CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20240711 FKD conceptverslag openbare deel.pdf

Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit 12 september 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslagen van de openbare en besloten vergaderingen van de raadscommissie FKD d.d. 20 juni en 11 juli 202436.440 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Lid NOORDZIJ vraagt aan lid Hijlkema of de VVD meent dat het een onberedeneerde keuze is geweest om de Pride een maand te laten duren. Lid HIJLKEMA zie geen redenatie hiervoor in het document. Lid NOORDZIJ is hierover verbaasd, aangezien er in de commissie al jaren wordt gesproken over de vormgeving van de Pride. Er zijn binnen de gemeenschap gesprekken over gevoerd en onderzoeken geweest. Hieruit is gebleken dat er meer ruimte en tijd gecreëerd moet worden om naast de grote evenementen ook gelegenheid te bieden aan kleinschaligere evenementen. Dit sluit nu goed aan op het beleidskader. Lid HIJLKEMA is van mening dat die ruimte ook gegeven had kunnen worden in twee weken. Hij vindt het niet verkeerd zoals het nu wordt ingericht, maar hij vindt het

19

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

belangrijk dat er goed wordt geformuleerd wat de reden is voor een langere tijdsduur en of het hierbinnen mogelijk is om de eenheid te bewaren. Wethouder MELIANI is van mening dat de emancipatie van de LHBTIQ+gemeenschap centraal moet blijven staan bij dit evenement en de gemeente wil dat faciliteren. De uitkomst van de voorbereidende acties en gesprekken heeft geresulteerd in de keuze voor de duur van een maand. De reden hiervoor is dat de partijen op deze manier in de gelegenheid worden gesteld om elkaars evenement te bezoeken, maar ook dat een partij niet afhankelijk is van een grote organisator om iets aan te vragen. De middelen die hiervoor beschikbaar zijn is 700.000 euro en dit is al met de commissie gecommuniceerd. De wethouder zal voor de zomer de subsidieregeling vaststellen en zij zal in aansluiting hierop aan de commissie bekendmaken hoe de verdeling zal plaatsvinden. Hierbij wordt er onderscheid gemaakt tussen de meerjarige subsidie voor één partij voor het organiseren van het programma voor de laatste weken van de Pride met daarin het slotweekend, alsmede meerjarige verlening van de subsidie, omdat het belangrijk is voor een organisatie om ook op lange termijn te kunnen werken. Die eenjarige partijen bij dit evenement opereren soms onder de paraplu van Amsterdam, andere weer onder queer en weer andere regelen het zelf.

Met deze regeling heeft het college geprobeerd om tegemoet te komen aan de emancipatiebeweging. Het streven is om het overzicht van activiteiten van het evenement te plaatsen op de website. In de jaren hiervoor is gebleken dat de communicatie tussen de organisatoren verbeterd moet worden. Dit keer zal de programma informatie op één centrale plek worden geplaatst voor de bezoekers. Een voorwaarde voor het verkrijgen van subsidie is dat de partijen hun activiteiten publiceren op deze plek. In reactie op de bijdrage van lid Moeskops zegt de wethouder toe dat zij samen met de burgemeester ervoor zal zorgen dat iedereen veilig zichzelf kan zijn. Het streven van alle betrokkenen is om Amsterdam weer op een goede manier op de kaart te zetten. De hele maand met Pride evenementen is een stap in de goede richting maar het einddoel is nog niet bereikt. Waarbij het ook belangrijk is dat de partijen samenkomen en niet afzonderlijk hun programma aanbieden. Ook de wethouder vindt spreiding belangrijk en daar wordt op ingezet. De partijen die subsidie aanvragen krijgen extra punten als zij in voldoende mate bijdragen aan die spreiding van de activiteiten over de gehele stad. Hierbij is er specifieke aandacht voor de Masterplangebieden.

In antwoord op de vraag van de VVD deelt de wethouder mee dat er wordt geëvalueerd aan het einde van de eerste vier jaar, want de subsidie voor de parapluvergunning is voor vier jaar. De wethouder geeft aan dat het locatieprofiel voor het Amstelveld is gewijzigd en het evenement aldaar mag doorgaan tot 20.00 uur. Alle inspanningen die zijn gedaan om in samenspraak met de organisator tot een oplossing te komen hebben tot niets geleid. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voldoende is besproken. Lucht- en Zeehaven (incl. Schiphol) 4. Geen zienswijze inbrengen op het ontwerp wijzigingsvoorstel ‘Gemeenschappelijke Regeling Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied (CNB NZKG) (VN2024-009209) Dit agendapunt wordt doorgeschoven naar de eerstvolgende raadsvergadering, alwaar het gehamerd zal worden.

Lokale Media (incl. Buurtmedia)

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

5. Vaststellen van het beleidskader Buurtmedia 2024-2026 (VN2024-009275) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat deze raadsvoordracht op de agenda staat van de raadsvergadering van 17 en 18 juli. Lid BELKASMI beschrijft het belang van buurtmedia voor de inwoners van de stad, vooral op plekken waar de laaggeletterdheid hoog is of de opkomst bij verkiezingen laag. Inmiddels is de verdeling van de middelen over de stadsdelen zodanig bijgesteld, dat de stadsdelen waar het het hardst nodig is meer geld toebedeeld krijgen vergeleken met 2023. Lid Belkasmi stelt enkele vragen: − Er is met de toedeling geen rekening gehouden met het aantal inwoners per stadsdeel, zodat een stadsdeel met minder inwoners evenveel geld krijgt als een stadsdeel met meer inwoners. Hij vraagt de wethouder dit toe te lichten. − Kunnen de stadsdelen Noord, Nieuw-west en Zuidoost bij de opdracht van de mediaverkenners worden betrokken? Lid ASLAMI vindt het een stap in de goede richting dat er nu duurzaam wordt ingezet op buurtmedia.

Hij heeft twee vragen aan de wethouder: − Hoe heeft de wethouder dit opgehaald bij de stadsdelen en waarom is er niet gekozen voor een formele adviesronde bij de stadsdelen? − Mogen de budgetten uit de subsidieregeling ook door stadsdelen worden gebruikt voor inkoop van bijvoorbeeld advertenties? Wethouder SCHOLTES erkent dat het lang heeft geduurd, maar nu zijn de middelen voor de buurtmedia meer gelijkgetrokken en wordt er meer ongelijk geïnvesteerd voor gelijke kansen. Vervolgens verwijst de wethouder naar de beide onderzoeken die zijn uitgevoerd, DSP in 2022 en Kantar Public, een onderzoek naar het gebruik en bereik naar media. Ook bestaat er een samenwerking met de Publieke Omroep Amsterdam, OBA en onderwijsinstellingen waaruit eveneens kansen voor de buurtmedia uit voortvloeien. De wethouder somt enkele mogelijkheden op die zich voordoen. Bij de stadsdelen is er bestuurlijke invloed opgehaald en de stadsdelen is de gelegenheid geboden om op de conceptversie van het beleidskader te reflecteren in een portefeuillehouders overleg. Een officiële adviesaanvraag bij de stadsdelen zou vertraging hebben opgeleverd. Het gaat om de beperkte incidentele budgetten, maar er komt nog een uitwerking in de subsidieregeling en hier kunnen de stadsdeelcommissie bij betrokken worden.

