CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20210616 Gemeente Amsterdam Raadsvergadering middag

RAAD 7 juli 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de notulen van de raadsvergadering op 16 juni 202139.212 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

20

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De heer VAN LAMMEREN: Ik wil de Rekeningencommissie bedanken en ik wil het college bedanken. Dit is eigenlijk het belangrijkste document van het jaar. Het probleem is alleen dat we natuurlijk de financiële kaders bekijken en natuurlijk ook de indicatoren. Mijn collega Boutkan zei het al, die indicatoren zijn waanzinnig belangrijk. Nu zijn heel veel indicatoren vanwege de coronacrisis best wel lastig te controleren om de doelstelling en het uiteindelijk behaalde resultaat met elkaar te vergelijken. Toch wil ik deze crisis aanpakken om die indicatoren tegen het licht te houden. Als we die indicatoren als leidend zouden nemen, dan zou dit college eigenlijk moeten zeggen, we hebben te weinig meldingen gehad van overlast en van regenwater. Want de indicator stond op 4000 en er zijn slechts 2500 meldingen geweest. Foei college, foei. Dat is natuurlijk heel raar. Dus ik wil deze raad bij de volgende begroting echt laten meedenken en laten nadenken over welke indicatoren wij nu belangrijk vinden. Dit zijn immers echt hele rare indicatoren. Nu over de inhoud. Dit college heeft een onderbesteding gedaan op groen. We hebben het aantal te herplanten bomen niet behaald. Als we een onderbesteding op groen hebben, dan staat er dat er een positief resultaat is. Ook dat is vreemd. Zoals ik het ken, zeg ik dat dit college gewoon te weinig geld aan groen heeft uitgegeven. Foei.

Dat zou ik moeten zeggen en dat zeg ik ook. Ik weet dat er een inhaalslag is om die bomen te herplanten, maar we vinden het belangrijk. Dit zijn de indicatoren waarnaar we moeten kijken. Het resultaat valt mij niet tegen. We hebben te veel geld uitgegeven conform wat we verwachtten als gevolg van de coronacrisis. Ik denk dat dit college zijn taak goed heeft gedaan. Ik heb nog wel een vraag aan de raad. Ik heb de vraag al aan het college gesteld. Hoe moreel verantwoord vindt deze gemeenteraad het om de biomassacentrale van het AEB te gaan verkopen en daarmee biomassa aan de markt te geven wetende dat we hier in Amsterdam continu bomen aan het verbranden zijn terwijl we in Europa eindelijk door hebben dat biomassa niet duurzaam is. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Nanninga. Mevrouw NANNINGA: Dank voor dit Jaarverslag. We hebben daarover wat vragen en ik zeg even dat ik ook namens de heer Kreuger spreek die in de raadscommissie de voorbereiding heeft gedaan. Die is ziek vandaag. U moet het vandaag even met mij doen. Ten eerste de solvabiliteit, dus de verhouding tussen schuld en eigen vermogen daalt al jaren en dat is een fenomeen dat voor bijna alle gemeenten geldt.

Hoe kijkt onze wethouder daartegenaan en hoe gaan we dit tijd keren? Verder lijkt de wethouder mee te gaan met GroenLinks die zegt dat het er niet zo veel toe doet hoe hoog de schuld is zolang we de rente maar kunnen betalen. Maar wat nu als die rente over een paar jaar weer gaat stijgen? Dan willen we toch dat onze schuld niet al te hoog is, lijkt mij. Is de wethouder dat met JA21 eens en kan de wethouder aangeven wat wat hem betreft dan de maximale schuld is? 140 procent? 150 procent? 200 procent? Zoals Griekenland? Wat JA21 betreft is 130 procent schuld toch wel de max. Laten we niet vergeten dat Italië voor de coronacrisis een overheidsschuld van 130 procent had en dan gaat het niet zo goed meer als er geen buffers meer zijn. (De heer VAN DANTZIG: Wel goed dat JA21 zo scherp op de schuld zit. Dat doet mij deugd. Wat ik mij afvroeg in deze context, u heeft waarschijnlijk de brief van de Rekenkamer hierover gelezen, die aangeeft dat er binnen kaders misschien nog wel meer ruimte in de schuld zit. Vond ik onverstandig maar ik ken u als hoeder van alle rapporten van de Rekenkamer en ik ben benieuwd naar uw visie daarop.)

21

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

U overvraagt mij enigszins, mijnheer Van Dantzig. Ik neem dit echt over van de heer Kreuger. Ik zeg u eerlijk, ik heb die brief niet uitvoerig tot mij genomen. (De heer VAN SCHIJNDEL: Al weer een ondersteunende interruptie. Kijk, die brief was eigenlijk heel interessant want daar is ineens de voorzitter van de Rekenkamer die komt zeggen, als het maar echt ... (De VOORZITTER: Mijnheer Van Schijndel, moet dit niet gewoon in uw eigen termijn? Heeft u een vraag aan mevrouw Nanninga?) (De heer VAN SCHIJNDEL: Het punt is dat deze interventie in het politieke debat door de voorzitter van de Rekenkamer wat mij betreft een tikkeltje vreemd is maar het moet toch kunnen. Bent u het daarmee dan wel eens dat zo’n voorzitter van de Rekenkamer dit soort tamelijk politieke uitspraken mag doen?) Van mij mag de voorzitter van de Rekenkamer doen wat hij wil. Ik dank u voor de steunende interruptie. Misschien zouden we samen een partij kunnen beginnen. Ik noem maar een dwarsstraat. Goed, en dan het belangrijkste en daar dook de wethouder toch wat weg tijdens de vergadering van de raadscommissie Financiën. Het college zegt dat het anticyclisch investeert dus dat het nu wat meer uitgeeft om daarmee de economie aan te zwengelen.

Dat is prima maar zoals de wethouder zelf opmerkte, dan is de keerzijde natuurlijk wel dat je ook moet sparen op momenten dat het goed gaat of zoals de wethouder het noemde, je moet het dak repareren als de zon schijnt. De wethouder deed in de raadscommissie alsof dat een debat is over de toekomst maar het is natuurlijk gewoon een debat over het verleden. Als je veel geld wilt uitgeven in de slechte dagen, dan moet je dat wel bij elkaar sparen als het economisch gezien mooi weer is. Het college heeft van 2018 tot 2020 twee jaar lang economisch mooi weer gehad en toen is er vrolijk uitgegeven en niet gespaard. Dus onze vragen aan het college en aan de wethouder zijn, kan het college aangeven wat nu juist het nut is om te sparen en om te besparen? Is dat in een crisis zoals nu of is dat in een periode als het economisch goed gaat zoals in de eerste twee jaar van de bestuursperiode van dit college of is het vooral als dit college weg is waarbij iemand anders, de opvolger, het vervelende werk mag gaan doen? Ik ben benieuwd naar het antwoord van deze wethouder. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boomsma. De heer BOOMSMA: Heel veel dank namens de CDA-fractie aan het college, aan de Rekeningencommissie voor het vele en zorgvuldige werk en ook aan de ACAM. Dit Jaarverslag is inderdaad het verslag van een heel raar jaar.

