20250416 WV conceptverslag
Tekst van het document
Lid AHMADI vraagt of lid Taj het met haar eens is dat nu de puinhoop moet worden opgeruimd die is veroorzaakt door veertien jaar VVD-beleid dat wonen in Nederland compleet teniet heeft gedaan, vervolgens heeft gesteld dat moet worden gebouwd maar hier geen geld voor uittrekt en hierna Nederland achterlaat om naar de NAVO te gaan waar ook nog wordt geprobeerd om Nederland een oorlog in te trekken.
18
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Woningbouw en Volkshuisvesting Concept-raadscommissieverslag, 16 april 2025
WV
Lid TAJ erkent dat dit de kern van het probleem is. De afgelopen jaren is er eigenlijk geen beleid geweest, maar is alles overgelaten aan de markt. Dit heeft geleid tot de huidige crisis en het wordt tijd om deze op te lossen. Het is niet alleen een Amsterdams probleem, maar een landelijk probleem. Wethouder SCHOLTES stelt dat het niet zo is dat gemeenten om meer geld vragen, maar dat ze niet willen dat 2,7 miljard euro korting op het gemeentefonds wordt doorgevoerd. Daarnaast worden gemeenten niet gecompenseerd voor de 400 miljoen euro door stijgende prijzen. In Amsterdam is de impact op woningbouw beperkter door het Vereveningsfonds. Tegelijkertijd zou het funest zijn voor het bouwen van een complete stad als het ravijnjaar werkelijkheid wordt. Ook zet Amsterdam zich in Den Haag in voor het terugbrengen van de grote tekorten in de Jeugdzorg. Tot nu toe zijn de signalen nog niet bemoedigend dat de vele gesprekken tussen gemeenten en overheid iets opleveren en er zijn grote zorgen. Het Vereveningsfonds zit inderdaad niet heel vol en dit komt omdat er een bewuste keuze is gemaakt dat Amsterdam een gemengde stad wil zijn. De woningbouw impulsen werken op zich goed en het zou funest zijn als deze wegvallen. Vooralsnog lijkt het erop dat het Rijk hiermee door zal gaan.
Waarschijnlijk hebben de partijen aan de linkerkant van de raad intensief contact met de partijen en het zou mooi zijn als de partijen die zijn vertegenwoordigd in het kabinet hetzelfde doen. Het is namelijk in het belang van Amsterdam in het kader van een gemengde stad met de nodige voorzieningen. Lid LOCHTENBERG heeft met voormalig GL wethouder Van Poelgeest gesproken die verbaasd was dat in het verleden vele miljoenen uit het Vereveningsfonds zijn gehaald. Woningnood is een van de grootste zorgen van Nederlanders en Amsterdammers. Zou de wethouder bereid zijn om de honderden miljoenen uit het Vereveningsfonds weer terug te storten? Wethouder SCHOLTES is waarnemend wethouder en het is niet aan hem om te reageren op een gesprek tussen lid Lochtenberg en een voormalig wethouder en het geld uit het Vereveningsfonds is volgens hem goed ingezet voor een gemengde stad met goede voorzieningen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken en schorst de vergadering voor een korte pauze. 13. Bespreken van de Raadsinformatiebrief en het bijbehorende document: de Jaarrapportage Woningbouw 2024 Nr. VN2025-004126 De VOORZITTER heropent de vergadering. Commissie Lid MINDERHOUD is blij dat eindelijk de gebiedsprofielen zijn bijgevoegd.