Het subsidiebedrag mag niet worden besteed aan inkoop, dit was ook een vraagstuk in stadsdeel Weesp, maar hier heeft Weesp andere budgetten voor. Mocht Weesp in verband met het lage inwonerstal het budget niet in zijn geheel besteden, dan kan het restant worden overgeheveld naar 2025 en worden herverdeeld over de andere stadsdelen. Dit zal in de regeling worden verankerd. Lid BELKASMI vraagt naar de reden waarom Weesp dit jaar het volle bedrag heeft ontvangen. Wethouder SCHOLTES verklaart dat dit besluit voortkomt uit de mediaverkenners die aangaven dat er ook in Weesp ruimte moest zijn voor vernieuwing, meer bereik en professionalisering. De wethouder is van mening dat deze kansen er ook voor Weesp moeten zijn. De mediaverkenners hebben in principe aandacht voor alle stadsdelen, aangezien uit gesprekken is gekomen dat er onvoldoende duidelijk is wat er nodig is om nieuwe buurtmedia te helpen ontstaan en ze naar de toekomst duurzaam te borgen. Er moet nog worden bepaald hoe de opdrachtverstrekking tot stand moet komen, of dit is via de

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

gemeente of via een ander kanaal. De wethouder zegt toe om hierbij extra aandacht te vragen voor de stadsdelen Noord, Nieuw-West en Zuidoost, mits dat past binnen de beschikbare tijd en middelen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken en dat de voordracht gereed is voor behandeling in de raad, alwaar dit wordt gehamerd. ICT en Digitale Stad 6. Bespreken van de discussienota ‘Groeiend aantal slimme deurbellen in de Stad’ van lid IJmker (GroenLinks) (VN2024-009416) De VOORZITTER leidt het agendapunt is en deelt mee dat het is geagendeerd door het lid IJmker (GroenLinks). Het punt is al een aantal keer doorgeschoven en staat geagendeerd voor de raad van 17 en 18 juli 2024. Lid IJmker heeft deze discussienota geagendeerd, omdat zij graag een debat in de commissie wil initiëren over de groeiende populariteit van slimme deurbellen. Lid IJMKER begint haar bijdrage met een verwijzing naar de discussie die zij onlangs voerde met een student Rechtsgeleerdheid aan de UvA en waarin de kern van het probleem met de slimme deurbellen direct duidelijk werd. Veel slimme deurbellen zijn gericht op de openbare weg en hoewel dit verboden is, heeft de AVG onvoldoende capaciteit om hierop de handhaven in het kader van de Privacywet en blijft deze ongewenste situatie bestaan.

Lid IJmker vindt het zorgwekkend dat de burger op steeds meer plekken in de stad in de gaten wordt gehouden. Dit voedt wantrouwen en geeft onderlinge spanningen in de buurt, zoals verschillende onderzoeken hebben aangetoond. Het gevoel van onveiligheid neemt juist toe in plaats van af, terwijl dit laatste de reden is om een slimme deurbel aan te schaffen. Voor GroenLinks vormt de optelsom van alle situaties waarbij cameratoezicht ongewenst is een groeiend probleem in de samenleving. De reactie van de wethouder op de schriftelijke vragen was voor lid IJmker teleurstellend, aangezien hij aangaf dat de gemeenteraad hier niet over gaat. Lid IJmker is het hier niet mee eens, aangezien het de Amsterdammers aanbelangt. Daarom gaat zij hierover graag nog eens met de wethouder in gesprek en vraagt zij hem welke mogelijkheden hij wel ziet om hier iets tegen te doen. Het lijkt lid IJmker zinvol om goede voorwaarden te formuleren voor het toestaan van het gebruik van slimme deurbellen. Lid GARMY vraagt welke oplossingen GroenLinks ziet voor dit probleem. Lid IJMKER lijkt het niet zinvol voor het debat om nu naar Den Haag te wijzen. Zij meent echter dat de gemeente al veel zou kunnen bereiken met het geven van voorlichting. Lid ASLAMI verwijst naar de passage in de nota waarin lid IJmker het stellen van regels als oplossing geeft.

Hij mist dit in haar betoog en vraagt of zij hierover van gedachten is veranderd. Lid IJMKER vindt dat nog steeds een onderzoek waard, en zij weet inmiddels dat de wethouder onderzoek doet naar een ‘Vriendelijke Deurbel’, ook bij de VNG. Zij vraagt de wethouder of hier al meer informatie over is. Lid BELKASMI vraagt ten koste waarvan handhaving moet worden betaald als er wordt gekozen van het instellen van regels.

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

Lid IJMKER geeft aan dat dit onderdeel uitmaakt van de discussie. Voor GroenLinks heeft deze kwestie prioriteit en als de raad ook vindt dat dit een probleem vormt, zal er met de AVG naar gekeken moeten worden. Lid BELKASMI stelt dat als GroenLinks dit als prioriteit ziet, zij ervoor zou kiezen om de schaarse handhavingscapaciteit hiervoor aan te spreken. Hij wil weten ten koste waarvan dit zou gaan. Lid IJMKER is van mening dat er gezamenlijk moet gekeken worden naar de mogelijkheden en vindt dat lid Belkasmi door het zo te stellen niet de juiste invalshoek kiest. Het is voor GroenLinks belangrijk om, ook landelijk, een statement te maken, ook al is 100 procent handhaving niet mogelijk. Lid BELKASMI vraagt of GroenLinks dit probleem wel als prioriteit ziet, maar dat dit niet betekent dat er al sprake moet zijn van handhaving. Lid IJMKER vindt dat alle maatregelen onderzocht moeten worden. Lid ASLAMI geeft aan dat het filmen van mensen in Amsterdam niet alleen door slimme deurbellen en cameratoezicht geschiedt, maar ook toeristen die op straat filmen. Hij vraagt hoever GroenLinks wil gaan om dit tegen te gaan en de Amsterdammers door middel van regels proberen het gevoel van privacy te geven. Lid IJMKER antwoordt dat GroenLinks hier best ver in wil gaan. Dit is al eerder ter sprake gekomen in de discussie over dataverzameling en cameratoezicht in de openbare ruimte.

In deze discussie wil zij de bespreking beperken tot de slimme deurbellen die de Amsterdammers gebruiken. Lid ASLAMI brengt de aandacht op de rol van de fabrikanten van de slimme deurbellen en hij vraagt lid IJmker hierop te reflecteren. Lid IJMKER heeft dit in de discussienota aan de orde gesteld, aangezien zij zich zorgen maakt over waar de beelden heengaan. Zij weet dat dit tevens onderdeel uitmaakt van het onderzoek naar de ‘Vriendelijke Deurbel’. De fabrikant speelt een belangrijke rol en zij pleit ervoor om vanuit de fabrikant de consument te informeren over het wijzigen van de instellingen, bijvoorbeeld hoelang de beelden bewaard blijven. Lid GARMY erkent het probleem maar ziet dit als een onderdeel van de agenda Digitale Stad, die tot doel heeft de Amsterdammers bewuster te maken van de digitalisering om hen heen en over privacy. Voor Volt is het vinden van een oplossing niet gemakkelijk. Op dit moment spreekt het idee van voorlichting het meeste aan en dit past goed in de agenda zoals die er nu ligt. Opname in de APV lijkt Volt niet zinvol aangezien er niet gehandhaafd kan worden en het probleem niet groot genoeg is om hier capaciteit voor aan te wenden. Een ander voorstel dat lid Garmy doet is het invoeren van meldingsplicht door middel van een waarschuwingsbordje bij gebruik van een slimme deurbel. Maar dit is lastig te controleren.

Lid BELKASMI erkent het probleem dat GroenLinks met deze discussienota op tafel legt. Voor de PvdA is het echter een probleem dat de Autoriteit Persoonsgegevens zal moeten oplossen. Het voorstel van GroenLinks om regels in te voeren is voor de PvdA geen optie, aangezien er niet voldoende capaciteit is om dit te handhaven. Voor de PvdA liggen de prioriteiten voor handhaving bij andere problemen in de stad, zoals afval en overlast. Als oplossing voor het onderliggende probleem ziet lid Belkasmi voorlichting als een goede mogelijkheid. Hij vraagt de wethouder te reflecteren op het voorstel om informatie te

23

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

geven via een website, bijvoorbeeld over hoe men de slimme deurbel adequaat kan plaatsen. Ook wil hij weten of de wethouder kansen ziet om met de fabrikanten in contact te treden over het beter informeren van particulieren over hoe deze slimme deurbellen geplaatst kunnen worden. Lid KROM erkent het probleem dat lid IJmker via de discussienota op tafel heeft gelegd. Uit de schriftelijke reactie van de wethouder maakt zij op dat er verschillende manieren zijn om de slimme deurbel privacy-vriendelijker in te stellen. Dit is echter niet zichtbaar voor passanten, dus het ongemakkelijke gevoel dat een slimme deurbel kan oproepen wordt niet weggenomen. Dit sluit niet aan op de privacywetgeving en de PvdD acht dit advies van de wethouder niet afdoende. Zij sluit zich aan bij de oproep van GroenLinks om de slimme deurbel op te nemen in de regelgeving van de APV, aangezien er sprake moet zijn van normstelling. Zij hoopt dat de wethouder hier de noodzaak van inziet, zeker nu onlangs is vastgelegd dat filmen in de openbare ruimte verboden is. Lid ASLAMI beschrijft het spanningsveld tussen de vrijheid om onbespied over straat te gaan en de vrijheid om een slimme deurbel te installeren. Er zijn ook voordelen te noemen van de slimme deurbellen, de politie doet hier vaak een beroep op. D66 erkent echter ook de negatieve effecten.

