CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20241106 SED conceptverslag

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 4 december 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie SED d.d. 6 november 202412.570 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Raadscommissieverslag, 6 november 2024

CONCEPTVERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:

Openbare vergadering van de Raadscommissie Sociaal, Economische Zaken en Democratisering Woensdag 6 november 2023 van 13.30 tot 16.40 uur in de commissiezaal Woensdag 4 december 2024 Voorzitter: Igor Runderkamp Portefeuillehouders: wethouder Groot Wassink, wethouder Mbarki Commissiegriffier: Vos Verslaglegging: Van Vlodrop (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Belkasmi (PvdA), Namane (PvdA), Heinhuis (PvdA), IJmker (GroenLinks), Bentoumya (GroenLinks), Aslami (D66), Schmit (D66), Von Gerhardt (VVD), Staartjes (VVD), Krom (Partij voor de Dieren), Broersen (VOLT), Brante (JA21), Mangal (DENK), Perdok (De Vonk), Badal (CDA), Kabamba (Lijst Kabamba), Van Berkel (JA21), Minderkoop (PvdA) Afwezige commissieleden: Alberts (SP ) Overige aanwezigen:

1, Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent om 13.30 uur de vergadering en heet iedereen van harte welkom op deze openbare commissievergadering SED. Er zijn ruim voldoende fracties aanwezig. b. Mededelingen Wethouder Groot Wassink sluit later aan. Het lid Alberts heeft zich afgemeld. De Lijst Ahmadi-Veldhuyzen gaat verder onder de naam De Vonk. Mevrouw Heinhuis komt later. Wethouder MBARKI deelt mee het rapport Jongeren met en zonder startkwalificatie deze dag wordt gepubliceerd op de website van ONS. Het rapport geeft meer inzicht in de groep jongeren tussen de 23 en 27 jaar zonder startkwalificatie. Dat helpt bij de bespreking van de Wet van school naar duurzaam. Op dit gebied is ook het regionaal beleid in de maak. Dat wordt in de wet meegenomen. Op verzoek kan het rapport in de commissie worden besproken. c. Vaststellen agenda De VOORZITTER stelt voor om te starten met de agendapunten van economische zaken (4 en 5). Daarna volgt de behandeling van de begroting (agendapunt 3) en vervolgens de rest van agenda. De agenda wordt met deze aanpassingen vastgesteld.

1

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

d. Conceptverslag van de openbare raadscommissievergadering SED van 2 oktober 2024. Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. e. Termijnagenda, per portefeuille De termijnagenda wordt ter kennisgeving aangenomen. f. Tkn-lijst voor de vergadering van de raadscommissie SED op 4 december 2024. De VOORZITTER deelt mee dat er een aantal verzoeken is ingediend. De motivering is opgenomen in de dagmail. Het gaat om tkn-1 en tkn-6. Het lid Badal stelt voor om ook tkn-12 in de raadscommissie te behandelen. Het lid BADAL legt uit dat het gaat om de overgangsregeling. Daarvoor is een termijn afgesproken, maar er zal altijd nog een aantal mensen zijn die na die termijn geholpen moeten worden. Het lid vraagt om daar coulant mee om te gaan. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken van de stadsdeelcommissies. 2, Inhoudelijk deel a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijke deel van deze vergadering. b. Inspreekmoment publiek Agendapunt 3. Vaststellen van de begroting 2025 Alienke Meijer is projectcoördinator van de Stichting Lieve Bijlmer. Het pand in de K-buurt bleek in november 2024 totaal uitgeleefd te zijn. Er waren geen toiletten, geen riolering en geen elektra. Er is maandenlang aan geklust om het pand geschikt te maken voor een maatschappelijke functie. De locatie is in februari 2024 geopend.

Het is een sociaal concept met een koffiebar/lunchroom en allerlei sociale en maatschappelijke activiteiten als vrouwen- en filmavonden. De stichting werkt veel samen met partners die ook inloopspreekuren organiseren. Dan worden buurtbewoners geholpen met het aanvragen van uitkeringen, het invullen van belastingpapieren en het zoeken naar werk. De koffie die geschonken wordt, is gebrand in de bajes. Daarmee worden de gedetineerden geholpen. Er worden (eventueel aangepaste) werk- en stageplekken gecreëerd. Er wordt integraal, meerdere beleidsterreinen dienende, gewerkt. De locatie is met veel inzet gecreëerd, mede dankzij adviezen, het netwerk, de begeleiding en initiatievendagen. RIMI helpt onder andere bij het aanvragen van subsidie en het versterken van de organisatie bij het duurzamer en zelfstandiger worden. Inspreker Meijer spreekt namens honderden initiatieven in de stad. Zij moeten gevrijwaard worden van onzekerheid en (financiële) stress. Inspreker Meijer roept de gemeente op om middelen vrij te maken voor een integrale regeling als RIMI. De Stichting Lieve Bijlmer roept tot slot op om Lief te zijn voor de stad.

2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

Het lid BROERSE wil weten waarom RIMI zo belangrijk is. Waarom zijn de activiteiten niet mogelijk met ander gelden. Alienke Meijer legt uit dat RIMI een samenvoeging is van allerlei beleidsterreinen. RIMI werkt integraal. Daarom is dat zo belangrijk, bijvoorbeeld voor kleinere buurtinitiatieven. Er bestaat nog geen vergelijkbaar potje met geld. Agendapunt 3. Vaststellen van de begroting 2025 Karin Arendsen is directeur van BOOST. De stichting zet zich in voor nieuwkomers met een vluchtachtergrond. Inspreker Arendsen maakt zich zorgen over het stopzetten van de Regeling Integraal Maatschappelijk Initiatief (RIMI), waar BOOST eerder dankbaar gebruik van heeft gemaakt. BOOST bestaat nu acht jaar. De eerste vijf jaar hebben vrijwilligers hard gewerkt om met minimale middelen zoveel mogelijk mensen het juiste aan te kunnen bieden. Dat kon echter zo niet langer doorgaan met slecht betaalde zzp-constructies en bijvoorbeeld geen doorbetaling bij zwangerschapsverlof. De financiering bestond uit allerlei verschillende potjes die vaak slechts voor een jaar werden verstrekt en met allerlei verschillende (tot wel tien) contactpersonen, aanvragen en verantwoordingen. Dat kostte de stichting maar ook de gemeente veel tijd. Dat veranderde met de komst van de RIMI.

De financiële steun werd voor een aantal jaren verleend en de werkzaamheden van de stichting werden integraal benaderd met gezamenlijke scenario’s en samenwerking met alle betrokken ambtenaren. Dat alles heeft geleid tot een werkelijke verduurzaming van BOOST. De stichting is nu niet meer afhankelijk van de RIMI. Nieuwe initiatieven vereisen hard en creatief werk met weinig middelen. De integrale regeling die nieuwe initiatieven echt duurzaam ondersteunt, was een enorme winst voor de stad. Het zou zonde zijn als deze regeling nu weer zou verdwijnen. Daardoor kunnen nieuwe initiatieven moeilijk blijven bestaan. Inspreker Arendsen vraagt het college dan ook om hiervoor middelen vrij te maken, want daarmee krijgen burgers de kans om in deze bruisende stad initiatieven op te zetten die ten goede komen aan de samenleving. Dergelijke initiatieven passen zelden binnen de gemeentelijke kaders. Deze kracht van de stad mag niet worden verwaarloosd. De gemeente moet burgers steunen die op een constructieve manier bijdragen aan de samenleving in Amsterdam. Het lid BROERSE stelt vast dat BOOST na hulp via RIMI nu op eigen benen kan staan. Karin Arendsen beaamt dat. Niet alleen via de duurzame financiële bijdrage, maar vooral ook vanwege het meedenken. Het lid KABAMBA wil weten hoeveel mensen BOOST heeft kunnen helpen met behulp van RIMI.

