20250417 Conceptverslag MOW.pdf
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water
MOW
Raadscommissieverslag, 17 april 2025
Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
CONCEPTVERSLAG Openbare vergadering van de raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Donderdag 17 april 2025 13.30 tot 17.15 uur 22 mei 2025
Voorzitter: Van Munster Portefeuillehouders: wethouder Van der Horst Commissiegriffier: mw. Ter Braak, M. Saelman (commissie ondersteuner) Verslaglegging: mw. Vernooij (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Asruf (PvdA), Bilgin (FvD), Havelaar (CDA), Hendriks (Volt), IJmker (GL), Koyuncu (DENK), Moeskops (D66), Noordzij (PvdA), Norbruis (D66), Van Pijpen (GL), Staartjes (VVD), Veenhoff (GL), De Vos (PvdD), Wijnants (VVD) Overige aanwezigen: A. Versteeg (stadsdeel Oost)
Algemeen 1.a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 13.30 uur en heet iedereen welkom. 1.b. Mededelingen De VOORZITTER deelt mee dat hij lid Amane vervangt. Lid Bobeldijk (SP) en wethouder Scholtes hebben zich afgemeld. Wethouder VAN DER HORST heeft 3 mededelingen. Van mei tot oktober is er extreme verkeershinder in en rond Amsterdam als gevolg van de vele werkzaamheden en een aantal evenementen. Het zwaartepunt ligt op de projecten van Rijkswaterstaat en op de rijkssnelwegen. Om mensen te informeren, loopt er een intensieve communicatiecampagne en er wordt opgeroepen om gebruik te maken van deelvervoer, buiten de spit rijden, samen reizen en thuiswerken. Ook worden kortingsacties aangeboden voor ov. In de vorige commissie is toegezegd om terug te komen op de vermeende achterstand bij het beoordelen van de stallingsplaatsen bij het aanvragen van een parkeervergunning. Als een aanvrager voor een parkeervergunning over een stallingsplaats beschikt, wordt deze afgetrokken van het maximaal aantal te verlenen vergunningen. Wanneer de aanvrager van mening is dat de stallingsplaats niet als garage kan worden gebruikt, kan deze een e-mail sturen naar stallingplaats@amsterdam.nl. Aan de hand van foto’s en afmetingen wordt beoordeeld of de stallingsplaats wordt meegeteld en bij onduidelijkheid wordt een beoordeling op locatie gedaan.
Op deze manier worden langere bezwaarprocedures zo veel mogelijk voorkomen. Op dit moment is er geen achterstand bij het afhandelen van de verzoeken. Rond de start van de handhaving in de nieuwe gebieden betaald parkeren kan eventueel kort een langere afhandelingstijd optreden. In de commissie van 13 februari jl. is door DENK gevraagd om te kijken naar de mogelijkheden voor verloskundigen en spoedpsychiatrie om gebruik te maken van de vrije tram- en busbanen. De verwachting is om voor het zomerreces duidelijkheid te kunnen geven.
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
De VOORZITTER deelt mee dat GL heeft verzocht om een technische sessie over het beleidskader buitenreclame. Inmiddels is duidelijk dat er een brief komt over het nieuwe beleid en deze zal voor de zomer worden geagendeerd. Is er in dat geval nog behoefte aan een technisch sessie? De voorzitter concludeert dat deze behoefte er niet meer is. Het plan Biodiversiteit komt naar verwachting in juni naar de raad. Heeft de commissie behoefte aan een technische sessie hierover? De voorzitter concludeert dat hier wel behoefte aan is. 1.c. Vaststellen agenda Bij het agendapunt 13 over het Flevopark is db-lid Vroege van stadsdeel Oost aanwezig en bij agendapunt 10 over Zeeburgereiland en IJburg is een advies ingediend door de stadsdeelcommissie Oost en de heer Versteeg zal dit advies bij agendapunt 1g toelichten. Lid WIJNANTS stelt voor om agendapunt 9 af te voeren. Lid DE VOS vraagt of de lange agenda en het wat langer doorgaan ook betekent dat er meer spreektijd is. De VOORZITTER stelt voor om de spreektijden voorlopig te laten zoals ze zijn. De agenda wordt conform vastgesteld. [Tijdens de vergadering wordt agendapunt 13 (Flevopark) op verzoek van lid De Vos doorgeschoven naar een volgende vergadering.] 1.d. Conceptverslag van de openbare vergadering Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water d.d. 20 maart 2025 Het verslag wordt vastgesteld. 1.e.
Termijnagenda’s en bestuurlijke langetermijnagenda’s (BLTA), per portefeuille Geen opmerkingen. 1.f. TKN-lijst De VOORZITTER heeft de volgende verzoeken ontvangen voor agendering in de volgende commissie. TKN-2 op verzoek van lid Havelaar (CDA). TKN-3 op verzoek van leden Norbruis (D66) en Wijnants (VVD). TKN-4 op verzoek van lid Norbruis (D66). TKN-7 op verzoek van lid IJmker (GL). TKN-13 op verzoek van leden Bobeldijk (SP) en De Vos (PvdD). TKN-14 op verzoek van lid De Vos (PvdD). Lid VAN PIJPEN zegt dat TKN-4 over de Singelgracht bij verkeer staat, maar ook groen betreft. Zij verzoekt de griffie om na te gaan bij welk onderwerp het hoort.
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
1.g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies De heer VERSTEEG licht het advies van stadsdeelcommissie Oost toe inzake het on hold zetten van de fietsverbinding Zeeburgereiland door het college. Stadsdeelcommissie Oost vindt dit een slecht idee, omdat deze verbinding een belangrijk onderdeel is van het ruimtelijk plan Zeeburgereiland en IJburg zoals de raad onlangs akkoord heeft bevonden. Het college geeft zelf aan dat bij verwachte groei en zonder uitbreiding van de brug het fietsverkeer wordt geconfronteerd met problemen voor met name kwetsbare verkeersdeelnemers zoals ouderen en jonge kinderen. Een derde van het benodigde budget behoefte nog dekking. Er zijn geen alternatieven voor deze brug en het on hold zetten, zal gevolgen hebben voor het hele ruimtelijke kader. Een brug over het IJ zal het fietsverkeer van Noord naar Zuid doen toenemen en zal leiden tot een verkeersprobleem in Oost. De raad wordt opgeroepen om alsnog de benodigde middelen beschikbaar te stellen, eventueel bij de voorjaarsnota. Het college wordt geadviseerd om voorlopig geen onomkeerbare besluiten te nemen die de realisatie van een fietsbrug in de toekomst onmogelijk te maken. Bij de uitrol en uitvoering van het ruimtelijk kader Zeeburgereiland zou voldoende rekening gehouden moeten worden met het fiets- en voetgangersverkeer. Lid HAVELAAR herkent het door de heer Versteeg geschetste beeld.
Als het geld en dus de brug er niet komen, welke onveilige situatie ontstaat er dan? De heer VERSTEEG wijst erop dat het fietsverkeer de komende jaren toeneemt door de ontwikkeling van de Sluisbuurt, de uitbreiding van IJburg en het kan tot gevaarlijke situaties leiden. Nu al ontstaan bijna botsingen tussen met name voetgangers en fietsers en dit probleem zal alleen maar groter worden. Ambtenaren hebben in de voorstudies ook aangegeven dat het een essentieel onderdeel in het hele plan is en als dit eruit wordt gelaten, zal de investering aan kwaliteit inboeten. Lid NOORDZIJ leest dat wordt geadviseerd om in de verdere uitwerking rekening te houden met noodzakelijkheid van goede fiets- en voetgangersverbindingen. Kan de heer Versteeg hierop ingaan? De heer VERSTEEG verwijst naar de pont die nu tijdens kantooruren vaart en het advies is om deze op termijn buiten kantooruren en 7 dagen per week te laten varen. Dit biedt echter geen structureel alternatief. Ook met 7 dagen per week, 24 uur per dag zullen er knelpunten ontstaan, omdat het fietsverkeer toeneemt. Lid BILGIN vraagt of de heer Versteeg denkt dat de woningbouw in het gebied in gevaar komt. De heer VERSTEEG denkt dat de leefbaarheid wel onder druk komt te staan. In nieuwbouwwijken waar de infrastructuur niet op orde is, maken mensen misschien de keuze om elders te gaan wonen. Inhoudelijk 2.a.