Lid Aslami kan zich niet vinden in het voorstel van GroenLinks om meer regelgeving in te voeren, aangezien er al een pakket van regels bestaat, waarin ook staat beschreven dat je niet mag filmen in het openbaar. Hij vraagt zich af op welke manier het toevoegen van nog meer regels hieromtrent het bewustzijn van dit verbod zou vergroten, tenzij er wordt gehandhaafd. Hier heeft D66 bezwaar tegen vanwege het negatieve effect dit zou hebben op het beeld van de samenleving in Amsterdam met betrekking tot vertrouwen en wantrouwen. Lid IJMKER begrijpt niet dat D66 vindt dat de oplossing die GroenLinks voorstelt het wantrouwen zou voeden, terwijl lid IJmker juist heeft aangegeven dat wantrouwen groeit naarmate er meer slimme deurbellen worden gebruikt, zoals uit onderzoek is gebleken. Lid ASLAMI is van mening dat de mogelijkheid bestaat dat slimme deurbellen kunnen leiden tot meer wantrouwen, maar het is niet zo dat iedere slimme deurbel leidt tot wantrouwen. Het uitgangspunt dat GroenLinks heeft staat haaks op dat van D66. Lid Aslami gaat er niet vanuit dat een Amsterdammer een slimme deurbel installeert om de buurman te bespioneren. Lid IJMKER stelt dat lid Aslami haar uitgangspunt onjuist interpreteert; het gaat haar om de neveneffecten en de optelsom. Zij vraagt lid Aslami uit te leggen waarom hij vindt dat GroenLinks met deze discussienota wantrouwen agendeert.

Lid ASLAMI legt uit dat hij dit niet bedoelde te zeggen. Hij meent dat lid IJmker heeft aangegeven dat zij ervoor wil waken dat er een gevoel ontstaat dat men ongewenst wordt gefilmd. Dit is ook een zorg van D66 en hier moet een oplossing voor komen. De kern van het probleem is dat mensen die een slimme deurbel plaatsen onvoldoende afweten van de mogelijkheden en de effecten. Lid IJMKER voegt hieraan toe de ongelijkheid die optreedt tussen mensen met en zonder slimme deurbel. Zij vraagt het lid Aslami hierop te reflecteren. Lid ASLAMI geeft aan dat hiermee een stigma ontstaat waar hij zich niet aan wil conformeren. Als oplossing ziet ook D66 ondersteuning en voorlichting als de beste optie. Andere mogelijkheden zijn:

24

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

Mochten er spanningen ontstaan, dan zou inzet van een meldpunt een oplossing kunnen bieden. Amsterdam kent inmiddels een aantal meldpunten waar Amsterdammers die overlast ondervinden zich kunnen voegen. Ook zou er ruimte kunnen worden gemaakt voor bemiddeling en advies. Lid MANGAL geeft aan dat hij het grotendeels eens is met de visie van lid IJmker. Daarentegen merkt hij op dat sommige raadsleden in de discussie met valse tegenstellingen komen en makkelijk over het punt heenstappen, maar toch kritiek hebben op de surveillance-cultuur in de Chinese samenleving. Hij attendeert de commissie erop dat ook slimme deurbellen van Chinese makelij kunnen zijn en men kan zich afvragen of de informatie niet via de fabrikant terecht komt bij de Chinese overheid. Hij vindt het onbegrijpelijk dat hier in de commissie geen aandacht voor is in deze discussie. Lid GARMY stelt dat dit wel wordt genoemd in de discussienota. Dit probleem zou echter Europees geregeld moeten worden en niet door de gemeenteraad van Amsterdam. Lid MANGAL vraagt zich vervolgens af of de beelden die de politie opvraagt vanuit de slimme deurbellen wel rechtsgeldig zijn als er sprake is van een illegale opname. Ook lid Mangal erkent dat de handhaving een probleem kan zijn, zeker als de beelden rondgaan via de sociale media. Dat betekent niet dat de gemeente het probleem maar moet afschrijven.

Lid ASLAMI vraagt of lid Mangal erkent dat slimme deurbellen niet bedoeld zijn om in het openbaar te filmen. Lid MANGAL erkent dit, maar de werkelijkheid is dat dit wel gebeurt. Lid ASLAMI weet dat dit gebeurt, maar benadrukt dat dit niet mag. Dit is een verschil met een surveillance-camera die juist is bedoeld om een gebied te beveiligen of te bewaken. Lid MANGAL erkent dat dit niet met elkaar vergeleken kan worden, maar het effect is in sommige gevallen hetzelfde en dat vindt lid Mangal een probleem. Vooral omdat dit dan ook nog gebeurt met een camera van een particulier. Tot slot vraagt lid Mangal aandacht voor de rol van de fabrikant die een slimme camera zou kunnen aanbieden met een zeer beperkte instelling. Wanneer technisch voldoende onderlegde particulieren de slimme deurbel zodanig weten aan te passen dat het filmen de grenzen van het toelaatbare overschrijdt, dan kunnen deze hierop worden aangesproken. Wethouder SCHOLTES schetst de effecten van de slimme deurbellen in de stad en hij geeft aan dat het zinvol is om hier een debat over te voeren. Ook geeft hij aan dat er wel degelijk acties genomen kunnen worden, maar lokale regelgeving toevoegen is niet direct nodig, aangezien het al verboden is om de slimme deurbellen op een bepaalde manier te gebruiken volgens Europese en nationale regels.

Amsterdam is mede-initiatiefnemer van het consortium ‘De Vriendelijke Deurbel’ en vanuit hier is er het advies gekomen om te onderzoeken in hoeverre aanvullende regelgeving toch kan bijdragen. Hier wordt met de VNG en een expert naar gekeken. Eind augustus start er vanuit het consortium ‘De Vriendelijke Deurbel’ een nationaal onderzoek naar zowel de beleving van de eigenaar als de beleving van voorbijgangers, wat gevolgd zal worden door eventuele acties. De wethouder kan zich vinden in de suggestie van DENK over het aanspreken van de fabrikanten, maar dat zou, zoals Volt opperde, moeten gebeuren binnen de Europese regelgeving. De wethouder is bezig met een Europese agenda Digitalisering, waar dit onderdeel aan kan worden toegevoegd. Een goede oplossing vindt de wethouder dat de

25

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

basisinstelling van de slimme deurbel ertoe leidt dat de camera op een verantwoorde manier wordt gebruikt. Tot slot wijst de wethouder op allerlei kleinere interventies die in de buurt gedaan kunnen worden, zoals stadsgesprekken en een toegankelijke website met meer instructies en informatie over verantwoord gebruik. Ook laat de wethouder een gadget zien, die geplaatst kan worden op een slimme deurbel van Amerikaanse makelij en die voorkomt dat er voortdurend wordt gefilmd. Lid GARMY wijst nog op het verzoek van de wethouder Dienstverlening om de Amsterdam-app te gebruiken en wellicht kan hier ook informatie over de slimme deurbel op geplaatst worden. Wethouder SCHOLTES zegt toe dit te bespreken met de wethouder Dienstverlening. Lid ASLAMI vraagt of de wethouder mogelijkheden ziet om de oplossingen die hij heeft aangedragen eveneens bij de VNG en op Europees niveau in te voeren. Wethouder SCHOLTES beaamt dit. Lid IJMKER is blij dat er ondanks enige weerstand van sommige fracties er toch wordt gekeken naar juridische mogelijkheden. De VOORZITTER stelt vast dat het agendapunt voldoende is besproken en dat dit punt wordt geagendeerd voor de eerstvolgende raad van 17 en 18 juli 2024. 7.

