2025.06.25 Conceptverslag RO.pdf
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie
RO
Raadscommissieverslag, 25 juni 2025
CONCEPTVERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
Openbare vergadering van de Raadscommissie Ruimtelijke Ordening Woensdag 25 juni 2025 van 13.30 tot 16:55 uur in de Willem Kraanzaal Woensdag 3 september 2025
Voorzitter: mevrouw Van Pijpen Portefeuillehouders: wethouder Moorman, wethouder Pels, wethouder Van Weyenberg Commissiegriffier: mevrouw Nieuwenhuis, A. Dutilh (commissieondersteuner) Verslaglegging: mevrouw Röling (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Aboelkasem (DENK), Ahmadi (De Vonk), Alberts (SP), Emmerik (PvdD), Von Gerhardt (VVD), Keesman (PvdA), Konings (VOLT), Lochtenberg (CDA), Moeskops (D66), Van Munster (GL), Noordman (FvD), Staartjes (VVD), Taj (GL), Taşliyurt (D66), Van der Veen (GL) en Veenhoff (GL) Afwezige commissieleden: Minderhoud (PvdA) Overige aanwezigen: -
1, Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER stelt vast dat er sprake is van een quorum en heet iedereen van harte welkom op deze openbare raadscommissievergadering RO. b. Mededelingen De VOORZITTER deelt mede dat dit de laatste vergadering is voor het zomerreces. De eerstvolgende vergadering is op 3 september 2025. Op 29 oktober 2025 stond ook een vergadering gepland, maar deze wordt verzet naar 30 oktober 2025 door de Tweede Kamerverkiezingen. Ook deelt de voorzitter mee, dat het lid Minderhoud vandaag verhinderd is. Het lid VEENHOFF deelt mede dat zij een toezegging had voor het organiseren van een expertsessie, dat is nu een ronde tafelgesprek is geworden, hetgeen op 15 oktober 2025 plaatsvindt. Dit gaat over de haven, het Havenbedrijf, de Minerva haven en actieve grondpolitiek. De VOORZITTER zegt dat men zich kan aanmelden zodra dit in de dagmail staat. Wethouder VAN WEYENBERG deelt naar aanleiding van de vraag van het lid Alberts over wooncoöperaties en het beeld dat daar de vaart uit is mede, dat zij geen streefpercentage startbouw meer hebben, maar dat zij de indruk hebben dat het voorspoedig verloopt. Van de eerste tien projecten, zijn er inmiddels twee opgeleverd, De Warren en Bajesdorp. Eén project is bijna klaar, de Nieuwe Meent. Twee projecten zijn recent met de bouw, Akropolis-IJburg en de Torteltuin, gestart.
Het project Eureka start naar alle waarschijnlijkheid binnenkort. Vier projecten zijn bezig met hun ontwerp, namelijk Woonwolk, Bonte Hulst, Stroom en de Bundel. Verder zijn er recent twee nieuwe
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
selectieprocedures voor kavels gestart. Namelijk in het Amstelkwartier en de Jacob Geelbuurt. Dit jaar begint ook nog een nieuwe selectieprocedure voor een kavel in Zuidoost. Het lid TAJ vraagt of zij een update kunnen krijgen over hoe het zit in met het verwezenlijken van de wooncoöperaties en de financiering daarvan vanuit het landelijk beleid. Wethouder VAN WEYENBERG neemt dit mee in de mededelingen van de volgende commissievergadering. Vervolgens deelt de wethouder naar aanleiding van een vraag van het lid Van Schijndel mee, dat het hanteren van de gelijke grondprijs voor wooncoöperaties als bij woningcorporaties een slechte deal zou zijn. De realiteit is dat omdat de leenmogelijkheden voor woningcorporaties vaak beter zijn, is de grondprijs die zij hanteren voor wooncoöperaties vaak lager. Wat betreft het verzoek van het lid Von Gerhardt om terug te komen op de stand van zaken rondom rijksmiddelen voor de bouwimpuls, zegt de wethouder dat de meeste projecten op schema lopen. Op een viertal projecten hebben ze wijzigingsverzoeken liggen bij de Rijksoverheid, omdat in het verlengde van corona en de oorlog in Oekraïne ze vertraging hebben. Daarover zijn ze in constructief gesprek met het Rijk. Er is geen indicatie dat ze daarin middelen verliezen, maar ze moeten daar wel tot een aanpassing met het Rijk komen.
Daarnaast hebben ze nog hele grootschalige dingen, zoals Haven-Stad, daar zitten ze op relatief kritieke tijdpaden. Mocht er uitkomen dat ze wel ergens onverhoopt middelen op kwijtraken, zal de wethouder dit laten weten. Verder had de wethouder het lid Lochtenberg beloofd om terug te keren op de start van de startdatum van de beleidsadviescommissie. De externe leden moeten nog door het college B&W worden benoemd en de regelementen worden nu aangepast in het verlengde van wat zij de vorige keer hebben toegezegd rondom de toevoeging van een vierde lid en de doorslaggevende stem bij stakende stemmen voor één van de twee externe leden. Als ze dat besluit in B&W hebben genomen krijgen ze een raadsinformatiebrief, naar verwachting zal dit net na de zomer zijn waarin de wethouder de raadscommissie dan ook zal informeren over de exacte startdatum van allebei. Tot slot deelt de wethouder betreffende het Draka terrein mee, dat de gemeente sec geen partij hier in is, maar dat zij op zeer hoog ambtelijk niveau hebben laten weten dat een oplossing tussen verkoper, koper en de tijdelijke verhuurorganisatie Monoma nodig is, voor de aanzegging dat iedereen binnen vier weken weg zou moeten. Zij hebben zeer actief en indringend een oproep gedaan tot een oplossing.
De stand die de wethouder gisteren heeft gehoord, is dat de verkopende partij, de kopende partij en de tijdelijke beheerder, een afspraak hebben gemaakt om de tijdelijke huurders langer te laten zitten dan de eerdere vier weken. Per huurder zal contact worden opgenomen en worden maatwerk afspraken gemaakt, waarbij de indicatie is dat het gaat om termijnen van drie tot zes maanden. De achtergrond is dat er plannen zijn om met de sanering in 2026 te beginnen. c. Vaststellen agenda Bij punten 5 en 14 sluiten wethouder Pels en wethouder Moorman aan. Punt 12 wordt doorgeschoven op verzoek van de Partij voor de Dieren. Punt 13 wordt doorgeschoven op verzoek van PvdA. De agenda is vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare RO-vergadering van 21 mei 2025 Het verslag van de openbare RO-vergadering d.d. 21 mei 2025 wordt ongewijzigd vastgesteld. e.
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
Actielijst en langetermijnagenda’s, per portefeuille Het lid LOCHTENBERG wijst op een toezegging van het college om documenten uit het VES-archief actief te openbaren. Daarbij waren een paar mailboxen overgeslagen en die worden nu doorzocht. Kan wat gelakt is nog voor het zomerreces worden geopenbaard en de rest voor de volgende vergadering? Wethouder VAN WEYENBERG zal hier naar kijken, maar kan dit nu niet toezeggen. f. Tkn-lijst Op verzoek van het lid Keesman wordt tkn-stuk 7 geagendeerd. Op verzoek van het lid Veenhoff wordt tkn-stuk 6 geagendeerd. Op verzoek van het lid Lochtenberg wordt tkn-stuk 9 geagendeerd. Op verzoek van het lid Taşliyurt worden tkn-stukken 3 en 5 geagendeerd in het kader van het Groene Veld en de vervolg aanpak bouwdynamiek. Op verzoek van het lid Staartjes worden tkn-stukken 1 en 4 geagendeerd, die wat het lid betreft bij elkaar kunnen. Het lid wil deze tkn-stukken agenderen vanwege een aantal vragen om vergunningsverleningen. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen apart ingekomen stukken. 2, Inhoudelijk deel a. Opening inhoudelijk gedeelte b. Inspreekmoment publiek De VOORZITTER wijst op de schriftelijke bijdragen over tkn-stuk 5. Bij punt 2b: Gijs HABETS spreekt in op persoonlijke titel. Tien jaar geleden is inspreker met zijn gezin op IJburg komen wonen in een nieuwbouwwoning.
