CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20210422 Notulen beraadslagende vergadering - middag

RAAD 22 april 2021, gemeente Amsterdam49.416 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

18

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De heer VELDHUYZEN: Dat vertel ik graag, maar ik weet niet of dat dan van mijn spreektijd afgaat? De VOORZITTER: Nee, dat doen we dan in de koffiekamer. De heer VELDHUYZEN: Dat doen we in de koffiekamer. Ik kan er wel heel kort iets over zeggen. Soms is het beter om mensen niet naar de gevangenis te sturen, maar om dader en slachtoffer bij elkaar te laten komen, eventueel met betrokkenen en familieleden, en te kijken of er naast het strafrecht een andere mogelijkheid is om rechtvaardigheid te vinden voor het slachtoffer. De VOORZITTER: We zullen u tien seconden spreektijd teruggeven. Dank u wel voor uw bijdrage. En ik heb er weer wat van geleerd. En voor de rest ben ik er natuurlijk als voorzitter volstrekt neutraal in, dat begrijpt u. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Khan. De heer KHAN: In de commissie heb ik al uitgelegd hoe DENK aankijkt tegen het Masterplan Zuidoost, namelijk, we ondersteunen elke extra cent en aandacht in de achtergestelde buurten, maar het moet wel concreet leiden tot verbetering voor de bewoners. Gelukkig bevat het Masterplan ook heel veel goede punten. Maar ik denk dat er toch nog wat ruimte zit om het net wat beter te maken. In dat kader heb ik samen met de collega’s van BIJ1, GroenLinks en de PvdA verschillende moties ingediend om een poging te doen. Ik begin bij de eerste.

Het Masterplan ontstond uit de behoefte om de jeugd in Zuidoost te helpen. En om de jeugd te helpen, moeten we investeren in onderwijs. Er zijn reeds investeringen voorgesteld in het Masterplan waar we ons ook achter kunnen scharen, zoals wat genoemd wordt High Dosage Tutoring. Het wordt echter niet in heel Zuidoost beschikbaar gesteld en de subsidiëring loopt tot 2022. Ik wil samen met BIJ1 dat deze vorm van bijles – of eigenlijk welke vorm dan ook – gegarandeerd blijft voor de rest van de duur van het Masterplan. Bijles kan namelijk dé factor zijn om een hele generatie naar een hoger onderwijsniveau te tillen en daarmee voor betere carrièrekansen te zorgen. Samenhangend daarmee moet er ook extra geïnvesteerd worden in voldoende studiezalen. Helaas bezit niet elk kind in onze stad over een stille en rustige werkplek thuis. Met studiezalen kan die rust wel geboden worden. Ik lees dat er inmiddels wel gestart is met studiezalen in samenwerking met de gelijknamige stichting. Maar ik wil zien dat dit geborgd wordt in het Masterplan voor de hele duur van het Masterplan, dus die hele twintig jaar. Deze twee verzoeken hebben we gebundeld in één motie. De volgende motie, voorzitter, heeft betrekking op werk.

Het is een feit dat over het algemeen jongeren in Zuidoost in zijn algemeenheid genomen niet over een uitgebreid netwerk beschikken, zoals bijvoorbeeld jongeren uit het centrum en daarnaast benadeeld worden door negatieve stereotyperingen en racisme. Hierdoor lukt het voor sommige jongeren niet om bijvoorbeeld een stageplek te vinden of die eerste startersbaan. Dat vind ik persoonlijk altijd het meest trieste om te lezen in het nieuws, want het gaat hier altijd om jongeren die gewoon hun best doen, naar school gaan. En worden afgerekend op factoren waar je eigenlijk gewoon geen invloed op hebt. We kunnen deze benadeling corrigeren door stageplekken en startersbanen voor jongeren uit Zuidoost te reserveren. Ik wil daarbij voorop stellen dat niet alle jongeren uit Zuidoost dit soort hulp überhaupt nodig heeft, noch kunnen wij zoveel banen reserveren als gemeente Amsterdam voor alle jongeren uit Zuidoost. Maar we kunnen wel een start maken en tenminste een aantal jongeren die push

19

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

geven in het verdere verloop van hun carrière. Wellicht kunnen we dit later ook uitbreiden naar heel Amsterdam. Met deze motie vragen we om een visie hierop te ontwikkelen. De derde motie gaat over de aanpak tegen institutioneel racisme. In het Masterplan Zuidoost wordt wel gesproken discriminatie, maar niet over institutioneel racisme. Er is onlangs een Zwart Manifest gepubliceerd, waarin verschillende maatregelen tegen institutioneel racisme zijn gearticuleerd. Wij vragen met deze motie om in gesprek te gaan met de makers van het Zwart Manifest en te kijken of en hoe het Masterplan Zuidoost eventueel aangezet kan worden op dit onderwerp. De vierde motie heeft betrekking op bewonerscollectieven. Ik heb mijn kritiek geuit over dat er vooralsnog eerder sprake was van zeggenschat en niet zozeer eigenaarschap. Nu wil ik met een motie een voorstel doen om ruimte in het Masterplan te reserveren voor bewonerscollectieven waar zij zelf de eigenaar van kunnen worden. Voordat ik verder ga naar de vijfde en laatste motie toch nog een opmerking op dit onderwerp. Twee maken geleden maakte Hart voor de K-buurt bekend hun activiteiten te gaan stoppen, omdat de subsidiëring nog steeds niet binnen was. Gelukkig is dat sinds deze week goed gekomen. Maar deze episode was eigenlijk too close for comfort.

We moeten echt naar een situatie gaan waarbij het stadsbestuur en de ambtenaren zodanig zijn ingesteld dat het vanzelfsprekend wordt om goede bewonerscollectieven automatisch in hun kracht te zetten. We uiten allemaal ons vertrouwen in deze organisaties, maar dat moet zich ook concreter en sneller gaan vertalen naar daden. Zolang we deze transitie niet maken, blijven we voorbeeldige bewonerscollectieven, zoals Hart voor de K-buurt, hangen in onzekerheid en dat heeft serieuze gevolgen voor hun activiteiten. Ik heb het nu specifiek over Hart voor de K-buurt, maar dat zou net zo goed voor heel de stad kunnen gelden. Dat was even een lange zijstap, maar toch een belangrijk punt om te maken. Dan ga ik terug naar de vijfde en laatste motie en voor mij persoonlijk wel de belangrijkste, namelijk: behoud de 40-40-20-regeling. In het Masterplan Zuidoost staat dat er kan worden afgeweken van 40 procent sociale huur. De burgemeester gaf eerder aan dat een beetje gentrificatie wel goed zou doen. Ik sta daar wel anders in, want gentrificatie leidt zeker wel tot opwaardering van de buurt, maar dat is misschien niet eens de belangrijkste vraag. Want die is: wie kan hiervan komen te genieten? Zijn dat de oorspronkelijke bewoners of nieuwkomers? Ik wil eigenlijk naar een situatie gaan waarin je die tegenstelling niet hebt, waarbij alle groepen kunnen genieten van de opwaardering van de buurt.