Vlak voor het begin van deze bestuursperiode kon een wethouder nog zeggen dat het geld in Amsterdam tegen de plinten klotste. Toch hadden we in 2018 ook al een tekort van 36 miljoen euro en vorig jaar een tekort van 90 miljoen euro en we hadden ook nog eens honderden miljoenen euro’s ingeteerd op de reserves. Daardoor waren we toch minder goed voorbereid op de crisis die toen toesloeg. Dit jaar is er natuurlijk meer dan 180 miljoen euro tekort maar het tekort voor dit jaar is natuurlijk volledig begrijpelijk en dat tekort is ook terecht. Immers, in een crisis als deze is dit het uitgerekende moment om geld te blijven uitgeven en om de middelen die je hebt daarvoor aan te spreken. Om de algemene reserve te herstellen wordt er nu gekeken naar de erfpachters. Die moeten worden aangevuld met de baten van de overstapregelig. Die baten zijn al tegengevallen dit jaar. Dat had de CDA-fractie natuurlijk ook al voorspeld. Reken je nu niet rijk want veel minder mensen kopen af. Ik denk dat dat gezien allerlei ontwikkelingen niet beter zal worden en ik denk dat we daarmee zeer voorzichtig moeten omgaan. Ik wil de wethouder vragen daarop nog te reflecteren. Hoe ziet hij nu het risico dat

22

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

het toch echt veel minder zal zijn doordat er veel minder wordt afgekocht ook nu het college zelf tussen aanbiedingen heeft gepauzeerd. Hoe realistisch zijn dan die inkomsten nog? Dan heeft het college in antwoord op de technische vragen gezegd, als het niet voldoende is, dan gaan we kijken naar de voortdurende tussentijdse afkoop. Daar staat inderdaad nu nog 80 miljoen euro. Maar hoe wordt dat geld dan nu gebruikt? En als dat een andere reserve is, dan wordt het aanspreken van dat vermogen voor het algemene vermogen van de gemeente om risico’s op te vangen toch niet beter? De vraag is ook of er jaarlijks veel wordt toegevoegd aan die reserve en hoeveel is dat dan. Dan vindt het CDA net als de heer Torn dat het belangrijk is de accountant te betrekken in een vroeg stadium bij stelselwijzigingen. We hebben die accountant, dus laten we daarvan gebruikmaken. We willen ook graag weten wanneer de gemeente compliant is wat betreft die informatiebeveiliging. Dan heb ik nog een aantal punten over de informatievoorziening. Ten eerste over de gebiedsverslagen. Heel mooi en goed dat die nu worden bijgevoegd bij het Jaarverslag maar het is nu wel een algemeen overzicht met een beschrijving van wat de prioriteiten zijn en een beetje wat men doet maar heel algemeen.

Het zou wel heel fijn zijn ook voor de raad om zijn controlerende taak uit te voeren om daaraan iets van een kwantitatieve duiding te verbinden dus wat er nu wordt uitgegeven aan die prioriteiten die in de stadsdelen worden gesteld zodat wij ook kunnen kijken of dat beleid effectief is. Eerder heb ik een motie ingediend om een indicator te ontwikkelen voor de gezinsvlucht, het fenomeen dat met name jonge gezinnen met een middeninkomen de stad op een gegeven moment verlaten. Dat willen wij natuurlijk niet. Wij willen die gezinnen graag behouden voor de stad. Kan de wethouder aangeven wanneer die indicator dan inderdaad kan worden opgenomen? Het lijkt ons heel belangrijk daarop zicht te hebben. De schone stad. De gemeente moet zorgen voor een schone openbare ruimte. Dat vindt het CDA een van de belangrijke kerntaken van de gemeentelijke overheid. Op dit moment is de stad gewoon te vies. We zien ook dat Amsterdammers dat buitengewoon belangrijk vinden en dat er veel ergernis over is wanneer dat niet goed gaat. Het heeft veel politieke aandacht en dan is het toch eigenlijk best gek dat wij als raad heel weinig zicht hebben op wat er nu gebeurt en wat er nu precies wordt uitgegeven aan de verschillende activiteiten om die stad schoon te houden. Dat zit ‘m er ook in dat het is verdeeld over allemaal verschillende programma’s.

Ook in de updates die we krijgen, in brieven, wordt het vaak algemeen gehouden en niet gespecificeerd. Als Duisenbergrapporteur voor dit jaar heb ik dat samen met mevrouw Van Pijpen gedaan. Ik kan u zeggen, het was best moeilijk om überhaupt te weten wat er nu wordt uitgegeven aan het schoonhouden van de stad en om dat goed op een rij te krijgen laat staan dat te kunnen verbinden aan resultaten. Dat moeten we als politiek beter weten om daar goed op te kunnen sturen. Vandaar dat we inderdaad een motie hebben opgesteld om die aanbeveling van de rapporteurs over te nemen om dat helder en duidelijk te rapporteren. Tot slot CO2 besparen, een van de belangrijkste opgaven van dit college. Een van de beste manieren om dat te doen is het isoleren van woningen. Daarvoor is geen indicator ook niet in de klimaatrapportage. Dus daartoe heb ik ook een motie opgesteld. Ik denk dat het goed zou zijn daarop beter zicht te houden als gemeenteraad. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw VAN SOEST: Geen bijdrage. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kuiper.

23

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Mevrouw KUIPER: Geen bijdrage. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Veldhuyzen. De heer VELDHUYZEN: Geen bijdrage. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Schijndel. De heer VAN SCHIJNDEL: Mijn bijdrage kan redelijk kort zijn. Die staat in het teken van voortschrijdend inzicht en rechtmatigheid. Ik heb even de BIO opgezocht. Er is een beleidsregel Integriteit en Overeenkomsten die wordt gehanteerd om overeenkomsten met partijen te screenen om te zien of daar een luchtje aan zit. Ik denk dat de gemeente dat ook op zichzelf zou kunnen betrekken. Als gezagsdrager moet je altijd ruimte laten voor voortschrijdend inzicht. (De heer ERNSTING: Een verheldering, want nu snap ik onze BIOverwarring eerder in het debat. Ik had het over de Baseline Informatiebeveiliging Overheden en dat is een andere BIO dan de Vordering Integriteit Openbaar Bestuur. Dat is dan nu helder geworden.) Ik dank de heer Ernsting voor deze uitermate zinnige interruptie. Heel veel dank daarvoor. Als gezagsdrager, wethouder of raadslid moet je altijd ruimte laten voor voortschrijdend inzicht. Men nam immers ooit het besluit terwijl men niet alle wijsheid in pacht had. Soms kan het ook zo zijn dat door een verandering van omstandigheden een verplichting ontstaat om beleid dat er is, te herzien. Cruciaal is dus het genomen besluit niet koste wat het kost overeind te willen houden.

De opdracht is nieuwe informatie gewoon toe te laten. De afgelopen jaren heb ik gemerkt dat van dat voortschrijdend inzicht in de stadspolitiek amper sprake is. Helaas. Ik ga hier in op een paar grote onderwerpen waarvan de meeste in de sfeer van wethouder Van Doorninck liggen maar er zitten ook belangrijke financiële implicaties aan. Lutkemeer, Haven-Stad, erfpacht en daarna corona waar in mijn visie de burgemeester in de lead is. Lutkemeer, geen millimeter vooruitgang, keihard bijna Stalinistisch houdt de wethouder vol dat het bedrijventerrein leidt tot grotere natuurwaarden. Alleen door coalitiedwang blijft de bestemming bedrijventerrein overeind. Ik heb van de Lutkemeer een groot punt gemaakt om die funeste coalitiedwang te laten uitkomen en om te benadrukken dat het af en toe echt de kunst is weerstand te bieden tegen je eigen apparaat. Dus hoge ambtenaren willen staand beleid gewoon uitvoeren. En als GroenLinkswethouder zeg je dan, het roer moet om, de oude plannen kunnen de prullenbak in. Een kleine oppositiefractie krijgt in feite niet de kans om wezenlijk de bakens in de stadspolitiek te verzetten. Daarom zet ik me met passie en plezier in voor wat ik noem politiek-juridische belangenbehartiging. Dus bij de Lutkemeer kan de corruptionele achtergrond van het vigerende bestemmingsplan niet krachtig genoeg worden benadrukt.

(De heer TORN: Ik zit natuurlijk goed te luisteren naar de bijdrage van collega Van Schijndel. We hebben het natuurlijk over de Jaarrekening en ik probeer even een beetje mee te lezen en dit te plaatsen binnen de Jaarrekening en hoe dit is gerelateerd daaraan. Misschien kan de heer Van Schijndel even aangeven over welke pagina hij het heeft en dan specifiek de relatie met de Jaarrekening. Dan kan ik het ook begrijpen en dan kan ik meedoen in het debat.) De heer Torn weet ook dat ik over mijn eigen woorden ga. Ik vond de interruptie van de heer Ernsting vele malen zinniger. Dus ik ga gewoon door.

