20211201 Notulen raadsvergadering middag
Tekst van het document
Als ik het debatje beluister tussen mevrouw Grooten en de heer Vroege, dan zie ik ook wel dat er een scheidslijn zit. De een legt het toch meer uit als een soort bijna sluimerende privatisering – u moet het me maar vergeven, mijnheer Vroege, het zijn mijn woorden – waarbij mevrouw Grooten meer op mijn lijn zit met de uitleg dat het echt een buurtzaak moet zijn waar buurtbewoners, waar kleine buurtinitiatieven, buurtbedrijfjes veel meer het initiatief kunnen nemen. De vraag is daarmee gerechtvaardigd ook richting de wethouder – ik was niet bij de bespreking in de raadscommissie KDD, excuses daarvoor anders had ik mijn vraag daar wel gesteld – in hoeverre we hier een scherpe grens kunnen stellen. U zegt, het gaat om winsten maar de vraag is misschien ook dat je als marktpartij een positie kunt bewerkstelligen zonder dat je winst maakt. Hoe voorkomen we dat dat een glijdende schaal wordt. Dat is nog wel een zorg. Die is misschien wat filosofisch, maar ik leg ‘m toch maar neer. Ik weet dat deze wethouder niet wegloopt voor grote filosofische vragen en ik wil hem deze filosofische vraag toch voorleggen. Ik heb geen moties meegebracht maar ik vraag wel om aandacht voor twee zaken, wellicht in de vorm van een toezegging.
Dat is allereerst dat ik denk dat de belangen van de bewoners in deze stad als het gaat om allerlei zaken niet altijd dezelfde kans krijgen als de grote bedrijven, als vastgoedbedrijven, als grote instellingen. Bewoners delven soms toch het onderspit en voeren een ongelijkwaardige strijd. Ik zou denken dat het goed is om bij vergunningverlening, op het moment dat we met zo’n partij een contract aangaan, dat we een soort bewonerseffectrapportage zoals een milieueffectrapportage maar dan voor bewoners opstellen. Dus de impact van iets voor bewoners. Wat hebben die bewoners er aan? Kwalitatief en kwantitatief. Dat dient in ieder geval te worden meegewogen. Dat dient in kaart te zijn gebracht en het dient uiteindelijk onderdeel uit te maken van de beslissing om iets daadwerkelijk te vergunnen en met elkaar verder te gaan. Ik begreep al eerder dat het ook in het participatieplan zat dus ik denk in die zin dat het al in de lijn zit maar ik vraag om een toezegging van de wethouder hierop. Ik dien geen motie in, hoor, maar ik hoop dat dit juist ook een mogelijkheid is. Ik denk dat het belangrijk is. Het tweede is dat ik ook merk in de stukken dat er nog een kleine omissie zit en dat gaat over groepen bewoners die maatschappelijk of gemeentelijk vastgoed willen kopen of willen huren en daar niet altijd de businesscase rond krijgen. Dat staat
.
41
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
nadrukkelijk benoemd in uw verhaal. De oplossing daarvoor is nog niet voorhanden. Nu las ik in de stukken van Centrum, in het advies van het Dagelijks Bestuur Centrum, een aardig voorstel om in navolging van de gemeente Utrecht te gaan kijken hoe we dat oplossen door niet alleen te kijken naar de waarde van het pand maar ook te kijken naar de maatschappelijke waarde. Ik zeg het niet helemaal duidelijk. Dus niet alleen kijken naar de prijs van een pand maar ook naar de maatschappelijke waarde en die dan mee te wegen zodat ook de partijen die maatschappelijk iets willen bereiken, een reële kans hebben en ze tegenover vastgoed en dergelijke op een volwaardige manier positie te geven. Ik hoop dat dat misschien een optie is. Ik vond het voorstel vanuit Centrum interessant en ik hoop ook daarop iets van een toezegging te krijgen. (Mevrouw GROOTEN: Ik heb nog even een vraag over die bewonerseffectrapportage want ik wil goed snappen wat de heer Flentge bedoelt. Hij heeft het over de vergunning van deze buurtrechten dus als zo’n initiatief dat krijgt. Maar dat zijn toch bewoners? Dus waarom zou er een bewonerseffectrapportage moeten worden opgesteld voor een initiatief van bewoners? Kan de heer Flentge dat verduidelijken?) Het kan zijn dat een klein groepje bewoners een initiatief krijgt.
Dat kan zeer veel meerwaarde hebben, maar het is niet zeker dat alle bewoners daarbij meerwaarde ervaren. Het kan ook zijn – als u de heer Vroege goed heeft beluisterd – dat allerlei marktpartijen het gaan doen en dan zou ik er helemaal prijs op stellen dat we ook gewoon kijken naar wat een brede laag is om te kijken wat een buurt of een wijk daarvan vindt. Dus niet de groep die de aanvraag doet maar om te kijken of alle bewoners daadwerkelijk vinden dat het echt iets is wat in hun voordeel is. (Mevrouw GROOTEN: Wat ze vinden. Een bewonerseffectrapportage kan ook zijn dat je kijkt naar wat de impact voor mensen kan zijn. Maar vinden is eigenlijk meer een peiling. Dat lijkt misschien eerder op buurtbegroten of zo. Dus dat je mensen gaat vragen, wat willen mensen. Hoe ziet de heer Flentge dat dan voor zich?) Soms heb je natuurlijk dat je voorafgaand een vergunning moet afgeven. Voorafgaand daarop ga je het al peilen. Ik denk dat je dit ook in een latere fase kunt peilen maar ook voorafgaand. Ik denk dat het toch goed is om te zien wat er vanuit de bewoners wordt meegegeven. Ik zou dat in ieder geval in kaart willen brengen, die plussen en minnen. Dat kan soms wat zachter zijn in de zin van vinden. Maar het kan ook wat sterker zijn in de zin van wat is daadwerkelijk het effect en kunnen we dat voorspellen. Beide is wat mij betreft reëel.
Ik denk niet dat daarmee nu een kant en klaar model voorligt, maar ik denk wel dat het interessant is dat zo’n soort model moet worden uitgewerkt. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw VAN SOEST: Geen behoefte, voorzitter. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kiliç. Mevrouw KILIÇ: Ik kan het kort houden. Buurtrechten lijkt de fractie van DENK een uitstekend middel om burgerparticipatie te verbeteren maar dan moeten die wel goed te volgen zijn voor iedereen. Er is een groep betrokken bewoners die zelfstandig is, maar er is ook een groep die de taal nog niet voldoende machtig is. De fractie van DENK vreest dat die groep er wellicht geen gebruik van kan maken terwijl ze dat wel zou willen. Daarom hebben we een motie met het verzoek een handboek op te stellen voor burgers
.
42
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
die gebruik willen maken van buurtrechten en dit handboek zo te verwoorden dat het goed te volgen is voor laaggeletterden en anderstalige Amsterdammers en in het bijzonder een handboek in een van de veel gesproken talen die Amsterdam rijk is. Wij denken dat we hiermee buurtrechten nog inclusiever kunnen maken. (De heer VROEGE: Even ter verduidelijking. Bedoelt mevrouw Kiliç Engels als een van de meest gesproken talen van Amsterdam?) Onder andere. Dat is een van de talen die wordt gesproken, maar we kunnen ook aan andere talen denken bijvoorbeeld het Marokkaans, het Turks, etc. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Groot Wassink voor de beantwoording van de vragen en een preadvies op de moties. Wethouder GROOT WASSINK: Dank aan de verschillende leden die opmerkingen hebben gemaakt over dit beleidskader. Ik ben aangenaam verrast dat dit tot bijna een ideologische discussie leidde. Het is toch prettig dat de heer Vroege dat dan toch een beetje los maakt. Ik zou het zelf zeker niet liberaal noemen, ik zou het eerder libertair noemen. Daarin zit toch wel een duidelijk verschil. Maar de heer Vroege heeft natuurlijk wel gelijk dat het gaat over een andere relatie vanuit de gedachte dat de overheid niet alles kan oplossen.