Karin Arendsen deelt mee dat de stichting jaarlijks duizend nieuwkomers helpt. Het gaat dus in de afgelopen jaar om ongeveer drieduizend mensen. Agendapunt 5. Initiatiefvoorstel Iedereen kan Amsterdammer worden Brigitte Vonck is oprichter en directeur van Serve the City in Amsterdam. Expats worden door Amsterdammers vaak gezien als een groep die de goede banen innemen en de prijzen op de huizenmarkt omhoog stuwen. Bovendien zijn Amsterdammers gefrustreerd dat ze hun koffie alleen in het Engels kunnen bestellen. Inspreker Vonck werd eerder gevraagd om mee te praten over het initiatiefvoorstel voor het inburgeren van expats. Serve The City zet jaarlijks achtduizend vrijwilligers in om bijvoorbeeld te wandelen met ouderen, pannenkoeken te bakken met daklozen, tuintjes op te knappen en vele andere mooie projecten. Zij zetten zich in voor de kwetsbare Amsterdammers. 60% van de vrijwilligers is internationaal. Veel expats willen uit dankbaarheid iets bijdragen aan Amsterdam. Daarmee krijgen ze ook verbinding met de stad en haar inwoners.

3

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

International James maakte vijf jaar geleden als vrijwilliger foto’s van moeders en hun kinderen in een Blijf van mijn lijfhuis. Dat werk raakte hem. Hij besloot om zich nog meer in te zetten. Hij verzorgde een bijenhotel in een zorginstelling, maakte een kast in de opvang voor alleenstaande moeders een legde hij een vloer bij een alleenstaande vrouw. James is dus een goed voorbeeld van een goede integratie. Met Serve The City worden ook bedrijven (met vaak veel expats, zoals Booking en Adyen) ingezet voor steun aan de Amsterdamse samenleving en aan kwetsbare Amsterdammers. Het voorstel voor de integratie van internationale nieuwkomers is een waardevol initiatief. Dat moet met goede zorg en expertise worden vormgegeven. Inspreker Vonck roept de gemeente op om ook te kijken naar de andere partijen die in de raadsbrief worden genoemd. Serve The City heeft veel ervaring op dat gebied, een breed netwerk onder expats en een goed inzicht in wat er bij hen leeft. Op die manier komt de expat in contact met het sociaal weefsel. Inspreker Vonck roept de commissieleden op om eens een bezoek te brengen aan Serve the City en kennis te maken met de vrijwilligers. Het lid BROERSE ziet uit naar de bespreking van het initiatiefvoorstel. Zij wil weten of een dergelijk (nieuw) netwerk wel nodig is in Amsterdam.

Brigitte Vonck beaamt dat het netwerk grotendeels al bestaat, maar vindt dat het nog extra kan worden gesimuleerd. Daarom is zij blij met het initiatiefvoorstel. Er kan nog zoveel meer en er is nog zoveel meer nodig. Er zijn nog veel mensen die hulp nodig hebben in deze stad. Bovendien zorgt vrijwilligerswerk ook voor persoonlijke groei en gaan expats anders naar de stad kijken. Het lid IJMKER stelt vast dat 60% van de vrijwilligers expats zijn. Wie zijn die andere 40%, die wellicht niets afweten van het bestaan van Serve The City? Brigitte Vonck deelt mee dat Amsterdammers met een Nederlandse achtergrond, ook veel jongeren, ook veel doen voor nieuwkomers met een vluchtelingenachtergrond. Het gaat erom veel mensen (van alle leeftijden) met allerlei mooie initiatieven vrijwilligerswerk te laten doen in de stad. Het lid VON GERHARDT wil weten wat de inspreker bedoelt met hoe meer hoe beter. Wil de inspreker meer projecten opstarten of meer bekendheid geven aan vrijwilligerswerk? Brigitte Vonck beaamt dat het ook gaat om geld, maar vooral dat meer mensen in Amsterdam naar elkaar omkijken en dus vaker en meer vrijwilligerswerk doen. Vaak blijven vrijwilligers die eenmalig vrijwilligerswerk hebben gedaan, hangen bij de organisatie. Hun hart is dan opengegaan en willen dan nog meer bijdragen. Er zijn al veel mooie en waardevolle initiatieven in de stad.

Die verdienen extra geld en meer vrijwilligers en een goede samenwerking om zo meer te bereiken. Er zijn wellicht geen nieuwe initiatieven meer nodig. Het lid SCHMIT vindt het mooi dat internationals hun weg vinden in de stad en als vrijwilliger een bijdrage leveren. 20% van de vrijwilligers van de Vrijwilligerscentrale Amsterdam is van internationale afkomst, terwijl slechts 10% van de inwoners international is. Verhoudingsgewijs doen zij dus meer vrijwilligerswerk dan de Amsterdammers. Brigitte Vonck beaamt dat. Amsterdammers zouden de expats als voorbeeld kunnen nemen. Zij leren de stad kennen door de stad te dienen. Ze willen ook iets teruggeven aan de stad, omdat ze dankbaar zijn. Omdat ze in Amsterdam kunnen en mogen werken. Agendapunt 7. Bespreeknota Leegstand en Leegstandbeheer Simon van Dommelen heeft tien jaar geleden met een aantal maatschappelijke en culturele organisaties in de stad Stichting LOLA opgericht om een sociaal alternatief te

4

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

bieden voor de commerciële antikraakbureaus. De stichting heeft al laten zien dat ook de kortetermijnleegstand veel maatschappelijker ingevuld kan worden. De toenmalige wethouder heeft destijds toegezegd het leegstandsbeheer maatschappelijker in te vullen, maar sindsdien is er nauwelijks iets veranderd. Nu heeft wethouder Groot Wassink een bespreeknota opgesteld met daarin het voorstel om de samenwerking met commerciële leegstandbeheerders voort te zetten. Dat komt niet tegemoet aan de beleidsdoelstellingen van de stad. Ten onrechte wordt de suggestie gewekt dat de commerciële beheerders de leegstaande panden maatschappelijk invullen. Voor hun verdienmodel maakt het niet uit of ze de panden verhuren aan studenten of maatschappelijke ondernemers. Veel panden staan nog steeds leeg, dus zonder maatschappelijke en culturele activiteiten, voedselbanken, kringloopinitiatieven, projecten met vluchtelingen, sportactiviteiten, activiteiten voor ouderen, schoonprikacties, safe-spaces voor de lhbti-gemeenschap en bijvoorbeeld moestuinen. Dergelijke activiteiten verdwijnen ook als LOLA haar pand, zoals eerder is overeengekomen, moet verlaten. Daarbij staan nog veel andere gemeentelijke panden leeg. Zij wachten op een fatsoenlijke invulling. Maatschappelijke initiatieven ontstaan juist door interactie met de buurt, maar de deuren van de (antikraak)panden zitten potdicht.

Maar het is ook principieel onjuist dat externe partijen geld verdienen aan het vastgoed van de gemeente. De panden moeten gebruikt worden voor het leggen van verbindingen met de buurt. In de contracten met de externe partijen staat dat huurders de eigenaren niet zelf mogen benaderen. Het is dus niet gek dat hun klachten de gemeente niet bereiken. In de nota worden twee opties geschetst voor de aanpak van leegstand. Maar er is nog een derde optie, namelijk de panden in bruikleen geven aan maatschappelijke beheerders, stichtingen zonder winstoogmerk en met een maatschappelijk doel en verankerd in statuten, zoals LOLA en vergelijkbare stichtingen. Dat zal ook ten goede komen aan het onderhoud van de gebouwen. Inspreker Van Dommelen vraagt dan ook om  te kiezen voor de leegstandbeheerder die de gemeentelijke doelen het beste bediend,  te kiezen voor de derde optie om geen zaken meer te doen met commerciële leegstandbeheerders, maar uitsluitend met maatschappelijke leegstandbeheerders en  de huidige leegstaande panden (soms al meer dan vijf jaar) aan maatschappelijke partijen te geven. Als RIMI stopt en er geen budget meer komt voor maatschappelijke initiatieven, zou de gemeente op zijn minst de leegstaande panden beschikbaar moeten stellen. Dat kost niets en het levert veel op. Het lid KROM begrijpt de meerwaarde van maatschappelijk leegstandsbeheer.

