CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2025.05.21Conceptverslag RO

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 25 juni 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie RO d.d. 21 mei 202515.897 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ruimtelijke Ordening 6 Vaststellen van het bestemmingsplan Datacenters Amsterdam en de beleidsregels Vestigingsbeleid Datacenters gemeente Amsterdam 2020 – 2030, eerste herziening (VN2025-005287) Gevoegd besproken met punt 13. De VOORZITTER wijst erop dat er twee geheime bijlagen zitten en constateert dat er geen behoefte is om deze bijlagen te bespreken. Het lid EMMERIK zegt dat Amsterdam klimaatneutraal wil worden, wat geen vrijblijvende ambitie is, maar bittere noodzaak. Door het aantal datacenters flink te verminderen, zetten ze hier een belangrijke stap. Met dit beleid wordt wel de deur opengehouden voor het honoreren van lopen aanvragen van in totaal 350 megawatt, wat ongeveer evenveel vermogen is dan het elektriciteitsverbruik van de stad Utrecht. In deze regio is het nu al overbelast en er zijn waarschuwingen voor storingen vanaf 2026. Datacenters gebruiken al 10 procent van het Amsterdamse stroomverbruik. Met de geplande uitbreiding dreigt verdringing van andere maatschappelijke behoeften. Daar bovenop kunnen de publieke kosten voor netverzwaring tot 2030 oplopen tot ruim 2,4 miljard euro.

Voor de 350 megawatt zal het net extra verzwaard moeten worden, dat brengt grote kosten met zich mee, maar welke baten brengt dit hen? Datacenters dragen niet veel bij aan de werkgelegenheid, de restwarmte wordt tot op heden vrijwel niet benut en de stroom wordt gebruikt voor internationale cloud en AI, maar niet voor Amsterdamse woningen, scholen of bedrijven. Dan is er nog de netcongestie, de drinkwaterdruk en CO2 uitstoot, dus zij hebben twijfels bij dit besluit en deze bedrijven. Het college wijst op mogelijke planschade van tientallen mijloenen bij het schrappen van deze uitbreiding. Zij weten niet wat het hen zal opleveren om het niet te doen. Zij pleiten voor een

16

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein,

RO

Energietransitie Conceptraadscommissieverslag, 21 mei 2025

maatschappelijke kostenbatenanalyse die het publieke belang naast de financiële risico’s legt en roepen op wat het wel en niet oplevert om wel of niet door te gaan met deze 350 megawatt, zodat ze als raad een weloverwogen besluit kunnen nemen. Het lid VAN MUNSTER stelt dat dit past in een traditie waarbij ze als stad grip proberen te krijgen op economische activiteiten die ze niet ongebreideld over de stad willen laten gaan. Bij 450 bestemmingsplannen is er nog ruimte voor datacenters, als ze daar niks aan doen, bieden ze daar alle ruimte voor. Het is heel goed dat ze hier grip op proberen te krijgen. Er komen nog steeds datacenters bij en in 2035 bespreken ze of ze dit nog willen, maar dan moeten ze nu wel even een pas op de plaats maken, want datacenters hebben een enorme impact op de stad tegelijkertijd zullen. Tegelijkertijd zullen ze het gesprek met de sector aan moeten gaan met hoe ze kunnen zorgen dat de impact kleiner wordt en wat kunnen bijdragen. Het is heel nuttig dat ze daar stappen in gaan zetten. Het lid ASLAMI zegt dat het goed is om te horen dat datacenters ook kunnen bijdragen en mogelijk een uitweg is in de vele uitdagingen die ze hebben, zoals netcongestie. Ziet het lid Van Munster dat ook? Het lid VAN MUNSTER zegt dat dit in de analyse wel een beetje in twijfel werd getrokken of wat de datacenters beweren, ook daadwerkelijk zo is.

Als die datacenters er dan toch zijn, laten ze dan de impact zo klein mogelijk houden en te zorgen dat ze een bijdrage leveren aan de noden van de stad. Het lid ASLAMI is het hier mee eens en zegt blij om te horen dat hij het lid Van Munster hier aan zijn zijde vindt en dat ze moeten kijken naar wat wel kan. Het lid VAN MUNSTER zegt wel heel kritisch te zijn, want de impact is heel fors en de ruimte wordt ze wel geboden, maar er wordt een pas op de plaats gemaakt, wat het lid passend lijkt. Het lid ASLAMI zegt dat datacenters niet een op zichzelf staand iets is, het produceert data, die zij met elkaar gebruiken. Het is wat zij zelf doen en laten en met elkaar belangrijk vinden. Het lid roep op te bekijken wat wel kan en hoe ze dat op een verstandige manier kunnen organiseren. Het lid EMMERIK vraagt hoe het lid Van Munster de kostenbatenanalyse ziet. Het lid VAN MUNSTER vindt dat een interessante gedachte, tegelijkertijd het zijn van een betrouwbare overheid, om zomaar eenzijdig te zeggen dat ze moeten kappen met de handel, vindt het lid dat ze dit in de brede zin van het woord niet moeten doen. De vraag is ook in hoeverre dit een oplossing is voor het probleem wat ze willen oplossen. Het lid KONINGS stelt dat datacenters een cruciale bouwsteen in hun digitale infrastructuur en van groot belang zijn voor economische ontwikkeling, innovatie en technische vooruitgang.

