda Amsterdam Autoluw.
Pagina 35 van 50
Stadsdeel Oost Nr. 17.
18.
19.
Reactie
Reactie college van B en W
De Agenda Amsterdam Autoluw doet al uitspraken over de prioritering van de ruimte voor de voetganger. Wij vragen u deze uitspraken in het beleidskader voetganger op te nemen. Passage uit Autoluw: Met het beleidskader Ruimte voor de Voetganger borgen we dat bij herinrichtingen minimaal 1,80 meter vrije doorloopruimte voor voetgangers komt. Waar het druk is, willen we meer ruimte voor de voetganger realiseren. Het kader biedt daarvoor handvatten, afhankelijk van het aantal voetgangers. Alleen met een volwaardig inzicht in het aantal passanten kan een goede onderbouwing geleverd worden voor de hoeveelheid voetgangersruimte die noodzakelijk is. Gezien het belang van de voetganger adviseren wij om, gelijk een structureel monitoringsprogramma op te stellen. Het is nu al zo dat jaarlijks cijfers over Fiets, Auto en OV worden verzameld. Wij vragen ook om zo spoedig mogelijk een impactanalyse uit te voeren voor Oost, zodat duidelijk wordt wat het beleidskader Ruimte voor de Voetganger precies betekent in de praktijk. Bij het realiseren van de gewenste minimale ruimte voor de voetgangers ligt er een grote uitdaging voor ons op het gebied van terrassen en andere voorzieningen.
We hebben het beleidskader aangepast, met een expliciete verwijzing naar de Agenda Amsterdam Autoluw. Uitspraken over het belang van Ruimte voor de Voetganger staan op diverse plekken in het beleidskader.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie In paragraaf 3.6 van het aangepaste kader is een verwijzing opgenomen naar het Beleidskader Verkeersnetten en de Agenda Amsterdam Autoluw.
Eens dat monitoring helpt om beter zicht te hebben op het aantal voetgangers. Daarom zijn we bezig om uit te zoeken hoe we meer data over de voetganger kunnen verzamelen, die helpen om een beter voetgangersklimaat te realiseren. Een voorbeeld waar dit al gebeurt is het Crowdmanagement op de Wallen, waar we drukte al monitoren. We willen ook in de minder drukke gebieden meer zicht op de voetganger krijgen.
geen wijzigingen
Het aangepaste kader is alleen van toepassing op nieuwe situaties. Voor bestaande terrasvergunningen in bestaande situaties zal er daardoor niets veranderen.
geen wijzigingen
Pagina 36 van 50
Stadsdeel Oost Nr. 20.
21.
Reactie
Reactie college van B en W
Op dit moment is het nog niet inzichtelijk gemaakt waar het knijpt in stadsdeel Oost, maar naar verwachting zal de norm van twee meter in de praktijk betekenen dat bijvoorbeeld een aantal vergunde terrassen zal moeten inkrimpen en sommige zelfs moeten verdwijnen. In sommige buurten zouden hierdoor negatieve effecten kunnen optreden, met name in gebieden waar het voorzieningenniveau een impuls kan gebruiken, zoals in Oud Oost en de Watergraafsmeer. Lokaal maatwerk is hierbij gewenst. Tevens verzoeken wij om nadere regels voor terrassen, winkeluitstallingen, plantenbakken en gevelbanken op te stellen die duidelijkheid bieden voor ondernemers en bewoners. Daarbij zorgen voor een duidelijke communicatie, voldoende overgangstermijnen en maatwerk waar nodig. Het dagelijks bestuur adviseert in lijn met de stadsdeelcommissie om een campagne te organiseren aangaande het vrijhouden van openbare ruimte voor de voetganger. Zij vraagt hierbij aandacht voor het punt van de stadsdeelcommissie dat handhaving een belangrijke rol speelt in dit vrijhouden van de openbare ruimte.