Al snel kregen zij te maken met een buurman die een vergunning aanvroeg voor een excessieve uitbouw. Het bestemmingsplan bleek destijds niet aangepast te zijn. Het hele perceel, inclusief tuin, mocht bebouwd worden tot een hoogte van zestien meter, terwijl het bij het originele ontwerp van hun woonblok gaat om drie woonlagen, wat een hoogte van negen meter geeft. In 2017 heeft de gemeente onder druk van de bewoners het bestemmingsplan aangepast, waardoor nu een vierde verdieping erop gebouwd mag worden. Dit betekent een hoogte van maximaal twaalf meter. Dit in tegenstelling tot vergelijkbare woningen direct om hen heen, waar de maximum bouwhoogte negen meter bedraagt. De gemeente heeft toen niets gedaan met hun zienswijze om de maximum bouwhoogte op negen meter te houden. Destijds is hen verteld dat alle woningen een bouwlaag mochten toevoegen, wat niet het geval bleek te zijn. Inmiddels is er onlangs een vergunning verleend voor een vierde verdieping voor een woning die direct haaks op hun perceel ligt. Die opbouw van twaalf meter heeft een enorme impact op hun privacy, licht en zicht, vooral in de tuin. Daarbij gelden aan de achterzijde van de woning nauwelijks welstandsregels, wat betekent dat de gehele achtergevel van glas kunnen zijn, waardoor je nog meer in de tuin kijkt.
De vergunninghouder geeft in de vergunning aan dat er overleg met de buurt is geweest, maar participatie heeft op geen enkele manier plaatsgevonden, ook niet met de directe buren. Tot hun verbazing heeft dit geen enkele consequentie, terwijl de gemeente aangeeft veel
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
waarde te hechten aan participatie en dat dit aspect is meegenomen bij de beoordeling van de aanvraag. Zij willen de gemeente verzoeken om de maximum bouwhoogte in lijn te brengen met het omliggende woonblok, daar hier geen sprake is van het gelijkheidsbeginsel waar ze als bewoners op hadden mogen vertrouwen. Zo ontstaat er weer een gezonde balans in het woonblok, door enerzijds ruimte om op te bouwen op de tweede woonlaag en anderzijds het behoud van het woonplezier van mensen die niet willen uitbouwen. Bij het stadsdeel Oost en ruimtelijke ordening komen ze niet verder. Wie kan hen hierbij helpen? Tot slot nodigen zij de commissieleden uit om bij hen te komen kijken, zodat ze kunnen zien wat de impact is van iets wat op kantoor ingetekend en bedacht is. Desgevraagd geeft inspreker Habets aan dat het verzoek gaat om de toekomst. Al hadden ze in dit geval bezwaar gemaakt, hadden ze uitstel, maar geen afstel, want het gaat mis in het bestemmingsplan. Wat betreft de extra laag gaat het echt om de hoogtemeters. Olga DE MEIJ spreekt in op persoonlijke titel over een bouwplan waarbij niemand van de gemeente bereid is de initiatiefnemer te woord te staan. Dit bouwplan heeft zij de raadsleden gestuurd, wat zij op dit moment niet inhoudelijk wil spreken.
Het gaat inspreker erom dat zij al driekwart jaar bezig is om een ambtenaar aan de telefoon te krijgen en een afspraak te maken hoe dit bouwplan eventueel zou vallen en waarbij zij zouden kunnen sparren over dit bouwplan. Top heden is dat niet gelukt. Daarom spreekt inspreker nu in namens de initiatiefnemer en de architect, in de hoop dat een van de raadsleden kan bewerkstelligen dat inspreker toch een ambtenaar te spreken krijgt over dat bouwplan. Ten tweede vindt inspreker het heel raar dat voor een wereldstad als Amsterdam, er nergens een loket is waar je naar toe kan gaan, om hulp kan vragen of een afspraak kan maken. Kunnen ze niet zorgen dat er een soort spreekuur komt waar mensen zich toe kunnen melden? Inspreker heeft dit werk zelf zeventien jaar gedaan. Het kan heel verhelderend werken als je met iemand kan sparren. Er is wel tegen de inspreker gezegd dat je een concept bouwplan kan indienen, maar dat is niet hetzelfde als sparren met een ambtenaar. Desgevraagd geeft inspreker De Meij aan dat zij ook bij het stadsloket en diverse andere loketten is geweest, waar een kaartje is meegegeven met 14020, waar inspreker niet veel verder mee is gekomen. Ook is inspreker verwezen naar het projectbureau Marineterrein, waar inspreker samen met de architect een uitgebreid formulier heeft ingevuld, waarna ze binnen twee minuten al een afwijzing.
Gevraagd naar de behoefte in het gesprek, zegt inspreker De Meij dat het gaat om de menselijke maat in een normaal gesprek. Ook bij de afdeling RO is inspreker geweest, maar ook daar kom je niet voorbij de balie. Chris SILOS spreekt in namens Rugbyclub Amsterdam over tkn-stuk 5. Inspreker is trainer van de mini’s bij Rugbyclub Amsterdam en vader van één van de spelers en spreekt in over de sportvoorzieningen in het Groene Veld in Amsterdam Noord. Samen met stichting Turnover, de Harde Leerschool, Amsterdam Lowlanders en een sport BSO, hebben zij een plan om een fijne plek te creëren waar jongeren kunnen sporten en zich via sport kunnen ontwikkelen. In 2023 zijn ze daarover in gesprek geweest met de gemeente. In mei 2024 kregen zij tijdens een auditie een positief advies van het dagelijks bestuur van Noord. Nu is een jaar later, dat advies herhaald. Ze zijn daar blij mee, maar nu er geen tijdspad is aangegeven, vragen ze zich af waar ze op hebben gewacht. Ze spreken namens een grotere groep, waaronder jongeren die hun tijdspad een al een beetje zijn kwijt geraakt, jongeren die de weg naar de banenwereld een beetje kwijt zijn en een LGBTQ+ Rugbyclub. Rugby is een ideale, algemene deler voor al dit soort groepen. Ze denken dat hun plannen heel goed passen bij de sportnorm en ook voor de aanpak Noord.
Ze zoeken een duidelijk tijdspad om de motivatie hoog te houden en aan de slag te kunnen. Waar ze nu zijn, daar zijn ze heel dankbaar mee, maar dit is een klein en wat drassig knollenveldje. Zouden ze de sportnorm en de aanpak Noord mee kunnen nemen in de plannen voor het Groene Veld? Welke stappen zijn nodig voor de realisatie? En wat kunnen zij doen? En zouden ze kunnen aandringen op een concreet tijdspad? En kunnen ze de initiatiefnemers betrekken bij de uitwerking, met duidelijkheid over ieders rol? Ze zijn klaar om dit aan te pakken en mochten ze meer willen weten, nodigen zij iedereen van harte uit bij hen op de club. Bij punt 11:
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
Gert Jan BAKKER spreekt in namens Adem vrij aan het IJ. Wethouder Van der Horst meldde in haar brief over de stand van zaken bij ICL een incident met radioactiviteit. Ze hopen dat dit inderdaad een eenmalig incident betrof, maar het vergroot niet hun vertrouwen in de werkwijze van ICL. De bewoners in Amsterdam Noord merken dat de dagelijkse gang van zaken niet verbeterd. De overlast lijkt de afgelopen jaren alleen maar toe te nemen. Ze hebben ontdekt dat dit zou kunnen kloppen, want uit documenten voor de hoorzitting op 3 juli 2025 bij de provincie over de overschrijfdingen die bij ICL zijn geconstateerd, blijkt dat de druppelvanger in de schoorsteen van ICL, volgens de omgevingsdienst slechts een efficiëntie van één procent heeft. De omgevingsdienst heeft in oktober 2024 bij ICL een concentratie zoutzuur gemeten van 736 milligram per kuub. Op de vergunning staat dertig milligram. Overigens is de norm bij de aanvraag van een nieuwe vergunning drie. Zij zijn hier nogal verbaasd over. Ze merken de overlast en sommige mensen krijgen er de lichamelijke effecten van. Ze moeten van het zoutzuur af. ICL heeft bezwaar gemaakt tegen de bevindingen van de Omgevingsdienst, waardoor ze weer maanden verder zij en er gebeurt niet zo veel. Eind augustus zou ICL een gesprek gaan hebben met de wethouder over de mogelijkheden van verhuizing.