Waarom is dat niet meegenomen in de opties? Simon van Dommelen denkt dat de maatschappelijke leegstandbeheerders worden gelijkgeschakeld met de commerciële. De maatschappelijke leegstandbeheerders hebben echter geen winstoogmerk. Het is onduidelijk waarom dit niet is meegenomen in de opties. Het lid MINDERHOUD vraagt zich ook af waarom die derde optie niet is meegenomen. Hij wil weten op welke manier die alsnog kan worden meegenomen. Simon van Dommelen stelt voor om geen zaken meer te doen met commerciële organisaties die geld verdienen aan leegstaand gemeentelijk vastgoed, maar met leegstandbeheerders die tegemoetkomen aan de gemeentelijke doelstellingen. Publiek vastgoed moet je publiek benutten; ook voor de korte termijn van bijvoorbeeld enkele maanden. Agenda 7. Bespreeknota Leegstand en Leegstandbeheer Hans Wijnands is directeur van De Regenboog Groep. De organisatie zorgt al bijna vijftig jaar voor mensen in de stad die een steuntje in de rug kunnen gebruiken; en sinds 2015 voor de zogenaamde groep economisch daklozen. Het zijn mensen die geen recht

5

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

hebben op opvang, weinig zorg nodig hebben, maar geen woning hebben. Door de lange wachtlijst voor sociale woningen en de hoge huren in de vrije sector kunnen ze nergens terecht. Hun leven staat stil. Er bestaat een groot gevaar voor verder afglijden. Het vinden van werk en het contact met kinderen en familie wordt steeds lastiger. Er zijn geen structurele oplossingen. Er meldden zich wekelijks dertig tot veertig nieuwe mensen. Dat zorgt ook bij de organisatie voor lange wachtlijsten voor de tijdelijke woonprojecten. De Regenboog Groep zoekt daarom op allerlei plekken tijdelijke woonruimte, onder andere via Onder de Pannen (kamer bij mensen thuis), in sloop- en renovatiewoningen, parenthouses (voor gescheiden ouders met kinderen) en met het nieuwe project Bijzonder Bewoond. Daarin wordt gezocht naar nieuwe plekken die (tijdelijk) bewoonbaar kunnen worden gemaakt in bijvoorbeeld scholen, kerken of kantoorgebouwen. Inspreker Wijnands wil samen met de gemeente aan de slag om - al dan niet tijdelijk - meer plekken te creëren. Een vaste woonplek brengt rust en maakt een zoektocht naar een vervolgoplossing gemakkelijker. De organisatie denkt daarbij ook aan de inzet van nietwoningen voor tijdelijke woningen voor dakloze mensen, maar ook voor werken, creativiteit, kunst en voor initiatieven voor de buurt. In Villa Buitenlust is daar al ervaring mee opgedaan.

Inspreker Wijnands ziet uit naar een goede samenwerking met de gemeente en andere partijen in de stad, ook de commerciële instellingen met leegstaande panden. Het lid KROM vraagt naar de kosten van het gereedmaken van leegstaande gebouwen voor bewoning. Zij beaamt dat met het aanbieden van een woning voor deze dakloze mensen de gemeente ook geld bespaart. Hans Wijnands legt uit dat de kosten voor het bewoonbaar maken van leegstaande gebouwen met veel creativiteit kunnen worden gedrukt. Als panden meerdere jaren leeg staan, kan er sprake zijn van tijdelijke verhuur. Ook daar is de organisatie in geïnteresseerd. Het lid IJMKER vraagt naar de obstakels voor het omzetten van niet-woningen in woningen. Hans Wijnands legt uit dat ieder pand zijn eigen obstakels heeft. Hij legt verder uit dat op dit moment slechts weinig mensen wonen in de grote leegstaande panden. Die zouden beter benut kunnen worden. De VOORZITTER bedankt de insprekers voor hun bijdragen. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten aangemeld. d. Rondvraag Het lid KROM gaat in op de Amsterdam Marathon op 20 oktober 2024. Zij heeft problemen met de opzichtige reclame van de hoofdsponsor, Tata Consultancy Services TCS), onderdeel van Tata Steel in IJmuiden. Bij dat bedrijf hebben omwonenden een hoog risico op chronische aandoeningen als luchtwegaandoeningen, hart- en vaatziekten en een hoge bloeddruk.

Ook komt kanker er 50% vaker voor dan het landelijk gemiddelde. Daarbij konden lopers zich laten sponsoren door KWF Kankerbestrijding. Een andere sponsor was KLM; ook een organisatie die het niet goed voor heeft met de gezondheid van de omwonenden. Het lid heeft er problemen mee dat het bedrijf goede sier maakt in Amsterdam. Het is een vorm van sportswashing van een ziekmakende industrie. Hoe kan de wethouder dit volgend jaar voorkomen? Wethouder MBARKI legt uit dat de marathon zonder sponsoring van TCS niet kan bestaan. De marathon wordt al sinds 2011 samen met deze partij georganiseerd. Daarmee

6

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

draagt TCS bij aan de mogelijkheid voor Amsterdammers om te sporten. De wethouder is blij dat het bedrijfsleven bereid is om dergelijke evenementen bij te dragen. Zonder die bijdragen is het niet mogelijk om een marathon Amsterdam te organiseren. Het lid KROM stelt voor om op zoek te gaan naar een andere sponsor die het wat beter voorheeft met de gezondheid van de Nederlanders. Wethouder MBARKI deelt mee dat het bedrijf actief is op de Zuid-as. Het is hem onbekend of dat het bedrijf schadelijk is voor de omwonenden. Hij is blij met de bijdragen van TCS. TCS sponsort ook de marathons in New York en Vancouver. BESPREEKPUNTEN Economische Zaken 4. Vaststellen van de Verordening tot wijziging van de Verordening markt- en staanplaatsgelden 2016 in verband met aanpassing van de tarieven voor 2025 Het lid BADAL wil weten of het college een duidelijk beeld heeft van de gevolgen van deze verordening voor de kleine ondernemers, specifiek voor de ondernemers in Weesp. Deze ondernemers mogen niet te zwaar worden belast. Zijn er verder plannen voor de langere termijn, zodat de ondernemers weten wat ze in de toekomst kunnen verwachten? Het lid SCHMIT weet dat de ondernemers het zwaar hebben. Zo hebben zij te maken met stijgende kosten. Het lid heeft de wethouder eerder gevraagd om de markttarieven niet te verhogen. Daar komt de wethouder met deze verordening aan tegemoet.

Kooplieden klagen over de tarieven, maar ook over het gebrek aan service, bijvoorbeeld het schoonmaken van de markt. Er wordt 8 miljoen euro uitgegeven aan markt. Zijn de klachten bij de wethouder bekend? De markten op afstand hanteren lagere tarieven en bieden een betere service dan de gemeentelijke markten. Hoe kijkt de wethouder daar tegenaan? Het lid Schmit vraagt verder naar een vergelijking met de tarieven in steden als Rotterdam, Utrecht en Den Haag. Wethouder MBARKI legt uit dat hij met deze brief een aantal wijzigingen wil doorvoeren in de tarieven om ze te harmoniseren. Dat zorgt voor eenduidigheid en voor een gelijk speelveld. Met dit voorstel worden de tarieven voor de ondernemers uit Weesp gelijk aan de tarieven in Amsterdam. In belang van de (kleine) ondernemers zijn de tarieven slechts geïndexeerd en niet verhoogd, ondanks dat de gemeente op dit gebied verlies lijdt. Het lid VON GERHARDT wil weten wat de aanpassing van de tarieven in Weesp aan die van Amsterdam betekent voor de ondernemers in Weesp. Wethouder MBARKI legt uit dat bepaalde hogere tarieven worden verlaagd en dat lagere tarieven worden verhoogd. Weesp is nu eenmaal onderdeel geworden van Amsterdam. Daarmee worden de tarieven in Weesp voornamelijk verlaagd; voor sommige andere markten in de gemeente worden ze verhoogd. In de brief wordt gesproken over drie sporen.