Zij staan ook voor een betrouwbare overheid, als er al gesprekken lopen met partijen over plaatsing of uitbreiding, moeten ze die zorgvuldig nemen waar dit mogelijk is. VOLT kan zich ook vinden in de keuze om de groei tot 2035 te beperken, de situatie rondom netcongestie vraagt om duidelijke keuzes. Tegelijkertijd vragen zij zich af of ze dit besluit wel zouden moeten nemen op lokaal niveau, daar dit ook nationale en internationale belangen raakt. Heeft de gemeente dit beleid in samenwerking met het rijk en de provincie opgesteld? Zij missen een heldere analyse van de gevolgen voor hun AIambities en digitale autonomie. Alleen als ze weten wat de beperkingen kunnen betekenen voor kennisinstellingen, startups en digitale soevereiniteit, kunnen ze beoordelen of dit beleidskader in balans is. Nu is er geen inzicht op de effecten op hun lokale AI-systeem en hoe zich dat verhoudt tot hun digitale strategie, dit is een gemiste kans. Ze kunnen het besluit van de wethouder volgen, maar wel onder de voorwaarde dat ze beter inzicht krijgen in wat ze nu inleveren.

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein,

RO

Energietransitie Conceptraadscommissieverslag, 21 mei 2025

Het lid ASLAMI zegt dat het goed is om kritisch te kijken, maar stelt voor om een weloverwogen keuze te maken op basis van een totaalbeeld en sluit zich aan bij VOLT. Het gaat ook om de digitale autonomie van de stad, van het land en van Europa. Daarin moeten ze niet heel snel tot allerlei besluiten komen, waar ze achteraf mogelijk spijt van krijgen. Ook valt het lid op dat het beleid wat voorligt, heel streng oogt, maar is dat ook zo? Hoeveel ruimte is er als ze kijken naar aanvragen die zijn ingediend? En waarom hebben ze hier een hele beperkte blik op datacenters losgelaten en niet met een veel scherpere blik gekeken naar welke datacenters dan wel en welke dan niet. Er is nogal een verschil tussen de datacenters, dat verschil mist het lid nu en vraagt om- een reactie. In hoeverre hebben ze samengewerkt met de regio, het rijk en Europa? Als ze dat niet hebben gedaan, zouden dat dan alsnog kunnen doen? Want ze moeten ook kijken hoe ze prioriteit kunnen geven aan datacenters die wel relevant zijn en een bijdrage leveren. Het lid ALBERTS refereert aan de eerste datacenters die werden neergezet en de belofte van restwarmte en meer van dat soort mooie dingen. Dat lukte niet en nu lijkt er nieuw argument zijn, namelijk dat ze autonoom moeten zijn.

Ze kunnen zichzelf goed verkopen, maar de impact van datacenters op omgeving, het ruimtebeslag, het waterbeslag, het stroombeslag, maakt dat het draaien van die tent altijd meer energie vraagt, dan wat eruit komt. Alles bij elkaar opgeteld, is het goed als zij hier een hele strakke stap op de plaats maken. Wethouder VAN WEYENBERG zegt dat het college hier een goede balans probeert te vinden. De risico’s die het lid Emmerik noemt, kan de wethouder goed volgen. Daar tegenover staan natuurlijk ook allerlei voordelen. Ze kunnen het rond netcongestie gebruiken, maar ze hebben de aansluiting nog steeds nodig. Het blijft concurreren om schaarse elektriciteit. Het is hier echt zoeken naar een balans. Het klopt dat Amsterdamse datacenters draaien op groene stroom. Er zijn allerlei plussen, maar op het gebied van ruimtelijke ordening ook allerlei minnen en daarbinnen moeten zij laveren naar een goede balans. Dit beleid komt uit najaar 2023, maar sindsdien is er ook wel wat veranderd in de wereld. Ze kijken daardoor steeds weer wat anders kijken naar bijvoorbeeld autonomie ten opzichte van de Verenigde Staten, wat betekent dat ze telkens moeten zoeken naar wat hier nu de goede balans is en hoe ze dit als Amsterdam een plek gaan geven. Wat betreft het regionale en landelijk beleid, zegt het landelijk beleid dat er veel regie wordt gelegd bij provincies en gemeenten.