Maatwerk is mogelijk zoals beschreven in hoofdstuk 3. Zoals eerder vermeld is het beleidskader alleen van toepassing op nieuwe situaties, dus niet op bestaande objecten/vergunningen in bestaande situaties. Bij het (desgewenst) maken van integrale herverdelingsplannen op stadsdeelniveau en het lokaal aanpassen van regels voor terrassen, winkeluitstallingen, plantenbakken, etc. kan V&OR ondersteuning bieden.
Het college kan communiciatiecapaciteit ter beschikking stellen ter ondersteuning van een dergelijke campagne, maar omdat de situatie op straat en de handhavingsprioritering per stadsdeel verschilt, vraagt het college de DB’s zelf aan te geven waar en wanneer zo’n campagne gewenst is.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie geen wijzigingen
geen wijzigingen
Pagina 37 van 50
STADSDEEL WEST
Stadsdeel West Nr.
Reactie
22.
23.
Het dagelijks bestuur ondersteunt een absolute ondergrens voor voetgangersruimte om te voorkomen dat de voetganger een sluitpost vormt bij plannen in de openbare ruimte. Er zal een overgangsperiode zijn waarin het nieuwe (stedelijke) beleid is vastgesteld, maar de (stadsdeel)regels nog niet zijn aangepast. We maken daarom graag zo snel mogelijk een uitvoeringsplan voor West waarin we op buurt-/straatniveau aangeven hoe en vanaf welk moment de normen (kunnen) worden toegepast. We realiseren ons dat dit veel capaciteit vraagt van zowel het stadsdeel als de betrokken directies en maken hier graag nadere afspraken over. Wat betreft de planning kijken we bijvoorbeeld naar geplande herinrichtingen en mogelijkheden voor het omzetten van parkeerplaatsen.
Reactie college van B en W Hoofdstuk 3 Het college is blij met de steun.
We ondersteunen de stadsdelen bij het desgewenst maken van integrale herverdelingsplannen en het doorvoeren van lokale wijzigingen in de regels op stadsdeelniveau daar waar herverdelingsplannen daar aanleiding toe geven.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie geen wijzigingen
geen wijzigingen
Pagina 38 van 50
Stadsdeel West Nr.
Reactie
24.
25.
26.
Voor terrassen wordt de toepassing van de norm geregeld als onderdeel van de gebiedsgerichte uitwerking van het nieuwe stedelijke horecabeleid in 2020 en 2021. We stellen voor om gelijktijdig aan de slag te gaan met nadere regels voor de overige objecten. We werken hierbij graag nauw samen met de beleidsmedewerkers van de betreffende directies. Daarnaast hechten we veel waarde aan een integrale afweging van belangen op buurtniveau. Daarbij hoort ook het betrekken van belanghebbenden, zoals ondernemers en bewoners. Waar mogelijk zullen we uiteraard de minimum en gewenste normen hanteren. Tegelijkertijd zijn we blij met de mogelijkheid om onder voorwaarden en wanneer goed gemotiveerd af te wijken van de minimum doorloopruimte. We verwachten namelijk dat het in krappe en drukke straten niet altijd mogelijk zal zijn om de norm te realiseren. Met oog op de ‘hardheid’ van de norm (zie pagina 9) vragen we ons af of het verstandig is om voor het vergunnen van objecten een strengere minimumnorm van 2,0 m (i.p.v. 1,80) te hanteren. Zeker omdat nog niet bekend is wat de impact van de norm gaat zijn. Bij het uitwerken van het beleid zal pas duidelijk worden wat mogelijk en wenselijk is.