Er wordt nu gewerkt aan de Basis op orde met aandacht voor het schoonhouden van de markten. Daarover wordt per markt met de ondernemers gesproken. Ook is er aandacht voor de markten op afstand. Dit soort (kleinere) markten wordt niet dagelijks georganiseerd. De Amsterdamse markten zijn ook groter. Er zijn veel ondernemers die willen toetreden tot die markten. Den Haag heeft eerder een benchmark laten uitvoeren naar de tarieven in de steden. De tarieven komen grotendeels overeen, maar er is vaak ook sprake van zeer verschillende soorten markten. Zo heeft de Haagse markt vaste standplaatsen. Die markt kun je niet vergelijken met Amsterdamse markten waar ondernemers hun kramen moeten op-

7

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

en afbouwen. De wethouder zegt toe onderzoek te doen naar de tarieven in andere gemeenten (en de commissie daarover te informeren), maar benadrukt dat de markten qua aard en functie niet allemaal in hetzelfde zijn in de verschillende steden. Het lid SCHMIT vraagt de wethouder om te kijken naar de mogelijkheid van een Right to Challenge, zodat marktkooplieden de kans krijgen om het zelf te doen Wethouder MBARKI deelt mee dat op bepaalde markten al maatwerk wordt toegepast, maar weet ook dat marktkooplieden blij zijn met marktmeesters die de plekken verdelen. Die kosten echter geld. Hij ziet uit naar een (latere) discussie over gezonde markten met betaalbare tarieven. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voldoende besproken en dat het als hamerstuk kan worden geagendeerd voor de volgende raadsvergadering. 5. Bespreken van het initiatiefvoorstel Iedereen kan Amsterdammer worden van het lid Heinhuis (PvdA) en de bestuurlijke reactie Het lid HEINHUIS verwijst naar een discussie in het Parool over wie die echte Amsterdammer nu eigenlijk is. Zijn dat mensen die hier geboren en getogen zijn? Of kun je ook Amsterdammer worden? Zij pleit voor dat laatste. Amsterdammer zijn is veel meer dan de plek waar je wieg heeft gestaan. Het zit hem in een bepaalde mentaliteit en karakter.

De stad ontleent ook zijn karakter aan het feit dat er altijd nieuwkomers zijn geweest, van over de hele wereld. Dat maakt de stad ook aantrekkelijk. Het is mooi dat veel mensen in deze stad willen wonen. De afgelopen jaren is het aantal expats (kennismigranten) sterk toegenomen. Zij verdienen hoge salarissen. Daarmee groeit de ongelijkheid in de stad. Dat doet iets met het sociale weefsel van de stad. Maar veel van deze mensen leveren ook een bijdrage aan de stad en doen mee aan het verenigingsleven. De PvdA stelt voor dat bedrijven die deze mensen naar Amsterdam halen, ook hun verantwoordelijkheid nemen voor hun werknemers. Niet alleen voor hun werk, maar ook voor het opbouwen van hun leven, kennis te laten maken met het sociale weefsel en onderdeel te worden van de stad. Sommige nieuwkomers ervaren de stad niet als meest gemakkelijke stad. Amsterdammers zijn soms gesloten en staan niet altijd open voor nieuwe contacten. De PvdA streeft naar verbindingen in de stad. Amsterdammers moeten naar elkaar omkijken. Er moet een gevoel van saamhorigheid komen. Het voorstel van de PvdA kan daar een bijdrage aan leveren. Het lid VON GERHARDT stelt vast dat het lid Heinhuis lijkt te suggereren dat iedere Amsterdammer hetzelfde karakter heeft. Maar Amsterdam bestaat juist uit verschillende mensen met verschillende achtergronden en met eigen karakters.

Het lid HEINHUIS geeft het lid Von Gerhardt daarin gelijk. Juist die veelzijdigheid bepaalt het karakter van de stad. Maar Amsterdammers hebben wel bepaalde (herkenbare) kenmerken. Zo vindt de rest van Nederland Amsterdammers arrogant. Het lid VON GERHARDT kent ook veel Amsterdammers die niet betrokken zijn bij verenigingen of sportclubs, omdat zij daar gewoon geen behoefte aan hebben. Moet in het voorstel van de PvdA iedereen verplicht zijn om zich betrokken voelen? Het lid HEINHUIS stelt vast dat de VVD en de PvdA van mening verschillen over de inrichting van de maatschappij, maar wil ook niet zover gaan dat mensen verplicht worden om lid te worden van een vereniging. Zij wil slechts dat nieuwkomers onderdeel worden van de stad. Dat voegt iets toe aan de stad en het is belangrijk voor het verenigingsleven. Dat laatste staat door de grote mate van individualisering in de samenleving onder druk. Zij gunt het de nieuwkomers om kennis te maken met en onderdeel te worden van de stad.

8

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

Het lid SCHMIT komt terug op de uitspraken van het lid Heinhuis dat Amsterdammers gesloten zijn en arrogant. Hoe definieert de PvdA de Amsterdammer? Hij is zelf van mening dat de Amsterdammer zich door de eeuwen heen juist ontwikkeld heeft. Het lid HEINHUIS is niet de hoeder van de definitie van een Amsterdammer. Zij kan die vraag daarover niet beantwoorden. Een definitie of een alomvattende term is niet mogelijk. Maar ze gelooft erin dat iedereen deel kan uitmaken van deze stad. Het gaat om de houding van de mensen ten opzichte van de stad. Die is door de eeuwen heen inderdaad veranderd, maar er zijn ook zaken die de Amsterdammer kenmerken; met bijvoorbeeld buurten waarin mensen elkaar gedag zeggen en elkaar kennen en helpen. Het is een wereldstad, die stiekem ook eigenlijk heel dorps is. Het lid SCHMIT wil weten op welke groep mensen die PvdA in haar voorstel doelt? Het lid HEINHUIS noemt de 128.000 kennismigranten, een aanzienlijk deel van de inwoners van deze stad. Het is goed dat zij kennismaken met het Amsterdamse leven en op die manier deel kunnen gaan uitmaken van deze stad. Het lid IJMKER wil weten of ook arbeidsmigranten en bijvoorbeeld statushouders deel uitmaken van dit voorstel. Het lid HEINHUIS legt uit dat van de verschillende groepen nieuwkomers verschillende dingen worden verwacht.

Voor de (kleinere, 18.000) groep statushouders zijn er al cursussen en deze mensen hebben al verplichtingen op dit gebied. Zij benadrukt dat zij met haar voorstel de kennismigranten slechts wil helpen om onderdeel te worden van de samenleving. Daar is haar voorstel op gericht. Door hun hoge inkomen zorgen zij voor ongelijkheid in de stad. Het is daarom goed om ze in contact te brengen met de huidige bewoners. Dat zorgt ervoor dat hun leefwerelden meer op elkaar kunnen aansluiten in plaats van dat ze langs elkaar heen leven. Het lid IJMKER wil weten wie verantwoordelijk moet worden voor de uitvoering en wie dat gaat betalen; de gemeente en/of het bedrijfsleven en in welke verhouding? Het lid HEINHUIS stelt voor om de kosten bij het bedrijfsleven te leggen, zoals het bedrijfsleven ook al betaald voor de services van de gemeente. Dat pakket kan verder uitgebreid worden. Dat komt een wederkerig vestigingsbeleid ten goede. De bedrijven moeten, naast het betalen van een salaris, ook zorgen voor de werknemers. Het lid BROERSE vindt dat de PvdA, door te spreken over ‘onze’ expats in haar voorstel, wel bepaalt wie De Amsterdammer is. Zij beaamt dat de verregaande individualisering van de samenleving een groot probleem is. Het gemeenschapsgevoel verdwijnt. De PvdA lijkt de schuld daarvan bij een groep te leggen. Dat is generaliserend.