De wethouder denkt dat ze hier de goede balans hebben gevonden. Wat betreft de vraag wat in de praktijk gaat betekenen, geeft de wethouder aan dat het klopt dat zij de insprekers van tevoren niet hebben betrokken, omdat zij lopende vergunningsaanvragen respecteren en ook vooroverleg, waardoor zij dit niet van tevoren kunnen openzetten. Als ze van tevoren zeggen dat ze misschien een begrenzing gaan doen, wordt daar direct op gehandeld. Natuurlijk worden nu de zienswijzen behandeld. Ten aanzien van het tweede beeld, dat ze worden weg bestemd, zegt de wethouder dat er op dit moment zes datacenters, nieuwbouw of uitbreiding, die in de pijplijn zaten. Dat is in totaal voor een fors volume. Het oorspronkelijke beleid bood ruimte tot een aansluitvermogen van 670 megavoltampère (MVA). De resultante van wat ze vandaag voorstellen, dan hebben ze ongeveer 180 MVA, een kwart van die totale ruimte. Met die zes aanvragen komt daar nog iets van 170 en 190 MVA bij. Met die zes aanvragen, verdubbelt de capaciteit. Dat doen ze ook om juridische redenen, want als ze daarvan afwijken, is het ook onbehoorlijk bestuur en betalen ze een heel andere rekening. Maar als de wethouder kijkt naar de nieuwe wereld, doen ze recht aan het feit dat ze allemaal, ook met de ambities rondom de digitale stad, dat ze dat niet aan anderen overlaten, maar dat ze ook een balans zoeken.

Er is dus nog uitbreiding voor de zes die in de pijplijn zaten, daarmee verdubbelt de totale capaciteit van nu, maar wat dan uiteindelijk blijft is een halvering van wat er had gekund met het oude beleid. De wethouder heeft geen MKBA meer nodig, want ze hebben goede redenen om te begrenzen op de oorspronkelijke 670 en juridische en ook wel inhoudelijke redenen om die zes in de pijplijn te doen en daarmee hebben ze een goede balans gevonden. Wat betreft het sturen op de inhoud, heeft de wethouder nu het beeld dat dit niet mogelijk is, maar de wethouder zal deze vraag doorzetten naar wethouder Scholtes. Tweede termijn

18

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein,

RO

Energietransitie Conceptraadscommissieverslag, 21 mei 2025

Het lid EMMERIK roept op om niet te doen alsof die datacenters er zijn voor hun telefoontjes, want ze hebben genoeg aan de datacenters die ze al hebben. Wat er nu nog bijkomt, is voor Europa en wat zij als Amsterdam eraan hebben is het lid niet duidelijk. Ze gaan een enorme verhoging krijgen, want 350 komt erbij. Ze hebben vooroverleg gevoerd, maar er zijn nog helemaal geen bindende afspraken gemaakt, waardoor ze in principe kunnen bekijken of het zinvol is om hiermee door te gaan. Het lid VAN MUNSTER verwijst naar de eerdere belofte van restwarmte en vraagt of de wethouder ruimte ziet om in het nieuwe beleid strikter te zijn naar die voorwaarden toe, zodat ze ook daadwerkelijk dat soort dingen kunnen doen voor de stad. Het lid ASLAMI denkt dat het goed is dat wethouder Scholtes die ook gaat over digitale autonomie hier ook in betrokken wordt. Het lid wil een pleidooi houden voor datacenters die er al zijn en wel kunnen bijdragen aan verduurzaming en het leveren van restwarmte. Overigens hebben zij als gemeente ook een rol in het faciliteren van het net en het warmtenet, waarmee wethouder Pels daar nu ook de handschoen voor oppakt. Het lid roept op om dit in samenspraak met de datacenters goed van de grond laten komen.

Wethouder VAN WEYENBERG stelt dat deze stad altijd groter is dan alleen haar eigen inwoners, of het nu is als baken van vrijheid en tolerantie of als economische spil en culturele hoofdstad. De wethouder heeft er echt een andere visie op en denkt echt dat ze nu een hele stevige beperking doen door nu te zeggen dat ze geen nieuwe toe te staan, behalve die zes. Het is niet correct dat ze feitelijk met dat vooroverleg mogen stoppen, het gaat vaak om vergunningen die gewoon in de aanvraag van de procedure zaten. Als je daarmee stopt gaat dat verder dan planschade. Los van of je ook zegt dat het qua hoeveelheden wel een goede balans is, dat ze wel iets groeien, maar veel gematigder. Dit is ook behoorlijk bestuur. Zij hechten ook waarde aan dat vooroverleg, dat is goed voor partijen en voor hen, maar dan moeten ze wel betrouwbaar zijn. Dat is niet een juridisch vrijblijvend kopje koffie, maar een voorbereiding van een vergunningaanvraag waar ze zich aan hebben gecommitteerd. Wat betreft de restwarmte, staat dit los van de discussie rondom de omgevingsvergunning. De wethouder denkt niet dit te kunnen toevoegen aan de criteria aan de voorkant, al is het maar omdat het gaat om die al in aanvragen waren of in vooroverleg waren. Niets afdoend aan de zoektocht van het lid Van Munster die het college ook heeft. Het is goed om dat met elkaar te blijven doen.