Eigenlijk in de dingen die we de afgelopen jaren hebben gedaan, hebben we vaker met elkaar geconstateerd dat er in de verhouding tussen overheid, burger en markt dingen mis zitten en dat we moeten kijken hoe we daarop correcties kunnen laten plaatsvinden. Dit is inderdaad een mogelijkheid voor burgers om een grotere rol te eisen bijvoorbeeld in taken in buurten die tot voorheen dan door de overheid werden gedaan. De heer Vroege had een paar vragen en dat ging onder andere over dat er ook verantwoordelijkheden zijn. Ja, vanzelfsprekend. En die moet je ook met elkaar afspreken. Je draagt dit niet zomaar over en zegt, toedeloe, zoek het uit. Daar hoort natuurlijk een set afspraken bij. En natuurlijk, bestuurders blijven altijd verantwoordelijk. Dus het gaat er natuurlijk om als je een taak overdraagt, dat het ook wel aan de bestuurder is om daar goed toezicht op te houden dat het gebeurt conform de kaders zoals wij die met elkaar hebben afgesproken. Ook als je een overeenkomst sluit, is dat wel een overeenkomst die past in het subsidiebeleid en dergelijke dus daar zitten gewoon kaders op. Daar moeten bestuurders vanzelfsprekend op afrekenbaar zijn. Dat lijkt mij helder. Mevrouw Grooten citeerde inderdaad de kernzin.
Het gaat er echt over hoe we niet de regels van de bureaucratie leidend kunnen laten zijn, maar juist de bureaucratie hierdoor kunnen laten veranderen en hoe we drempels kunnen verlagen. In de discussie over marktwerking wil ik heel nadrukkelijk opmerken dat dit absoluut niet de bedoeling heeft allerlei overheidstaken te privatiseren. Heel nadrukkelijk is het gericht op bewoners. Dat wil niet zeggen dat bedrijven zijn uitgesloten mits daar in samenwerking met bewoners dan ook draagvlak voor is. In die zin kan ik alvast verklappen dat ik de motie van de heer Vroege positief ga preadviseren maar wel heel nadrukkelijk zoals ik ook in de raadscommissie aangaf, dat dit een instrument voor bewoners is. Ondernemers zijn heel vaak ook bewoners dus die zijn zeker niet uitgesloten, maar het is nadrukkelijk niet de bedoeling om overheidstaken in private handen te brengen. De heer Flentge heeft zelfs het mogelijke risico van misschien wel een monopoliepositie. Nou ja, dat is natuurlijk uitgesloten. Het moet altijd ook door bewoners en door buurten worden gedragen. Het is zeker niet de bedoeling om daar winst op te maken. Het is heel nadrukkelijk de bedoeling dat bewoners het initiatief naar zich toe trekken omdat ik denk dat bewoners heel vaak goede zo niet betere ideeën hebben dan wij als overheid of markt.
.
43
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
(De heer VROEGE: Toch een vraag ter verduidelijking want het is toch niet de bedoeling dat bewoners dan altijd zelf het werk gaan doen? Stel je besluit met een aantal bewoners de afvalinzameling in een bepaalde wijk zelf te gaan organiseren, dan krijg je daar budget voor en dan mag je toch een marktpartij inhuren om dat werk dan te gaan uitvoeren? Dan hoef je toch niet zelf met je eigen auto het afval van de straat af te gaan halen? Dat heb ik toch goed begrepen?) Dat is correct; dat mag maar wel onder strikte voorwaarden. De bedoeling is natuurlijk ook dat het niet meer mag kosten. Het betekent niet dat je op geen enkele manier met een ondernemer kunt samenwerken, maar het is natuurlijk niet de bedoeling dat we de vuilnisophaal privatiseren of iets dergelijks. Die moet natuurlijk nog steeds aan allerlei voorwaarden voldoen. De voorwaarden zoals wij die met elkaar afspreken. Maar als dat bijvoorbeeld op een goedkopere manier kan, nou ja, dan vind ik dat niet per se erg. Maar het is nadrukkelijk niet de bedoeling om dit een instrument van het bedrijfsleven te maken, maar een instrument van bewoners. Dat wil zeggen, je kunt daar nog steeds in gezamenlijkheid aan werken. Mevrouw Heinhuis had het over eigenaarschap. Ik denk dat dat inderdaad heel erg belangrijk is. In dat verband zou ik eigenlijk wel willen wijzen op het heel aardige boekje Groot denken en klein doen.
U kent het waarschijnlijk wel. Ik denk dat daarin heel fraai uiteengezet is wat herstel van vertrouwen soms kan zijn. Soms zit dat in hele kleine interventies. Ik heb ook wel het gevoel dat dit voorstel in die geest is. Inderdaad, het voorstel heeft vele vaders of moeders, dat is hartstikke mooi. Maar het moet nu natuurlijk ook nog wel vele kinderen krijgen. Die cultuuromslag is wat dat betreft heel belangrijk. Ik denk dat wij hier behoorlijk wat stappen in gezet hebben door dit soort dingen mogelijk te maken en te doen. We hebben een leerlijn om daaraan in de ambtelijke apparaten wat te doen omdat dit uiteindelijk de noodzakelijke transformatie van de overheid zou moeten bespoedigen. Een overheid die ontvankelijker is voor signalen uit buurten, signalen uit bewoners en dus op een andere manier met eigen regels en kaders omgaat die nu nog te vaak blokkeren en niet dienend zijn. Uiteindelijk is de overheid natuurlijk altijd dienend aan de samenleving. U had het over de wirwar en dat bewoners door de bomen het bos niet meer zouden kunnen zien. Ik denk dat u daarmee bewoners onderschat. Ik denk dat zij daartoe prima in staat zijn. Tegelijkertijd zie ik het ook wel als onze plicht en verantwoordelijkheid om de verschillende mogelijkheden die mensen hebben heel nadrukkelijk onder de aandacht te brengen waardoor ik denk dat die verwarring er eigenlijk niet is.
Dit is wel echt een specifiek instrument waar groepen bewoners echt actief kunnen worden ondersteund om dit mogelijk te maken. U weet, we hebben al wat initiatieven in de stad die op deze manier werken. Dus ik denk dat dat wel meevalt, maar wij zullen daar zelf natuurlijk wel duidelijk communiceren. De heer Flentge, daarover heb ik eigenlijk al wel iets gezegd. (De heer VAN SCHIJNDEL: Ik was heel geïnteresseerd in het boekje dat de wethouder noemde, Groot denken, klein doen. Wie is de schrijver daarvan|?) (De VOORZITTER: De heer Herman Tjeenk Willink heeft dit na zijn periode bij de Raad van State geschreven. Ik ben maar even zo vrij.) Dank, voorzitter. En er is een geüpdatete versie van gemaakt die echt de moeite waard is. Het is hartstikke dun. Het is hier vlakbij te koop. Je hebt het in een avond uit. Geweldig. Ik vond het een heel leuk en interessant werk. (De VOORZITTER: En dan zeg ik maar namens de heer Tjeenk Willink: dank voor deze reclame.)
.
44
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
(Mevrouw HEINHUIS: Toch nog een verhelderende vraag dan. De wethouder maakt zich er geen zorgen over dat bewoners de weg niet zullen kunnen vinden. Maar ik vroeg er ook naar hoe ervoor kan worden gezorgd dat niet alleen de bewoners die altijd al de weg weten te vinden, een bepaalde groep, hiervan gebruik gaan maken. Kan de wethouder dat nog toelichten?) Een terechte vraag. Wij willen heel nadrukkelijk juist via stadsdelen en via stadsdeelnetwerken proberen zo veel mogelijk mensen hierover te informeren. Je ziet natuurlijk nu al dat er in de stad tal van initiatieven is helemaal niet van the usual suspects. Die weten soms inderdaad de weg naar het stadhuis helemaal niet te vinden. Heel vaak zijn ze in de gebieden met gebiedsmakelaars, gebiedsmanagers prima op de hoogte. Dus ik zie echt een grote rol weggelegd om de lokale netwerken daarin aan te boren. In die zin denk ik dat we de wat stillere stemmen kunnen versterken en juist hen dit kunnen aanreiken. Dat is heel nadrukkelijk de bedoeling. Dat zeg ik eigenlijk ook in de richting van mevrouw Kiliç. Die heeft het over anderstaligen. Ik zal er zo bij de preadvisering nog wat over zeggen. Het is heel nadrukkelijk de bedoeling dat iedereen dit kan gebruiken en dat het niet alleen maar de usual suspects zijn. (De heer KREUGER: Maar hoe bepaalt het college dan of het een usual suspect is?) Oh, dat bepaalt het college helemaal niet.