Uit het gebiedsprofiel van Nieuw-West blijkt dat een groot aantal gezinnen te krap woont terwijl regelmatig redelijk vaak kleine woningen worden toegevoegd aan de woningvoorraad. Kunnen de gebiedsprofielen sec voor de buurt, maar ook voor de stadsdelen worden toegevoegd aan de investeringsnota’s, zodat bij de bespreking van de investeringsnota’s goed inzichtelijk wordt of voldoende passende woningen worden gebouwd en of er een doorstroomfunctie optreedt wanneer bepaalde woningen worden gebouwd? Lid VON GERHARDT vraagt wat het antwoord van lid Minderhoud zelf is op de vraag of voldoende passende woningen worden gebouwd. Lid MINDERHOUD vindt het een lastige vraag. Regelmatig wordt ook gebouwd vanuit de financiële beperkingen om grondexploitaties rondgerekend te krijgen waarmee
19
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Woningbouw en Volkshuisvesting Concept-raadscommissieverslag, 16 april 2025
WV
niet altijd de juiste woningen gebouwd kunnen worden. Het is goed om te bespreken en om lokaal te bekijken wat nodig is, zodat hierin kan worden geschoven als dit noodzakelijk is. Lid VON GERHARDT vraagt of lid Minderhoud hiermee bedoelt dat meer naar lagere grondprijzen moet worden gekeken om hiermee te stimuleren dat woningen groter worden en dat misschien iets minder woningen per project worden gebouwd, maar wel groter. Lid MINDERHOUD wijst erop dat de wethouder al maatregelen heeft genomen over grondprijzen op aandringen van vele partijen in de gemeenteraad. Hij stelt voor om de effecten van deze maatregelen even af te wachten voordat hier weer in moet worden geschoven. Lid VON GERHARDT constateert uit de cijfers dat veel Amsterdammers en mensen die graag in Amsterdam zouden willen wonen geen huis kunnen vinden. Zeker in het middensegment gaat het helemaal mis. In 2023 zijn er 314 gebouwd, in 2024 waren het er ongeveer 1000 terwijl de ambitie 3000 woningen per jaar is. De achterstand is dus ongeveer 5000 huizen voor mensen die dolgraag in Amsterdam hadden willen wonen. Lid AHMADI vraagt hoe lid Von Gerhardt er tegenover staat als maatregelen genomen zouden worden om heel veel woningen in het middensegment te creëren en minder woningen in het duurdere segment. Lid VON GERHARDT antwoordt dat dit onbetaalbaar is. Het gaat nu al mis omdat er geen geld is.
Het vrije sectordeel is nodig om betaalbare woningen te kunnen bouwen. Lid AHMADI stelt voor om bestaande dure woningen middels een wet te verlagen tot middensegmentwoningen. Lid VON GERHARDT zegt dat dit klinkt als de Wet betaalbare huur en deze is totaal mislukt. Al deze woningen zijn nu verkocht en het hele middensegment is weg. Lid AHMADI vindt deze conclusie veel te voorbarig. Het is verdrietig dat lid Von Gerhardt altijd pleit voor middensegmentwoningen, maar als er daadwerkelijk maatregelen worden genomen om iets te verplaatsen uit het dure segment naar het middensegment staat hij hier niet voor open. Koopwoningen zijn volgens hem geen negatief onderdeel van de woningmarkt en lid Von Gerhardt is alleen geïnteresseerd in het handhaven van de dure sector. Lid VON GERHARDT vindt koopwoningen inderdaad heel goed. Er volgt een opsomming van wat er misgaat in Amsterdam. Het woonprogramma 40-40-20 is onhoudbaar. Dit zorgt ervoor dat projecten financieel niet meer haalbaar zijn, voor een leeg Vereveningsfonds waardoor geen complete stad kan worden gebouwd. De hoge grondprijzen die in de vrije sector worden gevraagd bij middenhuur leiden ertoe dat de middenhuur stagneert. De procedures zijn zeer lang en er is een tekort aan ambtenaren. Verder is er netcongestie en zijn er strenge Amsterdamse eisen voor middenhuur.
