CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2026.05.27 Conceptverslag TAR avonddeel.pdf

Tijdelijke Algemene Raadscommissie 17 juni 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de tijdelijke algemene raadscommissie van 27 mei 202611.673 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Raadscommissieverslag 27 mei 2026 CONCEPTVERSLAG

Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:

Avondzitting van de openbare vergadering van de Tijdelijk Algemene Raadscommissie Woensdag 27 mei 2026 van 19.30 uur tot 22.00 uur in de raadszaal Woensdag 17 juni 2026

Voorzitters: commissieleden Von Gerhardt en Van der Veen Portefeuillehouders: burgemeester Halsema en wethouders Van Buren, Van der Horst, Meliani, Pels, Scholtes en Van Weyenberg Commissiegriffiers: Van Maurik en Nieuwenhuis Commissieondersteuners: Van Haastrecht en Saelman-Nauta Raadsondersteuner: Hoff Verslaglegging: Post (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Abdillahi (PRO Amsterdam), Aslami (D66), Bakker (Partij voor de Dieren), Bentoumya (PRO Amsterdam), Bomhof (PRO Amsterdam, BreureKirmiziyüz (D66), Broersen (Volt), Van Burk (Volt), Cruickshank (D66), Delsen (SP), Dessing (Forum voor Democratie), Deterink (VVD), Dibi (BIJ1), Von Gerhardt (VVD), Havelaar (CDA), Hofland (D66), Van der Horst (D66), De Jong (PRO Amsterdam), Kok (VVD), Krijger (Partij voor de Dieren), Krom (Partij voor de Dieren), Meiland (BIJ1), Moeskops (D66), Pels (PRO Amsterdam), Rijpkema (JA21), Schmit (D66), Van der Veen (PRO Amsterdam), Veenhoff (PRO Amsterdam), Wijnants (VVD), Yazar (VVD) en Zenginoglu (PRO Amsterdam) Aanwezige fractievertegenwoordigers: Abeln (PRO Amsterdam), Bakker (BIJ1), Belkasmi (PRO Amsterdam), Van den Bosch (JA21), Chakh (PRO Amsterdam), Filz (Forum voor Democratie), Harris (SP), Van Hilten (D66), Keij (JA21), De Kort (JA21), Molema (JA21), Van Munster (PRO Amsterdam), Pinas (BIJ1), Ruijter (SP), Veldema (SP), Vethman (Forum voor Democratie) en Vijzelman (BIJ1)

Afwezige commissieleden: Bouhassani (PRO Amsterdam), Kasmi (PRO Amsterdam), Khan (DENK) en Koyuncu (DENK)

Voorzitter: het lid Von Gerhardt 60. Bespreken van het Parool-artikel van 15 april 2026, Nog nooit vestigden zo weinig buitenlandse bedrijven zich in Amsterdam, vooral door wooncrisis en krapte op stroomnet VN2026-005229 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Kok. Het lid KOK (VVD) merkt op dat er nog nooit zo weinig buitenlandse bedrijven naar Amsterdam zijn gekomen. In 2019 waren het nog 161, maar het afgelopen jaar nog maar 39. De VVD maakt zich zorgen over deze ontwikkeling, want om de welvaart en voorzieningen te behouden heeft Amsterdam een sterk vestigingsklimaat nodig. Dat zorgt er voor dat bedrijven investeren, kunnen groeien en nieuwe banen creëren en dat leidt tot

1

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

meer verdienvermogen en daarmee tot financiële ruimte voor zaken die in Amsterdam allemaal belangrijk zijn, goed onderwijs, zorg, verduurzaming en een leefbare stad. Daarom wil de VVD ruimte geven aan start-ups, scale-ups, het mkb en grote bedrijven omdat juist die bedrijven ervoor zorgen dat Amsterdam economisch sterk en toekomstbestendig blijft. Tegelijkertijd vindt ze het logisch dat Amsterdam keuzes maakt over welke sectoren de stad wil aantrekken en versterken, maar op dit moment ziet ze een tegenstelling. Amsterdam wil Europese tech-stad worden maar kijkt tegelijkertijd met wantrouwen naar grote bedrijven zoals Booking, Adyen of Uber, terwijl juist die grote bedrijven vaak de basis vormen van een innovatief ecosysteem. Veel start-ups ontstaan doordat werknemers eerst bij grote bedrijven werken en vervolgens zelf gaan ondernemen. Ook het mkb profiteert omdat die grote bedrijven zorgen voor opdrachten en verdere economische activiteit. Ze roept op om actief na te denken over welke randvoorwaarden nodig zijn om bedrijven daadwerkelijk in Amsterdam te laten investeren en groeien. Naast de vraag welke sectoren het beste bij de stad passen, moet ook de vervolgvraag gesteld worden of Amsterdam bereid is de voorwaarden te creëren waardoor bedrijven in deze sectoren daadwerkelijk voor Amsterdam kiezen en daar willen blijven investeren.

Ten slotte vraagt ze de wethouder om een reflectie op de toekomst van het vestigingsklimaat met daarin haar visie op de rol van internationale bedrijven binnen het Amsterdamse ecosysteem en welke randvoorwaarden verbeterd moeten worden om de trend van de afnemende vestiging van grote bedrijven te keren. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Harris. Het lid HARRIS (SP) vindt het goed nieuws dat minder buitenlandse bedrijven zich in Amsterdam vestigen. Buitenlandse bedrijven die hun winsten niet in Nederland investeren maar uitbetalen aan aandeelhouders in het buitenland, zijn parasieten op de samenleving. Ze maken het moeilijk voor Nederlandse werkgevers en werknemers om succesvol te zijn in Amsterdam. De wethouder Economie zegt dat er niet minder dan 12.000 nieuwe buitenlandse werknemers per jaar zouden moeten komen maar vindt tegelijkertijd dat er niet meer buitenlandse bedrijven moeten komen. Hij kan die logica niet volgen en vraagt waar de expats gaan werken als er minder buitenlandse bedrijven komen. Hij vraagt hoe een Amsterdammer straks nog aan werk kan komen wanneer die moet concurreren met expats die een lager loon kunnen accepteren vanwege belastingvoordelen. Bovendien vraagt hij hoe een Nederlandse start-up nog kans kan maken wanneer die moet concurreren met een miljardenbedrijf uit de VS.

Het lid KOK (VVD) wil de SP eraan herinneren dat veel mensen in Amsterdam bij grote bedrijven werken. Niet iedereen in de stad kan bij het mkb werken. Ze vraagt hoe de SP het voor zich ziet als er geen grote bedrijven meer zouden zijn en waar iedereen aan de slag gaat. Het lid HARRIS (SP) antwoordt dat die mensen kunnen werken bij een Nederlands bedrijf of een bedrijf dat hier in Amsterdam is gestart. Het probleem is dat die bedrijven weggeconcurreerd worden door grote buitenlandse bedrijven zoals Uber of Booking. Het lid KOK (VVD) merkt op dat deze grote bedrijven veel spin-off creëren en dat juist mkb-bedrijven graag bij deze grote bedrijven zitten omdat dat veel meer werk oplevert. Het lid HARRIS (SP) denkt dat de VVD en de SP het hierover nooit eens zullen worden. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van der Horst voor de beantwoording.

2

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

Wethouder VAN DER HORST betreurt dat er minder bedrijven naar Amsterdam komen maar constateert dat dit een wereldwijde trend is. Ze zijn bezig om gericht bedrijven aan te trekken die passen binnen het economisch beleid, maar dat betekent niet dat andere bedrijven niet welkom zijn. Ze is het eens met het lid Kok dat het goed is als bedrijven zich hier vestigen voor het gehele economische klimaat van start-ups, scale-ups en grotere bedrijven en dat ook het mkb daarvan profiteert. Het is goed om na te denken over welke sectoren de voorkeur verdienen en waarop sterker ingezet moet worden om binnen te halen omdat het waardevol is om op een aantal sectoren sterk te zijn. Daarnaast moet ervoor worden gezorgd dat Amsterdammers bij die bedrijven kunnen werken. Ze zien dat het klimaat voor start-ups nog verbeterd kan worden en er zijn zorgen over de vraag of start-ups kunnen doorgroeien naar scale-ups. Het lid HARRIS (SP) vraagt hoe de wethouder ervoor gaat zorgen dat Amsterdammers bij buitenlandse bedrijven gaan werken en dat het niet louter een instroom van expats wordt. Wethouder VAN DER HORST antwoordt dat dit nu al gebeurt. Daarnaast hebben buitenlandse bedrijven diensten nodig die het mkb kan leveren. Er zijn kenniswerkers nodig die in Amsterdam zijn opgeleid en soms zijn kenniswerkers uit het buitenland nodig. Het is niet het een óf het ander maar het versterkt elkaar.