Inspreker vraagt de raad de wethouder te vragen wat de inzet van het college hierbij is. Wat hen betreft is de beste oplossing, deze oude fosfaatfabriek zo snel mogelijk te sluiten, zodat de overlast voor de omgeving stopt en er ruimte vrijkomt voor de woningbouw. Ook vraagt inspreker of de raad de wethouder kan vragen, welke acties er op dit moment precies ondernomen worden om ICL tot verbeteringen te bewegen. Afwachten tot de nieuwe vergunning er is, is niet voldoende. Tot slot verwijst inspreker naar de kankeratlas die onlangs vernieuwd is en waarop een dieprode vlek zichtbaar is bij het westelijk deel van Amsterdam Noord. Zij leggen niet de link tussen ICL en de longkanker, maar wel over de industrie en hun woongebied. De GGD komt niet verder dat er veel gerookt wordt, zonder enige onderbouwing, dat vinden zij niet zou netjes. Hoe kijkt de raad hiernaar? Wat betreft het Zwartboek wat ze hebben aangeboden aan de burgemeester, die toen zei dat ze bij de GGD zou informeren naar de stand van zaken betreft longkanker in het gebied, zegt inspreker dat zij nog geen reacties hebben gekregen. Op de vraag of inspreker ook persoonlijk merkt dat de overlast is toegenomen, kan inspreker alleen uit eigen ervaring zeggen dat het heel erg stinkt en vervelend is.
Bij andere bewoners slaat het op de longen en zij denken dat dit door de zeer hoge concentratie zoutzuur zou kunnen komen, maar daar is onderzoek voor nodig. Bij punt 10: Boudewijn GROOTENDORST spreekt in namens Lofi. In 2018 vroeg de gemeente Amsterdam inspreker om mee te denken over de toekomst van de Sloterdijken. Aanleiding was dat de ontwikkeling van Haven-Stad, waarbij Sloterdijk moet transformeren van werkgebied, naar woon- werkgebied. Lofi kreeg daarin een voorbeeldfunctie. Na het lezen van het feitenrelaas over de vergunningverlening van Club Raum, voelt inspreker zich geroepen om te delen dat ook zij vijf jaar geleden een vergelijkbare strijd hebben gevoerd. Het duurde meer dan een jaar voordat zij hun vergunning verleend hebben gekregen. Die lange onzekerheid heeft ervoor gezorgd dat er een financiële, ongezonde start was, waar nog steeds de gevolgen van onder vindbaar zijn. Momenteel loopt er opnieuw een vergunningaanvraag voor de voortzetting van hun exploitatie waarin gebruik van hun buitenterrein cruciaal is, daar zij in de zomermaanden beginnende evenementenmakers plek bieden in een financieel veilige omgeving. Juist nu in een instabiel evenementen- en clubklimaat is dat belangrijker dan ooit, want talentontwikkeling begint feitelijk bij ruimte.
Zij zijn zich ervan bewust dat de provinciale verordening van het gebied, een bedreiging vormt voor de voortzetting van Lofi. Tegelijkertijd heeft het college zich gecommitteerd aan een coalitieakkoord, waarin een nachtvisie staat beschreven. Een visie waarin zij alle voldoen. Zij willen vragen om de vergunning met alle zorg te bekijken, zoals deze op dit moment voorligt en dat uiteindelijk hun eigen nachtvisie ondersteunt en tot een verlening overgaat. Als de provincie vervolgens bezwaar gaat maken, dan neemt inspreker dit op zich, maar staat inspreker er niet alleen voor. Als ondernemer die zich in 2018 heeft ingezet voor deze plek en ook voor het beleid wat ze zelf hebben opgesteld., vraagt inspreker om steun. Desgevraagd geeft inspreker aan niet te adviseren om op dit moment een nachtclub te beginnen en verwijst daarbij naar locaties die zijn verhuurd zonder stromend water. In de
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
nachtvisie was destijds ook de oproep van de wethouder Kunst & Cultuur, of ze panden beschikbaar konden stellen voor het langer verblijf voor dag- en nachtcultuur. Zij hebben hun pand kunnen aankopen en de bedoeling is dat ze daar nog lang kunnen blijven zitten. Sven BIJMA spreekt in namens Club RAUM. Zij zijn meer dan een jaar open en bedanken voor de hulp, meelevendheid en voor de evaluatie door een onafhankelijk adviesbureau. Ze hopen dat de gemeenten de lessen en adviezen uit deze evaluatie niet alleen ter kennisname aanneemt, maar daadwerkelijk verankert in het beleid, zodat toekomstige initiatiefnemers, waar dan ook in de stad, niet door dezelfde bureaucratische molen hoeven als zij. Club RAUM draait op volle toeren en ze zijn de afgelopen tijd een thuishonk geworden voor vele die onderdeel zijn van de Amsterdamse Queer gemeenschap. Ze zijn elk weekend open voor clubnachten en ze organiseren community events, diners, lezingen, workshops, exposities en videovertoningen. Ze zijn de eerste nachtbroedplaats van Amsterdam geworden en hebben dit jaar met hulp van het AFK en het artist-in-residence programma, waarin drie kunstenaars bij hen werk ontwikkelen en tentoonstellen. RAUM is echt wel helemaal open, maar helaas worden ze nog steeds beperkt. Ze willen uitbreiden, maar hun vergunning staat het alleen toe om open te zijn op vrijdag, zaterdag en zondag.
Dit voelt oneerlijk, want andere clubs mogen wel doordeweeks open zijn. Hierdoor staat hun 1600 vierkante meter, waarvoor commerciële huur wordt betaald, grotendeels ongebruikt te verfstoffen. De achterstand die ze hebben opgelopen door het half jaar vertraging, is bij lange na nog niet ingehaald. Daar komt bij dat het in heel Europa slecht gaat met clubs. Dat maakt het extra wrang, dat een plek die van onderop is opgebouwd, mensen samenbrengt en culturele waarde brengt, zo lang is tegengewerkt door een gemeentelijk apparaat dat volgens deze evaluatie tekort is geschoten in samenwerking, transparantie en uitvoering. Ze zijn blij met de lessen die nu op tafel liggen, maar het is cruciaal dat die niet vrijblijvend blijven. Hoe zorgt de gemeente ervoor dat de lessen en aanbevelingen daadwerkelijk leiden tot gelijke behandeling in vergunningstrajecten, ongeacht welk stadsdeel? En hoe neemt de gemeente verantwoordelijkheid voor de schade die is ontstaan door deze vertraging? Kan de raad in gesprek gaan met stadsdeel Nieuw-West, zodat hun vergunning versoepeld wordt? Gevraagd naar de belangrijkste aanbeveling uit het evaluatierapport om over te nemen, stelt inspreker een centraal aanspreekpunt voor. Daan VAN SCHAIK spreekt in namens Temporary Palaces waar hij mede eigenaar van is. Zij zijn mede initiatiefnemer van Club Raum, maar ook van andere nachtcultuurprojecten.