De VOORZITTER stelt vast dat hiermee de punten voldoende zijn besproken. Punt 6 gaat naar de raad om midden lang te worden besproken, waarbij het presidium gevraagd wordt om tegelijkertijd dan punt 13 te behandelen. 7 Bespreken van de raadsinformatiebrief en het Jaarverslag 2024 van de Technische Adviescommissie Hoofdgroenstructuur (VN2025-006130) Het lid EMMERIK valt het op dat in vrijwel exact dezelfde bewoordingen als in 2022 en 2023, voor het derde jaar op rij, een van de aanbevelingen is om als hoofdstad een pioniersrol te vervullen bij het opstellen van beleid voor landbouw in het Amsterdamse ommeland. Het zal Amsterdam sieren als Amsterdam een eigen landbouwbeleid opstelt. Vorig jaar heeft het lid dit punt ingebracht, zowel in de commissie als in de raad, en het lid een motie ingediend die vroeg om een eerste visie te ontwikkelen, die motie is toen verworpen. Er werd gezegd dat de gemeente geen eigen visie ontwikkeld, omdat rijk en provincie hier primair aan zet zijn. Ondertussen zijn er elk jaar knelpunten in de jaarverslagen op dit gebied. Willen ze deze discussie elk jaar herhalen? Het lid stelt voor om samen met de taak te verkennen of er een basis ligt voor een eerste bescheiden visie. Het lid VEENHOFF snapt de wensen van de Partij voor de Dieren en sluit zich daar gedeeltelijk bij aan.

Maar het lid ziet dat het college reageert, wat betreft het bebouwen van het terrein, dat ze willen wachten op de eerstvolgende herziening van het omgevingsplan.

19

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein,

RO

Energietransitie Conceptraadscommissieverslag, 21 mei 2025

Dat snapt het lid, want er ligt ook nog dat initiatiefvoorstel van hen over het vergunningsvrij bouwen. Over de neventakken, is er een gesprek met stadsdeel Weesp en Noord. Dat vinden ze heel goed, maar ze zouden daar zicht op willen hebben. Kan de wethouder hen daarvan op de hoogte stellen met een tijdlijn of iets dergelijks? Wethouder VAN WEYENBERG zegt dat zij als college het signaal herkennen. Er is heel veel dynamiek in het buitengebied, hetgeen regelmatig leidt tot adviesaanvragen, omdat het bestaande beleid sterk conserverend is. Het buitengebied Weesp valt nog niet binnen de Hoofdgroenstructuur, maar daar zien ze wel vergelijkbare processen en vragen spelen. De algemene lijn van het college is om het stadsdeel en stadsgebied ruimte te geven om dit goed op te pakken. Ze willen niet steeds achter de feiten aanlopen. Het landbouwbeleid ligt bij wethouder Pels. De wethouder zal collega-wethouder Pels vragen om in een aankomende brief een update te geven hoe dit nu loop in het stadsdeel en het stadsgebied en wat de ontwikkelingen nu zijn, zodat ze hierop door kunnen. Contact met de TAC kan daarbij, maar de wethouder wil hen niet in de positie brengen dat zij gecommitteerd worden aan de voorkant, want zij moeten altijd in hun onafhankelijkheid kunnen toetsen.

De VOORZITTER concludeert dat hiermee dit punt voldoende is besproken en in de raad van juli middellang kan worden besproken. 8 Bespreken van de beantwoording schriftelijke vragen van het lid Von Gerhardt (VVD) inzake transformeren van recreatiewoningen naar permanente bewoning (VN2025006047) Het lid VON GERHARDT stelt dat het anderhalf jaar heeft geduurd totdat de antwoorden er waren. Uit de antwoorden begrijpt het lid dat het om niet veel recreatiewoningen gaat die in Amsterdam zitten, maar ze hebben er wel een aantal. In het verleden is er een regeling geweest, wat meer om recreatieparken ging, om die om te zetten naar permanente bewoning. Vorig jaar november is er een motie van de heer De Groot aangenomen, om ook in individuele gevallen, losse, particuliere recreatiewoningen om te zetten naar woningen. Nu zien ze al vaak dat die mensen een groot deel van het jaar wonen en het kan ook een kleine bijdrage leveren aan het verlichten van de woningnood, omdat ze zo een woning waar ze zelf wonen kunnen achterlaten. Het lid TAJ is verbaasd, want de VVD roept altijd dat ze moeten bouwen aan een stad met complete voorzieningen en de meeste van deze recreatiewoningen zitten in de hoofdgroenstructuur, een voorziening waar ze tekort aan hebben.

Hoe rijmt het lid dit dan? Het lid VON GERHARDT zegt dat die woningen er al staan en het verschil is dat ze er permanent kunnen wonen in plaats van de helft van het jaar mogen wonen. Doordat ze er nu maar de helft van het jaar mogen wonen, hebben ze ook nog een andere woning die dan niet gebruikt kan worden voor mensen die een woning zoeken. Kan de wethouder kijken of ze deze woningen niet gewoon permanent bewoond kunnen laten worden en ook in gesprek kan gaan met de mensen daar om ervoor te zorgen dat het kan, juist om dat de facto de situatie zoals die al in de praktijk al is dan op papier ook werkelijkheid wordt. Het lid TAJ snapt dan de denkfout, want het zijn geen woningen, maar recreatiewoningen. Dat is het verschil wat ze moeten houden, want ze moeten juist het groen bewaren en bewaken. Wethouder VAN WEYENBERG begint door te zeggen dat de beantwoording van deze vragen heeft langer geduurd dan zou moeten. Ze hebben heel serieus gekeken, maar dat zij nieuw beleid op het gebied van recreatiewoningen niet als een grote kans hebben aangetroffen. Ze hebben geen grote vakantieparken en wat ze hebben staat vaak in de hoofdgroenstructuur, waar andere regels gelden als je daar permanent gaat wonen. Je mag niet zomaar elke recreatiewoningen omzetten in een permanente woning. De wethouder

