20250227 FKD conceptagenda (gewijzigd)
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit
FKD
Raadscommissieverslag, 27 februari 2025
CONCEPTVERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
Openbare vergadering van de Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit (FKD) Donderdag 27 februari 2025 van 9.00 – 22.10 uur in Raadzaal Donderdag 27 maart 2025
Voorzitter: R.P. Hofland Plaatsvervangend voorzitter: M. von Gerhardt, S. Aslami Portefeuillehouders: wethouders H. van Buren, T. Meliani, R. van Dantzig Commissiegriffier: P. van Loon Commissieondersteuner: P. Miedema Verslaglegging: I. van Mourik (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: M.F. Asruf (PvdA), A. Bouhassani (PvdA), E.C. IJmker (GroenLinks), J.F. van Pijpen (GroenLinks), K.S.N. van der Veen (GroenLinks), M. Lust (D66), E.D.M. Moeskops (D66), E. Schmit (D66), H.C. Burgers (VVD), W.J. Deterink (VVD), S.N. Hijlkema (VVD), A.L. Bakker (Partij voor de Dieren), J.M. Krom (Partij voor de Dieren), M.M. Meerburg (Partij voor de Dieren), M.M. Perdok (De Vonk), I. Garmy (Volt), E. Bobeldijk (SP), C. van Berkel (JA21), S.Y. Khan (DENK), R.B. Havelaar (CDA), T. Bilgin (Forum voor Democratie), C.K.E. Kabamba (Lijst Kabamba) Afwezig: Overige aanwezigen: M. Belkasmi (PvdA), F.A. Namane (PvdA), I. Nadif (GroenLinks), G. Noordzij (PvdA)
1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 9.00 uur en heet de aanwezigen en toehoorders welkom. b. Mededelingen Lid HAVELAAR (CDA) geeft aan dat hij ook bij een andere vergadering aanwezig dient te zijn en tussen de beide vergaderingen heen en weer zal lopen. c. Vaststellen agenda Er zijn twee actualiteiten aangemeld. Voorgesteld wordt om de rondvraag voor de actualiteiten te houden, zodat woordvoerders en wethouders niet tot het einde hoeven te wachten. De vergadering vindt plaats in drie dagdelen, met spreektijdverdeling aan het begin. In de ochtend en middag worden de twee actualiteiten en agendapunt 3 behandeld en in de avond de agendapunten 4 tot en met 12.
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
Aangezien er geen sprekers zijn aangemeld voor agendapunt 4 wordt dit onderwerp niet inhoudelijk besproken en direct doorgeschoven naar de raad. Daarnaast stelt lid Meerburg voor om agendapunt 6 naar de volgende vergadering te verplaatsen. De agendapunten 8 en 9, die beide over gemeentelijke subsidie aan Queer Amsterdam gaan, worden gezamenlijk behandeld. Dit gebeurt in principe openbaar, tenzij een besloten deel nodig blijkt, wat dan tijdig moet worden aangegeven. Tot slot is verzocht om de agendapunten 13 en 14 eveneens door te schuiven naar de volgende vergadering. Wethouder VAN DANTZIG vraagt of de tweede actualiteit over AEB als eerste behandeld kan worden. Dit verzoek wordt gehonoreerd. Lid ASRUF (PvdA) verzoekt om agendapunt 10 naar voren te schuiven. Dit punt zal na de actualiteiten behandeld worden. Lid BAKKER (Partij voor de Dieren) geeft aan dat ze graag heeft dat wijzigingen in de agenda vooraf met alle raadsleden gedeeld worden. De agenda wordt vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare bijeenkomst expertmeeting Antisemitisme d.d. 9 januari 2025 en van de openbare vergadering raadscommissie FKD d.d. 23 januari 2025 De verslagen worden ongewijzigd vastgesteld. e. Termijnagenda's en bestuurlijke langetermijnagenda's (BLTA), per portefeuille Er zijn geen opmerkingen over dit agendapunt. f.
TKN-lijst De VOORZITTER meldt dat er verzoeken zijn binnengekomen om enkele stukken van de ter kennisnamelijst te agenderen voor de volgende vergadering op 27 maart. Het gaat om: TKN 4: Raadsinformatiebrief over uitfaseren giftige dampen en elektrisch taxiën bij vliegtuigen, op verzoek van lid Meerburg. TKN 9: Beantwoording van de raadsadressen over de ervaringen van Palestijnse Amsterdammers, op verzoek van lid Bouhassani. TKN 10: Toekenning van de meerjarige subsidie (2025-2027) aan het meldpunt DRA, op verzoek van de leden Bouhassani en Garmy. De motivatie voor bespreking van deze onderwerpen is eerder in de dagmail toegelicht. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken. 2. INHOUDELIJK DEEL a. Opening inhoudelijk gedeelte
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel. Vanaf dit moment zijn de spreektijden van kracht. b. Inspreekmoment Publiek Er zijn geen insprekers aangemeld. d. Rondvraag Lid GARMY (Volt) vraagt naar de conclusies van het gesprek dat de wethouder heeft gevoerd met culturele instellingen over veiligheid. Hij verwijst naar de recente annulering van de Israëlische comedian Yohay Sponder bij Boom Chicago, waarbij diens veiligheid niet kon worden gegarandeerd en hij werd doorverwezen naar een Joodse locatie. Uiteindelijk heeft Sponder toch kunnen optreden, met een verdubbeling van het aantal bezoekers in het daaropvolgende weekend. Lid Garmy wil weten welke maatregelen worden genomen om dergelijke situaties in de toekomst te voorkomen. Wethouder MELIANI geeft aan dat het gesprek met OOV, de politie en de chef kabinet van de burgemeester een regulier overleg was, waarbij zij mochten aansluiten. Tijdens het overleg zijn de verschillende verantwoordelijkheden binnen en buiten locaties toegelicht, evenals de procedures rondom veiligheid. Ze benadrukt dat het belangrijk is om contact te zoeken wanneer organisaties tegen veiligheidsvragen aanlopen. Hoewel de programmering een keuze van de organisatie zelf blijft, kunnen ze bij escalaties of problemen hulp vragen.
Er is niet specifiek ingegaan op individuele casussen, zoals die bij Boom Chicago, maar de focus lag op het leren van best practices. Op basis van deze inzichten wordt een document opgesteld. De wethouder zal hierover verder in gesprek gaan met culturele instellingen en de uitkomsten later terugkoppelen. Lid IJMKER (GroenLinks) vraagt om verduidelijking over het nieuws dat de gemeente Amsterdam stopt met een pilot waarin de AI-applicatie Copilot van Microsoft werd gebruikt. Een maand geleden was er nog een debat over de inzet van AI, waarbij werd verzekerd dat Copilot niet werd gebruikt in de pilot rondom ChatAmsterdam. Ze wil weten om welke pilot het dan wel gaat en wat de vervolgstappen zijn. Wethouder MELIANI geeft antwoord, omdat portefeuillehouder Scholtes ziek is. Ze legt uit dat de gemeente in april 2024 is gestopt met de voorbereiding en opzet van de pilot met Copilot, vanwege twijfels over privacy en gegevensbescherming. Zowel de gemeente als het Rijk hadden hier zorgen over. Het Rijk heeft vervolgens een verplichte privacy-analyse (DPIA) uitgevoerd en overleg gevoerd met het strategisch leveranciersmanagement (SLM). Uit deze analyse kwamen vier hoge privacy risico’s naar voren, die door Microsoft moeten worden opgelost. Zolang Microsoft geen passende maatregelen neemt, zal de gemeente Copilot niet gebruiken, ook niet in een pilot.
Het Rijk verwacht dat deze risico’s in april worden verholpen, en de gemeente wacht verdere stappen vanuit Microsoft en het Rijk af. Lid IJMKER (GroenLinks) geeft aan dat haar vraag was waar de pilot over ging. Er wordt toegezegd dat deze vraag schriftelijk wordt beantwoord. Lid HAVELAAR (CDA) vraagt naar de handhaving van het verbod op het gebruik van ChatGPT door gemeentemedewerkers. Gisteren ontvingen alle 18.000 medewerkers een e-mail waarin dit werd verboden. Uit reacties blijkt echter dat sommigen ChatGPT alsnog via hun privéapparaten willen gebruiken. Onderzoek toont aan dat 30 tot 60 procent van de mensen dit thuis privé zou doen. Hij wil weten hoe de gemeente controleert of het verbod daadwerkelijk wordt nageleefd.