Het lid KOK (VVD) is verheugd dat de wethouder ook iets wil doen om meer internationale bedrijven naar Amsterdam te halen. Ze is benieuwd welke signalen de wethouder heeft ontvangen van bedrijven die niet voor Amsterdam kiezen. Ze vraagt of dat in de afgelopen tijd is geregistreerd of dat dit iets is wat men in de toekomst zou kunnen doen. Wethouder VAN DER HORST kan als vervanger daar nu niet op antwoorden. Ze kan toezeggen daarop terug te komen. Het is een wereldwijde trend en vanwege onzekerheden wachten bedrijven soms met hun investeringen. Het kan ook te maken hebben met netcongestie, maar dat kan ze op dit moment niet bevestigen. Het lid KOK (VVD) vraagt hoe de samenwerking op het gebied van vestigingsklimaat met Den Haag verloopt. Wethouder VAN DER HORST antwoordt dat er sinds het aantreden van het nieuwe kabinet kansen liggen. De Amsterdam Economic Board heeft inmiddels ook goed contact met Eindhoven waarbij ook de minister van Economische Zaken aanwezig was. Ze denkt dat dit een mooi begin kan zijn van een goede samenwerking. In Nederland moet men samenwerken om een sterk vestigingsklimaat te behouden en ze denkt dat het Rijk daar op dit moment mee bezig is. De discussie wordt gesloten. 63. Bespreken van de raadsinformatiebrief Aanleg sportpark Brasa VN2026-005389 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Krom.

Het lid KROM (Partij voor de Dieren) vindt het een heel kort briefje over de komst van het sportpark met veelbelovende zinnen over biodiversiteit en clubhuizen met maatschappelijke waarde. Maar er blijft ook veel achterwege, bomen moeten verdwijnen en het leefgebied van dieren wordt verder verstoord door lichtmasten. Daarnaast staat in het inrichtingsplan dat de twee velden slechts een tijdelijke oplossing zijn en dat beide clubs eigenlijk meer ruimte nodig hebben. Bij een uitbreiding verdwijnt nog meer groen en komen de velden op 35 meter van de achtergevels van omwonenden. Groen en leefomgeving worden nu opgeofferd terwijl al duidelijk is dat het op termijn waarschijnlijk onvoldoende is en er plannen zijn voor extra sportvelden op de plek van de huidige

3

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

schooltuinen. Ze vindt het essentieel om niet alleen naar één deel van het park te kijken, maar naar het geheel zodat het park op de lange termijn niet stukje bij beetje verdwijnt. Ze herinnert de wethouder eraan dat natuur, klimaatadaptatie en biodiversiteit ook van levensbelang zijn. Ze begrijpt dat bewoners niet blij zijn wanneer de gemeente twee sportclubs met bijbehorend geluid en verlichting op minder dan 50 meter van hun woning wil plaatsen. Dat vraagt om een zeer zorgvuldige aanpak richting bewoners. Uit het verslag blijkt dat er een uitgebreide participatie is geweest, maar dat de ervaring van bewoners anders is en er zelfs mediation nodig was. Het zou zinvol zijn om het proces te evalueren omdat participatie moet werken voor inwoners en niet voor de gemeente. Het is verstandig om goed uit te zoeken wat hiervan geleerd kan worden. Ze vraagt of de wethouder bereid is deze plannen te pauzeren en de plannen voor het Brasapark in één keer volledig en zorgvuldig uit te werken voordat verdere onomkeerbare besluiten worden genomen. Daarnaast vraagt ze wat de plannen zijn voor de extra velden, omdat een tweede veld opnieuw leidt tot een verbouwing van het park, meer bomenkap en een veld op 35 meter van woningen. Tot slot vraagt ze of de wethouder bereid is een evaluatie uit te voeren van het gehele participatieproces. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Belkasmi.

Het lid BELKASMI (PRO Amsterdam) bedankt de stadsdeelcommissie voor het uitgebreide advies over het sportpark Brasa. De stadsdeelcommissie erkent de grote behoefte aan extra sportvoorzieningen in Zuidoost, mede vanwege de sterke woningbouwgroei en de achterblijvende sportinfrastructuur aldaar. Die sportvoorzieningen zijn hard nodig. De stadsdeelcommissie plaatst een aantal belangrijke kanttekeningen bij het huidige plan. Hij vraagt de wethouder toe te lichten op welke wijze de aanbevelingen van de stadsdeelcommissie worden meegenomen in de verdere ontwikkeling van het plan, met name ten aanzien van leefbaarheid, verkeersveiligheid, geluid- en lichthinder en de maatschappelijke invulling van het clubgebouw. Het advies van de stadsdeelcommissie gaat specifiek in op participatie en in het meegestuurde raadsadres wordt kritiek geuit op het participatieproces, evenals zorgen over toekomstige participatie. Hij is benieuwd hoe de wethouder kijkt naar het evalueren van het participatieproces, specifiek over de wijze waarop omwonenden zich onvoldoende gehoord en betrokken hebben gevoeld gedurende het traject. Tot slot vraagt hij de wethouder te schetsen hoe de actieve betrokkenheid van die bewoners in de toekomst vormgegeven wordt.

Het lid KROM (Partij voor de Dieren) vraagt of het lid Belkasmi mee wil gaan in haar pleidooi om het park in samenhang met andere half uitgewerkte plannen te ontwikkelen zodat er geen besluiten worden genomen waar later op teruggekomen moet worden. Het lid BELKASMI (PRO Amsterdam) antwoordt dat de raad een besluit heeft genomen en dat het zaak is om daarmee door te gaan. De randvoorwaarden waar de stadsdeelcommissie zich zorgen over maakt moeten zo goed mogelijk geborgd worden in de ontwikkeling van het plan maar de sportvoorzieningen zijn hard nodig. Het lid KROM (Partij voor de Dieren) herhaalt dat ze vraagt om meer tijd om een goed doordacht besluit te kunnen nemen. Het lid BELKASMI (PRO Amsterdam) antwoordt dat er een heel proces aan vooraf is gegaan. Op een gegeven moment is er een besluit genomen en is het zaak om daarmee aan de slag te gaan. Hij begrijpt de zorgen die het lid Krom en de stadsdeelcommissie uiten en het is goed om die zorgen mee te nemen in de ontwikkeling van het proces maar de fractie van PRO is geen voorstander van een pauze omdat de sportvoorzieningen heel hard nodig zijn.

4

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

Het lid KROM (Partij voor de Dieren) vraagt hoe de zorgen meegenomen kunnen worden wanneer het plan ondertussen gewoon doorgaat. Ze vindt het onverstandig om nu per se onder het mom van woningnood rigoureuze besluiten te nemen die ten koste gaan van Amsterdammers, natuur en groen. Het lid BELKASMI (PRO Amsterdam) wijst erop dat een van de verenigingen op termijn verplaatst kan worden naar een andere locatie. Het plan is suboptimaal maar tegelijkertijd is de behoefte aan sport heel groot en wordt er tegemoetgekomen aan de zorgen die de bewoners hebben geuit. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Meiland. Het lid MEILAND (BIJ1) hoort bewoners zeggen dat zij mogen meepraten, maar niet meebeslissen, dat zij worden betrokken, maar niet gehoord. De bewoners rond Brasapark stellen dezelfde vraag als de bewoners rond Kraaiennest, Lutkemeerpolder en Gooise Kant, namelijk of hun inbreng daadwerkelijk wordt meegewogen. Bewoners verwachten dat participatie meer is dan een stap op weg naar een besluit dat al vastligt. Ze benadrukt dat het de betrokken bewoners zijn die avond na avond hun tijd vrijmaken om mee te denken over hun buurt en dat die betrokkenheid gekoesterd moet worden.