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein,

RO

Energietransitie Conceptraadscommissieverslag, 21 mei 2025

vindt het best ongemakkelijk om hier over individuele casuïstiek te praten en het best ingewikkeld te vinden om in plaats van beleid casussen te bespreken. Op dit moment geeft het geen aanleiding dat er ruimte zou zijn, die er eerder juridisch niet is gevonden. De wethouder ziet geen reden dat er nu dingen mogen, waarvan juridisch eerder de conclusie was dat het niet mag. Specifiek kan de wethouder zeggen dat het stadsdeel heeft aangegeven dat er contact is met de belangenvermenging om het in kaart te brengen, maar wel steeds gericht op de juridische situatie die moet. Dit zit in de handhavingshoek. Zij hebben op dit moment ook geen nieuw verzoek tot omzetting in behandeling. De VOORZITTER stelt vast dat zij dit punt hierbij voldoende hebben besproken. Grond en Ontwikkeling 9 Bespreken van de raadsinformatiebrief inzake de ontwikkelingen van het erfpachtstelsel per 1 januari 2025, afdoening toezeggingen uit de commissie WV d.d. 4 september 2024 en de commissie RO d.d. 23 oktober 2024 (VN2025-006131) Het lid LOCHTENBERG wil samen met de voorzitter van de VVE de wethouder uitnodigen voor een bijeenkomst voor erfpachters die moeite hadden met hun overstap om daarmee kennis te maken. Wethouder VAN WEYENBERG is terughoudend met gesprekken die verwachtingen wekken. De wethouder wil graag kennis maken, maar wil voorkomen dat mensen denken dat hier nog wat te halen valt.

De overtuiging van de wethouder op dit dossier is, dat zij als gemeente na een uitspraak van de ACM toch hebben besloten, om toch een spijtoptantenregeling te doen. Mensen die zich nog niet hadden gemeld voor de overstapregeling, zijn gewezen op de hefboom. Met de regeling dat ze op dat moment uitgaand van een WOZ en een BSQ uit het verleden. Dit hebben zij bij de spijtoptantenregeling herhaald, voor iedereen die nog niet had gedaan en zich niet al had gemeld. Daar zit het verschil. Mensen die zich al hadden aangemeld, hebben zij er niet opnieuw op gewezen, want die hadden zich al aangemeld. Mensen die zich hadden teruggetrokken, hebben ze wel een brief gestuurd, toen de spijtoptantenregeling kwam. De wethouder vindt dat de gemeente heel veel heeft gedaan om mensen hierop te wijzen en wil met iedereen in gesprek, maar wil tegen de mensen zeggen dat dit het beleid. Tot slot zegt de wethouder hierover op LinkedIn gezien te hebben dat het verborgen zou zijn, maar dit is in transparantie gegaan, iedereen die zich nog niet had gemeld heeft een brief gehad. De VOORZITTER stelt vast dat ze dit punt voldoende hebben besproken en dat het niet gepiept naar de raad. Als het lid Lochtenberg wil dat er aan de toezegging met alle randvoorwaarden van de wethouder gestand wordt gedaan, moet het lid dit aangeven.

10 Bespreken van de raadsinformatiebrief inzake de pilot geschillencommissie erfpacht (VN2025-006052) Dit punt wordt gevoegd behandeld met punt 11. Het lid ASLAMI zegt dat D66 al jaren pleit voor meer rechtsbescherming, transparantie en onafhankelijk toezicht op het erfpachtdossier. Het komt niet uit het niets en het lid vindt het fijn dat ze nu stareten met een pilot, een goede stap in de juiste richting. Het lid heeft nog een aantal zorgen. Zo hebben ze heel expliciet gevraagd om onafhankelijkheid, maar toch stelt het college voor om twee van de drie leden, dat dit toch mensen zijn die van de gemeente Amsterdam komen. In hoeverre is er dan sprake van een onpartijdige beoordeling? Is er dan overwogen om een volledig externe geschillencommissie te bemensen? Of met één lid van gemeente Amsterdam en twee leden uit een externe koken? Zo nee, waarom niet en zou dat in de toekomst wel mogelijk zijn?

