2022-04-19 Verduurzamingsrapportage 2022
Tekst van het document
Verduurzamingsrapportage 2022
Klaar voor de volgende fase Verduurzamingsrapportage 2022 Naar een duurzame organisatie 2020-2030
1
Verduurzamingsrapportage 2022
Inhoud Samenvatting Vijf klimaatdoelen van de gemeentelijke organisatie
3
3 Domein Gebouwen
25
3.1 Wat hebben we bereikt?
26
4
3.2 Wat hebben we geleerd?
27
Wat hebben we bereikt?
5
3.3 Hoe gaan we verder?
28
Wat hebben we geleerd?
7
Hoe gaan we verder?
8
1 Domein Medewerkers
10
Interview
4 Domein Openbare ruimte
30
31
4.1 Wat hebben we bereikt?
32
1.1 Wat hebben we bereikt?
11
4.2 Wat hebben we geleerd?
32
1.2 Wat hebben we geleerd?
12
4.3 Hoe gaan we verder?
33
1.3 Hoe gaan we verder?
12
Interview
2 Domein Bedrijfsvoering
15 16
2.2 Wat hebben we geleerd?
19
2.3 Hoe gaan we verder? Interview
35
14
2.1 Wat hebben we bereikt? Interview
Interview
20 21 24
Bijlage
36
Rapportage per maatregel
36
Een greep uit de maatregelen
37
2
Verduurzamingsrapportage 2022
Samenvatting
3
Verduurzamingsrapportage 2022
Vijf klimaatdoelen van de gemeentelijke organisatie Overconsumptie, onnodig energieverbruik en vervoer met gebruik van fossiele brandstoffen zijn in veel welvarende landen de standaard en leiden wereldwijd tot een destructieve uitstoot van schadelijke broeikasgassen. Hierdoor warmt de aarde verontrustend snel op. Er is wereldwijd een radicale omslag nodig om deze trend te keren. Inmiddels is het voor bijna iedereen wel helder: het moet anders. Het valt echter niet mee om dat in de praktijk te realiseren. De transitie naar een duurzame organisatie is een langetermijntransitie. Op dit moment zien we dat er ruimte is om experimenten en pilots te ontwikkelen. Het is echter niet alleen een kwestie van technologie en geld maar ook – misschien wel juist – een sociale uitdaging. Hoe komen we tot een samenleving waarin duurzaam handelen het nieuwe normaal is? Ook in Amsterdam en binnen de gemeentelijke organisatie worstelen we met deze vraag. Voor u ligt de jaarrapportage verduurzaming van de gemeentelijke organisatie van Amsterdam over het jaar 2021. In deze rapportage laten we onze eigen bijdragen zien aan een duurzame organisatie en daarmee aan de duurzame stad. U kunt lezen wat onze klimaatvoetafdruk is en hoe we staan ten opzichte van onze visie om in 2030 een klimaatneutrale organisatie te zijn.
Ook geven we een vooruitblik naar 2022. In 2020 werd de Uitvoeringsagenda Naar een Duurzame Organisatie 2020-2030 vastgesteld. Hierin wordt de weg uitgestippeld die moet leiden naar een volledig duurzame organisatie in 2030. Er zijn vijf doelen gesteld die aansluiten bij de doelen die de stad zich gesteld heeft om de gevolgen van de klimaatcrisis het hoofd te bieden. 1. Maximale energiereductie en maximale energieopwekking. 2. Volledig CO2-neutrale bedrijfsvoering. 3. Volledig circulaire bedrijfsvoering en maximaal circulair materiaalgebruik in de openbare ruimte. 4. Klimaatbestendige gebouwen en terreinen. 5. Duurzaam denken en doen van de Amsterdamse ambtenaren.
4
Verduurzamingsrapportage 2022
Deze doelen zijn vertaald in 29 maatregelen, waarover in deze jaarrapportage wordt gerapporteerd. In de bijlage leest u de rapportage per maatregel zoals opgenomen in de ‘Uitvoeringsgenda Naar een Duurzame Organisatie 2020 – 2030’. Dit overzicht is een bundeling van duurzaamheids maatregelen en acties die verschillende directies hebben gerealiseerd in 2021 met een doorkijk naar 2022. Financiering voor deze maatregelen wordt voornamelijk gevonden in de eigen directiebegroting. Of via investerings voorstellen bij de Voorjaarsnota. Om de verduurzaming op gang te brengen, zijn voor de periode 2019 – 2022 extra middelen beschikbaar gesteld, waaronder middelen duurzame gemeentelijke organisatie en vliegwielmiddelen klimaatneutraal. Deze gelden zijn bedoeld voor procesen projectkosten, onderzoeksbudget en eenmalige investeringen voor verduurzaming. Een meer uitgebreide evaluatie van de projecten die zijn uitgevoerd met behulp van de vliegwielmiddelen klimaatneutraal kunt u lezen in de Rapportage Vliegwielmiddelen. De mate waarin de hele stad op weg is om klimaatneutraal te worden, is te lezen in de Klimaatrapportage 2022. Daarnaast zijn er rapportages verschenen over het programma Aardgasvrij, actieplan Luchtkwaliteit, programma Autoluw en Duurzaam herstel.
Wat hebben we bereikt? CO2-voetafdruk: 33 procent minder CO2-uitstoot sinds 2018
(internationaal) reizen veelal onmogelijk. Maar we zien ook dat medewerkers vaker bewust kiezen voor internationale treinreizen in plaats van vliegen.
Net zoals de voorgaande jaren zien we een reductie van de CO2-uitstoot van de gemeentelijke organisatie. In 2021 daalde de resterende uitstoot van de gemeente verder naar 13,4 kton CO2. Dat is 33 procent lager dan in 2018 (het uitgangspunt van onze rapportage) en 13 procent lager dan in 2020. Dit ligt in lijn met de gestelde doelstelling om in 2030 een CO2 neutrale organisatie te zijn.
Daarnaast zien we dat binnen onze eigen wagenpark er steeds meer gebruik wordt gemaakt van elektrische voertuigen. Dat zien we terug in een toename van het elektriciteitsverbruik van de laadpalen. Ook wordt er steeds meer 100% HVO (Hydrotreated Vegetable Oil) getankt, een plantaardig alternatief voor diesel. HVO wordt gebruikt als transitie brandstof naar een volledig uitstootvrij wagenpark.
Deze reductie wordt veroorzaakt door het verminderen of vermijden van CO2-emissies, bijvoorbeeld door gebruik te maken van duurzame alternatieven. Zo zien we dat in 2021 ons stroomverbruik is gedaald ten opzichte van voorgaande jaren. In de openbare ruimte zien we bijvoorbeeld dat door het verLEDden van de buitenverlichting 10% minder stroom is verbruikt dan in 2020. Binnen de gemeentelijke huisvestings panden hebben we een vergelijkbaar energieverbruik als in 2020. Het gasverbruik en de hoeveelheid stadswarmte zijn zelfs licht toegenomen. Hoewel de Covid-19 pandemie ook afgelopen jaar ervoor heeft gezorgd dat we veel thuiswerkten, zijn sommige panden juist intensiever gebruikt (zoals GGD-panden en werven). Een coronaproof kantoorgebouw vraagt om meer ventilatie (en dus energie) en 2021 was relatief een kouder jaar dan voorgaande jaren. Door de pandemie was in 2021
Energie-voetafdruk: 11 procent minder energieverbruik sinds 2018 In 2021 hebben we als gemeentelijke organisatie 594 Terajoule (TJ) aan energie verbruikt. We zien daarmee nog steeds een dalende lijn t.o.v. het startjaar 2018 (11% minder energieverbruik), maar de reductie is minder groot dan in 2020. De daling wordt veroorzaakt door het totale elektriciteits verbruik van de organisatie. Zoals al in de CO2-voetafdruk te zien is: het aardgasverbruik is licht toegenomen ten opzichte van de twee voorgaande jaren en is daarmee bijna op het niveau van 2019. Het verbruik van stadswarmte is ook toegenomen. Dat is te verklaren: dit jaar zijn meerdere nieuwe stadswarmte aansluitingen gerealiseerd als onderdeel van de doelstelling om panden aardgasvrij te maken. De totale energievraag van het eigen wagenpark is licht toegenomen
5
Verduurzamingsrapportage 2022
t.o.v. eerdere jaren. Dit betekent zowel dat er meer brandstoffen getankt zijn als dat er meer elektrisch gereden is.