24

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Dus vanwege die achtergrond van dat vreselijke bestemmingsplan is er ook geen formele rechtskracht ontstaan van dat bestemmingsplan. Daar wil ik op wijzen. In een situatie dat er corruptie is geweest, is er de rechtsplicht om dan heel zorgvuldig en extra zorgvuldig te zijn en dus de milieu-effectrapportage te laten uitvoeren. Dat was gewoon verplicht in combinatie met de grootte van het areaal en de natuurwaarden die daar in het geding zijn. Dat voor dit punt. Dan Haven-Stad. Hier gaat het beter. Er is wel degelijk een beleid van versnelling. Wat ons betreft mag het nog veel sneller. Er is nu een groot obstakel gerezen omdat die 1,5 miljard euro die nodig is om de binnenring te sluiten, de metrolijn, daar is door de heer Dijsselbloem een streep door gehaald. Dus wat gaat de wethouder doen om dit te repareren? En welke andere opties zijn er eigenlijk als het Rijk er geen zin in heeft? Over erfpacht. Het Berenschotrapport was snoeihard, hartstikke duidelijk. Privaatrechtelijk en bestuursrechtelijk is die erfpacht een rampzalig regime. Ik wijs erop dat er ook uit neringsrechtelijk oogpunt grote bezwaren zijn en de klacht die nog loopt bij de Europese Commissie daarover, daar komen we nog wel een keer verder over te spreken. Tot slot iets over corona waar de burgemeester in de lead is. Ik zou zeggen, gebruik de zomermaanden voor het in gereedheid brengen van de zorg.

Dat wil zeggen, zorg voor niet een grotere zorg maar zorg voor opschaalbaarheid. Tref dus alle voorbereidingen voor opschaling voor de regio Amsterdam. Het is heel belangrijk dat een aanzienlijk deel van de bevolking zich niet zal laten vaccineren. Daar kun je verschillend over denken. De werkzaamheid van de vaccins met de mutanten enzovoorts is ook nog niet glashelder. Dus dan is het prudent om op basis van die gedachten voorbereidingen te treffen. Ik wijs in dit verband op een uitstekend interview met mijn voormalig opdrachtgever Ernst Kuiper van Erasmus Medisch Centrum in het NRC-Handelsblad van gisteren waarin hij bestuurlijk Nederland oproept om maar niet gewoon op vakantie te gaan. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Taimounti, maar die is afwezig. Dan is daarmee de bijdrage van de raad ten einde. Ik verander toch weer even de routine die ik net had bedacht. Ik stel toch voor dat de leden van het college blijven zitten want anders blijft het een heen en weer lopen. Dus de vraag is of u het even vanuit uw zitplaats wilt doen. De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering. De VOORZITTER: Ik merk op dat de bel inmiddels twee keer is gegaan. Ik geef het woord aan wethouder Everhardt. Wethouder EVERHARDT: Dank namens het college aan de Rekeningencommissie voor de aanbevelingen en de toelichting die is gegeven.

Dank ook aan alle raadsleden om debatten in diverse commissies te kunnen voeren. We gaan nu naar een afronding van dit onderwerp in de raadsvergadering. Ik wil vooraf zeggen dat het inderdaad een heel bijzonder jaar is geweest. Ik hoorde de D66-fractie het al hebben over nada, ik hoop dat dat ook echt de werkelijkheid gaat worden. Het VK geeft nu weer een iets ander beeld. Maar alle zeilen staan wat dat betreft wel weer de goede kant op. Ik kan u ook gelijk zeggen mede namens de burgemeester dat wij de volksgezondheid de komende maanden nauwgezet zullen volgen en ik kan ook antwoorden dat wij niet op een eiland leven en ons ook moeten houden aan de afspraken die op landelijk niveau worden gemaakt. Dat is een vraag die u eigenlijk aan de burgemeester stelde, maar die wil ik op deze manier beantwoorden.

25

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Een ander belangrijk punt is inderdaad het financiële beeld. Het is een knal die we hebben gekregen en we hebben daarop geanticipeerd. U heeft daarop geanticipeerd in uw programmabegroting en we hebben nu het resultaat kunnen zien. Dat betekent dat er in ieder geval die garantie is om met elkaar de volgende stappen te gaan zetten. De Voorjaarsnota komt in behandeling en we gaan inderdaad kijken hoe we daaraan het komende jaar invulling gaan geven. De Rekeningencommissie heeft een aantal belangrijke onderwerpen nog een keer geadresseerd. Er is een aantal vragen over gesteld en mijn collega Meliani gaat straks dieper in op AVG, BIO en wellicht de SAAS en mijn collega Van Doorninck zal nog een motie preadviseren. Wat ik in ieder geval ook wilde aangeven, is dat over de leesbaarheid van de Jaarrekening verder geen vragen zijn gesteld maar dat is wel een punt van meer dan aandacht bij het college en zeker bij de wethouder der Financiën. Ik heb daarvoor voorstellen gedaan om er een slag te kunnen slaan en ik ben ervan overtuigd dat we de Jaarrekening daarmee nog leesbaarder krijgen ook voor de Amsterdammer. (De heer TORN: De wethouder zegt extra alert te zijn op de uitvoering van de aanbevelingen.

Hoe gaat dat nu concreet in zijn werk? De wethouder zegt, ik heb daar aandacht voor maar wat moet ik me daarbij nu voorstellen? Is hij daarmee iedere dag bezig, iedere week? Wat betekent dat precies en wat is zijn rol daarin precies?) Ik wilde even heel specifiek dat punt over de leesbaarheid eruit lichten vanuit de Rekeningencommissie. Maar terecht, dat punt heeft u ook gevraagd. Hoe gaat de wethouder Financiën daarmee om? De wethouder Financiën zorgt ervoor dat die aanbevelingen naar B en W gaan per portefeuille zodat ze daar goed aan de orde komen. Natuurlijk staat de wethouder Financiën er ook voor dat het in gesprek met de Rekeningencommissie verder wordt besproken en ik zorg ervoor dat dat via de p&c-cyclus ook naar u als raad toekomt. Wat belangrijk is en wat we in deze cyclus met elkaar hebben doorgemaakt, is dat wij hebben gezegd dat het nog nadrukkelijker in die commissies moet worden behandeld. Dat is een belangrijk extra punt dat onder de aandacht is gebracht en ik voel me er verantwoordelijk voor dat dat gaat gebeuren. Voor de inhoud en de verdere bespreking moet inderdaad meer aandacht komen. Ik zal ervoor zorgen dat dat gebeurt maar dan kan ik het in ieder geval weer oppakken in de verantwoordingscyclus. Ik voel me er dan verantwoordelijk voor dat dat in de cyclus van B en W en via de p&c-cyclus en de Rekeningencommissie bespreekbaar wordt gemaakt.

Dat is hoe we het met elkaar hebben afgesproken. (De heer TORN: Nou ja, achter in de Jaarrekening staat een overzicht van al die aanbevelingen. Er zijn er nog weinig afgedaan. De Enquêtecommissie heeft indertijd de wethouder Financiën aangewezen om echt de regie te voeren. Mijn vraag is behalve dat u die aanbevelingen vanuit de raad de collegekamer in draagt en ze daar vervolgens uitdeelt, hoe ziet die regierol er nu uit? Zit u iedere week al die wethouders achterna en stuurt u daarop of zegt u dat doe ik eens in de zoveel tijd op de momenten van de p&c-cyclus en dan zien we het volgende p&c-product wel weer verder. Ik wil daar een beetje gevoel bij krijgen.) Vanzelfsprekend in de p&c-cyclus, vanzelfsprekend. Het bespreken in het college, het actief naar voren brengen maar uiteindelijk ook ervoor zorgen dat de inhoud bij u als raad, als commissie landt. Dat is de rol die ik daarin vervul. (De heer TORN: Dan maar gewoon even op de man af de vraag of u daar wekelijks een uur of twee uur mee bezig bent of dat u dat een keer per kwartaal doet. Hoe heeft u daarover nagedacht? Toen u wethouder werd, heeft u daarover vast nagedacht zo van dat is heel belangrijk, dat is een

26

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

regierol die ik heb, die is mij toebedeeld. Dat ga ik zo en zo concreet invullen. U denkt misschien, waar heeft hij het over dat ik me zo met uw agenda bemoei, maar ik heb het idee dat u er heel weinig tijd aan besteedt. Misschien heb ik het mis en ik word graag gerustgesteld.) Waar het om gaat, is zorgen dat het systeem werkt. En dat systeem werkt. Over de afdoening en de inhoudelijke kant daarvan, dat is ook een belangrijk punt hoe ik dat met u heb afgesproken en ook dat ik dat in samenspraak met de accountant doe. Daaraan wordt ook opvolging gegeven. Dat is hoe ik het invul. Nog twee specifieke vragen en dan zal ik een aantal moties duiden. Vragen uit de fractie van GroenLinks en van D66 zal collega Meliani oppakken. Ik ga naar de vragen vanuit de PvdA-fractie. De eerste gaat over de p&c-cyclus. Hoe kunnen we dat gaan doen? De bestuurlijke reactie op het accountantsverslag: het college neemt het advies natuurlijk over om dat samenvattend op te nemen in het Jaarverslag. We moeten daarbij wel rekening houden met de eisen die worden gesteld conform BBV. Dat staat u mij vast toe. Dan komt dat in ieder geval terug in het volgende Jaarverslag. Dat kan ik dan nu al aangeven. Dan wat u aangaf over de indicatoren, een belangrijk onderwerp.