We hebben hier juist een ondersteunende voorziening die kijkt of een buurtrecht werkt of niet. Een usual suspect, daarmee bedoel ik dat er natuurlijk best groepen in de stad zijn die we bij sommige inspraak wat vaker zien. Dat is overigens zeer waardevol. Er wordt wel eens wat min gedaan over mensen die heel betrokken zijn en die dan als beroepsparticipanten worden genoemd. Ik wil daar helemaal niet min over doen. Het is namelijk een hele belangrijke en grote betrokkenheid. Tegelijkertijd, als je de afweging maakt, vind ik dat je wel moet kijken dat je in de spreiding van initiatieven bijvoorbeeld rekening houdt. Dus het is niet aan het college om te bepalen of iemand een usual suspect is. Het is uiteindelijk aan het BIMI, het bureau dat dit gaat begeleiden, om een oordeel te hebben over bijvoorbeeld draagvlak in de buurt. Dus het doel is heel nadrukkelijk zo veel mogelijk initiatieven en mensen hieraan te verbinden. Als daar usual suspects bij zouden zitten, vind ik dat niet per se erg. (De heer KREUGER: Dat klinkt dan bijna alsof we gaan turven hoe vaak iemand hier op het stadhuis is geweest.
Het kan natuurlijk zomaar zo zijn, bij het voorbeeld dat de heer Vroege net aandroeg dat je dus wel iemand mag inhuren om dat te gaan doen en dan is er misschien iemand die hier nog nooit is geweest en die wel een bedrijfje heeft en een idee daaromheen en dat gaat uitbesteden aan zijn eigen bedrijfje of iemand anders die hij kent. Dat zou kunnen gebeuren maar dat is geen usual suspect.) Dat lijkt mij niet in lijn met onze subsidie- en inkoopvoorwaarden. Volgens mij gaat het hier echt om breed gedragen initiatieven. Dus het is echt niet de bedoeling dat er hier een individu is dat dan bijvoorbeeld een bekende van hem weer inhuurt. Dit moet echt wel een wat breder draagvlak hebben voordat het zo maar kan. Ik vind ook dat we met elkaar moeten kijken dat het op een juiste manier gaat. De evaluatie is natuurlijk echt belangrijk om dit soort verbanden nu juist te voorkomen. Dit is natuurlijk echt wat je niet wilt. Als de heer Kreuger dat bedoelt, ben ik dat volstrekt met hem eens. (De heer VROEGE: Nog een aanvullende reactie want de wethouder noemde in reactie op de heer Kreuger bureau BIMI, Bureau Integraal
.
45
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Maatschappelijk Initiatief, dat wordt opgericht in februari/maart 2022 lees ik in de brief die wij vrijdag kregen. Een brief overigens die heel veel informatie bevatte. Dank daarvoor. Oprichting van dit bureau klinkt heel bureaucratisch en heel groot. Misschien kan de wethouder even duiden waaraan we dan denken bij zo’n organisatie?) Ik heb u hierover eerder geïnformeerd bij de Regeling maatschappelijk initiatief. Dit is allemaal niet heel groot of megalomaan. Dit gaat er gewoon om dat er mensen zijn die ook zijn benoemd door het college en die met elkaar een afweging kunnen maken. Dat is niet met een pand en gouden kranen of dergelijke. Zeker niet. (De heer VROEGE: Dan toch ter verduidelijking. Zijn dit dan gewoon ambtenaren in dienst van de gemeente of is dit een externe commissie zoals we ook het Kunstenfonds hebben en andere fondsen die extern zaken beoordelen en toetsen?) Dit gaat over externen die dat toetsen en beoordelen. De heer Flentge had nog een vraag over de bewonerseffectrapportage. De heer Flentge weet dat in het participatiekader de bewonerseffectrapportage zeer nadrukkelijk is genoemd als een logisch instrument dat we nader wensen te onderzoeken. De vraag is natuurlijk wel wat je precies wilt meten. Ik vind het wel een interessante suggestie.
Hier is natuurlijk draagvlak in de buurt en betrokkenheid zeer belangrijk maar ik wil de heer Flentge toezeggen te kijken of we een bewonerseffectrapportage hierin kunnen verwerken. Mogelijkerwijs zou het kunnen helpen de legitimiteit van dit soort initiatieven nader te duiden. Hij neemt dat mee in het onderzoek en komt er graag op terug. Ik denk dat dat absoluut zinvol kan zijn. De suggestie over vastgoed – vastgoed is lastig want dat is een schaars goed in deze stad. Tegelijkertijd zie je in Noord dat het dus wel kan. Ik moet me even verder verdiepen in wat u zegt over die maatschappelijke waarden en hoe je dat meerekent. We hebben natuurlijk veel maatschappelijke belangen in deze stad tegen elkaar af te wegen. Maatschappelijk vastgoed waarvan ik overigens geen voorstander van zou zijn om dat aan een initiatief te verkopen maar om te verhuren zodat het bezit bij ons blijft. We hebben het soms over het afwegen van heel legitieme belangen tegenover elkaar. Soms heb je het ook gewoon over een huisartsenpost of iets dergelijks. Dus hoe we dan met maatschappelijke waarden omgaan? Het kan heel goed zijn dat er verschillende mogelijke huurders zijn met maatschappelijke waarde. Hoe je het soortelijk gewicht van die verschillende partijen dan bepaalt, daarover moet ik dan nog even goed puzzelen. Ik vind het op zich geen slechte suggestie. Dus die neem ik ook graag mee, voorzitter.
Motie nr. 809.21 van de heer Vroege heb ik al positief gepreadviseerd. Motie nr. 810.21 van mevrouw Kiliç, daarbij geldt dat ik best voor voorlichting ben voor zo veel mogelijk mensen. In Amsterdam gaan we natuurlijk gebruik maken van de verschillende netwerken omdat we ons juist realiseren dat traditionele communicatie misschien niet iedereen zal bereiken. Maar een handboek voor laaggeletterden en anderstaligen opstellen, dat gaat me dan wel echt even iets te ver. Ik denk dat we met waar we nu staan en juist door gebruik te maken van die netwerken, prima in staat zijn heel veel mensen te bereiken. Nu een handboek laaggeletterden en anderstaligen, dat vind ik echt een brug te ver. Dan moeten we dat eigenlijk voor elke beleidsinterventie en elk beleidsvoorstel doen en daar zou ik gewoon niet voor zijn. Dat neemt niet weg dat wij vanzelfsprekend aandacht hebben voor laaggeletterdheid in de hele brede organisatie van de gemeente. Anderstaligen, daar ben ik toch geneigd het algemene beleid van de gemeente Amsterdam te volgen. Dus die motie moet ik negatief preadviseren. (Mevrouw KILIÇ: Als ik de wethouder goed begrijp, is het zo: als burgers een initiatief hebben, dan zouden ze dat via netwerken moeten initiëren.
.