Lid MINDERHOUD wijst erop dat bij het Ingenieursbureau allemaal vacatures open staan die niet vervuld worden. Er is een personeelstekort, geen investeringstekort. Lid VON GERHARDT heeft ook geen schuldige aangewezen voor het tekort aan mensen, maar door de tekorten bij het Ingenieursbureau en bij het Projectmanagementbureau belanden projecten in de ijskast of moet langer worden gewacht dan nodig is. Dit zorgt er uiteindelijk voor dat minder snel kan worden gebouwd en dat projecten op dit moment niet door kunnen gaan. De conclusie is dat er een Amsterdamse bouwcrisis gaande is en deze moet ook als zodanig worden behandeld. Dit betekent dat alle dogma’s losgelaten moeten worden om ervoor te zorgen dat weer gebouwd kan worden. De planvoorraad voor het
20
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Woningbouw en Volkshuisvesting Concept-raadscommissieverslag, 16 april 2025
WV
middensegment is in 2025 ten opzichte van 2024 met 1500 woningen gezakt en voor 2026 met 700 woningen. Lid AHMADI wijst erop dat het niet nodig is om honderdduizend woningen per jaar te bouwen als kwalitatieve woningen voor de kwetsbaarste groepen en voor mensen met een kleine portemonnee bijgebouwd kunnen worden. 40-40-20 lukt in heel veel wijken heel goed. Lid Von Gerhardt draait er altijd omheen terwijl hij eigenlijk wil zeggen dat er geen sociale huur bijgebouwd zou moeten worden. Lid VON GERHARDT stelt dat als 40-40-20 zou werken, er evenveel middenhuurwoningen gebouwd zouden worden als sociale huurwoningen, maar dat gebeurt niet. Sociaal bouwen lukt, omdat er heel lage grondprijzen worden gevraagd. Het hele middensegment komt niet van de grond. 40-40-20 heeft ervoor gezorgd dat het Vereveningsfonds leeg is en ook wethouder Van Dantzig heeft terecht in zijn afscheidsspeech gezegd dat 40-40-20 niet houdbaar is voor de financiën van Amsterdam, omdat de verdiencapaciteit al op is gemaakt en geen kantoren meer gebouwd kunnen worden op de Zuidas. Lid AHMADI constateert dat lid Von Gerhardt tegen is als een GL-lid stelt dat het Rijk moet inspringen om de crisis die VVD zelf heeft veroorzaakt op te lossen. De Wet betaalbare huur gaat hopelijk de komende jaren zorgen voor heel veel middenhuurwoningen en hier is de VVD fel op tegen.
Wat wil de VVD? Lid VON GERHARDT zegt dat de VVD niet in het Amsterdamse stadsbestuur zit en de Tweede Kamer geen gemeenteraad is. De Rekenkamer heeft terecht geconstateerd dat het Amsterdamse beleid ervoor heeft gezorgd dat geen volledige steden gebouwd kunnen worden. Het is ook Amsterdams beleid dat het Vereveningsfonds leeg is en Amsterdamse regels zorgen er uiteindelijk voor dat projecten financieel onhaalbaar zijn. De gemeenteraad moet erkennen dat er sprake is van een bouwcrisis die alleen opgelost kan worden als naar alle eisen en maatregelen wordt gekeken en wordt bekeken aan welke knoppen gedraaid kan worden om ervoor te zorgen dat er weer gebouwd wordt. Lid AHMADI wijst erop dat niet kan worden gedaan alsof Amsterdam in de context van het rijksbeleid van de afgelopen veertien jaar niet bestaat. Lid VON GERHARDT ziet dat veel partijen steeds kijken naar wat het Rijk kan doen, maar de gemeenteraad maakt zichzelf hiermee echt te klein. Er zijn dingen die gewoon in Amsterdam gedaan kunnen worden en dit wordt bevestigd door de Rekenkamer. Lid TAJ constateert dat lid Von Gerhardt doet alsof alleen Amsterdam in een wooncrisis zit en de rest van Nederland niet. Heel Nederland heeft er last van en dit is veroorzaakt door rijksbeleid. Al zou Amsterdam 100 procent vrije sector bouwen, dan nog worden de problemen niet opgelost.