Bespreken van de raadsinformatiebrief over de nieuwe editie van Tech Radar (VN2024-009417) De VOORZITTER leidt het agendapunt is en deelt mee dat het is geagendeerd door het lid Garmy (Volt) om de impact van nieuwe technologieën op de stad en de gemeente met de commissie te bespreken. Lid GARMY geeft aan dat het voor hem nog niet duidelijk is wie de verantwoordelijkheid heeft over welke technologie en wat deze verantwoordelijkheid inhoudt. Ook blijft vaag waar de impact het grootst is. Lid Garmy stelt voor om dit in de volgende editie van de Tech Radar nog duidelijker aan te geven, zo ook of er dan sprake is van samenwerking of dat de gemeente de ontwikkeling over laat aan derden. Er zou dan ook concreet antwoord kunnen komen op de vraag wat er met de technologie gaat gebeuren en wat de gemeente hier voor baat bij heeft. Lid IJMKER heeft al eerder aangegeven dat er minder gekeken moet worden naar de problemen die aangepakt moeten worden en meer moet worden gedacht vanuit de technologie. Ook meent lid IJmker dat de raakvlakken soms wat vergezocht zijn en ook mist zij vaak de aansluiting bij de Amsterdamse context. Vervolgens vraagt zij de wethouder of de onderzoeksvragen die werden gesteld in de vorige Tech Radar inmiddels allemaal beantwoord zijn. In het overzicht op een van de laatste pagina’s mist lid IJmker de vraagstelling: ‘Gaan we het reguleren of gaan we het niet doen’.

Wethouder SCHOLTES geeft aan dat de Tech Radar slechts een ambtelijk stuk is, een verkenning ter voorbereiding van wat er afkomt op de gemeente op het gebied van technologie. Deze informatie wordt naar de raad gestuurd op verzoek van een raadslid van de PvdA. De wethouder stelt dat het niet gaat om de bespreking van een beleid.

26

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

Lid BOBELDIJK verschilt hierin van mening met de wethouder en hij beroept zich op de controlerende taak van de raad. Wethouder SCHOLTES meent dat de raad gaat over de financiële- en de beleidskaders en heeft de ambtelijke organisatie de ruimte om zaken te onderzoeken. De wethouder geeft vervolgens aan dat hij te allen tijde bereid is om gehoor te geven aan de opmerkingen vanuit de raad over de Tech Radar. Lid ASLAMI deelt mee dat hij blij is met de Tech Radar en hij vindt het een stuk dat aanzet tot denken en discussie. Hij vraagt de wethouder wat de Tech Radar oplevert in de zin van discussies of publicaties op websites. Wethouder SCHOLTES heeft hier nog weinig ervaring mee. Hij haalt het voorbeeld van kunstmatige intelligentie aan waar men via de Tech Radar over na gaat denken en een visie over ontwikkelt. Lid IJMKER sluit zich aan bij de SP en heeft enkele vragen gesteld waar zij nog geen antwoord op heeft gekregen. Zij herhaalt haar vraag over de onderzoeksvragen uit de vorige editie van de Tech Radar. Wethouder SCHOLTES kan hier op dit moment geen antwoord op geven, maar zal dit opzoeken. Lid GARMY suggereert nogmaals om in de Tech Radar duidelijk aan te geven hoe de verkregen informatie wordt gebruikt binnen de gemeente en waar het college aan werkt binnen de agenda Digitale Stad.

Wethouder SCHOLTES zegt toe alle voorstellen die zijn gedaan mee te nemen ter verbetering in de volgende versie. De VOORZITTER stelt vast dat het agendapunt voldoende is besproken. Lid MANGAL vraagt in een punt van orde naar de volgorde van de agenda in het avonddeel. De VOORZITTER geeft aan dat er om 19.30 uur wordt gestart met het geheime deel, gevolgd door agendapunt 8 en de rest van de punten in de volgorde zoals is vastgesteld. Lid BOBELDIJK vraagt in een punt van orde of agendapunt 8 nog van toepassing is, indien hij de enige spreker is en nu de vorige punten inzake ICT al aan de orde zijn geweest. De VOORZITTER geeft aan dat agendapunt 8 wel aan de orde zal komen, aangezien er meerdere sprekers hiervoor zijn aangemeld. De VOORZITTER schorst de vergadering om 12.45 uur. De VOORZITTER heropent de openbare zitting van de commissievergadering FKD om uur. 8. Bespreken van de afdoening van de toezegging over het uitfaseren van Chinese camera’s en motie 172.23 (VN2024-009420) De bespreking van dit agendapunt geschiedt na punt 9.

27

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat dit punt is geagendeerd door het lid Bobeldijk (SP). Lid BOBELDIJK begrijpt naar aanleiding van het onderliggende stuk dat er financiële consequenties zijn bij het uitfaseren van Chinese camera’s. Hij vraagt de wethouder of er eveneens wordt gekeken naar ander elektronische apparatuur waarbij de kans bestaat dat er meegeluisterd wordt. Lid IJMKER heeft in het onderliggende stuk de twee argumenten gelezen op basis waarvan er wordt gekozen om geen camera’s van Chinese makelij meer te kopen en te gebruiken, namelijk vanwege de cyberveiligheid en de situatie omtrent de mensenrechten in dat land. Zij vraagt de wethouder welk argument prevaleert en of er op basis van dit argument wellicht andere landen kunnen worden toegevoegd aan de lijst van landen waar Amsterdam geen zaken mee wil doen. Ook herhaalt zij haar oproep om kritisch te kijken of het nodig is om alle 1200 camera’s te vervangen of dat er wellicht ook camera’s weggelaten kunnen worden. Lid BELKASMI vraagt of de uitfasering niet versneld kan worden en hij wil weten welke risico’s er de komende periode zijn als de camera’s van ongewenste herkomst nog in gebruik zijn. Ook vraagt hij of er inzicht is in welke producten er zijn afgenomen van foute landen en welke acties er hierop zijn ingezet.

Lid MANGAL sluit zich aan bij de vraag van de PvdA over versnelling van de uitfasering. Wethouder SCHOLTES geeft aan dat de uitspraken in de motie het argument hebben gegeven om scherper te kijken naar mensenrechten bij de inkoop van camera's. De VNG-quickscan heeft geleid tot een nader juridisch onderzoek en dat heeft geleid tot contractvoorwaarden en gunningscriteria, waardoor er bij de inkoop specifieker kan worden gekeken naar mensenrechten. Bij het inkoopproces moeten leveranciers aantonen dat de camera’s die zij leveren niet betrokken zijn bij culturele genocide of etnisch profileren. Amsterdam is de eerste gemeente die haar inkoop op dit gebied zo inricht en het is dus onduidelijk welke gevolgen dit zal hebben. Op termijn kan dit worden uitgebreid met andere producten uit andere landen, maar er is hier nog geen onderzoek naar gedaan. Het kostenaspect is de belangrijkste reden dat de uitfasering niet sneller kan. In de motie van twee weken geleden heeft de raad aan de wethouder gevraagd naar de mogelijkheden om algoritmen te weigeren van partijen die betrokken zijn bij mensenrechtenschendingen. Er wordt onderzocht of dit ook een aspect kan zijn om rekening mee te houden bij de inkoop. In antwoord op de vraag van lid Bobeldijk benadrukt de wethouder dat er door de gemeente geen slimme deurbellen worden aangekocht.

De mensenrechtenschending was de doorslag om de werkwijze van inkoop te herzien. Dit sloot aan op het VNG-traject om de inkoopcontracten en de gunningsvoorwaarden aan te passen. Met betrekking tot de cyberveiligheid verwijst de wethouder naar de eerdergenoemde maatregelen die worden genomen conform het landelijk beleid. De wethouder zegt tenslotte toe dat hij in het college de wethouders zal oproepen bij de aanschaf van nieuwe camera’s goed te reflecteren of camera’s wel de enige oplossing zijn voor hun vraagstuk. Lid IJMKER concludeert dat de ‘quality assurance criteria’ dan niet worden ingezet bij vervanging van camera’s en zij verzoekt de wethouder om zijn collega’s te verzoeken dit wel te gaan doen.