Dat kan bereikt worden door juist meer sociale huurwoningen te bouwen. Hoe meer sociale huur er gebouwd wordt, hoe meer woningen er vrijkomen voor mensen die daar heel lang op zitten wachten. Want het is niet zo dat alleen mensen die te kampen hebben met problematieken in sociale huurwoningen zitten, zoals weleens te lezen is op bepaalde sites. Maar die groep is net zo divers als dat de samenleving is. Dus hoe meer sociale huur, hoe beter. En dan moeten de huidige bewoners ook kans maken op een dergelijke woning. Er is middels een regelbinding mogelijk om een voorrangsregeling toe te passen. Sterker nog, er loopt nu al een proef in Zuidoost. Ik zou deze willen verankeren in het Masterplan Zuidoost en uitbreiden naar heel Zuidoost. Dat is ook waarom we de vijfdeEn dat is dus de laatste motie. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Flentge. De heer FLENTGE: Die ontzettend worstelt met zijn spreektijd en het heel kort houdt. Want ik hoop vooral dat de burgemeester en het college vooral heel goed luistert naar al die betrokken personen in Zuidoost en in de stad, want daar is een ontzettende hoeveelheid energie. Wie daar komt, zal dat merken. En ontzettend veel mensen die precies weten wat er nodig is in de buurten. Ik hoop dat daar vooral dit college zijn oor te

20

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

luisteren wil leggen. Er worden vandaag heel veel moties ingediend. Sommige zijn echt een goede reflectie van wat er in het stadsdeel speelt. Maar ik hoop ook vooral dat de burgemeester en het college echt gaat luisteren: wat leeft er in de wijken. Vanwege mijn spreektijd hou ik het even heel kort, maar weet dat wij het allemaal, ook de SP, op de voet gaan volgen. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Schijndel. De heer VAN SCHIJNDEL: Over dat punt wat de heer Veldhuyzen aanroerde, het herstelrecht. Ik vind het heel belangrijk dat juist in de Bijlmer- Wat er vaak plaatsvindt, dat zijn afpersingen, berovingen, ook mensen die elkaar verwonden met messen. Dat kan je natuurlijk strafrechtelijk af willen doen. Nou is het zo er in het strafrecht een bepaling zit dat de officier van justitie moet nagaan of het mogelijk is dat partijen dit in bemiddeling onderling regelen. Dat is een niet zo bekende bepaling. Die is ongeveer vijf of nou misschien zeven jaar oud. Dit is eigenlijk een heel goede manier, omdat mensen elkaar vaak kennen, die betrokken zijn bij die delicten, om zaken dus niet via de strafrechtketen, maar gewoon in onderling overleg op te lossen. Dat kan betekenen dat er gewoon een geldbedrag moet worden betaald. Dus dat is een meer civiele vorm van afdoening van deze situaties.

Misschien dat de burgemeester dit een keer kan opnemen met de hoofdofficier, of dat niet een bijdrage kan leveren aan het verminderen van de problemen in Zuidoost. De VOORZITTER: Ik heb een beetje de indruk dat mijn vraag van zojuist- O, u heeft nog een interruptie van de heer Veldhuyzen, denk ik. Dat mijn vraag aan de heer Veldhuyzen van zojuist uw bijdrage misschien heeft getriggerd. (De heer VELDHUYZEN: Dank aan collega Van Schijndel voor de reactie hierop. Maar ik weet dat het college hier ook al mee bezig is, met herstelrecht, natuurlijk. Dus ik zei het ook vooral als een aanmoediging om daar verder mee te gaan. Maar volgens mij is de burgemeester op de hoogte.) De heer VAN SCHIJNDEL: Dat juich ik toe. Daar ben ik blij mee. (De heer FLENTGE: Heeft het lid van Forum voor Democratie ook in de gaten dat het stadsdeel Zuidoost iets meer betreft dan alleen maar ellende, waar u eigenlijk uw bijdrage tot beperkte. Namelijk, er is ook heel veel positieve energie in het stadsdeel die misschien iets verder reikt. Zou u daar misschien de volgende bijdrage ook een klein beetje aandacht aan willen besteden?) Nou, ja, ik weet niet wat ik hierop terug moet zeggen. Sorry. Dank u, voorzitter. De VOORZITTER: Dan zijn we aan het einde gekomen van de eerste termijn van de zijde van de raad.

Dan zou ik graag het college het woord willen geven en ik neem aan in eerste instantie de burgemeester en daarna wethouder Ivens. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema. Burgemeester HALSEMA: Ja, waarbij ik ook moet merken dat ook wethouder Moorman meeluistert en nog zaken voor haar rekening kan nemen. En ik dacht ook zelfs nog wethouder Groot Wassing. In ieder geval, we zullen een eind komen en we zullen niet eindeloos praten. Ik zou de leden heel graag willen bedanken.

21

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Mevrouw La Rose, ik kan me uw verhuizing goed voorstellen. Ik ben de afgelopen jaren veel in Zuidoost geweest en ik kom er altijd een beetje ontroerd vandaan. Natuurlijk, het stadsdeel kent veel problemen. Die problemen zijn langdurig. Maar het is ook een zinderende wijk waar eigenlijk ook vaak de moderne samenleving zich het eerste ontvouwt in al zijn variatie, ook in zijn initiatieven, in zijn bewonersinitiatieven. Dus het is een wijk die ook voor Amsterdam en voor zijn toekomst heel interessant is en waar we buitengewoon zuinig mee om moeten zeggen. Dat zeg ik ook in de richting van de heer Blom die natuurlijk ook als inwoner van Zuidoost een hartstochtelijk pleidooi hield voor de erkenning van Zuidoost in zijn rijkdom. Ik ben het daarmee eens. Maar juist omdat Zuidoost ook een kwetsbaar stadsdeel is en een stadsdeel waar veel mensen gekrenkt zijn, zich verwaarloosd hebben gevoeld door de overheid, vaak onvoldoende erkend in de dagelijkse zorgen die ze hadden of vaak onterecht het gevoel gehad dat dagelijkse zorgen een vertaling kregen in een vorm van criminalisering of vernedering. En dat is natuurlijk wat mensen, zeker als het langer duurt, op grote afstand plaatst van de overheid die juist dienstbaar zou moeten zijn en die aanwezig zou moeten zijn om te helpen.

Het is van groot belang dat dit Masterplan langdurig en duurzaam een kans van slagen krijgt, dat het niet een overheid is die eigenlijk in een hype of in een impuls zijn aandacht vestigt op Zuidoost, waarop de karavaan weer door trekt en bewoners achterlaat. Want op dat moment krijgen we te maken met een verhevigde gekwetstheid en daar kan geen sprake van zijn. Dus ja, we moeten ons binden voor een lange periode aan de wijk, aan de zorgen die er zijn, aan de uitdagingen die er zijn. En terecht, mevrouw Kuiper, wijst u op de financiële zekerheid die er voor de wijk moet zijn en voor het stadsdeel moet zijn. Laat ik daar als eerste over zeggen – en dat heb ik vaker gezegd – dat het verplicht alle partijen in deze raad. Wij hebben afgelopen jaar en dit jaar 3,75 miljoen gereserveerd, maar het hoeft geen betoog dat in de verkiezingsprogramma’s voor de komende periode het Masterplan Zuidoost een plek zal moeten krijgen, zoals het ook in het komend akkoord een plek zal moeten krijgen. Daar bent u allemaal bij. Dat ontslaat het huidige college vanzelfsprekend niet van de verplichting om daarnaar te kijken. Ik zou u – en daarmee kom ik meteen aan de beantwoording toe – even iets meer willen zeggen over de financiën. Want, mevrouw Kuiper, daar gaat natuurlijk ook uw eerste motie over.

Wij hebben vanuit de begroting 2021 middelen beschikbaar gesteld: 3,75 miljoen voor 2021, 3,75 miljoen voor 2022. Naast deze financiële bijdrage zal er naar verwachting vanuit de gemeentelijke organisatie onderdelen op In-Kind bijdragen worden geleverd, waardoor – en daar zijn wij ook op dit moment mee bezig – ook uit de verschillende portefeuilles er een herschikking plaatsvindt in de richting van het Masterplan. De organisatie van de langjarige middelen vindt nog plaats en is op dit moment inderdaad onzeker. Daar heeft u groot gelijk in. Het Masterplan is ook op zichzelf een middel om dekkingsbronnen aan te boren en te onderbouwen naar andere partijen, bijvoorbeeld in de richting van het rijk. Over het rijk. Vanuit het programma Leefbaarheid en Veiligheid van BZK zijn zestien stedelijke vernieuwingsgebieden aangewezen, waarvan er twee in Amsterdam: Zuidoost en Nieuw-West. U kent waarschijnlijk ook de activiteiten van vijftien burgemeesters in de richting van het rijk. Wij noemen dat inmiddels onderling de manifeststeden. Wij hebben een manifest het licht doen zien waarmee wij ook aandacht hebben gevraagd bij het rijk. Inmiddels heeft een groot aantal maatschappelijke partijen zich daar ook bij aangesloten om voor die vijftien steden, de zestien gebieden, bij het rijk ook voor het komend regeerakkoord aandacht te vragen en te zorgen dat dat verzekerd wordt in het akkoord.

Ik meld dat hier natuurlijk niet voor niets aangezien u een Amsterdams kamerlid inmiddels heeft, zelfs een kamerlid uit Zuidoost. Wij zijn natuurlijk op dit moment ook bezig met de lobby.