Reactie college van B en W Hoofdstuk 3 We ondersteunen de stadsdelen bij het desgewenst maken van integrale herverdelingsplannen en het doorvoeren van lokale wijzigingen in de regels op stadsdeelniveau daar waar herverdelingsplannen daar aanleiding toe geven. Bij het maken van herverdelingsplannen wordt de omgeving betrokken.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie geen wijzigingen
Maatwerk is mogelijk zoals beschreven in hoofdstuk 3
geen wijzigingen
In het aangepaste kader hanteren we in alle nieuwe situaties ((her)inrichtingen en integrale herverdelingsplannen) 2,00 meter als absoluut minimum.
Het kader is aangepast in paragraaf 3.3. In nieuwe situaties gaat 2,0 meter als absoluut minimum gelden.
Pagina 39 van 50
Stadsdeel West Nr.
Reactie
27.
Verder adviseren we te zorgen voor eenduidige en duidelijke communicatie richting ondernemers, die vaak in meerdere stadsdelen gevestigd zijn.
28.
Bij plannen voor de openbare ruimte hecht het dagelijks bestuur veel belang aan maatwerk waarbij steeds alle belangen in de buurt (bewoners, ondernemers en gebruikers) worden afgewogen. Paragraaf 3.5 (pagina 13) van Ruimte voor de voetganger suggereert een prioritering van beleidsopgaven bij herinrichtingen: eerst reguleren, verwijderen en/of herpositioneren van ‘objecten’ zoals terrassen en fietsenrekken. Indien dit niet mogelijk is of niet genoeg vrije doorloopruimte oplevert, moet gekeken worden naar een andere verdeling van de ruimte voor de verschillende functies en modaliteiten. Deze prioritering staat een integrale afweging van belangen in de weg. Advies: Schrijf geen prioritering van opgaven voor, maar maak maatwerk mogelijk met als doel de meest optimale verdeling van de openbare ruimte, rekening houdend met de verschillende belangen van de omgeving en met inrichtingsprincipes zoals o.a. vastgesteld in het kader van de Agenda Amsterdam Autoluw en het beleidskader Ruimte voor de Voetganger.
Reactie college van B en W Hoofdstuk 3 Na vaststelling door de gemeenteraad zullen we bekendheid geven aan het nieuwe beleidskader. Voor bestaande situaties zal de situatie niet veranderen en blijven de regels van de stadsdelen gelden. Bij aanpassing van bestaande situaties middels herverdelingsplannen betrekken we de belanghebbenden. Het verschil is niet tussen gemeentelijke objecten en overige objecten, maar tussen noodzakelijke objecten (zoals een verkeersbord) en objecten die ook elders kunnen, (zoals een fietsenrek of een kunstwerk).
Wijziging ten opzichte van consultatieversie Geen wijzigingen
Gewijzigd in het beleidskader in paragraaf 3.6.
Pagina 40 van 50
Stadsdeel West Nr.
Reactie
29.
30.
Advies: We stellen graag zo spoedig gezamenlijk met V&OR nadere regels op voor terrassen, winkeluitstallingen, plantenbakken en gevelbanken om duidelijkheid te bieden aan ondernemers en bewoners. Integrale herinrichtingen en het opstellen van terrassenplannen zijn de uitgelezen momenten om de bestaande ruimte te herverdelen, dit zijn dan ook de momenten waarop de waarde van dit beleidskader ten volste kan worden benut en altijd een volwaardige telling ten grondslag moet liggen aan het ontwerp. Het beleidskader geeft hiertoe geen verplichting of aanleiding.
Reactie college van B en W Hoofdstuk 3 We ondersteunen de stadsdelen bij het desgewenst maken van integrale herverdelingsplannen en het doorvoeren van lokale wijzigingen in de regels op stadsdeelniveau daar waar herverdelingsplannen daar aanleiding toe geven. Daarbij wordt ook de omgeving betrokken. Het concept kader is hier bewust vrij in. Het verplicht stellen van een volwaardige passantentelling is in de ogen van het college niet nodig. Voor de meeste plekken is het zonder telling prima in te schatten in welk van de drie categorieën ze vallen. In het beleidskader zijn ook voorbeeldstraten opgenomen met een bijbehorende intensiteit. Bij twijfel kan geteld worden.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie Geen wijzigingen
Geen wijzigingen
Pagina 41 van 50
STADSDEEL ZUID
Stadsdeel Zuid Nr. 31.