28

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

Wethouder SCHOLTES lijkt dat niet zinvol, aangezien er al sprake was van een camera, die is getest op de criteria. Toch spreekt de suggestie hem aan en hij zal dit inbrengen bij de collega-wethouders. Lid IJMKER meent dat dit goed thuishoort in het project Digitale Schoonmaak, waarvoor een motie werd aangenomen. Wethouder SCHOLTES legt hiervoor ook de verantwoordelijkheid bij de raad om hier in de betreffende commissies aandacht voor te vragen. Als wethouder Digitalisering zal de wethouder hier aandacht voor vragen in het college, maar zijn invloed is beperkt. De VOORZITTER stelt vast dat het agendapunt voldoende is besproken. Deelnemingen (excl. AEB en Schiphol) 9. Bespreken van de herijking deelnemingen 2024 en de afdoening van moties en toezeggingen naar aanleiding van de AEB-raads enquête (VN2024-007522) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat dit punt is geagendeerd door de leden Burgers (VVD) en Bobeldijk (SP). Lid BURGERS heeft naar aanleiding van de beantwoording van de technische vragen door de wethouder nog enkele aanvullende vragen en opmerkingen. Enkele van die vragen betreft het N.V. Verzekeringsbedrijf Groot Amsterdam, waarvan de gemeente eigenaar is en waarvan de VVD zich afvraagt hoe de Amsterdamse burgers en ondernemingen profiteren van deze verzekeraar. De VVD vraagt tevens of er inderdaad geen concurrentie bestaat voor deze verzekeraar.

Het is opmerkelijk dat geen enkele andere gemeente een eigen verzekeraar heeft en voor Amsterdam gelden in dit opzicht geen bijzondere omstandigheden. Lid Burgers vraagt de wethouder om toelichting en of hierbij de gedragsregels van de overheid worden nageleefd. De gemeente loopt bovendien een risico met deze ene verzekeraar. De VVD vindt dat alleen indien het publieke belang op geen enkele andere manier geborgd kan worden de gemeente en deelneming zou moeten houden. Bij de beurs van Berlage zou sprake zijn van en veelheid aan publieke belangen en de gemeente wil hier grip op houden. Lid Burgers vraagt waarom de gemeente er niet voor kiest om afspraken vast te leggen bij verkoop door voorwaarden te stellen bij vergunningen of door handhaving. De gemeente heeft immers vele instrumenten om publieke belangen rond een bepaald gebied te behartigen, zonder dat er financiële risico’s zijn. Hij vraagt de wethouder of de gemeente vertrouwen zou hebben in een marktpartij. Met betrekking tot Carré loopt de gemeente als eigenaar van het pand en als aandeelhouder van de exploitatiemaatschappij een groot risico. Ook hier geldt dat de VVD niet kan instemmen met de handelwijze van het college en zij adviseert het college ook hier andere instrumenten in te zetten om haar doel te bereiken, zoals vergunningverlening of afspraken bij verkoop van de aandelen.

Als voorbeeld van een risicovolle deelneming noemt lid Burgers de Floriade B.V. van Almere. Lid Burgers verwijst naar de ANB-enquête en de aanbeveling om bij de 11 verbonden partijen bij de raad inzichtelijk te maken wat de afspraken met de financiële consequenties zijn voor de gemeente en wat het geheel is aan financiële stromen tussen de gemeente en de verbonden partijen. Als reactie op deze vraag bij de technische vragen kreeg de raad een Excel bestand uit 2021 toegestuurd. De VVD vraagt de wethouder om jaarlijks de financiële stromen tussen de gemeente en verbonden partijen te actualiseren en te delen met de raad. Lid BOBELDIJK geeft aan dat het voor de SP belangrijk is om deelnemingen te behouden, zodat de gemeente grip kan behouden op diverse zaken. In eigen uitvoering is er

29

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

dan nog veel meer grip dan wanneer er alleen sprake is van aandelen. Toch zijn er een paar situaties te noemen, bijvoorbeeld Schiphol, waarbij het goed is om de aandelen te hebben. In onderliggend stuk waar het gaat om de herijking van de deelnemingen lijkt alles een publiek belang te hebben. De kritische vragen die de SP hierbij heeft is niet alleen wat kun je verkopen, maar ook waar moet je meer invloed op hebben. Marktwerking is voor de SP lang niet altijd iets positiefs voor het publieke belang en deze fractie kiest dan eerder voor meer grip voor de gemeente. Ook geeft lid Bobeldijk aan dat voor hem de relatie tussen het stuk en het beleidskader Verbonden Partijen niet duidelijk is, waarbij de keuzes die gemaakt worden nader worden geduid. Het onderliggende stuk lijkt aan te tonen dat er niets verandert, terwijl het voor de SP een aanleiding is voor het maken van bewustere keuzes met betrekking tot de deelnemingen en aandelen. Lid VAN PIJPEN vraagt wat voor soort deelnemingen lid Bobeldijk aan zou willen kopen om toe te voegen aan het bestaande pakket. Lid BOBELDIJK geeft aan dat dit zou gaan om deelnemingen uit de vitale infrastructuur of woningen. Hij noemt als voorbeeld de invloed die de gemeente heeft gehad op een deel van de stad omdat de N.V. Zeedijk een deelneming is.

Lid Bobeldijk is van mening dat er te weinig wordt ingegaan op de vraag om iets wel of niet aan te kopen. Lid LOCHTENBERG stelt voor om de deelnemingen met overeenkomstige doeleinden in te delen in clusters onder dezelfde noemer, zoals bedrijvigheid, leefbaarheid, culturele instellingen en goedkope ‘sourcing’. Lid Lochtenberg stelt dat bundeling van deelnemingen in clusters kan leiden tot verdere professionalisering, het opheffen van dure functies, het verlagen van overheadkosten en een strakkere aansturing. Hij verzoekt de wethouder te onderzoeken of het mogelijk is om bepaalde deelnemingen te bundelen. Tenslotte vraagt lid Lochtenberg zich af waarom de VGA niet een verzekeringsmaatschappij wordt voor alle gemeenten, naar voorbeeld van de BNG. Lid BOBELDIJK stelt dat het niet mogelijk is om bedrijven die qua activiteiten van elkaar verschillen, te bundelen. Er zou dan een fusie moeten plaatsvinden. Lid LOCHTENBERG verwijst naar de clusterindeling die hij eerder heeft genoemd. Lid BOBELDIJK geeft nogmaals aan dat hij het niet voor zich ziet hoe losse bedrijven gebundeld kunnen worden als zij inhoudelijk verschillen. Lid LOCHTENBERG licht zijn voorstel toe met een voorbeeld. Aansluitend op zijn eerdere voorstel over de indeling in clusters voegt lid Lochtenberg hieraan toe, dat het ook voordelig zou zijn als er één samenwerkingsstructuur per cluster wordt gehanteerd.

Dat voorkomt dat de gemeente zich tot in detail gaat bemoeien met de bedrijfsvoering en dat er meerdere wethouders als verschillende directeuren het schip besturen. Lid Lochtenberg verzoekt de wethouder hierop te reflecteren. Lid SCHMIT spreekt zijn waardering voor het college uit dat zij zich inzet voor maatschappelijk verantwoord ondernemen. Hij attendeert de commissie er vervolgens op dat de deelnemingen jaarlijks 50-80 miljoen dividend opleveren, hetgeen de gemeente is staat stelt om mooie dingen te verwezenlijken. Lid Schmit heeft enkele vragen voor de wethouder: − Heeft de wethouder nog wel eens onderzocht of er mogelijkheden zijn voor meer externe aandeelhouders bij de N.V. Zeedijk ten behoeve van de uitbreiding van het kapitaal?