We hebben daarover een goed rapport gekregen vanuit de Rekenkamer en we hebben daarover in de raadscommissie FEZ zoals die toen nog heette op 25 juni 2020 en ook in de raad op 2 juli 2020 gesproken over het plan van aanpak en de verbetering daarvan. De Partij voor de Dieren gaf het ook nog een keer aan, het belang van indicatoren. De overweging van ACAM kan natuurlijk onderdeel zijn van hoe we de gesprekken met u als raad daarin vorm kunnen gaan geven. De inzet van het plan van aanpak is ook om in de nieuwe coalitieperiode te gaan werken met het resultaat van die kwaliteitsverbetering zelf van die gehele doelenboom. Dus ja, ik zal daarin de ACAM zeker betrekken. We moeten nog even kijken hoe dat vorm kan krijgen en dan kan dat in ieder geval de volgende cyclus naar voren worden gebracht. (De heer BOUTKAN: Ik hoor de wethouder zeggen de volgende coalitieperiode. Betekent dat dan wel dat dat uitgewerkte voorstel nog deze coalitieperiode naar de raad komt?) Via u zeg ik dat dat zo met elkaar is afgesproken. Ik zal het bespreekbaar maken met de ACAM en dan zullen we daaraan opvolging geven. Dan een enorm belangrijk onderwerp waarop de PvdA-fractie en in het bijzonder de heer Biemond veel nadruk legt en dat is het risicomanagement. Er werd nog verwezen naar een eerder ingediende motie hierover. Dat klopt.

Dat hebben we met elkaar besproken in de raadscommissie en we hebben als college geduid hoe we daaraan opvolging wilden gaan geven. Ook in de Rekeningencommissie is dat zeker nog een keer heel nadrukkelijk aan de orde gekomen. Wij hebben gezegd, we zijn met dat project versterking operationele risico’s, VOR, echt bezig om daaraan handen en voeten te geven. Deze zal en dat is uw specifieke vraag, via het Jaarverslag bijvoorbeeld in de paragraaf Bedrijfsvoering, in beeld kunnen worden gebracht. Dat is echt de volgende stap die we kunnen maken en daarmee kunnen we in ieder geval het risico en de sturing daarop verder verrijken. Ik denk wel dat we indachtig de commissiebehandeling die we hebben gehad over de motie dat we moeten gaan kijken of dat inderdaad de invulling is waarvan u zegt, dat geeft echt handen en voeten om de volgende stap te kunnen maken dan wel dat we er misschien verder aan moeten sleutelen. Maar dat is echt hetgeen waarop ik inzet en wat ik voor u inzichtelijk ga maken. De Partij voor de Dieren had geen specifieke vraag maar benadrukte wel het belang van indicatoren. Daarop heb ik al gereflecteerd. Dan kom ik bij de fractie van JA21. We hebben een mooi debat gehad met uw collegafractielid. Waar gaat dat over? Een enorm belangrijk onderwerp namelijk hoe gaan we onze toekomstige investeringen beetpakken? U weet en dat hebben we als college

27

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

gedaan, we hebben daarvoor een voorstel gedaan. Er komt ook een voorstel voor een verandering van de verordening. Daarin is een aantal zaken van groot belang. Het eerste is inderdaad die financierbaarheid. Het kader daaromheen wat onze toezichthouder ook zegt, 130 procent en daarboven kom je in het rood. Dat is echt een belangrijk element om dat goed onder controle te kunnen houden. Het gaat echter ook over betaalbaarheid. Dat is ook een belangrijk element hoe we hierop kunnen sturen. En ten derde de realiseerbaarheid. Dat is ook een punt dat ik u als raad veelvuldig heb horen maken. Ook in de raadscommissie komt dat vaak langs, de zogenaamde boeggolf. Dus dat we investeringen klaar zetten die dan toch niet worden gerealiseerd. In die driehoek gaan we de oplossing vinden. We gaan naar u toe brengen hoe wij met dit vraagstuk verder willen gaan. Dat gaat allereerst in de verordening landen waarin u het speelveld gaat bepalen want dat is uw verantwoordelijkheid, uw bevoegdheid, laat dat helder zijn, om dan vervolgens in de programmabegroting daaraan invulling te geven. U had nog een specifieke vraag over de solvabiliteit en ik heb aangegeven hoe ik daar tegenaan kijk. Maar u gaf ook aan hoe wij hiervoor, voor de crisis, hiermee omgingen.

Wat ik u wil meegeven is dat wij voor de crisis, en dat debat heb ik als wethouder Financiën toen ik hier aantrad eerder met u mogen meemaken, met elkaar feitelijk de situatie voor de crisis hebben kunnen constateren dus hoe Amsterdam er financieel voor stond. Financiële betrouwbaarheid: tweede plek. Solvabiliteit: prima binnen de parameters. Het zag er echt heel goed uit. Een weerstandsvermogen op 1.4. Dat is hoe je een crisis kunt opvangen en dat is ook wat we hebben gedaan. Dus wat dat betreft zat dat gewoon stevig in elkaar. Tegelijkertijd zagen we ook dat we investeringen in de stad nodig hadden en niet in de laatste plaats bij de bruggen en kades. Dus we moeten ook blijven investeren. Nou, hoe gaan we daarmee in de toekomst om? Dat is het punt dat wij gaan voorbereiden en dat zullen we ook met u gaan delen. (Mevrouw NANNINGA: Dank voor deze toelichting, maar de wethouder zegt eigenlijk dat we toen niet hebben hoeven sparen, niet hoeven besparen, we konden investeren maar die koek is nu eigenlijk op. Eigenlijk zegt de wethouder, wacht maar even af, er komt een plan aan.

Maar kan de wethouder niet alvast aangeven wat we nu gaan doen? Gaan we nu bezuinigen of gaan we investeren?) Ja, wat we met elkaar hebben geconstateerd, is dat de reactie op de vorige crisis in 2009-2010 – staat u me toe, voorzitter, om dit toch even zo in te leiden – vanuit overheidswege en ook vanuit gemeentewege de keuze was om heel hard in onze financiële handremmen te knijpen om op die manier de crisis te lijf te gaan. Alle experts zeggen dat dat de verkeerde reactie is geweest. Dus wat wij doen, is die investeringen blijven doen. Tegelijkertijd was er natuurlijk de andere vraag, hoe stonden we er nu voor? We stonden er financieel goed voor. Dat is waardoor we die klap kunnen opvangen. We stonden er financieel goed voor en we vangen die klap op. Dat betekent wel dat we dat weerstandsvermogen uiteindelijk weer moeten gaan opbouwen. Dus we blijven investeren. Dat is onze agenda die we neerzetten. En we gaan ervoor zorgen dat de weerstand weer wordt opgebouwd. Daarover heeft u veelbetekenende besluiten genomen bij de Begroting van vorig jaar. Dat is precies wat we gaan uitvoeren.