Opening inhoudelijke gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijke deel van de vergadering. 2.b. Inspreekmoment publiek
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
De VOORZITTER deelt mee dat zich 12 insprekers hebben aangemeld. Ook is er een videoboodschap over agendapunt 16. Deze staat op de agenda onder “Inspreekmoment publiek”. Petar ter Bergh Duric spreekt in namens Comité Westelijke grachtengordel over 2b. Bezwaar tegen de beantwoording raadsadres d.d. 25 november 2024 inzake het verzoek 16 bomen te planten in de Raadhuisstraat. Inspreker TER BERGH memoreert dat het comité in oktober 2024 een voorstel heeft ingediend waarbij is gevraagd om 16 volwassen bomen te planten in de Raadhuisstraat wat gefinancierd kon worden met het cadeau aan Amsterdam van 750 bomen. Op het verzoek is een antwoord gekomen dat feitelijk onjuist is: de bomen in het kader van 750 jaar Amsterdam zouden alleen zijn bedoeld voor bestaande boomspiegels. Er is bezwaar gemaakt en het verzoek aan de raad is om het voorstel van het comité te lezen. Het geld is er, de tijd ook omdat de werkzaamheden nog twee jaar doorlopen, maar de vraag is of de wil er is. --Dani Sprecher spreekt in namens Coalitie van Deelautoaanbieders over 6. Bespreken van de raadsinformatiebrief Luchtkwaliteit in Amsterdam waarin de resultaten uit de Monitoringsrapportage MLK 2024 (bijlage 2) en de Monitor Actieplan Schone Lucht 2024 (bijlage 3) worden toegelicht.
Inspreker SPRECHER stelt dat bedrijven als Check, Free2Move, SIXT en Vloto al een volledige elektrisch float aanbieden in Amsterdam en MyWheels heeft aangegeven eind 2025 te kunnen halen. Aanbieders die dit nog niet doen, geven als reden dat de vergunningskosten hoog zijn en er sprake is van een oneerlijk speelveld. De in de brief genoemde argumenten voor uitstel zijn onjuist. Elektrificatie is geen kwestie van kunnen, maar van willen. De echte vraag is welke aanbieder op de blaren moet zitten. Is dit de enige aanbieder die sinds 2019 zelf te weinig heeft ondernomen om aan de regels te voldoen of worden de aanbieders die zich netjes aan de regels hebben gehouden nu keihard in de steek gelaten? Zij hebben de afgelopen jaren forse investeringen gedaan om de deadline te halen en zitten nu met veel hogere kosten terwijl ze meestal nog geen winst maken. De raad wordt gevraagd om de overgangsperiode te verkorten en te differentiëren in vergunningskosten voor EV en benzine. Lid IJMKER leest in de brief ook dat de gemeente voorstelt om te stoppen met de vaste plekken voor deelauto’s en laadpunten. Hoe staat de inspreker hier tegenover? Inspreker SPRECHER zegt dat vaste plekken zeker een voordeel kunnen hebben voor de deelauto op plekken waar de parkeerdruk hoog is en mensen ook weten dat ze de auto kwijt kunnen.
Het is begrijpelijk dat Amsterdam in de zoektocht naar ruimte denkt dat het slimmer kan en deelauto’s gebruik wil laten maken van publieke plekken en publieke laadpalen. De deelauto kan anders dan de private auto een rol spelen bij het oplossen van netcongestie, omdat een andere afweging gemaakt kan worden om stroom terug te leveren en met een bedrijf kunnen afspraken gemaakt worden die niet met private autobezitters gemaakt kunnen worden. Hiervoor is een laadpaal nodig die aan bepaalde eisen voldoet op een vaste plek en in dat opzicht is het heel zinnig om toch wel wat vaste plekken te reserveren voor die auto’s die in staat zijn tot vehicle-to-grid. --Maurits Wijzenbeek spreekt in namens PAF (Professionele Amsterdamse Fietsverhuurders) over 7. Deelfietsen. Inspreker WIJZENBEEK vertegenwoordigt 50 Amsterdamse fietsenwinkels en fietsverhuurders met vele medewerkers waaronder veel mensen met een afstand tot de
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
arbeidsmarkt en veel jongeren halen hier hun mbo-diploma. PAF is tegen de deelfiets, omdat deze simpelweg niet nodig is in Amsterdam, omdat iedere Amsterdammer een eigen fiets heeft en een frequente bezoeker van het ov heeft een gesubsidieerde ov-fiets. 75% van de gebruikers van deelfietsen is toerist en dit is niet de doelgroep, maar wel de klant. In buitenlandse steden kan de deelfiets een functie hebben om bewoners kennis te laten maken met de fiets. De enige reden dat fietsbedrijven naar Amsterdam willen komen, is om gratis op de stoep de grootste toeristische fietsverhuur ter wereld te starten en dit is de afgelopen 4 jaar gebeurd. De Fietsersbond, Miliedefensie, wijkcentrum d'Oude Stadt, Walther Ploos van Amstel zien allemaal niets in de deelfiets in Amsterdam. De deelfietsen hebben vaak grote schade toebracht aan zeer oude Amsterdamse fietsondernemingen. In het afgelopen halfjaar zijn er hierdoor 9 fietswinkels gestopt in Amsterdam Centrum die allemaal naast inpandige fietsverhuur ook fietsen repareerden en verkochten voor de Amsterdammers. --Berit Soolsma spreekt in namens YellowBike over 7. Deelfietsen Inspreker SOOLSMA licht toe dat YellowBike, het oudste stadsfietstoerbedrijf ter wereld is en een familiebedrijf is. Net als voorgaande spreker maakt zij zich zorgen over het voortbestaan van zelfstandige Amsterdamse fietsverhuurders.
Het eveneens iconische MacBike heeft het niet volgehouden met als belangrijkste oorzaak 800 Donkey bikes waarvan 75% minimaal wordt gebruikt door toeristen. Het gaat om een commercieel, beursgenoteerd verdienmodel uit het buitenland, niet lokaal, niet sociaal en niet inclusief. De raad wordt gevraagd te stoppen met de grootschalige uitrol van deelfietsen voor toeristen en om deze pilot na 7 jaar te stoppen. De MKB-bedrijven zijn kleine gemeenschappen die de buurt ondersteunen. Dankzij YellowBike kon een collega afgelopen jaar succesvol re-integreren vanuit detentie. Er worden gratis fietsreparatielessen gegeven, er worden buurtmaaltijden georganiseerd en is een veilig plek om even binnen te lopen. Fietsen worden aangepast voor verschillende mensen. Deelfietsen zijn dit niet, het gaat hier om one fits all. Kinderen, ouderen of kleinere mensen worden hier niet bediend. Met lokale bedrijven verdwijnt ook een stukje gastvrijheid uit Amsterdam. --Yessin Aattache spreekt in namens Voi Technology over 7. Deelfietsen. Inspreker AATTACHE licht toe dat Voi een Zweeds bedrijf is dat gedeelde elektrische fietsen en andere voertuigen in meer dan 100 Europese steden aanbiedt. Een succesvol gedeeld systeem van lichte voertuigen kan steden helpen om aan de vervoersvraag te voldoen en kan tegelijkertijd ook ruimte besparen.
Een voorbeeld is dat in 2024 in Oslo 2600 gedeelde e-voertuigen meer dan 4 miljoen ritten mogelijk hebben gemaakt en 200.000 regelmatige gebruikers hebben bereikt in een stad met slechts 700.000 inwoners. Dankzij dit succes besloot Oslo het systeem uit te breiden. De vloot werd verdubbeld tot 5000 voertuigen en de dienstverlening werd uitgebreid naar de voorsteden. Het gebruik schoot opnieuw omhoog. Dit betekent dat veel minder privévoertuigen op straat nodig zijn. 75% van de gebruikers geeft aan minder vaak de auto te gebruiken en 60% combineert de voertuigen regelmatig met het ov. Andere steden laten vergelijkbare resultaten zien. In Kopenhagen is het privébezig van de fiets heel hoog, maar nog steeds is hier een heel hoog gebruik van de deelfiets. Lid HAVELAAR stelt dat Amsterdam meer fietsen dan inwoners heeft en uit de stukken blijkt dat de deelfietsen uit de pilot 0,93 dagen gehuurd worden door gebruikers als ze niet elektrisch zijn en 1,86 als ze wel elektrisch zijn. Dan is het meerdere keren gebruiken in Nederland toch niet van toepassing?