Reactie
Reactie college van B en W
Afweging tussen modaliteiten. We vragen u om nader te kijken naar het proces voor de prioritering van de eisen van de verschillende modaliteiten en van andere gebruikers. We adviseren om maatwerk mogelijk te maken en niet op voorhand een prioritering aan te geven zoals nu in paragraaf 3.5 wordt gesuggereerd.
Het beleidskader Ruimte voor de Voetganger geeft normen voor de maatvoering van de voetgangersruimte en gaat niet over afwegingen tussen alle modaliteiten en functies. Voor de andere modaliteiten kennen we al jaren richtlijnen voor de maatvoering (breedte van parkeervakken, breedte van fietspaden, etc.).
Wijziging ten opzichte van consultatieversie In paragraaf 3.6 van het aangepaste kader is een verwijzing opgenomen naar het Beleidskader Verkeersnetten en de Agenda Amsterdam Autoluw.
Bij het maken van afweging tussen de modaliteiten helpt het Beleidskader Verkeersnetten, waarin de gevraagde prioritering per straat is vastgelegd. Ook de Agenda Amsterdam Autoluw geeft richting in de prioritering tussen ruimteclaims, bijvoorbeeld in de ‘Inrichtingsprincipes voor een autoluwe stad’ die bij de Agenda zijn vastgesteld.
32.
We vragen extra aandacht voor de belangen van minder validen. Dit door maatwerk mogelijk te maken bij ingangen, hellingbanen naar woningen en instellingen en aandacht voor de handhaafbaarheid van het beleid.
De afweging/prioritering wordt bij herinrichtingen uitgewerkt in een Nota van Uitgangspunten die bestuurlijk wordt vastgesteld. De volgorde in paragraaf 3.5 is niet bedoeld als prioritering die in alle gevallen in die volgorde moet worden toegepast. Bij het opstellen van de norm is expliciet rekening gehouden met mensen met een beperking. Het beleidskader gaat over de benodigde ruimte voor voetgangers. Zaken als oversteken, geleidelijnen, etc. zijn opgenomen in landelijke normen en in navolging daarvan in de Leidraad CVC.
Geen wijzigingen
Pagina 42 van 50
Stadsdeel Zuid Nr.
Reactie
Reactie college van B en W
33.
De Agenda Amsterdam Autoluw doet al uitspraken over de prioritering van de ruimte voor de voetganger. We vragen u deze uitspraken in het beleidskader voetganger op te nemen of hier naar te verwijzen.
We hebben het beleidskader aangepast met een expliciete verwijzing naar de Agenda Amsterdam Autoluw. Uitspraken over het belang van Ruimte voor de Voetganger staan op diverse plekken in het beleidskader.
34.
We adviseren u om in het beleid met het toestaan van wijkgericht maatwerk rekening te houden. Dit maatwerk kan rekening houden met bijzondere omstandigheden in de straten. Bijvoorbeeld met hoogteverschillen / hellingbanen bij ingangen van woonpanden.
Maatwerk is mogelijk zoals beschreven in hoofdstuk 3
Wijziging ten opzichte van consultatieversie In paragraaf 3.6 van het aangepaste is een verwijzing opgenomen naar het Beleidskader Verkeersnetten en Agenda Amsterdam Autoluw. Geen wijzigingen
Pagina 43 van 50
Stadsdeel Zuid Nr. 35.