Goed dat er een evaluatie is gedaan naar het vergunningstraject van Club Raum. Het is voor alle betrokkenen een intensief en frustrerend proces geweest. Wat zij tijdens dit traject merkten, is dat er een kloof zit tussen beleid en uitvoering. De interpretatie van het beleid verschilt per stadsdeel. In het ene gebied is een constructieve houding, in het andere gebied wordt er in problemen gedacht en niet in oplossingen. Het ogenschijnlijke onmogelijke is namelijk wel mogelijk. Club RAUM heeft laten zien, dat het kan en dat er ondanks alles een weg was. Club Raum is nu meer dan een jaar open, maar zij ervaren nog steeds weerstand bij procedures binnen het ambtelijk apparaat. Inspreker verwijst naar les zes uit de evaluatie, waarin wordt geadviseerd het samenspel met het stadsdeel zuiver in te regelen, zodat het stadsdeel in positie kan komen en blijven. Inspreker vraagt wie het stadsdeel en de ambtenaren erop controleren dat zij het beleid volgen. Wat als na oproep van de wethouder om ruimte te maken voor nachtcultuur, lokaal wordt gezegd dat ze al genoeg doen en men zich vervolgens idee actief verzetten tegen een nieuw initiatief. Met angst kijken zij naar het huidige proces rondom Lofi, wat zich in hetzelfde gebied bevindt en met zorg voor hun eigen toekomst.
Krijgen zij over drieënhalf jaar bij verlenging weer zo’n uitputtend traject? Inspreker bedankt de gemeenteraad voor de steun die zij hebben ervaren en roept op om dit soort processen kritisch te volgen, want alleen dan blijft er ruimte voor initiatieven die hun stad kleurrijker maken. Wat betreft de invloed die de verschillende werkwijzen van de stad, stadsdelen en provincie hebben gehad, zegt inspreker dat als initiatiefnemer ze in de nachtcultuur bottomup werken, maar in een gebied juist top-down gewerkt wordt. In die gebieden is vaak geen ruimte voor nachtcultuur en het botst dan vaak met het idee over het gebied. Ook heeft nachtcultuur vaak met het stigma te maken, dat het tot overlast zou leiden. Het zou goed
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
zijn als er een onafhankelijke persoon, commissie of gebiedsjurist naar zo’n aanvraag zou moeten kijken. Gevraagd naar andere stakeholders in het proces, hebben ze ook te maken met gebouweigenaar die een bepaald gedachtegoed heeft bij de bestemming van een gebouw. c. Actualiteiten d. Rondvraag Het lid VON GERHARDT geeft aan dat een groot probleem bij de NSDM-werf is dat daar heel veel gebouwen staan die al twee, drie jaar geleden zijn opgeleverd, waarbij de plinten leegstaan. Juist op de NSDM-werf missen veel voorzieningen, zoals zij ook in het Rekenkamer rapport hebben kunnen lezen. Zij hebben signalen ontvangen, dat dit mede komt door het bestemmingsplan die op de plinten zitten waardoor er geen geschikte organisaties zijn die zich daar willen vestigen, terwijl ze dat anders misschien wel zouden willen. Is de wethouder bereid om meer ruimte te geven in die bestemmingsplannen daar om die leegstand daar tegen te gaan? Wethouder VAN WEYENBERG herkent het beeld en zegt dat zij een distributie planologisch onderzoek hebben gedaan. Zij denken dat er ruimte is voor een supermarkt en een beperkt aantal aanvullende dagelijkse detailhandel.
Het projectteam vertaalt deze nu naar de opgave specifiek voor de NSDM-werf en is in gesprek met ontwikkelaars en gaat ervanuit dat dit dan zichtbaar kan worden door meer dagelijkse voorzieningen zoals meer winkelaanbod en horecavoorzieningen aan het IJ. De wethouder zegt toe om de commissie voor het eind van het reces een update te geven waar dit toe zal leiden. Het lid VEENHOFF vraagt de wethouder naar aanleiding van de inspreker over IJburg wanneer dit bestemmingsplan aan de beurt is om opgenomen te worden in het omgevingsplan, want dat biedt tegen die tijd mogelijkheden. Of zijn er andere manieren om in lijn te brengen hoe het destijds is bedoeld met de stedenbouwkundige. Wethouder VAN WEYENBERG zegt toe deze vraag schriftelijk te beantwoorden. BESPREEKPUNTEN Financiën 3 Vaststellen van het Jaarverslag 2024 (inclusief de Jaarrekening 2024) (VN2025008413) Het lid STAARTJES wil het hebben over vergunningen. Vorig jaar had het lid aangegeven zich zorgen te maken over wat de omgevingswet gaat betekenen voor de leges die binnenkomen op het aantal aanvragen. Het antwoord was toen dat er vanuit de coalitiemiddelen een bepaald bedrag voor was gereserveerd om dit op te vangen. Wat ze nu echter zien in het jaarverslag 2024, is dat er minder aanvragen zijn binnengekomen en ook minder grote aanvragen, wat ook leges meebrengt.
Zowel in de begroting als in het jaarverslag heeft het lid de financiële consequenties nog niet kunnen zien, maar het lid maakt zich zorgen over deze ontwikkeling, omdat er veel meer gaat naar het vooroverleg en vraagt zich af wat de gevolgen zijn voor de dienstverlening die erbij hoort. Ze zullen later in de vergadering bespreken hoe de dienstverlening rondom vergunningen verloopt op basis van de evaluatie, aan de hand daarvan maakt het lid zich zorgen hoe dit breder is. Het lid wil dit vast aangestipt hebben en in september gaan ze het hier verder over hebben.
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
Het lid LOCHTENBERG legt aan de wethouder voor dat Amsterdam twintig ambtenaren heeft op duizend inwoners, landelijk is het gemiddelde tien. Hoewel grote en kleine gemeenten niet één op één te vergelijken zijn, lijkt Amsterdam te leiden aan ambtelijke obesitas. In de voorjaarsnota schrijft het college dan ook dat er een opgave ligt om de organisatiekosten te verminderen. Het CDA denkt hierin graag mee. Langs welke lijnen ziet de wethouder mogelijkheden binnen zijn domein? Gisteren las het lid dat de wethouder honderd miljoen euro toegezegd heeft gekregen ten behoeve van woningbouw Nieuw-West en Zuidoost, een fantastisch resultaat. Vorig jaar had de gemeente een structureel begrotingssaldo van vierhonderd miljoen euro. Ook in de daaraan voorgaande jaren waren er aanzienlijke structurele, positieve saldo’s. Kan de wethouder een deel van dat saldo gebruiken aan wonen en door met name verlieslatende projecten terug te investeren? De VOORZITTER kan zich niet aan de indruk onttrekken dat een deel van deze bijdrage meer over de voorjaarsnota ging dan over het jaarverslag. De voorjaarsnota komt als het volgende onderwerp. Het lid LOCHTENBERG zegt dat de aantallen over de ambtenaren uit het jaarverslag komen.
Wethouder VAN WEYENBERG zegt dat de raming voor dit jaar nog niet is aangepast, omdat ze tot nu toe nog steeds niet goed kunnen duiden of de daling in het aantal aanvragen van grote bouwprojecten en omgevingsvergunningen in het komend jaar ook echt blijft bestaan. Was dit een eenmalig effect bij de start van de omgevingswet of was dit een structureel effect? Er is nu een knip tussen ruimtelijke en technisch deel in de vergunningen en er is nu vertraging ontstaan bij de aanvragen voor het bouwtechnisch deel. Dat zijn ze nou net die vergunningen waar ze de meeste legesbaten binnenkrijgen. Op dit moment hebben ze nog niet in beeld of dit structureel is en dit moeten aanpassen. Ze verwachten nu dat dit de komende jaren gaat stabiliseren, maar ze zijn aan het analyseren of er beheersmaatregelen nodig zijn. Dit punt is ook een keer in de rekencommissie aan de orde geweest. De wethouder concludeert dat nog niet kunnen zeggen of dit structurele tegenvaller is, maar ze houden een vinger aan de pols. Wat betreft de vraag over de ambtelijke organisatie, heeft de wethouder geen letter toe te voegen aan het buitengewoon heldere antwoord van collega-wethouder Pels over haar directie. Het zal geen eenheid van collegebeleid zou zijn als de wethouder hier iets anders zou zeggen.