22

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Voor de gebieden wordt gekeken welke kosten nodig zijn voor stedelijke vernieuwing om de problemen aan te pakken. Er zijn indicatieve impactanalyses gemaakt van de zestien gebieden en die dienen allemaal als input voor het nieuwe regeerakkoord. Na de kabinetsformatie zal duidelijk zijn of en hoeveel de bijdrage vanuit het rijk zal zijn. Wij hopen daar op dit moment natuurlijk het beste van. Een aantal alliantiepartners heeft door middel van prioritering dan ook keuzes binnen de eigen organisaties, capaciteiten en middelen vrijgemaakt om een start te kunnen maken met de uitvoering. Aan de alliantiepartners in Zuidoost is gevraagd om ook op de langere termijn een bijdrage te leveren in de vorm van financiële middelen, menskracht en kennis en kunde. De gesprekken hierover met de alliantiepartners lopen nog. Andere alternatieve financieringsbronnen zullen gedurende het proces door de programmadirecteur en Alliantie gezocht worden en waar mogelijk benut. Denk bijvoorbeeld aan Europese fondsen, bijdragen uit andere fondsen, PPS-constructies, input van het bedrijfsleven, et cetera. Wij zien dat er veel interesse is, onder andere ook vanuit banken en bedrijven – zeg ik ook alvast in de richting van de heer Veldhuyzen van BIJ1 – om mee te kunnen doen aan het Masterplan. We gaan met alle geïnteresseerden in gesprek om te kijken hoe zij kunnen bijdragen aan het Masterplan.

Vanuit doorbraakteam 4 – dat is het doorbraakteam dat zich richt op werkgelegenheid en economische versterking – worden op dit moment al vele gesprekken gevoerd. U had het – zeg ik ook even in de richting van de heer Veldhuyzen – in het bijzonder natuurlijk over het Arenagebied en de Arena zelf. Laat ik u wel zeggen, we hadden vanmorgen een vergadering van de Alliantie, waarbij de heer Markerink, nu nog directeur van de Arena, met groot enthousiasme sprak over de bedrijven die hij inmiddels heeft verenigd. Dat is een groot aantal bedrijven. Hij heeft mij ook gevraagd om met die bedrijven in gesprek te gaan. Ik sta te trappelen, kan ik u wel zeggen. Niet met de bedoeling om, zoals u voorstelt, het kapitalisme op te ruimen in Zuidoost. Dat lijkt me een iets te hoog gegrepen doelstelling en misschien ook niet helemaal wenselijk. Maar wel om te kijken in welke mate de bedrijven ook echt kunnen samenwerken. Laat ik u dit erover zeggen: het is niet zo dat de bedrijven met grote tegenzin moeten worden overgehaald, want ook bedrijven zien de enorme potentie die aanwezig is in Zuidoost. Het is een stadsdeel met een jonge bevolking, waarbij vaak het onderwijsniveau nog te laag is. En dat heeft niet te maken met de kwaliteit en de kennis en de talenten van de kinderen en jongeren die er op groeien, maar wel met kansen. Ik denk dat veel bedrijven zich daar ook van bewust zijn.

En het is ook in hun belang om die potentie in Zuidoost veel beter aan te gaan boren, want daar hebben ze uiteindelijk ook economisch profijt van. Dus ze staan niet tegenover elkaar, maar kunnen elkaar ook de hand schudden. Ik ga terug naar de vragen, want ik liet mezelf even afleiden. Daarmee over de financiën. Ik kom daarmee ook aan de motie van mevrouw Kuiper. U verzoekt ons uit te werken welke kosten van het Masterplan Zuidoost al gedekt zijn en welke nog niet, hoe en wanneer dit aan de raad wordt gemeld. Wij zijn in beginsel positief over de motie die u heeft ingediend, omdat dit namelijk precies aansluit bij de exercitie die wij zelf ook aan het uitvoeren zijn op dit moment. Wel zouden we een aantal aandachtspunten willen meegeven. De doorbraakteams werken op dit moment aan een uitvoeringsagenda voor in ieder geval de komende twee jaar met daarbij een concrete begroting, omdat wij namelijk voor dit en komend jaar al 3,75 miljoen beschikbaar hebben gesteld. Ik had het al over de aanvragen die er lopen voor externe financiering vanuit het rijk. Dat gaat ook nog eens bijvoorbeeld om de aanvraag voor het Volkshuisvestingsfonds en de Stedelijke Vernieuwingsagenda. Dan hebben we nog de aanvragen uit het bedrijfsleven. Dus mijn vraag aan u is wel: houd daar rekening mee. Mochten er onvoldoende middelen beschikbaar komen, dan moet er worden geprioriteerd in de ambities.

Dat spreekt eigenlijk een beetje voor zich. Het is wat vroeg om hiervoor op voorhand een afwegingskader op te

23

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

stellen. De focus ligt nu, twee maanden na de ondertekening van het Masterplan door de Alliantie, op het aanspreken van de juiste financieringsbronnen. Daarom kan worden toegezegd om conform eerdere toezeggingen in de raadscommissie de raad een update te geven over de financiële dekking voor de uitvoering op de middellange termijn. Mocht u daarmee akkoord kunnen gaan, dan adviseren wij positief over de motie die u heeft ingediend. Dan zou ik daarmee ook naar de inbreng van mevrouw La Rose willen gaan. U had het over het belang van kapitaalinjecties. Daar heb ik al antwoord op gegeven. Wat ik ook heel interessant vind, is dat een aantal bewonersorganisaties, bijvoorbeeld Groei en Bloei die u waarschijnlijk ook kent, ook zelf bezig zijn met het overleggen met het bedrijfsleven ook op social return. Wij ondersteunen dat soort initiatieven natuurlijk van harte, omdat wij ook het belang daarvan volledig onderkennen. Dan had u het over het belang voor jongeren met een sociale beperking. U heeft daar ook een motie over ingediend. Ik neem aan – ik kijk even naar mevrouw Kukenheim – dat ik daarvoor het advies geef. Ik krijg een opgestoken duim. U vraagt ons om in gesprek te gaan met de leden van het Platform Gehandicapten Zuidoost vanwege het belang van jongeren met een handicap, et cetera. Wij zijn daar vanzelfsprekend positief over.

Het Masterplan volgt hierin het beleid van het stadsdeel en inclusiviteit in al zijn vormen is heel belangrijk bij de besluitvorming en de uitvoering van het Masterplan. Inclusie, participatieIk heb eerlijkheidshalve een ongelofelijke hekel aan het woord ‘inclusie’. Het is een verschrikkelijk buzzwoord, dat mag ik toch wel even gezegd hebben. Het gaat hier gewoon om mede-eigenaarschap. Het stadsdeel wordt opgebouwd uit zijn inwoners en dat zijn inwoners met en zonder beperkingen. Die zijn volledig deel in de besluitvorming. Dus wij adviseren positief. Dan heb ik daarmee u voldoende beantwoord. Dan kom ik op de heer Blom. Meneer Blom, laat ik in ieder geval ook in uw richting zeggen: wij delen volledig in uw gevoel van urgentie. En we zijn het ook volledig met u eens dat het Masterplan Zuidoost alleen maar kan slagen als het opgebouwd is vanuit de inwoners. Sinds een paar maanden is Sandra Williams nu van start als nieuwe directeur Masterplan. Zij is zelf afkomstig uit het stadsdeel en daar al heel erg lang in werkzaam, kent het stadsdeel bijna als geen ander zou ik willen zeggen en staat ook in heel goed contact met alle organisaties. Er is, volgens mij, wat misverstand gekropen in de governancestructuur, die het Masterplan kent.