Circulaire bedrijfsvoering en circulair (ver)bouwen De gemeente wil in 2025 50 procent van alle producten en diensten circulair inkopen en in 2030 50 procent minder nieuwe grond stoffen gebruiken. Om dit kunnen bereiken is in 2021 het Team Duurzaam Opdracht geven en Inkopen (TDO) gestart. Het TDO geeft advies hoe bij aanbestedingen duurzame beleidsdoelen meegenomen kunnen worden als eis of als gunnings criterium. Op die manier zetten we inkoop strategisch in om de duurzaamheids doelstellingen te helpen realiseren en waar mogelijk te versnellen. In 2050 willen we een circulaire stad zijn. Dat geldt ook voor onze organisatie. We staan duidelijk nog aan het begin van de transitie naar een circulaire economie. In 2021 zijn we vooral bezig geweest om beter in beeld te krijgen waar we staan. Zo is gestart met de Taskforce Materialen paspoorten. Een materiaalpaspoort vertelt waar een object zich bevindt, hoe het is gebouwd en uit welke materialen het bestaat. Verder hebben we, door gebruik te maken van een digitale materialen hub, meer inzicht gekregen hoe materialen hergebruikt kunnen worden.
Klimaatadaptieve gebouwen en terreinen We werken aan de bescherming en aanpassing van onze stad tegen de toenemende hitte, droogte, extreme regenbuien en overstromingen. Klimaatadaptatie noemen we dat. Om dat te bereiken hebben we een groot deel van onze gemeentelijke daken vergroend. Ook zetten we in op het vergoenen van onze binnenterreinen en wordt bij elk nieuw gebouw voldaan aan de hemelwater verordening, die verplicht het regenwater op te vangen en te verwerken. Voor het toepassen van duurzaamheids principes in de openbare ruimte en specifiek op onze sportvelden is nog veel in ontwikkeling en er ontstaan waardevolle innovaties. Zo zijn de nieuw aangelegde sportvelden op Zeeburgereiland klimaat adaptief door de ondergrond die water opvangt en hergebruikt. Dit gebeurt door regenwater op te vangen in kratjes onder het veld. Dankzij het krattensysteem wordt het veld gekoeld met maar liefst 40 graden. Het is het grootste en koelste kunstgras sportveld met waterbergende kratten ter wereld. Ook wordt er gewerkt aan een doorontwikkeling van een scale-up methode in een innovatieve aanbesteding (innovatiepartnerschap). Hierbij wordt de markt uitgedaagd om met duurzame innovaties te komen voor sportvelden, ruimte te bieden om te testen en bij succes op te schalen en direct onderdeel te maken van het raamcontract.
Daarnaast wordt hard gewerkt aan het groen rondom onze sportvelden. Al onze sportparken krijgen een duurzaamheidslabel en in samenwerking met onze ecologen versterken we de biodiversiteit. Dit draagt bij aan klimaatadaptatie en zorgt ervoor dat ook sportparken fijne plekken zijn in de stad voor verschillende vormen van recreatie.
6
Verduurzamingsrapportage 2022
Duurzaam denken en doen: een sociale uitdaging Het behalen van de klimaatdoelstellingen doe je niet alleen, dat doe je samen. We hebben de betrokkenheid van collega’s nodig en het bewustzijn dat iedereen impact kan maken. Om dit te stimuleren hebben we een netwerk van duurzaamheids ambassadeurs opgezet. Dit netwerk groeit. Inmiddels zijn er 58 ambassadeurs verspreid door de organisatie. Ook zien we dat steeds meer directies verantwoordelijkheid willen nemen voor het thema duurzaamheid in hun eigen opgave. Steeds vaker is duurzaamheid een thema bij evenementen en bijeenkomsten voor kennisdeling in de organisatie. Een voorbeeld is een sessie die directie V&OR (Verkeer en Openbare Ruimte) organiseerde over gedrag en duurzaamheid met de lector Psychologie voor een Duurzame Stad (HvA) Reint Jan Renes. De transitie naar een duurzame organisatie is een langetermijn transitie. In de huidige fase zien we dat er ruimte wordt gecreëerd om experimenten en pilots te ontwikkelen. Steeds meer intrinsiek gemotiveerde collega’s lukt het om samen te werken aan nieuwe ontwikkelingen. Zowel samen binnen de organisatie als ook met (innovatieve) partners in de stad. We zien steeds vaker de mogelijkheden in plaats van de belemmeringen. We leren veel, onze kennis groeit en daarmee ook het geloof dat we als organisatie koploper kunnen zijn in deze transitie.
We zijn er trots op dat een relatief kleine groep in de organisatie steeds
meer collega’s weet te motiveren en te inspireren. In deze rapportage dan ook speciale aandacht voor een aantal ‘duurzame helden’.
Wat hebben we geleerd? Belang van data We hebben geleerd dat data ons goed kunnen helpen met onze verduurzamings opgave. Maar op dit moment hebben we nog beperkte beschikbaarheid van klimaaten energiegerelateerde gegevens. We hebben meer specifieke en nauw keuriger cijfers nodig om te kunnen bepalen waar we staan en waar we de meeste impact kunnen maken. Een aantal stappen is al gezet, zoals de materiaalstromenanalyse en de aanschaf van een duurzaamheids monitoringstool gemeentelijk vastgoed. De tool is een digitale verzamelplek, waarin we bijhouden wat het energieverbruik van onze panden is, welke energiebesparende maatregelen er per pand zijn genomen en welke maatregelen er nog genomen kunnen worden. Dit zijn voorbeelden van hoe data ons kunnen helpen met onze verduurzamingsopgave.
Bottum-up beweging Op dit moment proberen we vooral duurzaam te werken in een niet-duurzaam systeem. We zitten nog vast aan de manier waarop we de huidige organisatiestructuur georganiseerd hebben. We zijn ingericht in bepaalde afdelingen, waardoor vaak
gedacht wordt vanuit de organisatie indeling en de bijbehorende taken, waardoor verduurzaming vaak als iets extra’s wordt ervaren. We zien dat dit voor het thema duurzaamheid niet goed werkt. Duurzaamheid is een thema dat dwars door traditionele structuren heen gaat. We moeten daarom op een andere manier werken. Het is een gezamenlijke opgave waarin samenwerking en inhoudelijke samenhang tussen de directies belangrijk is. We zijn klaar voor de volgende fase, waarin de bottom-up beweging versterkt wordt door sturing vanuit een meer doelgerichte organisatie. Om tot een duurzame organisatie te komen en goede beslissingen te kunnen nemen, moeten duurzaamheids doelstellingen als eisen worden meegenomen in alle beleidsvorming en bij de uitvoering van vrijwel elk project. De mate van duurzaamheid zou een vaste afweging moeten zijn. Uiteindelijk mag een niet-duurzame optie geen optie meer zijn.
Nieuwe normaal Corona heeft ons laten zien dat we in staat zijn om op een andere manier te werken en ons anders te organiseren. Zo wordt het hybride werken onderdeel van ons ‘nieuwe normaal’. Laat dit ons inspireren om het duurzaam handelen ook als onderdeel van het ‘nieuwe normaal’ te zien.
7
Verduurzamingsrapportage 2022
Hoe gaan we verder? Resterende CO2-emissies
De gemeente heeft momenteel een resterende 13,4 kton CO2 uitstoot (binnen de zogenaamde scope 1 en 2 van de uitstoot). Deze uitstoot zal op weg naar een klimaatneutrale organisatie in 2030 gereduceerd worden door concrete maatregelen. Zo kopen wij vanaf 1 januari 2022 bij Eneco groen gas in. Daarmee kunnen we een derde van de resterende CO2-uitstoot verlagen (6 kton bij het huidige gasverbruik). Een volledige overstap naar HVO als vervanging van diesel zal nog 5 kton aan CO2 emissies kunnen vermijden binnen het wagenpark. Andere concrete maatregelen die genomen worden om onze voetafdruk te reduceren zijn de verduurzaming van het vastgoed en het opstellen van nieuwe reisrichtlijnen voor dienstreizen.