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
Wethouder VAN BUREN zegt toe dat ze hier schriftelijk op terug komt. Lid VAN BERKEL (JA21) vraagt wethouder Meliani of het klopt dat fractievoorzitter Kevin Kreuger door haar is geblokkeerd, of in ieder geval deels, op Instagram. Wethouder MELIANI geeft aan dat ze heeft nagekeken of Kevin Kreuger daadwerkelijk geblokkeerd was op Instagram. Volgens haar kon hij gewoon haar tijdlijn bekijken, inclusief berichten over haar reis naar Japan. Wel bleek dat hij haar Instagram Stories niet kon zien, hoewel de inhoud daarvan hetzelfde is als op haar tijdlijn. Ze weet niet hoe dit is ontstaan, maar heeft het inmiddels aangepast, zodat hij nu weer alles kan volgen. c. Actualiteiten De VOORZITTER opent de bespreking van de actualiteit over het AEB, ingediend door lid Burgers (VVD). Het onderwerp betreft de beslissing van de gemeente om het AEB in eigen handen te houden. Eerste termijn Lid BURGERS (VVD) uit zorgen over het feit dat het Afval Energie Bedrijf (AEB) in handen van de gemeente blijft, omdat de verkoop niet is gelukt. Er was slechts één bod, maar dat werd als te laag beoordeeld. Een jaar geleden gaf de wethouder nog aan dat er stevige interesse was, en lid Burgers vraagt waarop dat destijds was gebaseerd. Hij benadrukt dat het niet doorgaan van de verkoop serieuze financiële gevolgen heeft voor de gemeente.
De verkoopopbrengst was bedoeld om een lening van 250 miljoen euro af te lossen, maar volgens de wethouder is er geen man overboord. Hij vindt die houding te makkelijk en wil weten hoeveel er nu moet worden afgeschreven in de gemeentelijke begroting. Daarnaast vraagt hij of de gemeente als aandeelhouder meegaat in de investeringsplannen van AEB en hoe het college dit financieel wil aanpakken. Hij benadrukt dat deze keuzes niet mogen leiden tot hogere lasten voor Amsterdammers en vraagt hoe de wethouder dit waarborgt. Lid HAVELAAR (CDA) bekritiseert de uitspraken van de wethouder over de mislukte verkoop van het AEB. Hij vindt dat de wethouder de financiële tegenvaller bagatelliseert door te stellen dat de gemeente rijk is en dat spreken van een financieel debacle quatsch is. Hij benadrukt dat Amsterdam met een grote financiële verliespost blijft zitten en dat het AEB alleen kan overleven door buitenlands afval te verbranden. Tegelijkertijd kampt de stad met tekorten in zorg, onderwijs en woningbouw, terwijl de opbrengst van de verkoop had kunnen bijdragen aan betaalbare woningen of armoedebestrijding. Hij vraagt de wethouder of hij zelf niet vindt dat hij de situatie in de media te gemakkelijk heeft afgedaan.
Lid BAKKER (Partij voor de Dieren) is blij dat het AEB in gemeentelijke handen blijft, maar hekelt het feit dat er veel tijd is verspild aan twee mislukte verkoopprocessen. Volgens haar had die tijd beter besteed kunnen worden aan het toekomstbestendig maken van het AEB, met meer focus op grondstoffen terugwinnen en het verminderen van afvalverbranding. Ze noemt de verkoop een grote vergissing en stelt dat de raad een te optimistisch toekomstbeeld is voorgeschoteld. Er werd immers gezegd dat er veel interesse was en dat de opbrengst geïnvesteerd kon worden in duurzaamheid, zoals een nascheidingsinstallatie. Ze vindt dat de raad slecht is geïnformeerd over de vervolgstappen na de mislukte verkoop. Ze mist concrete informatie en vindt dat het college zich betrokken moet opstellen richting de raad. Ook uit ze kritiek op de communicatie van de wethouder, die in een interview bij AT5 een warrige boodschap zou hebben afgegeven. Hij zei dat de raad zich het komende decennium niet met details zoals het behang in de kantine van AEB moest bemoeien, omdat dat
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
een gevaar voor het bedrijf zou zijn. Lid Bakker vindt deze uitspraak onzinnig en benadrukt dat het juist gaat om grote investeringen van honderden miljoenen euro’s. Ze herinnert eraan dat een enquête over het AEB eerder al aantoonde dat de gemeente te veel op afstand stond, geen duidelijke visie had en dubbelzinnig stuurde. Volgens haar moet de raad juist in positie komen en een actief aandeelhouderschap voeren met een duidelijke visie op een duurzame toekomst voor het AEB. Tot slot is ze ontevreden over het verantwoordingsverslag dat het college heeft opgeleverd. Ze noemt het een haastig samengesteld document met algemene uitspraken en mist een concreet terugvalscenario. Ze wil weten welke richting het college nu op wil met het AEB. Wethouder VAN DANTZIG benadrukt dat het college direct nadat de geheimhouding kon worden opgeheven, alle informatie naar buiten heeft gebracht. Daarnaast wijst hij erop dat de commissie zelf ervoor heeft gekozen om de kwestie niet inhoudelijk te behandelen. Hij neemt aanstoot aan de suggestie dat het college tekort zou zijn geschoten in het verstrekken van informatie. Volgens hem is deze kritiek ongegrond en doet het geen recht aan het werk van de ambtenaren. Lid BAKKER (Partij voor de Dieren) blijft bij haar kritiek en stelt dat het terugvalscenario ontbreekt in de stukken die naar de raad zijn gestuurd.
Ze vindt dat er slechts twee pagina’s met algemene uitspraken zijn opgenomen en hoopt dat er bij de verdere bespreking een concreet terugvalscenario beschikbaar is. Daarnaast uit ze haar ongenoegen over een geheime voordracht die vlak voor de commissievergadering is verstuurd. Zonder in detail te treden, noemt ze het onbehoorlijk om zulke impactvolle en complexe financiële zaken last-minute aan de raad voor te leggen. Ze heeft extern advies ingewonnen en waardeert de ondersteuning van de griffie daarbij. Nu de bespreking van het stuk is uitgesteld, ziet ze dit als een kans om bijvoorbeeld de Rekenkamer om een grondige analyse te vragen. Ze hoopt dat andere fracties haar verzoek zullen steunen. Lid SCHMIT (D66) benadrukt dat de gemeenteraad de afgelopen jaren nauw betrokken is geweest bij de ontwikkelingen rond AEB, zowel in openbare als geheime vergaderingen. Hij vindt het belangrijk dat het college deze transparante lijn voortzet en de informatiepositie van de raad blijft respecteren. Hoewel D66 voorstander was van de verkoop van AEB, erkent hij dat het behouden van het bedrijf in gemeentelijke handen de juiste keuze is als de opbrengst te laag zou zijn geweest. Dit voorkomt een grote financiële afschrijving en dient daarmee het maatschappelijk belang.
Hij steunt het idee om AEB minimaal tien jaar in gemeentelijk bezit te houden, zodat het bedrijf stabiliteit krijgt na een periode van onzekerheid. Daarnaast pleit hij ervoor om het management de komende jaren de ruimte te geven zich te richten op de kerntaken, duurzame afvalverwerking en energievoorziening. Hij verwijst naar de Commissie-Winter, die stelde dat te veel willen en te weinig overleg problemen veroorzaakt. Daarom vindt hij dat de gemeenteraad zich terughoudend moet opstellen en geen extra eisen moet opleggen aan het management, zodat het bedrijf zich kan focussen op de toekomst. Lid BAKKER (Partij voor de Dieren) vraagt om een concreet voorbeeld van een duurzaamheidsmaatregel die hij als een te grote eis vanuit de raad zou beschouwen. Lid SCHMIT (D66) benadrukt dat het belangrijk is dat het management van AEB zich kan focussen op de kerntaken, afvalverwerking, duurzaamheid en energieproductie. Hij vindt dat verzoeken die hiervan afleiden ongewenst zijn. Daarnaast geeft hij aan dat dit debat een eerste reactie is op de ontwikkelingen rondom AEB en dat de raad en het college gezamenlijk moeten blijven optrekken over de financiële consequenties en verdere besluitvorming. Lid BOBELDIJK (SP) is blij dat het AEB de komende tien jaar niet wordt verkocht en pleit ervoor om het permanent in publieke handen te houden.