Waarom heeft de PvdA alleen voor aandacht voor deze groep? En niet voor het probleem hoe Amsterdammers reageren op de aanwezigheid van de vele internationals? Zij vinden dat ze niet goed worden opgenomen in de Amsterdamse samenleving. Het lid pleit dan ook voor aandacht voor wederzijdse acceptatie. Het lid HEINHUIS heeft nooit gesproken over de schuldvraag. Zij heeft slechts geconstateerd dat er sprake is van ongelijkheid in de stad. Groepen mensen in de stad leven langs elkaar heen. Dat gaat ten koste van de saamhorigheid. Dat staat los van de nationaliteit en het inkomen. Maar door de toename van het aantal nieuwkomers met hoge inkomens neemt de ongelijkheid toe. Daarom wil de PvdA zich daarop focussen. De fractie wil verre af blijven van de schuldvraag. Zij wil slechts een bijdrage leveren zodat mensen onderdeel kunnen worden van de stad. In het voorstel is ook aandacht voor de andere kant van de zaak, de houding van de Amsterdammers ten opzichte van nieuwkomers, zoals het lid Broerse opmerkte. Zo kunnen binnen verenigingen verbindingen tussen de verschillende groepen ontstaan.

9

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

Het lid BROERSE wil weten of er onderscheid wordt gemaakt tussen de verschillende groepen internationals. Sommigen zijn hier voor een korte periode, anderen voor een lange periode. Het lid HEINHUIS weet dat internationale nieuwkomers steeds langer blijven. Daarmee wordt het steeds belangrijker dat zij onderdeel worden van de stad. Daarmee kunnen zij de stad blijvend verrijken. Het lid BROERSE ziet uit naar de ambitie van de bedrijven om hun medewerkers te laten participeren in verenigingen, maar ziet ook dat veel Amsterdammers het lidmaatschap van een vereniging niet meer kunnen betalen. Zij is dan ook bang voor een averechts effect. Het lid HEINHUIS vindt die problematiek ook belangrijk, maar benadrukt dat juist bij verenigingen de verschillende groepen kunnen samenkomen. Daarom moet de stad altijd streven naar een betaalbaar verenigingsleven. Zij wil waken voor een alternatieve realiteit met aparte (dure) sportclubs voor nieuwkomers. Dat zal er voor zorgen dat de groepen nog meer langs elkaar heen gaan leven. Het lid VON GERHARDT stelt vast dat de PvdA zich vooral wil richten op kennismigranten met een bepaald salaris; ook op mensen die maar voor korte tijd in Amsterdam zijn? Het is verder moeilijk om onderscheid te maken op basis van inkomen.

Het lid HEINHUIS verwijst naar haar voorstel om dit verder met het bedrijfsleven, maar ook met de werknemers zelf door te ontwikkelen, met ook aandacht voor de mensen die slechts korte tijd in Amsterdam zijn. Amsterdammers die (kort) elders hebben gewerkt, geven aan het fijn te hadden gevonden als zij op die manier de stad hadden kunnen leren kennen. De regels met betrekking tot inkomen zijn opgenomen in het voorstel. Het lid SCHMIT vindt het polariserend om te spreken over verschillende soorten expats. Verder ziet hij dat bedrijven al veel investeren in internationals die naar Amsterdam komen met een training in de taal, de cultuur en in praktische zaken. Heeft de PvdA dat meegenomen in haar voorstel? Het lid HEINHUIS beaamt dat er al veel mooie voorbeelden zijn, maar je kunt niet ontkennen dat het sociale weefsel van de stad aan het veranderen is. Veel mensen in de stad zien wel degelijk veranderingen met een toename van het aantal internationale bedrijven en internationale werknemers. Daarbij moet datgene wat Amsterdam belangrijk vindt, worden beschermd. Het lid BRANTE merkt op dat de duur dat een expat in Amsterdam woont, gerelateerd is aan zijn inbreng in de samenleving. Mensen die hier langer wonen, zullen automatisch meer integreren in de samenleving dan de mensen die hier kort wonen. Het lid HEINHUIS is blij dat JA21 nu eens positief spreekt over migratie.

De VOORZITTER geeft ruimte voor bespreking van het voorstel in de eerste termijn. Eerste termijn Het lid HEINHUIS benadrukt dat het geenszins de intentie van het voorstel is om polariserend te zijn. Het is goed dat mensen kritisch kijken naar het voorstel. Daarover zijn al gesprekken gevoerd. Daaruit blijkt dat iedereen elkaar een fijne plek gunt in deze stad. Het voorstel beoogt om de inwoners van Amsterdam samen te brengen. Voorkomen moet worden dat er allerlei verschillende bubbels in de stad ontstaan. Zij is er zich van bewust dat alleen met dit voorstel de cohesie in de stad niet gered is. Dat onderwerp kent vele

10

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

aspecten. Haar voorstel kan een bijdrage leveren aan een goed sociaal weefsel in de stad en aan het geluk van de nieuwkomers. Het lid VON GERHARDT stelt vast dat de PvdA, met de keuze voor alleen de kennismigranten, ervoor kiest om deze groep in een hoek te plaatsen. Daarmee doet de PvdA hetzelfde als de PVV met vluchtelingen. Het lid HEINHUIS vindt die beschuldiging bizar. Het aantal kennismigranten in de stad neemt toe. De VVD is altijd kritisch op de komst van vluchtelingen. Zij moeten van alles doen om onderdeel te worden van de stad. Nu gaat het om mensen met een hoog inkomen en zou het de PvdA zijn die mensen wegzet. Het lid bestrijdt dat deze mensen een probleem zijn, maar het is belangrijk het gesprek te voeren over hoe deze grote groep mensen onderdeel kan worden van de samenleving. Dat zou de VVD moeten aanspreken. Het lid VON GERHARDT wil daar inderdaad graag over spreken, maar de PvdA kiest nu voor een bepaalde groep. De fractie kiest bijvoorbeeld niet voor studenten uit andere delen van het land of voor arbeidsmigranten. Wat is daarvan de reden? Waarom kijkt de fractie niet breder om alle nieuwkomers onderdeel te laten worden van de stad? Het lid HEINHUIS benadrukt dat het in haar voorstel gaat om internationale bedrijven. Die bedrijven kiezen ervoor om zich in Amsterdam te vestigen en buitenlandse medewerkers aan te trekken.

Zij hebben dan ook een verantwoordelijkheid op het gebied van wederkerigheid. Datzelfde geldt ook voor bedrijven die bijvoorbeeld arbeidsmigranten naar Nederland halen. Die groep is in Amsterdam echter niet groot. De PvdA kiest er daarom voor om de grote groep kennismigranten meer bij de stad te betrekken. Het lid VON GERHARDT herhaalt dat deze internationale bedrijven al veel doen voor de stad. Voor de VVD zet de PvdA deze internationale bedrijven en hun kennismigranten neer als zondebok, waardoor de saamhorigheid in de samenleving verdwijnt. Het lid HEINHUIS werpt die beschuldiging verre van zich, zeker van een partij die vindt dat de statushouders schuld zijn aan het tekort aan woningen in Amsterdam. Dat is pas zondebokpolitiek. Zij stelt voor om het gesprek te beperken tot de mogelijkheid om kennismigranten onderdeel van de stad te laten worden, zonder iemand als zondebok aan te wijzen of iemand ergens de schuld van te geven. Een goed vestigingsklimaat is meer dan alleen het verwelkomen van nieuwe bedrijven. Je mag er ook iets van terug verwachten. Het lid SCHMIT is het ermee eens dat het polariserend werkt als je een groep uitkiest. Een inspreker zei zelfs dat de Amsterdammers kunnen leren van de internationals, want zij doen in verhouding meer vrijwilligerswerk dan de Amsterdammers.

Het lid HEINHUIS benadrukt dat het gaat om wederkerigheid en om Amsterdammers die van elkaar kunnen leren. Die open houding hoort bij het karakter van de stad. Dat zit ook juist in dit voorstel. Het lid BROERSE wil weten of de PvdA vindt dat de sociale cohesie in Amsterdam is verminderd door de vele internationale nieuwkomers. Het lid HEINHUIS bestrijdt dat, maar ziet wel een samenhang tussen de komst van kapitaalkrachtige mensen en de verschillende bubbels die in de stad ontstaan. Dat blijkt ook uit onderzoek. Het lid BROERSE vindt dat het voorstel gericht moet zijn op de grote internationale bedrijven. Zij moeten hun medewerkers motiveren om vrijwilligerswerk te doen. Maar dat moet natuurlijk ook gelden voor de geboren en getogen Amsterdammers.