Vanmorgen hadden we een alliantievergadering en toen begon ik me halverwege ook af te vragen of ik – en ik zie de heer Ivens knikken, die had hetzelfde – zelf misschien een paar vergaderingen miste. Het is namelijk heel simpel. Wij kennen de Alliantie. De Alliantie is het centraal besluitvormende orgaan in het Masterplan. Er zit een groot aantal maatschappelijke partijen in, variërend van politie, justitie, corporaties, hulpverleningsorganisaties, onderwijs zit erin, bedrijfsleven zit erin, bestuur zit erin en bewoners zitten daarin. Dan is er een bestuurlijk vooroverleg. Dat bestuurlijk vooroverleg bestaat eigenlijk uit de stadsdeelvoorzitter, mij, de directeur en ik geloof dat er ook nog een wethouder in zit – ja; twee wethouders – die de eerste verantwoordelijkheid hebben. Die onderhouden eigenlijk de contacten met het college, zijn verantwoordelijk voor de financiële continuïteit en bespreken de besluiten van de Alliantie met het college en regelen de ambtelijke voorbereiding naar aanleiding van de besluiten die in de Alliantie worden genomen. Daarnaast zijn er doorbraakteams.

De doorbraakteams zijn opgebouwd uit de leden van de Alliantie en er worden andere experts en inwoners bij gehaald om op de verschillende terreinen – bijvoorbeeld op het terrein van werk en economische opbouw, op het terrein van onderwijs en kansen, op het terrein van veiligheid en wonen – werkelijk doorbraken te gaan forceren. Dat is de opbouw. Ik las ook plotseling over een Kernalliantie. Die is er niet. Er is een Alliantie. En dat is een misverstand dat we zelf hebben laten sluipen in het Masterplan, want ik kreeg alsmaar die pagina toegezonden

24

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

van verschillende kanten en dacht, moet ik nou nog een vergadering gaan leiden? Dat komt me eigenlijk niet uit. Dat is ook helemaal niet de bedoeling, want dan splits je namelijk die Alliantie in tweeën. En dan zou je daar een soort elite bovenop gaan zetten, die vervolgens dat weer door moet sluizen naar de Alliantie. Dat is helemaal de bedoeling niet. De Alliantie neemt de besluiten. En dat is er maar één. Dat wilde ik u als eerste even zeggen, want ik weet ook dat u contact heeft gehad, ambtelijk, en dat er allerlei verwarring ontstond. Nu naar het volgende punt. Dat is het aandeel van de inwoners. Wij zijn daar zoekend in geweest. Dat heeft heel veel te maken met de aard van Zuidoost zelf. Zoals u weet zit Graziëlla Hunsel langer in de Alliantie en natuurlijk zitten ook leden uit de stadsdeelcommissie en de stadsdeelvoorzitter erin. Maar we willen heel graag een zwaardere vertegenwoordiging van de inwoners in de Alliantie. Daarmee kom ik ook aan uw motie toe. Wij hebben ook de opbouw gezien van het Social Pact in Zuidoost. Ik ben daar ongelofelijk gelukkig mee. Het bestaat sinds 2018, maar we zien ook in 2019 en 2020 dat het aan gewicht en ook aan doorzettingsmacht daarmee in Zuidoost toeneemt. Tegelijkertijd – en u kent Zuidoost heel goed – zijn daarmee lang niet alle inwoners vertegenwoordigd, want er zijn nog veel meer inwonersinitiatieven.

Vanmorgen in de Alliantie vertelde mevrouw Hunsel ook dat zij tweehonderd masterplannen op haar bureautje had klaargelegd en dat vijftig mensen zich hadden gemeld namens organisaties en namens zichzelf, omdat ze dolgraag actief willen zijn. Wat wij willen doen? Wij willen Social Pact een positie geven in de Alliantie, in ieder geval met één zetel. En we willen eigenlijk dat het Social Pact ook plek krijgt in alle doorbraakteams. Men moet zelf even beslissen wie men dan aan de doorbraakteams wil toevoegen. Dan zou het kunnen dat wij op termijn nog meer zetels voor inwonersorganisaties of coöperaties van inwonersorganisaties een plek zouden willen geven. Voor nu zouden we zeggen: één, om even te kijken wat er verder nog uit het stadsdeel omhoog komt, omdat we ook niet een monopoliepositie willen geven aan de eerste verzameling, die echt sterk is, van inwoners. Dus om een lang verhaal kort te maken. Als u uit uw motie weghaalt het woord ‘kernteam’, maar dat ze gewoon een plek krijgen in de Alliantie, dan adviseren wij positief over uw motie. (De heer BLOM: Dat klinkt heel goed. Daar ben ik blij mee. Maar echt even voor de helderheid, want dat betekent dat de eerste versie van mijn motie, die ik een paar dagen geleden heb ingediend, dat dat eigenlijk de motie is die u nu omarmd als het hebt over de Alliantie.

Bedoelt u dan die veertien vertegenwoordigers? Waaronder zo’n Nova, Randstad, de Arena, de politie. Hebt u het dan over dat gremium van veertien?) Absoluut, daar heb ik het over. (De heer BLOM: Oké, dan spreken we dezelfde taal.) En die is besluitvormend. Daar zit nu Graziëlla Hunsel al namens inwoners in, maar zij is de eerste om te zeggen dat er een bredere vertegenwoordiging bij moet, want dat vindt zij zelf gewoon buitengewoon belangrijk. Wij zijn daar ook naar op zoek. Maar het is af en toe wel, nou, lastig manoeuvreren, omdat er ook heel veel discussie is tussen de talrijke inwoners in Zuidoost wie wie vertegenwoordigd. Maar ik denk dat we met het Social Pact kunnen vaststellen dat daarmee echt een organisatie is ontstaan die heel veel eigen initiatieven verzamelt en representeert. (De heer BLOM: Ik ben hier blij mee. Ik moet zeggen dat ik de wijze waarop de burgemeester dit onderwerp echt omarmt, dat verdient echt complimenten. Ik denk dat wij met dat gevoel, met die betrokkenheid en voor door het maatschappelijk middenveld, de civil society, een positie van sturing te geven, dat we echt een verschil kunnen maken, net als we dat hadden met de Bijlmervernieuwing van de jaren ’90, maar dan op sociaal

25

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

vlak. En u vindt mij en GroenLinks aan uw zijde. Maar, voorzitter, om het nog heel even helder te hebben, mag ik het positief preadvies van de burgemeester dus ook zo opvatten dat u in de uitvoering dus ook vertegenwoordigers van het Social Pact plaats laat nemen in alle doorbraakteams?) Om met de laatste vraag te beginnen: dat is precies de bedoeling. Men moet zelf eens even kijken wie men nou het beste vindt bij welk doorbraakteam, want daar- Kijk, we waken er ook een beetje voor dat het niet allemaal Poolse landdagen worden, want het moet wel werkbaar blijven. Maar ja. Dan, ik ben dol op complimentjes, maar u geeft me te veel eer. Ik denk dat het Masterplan alleen kan slagen als het collegebreed wordt gesteund. En dat is echt heel nadrukkelijk het geval. Ik merk in het hele college een grote bereidheid om ook vanuit de eigen portefeuilles soms misschien wat in te schikken en het dan de nadruk te geven dat het ook moet passen in het Masterplan, om kritisch te kijken naar de geldstromen die al naar Zuidoost gaan, want er gaan natuurlijk heel veel geldstromen naar Zuidoost, of wij dat samen wel allemaal even effectief doen. Dus of het nou voor onderwijs, voor schulden, voor zorg, voor wonen, voor democratisering, voor alle onderdelen geldt: iedereen is zeer betrokken en wij, als college, steunen het Masterplan heel erg.

Dan, mevrouw Poot stelde eigenlijk alleen de vraag over de bouwprojecten. Daar zal de heer Ivens antwoord op geven. Dan ga ik naar de heer Veldhuyzen. Ja, wij gaan niet een einde maken aan het kapitalisme in Zuidoost en we kunnen helaas ook niet eeuwen van neokolonialisme repareren in Zuidoost. Dat zou ik toch even tegen u willen zeggen. Maar, ja, ik denk dat de intentie van de Alliantie, het samenkomen van al die partijen, bij elkaar, dat is een diepe bewogenheid met wat er verkeerd is gegaan de afgelopen jaren. En de bereidheid, natuurlijk, ook om kritisch naar zichzelf te kijken. Ik kan niet voor alle organisaties spreken, maar ik weet bijvoorbeeld voor de leden van de driehoek, dat er een ongelofelijke, ja, betrokkenheid is om ook te kijken naar de wijze waarop bijvoorbeeld vanuit de politie omgegaan wordt met de jongeren in Zuidoost vanuit de heel simpele gedachte dat de politie in Zuidoost alleen effectief kan opereren als jongeren en ouderen het gevoel hebben dat de politie aan hun kant staat, want het zijn namelijk je belangrijkste partners. In dat verband – ik kan het ook niet laten – speelt natuurlijk herstelrecht een belangrijke rol. Niet voor niets beginnen wij ook met de buurtrechter in Zuidoost. Want ik denk dat, zeker daar waar er sprake is van krenking, het van groot belang is dat er ook een redelijk gesprek gevoerd kan worden.