Het zou goed zijn als VVD een keer met echte oplossingen komt in plaats van naar iedereen behalve naar zichzelf te wijzen. Lid VON GERHARDT wijst erop dat de VVD constant met voorstellen komt voor wat in Amsterdam kan worden gedaan. De houding van GL is het Rijk om meer geld vragen en kijkt VVD naar Amsterdam, omdat dit de gemeenteraad van Amsterdam is die is gekozen door Amsterdammers die verwachten dat de raad oplossingen probeert te vinden. Om lid Taj tegemoet te komen, noemt lid Von Gerardt graag een aantal dingen die Amsterdam kan doen. Amsterdam heeft een strenger beleid voor huurprijzen die bij middeldure huurwoningprojecten gevraagd mogen worden. Dit betekent dat deze kunnen afwijken van de WWS-score van de Wet betaalbare huur en woningen worden geïndexeerd op basis van het CPI in plaats van de landelijke cao-index. Uiteindelijk betekent dit dat middeldure woningen duurder worden en het minder rendabel is om deze woningen te bouwen. De vraag is of deze regels worden afgeschaft en gelijk worden getrokken met de landelijke regels. Veel woningen verdwijnen in het middensegment verdwijnen uit de planvoorraad. Hoe kan dit en wat gebeurt er met deze woningen? Er zijn grote problemen met ambtelijke
21
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Woningbouw en Volkshuisvesting Concept-raadscommissieverslag, 16 april 2025
WV
capaciteit. Hoe kan ervoor worden gezorgd dat dit geen belemmering meer vormt om de woningbouw op gang te houden? Lid ASLAMI hoort lid Von Gerardt spreken over een bouwcrisis. Dit is een klap in het gezicht van iedereen die er keihard aan trekt en ervoor zorgt dat de woningbouwproductie op peil blijft. In 2009 werden er slechts 2300 woningen gebouwd en toen kon worden gesproken over een crisis. Lid VON GERHARDT constateert dat in twee jaar tijd ongeveer 1300 woningen in het middensegment zijn gebouwd terwijl het er 6000 hadden moeten zijn. Hiermee kan worden geconcludeerd dat er een achterstand is van 4500 woningen. Juist starters, jonge gezinnen en andere mensen die een woning in het middensegment nodig hebben, kunnen geen plek vinden in Amsterdam. Er zal erkend moeten worden dat dit een probleem is en dat de bouw niet goed gaat en dat er echt sprake is van een bouwcrisis. Als dit wordt erkend, kan deze worden opgelost. Lid ASLAMI erkent vanzelfsprekend dat het een probleem is dat er onvoldoende middensegmentwoningen zijn gerealiseerd. In 2023 werden er slechts 300 woningen in het middensegment gerealiseerd tegenover 1300 in 2024. Hoe verklaart lid Von Gerhardt dit verschil? Lid VON GERHARDT weet dit niet. Waarschijnlijk is het in 2024 beter gegaan. Maar als wordt gekeken naar de planvoorraad van 2025 tot en met 2031 ligt deze rond de 3000.
Met een slagingspercentage van gemiddeld 50 procent betekent dit dat de komende 6 tot 7 jaar de 3000 woningen niet worden gehaald en dit baart lid Von Gerhardt zorgen. Dit betekent dat in tien jaar tijd de streefgetallen voor het middensegment niet worden gehaald en dat een grote groep Amsterdammers in de steek wordt gelaten. Lid ASLAMI licht toe dat het verschil tussen 2023 en 2024 volledig te verklaren is door de Wet betaalbare huur. De wethouder zegt over de aantallen in de toekomst dat de planvoorraad veel te dynamisch is. Er zijn te veel veranderingen om hier nu grote conclusies over te trekken. Lid Von Gerhardt doet aan cherry picking en maakt een analyse die kant noch wal raakt en trekt vervolgens conclusies die op geen enkele manier stand houden. Lid VON GERHARDT stelt dat er in 2024 een planvoorraad van 2700 woningen in het middensegment was. Op dat moment zaten er voor 2025 ongeveer 4700 woningen in de planvoorraad. Tezamen gaat het om rond de 7000 woningen. 1000 hiervan zijn gebouwd. De planvoorraad voor 2025 is inmiddels enorm gezakt, namelijk tot 3200. Met een slagingspercentage van ongeveer 50 procent tot 60 procent zullen maximaal 1500 middeldure huurwoningen worden gebouwd als alles meezit. Het is vreemd dat de planvoorraad is gezakt aangezien veel van de woningen die al in 2024 in de planvoorraad zaten, niet zijn gebouwd.
Dus de verwachting zou zijn dat deze zouden doorschuiven naar 2025 waardoor de planvoorraad zou stijgen in plaats van dalen, maar ook die van 2026 is gezakt. Dit betekent dat bouwen niet gaat lukken en dat aan knoppen gedraaid moet worden om ervoor te zorgen dat in ieder geval 40-40-20 wordt gehaald en de conclusie kan niet anders zijn dan dat Amsterdam in een bouwcrisis zit. Lid ASLAMI zegt dat het zou helpen als lid Von Gerhardt zijn collega in de Tweede Kamer erop wijst dat de minister aan knoppen blijft draaien en regels blijft veranderen waar de markt geen peil op kan trekken en dat dit moet stoppen, zodat er een situatie ontstaat waarin zekerheid is, investeringen kunnen plaatsvinden en waardoor daadwerkelijk kan worden gepland. Lid VON GERHARDT heeft heel veel contact met zijn counter part in de Tweede Kamer. Er is zelfs een motie aangenomen om te onderzoeken of in Noord mooie inclusieve woningen gebouwd kunnen worden.