Ze doen niet aan kaasschaven, maar als er dingen zijn volgt het met beleid en over de ambtelijke organisatie, gaat de ambtelijke leiding. Over het toevoegen van begrotingsgeld, geeft de wethouder aan dat dit college niet van plan is om stortingen aan het vereveningsfonds te doen. De wethouder verwijst ook naar twee weken geleden toen zij in de raad uitgebreid met elkaar gediscussieerd hebben over de stand van het vereveningsfonds, de toekomst en de zoektocht naar winstgevende projecten als ze toekomstig nieuw verlieslatende projecten willen toevoegen. De VOORZITTER concludeert dat hiermee dit punt voldoende is besproken en in de raad besproken kan worden. 4 Kennisnemen van de Voorjaarsnota 2025 en vaststellen van de daarin voorgestelde begrotingswijzigingen van de Begroting 2025 (VN2025-008527) De VOORZITTER deelt bij dit punt mede dat het mogelijk is om moties en amendementen in te dienen, deze worden op 27 juni 2025 en 4 juli 2025 via de dagmail verspreid. Alle moties en amendementen worden mondeling gepreadviseerd tijdens de raadsvergadering van 19 juli 2025 en verzoekt de moties en amendementen tijdig in te dienen. Het lid ABOELKASEM zegt dat zij de indruk krijgen dat de nadruk in het ruimtelijk beleid steeds meer komt te liggen op het onderhoud van bestaande gebieden, in plaats van
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
het verbeteren van de wijken waar de achterstanden het grootst zijn. Zij maken zich zorgen. Het gaat ten koste van stadsdelen zoals Zuidoost, Nieuw-west en Noord, waar de urgentie juist hoog is. In deze stadsdelen wachten de mensen al jaren op betere huisvesting en basisvoorzieningen. Deze zorgen worden ook breder herkend en het lid verwijst naar een artikel van AT5 waarin stond dat een bijdrage vanuit het Rijk afkomstig van het nationaal programma noodzakelijk is, juist omdat in Zuidoost en Nieuw-West grotere opgaven zijn en extra inzet nodig is om het woon- en leefklimaat en veiligheid te verbeteren. Dat onderstreept nog eens dat ze deze gebieden niet kunnen negeren. Hoe wordt bij ruimtelijke keuzes gewaarborgd dat de wijken met sociale en fysieke achterstanden aan bod blijven komen? Op welke manier wordt bewaakt dat investeringen niet vooral terecht komen in gebieden waar het al op orde is? Hoe zorgt het college ervoor dat de gebiedsontwikkelingen daar te terecht komen waar de behoefte groot is? Wethouder VAN WEYENBERG geeft aan dat de vraag breder is dan deze specifieke portefeuille. Betreffende het extra geld wat is toegezegd, zegt hij dat hier niet door de gemeente aan is gewerkt, maar juist ook in de alliantie met alle betrokkenen partijen, zoals van woningbouwcorporaties en anderen.
Eén van de grote winstpunten van dat programma, is dat het niet alleen geld is per gestarte startbouw, maar ook middelen daarom heen. Er wordt ook gewerkt aan gebiedsgelden met het Rijk. De wethouder merkt dat woningbouw op dit moment in allerlei plekken in de stad plaatsvindt, in Zuidoost zeer veel, ook veel in Nieuw-West, de Wildemanbuurt en in Noord lopen allerlei gebiedsontwikkelingen rondom woningbouw. Het beeld van de wethouder is dat in alle stadsdelen hard gewerkt wordt aan woningbouw en heeft niet de indruk dat bepaalde stadsdelen of wijken achterlopen op andere. Als dat beeld er wel is, hoort de wethouder graag waar dat zou spelen. De bijdrage van het lid Aboelkasem ziet de wethouder als steun voor precies wat zij als college hier proberen te doen. Het lid ABOELKASEM onderschrijft de woorden van de wethouder dat deze wijken aanbod komen, maar stelt dat zij hier een inhaalslag moeten maken in bepaalde wijken. Hoe willen ze deze inhaalslag maken? Wethouder VAN WEYENBERG zegt dat ze breder dan deze portefeuille drie stadsdelen in het bijzonder hebben waar programma’s op zitten met coördinerende wethouders er op. Juist het mooie van het nationale programma vindt de wethouder dat het echt laat zien, dat je hier een extra stap moet doen.
Daarom is de wethouder heel bij met die honderd tot honderdveertig miljoen euro voor twee stadsdelen in hun stad, want dat zijn euro’s die hartstikke hard nodig zijn. De VOORZITTER concludeert dat hiermee dit punt voldoende is besproken en in de raad besproken kan worden. Ruimtelijke Ordening 5 Instemmen met het afwijken van de Hoofdgroenstructuur ten behoeve van het uitbreiden van woonwagenlocatie Ringvaartdijk (VN2025-008644) De VOORZITTER geeft aan dat zowel wethouder Moorman en wethouder Pels als de leden van de commissie Wonen en volkshuisvesting voor dit punt zijn uitgenodigd. Het lid KEESMAN wil eerst het woord van zijn collega van GroenLinks afwachten. Het lid ALBERTS zegt dat ze natuurlijk een heleboel plaatsen voor woonwagens moeten creëren, maar vindt het buitengewoon jammer dat dit net weer in de Hoofdgroenstructuur moet. Het lid had liever gezien waar nog meer plekken bedacht worden, want dan hadden ze kunnen kiezen. De brief van de TAC is wel heel erg duidelijk, over het effect op de Hoofdgroenstructuur als ze die uitbreiding daar plaats laten vinden. Waarom heeft de wethouder dit ten koste van het groen gedaan?
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
Het lid EMMERIK zegt dat zij begrip hebben voor de wens om uit te breiden en er is ook jarenlang veel te weinig ruimte voor hen gecreëerd. Net zoals bij agendapunt 14, over de tijdelijke bouw weg bij de basisschool de Weidevogel, snap je dat wel, maar uitbreidingen of nieuwbouw, mogen niet ten koste gaan van de Hoofdgroenstructuur. Die hoofdgroenstructuur is geen overbodige luxe. Deze verbindt groengebieden en is van essentieel belang voor ecologie en biodiversiteit. De uitzonderingen hierop, hoe begrijpelijk ook, creëren een gevaarlijk precedent. Het lid verwijst naar het referendum waarbij de voorgestelde herziening van die hoofdgroenstructuur is weggestemd. Hoe vaak gaan ze nog afwijken van de hoofdgroenstructuur? Er is altijd wel een begrijpelijke aanleiding om af te wijken, maar is de wethouder zich bewust van het risico op precedentwerking? En waarom kiest het college ervoor om het oordeel van het TAC ter zijde te schuiven? De VOORZITTER merkt op dat ze op dit moment alleen punt 5 behandelen. Het lid AHMADI geeft aan dat ze het in het verleden heel veel gehad hebben over de woonwagenbewoners in Amsterdam, daar gaat een lange geschiedenis en veel verdriet, onvrede en onbegrip over hun situatie aan vooraf.
Zij omarmen het initiatief van het college om daar verandering in aan te brengen en stemmen in met afwijking van de hoofdgroenstructuur, omdat ze het van groot belang vinden dat er meer ruimte wordt gemaakt voor deze groep in deze stad. Het lid VEENHOFF zegt dat de noodzaak heel duidelijk is, maar dat zij er moeite mee hebben dat de corridor, die toch al niet zo breed is, dan feitelijk wordt dicht gezet. Het lid kan zich niet van de indruk onttrekken, dat in het begin van het proces in ieder geval niet zwaar genoeg is meegenomen, dat zo’n corridor essentieel is. Dat ziet het lid ook aan de zienswijzen. Daar hebben zij grote moeite mee. Waar zijn dan de bekeken alternatieven? Het lid zag een hele voor de hand liggende, die vier zouden ook op een rij geplaatst kunnen worden met zijn twee en hoort graag waarom dit niet kan. Ook is er een midden pleintje waar de woonwagens mogelijk wel kunnen staan waarbij ze ook breder worden. Het lid zou heel graag voordat zij een beslissing nemen, de alternatieven willen zien of dat die bekeken zijn. Het lid heeft een probleem met de besluitvorming zoals die nu voorligt. Nu hebben zij een negatief advies van de TAC en daarna heeft de stadsecoloog gezegd, dat als zij een en ander zo en zo doen, een positief advies te geven.