11

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

Het lid HEINHUIS herhaalt dat de bedrijven er ook voor verantwoordelijk zijn dat hun medewerkers hier een prettig leven kunnen hebben. Een aantal werkgevers heeft al aangegeven blij te zijn met dit voorstel. Veel van hun werknemers spreken nog geen Nederlands en kennen de samenleving nog niet goed. Het zou goed zijn voor de stad, maar ook voor de bedrijfscultuur, dat zij meer in contact komen met de bestaande bewoners. Het lid BROERSE blijft het voorstel polariserend vinden, vanwege de specifieke aandacht voor de internationals. De grote internationale bedrijven hebben op dat gebied zelf een verantwoordelijkheid. Het lid HEINHUIS is het niet eens met de term polariserend. Nieuwkomers kennen overduidelijk Amsterdam nog niet. Je mag dan best benoemen dat zij daardoor verschillen van de bestaande bewoners. Hun komst vraagt iets van hen en van de bestaande samenleving. Die nieuwe mensen zijn niet het probleem, maar er moet aandacht blijven voor saamhorigheid. Je ziet nu steeds meer voorbeelden dat mensen langs elkaar heen leven. Het voorstel is bedoeld om mensen bij elkaar te brengen en niet om ze tegen elkaar op te zetten. Het lid IJMKER stelt het vestigingsbeleid van de stad aan de orde. Wil Amsterdam wel die vele grote internationale bedrijven? Dat is volgens haar het structurele probleem waar de PvdA over spreekt.

Het lid HEINHUIS beaamt dat het goed is om daar ook het gesprek over te blijven voeren. Nu al blijkt dat de inspanningen om internationale bedrijven aan te trekken, niet de beste strategie is geweest. Het lid VON GERHARDT herhaalt dat de internationale bedrijven al veel doen. En ook de internationale medewerkers doen al veel, zoals blijkt uit de bijdrage van de inspreker. Wat is dan nog de reden van het voorstel van de PvdA? Er gebeurt dus al veel; wat wil de PvdA met haar voorstel veranderen? Het lid HEINHUIS vindt het jammer dat de VVD blijft doen alsof de PvdA vindt dat er een probleem is. De fractie wil er met haar voorstel slechts voor zorgen dat deze nieuwkomers onderdeel worden van de stad. Het is slechts een uitnodiging voor iedereen in de stad om elkaar te ontmoeten. Zij hekelt het cynisme van de VVD; dat verraadt het mensbeeld van deze fractie. Het lid VON GERHARDT benadrukt dat de VVD een optimistische partij is. Hij is van mening dat de nieuwkomers zelf al behoefte hebben aan betrokkenheid bij de stad. Er is geen overheidsbemoeienis nodig om mensen te bewegen zich lid te maken van een bepaalde vereniging. De VVD gelooft in de kracht van de mens zelf.

Het lid HEINHUIS prijst dat geloof, maar hoopt dat de VVD dat geloof heeft voor alle migranten in de stad en dat de positieve woorden van de fractie over mensen ook gelden voor mensen met lagere inkomens en voor migranten. Nu wordt gesproken over mensen met hoge inkomens, komt de VVD met een zielig verhaal. Het lid IJMKER prijst het voorstel. Het komt voort uit een gevoel van onrechtvaardigheid en van een dubbele standaard. Niet-witte migranten wordt gevraagd om Nederlands te leren en een inburgeringscursus te volgen. Migranten van een andere kleur en een hoger salaris worden uitgenodigd om hier te komen wonen en werken met een actief vestigingsbeleid en belastingkortingen. Amsterdam is een internationale stad. Er is sprake van veel migratie, zowel vanuit de rest van Nederland als vanuit het buitenland. Iedereen die hier woont, is een Amsterdammer. De stad verandert natuurlijk door de komst van de internationale kennismigranten. Dat komt ook omdat grote bedrijven zich vestigen op de Zuid-as met medewerkers die veelal in hun eigen bubbel leven.

12

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

Naast aandacht voor het betrekken van kennismigranten bij de stad, moet er ook aandacht zijn voor de oorzaken van de individualisering. Dat komt wellicht ook door het eerdere vestigingsbeleid van de gemeente met het aantrekken van internationale bedrijven zonder enige voorwaarden. Het lid ziet dan ook uit naar de bespreking van de nieuwe strategie van Amsterdam in Business. Uit de bestuurlijke reactie blijkt dat er al veel gebeurt op dit gebied in Amsterdam. Wat wil de PvdA nog extra gaan doen? GroenLinks vindt dat die extra’s door de bedrijven moeten worden betaald. Het lid BRANTE merkt op dat het stuk gaat over dat iedereen Amsterdammer kan worden; tegelijkertijd kan de PvdA daar geen definitie voor geven. De wethouder is het grofweg eens met het voorstel. Welke zaken gaan in de praktijk veranderen als het voorstel wordt aangenomen? Het lid SCHMIT benadrukt dat migratie door de eeuwen heen juist de kracht is van Amsterdam, waarbij migranten op hun eigen wijze kunnen bijdragen aan de stad. Het benoemen wie nou de echte Amsterdammer is, getuigt van autocratische zelfoverschatting. Het lid HEINHUIS maakt bezwaar tegen deze term. Ze heeft eerder gesproken over de veelkleurigheid van de mensen in de stad en dat De Amsterdammer niet bestaat. Er zijn wel bepaalde karaktereigenschappen die iedereen wel zal herkennen.

Het lid SCHMIT vindt het ver gaan om hierin de commissie te bepalen wat een Amsterdammer is en wat die nieuwe international zou moeten doen. De invloed van de internationals door de jaren heen is juist de kracht van Amsterdam. Mevrouw Heinhuis gaat ervan uit dat de international hier werkt en rijk is en dat zijn partner thuiszit. Daar is het lid Schmit het niet mee eens. Hij kent veel expats die bijvoorbeeld meehelpen met koken voor daklozen en meedoen bij de Aanpak bij de stad. Een goede vriend is de eerste die klaar staat als er in de straat iets aan de hand is. Hij werpt het dus verre van zich dat zij niet meedoen in het weefsel van de stad. Het lid Heinhuis spreekt van een rijke international die in zijn eigen bundel zit en die niet meedoet. Dat beeld herkent het lid Schmit niet. Het lid HEINHUIS verwijst naar een onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau, waaruit blijkt dat mensen zich steeds meer in bubbels bevinden. Het lid SCHMIT is het ermee eens dat de bubbels in de stad doorbroken moeten worden, maar dan moet dat gelden voor alle bundels en niet alleen de bubbel van de internationals. De moderne international is in de loop van de tijd verandert. Hij werkt hier, doet mee aan de samenleving, zijn partner werkt ook en de kinderen gaan vaak al naar de lokale openbare school. Amsterdam is geen verzameling van dorpen, maar een internationale wereldstad.

De wereld verandert continu. D66 is het niet eens met de mogelijkheid van een maakbare wereld. De wereld, en dus ook Amsterdam, wordt internationaler. Dat verandert niet als deze commissie bepaalt wat een Amsterdammer zou moeten zijn. Het lid HEINHUIS merkt op dat de verdergaande internationalisering van de stad iets doet met het sociale weefsel van de stad. Het lid SCHMIT vindt dat de internationals met hun bijdrage aan de stad het sociale weefsel verder ontwikkelen. Dat is ook de rijkdom van 750 jaar Amsterdam. De internationals moeten hun ruimte blijven behouden om de stad verder te ontwikkelen. Dat is ook het voorstel van de inspreker, dat iedereen zijn eigen bijdrage kan leveren. Dat geldt voor de international, maar ook voor de geboren Amsterdammer. Uit de bestuurlijke reactie blijkt dat 55.000 partners van internationals graag mee willen doen. Dat is een mooie kans om het arbeidstekort op te lossen. Wat is daarvoor nodig?