Natuurlijk kan herstelrecht niet in de plaats komen waar er gestraft moet worden, want dat is ook nodig in Zuidoost. De wet wordt daar door jongeren af en toe, en volwassenen, jongvolwassenen, heel ernstig overtreden. Dan moet er gehandhaafd worden, dan moet er snel en zeker gestraft worden. Maar daarnaast moeten we ook naar manieren zoeken om mensen het vertrouwen in de rechtsstaat te geven en soms terug te geven. Ik hoop dat ik u daarmee voldoende heb beantwoord. Dan de heer Khan. Ja, ik heb veel van uw opmerkingen, denk ik, al(De heer VELDHUYZEN: Nee, alleen nog een vraag. Daar hoeft de burgemeester nu geen antwoord op te geven. Maar is het wellicht mogelijk om in de toekomst ook inzichtelijk te maken hoeveel middelen er naar overhead gaan? Want daar krijg ik ook veel vragen over vanuit Zuidoost, of niet heel veel geld dan gaat verdwijnen op plekken, terwijl het anders beter besteed zou kunnen worden.) Ja, laat ik als eerste zeggen dat het ook echt noodzakelijk is om een goed functionerende organisatie erachter te hebben. De inschatting is nu dat er acht ton op jaarbasis naar overhead gaat.

26

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Dan, meneer Khan, u heeft een motie ingediend waar wethouder Moorman even op in zal gaan. Dan, soms heb ik het gevoel als ik u hoor, dat u meer tegenstelling tussen u en mij vermoedt dan er in werkelijkheid is. Als ik zeg ‘enige gentrificatie is niet slecht’ dan bedoel ik daarmee ‘menging is niet slecht, verdringing wel’. Dan, de heer Flentge. Ja, wij zullen goed luisteren. Eigenlijk is het nog belangrijker dat de inwoners veel het woord zullen hebben. Dan de heer Van Schijndel. Hij maakte opmerkingen over het herstelrecht. Ik denk dat ik hem bediend heb. Dan is er nog één motie waar ik advies op moet geven. Dat is motie 272.21 van de leden Khan, Veldhuyzen, La Rose en Blom inzake aanpak institutioneel racisme. In gesprek te treden met de makers van het Zwart Manifest, de maatregelen ter bestrijding van institutioneel racisme te integreren. Ja, er worden al gesprekken gevoerd met antiracistische rolmodellen uit Zuidoost, waaronder de opstellers van het Zwart Manifest over hun rol bij het Masterplan en ook bij de bestrijding van institutioneel racisme. In een eerder georganiseerde Zoom-sessie is uitgebreid gesproken over racisme. Bewoners en alliantiepartners hebben ideeën uitgewisseld over het realiseren van een – en daar heb je het woord weer – inclusieve samenleving waar ruimte is voor iedereen, over hoe we discriminatie kunnen tegengaan.

Dit was een begin en – laten we daar wel over zijn – de soms moeilijke gesprekken die daarbij ook moeten plaatsvinden, want die gesprekken schuren af en toe. Die zijn nog niet ten einde. Wij adviseren dus positief over de motie. En daarmee ben ik klaar. (De heer KHAN: Nog even over de motie. Dank voor haar positieve preadvies. Ik ben nog wel even benieuwd. Ja, er worden nu gesprekken gevoerd. Hoe gaat dit dan vervolgens vorm krijgen in het Masterplan? Gaan we dan bijvoorbeeld bij een toekomstige voortgangsrapportage die maatregelen terugzien in het Masterplan? Of komt er een apart document of brief naar de raad toe? Hoe gaat dat precies vorm worden gegeven?) Het maakt deel uit van een van de doorbraken, van de doorbraakteams. Daar zult u met enige tussenpozen voortgangsberichten van krijgen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Ivens. Wethouder IVENS: Ja, er zijn mij twee vragen en één motie is voor mij. De eerste vraag is van mevrouw Poot. Zij maakt zich zorgen of er nog wel gebouwd gaat worden in Zuidoost. Ik trad aan in 2014 als wethouder en we gingen gelijk- Enorm veel woningen werden er in Amsterdam gebouwd, maar nul in Zuidoost. Nou, dat is nu wel anders. In Zuidoost wordt er heel erg veel gebouwd. En het gaat wat dat betreft zeer voortvarend.

Voor de periode tot 2025, dus voor deze vier jaren, geldt dat er nog tienduizend woningen in de planning staan in Zuidoost, waar gewoon aan gewerkt wordt om ze te proberen te gaan realiseren. We zetten inderdaad zoveel mogelijk in op het realiseren van deze woningen, het vergroten van de slaagkans dat ze er ook echt gaan komen. Dus ik hoop dat ik daarin mevrouw Poot enigszins kan geruststellen. Dan is er een vraag gesteld door de heer Veldhuyzen. Hij vraagt, komen er dan ook eeuwigdurende middeldure huurwoningen. U weet, we zijn nu pas de eerste stap aan het zetten naar eeuwigdurende middeldure woningen. Je ziet dat ze vooral als corporaties zelf middeldure huur gaan ontwikkelen, daar hebben ze wel interesse in om daar eeuwigdurende middeldure huur van te maken. Als we een tender uitschrijven, dus een gronduitgifte van de gemeente hebben, dan kunnen we dat als voorwaarde stellen. Dat betekent wel financieel wat. En laten we eerlijk zijn, de grondexploitaties van Zuidoost, de

27

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

nieuwere, beginnen er allemaal steeds negatiever uit te zien, omdat we willen dat er heel veel gerealiseerd wordt. Dus dat is wel spannend als we dat bij gronduitgiftes gaan doen. Maar dat kan. Bij transformaties – dat is met name in bijvoorbeeld het Amstel III-gebied, daar zijn natuurlijk heel veel transformaties – daar is eeuwigdurende middeldure huur nog wel echt een barrière om uiteindelijk over te gaan tot het transformeren van die panden. Dus we zijn de eerste stappen aan het zetten in Amsterdam. Er zijn op dit moment nog geen eeuwigdurende middeldure huurwoningen in Zuidoost geprogrammeerd of gepland. Maar ook in Zuidoost gaan we daar natuurlijk mee werken: we willen naar meer eeuwigdurende middeldure huur toe. (De heer VELDHUYZEN: Ja, heel kort. Dank aan de wethouder voor deze beantwoording. Ik roep vooral de andere partijen, alle partijen in deze gemeenteraad, op om de wethouder hierin te steunen, want dit is wat de bewoners van Zuidoost nodig hebben. Want niet eeuwigdurende middenhuur is op termijn dure huur en dat is onbetaalbaar voor de meeste mensen. Dank.) Dat laatste, die zorg van u deel ik, dat het ooit dure huur kan worden. We weten het natuurlijk niet, want ook van de niet eeuwigdurende middeldure huur zeggen we, we leggen de prijs voor 25 jaar vast.

En hoe de wereld er over 25 jaar uitziet- Nou, in ieder geval Zuidoost ziet er een stuk beter uit, want daarvoor hebben we dat Masterplan. Dus daar moeten we vertrouwen in hebben. Maar dat zegt niet dat het ook allemaal veel duurder moet worden. Dat is een mooi bruggetje gelijk naar de motie die u heeft ingediend, de leden Khan en Veldhuyzen. Motie 274.21. Die zeggen, we willen geen gentrificatie. Daar heeft de burgemeester ook het een en ander over gezegd. We willen inderdaad geen verdringing hebben in Zuidoost. Niet dat mensen verdrongen moeten worden. Alleen, ik snap dan de motie niet zo goed. Want juist door die 40-40-20-regel – dus 40% sociale huur, 40% middelduur en 20% vrije sector – stadsbreed toe te kennen in plaats van per project kunnen we zorgen dat het en leidt tot menging in buurten – dus dat we het wat beter kunnen puzzelen – als dat die maatregel leidt tot dat die transformaties die ook nodig zijn om te zorgen dat er veel woningen – want daar maakt mevrouw Poot zich zorgen over – dat die ook plaats kunnen blijven vinden. Dus we kunnen daarmee spelen, met die 40-40-20, dat we ‘m niet op elk project leggen, maar op stadsdeelschaal. We bewaken dat natuurlijk, dat het op stadsdeelschaal goed uitpakt. Maar in uw motie vraagt u eigenlijk die flexibiliteit eruit te halen, waardoor we en minder kunnen mengen in buurten, maar ook minder woningen kunnen gaan realiseren.