Reactie
Reactie college van B en W
Bij het afwijken van de norm wordt nu aangegeven dat er een integrale ontwerptekening van een geheel wegvak moet worden gemaakt, dit is echter voor het toestaan van een geveltuin of het plaatsen van een fietsenrek of bankje in een van onze woonstraten niet gewenst. We willen graag samen met u door middel van een schouw kijken waar in ons stadsdeel de harde toepassing van de minimale maat voor problemen kan zorgen en hoe we in de praktijk hiermee om kunnen gaan, hoe we een praktisch bruikbaar afwijkingskader kunnen opstellen.
Het aangepaste beleidskader zal geldig zijn voor nieuwe situaties ((her)inrichtingen en integrale herverdeling van de ruimte. In gevallen waarbij dan van de norm wordt afgeweken is een integrale ontwerptekening dus gewenst met alle objecten daarop. Het aanleggen van een geveltuin, fietsenrek of bankje zal over het algemeen niet leiden tot het moeten afwijken van de norm.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie Dit is gewijzigd in het beleidskader in paragraaf 3.6.
We willen geveltuinen niet uitsluiten van de norm. We bepalen met dit kader dat de voetganger overal minimaal 2,00 meter vrije doorloopruimte nodig heeft, daarvoor maakt het niet uit wat zich naast die doorloopruimte bevindt. Echter, omdat het bij geveltuinen in principe rustige (woon)straten betreft, kan per locatie bestuurlijk besloten worden geveltuinen toe te staan in afwijking van het beleidskader, in samenspraak met de bewoners (die immers ook de belangrijkste gebruiker van de loopruimte zijn in dergelijke straten). Het vastleggen van een aparte categorie straten is hiervoor niet nodig.
36.
We adviseren u om expliciet aan te geven voor welke objecten welke harde minimale maat geldt. Denk hierbij bijvoorbeeld ook aan de komende vraag naar inpassing van (private) transformatoren en laadvoorzieningen, een vraag die met de energie transitie regelmatig bij Zuid voorbijkomt.
Het verschil is niet tussen gemeentelijke objecten en overige objecten, maar tussen noodzakelijke objecten (zoals een verkeersbord) en objecten die ook elders kunnen, (zoals een fietsenrek of een kunstwerk). We passen dit aan in het beleidskader.
Dit is gewijzigd in het beleidskader in paragraaf 3.6.
Pagina 44 van 50
Stadsdeel Zuid Nr. 37.
38.
39.
Reactie
Reactie college van B en W
Houd bij het bepalen van de maatvoering in de beoordelingsregels rekening met de werkelijke maat van de objecten. Zo zien we dat fietsenrekken meer ruimte in nemen dan het rek zelf, fietsen steken uit, worden aan de zijkant van het rek geplaatst. Het zelfde geldt voor bomen/boomspiegels, verkeersborden e.d. Omdat de maatvoering belangrijk is bij het bepalen van ruimte voor bijvoorbeeld de terrassen in Zuid moet hier geen discussie over mogelijk zijn. Het voetgangersbeleid kan invloed hebben op het terrassenbeleid. De consequenties voor de horeca spelen in de hele stad en het dagelijks bestuur vraagt dan ook om een goede stedelijk gecoördineerde aanpak voor de beleidsaanpassing en uitvoering rondom de terrasmaatvoering. Hierbij moet gekeken worden naar de impact van de maatregelen en gezorgd worden voor een eenduidige communicatie naar de ondernemers. Om het beleidskader Ruimte voor de Voetganger uit te voeren is een aanpassing van het beleid voor terrassen, uitstallingen, gevelbanken en geveltuinen in Zuid belangrijk. We vragen u om de in deze adviesvraag genoemde ondersteuning voor het aanpassen van de regels snel ter beschikking te stellen.
Het college is het eens met deze suggestie. We nemen hierover een verduidelijkende zin op in het beleidskader
Wijziging ten opzichte van consultatieversie Dit is gewijzigd in het beleidskader in paragraaf 3.6.
Geen wijzigingen Aangezien het kader betrekking heeft op nieuwe situaties, zal de situatie voor bestaande terrassen niet wijzigen. Dit punt is daarmee minder relevant geworden.