13

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

Het lid VON GERHARDT is verbaasd over het voorstel en staat achter de bijdragen van D66. Het heeft iets weg van zondebokpolitiek. Het voorstel kent een hoge mate van overheidsbemoeienis. De PvdA wil de internationale medewerkers opleggen hoe zij moeten wonen en werken. Als ze daaraan voldoen, dan pas zijn het echte Amsterdammers. De VVD gelooft dat iedereen op zijn eigen manier een plek weet te vinden in de stad en onderdeel wordt van de stad. Daar zijn al talrijke goede voorbeelden van, zowel van statushouders, studenten, mensen uit de rest van Nederland en ook van de internationale medewerkers. Dat moet in alle vrijheid kunnen gebeuren. Dat is ook het kenmerk van de stad. Dat iedereen zichzelf kan zijn. Het past niet om politiek vast te stellen wie de Amsterdammer is. De politiek moet zich focussen op de kerntaken als woningen bouwen en de stad schoonhouden. Het lid HEINHUIS herhaalt haar verzoek aan de VVD om deze open houding naar nieuwkomers in de stad breder toe te passen. Het lid VON GERHARDT zegt dat toe. Het lid IJMKER vindt dat hypocriet van de VVD. Die fractie gaat uit van de kracht van de mens, maar niet als zij niet wit zijn. Het lid VON GERHARDT werpt deze beschuldiging van discriminatie en racisme verre van zich. Het lid BROERSE gaat in op de term zondebokpolitiek van de VVD.

Is die politiek de VVD bekend? Het lid VON GERHARDT ziet dat ook andere partijen die politiek bedrijven. Het lid BROERSE heeft vele jaren met internationals, maar ook met Amsterdammers en Nederlanders van buiten Amsterdam samen in een huis gewoond. Zij herhaalt dat de internationals vaak aangeven dat het hun niet lukt om onderdeel te worden van de stad. Niemand wil ook Nederlands met ze praten, omdat ze er geen geduld voor hebben. Het lid Broerse maakt zich zorgen over de verdere individualisering van de stad, maar is het niet eens met de keuze om een groep eruit te pikken die daar hard aan moeten werken, terwijl andere groepen dan niet in worden meegenomen. De PvdA stelt ook voor om de internationale bedrijven meer te laten deelnemen aan de samenleving; waarom legt die fractie de focus op de international? Het zijn juist de verschillende groepen in de stad die elkaar moeten vinden. Het is de vraag of dit voorstel daaraan bijdraagt. Het roept polarisatie op. Bovendien is het de vraag wie dit alles moet gaan betalen, de stad zeker niet. Het lid HEINHUIS legt uit dat zij juist voorstelt om bestaande Amsterdammers te verbinden aan de nieuwe Amsterdammers door ze elkaar te laten ontmoeten. Het lid BROERSE beaamt dat dat van groot belang is. De focus van het voorstel had dan ook op dat algemene aspect moeten liggen, dat Amsterdammers elkaar meer moeten gaan ontmoeten.

Nieuwkomers moeten op de Amsterdamse manier Amsterdammer worden. Pas dan zijn ze ‘een van ons’, zo staat in het voorstel. Daarmee slaat de PvdA de plank mis. De fractie zet met haar voorstel deze groep mensen weg. Wethouder MBARKI prijst de discussie over dit onderwerp. Hij legt uit dat de invloed van internationale kenniswerkers op deze stad substantieel is. De mensen zijn hard nodig, niet alleen in de buitenlandse bedrijven, maar ook in de Nederlandse bedrijven. Hij merkt verder op dat ook kenniswerkers van kleur deel uitmaken van de stad. Ook hier is sprake van een divers palet aan mensen. De stad verandert, maar tegelijkertijd staan verenigingen onder druk. Dat komt ook dat het verenigingsmodel moeilijk is uit te leggen aan nieuwkomers, met naast het betalen

14

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

van contributie ook een daadwerkelijke bijdrage aan de vereniging. De wethouder vindt het initiatiefvoorstel een kans om daaraan te werken. De wethouder zegt toe dit jaar nog met de commissie verder te spreken over de internationale strategie, waar het lid IJmker over sprak. Veel bedrijven ontvangen nieuwkomers met het zogenaamde ‘on boarden’. Dat principe zou de stad ook kunnen toepassen. Dat gebeurt al, maar dat zou met behulp van de ervaringen van de bedrijven nog meer kunnen worden versterkt. Het lid IJMKER vindt dat het ‘on boarden’ voor iedere nieuwkomer in de stad zou moeten gelden. Wethouder MBARKI wil zijn bijdrage beperken tot dit specifieke voorstel. Hij gaat ervan uit dat iedere nieuwkomer geïnformeerd wil worden hoe het werkt in de stad. In het voorstel wordt gesproken over internationals die via een werkrelatie in de stad zijn komen wonen, maar er zijn natuurlijk ook andere nieuwkomers. Daar heeft de stad ook aandacht voor. In de bestuurlijke reactie is al aangegeven dat, als het voorstel wordt aangenomen, mogelijke versterkingen met alle partijen in de stad worden verkend. Het is goed dat de nieuwkomers en hun partners vrijwilligerswerk gaan doen, maar het zou mooier zijn als deze mensen mee gaan doen op de arbeidsmarkt. Op het gebied van zorg heeft al een pilot plaatsgevonden. Dat heeft mooie dingen opgeleverd.

Nu wordt gekeken of ook in andere tekortsectoren dergelijke proeven kunnen worden opgestart met bijvoorbeeld aandacht voor de hobbels van de diploma’s in de verschillende landen. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voldoende besproken. Het lid HEINHUIS kondigt aan het voorstel naar aanleiding van de discussie aan te passen. Dat kan vervolgens in de raad van 11 en 12 december 2024 verder worden besproken. Financiën 3. Vaststellen van de Begroting 2025 De VOORZITTER deelt mee dat de begroting in een eerste termijn is besproken in de brede Commissie FKD. Tweede termijn Het lid IJMKER gaat in op de eerste termijn besproken Brede Welvaart. Toen is gesproken over de indicatoren en hoe die worden opgenomen in de begroting. Zij roept op om daar haast mee te maken. Zij vraagt verder op welke manier daar casussen voor worden ontwikkeld. Zij stelt voor om daar een proces voor in te richten. De stukken in de dagmail over Amsterdoen waren verhelderend, maar het is nog onduidelijk of daar voldoende budget voor beschikbaar is. Het lid BENTOUMYA gaat in op de eerdere discussie over de bezoekerseconomie, met name wat betreft de plannen voor Artis. Artis heeft een bijzondere binding met de buurt, maar omwonenden maken zich ook zorgen over de voorgenomen groei van Artis en de daarmee toenemende druk op de openbare ruimte.

GroenLinks is dan ook verbaasd dat de groei al in de begroting is opgenomen, terwijl er ook gewerkt wordt aan het terugbrengen van het aantal bezoekers van Amsterdam. Hoe verhoudt de groei van Artis tot 2 miljoen bezoekers tot de maatregelen binnen de bezoekerseconomie? De wethouder heeft aangegeven dat de groei bestaat uit Amsterdammers met een stadspas, scholen en andere bezoekers. Wie zijn die andere bezoekers?

15

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

Heeft de stad voldoende inzicht in de bezoekersstromen en de gevolgen daarvan voor de drukte in de stad? Kan de wethouder dit bij de voortgangsrapportage inzichtelijk maken? Een grotere druk op de leefbaarheid heeft ook financiële implicaties. Hoe speelt de gemeente daarop in? De buurt voelt zich ook niet altijd voldoende meegenomen in de plannen. Op welke manier kan de gemeente dit proces verbeteren? Het lid BADAL vraagt naar de stand van zaken van de motie van het CDA over het rondetafelgesprek over LVV. De fractie maakt zich zorgen over de continuïteit van de opvang van ongedocumenteerden. Is er al contact gelegd met de kerken? Wethouder MBARKI merkt op dat er eerder afspraken zijn gemaakt over de Brede Welvaart. De inhoud van de tien casussen staat nog open. Hij stelt voor om daar binnenkort het gesprek over te voeren. De doelgroepen in verband met de groei van Artis zijn eerder beschreven. Het betreft geen groepen die de stad niet wil. Hij beaamt dat er ook goed gekeken moet worden naar de (toenemende) drukte in de stad. Er wordt al gewerkt aan het terugdringen van de overnachtingen, maar dat betreft veelal niet de groepen die Artis (op dagbasis) bezoeken. De wethouder kondigt een brief aan over het imago van de stad; wat er domineert. Hij acht het niet aannemelijk dat Artis daarbij een grote rol speelt.