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
Inspreker AATTACHE bevestigt dit. Het gaat hier over heel weinig voertuigen per inwoner en per dekking. Het aantal voertuigen per m² is de succesfactor en deze is in Amsterdam zeer laag. Lid HAVELAAR denkt eerder dat deelfietsen niet heel veel toevoegen, omdat alle bewoners al een fiets hebben en de toeristen ze gewoon kunnen huren. Inspreker AATTACHE stelt dat de doelgroep niet per se toeristen zijn. De doelgroep zijn commuters, mensen die buiten Amsterdam wonen of net niet in het centrum en naar het centrum moeten komen en hun eigen elektrische fiets niet durven te parkeren, omdat deze gestolen kan worden. Toeristen die een dagfiets willen huren gaan naar klassieke verhuursystemen. --Sergei Sysoev spreekt in namens Bounce Mobility over 8. Parkeren in Amsterdam. Inspreker SYSOEV spreekt over iedereen die het centrum vermijdt, zowel mensen van buiten de stad als vanuit andere stadsdelen. M1 Deelauto’s met een stadsbrede vergunning bieden geen echte oplossing, zij nemen te veel ruimte in en zijn niet praktisch voor bezoekers of forensen. Voertuigen als LEV-6 en LEV-7 zoals de Biro, zijn veel effectiever. De gemeente erkent deze voertuigen al, particulieren en bedrijven kunnen er nu een stadsbrede vergunning voor aanvragen en de logische volgende stap is om deze vergunning ook open te stellen voor deelmobiliteit-aanbieders.
Door deze voertuigen te delen, wordt duurzame deelmobiliteit voor de binnenstad bereikbaar voor iedereen. Met de pilot Park&Switch heeft de gemeente al laten zien open te staan voor de verhuur van L-6 en L-7 voertuigen en nu is de tijd om dit uit te breiden. De oproep is daarom een stadsbrede vergunning uit te breiden naar deze voertuigen. --Bernard Blokzijl spreekt in namens Fietsersbond Amsterdam over 10. Stand-vanzakenbrief aan de commissie Mobiliteit, Openbare ruimte en Water en commissie Ruimtelijke Ordening over het programma Bereikbaarheid Zeeburgereiland en IJburg. Inspreker BLOKZIJL vraagt zich af of het echt nodig is om 6 autoverbindingen in stand te houden voor een wijk die voor autoluw is ontworpen, namelijk Zeeburgereiland, terwijl de situatie voor fietsers zorgwekkend is. Over de Amsterdamse brug komen nu 4000 fietsers, in 2030 zullen het er 13.000 zijn. Na alle investeringen voor autoverbindingen was er simpelweg geen budget meer voor goede infrastructuur. Een oproep is daarom om de functie van de Amsterdamse brug te heroverwegen en hier ruimte te geven aan fietsers, voetgangers en ov. Dit geeft kans om veiligheid en ruimte te creëren voor de fietsers, maar ook om bredere maatschappelijke baten te realiseren.
Deze variant is recent nog uitvoerig onderzocht en de voordelen zijn overtuigend: langere levensduur van de brug, stillere en schonere omgeving, betere doorstroming van ov en meer veiligheid en comfort voor fietsers en voetgangers. --Ernst-Jan de Groot spreekt in op persoonlijke titel over 11. Brandstofverspilling door GVB-veerponten. Inspreker DE GROOT is ondernemer in scheepvaart en scheepsbouw. Vandaag vraagt hij aandacht voor de jaarlijkse verspilling van een miljoen liter diesel en grote hoeveelheden groene stroom door de veren van het GVB. Dit gebeurt door de gewoonte om de ponten met de schroeven tegen de kant geduwd te houden, zo’n 43000 uur per jaar. Volgens onderzoek van TNO uit 2020 is het aandeel uitstoot van veerponten en passagiersschepen 40% van alle modaliteit in Amsterdam van het fijnste en meest
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
schadelijke fijnstof PM2.5. Passagiersschepen maken sinds 2020 steeds vaker gebruik van walstroom in plaats van generatoren en het aandeel van uitstoot van het GVB is alleen maar toegenomen. Sinds 2014 is hier herhaaldelijk op gewezen, maar GVB dreigt de verspilling zelfs te automatiseren met een automatisch positioneringssysteem dat de pont op de plaats moet houden. Het GVB verergert onnodig netcongestie door de veren 3 minuten per uur met heel vermogen te laden terwijl dit ook 42 minuten per uur zou kunnen met een fractie van dit vermogen. Als gevolg hiervan staan er nu 24 uur per dag dieselmotoren te draaien bij ondernemers die springen om capaciteit. Lid DE VOS heeft de inspreker horen zeggen dat de wens om automatisch te kunnen afmeren in de aanbesteding is terechtgekomen. Dit gebeurt echter met een ander systeem dan de inspreker voor ogen heeft, begrijpt lid de Vos. Kan de inspreker het verschil toelichten? Inspreker DE GROOT legt uit dat automatische aanmeersystemen die ervoor kunnen zorgen dat de motoren geheel uitgeschakeld kunnen worden, bestaan uit hydraulische armen en leiden tot nihil brandstofgebruik. Nu wordt een systeem voorgesteld dat met heel veel elektronica en sensoren met veel energie het schip probeert op zijn plek te houden. Lid DE VOS vraagt of het mechanische systeem al ergens in gebruik is en of dit succesvol is.
Inspreker DE GROOT weet dat de TESO tussen Den Helder en Texel in 2013 met een vacuümsysteem is begonnen. Het gaat om maatwerk omdat iedere situatie anders is, maar intussen zijn er in Kiel, Gorkum, Deventer en nog een aantal plaatsen veren in gebruik die op de momenten dat geen energie gebruikt hoeft te worden, dit ook niet doen. --Arjan Wiering spreekt in namens Vrienden van het Flevopark over 13. Mogelijke kaalslag in het Flevopark Inspreker WIERING stelt dat het Flevopark zich onderscheidt van andere parken; een verbindingszone tussen de Diemerscheg en het Waterland in Noord. De bosrand aan het Nieuwe Diep zal verdwijnen als de plannen van het waterschap doorgaan. De dijkverbetering is nodig, maar het gaat erom welk traject wordt gekozen. Het waterschap wil de dijk direct aan de oever verhogen. Voor deze variant moeten meer dan 250 bomen worden gekapt. Het is beter om voor een variant te kiezen die de bestaande paden volgt die net achter de oever liggen. Hiermee blijft het natuurlijke karakter van het park beter bewaard. Het college legt de beslissingsbevoegdheid geheel bij het waterschap dat over de veiligheid gaat, maar de raad is eigenaar van het park en zou zich hard kunnen maken voor een uniek stuk park in Amsterdam. Als de plannen doorgaan, zullen de biodiversiteit en de natuurbeleving in hoge mate afnemen.