Scope 3: afronden materiaalstroom analyse gemeentelijke organisatie Uit de Monitor Amsterdam Circulair blijkt dat 70 tot 90% van de klimaatimpact gehaald wordt uit het materiaalgebruik. Het is dan ook belangrijk onze materiaal stromen van de gemeentelijke organisatie in beeld te hebben. We zijn in 2021 gestart met een materiaalstroomanalyse van onze eigen organisatie. Daarmee brengen we in kaart welke materiaalstromen de gemeente ‘in’ en ‘uit’ gaan. Het gaat dus zowel om alle producten, materialen en diensten die de gemeente inkoopt, als om de
afvalstromen die de gemeente produceert. Aan de hand van deze stromen kunnen we de indirecte milieu-impact (zoals scope 3 CO2-emissies) in kaart brengen. Daarmee kunnen we gerichter sturen om milieu-impact te verminderen. Enkele grote posten in scope 3 zijn het doelgroepenvervoer en woon-werkverkeer. In het doelgroepenvervoer wordt steeds meer gebruikt gemaakt van elektrische of hybride bussen. Met de recent afgesloten aanbestedingen Sociaal vervoer en Leerlingenvoer zal het percentage uitstootvrij de komende jaren toenemen.
Duurzaam woon-werkverkeer Met de terugkeer naar kantoor gaat woonwerkverkeer (weer) een relevante bijdrage leveren aan scope 3. In 2018 was dat een grote post met 8 kton. Voor het afgelopen jaar is het niet inzichtelijk te maken hoeveel woon-werkverkeer er heeft plaatsgevonden. De komende jaren zal duurzaam woonwerkwerkverkeer meer aandacht krijgen, naast hybride werken. Hybride werken wordt onderdeel van ons ‘nieuwe normaal’. We zullen meer thuis werken dan voorheen en dus ook minder reizen naar kantoor.
8
Verduurzamingsrapportage 2022
Intensivering aanpak energieverbruik
Klaar voor de volgende fase
De verduurzamingsopgave dwingt ons om minder energie te gebruiken. Dit betekent dat we onze aanpak moeten intensiveren. De focus ligt daarbij op de uitvoering van het plan van aanpak voor het energiezuinig maken van onze panden. In dit plan is vooral aandacht voor fysieke ingrepen aan de gebouwen, zoals extra isolatie of energie zuinig glas. Daarmee kunnen we de energievoetafdruk verkleinen. Naast de fysieke ingrepen is het ook nodig meer energiezuinige installaties en apparaten in te kopen en simpelweg minder energie te verbruik door ons eigen handelen aan te passen.
Ondanks dat we resultaten boeken met de maatregelen, hebben we ook het besef dat we er nog niet zijn. We maken stappen, maar het is nog niet voldoende. Om een voorbeeld te geven: uit het Circularity Gap Report van Circle Economy (https://lnkd.in/ essC9xuv) blijkt dat we de wereldeconomie de afgelopen jaren onvoldoende circulairder hebben gemaakt. Ook in Amsterdam neemt vooralsnog het volume aan materiaalgebruik toe. Dit blijkt ook uit de Circulaire Monitor: https://onderzoek.amsterdam.nl/interactief/ monitor-circulaire-economie
We blijven inzetten op acties die direct impact hebben op onze eigen energie verbruik, zoals de voortzetting van de AI-pilot: een zelflerend algoritme om het energieverbruik van de panden te verlagen en het comfort te verhogen. Ook kijken we naar meer mogelijkheden voor energieopwekking naast het plaatsen van zonnepanelen op onze gemeentelijke daken. Zo is er een plan van aanpak gemaakt om op 20 gemeentelijke parkeerterreinen solar carports te plaatsen: zonnepanelen op gemeentelijke parkeergarages. Een mooie win-win: deze opgewekte energie kan ook gebruikt worden om de groeiende hoeveelheid elektrische auto’s op te laden.
Zoals gezegd: het moet echt anders. Hetgeen we leren en ontwikkelen past niet in het oude systeem. Het oude systeem houdt de transitie tegen. Om oude praktijken te vervangen door nieuwe praktijken, moeten we oud gedrag afleren, en daar is tijd en doorzettingsvermogen voor nodig. In de volgende fase is een verschuiving nodig van een relatief kleine groep die andere collega’s motiveert en enthousiasmeert om stappen te maken, naar een bredere netwerksamenwerking om een nieuw speelveld op te bouwen: in het belang van ons gezamenlijk doel om het goed te doen voor mens en natuur.
Herijking van de maatregelen in 2022 Het jaar 2022 staat dan ook in het teken van het herijken van de maatregelen van de verduurzamingsopgave van de organisatie met de vraag: doen we wel de juiste dingen en doen we de juiste dingen goed?
We bundelen de lessen en de suggesties uit de verschillende klimaatrapportages. We delen de lessen met de rest van de organisatie voor uitbreiding van de ketensamenwerking en verbinding tussen andere koplopers binnen de organisatie. Met de herijking bouwen we verder aan een meer specifieke, nauwkeurige en centraal gecoördineerde data infrastructuur, waarmee we meer up-to-date kunnen bijhouden wat de milieu-impact is van de verschillende maatregelen, uitgesplitst naar de verschillende directies. Met als resultaat: concretisering van onze gezamenlijke doelen voor een gezamenlijke opgave, een intensivering van onze aanpak en een meer gerichte sturing door de schotten van de organisatie heen. Op weg naar een nieuwe klimaatneutrale normaal waarin duurzaam denken en doen de nieuwe standaard is.
9
Domein Medewerkers De transitie naar een duurzame organisatie is een langetermijntransitie. Het is niet alleen maar een kwestie van technologie en geld, maar ook – misschien wel juist – een sociale uitdaging. Je kunt alle gebouwen voorzien van LEDverlichting. Het wagenpark volledig elektrificeren. De CO2-voetafdruk mee laten wegen in elke aanbesteding. En dat levert direct winst op. Maar die winst neemt enorm toe met een duurzame mindset van onze collega’s. Pas dan wordt duurzaamheid meegenomen in de projectvoorstellen die we doen, in het beleid dat we maken en in alles wat we organiseren.
1
Domein Medewerkers
1.1 Wat hebben we bereikt? Duurzaamheidsambassadeurs Duurzaamheidsambassadeurs inspireren en motiveren hun collega’s om te handelen naar de duurzaamheidseisen van vandaag. Een aantal van hen heeft verduurzaming al in zijn of haar functie, bijvoorbeeld bij de verduurzaming van ons vastgoed. Anderen hebben zich uit intrinsieke motivatie bij het ambassadeursnetwerk aangesloten. Een paar ambassadeurs hebben (naast hun reguliere functie) een officiële opdracht bij hun managementteam opgehaald en daar uren voor gekregen. De duurzaamheids ambassadeurs vormen een belangrijke schakel tussen de doelen van de organisatie en het realiseren ervan. Zij plaatsen duurzaamheid op de agenda van de directies, ze enthousiasmeren collega’s, die, waar mogelijk, voorstellen doen en interventies plegen. Ze vormen een beweging van onderop, een netwerk dat door de kokers van de organisatie heen breekt. In meet-ups en intervisiesessies leren ze van elkaar.
Duurzaamheidsteams Steeds meer ambassadeurs verzamelen een team om zich heen. Bij 12 directies zijn er nu duurzaamheidsteams. De charme van een duurzaamheidsteam is, behalve de grotere slagkracht, dat je er als ambassadeur niet alleen voor staat. Het draagvlak wordt breder en actieplannen worden uitgebreid. De teamleden komen uit verschillende afdelingen en brengen ieder hun eigen expertise in.
Verduurzamingsrapportage 2022
11
Leren en ontwikkelen Binnen afzonderlijke directies was er in 2021 aandacht voor scholing. Een voorbeeld hiervan is een initiatief van het programma Klimaatadaptatie. 60 medewerkers van de gemeente en Waternet hebben deel genomen aan het leertraject klimaat adaptatie, een cursus die ze samen met de Hogeschool van Amsterdam hebben ontwikkeld. Dit leertraject verhoogt het kennisniveau over klimaatadaptatie in de gemeentelijke organisatie. Klimaatadaptatie is voor velen een nieuw onderwerp en dus nog niet zo vanzelfsprekend, terwijl de noodzaak hoog is. Iedereen die meewerkt aan de inrichting van de openbare ruimte kan deze kennis onmiddellijk toepassen. Een bijkomstig effect is dat de cursus werd bijgewoond door medewerkers van verschillende directies en afdelingen. Zo creëren we een netwerk, waarin onderdelen in de keten elkaar beter weten te vinden. In het introductieprogramma voor stagiairs is aandacht voor de duurzaamheidsdoelen van de stad en de organisatie en de rol die zij daar zelf in kunnen spelen door duurzaam te denken en te doen.
Zoek een duurzame collega De duurzame collega-wegwijzer is gepubliceerd: een overzicht van alle teams en afdelingen waar collega’s met duurzaamheid bezig zijn.