Volgens mij, zijn de bewoners van Zuidoost daar niet mee geholpen. Dus ik ben wat dat betreft negatief over de motie. U zegt in het tweede deel van de motie ook nog om een voorrangsregel voor de huidige bewoners van Zuidoost toe te passen. Daarover staat al wat in dit Masterplan, dat we daarop de eerste stappen aan het zetten zijn. We gaan daar, wat mij betreft, nog meer stappen in zetten. Ik hoop ook voor de sociale huurwoningen – want dat vraagt nog een verordeningswijziging – dat wij nog dit jaar u een wijziging voor de Huisvestingsverordening kunnen voorstellen, zodat we ook daar met eventuele buurtvoorrang kunnen gaan werken. Dank u wel. (De heer KHAN: Ja, wethouder Ivens zegt, ja, 40-40-20 wordt gehandhaafd. Maar natuurlijk, als wethouder weet hij het natuurlijk veel beter, dat bij Amstel III juist daarvan wordt afgestapt. Dus wat vindt hij daarvan, dat daar gewoon minder sociale huur wordt gebouwd? Dat is eigenlijk ook de aanleiding om deze motie in te dienen. Om ervoor te zorgen dat we ons gaan houden aan die basis 40-40-20 en juist gaan inzetten op meer, zoveel als mogelijk, sociale huur.)

28

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Ja, zoals u weet, meneer Khan, hebben we een aantal spelregels in Amsterdam. Dat is 40-40-20, maar we hebben ook een aantal uitzonderingen op 40-40-20. Ik noemde u net ook twee argumenten waarom het goed is om op stadsdeelschaal 40-40-20 te bewaken. Dat is namelijk – een van de argumenten die ik noemde – om transformatie tot stand te laten komen. Kijk, wat willen we? Willen we dat het Amstel III-gebied – laat ik het maar in mijn woorden zeggen – dat troosteloze bedrijventerrein blijft? Of willen we dat dat een levende woon-werkwijk wordt? Als we dat laatste willen, dan zullen we daar dus ook moeten kijken dat de partijen die daar nu zitten daadwerkelijk om willen gaan om daar ook woningen te gaan bouwen. Daarom hebben wij die mogelijkheid nodig om af te wijken. U wordt dus gerustgesteld, want ondertussen, als we daar afwijken in dat gebied van 40-40-20 en we leggen het voor het hele stadsdeel nog wel op, betekent dat dus een ander deel van Zuidoost er meer sociale huur dan 40 procent bijgebouwd moet worden, want anders kom je nooit op het gemiddelde van 40 procent sociale huur uit. De VOORZITTER: Ik kijk nog heel even. Dat is het ook. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Moorman. Wethouder MOORMAN: Voorzitter, ik zou graag een preadvies willen geven op motie 273.21 van de leden Khan, Veldhuyzen en La Rose.

Ik vind het heel erg mooi om hierin ook te zien hoe erg de bijdrage van High Dosage Tutoring en studiezalen in Zuidoost wordt gewaardeerd. Dat steun ik volledig. Het is niet voor niets dat wij daar ook middelen aan uitgeven. En dat juist ook specifiek in Zuidoost. High Dosage Tutoring wordt op twee plekken in Amsterdam gefinancierd. Dat is Zuidoost en Noord. En dat is ook omdat we erg geloven in de impact van High Dosage Tutoring. Dat hebben we inmiddels ook wel gezien. U krijgt daar binnenkort ook een evaluatie van. Dus wij zijn zeer van zins – dat ziet u ook wel in het Masterplan Zuidoost – om juist in dit soort trajecten te investeren om juist die gelijke kansen te bieden. Wat u echter hier in de motie vraagt, is om voor twintig jaar al vast te leggen dat er middelen voor vrijgemaakt worden. Dat is wel erg verstrekkend. U heeft net ook in het gesprek met de burgemeester, voorzitter, heeft de heer Khan ook gehoord dat die middelen voor een groot deel ook nog moeten worden geregeld, dat we daarmee bezig zijn. En om dan nu al vast te leggen dat die middelen daar allemaal voor beschikbaar worden gesteld, vind ik wel echt erg verstrekkend. Ook omdat we hopelijk gedurende het traject ook weer nieuwe inzichten krijgen van wat werkt. Dus ik ben het erg met u eens dat het goed is om dit steeds erbij te betrekken.

Dat staat, volgens mij, ook al goed vermeld in het Masterplan Zuidoost. Niet voor niets investeren we daar al in. Maar in de manier waarop het hier is geformuleerd, voorzitter, kunnen we daar niet positief over zijn, omdat daarmee eigenlijk middelen worden vastgelegd die er gewoon nog niet zijn, maar ook voor een te lange tijd, terwijl je ook wendbaar wilt blijven in de manier waarop je dat zo effectief mogelijk wilt gaan doen. Dus ondanks de positieve gedachtes over deze interventie, toch een negatief preadvies. De VOORZITTER: Begrijp ik dan dat de heer Groot Wassink waarschijnlijk dan nog moties 275.21 en 276.21 gaat preadviseren? Of heb ik dat helemaal mis? Wethouder GROOT WASSINK: Voorzitter, ik meen inderdaad dat ik dat ik een preadvies moet geven op 275.21. Ik meen dat 276.21 al gepreadviseerd was, maarDe VOORZITTER: Als u dan 275.21 doet, dan gaan wij even nog in onze administratie kijken.

29

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Groot Wassink. Wethouder GROOT WASSINK: Het gaat om de motie van de heer Khan onder andere over de quota voor jeugd. Ik denk dat wij hetzelfde doel hebben, want wij willen natuurlijk juist jongeren een goede start geven op de arbeidsmarkt via opleidingen en stage. Dus dat doel delen we volledig. Werk is heel erg belangrijk. Het is ook een gezamenlijke ambitie van alle partners in de Alliantie van het Masterplan. Een van de doorbraakteams is daar natuurlijk heel erg mee bezig. Dus dat delen wij zeer. Er loopt nu een gemeentebrede inventarisatie. Ik denk dat het goed is om eerst af te wachten welke verbetermaatregelen daar nou uit komen. Ik heb ook wel mijn twijfels of ik quota daar nou het allerbeste middel in vindt in dit geval. Kijk, we hebben ook al Zuidoost Werkt. U weet, dat banenplan, dat hebben we. Dus ik zou eigenlijk willen wachten tot we verder zijn in de uitwerking van de plannen van het doorbraakteam en er dan nog eens verder over praten. Dus ik deel de intentie van de heer Khan, hoe belangrijk het is dat opleiding en werk goede resultaten hebben. Maar vooralsnog zou ik hem negatief willen preadviseren. Ik wil nog wel een opmerkingen over Hart voor de K-buurt en de structurele ondersteuning van bewonersorganisaties. Want daar is inderdaad al iets over gezegd.