46
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Licht ik het zo goed uit? Het is natuurlijk ook zo dat burgers natuurlijk ook individuele initiatieven hebben en niet aangesloten zijn bij een netwerk en laaggeletterd zijn of de taal niet goed beheersten. Die kunnen dan nergens terecht. Het document is namelijk zelfs voor iemand die is opgeleid, een beetje taaie kost.) Ik denk dat er heel veel mensen in deze stad zijn die meertalig zijn en die misschien wel dominant één taal spreken maar zich best kunnen redden met een andere taal. Ik denk dat wij in de communicatie en we kunnen daar een extra inzet op doen, middels netwerken en dergelijke die mensen echt wel kunnen bereiken. Daarom gaat voor nu het opstellen van een handboek echt te ver. Ik denk, als je initiatieven wilt bereiken, dat zijn eigenlijk nooit individuen, dat zijn eigenlijk altijd grotere groepen mensen die je probeert te bereiken. Dus daar zit eigenlijk mijn knelpunt. Een heel handboek hiervoor schrijven vind ik echt te ver gaan. We gaan veel energie steken in laagdrempelige communicatie. We zijn met die netwerken bezig. Dat is wat mij betreft voldoende. Motie nr. 819.21 van mevrouw Grooten over het omgekeerde uitdaagrecht. Groningen en Rotterdam gaan dat onderzoeken. Het is nog niet zo dat ze daar al zijn. Wij willen heel graag aansluiten bij dat onderzoek en we willen dat heel graag meenemen in de evaluatie.
Er is een Actie evaluatiemogelijkheden in budgetten, subsidie en aanbesteding. Als ik de motie zo kan opvatten omdat het dus in Rotterdam nog niet zo is dat het daar echt al is, maar als wij kunnen aansluiten bij dat onderzoek en kunnen kijken hoe dat werkt en dan bij u terugkomen, dan kan ik de motie positief preadviseren. De tweede motie is eigenlijk een beetje hetzelfde. Het onderzoeken van mogelijkheden en kansen binnen de gemeentelijke aanbesteding is onderdeel van de in het beleidskader opgenomen Actie evaluatiemogelijkheden in budgetten, subsidie een aanbesteding. Daarin wordt voorgesteld verschillende scenario’s te ontwikkelen hoe dat nu precies kan en die worden dan voorgelegd aan college en raad. Daarbinnen kunnen we wel onderzoeken of aanjagende budgetten kunnen worden gerealiseerd en op welke manier er ruimte kan worden gemaakt. Als ik de motie op deze manier mag interpreteren, kan ik de motie positief preadviseren. Daarmee ben ik aan het einde van mijn beantwoording gekomen. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een tweede termijn? Dat is niet het geval. De discussie wordt gesloten.
5. Instemmen met de Toekomstvisie drinkwater VN2021-027992 De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: Motie van de leden Boomsma, Bloemberg-Issa en Kreuger inzake de Toekomstvisie Drinkwater, Vermindering gebruik drinkwater door datacenters, nr. 828.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
te onderzoeken of en hoe bestaande datacenters kunnen worden verplicht dan wel verleid om over te stappen op koelsystemen die geen of nauwelijks drinkwater gebruiken;
.
47
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
-
R
de vestigingsvoorwaarden voor datacenters aan te scherpen zodat alleen vergunningen worden gegeven aan datacenters die geen of nauwelijks gebruik maken van drinkwater om hun servers te koelen.
De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kuiper. Mevrouw KUIPER: Nu duidelijk wordt dat Waternet binnen vijf tot tien jaar niet meer kan voldoen aan de watervraag als Amsterdam zo blijft groeien, is het ons duidelijk dat hier investeringen nodig zijn. In de raadscommissie hebben we gesproken over de verschillende aspecten van het watervraagprobleem en we zijn echt onder de indruk van alle inspanningen die worden gedaan om onze stad van goed drinkwater te voorzien en wat er allemaal bij komt kijken. De informatie die we daarover hebben gehad, is bijzonder interessant. Ik kijk zelf in ieder geval met andere ogen naar de omgeving van Amsterdam waar al dat water vandaan komt. De discussie heeft zich toegespitst op de datacenters. Die hebben onze speciale aandacht. Dat zijn echte energieslurpers maar ook waterslurpers. Ik ben afgegaan op de informatie van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied. Daaruit is mij gebleken dat er ongeveer 40 datacenters zijn. Nu ben ik benieuwd of u van hetzelfde aantal datacenters uitgaat als wij of heeft u een ander aantal voor ogen? In ieder geval geeft de Omgevingsdienst aan dat die 40 datacenters ongeveer elf procent van het energieverbruik van de bedrijven in Amsterdam gebruiken. Nu zijn wij benieuwd hoeveel van het waterverbruik deze energieslurpers eigenlijk hebben als het om drinkwater gaat.
Wat is hun beslag op het goede drinkwater dat wij met elkaar hebben. Mijn vraag is dan ook of de wethouder bindende afspraken kan maken met de datacenters zodat zij zo min mogelijk beslag leggen op het schone drinkwater dat onze stad zo hard nodig heeft. Het voorstel voor de gevraagde investering zullen wij uiteraard steunen. Het is een van de meest essentiële zaken voor onze inwoners. Dank u wel. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Vroege. De heer VROEGE: Schoon water uit de kraan. Er is bijna niets meer vanzelfsprekends voor alle Amsterdammers en alle Nederlanders. Mijn moeder zei vroeger altijd als ik dorst had: de kraan heeft genoeg. Dat is misschien de reden dat wij in deze gemeenteraad zo weinig over water spreken. Ten minste, we spreken wel vaak over water maar dan gaat het over bootjes of over hertjes of als het aan de heer Flentge ligt, over picknicktafels maar veel te weinig over ons drinkwater. Dat komt ook omdat we lang dachten – ten minste, ik zelf – daar gaan toch anderen over: Waternet in dat mooie gebouw daar langs de Amstel, het Waterschap – dat heeft ook water in de naam. Die zullen er echt wel over gaan.
Het was dankzij de fractie van DENK die constant aandacht vroeg voor de problemen met ICT bij Waternet dat ik mij realiseerde dat wij als gemeente zelf ook een verantwoordelijkheid hebben in dit voor de stad zo cruciale proces en wij als gemeenteraad dus ook. Nu weet ik dat onze huidige wethouder veel ervaring heeft met het Waterschap en ook met Waternet en dat hij voornemens is de governance flink op te schonen. Alle steun daarvoor. Ik wil hem nadrukkelijk verzoeken daarbij de taken en verantwoordelijkheden van gemeente en gemeenteraad in kaart te brengen zodat wij, de gemeenteraad, ook na de verkiezingen beter weten waarvoor wij verantwoordelijk zijn en die verantwoordelijkheid ook ten volle kunnen oppakken.
.
48
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Kreuger. De heer KREUGER: Een mogelijk drinkwatertekort in de toekomst. Ik denk dat een hoop mensen ervan zijn geschrokken. Ikzelf niet en dat komt doordat ik me al een tijdje bezighoud met het watergebruik door datacenters. Er is in de provincie NoordHolland een groot rapport over verschenen en daarin stond al dat zeker op warme dagen het gebruik van water door datacenters voor grote tekorten kan zorgen. Ik heb daarover schriftelijke vragen gesteld. Daarin vraag ik onder andere of de gemeente Amsterdam bekend is met de situatie in Hollands Kroon. Dan zegt het college daarover bekend te zijn met die situatie en dat is voor ons juist de reden geweest dat wij een datacenterstrategie hebben opgesteld zodat we het hier wel in goede banen leiden. Dan zou je daar gerust op zijn, maar als je dan doorbladert in schriftelijke vragen die ik samen met de heer Boomsma van het CDA heb gesteld, dan staat er op een gegeven moment dat het college nog geen goed overzicht heeft van het watergebruik door datacenters en het gebruik van chemicaliën. Dan denk ik, dat zijn dus twee dingen die niet met elkaar samenvallen. Hoe kan het nu dat je zegt, we zetten een strategie op zodat we weten wat we aan het doen zijn en dan geef je later toe, we hebben eigenlijk helemaal geen idee hoeveel water ze gebruiken en ook als het gaat om het gebruik van chemicaliën.