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein,

RO

Energietransitie Conceptraadscommissieverslag, 21 mei 2025

Als zij verder kijken naar de geschillencommissie, zien zij onder de motorkap, als het gaat om canonpercentages of BSQ, dat daar terughoudendheid wordt betracht, oftewel de geschillencommissie mag daar niet overgaan. Dit terwijl in recente jurisprudentie, zoals de box drie zaak, ze hebben kunnen zien dat er wel degelijk ruimte is om wel discussie aan te gaan. Hoe zit dat dan hier en kunnen ze daar misschien toch de ruimte in opzoeken? Wat betreft de erfpachters die een bezwaar of een geschil indienen, wordt hun contracttermijn dan tijdelijk opgeschort vanwege het feit dat ze in een bezwaarprocedure zitten? Het lid LOCHTENBERG zegt dat het CDA blij is met de komst van de geschillencommissie die er gekomen is en belangrijk voor het draagvlak van erfpacht in de stad. Dat helpt bij het oplossen van het problemen. Erfpachters krijgen bij de verkoop van een woning te maken met kopers die zich baseren op een gemeentelijke aanbieding eeuwigdurende erfpacht en die aanbieding moeten kloppen, dit geldt ook voor bij erfpachters met een canonherziening. Het lid sluit zich aan bij de vragen van D66. De geschillencommissie mag geen oordeel geven over grondprijsbeleid, maar het lid voorziet goed gemotiveerde bezwaren van erfpachters die betrekking hebben op de scheidslijn van beleid en uitvoering.

Het lid pleit ervoor dat de geschillencommissie de mogelijkheid heeft om fundamentele beleidsvragen voor te leggen aan de beleidscommissie, dan is dat ook geborgd. Kan de wethouder een oplossing langs deze lijn bedenken? Daarnaast pleit het lid ervoor om als juridisch kader, ook de handreiking gemeenten mee te geven. Kan de wethouder op deze handreiking reflecteren? Het lid heeft erfpachters aan zijn deur gehad, die onder druk van een aanbieding, hebben geaccepteerd, die aantoonbaar onjuist was. Zo kloppen de oppervlakte van hun appartement niet en had de gemeente aangegeven dat het appartement met de tijd wel gegroeid zou zijn. Kunnen dit soort klachten alsnog worden behandeld? Het lid voorziet voor deze commissie een permanente rol met wat doorzettingsmacht. Bij het Kifid zie je dat besluiten over verschillen openbaar worden gemaakt en dat draagt bij aan de kennis over wat redelijk en reëel is. Kunnen de adviezen van deze commissie ook openbaar worden gemaakt? De geschillencommissie zou geen pilot moeten zijn, maar een permanenten organisatie moeten worden. Het CDA is ook heel blij met de beleidscommissie. In het reglement staat dat het beleidscommissie adviseert binnen de kaders van en eerder vastgesteld erfpachtbeleid.

Kan de wethouder dat normenkader en kan de wethouder dat ook van toepassing verklaren? Beleid kan worden voorgesteld door het college, maar ook via initiatiefvoorstellen door de gemeenteraad. Dat komt duidelijk terug in artikel 2, maar niet in artikel 6a. Kan de wethouder duidelijker formuleren dat voorstellen zowel kunnen komen van het college als van de gemeenteraad en dat niet Grond en Ontwikkeling een factor daarin kan zijn om dat te belemmeren? Wethouder VAN WEYENBERG vindt het onprettig als er zo wordt gesproken over zijn mensen en verzoekt het lid Lochtenberg zich tot de wethouder te wenden. De mensen van de wethouder houden niets tegen, alles wat gebeurt, gebeurt via de wethouder. De mensen van de wethouder staan niet ter discussie, maar het beleid van de wethouder. Het lid LOCHTENBERG zegt dat hij zijn woorden zorgvuldiger had kunnen kiezen en biedt zijn excuses aan. In de toelichting op artikel 5 staat dat eerder bestuurlijk erfpachtbeleid het juridisch kader kan vormen, hetgeen het lid onduidelijk vindt. Als er beleid wordt voorgelegd aan een commissie, dan hebben ze een juridisch kader, maar is het bestaande beleid niet direct een juridisch kader. De beleidsuitvoering van de grondwaardebepaling, bestaande rechten, ligt niet ter beoordeling aan deze commissie.

Maar bij een eerdere vergadering bleek dat er mogelijk datafouten waren bij het vaststellen van een indexatie percentage van de herbouwkosten, tenminste dat werd bevraagd door een inspreker. Hoe ziet de wethouder dan bijvoorbeeld een algemene casus, die gaat over de uitvoering van beleid, bijvoorbeeld datafouten, in de systemen? Het lid VAN SCHIJNDEL verwijst naar een rapport over erfpacht, gordiaanse knoop, van een paar jaar geleden. Destijds D66 fractievoorzitter Van Dantzig noemde het een puinzooi, ook met dank aan VVD-wethouder Van den Burgh die dit destijds in elkaar