Waarom was dat van de stadsecoloog dan van het begin er niet bij? En kan de TAC daar zich niet over uitspreken? Kunnen ze nog kijken naar de alternatieven? En kunnen ze het advies van de ecoloog ook langs de TAC sturen? Ook wil het lid in herinnering roepen dat er andere steden zijn, waarbij de woningcorporatie in samenwerking met bewoners heeft gekeken naar manieren om te verdichten en daar zijn ze toch een compromis gekomen. Kan dat in Amsterdam ook? Wethouder VAN WEYENBERG vindt twee afwijkingen ook veel. In beide gevallen, vindt de wethouder dat in afstemming, ook vanuit de verschillende rollen en verantwoordelijkheden vanuit het ambtelijk apparaat, er echt goed gekeken is of dit een afwijking rechtvaardigt. Dat is in beide gevallen het geval. Er wordt door dit plan niet iets doorsneden, het is op parkeervakken met groenstroken. Dit doe je liever niet, maar tegelijkertijd is dit een heel ordentelijk proces. Ze hebben een TAC die onafhankelijk adviseert en aangeven dat dit niet verstandig is. Uiteindelijk is het aan het college in voordracht en de raad om daar dan een afweging in te maken, die altijd een keuze in schaarste is. Dat is de zorgvuldige afweging die is gemaakt.
Over de stadsecoloog is de wethouder op dit moment overvraagt, maar de wethouder waken dat het proces nu nog een tijd laten liggen, want de wethouder snapt de urgentie en de afweging die ze hier te maken hebben, wel de afweging blijft. De wethouder herkent de zucht, maar tegelijkertijd bespreken ze hier in transparantie de keuze die voorligt en die kan worden gemaakt. Het lid VEENHOFF vraagt of de wethouder begrijpt dat het voor hen als raad heel ingewikkeld is als zij een negatief TAC advies hebben en vervolgens een positief advies van de stadsecoloog. Hoe moeten zij dat als raad beoordelen?
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
Wethouder VAN WEYENBERG spreekt over afzonderlijke grootheden met afzonderlijke rollen. Uiteindelijk hebben ze nu alle stemmen gehoord. De wethouder heeft niet de indruk dat de TAC door de stadsecoloog van mening is veranderd. Die afweging ligt voor. Over de samenhang tussen deze twee adviezen gaat de wethouder kijken of ze daar één werkwijze voor kunnen kiezen, daar hier gevraagd wordt om helderheid en consistentie. Wethouder PELS snapt heel erg goed dat het voor de raad zoeken is naar hoe ze steeds de afweging kunnen maken, met aan de ene kant het grote belang van het groen en aan de andere kant, bij deze voordracht, de woonwagens. De zoektocht naar woonwagens is een hele pittige opdracht. Ze hebben afgesproken, ook doordat zij eerder zijn achtergesteld en er vele plekken zijn verdwenen, dat ze uiteindelijk naar zesentachtig extra plekken moeten zoeken in de stad. Dat is ongelooflijk veel. Omdat zij hen niet langer wilden laten wachten, hebben ze afgesproken op de korte termijn tien tot vijftien te gaan realiseren, daarvan zijn dit er zes, dus dit is een hele belangrijke voordracht om te doen.
De wethouder denkt dat het mede een pittige opdracht is, omdat als ze hadden kunnen kiezen, hadden ze hier niet gezeten, want het is zo ontzettend krap in de ruimte in Amsterdam, dat ze geregeld ook andere dingen niet kunnen doen, omdat ze dan bijvoorbeeld ergens er wel voor kiezen de woonwagenlocatie uit te breiden. De wethouder is heel erg blij dat het hier gelukt is om uit breiden en een voorstel te maken voor zes plekken die grotendeels op de parkeerplaatsen worden gerealiseerd. Gevraagd naar het alternatief, zegt de wethouder dat zij hier te maken hebben met een cultuur die gericht is op het samenleven als familie waarbij het gebruikelijk is dat de wagens naar elkaar toe gericht zijn en niet naast elkaar. Zij hebben ook aangegeven dat dit de vorm van opstelling is die het beste past bij hoe zij samenleven. De wethouder wil hen hier ook niet te verplichten dit toch op een rij te zetten, juist omdat ze werken aan het herstel van vertrouwen en het herstel van de plek van deze cultuur in hun stad, vindt de wethouder het heel erg belangrijk dat ze dat dan ook waarmaken dat zij kunnen leven op de manier die zij zelf hebben aangegeven. Gevraagd naar of zij ook zoek zijn naar verdichting, geeft de wethouder aan dat zij dat ook doen, wat geregeld stuit op weerstand.
Zo is er een locatie waar nu tuintjes zijn die zij moeten opgeven, maar zij hebben met vertegenwoordigers van woonwagenbewoners afgesproken dat ze allebei een beetje moeten geven en bewegen, omdat zij zo schaars zijn in de ruimte. Dat betekent ook dat zij op hun eigen locaties dingen moet opgeven, om meer plekken te realiseren. Tweede termijn Het lid KEESMAN vraagt naar de consequenties van nu geen beslissing nemen en nog eens goed te kijken of er alternatieve opstellingen zijn op de locatie waar ze het nu over hebben of op andere locaties. Die zijn natuurlijk al afgewogen, maar het lid kan zich voorstellen dat er locaties zijn waar de pijn wat minder is dan hier. Het lid ALBERTS begrijpt heel goed hoe het zit in de cultuur van woonwagenbewoners, maar stelt dat ze nu één portie krijgen van de 86. Dat betekent dus dat ze elke keer weer de mogelijkheid voorgelegd krijgen om af te wijken van de Hoofdgroenstructuur. Het lid maakt de vergelijking met dat als je één koekje uit de trommel pak, zie je het niet, twee niet, maar uiteindelijk is de trommel leeg. Dat is het risico wat je neemt als je het met zoveel kleine stapjes gaat doen. Het lid zou graag zien wat er nu al in de pijpleiding zit en wat er aankomt. Zijn dat bijvoorbeeld plekken waarbij iedereen meteen zegt, waarom ben je daar niet begonnen.
Ze praten over opvang van Oekraïners in het Beatrixpark, een tijdelijke school in het Martin Luther King park en zo zijn er vaker uitzonderingen voorbij gekomen, wat het juist zo ingewikkeld maakt. Als ze dat ene onderdeel ziet, is het geen probleem, maar in het geheugen van het lid is er al een stapeling geweest van al die afwijkingen en vraagt om een reactie van de wethouder. Het lid EMMERIK beaamt wat het lid Alberts zegt. Het probleem wordt nu bijna een beetje bij de woonwagenbewoners gelegd. Het lid roept op om een mooie en goede plek voor hen te maken, maar niet een stuk gras vrij te gaan maken.
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
Het lid VEENHOFF vraagt of het college bereid om alternatieve maatregelen te nemen om de Hoofdgroenstructuur daar te versterken, want in de projectnota worden veertig parkeerplaatsen genoemd voor het sportterrein, maar Sport en bos heeft het over vijfenvijftig plekken. Veertig plekken lijken het lid voldoende, waardoor vijftien plekken gebruikt kunnen worden om de structuur te versterken. Wethouder VAN WEYENBERG zegt dat de optelsom van het lid Alberts klopt feitelijk en is een indicatie van de ontzettende worsteling met ruimte die ze in deze stad met elkaar hebben. De vraag van het lid Veenhoff over de relatie met sportvelden, neemt de wethouder even mee, want dit betreft ook beleidsterreinen van collega’s en kan de wethouder niet direct toezeggen. Wethouder PELS zegt naar aanleiding van de vraag of er geen plekken zijn die minder pijn doen, dat zeker plekken zijn waar het makkelijker gaat, maar die hebben ze ook nodig en die zitten allemaal in die zes startnotities die zij eerder met de raad hebben gedeeld. Er komen zeker nog veel meer plekken die nog veel pijnlijker zijn, om wat voor afweging dan ook. Nu hebben ze het over de hoofdgroenstructuur, maar er komen misschien andere ingewikkelde afwegingen wat zij willen en wat zij de voorkeur geven als stad.