Ik ben op werkbezoek geweest met de heer Boomsma bij een datacenter. Daar lagen gewoon de chloordrijvers aan de kant. Ik heb toen gevraagd waarvoor dat was. Ja, nee, die liggen daar gewoon of iets dergelijks. Er komen gewoon niet heel veel antwoorden op de vraag wat daar nu precies gebeurt. Mijn suggestie zou zijn en ik hoop dat dat kan worden afgedaan met een toezegging, dat wij het onderzoek dat is uitgevoerd namens de provincie Noord-Holland door een extern bureau, dat we exact datzelfde onderzoek hier in Amsterdam gaan herhalen en daarin een goede inschatting kunnen maken van de situatie zoals die hier in Amsterdam is. Ik hoop dat de wethouder dat aan mij kan toezeggen. Verder ben ik mede-indiener van de motie die de heer Boomsma zo meteen indient. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boomsma. De heer BOOMSMA: Ik ben het helemaal eens met de heer Vroege dat het belangrijk is die verantwoordelijkheden in kaart te brengen. Dit document moet wel alle alarmbellen doen rinkelen. Ik vraag me zeer af of dit nu niet de volgende is in de reeks van kerntaken die de overheid de afgelopen jaren heeft verwaarloosd? Dus naast het fundamentele onderhoud van bruggen en kademuren kregen we het onderhoud en het op peil houden van het elektriciteitsnet. Nu merken we dat ook in de voorziening van water te weinig is geïnvesteerd.
In ieder geval zijn er nu plotseling grote bedragen nodig om dat op peil te houden. Vorig jaar stond nog in de datacenterstrategie dat we de komende tien jaar zullen moeten investeren om de productiviteit te verhogen. Maar hier staat gewoon dat er binnen vijf jaar een tekort ontstaat. Dus opeens hoge kosten. Dus opeens ook hogere kosten voor Amsterdammers al weten we nu nog niet precies hoeveel dat zal bedragen en komt dat nog terug in de uitvoeringsprogramma’s. Ik denk dat het heel belangrijk is de verhoging van die kosten voor Amsterdammers zo veel mogelijk te beperken. Het gaat echt om een basisbehoefte, water. Dus ik was het in die zin niet helemaal eens met de heer Van Lammeren die zei, water is eigenlijk veel te goedkoop. Het gaat om een basisbehoefte en we zien door de enorme inflatie die nu optreedt, dat dingen toch al steeds duurder worden. Dat moeten we echt zo veel mogelijk beperken. Misschien moeten we die investeringskosten op een andere manier gaan dekken.
.
49
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Ten aanzien van de datacenters ben ik inderdaad samen met de heer Kreuger een aantal datacenters langs geweest. We hebben daar gehoord dat er nog wel technologieën zijn die servers kunnen koelen zonder water. Die bestonden vroeger ook. Inmiddels zijn er nieuwe generaties waterloze koelingen die eigenlijk beter werken. Dus die technologie is nu beschikbaar. Als ik het in dit stuk zo bekijk, dan is het nog wat algemeen gesteld. ‘We gaan eens kijken’ en ’Waternet werkt misschien aan overleg of nieuwe eisen aan datacenters’. Wij denken dat dat nu wel wat sterker kan. Daarom de motie om te onderzoeken of we niet nu in gesprek kunnen gaan met die datacenters om zodra dat kan, over te schakelen op technologie die geen drinkwater gebruikt. Dus hetzij een andere manier van koeling gebruiken, hetzij hemelwater. Maar zeker voor nieuwe datacenters zul je een hele harde eis moeten stellen. Er is gewoon een alternatieve technologie, dus laten we die als vereiste opnemen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder De Vries voor de beantwoording van de vragen en een preadvies op de motie. Wethouder DE VRIES: Dank voor de bijdragen op dit onderwerp. Laat ik zeggen, een aantal sprekers vroeg zich af wat nu eigenlijk onze positie is op dit vlak, wat we hier precies bespreken en wat de impact van onze uitspraken is. Laat ik daarover helder zijn.
Degene die bepaalt hoe het drinkwater hier wordt geregeld, dat bent u. Dat is uw verantwoordelijkheid. Het college doet u een voorstel. We hebben er hard over nagedacht, maar uiteindelijk bent u degene die beslist. Met deze toekomstvisie legt u dat vast. Het is misschien een beetje een uitzonderlijke situatie in Nederland, maar wij zijn de enige plek in Nederland waar een gemeente rechtstreeks over de drinkwaterorganisatie gaat. Waternet doet veel meer maar daarin zit ook de drinkwaterorganisatie. Wij zijn daar als gemeente rechtstreeks opdrachtgever van. Ons opdrachtgeverschap is dat u als hoogste orgaan van de gemeente die opdracht ook verleent. In de dagelijkse gang van zaken wordt er gewoon goed drinkwater gemaakt. Maar eens in de zoveel tijd moet je natuurlijk met elkaar stilstaan en het beleid voor de komende jaren bepalen en dat beleid bepalen voor de komende jaren, dat staat in deze toekomstvisie. Dat kan, de heer Vroege gaf het al aan, mogelijk in de toekomst veranderen als we de governance van Waternet veranderen. Onderdeel van die discussie gaat worden, maar dan loop ik op een agendapunt vooruit dat we de komende maanden nog gaan behandelen – welke positie het drinkwaterdeel krijgt. Blijft dat rechtstreeks onder de gemeente vallen of wordt het een aparte organisatie en een aparte deelneming? Dat kan. Dat besluiten we dan met elkaar.
Maar voor dit moment is het dus gewoon onderdeel van de gemeente en wordt het uitgevoerd door Waternet. Dat gezegd zijnde stellen we dus nu de toekomstvisie met elkaar vast. (De heer VROEGE: Misschien een flauwe vraag maar waarom is dan het beleidsdocument op papier van Waternet afgedrukt en staat er niet heel groot Gemeente Amsterdam boven? Dan heb ik immers het gevoel dat we hierover gaan. Als ik nu het stuk lees, dan denk ik, het is van een organisatie waarvan ik wel weet wat die doet, maar ik weet niet dat dat onder verantwoordelijkheid van de gemeenteraad valt.) Dat is een goede vraag. Waternet handelt volledig in opdracht van ons. Dus men heeft dit voor ons gemaakt en het vervolgens op zijn eigen briefpapier afgedrukt. We hadden kunnen vragen het briefpapier van de gemeente hiervoor te gebruiken, maar dit stuk dat hier ligt, is voor ons gemaakt, is in onze opdracht gemaakt en is door de organisatie Waternet gemaakt. Dat blijkt ook uit de opdruk op het papier. Maar het is van ons en wij moeten het uiteindelijk vaststellen.
.
50
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Ik ben het met alle sprekers eens dat water inderdaad een eerste levensbehoefte is en dat we dus absoluut een belangrijke verantwoordelijkheid daarin moeten nemen. Ik ben het niet eens met de vraag of we nu achterstalligheid te pakken hebben. Dat is zeker niet het geval. Deze toekomstvisie kijkt juist op de zaken vooruit en we gaan als we doen wat in deze toekomstvisie staat, achterstalligheid juist voorkomen. We zijn er dan dus op tijd bij om de groei van de hoeveelheid drinkwater die we nodig hebben, voor elkaar te krijgen. Dat gaat natuurlijk inspanningen kosten. We zijn er op tijd bij en die inspanningen gaan we met elkaar kunnen leveren. Dan is het des te scherper wie dan het drinkwater gebruikt. Het is in ieder geval voor de Amsterdammers en de bedrijven hier, maar ook de industrie heeft dat drinkwater nodig. U leest duidelijk in de toekomstvisie de voorstellen om daar heel stringent mee om te gaan en te zeggen, eigenlijk heeft de industrie geen drinkwater nodig, geen water van drinkwaterkwaliteit. Dus misschien moeten we naar alternatieven gaan kijken. Dat komt vervolgens in het uitwerkingsprogramma terug. In de motie van de heer Boomsma c.s. lees ik een nog wat striktere uitspraak ten aanzien van drinkwater van datacenters te willen doen. Datacenters in de toekomst niet en het liefst de huidige datacenters ertoe bewegen van het drinkwater af te gaan.