Volgens hem moeten publieke diensten door de overheid worden beheerd en niet door aandeelhouders. Hij ziet dit als een overwinning
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
voor de Amsterdammers en de democratie, aangezien zowel driekwart van de Amsterdammers als het burgerberaad afval tegen verkoop was. Hij bekritiseert het rommelige proces rondom de verkoop en benadrukt dat het behouden van de afvalscheidingsinstallatie van AEB nu de duurzaamheidsdoelen kan ondersteunen. Hij wijst erop dat AEB verantwoordelijk is voor een groot deel van de CO2-uitstoot in Amsterdam en dat hier actie op moet worden ondernomen. Hij erkent dat duurzaamheidsambities kosten met zich meebrengen, maar vindt maatschappelijke doelen belangrijker. Tot slot vraagt hij hoe het college aankijkt tegen mogelijke samenwerking of risicodeling met andere gemeenten die afval laten verwerken bij AEB. Lid BURGERS (VVD) vraagt aan lid Bobeldijk of hij het nog steeds als een overwinning voor de Amsterdammers ziet als de lokale lasten stijgen als gevolg van het niet verkopen van het AEB. Lid BOBELDIJK (SP) stelt dat de kosten voor Amsterdammers hoe dan ook stijgen, ongeacht of het AEB publiek of privaat is. Als het bedrijf verlies lijdt, komen de kosten via de afvalstoffenheffing bij de burgers terecht. Het verschil volgens hem is dat bij winst een privaat bedrijf dit uitkeert aan aandeelhouders, terwijl een publieke instantie het kan herinvesteren in de gemeenschap.
Hij benadrukt dat marktwerking vaak betekent dat winsten naar rijke aandeelhouders gaan, terwijl verliezen bij de burgers terechtkomen. Lid GARMY (Volt) uit zijn verbazing over de uitspraken van de wethouder over de financiën van het AEB. Het college heeft voorheen gewaarschuwd voor negatieve financiële gevolgen van het behouden van het AEB, maar nu wordt gezegd dat het financieel haalbaar is. Hij vraagt hoe dit kan en waarom de raad hierover niet goed is geïnformeerd. Lid Garmy benadrukt dat de raad bij een besluit met zoveel impact grondig en zorgvuldig betrokken zou moeten worden, zoals dit ook gebeurde bij de verkoop. Daarnaast vraagt hij zich af waarom de wethouder in een interview zei dat de raad zich niet veel moet bemoeien met de bedrijfsvoering van het AEB, terwijl eerdere voorstellen om een lange termijnstrategie voor het AEB op te stellen werden afgewezen met de reden dat dit het verkoopproces zou schaden. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) uit haar bezorgdheid over de communicatie rond het besluit om het AEB niet te verkopen. Ze vond het onprettig dat de raad pas via een journalist vernam dat het AEB niet verkocht zou worden en had het prettig gevonden om dit eerder te horen.
Daarnaast uit ze kritiek op de manier waarop de wethouder over de raad sprak, vooral over het verleden, waarin hij de raad verweet zich te bemoeien met onbelangrijke zaken zoals de kleur van het behang. Ze benadrukt dat de raad altijd betrokken is bij de besluitvorming rondom gemeentelijke deelnemingen, zoals bij de haven, en verwacht dat dit ook voor het AEB geldt. Ze vindt het belangrijk dat de raad goed wordt gepositioneerd om een actieve rol te spelen in het beheer van het AEB. Lid BILGIN (Forum voor Democratie) benadrukt het belang van het zoeken naar een nieuwe koper voor het AEB, waarbij mogelijk ook opnieuw gekeken kan worden naar verschillende opties. Hij wijst op de financiële risico's van het in gemeentelijke handen houden van het bedrijf en stelt dat de publieke belangen niet in gevaar zouden komen bij een verkoop. Een verkoop zou de gemeente financiële middelen opleveren, die gebruikt kunnen worden voor andere gemeentelijke ambities. Hij waarschuwt voor de mogelijkheid van bezuinigingen of lastenverhogingen als het AEB onverwacht weer veel geld kost, gezien de huidige financiële situatie. Lid KABAMBA (Lijst Kabamba) is blij dat het AEB niet verkocht is, omdat ze niet de beste ervaringen heeft met publieke diensten in private handen.
Ze vraagt zich echter af wat de gevolgen zijn voor de toekomstige afvalstoffenheffing, aangezien volgens de wethouder de voorjaarsnota gemakkelijker zou zijn met de mogelijke verkoop. Ze maakt zich zorgen over de impact hiervan op de Amsterdammer met een kleine portemonnee.
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
Lid ASRUF (PvdA) vindt het logisch dat het AEB in gemeentelijke handen blijft, aangezien de gemeente altijd heeft gesteld dat het alleen zou verkopen onder goede voorwaarden die het publieke belang waarborgen, wat nu niet het geval was. Hij vraagt de wethouder toe te lichten welke voorwaarden niet werden vervuld. Hij is blij dat het AEB de komende tien jaar in bezit blijft. Tot slot bespreekt hij de rol van de gemeente als aandeelhouder en de raad, en verwijst naar de raadsenquête die concludeerde dat de gemeente te weinig toezicht had gehouden en vraagt hoe de wethouder hierover denkt nu de verkoop niet doorgaat. Lid VAN BERKEL (JA21) uit teleurstelling over het mislukken van de verkoop van het AEB, aangezien er geen goed bod werd ontvangen. Hij stelt dat het runnen van een energiecentrale geen gemeentelijke taak is en ziet dit als een risico voor de gemeentefinanciën, vooral omdat het AEB sinds 2018 miljoenenverlies heeft geleden. Ondanks winst in 2021 en 2022, zijn de verliezen in andere jaren veel groter. Hij vraagt de wethouder naar de financiële risico’s die de gemeente loopt bij het behouden van AEB en welke rol de aanvoer van bijvoorbeeld Romeins afval speelt in de exploitatie. Verder vraagt hij of het een goed idee is om dit afval in de toekomst te blijven importeren, en wat de financiële impact zal zijn in 2030 van een verbod hierop.
Hij vraagt ook of de gemeente zich rijk heeft gerekend met de verkoopprijs en wat de gevolgen van het niet verkopen zijn voor de begroting, inclusief of er werd gerekend op een opbrengst die nu niet gerealiseerd wordt. Lid BOBELDIJK (SP) reageert op het betoog van JA21 en vraagt zich af wat de gevolgen zouden zijn als het AEB daadwerkelijk verkocht zou zijn, vooral in verband met het buitenland. Hij suggereert dat, als het AEB in privéhanden was gekomen, de gemeente Amsterdam waarschijnlijk nog minder invloed zou hebben gehad, en de risico's voor treinen met afval uit het buitenland misschien zelfs groter zouden zijn geweest, aangezien de gemeente dan geen zeggenschap meer zou hebben. Lid VAN BERKEL (JA21) stelt dat de gemeente zich niet zou moeten bemoeien met de bedrijfsvoering van energiecentrales, en dat het beter zou zijn om een geschikte koper te vinden die in het AEB zou kunnen investeren. Hij verwijst naar zijn werkbezoek aan de centrale, waar werd aangegeven dat de oven continu moet draaien, maar er overcapaciteit is. Dit zou kunnen leiden tot het importeren van meer afval. Hij benadrukt dat een bedrijf altijd streeft naar een gezonde financiële huishouding en dus op zoek moet naar manieren om winstgevend te zijn.