Een moerasbos is een ambitie van de gemeente Amsterdam en de raad wordt gevraagd verantwoordelijkheid te nemen en zelf een besluit te nemen. De Vrienden van het Flevopark nodigt de commissie graag uit voor een rondleiding en de inspreker heeft folders meegebracht van het park. Lid DE VOS vraagt wat het voor het park als geheel betekent als voor de nu voorliggende variant wordt gekozen. Inspreker WIERING vreest dat het een plat aangeharkt park wordt, een soort Oosterpark 2.0. Hiervan zijn er genoeg in Amsterdam. Het Flevopark heeft een unieke bosrand en moet zijn eigen karakter blijven behouden. De dijkverbetering is ook nodig voor recreatie, maar de vraag is of hierbij plaats blijft voor een optimale natuurbeleving. Lid VEENHOFF maakt graag gebruik van de uitnodiging. Stadsdeel Oost heeft ook geadviseerd om het park zo groot mogelijk te houden. Hoe groot is het gebied waar het om
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
gaat ongeveer? Heeft de inspreker het idee dat de aanbeveling voor een groot park leidend is geweest in de keuze? Inspreker WIERING zegt dat het onduidelijk is waarom het waterschap gekozen heeft voor de eerste variant. Volgens het waterschap moet niets van het park verloren gaan, maar dat willen de Vrienden van het Flevopark ook niet. Door de nieuwe vegetatie die de komende decennia zal ontstaan, zal niets van het park verloren gaan. Er zou juist meer biodiversiteit ontstaan. Twee onafhankelijke ecologen staan achter het plan van de Vrienden en het is onbegrijpelijk waarom voor de variant van het waterschap wordt gekozen. --Goos van der Sijde spreekt in op persoonlijke titel over 13. Mogelijke kaalslag in het Flevopark. Inspreker VAN DER SIJDE is al heel lang betrokken bij het Flevopark en hij is lid van de werkgroep Ecologie en Natuur van de Vrienden van het Flevopark. Zoals de vorige spreker al aangaf, is het Flevopark een uniek park. De oever van de Nieuwe Diep is heel bijzonder met natte natuur, een moerasbos en steeds ouder wordend geboomte en struikgewas. Een combinatie waar allerlei diersoorten op af komen. Met het aanleggen van een dijk langs de oever zoals het waterschap wil, verdwijnt dit allemaal. Met de variant die eerder een van de alternatieven van het waterschap was, wordt het alleen maar mooier en verdwijnt geen vierkante meter park.
Met de oevervariant moeten over de lengte van 700 m. 10 m. breed alle bomen worden gekapt, de zaak moet ontgrond en ontwortel worden door het uitgraven van wortelpakketten. Dit is een enorme klus en de grond is waarschijnlijk ook verontreinigd aangezien het park ooit is opgehoogd met slib uit de Coenhaven. De herplantplicht voor de kap van 250 bomen levert ook problemen op. In het park zelf ontbreekt de ruimte om ze te vervangen. Hopelijk neemt de gemeente verantwoordelijkheid en laat de beslissing niet alleen bij het waterschap. --Maria Lisa de Vries spreekt in op persoonlijke titel over 16. Discussienota gifvrije tulpen uit Amsterdam. Inspreker DE VRIES wil haar beklag doen over de tulpenbakken voor de school van haar zoon op het Karel Doormanplein in Bos en Lommer. Deze worden geplukt en vernield waardoor het gif op de handen en in de monden van de kinderen terechtkomt. De oproep is om biologische bollen te gebruiken en met een educatief programma te komen, omdat er een betekenis zit aan het breken van bloembollen. De inspreker heeft liever dat de kinderen worden beschermd dan dat er mooie bloemen worden neergezet. In het Erasmuspark staan deze tulpenbakken er ook en hier contrasteren ze nogal met de bijzondere bijensoorten die een biologisch bollenveldje hebben gekregen.
De vraag is wat deze bakken in de stad doen en waaraan de burger meebetaalt aan het onnodig vergiftigen van de kinderen en de insecten. Lid VAN PIJPEN vraagt of de inspreker met de school en de speeltuin heeft gesproken. Inspreker DE VRIES heeft met beide gesproken en ze vonden het fijn dat vandaag werd ingesproken. De school is niet geraadpleegd, maar met een schoolplein zou hier wel rekening mee gehouden kunnen worden. --Edwin Oudemans spreekt in namens Grootouders voor het klimaat over 16. Discussienota gifvrije tulpen uit Amsterdam.
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
Inspreker OUDEMANS licht toe dat hij deel uitmaakt van een groep van grootouders die zich zorgen maken over de wereld die wordt achtergelaten voor de kleinkinderen. De gemeente blijft vergunningen afgeven voor evenementen als het Tulpenfestival en de Nationale Tulpendag terwijl de schadelijke gevolgen van de huidige bollen- en tulpenteelt al lang bekend zijn. Overal staan giftige bollen. Door veelvuldig gebruik van pesticiden holt de biodiversiteit achteruit, wordt de gezondheid bedreigd en blijft het klimaat onverminderd onder druk staan. Het gevoel van urgentie komt voort uit liefde voor de kinderen en kleinkinderen en de zorg voor de wereld waarin zij opgroeien. Er wordt gestreefd naar een samenleving waarin econome activiteiten in balans zijn met de natuur en waarin gezondheid en duurzaamheid vanzelfsprekend zijn en daarom worden vraagtekens gezet bij de festivals waar nog steeds tulpen vol pesticiden worden aangevoerd, vervoerd door vervuilende middelen en na afloop weer worden afgevoerd. De gemeente belooft al sinds 2013 om meer biologische bloembollen in openbare ruimten te plaatsen. Een oproep is om bij het goedkeuren van evenementen structureel rekening te houden met de impact op het milieu, gezondheid en toekomstige generaties. Lid DE VOS vraagt wat het met de inspreker en kinderen doet als zij bakken met tulpen zien staan.
Inspreker OUDEMANS stelt dat het lastig is om ze te vermijden omdat ze overal staan. Met de insecten die zijn verdwenen, valt het hele ecosysteem in elkaar en hiermee valt ook de natuur en alles wat gezond is weg. De bakken zijn buitengewoon confronterend en het is erg jammer dat de gemeente de kans mist om een statement te maken met echt biologische bollen en de tulpenstad Amsterdam als zodanig te vieren. De inspreker hoopt dat de schadelijkheid van de bollen wordt erkend en dat hier rekening mee wordt gehouden in het verlengde van de vergunningen. De VOORZITTER schorst de vergadering voor een korte pauze. 2.c Actualiteiten De VOORZITTER heropent de vergadering. Er zijn geen actualiteiten. 2.e Rondvraag Lid VAN PIJPEN constateerde vorige week dat een boom bij haar huis en in de rest van de wijk flink werd gesnoeid en dezelfde dag hoorde zij dat ook in de rest van de stad werd gesnoeid, gekandelaberd en zelfs gekapt en ook in door bewoners beheerd groen. Zij heeft hierover melding gemaakt en haar werd verteld dat volgens de Natuurbeschermingswet het nu is toegestaan om in het hele jaar te snoeien mits vogels worden beschermd. In stadsdeelcommissie Zuid heeft gisteren een debat plaatsgevonden waarin veel vragen over het Vondelpark zijn gesteld. De wethouder wordt gevraagd om de antwoorden op deze vragen over het Vondelpark met de raad te delen.
Hoe kijkt de wethouder aan tegen snoeien in deze periode en is zij bereid om kritisch te kijken naar of en wanneer wordt gesnoeid en gekapt? Wordt aangifte gedaan als blijkt dat uitvoerders vogels hebben verstoord en/of verjaagd en bomen hebben gesnoeid die niet gesnoeid mogen worden? Wethouder VAN DER HORST herkent de zorg en is net als lid Van Pijpen begaan met het lot van broedende vogels. De gemeente houdt zich aan wet- en regelgeving van de Wet natuurbescherming en de gedragscode Flora en Fauna Amsterdam. Het is noodzakelijk dat ook jaarrond snoei- en kapwerkzaamheden uitgevoerd worden vanuit veiligheid aangezien er vanuit de Wet aansprakelijkheid ook een zorgplicht is. De
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
beantwoording van de vragen die in de stadsdeelcommissie zijn gesteld, zullen worden gedeeld met de raad, zodat op basis hiervan wellicht het gesprek verder kan worden gevoerd. De wethouder wil niet vooruitlopen op het wel of niet nemen van juridische stappen. Op dit moment is niet bekend dat buiten de regels is getreden. Bespreekpunten Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit 3. Beschikbaar stellen investeringskrediet voor project Vervangingsonderhoud IJtunnel Nr. VN2025-004543 Lid NOORDZIJ gaat in op ingrijpend onderhoud dat veel impact op de stad heeft. Welke lessen zijn getrokken uit de werkzaamheden bij de Piet Heintunnel? De werkzaamheden worden afgestemd met de stadsregisseur. Is er ook afstemming met nooden hulpdiensten? Op basis waarvan zijn de buffers vastgelegd en verwacht de wethouder dat deze voldoende zullen zijn? Wordt ook rekening gehouden met andere wegingrepen, zeker als het gaat om Centrum en Noord? Wat betekent het voor het ov en de toegankelijkheid op de stations? P+R wordt gestimuleerd terwijl eerder bekend werd dat P+R in Noord gedeeltelijk wordt gesloten. Lid HAVELAAR dankt voor de antwoorden op zijn technische vragen. Het project wil graag verkeer verminderen en spreiden tijdens de ingrijpende onderhoudswerkzaamheden. Een advies is om met name te kijken naar de laad- en los tijdvensters in de stad om drukte te spreiden en te verminderen.