We ondersteunen de stadsdelen bij het aanpassen van de regels met betrekking tot terrassen, uitstallingen etc. en bij het eventueel maken integrale herverdelingsplannen.
Geen wijzigingen
Pagina 45 van 50
Stadsdeel Zuid Nr. 40.
41.
42.
Reactie
Reactie college van B en W
Wijziging ten opzichte van consultatieversie Geen wijzigingen
Het DB wil ingaan op de voetgangerstellingen en op de typologie van de straten. De hoeveelheid voetgangers per minuut wordt in de nota gekoppeld aan de minimale doorloop ruimte en is hiermee een belangrijk toets criterium. Het aantal voetgangers per minuut in een straat verschilt echter per uur, dag, week en jaargetijde, is afhankelijk van evenementen in de omgeving, of er een bus of tramhalte aanwezig is. Als grondslag voor het toestaan van objecten of voor het bepalen van de minimale doorloopruimte bij terrassen geeft dit middel zoals nu omschreven niet genoeg uitsluitsel. We adviseren om bij het toepassen van de norm te kijken naar de specifieke kenmerken van de straat. Zoals naar de drukste momenten op de dag / week. We adviseren om in ieder geval bij herinrichtingen en bij het opstellen van terras plannen volwaardige passantentellingen te laten uitvoeren.
De aandachtspunten bij het doen van tellingen zijn opgenomen in bijlage 1 van het beleidskader.
Het concept kader is hier bewust vrij in. Het verplicht stellen van een volwaardige passantentelling is in de ogen van het college niet nodig. Voor de meeste plekken is het zonder telling prima in te schatten in welk van de drie categorieën ze vallen. In het kader zijn ook voorbeeldstraten opgenomen met bijbehorende voetgangersintensiteiten. Bij twijfel kan geteld worden.
Geen wijzigingen
De spitsuur intensiteiten in een gebied zijn geen vaststaand gegeven. Ze zijn afhankelijk van de veranderingen in het gebruik van de straten en panden, de populariteit van een gebied, de drukker wordende stad. We adviseren hier in de nota aandacht aan te besteden.
Aandachtspunt voor het tellen staan in bijlage 1. Daarbij staat ook genoemd dat er rekening gehouden moet worden met toekomstige ontwikkelingen.
geen wijzigingen
Pagina 46 van 50
Stadsdeel Zuid Nr.
Reactie
Reactie college van B en W
43.
We vragen u de minimale maten ook voor de langdurig tijdelijk ingerichte straten van toepassing te laten zijn.
44.
We adviseren om in het beleidskader ook op de handhaving in te gaan. Dit niet enkel voor de vergunde maar ook voor de vergunning vrije objecten zoals de uitstallingen. De uitstallingen in de winkelstraten in Zuid leveren bijvoorbeeld regelmatig klachten op. Om de gewenste minimale doorloopruimte te realiseren is het gewenst ook in te gaan op overgangsrechtelijke bepalingen in relatie tot de looptijd van huidige en toekomstige vergunningen. Dit bepaalt uiteindelijk ook de mogelijkheid om de minimale maten te kunnen realiseren in een specifieke straat of gebied. Te denken valt aan het overgangsrecht dat horecaondernemers tijdig in staat stelt maatregelen te treffen wanneer zij geconfronteerd worden met mogelijke inperking van hun terrassen. Voor een toegankelijke stoep is behalve de breedte ook de toegang tot de stoep belangrijk, en de mogelijkheid om tussenliggende straten veilig over te steken. Zorg daarom voor voldoende op- en afritjes, en voor geleidelijnen. Let bij op- en afritjes ook op de mogelijkheid om tussentijds van de stoep af te gaan, zodat er bij obstakels een uitwijkmogelijkheid is.