Hij wijst erop dat het AEB momenteel verliesgevend is, en dat de risico's van dit verlies uiteindelijk door de gemeente Amsterdam gedragen zullen worden, wat leidt tot kosten voor de Amsterdammers. Lid ASRUF (PvdA) stelt dat als je enerzijds tegen het importeren van afval uit het buitenland bent, maar anderzijds het AEB wilt verkopen, dit betekent dat de gemeente geen invloed meer heeft. Hij vraagt zich af of dit het doel is van JA21. Lid VAN BERKEL(JA21) antwoordt dat er bij een verkoop van het AEB waarschijnlijk afspraken gemaakt hadden kunnen worden, maar aangezien de verkoop niet is doorgegaan, zullen we het nooit weten. Hij benadrukt dat de risico's en de bijbehorende kosten van de verliesgevende centrale nu bij de Amsterdammers liggen. Wethouder VAN DANTZIG benadrukt dat het college, de ambtenaren, en het afvalenergiebedrijf bereid zijn geweest om een uitgebreid debat te voeren over de situatie. Hij legt uit dat het college heeft geprobeerd een andere aandeelhouder voor het afvalenergiebedrijf te vinden, maar dit is niet gelukt vanwege de blokkering van twee verkoopprocessen door de ACM. De wethouder reflecteert ook op de rol van de gemeenteraad en benadrukt dat het belangrijk is om als gemeente een strategie te bepalen en niet te veel in de bedrijfsvoering van het bedrijf in te grijpen.
Hij noemt de risico's van het afvalenergiebedrijf als een zorg voor het college, maar benadrukt dat er geen directe enorme financiële problemen zijn, ook al zijn er in het verleden afschrijvingen geweest. Hij wijst erop dat de grootste bedreiging voor de lokale lasten afkomstig
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
is van beslissingen op Rijksniveau. Hij concludeert met de bevestiging dat er binnen het college een breed gevoel is om de lasten niet te laten stijgen, ook al zal de voorjaarsnota daarin een belangrijke rol spelen. Tenslotte geeft hij aan dat het college de raad verder zal informeren over de details via schriftelijke aanvulling en benadrukt dat de raad eerder werd geïnformeerd dan de pers. Lid BAKKER (Partij voor de Dieren) reageert op de wethouder door te vragen om een concreet voorbeeld van wat hij in het verleden als te vergaand beschouwde qua bedrijfsvoering, aangezien de wethouder in zijn vorige opmerking het behang van de kantine als hyperbool gebruikte. Wethouder VAN DANTZIG antwoordt dat hij dit onderwerp graag uitgebreid wil bespreken tijdens de inhoudelijke behandeling. Hij verwijst naar het rapport van Winter en de eigen raadsenquêtecommissie, waarin legio voorbeelden te vinden zijn. Hij stelt voor dat lid Bakker dat rapport nog eens doorneemt, waarna hij tijdens de inhoudelijke behandeling een goed voorbeeld zal geven van wat hij als te vergaand beschouwt in de bedrijfsvoering. Lid BURGERS (VVD) vraagt hoeveel er moet worden afgeschreven in de gemeentelijke begroting als gevolg van de tegenvaller van de niet-verkoop van AEB? Wethouder VAN DANTZIG geeft aan dat de verkoop van het afvalenergiebedrijf niet direct leidt tot een stijging of daling van de lokale lasten.
Hij legt uit dat deze besluiten door het Rijk bepaald worden en verwijst naar eerdere uitleg die hij in de pers en via de raadsbrief heeft gegeven over de reden waarom het college niet overgaat tot verkoop. De wethouder uit zijn frustratie over de discussie, omdat hij vindt dat men steeds een haakje zoekt om het debat te voeren, terwijl de commissie heeft aangegeven het op dit moment enkel over het krantenartikel te willen hebben. Lid GARMY (Volt) geeft aan dat hij niet persoonlijk gebeld is over het feit dat de verkoop van het afvalenergiebedrijf niet doorgaat, maar dat hij dit pas via een journalist te horen kreeg. Hij vraagt de wethouder hoe hij op deze situatie reflecteert. Wethouder VAN DANTZIG benadrukt dat het college altijd direct heeft geïnformeerd en dat hij het belangrijker vindt om de inhoud te bespreken in plaats van te verzanden in een debat over wie welke brief wanneer heeft ontvangen. Hij roept de raad op om zich serieus te nemen en zich te richten op de toekomst van het AEB, in plaats van spelletjes te spelen over de communicatie. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) uit haar onvrede over de communicatie van de wethouder en de positie van de gemeenteraad in het proces rond de niet-verkoop van AEB. Ze wil hierover in een later debat verder praten, zowel over het verleden als de huidige situatie.
Daarnaast betwist ze de bewering dat er een belronde is geweest en vraagt om opheldering. Wat betreft de informatievoorziening stelt ze dat niemand om een voorsprong van twee à drie dagen heeft gevraagd, maar dat het wel gebruikelijk is om de raad minimaal een avond van tevoren onder embargo te informeren. Ze dringt erop aan dat het college in de toekomst beter rekening houdt met de informatiepositie van de gemeenteraad. Wethouder VAN DANTZIG erkent dat er altijd ruimte is voor verbetering, maar benadrukt dat de discussie over de timing van de informatievoorziening niet de kern van het probleem zou moeten zijn. Hij wijst erop dat ambtenaren dag en nacht werken om de raad zo goed mogelijk te informeren en dat het soms niet perfect verloopt. Hij geeft aan het gevoel te hebben dat ze onfeilbare robots moeten zijn. Hij pleit voor een collegiale toon in het bespreken van verbeterpunten en stelt dat het belangrijker is om naar de inhoud te kijken dan te blijven hangen in een discussie over wanneer precies welke brief is verstuurd.
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) neemt aanstoot aan de toon van de wethouder. Ze benadrukt dat niemand in de raad heeft geëist dat ambtenaren of het college onfeilbare robots moeten zijn. Volgens haar is het enige wat de raad vraagt dat zij op tijd en goed wordt geïnformeerd, zodat zij haar werk naar behoren kan doen. Ze onderstreept dat raadsleden ook hard werken, vaak naast een parttime baan, en dat ze respect verwacht van de wethouder voor hun inzet. Lid Van Pijpen maakt duidelijk dat ze haar kritiek op een nette manier uit en vraagt de wethouder om datzelfde respect en diezelfde netheid in zijn reacties te tonen. De VOORZITTER sluit de bespreking over dit onderwerp en geeft aan dat het onderwerp verder besproken zal worden in de raadsvergadering, waar moties ingebracht mogen worden, en de volgende vergadering van de commissie. De VOORZITTER schorst de vergadering. De VOORZITTER heropent de vergadering met de behandeling van de actualiteit over de achterstand van niet-betaalde facturen bij de gemeente Amsterdam. Eerste termijn Lid BURGERS (VVD) uit scherpe kritiek op wethouder Van Buren vanwege de ernstige problemen rond onbetaalde facturen bij de gemeente Amsterdam. Terwijl de wethouder in de media stelt dat Amsterdam met 9 miljard euro schuld nog steeds financieel gezond is, worden ondernemers geconfronteerd met een situatie waarin facturen niet of veel te laat worden betaald.
Voor velen heeft dit grote financiële gevolgen, sommige bedrijven dreigen zelfs om te vallen. Uit meldingen bij het VVD-meldpunt blijkt dat er op dat moment 43.000 facturen openstonden, waarvan 26.000 uit 2024 en 300 nog van voor 2024. Volgens lid Burgers waren er al in december en januari duidelijke signalen dat de implementatie van AFIS niet soepel verliep, maar pas in februari werd de wethouder hierover ingelicht. Dit roept de vraag op waarom zij niet eerder ingreep. Hij verwijt haar dat ze zich op afstand hield, terwijl de verantwoordelijkheid voor een dergelijk cruciaal proces juist bij haar ligt. De VVD stelt dat de wethouder eerder betrokken had moeten zijn bij de zogeheten go/no-go-momenten, waarin werd besloten of de implementatie kon doorgaan. Nu werd zij achteraf geïnformeerd over beslissingen die zonder haar afstemming werden genomen. Dit terwijl er, gezien eerdere waarschuwingen van accountants en andere instanties, voldoende reden was om juist een actieve rol te spelen. Ook het instellen van een spoeddesk om betalingsproblemen op te lossen gebeurde zonder haar directe betrokkenheid. Dat roept de vraag op of zij wel voldoende controle had over haar eigen portefeuille. Daarnaast wijst lid Burgers op de implementatie van het vorige betaalsysteem in 2017.