22
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Woningbouw en Volkshuisvesting Concept-raadscommissieverslag, 16 april 2025
WV
Amsterdam kan heel veel zelf en hij roept de raad op om zichzelf niet te klein maken. Lid LOCHTENBERG hoort lid Von Gerhardt allerlei problemen benoemen. Moet hij de bal niet bij het college leggen in plaats van bij de raad? Lid VON GERHARDT legt deze zeker ook bij het college. Lid MOLEMA constateert dat de ambities van het college groot zijn, maar de resultaten dit niet zijn. In 2024 werden slechts 2541 permanente woningen in aanbouw genomen, ver onder de jaarlijkse doelstelling van 7500. Ook in de jaren ervoor bleef de bouw flink achter, de gemiddelde productie van de afgelopen drie jaar was ongeveer 6000 woningen per jaar. Ondertussen groeit de woningnood en worden de wachtlijsten langer. Excuses zijn economische omstandigheden, netcongestie en stijgende bouwkosten. Het probleem zit echter vooral in politieke keuzes van het college. Een voorbeeld hiervan is de verdeling 40-40-20, een verhouding die in de praktijk niet werkt. JA21 heeft meermaals moties ingediend om het rigide systeem los te laten en de verdeling aan te passen aan de marktomstandigheden. Inmiddels geeft ook voormalig wethouder Van Dantzig toe dat de huidige verdeling niet houdbaar is en hij adviseerde ook om los te laten, pragmatischer te zijn en te kiezen voor een realistischer model: een derde sociaal, een derde middensegment en een derde vrije sector.
Wat vindt de wethouder van deze uitspraak? Corporaties blijven oververtegenwoordigd in de bouwproductie en dit scheefgroeiende aanbod leidt tot stagnatie op de hele woningmarkt en de vrije sector verdwijnt steeds verder naar de achtergrond. JA21 pleit voor het loslaten van de verhouding 40-40-20, voor meer ruimte voor koop en vrije sector en minder ideologische dwang. Lid BROERSEN wil focussen op studentenwoningen, omdat er nul van deze woningen zijn gebouwd in 2024. In gesprekken met studenten komen verschillende problemen naar voren zoals eenzaamheid onder jongeren, voorrangsregelingen en het gebrek aan participatie van studenten bij woningbouw. Een corporatie die middelen heeft gereserveerd voor 750 studentenwoningen heeft aangegeven dat er geen locatie is om te bouwen en er wordt richting Hoofddorp en Rotterdam gekeken voor woningbouw in plaats van in Amsterdam. Bij alle betrokkenen van studentenhuisvesting is behoefte aan structurele samenwerking en streefcijfers. Het college is gestopt met het convenant studentenhuisvesting, omdat niet meer gekeken werd naar specifieke groepen. In het woningbouwplan staat toch de werkwijze voor de specifieke doelgroepenprogrammering, dus ergens moet het toch mogelijk zijn.
Is het niet weer tijd voor een lokale uitwerking van het landelijk actieplan van studentenhuisvesting? Lid TAJ heeft tijdens de bijeenkomst waar lid Broersen en hij aanwezig waren, gehoord dat werd geopperd om extra samenwerking te stimuleren tussen onderwijsinstellingen en woningcorporaties om ook op grond van onderwijsinstellingen woningen mogelijk te maken. Hoe reflecteert Volt hierop? Lid BROERSEN vindt dit zeker een interessant idee, maar hier moet ook de gemeente bij worden betrokken. In het convenant studentenhuisvesting zaten eerder alle betrokkenen aan tafel en konden afspraken worden gemaakt. Op dit moment is dit convenant er niet en daarom pleit Volt ervoor om dit weer in te brengen. Lid EMMERIK vindt het goed dat de stand van zaken transparant is. De bouwambitie van 7500 woningen is wederom niet gehaald. PvdD heeft steeds gezegd dat deze ambitie niet realistisch is en ook het rapport van de Rekenkamer onderschrijft dit. Hoe verhoudt de onverminderde ambitie van het college zich tot het advies van de Rekenkamer voor meer realisme? Duurzaamheid heeft nauwelijks een plek in de rapportage terwijl natuurinclusief bouwen, klimaatadaptatie en duurzame materiaalkeuze essentieel en niet optioneel zijn.