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein,

RO

Energietransitie Conceptraadscommissieverslag, 21 mei 2025

heeft gezet. Het punt van de behoorlijke rechtsbescherming is natuurlijk fundamenteel. In dat opzicht hebben zij grote problemen met de samenstelling, als je kijkt naar twee gemeenteambtenaren tegen één externe. En ook vooral tegen de reikwijdte van de toetsing, want er is een verschansing, want het grondwaardebeleid is ervan uitgezonderd en dat is in strijd met de gangbare gang van zaken in het burgerlijk recht en ook bij de bestuursrechter. Het lid KONINGS zat lang te wachten op deze geschillencommissie, want ze kennen allen de casussen die enorme problemen met hun erfpacht hebben. Het lid was teleurgesteld toen ze zag hoe de commissie is ingericht en vooral de reikwijdte ervan. Het lid heeft het gevoel dat alle casussen die zij kent, niet door deze geschillencommissie geholpen zouden zijn. Het lid vraagt de wethouder te reageren en vraagt wanneer de uitkomsten van de pilot bekend zijn. Wethouder VAN WEYENBERG zegt over de vraag over de beleidscommissie met betrekking tot de verhouding tot gemeenteraadvoorstellen, dat hij hier schriftelijk of de volgende keer bij de mededelingen hier op terugkomt. Vervolgens noemt de wethouder de geschillencommissie een worsteling. Als het gaat om einde tijdvak, hebben zij al een geschillencommissie, helemaal onafhankelijk bemenst. Dus het is niet dat ze nog helemaal niks hebben.

Zij hebben zitten zoeken wat er dan nog wel kan, zonder dat ze in een discussie komen die uiteindelijk weer een beleidsdiscussie is. Zij vinden bijvoorbeeld dat Buurstraatquote, daar ligt beleid onder, hier niet geschikt voor, waardoor die hierbuiten valt. De vergelijking met box 3 vindt de wethouder van een andere orde. De fiscale jurisprudentie is echt een ander vak dan privaatrechtelijk erfpachtrecht. Ze hebben hier geprobeerd om iets te zoeken voor zaken waar dan gebruik kan worden gemaakt van deze commissie. Het is ook een pilot omdat ze zoekend zijn. De wethouder stelt voor dit een jaar te doen, het moet nog starten en daarna te gaan evalueren hoe die heeft gewerkt. In de evaluatie zou de wethouder ook willen meenemen, wat is er nu in de praktijk afgeweken van het zwaarwegende advies en zegt dit toe. Dan krijgen ze wel een discussie over wat een erfpachtelijke bestemming is in de erfpachtakte en wat ze doen als er geen WOZ-waarde is. De wethouder denkt deze geschillencommissie daar een toegevoegde waarde kan hebben. In de praktijk zal dit moeten blijken en daarom kijken ze naar een jaar welke lessen ze dit trekken, ook in de samenstelling, de vorm en de toegevoegde waarde. Het lid VAN SCHIJNDEL zegt dat ze nu toch wel zien dat de reikwijdte van de toetsing, als ze daar de BSQ aan onttrekt, dat ze een gemankeerde geschillencommissie hebben.

Ziet de wethouder dat ook? Wethouder VAN WEYENBERG ontkent het belang van de BSQ niet, maar die BSQ baseren ze op het beleid wat de commissie heeft vastgesteld. Dat het beleid dan bij die geschillencommissie ter discussie staat, is ook niet waar. Dat is daarmee de zoektocht waar de commissie toegevoegde waarde kan leveren. De insteek van de wethouder is om het een jaar te proberen. Het debat over hoe ze omgaan met eventuele grondwaarden, die horen in de commissie en steunen ze voorstellen van het college wel of niet. Wat betreft de samenstelling van de geschillencommissie, stelt de wethouder dat gemeenteambtenaren wel een onafhankelijke rol kunnen spelen, omdat het belangrijk is dat iemand het beleidsmatig kan overzien, begrijpt wat er is, kennis heeft en met een open blik kijkt. Ze hebben vaker dat mensen van een organisatieonderdeel zijn van een klachtencommissie. Daarmee heeft de wethouder alle vertrouwen dat de mensen die ze hier hebben bedacht, dit onafhankelijk kunnen doen. Het zijn er twee, omdat ze daarmee alle expertise op dit domein binnenboord kunnen halen in de geschillencommissie, die zich moeilijk in één iemand zich laten verenigen. De wethouder zegt toe om de samenstelling van de commissie aan te passen, door twee externen te doen, dan hebben ze er vier. Zij denken dit zonder vertraging te kunnen doen, daar zij nu bezig zijn met de werving.

Dat maakt wel dat dan stemmen kunnen staken. In dat geval zullen zij vragen een van de twee externen als voorzitter een doorslaggevende stem te geven. Zo probeert de wethouder recht te doen aan de zoektocht en niet afdoend aan de expertise en onafhankelijke blik van de medewerkers van Amsterdam.