(Mevrouw NANNINGA: Maar het venijnige staartje van mijn vraag was natuurlijk of ik dan mag concluderen dat dit college het doorschuift naar de volgende collegeperiode?) Nee, want dit college zorgt ervoor dat wij ons weerstandsvermogen weer op niveau brengen en dat we de investeringen kunnen blijven doen en dat we voor langjarige termijnen met u via de nieuwe verordening en de keuzes die u kunt maken, in deze programmabegroting de keuze kunnen maken welke investering we wanneer wel of niet

28

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

gaan doen. Dat heeft alles te maken met de driehoek de financieel haalbaarheid, de realiseerbaarheid en de betaalbaarheid. Dat bereiden we allemaal keurig voor. (De heer VAN SCHIJNDEL: Een jaar geleden waren we ongelooflijk somber over de economische gevolgen van corona. Nu is er toch een veel beter beeld namelijk dat dit jaar en volgend jaar de economische groei heel aanzienlijk zal zijn. Dat heeft ook veel te maken met wat de uitkering uit het gemeentefonds zal zijn. Is dat juist, dit inzicht, volgens de wethouder? De tweede vraag is omdat die groei de komende tijd zo toeneemt of het misschien verkieslijk zal zijn vanuit het Rijk zeker om een soort afkoelingsbeleid te voeren in plaats van waarover iedereen het tot nu toe had, herstel-, herstel-, herstelbeleid.) Waar we nu voor staan en wat nu de eerste inzichten zijn, is dat de kans op economisch herstel er goed uitziet. Dat moet wel eerst worden gerealiseerd. Dat is mijn eerste antwoord. Mijn tweede antwoord is dat het gemeentefonds door verschillende factoren wordt bepaald. Dat heeft bijvoorbeeld te maken met het jeugdzorgbudget, de decentralisatie. U weet wat de omzet is van de VNG. Ik zit daar heel nauw bij. Dat geeft op dit moment in ieder geval voor een jaar een beeld dat er een plus gaat komen. Daar zit ook een herverdeling aan te komen. Dat is een wisselend pallet. Dat blijft een punt van zorg.

Het afremmen van allerlei steunmaatregelen op landelijk niveau dat moet echt op landelijk niveau worden besproken. Dan de CDA-fractie met het punt over het herstelprogramma over het weerstandsvermogen. Daarvoor zijn vorig jaar duidelijke keuzes gemaakt in de programmabegroting. Die dekking waarop u doelt, dat is een interne financiering dus dat staat niet in de boeken als een dekking voor een ander punt. Laat dat helder zijn. Ja, ik ben het met u eens dat we dit nauwgezet moeten blijven volgen. Ja, dat is ook wat de Rekeningencommissie heeft aangegeven en dat gaan we ook doen. Ook de PvdA-fractie heeft het al eerder aangegeven. Als er tussentijds zaken spelen die een positief dan wel negatief effect hebben buiten de p&c-cyclus maar waarvan het dan wel belangrijk is om te delen, zal ik dat proactief doen. Dat is het antwoord dat ik u daarop kan geven. Over de informatievoorziening, dat gaat over de gebiedsjaarverslagen, die kwalitatief meer duiding behoeven. Dat is een belangrijk onderwerp dat u aanbracht. In de raadscommissie hebben we een kort debatje met elkaar gehad en dat we het een positief effect vinden om dit sowieso nu te doen. Dit is het eerste jaar dat we het hebben gedaan. Ik begrijp uw wens om daar meer financiële duiding aan te kunnen geven. Een antwoord zou kunnen zijn, dat staat gewoon in het Jaarverslag en ik ga geen dubbel werk doen.

Ik denk dat u dat ook niet wilt. Ik kan u wel aangeven dat wij echt wel en die opdracht hebben we ook gegeven in de bestuursopdracht Gebiedsgericht werken om die p&c-cyclus, dat financiële gedeelte en de inhoudelijke cyclus dichter bij elkaar te brengen. Dus die opdracht staat uit. Daar komt iets uit. Daarover gaan we rapporteren. Ik denk dat we dan zonder dat we heel veel dubbel werk hoeven doen, toch meer inzicht kunnen geven. Dat zou mijn antwoord zijn op uw specifieke vraag. Ten slotte de vraag over de indicator. Gezinsvlucht, daaraan wordt gewerkt. Daar kom ik op terug. Forum voor Democratie, bestuurlijke integriteit, daarop heb ik al geantwoord namens de burgemeester. (De heer BOOMSMA: Heel goed dat er wordt gewerkt aan die indicator gezinsvlucht, maar kan de wethouder dan alvast aangeven hoe het er nu voorstaat en wanneer men met een voorstel komt hoe dat uit te voeren?) Ik weet dat die in ontwikkeling is en volgens mij staat die op de rol om die bij de programmabegroting nader te duiden. Dus het najaar komen we daarop terug.

29

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Dan kom ik bij de motie nr. 2021.479. Mede naar aanleiding van een heel specifiek onderwerp in een raadscommissie eerder. We hebben in de raadscommissie Financiën hierover gesproken. In die specifieke casus is er vooraf overleg met de ACAM geweest. Dus ik lees deze motie ook zo dat daar de goede informatie op tafel heeft gelegen. Het tweede is dat u zegt, dat zouden we eigenlijk iets instrumenteler moeten gaan inrichten, dus de werkwijze is er al en dat zeg ik ook richting de GroenLinksfractie – die had heel duidelijk nog de three lines of defence. Dus in die tweede lijn hebben we dit de ACAM in dit specifieke geval vooraf gevraagd. Om dat nu iets meer te institutionaliseren, zo lees ik dit, daartegen is geen bezwaar. Ik heb ook begrepen dat de motie niet meer de passage hoeft te hebben dat het presidium de accountant gaat uitnodigen, want dat gaat automatisch. Dus met deze duiding is er zeker geen bezwaar. En dan is er nog een motie en die zal ik preadviseren om bij te dragen aan weinig wisseling aan de kant van het college en dat is motie nr. 2021.485. Mijn collega Ivens en ik lezen in deze motie dat het eigenlijk de uitkomst is van een goed debat dat in de raadscommissie Wonen en Bouwen heeft plaatsgevonden. Dat zien we hier verwoord en daarom hebben we geen bezwaar tegen aanneming van deze motie. Daarmee kom ik aan het einde. De VOORZITTER: Eerst even een omissie.

Ik had nog niet genoemd dat er een derde motie is, nr. 2021.489 34° Motie van de leden Boomsma, Kreuger en Naoum Néhmé inzake het opnemen van een indicator t.a.v. het aantal woningen dat wordt geïsoleerd, nr. 2021.489 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

een indicator op te stellen ten aanzien van het isoleren van woningen zodat de raad kan monitoren hoeveel woningen worden geïsoleerd; en deze te verwerken in de relevante P&C-producten en/of klimaatrapportage.

De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Meliani. Wethouder MELIANI: Ik had een aantal vragen over de BIO, de AVG, over SAAS. Allemaal hele mooie afkortingen, bijna poëzie maar nog net niet. Ik ben helemaal niet van de afkortingen. De Baseline Informatiebeveiliging Overheid en waarom we daaraan nog niet voldoen, in ieder geval nog niet compliant, dat was een opmerking van verschillende raadsleden. Voldoe je nu wel of niet? Nee, aan het einde van het jaar voor 80 procent dus dan hebben we nog een aantal jaren nodig om daaraan volledig te voldoen. Hoe komt dat? We hebben eerder de BIG, de Baseline Informatiebeveiliging Gemeenten en dat werd uiteindelijk de BIO. Dat is een landelijke norm die is ingesteld en vervolgens moesten we daar ook weer doorheen. Dat kost gewoon veel meer tijd. Vandaar. En waar moet u dan aan denken? Dan gaat het over het implementeren in al die verschillende programmaonderdelen en al die processen. U kunt zich voorstellen, we hebben 15.000 telefoons. Daar moet allemaal naar worden gekeken. Er worden ontzettend veel hacktests gedaan. De organisatie is wel degelijk in staat dit te doen maar het is heel veel werk. Zitten we daar bovenop? Ja, maar het is nog wel een hele klus.