Binnen het programma’s als ‘Gewoon Goed’ wordt geëxperimenteerd met modulair bouwen waarbij wordt aangegeven dat ook aan duurzaamheid wordt gedacht, maar dit komt toch weinig terug. Een oproep is om hier een speerpunt van te maken. Het
23
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Woningbouw en Volkshuisvesting Concept-raadscommissieverslag, 16 april 2025
WV
college wordt verzocht om bij de volgende rapportage naast aantallen ook kwaliteit van de woningbouw te benoemen met nadruk op de duurzaamheidsambities. Lid AHMADI benadrukt ook dat het vasthouden aan 7500 woningen per jaar niet ten koste moet gaan van de kwaliteit van de woningen. De marktomstandigheden leiden ertoe dat Amsterdam ook moet kijken naar een realistisch doel waarbij de zorgen en behoeften van de stad voorop gesteld worden en zo veel mogelijk gebouwd moet worden wat nodig is voor mensen die nergens anders naartoe kunnen. In tegenstelling tot JA21 ziet lid Ahmadi op Funda dat minder dan 1 procent huur tot 1250 is, alles hierbuiten is vrije sector. Het college wordt opgeroepen tot realisme met betrekking tot kwalitatief bouwen. Wellicht betekent dit dat er minder woningen gebouwd moeten worden, maar wel duurzame woningen voor mensen die niet veel kunnen betalen. College Wethouder SCHOLTES wijst erop dat bij realiteitszin ook de huidige marktomstandigheden horen, evenals de netcongestie, de economische recessie, de stijgende loonkosten, inflatie, stijgende bouwkosten en de onzekerheid over de Wet betaalbare huur. Dit is de realiteit die grote impact heeft op de bouwcijfers en dit geldt voor het hele land. Van de woningen die zijn gebouwd, valt een heel groot deel binnen een sociaal of modaal segment.
Voormalig wethouder Van Dantzig heeft zich met het Bouwakkoord tot het uiterste ingespannen om zo veel mogelijk bouwprojecten toch door te laten gaan. De 7500 woningen zijn nog niet gehaald, maar er zijn wel stappen gezet ten opzichte van het jaar ervoor en de verwachting is dat dit jaar een verdere stap wordt gezet, hoewel het lastig zal zijn om de 7500 echt te halen. Gebiedsprofielen zijn een van de belangrijke onderdelen die dienen als input voor het investeringsbesluit. Lid MINDERHOUD geeft als voorbeeld dat op het moment dat een investeringsnota voor de Savornin Lohmanstraat vastgesteld wordt, hij graag zou willen weten wat de situatie op dit moment in de buurt is met betrekking tot de woningvoorraad. Hiermee zou duidelijk moeten worden of wat er gebouwd gaat worden een positieve impact heeft op de woningnood voor specifieke doelgroepen binnen dit gebied. Wethouder SCHOLTES weet niet of op dit detailniveau op een buurt kan worden ingezoomd, maar hij stelt voor dat hij hier schriftelijk op terugkomt. Lid VON GERHARDT herhaalt op verzoek zijn vraag over het middeldure huursegment waar een gemiddelde wordt aangehouden, maar niet het woningwaarderingsstelsel. Wethouder SCHOLTES zegt dat nieuw beleid wordt gemaakt voor middenhuur om goed aan te sluiten bij de Wet betaalbare huur en qua indexatie zal worden aangesloten bij die van het Rijk.