Wethouder VAN DER HORST bevestigt dat het project grote impact zal hebben, maar het moet gebeuren om de tunnel te blijven gebruiken. Er zijn lessen getrokken uit de Piet Heintunnel. In de plannen is voldoende tijd opgenomen voor het testen, opleiden en het indienststellingsproces. Ook wordt nog meer aandacht besteed aan het creëren van voldoende ruimte om veilig te kunnen werken. Er is afgestemd met de nood- en hulpdiensten die tijdens spoedritten gebruik kunnen maken van de tunnel. De sluiting van de IJtunnel zal wel echt effect hebben op verkeer in en om de stad. Hierover is afstemming geweest met de stadsregisseur. De uitvoeringsvensters zijn op hoofdlijnen bepaald en met ervaringsdeskundigheid is bekeken of projectstappen die bepalend zijn voor uitvoeringsplanning binnen de tijd gerealiseerd kunnen worden. Er heeft afstemming plaatsgevonden met de werkzaamheden in Noord en Centrum. De corridors in het verkeersnetwerk zullen beschikbaar blijven. Het ov zal drukker worden, maar de Noord/Zuidlijn zal dit goed kunnen opvangen. P+R’s zullen vrij snel vol staan en in gesprekken met andere gemeenten wordt bekeken of wat verder weg ruimte kan ontstaan. Ondernemers willen ook graag over de venstertijden spreken, ook in relatie tot de werkzaamheden in de IJtunnel. Er is afgesproken om gezamenlijk te kijken naar wat werkbaar is.
De wethouder is bereid om hierover binnenkort een terugkoppeling te geven. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld en kan worden gehamerd in de raad. Openbare Ruimte en Groen 4. Initiatiefvoorstel van het lid Van Pijpen getiteld ‘Groencoöperaties: Voor Duurzaam & Democratisch Vergroenen van Amsterdam’ Nr. VN2025-004376 Lid VAN PIJPEN stelt dat iedereen in de buurt baat heeft bij kwalitatief groen en de noodzaak voor vergroening leeft breed onder bewoners. 86% van de Amsterdammers wil meer groen in de stad. Er kunnen meer kansen worden benut dan nu wordt gedaan. De verhouding tussen bewoners, ondernemers en gemeente is niet evenwichtig. Verder zijn er
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
plekken waar de eigenaar zelf niet de inzet kan hebben om te vergroenen, maar er ook niet tegen is en misschien wel een financiële bijdrage wil leveren. Voorbeelden zijn bedrijventerreinen, kale tuinen van zorginstellingen, grasvelden bij complexen van woningcorporaties. Een groencoöperatie biedt een duurzaam en democratische vorm om te vergroenen van zowel de publieke als de private ruimte. In Nieuw-West is een groencoöperatie en het voorstel is om hiermee te experimenteren. Lid STAARTJES constateert dat wat geld is gevonden in de coalitiemiddelen, maar hij is benieuwd hoeveel een initiatief kost zoals lid Van Pijpen voorstelt. Lid VAN PIJPEN kan voor een experiment en vanuit haar positie als raadslid niet helemaal precies zeggen hoeveel dit kost. In haar bijdrage zal zij hierop terugkomen met verwijzing naar het eerdere amendement ‘Recht op vergroenen’. Lid STAARTJES heeft het bestaande initiatief in Nieuw-West bezocht en dit wordt geëvalueerd. Wat voegt het voorstel van lid Van Pijpen aan deze evaluatie toe? Lid VAN PIJPEN is blij met het initiatief en de evaluatie. Het gaat hierbij om een werknemerscoöperatie, mensen die lid zijn werken in het groen. In het voorstel van GL kunnen ook bewoners en ondernemers lid worden van de coöperatie om op deze manier een bijdragen te kunnen leveren en invloed kunnen hebben.
Lid BILGIN weet dat er in de stad verschillende groepen vrijwilligers zijn die groen in een bepaald gebied onderhouden, een voorbeeld hiervan is de Oeverlanden die een vereniging kent. Is het initiatiefvoorstel iets dat deze vereniging kan helpen en ook langdurig financieel kan ondersteunen? Lid VAN PIJPEN denkt dat dit zou kunnen. Een coöperatie biedt enerzijds de kans om meer financiën binnen te brengen van bedrijven of ondernemers en anderzijds kunnen werkzaamheden worden verricht. Lid DE VOS memoreert dat eerder is gesproken over privaat geld voor groen. Als het op stedelijk niveau zou gebeuren, was hiervoor een kader nodig. Is dat ook hier van toepassing? Lid VAN PIJPEN zegt dat het niet zo moet zijn dat wie betaalt bepaalt en daarom is een van de belangrijkste kenmerken van deze coöperatie de gelijkwaardigheid van alle deelnemers. Lid NORBRUIS vraagt of de coöperatie ervoor open staat om te financieren middels vrijwillige CO₂-compensatie door omliggende bedrijven. Lid VAN PIJPEN begrijpt deze vraag niet in relatie tot de groencoöperatie. Het gaat erom dat deelnemende ondernemers middelen inbrengen om deel te nemen aan de coöperatie. Commissie Lid VAN PIJPEN dankt voor de (snelle) bestuurlijke reactie. Op drie punten wijkt deze af van het voorstel. De eerste is dat er geen gelijkwaardigheid is bij de openbare ruimte.
In juridische zin is dit wellicht zo, maar het gaat om het gedrag. De insteek is dat die er in het gedrag wel is. De tweede is de financiën waarop zojuist al op gereflecteerd is door te verwijzen naar een eerder amendement. Ten derde was het voorstel om de gezonde stad te vragen deel te nemen, maar de positie van de gemeente dat hiervoor een breder perspectief geldt, is begrijpelijk. Lid STAARTJES vraagt of KLM of Booking.com ook lid zouden mogen worden van de coöperatie.
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
Lid VAN PIJPEN antwoordt dat als KLM vervolgens een van de startbanen wil vergroenen dit een uitstekende optie is waar lid Van Pijpen zeker over wil nadenken. Lid STAARTJES vraagt wat er gebeurt als binnen de coöperatie democratisch wordt besloten dat dit niet hoeft. Lid VAN PIJPEN zegt dat het erom gaat dat mensen in hun eigen buurt beschikbaar zijn en daarom heeft zij het voorbeeld van de startbaan genoemd. Als KLM serieus werk wil maken van vergroenen, kan zij beginnen met startbanen. Lid NORBRUIS vindt vergroenen samen met de stad een goed idee en D66 steunt het voorstel. Kijkt het college bij de evaluatie naast de punten die worden genoemd in het voorstel ook naar de impact van de inzet, kosten versus baten en wordt naast de hoeveelheid groen ook gekeken naar de staat van het groen? Lid NOORDZIJ dankt lid Van Pijpen voor het voorstel en benadrukt dat eigenaarschap een belangrijk onderdeel is van het groen. Het moet wel een toegankelijk proces blijven. Kan ook meegenomen worden wat dit doet met de kosten en wat verder kan worden gedaan om het groen te beheren? Het zou mooi zijn om dit voorstel te verbinden met klimaatadaptatie, omdat groen een zeer belangrijk onderdeel is van klimaatadaptatie. Lid VAN PIJPEN hoort lid Noordzij een opmerking maken over kostenbesparing en zij vraagt of het niet vooral moet gaan over het verbeteren van het groen.