Bij langdurig tijdelijke situaties gelden dezelfde afwegingen als bij permanente situaties. Alleen zal de uitkomst van de afweging verschillend kunnen zijn bij een situatie die korter duurt of langer duurt. Bij tijdelijkheid in de zin van werkzaamheden geldt het document ”Zo werken wij in Amsterdam op straat”, dat valt buiten de scope van Ruimte voor de Voetganger. Handhaving van de geldende regels valt buiten de scope van dit beleidskader.
45.
46.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie Geen wijzigingen
Geen wijzigingen
Aangezien het kader zoals aangepast na inspraak betrekking heeft op nieuwe situaties, zal de situatie voor bestaande terrassen in bestaande situaties niet wijzigen.
Geen wijzigingen
Richtlijnen over toegankelijkheid en oversteken zijn opgenomen in de Leidraad CVC, waarbij landelijke normen de basis vormen.
Geen wijzigingen
Pagina 47 van 50
Stadsdeel Zuid Nr. 47.
48.
49.
Reactie
Reactie college van B en W
Als er sprake is van een puntvernauwing, is het belangrijk dat er aan tenminste één zijde voldoende ruimte overblijft, minimaal 90 cm. Puntvernauwingen zouden ook niet vlak achter een op- en afritje moeten liggen, of tegen een geleidelijn aan. Zogenaamde puntvernauwingen bevinden zich niet alleen op de grond. We willen ook graag aandacht vragen voor overhangende objecten (denk aan tasjes aan een overkapping, een overhangende klimplant) die zich op "hoofdhoogte" bevinden. Niet alle voetgangers zijn in staat om deze te ontwijken, en de voetgangers die dat wel kunnen, lopen eromheen, waardoor de bruikbare stoep effectief smaller wordt. De stadsdeelcommissie is zoals gezegd positief over dit kader, maar voordat alle straten zijn ingericht volgens deze principes duurt nog tientallen jaren. We hebben in Zuid, met name in de Pijp en delen van Oud-Zuid straten waar de stoepen aanzienlijk smaller zijn dan de minimale norm van 1,80. We willen pleiten om daar per locatie te bekijken naar wat de oplossingen zijn om de minimale norm van 1.80 meter te garanderen.
Eens. Dit was een verschrijving in het beleidskader, we passen 60 aan naar 90.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie Dit is gewijzigd in het beleidskader in bijlage 2.
Richtlijnen over toegankelijkheid zijn opgenomen in de Leidraad CVC, waarbij landelijke normen de basis vormen. Eens, en we hebben een zin opgenomen om vast te leggen dat de norm ook tot een hoogte van 2,4 meter geldt.
Dit is gewijzigd in het beleidskader in paragraaf 3.3
Maatwerk is mogelijk zoals beschreven in hoofdstuk 3.
Geen wijzigingen
Pagina 48 van 50
STADSDEEL ZUIDOOST
Stadsdeel Zuidoost Nr. 50.
51.
52.
53.
Reactie
Reactie college van B en W
Onderzoek voor stadsdeel Zuidoost of er plaatsen zijn waar het nieuwe beleid bij herinrichting tot een ingreep zou leiden en hoe eventuele knelpunten kunnen worden opgelost. Zijn er momenteel bijvoorbeeld bomen of parkeerplaatsen die (deels) binnen de nieuwe minimale vrije doorloopruimte vallen? Leg een relatie met regelgeving en handhaving. De vrije doorloopruimte kan, zoals het beleidskader ook aangeeft, beperkt raken als gebruikers de ruimte gebruiken om objecten plaatsen zoals fietsen en afvalcontainers. In het gebied Amstel III voldoen de meeste wegen momenteel niet aan de normen uit het beleidskader. Het DB is verheugd dat het beleidskader de aanleg van goed functionerende trottoirs ondersteunt. Een mogelijk risico is dat sommige wegen niet binnen een herinrichting vallen waardoor geen aaneengesloten wandelroutes zouden ontstaan. Het beleidskader gaat hier niet over, maar Zuidoost bepleit om ook voor wandelpaden die geen trottoir zijn normen te hanteren. Bijvoorbeeld wandelpaden in parken en natuurgebieden, deze zijn vaak smaller waardoor voetgangers met een rolstoel of rollator hier geen gebruik van kunnen maken.