Wat ik in ieder geval nog wil zeggen, is dat in het Jaarverslag en in de behoefte van de raad veel meer informatie nodig is om hierop te kunnen sturen. U maakt zich hierover zorgen. Ik kan u aangeven dat er een ander rapport komt. Dat ontvangt de raad en dat is de jaarlijkse bestuurlijke rapportage en

30

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

beveiliging. Dat geldt ook voor de AVG. Dat komt voor het reces uw kant op zodat u ons beter kunt controleren, ook op de stand van zaken. Of het dan klaar is? Dat zijn we nog niet maar ik kan u daarin wel meenemen. (De heer TORN: Ik hoorde de wethouder net zeggen dat we als gemeente Amsterdam aan het eind van het jaar voor 80 procent compliant zijn. Dat is toch wel iets anders dan wat er staat in de bestuurlijke reactie op de aanbevelingen. Mijn belangrijkste vraag is dan ook wanneer we 100 procent compliant zijn. Welke datum kunnen we daarop plakken? Weet u, het gaat niet om een maand meer of minder, maar ik zou toch wel willen weten waaraan we dan zo’n beetje moeten denken.) Ik heb het nog even nagevraagd. Die 80 procent is realistisch aan het einde van het jaar. Maar ik wil u aangeven dat we voor het zomerreces veel meer weten dus dan kan ik met die uitgebreidere rapportage komen. Compleet, dat klinkt ook weer wat ruim, maar dat gaat nog drie tot vier jaar vergen dat we volledig compliant zijn. (De heer TORN: Ik schrik er een beetje van dat de wethouder zegt, ik weet niet precies hoe het zit en voor het zomerreces hopelijk wel. Dan zou ik toch willen zeggen dat het al in 2018 bekend was dat de BIO zou worden ingevoerd per 1 januari 2020.

Dan schrik ik ervan dat de verantwoordelijk wethouder op dit moment eigenlijk nog niet eens weet wat de stand van zaken is als het gaat om de implementatie en wanneer dat precies af is. Als ze dan zegt, het is er pas over drie of vier jaar af, ja, dan denk ik dat we hier wel iets nadrukkelijker de vinger aan de pols moeten houden. Dus toch een vraag aan de wethouder. Drie tot vier jaar, betekent dat werkelijk dat we pas 31 december 2024 dit hebben geïmplementeerd?) Ik denk dat u inderdaad hoort dat het drie tot vier jaar duurt. We zouden het heel graag sneller willen doen, maar het is een enorme organisatie. Iedere keer als we als gemeente nieuwe projecten doen of alles wat nieuw ontstaat binnen digitalisering kost gewoon meer tijd. Dus het is ook niet uniek. Ik zeg u, namens de 4 G-steden zijn wij best wel goed in ons werk. Laat ik het zo zeggen. Als we het vergelijken met andere steden. Of het dan helemaal naar uw tevredenheid is, dat hoor ik, maar dit is hoe de stand van zaken is en ik zou echt willen wachten op de bestuurlijke rapportage en de beveiliging van de AVG die uw kant op komt. Dan kan ik u daarover volledig informeren.

(De heer TORN: Het is fijn dat de wethouder zichzelf een compliment geeft en zegt, we doen dit best wel goed, maar als ik het rapport van de accountant lees, dan doen we het helemaal niet goed en dan heeft zelfs in 2020 het implementatieplan nog vertraging opgelopen omdat er gewoon te weinig mensen, te weinig menskracht was. En daarin is pas in 2021 verandering gekomen. Dat klinkt nu niet echt als heel erg als dat het topprioriteit heeft maar eerder als dat we een beetje achter de feiten aanlopen, als ik zo vrij mag zijn.) Excuses, u heeft gelijk, ik ga mezelf niet op de borst kloppen dat het allemaal fantastisch is en het duurt ook nog wel een tijdje. Maar ik wilde alleen maar even zeggen wat wij in vergelijking met andere gemeenten doen. U kent nog wel de Citrixsituatie waarbij er enorme problemen ontstonden. Dat was een belangrijk leermoment voor ons als gemeente om ons te realiseren dat dit soort grote aanvallen steeds meer toenemen en dat dat echt problematisch is. Dat is natuurlijk ook wat de ACAM ziet. We hebben bijvoorbeeld ook gelijk een business continuity manager aangenomen dit jaar om te kijken of het nu wel veilig genoeg is. Alles wat wij hebben vastgelegd moeten we continu opnieuw aanpassen omdat die technologie en die digitalisering zo ontzettend snel gaan. Daar moet iemand opnieuw naar kijken. De business continuity manager op advies van de ACAM kan ons heel

31

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

erg helpen om continu scherp te zijn en te blijven investeren. Dit is wel een onderdeel van de gemeente dat steeds belangrijker gaat worden. Ik heb er in de raadscommissie vaker over gezegd dat wij echt nog met hele oude systemen werken en hele nieuwe systemen. Dan wil ik even overgaan naar de ontwikkeling waar we naartoe gaan bijvoorbeeld SaaS, Software as a Service. Daar zijn ook zorgen over. We gaan steeds meer in de cloud werken. We werken eigenlijk op twee lijnen. (De heer BOOMSMA: De wethouder wijst terecht op die grote problemen die kunnen ontstaan na zo’n Citrixaanval. Dat heeft dat duidelijk gemaakt. Maar juist daarom is de vraag wel of het niet wat sneller kan. Ik schrik er dan ook wel van. Het gaan om Baseline Informatiebeveiliging, echt baseline. De risico’s zijn groot. Dus als de wethouder zegt, drie, vier jaar en een deel van de vertraging is ontstaan omdat er een tekort aan mensen was, dan moeten we toch vragen of het niet sneller kan en of we geen aanvullende maatregelen kunnen nemen om toch sneller aan die wetgeving te voldoen.) Laat ik het zo zeggen, wij doen ontzettend veel op het gebied van veiligheid en de beveiliging van onze organisatie. Dus daaraan werken we al jaren. Maar er is een nieuwe norm gesteld en dat is de BIO. Eerst hadden we een lokale manier van werken en toen moest dat ineens landelijk.

Dat betekent dat alles wat je al hebt gedaan, opnieuw moet doen. En het is ook een van de vragen van de ACAM, we moeten meer gaan investeren. Dus met die investering die we nu gaan doen gaan we die versnelling maken. Daarin heb ik vertrouwen. Ik kan u bij dezen zeggen, we gaan hiermee zo hard mogelijk aan het werk en we hopen het in minder tijd te doen dan die drie jaar maar met alle ontwikkelingen op het gebied van digitalisering en de grootte van deze organisatie en de verandering naar cloud vraagt dat om heel veel aandacht. Ik heb u eerder beloofd in de raadscommissie KWW dat ik u heel graag naast de bestuurlijke rapportage op het gebied van veiligheid maar ook op het gebied van AVG, een technische sessie wil aanbieden om exact uit te leggen hoe wij werken en op welke manier we die veiligheid garanderen. Ik heb het net over SaaS gehad maar er was nog een andere vraag over wanneer u de stukken krijgt. Voor het reces en dan willen we na het reces met een cloudstrategie komen. Dat gaat dan weer over de SaaS. Alle directies hebben nu op hun eigen manier allerlei SaaS-oplossingen. Wij willen daar veel meer de regie op hebben vandaar ook die cloudstrategie. Dus dat komt na de zomer uw kant op. De laatste vraag ging over algoritmes en dat was een vraag van de heer Bakker. Wij zijn samen met Helsinki degene die het algoritmeregister heeft ontwikkeld. Dat is heel erg nieuw.