BIJ1 is van mening dat bewoners recht hebben op daadwerkelijke invloed en is daarom voornemens hierover een motie in te dienen waarmee ze het college verzoeken te onderzoeken hoe bewoners, collectieven en bewonersorganisaties beter kunnen worden ondersteund wanneer zij participeren in trajecten rond projecten, plannen en besluiten die hun leefomgeving direct raken, daarbij expliciet te onderzoeken hoe bewoners toegang kunnen krijgen tot onafhankelijke ondersteuning, relevante informatie en deskundigheid, zodat hun inbreng volwaardig kan worden betrokken bij de besluitvorming, participatieverslagen voortaan standaard te voorzien van een bewonersreactie of minderheidsstandpunt wanneer bewoners aangeven zich niet in de gemeentelijke verslaglegging te herkennen en bij het participatietraject inzichtelijk te maken welke voorstellen van bewoners zijn overgenomen, welke niet en op basis van welke afwegingen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van der Horst voor de beantwoording. Wethouder VAN DER HORST legt uit dat ze de sportvelden toevoegen omdat er een enorme behoefte is aan sport en omdat er in Zuidoost sprake is van beweegarmoede. Het is belangrijk voor de jongeren dat er genoeg sportvelden zijn. Dit plan wordt uitgevoerd zonder de Hoofdgroenstructuur te raken en omwonenden worden betrokken.

Alternatieven voor een betere locatie zijn onderzocht maar die bleken niet haalbaar. Het stadsdeel heeft ingestemd met de plannen en een vertegenwoordiging van de buurtgroep zit inmiddels aan tafel om samen met de sportvereniging de plannen uit te werken. Ze erkent dat dit impact heeft op sommige bewoners en dat er verschillende belangen zijn. Het college heeft een afweging gemaakt tussen de verschillende belangen en de raad heeft ingestemd met het plan. Ze voegt daaraan toe dat de tweede velden in dit plan nog niet aan de orde zijn. Het lid KROM (Partij voor de Dieren) merkt op dat in de stukken duidelijk staat dat de twee velden wel aan de orde zullen komen. Het punt van dit voorstel is dat er vandaag wordt besloten over een onderdeel van iets dat veel groter is. Daarom vindt ze die pauze zo belangrijk, zodat het plan in zijn geheel met alle informatie en overige plannen voor het Brasapark integraal besproken kan worden. Daar komt bij dat dit stuk wel in de Hoofdgroenstructuur had gelegen als het concept daarvoor in stemming was gebracht. Wethouder VAN DER HORST begrijpt de frustratie van het lid Krom over de Hoofdgroenstructuur.

5

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

Het lid KROM (Partij voor de Dieren) herhaalt dat in de plannen staat dat er sowieso meer velden nodig zijn voor deze sportclubs om ze levensvatbaar te maken. Wethouder VAN DER HORST heeft informatie dat de clubs er voorlopig nog lange tijd mee door kunnen. Ze vindt het zonde om te vertragen omdat deze sportvelden voorlopig voldoen en sportvoorzieningen in Zuidoost hard nodig zijn. Op dit moment vinden constructieve gesprekken plaats met bewoners over de inpassing van het sportpark. Bewoners worden actief betrokken bij het ontwerp en het gebruik van het clubgebouw en bij zaken als logistiek en parkeren. Tijdens de planfase zijn regelmatig updates gedeeld via een mailinglijst en is een excursie naar andere sportparken georganiseerd. Daarnaast wordt een online overleg voorbereid met omwonenden van andere sportparken die ook kritisch waren op overlastgevende situaties en die hierover bevraagd kunnen worden. Volgende maand vinden meet-ups op locatie plaats om iedereen bij te praten. Bij andere sportparken in Amsterdam op vergelijkbare afstand van woningen zijn weinig klachten van bewoners. Het college denkt daarom dat dit ook mogelijk is in Zuidoost. Er zal alles aan worden gedaan om het plan zorgvuldig in te passen en er wordt zelfs een geluidsscherm geplaatst, ondanks dat dit volgens de vergunningsregels niet verplicht is.

De stadsdeelcommissie heeft ingestemd en het advies om samen met een vertegenwoordiging van de buurtgroep en de sportverenigingen de plannen verder uit te werken is overgenomen. Ze erkent dat in de participatie ongetwijfeld dingen beter hadden gekund maar verwacht niet dat een evaluatie de oplossing is. Het project wordt meer geholpen door bewoners nu actief te betrekken en voortdurend te leren en feedback op te halen. Het lid KROM (Partij voor de Dieren) herhaalt dat er zelfs mediation nodig was en vindt een evaluatie daarom wel zinvol en verstandig voor de toekomst, los van dit park. Daarnaast vraagt ze de wethouder een brief aan de raad te sturen waarin alle plannen rondom het Brasapark worden uitgewerkt, inclusief de tweede velden. Want als de wethouder het plan niet wil uitstellen, dan moet de raad op zijn minst volledig geïnformeerd worden. Wethouder VAN DER HORST zal het verzoek voor de brief doorgeven aan de wethouder Sport. Dat er mediation is ingezet vindt ze juist een goede maatregel op het moment dat zaken moeilijk verlopen. Het lid KROM (Partij voor de Dieren) merkt op dat veel bewoners zich duidelijk hebben geuit over het participatieproces en dat zij dat niet afdoende vonden of niet als plezierig hebben ervaren. Ze begrijpt niet wat er mis mee is om daar achteraf nog eens goed naar te kijken.

Wethouder VAN DER HORST antwoordt dat het heel veel capaciteit kost als alle projecten waarbij de belangentegenstellingen groot zijn worden geëvalueerd. Het lid MEILAND (BIJ1) vraagt de wethouder wat het kost als bewoners het vertrouwen verliezen dat hun stem ertoe doet. Wethouder VAN DER HORST vindt het belangrijk dat mensen zich gehoord voelen en dat participatie goed verloopt. Er zijn veel verschillende stemmen, maar de stem van de jongeren die heel graag willen sporten is soms moeilijk te vinden. De jongeren van Zuidoost verdienen ook een stem die voor hen opkomt. Omdat er zoveel verschillende meningen zijn, krijgt niet iedereen precies zijn zin. Daarom moet iedereen worden gehoord en moet goed worden geluisterd naar wat er wordt gezegd. Ze erkent dat soms beter gecommuniceerd kan worden wat er met de inbreng is gedaan. Het lid MEILAND (BIJ1) zegt dat de participatie in Zuidoost met minder dan 30 procent laag is. Mensen haken af van de politiek omdat zij zich niet gehoord voelen. Ze

6

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

vraagt of de wethouder het met haar eens is dat mensen hierdoor verder afhaken en het vertrouwen in de politiek verliezen. Wethouder VAN DER HORST vindt dat een brede vraag die dit project overstijgt. Het is belangrijk dat ze dichtbij mensen staan en echt luisteren. Tegelijkertijd betekent echt luisteren niet altijd dat alles kan en iedereen zijn zin krijgt. Ze voegt daaraan toe dat ze dat in het algemeen soms beter moeten doen. Het lid KROM (Partij voor de Dieren) vraagt of de wethouder ervoor kan zorgen dat de raad de brief op tijd ontvangt zodat ze die kunnen meenemen in de bespreking in de gemeenteraad. Wethouder VAN DER HORST beschouwt dat als onderdeel van de vraag. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld en gereed is voor een bespreking in de gemeenteraad van 1 en 2 juli 2026. 13. Bespreken van de raadsinformatiebrief over het vastgestelde Actieplan Geluid 2025-2029 VN2026-005363 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Deterink. Het lid DETERINK (VVD) is helemaal klaar met mensen die denken dat ze met veel geluid door de smalle straten van Amsterdam kunnen rijden. Na het verschijnen van het actieplan heeft het kabinet vragen over flitspalen beantwoord en dat heeft invloed op de lobby die nog in het actieplan staat.