Toenmalig wethouder Kock hield zich daar persoonlijk mee bezig en zorgde ervoor dat betalingsproblemen snel werden aangepakt. In tegenstelling tot wethouder Van Buren nam hij wekelijks deel aan overleggen met de gemeentesecretaris en betrokken directeuren om grip te houden op het proces. Waarom heeft de huidige wethouder geen vergelijkbare aanpak gehanteerd, vraagt lid Burgers zich af. De VVD vindt het onacceptabel dat de wethouder zich zo afstandelijk opstelde bij een systeem dat de financiële afhandeling van de gemeente volledig bepaalt. Haar taak is ervoor te zorgen dat belastinggeld, betaald door Amsterdammers, op een verantwoorde manier wordt beheerd. Dat vereist leiderschap en controle, en volgens lid Burgers heeft de wethouder daarin ernstig gefaald. Lid HAVELAAR (CDA) vindt de niet-betaalde facturen een onacceptabele situatie, vooral gezien het feit dat de problemen tijdens de testfase niet naar voren kwamen, maar pas na de implementatie zichtbaar werden. Dit heeft zware gevolgen voor de leveranciers van de gemeente. Hij benadrukt dat de wethouder de verantwoordelijkheid draagt voor dergelijke grote projecten en zou dus een actieve rol moeten spelen in de uitvoering ervan.
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
Hij vraagt zich af wat je mag verwachten van een wethouder van financiën bij de implementatie van een groot project zoals dit? Hij benadrukt dat de wethouder niet alleen een beleidsmaker is, maar ook verantwoordelijk moet zijn voor de uitvoering van dat beleid, wat betekent dat ze dicht op het proces moet zitten. Hij vraagt de wethouder welke rol zij voor zichzelf ziet in zo’n project en waarom ze niet eerder werd ingelicht over de problemen die al in januari duidelijk werden. Hoe beoordeelt de wethouder haar handelen tijdens het proces? Hij vindt het onbegrijpelijk dat de wethouder in een commissievergadering beweert dat alles goed gaat, terwijl er ernstige problemen spelen. Het is volgens hem onverklaarbaar dat de wethouder geen vragen heeft gesteld over de openstaande facturen en waarom ze pas zo laat werd geïnformeerd over de ernst van de situatie. Ook vraagt hij zich af waarom de wethouder geen sturing heeft gegeven nadat de problemen zich aandeden, en welke stappen er zijn genomen binnen de organisatie om het proces weer op de rails te krijgen. Lid Havelaar wijst ook op eerdere incidenten in de gemeente, zoals problemen met onrechtmatige inkoop, discriminatie en ongewenst gedrag op de werkvloer, en de ongelukkige gang van zaken rondom de OZB-verhoging. Volgens hem is er sprake van een patroon van mismanagement en een gebrek aan controle binnen de organisatie.
Hij wijst erop dat de wethouder in een eerdere reactie had gesteld dat ambtenaren vaak zelf dingen proberen op te lossen in plaats van het aan te geven. Dit gedrag wordt volgens hem niet veranderd binnen de organisatie, en hij vraagt zich af of de wethouder zelf in control is. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) reageert op de opmerkingen van lid Havelaar waarin hij racisme en discriminatie in de organisatie benoemde en de wethouder daar deels verantwoordelijk voor hield. Volgens haar heeft de wethouder juist openlijk gecommuniceerd over deze kwesties en actief gewerkt aan oplossingen. Ze benadrukt dat wethouders juist niet dingen zouden moeten verbergen, maar in plaats daarvan transparant moeten zijn en problemen in de openheid moeten brengen, zodat er ook daadwerkelijk iets mee gedaan kan worden. Lid GARMY (Volt) uit zijn bezorgdheid over de situatie rondom de betaalachterstanden bij de gemeente Amsterdam, die grote gevolgen heeft voor het vertrouwen in de overheid, vooral onder ondernemers die hierdoor in financiële problemen verkeren. Hij benadrukt dat het voor veel ondernemers dramatisch is, omdat zij hun rekeningen niet kunnen betalen of hun personeel niet kunnen uitbetalen.
Hij spreekt zijn waardering uit voor de inspanningen van de gemeente en de wethouder, die aangeven dat er hard gewerkt wordt om de problemen op te lossen en de raad wekelijks op de hoogte wordt gehouden van de voortgang. Toch maakt hij zich zorgen over de manier waarop de risico's van de nieuwe systemen zijn ingeschat. Hij noemt het optimisme van de gemeente over het snel kunnen oplossen van de problemen als onterecht en wijst op de tekortkomingen in de voorbereiding en training van de medewerkers voor het nieuwe systeem, vooral gezien de problemen die pas na de livegang duidelijk werden. Hij vraagt zich af hoe de wethouder deze tekortkomingen nu beoordeelt en wat dit zegt over de vroege risico-inschatting van de gemeente. Naast de technische problemen, benadrukt lid Garmy de zorgen van ondernemers over de slechte bereikbaarheid van de gemeente. Hij haalt voorbeelden aan van e-mails die onbeantwoord blijven en frustratie over de spoeddesk, waar ondernemers geen inhoudelijke hulp krijgen en alleen tussenpersonen aan de lijn krijgen die hun verzoeken doorsturen zonder verder te helpen. Hij vraagt de wethouder of zij deze klachten herkent en hoe ze denkt over de kritiek op de spoeddesk, en wat er gebeurt als een spoedaanvraag wordt afgekeurd, waarbij ondernemers mogelijk zonder oplossing achterblijven.
Ook uit hij zijn zorgen over de informatiepositie van de wethouder en het gebrek aan tijdige communicatie binnen de gemeente, vooral in relatie tot de betaalachterstanden en de problemen rond de implementatie van het nieuwe betalingssysteem. Hij wijst erop dat er al vanaf 27 januari voorbereidingen werden getroffen voor een spoeddesk, terwijl de wethouder pas op 1 februari op de hoogte werd gesteld van deze maatregelen. Dit lijkt niet in lijn met de verwachtingen die je mag hebben van een wethouder die verantwoordelijk is voor een dergelijke ingrijpende operatie. De wethouder werd pas twee dagen na de conclusie van het GMT op 30 januari over de ernst van de situatie geïnformeerd, wat hij als zorgwekkend beschouwt. Hij vraagt
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
zich af waarom er zo'n gat zat tussen het moment dat de problemen duidelijk waren en het informeren van de wethouder. Lid Garmy wijst op het patroon van onvoldoende informatievoorziening en gebrek aan regie, wat ook eerder naar voren kwam bij andere situaties zoals de onrechtmatige inkoop en de OZB-verhoging. Dit baart hem zorgen over de grip van de wethouder op de organisatie. Hij vraagt de wethouder om reflectie op haar eigen handelen en hoe zij haar informatiepositie in de toekomst zal verbeteren, zodat ze sneller en beter geïnformeerd wordt over grote risicovolle dossiers. Daarnaast vraagt hij om meer duidelijkheid over de totale kosten van de operatie rond het nieuwe betalingssysteem, aangezien er in de brief weinig financiële informatie wordt verstrekt. Dit is volgens hem cruciaal voor het vaststellen van de impact van de crisis op de gemeente. Hij sluit zijn betoog af met een citaat uit de brief van maandag, waarin wordt beschreven hoe de organisatie een neiging heeft om problemen eerst op te lossen en pas daarna te informeren. Hij benadrukt dat dit probleem, dat vaker terugkomt, nu opgelost moet worden. Lid KROM (Partij voor de Dieren) bekritiseert de invoering van AFIS en de daaruit voortvloeiende problemen. Ze benadrukt dat zowel ondernemers als de raad te laat en onvolledig zijn geïnformeerd over de situatie.