Wat we daarmee willen, is laten zien als gemeente op welke manier we algoritmes inzetten. Op dit moment hebben we iets van vijf algoritmes. Op het algorisme is er meer openbaar gemaakt, maar er zijn wel honderd van dit soort algoritmes en het idee is alle algoritmes of zo veel mogelijk daarop te plaatsen zodat we ook die transparantie kunnen geven waarom de heer Bakker heeft gevraagd. Daarmee heb ik mijn vragen beantwoord. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Doorninck voor een preadvies op de motie. Wethouder VAN DOORNINCK: De heer Boomsma had samen met de heer Kreuger motie nr. 2021.489 ingediend om een indicator op te stellen voor geïsoleerde woningen. Ik snap die motie heel erg goed want het zou heel goed zijn als we dat goed zouden kunnen bijhouden. Het probleem is alleen als we willen nagaan hoeveel woningen er hier in Amsterdam worden geïsoleerd, dat daarvan geen data beschikbaar zijn omdat het primair de verantwoordelijkheid is van eigenaren en dat kunnen inderdaad zoals u in uw

32

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

dictum ook zegt, eigenaren-bewoners zijn, dat kunnen corporaties zijn of verhuurders. Daar hebben we niet direct een databank van. Daarnaast is het zo dat het de vraag is of je het milieu-effect het best kan meten aan meten aan de hand van isolatie. Gedrag van mensen en hoe ze stoken is ook een belangrijke graadmeter voor hoe het gaat. Maar ik snap de vraag heel erg goed dus ik kan u wel toezeggen omdat we met de woningcorporaties in de samenwerkingsafspraken afspraken hebben gemaakt over labelstappen die worden gemonitord in de CO2-monitor van de federatie en dat we dat in de volgende rapportages heel duidelijk meenemen. Dat doe ik natuurlijk samen met wethouder Ivens als het gaat om de voortgangsrapportages van de samenwerkingsafspraken. Dus daar kunnen we ze opnemen. Daarnaast zouden we in de volgende klimaatrapportage een grafiek kunnen opnemen hoe we de historische ontwikkeling van de CO2-uitstoot bij het gebruik van gas in woningen kunnen zien. En we zouden kunnen kijken of dat naar beneden gaat. Dat zegt eigenlijk meer dan labelstappen of isolatie. Dan zien we gewoon echt de CO2-uitstoot aan de hand van gas. Daarnaast is er nog de landelijke klimaatmonitor van het RVO en daar wordt gerapporteerd over de ontwikkeling van de energielabels in woningen. Als het gewenst is, kunnen we deze indicator ook aan de klimaatrapportage toevoegen.

Dan is zeg maar de Jaarrekening niet de meest logische plek. Maar via de klimaatrapportage en de samenwerkingsafspraken kunnen we u wel veel informatie doen toekomen. Dus ik moet de motie ontraden, maar in lijn of in de geest van de motie kan ik veel toezeggingen doen. (De heer VAN LAMMEREN: Ik wil de wethouder bedanken voor het preadvies op de motie. De vraag is dan wel of het daadwerkelijk de labelstappen zijn die door isolatie worden gehaald of zoals bekend, worden er ook labelstappen gehaald door middel van het aansluiten op wamtenetten. Dat is waar de Partij voor de Dieren niet voor is. Kan dat onderscheid dan meteen worden meegenomen? Dat heeft u al een keer toegezegd maar hopelijk ook bij de uitwerking van deze motie.) Wat ik kan doen, is kijken of dat kan worden meegenomen in de rapportage van de woningbouwcorporaties maar dan zit je alleen nog met de woningbouwcorporaties. Daarnaast heb je natuurlijk ook de landelijke klimaatmonitor. Ik denk dat misschien nog het allerinteressants is CO2-uitstoot aan de hand van het gebruik van gas. Daarmee zie je de meeste resultaten. Die zijn meer dan de resultaten van labelstappen. Het probleem bij isolatie is dat dat niet de enige manier is. Het gedrag van mensen en hoe ze stoken is ook altijd een belangrijke indicator van de uitstoot. (De heer VAN LAMMEREN: Daarin geef ik de wethouder gelijk. Er zijn natuurlijk onderzoeken.

Als een huis beter wordt geïsoleerd, dan zetten de mensen de kachel iets hoger maar dan wonen ze ook prettiger, denk ik. Ja, dank wethouder, maar die berekening van hoeveel gas we hebben bespaard, dan komen we weer bij die biomassacentrale die als CO2neutraal staat. Ik wil die discussie niet elke keer voeren, dus als de wethouder gewoon aangeeft dat ze verschil gaat maken tussen daadwerkelijke isolatie en aansluiten op warmtenetten of andere trucken, dan heel graag.) Ik heb gezegd dat ik dat aan de corporaties kan vragen of dat verschil kan worden gemaakt. Dat heb ik niet toegezegd, maar ik kan vragen of dat verschil kan worden gemaakt. Dat zal dus blijken uit de volgende rapportage die uw kant op komt. Dat is wat ik de vorige keer heb toegezegd. (De heer VAN LAMMEREN: Dat is natuurlijk het ingewikkelde, want er wordt elke keer geschermd met afspraken met de woningcorporaties dat we zo veel labelstappen gaan maken, maar we hebben geen idee of dat komt door isolatie of door het aansluiten op het warmtenet. Maar goed, dat

33

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

is evident. De wethouder gaat het vragen. We gaan het zien en daarna zien we hoe intelligent die afspraken met die corporaties waren. Ik denk dat ik dat al weet.) Dat is opvallend. Ik krijg van sommige leden van de gemeenteraad vaak te horen dat er veel te weinig huizen van het gas af gaan door middel van een warmtenet. Ik geloof nu dat ik van de heer Van Lammeren te horen krijg dat vrijwel alle labelstappen daarmee te maken hebben. Dus wat dat betreft is de som gemakkelijk te maken. We zien jaarlijks in de rapportage van de klimaatmonitor en van aardgasvrij hoeveel huizen er op een warmtenet zijn aangesloten. En er zijn ook labelmonitoren. Dus volgens mij is dat goed met elkaar te combineren dus u kunt die rekensom zelf ook maken. Dan had de heer Van Schijndel nog een vraag aan mij gesteld hoe het nu zat met het sluiten van de metroringlijn in het kader van Haven-Stad. Zoals u weet, houdt mijn collega De Vries stevig vast en dat doet ook het hele college en ook de hele coalitie gezamenlijk met Schiphol, NS, ProRail en anderen om het pakket doortrekken NoordZuidlijn en sluiting kleine ring heel duidelijk vast te houden. Dat doet wethouder De Vries namens het hele college dus ook namens mij. Die inzet van Amsterdam en de hele coalitie in deze regio is heel erg duidelijk. Het gaat om het pakket van de twee lijnen.

De VOORZITTER: Is er behoefte aan een tweede termijn? Dat is niet het geval. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boomsma. De heer BOOMSMA: Misschien om een tweede termijn te voorkomen een interruptie? De VOORZITTER: Dan kunnen we ook doen dat we even een veegronde doen want ik zie weinig animo voor een tweede termijn. Klopt dat? Alleen JA21 wil mogelijk een tweede termijn. Dan loop ik de sprekers even langs. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Nanninga. Mevrouw NANNINGA: Toch even kort. Ten eerste zegt de wethouder dat we na 2021 ons weerstandsvermogen of in gewonemensentaal de spaarpot weer gaan vullen maar hij zegt ook dat we blijven investeren. Dat is mooi, maar het kan toch niet allebei? Die vraag is niet beantwoord. Verder gaat de wethouder niet in op het punt anticyclisch investeren dus ik vraag het nog een keer. Is de wethouder het met ons eens als je anticyclisch wilt investeren in een crisis dat je de schuld moet aflossen als het goed gaat ja of nee? Als het antwoord ja is – wat het is – dan moet hij toch toegeven dat het de eerste twee jaar niet goed is gegaan. Onze uitgangspositie was wel goed zoals de wethouder terecht zei, maar er is wel gewoon voluit geld uitgegeven en op dat moment hadden we dus eigenlijk moeten sparen.