30

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

−

FKD

Met betrekking tot Aliander vraagt lid Schmit wat de strategie van de gemeente is als er straks behoefte is aan meer kapitaal.

Lid NAMANE stelt namens haar fractie een aantal vragen: − Wat wordt er bedoeld met de opmerking dat Schiphol bijdraagt aan het vestigingsklimaat in Amsterdam? − Wanneer zal de evaluatie inzake de nieuwe governance bij het GVB plaatsvinden? − Er wordt melding gemaakt van het opstellen van een visie over hoe de gemeente haar twee verbonden partijen GVB en VRA wil inzetten om haar beleidsdoelen te realiseren. Lid Namane vraagt wanneer deze visie wordt gecommuniceerd naar de raad; − In hoeverre is de wethouder ervan overtuigd dat de rol van de gemeente als aandeelhouder bij de deelnemingen voldoende is om een maximale invloed te krijgen. Lid MANGAL deelt mee dat DENK zich zorgen maakt over de governance bij het GVB. Lid Mangal citeert uit het onderliggende stuk en hij vraagt zich af hoe dit speelt met de VRA, de gemeente zelf, die de onderlinge verdeling heeft en hoe zich dat verhoudt met het GVB. Het was voor hem niet duidelijk in de vorige actualiteit wie waarvoor verantwoordelijk is. In dat kader vraagt lid Mangal of de wethouder bereid is de notulen van de aandeelhoudersvergadering bij het GVB te delen met de commissie. Wethouder SCHOLTES legt uit dat er in principe in iedere collegeperiode een herijking van de deelnemingen plaatsvindt. Hij somt op wat er bij eerdere herijkingen als thema gold.

In onderhavig geval wordt er gekeken naar hoe de deelnemingen beter ingezet kunnen worden voor de maatschappelijke uitdagingen. Maar ook hoe de samenwerking tussen de wethouders en de betrokken diensten verbeterd kan worden en de verbeteringen die nodig zijn in de governance, de afspraken en de structuren. De wethouder beschrijft hoe hij op een bewuste manier heeft gekeken naar de deelnemingen en hoe deze het publieke belang behartigen, ondanks dat hier misschien ook andere mogelijkheden voor zouden kunnen zijn. Lid LOCHTENBERG vraagt de wethouder hoe hij aankijkt tegen het kapitaal dat is besloten in de deelnemingen, maar dat ook zou kunnen worden vrijgemaakt voor andere belangrijke projecten in de stad. Wethouder SCHOLTES betwijfelt of zo’n eenmalige injectie een groter voordeel biedt dan het langere termijn belang dat er met zo’n deelneming wordt gediend. Als voorbeeld noemt de wethouder hoe het plaatje eruit zou zien voor de Amsterdamse binnenstad als de gemeente haar aandelen in N.V. Zeedijk zou verkopen. Dan plaatst de wethouder toch het maatschappelijk rendement bovenaan. Vervolgens stelt de wethouder dat de gemeente de meeste grip behoud als zij aandeelhouder blijft van de Beurs van Berlage. De Beurs van Berlage is gesitueerd in een stadsgebied waar de gemeente onlangs heeft geïnvesteerd in negen panden en waar langzaam een positieve verandering plaatsvindt.

Het gebouw bekleedt daar een belangrijke strategische plek en het is uitermate belangrijk dat de gemeente kan bepalen wat er met dit monument mag en kan gebeuren. Het college stelt in het onderliggende stuk dat zij het belangrijk vindt om goed aan haar deelnemingen te laten weten wat de gemeente van ze verwacht. De wethouder stuurt jaarlijks en brief aan de deelnemingen, waarin hij dit aangeeft en er zijn gesprekken hierover met de wethouders en de deelnemingen. Dit kan echter helderder en structureler en hiervoor wordt nu de ‘engagement strategy’ ingezet, waarin wordt geformuleerd wat het college wil bereiken, wat zij zelf al doet en wat het college vraagt van de deelnemingen. En

31

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

hoe het staat met de standaarden. Dit zal bijdragen aan de voorspelbaarheid en dus effectiever zijn in het aansturen van de deelnemingen. Lid BOBELDIJK geeft als alternatief voor de Engelse benaming ‘verbondenpartijenstrategie’. Wethouder SCHOLTES zal deze optie in zijn achterhoofd houden en hij bedankt lid Bobeldijk voor het meedenken. Bij herijking, zo stelt de wethouder, wordt allereerst bekeken of het publieke belang van de deelneming op de beste manier wordt behartigd en of er aanpassingen nodig zijn. In de visie binnen de ‘engagement strategy’ wordt duidelijk geformuleerd wat er wordt verwacht van de deelnemingen in het kader van beter operationaliseren en standaardiseren. De visie op deelnemingen staat in het beleidskader Verbonden Partijen en daarin wordt vermeld dat het publiek belang centraal staat. De wethouder is bereid in discussie te gaan met de commissie als deze meent dat er andere publieke belangen zijn, waarbij een deelneming effectief is. Er wordt ook niet uitgesloten dat er nieuwe deelnemingen zullen ontstaan. Lid BOBELDIJK geeft aan dat het juist een dergelijke gewetensvraag is die hij mist, aangezien dat voor hem de verbinding is met het beleidskader. De WETHOUDER zegt toe hier nog eens naar te kijken.

Hij wijst de commissie erop dat deelnemingen geen doel op zich kunnen zijn, maar dat er altijd gekeken moet worden naar welk publiek belang er behartigd moet worden en of de deelneming daar het juiste instrument voor is. Hoewel de wethouder de inbreng van lid Lochtenberg waardeert, laat hij hem weten dat zijn voorstel niet uitvoerbaar is. Er is wel sprake van deelnemingen in clusters, waar belangrijke publieke belangen worden behartigd en waar soms ook sprake is van marktfalen. Het gaat hier dan op partijen met hun focus op een eigen gebied. Het is in de praktijk heel ingewikkeld om deelnemingen in clusters bij elkaar te brengen en de wethouder vindt het bovendien niet nodig. Voor Aliander is de komende tijd veel geld nodig in verband met de energietransitie en de uitbreiding van het elektriciteitsnet. De aandeelhouders hebben de afgelopen periode veel gedaan om ervoor te zorgen dat Aliander voldoende geld heeft om hierin te investeren. De wethouder noemt de bedragen, waarvan de gemeente 55 miljoen heeft bijgedragen in 2021. Ook heeft de verkoop van het bedrijfsonderdeel Kenter in 2023 heeft het bedrijf 940 miljoen euro opgeleverd. De komende jaren is er voldoende geld, maar er is met de Staat afgesproken dat zij op langere termijn kan toetreden als aandeelhouder om ook te voorzien in die behoefte aan meer middelen.

Er lopen gesprekken met Aliander om het dividenduitkeringspercentage te verlagen in dit kader. Inmiddels is de gemeente grootaandeelhouder van de N.V. Zeedijk en het is wenselijk dat hier meer aandeelhouders komen. Dit zal vanaf najaar 2024 verder worden onderzocht. De wethouder zegt toe de commissie hiervan op de hoogte te houden. De vragen over Schiphol zullen worden beantwoord door wethouder Van Buren. Ten aanzien van het GVB is bij de wijziging van de governance afgesproken dat de evaluatie na drie jaar zal worden uitgevoerd, dus dat is begin 2025. De visie over hoe de gemeente haar twee verbonden partijen GVB en VRA wil inzetten om haar beleidsdoelen te realiseren is een advies aan de beleidsdirectie Verkeer en Openbare Ruimte en die gaat hiermee aan de slag. De mate van invloed die de gemeente heeft als aandeelhouder bij een deelneming is van een aantal factoren afhankelijk; tijdens de gesprekken en de aandeelhoudersvergaderingen, maar ook als partner. De visie die er wordt uitgesproken naar de deelneming moet consequent zijn en soms leidt dit alles tot de mogelijkheid om in meer of mindere mate bij te kunnen sturen. Verdere versterking hiervan kan worden bereikt met de ‘engagement strategy’ die wordt opgesteld.