Het kabinet heeft naar aanleiding van vragen van de VVD aangegeven dat zij niets aan de wet- en regelgeving kunnen wijzigen maar dat gemeenten dit al kunnen doen mits zij met een goed plan komen en dat er een mogelijkheid is om geluidsoverschrijders te beboeten. Hij vraagt hoe de wethouder de beantwoording van die schriftelijke vragen vanuit de Tweede Kamer beoordeelt en of het nu mogelijk is om aan de slag te gaan. Hij wil weten of er eindelijk voor gezorgd kan worden dat deze overtreders een boete krijgen. Hij vraagt of met de juridische afdeling en een team van het Openbaar Ministerie gekeken kan worden hoe een plan kan worden gemaakt en hoe de AVG daarin kan worden meegenomen zodat met de geluidsflitspalen daadwerkelijk boetes kunnen worden uitgedeeld. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van der Horst voor de beantwoording. Wethouder VAN DER HORST zou hier ook heel graag tegen willen optreden maar de beantwoording van het ministerie is wel ingewikkeld. Een digitale geluidspaal die kan worden ingezet voor het beboeten van te luide voertuigen bestaat op dit moment nog niet. Het ontwikkelen van zo'n geluidsflitspaal of een vergelijkbaar systeem dat binnen de Nederlandse wetgeving kan worden toegepast, is technisch en juridisch complex en het maakt het niet makkelijker dat het Openbaar Ministerie hier weinig prioriteit aan geeft.

Er zijn wel systemen in ontwikkeling op het gebied van informeren en waarschuwen en samen met Rotterdam wordt met het ministerie gesproken om te kijken naar mogelijkheden om het probleem terug te dringen. De politie kan wel iets doen maar heeft ook belangrijkere taken. De beelden die de Rotterdamse geluidscamera's registreren, worden nu ter beoordeling voorgelegd aan het Openbaar Ministerie en het zou helpen als het ministerie hierbij de regierol oppakt. Dat is het gesprek dat zij zal gaan voeren. Het lid DETERINK (VVD) vraagt of de raad op de hoogte kan worden gehouden, specifiek over geluidsflitspalen, wat een klein onderdeel is van het grotere Actieplan Geluid.

7

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

Wethouder VAN DER HORST antwoordt dat dit iets is waar ze graag verder mee aan de slag willen en waar ze ook mee bezig zijn. Ze kan niet zeggen wanneer het af is, omdat het heel complex is. Ze hebben ook andere partijen nodig om dit te kunnen doen maar ze denken dat het wel zou moeten kunnen. De discussie wordt gesloten. 17. Bespreken van het artikel van het Parool inzake Opsplitsen Waternet in nieuwste raming bijna twee keer zo duur: van 26,3 miljoen naar 49,6 miljoen VN2026-006137 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Keij. Het lid KEIJ (JA21) wijst op Het Parool dat op 11 mei meldt dat de ontvlechting van Waternet bijna twee keer zo duur wordt, van 26,3 naar 49,6 miljoen euro. In de memo van het waterschap staat zwart op wit dat de kosten volledig uit de hand lopen, vooral door de volledige ICT-ontvlechting. Het kan logisch zijn om Waternet te ontvlechten, maar de manier waarop en vooral de kosten zijn volledig uit de hand gelopen. Waternet was al een puinhoop en in plaats van de problemen gericht aan te pakken worden nu tientallen miljoenen gestoken in een zeer ingrijpende ontvlechting. De gewone Amsterdammer draait via een hogere drinkwaterrekening of hogere belastingen op voor deze miljoenenblunder.

Hij vraagt wat de actuele raming van de totale kosten voor de gemeente Amsterdam is en wil weten hoeveel van die extra kosten direct bij de Amsterdamse drinkwaterklant terechtkomen. Tot slot vraagt hij welke maatregelen het college neemt om te voorkomen dat dit nog verder uit de hand loopt. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Wijnants. Het lid WIJNANTS (VVD) vindt het van belang dat de scheiding plaatsvindt en dat het goed is om door te gaan op het ingeslagen pad. Hij heeft eerder al ruimschoots gewaarschuwd dat deze kostenstijgingen zouden komen. In de memo van het algemeen bestuur staat dat het gaat om 17,6 miljoen euro die door anderen dan Waternet zelf moet worden gedekt en verderop nog eens 10,3 miljoen euro extra voor Amsterdam voor andere kosten. In totaal gaat het om bijna 27 miljoen euro die de gemeente kennelijk moet ophoesten. Er is een motie van hem aangenomen waarin staat dat deze kosten niet bij Amsterdammers terecht mogen komen. Hij vraagt de wethouder of ze kan garanderen dat die motie nog steeds geldt. Daarnaast is hij benieuwd welke extra kostenstijgingen nog in het verschiet liggen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid De Jong. Het lid DE JONG (PRO Amsterdam) vindt de zorgen over de kostenontwikkeling en de kosten voor de burger terecht. De fractie van PRO heeft hier eerder al vragen over gesteld.

De kern van het probleem lijkt te liggen in de digitale infrastructuur en systeemontvlechting van Waternet zelf en dat was destijds ook de oorzaak van de problemen rond het niet kunnen innen van betalingen. Ze vraagt in hoeverre de ICT- en systeemtransities verantwoordelijk zijn voor deze kostenstijging. Daarnaast wil ze weten waarom juist dit soort publieke ICT-systeemtransities qua kosten zo moeilijk zijn in te schatten. Tot slot vraagt ze hoe kan worden voorkomen dat bij dit soort meerjarige trajecten de informatievoorziening via een memo of via Het Parool verloopt. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van der Horst voor de beantwoording. Wethouder VAN DER HORST geeft aan dat ze werd overvallen door deze informatie, omdat deze ook wat voorbarig is. Het betreft een concept dat nog nader besproken moet worden. Het is opgeleverd als een rapport met een inschatting waarbij

8

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

nog nader moet worden bekeken of dit de werkelijke kosten zijn en of er nog keuzes zijn om deze kosten te beheersen. Zodra daarover een scherper beeld bestaat, wordt de raad geïnformeerd. Het lid WIJNANTS (VVD) vraagt of het dagelijks bestuur van het waterschap het algemeen bestuur met de memo onjuist heeft geïnformeerd. Wethouder VAN DER HORST legt uit dat bij het waterschap een concept eerder wordt gedeeld omdat ze op een andere manier werken. De vermeende stijging is gebaseerd op een geactualiseerde voorlopige raming van de IT-frictiekosten door extern adviesbureau KPMG. Deze raming bevindt zich nog in de fase van interne bespreking en nadere beoordeling door de raad van bestuur van Waternet. Op basis van deze raming moeten nog bestuurlijke en uitvoeringskeuzes worden gemaakt over de aanpak, fasering en financiële dekking van de IT-ontvlechting. Van een definitief vastgesteld kostenbeeld is op dit moment nog geen sprake. De eerstvolgende stap is dat de raad van bestuur van Waternet de uitgangspunten van de raming van KPMG laat valideren en vaststelt, waarna een analyse wordt gemaakt van de mogelijke dekking, waaronder de inzet van de drinkwaterreserves en de rioolvoorziening. De uitkomsten hiervan worden betrokken bij het begrotingsoverleg met Amsterdam in de zomer.

Het bestuurlijke uitgangspunt blijft dat de kosten van de ontvlechting niet mogen leiden tot een verhoging van de drinkwatertarieven of de rioolheffing. Met additionele dekking vanuit de drinkwaterreserves en de rioolvoorziening kan hieraan worden voldaan. In 2026 behoort Waternet tot de drie goedkoopste drinkwaterbedrijven van Nederland en hanteert het bovendien het laagste tarief van de bedrijven die oppervlaktewater als bron gebruiken. Bij de verdere uitwerking ligt het voor de hand om dit uitgangspunt mede te onderbouwen met een vergelijking van die tarieven met andere grote gemeenten zodat zichtbaar blijft hoe de Amsterdamse positie zich verhoudt tot relevante referenties. Ze erkent de zorgen en wil er nog steeds voor zorgen dat de drinkwatertarieven niet omhooggaan. Zodra meer bekend is over het werkelijke financiële beeld wordt de raad zo snel mogelijk geïnformeerd. Het lid WIJNANTS (VVD) concludeert dat de drinkwaterreserves kennelijk de gestegen kosten moeten dekken. Maar dat is ook geld dat uiteindelijk niet aan andere zaken kan worden uitgegeven en daarmee raakt het indirect de Amsterdammer. Hij vraagt hoe hoog de drinkwaterreserves zijn en wat de speelruimte is om dit soort kosten op te vangen.