Er komt geen aparte impactanalyse, omdat er niet op grote schaal bestaande situaties zullen worden aangepast. De norm geldt na vaststelling, en in (herinrichtings)projecten maken we de afwegingen die nodig zijn om ruimte te maken. Het beleidskader is geen uitvoeringsprogramma.
Wijziging ten opzichte van consultatieversie Geen wijzigingen
Handhaving van de geldende regels valt buiten de scope van dit beleidskader.
Geen wijzigingen
Het college dankt het DB voor de steun. Het kader is echter geen uitvoeringsprogramma. Het betekent dat buiten geplande herinrichtingsprojecten om geen grote wijzigingen aan de inrichting van straten zullen plaatsvinden.
Geen wijzigingen
Het beleidskader geldt voor alle voetpaden. Voor parken geldt dat in elk park liefst meerdere toegankelijke hoofdroutes moeten zijn. Middels maatwerk kunnen uitzonderingen gemaakt worden als er voldoende toegankelijke alternatieven zijn, bijvoorbeeld voor kleine slingerpaadjes met halfverharding.
Geen wijzigingen
Pagina 49 van 50
Stadsdeel Zuidoost Nr.
Reactie
Reactie college van B en W
Wijziging ten opzichte van consultatieversie Geen wijzigingen
54.
Om waar er onderzoeken gedaan worden wijzigingen van de ruimte van trottoirs in Zuidoost, hier Platform Gehandicapten Zuidoost waar mogelijk ook om advies te vragen.
In het beleidskader zijn de normen voor voetgangersruimte opgenomen. Deze worden meegenomen in projecten om de toegankelijkheid van trottoirs te verbeteren. Projecten betrekken ook belangenorganisaties, daar waar grote knelpunten met toegankelijkheid bekend zijn. Projecten werden voorheen besproken in de CVC en tegenwoordig het Expertise- en Toetsteam waar toegankelijkheid een toetsingscriterium is.
55.
Om ook normen voor een goede routing te hanteren. Waarbij rekening wordt gehouden dat niet alle voetgangers ook wandelaars zijn, die graag omlopen (of richting 'niets' lopen). Zo ontstaan vaak onofficiële paden, ook wel de 'olifantenpaden'. Dit duit meestal op een niet goed doordachte aansluiting, die op papier klopt maar in de praktijk niet (voldoende) functioneert.
Het kader gaat over de benodigde voetgangersruimte, niet over routes, objecten en precieze inrichting.
Geen wijzigingen
56.
Om bij de normen voor ruimte voor voetgangers ook rekening te houden met voldoende bankjes en vuilnisbakken op logische plekken/ op de route. Niet alle voetgangers zijn goed ter been en hebben soms een pauze nodig, goede tussenstops zijn essentieel voor zelfredzaamheid en ook belangrijk tegen eenzaamheid. Denk bijv. aan: routes tussen woonblokken (met name oudere huisvesting), OV stations, winkelcentra, buurthuizen, (medische) hulpverlening, enz.
Het kader gaat over normen voor voetgangersruimte, niet over routes, objecten en precieze inrichting.
Geen wijzigingen
Pagina 50 van 50
Aangepast beleidskader (bijlage)
Uitgebrachte adviezen stadsdelen (bijlage) Stadsdeel Centrum Stadsdeel Nieuw-West Stadsdeel Noord Stadsdeel Oost Stadsdeel West Stadsdeel Zuid Stadsdeel Zuidoost
Inspraakreactie op verzoek integraal opgenomen (bijlage)