32

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

Lid LOCHTENBERG stelt voor om Stadsgoed B.V. medeaandeelhouder te maken van N.V. Zeedijk. Wethouder SCHOLTES deelt mee dat er in dit najaar wordt onderzocht welke aandeelhouders er eventueel kunnen toetreden en hierbij wordt vooralsnog niemand uitgesloten. In antwoord op de vraag van lid Burgers inzake het verzekeringsbedrijf stelt de wethouder dat het hebben van dit verzekeringsbedrijf grote voordelen heeft; een goede verzekering door een partij die Amsterdam goed kent, goedkoper en er wordt dividend verkregen uit deze deelneming. Het college ziet momenteel geen noodzaak om dit te wijzigen. Indien er andere gemeenten zijn die willen toetreden als deelnemer, dan zal de wethouder hiermee het gesprek aangaan. Lid BURGERS snapt het standpunt van de wethouder, maar blijft verbaasd over de opmerking dat de VGA geen concurrentie kent, terwijl uit zijn gesprekken met andere maatschappijen blijkt dat er wel sprake is van concurrentie. Dividenduitkering kan in zijn ogen niet het doel zijn om een deelneming aan te houden. Hij vraagt de wethouder of er ook offertes van andere verzekeringsbedrijven worden opgevraagd en hoe andere deelnemingen van de gemeente hun verzekeringen aanvragen. Wethouder SCHOLTES kan dit op dit moment niet beantwoorden, maar hij zegt toe dit na te gaan.

De wethouder zal op verzoek van lid Burgers de jaarlijkse update van de financiële stromen aan de commissie doen toekomen. Lid BURGERS is van mening dat niet goed wordt belicht dat de gemeente financieel risico loopt met een enorme hoeveelheid deelnemingen en een enorme hoeveelheid bedrijven. Hij vraagt de wethouder hierop te reflecteren. Wethouder SCHOLTES geeft aan dat er in de P&C-cyclus regelmatig een risicoanalyse plaatsvindt en de uitkomsten hiervan worden aan de raad kenbaar gemaakt. In antwoord op de vragen van DENK deelt de wethouder mee dat de evaluatie inzake de governance bij het GVB nog plaats moet vinden. Met betrekking tot de notulen van de aandeelhoudersvergadering stelt de wethouder dat hij op meerdere manieren aan de raad verantwoording aflegt over wat daar wordt besproken. Het is niet aan hem om de notulen van het GVB aan derden ter inzage te geven. Wethouder VAN BUREN reageert op de vraag van lid Namane over Schiphol. Zij geeft aan dat de herijking van de deelnemingen is vastgesteld in het college, voordat de ‘position paper’ in het college werd vastgesteld. Dit ‘paper’ sluit helemaal aan met wat het college met haar deelnemingen beoogt; het versnellen van de verduurzaming, betere arbeidsomstandigheden, de leefomgeving.

Met betrekking tot het vestigingsklimaat stelt het college dat leefbaarheid en gezondheid staan boven economie, al is er gekozen voor een afschaling van het aantal vluchten, waarmee de economische situatie behouden blijft. De VOORZITTER stelt vast dat het agendapunt voldoende is besproken en dat dit punt op verzoek van lid Burgers wordt geagendeerd voor de eerstvolgende raad van 2024, alwaar het punt kort zal worden besproken. Lucht- en Zeehaven (incl. Schiphol) 10. Bespreken van de raadsinformatiebrief over een gefaseerde halvering van de riviercruise-aanlopen en kennisnemen van het onderzoeksrapport ‘Impactanalyse Scenario’s Riviercruisevaart Amsterdam (VN2024-007518)

33

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat dit punt is geagendeerd door de leden Nijssen (VVD) en Bobeldijk (SP). Lid Bobeldijk heeft aangegeven geen bijdrage meer te hebben. Lid BURGERS geeft namens zijn fractie aan dat het belangrijk is nu het steeds drukker wordt in Amsterdam om oog te blijven houden voor de kwaliteitstoeristen. In het kader hiervan lijkt het de VVD niet verstandig om de riviercruises te halveren. Lid Burgers somt op welke betekenis de riviercruises hebben voor Amsterdam. De toeristen die meekomen met de riviercruises zijn voor Amsterdam met hun bezoekgedrag het minst overlastgevend en dragen in positieve zin bij aan de economie. De VVD is van mening dat door te sturen op aantallen het college de fout maakt aan een van de weinige knoppen te draaien waar ze aan kunnen draaien, namelijk de riviercruise. Hierdoor worden juist de kwalitatief hoogwaardige toeristen weggejaagd. Lid VAN PIJPEN meent dat er in Amsterdam het beleid geldt om te sturen op het aantal toeristen en de VVD heeft hiermee ingestemd. Uit het betoog van lid Burgers meent zij nu op te kunnen maken dat de VVD haar mening heeft bijgesteld en akkoord gaat met het hoge aantal toeristen. Lid BURGERS stelt dat het zou gaan om overlast gevende toeristen en hij gaat ervan uit dat de gehele raad hier minder van wil.

Lid VAN PIJPEN geeft aan dat de raad heeft ingestemd met vermindering van het aantal toeristen, zonder specificatie. Zij vraagt of haar conclusie juist is dat de VVD terugkomt van dat beleid en ermee akkoord gaat dat er meer dan 22 miljoen toeristen in Amsterdam zijn. Lid BURGERS ontkent dat. Hij geeft aan dat de prognoses wijzen op hoge aantallen toeristen. Lid VAN PIJPEN vindt dat ook en roept op om hier wat tegen te doen en dat hoort zij niet terug in het betoog van lid Burgers. Lid BURGERS geeft nogmaals aan dat de VVD vindt dat het halveren van de riviercruises hiertegen geen goede maatregel is. Lid BOBELDIJK vraagt waar de informatie over de kwaliteit van de riviercruisetoeristen vandaan komt. Uit zijn eigen informatiebron heeft lid Bobeldijk vernomen dat het niet alleen maar kwaliteitstoeristen zijn. Lid BURGERS geeft aan dat er is gekeken naar de mensen die deelnemen aan de riviercruises en dat zijn kwaliteitstoeristen. Lid BOBELDIJK vraagt het lid Burgers waar hij zijn informatie vandaan heeft. Lid BURGERS geeft aan dat hij dit zelf heeft kunnen waarnemen aangezien hij vrij vaak naast een riviercruiseboot staat. Hij vervolgt zijn betoog en stelt dat halvering van de rivierbootcruises verlies oplevert op het gebied van zowel banen als inkomsten en het betreft slecht 1 procent reductie van bezoekers.

Lid Burgers stelt een aantal vragen aan de wethouder: − Hoe wordt de overlast van toeristen tegengegaan? − In de brief van de wethouder wordt melding gemaakt van gesprekken met het Havenbedrijf, maar zijn er ook gesprekken geweest met de cruisesector?

34

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

− −

FKD

Kan het college in gesprek gaan met de cruisesector om in gezamenlijkheid te zoeken naar oplossingen? De sector kan sturen op het gedrag van de cruiseboottoeristen. Hoe gaat het college deze maatregel monitoren en evalueren?

Lid NAMANE benadrukt dat het beleid waar de raad mee instemde gericht is op het terugdringen van het aantal toeristen en ook de toeristen van de cruiseschepen hebben hier invloed op. Het halveren van het cruiseschiptoerisme is een maatregel die de gemeente kan helpen bij het uitvoeren van het beleid. Zij vraagt de wethouder te reageren op de uitnodiging van de cruiseschiprederijen om deel te nemen aan een werkgroep om andere oplossingen te zoeken voor dit probleem. Lid SCHMIT stelt dat het halveren van het aantal riviercruiseschepen een goed besluit is om de duurzaamheid in de stad te verbeteren en om bij te dragen aan het verminderen van de toeristische drukte. Hij schetst het perspectief waarin deze maatregel geplaatst kan worden; in de laatste tien jaar is het aantal cruiseschepen verdubbeld, dus in principe betekent de maatregel het teruggaan naar het eerdere niveau. Bovendien geeft het college de sector de tijd om zich aan te passen aan de maatregel. In aansluiting hierop vraagt lid Schmit het college of er al ideeën zijn voor een invulling van de IJ-oever die straks vrijkomt. Zelf denkt hij aan een mooie boulevard waar Amsterdammers over kunnen flaneren. Lid BADAL stelt namens zijn fractie dat er andere manieren zijn om overtoerisme tegen te gaan dan het benadelen van ondernemers en museumbezoekers.