Hij verwijst daarbij ook naar de komst van de nieuwe Slavernijmuseum. Dat is een meerwaarde voor de stad, maar het zal ook (vaak ook buitenlandse) bezoekers aantrekken. Het lid BENTOUMYA stelt vast dat de wethouder het aantal overnachtingen wil terugbrengen, maar ook dat hij het aantal dagbezoekers in kaart wil brengen. Zij herhaalt haar vragen over de ‘andere’ bezoekers en de complicaties voor de openbare ruimte waar bij de uitbreiding van Artis (van 1,2 miljoen naar 2 miljoen bezoekers) over wordt gesproken. Het is evident om die vragen ook voor andere instellingen te stellen. Wethouder MBARKI kondigt aan later in gesprek te gaan met de commissie over de complicaties voor de openbare ruimte met aandacht voor verschillende bezoekersstromen. Hij benadrukt dat de groei van Artis niet voor een groei van het aantal toeristen zal zorgen. Bij de ‘andere bezoekers’ gaat het om bijvoorbeeld scholen of bezoekers van andere zaken aan de stad. Het Stadsdeel Centrum heeft samen met Artis een participatietraject opgestart. In dat traject zijn een goede afspraken gemaakt met de buurt. De buurt is daar actief bij betrokken. Artis heeft ook aandacht voor een verhoogde druk op de openbare ruimte. Daar worden plannen voor opgesteld. Die worden afgestemd met de buurt. Het lid KROM deelt de zorgen over de toename van de drukte in de stad en op de openbare ruimte.

Op Schiphol wordt reclame gemaakt voor Artis. Dat suggereert toch dat er ook buitenlandse toeristen naar Artis komen? De Partij voor de Dieren stelt voor om in de subsidievoorwaarden vast te leggen dat de marketing wordt gericht op de lokale bewoners. Ook andere kunst- en cultuurinstellingen werken aan het ontvangen van meer bezoekers en wellicht ook internationale bezoekers. Dat veroorzaakt een grote toename van het aantal toeristen in de stad. Wethouder MBARKI beaamt dat een gesprek hierover breed moet worden gevoerd. Hij benadrukt dat de instellingen bezoekers nodig hebben om te kunnen bestaan. De wethouder bestrijdt dat de reclame op Schiphol alleen buitenlandse toeristen aantrekt. Daarbij is de achterliggende gedachte om de toeristen zoveel mogelijk te spreiden. Het lid KROM stelt voor om in plaats van reclame voor Artis op Schiphol reclame te maken voor een museum in Hoorn. Dat draagt pas echt bij aan de gewenste bezoekersbalans in Amsterdam.

16

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

Wethouder MBARKI beaamt dat, maar herhaalt dat Artis, maar ook andere instellingen, bezoekers nodig heeft om te kunnen blijven bestaan. Het lid BENTOUMYA begrijpt dat Artis plannen voorbereidt ten behoeve van de leefbaarheid van de buurt. Het is dan onhandig om de voorgenomen groei van Artis nu al in de begroting op te nemen. Daarmee wordt de gemeente voor een voldongen feit geplaatst om de bezoekersstromen nog in goede banen te kunnen leiden. Wethouder MBARKI denkt niet dat die twee zaken elkaar bijten. De begroting is een logisch moment om dit vast te leggen. Het is ook goed om dit tijdig te communiceren. De uitwerking daarvan volgt, rekening houdend met de zorgen van de buurt, pas in 2030. Het lid BENTOUMYA wil weten of de groei naar 2 miljoen bezoekers een harde afspraak is tussen Artis in de gemeente. Of is het masterplan een levend document? Wethouder MBARKI verwijst het lid voor een antwoord op de vragen over Artis naar zijn collega-wethouder. Hij gaat over de vragen over de leefbaarheid en de bezoekersaantallen. Die zijn al beantwoord. Wethouder GROOT WASSINK gaat in op de vraag van het CDA, ondanks dat deze niets met de begroting heeft te maken. De motie is aangenomen en de bijeenkomst zal op 28 november 2024 plaatsvinden. Amsterdoen wordt gecontinueerd in dezelfde omvang als in 2024.

De financiering komt vooral uit de programma’s Innovatie, Economische Zaken en Democratisering en deels uit Circulariteit. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voldoende is besproken. Gemeentelijk Vastgoed 6. Vaststellen van de actualisatie van de vastgoedstrategie en het algemeenbelangbesluit voor het verhuren van gemeentelijk vastgoed. en 7. Bespreken van de Bespreeknota Leegstand en Leegstandbeheer Op verzoek van het lid Minderhoud en met instemming van de commissie worden deze twee agendapunten samen besproken. Het lid KROM wil weten hoe de wethouder het spanningsveld tussen maatschappelijke initiatieven en woningbouw gaat oplossen. Er wordt veel gebouwd in de stad, maar veel maatschappelijke initiatieven vinden geen plek meer. De gemeente blijft hierbij afhankelijk van de (beperkte controleerbare) commerciële markt. De gemeente moet echter zoveel mogelijk zicht houden op de situatie, gezien de eerdere ervaringen met het marktdenken. Uit de tabel blijkt dat er veel panden in Amsterdam leeg staan. Dat is zonde. Het lid is dan ook blij met de bespreeknota van de wethouder. Zij heeft kritiek op het plaatsen van mensen en organisaties in tijdelijke oplossingen. Het is een lapmiddel, maar het is niet anders. Meer dan 40.000 vierkante meter staat al langer dan zes jaar leeg.

Hoe gaat de wethouder er voor zorgen dat hij daarvoor een mandaat krijgt bij Grond en Ontwikkeling? Zou het helpen als er structureel geld (inclusief beleid) komt voor verduurzaming? Dat zou je later met de verschillende directies kunnen verrekenen. De Partij voor de Dieren overweegt om daarvoor een motie in te dienen. Maatschappelijke initiatieven krijgen een jaar de tijd om kostendekkend te worden. Dat is een goed idee. Spreekster vraagt om nadere informatie.

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociaal, Economische Zaken en Democratisering

SED

Concept Raadscommissieverslag, 6 november 2024

De fractie vraagt verder meer inzet op het huisvesten van werkenden zonder een dak boven het hoofd, de economisch daklozen; mede gezien de grote leegstand. Investeringen in de panden zullen zich terugbetalen doordat de mensen op straat niet verder meer in ellende, en dus met een toenemende zorgvraag, geraken. De fractie vraagt de wethouder om de betreffende maatschappelijke organisaties daar tijdig bij te betrekken. Verder moet er meer prioriteit worden gegeven aan de huisvesting van kwetsbare groepen in relatie tot andere beleidsdoelen. Een inspreker sprak over maatschappelijk leegstandbeheer. Het lid KROM prijst het voorstel en wil weten waarom dit niet verder is uitgewerkt in de brief. Is dat alsnog mogelijk? Het lid MINDERHOUD prijst deze strategie. Het is beter dan het eerdere neoliberale werkje met vooral het afstoten van gemeentelijke vastgoed om daar geld mee te verdienen. Nu is er ook aandacht voor de maatschappelijke opgave van de start. In de afgelopen jaren is een groot aantal moties ingediend en zijn initiatieven genomen over het toekennen van ruimte aan maatschappelijke initiatieven en maatschappelijke organisaties in de stad. Die sluiten goed aan bij deze strategie. Spreker heeft eerder een initiatiefvoorstel ingediend over het toepassen van een waardetafel voor het inzetten van gemeentelijk vastgoed en het aankopen van extra vastgoed.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14847971/1