Successen delen Om de zichtbaarheid van onze eigen duurzame keuzes te vergroten en om te inspireren hebben we verschillende artikelen gepubliceerd over succesvolle projecten die bijdragen aan de verduurzaming van de eigen organisatie. Via evenementen als een Green College en video’s delen collega’s tips hoe je duurzaam denken en doen in je eigen werk kunt organiseren.
De duurzaamheidsambassadeurs vormen een
belangrijke schakel tussen de doelen van de organisatie en het realiseren ervan.
Domein Medewerkers
Verduurzamingsrapportage 2022
1.2 Wat hebben we geleerd? Duurzame directies De verduurzaming van de organisatie is geen opgave van alleen het team Green Office of het team Duurzaamheid. Elke directie heeft haar eigen verantwoordelijkheid binnen haar eigen opgave. Aan elk proces, aan elk programma zit een verduurzamingsaspect. Dat kan echter botsen met de oorspronkelijke opgave van een directie en de rand voorwaarden als budget, tijd en bemensing. Hoewel steeds meer directies een duurzaamheidsambassadeur of duurzaamheidsteam hebben, is duurzaamheid vaak geen integraal onderdeel van onze werkprocessen. Dit vormt een hindernis bij het maken van duurzame oplossingen.
Nieuwe manier van werken in oud jasje Duurzaamheid is een thema dat dwars door traditionele structuren heen gaat. We moeten op een andere manier werken, maar zitten nog vast aan de manier waarop we de huidige organisatie georganiseerd hebben. We zijn ingericht in bepaalde afdelingen, gebruiken bepaalde selectie criteria voor projecten en we denken nog te vaak vanuit de bestaande organisatieindeling en de bijbehorende taken. We hebben geleerd dat dit voor het thema duurzaamheid niet goed werkt, omdat deze opgave dwars door de organisatie heen gaat. Het is een gezamenlijke opgave waarin
samenwerking en inhoudelijke samenhang tussen de directies belangrijk is. Dit vraagt om een flexibeler organisatie rondom deze opgave en de mogelijkheid om je werkwijze aan te passen als dat nodig is.
1.3 Hoe gaan we verder? Klaar voor de volgende fase Pilots en quick wins zijn belangrijk om successen te boeken die als voorbeeld en inspiratie kunnen dienen. Maar we haken ook aan bij gemeentebrede ontwikkelingen, door bij de vele opgaven waar de organisatie aan werkt aandacht te geven aan duurzaamheid.
12
Domein Medewerkers
Verduurzaming is niet louter een bottom-upbeweging. We zijn klaar voor de volgende fase, waarin die beweging versterkt wordt door randvoorwaarden die top-down georganiseerd worden. Zodat iedere directie de duurzaamheidsdoelstellingen als onderdeel van hun eigen opgave opneemt, en daar ook verantwoordelijk voor is. Uiteindelijk mag een niet-duurzame optie geen optie meer zijn.
Verduurzaam je directie Uit goede voorbeelden van verschillende duurzaamheidsteams blijkt dat door voldoende capaciteit en aandacht voor het onderwerp, duurzaamheid steeds concreter wordt, acties opvolging krijgen, en het stap voor stap steeds vanzelfsprekender wordt om duurzaamheid een vast onderdeel te maken van ons werk. We breiden daarom de workshop ‘Verduurzaam je directie’ uit.
Elke ambtenaar duurzaam De verduurzamingsopgave is opgenomen in de introductieprogramma’s van de verschillende traineepools. Trainees krijgen de mogelijkheid om een pool- of individuele opdracht te doen bij duurzaamheids opgaves. Wanneer er weer een breder introductieprogramma voor nieuwe medewerkers ontwikkeld wordt (vanwege corona is er nu alleen een online ambtseedsessie) zal duurzaamheid daar ook een onderdeel van worden. We streven ernaar om duurzaamheid deel uit te laten maken van het algemeen Leer- en Ontwikkelplan. Het overleg hierover en het onderzoek ernaar is volop gaande. We inventariseren
Verduurzamingsrapportage 2022
hoe duurzaamheid onderdeel kan worden van het aanbod van de Amsterdamse School, bijvoorbeeld door trainingen zoals het leertraject klimaatadaptatie breder aan te bieden.
Gedragsinterventies We gaan de wereld niet redden door alleen minder koffiebekers te gebruiken, minder te printen en ons afval netjes te scheiden. Niettemin zijn dat wel heel zichtbare handelingen. Door duurzaam gedrag op de werkvloer te stimuleren creëren we een duurzamere mindset en daarmee een duurzamere werkomgeving. We grijpen de overgang naar hybride werken aan om aandacht te besteden aan duurzaam werken, zoals de omgang met dataopslag. Ook sluiten we aan bij nationale campagnes, zoals de Week Zonder Vlees en Zuivel.
13
Verduurzamingsrapportage 2022
Interview
‘Duurzame keuzes onthaasten ons drukke, consumerende leven’ Livia Kalma Projectleider bij de GGD en coördinator Duurzame GGD Livia is ambassadeur voor de Green Office en presenteerde eind 2021 aan het GGD managementteam haar plannen voor een duurzamere GGD. Ondanks overvolle agenda’s door corona, gaven zij Livia groen licht.
Livia: “Enkele jaren geleden zegde ik mijn baan op om te onderzoeken wat ik nou wilde met m’n leven. In die vrije maanden hielp ik een vriendin met haar fair fashiononderneming. Door haar ging ik bewuster kopen en opruimen. Dan kom je erachter hoeveel je dubbel hebt, of nooit gebruikt!
Ontspullen Bij de GGD vond ik de baan die me past. Maar het viel me op hoeveel iedereen print, en dat je je afval niet kon scheiden. Daarom werd ik ambassadeur bij de Green Office. Ik ben trots dat de GGD in drukke tijden als deze, mijn plannen omarmde om als directie te gaan ‘ontspullen’!
Duurzaam is gezonder Ik geloof echt dat duurzamer leven gezonder is, fysiek en mentaal. Duurzame keuzes onthaasten ons drukke, consumerende
leven. Daarnaast vind ik het gewoon oneerlijk verdeeld in de wereld. Wij kunnen alles doen, en mensen in arme landen betalen de ecologische prijs. Ook daarom wil ik duurzamer leven.
Verbruik en processen tegen het licht Binnen de GGD gaan we werken met ambassadeurs, die met hun afdeling het verbruik en processen tegen het licht gaan houden. Verder hoop ik dat de GGD de Green Deal Duurzame Zorg ondertekent. We kunnen leren van zorgaanbieders in dat netwerk. Ons reisvaccinatiecentrum en laboratorium gebruiken bijvoorbeeld veel wegwerp materiaal; daar is vast winst te behalen. Mijn tips? Neem kleine stapjes in gedrag dat je wilt veranderen. Sluit je aan bij een ‘green team’ binnen je directie, of richt er eentje op!”
14
Domein Bedrijfsvoering
Domein Bedrijfsvoering Dit domein betreft alles wat de ambtenaar nodig heeft om zijn of haar werk te kunnen uitvoeren. Hieronder vallen onder andere de activiteiten en middelen van afdelingen ICT, Facilitair Bureau, P&O, het gemeentelijk wagenpark en ons bedrijfsafval. Ook losse apparatuur in gebouwen in gemeentelijke huisvestingspanden noemen we hier. Maatregelen voor de panden zelf en bijbehorende installaties zijn opgenomen in domein Gebouwen en komen daar aan de orde.
Verduurzamingsrapportage 2022
2
15
Domein Bedrijfsvoering
Verduurzamingsrapportage 2022
2.1 Wat hebben we bereikt? 33 procent minder CO2-uitstoot in scope 1 en 2 sinds 2018 Net zoals de voorgaande jaren zien we een dalende trend in onze CO2-voetafdruk.1,2 In 2021 daalde de uitstoot van de onze eigen organisatie verder van 16 kton (in 2020) naar 13,4 kton CO2. Dat is 33 procent lager dan in 2018, het vertrekpunt van de Uitvoeringsagenda Naar een Duurzame Organisatie 2020-2030.
Gereduceerde en vermeden CO2emissies We kunnen onze voetafdruk op twee manieren verkleinen: 1. door de uitstoot van CO2 te reduceren, bijvoorbeeld door minder gas te verbruiken; 2. door CO2-uitstoot te vermijden of te compenseren. Dat laatste doen we bijvoorbeeld als we gebruik maken van duurzame alternatieven, zoals groen gas of elektrische auto’s. In de organisatie gebruiken we beide manieren om onze voetafdruk te verkleinen.