Na de zomer verwacht de wethouder de raad hierover nader te kunnen informeren. Het convenant studentenhuisvesting was destijds een mooie aanleiding om de gesprekken met studenten structureel te voeren. In de praktijk bleek dit een vrij arbeidsintensief administratief proces te zijn. Op dit moment lopen deze gesprekken ook zonder dit convenant en de inzet blijft om nieuwe projecten in te zetten voor studentenhuisvesting. Met gebiedsprofielen wordt nu integraal gekeken naar wat logisch is in een buurt en waardoor rekening wordt gehouden met verschillende doelgroepen. In de BROERSEN wijst erop dat het niet alleen om gesprekken met studenten gaat, maar om gesprekken met alle groepen die uiteindelijk verantwoordelijk zijn voor studentenhuisvesting. Wethouder SCHOLTES meent dat de gemeente met corporaties, onderwijsinstellingen en studenten aan tafel zit. Hij vraagt zich af wat een apart convenant
24
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Woningbouw en Volkshuisvesting Concept-raadscommissieverslag, 16 april 2025
WV
hieraan nog toevoegt en of dit woningbouw voor studenten dichterbij brengt. Hiernaast is met betrekking tot de gebiedsprofielen van toepassing wat hij hierover al heeft gemeld. Lid BROERSEN begrijpt dat bouwen voor alle groepen belangrijk is, maar in het woningbouwplan wordt gesproken over doelgroepen. Het convenant heeft in het verleden heel goed geholpen om de urgentie omhoog te houden en in andere steden geeft dit convenant wel duidelijkheid. Wethouder SCHOLTES is van mening dat er geen convenant nodig is om woningen ‘naar binnen te sleuren’. Dit gebeurt door gesprekken en door concreet te kijken naar waar kansen liggen om woningen te bouwen voor studenten. Lid VON GERHARDT concludeert dat in 2024 nul studentenwoningen zijn gebouwd. Als er geen streefgetallen zijn, hoe wordt dan voorzien dat ze er wel komen? Wethouder SCHOLTES heeft ook VVD horen zeggen dat streefgetallen mooi zijn op papier, maar dat de werkelijkheid anders is. Voor 2024 is het inderdaad bijzonder tegengevallen, tegelijkertijd geven de cijfers een vertekend beeld omdat bij de start van de bouw vaak niet bekend is of een complex voor jongeren of voor studenten wordt aangemerkt. Voor 2025 is er wel degelijk een planvoorraad voor jongerenwoningen en studentenwoningen.
In 2024 zijn de gebiedsprofielen opgesteld en de wethouder denkt dat het het beste werkt om per gebied concreet te kijken naar waar kansen liggen voor verschillende doelgroepen. Lid VON GERHARDT denkt dat het mooi zou zijn om met een convenant per gebied te kijken, zodat met alle partijen afspraken gemaakt kunnen worden en er een gezamenlijke visie is. Uit gesprekken blijkt dat juist het ontbreken hiervan ervoor zorgt dat studentenhuisvesting niet goed van de grond komt. Wethouder SCHOLTES wil ervoor waken dat het middel niet wordt verheven tot doel. Er is niet weinig gebouwd omdat er geen streefgetallen waren, maar door allerlei andere problemen. Het is heel belangrijk om woningen voor studenten te bouwen en daarom wordt per gebied bekeken wat mogelijk is, maar een convenant vindt de wethouder geen doel op zich. Lid BROERSEN constateert dat alle partners in het convenant het erover eens zijn dat zij graag een convenant willen, behalve de gemeente. De samenwerking is toch ook wat waard? Wethouder SCHOLTES hoort het graag van alle partners dat zij dit willen. In dat geval gaat hij graag met ze in gesprek. In het convenant dat er was, werd er met alle partijen afspraken gemaakt maar werd niet door alle partijen geleverd waardoor de waarde van een convenant beperkt is.
Lid TAJ heeft ook van alle partijen gehoord dat ze een convenant willen en hij roept de gemeente op om hierover in gesprek te gaan en om het proactief op te pakken. Wethouder SCHOLTES stelt dat de gesprekken worden gevoerd en zullen worden gevoerd en hij wacht af wat hieruit komt. Lid ASLAMI hoort terechte opmerkingen over het belang van samenwerking en de wenselijkheid van een convenant. Het lijkt erop dat in 2024 nul woningen voor jongeren en studenten zijn opgeleverd, maar wellicht is dit niet helemaal waar. Het kan zijn dat reguliere sociale huurwoningen alsnog worden toegekend aan deze doelgroep. Kan de wethouder de raad hierover informeren, zodat er een compleet beeld is voor de totale productie? Wethouder SCHOLTES komt hierop terug.