De wethouder geeft aan dat het drinkwatertarief goedkoop is en het lijkt erop alsof ze daarmee voorsorteert op de mogelijkheid dat de drinkwatertarieven zouden kunnen stijgen om tekorten te dekken. Hij vindt dat het drinkwatertarief, los van de waterschapsbelasting, niet zou mogen stijgen om de gestegen kosten van de ontvlechting te dekken. Wethouder VAN DER HORST legt uit dat haar opmerking bedoeld was om de tarieven in context te plaatsen en niet als opmaat naar een verhoging van de tarieven. De vraag over de drinkwaterreserves wil ze betrekken bij de bespreking van de definitieve raming. De discussie wordt gesloten. 73. Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over een andere invulling van het deelbakfietssysteem in Amsterdam VN2026-005051 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Havelaar. Het lid HAVELAAR (CDA) denkt dat het beter is om over huurfietsen dan over deelfietsen te spreken. Het gaat namelijk om een transactioneel model waarbij gekeken wordt waar de markt zit en waarbij het commerciële partijen zijn die het aanbod verzorgen. Het gaat dus niet om mensen die samen een fiets kopen en delen. Hij vindt het

9

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

ingewikkeld dat deze fietsen in de openbare ruimte komen omdat fietsverhuurders in Amsterdam hun fietsen vanuit een pand moeten verhuren en velen daarom geen bakfietsen aanbieden vanwege het ruimtebeslag. Daarom vraagt hij de wethouder om bestaande Amsterdamse fietsverhuurders als eerste de mogelijkheid te geven de openbare ruimte te gebruiken voor deze huurbakfietsen in plaats van multinationale ondernemingen die anders oneerlijk kunnen concurreren. Daarmee is ook het probleem met de babystoeltjes opgelost, omdat fietsverhuurders die vanuit een winkel werken daar goed toezicht op kunnen houden. Hij maakt zich zorgen dat er opnieuw een toeristenproduct ontstaat omdat het plafond verdwijnt en er gezocht moet worden waar de vraag zit en dat is vooral bij de toeristische verhuurmarkt. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Moeskops. Het lid MOESKOPS (D66) beschouwt deelmobiliteit op termijn als het ei van Columbus bij het terugwinnen van schaarse ruimte in de stad en het in stand houden van de vervoersbehoefte. De bakfiets heeft daar ontegenzeggelijk een rol in. De cijfers laten zien dat bakfietsen de enige vorm van deelmobiliteit zijn die vaker door vrouwen dan door mannen wordt gebruikt en de bakfiets wordt ook voor andere functies gebruikt dan veel andere mobiliteitsvormen.

Maar als een nieuw systeem wordt ingezet, is het belangrijk dat dit systeem zo veel mogelijk de gestelde doelen dient. Als de deelbakfiets een zeer lokale behoefte bedient met korte ritten dan zou het een goed idee zijn om een maximumaantal per stadsdeel te hanteren zodat de fietsen zich niet concentreren in de drukke gebieden. Als de deelbakfiets een doel dient voor grotere afstanden vindt ze het logisch dat deze onderdeel wordt van het regionaal deelvervoerssysteem dat wordt opgezet. Ze denkt niet dat de deelbakfiets een toeristenfiets zal worden maar ze is wel benieuwd waarom bij hotels nog steeds fietsen in de openbare ruimte staan, terwijl dat eigenlijk niet is toegestaan. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Belkasmi. Het lid BELKASMI (PRO Amsterdam) vindt dat de deelbakfiets kansen biedt om ritten die Amsterdammers normaal met de auto maken te vervangen en dat dit een belangrijk voordeel is. Het uitgangspunt moet zijn dat de deelbakfiets daadwerkelijk bij de Amsterdammer terechtkomt. De fractie van PRO heeft bij het free-floating-systeem zorgen over overlast en hinder in de openbare ruimte en over de kans dat deelbakfietsen niet bij de Amsterdammer terechtkomen. Commerciële aanbieders willen rendement en winst maken en kijken daarom waar dat het beste lukt.

Maar als deelbakfietsen massaal bij hotels worden geplaatst, wordt de primaire doelgroep niet bereikt en wordt ook de doelstelling van minder autogebruik veel minder snel gehaald. Omdat deelbakfietsen zonder hubs overal binnen de aangewezen zones kunnen worden geplaatst worden ze op de stoep of andere ongewenste plekken neergezet. Dergelijke overlast kan worden voorkomen door meer met hubs te werken. Hij vraagt hoe de wethouder naar deze zorgen kijkt en wil weten waarom niet direct wordt gekozen voor een back-to-many-systeem met hubs in de nabijheid van Amsterdammers in plaats van op plekken waar toeristen zijn. Daarnaast vraagt hij hoe de wethouder kijkt naar bewoners die in coöperatieve vorm bakfietsen met elkaar delen omdat dat ook kan leiden tot minder autogebruik. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Deterink. Het lid DETERINK (VVD) is enerzijds voorstander van het stimuleren van deelmobiliteit en ziet ook voordelen van een bakfiets bij de transitie naar zelf afval wegbrengen. Tegelijkertijd voorziet hij dat deelbakfietsen overal en nergens worden neergezet. In de brief mist hij bepaalde doelen en criteria op basis waarvan getoetst kan worden zodat na een jaar beoordeeld kan worden hoe het er feitelijk voorstaat.

Daarnaast vraagt hij of na verloop van tijd maatwerk geboden kan worden en of in gesprek met de bedrijven per stadsdeel verschillen kunnen worden aangebracht.

10

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van der Horst voor de beantwoording. Wethouder VAN DER HORST legt uit dat zij het systeem enigszins hebben ontdaan van alle regels en dat ze er ook niet te veel ambtelijke capaciteit tegenover wilden zetten. Ze willen ervoor zorgen dat meerdere aanbieders kunnen deelnemen en dat het makkelijker wordt en daarom hebben zij hier een nieuwe aanpak geprobeerd. Ze zien in de praktijk niet dat bakfietsen door toeristen worden gebruikt. Die discussie is bij gewone fietsen heel legitiem maar bij bakfietsen veel minder en fietsverhuurders kunnen hier ook aan meedoen. Het lid BELKASMI (PRO Amsterdam) merkt op dat bij free floating aanbieders zullen overwegen om bakfietsen ook te plaatsen op locaties waar veel toeristen komen. Wethouder VAN DER HORST merkt op dat hubs veel ruimte innemen en dat free floating ook voordelen heeft. Ze vindt dat eerst gekeken moet worden wat er gebeurt en of er overlast ontstaat voordat overal hubs worden geplaatst omdat dat zonde zou zijn van de beperkte beschikbare ruimte. Het lid BELKASMI (PRO Amsterdam) legt uit dat het voor hem specifiek gaat over wie de gebruiker van de deelbakfiets wordt en dat free floating ertoe kan leiden dat ook toeristen er gebruik van gaan maken. Wethouder VAN DER HORST ziet daar geen probleem in.