Reduceren
1
Bestuurscommissie Weesp wordt aan de voetafdruk van de gemeentelijke organisatie toegevoegd vanaf de bestuurlijke fusie 24 maart 2022.
2
Het brandstofverbruik van GVB veren wordt, net als voorgaande jaren, gerapporteerd in de klimaatrapportage van GVB.
Een analyse van het verbruik laat zien dat het totale stroomverbruik van de gemeentelijke organisatie in 2021 is gedaald ten opzichte van voorgaande jaren. Het totale gas- en warmteverbruik is licht gestegen. In de openbare ruimte is door het verLEDden van de verlichting in de openbare ruimte een vermindering van 10 procent gerealiseerd ten opzichte van 2020.
We hebben in 2021 minder dienstreizen (internationale vliegreizen en zakelijk vervoer) gemaakt: een verdere daling van 0,1 kton CO2-uitstoot. Door de COVIDpandemie was ook in 2021 (internationaal) reizen veelal onmogelijk. Maar we zien daarnaast ook dat medewerkers vaker bewust kiezen voor de trein in plaats van het vliegtuig.
16
Domein Bedrijfsvoering
Vermijden en compenseren Het afgelopen jaar heeft de gemeente weer een stap gezet in de verduurzaming van het eigen wagenpark. We maken steeds meer gebruik van elektrische voertuigen. Dat zien we terug in een toename van het elektra verbruik van de laadpalen. Ook wordt er steeds meer 100 procent HVO getankt (een plantaardig alternatief voor diesel). HVO wordt gebruikt als overgangsbrandstof naar een volledig uitstootvrij wagenpark. In 2021 hebben de gemeentelijke wagens voor het eerst meer HVO dan diesel getankt. Gevolg: de uitstoot van 5,2 kton CO2 is vermeden (in scope 1).
Gemeentelijke huisvesting In de gemeentelijke huisvestingspanden is het elektraverbruik nagenoeg gelijk aan 2020. Mogelijke verklaringen hiervoor zijn: • Door een lagere bezetting is in de meeste gebouwen minder verlichting en apparatuur gebruikt, maar er zijn ook stijgingen zichtbaar doordat locaties intensiever of weer als ‘normaal’ worden ingezet, zoals stadsdeelwerven en GGD locaties, en stadsdeelkantoren die het hele jaar in gebruik zijn geweest. • Omdat er steeds meer elektrische voertuigen zijn, die moeten worden opgeladen, wordt er in gebouwen meer elektra verbruikt. Het elektraverbruik kruipt dus weer terug naar het niveau van 2019 (pre-corona). De eigen opwekking van energie van de huisvestingspanden is vergelijkbaar met 2020. Er is in 2021 driemaal zo veel eigen opwekking dan in 2018.
Verduurzamingsrapportage 2022
Het gas- en warmteverbruik laat een lichte stijging zien ten opzichte van 2020, maar is nog steeds lager dan voorgaande jaren. Dat is voor een deel te verklaren door het weer: 2021 was kouder dan voorgaande jaren. Daarnaast moet een corona-proof gebouw beter geventileerd worden, wat resulteert in een hoger warmteverbruik. Vanwege corona heeft de GGD in 2021 zijn werkzaamheden flink moeten uitbreiden, waardoor panden langer open bleven. Als we het verbruik van gas en warmte corrigeren met de klimaatgegevens, is het verbruik in 2021 vergelijkbaar met voorgaande jaren (pre-corona).
17
#Treintrots In november 2021 bezochten onze collega’s Eefje Smeulders en Ilona Kemps van CTO Innovatieteam de Smart City Expo World Congres in Barcelona. Ze kozen ervoor om met de trein te reizen, vanwege de duurzaamheid en uit praktische overwegingen: onderweg konden ze namelijk prima werken in de trein.
De tijd is aangebroken dat panden weer meer bezet zullen worden. We moeten niet alleen maatregelen nemen voor de verbetering van de thermische schil en vervanging van installaties, maar zullen ook aandacht moeten geven aan energiebeheer om verspilling te voorkomen.
11% minder energieverbruik ten opzichte van 2018 In 2021 hebben we 594 Terajoule (TJ) aan energie verbruikt. Dat is nog steeds een dalende lijn ten opzichte van het startjaar 2018 (11% minder energieverbruik), maar de reductie is minder groot dan in 2020. Deze vergelijking met voorgaande jaren wordt gedaan op basis van het finale energieverbruik in TJ. Dit is de eenheid waarin het elektraverbruik, gas en warmte verbruik en brandstoffen voor voertuigen worden uitgedrukt. Ten opzichte van 2020 is er ‘slechts’ 3 TJ minder energie verbruikt.
Het aardgasverbruik is licht toegenomen. Met 138 TJ is het verbruik bijna terug op het niveau van 2019 (4 TJ meer dan in 2020). Ook het gebruik van stadswarmte is toegenomen tot 20 TJ verbruik (7 TJ meer dan in 2020). Dat is logisch omdat er meerdere nieuwe aansluitingen op stadswarmte gerealiseerd zijn als onderdeel van de doelstelling ‘aardgasvrij’.
In 2021 daalde de uitstoot van de onze eigen organisatie naar
13,4 kton CO2.
Domein Bedrijfsvoering
Verduurzamingsrapportage 2022
Wagenpark De totale energievraag van het eigen wagenpark is licht toegenomen ten opzichte van eerdere jaren. Er is meer elektrisch gereden, maar er zijn ook meer brandstoffen getankt. Als we alleen naar het brandstof verbruik van het wagenpark kijken is de energievraag van de voertuigen toegenomen met 4 TJ ten opzichte van 2020. Het grootste deel van de stijging wordt dus verklaard door een toename van inzet van voertuigen met een verbrandings motor (HVO of diesel).
Start Team Duurzaam Opdrachtgeven en Inkopen Op 1 september 2021 is het Team Duurzaam Opdrachtgeven en Inkopen (TDO) officieel gestart. TDO is een samenwerking van Ruimte & Duurzaamheid, Concern Inkoop en Green Office. Het adviseert inkoopteams en opdrachtgevers van de clusters Interne Dienstverlening en Sociaal hoe ze duurzaamheid goed mee kunnen nemen in aanbestedingen en inkooptrajecten. Het cluster Fysiek heeft een eigen vakgroep duurzaamheid die adviseert bij aanbestedingen en inkooptrajecten in dat domein.
Aanbesteding groen gas In 2021 is de aanbesteding voor groen gas gepubliceerd en gegund. Dit contract gaat in op 1 januari 2022. Het gebruik van groen gas zorgt vanaf 2022 voor een CO2-reductie van 28%. Daarnaast is met leverancier Eneco afgesproken dat medewerkers van de
gemeente Amsterdam, voor wie dat relevant is, kunnen deelnemen aan jaarlijkse innovatiesessies. Dat is belangrijk omdat marktpartijen een schat aan kennis hebben die relevant zijn voor de gemeente in de duurzaamheidstransitie.
18
Domein Bedrijfsvoering
2.2 Wat hebben we geleerd? Belang van data Om te zorgen dat we de klimaatdoelen halen, moeten we niet alleen doen wat kan, maar ook doen wat moet. En om te weten wat er moet gebeuren hebben we data nodig. Met die data kunnen we onderbouwde keuzes maken of voorleggen om op een verantwoorde wijze toe te werken naar een klimaatneutrale organisatie in 2030. Datagestuurd werken is een voorwaarde om goed onderbouwde keuzes te kunnen maken, adviezen te kunnen geven of achteraf te verantwoorden. De data om dit te kunnen doen zijn niet altijd voldoende aanwezig of eenduidig genoeg, of het kost veel tijd en energie om ze te verzamelen. Vooral de effecten van het thuiswerken op de bezettingsgraad van de panden, ons reisgedrag en ons energieverbruik zijn moeilijk in kaart te brengen. Deze combinatie van factoren laten zich moeilijk vertalen in harde cijfers. De dataverzameling voor de eigen bedrijfsvoering moet dan ook nog verder ontwikkeld worden.