Lid NOORDZIJ bevestigt dit, maar tegelijkertijd ligt er een heel grote opgave wat betreft het verbeteren van groen in de stad en over het beheer hiervan. Daarom is hij benieuwd of het geld bespaart, zodat het groen ook op andere plekken in de stad kan worden verbeterd. Lid HAVELAAR vindt het voorstel te bureaucratisch en te duur. Hij geeft het geld liever aan een initiatief als het Plukbos waar vrijwilligers en jongeren die een maatschappelijke diensttijd vervullen samen een stukje groen onderhouden. Lid STAARTJES zegt dat VVD het voorstel ook niet zal steunen vanwege ongeveer dezelfde redenen als zijn voorganger. Het is mooi als bewoners en ondernemers zich verenigen, maar dat kan ook via een andere rechtsvorm gaan. College Wethouder VAN DER HORST dankt de initiatiefnemer voor het voorstel en zij denkt dat het goed is om hier mee te experimenteren. De stad heeft een grote vergroeningsopgave en mensen hebben ook de behoefte om dit samen te doen. Soms lukt het om zelf iets op te zetten en te organiseren en soms is het fijn om hierbij coördinatie en hulp te krijgen. Bij de evaluatie moet wel worden bekeken hoeveel het kost en wat het oplevert en dan gaat het bij opleveren ook over het samenkomen van bewoners en kwaliteit van het groen. Door de opstartkosten zal een project in het begin wat duurder zijn.
Wat betreft kosten en dekking is het een logische denkrichting om ook te kijken naar het vorige voorstel ‘Recht op vergroenen’. Het is altijd mooi om een combinatie te maken met klimaatadaptatie, maar door alle opgaven te verbinden, gaat de gelijkwaardigheid weer verloren. Vaak willen mensen die geïnteresseerd zijn in groen ook graag een bijdrage aan klimaatadaptatie leveren, maar dit moet niet dwingend worden. Lid NOORDZIJ ziet een aantal knelpunten in de aanpak van de klimaatadaptatie en hij kan zich voorstellen dat deze wordt meegenomen in de keus waar een pilot wordt gedaan.
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
Wethouder VAN DER HORST kan zich voorstellen dat deze informatie actief wordt ontsloten aan bewoners, maar dat uiteindelijk de keuze aan hen is. Lid VAN PIJPEN benadrukt dat het erom gaat dat plekken worden vergroend die nu niet groen zijn of niet biodivers zijn. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken en dat het voorstel doorgaat naar de raad van juni. 5. Bespreken van de raadsinformatiebrief knelpuntenaanpak klimaatadaptatie en de afdoening van twee moties Nr. VN2025-004374 Lid NORBRUIS vindt het document een goede stap om inzichtelijk te maken waar actie nodig is en wat ervoor nodig is. Het is echter spijtig om te concluderen dat er geen geld voor is en het is belangrijk om naar mogelijkheden te blijven zoeken om dit toch te financieren. Van de meest urgente gebieden, Slotervaart, Zuid, Buiksloot en Bijlmer Oost, zijn twee masterplanbuurten. Is er wellicht vanuit deze kant subsidie mogelijk? Eerder is het gelukt om vanuit het klimaatfonds 2,5 miljoen euro te onttrekken voor klimaatadaptatie. Voor de overige buurten is nog niet inzichtelijk gemaakt wat nodig is qua maatregelen en kosten en het zou verstandig zijn om hier meer inzicht in te krijgen en ook om inzichtelijk te maken wat de maatschappelijke kosten zijn van potentiële klimaatschade door niets te doen, van uitstel en te lang wachten.
De wethouder wordt verzocht om dit in de volgende update mee te nemen. Een oproep is om creatief te kijken naar de openbare ruimte en functies te koppelen door aan bijvoorbeeld speelplaatsen klimaatadaptatief waterdoorlaatbare gronden toe te voegen of bijvoorbeeld te bekijken hoe via extra pierenbadjes water kan worden opgevangen waar dit nodig zal zijn in de toekomst. Lid DE VOS constateert dat de top-14 die voorligt evenwichtig tot stand is gekomen. Enerzijds zijn klimaatrisico’s in kaart gebracht, anderzijds is ook gekeken naar de draagkracht van bepaalde buurten. Noord, Nieuw-West en Zuidoost zijn kwetsbare buurten en de vraag is wanneer actie wordt ondernomen. De eerste maatregelen kosten 15 miljoen euro, maar dit geld is er niet. De wethouder heeft met de Deltacommissaris vanuit het Rijk recent Noord bezocht. Is het misschien mogelijk om financiën uit Den Haag te krijgen voor de klimaatadaptatieve maatregelen? Lid VAN PIJPEN vraagt ook of er meer middelen vrijgemaakt kunnen worden om de knelpunten aan te pakken, bijvoorbeeld uit de rioolheffing. Hoe kunnen de lessen van het doorlopen van de analyse bij de drie genoemde projecten worden geborgd in het dagelijkse werk van andere projecten? Lid NOORDZIJ sluit zich aan bij voorgaande sprekers. Wethouder VAN DER HORST is tevreden met het scherpe inzicht en dat de sociale componenten zijn meegenomen.
Het is een gericht middel om straks te gaan investeren. Het is niet vreemd dat het geld er op dit moment niet is nu dit onderzoek is afgerond, omdat dit geld wordt uitgegeven in de stad. Wel is duidelijk wat er nodig is en dit zal helpen om richting de volgende periode de discussie hierover te voeren. Eerder zijn subsidies binnengekregen voor klimaatadaptatie en ook wordt geprobeerd vanuit Den Haag middelen binnen te halen. Er wordt bekeken waar onderhoud nodig is en op dit moment is deze noodzaak er niet onmiddellijk in deze buurten. Bij al het groot onderhoud, worden klimaatopgaven standaard meegenomen. Groene daken worden deels gefinancierd uit rioolheffing en deze dekking wordt meegenomen. Voor de volgende coalitieperiode wordt nu al inzichtelijk gemaakt wat de lange termijnbenodigdheden zijn. Er wordt onderzoek gedaan naar de kosten van klimaatadaptatie op lange termijn waarbij ook aandacht is voor de kosten van potentiële schade voor als niets wordt gedaan en er is een onderzoek over vermeden kosten bij wel ingrijpen.
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
Lid DE VOS verzoekt om het onderwerp – indien mogelijk - te piepen naar de eerstvolgende raad, omdat de PvdD meent dat niet snel genoeg kan worden begonnen. De VOORZITTER deelt mee dat dit in het presidium wordt besproken. Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit 6. Bespreken van de raadsinformatiebrief Luchtkwaliteit in Amsterdam waarin de resultaten uit de Monitoringsrapportage MLK 2024 (bijlage 2) en de Monitor Actieplan Schone Lucht 2024 (bijlage 3) worden toegelicht. Nr. VN2025-004372 Lid MOESKOPS heeft het altijd vreemd gevonden dat deelauto’s eerder geëlektrificeerd moesten worden dan personenauto’s, maar dit is nu eenmaal afgesproken. Het uitstellen van de datum waarop alle Amsterdamse deelauto’s volledig uitstootvrij moeten zijn, komt doordat het niet lukt om voldoende laadcapaciteit aan te bieden. In de brief wordt gesteld dat een enkele laadpaal op een enkele plek voor een deelaanbieder niet rendabel zou zijn, maar in andere steden staan dubbele laadpalen met aan de ene kant een deelauto en aan de andere kant een gewone auto en dat schijnt wel degelijk rendabel te kunnen zijn. De laadpalen worden nu vrijgemaakt voor gewone auto’s, maar waarom worden deze plekken niet voor alle deelauto’s met een vaste plek gemaakt? In deelauto’s die nu al geëlektrificeerd zijn, is veel geïnvesteerd en hieraan wordt voorbijgegaan en ook wordt delen minder aantrekkelijk gemaakt.
Lid IJMKER denkt dat het goed nieuws is dat de WHO-normen in 2023 voor het eerst zijn gehaald. Er zijn nieuwe Europese waarden vastgesteld, is dit het nieuwe doel? Net als lid Moeskops, vraagt lid IJmker zich ook af of de gemeente er alles aan heeft gedaan om de laadcapaciteit op orde te krijgen. Een tweede vraag is of de aanbieders er alles aan hebben gedaan. Het is ingewikkeld wat betreft concurrentie dat verschillende aanbieders er anders in staan en het lijkt erop dat sommige hun best hebben gedaan en andere niet. Laadpalen op vaste plekken kunnen eventueel – zoals de inspreker aangaf – bijdragen aan het oplossen van netcongestie. Een goede mix van vaste plekken en zones zijn belangrijk. Wellicht kan dit meegenomen worden in het aangekondigde onderzoek. Lid BILGIN heeft er vraagtekens bij over de manier waarop Amsterdam aan de aangescherpte normen voor 2030 wil voldoen. De plannen van de gemeente zijn sterk gebaseerd op het uitstootvrij maken van personenauto’s in 2030, maar het kabinet zal hiervoor waarschijnlijk geen wettelijk kader creëren. De uitstootvrije zones die onlangs zijn ingevoerd voor vrachtauto’s en bestelbusjes leveren veel knelpunten op waardoor ondernemers het centrum mijden. Door netcongestie is het bovendien moeilijk om toereikend laadnetwerk te realiseren.