Het CDA waarschuwt het college dat het effect van de maatregel op het overtoerisme beperkt zal blijven. Lid VAN PIJPEN vraagt welke manieren het CDA voor ogen heeft om overtoerisme tegen te gaan. Lid BADAL geeft aan dat er in de gesprekken met de sector andere oplossingen aan de orde zullen komen. Uit bijdragen van enkele insprekers is gebleken dat de sector graag met de gemeente in gesprek wil gaan. Lid VAN PIJPEN betoogt dat de bijdragen van de insprekers niet gingen over minder toeristen, maar over het weg begeleiden van toeristen van drukke plekken. Zij benadrukt nogmaals dat de raad heeft ingestemd met het beleid dat zich richt op het terugdringen van het aantal toeristen. Zij vraagt nogmaals wat de oplossing is die het CDA voor ogen heeft. Lid BADAL noemt de oplossing die hij voor ogen heeft. Lid BOBELDIJK verwijst naar de opmerking van lid Badal dat er duurzaam zou worden gevaren vanwege het gebruik van walstroom, maar hier wordt niet door alle schepen gebruik van gemaakt. Hij vraagt lid Badal hierop te reflecteren. Lid BADAL benadrukt nogmaals dat wanneer de gemeente in gesprek gaat met de sector er oplossingen komen. Lid Badal stelt vervolgens dat de cruiseschiptoeristen niet zorgen voor overlast. Het gaat om groepen toeristen die goed te managen zijn. De rederijen kunnen hun programmering afstemmen op drukverspreiding.

Bovendien zullen deze toeristen toch Amsterdam blijven bezoeken. De analyse gaat uit van nul procent uitwijken naar havens in de regio. Het CDA vindt dit een ernstige tekortkoming van het rapport. Lid Badal vraagt de wethouder wat er gebeurt als er wel uitwijk mogelijk is in havens in de omgeving en de toeristen vanuit daar naar Amsterdam komen. Ook wil hij weten wat

35

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

de wethouder gaat doen om te voorkomen dat een aantal toeristen doorreist naar andere riviercruisebestemmingen en Amsterdam hierdoor inkomsten derft. Het CDA biedt een alternatieve oplossing aan om het aantal overnachtingen te beperken. Hierbij wordt uitgegaan van maximale inzet op het verminderen van overlast gevende toeristen. Als dit niet lukt kunnen de maatregelen evenredig worden verdeeld over de sector. Lid Badal stelt hierbij voor het aantal cruisesschepen niet verder te laten toenemen in combinatie met minder meerdaagse festivals in de stad, alsmede het invoeren van het ingezetenencriterium en het inperken van het maximaal aantal nachten vakantieverhuur van 30 naar bijvoorbeeld 10 nachten. Zo wordt de krimp over verschillende sectoren verdeeld. Lid VAN PIJPEN verklaart namens haar fractie dat zij instemt met het besluit. Uit het gedegen onderzoek is gebleken wat de effecten zijn. Lid Van Pijpen refereert aan de opmerkingen van enkele insprekers dat het een voordeel is dat de cruiseschiptoeristen stuurbaar zouden zijn. Voor GroenLinks gaat het er niet om waar de toeristen naartoe gaan, maar gaat het er hoofdzakelijk om dat er minder toeristen komen en dat is het doel van dit besluit. Lid VAN BERKEL meent dat het kind met het badwater wordt weggegooid door dit besluit van het college om de komst van de riviercruises te halveren.

Lid Van Berkel beschrijft vervolgens het effect op de bezetting van de hotelkamers en vraagt het college wat zij van plan is te doen met de hotelkamers die vrijkomen door deze maatregel. Ook vraagt hij of het college rekening houdt met de investeringen van de hotelketens. Hij verwijst vervolgens naar de visie Bezoekerseconomie 2035 van de gemeente, waarin staat vermeld dat de gemeente ‘zich nadrukkelijk richt op de bezoeker die komt voor het unieke, historische en culturele karakter, de bezoeker die respect heeft voor de stad en haar bewoners’. Toch wordt er door dit beleid dit type toerist geweerd. Hij vraagt de wethouder toe te lichten waarom er geen onderscheid wordt gemaakt in het type toerist, terwijl dit onderscheid wel wordt beschreven in de visie Bezoekerseconomie. Andere vragen die lid Van Berkel stelt aan de wethouder zijn: − Is er inderdaad sprake is van minder busbewegingen als de toeristen vanaf een verder gelegen locatie alsnog naar de stad komen? − Hoeveel loopt de gemeente door dit besluit mis aan inkomsten en hoe wordt dit gedekt? − Wat zijn de gevolgen voor de werkgelegenheid? Tenslotte geeft lid Van Berkel ter overweging mee, dat de toeristenstroom vanuit de riviercruises adequaat gemanaged en gestuurd kan worden, hetgeen een waardevol aspect is dat positief kan bijdragen aan de regulering van bezoekersstromen.

Het lijkt hem daarom een betere optie om in samenspraak met de rederijen te zoeken naar oplossingen om deze vorm van toerisme te sturen en in te passen, zodat dit type gewenste toerist behouden kan blijven voor de stad. Ook kan dan worden voorkomen dat een economisch gezonde sector met de botte bijl wordt gehalveerd. Wethouder VAN BUREN vat samen dat veel vragen gaan over welke bezoekers wel en welke niet welkom zijn in Amsterdam. Zij bevestigt dat het beleid zich richt op aantallen toeristen en hierbij wordt geen onderscheid gemaakt in het type toerist, maar het gaat vooral om respectvol bezoek aan Amsterdam. De wethouder geeft aan dat er veel gesprekken hebben plaatsgevonden met de riviercruisemaatschappijen en met de regio. Dit heeft er niet toe geleid dat de maatregel wordt teruggedraaid, maar met betrekking tot de resterende aanloop van riviercruiseschepen heeft de wethouder afgesproken om met de maatschappijen te bespreken hoe dit duurzamer kan, hoe er minder overlast kan plaatsvinden met de bevoorrading, hoe zij meer gebruik kunnen maken van de lokale economie en hoe zij kunnen zorgdragen voor de spreiding van de toeristen. Ook is er gebleken dat er in de omgeving, en vooral Lelystad, uitwijkmogelijkheden zijn die kunnen leiden tot betere

36

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 11 en 16 juli 2024

FKD

verspreiding van toeristen. De wethouder zal positief reageren als er een uitnodiging komt om deel te nemen aan een werkgroep samen met de riviercruiserederij. In de Aanpak Bezoekerseconomie worden maatregelen omschreven die moeten leiden tot het weren van de overlast gevende toeristen. Dit valt onder de portefeuille van wethouder Mbarki. Het halveren van de aanloop riviercruiseschepen is slechts een van de maatregelen. En hoewel dit niet als enige maatregel de allesomvattende oplossing biedt voor het probleem van overtoerisme draagt het wel bij. Een ander gespreksonderwerp met de riviercruisemaatschappijen is het aspect van verduurzaming, waar nu al enige sprake van is, doordat de schepen gebruik maken van walstroom. Vervolgens geeft de wethouder aan dat de kaderuimte die vrijkomt bij de uitfasering deel uitmaakt van het strategisch plan van de Port of Amsterdam. Het krijgt een plaats naast de andere ruimtelijke opgaven die er in dit gebied bestaan en wordt betrokken bij de vermindering van de druk op de openbare ruimte. In antwoord op de vraag van lid Badal inzake de toename van het aantal busbewegingen indien de cruiseschepen elders aanmeren, geeft de wethouder aan dat uit onderzoek is gebleken dat deze toename niet plaats zal vinden. De toeristen zullen voornamelijk in de omgeving blijven waar het schip is aangemeerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14462398/1