Ze wijst op de toezegging van de wethouder op 23 januari dat de implementatie goed verliep, ondanks de achterstanden. Ze uit haar bezorgdheid over de extra kosten, die al in 2024 bijna 10 miljoen euro bedroegen, en vraagt zich af hoeveel meer er nog bijkomt. Ze richt zich vervolgens op de informatiepositie van de wethouder, die volgens haar al bekend was met de neiging van de organisatie om problemen niet direct te delen. Ze vraagt zich af waarom de wethouder niet bij de eerste signalen van problemen bij de facturatie direct actie heeft ondernomen en waarom zij niet op de hoogte was van de al aanwezige meldingen op internet. Ze uit ook haar zorgen over de het gebrek aan betrokkenheid van de wethouder bij het opzetten van de spoeddesk en vraagt zich af of de andere wethouders en de burgemeester hiervan op de hoogte waren. Lid Krom reflecteert ook op eerdere incidenten waarbij de wethouder onvoldoende geïnformeerd was, zoals bij de onrechtmatigheid van inkopen en salarisbetalingen, en vraagt hoe de wethouder deze keer met de situatie omgaat. Tot slot vraagt ze om meer duidelijkheid over de extra kosten van de implementatie van AFIS, die inmiddels boven de geplande zeven ton zouden kunnen liggen. Ze sluit af met de vraag wanneer ondernemers eindelijk op tijd betaald zullen worden.
Lid SCHMIT (D66) begint met een verhaal over een ondernemer die hem belde omdat zijn factuur niet betaald was door de gemeente. Deze ondernemer was gedwongen geld te lenen om een belastingaanslag te betalen, wat lid Schmit diep verontrustte. Hij wijst op de impact van de niet-betaalde facturen op het vertrouwen van Amsterdammers in hun stad en benadrukt dat dit een zorgelijke situatie is. Lid Schmit structureert zijn bijdrage in drie punten, het leiderschap van de wethouder, de gevolgen voor ondernemers, en de impact op de stad. Hij bespreekt de informatiepositie van de wethouder en haalt voorbeelden aan waarin de wethouder te laat werd geïnformeerd, zoals de signalen op 6 januari en de performance issues op 27 januari. Hij vindt het zorgwekkend dat de wethouder pas op 1 februari op de hoogte werd gesteld van de problemen, terwijl de stuurgroep eerder al besloot dat er onvoldoende medewerkers waren getraind. Hij vraagt zich af waarom de wethouder zich niet eerder op de hoogte had gesteld en waarom ze niet aanwezig was bij de stuurgroepvergaderingen in november, december en januari. Volgens hem toont dit gebrek aan actieve betrokkenheid van de wethouder.
Lid HAVELAAR (CDA) vraagt of lid Schmit vindt dat de wethouder er meer bovenop had moeten zitten? Lid SCHMIT (D66) benadrukt de verantwoordelijkheid van de wethouder, met name als het gaat om het toezicht op grootschalige veranderingen zoals de invoering van AFIS. Hij
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
benadrukt dat een wethouder vanaf het begin bovenop zulke processen moet zitten, vooral omdat de impact op de stad en ondernemers groot is. Hij maakt zich zorgen over de vertragingen en de onvolledige communicatie, bijvoorbeeld dat de spoeddesk werd voorbereid zonder de wethouder erbij, en dat de door de gemeente verstuurde brieven fouten bevatten, wat het vertrouwen verder ondermijnt. Hij vraagt of de wethouder het met hem eens is dat een oplossing voor de ondernemers pas op 19 mei niet acceptabel is, en vraagt of de wethouder direct contact heeft gehad met gedupeerden. Hij vindt ook dat de wethouder economische zaken bij de situatie betrokken had moeten zijn, aangezien ondernemers de dupe zijn van de situatie. Lid Schmit uit zorgen over de bredere impact op de stad, zoals vertragingen bij nieuwe opdrachten en mogelijke boetes die de gemeente moet betalen, wat extra druk legt op andere budgetten. Hij wijst ook op het patroon van gebrek aan toezicht bij de afdeling inkoop en accounting, en vraagt de wethouder om reflectie. Tot slot roept hij de wethouder op om niet alleen te spreken over cultuurverandering, maar daadwerkelijk de leiding te nemen om herhaling van deze situatie te voorkomen. Lid KROM (Partij voor de Dieren) vraagt aan lid Schmit of hij vertrouwen heeft dat de wethouder de situatie daadwerkelijk zal oppakken op de manier die hij voor ogen heeft.
Lid SCHMIT (D66) antwoordt dat hij op dit moment geen politiek wil bedrijven, maar zich zorgen maakt over de 25.000 openstaande facturen en de getroffen ondernemers. Hij wil eerst het antwoord van de wethouder horen over hoe deze situatie wordt aangepakt. Lid HAVELAAR (CDA) vraagt aan lid Schmit of hij, bijvoorbeeld bij de onrechtmatige inkopen, ook een patroon ziet in het gedrag van de wethouder. Lid SCHMIT (D66) benadrukt dat het belangrijk is om te kijken naar specifieke beleidsterreinen. Hij prijst de wethouder voor de aanpak van bestuursopdrachten rond racisme en discriminatie, maar ziet een patroon van problemen bij de afdeling accounting en inkoop. Hij verwijst naar eerdere debatten over de jaarrekeningen en constateert dat in dezelfde groep opnieuw kwesties ontstaan. Lid KHAN (DENK) vraagt of de fractie van D66 er politieke consequenties aan zal verbinden als de kwestie pas op 19 mei opgelost is, aangezien lid Schmit aangaf dat dit niet acceptabel zou zijn. Lid SCHMIT (D66) geeft aan eerst het antwoord van de wethouder te willen afwachten. Lid ASRUF (PvdA) noemt de situatie voor ondernemers en leveranciers pijnlijk, omdat duizenden facturen te laat zijn betaald. Hoewel problemen bij ICT-overgangen gebruikelijk zijn, vindt hij het onacceptabel dat ondernemers hierdoor financieel geraakt worden.
Hij wil weten hoe het mogelijk is dat er ondanks een jaar uitstel nog grote problemen ontstonden, waarom risico’s niet eerder in beeld waren en hoe goed ambtenaren en externe partijen voorbereid waren op de transitie. Ook vraagt hij de wethouder te reflecteren op haar rol in het proces. Met betrekking tot de huidige situatie erkent hij dat er vooruitgang is, maar wijst hij erop dat de instroom van facturen in de laatste update weer hoger is dan de uitstroom. Hij vraagt waarom is gekozen voor de constructie van een spoeddesk met een frontdesk en backoffice. Voor de toekomst wil hij weten waarop de geschetste scenario’s zijn gebaseerd en hoe deze rekening houden met mogelijke nieuwe problemen. Hij vraagt of gegarandeerd kan worden dat alle inkomende facturen op tijd betaald worden en hoe de evaluatie van de implementatie zal plaatsvinden. Tot slot benadrukt hij dat de prioriteit moet liggen bij tijdige betalingen aan ondernemers en leveranciers, met extra aandacht voor schrijnende gevallen. Lid GARMY (Volt) vraagt de Partij van de Arbeid hoe zij zelf de rol van de wethouder beoordeelt.