Het kan bij anticyclisch investeren toch niet allebei waar zijn? Dus als het goed gaat, dan geef je veel uit maar als er crisis is, dan geef je ook veel uit. Dan blijf je lekker investeren. Waarom kan deze wethouder dat niet toegeven? Het is strijdig met elkaar. Het kan niet en, en waar zijn. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boomsma. De heer BOOMSMA: Ik begrijp dat het lastig kan zijn om te weten hoeveel woningen worden geïsoleerd omdat sommige mensen dat doen zonder dat aan de gemeente te vertellen. Dus in die zin snap ik het probleem daar. Wat je natuurlijk wilt weten,

34

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

is hoe veel gas woningen gebruiken en hoe veel dat vermindert. In de klimaatrapportage gaat het om het gasverbruik door woningen en als dat de toezegging is, dan zal ik de motie intrekken met die toezegging. De motie-Boomsma c.s. nr. 2021.489 ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Schijndel. De heer VAN SCHIJNDEL: Ik werd toch even getriggerd over dat sluiten van de binnenring. Dus het is dat idee van een package, twee metrolijnen, totaal 4,5 miljard euro, terwijl die lijn naar Schiphol toch veel meer het nationaal belang dient. Vanaf de Isolatorweg is het een puur stedelijk belang. Die lijn is ook veel goedkoper. Die is 1,5 miljard euro of zo. Terugkijkend vraag ik me echt af of het verstandig was om met al die partijen in de coalitie dan naar Den Haag te stappen en 4,5 miljard euro te vragen voor Amsterdam zo gezegd. Hadden we er niet veel beter aan gedaan om gewoon voor dat te overzienbare bedrag waarbij Amsterdam echt het grootste belang heeft, daarop in te zetten en dan te kijken wat er gebeurt? De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Everhardt voor de beantwoording. Wethouder EVERHARDT: De vraag van de fractie van JA21. Ja, je kunt prima die algemene reserve aanvullen en tegelijkertijd wel die investeringen doen zolang je die lasten kunt dragen. Dat is precies wat er is gebeurd.

U heeft besloten tot deze programmabegroting en dat is ook het goede antwoord. Het vraagstuk van anticyclisch investeren is een economisch vraagstuk dat daarachter zit. Ik constateer dat we er voorafgaand aan de crisis goed voor stonden. Dat constateert u ook. We hebben deze klap kunnen opvangen. Wat ik ook constateer, is dat er bij een vorige crisis, de economische bankencrisis, een reactie is geweest van knijpen in de remmen. Daarvan is gezegd, dat moet je niet meer doen. Dus dat is precies de reactie die wij nu geven als overheid en ook als gemeente. We blijven investeren. (De heer VAN SCHIJNDEL: Nu hoor je vaak zeggen dat economen erg goed zijn net als generaals in het zich voorbereiden op basis van de vorige oorlog. Het kan zo zijn dat wat toen fout is gedaan in de kredietcrisis, nu verkieslijk is en dat heeft te maken met die inflatoire spiraal die aan het ontstaan is, de stijgende huizenprijzen in het bijzonder en dat de economie zo gemakkelijk weer terugveert, veel makkelijker dan we hadden gedacht. Dus dan kan er in alle redelijkheid denk ik toch worden gepleit voor rustig investeren, gewoon grote investeringen doen maar zeker niet in Amsterdam te veel en te snel.) (De VOORZITTER: Ik meld u dat u nog anderhalve minuut heeft.) Ik heb eerder betoogd dat de reactie gelijk afkoelen bij deze crisis echt niet de goede reactie is.

Ik denk dat we dat met elkaar kunnen constateren. Dat is wel een verschil met de reactie op de vorige crisis. Leren we daarvan? Ik denk het wel. Is het belangrijk dat werkgever en werknemer dicht bij elkaar zijn gebleven? Ja. Je ziet nu al dat het in bepaalde sectoren best wel lastig is om personeel te vinden. Maar we hebben echt getracht dat dicht bij elkaar te houden om dat economisch herstel mogelijk te maken. Nu zie je ook dat dat de eerste analyses misschien wel zo gaan uitpakken. Als we deze crisis opnieuw gaan analyseren met elkaar en ik raad aan ook andere vakgebieden dan alleen de economie

35

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

daarbij te betrekken – gedragswetenschap lijkt me ook een heel belangrijke factor om eens een keer goed naar te laten kijken – hoe we lerend uit deze crisis een volgende keer misschien weer een tikkie anders antwoord geven. Maar op dit moment constateer ik dat het goed is. We moeten dit goed volgen. Ik zie ook dat er al signalen zijn van hoe lang we nog bepaalde investeringen moeten doen als nationale overheid en ook op internationaal niveau, dat gaan we met elkaar heel goed volgen. Wij gaan weer naar de programmabegroting toe. Die wordt voorgelegd. Daarover gaan we een besluit nemen. (Mevrouw NANNINGA: We kunnen de kool en de geit niet sparen, dus mag ik dan uit het antwoord van de wethouder opmaken dat we lasten gaan verhogen?) Er ligt nu geen voorstel op specifiek lasten te verhogen. (Mevrouw NANNINGA: Dus dat gaan we niet doen? We gaan de reserves aanvullen, we gaan investeren maar we gaan niet de lasten verhogen?) Ik refereer aan de programmabegroting. Daar zijn keuzes gemaakt. Die heeft u gemaakt en daarin is afgesproken dat we blijven investeren en daar zat ook een lastenverhoging bij en een besparing op de organisatie. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Doorninck.

Wethouder VAN DOORNINCK: Ik snap uw verwarring, voorzitter, want voor de vraag die ik moet beantwoorden zie ik ook niet meteen een directe relatie met de Jaarrekening, maar het is natuurlijk altijd belangrijk om over de bereikbaarheid in en rond Amsterdam te spreken en vandaar dat is ingezet op een pakket. Het gaat echt om regionale ontsluiting en regionale bereikbaarheid. Zoals de heer Van Schijndel denk ik ook weet, kijkt het groeifonds heel erg naar nationaal belang. Op het moment dat je dan een goede samenwerking kunt vinden met twee lijnen die voor de bereikbaarheid van de regio maar ook van nationaal belang zijn, dan is dat een goed pakket. Een Alleingang van Amsterdam richting het groeifonds had ik niet direct gezien als de beste manier maar daarover gaat natuurlijk met name de wethouder Verkeer. Het staat als een paal boven water dat die ringlijn voor Amsterdam maar ook voor de regio van groot belang is. Vandaar ook dat die coalitie die we hebben gesmeed voor die twee lijnen nog helemaal overeind staat en vasthoudt aan beide lijnen De VOORZITTER: Ik probeer het nog eens: daarmee zijn we aan het einde gekomen van dit onderwerp en dan gaan we door met agendapunt 7. Daarvoor schors ik voor één minuut zodat we even van plaats kunnen wisselen en de heer Torn het van mij kan overnemen.

De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. Voorzitter: de heer Torn De VOORZITTER heropent de vergadering.

7. Instemmen met het initiatiefvoorstel 'Met beleid werken aan integriteit' van de leden Taimounti, Mbarki, Veldhuyzen, Ceder en Van Soest en kennisnemen van de bestuurlijke reactie Nr. VN2021-012662

36

ws Jaar

2021

Vergaderdatum 16 juni 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Taimounti – en fijn dat u weer terug bent in ons midden. De heer TAIMOUNTI: Dank u wel, ik vind het ook fijn om weer terug te zijn. Ik heb de collega’s lange tijd gemist. Zoals de burgemeester al heeft geconstateerd ben ik een hoop coronakilo’s kwijt maar blijkbaar zat mijn spreektijd daar ook bij want ik heb bijna geen spreektijd meer over. Ik zal het dus kort houden. Het is wel echt een heel belangrijk onderwerp. We hebben hierover heel lang gesproken en gediscussieerd en er zijn diverse momenten geweest waarbij we het over integriteitszaken hebben gehad binnen de gemeente en hoe we nu omgaan met onze ambtenaren en hoe we die moeten beschermen. Daarom ben ik de collega’s echt enorm dankbaar, de PvdA, de ChristenUnie, BIJ1 en de Partij van de Ouderen die daaraan een bijdrage hebben geleverd en uiteraard mijn excollega’s van DENK. Speciaal dank daarvoor. Dit is ontzettend belangrijk. Wij moeten onze ambtenaren waarderen, beschermen en ik hoop dat dit een hele mooie stap in die richting is. Ik ga het hierbij houden. Dank voor het preadvies. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Yilmaz. De heer YILMAZ: Ik ga het kort houden. Dankzij de heer Taimounti heb ook ik wat minder spreektijd maar ik ben blij dat hij terug is. We horen nog steeds bij elkaar; we kunnen goed met elkaar opschieten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10344720/1