Het gaat erom dat vanuit bewoners behoefte is aan bakfietsen omdat bakfietsen duur zijn maar soms ontzettend handig om even te gebruiken. Ze willen niet nog heel lang nadenken over regels en er kan altijd nog worden bijgestuurd. De coöperatieve vorm vindt ze mooi maar dat is niet iets wat ze hiermee nu opzetten. Het lid MOESKOPS (D66) vraagt of er naast het systeem voor commerciële partijen ook een regeling is voor particulieren en bewoners. Wethouder VAN DER HORST bevestigt dat er ook een regeling is voor bewoners waarbij maximaal vijf bewoners samen een bakfiets kunnen delen. Dat er na een jaar gekeken moet worden past in de opzet om het organisch te bekijken en snel te handelen. Ook maatwerk per stadsdeel is een van de dingen waaraan ze denken, met name in het centrum. Het is een kwestie van uitproberen want anders komen ze nooit ergens. Het lid BELKASMI (PRO Amsterdam) verwacht dat free floating in de blauwe zones veel hinder en overlast kan veroorzaken. Hij is benieuwd naar de afweging van de wethouder om free floating daar toe te staan terwijl bekend is dat de druk daar juist heel groot is. Wethouder VAN DER HORST herhaalt dat hubs meer ruimte innemen dan free floating. Pas op het moment dat er te veel overlast ontstaat omdat fietsen op de verkeerde plekken worden geplaatst is er noodzaak om een hub toe te voegen.

Daar komt bij dat een free-floating-systeem voor gebruikers aantrekkelijk is en als ze daardoor geen auto aanschaffen wordt er ruimte gecreëerd met free floating. Het lid BELKASMI (PRO Amsterdam) vindt dat het uitgangspunt moet zijn dat het systeem bij de Amsterdammer terechtkomt. Hij maakt zich zorgen dat mensen de fietsen zomaar op de stoep neerzetten en dat dit veel hinder en overlast kan veroorzaken. Een hub staat die op een afgebakende plek waar mensen er minder last van hebben. Dat is het punt dat hij probeert te maken, met name in een stadsdeel zoals Amsterdam-West. Wethouder VAN DER HORST vindt het lastig om vooraf in te schatten dat dit sowieso zal gebeuren. Er zijn al veel particuliere bakfietsen die ook ergens worden

11

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

geparkeerd en de ruimte wordt beter benut als iemand geen eigen bakfiets heeft maar er een deelt met anderen. Als het niet gaat zoals verwacht, dan kunnen er alsnog hubs worden ingevoerd maar het is zonde om nu veel moeite, geld en aannames te investeren zonder te weten of dat nodig is. Het lid BELKASMI (PRO Amsterdam) baseert de aannames op eerdere ervaringen met bijvoorbeeld deelscooters. Dat is de dat hij deze zorg meeneemt en vindt dat ze er waakzaam voor moet zijn. Wethouder VAN DER HORST antwoordt dat bij de deelscooters daarop is geacteerd en dat op basis van de data in bepaalde zones is ingegrepen. Dat is iets anders dan van tevoren stellen dat er op bepaalde plekken overlast zal komen. Ze stelt voor te kijken hoe het gaat en op tijd te handelen als dat nodig is. Het lid DETERINK (VVD) wil voor het verslag de toezegging van de wethouder markeren. Hij is blij dat er na een jaar gekeken wordt hoe het gaat en dat maatwerk kan worden toegepast in stadsdelen. Hij vindt dat ook de zorgen van de fietsondernemers daarbij moeten worden meegenomen. Het lid HARRIS (SP) vraagt hoe de wethouder regelt dat snel kan worden ingegrepen bij overlast en klachten van bewoners. Wethouder VAN DER HORST antwoordt dat door flexibel te zijn en het goed in de gaten te houden snel kan worden ingegrepen. Het slagen van het deelbakfietssysteem is gebaat bij tijdig ingrijpen bij overlast.

Dus dat is iets wat ze heel serieus nemen en waarop ze snel willen handelen. Het lid MOESKOPS (D66) vraagt of ondernemersverenigingen zich kunnen aansluiten bij dit systeem. Wethouder VAN DER HORST antwoordt dat dit niet kan om de verhuur niet in de weg te zitten. Het is een vraag die ze kan uitzoeken en ze komt er de volgende keer op terug. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld en gereed is voor een korte bespreking in de gemeenteraad. 52. Bespreken van de raadsinformatiebrief Stopzetten tilservice AOV VN2026-005362 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Zenginoglu. Het lid ZENGINOGLU staat achter het besluit om de tilservice te stoppen als de arbodienst vaststelt dat de uitvoering niet veilig kan plaatsvinden. Ze maakt zich wel zorgen over de 68 mensen die afhankelijk waren van deze service om hun woning te verlaten omdat voor een deel van hen op dit moment geen direct alternatief beschikbaar is en zij niet nu niet kunnen deelnemen aan de samenleving. In de brief van het college wordt verwezen naar begeleiding en verwijzingen, maar begeleiding is geen oplossing als er geen traplift beschikbaar is of als er geen passende woning vrij is. Ze vraagt wanneer de eerste signalen bij de gemeente bekend waren dat de tilservice belastend was voor de chauffeurs en wil weten wat er sindsdien is ondernomen.

Daarnaast vraagt ze wat de gemeente deze 68 mensen concreet biedt als alternatief om hun woning te kunnen verlaten, niet als toekomstperspectief maar per 1 juni. Ze is benieuwd wat de wachttijden zijn voor een traplift via de Wmo en of de lopende aanbesteding invloed heeft op de beschikbare capaciteit. Tot slot verzoekt ze de wethouder de raad te blijven informeren totdat voor elk van deze 68 mensen een permanente oplossing is gevonden. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Havelaar.

12

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

Het lid HAVELAAR (CDA) denkt dat de tilservice uniek is voor Amsterdam en dat deze behouden moet blijven. Hij begrijpt dat de wethouder aangeeft dat de service vanuit de arbo-wetgeving vastloopt maar hij wil toch vragen op welke manier de gemeente Amsterdam dit heeft afgestemd met anderen die ook te maken hebben met zwaar tillen. Hij is benieuwd naar de mogelijkheden op het gebied van techniek, zoals mechanisatie, een exoskelet of trainingen die kunnen worden aangeboden. Volgens hem zijn er nog mogelijkheden en bieden Europese richtlijnen daarvoor ook kansen. Door deze technocratische maatregel van de Arbeidsinspectie komen 68 Amsterdammers straks thuis te zitten zonder alternatieven. Hij vindt dat de gemeente om die mensen heen moet staan en hen desnoods op 31 mei uit hun huis moet tillen en dan moet de Arbeidsinspectie maar een oplossing regelen. Het CDA vindt stoppen met de tilservice en meedelen dat men verder niet kan helpen onaanvaardbaar. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Breure-Kirmiziyüz. Het lid BREURE-KIRMIZIYÜZ (D66) wil dat alle Amsterdammers kunnen meedoen en je huis uit kunnen gaan is daar een wezenlijk onderdeel van. De wethouder schrijft in zijn brief dat het een dilemma is, omdat er zowel voor degenen die getild worden als voor degenen die tillen gezorgd moet worden.

De aard van de tilservice is altijd geweest dat deze tijdelijk is, in de hoop dat mensen er zo kort mogelijk gebruik van hoeven te maken omdat zij op een gegeven moment een passende woning krijgen of omdat het beter met hen gaat. De wethouder schetst in de brief wat er gaat gebeuren om per casus nieuwe tijdelijke oplossingen of versnelde duurzame oplossingen te vinden. Ze vraagt of de wethouder over zes maanden een terugkoppeling kan geven over de vraag of dit gelukt is voor alle 131 mensen die er aanspraak op kunnen maken en op welke wijze. De tilservice lijkt typisch Amsterdams maar ook op veel andere plekken kunnen mensen door ziekte of een ongeluk niet zelfstandig de trap af. Ze vraagt of de wethouder heeft gekeken naar hoe dit in andere steden wordt aangepakt en wat daarvan meegenomen kan worden. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Scholtes voor de beantwoording. Wethouder SCHOLTES wil dat Amsterdam een stad is waar iedereen kan meedoen maar veel woningen zijn daar niet op ingericht. Hij legt uit dat de tilservice bedoeld was als tijdelijke oplossing voor mensen die herstellen of wachten op een passende woning en dat de service in de praktijk voor veel mensen een manier is geweest om toch naar buiten te kunnen. Eind vorig jaar kwamen ambtelijk signalen bij het RMC binnen omdat chauffeurs fysieke klachten ondervonden van de tilservice.