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
Lid ASRUF (PvdA) benadrukt dat er een duidelijk onderscheid moet worden gemaakt tussen het verleden, het heden en de toekomst. Zijn vragen gingen vooral over het verleden, waarbij hij de wethouder specifiek om een reflectie heeft gevraagd. Hij verwijst naar een eerdere brief waarin de wethouder aangaf dat ze meer had moeten doorvragen, maar wil weten wat dat concreet betekent en wat er verder anders had gemoeten. Hij stelt voor om eerst de reactie van de wethouder in de eerste termijn af te wachten. Lid BURGERS (VVD) vraagt aan lid Asruf of hij vindt dat de wethouder afwezig is geweest bij de voorbereiding van het project. Daarnaast wil hij weten of hij de situatie als een financieel debacle beschouwt. Lid ASRUF (PvdA) wijst op de tijdlijn van gebeurtenissen rondom de implementatie van het financiële systeem. Hij benoemt dat het op 13 januari goed ging, maar dat op 20 januari de eerste problemen ontstonden, gevolgd door updates en maatregelen in de daaropvolgende weken. Hij vraagt de wethouder om een verklaring over wat er in die tussentijd is gebeurd. Lid Asruf benadrukt dat zijn prioriteit ligt bij het zo snel mogelijk oplossen van de problemen, omdat ondernemers daar het meest bij gebaat zijn.
Lid HAVELAAR (CDA) vraagt of de Partij van de Arbeid vindt dat een wethouder vooral op beleidsniveau opereert en daardoor meer afstand mag houden, of dat een wethouder juist actief betrokken moet zijn bij dit soort projecten. Lid ASRUF (PvdA) stelt dat hij niet vindt dat de wethouder dagelijks alles tot in detail moet volgen. Hij sluit zich aan bij lid Schmit en benadrukt dat de wethouder bestuurlijk en politiek verantwoordelijk is. Tegelijkertijd moet zij kunnen vertrouwen op tijdige en juiste informatie van ambtenaren. Hij verwijst naar een eerdere brief waarin de wethouder hierop heeft gereflecteerd. Lid HAVELAAR (CDA) vraagt of de Partij van de Arbeid vindt dat een wethouder zich proactief moet laten informeren over belangrijke stuurgroepvergaderingen en go/no-gomomenten, ook al hoeft zij niet dagelijks alles te volgen. Lid ASRUF (PvdA) benadrukt dat er een onderscheid is tussen de ambtelijke stuurgroep en de bestuurlijke verantwoordelijkheid van de wethouder. Hij wijst erop dat de wethouder niet in de ambtelijke stuurgroep zat, maar in een bestuurlijke groep. Volgens hem moet het debat zich richten op de informatievoorziening aan de wethouder, waarbij hij aangeeft dat de wethouder hier later zelf op zal ingaan. Lid HAVELAAR (CDA) verwijst naar de uitgebreide brief waarin staat dat de wethouder beter geïnformeerd had kunnen worden en meer had moeten doorvragen.
Hij vraagt de Partij van de Arbeid of zij het ermee eens is dat de wethouder hier actiever in had moeten zijn. Lid ASRUF (PvdA) stelt dat de omvang van de huidige problemen onvermijdelijk tot de conclusie leidt dat de wethouder reflectie moet tonen. Hij erkent dat zij dat doet en bevestigt dat er beter doorgevraagd had moeten worden. Lid VAN BERKEL (JA21) verwijt lid Asruf dat hij vooral over de ambtelijke en procesmatige kant van de problemen spreekt en vraagt of hij werkelijk begrijpt wat de situatie betekent voor de gedupeerde ondernemers. Hij stelt dat er onvoldoende urgentie wordt getoond. Daarnaast uit hij kritiek op de werking van de spoeddesk, waarbij ondernemers lang moeten wachten op een antwoord. Hij vraagt of lid Asruf dit een normale gang van zaken vindt voor mensen die op hun geld wachten. Lid ASRUF (PvdA) stelt dat lid Van Berkel zijn bijdrage niet goed heeft beluisterd. Hij benadrukt dat hij meerdere keren heeft aangegeven hoe pijnlijk de situatie is voor ondernemers en leveranciers en dat het de topprioriteit van het college moet zijn om de problemen zo snel
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
mogelijk op te lossen, vooral in schrijnende gevallen. Daarnaast heeft hij specifiek gevraagd naar de werking van de spoeddesk en wil hij dat de wethouder toelicht waarom voor deze constructie is gekozen. Hij vindt het onterecht dat JA21 suggereert dat de PvdA de urgentie niet ziet. Hij stelt dat de wethouder zich de afgelopen weken dag in dag uit heeft ingezet om de problemen zo snel mogelijk op te lossen. Lid BURGERS (VVD) vraagt of lid Asruf het onacceptabel zou vinden als de problemen op 19 mei nog niet zijn opgelost, aangezien hij aangeeft dat het oplossen van de problemen voor ondernemers zijn prioriteit is. Lid ASRUF (PvdA) antwoordt dat hij, net als de VVD, hoopt dat de problemen liever gisteren dan vandaag worden opgelost. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) uit haar zorgen over de problemen bij de invoering van het nieuwe financiële systeem en de gevolgen daarvan voor ondernemers en leveranciers. Ze benadrukt het belang van goede communicatie en dienstverlening richting de gedupeerden en stelt vragen over de afhandeling van de crisis, de betrokkenheid van de wethouder, en de kosten van de crisisoperatie. Ze wijst erop dat de stapeling van technische problemen niet als risico was geïdentificeerd en vraagt zich af welke rol externe partners, zoals de leverancier en implementatiepartners, hebben gespeeld in de problemen.
Ze is ook kritisch over de afwezigheid van informatie over hun rol en de gebrekkige communicatie over de herstelmaatregelen. Lid HAVELAAR (CDA) uit zijn bezorgdheid over het feit dat veel mensen geen opleiding hebben gevolgd. Hij vraagt lid Van Pijpen naar haar visie op dit probleem. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) benadrukt de ernst van het probleem van onvoldoende opleiding en stelt dat ze hier later verder op in zal gaan in relatie tot de sturing van de organisatie. Ze uit ook zorgen over de risico’s van het project, waarbij de opstapeling van technische problemen niet als risico werd gezien, wat ze onbegrijpelijk vindt. Ze vraagt zich af waarom de risicobeoordeling niet met de wethouder is besproken, en stelt dat de informatiepositie van de wethouder niet op orde is. Ze pleit voor een organisatie waarin snel wordt geëscaleerd en waarin de wethouder de juiste aansturing biedt. Ze vraagt om een concreet plan van aanpak om de situatie te verbeteren, en sluit af met de oproep om deze crisis snel op te lossen. Lid KHAN (DENK) sluit zich aan bij de probleemconstatering van GroenLinks over de gebrekkige informatievoorziening richting de wethouder. Hij ziet twee mogelijke oorzaken, ofwel de ambtenaren spelen onvoldoende informatie door, ofwel de wethouder zit er niet dicht genoeg op.
Hij vraagt GroenLinks waarom zij tot de conclusie komt dat de informatievoorziening vanuit de ambtenaren niet goed genoeg is en waar zij die informatie op baseert. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) verwijst naar de brief waarin staat dat problemen eerder worden opgelost dan dat ze worden geëscaleerd of doorgegeven. Dit ziet zij als een duidelijke bevestiging van de gebrekkige informatievoorziening. Daarnaast baseert zij haar conclusie op eerdere ervaringen, zoals bij inkoop, waar vergelijkbare problemen speelden. Ze benadrukt dat het de verantwoordelijkheid van de wethouder blijft om de organisatie en cultuur zo in te richten dat de juiste informatie tijdig en volledig wordt gedeeld. Lid KHAN (DENK) vraagt hoe GroenLinks het optreden van de wethouder beoordeelt, gezien het structurele probleem met de informatievoorziening vanuit de ambtenarij. Hij wijst erop dat als de wethouder hiervan op de hoogte is, het ook haar verantwoordelijkheid is om dit te verbeteren. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) stelt dat de wethouder hard aan de slag moet om de informatievoorziening beter te organiseren. Hoewel het goed is dat zij meer vragen stelt, ligt de kern van het probleem bij de inrichting en cultuur van de organisatie. De wethouder is verantwoordelijk voor een structuur waarin zij tijdig en volledig geïnformeerd wordt.