AI-pilot Triade en Tuinstadhuis In 2021 hebben we de gebouwautomatisering van het Triadegebouw en Tuinstadhuis gekoppeld aan een zelflerend algoritme (AI) om te onderzoeken of hiermee het energieverbruik van de panden kan worden verlaagd en het comfort verhoogd. Een verbeterd binnenklimaat is een van de voordelen van AI. Dat komt door een gelijkmatigere
Verduurzamingsrapportage 2022
aansturing van de installaties met minder pieken en dalen, waardoor de binnentemperatuur constant(er) blijft. Dit is mogelijk doordat de weersverwachting (steeds) voor de komende 24 uur wordt meegenomen in de berekeningen en er een ‘digital twin’ van het gebouw is gemaakt. In zo’n digitale kopie zitten alle (fysieke) eigenschappen van een gebouw. Het algoritme komt pas echt op stoom nadat alle seizoen zijn ‘ingeleerd’. Het is nu nog niet mogelijk om iets te zeggen over de energiebesparing. We hebben eerst meer grip nodig op de energiegegevens en hoe het een en ander wordt doorberekend. In het afgelopen jaar hebben we veel geleerd over hoe een dergelijk AI-project moet worden opgetuigd. Eerst moet de basis van een gebouwautomatiserings systeem goed op orde zijn, voordat er kan worden gekoppeld.
19
Stedelijke (lineaire) processen staan soms haaks op de circulaire ambitie Circulair inkopen, circulair bouwen of verbouwen vraagt niet alleen dat je iets duurzamer of meer circulair uitvraagt, het vraagt iets van een hele keten. We merken in de praktijk dat onze eigen (linaire) processen en de manier waarop we ons intern georganiseerd hebben soms haaks staan op de circulaire ambities die Amsterdam heeft voor de eigen organisatie.
Duurzaamheid is nog steeds een ambitie en geen eis Duurzaamheid en circulariteit zijn vaak nog een ambitie en geen eis. We merken in de praktijk dat er concurrentie is met andere doelen van de gemeente Amsterdam. Op dit moment is er bij opdrachtgevers, inkoopteams en projectmanagers nog redelijk veel vrijheid om zelf te kiezen welke ambities gerealiseerd worden. Daarnaast blijken afgesproken ambities aan de voorkant van een inkooptraject of project gedurende het proces te ‘slijten’. Er is nog te weinig controle op het halen van de afgesproken ambities.
Duurzaamheid en circulariteit zijn vaak nog een
ambitie en geen eis.
Verduurzamingsrapportage 2022
Interview
‘Geef het goede voorbeeld en praat er over’ Marc Luttikhuis Afdelingsmanager Projecten, Techniek en Energie, Facilitair Bureau Marc Luttikhuis was tot september 2021 afdelingsmanager Projecten, Techniek en Energie bij het Facilitair Bureau. Samen met het projectteam slaagde hij erin de CO2-uitstoot van de gemeentelijke organisatie met 25% terug te brengen. Dankzij de inkoop van groen gas.
Marc: “In 2020 kreeg ik de opdracht ‘Je moet groen gas gaan inkopen en dat is een belangrijk project’. Dat is gelukt. Sinds 1 januari 2022 levert Eneco 4,5 miljoen kubieke meter groen gas per jaar. Daarmee brengen we de CO2uitstoot van de gemeentelijke organisatie met 25% omlaag.“
Slib en afvalhout “Tijdens onze zoektocht naar een nieuwe gasleverancier ging er een wereld voor ons open. Je kunt gas op veel verschillende manieren duurzaam produceren en je moet daar voortdurend keuzes in maken. Alleen al in de wereld van vergisting kom je van alles tegen wat je wel of niet wilt vergisten. Wij zijn uitgekomen op onder meer rioolslib,
slib uit de Amsterdamse grachten en afvalhout zoals snoeiresten afkomstig van bosbeheer.” Marjan Rave-de Kriek, Marc Luttikhuis en Richard Kemmelings
Zachte factoren “Ook de energiemarkt is een wereld apart, vergelijkbaar met de beleggingswereld: volgens een bepaald profiel koop je in op de termijnmarkt. Gelukkig hadden we een inkoper die de sector goed kent. We hebben veel gestoeid met onze wensen en eisen om de aanbesteding rond te krijgen en uit te komen bij een leverancier die bij Amsterdam past. In Eneco hebben we die gevonden. We hebben de zachte factoren als social return en duurzaamheid van de eigen bedrijfsvoering relatief zwaar laten wegen.”
Land van ons “Tips om zelf bij te dragen aan duurzaamheid? Geef het goede voorbeeld en praat er over. Als je op zoek bent naar originele ideeën, kijk dan eens op landvanons.nl. Je vindt daar voorbeelden van hoe je kunt bijdragen aan herstel van landschap en biodiversiteit. Inspirerend.”
20
Domein Bedrijfsvoering
2.3 Hoe gaan we verder? Resterende CO2-emissies
In scope 1 en 2 resteert er een CO2-uitstoot van 13,4 kton. Op weg naar een klimaat neutrale organisatie in 2030 moet deze uitstoot verder gereduceerd worden om de klimaatdoelen voor de gemeentelijke organisatie te halen. Voor het grootste deel hebben we enkele concrete maatregelen. Vanaf 1 januari 2022 kopen we groen gas in bij Eneco. Daarmee verminderen we de resterende CO2-uitstoot met nog eens 6 kton (bij het huidige gasverbruik). Een volledige overstap naar HVO als vervanging van diesel brengt de CO2uitstoot met nog eens 5 kton terug.
Verduurzamingsrapportage 2022
Andere concrete maatregelen die genomen worden om onze voetafdruk te reduceren zijn de verduurzaming van het vastgoed en het opstellen van nieuwe reisrichtlijnen voor dienstreizen. Dit wordt in 2022 verder uitgewerkt.
Hoe verder? Scope 3 Door middel van de materiaalstromen analyse (maatregel 16) brengen we in 2022 de scope 3-emissies van de organisatie nauwkeuriger in beeld. Scope 3-emissies zijn onder andere de emissies die leveranciers uitstoten met de diensten en producten die de gemeente inkoopt. Enkele grote posten in scope 3 zijn het doelgroepen vervoer en het woon-werkverkeer.
Het doelgroepenvervoer was in 2021 verantwoordelijk voor 0,9 kton CO2-emissies. Dat is 0,4 kton minder dan in voorgaande jaren. In het doelgroepenvervoer wordt steeds meer gebruik gemaakt van elektrische en hybride bussen. Met de recent afgesloten aanbestedingen Sociaal vervoer en Leerlingenvervoer zal het percentage uitstootvrij de komende jaren toenemen. Net zoals voorgaande jaren hebben we ons koffieverbruik volledig gecompenseerd (0,1 kton).
21
Domein Bedrijfsvoering
Met de terugkeer naar kantoor gaat woonwerkverkeer (weer) een relevante bijdrage leveren aan scope 3. In 2018 was dat een grote post met 8 kton. Voor het afgelopen jaar is het niet inzichtelijk te maken hoeveel woon-werkverkeer er heeft plaatsgevonden. De komende jaren zal duurzaam woonwerkverkeer meer aandacht krijgen (maatregel 13).
CO2-beprijzing voor investeringen
De gemeente doet voortdurend grote investeringen in de stad. Daarbij wordt uiteraard zorgvuldig gekeken naar kosten. Dat zijn niet alleen kosten voor mensen en materialen. Ook maatschappelijke kosten moeten meegewogen worden. De toe passingsregel duurzame investeringen maakt het mogelijk om de maatschappelijke kosten van CO2-uitstoot in euro’s uit te drukken. Op die manier kan in de beprijzing van projecten en in budgetaanvragen rekening worden gehouden met de CO2-uitstoot. Elke kilogram CO2 die de lucht in gaat, brengt de maatschappij schade toe, en brengt dus kosten met zich mee. Of, relevanter in dit geval: elke kilo die níet de lucht in gaat, levert iets op. In 2022 zal het bestuur van de gemeente Amsterdam een besluit nemen over de hoogte van deze intern gebruikte CO2-prijs. Die is nu te laag en zal stijgen. Daarnaast wordt het gebruik van de CO2-prijs verplicht voor investeringen in de energietransitie. Daardoor krijgt de toepassingsregel meer
Verduurzamingsrapportage 2022
impact. En zal in de organisatie ook meer urgentie gevoeld worden om de regel toe te passen.