25
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Woningbouw en Volkshuisvesting Concept-raadscommissieverslag, 16 april 2025
WV
Het kader voor het college is het coalitieakkoord en het is belangrijk dat Amsterdam een gemengde stad is. Op de afscheidsspeech van wethouder Van Dantzig heeft de wethouder geen commentaar. Lid VON GERHARDT stelt dat wethouder Van Dantzig zowel tijdens zijn termijn en nog wat steviger in zijn afscheidsinterview heeft aangegeven dat de verdeling 40-40-20 financieel niet houdbaar is voor Amsterdam. Erkent wethouder Scholtes deze problemen en deelt hij de mening dat deze verdeling op de langere termijn niet houdbaar is? Wethouder SCHOLTES erkent dat het Vereveningsfonds minder vol zit dan eerder en dat op het moment dat wordt gekozen voor een gemengde stad, inclusief voorzieningen, dit wel geld kost. Uiteindelijk is het aan de raad om hierin een keuze te maken. Lid VON GERHARDT vraagt of hij goed begrijpt dat de wethouder zegt dat voor het bouwen van een complete stad ervoor gezorgd moet worden dat het Vereveningsfonds gezonder wordt en er dus meer geld moet binnenkomen. Wethouder SCHOLTES antwoordt dat hij dit niet heeft gezegd. Hij heeft gezegd dat het een keuze is om een gemengde stad met voorzieningen te bouwen. Het is vervolgens aan de coalitie en de meerderheid van de raad om deze keuze te maken. Als het gaat om maatschappelijke voorzieningen wordt altijd de keuze per gebied gemaakt.
Lid VON GERHARDT hoort de wethouder zeggen dat de raad keuzes moet maken, maar aan welke knoppen kan de raad draaien om de gemengde stad te bouwen? Wethouder SCHOLTES denkt dat lid Von Gerhardt zelf ideeën heeft aan welke knoppen kan worden gedraaid en hij heeft deze ideeën ook al meerdere malen geuit. Het zou jammer zijn om het beleid van VVD te volgen en alleen renderende projecten uit te voeren. Het is een groot goed om ook te kunnen investeren in minder renderende projecten, in verlieslatende projecten omdat hier een maatschappelijk belang aan wordt gehecht. Lid MOLEMA vraagt wanneer de wethouder de verdeling 40-40-20 wel wil aanpassen. Als iets niet werkt, moet er iets veranderd worden. Wethouder SCHOLTES is het er niet mee eens dat de verdeling niet werkt. Amsterdam heeft gelukkig keuzes kunnen maken voor gemengde buurten met mooie voorzieningen, een voorbeeld hiervan is Strandeiland. Lid MOLEMA concludeert dat de wethouder niet op korte termijn van plan is om de bouwverhouding aan te passen. Wethouder SCHOLTES heeft eerder gezegd dat hij zich aan het coalitieakkoord houdt, dus deze conclusie klopt. De rapportage gaat over woningbouwproductie en niet over kwaliteit. Lid EMMERIK vraagt waarom het bij de productie moet blijven en of er nog een andere rapportage komt die wel ingaat op de kwaliteit en de duurzaamheid. Wethouder SCHOLTES zou dit moeten navragen.
Het gaat in dit geval over woningaantallen en hij meent dat het hierbij moet blijven, omdat rapportages uitbreiden weer ambtelijke capaciteit kost die hard nodig is voor andere zaken. Lid VON GERHARDT vraagt hoe de wethouder naar de planvoorraad in het middensegment en de ontwikkeling hiervan kijkt. Wethouder SCHOLTES vindt dat er te weinig woningen in het middensegment worden gebouwd. Gelukkig waren het er in 2024 aanzienlijk meer dan het jaar ervoor en hij hoopt dat er de komende jaren nog meer worden gebouwd.
26
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Woningbouw en Volkshuisvesting Concept-raadscommissieverslag, 16 april 2025
WV
Lid EMMERIK heeft naar aanleiding van het Rekenkamerrapport geïnformeerd naar onhaalbare doelen. Wethouder Pels heeft al eerder aangegeven dat de focus niet langer ligt op zo veel mogelijk en wethouder Scholtes heeft zojuist gemeld dat het lastig zal zijn om de 7500 te halen. Betekent dit dat de ambitie van 7500 wordt losgelaten en zo ja, wat is dan de nieuwe ambitie? Wethouder SCHOLTES stelt dat het Rekenkamerrapport staat geagendeerd voor de commissie RO van vanmiddag. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken en het wordt geagendeerd voor de raad van 11 juni waar het naar verwachting om een korte behandeling zal gaan. 14. De opkomst van de shortstaycontracten als middel om de huurwet te omzeilen Nr. VN2025-004835 Agendapunt 14 wordt doorgeschoven naar de volgende vergadering. Sluiting De VOORZITTER dankt de aanwezigen en sluit de openbare commissievergadering om 12.41 uur. De volgende vergadering is op woensdag 21 mei 2025.
27