ArboNed heeft onafhankelijk onderzoek uitgevoerd en tijdens de eerste gesprekken werd duidelijk dat het zeer lastig zou worden. Het tillen over meerdere verdiepingen brengt te grote risico's mee voor medewerkers en bewoners, en ArboNed zag geen aanpassingen waardoor die risico's voldoende kunnen worden weggenomen. De betrokken inwoners zijn persoonlijk benaderd om een zo zorgvuldig mogelijke overgang te realiseren. Dit kan bestaan uit het aanvragen van hulpmiddelen, het aanbrengen van een traplift, het organiseren van de woonomgeving of het regelen van tijdelijke logeeropvang. In sommige gevallen wordt samen met de dienst Wonen gekeken welk maatwerk mogelijk is om iemand sneller een rolstoelwoning of gelijkvloerse woning te geven. Hij ontvangt hierover wekelijks updates en zal ervoor zorgen dat de raad regelmatig wordt bijgepraat over de stand van zaken. Er is geen volwaardig alternatief voor de tilservice. Andere steden kijken naar hulpmiddelen, verhuizingen of het eigen netwerk. Er zijn op dit moment geen wachtlijsten voor trapliften en er loopt geen aanbesteding omdat per 1 januari 2026 een nieuw contract met een looptijd van zes jaar is ingegaan. De aanvragen van gebruikers van wie de tilservice wordt stopgezet worden binnen de gemeente met voorrang opgepakt.

13

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

Hij heeft ArboNed gevraagd of de service op een aangepaste manier kan worden voortgezet maar ArboNed heeft heel duidelijk aangegeven dat dit niet mogelijk is. Een exoskelet betekent niet dat je zwaarder mag tillen en van andere tilhulpen zijn de bewegingen te statisch. Het is niet alleen aan de overheid om voor deze mensen klaar te staan, maar ook aan de samenleving en daarom regelt een deel van de mensen dit binnen het eigen netwerk waarbij de gemeente ondersteunt waar mogelijk. Tot slot merkt hij op dat er een bredere opgave ligt om de stad vergrijzingsklaar en toegankelijker te maken. Het lid HAVELAAR (CDA) vraagt of de raad zo kort mogelijk na 1 juni dat rapport met een begeleidende brief kan ontvangen, en verzoekt het onderwerp te agenderen voor de eerste vakcommissie na de zomer. De discussie wordt gesloten. De VOORZITTER schorst de vergadering. De VOORZITTER heropent de vergadering. 34. Bespreken van de raadsinformatiebrief ter afdoening van motie 156.25 en twee toezeggingen over de kosten van en gemeentelijke stimuleringsmogelijkheden voor de isolatie van de Amsterdamse corporatiewoningen VN2026-005396 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van den Bosch. Het lid VAN DEN BOSCH (JA21) merkt op dat de raad enige tijd geleden een motie heeft aangenomen om te kijken waar extra kan worden bijgesprongen bij de isolatie van corporatiewoningen.

Het lijkt erop dat de wethouder geen gehoor geeft aan de motie omdat ze nu aangeeft dat in totaal 2 miljard euro nodig is om in 2050 aan de nationale isolatiestandaard te voldoen. Dat staat niet in de motie. De motie vraagt naar ruimte voor extra steun en niet om de eisen voor 2050 naar voren te halen. Dit is een interpretatie van de wethouder zelf en het is niet wat de raad vraagt. In de motie is de ruimte voor extra steun bewust niet nader gespecificeerd. Die ruimte ligt dus ergens tussen niets en alles. De wethouder komt nu met niets omdat alles onbetaalbaar zou zijn. Hij vraagt de wethouder opnieuw naar de motie te kijken en met een inhoudelijke reactie te komen op wat de raad daadwerkelijk heeft gevraagd. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Hilten. Het lid VAN HILTEN (D66) wijst op het onverminderd belang van verduurzaming door de crisis in het Midden-Oosten en de stijgende energieprijzen. Met spouwmuurisolatie kan een Amsterdammer afhankelijk van het type woning 240 tot 800 euro op de energierekening besparen. Er is lange tijd onduidelijkheid geweest over het isoleren van spouwmuren vanwege een uitspraak van de Raad van State waarin werd bepaald dat eerst een bepaalde dure proef moet worden uitgevoerd voordat men kan overgaan tot spouwmuurisolatie.

Vorige maand was in het nieuws dat isolatiebedrijven mogelijk dreigen om te vallen omdat zij moeite hebben deze methode toe te passen. Hij vraagt of de wethouder signalen heeft ontvangen dat Amsterdamse isolatiebedrijven het zwaar hebben vanwege deze onduidelijkheid. Inmiddels bestaat de eDNA-methode die aanzienlijk goedkoper en eenvoudiger uit te voeren is. Hij vraagt of deze methodiek in Amsterdam mag worden toegepast en of de wethouder signalen van isolatiebedrijven heeft ontvangen dat daarover nog onduidelijkheid bestaat. Tot slot vraagt hij of deze methodiek subsidieerbaar is binnen de bestaande subsidieregeling van Amsterdam. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Chakh.

14

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

Het lid CHAKH dankt de wethouder voor het uitvoeren van dit belangrijke onderzoek. Het was hard nodig omdat goede woningisolatie steeds urgenter wordt. Sommige mensen zitten nu in een superwarm huis en met koude dagen is het andersom. De corporaties staan voor een enorme opgave en voor PRO is het belangrijk dat bij toekomstig beleid de schaarse middelen altijd worden ingezet om huishoudens te steunen die dat het hardst nodig hebben. In de brief staat dat samenwerking met het Rijk essentieel is omdat energiearmoede een landelijk probleem is. Ze vindt het belangrijk om het gesprek met het Rijk te blijven voeren over de investeringscapaciteit van corporaties en de mogelijkheden die er zijn. Tot slot vraagt ze op welke manier de wethouder deze samenwerking blijft voortzetten. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Pels voor de beantwoording. Wethouder PELS geeft aan op dat ze bij de indiening van de motie heeft gezegd dat ze onderzoek zou doen en een technische sessie zou organiseren maar dat al vooraf duidelijk was dat de gemeente deze opgave niet wezenlijk kan verlichten en dat dit ook door de corporaties is bevestigd. Het gaat om 2 miljard euro en ze is benieuwd wat JA21 voldoende zou vinden om vanuit de gemeente bij te dragen, aangezien het begrotingsrecht bij de raad ligt.

Haar voorkeur gaat uit naar het vereenvoudigen van procedures zodat corporaties sneller kunnen isoleren en het voor hen makkelijker wordt. Daarnaast moet worden opgetrokken met het Rijk omdat daar het grootste probleem ligt. Ze heeft vandaag een positief gesprek gehad met de minister van Volkshuisvesting die zich bewust is van de financiële druk op corporaties. De afgelopen jaren is samen met corporaties opgetrokken om dit probleem aan te kaarten en een volgend college moet dat blijven doen omdat daar uiteindelijk de oplossing ligt. Het is oneerlijk dat corporaties en daarmee huurders met de laagste inkomens extra belasting betalen doordat corporaties een soort winstbelasting betalen terwijl zij geen winstoogmerk hebben. Daarom vindt ze het belangrijk om zich daarop te blijven richten en te kijken hoe de grote opgave voor corporaties makkelijker kan worden gemaakt. Op dit moment is het in Amsterdam toegestaan om gebruik te maken van de eDNA-methode. Ze herkent het beeld dat spouwmuurisolatie voor bedrijven ingewikkeld is, vooral omdat het nog niet is toegestaan om een breed soortenmanagementplan vanuit de provincie te gebruiken. Dat is wel waarvoor zij pleiten en de gemeente doet zelf onderzoek zodat uiteindelijk een breed soortenmanagementplan voor de hele stad kan worden opgesteld.