Intensivering aanpak energieverbruik De verduurzamingsopgave dwingt ons om minder energie te gebruiken. Dit betekent dat we onze aanpak moeten intensiveren. De focus ligt daarbij op de uitvoering van het plan van aanpak voor het energiezuinig maken van onze panden. In dit plan is vooral aandacht voor fysieke ingrepen aan de gebouwen, zoals extra isolatie of energie zuinig glas. Daarmee kunnen we de energie voetafdruk verkleinen. Naast de fysieke ingrepen is het ook nodig meer energie zuinige installaties en apparaten in te kopen en simpelweg minder energie te verbruik door ons eigen handelen aan te passen. We blijven inzetten op acties die direct impact hebben op onze eigen energie verbruik, zoals bijvoorbeeld het verlagen van de temperatuur in de panden en de voortzetting van de AI-pilot (zie hieronder).
Voortgang pilot: Artificiële Intelligentie en AI4Cities Zoals gezegd gaan we door met de pilot AI. De inzet van deze technologie kan een positief effect hebben op hoe wij werken. Er moet daarbij meer duidelijkheid komen over hoe het toekomstige AI-landschap eruit komt te zien voordat we dit verder kunnen uitrollen. In 2022 hopen we meer te kunnen vertellen over het effect op de energiereductie.
Naast onze eigen pilot nemen we ook deel aan het project AI4cities, samen met vijf andere Europese steden (Helsinki, Stavanger, Kopenhagen, Tallinn, Parijs) . In het project dagen we de markt uit om innovatieve oplossingen te ontwikkelen voor de thema’s mobiliteit en energie. Voor de eigen organisatie willen we, als daar ruimte voor is, partijen selecteren op het thema energie om de mogelijkheden voor energiereductie te testen door gebruik te maken van AI in de gebouwbeheersystemen.
22
Domein Bedrijfsvoering
Tussen de partnersteden onderling vindt kennisuitwisseling plaats over de lokale uitdagingen en doelstellingen. Zo leren we ook van elkaar. Het is belangrijk dat we meedoen en met één been in deze boeiende en nieuwe ontwikkeling staan. Daardoor leren we veel over de techniek en de markt en is de gemeente Amsterdam een serieuze gesprekspartner geworden.
Materiaalstroomanalyse In 2021 is gestart met een materiaalstroom analyse van de gehele organisatie en alles wat wij inkopen. De analyse zal rond mei 2022 afgerond zijn en naar verwachting inzicht geven in welke directies en contracten de meeste CO2-impact hebben. We verwachten ook dat de analyse inzicht geeft in welke data we nodig hebben en waar we nog beter met leveranciers moeten samenwerken of dwingender moeten uitvragen om de CO2-voetafdruk inzichtelijk te maken. Dat inzicht zal de basis zijn voor verdere maatregelen om te komen tot een klimaatneutrale organisatie in 2030.
Pilot: Monitoring duurzaamheid in contractfase Het is nog onvoldoende inzichtelijk hoe het tijdens een meerjarig contract gaat met de duurzame doelen die aan het begin van de overeenkomst tussen de gemeente Amsterdam en een leverancier zijn afgesproken. Om dit op een eenvoudige en duidelijke manier te kunnen doen is dit als vraagstuk uitgevraagd in het gemeentelijk Startup In Residence programma. Met de geselecteerde startup Optimal Planet
Verduurzamingsrapportage 2022
worden in 2022 een pilot gehouden om een tool die dit zou kunnen, te testen en verder te ontwikkelen.
Pilot: RePlanIt Doel van RePLantIT is het ontwikkelen van een nieuwe, circulaire, methodiek Circular Resource Planning for IT (RePlanIT) en een bijbehorend systeem. Een methodiek waarmee leveranciers en eindgebruikers van ICT (zoals de gemeente Amsterdam) de hardware die ze gebruiken of bezitten circulair kunnen beheren. Daarmee verkleinen ze de ecologische voetafdruk ervan en vergroten ze de grondstoffen efficiëntie zonder dat dit ten koste gaat van de functionaliteit en de betrouwbaarheid. Het systeem stelt ICT-leveranciers en eindgebruikers in staat om afgeschreven apparatuur (laptops en dataservers) op een zo hoog mogelijk waardenniveau te hergebruiken. In dit project ontwikkelt een consortium van marktpartijen en kennis- en onderszoeksinstituten een prototype van het RePlanIT-systeem, dat wordt getest in een kleinschalige fieldlab-omgeving bij onder andere de ICT-afdeling van de gemeente Amsterdam.
23
Verduurzamingsrapportage 2022
Interview
‘Ik kijk altijd of we materiaal kunnen hergebruiken’ Charaf Chnioune Projectleider bij Huisvesting, Facilitair Bureau Charaf houdt zich bezig met het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed. Hij begeleidt bijvoorbeeld bouwkundige verbouwingen, zorgt dat verlichting wordt omgezet naar LED en dat noodstromen en energievoorziening duurzamer worden.
Charaf: “Vroeger vloog ik naar elke Ajaxwedstrijd in Europa en at ik 3 keer per dag vlees. Dat hoorde bij man-zijn, ja macho hè. Maar ik werd me steeds bewuster van de effectschade en mijn CO2-voetafdruk. De zwarte stofdeeltjes op mijn raamkozijn zetten me aan het denken. Voor mijn gezondheid besloot ik te stoppen met vlees eten, mijn vriendin was al vegetariër. Voor Amsterdam ligt hier trouwens een kans: heel West zit al vol hummus-eters!
Kwestie van wetenschap We moeten onze trots opzij zetten. Dat we duurzamer moeten leven is geen mening, het is een kwestie van wetenschap. Ik ben redelijk rechts en commercieel, maar er moet een switch komen in hóe we ons geld verdienen. Ik wil werken aan een betere wereld.
CO2-uitstoot moet omlaag
Voor de gemeente houd ik altijd voor ogen: de CO2-uitstoot moet omlaag. Toen een leverancier aanbood om producten extra snel met het vliegtuig bij ons te brengen, stond ik op vervoer over land. Vervanging moet duurzaam zijn. Goed werkende armaturen moet je nog niet vervangen, de productie en het vervoer van nieuwe kost ook uitstoot. Tegenwoordig kan je met 3D-printers zoveel, bijvoorbeeld armaturen ombouwen naar LED. Voor verbouwingen zoek ik altijd of we nog deuren en materialen hebben liggen om te hergebruiken.
Niet opleggen Verduurzaming moet je niet opleggen. Als we ook de wijken met veel
laagopgeleiden laten meeprofiteren, bijvoor beeld door extra banen bij de aanleg van laadpalen, dan krijg je meer bereidwilligheid.”
24
Domein Gebouwen Het domein Gebouwen heeft betrekking op het gemeentelijk vastgoed; dat betreft zowel de gebouwen die de gemeente voor haar eigen huisvesting gebruikt als het vastgoed dat door de gemeente wordt verhuurd. Verreweg het meeste van het vastgoed is in beheer bij Gemeentelijk Vastgoed.
3
Domein Gebouwen
3.1 Wat hebben we bereikt? Energieverbruik terugdringen In 2021 zijn aan ruim 50 panden maatregelen getroffen om het energieverbruik terug te dringen. Voor ca. 25 panden zijn labels en maatwerkadviezen opgesteld. Daarmee komt het totaal op voor ongeveer 200. Deze adviezen vormen de basis voor het integreren van verduurzamingsmaatregelen bij ander, niet direct op verduurzaming gericht, werk aan panden. Alle OV-chipkaart poorten zijn in 2021 vervangen. Dit levert een besparing van bijna 400 MWh per jaar op. In 2021 hebben we 3 garages voorzien van slimme LEDverlichting (in totaal nu in 16 gemeentelijke garages). Dit heeft bijvoorbeeld bij de P10-garage geresulteerd in een besparing van gemiddeld 37 procent.
Duurzaamheidsmonitoringstool In 2021 hebben we, na een succesvolle pilot in 2020, een duurzaamheidsmonitoringstool aangeschaft. Dit is een voorbeeld van hoe we data inzetten om ons te helpen onze energieopgave aan te pakken. De tool is een digitale verzamelplek, waarin we bijhouden wat het energieverbruik van onze panden is, welke energiebesparende maatregelen er per pand zijn genomen en welke maat regelen er nog genomen kunnen worden. Bovendien heeft het nieuwe systeem een adviesfunctionaliteit die op basis van impact (het terugdringen van CO2-uitstoot in relatie tot de kosten) maatregelen zoals isolatie en nieuwe installaties afweegt om efficiënter te
Verduurzamingsrapportage 2022
kunnen verduurzamen. In de toekomst zal het waarschijnlijk ook mogelijk zijn om te zien wat het effect van de genomen maatregelen is op het energieverbruik. Zo hebben we steeds meer grip op energieverbruik en dus op onze reductiedoelstellingen.