We hebben gewoon contracten met ze. In die zin zijn we een verplichting met ze aangegaan maar de oproep in de motie om nu al in gesprek te gaan met de huidige datacenters die op dit moment drinkwater gebruiken en te kijken of ze iets anders willen gebruiken, daarover zijn we als college positief. Wel willen we binnen het kader van onze verplichtingen blijven. Als het gaat om het ineens niet meer nakomen van je verplichtingen die je contractueel gewoon hebt, dan kan dat niet. Maar in gesprek treden met de huidige datacenters om te kijken of ze misschien een alternatieve vorm van koeling of op ander water, oppervlaktewater of iets dergelijks, kunnen overstappen, dat lijkt mij een goed idee. Mevrouw Kuiper vroeg ook nog hoeveel datacenters er dan zijn. Vanuit de drinkwaterkolom, de datacenters die op dit moment een contract hebben met het drinkwaterbedrijf, zijn dat er 25. Dat leidt tot een gemiddeld gebruik van 0,7 procent. Maar zoals sommige sprekers al zeiden, op die warme dagen in de zomer natuurlijk meer juist als de watervraag hoog is. (Mevrouw KUIPER: Wat mij een beetje verbaast, is dat u uitgaat van 25. Dan denk ik, waar zijn die andere 15? Die zijn dus wel bekend bij de Omgevingsdienst. Gebruiken die dan geen drinkwater? Heeft u een verklaring voor het verschil in getallen dat dan wordt gehanteerd?) Het kan zijn dat die drinkwater van PWN gebruiken.
Dat is de andere partij die drinkwater in onze regio levert. Het kan ook zijn dat ze geen drinkwater gebruiken maar dat ze oppervlaktewater gebruiken of dat ze andere koelsystemen hebben die niet op water zijn gebaseerd. Wij kunnen alleen nagaan met wie wij op dit moment een contract hebben. Dat zijn er 25. Dan uw vraag hoe dat verder wordt ingepast in het datacenterbeleid. De heer Kreuger vroeg ook of we daarnaar onderzoek kunnen doen. In het kader van de oproep van de motie, als die wordt aangenomen, dan denk ik dat het er automatisch toe leidt dat we onderzoek moeten gaan doen. Dus in dat kader gaan we zeker een onderzoek doen. Een onderzoek doen naar het datacenterbeleid, dat vind ik een beetje moeilijk om nu toe te zeggen, want ik ben niet de wethouder die verantwoordelijk is voor het datacenterbeleid. Dat zou ik dan met de collega moeten gaan overleggen of zij ook vindt dat we daarnaar op dit moment onderzoek moeten gaan doen. In het kader van het drinkwater, als de motie van Boomsma c.s. wordt aangenomen, gaan we dat onderzoek zeker doen. Het tweede deel van die motie, daarvoor zou ik willen vragen dat nu niet in
.
51
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
stemming te brengen om de simpele reden dat dat echt gaat over het datacenterbeleid als zodanig en dat staat nu niet op de agenda. Dus ik vind het een beetje lastig daarover positief te preadviseren. Als we naar de motie van de heer Boomsma c.s. kijken, dan ben ik dus positief over het eerste dictum met de kanttekening dat we uiteraard altijd onze contractuele verplichtingen blijven nakomen. Maar over het tweede dictum ben ik niet positief. We zitten nu niet in een algemeen gesprek over datacenters en dus ook niet over het vaststellen van de vestigingsvoorwaarden. Dat is meer een procedurele opmerking. (De heer BOOMSMA: Er staat nu inderdaad ‘de vestigingsvoorwaarden aan te scherpen.’ Dus ik kan dan nog enigszins begrijpen dat de wethouder dat nu te snel vindt gaan. Maar als we daarvan nu maken ‘te onderzoeken of we de vestigingsvoorwaarden voor datacenters kunnen aanscherpen’ dan lijkt me dat dat wel degelijk betrekking heeft op dit onderwerp omdat het specifiek gaat om water. Dus zou de motie dan wel op instemming kunnen rekenen?) Ik wil best onderzoeken of het mogelijk is of je op grond hiervan het vergunningbeleid zou kunnen voeren. Dat wil ik dan echt met mijn collega afstemmen. Het kan ook de detournement de pouvoir zijn dat je zegt, u krijgt geen vergunning want u neemt drinkwater van iemand af. Daar moeten we ook voor uitkijken.
Dus ik wil het best onderzoeken in welke context dat kan maar dat wil ik ook met mijn collega afstemmen. (De heer KREUGER: Ik snap de volgorde wel dat u moet overleggen maar wat ik altijd zo moeilijk vind in dit soort situaties is dat het eigenlijk heel logisch is om dit gewoon te doen. U heeft zelf in de raadscommissie gezegd dat er gewoon alternatieven zijn voor het koelen. Dus waarom zou je dan niet gewoon zeggen, we gaan die vestigingsvoorwaarden aanpassen want we weten dat die alternatieven er zijn. Dat is toch een no-brainer? Ik snap wel dat je formeel moet overleggen maar dit kun je toch gewoon zo positief preadviseren?) Ja. Kijk, wat volgens mij in de toekomstvisie staat die u allemaal heeft ontvangen, dat is dat we als uitgangspunt moeten nemen dat datacenters geen gebruik maken van ons drinkwater in de toekomst. Dat is duidelijker dan dit want hier komt een aantal elementen bij dus a) of het over het algemeen datacenterbeleid gaat en b) of het over vergunningverlening gaat. Dat maakt het hier complexer. Volgens mij is de tekst die in de toekomstvisie staat namelijk ‘voor toekomstige datacenters willen we in principe geen drinkwater gebruiken’ veel helderder. Hier komt een aantal extra elementen bij die gewoon even moeten worden onderzocht. Vandaar dat ik zeg, als er staat ‘onderzoeken’ dat ik het wel wil overnemen.
Maar als het er zo staat, dan zou ik het negatief moeten preadviseren om procedurele redenen. (Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: Ik had nog even een vraag of de wethouder een idee heeft wanneer hij hierop kan terugkomen, op die onderzoeken.) Wij komen met een uitvoeringsprogramma in het voorjaar. Dan zal ik ook bij het presenteren van het uitvoeringsprogramma kenbaar maken hoe we de uitvoering van deze motie hebben gedaan. (De heer ERNSTING: Ik lees in deel 2 op pagina 14 dat datacenters een grote druk kunnen gaan leggen op de beschikbare productie en leveringscapaciteit van bronnen van zoet water. Uitgangspunt is dat er alternatieven moeten worden gezocht voor de inzet van drinkwater en dat Waternet werkt aan een afwegingskader om aanvragen voor wateraansluitingen te kunnen beoordelen. Maar daar zou zo’n onderzoek
.
52
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
zich toch op kunnen toespitsen? Dus niet zo zeer op de vergunningverlening, maar op het afwegingskader.) Dat is wat ik probeerde duidelijk te maken. De heer Ernsting zegt het begrijpelijker. Dat is wat ik probeerde duidelijk te maken. Enerzijds willen we het eigenlijk niet. Dat moet ook worden opgenomen in ons uitvoeringsprogramma hoe we dat dan doen. We moeten natuurlijk ook de alternatieven in kaart gaan brengen. En anderzijds gaat dat brede afwegingskader niet alleen over datacenters maar ook over andere industrie die ook veel drinkwater gebruikt en waarvan we ook zeggen, doe dat liever niet met drinkwater. Dus dat afwegingskader is wat breder. Over datacenters is de uitspraak: dat doen we liever niet. Ik heb het gevoel dat ik alle vragen heb behandeld. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een tweede termijn? Het woord is aan de heer Boomsma. De heer BOOMSMA: Mag ik heel even, een minuut, schorsen? De VOORZITTER: We waren eigenlijk van plan zo even een korte sanitaire pauze in te lassen van vijf minuten in te lassen en dan doen we dat meteen. Dan vraag ik de wethouder zich voor te bereiden op agendapunt 10.
De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.