23

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein,

RO

Energietransitie Conceptraadscommissieverslag, 21 mei 2025

Het lid VAN SCHIJNDEL denkt dat het voorstel van de wethouder de schijn van vooringenomenheid kan wegnemen. Het lid ASLAMI bedankt de wethouder en wijst ook op de bezwaar- en geschillencommissie, waar het lid voorzitter van is en geeft aan het beeld van de wethouder te herkennen. Met deze samenstelling doen zijn recht aan het wegnemen van de schijn die eventueel had kunnen ontstaan. Het lid LOCHTENBERG zegt nog geen antwoord te hebben gekregen op gestelde vragen. Vervolgens geeft het lid een uitleg over het verschil tussen een deskundigencommissie bij een canonherziening en een geschillencommissie. Er is een hele grote kans dat een deskundigencommissie, bij een canon herziening einde tijdvak, nooit meer in beeld komt, omdat op het moment dat mensen een huis kopen en de canon herziening is over vijftienjaar, gaan ze nu al kijken wat het gemeentelijk aanbod gaat zijn over vijftien jaar. Dan is het belangrijk dat het gemeentelijk aanbod nu klopt en daar vragen over kunnen worden gesteld. Wethouder VAN WEYENBERG antwoordt op de vraag betreft de terugwerkende kracht nee, want dit is voor de toekomst. Dingen die zijn afgerond, gaan zij niet heropenen. De wethouder neemt kennis van wat het lid Lochtenberg zegt over de deskundigencommissie, maar wil aangeven dat er ook andere wegen voor andere geschillen zijn met onafhankelijkheid.

Wat betreft de handreiking, bedankt de wethouder voor het fysieke exemplaar. Uit de handreiking blijkt vooral dat ze iets moeten regelen, zonder daar een exacte vorm daarvoor in voor te schrijven en dat wat ze hier doen past daarin. Ze geven daar recht aan en hebben ze ook andere, zoals de deskundigencommissie, die helemaal door externen wordt bemenst. Zo hebben ze geprobeerd om in een specifiek kwadrant waar het nog niet was, om daar nu deze geschillencommissie te doen, als pilot voor een jaar. De wethouder hoopt dat dit zo positief is dat ze hiermee door willen gaan. Het is mooi dat mensen ergens terecht kunnen en dat zal moeten blijken in de praktijk. Tot slot verwijst de wethouder naar zijn eerder gedane toezegging wat betreft de evaluatie. Het lid LOCHTENBERG geeft aan dat de handreiking ook specifieke criteria heeft die erfpacht veilig maken en het fijn zou zijn als ze daar wat mee zouden kunnen doen. Het lid vraagt of de beslissingen van de commissie openbaar kunnen worden en hoe bestaand beleid een juridisch kader kan vormen. Wethouder VAN WEYENBERG wil graag meer toelichting op de vraag omtrent het juridisch kader, zodat de vraag beter kan worden beantwoord. Over de status van de handreiking, hebben zij de overtuiging hiermee in de geest en lijn van de handreiking te functioneren.

Wat betreft de openbaring van beslissing, zegt de wethouder dat dit gaat om eventuele aanbiedingen waar ook allemaal persoonsgegevens in staan. Zij gaan dat niet actief openbaar maken, maar toegezegd te hebben dat macrobeeld gaat hij doen, maar op individuele gevallen is dit lastig. Dat staat mensen zelf wel vrij, maar niet hem als wethouder. Het lid LOCHTENBERG vraagt hoe ze structurele datafouten eruit kunnen halen. Wethouder VAN WEYENBERG zal hier schriftelijk op reageren. Het lid VAN SCHIJNDEL verwijst naar een project van de burgemeester om die juridische functie tegen het licht te houden. Uit rechtstatelijk oogpunt zijn hier grote zaken aan de orde. Het lid overweegt dit te agenderen in de commissie algemene zaken en juridische zaken, maar dit nog niet te weten. Wethouder VAN WEYENBERG erkent dat dit hele ingrijpende en ingewikkelde materie is en dat proberen ze zorgvuldig mogelijk te doen, maar erfpacht heeft ook veel goeds gebracht. Juridisch blijkt tot nu altijd dat de gemeente hier op stevige grond staat,

24

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein,

RO

Energietransitie Conceptraadscommissieverslag, 21 mei 2025

dan blijven ze altijd kijken naar wat beter kan. Maar het beeld dat dit een groot tranendal is, zal zijn beeld niet zijn. De VOORZITTER stelt vast dat deze agendapunten voldoende zijn besproken en in de raad van juli zullen worden besproken. Er is akte genomen van de toezeggingen die zijn gedaan. 11 Bespreken van de raadsinformatiebrief inzake de beleidsadviescommissie erfpacht (VN2025-006053) Dit punt is gevoegd behandeld bij punt 10. 12 Bespreken van het onderzoeksrapport over het canonpercentage in het Amsterdamse erfpachtstelsel en de onderbouwing van de risico-opslag van 1,5% (VN2025006001) Dit punt is doorgeschoven naar de volgende raadsvergadering op 25 juni 2025. TOEGEVOEGDE AGENDAPUNTEN: Ruimtelijke Ordening 13 Bespreken van de discussienota Datacenters: noodzakelijk kwaad of grote transitieremmers van het lid Emmerik (PvdD) (VN2025-006914) Dit punt is gevoegd behandeld bij punt 6. 14 Bespreken van de raadsinformatie brief over evaluatieproces Club Raum: Inzichten en lessen (VN2025-005113) Dit punt is doorgeschoven naar de volgende raadsvergadering op 25 juni 2025. Sluiting De VOORZITTER bedankt iedereen voor zijn bijdrage en sluit de vergadering om 16:48 uur.

25

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15688679/1