Aardgasvrij maken gebouwen In 2021 zijn 6 gemeentelijke panden aardgasvrij gemaakt. Daarvan zijn twee kantoorpanden op stadswarmte aan gesloten, twee sporthallen, één kinder dagverblijf en een multifunctioneel centrum. Eén nieuw pand op het Albert Wittenbergh plein is aardgasvrij opgeleverd. Er worden voorbereidingen getroffen om sporthal De Pijp los te koppelen van het aardgas.
Zonnepanelen Het gemeentelijk beleid is ‘geen dak onbenut’. In 2030 wordt op elk geschikt gemeentelijk dak zonne-energie opgewekt. In 2021 hebben we meer dan 650 zonnepanelen geplaatst op onze daken. Daarmee benutten we nu in totaal 25 procent van het potentieel van alle daken van gemeentelijke panden en 75 procent van het potentieel op huisvestingspanden. Ook hebben we van 25 gemeentelijke daken vastgesteld dat ze technisch geschikt zijn voor het plaatsen van circa 2.000 zonnepanelen. Deze daken worden in in 2022 aanbesteed. Verder zijn de voorbereidingen voor een solar carport in Sloten en voor zonnepanelen op sporthal Caland gestart.
Sport en Bos heeft de mogelijkheid onderzocht of kunstgrasvelden, als er niet op wordt gespeeld, kunnen worden bedekt met oprolbare zonnepanelen. Tot slot hebben we een marktverkenning gedaan naar de mogelijkheid om 20 parkeer gelegenheden te voorzien van zonnepanelen en laadpalen met in potentie een geïnstalleerd vermogen van 13 MW, wat gelijk staat aan het jaarlijkse energieverbruik van 13.000 huishoudens.
26
In 2021 hebben we meer dan
650 zonnepanelen geplaatst op onze daken.
Domein Gebouwen
Klimaatbestendige en natuur inclusieve gebouwen en terreinen Op de Ite Boeremastraat is in 2021 een blauw-groen dak aangelegd, in combinatie met zonnepanelen. Resilio, het samen werkingsverband van gemeente, Waternet en een aantal kennisinstellingen, onderzoekt hier hoe verschillende slimme combinaties van duurzame maatregelen elkaar kunnen versterken. Verder zijn de voorbereidingen getroffen voor de aanleg van 3 groene gevels. Verspreid over 2022 en 2023 zullen in totaal 10 gevels bij wijze pilot aangelegd worden.
Circulair (ver)bouwen Inmiddels is 1 gebouw dat volgens circulaire principes is ontworpen opgeleverd: een pand zonder steunpilaren, waardoor het vrijer is in te delen, wat bij een functie wijzigingen grote verbouwingen voorkomt. Begin 2022 volgt de oplevering van een tweede circulair gebouw. De renovatie van metrostation Spaklerweg is aanbesteed met specifieke eisen voor de circulariteit. Bij de aanleg van de Uithoornlijn zal gebruik gemaakt worden van duurzaam beton. In het Amsterdamse Bos is gebruik gemaakt van een damwand gemaakt van gerecycled kunstgras. In het Velodrome in Sloten is een nieuwe vloer gelegd. De oude vloer is hergebruikt. In het Hogendorp sportcentrum is de sportvloer circulair vervangen, dat wil zeggen dat de oude vloer met een minimale aanvulling van nieuwe grondstoffen is verwerkt tot een nieuwe sportvloer.
Verduurzamingsrapportage 2022
Taskforce Materialenpaspoort Als we in 2050 een circulaire stad willen zijn, moeten we weten waar de stad uit bestaat. Letterlijk. Van elk object in de openbare ruimte moet bekend zijn waar het zich bevindt, hoe het is gebouwd en uit welke materialen het is opgebouwd. Kortom: elk object moet zijn eigen paspoort krijgen. Dus ook elk object in eigendom van de gemeentelijke organisatie. Om dit inzicht te verkrijgen is de Tasforce Materialenpaspoort opgericht. In verschillende organisatie onderdelen wordt al gewerkt met materiaalpaspoorten in verschillende sectoren, zoals de bouw-en utiliteitssector en de openbare ruimte. In de taskforce komen de kennis en expertise van deze organisatieonderdelen bij elkaar. Omdat een materialenpaspoort een digitaal middel is zijn ook de collega’s die zich bezighouden met digitalisering, onderzoek en innovatie betrokken. Het doel van de taskforce is om de ervaring en kennis van elk betrokken organisatieonderdeel bij elkaar te brengen, om samen te leren van praktijkvoorbeelden en uiteindelijk tot een gedeelde aanpak te komen. Met hulp van het materialen paspoort kunnen we materialen en grond stoffen hoogwaardiger hergebruiken en hebben we een steeds beter beeld van onze materialenvoetafdruk. Uiteindelijk moet het leiden tot een circulaire gemeentelijke organisatie en een circulaire stad.
3.2 Wat hebben we geleerd? Nulmeting energieverbruik gemeentelijk vastgoed Er is een nulmeting gedaan van het energie verbruik van alle vastgoed en een CO2voetafdruk opgesteld. We weten nu per pand wat de feitelijke verbruiksgegevens zijn, of we hebben een schatting gemaakt op basis van kengetallen. We weten nu welke panden het meeste verbruiken (relatief en absoluut). Hierdoor kunnen we gerichter sturen op milieu-impact, door onze aandacht in eerste instantie te richten op de ‘grootverbruikers’.
27
Domein Gebouwen
Pilot windmolens op gemeentelijk vastgoed Met de Vliegwielmiddelen is een pilot gedaan met windturbines op gemeentelijke daken. Onderzocht is of windturbines gebruikt kunnen worden als alternatief voor zonnepanelen om duurzame energie voor gebouwen op te wekken. Op basis van de huidige meetresultaten kunnen we nu nog geen conclusies trekken. We gaan door met meten.
Pilot lisdodde In samenwerking met de provincie en het waterschap is het grondwaterpeil in de Burkmeerpolder in Noord verhoogd. In september is 1 hectare lisdodde aangeplant. De lisdodde kan verwerkt worden tot bouwmateriaal. Met de pilot ‘Warmbouwen’ onderzochten we eerder of een ruimte energie-efficiënt geïsoleerd kan worden door lisdodde als isolatiemateriaal te gebruiken. Er is nu een duurzame boer betrokken, die experimenteert met ander mogelijk gebruik van de lisdodde. Tijdens het experiment wordt voortdurend gemeten wat het effect van de vernatting van de polder is op de grondwaterstand en op de uitstoot van broeikasgassen. Het effect van de vernatting blijkt positief te zijn. De grondwaterstanden dalen minder dan verwacht en het perceel stoot geen methaan uit. De lisdodde is jammer genoeg geheel opgegegeten door ganzen. We zetten het experiment in 2022 voort.
Verduurzamingsrapportage 2022
3.3 Hoe gaan we verder? Verduurzaming Gemeentelijk Vastgoed In het kader van het Duurzaam herstel wordt aan de verduurzaming van 40 panden gewerkt. In 2021 zijn door de extra middelen van Duurzaam herstel 3 panden versneld verduurzaamd en is van 8 panden de uitvoering gestart. In het eerste kwartaal van 2022 worden deze 8 panden opgeleverd. Ook wordt aan de verduurzaming gewerkt van twee grote gemeentekantoren op Plein ’40-’45 en Voormalig Stadstimmertuin 4-6, die voor 2023 minimaal een label C moeten hebben. Daarnaast loopt de ‘reguliere’ verduurzaming die gekoppeld is aan groot onderhoud door. Opnieuw wordt in tientallen panden LED, dakisolatie en dubbelglas geplaatst.
Huisvestingspanden verduurzamen Er is een meerjarenplanning gemaakt, zodat alle eigen huisvestingspanden voor 2030 aan bod komen. In dit plan is vooral aandacht voor fysieke ingrepen aan de gebouwen, zoals extra isolatie of energiezuinig glas. In de komende jaren zal dat plan uitgevoerd worden. Dit zal een CO2-reductie van ongeveer 22 procent opleveren. Voorwaarde is wel dat er voldoende budget en capaciteit wordt vrijgemaakt om de verduurzaming te realiseren.
Aardgasvrij maken Voor verschillende gemeentelijke huisvestingspanden en sportpanden hebben we ons aangesloten bij verkenningen en