Voor deelauto’s is de afweging om de elektrificatie uit te stellen duidelijk hoewel ondernemers die hebben geëlektrificeerd dit wellicht niet begrijpen, maar de elektrificatie heeft niet geleid tot een goed dekkend deelautosysteem. Er zijn grote delen van de stad waar nog geen of onvoldoende deelauto’s beschikbaar zijn. Lid Bilgin zou er voorstander van zijn om dezelfde criteria te hanteren voor deelauto’s en personenauto's. Een uitstootvrije zone is geen verplichting vanuit de EU en de wethouder wordt gevraagd of geen andere aanpak nodig is, omdat geheel uitstootvrij in 2030 waarschijnlijk niet zal gaan lukken. Zou het niet handiger zijn om in te zetten op milieuzones en hierbij richting het Rijk te pleiten om hierin benzineauto’s op te nemen, omdat benzine en diesel steeds schoner worden? Verder blijft het belangrijk om het ov-aanbod te versterken. Wethouder VAN DER HORST vond het ook een moeilijk besluit, maar bij bijvoorbeeld de uitstootvrije zone voor busjes is uiteindelijk ook gekozen voor 2025, maar is wat ruimte gegeven om in te groeien. Ook hier wordt voor een overgang- en ingroeimodel gekozen. Alle nieuwe auto’s moeten wel uitstootvrij zijn, alleen krijgen degene die al rijden iets meer tijd. De wethouder probeert pragmatisch te zijn, omdat het anders niet lukt. Een
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
aantal aanbieders beslaat een derde van de markt en het zou behoorlijke consequenties hebben als wordt volhard in het oorspronkelijke plan. De vaste plaatsen voor deelauto’s worden niet losgelaten, er is gekozen voor een combinatie. De branche heeft ook aangegeven er begrip voor te hebben dat het niet haalbaar is om alleen met vaste plaatsen te werken en deze op te schalen. Er wordt onderzoek naar gedaan hoe publieke laadpalen exclusief te stellen voor deelauto's. Dit gaat dan om een laadplein voor deelauto’s waar bijvoorbeeld een aantal parkeerplaatsen met laadpunten komen waar deelauto’s exclusief mogen parkeren. Voor de pilot zijn locaties gevonden in de Sluisbuurt in Oost. Lid MOESKOPS is zelf fervent gebruiker van een deelauto op een vaste plek. Het grote probleem bij het scheiden van parkeerplaatsen van de laadplek is dat voor een centrumbewoner 90% van de aantrekkelijkheid verloren gaat, namelijk het rondjes blijven rijden om een parkeerplaats te vinden en of een laadplek. Zij heeft letterlijk haar auto de deur uitgedaan, zodat zij niet meer hoefde te zoeken naar een parkeerplaats en zij denkt dat dit voor meer mensen in gebieden met een hoge parkeerdruk geldt. Wethouder VAN DER HORST begrijpt dit en daarom wordt de vaste plek ook niet overal losgelaten.
Lid MOESKOPS leest dat de 850 plekken waar nu wel laadinfrastructuur is, worden vrijgegeven voor gewone auto’s, dus dat voor alle vaste elektrische plekken apart een laadlocatie moet worden gezocht. Wethouder VAN DER HORST legt uit dat er een situatie zal bestaan waarin er geen vaste plekken zijn. Op de plekken van benzineauto’s die in de toekomst elektrisch moeten worden, is niet overal de mogelijkheid om laadpalen neer te zetten. Voor de plekken waar al een laadpaal staat, blijft deze bestaan. Lid MOESKOPS leest voor dat de bestaande 450 vaste standplaatsen met een laadpunt per 1 januari 2028 komen te vervallen. Dit betekent dat er op die datum geen vaste standplaatsen meer zijn met een vast openbaar laadpunt. Is dit niet het volledig loslaten van laadvoorzieningen op vaste parkeerplaatsen? Wethouder VAN DER HORST bevestigt dat dit op termijn de situatie zal zijn, maar dit zal nog wel even duren. Voor benzineauto’s geldt ook dat er gewoon moet worden getankt en met elektrisch moet hier ook naartoe, omdat het systeem anders niet houdbaar is in de toekomst behalve als hier meer geld bij komt. Om te voorkomen dat plekken heel lang bezet zijn of niet bezet zijn, maar vrijgehouden moeten worden, wordt gekeken naar plekken die alleen beschikbaar zijn voor deelauto's, maar dit zijn niet per se vaste plekken. Dit zullen er genoeg moeten zijn.
Lid WIJNANTS concludeert dat het station-based model ingewikkeld blijft voor deelauto's. Sinds 2011 wordt al volledig elektrisch gereden door deelauto’s. Hij is het eens met de wethouder dat het systeem van free-floating meer mogelijkheden biedt. Het is de vraag welk deel bij de bedrijven ligt. Wethouder VAN DER HORST zegt dat dit nu wordt onderzocht en hierop komt zij terug. Naast free-floating is er ook zone-floating. Als er een parkeervergunning wordt verstrekt voor de hele stad, worden de ritten vooral in de stad gemaakt en als er meer met vaste locaties in de buurt wordt gewerkt, gaat het vaak om grotere ritten buiten de stad. Deelauto’s zullen een heel grote rol spelen in de transitie, maar op dit moment gaat dit te langzaam. Lid KOYUNCU vindt free-floating heel belangrijk, met name op het moment dat de deelauto een onderdeel is van een rit, ook voor de mensen in de buitenwijken die naar het centrum gaan. Hij roept de wethouder op om te kijken naar beide mogelijkheden. Wethouder VAN DER HORST stelt dat hier inderdaad naar wordt gekeken.
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
Uiteindelijk zal weer een plan gemaakt moeten worden voor de nieuwe doelen. Het is een interessante gedachte om naar de milieuzones te kijken. Wel is echt sprake van een transitie en heel veel bedrijven maken de overstap wel. Lid MOESKOPS verzoekt de brief over deelmobiliteit te piepen naar de raad. De VOORZITTER concludeert dat het agendapunt voldoende is besproken en dat het naar verwachting om een middellange behandeling in de raad zal gaan. Op verzoek van lid De Vos wordt agendapunt 13 (Flevopark) wordt doorgeschoven naar een volgende vergadering. 7. Bespreken van de raadsinformatiebrief met de resultaten deelfietsexperimenten en twee opties voor vervolg Nr. VN2025-004371
van
de
Lid HENDRIKS waardeert het dat de wethouder input van de raad vraagt voordat een besluit wordt genomen. Op de eerste en laatste kilometer van de reis loopt ov vaak stuk en hier kan micromobiliteit een oplossing bieden. Dit biedt bovendien meer duurzame keuzes om van a naar b te komen. Volt is daarom altijd voorstander geweest van het experimenteren van deelvervoer. Tot nu toe lijkt de deelfiets met name de toerist te bereiken, maar andere steden bewijzen dat het mogelijk is om naar 70% tot 80% niet toeristisch gebruik te komen. Volt heeft de afgelopen tijd met veel voor-en tegenstanders gesproken en heeft de technische sessie bezocht en na de afweging van allerlei belangen kiest Volt voor een stadsbrede uitrol waarbij een eerlijk speelveld wordt gecreëerd. Uit gesprekken blijkt dat goede afspraken gemaakt kunnen worden waardoor de toeristische verhuur geen concurrentie hoeft te zijn. Lid IJMKER vraagt of lid Hendriks wat eisen en voorwaarden kan benoemen waaraan de stadsbrede uitrol zou moeten voldoen. Lid HENDRIKS geeft voorbeelden als minimaal 70% niet-elektrisch gebruik, er kan geld worden gevraagd voor de openbare ruimte, in de eisen voor concessie kan inclusiviteit worden meegenomen, het centrumgebied kan worden uitgesloten van de concessie. Lid IJMKER wijst erop dat het niet om een concessie gaat. Het gaat om een vergunning waarop veel minder kan worden gestuurd.