Dus er is niet een optie waar ze naar terug kunnen vallen, op andere locaties waar ze alsnog deze zes plekken kunnen realiseren. Daarnaast leeft deze gemeenschap in familieverband en zijn deze zes plekken ook nodig om te zorgen dat die familie bij elkaar kan blijven, anders moeten de mensen die nu nog bij anderen inwonen, naar een andere locatie en kunnen zij niet met hun familie samenleven, wat het ook minder flexibel maakt waar je deze plekken zou willen realiseren. Ze hebben eerder aan de raad zes startnotities voorgelegd waar deze een onderdeel van is, die zijn voor de plekken die nu zoeken om snel uit te breiden en dit is de enige die op dit moment een stukje in het de Hoofdgroenstructuur valt. Ze hebben geprobeerd het maximaal op de parkeerplekken te realiseren, dit is het maximale wat ze kunnen behalen, maar dat geeft mogelijk enig comfort. De wethouder geeft een winstwaarschuwing, dat er echt nog wel andere terreinen in botsing zullen komen met plekken waar zij misschien woonwagenlocaties willen realiseren en ook dan een afweging moeten maken wat voorrang heeft op die plek. Wethouder VAN WEYENBERG ziet op dit moment niet de ruimte om extra parkeerplekken terug te nemen. Als dat anders is, komt de wethouder hier nog op terug. De VOORZITTER concludeert dat dit punt voldoende is besproken en naar de raad van 9 juli 2025 kan om middellang besproken te worden.
6 Vaststellen van de zienswijzen op de financiële jaarstukken van de recreatieschappen Groengebied Amstelland, Spaarnwoude Park en Twiske-Waterland (VN2025-005990) Het lid VAN MUNSTER onthoudt zich van de beraadslaging, daar hij werkzaam is bij de gemeente Landsmeer. In de raad zal het lid dit ook doen, daar zal een collega eventueel het woord voeren en het lid zal zich ook onthouden van stemming op dit punt. Het lid STAARTJES zegt dat de raad jaarlijks de gevoelens over de begroting van de recreatieschappen uitspreken. Dat gaat via een zienswijze die het college al heeft opgesteld. Die zienswijze had uiterlijk 13 juni 2025 ingediend moeten worden, want werd besproken op 19 juni 2025 opdat deze van 10 juli 2025 vastgesteld kan worden. Tegen beter weten in, wil het lid opmerken over het Spaarnwoude Park dat de gemeente de participantenbijdrage niet wil verhogen, dus alleen de indexatie, terwijl uit het verslag blijkt dat de overige inkomsten dalen en ze die wel nodig hebben, willen ze het beheer en onderhoud van het gebied op orde krijgen. Er is nu aangekondigd vanuit het DB dat er een onderzoek komt naar de meerjarenbegroting in de financiële toekomst. Het lid wil hier met klem zeggen dat het misschien belangrijk is om in de toekomst wel open te staan voor een
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
verhoging van de participantenbijdrage, juist omdat dit recreatieschap in het bijzonder een belangrijke rol gaat vervullen voor hun recreatiebehoeftes. Het lid EMMERIK zegt dat de Partij voor de Dieren zich opnieuw zorgen maken over de plannen van het recreatieschap Twiske-Waterland. In 2025 wil men een nieuw evenement werven, terwijl het financiële resultaat over 2024 al positief was, mede vanwege evenementen. Een extra festival is niet nodig en ook niet te verdedigen, zeker niet nu het aantal bezoekers en mensen die daar komen wonen toeneemt. Amsterdam groeit, daarmee ook rust en natuur. Twiske-Waterland moet een toevluchtsoord blijven en geen terrein wat wekenlang ontoegankelijk is vanwege festivals. Hoe beoordeelt het college als participant het voornemen om een nieuw grootschalig evenement te werven in dit kwetsbare gebied? Wethouder VAN WEYENBERG zegt dat rondom de financiële positie, er nu gewerkt wordt aan een regiodeal als het gaat om de nieuwe structurele inkomsten. Dat gesprek moeten ze even afwachten. Rondom het festival, in het Twiske-Waterland, is dit de gemeente Landsmeer en is het hun gemeentelijke bevoegdheid. Zij hebben besloten in de gemeenteraad dat zij meer festivals willen toestaan en daarmee is het hun verantwoordelijkheid. Het lid EMMERIK stelt dat de gemeente Amsterdam de grootste participant is en vraagt hoe de gemeente Amsterdam hierin staat.
Wethouder VAN WEYENBERG zegt dat zij op dit moment niet voornemens zijn om hier een signaal te geven dat zij vinden dat ze dit niet mogen doen. Het lid EMMERIK geeft aan dat ze dat festival nog actief moeten gaan werven. Wethouder VAN WEYENBERG stelt vast dat dit een feitelijke constatering was. De VOORZITTER stelt vast dat dit punt voldoende is besproken en in de raad kan worden gehamerd. 7 Vaststellen van het bestemmingsplan Cruquius deelgebied 8, Drenth- en Werfkavel (VN2025-006841) Het lid KEESMAN zegt dat hun fractie positief staat ten opzichte van deze bestemmingswijziging. De woningcategorieverdeling van vijfendertig procent sociaal en vijfenzestig procent in het midden segment, kunnen zij billijken vanwege de behoefte aan middel dure woningen en het feit dat de sociale huurwoningen in beheer gaan komen van een woningcorporatie. Daarnaast komt er geheel naar de wens van de buurt ruimte voor cultuur en ontmoeting, ook dat is winst. Zij kunnen de overwegingen van het college wat betreft de geluidsbelasting volgen, al is het jammer dat er in veel woningen maatregelen getroffen moeten worden tegen het geluid van de omliggende bedrijven. In de buitenruimte zullen de toekomstige bewoners daar toch wel enige hinder van ondervinden, maar dat alles afwegende zijn ze toch wel positief.
Wethouder VAN WEYENBERG is het ermee eens dat geluid een factor is, voor binnen woningen wordt daar wat aan gedaan, in de buitenruimte heb je dat. De wethouder deelt het enthousiasme volledig, want het is een mooie aanvulling op deze buurt. De VOORZITTER concludeert dat dit punt voldoende is besproken en gehamerd kan worden in de raad van 9 juli 2025. 8 Vaststellen van het Wijzigingsbesluit Omgevingsplan gemeente Amsterdam: Intrekken 1e herziening exploitatieplan Bloemendalerpolder (VN2025-007507)
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
Het lid KEESMAN stelt dat meer dan duizend inwoners van Weespersluis een zienswijze hebben ingediend tegen het intrekken van het exploitatieplan Weespersluis. Hun indruk is dat deze zienswijzen voornamelijk voortkomen uit frustratie over de trage of achterwege blijvende voorzieningen zoals groen, parkeren en speelplekken. Als ze gerealiseerd worden, is de kwaliteit vaak ondermaats. De bewoners ervaren het exploitatieplan als één van de laatste verdedigingslinies om adequate voorzieningen gerealiseerd te krijgen. Het college bestrijdt dit. Het intrekken van het exploitatieplan doet niks af van de bestuur mogelijkheden van de gemeente. Die zijn en blijven voldoende gewaarborgd in de SUOK. Inhoudelijk kunnen zij het college daarin volgen. Belangrijk voor hen is dat de bestuurscommissie Weesp ook op deze lijn zit, maar deze verbindt hier wel voorwaarden aan. Verbetering van de gebiedsontwikkeling zou alleen mogelijk zijn door een combinatie van goede onderlinge relaties, een soepele bestuurlijke afstemming met het college en concrete afspraken over de voorzieningen, participatie en fasering. Tijdens de laatste vergadering over Weespersluis, heeft zijn collega Minderhoud de toezegging gekregen dat er een integraal planningsdocument komt voor de nog te realiseren voorzieningen in het gebied.