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
Lid BURGERS (VVD) vraagt of het voor GroenLinks onacceptabel is als de problemen op 19 mei nog niet opgelost zijn. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) benadrukt het belang van goed risicomanagement binnen de gemeente en stelt dat risico’s van snelle betalingen zorgvuldig in kaart moeten worden gebracht. Hoewel ze het liefst ziet dat het probleem direct wordt opgelost, waarschuwt ze voor mogelijke gevolgen zoals organisatorische problemen of hoge kosten. Ze wil zich daarom niet vastleggen op een specifieke datum, maar pleit voor een realistische en goed gemonitorde aanpak. Daarnaast onderstreept ze het belang van communicatie en het herstellen van de relatie met ondernemers, waarbij excuses een belangrijke rol spelen. Lid BURGERS (VVD) vraagt of GroenLinks vindt dat de wethouder te ver van de problemen af heeft gestaan. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) stelt dat de wethouder politiek en bestuurlijk verantwoordelijk is en ervoor moet zorgen dat zij de juiste informatie krijgt en op de juiste plekken aanwezig is. Ze wil zich niet uitlaten over specifieke stuurgroepen, maar benadrukt dat het uiteindelijk om het resultaat gaat. De VOORZITTER schorst de vergadering voor drie minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering. Lid BOBELDIJK (SP) benadrukt dat de invoering van het nieuwe factuursysteem het vertrouwen in de overheid heeft geschaad en dat dit had moeten worden voorkomen.
Hij vraagt of er vooraf signalen waren dat de invoeringsdatum te vroeg was en of het project goed werd aangestuurd. Ondanks voorzorgsmaatregelen is het eindresultaat niet goed, wat duidt op structurele problemen in de projectsturing. Hij wil leren van deze fouten om herhaling te voorkomen. Daarnaast vraagt hij om reflectie op de rol van de wethouder en hoe zij toekomstige projecten beter kan aansturen, vooral wat betreft informatievoorziening en escalatie van problemen. Lid BILGIN (Forum voor Democratie) bekritiseert het gebrek aan betrokkenheid en alertheid van de wethouder bij de invoering van het nieuwe betaalsysteem. Hij vindt dat de wethouder als verantwoordelijke voor financiën veel eerder had moeten ingrijpen en signalen uit de samenleving had moeten oppikken. De crisis heeft volgens hem grote gevolgen voor inwoners, ondernemers en sociale initiatieven in de stad. Hij uit zorgen over de gebrekkige gemeentelijke processen, waaronder slechte communicatie en onvoldoende training van ambtenaren. Hij pleit voor een duurzame oplossing en vraagt of er een onafhankelijk onderzoek komt om toekomstige problemen te voorkomen. Lid KHAN (DENK) hekelt de trage reactie van de wethouder op de factuurcrisis, waarbij bijna 29.000 facturen ter waarde van 200 miljoen euro te laat of niet zijn betaald.
Hij wijst op de impact op ondernemers en ZZP’ers en stelt dat maatregelen pas werden genomen toen de crisis al volop gaande was. Hij bekritiseert de tijdlijn, waarbij de wethouder pas op 1 februari werd geïnformeerd, hoewel de problemen al op 30 januari waren vastgesteld. Hij vraagt waarom er niet sneller is gehandeld en of de wethouder wel goed is meegenomen door haar ambtenaren. Ook uit hij zorgen over het niet herkennen van waarschuwingssignalen in de testfase en vraagt hij om directe antwoorden op deze analyse. Tot slot pleit hij voor meer transparantie over de uitbetalingstermijnen en vraagt hij waarom er nog wordt nagedacht over compensatie voor getroffen ondernemers. Lid KABAMBA (Lijst Kabamba) wijst erop dat de problemen al voor de invoering van AFIS bestonden en vraagt zich af waarom er niet proactief is gehandeld. Ze betwijfelt of de
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 27 februari 2025
FKD
gestelde deadline van 19 mei haalbaar is en wil weten welke ondernemers als laatste worden betaald, kleine ondernemers of juist grote bedrijven met een financiële buffer. Ze vraagt om duidelijkheid over het prioriteitsbeleid, inclusief het drempelbedrag voor facturen, en hoe wordt gewaarborgd dat kleine ondernemers daadwerkelijk voorrang krijgen. Ze hekelt de oplopende kosten, die eerst binnen budget leken te vallen maar inmiddels aanzienlijk zijn, en eist een overzicht van de totale financiële en maatschappelijke impact. Daarnaast vraagt ze waarom er geen schaduwboekhouding was om problemen bij de overgang naar het nieuwe systeem op te vangen. Ook vraagt ze hoe de gemeente actief getroffen ondernemers ondersteunt, of er compensatie of renteregelingen komen en of tijdelijke krachten niet alleen facturen verwerken, maar ook signaleren welke ondernemers extra hulp nodig hebben. Tot slot bekritiseert ze de webcare van de gemeente, hoewel de online communicatie efficiënt is, vraagt ze zich af hoe dit zich vertaalt in daadwerkelijke actie. Ze dringt aan op transparantie, verantwoordelijkheid en herstelmaatregelen. Lid PERDOK (De Vonk) uit zorgen over een toxische werkcultuur binnen de gemeente Amsterdam, waarin ambtenaren mogelijk niet open durven te zijn over problemen, uit angst voor afstraffing. Dit zou hebben bijgedragen aan de late signalering van de factureringscrisis.
Ze wijst op het risico dat de gemeente hierdoor een onaantrekkelijke werkgever wordt en dat ondernemers, met name kleine ZZP’ers, afhaken omdat zij slecht behandeld worden. Ze stelt dat uit signalen blijkt dat grote bedrijven sneller worden betaald dan kleine ondernemers, wat ze als onrechtvaardig bestempelt. Ze vraagt de wethouder om uitleg over deze prioritering. Ook vraagt ze waarom de gemeente ondanks duidelijke risico’s toch voor de invoering van AFIS heeft gekozen, en of de wethouder de risico’s heeft onderschat. Daarnaast wil ze weten wie verantwoordelijk was voor de testomgeving en waarom er geen eerdere ingrepen zijn geweest om structurele betalingsachterstanden te voorkomen. Ze dringt aan op concrete maatregelen om herhaling te vermijden en vraagt of er compensatie komt voor getroffen ondernemers. Tot slot verwijst ze naar een voorstel uit een artikel om eerst alle achterstanden op te lossen voordat er verdere systeemveranderingen worden doorgevoerd. Ze vraagt de wethouder om een reactie hierop, gezien de risico’s die nieuwe implementaties met zich meebrengen. Lid VAN BERKEL (JA21) bekritiseert de gemeente Amsterdam vanwege de chaos rondom het nieuwe betaalsysteem AFIS. Hij wijst erop dat de gemeente jaarlijks 3,5 miljard euro uitgeeft en desondanks volledig is vastgelopen met deze implementatie.
Hij benadrukt dat de problemen wekenlang opliepen zonder dat wethouder Van Buren hiervan op de hoogte was. Lid Van Berkel vraagt hoe dit mogelijk is en of de wethouder eigenlijk nog wel in control is. Hij vraagt waarom er niet voor een gefaseerde implementatie is gekozen waarbij het oude en nieuwe systeem parallel liepen. Hij wijst erop dat het oude systeem nog een jaar ondersteund werd en dat deze aanpak mogelijk was. Hij vermoedt dat kostenbesparing en gemak de doorslag hebben gegeven en noemt dit besluit ronduit roekeloos. Hij refereert ook aan een recente brief met nieuwe cijfers die vlak voor het debat is verstuurd. Volgens deze cijfers blijven de achterstanden oplopen en worden zowel nieuwe als oude facturen niet op tijd betaald. Hij stelt daarom de directe vraag, werkt het systeem nu zoals het zou moeten? Daarnaast uit hij scherpe kritiek op de planning van de wethouder, die de achterstanden pas tussen eind maart en half mei denkt te hebben opgelost. Dit noemt hij volstrekt onacceptabel. Hij eist dat de volledige achterstand uiterlijk op 28 maart is weggewerkt. De VOORZITTER schorst de vergadering tot één uur. De PLAATSVERVANGEND VOORZITTER heropent de vergadering. Wethouder VAN BUREN benadrukt dat de gemeente Amsterdam een betrouwbare partner wil zijn voor ondernemers, groot en klein.