U weet ook, meneer Khan, dat- Voorzitter, moet ik dan zeggen natuurlijk. Voorzitter, ik heb eerder met de raad hier ook over gesproken en ik ben er juist ook mee bezig om te komen tot een soort kader, ook in vervolg op de Kracht van Mokum en hoe we daar met elkaar over gesproken hebben. Want ik snap het pleidooi hier heel goed, voor die ondersteuning van die bewonersorganisaties. Maar dat is, volgens mij, iets waar we al een proces met elkaar over hebben afgesproken, dus waar ik daar ook naar verwijs. Dat zullen we dan ook, neem ik aan, in de commissie KDD met elkaar gaan bespreken. Tot zover, voorzitter. De VOORZITTER: Ik kijk nog even naar de zijde van het college, want volgens mij moet motie 276.21 nog worden gepreadviseerd. Wie o wie? Wethouder GROOT WASSINK: Voorzitter, ik denk dat ik dat- Ik pak hem er dan even bij. Ik praat ondertussen, als u het mij vergeeft, dan kijk ik even- Nou ja, kijk, want dit gaat inderdaad ook over die bewonerscollectieven. Als ik het zo mag zien- Ja, ik denk dat wij natuurlijk dat gesprek ook aan willen gaan met die bewonerscollectieven. Dus welke maatregelen zij over kunnen nemen. De facto bedoelt u: welke bijdrage zij kunnen leveren aan de uitvoering van het Masterplan, dat snap ik.

Maar dat tweede dictum vind ik toch een beetje lastig om nu al ruimte in het Masterplan te reserveren voor maatregelen die bedacht, uitgevoerd en gemonitord zullen worden. Want volgens mij is dat precies wat het Masterplan beoogd, dat we in gezamenlijkheid met partners, waar bewonerscollectieven er zeker één van zijn, juist ook tot interventies komen die werken. Als ik het zo zou kunnen opvatten, dan denk ik dat ik er wel positief over kan zijn. Maar nu alvast vastleggen, het moet en het zal in het plan, dat lijkt me gewoon niet recht, omdat het binnen de aanpak is van hetgeen wij beogen. (De heer KHAN: Even voor mijn helderheid dan. Dus bedoelt de wethouder dan dat we op termijn gaan naar een situatie waarbij bewonerscollectieven meer eigenaarschap krijgen binnen dit kader? Bedoelt hij dat?) Het lijkt mij dat een essentieel onderdeel van het Masterplan is dat bewoners, en dus ook bewonerscollectieven, meer eigenaarschap gaan ervaren door het Masterplan en dus ook binnen het Masterplan. En die zin zeg ik u toe dat wij met bewonerscollectieven in gesprek gaan, dat we kijken welke bijdragen zij kunnen leveren aan de maatregelen van het Masterplan. Maar vind ik zoals het tweede dictum geformuleerd is, die zou ik wat vrijer

30

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

willen interpreteren. En als u met die vrije interpretatie, zoals ik u net gaf, in kunt stemmen, dan kan ik hem positief preadviseren. Maar dat is wel heel nadrukkelijk met deze disclaimer. De VOORZITTER: Ik kijk nog heel even of er- Nee, er is geen behoefte meer aan een vervolginterruptie. Dan kijk ik naar de zijde van de raad. Dan zijn we in principe aan het einde gekomen van de eerste termijn. Dan kijk ik of er behoefte is aan een tweede termijn? De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw La Rose. Mevrouw LA ROSE: Een korte opmerking. Eigenlijk wil ik, nadat ik de burgemeester heb gehoord, toch ook het hele college complimenteren voor hun inzet – ik wil het jeukwoord weer gebruiken, voorzitter – inclusief het stadsdeelbestuur. De VOORZITTER: Complimenten maken mag natuurlijk altijd, ondanks dat u eigenlijk geen spreektijd meer had. Maar goed. We kijken nog even- Ja, maar we gaan niet hier honderd- Een tweede termijn of niet? Want ik vind op zich allemaal- Een tweede termijn? De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kuiper. Mevrouw KUIPER: Ik wil zeggen dat ik toch onder de indruk ben van de enorme drive die de burgemeester liet merken in haar bewoordingen over het Masterplan in reactie op de vragen die ik had, de toezeggingen die er toch wel in zitten. En ik proef daarin vooral de goede wil en de vastberadenheid. Ik heb dat ook bij de andere collegeleden gehoord en gezien.

Het blijft ook moeilijk om het over een langere periode echt hard toe te zeggen. We zullen dit ook beslist blijven volgen. En ook vanuit onze kant via de heer Ceder, maar ook anderen – het is niet alleen de heer Ceder die dit belangrijk vindt – maar om hier echt op toe te zien, want deze bewoners verdienen verbeteringen. En er zijn meer mensen in deze raad die dat natuurlijk ook uit eigen ervaring ook belangrijk vinden. Maar dank voor de inspanningen. We zullen het blijven volgen. Dank ook voor het positieve preadvies op de motie. We hopen dat het college dat ook ziet, als deze motie wordt aangenomen, als een stimulering en een stimulans te blijven ervaren. Dank u wel. De VOORZITTER: Ik kijk nog even of er andere leden zijn die het woord willen voeren in de tweede termijn. Dat is niet het geval. Wil het college nog heel kort reageren? Burgemeester HALSEMA: Laat ik alleen zeggen dat ik namens het college dank wil zeggen voor de steun, dat wij ons ervan bewust zijn dat dit echt een taaie en langlopende opgave is, die niet alleen dit, maar ook komende colleges toekomt. Wat betreft het stadsdeelbestuur, mevrouw La Rose, heeft u volledig gelijk. Kijk, Tanja Jadnanansing zit zo aan ons vast dat ik haar niet apart noemde, maar zij heeft natuurlijk in de dagelijkse leiding over het stadsdeel een ongelofelijk belangrijke rol en met haar de andere bestuurders.

De VOORZITTER: Dan zijn we aan het einde gekomen van agendapunt 27 en gaat die door naar de besluitvormende vergadering van vanavond. De discussie wordt gesloten. De VOORZITTER: Dan gaan we zo dadelijk door naar agendapunt 28. We hebben nog best wel een aantal agendapunten te doen. Het is inmiddels ook al 15.00 uur en we

31

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

moeten toch wel rond 17.30 uur hopelijk klaar zijn, dus de versnelling zal er wel een beetje op gaan moeten. Desalniettemin wil ik heel kort schorsen tot 15.10 uur, zodat we even de woordvoerders kunnen wisselen. Dan gaan we om 15.10 uur verder met agendapunt 28. De VOORZITTER schorst de vergadering vijf minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.

28. Kennisnemen van de voortgangsbrieven maatregelen COVID-19 van 26 februari, 12 maart en 26 maart. Nr. VN2021-009514 De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Schijndel. De heer VAN SCHIJNDEL: Ja, voorzitter, dit is een vreselijk belangrijk onderwerp, want de coronapandemie zal ons nog heel lang heugen. Jarenlang. Ook omdat die in de stad heel grote spanningen en verdeling kan, zal – is mijn verwachting – teweegbrengen. Dat voor het belang van het onderwerp. Maar eerst even de administratie. Er is toegevoegd een motie 230.21 over de jeugdzorg. Die steun ik van harte. Dan heb ik zelf een motie ingediend over kennisvergaring door het college. Ik nodig dus het college uit om daarop een preadvies te geven. voorzitter, we hebben op gezette tijden in dit huis over de corona-aanpak gesproken. Deze keer geen herhaling van zetten, of, in goed Nederlands, geen Groundhog Day. Dus laat ik gelijk met de deur in huis vallen: op 21 juni loopt de tijdelijke Wet COVID19 af. Uiterlijk dan, en liefst eerder, moeten de vrijheidsbeperkende maatregelen van tafel. Voorzitter, ik onderbouw dit standpunt met vier punten. Of, zoals de vrijmetselaars onder u het zouden noemen: vier bouwwerken. Het eerste punt betreft de constitutionele orde en de groeiende kans op burgerlijke ongehoorzaamheid.

Het tweede, de vaccinatiecampagne, terwijl je nu hoort dat de coronamaatregelen ook na 1 juni in stand zouden moeten blijven. Daar ben ik het niet mee eens. Ten derde, welk standpunt heeft onze GGD over of jongeren of mensen met een prima gezondheid zich ook zouden moeten laten vaccineren? Ten vierde, wat doen we bij een eventuele vierde golf dit najaar? Tot slot zeg ik iets over de zeker averechtse regel dat de terrassen om 18.00 uur dicht gaan. Voorzitter, het nu geldende noodrecht is een schending van burgerlijke vrijheden door de staat. Wat betekent dit voor de handhaving van coronaregels door burgemeester? Dus als burgers het niet meer pikken. Het proefschrift van soixante huit heure Kees Schuyt heb ik bekeken. Aan zijn hier eerder besproken vier criteria voor de burgerlijke ongehoorzaamheid wordt gewoon voldaan. Coronamilitanten, bijvoorbeeld betogers of kroegbazen – daar kom ik nog op – betwisten in alle openlijkheid de innerlijke waarden van de anderhalve meter in de openlucht. Ze zijn geweldloos en ook bereid de juridische consequentie te aanvaarden. Ambtsgenoot Zeeger Ernsting formuleerde een vierde criterium, dat je anderen geen schade toebrengt. Maar dat raakt aan de wetenschappelijke lijn: hoe is het gesteld in de open lucht? Die lijn is mondiaal een heel andere dan die van het RIVM.