Lid HENDRIKS verwijst naar Utrecht waar een concessie wordt gecombineerd met een vergunning en hij verzoekt het college om dit mee te nemen in een voorstel. Volt gebruikt het woord concessie omdat hierin kan worden gestuurd. Lid HAVELAAR vindt dat het na een paar jaar experimenteren met deelfietsen tijd is om ermee te stoppen. Het fijnmazige netwerk van fietsverhuurders en de bekende ovfiets vervullen de functie uitstekend. Amsterdam is een fietsstad waar meer fietsen dan inwoners zijn. De aanschafkosten ervan liggen laag. Lid DE VOS noemt het een slecht idee om deelfietsen over de stad uit te rollen. Amsterdam heeft een fietscultuur en de meeste mensen hebben minimaal 1 fiets. De uitrol zou leiden tot een verdere verrommeling van het straatbeeld. In de brief wordt gesproken over het ontlasten van het ov, maar tegelijkertijd wordt steeds gesproken over tegenvallende cijfers in het ov. Lid HENDRIKS vraagt of lid De Vos bekend is met het idee van de stationfiets. Lid DE VOS antwoordt dat de NS-fietsen een groot succes zijn en deze kunnen wat hem betreft uitgebreid worden, maar hij is geen voorstander van een ander kanaal hiernaast.
16
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
Lid HENDRIKS vraagt of er volgens lid De Vos voldoende ov-fietsen zijn. Lid DE VOS meent dat voortdurend wordt gewerkt aan uitbreiding hiervan en als dit niet het geval is, moet dit worden versneld. Lid HENDRIKS stelt dat er onvoldoende fietsen zijn en dat er een mooie toevoeging kan komen op plekken waar geen ov-fiets is. Lid DE VOS ziet dit anders. Lid IJMKER vraagt zich af welk probleem moet worden opgelost door deelfietsen en wat de doelen zijn. Deze doelen zijn volgens haar tweeledig: het vergroten van de bereikbaarheid van gebieden die minder goed ov hebben en minder druk op de openbare ruimte. GL is op dit moment niet overtuigd van nut en noodzaak van een dergelijk systeem met als belangrijke overweging dat er weinig sturingsmogelijkheden zijn om voorwaarden te stellen, omdat een concessie niet aan de orde is maar het om een vergunning gaat. Eind 2025, begin 2026 zal weer worden gesproken over de deelscooter en parallel loopt ook nog een discussie over het regionale systeem. Lid HENDRIKS corrigeert dat er helemaal niets voorligt. Volt heeft uitgelegd waarop zij zou willen inzetten. GL wil alles in samenhang behandelen. Betekent dit dat dan wellicht later wel voor deelfietsen kan worden gekozen? Lid IJMKER sluit dit niet uit. Het hangt hierbij wel af van de mogelijkheid om voorwaarden te stellen.
Het voorbeeld van Utrecht is in dit kader wel interessant omdat het lokaal via de APV wordt geregeld en regionaal via een concessie waardoor meer kan worden gestuurd op prijs en dekking van bepaalde gebieden. Lid HENDRIKS vraagt of lid IJmker het met hem eens is dat mensen pas overstappen als een alternatief beschikbaar is. Lid IJMKER bevestigt dit. Lid HENDRIKS vraagt of het dan niet jammer zou zijn als de transitie op pauze wordt gezet en dat opbouwwerk opnieuw moet gebeuren als ervoor wordt gekozen om het wel te doen. Lid IJMKER begrijpt dat de huidige vergunning in augustus 2025 afloopt en de vraag aan de wethouder is wat dit betekent voor het aanbod in de stad. Lid MOESKOPS ziet het doel van mensen verleiden om met het openbaar vervoer naar de stad te komen en die laatste kilometers comfortabel te reizen met de fiets. In theorie ziet zij wel mogelijkheden voor de deelfiets, maar er verandert veel op fietsgebied. De NSfietsen gaan elektrificeren, Utrecht ruilt de scooter in en de risico’s van deelfietsen in andere steden zijn bekend wat betreft openbare ruimte. Om een systeem te krijgen dat echt werkt, is het nodig om een goed aanbod neer te zetten. De suggestie is om even af te wachten wat er gebeurt in de nabije toekomst.
Lid HENDRIKS vraagt of lid Moeskops het gevoel heeft dat het experiment dat nu is gedaan in een klein gebied met een beperkte hoeveelheid echt heeft laten zien wat er mogelijk is. Lid MOESKOPS is hier niet van overtuigd, maar zij denkt dat er ook veel ideeën loskomen door nieuwe ontwikkelingen en er is geen behoefte om te experimenteren met de binnenstad van Amsterdam als het gaat om druk op de openbare ruimte.
17
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Conceptraadscommissieverslag, 17 april 2025
MOW
Lid WIJNANTS vraagt zich af of de huurfietsen de verrommeling van het straatbeeld verhoudingsgewijs negatief zouden beïnvloeden. In Amsterdam zijn er al heel veel fietsen. In andere steden in de wereld hebben deelfietsen een andere rol waar niet dezelfde fietscultuur bestaat en hier voegt het een enorme bijdrage aan de openbare ruimte toe. Deelfietsen in Amsterdam zijn waarschijnlijk niet rendabel te krijgen. Het feit dat aanbieders hier willen zitten, heeft te maken met de uitstraling van het merk en zij zijn waarschijnlijk bereid om verliesgevend aan te bieden om een Europese dekking te kunnen bieden. Hierbij opgeteld de impact die het heeft op bestaande fietsverhuurders, denkt lid Wijnants dat het verstandig is om het experiment met de deelfietsen niet voort te zetten. Lid NOORDZIJ wil de insprekers die over dit onderwerp hebben ingesproken bedanken. Bij de keus voor deelfietsen moet worden gekeken naar toegankelijkheid in brede zin. Deelmobiliteit is onderdeel van betaalbaar van a naar b kunnen in de stad, maar moet als geheel worden bekeken, in samenhang met deelscooters en elektrische fietsen. PvdA denkt niet dat het goed is om hier nu mee verder te gaan. Als deelfietsen op een gegeven moment wel worden ingevoerd, dan is het belangrijk dat zij aanvullend zijn en aansluiten op het ov en er niet ten koste van gaat.
Hoe kijkt de wethouder hiernaar? Lid HENDRIKS vraagt of PvdA op de hoogte is van welk percentage mensen met de fiets naar het ov reizen. Lid NOORDZIJ antwoordt dat hij begrip heeft voor de ‘last mile’ waarover vaak wordt gesproken met betrekking tot ov. Hierin heeft overigens de ov-fiets ook een belangrijk aandeel. Lid HENDRIKS heeft geïnformeerd naar de ‘first mile’. Lid NOORDZIJ weet niet om hoeveel mensen dit gaat. Lid HENDRIKS zegt dat dit ongeveer 50% is en een ov-fiets kan niet worden gebruikt om naar het ov te komen. Om meer mensen in het ov te krijgen, moet ervoor gezorgd worden dat mensen altijd naar het ov toe kunnen. Lid NOORDZIJ stelt dat de eerste stap de fijnmazigheid van het ov is en de volgende stap is dat de fiets hierin een heel belangrijk aandeel in kan hebben. Maar zoals vaker gezegd, is Amsterdam echt een andere stad dan andere Europese steden. Lid HENDRIKS zegt dat niet iedereen in Amsterdam een fiets heeft en vanwege het ontbreken van de fijnmazigheid van ov zou het handig om een deelfiets te hebben. Lid NOORDZIJ ziet deze mogelijkheid, maar komt op dit moment tot de conclusie dat het geen toegevoegde waarde heeft ten opzichte van andere varianten van deelmobiliteit. Wethouder VAN DER HORST neigt steeds meer naar het niet stadsbreed uitrollen van de deelfietsen.