De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boomsma. De heer BOOMSMA: Dank voor de beantwoording van de wethouder. We hebben onze motie conform zijn advies aangepast en ook conform de suggestie van de heer Ernsting wat breder gemaakt dan alleen datacenters. Dan gaat het om ook andere industriële installaties waarbij er alternatieve technologieën aanwezig zijn. Het zou goed zijn te onderzoeken hoe we vervolgens daarop zouden kunnen sturen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder De Vries voor de beantwoording van de vragen en een preadvies op de motie. Wethouder DE VRIES: Ik heb natuurlijk nog niet iets voor me maar als ik de heer Boomsma goed begrijp, dan denk ik dat we het eens zijn over het tweede dictum en dan kan ik positief zijn over de hele motie. Ik weet niet of het al ergens staat. Ik ga even uit van de mondelinge inbreng van de heer Boomsma en op grond daarvan kan ik er positief over zijn. Verder zou ik dan willen afsluiten met de herhaling van het aanbod dat we hebben gedaan, dat iedereen die daarvoor belangstelling heeft in het vroege voorjaar nog een keer kan komen kijken bij de drinkwaterinstallatie in Weesperkarspel om te zien hoe het dan echt gaat met dat drinkwater. De VOORZITTER: Op dat aanbod wordt her en der geknikt.
.
53
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
De motie-Boomsma c.s. nr. 828.21, ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: Motie van de leden Boomsma, Bloemberg-Issa en Kreuger inzake de Toekomstvisie Drinkwater, Vermindering gebruik drinkwater door datacenters, nr. 828’.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
-
te onderzoeken of en hoe bestaande datacenters kunnen worden verplicht dan wel verleid om over te stappen op koelsystemen die geen of nauwelijks drinkwater gebruiken; te onderzoeken of en hoe de vestigingsvoorwaarden voor datacenters en andere grote industriële bedrijven kunnen worden aangescherpt zodat alleen vergunningen worden gegeven aan ontwikkelingen die zo min mogelijk gebruik maken van drinkwater.
De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER: Daarmee sluiten we dit onderwerp af. De discussie wordt gesloten.
10. Vaststellen van de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden VN2021-030585 De VOORZITTER deelt mee dat de volgende moties en amendementen zijn ingekomen: Motie van de leden Warmerdam, Vroege en Boutkan inzake een prijsvraag voor een afbakening voor het nieuwe cruisegebied bij de Oeverlanden (Nieuwe Meer), nr. 803.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
een prijsvraag uit te schrijven om tot een kunstzinnige afbakening te komen van het nieuwe cruisegebied bij de Oeverlanden (Nieuwe Meer) en hierbij nadrukkelijk de gebruikers te betrekken.
Motie van het lid Kuiper inzake de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden / SADC-strook, nr. 822.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
de SADC-strook – de strook tussen de A4 en de Oude Haagseweg – integraal onderdeel te laten uitmaken van de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden.
.
54
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Amendement van het lid Flentge inzake bescherm Huizingastrand en stadsstrand op de Riekerkaap, nr. 801.21
de
natuur,
geen
Besluit: -
beslispunt 3 d op pagina 1: “De Oeverlanden blijven dankzij die zonering, ook in de toekomst, een belangrijke rol vervullen in het gehele ecologische netwerk van Amsterdam en regio én kunnen tegelijkertijd een belangrijke functie vervullen voor de toenemende behoefte aan recreatiemogelijkheden aan het water. Kunst, cultuur en sport hebben ook een belangrijke plek in De Oeverlanden, en er blijft ruimte voor cruisen.” te wijzigen in: 3d “De Oeverlanden blijven dankzij die zonering, ook in de toekomst, een belangrijke rol vervullen in het gehele ecologische netwerk van Amsterdam en regio én kunnen tegelijkertijd een belangrijke functie vervullen voor de toenemende behoefte aan recreatiemogelijkheden aan het water. Maar om de natuur te beschermen komt er geen onderzoek naar de haalbaarheid van het Huizingastrand en het stadsstrand op de Riekerkaap. Kunst, cultuur en sport hebben ook een belangrijke plek in De Oeverlanden, en er blijft ruimte voor cruisen.”
-
en de onderliggende stukken op het bovenstaande aan te passen.
Amendement van het lid Flentge inzake bescherm de natuur geen nieuwe entrees maar bestaande entrees versterken bij De Oeverlanden, nr. 802.21 Besluit: -
aan beslispunt 3e op pagina 1: “Om natuur en recreatie goed in balans te houden zijn er, naast de zonering, in de toekomst ook forse ingrepen en investeringen noodzakelijk in natuurbehoud én – ontwikkeling en in het vergroten van de recreatiewaarden.” toe te voegen: “Om de natuurwaarden te beschermen komt er geen nieuwe entree bij de Johan Huizingalaan. De bestaande entrees worden verbeterd. Waar mogelijk gebeurt dit door de komst van een vlonderpad. Bij het verbeteren van de bestaande entrees worden geen bomen gekapt.”
-
en onderliggende stukken op het bovenstaande aan te passen
Motie van het lid Bloemberg-Issa inzake de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden, Onderzoek naar gevolgen voor natuurwaarden, nr. 830.21 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders:
.
55
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
-
R
bij plannen voor een nieuwe entree eerst te onderzoeken wat de gevolgen zijn voor de natuurwaarden in De Oeverlanden en verschillende scenario’s uit te werken om de ecologische schade te beperken.
De moties en amendementen maken deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Renssen – die vandaag jarig is, dus van harte. Mevrouw VAN RENSSEN: Dank voor de gelukwensen. Het is een bijzonder feestelijke dag vooral ook omdat we hopelijk de ontwikkelstrategie Oeverlanden vandaag bespreken en morgen gaan vaststellen. Het is namelijk een heel bijzonder gebied waar ik me al zo’n drie jaar veel mee bezig houd. Het is fijn dat we dit zo groen mogelijk gaan houden. Ondanks dat er sprake is van meer druk en meer bezoekers en mogelijk wordt gesproken over het doortrekken van de Noord/Zuidlijn lukt het ons om de oeverlanden zo groen mogelijk te houden. Het gaat om veel. Het gaat namelijk om natuur. Er zijn heel bijzondere natuurwaarden. Dat zijn niet alleen de Schotse hooglanders maar ook ijsvogels, libelles, het bruine zandoogje maar ook orchideeën en boomklevers die zich allemaal in dat gebied thuisvoelen. Dat is heel bijzonder zo vlak bij de stad. Maar natuur is niet alleen voor tevredenen of legen zoals Bloem ooit zei. Veel Amsterdammers maken heel graag gebruik van dit bijzondere gebied en het gaat dan ook op natuureducatie en watersport, maar ook om behoud van het cruisegebied en de duidelijke afbakening daarvan, recreatie en kunst en cultuur. We zijn alleen niet klaar met deze ontwikkelstrategie.
We moeten blijven inzetten op handhaving en op beheer en onderhoud. Ik heb ook begrepen van de wethouder al tijdens de raadscommissie dat we in ieder geval goed zullen kijken hoe we toekomstig beheer vorm kunnen geven om juist al die verschillende gebruikers en de aanwezige natuur daar te ondersteunen maar ook bijvoorbeeld de Vereniging Oeverlanden Blijven te helpen bij het onderhoud en beheer. Ik wil vooral iedereen bedanken die een bijdrage heeft geleverd in de afgelopen drie jaar voor het behoud van dit gebied en zich niet aflatend blijft inzetten. Dat zijn onder andere de Vereniging Oeverlanden Blijven maar ook Nieuw en Meer, Kunst en Bedrijven, tuinpark Ons buiten en de jachthaven Ons Anker. Ik hoop dat we hier nog heel lang en heel veel van deze natuur kunnen blijven genieten. Dank u wel. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kuiper. Mevrouw KUIPER: Wij kunnen instemmen met het vaststellen van de ontwikkelstrategie van het landschapspark De Oeverlanden maar zoals ook in de raadscommissie Ruimtelijke Ordening aangegeven, mist er wat ons betreft nog iets. We doelen dan specifiek op de zogenaamde SADC-strook, de strook grond tussen de A4 en de Oude Haagseweg. Die staat namelijk niet aangeduid als projectgebied op kaartbeelden. Er is voor gekozen deze strook niet op te nemen in het projectgebied van de ontwikkelstrategie maar wij zouden dat graag anders zien.
Daarom dienen we hiertoe een motie in. Wij willen de strook graag opnemen in de strategie en daarmee borgen dat de natuurwaarde behouden blijft. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Flentge. De heer FLENTGE: Ik denk dat er heel veel gevaar is geweken rond De Oeverlanden de afgelopen periode. Heel veel mensen, organisaties, het bedrijfsleven,
.