Is hier een update van? Wat hen betreft komt dat document er zo snel mogelijk zodat bewoners houvast hebben over de nog te realiseren voorzieningen. Het lid STAARTJES vraagt hoe de PvdA staat tegenover het realiseren van voorzieningen buiten het plangebied. Het lid KEESMAN vraagt of het lid Staartjes dit kan specifiëren. Het lid STAARTJES vraagt of voor de PvdA ook een bovenplanse oplossing bespreekbaar zou zijn om voorzieningen in Weesp te realiseren. Het lid KEESMAN zegt dat dit in zekere gebied al gebeurt. Zo wordt voor de kinderopvang buiten het plangebied oplossingen gezocht en wat hen betreft is de nodige creativiteit altijd welkom. Het lid EMMERIK zegt dat de Partij voor de Dieren fel tegen het intrekken van het exploitatieplan Weespersluis. Dit plan is geen formaliteit, maar het instrument om groen, voorzieningen en leef kwaliteit juridisch te borgen. Dit zijn precies de zaken die zoals de Rekenkamer ook stelde, structureel tekort schieten bij gebiedstransformaties in Amsterdam. In Weespersluis wonen inmiddels honderden gezinnen, scholen zijn overvol, er is geen opvang, geen groen, geen ruimte voor jongeren en zonder exploitatieplan verliezen bewoners hun enige houvast. Ze hebben begrepen dat de afspraak, dat voor elke hectare bebouwing 1,7 hectare grond komt, niet wordt gehaald, hetgeen de gemeente inmiddels zelf herkent.
Het schrappen van dit plan verzwakt de positie van de bewoners en de natuur. De gemeente moet de regie pakken en niet de regie overlaten aan ontwikkelaars. Waarom laat de wethouder de eis van evenredige groenontwikkeling los, terwijl deze niet wordt behaald. Biedt dit bestemmingsplan echt voldoende borging voor genoeg groen? En welk concreet alternatief borgt dezelfde leef kwaliteit als het exploitatieplan. Het lid VAN MUNSTER heeft zelden zoveel zienswijzen gezien. Het college geeft aan dat het intrekken van het exploitatieplan geen gevolgen heeft en dat de gemaakte afspraken van kracht blijven. Hoe wil de wethouder dat vertrouwen aan de bewoners geven concretiseren dat de gemaakte afspraken daadwerkelijk geborgd zijn in andere documenten? De bestuurscommissie vraagt het college om een hoogwaardige invulling van het resterende groen in de wijk en uit te zoeken hoeveel hectares groen sinds vaststelling van het bestemmingsplan binnen het woongebied zijn ontwikkeld en het DB daarvan op de hoogte te stellen. Hoe kijkt de wethouder daarnaar? Het lid STAARTJES verwijst naar het recent verschenen eindrapport van adviesgroep STOER wordt Bloemendaler polder Weespersluis als voorbeeld casus genoemd waar versnelling mogelijk is door juridische procedures te schappen. Het college is in dat opzicht stoer, want het exploitatieplan wordt ook om die reden ingetrokken.
Tegelijkertijd stelt het college dat het slechts een administratieve handeling betreft en de
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie Concept-raadscommissieverslag, 25 juni 2025
RO
positie van de inwoners feitelijk niet veranderd. Dat meer dan duizend inwoners van Weesp zich zorgen maken, begrijpt het lid goed, als je kijkt naar de huidige situatie. Dat inwoners niet altijd meer vertrouwen hebben, begrijpt het lid ook goed. Toch zijn zij op dit moment geneigd het college erop te vertrouwen dat dit inderdaad een administratieve handeling is en dat de juridische rechtsbescherming waar bewoners echt behoefte aan hebben, voldoende geborgd wordt in andere juridische documenten. Dit heeft deels te maken met dat de bestuurscommissie inmiddels positief geadviseerd heeft en daarnaast gevraagd had uitgebreid in te gaan op de zorgen van de inwoners en zij gezien hebben dat dit gebeurd is met een zeer uitgebreide nota van beantwoording. Zij denken dat dit een goede eerste stap is om te werken aan het vertrouwen daar en denken dat dit verder doorgezet moet worden. Wethouder VAN WEYENBERG zegt dat de kern van het intrekken van het exploitatieplan is, is dat het geen enkele toegevoegde waarde meer had om dit te realiseren. De duizend reacties op de inspraak is een buitengewoon duidelijk signaal die de wethouder en het college heel goed heeft gehoord. De wethouder heeft een eigen voorwoord toegevoegd aan de reactie. De zorg staat eigenlijk los van het intrekken, maar daarmee is de zorg niet weg en dat heeft de wethouder recht te doen in de oplegger.
Alle mensen die heel hard werken aan deze prachtige wijk, zijn ook buitengewoon bewust van het signaal dat is gegeven. De wethouder denkt dat, bijvoorbeeld bij de komst van scholen, het intrekken van het omgevingsplan, kan helpen om die sneller voor elkaar te krijgen. De wethouder zegt dit allemaal te kunnen zeggen, maar dat het erom gaat dat inwoners dit resultaat in de praktijk zien gebeuren. Er loopt heel veel. Vrij kort na dat ze de stukken voor dit agendapunt, hebben college wethouder Moorman en de wethouder direct gehandeld over de nieuwe prognoses rondom leerlingen. Dat betekent dat er twee scholen zo spoedig mogelijk moeten worden gerealiseerd. De bewoners hadden daar dus gelijk en de wethouder bedankt hen voor dit signaal. De wethouder hoopt dat zij samen met de bewoners de stappen vooruit kunnen zetten in een wijk die ook in ontwikkeling is. De afspraken geven ook voldoende ruimte om al die doelen te bereiken. Wat betreft de planning, leest de wethouder voor en zegt daarbij dat ze dit ook nog een keer goed op papier gaan zetten. Voor onderwijshuisvesting gaat het inmiddels over drie scholen, waaronder een integraal kindcentrum. In deelplan zes maken ze twee extra scholen inclusief kinderopvang voor zomer 2028. Die worden nu gelijk gebouwd, ook aangezwengeld door het buurtplatform Leeuw en sluis die de wethouder nogmaals hen en alle bewoners bedankt.
De Bredeschool Weesperrijk heeft een tijdelijke school met zes lokalen en die wordt in het najaar met zes lokalen uitgebreid. Betreffende sport- en speelplekken, zijn er nu twaalf speelplekken aangelegd voor kleuters in de wijk. Recreatieplan de Gouw is geheel uitgegraven met een strandje, wordt nu deel twee uitgegraven en het strandje is nu reeds in gebruik. Het Weespersluispark is in aanleg met een zeven plus plek, het gaat hierbij om leeftijden, in aanleg in 2025 en ze zoeken nog de aanleg van een twaalf plus plek. Het park aan de Muiderslotlaan is opgeleverd en het Gouwpark is deels opgeleverd. In 2025 worden sporttoestellen en kunstgras geplaatst en ook hier is een twaalf plus plek in onderzoek. ’t Breedland natuurgebied is opgeleverd met een strandpad. Het rondje Gouw, recreatie- en fietspad, is zestig procent gereed. De wethouder zal kijken of in de notitie kan worden opgenomen wanneer de resterende veertig procent komt. Ze onderzoeken het Weesperlint. Van deelplan zes zit het natuurpark met een natuurschuur met ook weer ruimte voor zeven en twaalfplus, dat komt na 2028. Wat betreft commerciële voorzieningen, is in 2024 een winkelcentrum met horeca opgeleverd. Het project kantoor aan de Gouwplas krijgt een tijdelijke bestemming en gaat in aanbesteding in 2025.
De aanlegsluis in de haven is in aanbouw en haventjes aan de gouw zijn gereid en in deelplan zes komt nog ruimte voor nieuwe voorzieningen rondom het bassin. Dat zal na 2028 zijn beslag krijgen. Niet alles zal er meteen zijn. Terwijl de wijk groeit, groeit dit gewoon door. Specifiek gevraagd over de 1,7 hectare per 1 hectare, dit is al in 2020 verdwenen. Er is een evenredig groenontwikkeling in het SUOK opgenomen, een derde, twee derde en die staat gewoon. Het beeld is dat de twee derde verhouding groen, water, op dit moment gehaald. Dat is hier wat zij doen.