Zolang dat er nog niet is, moet pragmatisch worden gewerkt om het werk toch gedaan te krijgen en daarbij kan de eDNA-methode helpen. Als er signalen zijn van bedrijven die niet zeker weten of deze methode mag worden toegepast, zal ze intern overleggen hoe bedrijven daarop kunnen worden gewezen en hoe bekend kan worden gemaakt dat deze methode is toegestaan. Het lid VAN HILTEN (D66) vraagt of de wethouder kan toezeggen de resultaten te zijner tijd terug te koppelen en herhaalt zijn vraag over de subsidieerbaarheid van deze methode. Wethouder PELS antwoordt dat ze toezegt de raad hierover te informeren. De subsidie is op dit moment niet op dat onderwerp gericht maar op het nemen van concrete isolatiemaatregelen. Ze is wel bereid om bij de bedrijven na te vragen of daar behoefte aan is. Het is belangrijk om te onderzoeken waar de grootste prikkel met de subsidie kan worden neergelegd zodat het geld uiteindelijk bij de uitvoering komt en niet bij het doen van onderzoek. Ze zal intern checken of het effectief is om dit mee te nemen en dit ook bespreken met de markt. Ze zal de uitkomst terugkoppelen aan de raad zodat zij daar zelf kennis van kan nemen. Het lid VAN DEN BOSCH (JA21) heeft de wethouder niet gevraagd om 2 miljard euro uit te geven.

Er kan ook een middenweg worden gekozen en hij vraagt waarom niet kan worden begonnen met een kleiner bedrag om te kijken of dat werkt en waarmee altijd

15

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

gestopt kan worden als het niet werkt. Het is onzin om te zeggen dat er geen 2 miljard euro beschikbaar is en daarom niets te doen. Wethouder PELS heeft aan het lid Van den Bosch gevraagd aan welk bedrag hij denkt omdat de corporaties niet zijn geholpen als de gemeente er 5 miljoen euro voor vrijmaakt. Het Rijk heeft zelf 10 miljoen euro vrijgemaakt in verschillende gebieden en Amsterdam heeft in Noord 13,5 miljoen euro uitgetrokken voor inwoners met een koopwoning. De raad zou kunnen besluiten dergelijke middelen naar corporaties te verschuiven maar dat is slechts een druppel op een gloeiende plaat. Daarom stelt ze voor dat het college samen met JA21 richting de Tweede Kamer optrekt om te pleiten voor het afschaffen van belastingmaatregelen voor corporaties. Daarmee krijgen corporaties voldoende investeringsruimte en dat is veel meer waard dan een miljoen uit de gemeentebegroting. Het lid VAN DEN BOSCH (JA21) vindt het bijzonder dat de wethouder van een beetje geld al een probleem maakt, aangezien ze ook bezig is een eigen publiek warmtebedrijf op te richten voor 9 miljard euro. Wethouder PELS legt uit dat die 9 miljard nodig is maar dat in de stukken ook staat dat zij dat bedrag niet hebben voor het warmtebedrijf. Dit illustreert dat sommige opgaven in de stad zo groot zijn dat ze niet alleen gefinancierd kunnen worden door de stad.

Daarom vraagt ze nogmaals aan JA21 aan welk bedrag zij denken. Daarnaast zou het fantastisch zijn als JA21 hiervoor een voorstel in de Tweede Kamer doet om ervoor te zorgen dat die belastingen bij corporaties eraf gaan. Het lid VAN DEN BOSCH (JA21) heeft in de begroting van 2026 maar liefst 170 miljoen euro voor een kunst- en cultuurplan gevonden. Hij vraagt of daar niet geld van kan worden afgehaald. Dan is er misschien minder geld voor leuke dingen voor linkse mensen maar hij denkt dat in deze kwestie prioriteiten moeten worden gesteld. Wethouder PELS denkt dat er genoeg mensen van welke politieke kleur dan ook zijn die enorm van kunst en cultuur genieten maar het lid Van den Bosch is uiteindelijk degene die gaat over het budgetrecht. Het college zou negatief adviseren en ze is benieuwd of het lid Van den Bosch een meerderheid kan vinden om 170 miljoen euro van kunst en cultuur weg te halen. Ze is vooral benieuwd wat het daadwerkelijk zou oplossen. Er worden misschien een paar woningen geïsoleerd maar het werkelijke probleem waardoor woningen verkocht moeten worden en er te weinig sociale huurwoningen worden gebouwd, wordt daardoor niet opgelost. Ze vindt het jammer dat ze geen antwoord heeft gekregen op de vraag of JA21 met haar naar de Kamer wil gaan om alle fracties te overtuigen dat deze belasting voor corporaties van tafel moet. De discussie wordt gesloten. 41.

Bespreken van de onafhankelijke evaluatie van de gezamenlijke schimmelaanpak VN2026-005398 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Broersen. Het lid BROERSEN (Volt) is verheugd dat de evaluatie er nu ligt en vooral dat deze onafhankelijk is uitgevoerd. Haar fractie heeft zich met deze motie daarvoor hard gemaakt omdat zij wil weten hoe bewoners de aanpak zelf ervaren. Er worden hierover al vier jaar debatten gevoerd maar er zijn nog steeds kinderen die opgroeien in woningen met schimmel. Het rapport laat zien dat meldingen sneller worden opgepakt en dat de aanpak professioneler is geworden. Tegelijkertijd staat in hetzelfde rapport dat veel bewoners die verbetering nog onvoldoende merken in hun dagelijkse leven. Uit de evaluatie blijkt dat vertrouwen het kernprobleem is. Bewoners doen soms geen melding en als zij dat wel doen blijft het nog te vaak onduidelijk wat precies is onderzocht, wat de

16

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept-raadscommissieverslag 27 mei 2026

oorzaak is en waarom voor een bepaalde oplossing is gekozen. In het rapport staat letterlijk dat bewoners een betuttelende houding ervaren en dat het nog steeds voelt alsof de schuld bij hen wordt gelegd, terwijl er mogelijk sprake is van een bouwfout. In de Derde monitor vocht- en schimmelaanpak staat dat 60 procent van de meldingen wordt veroorzaakt door woningen die in slechte staat verkeren. Bewoners worden nu eindelijk meegenomen in de evaluatie en dat is positief maar ze vraagt zich af of bewoners en bewonersorganisaties ook worden betrokken bij wat hierna gebeurt en bij de oplossingen zelf, of dat hun rol vooral blijft dat zij achteraf mogen vertellen wat er misging. Ook bij de nazorg valt nog veel te winnen. Bewoners die reageren op het nazorgtraject zijn niet positief over de geboden oplossingen. Bewoners hebben behoefte aan terugkoppeling en aan bevestiging dat het probleem daadwerkelijk is opgelost. Dat is een cruciaal onderdeel van de aanpak, omdat daarmee zichtbaar wordt of iemand zich geholpen voelt of opnieuw met lege handen achterblijft. Tot slot vraagt ze hoe bewoners en bewonersorganisaties concreet worden betrokken bij de verstevigde aanpak en wat de wethouder gaat doen om de nazorg te versterken zodat bewoners na een melding of ingreep niet uit beeld verdwijnen terwijl het probleem nog steeds aanwezig is. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Ruijter.

Het lid RUIJTER (SP) noemt schimmel een enorm probleem en op een wrange manier is ze blij dat het nu eindelijk de aandacht krijgt die het verdient. Het is goed dat wordt gesignaleerd dat er een problematisch gebrek aan vertrouwen bestaat bij bewoners richting corporaties bij de afhandeling van hun problemen. Het is ook goed dat er richtingen zijn gesignaleerd om tot structurele oplossingen te komen. Ze deelt de conclusie dat er een grote bottleneck bij het Rijk zit waardoor corporaties niet toekomen aan structurele oplossingen, maar het is te makkelijk om te zeggen dat het lastig is en te hopen dat Den Haag gaat bijsturen, vooral omdat die kans niet groot is. Amsterdam heeft een enorme begroting en veel zeggenschap over wat in de stad gebeurt. De stad zou daarom ook zelf maatregelen moeten treffen om de druk op corporaties te verlichten. Er is een bijeenkomst geweest met onder andere Tweede Kamerleden over de schimmelproblematiek en ze is benieuwd wat deze bijeenkomst heeft opgeleverd. Daarnaast vraagt ze wat de wethouder wil doen om als stad de druk op woningcorporaties echt te verlichten. Tot slot meldt ze dat haar fractie plannen schrijft om een voorstel te doen voor een gemeentelijk woonbedrijf.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17041040/1