56
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
maar ook woningbouw, allemaal partijen die hun oog kunnen laten vallen op zo’n gebied. In die zin ben ik natuurlijk heel positief over het feit dat veel goede waarden nog steeds behouden kunnen blijven voor de Oeverlanden. Op twee zaken heb ik een amendement ingediend omdat ik enerzijds vind dat het toevoegen van een strand, echt een publiekstrekker, echt een gevaarlijke ontwikkeling is omdat ik vrees dat dat leidt tot nieuwe entree die een aanzuigende werking zal hebben. Dat zeg ik vooral vanwege de grote waarde die het centrale gedeelte heeft. Kijk ook naar het rapport van Waardenburg daarover. We weten allemaal hoe die waarden juist in dat deel van De Oeverlanden hoge natuurwaarde kennen. In die zin vind ik het geen goede ontwikkeling om daar dan een strandje toe te voegen – ook omdat ik denk dat er alternatieven zijn bijvoorbeeld aan de westkant. Daar staat al het een en ander maar ik denk dat je daar wel versterking kunt zoeken en dat je daar tegemoet kunt komen aan de wens van heel veel bewoners om naar het strand toe te gaan. Dat zijn de belangrijkste onderwerpen eigenlijk. Ik vind de motie van de heer Warmerdam eigenlijk wel interessant en ik ben benieuwd hoe het preadvies daarop zal luiden.
Ik hoop in ieder geval wel op steun vanuit de raad voor mijn twee amendementen als het gaat om het strandje enerzijds en anderzijds geen bomenkap voor een mogelijke entree die nodig is. Ik hoop echt dat in deze raad deze twee elementen om het plan echt nog beter te maken en de gevaren af te wenden deze stap maakt. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Warmerdam. De heer WARMERDAM: Mijn hoop was dat ik als laatste spreker zou mogen omdat ik graag na de heer Van Schijndel had gesproken. Ik vermoed dat dit het enige onderwerp is waar Forum voor Democratie en D66 het met elkaar eens zijn. Dan is het wel heel typisch dat het nu gaat om cruisende mannen. Dus dit is het enige onderwerp waarover wij het eens gaan zijn. De Oeverlanden vormen een prachtig stuk natuur in Amsterdam en het is een uitdaging om een balans te vinden tussen enerzijds natuurbehoud en natuurversterking en anderzijds om Amsterdammers van die mooie natuur te laten genieten. D66 vindt dat het college daarin slaagt met dit plan. De Oeverlanden bij de Nieuwe Meer is ook een plek waar mannen cruisen, waar ze intiem zijn met elkaar en waar ze seks hebben. In de nieuwe indeling is hiermee gelukkig ook rekening gehouden en hier is ruimte voor. We hebben tijdens de raadscommissie Ruimtelijke Ordening hierover uitgebreid gesproken en dit was een goede discussie.
D66 staat voor diversiteit en de vrijheid van alle Amsterdammers dus ook en misschien ook juist voor cruisers. Een opmerking die tijdens dat raadscommissiedebat werd gemaakt, is bij mij blijven hangen. Dat was de opmerking: het is 2021; doe dat lekker thuis. Dat was dan de heer Boomsma. Nu kan ik de heer Boomsma gaan vertellen dat het ook in 2021 voor veel homo’s en biseksuele mannen niet mogelijk is om thuis intiem te zijn. Dat is veel van ons helaas niet gegund. Ik kan uitleggen dat politici niets maar dan ook werkelijk niets te maken hebben met hoe en waar volwassen Amsterdammers seks hebben met elkaar en ik kan vertellen hoe cruisen voor de gayscene een historisch betekenis heeft die teruggaat tot de 17de eeuw en dat wij tot heel recent werden vervolgd als we seks hadden. Nog in de jaren vijftig werden honderden mannen opgepakt. Dus als de heer Boomsma heel nonchalant zegt, het is 2021, doe het lekker thuis, dan vraag ik hem wel die context, de context die ik net schets, de historische context, de culturele context en ook de sociale context wel in het achterhoofd te houden. (De heer BOOMSMA: Kijk, ik heb dat toen inderdaad aangegeven, maar als de heer Warmerdam zegt, we hebben er niets over te zeggen waar
.
57
wst Jaar
2021
Vergaderdatum 1 dec 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
mensen dit doen, dan ligt hier nu gewoon voor of we hier zo’n gebied aanwijzen. Misschien is het inderdaad te stellig om te zeggen, doe dat lekker thuis. Dat is inderdaad voor sommige mensen misschien helaas geen optie. Dat herken ik zeker. Of het is moeilijk en mensen lopen tegen allerlei bezwaren aan. Maar erkent hij dan wel dat er gewoon een dilemma is omdat er ook mensen zijn die dat echt onprettig vinden om daarmee te worden geconfronteerd in de openbare ruimte. Die afweging moet worden gemaakt doordat zo’n ruimte en die natuur steeds intensiever worden gebruikt. Dan kun je daar toch ook wel rekening mee houden. En dan kun je ook kijken naar mogelijke andere plekken zij het niet bij iemand thuis of wat dan ook. Maar als het in de openbare ruimte is of in de natuur, dan daar waar andere mensen er dan toch zo min mogelijk last van hebben?) De heer Boomsma zegt een aantal heel goede dingen namelijk dat die afbakening heel belangrijk is. Dat is prettig voor de cruisers zelf maar natuurlijk ook voor al die andere mensen die van De Oeverlanden gebruik maken. Ik reken er dan ook op dat het CDA onze motie zal steunen en dat het belangrijk is die afbakening goed te maken. Ik ervaar toch een bepaalde handreiking van de heer Boomsma en die neem ik graag aan. Misschien is het een goed idee als wij een keer samen op werkbezoek gaan naar de Nieuwe Meer.
Ik stel voor dat het CDA en D66 samen naar de Nieuwe Meer gaan en wellicht verandert het CDA dan ook van standpunt voor wat betreft het cruisegebied. Dan maken we samen een wandeling en dan zorg ik voor de chocolademelk met slagroom. (De VOORZITTER: In dat geval wil misschien de hele raad mee.) De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Schijndel. De heer VAN SCHIJNDEL: Dit is een heel mooi stukje ruimtelijke ordening. Ik ga weer terug naar m’n oude stil, als het ware. Best een goed stuk van wethouder Van Doorninck. Mijn verhaal bestaat uit een algemeen deel over eigenlijk twee vormen van conservatisme. Je hebt het herstelconservatisme en je hebt hervorimingsconservatisme. Primair is Forum voor Democratie voor herstelconservatisme. Herstel van de nationale parlementaire democratie. Die is sterk afgekalfd. Twee ontwikkelingen: rechterlijke macht grijpt de macht – bijvoorbeeld Urgenda: begrotingsrecht van het parlement wordt materieel uitgeschakeld. En de andere ontwikkeling is natuurlijk Brussel, Europese regels bijvoorbeeld over stikstof. Ja, stikstofcrisis, woningbouw op slot. Dus dat is het herstelconservatisme dat zich daartegen keert. Maar er is ook een veel ouder conservatisme en dat is het hervormingsconservatisme. Dat is ook des Forums. Dat is eigenlijk het in goede banen leiden van een maatschappelijke ontwikkeling.
Dan is het dus zo dat al decennia mannen daar cruisen in dat gebied. Conservatisme heeft dus niets te maken met vasthouden aan een Victoriaanse seksuele moraal. Dat wilde ik even gezegd hebben. In casu gaat het om het vinden van een goede balans tussen de natuurwaarde, recreatie voor gezinnen en zo en het cruisen. Dan vind ik, hoewel ik eigenlijk geen fan ben van de wethouder voor Ruimtelijke Ordening op heel veel terreinen, dat dit toch een prima gebalanceerd plan is. Dat wilde ik even opmerken. (De heer WARMERDAM: Ik heb het niet helemaal kunnen volgen. Kan de heer Van Schijndel nog een keer het verschil tussen herstelconservatisme en hervormingsconservatisme uitleggen?)