Voorzitter, daarom een oproep aan de burgemeester om coronamilitanten op de Nieuwmarkt verstandig, zachtmoedig en met respect voor hun overtuigingen tegemoet te treden. Het tweede bouwwerk. De vaccinatiecampagne komt eindelijk op stoom. Tegelijk zijn er plannen om de coronaregels ook na 1 juni te laten doorgaan. Lees het uitstekende

32

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

stuk van Wim Voerman in het NRC van eergisteren. Voorzitter, we moeten hier absoluut niet aan beginnen. Ons is voorgehouden dat het op 1 juni stopt. Dat kan prima, gezien de stijgende vaccinatiegraad plus de seizoensgebondenheid van het virus. Het wordt warm weer. Voorzitter, de vaccinatie van ouderen en kwetsbaren is de game changer: de druk op de zorg valt weg. Ik bespeur dat virologen, zoals Jaap Goudsmit in het NRC van gisteren, en van Harvard het eigenlijk onzin vinden dat jongeren zich ook laten vaccineren. Wat is het standpunt hierover van de Amsterdamse GGD? Voorzitter, u weet het, de weg naar de hel is geplaveid met goede bedoelingen. Ik heb het nu over de test-test-testsamenleving. Een absoluut onding. Eindeloos rond testen inrichten. Het is ook zo onliberaal en onnodig, want met het warmere weer gaat het virus op zijn retour. Marcel Levi, daar wil ik even op wijzen, zegt ook in Het Parool dat we aan die vaccinatiepaspoorten en testsamenleving absoluut niet zouden moeten beginnen. Dat is iemand die ik in deze erg hoog heb. Voorzitter, de burgemeester heeft gezegd dat zij niet wil bijdragen aan de verwarring over wat nu de juiste koers is. Zij is uitvoerder van landelijk beleid. Discussies over wat ze nodig vindt, voert ze intern. Gezag en duidelijkheid staan voorop.

Maar, voorzitter, het debat moet wel degelijk in deze raad worden gevoerd, want de stad Amsterdam gaat aan het OMT-beleid kapot. Dat brengt mij op het vierde bouwwerk. Wat doen we bij een eventuele vierde golf dit najaar bijvoorbeeld door een zeer akelige variant? Het standpunt van Forum voor Democratie zal niemand verbazen. Sinds maart vorig jaar is geopereerd met de botte bijl: de lockdowns. Dat is absoluut niet voor herhaling vatbaar. Economisch en psychologisch is het gewoon godsonmogelijk. Bij een verraderlijke vierde golf moeten we de zorg weer opschalen. Dus weg met het verbod op buitenlandse verplegers, de BIG-registratie aanpassen en beperk het aantal besmettingen op kantoor, op de werkvloer, door – en daar is hij weer – de luchtverversing eindelijk ter hand te nemen. Voorzitter, nog een vraag aan de burgemeester. Heeft de Amsterdamse GGD de deskundigheid in huis om bij een vierde golf te kunnen adviseren over gezondheidsbeschermende maatregelen die nu eens niet neerkomen op vrijheidsbeperkingen? Als dat niet het geval is, is het dan niet zaak zulke expertise elders in te winnen? Deelt het college de uitleg van artikel 2 van de Wet publieke gezondheid dat het daartoe ook verplicht is? Dan rond ik af met die malle regel dat de terrassen al om 18.00 dicht moeten. Voorzitter, de burgemeester spreekt van tijd tot tijd met de demissionair minister-president, de heer Rutte.

Als er nu één maatregel is die vraagt om handhavingsmoeilijkheden, dan is het de zes-uur-regel. Inmiddels overbekend: mensen slaan dan drank in in de supermarkt en gaan naar het park. Dus is de burgemeester bereid dit met de minister-president te bespreken en het hem aan zijn verstand te peuteren? Tot zover, voorzitter. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 41° Motie van de leden Boomsma, Grooten, Kiliç̧, La Rose, Warmerdam, De Grave-Verkerk, Kuiper, Veldhuyzen, N.T. Bakker, A.L. Bakker, Van Soest en Kreuger inzake crisisbedden in de jeugdGGZ, nr. 230.21. Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - Met de minister in overleg te gaan hoe met gezamenlijke inspanning, extra geld vanuit het Rijk en landelijke scholing op heel korte termijn tijdelijk extra bedden met geschoold personeel voor crisiszorg binnen de JeugdGGZ gecreëerd kunnen worden;

33

Jaar

2021

Vergaderdatum 22 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

-

R

Met de minister in overleg te gaan over het instellen van een centrale coördinatie in het verdelen en zo nodig opschalen van crisisbedden; Daarnaast de minister te vragen extra geld en landelijke scholing beschikbaar te stellen voor het tijdelijk opschalen van de ambulante zorg voor kinderen en jongeren die crisiszorg in de JeugdGGZ nodig hebben.

De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 42°

Motie van het lid Van Schijndel inzake aanpak Covid-19, nr. 293.21.

Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: Al het nodige te doen om medische, economische, maatschappelijke en bestuurskundige kennis te vergaren om, al dan niet in het verband van de G-4, richting het Rijk inzake de epidemiebestrijding een volwaardige gesprekspartner te zijn. De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Pijpen. Mevrouw VAN PIJPEN: De bijdrage van GroenLinks valt in twee delen uiteen. Ik wil graag eerst een aantal vragen stellen aan het college en vervolgens zal mijn collega Grooten – als de voorzitter dat toestaat – het woord voeren over een andere crisis, die eigenlijk nog groter is geworden ook door de coronacrisis. Allereerst mijn vragen. Nu een aantal maatregelen zijn versoepeld, hebben we de vraag of dat ook geldt voor de beperking van demonstraties tot maximaal vijfhonderd deelnemers? Het demonstratierecht is een belangrijk grondrecht. We vragen ons af, met behoud van de maatregelen voor afstand en mondkapjes – die daarbij natuurlijk nog steeds relevant zijn – hoe het daar nu mee staat. Ten tweede, in de commissie Zorg heb ik al vragen gesteld over de wijze waarop huisartsen en GGD’s samenwerken bij het vaccineren. Daarbij zien we verschillen in het land.

Sommige GGD’s prikken restjes vaccins weg bij kwetsbare inwoners, sommige GGD’s, waaronder, zo lijkt het ook, in Amsterdam, doen dat niet, maar vaccineren de eigen medewerkers daarmee. Mijn vragen zijn dan: 1, is dit een correcte weergave? Klopt dit? En als dat het geval is, waarom kan er dan niet in samenwerking met huisartsen gekozen worden om wel de kwetsbare Amsterdammers hierin voor te laten gaan? Dat zijn mijn twee onderwerpen. Voor het vervolg wil ik graag via de voorzitter mijn collega Grooten het woord geven. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Grooten. Mevrouw GROOTEN: De coronacrisis zorgt voor grote, urgente geestelijke problemen bij jongeren. Dat leidt tot problemen in de crisisopvang hier in Amsterdam. Wij hebben zes crisisbedden in Amsterdam, maar we zouden er zeker vier bij moeten hebben. We hebben het allemaal kunnen zien de afgelopen weken: op Nieuwsuur, op Pointer, de Kinderombudsman. Iedereen zegt, het is echt heel erg urgent. Leef je eens in: het zal je kind maar zijn die echt in geestelijke problemen komt en er is gewoon geen crisisbed voorhanden of je kind moet naar Zeeland om daar misschien hulp te krijgen. Twee jaar geleden namen we unaniem een motie aan waarin we de noodklok hebben geluid op het

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11434041/1