CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20210421 Notulen beraadslagende vergadering - middag

RAAD 21 april 2021, gemeente Amsterdam34.820 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Ik heb nog wel wat opmerkingen en vragen maar gezien de spreektijd houd ik die nu even voor me. Een deel daarvan werd overigens net benoemd door anderen bijvoorbeeld door collega Boomsma die een aantal goede nuances had. Afsluitend wil ik hier nog zeggen dat ik vertrouwen heb in wethouder Groot Wassink om dit vraagstuk zo goed als mogelijk uit te werken. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Nanninga. Mevrouw NANNINGA: Onze fractie gaat deze verordening eigenlijk nog niet ver genoeg. In die zin sluiten wij ons aan bij de fractie van de SP. We ervaren deze verordening wel als een grote stap voorwaarts. Het is een belangrijk punt in het coalitieakkoord; het is ook een belangrijk dossier voor deze wethouder en het is ook best gezellig om daarmee nu eens een keer roerend eens te zijn. Wel heb ik een vraag aan de wethouder. Waarop baseert hij zijn uitspraak in Het Parool dat de plaatsing van windturbines wat voor onze fractie natuurlijk een belangrijk punt is, niet referendabel zou zijn. Dat viel mij op en dat kon ik nergens in de stukken terug vinden. Volgens ons is dat wel referendabel en dat is een van de redenen waarom wij blij zijn met deze verordening.

De VOORZITTER: dan was dit zou tot zover de eerste termijn van de raad en dan ga ik zo het woord geven aan de wethouder en daarna ook nog aan mevrouw De Fockert die namens het presidium zal reageren op de door de heer Vroege gestelde vragen en ingediende motie. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Groot Wassink. Wethouder GROOT WASSINK: Ik vind het dusdanig leuk om weer eens achter dit gestoelte te staan dat ik daar natuurlijk dankbaar gebruik van maak. Ik ben ook blij om hier weer te zijn. Laat ik beginnen mij aan te sluiten bij de woorden van de heer Boomsma want ook ik herinner mij dat debat als een affront. Ik denk dat we met elkaar konden vaststellen dat de verordening die wij hadden, dusdanig restrictief was dat er eigenlijk geen

38

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

mogelijkheden meer waren om een referendum te houden en dat vind ik niet goed. Kijkend naar de G4 zagen we dat de verordening in Amsterdam dusdanig strikt was dat er van een echt speelveld met betrekking tot referenda geen sprake was. Dat heeft ons ertoe gebracht na te denken over welke versoepelingen we dan konden toepassen om anders om te gaan met de beperkende maatregelen. En dat is wat hier in hoofdlijnen voorligt. Ik zeg ook heel nadrukkelijk tegen mevrouw Nanninga dat het nog geen verordening is. Dit zijn de hoofdlijnen waarlangs het moet worden uitgewerkt om tot een verordening te komen. De heer Vroege had wat zorgen omtrent de communicatie. Ik snap dat wel. Ik moet zeggen, ik heb zelf zowel met het presidium als met de griffie op maandag telefonisch contact gehad om toch ook nog even te spreken over de brief die zij eerder hebben gestuurd. Ik heb er zelf alle vertrouwen in. We hebben de afspraak gemaakt dat we dat in de verdere uitwerking van deze hoofdlijnen heel nadrukkelijk samen met het presidium doen omdat ik het terecht vind dat we in de consequenties van de uitwerking de positie van het presidium als dagelijks bestuur van de raad zeer serieus nemen en dus meewegen. Dan het punt van zelfbinding. Daar hebben toch behoorlijk wat mensen iets over gezegd. De heer Vroege maakte zich bijvoorbeeld zorgen over het effect op de opkomst.

Hetzelfde zou je kunnen zeggen over opkomstdrempels. Op het moment dat je opkomstdrempels in de verordening zet, kunnen die natuurlijk ook een effect hebben op de opkomst. Wat wij hebben willen doen, is het zuiverder maken van de mate waarin een advisering - u heeft gelijk - wordt overgenomen. Je kunt het vastleggen in een verordening zoals thans het geval is. Persoonlijk vind ik het veel zuiverder om het besluit of je een advies van de bevolking overneemt of niet, bij de raad niet te leggen. Ik ben eerlijk gezegd helemaal niet zo bezorgd. Ik geloof ook niet dat Amsterdammers snel in de war raken. Ik snap uw punt van politieke druk en vrij van last wel maar tegelijkertijd zoals de heer Boomsma zegt, als 99 procent van de Amsterdammers iets een goed idee vindt, kan ik dat nog steeds een dom idee vinden en dat is volgens mij waarom we hier zitten. Dus in die zin vind ik het zuiverder dat de raad uitspreekt dan en dan houd ik mij er van tevoren aan - dat is dan de zelfbinding - of ik doe dat niet, ik leg mij er niet van tevoren op vast. Dus in die zin denk ik dat er heel veel mogelijkheden zijn waardoor het juist wel goed werkt. Maar ik ben het volledig met de heer Vroege eens. Ik stel me ook voor dat we dit punt nog eens een keer nader uitwerken meer dan in de punten van de brief die ik er gisteren heb gestuurd, dat we dat meenemen en dat we dat aan u voorleggen.

Dat lijkt mij een uitstekend idee. Dat brengt mij tot het volgende want ik heb deze hoofdlijnen beschouwd als een richting om dingen nader uitwerken op weg naar een verordening. Ik vind het heel logisch dat ten aanzien van de zelfbinding, ten aanzien van artikel 45, maar ook ten aanzien van de motie zoals die voorliggen dat we die verder uitwerken, dat we die wat mij betreft bespreken in de raadscommissie. Ondertussen werk ik natuurlijk wel door om tot een verordening te komen, maar die leg ik natuurlijk niet voor voordat we eerst dat debat in de raadscommissie hebben gehad. Dus die tussenstap waarom de heer Vroege en andere leden hebben verzocht, de zeg ik u gewoon toe. Dat lijkt mij een heel goed idee. Misschien nog een paar punten in antwoord op mevrouw De Grave-Verkerk want ik zie de relatie met de participatiebeleid simpelweg niet. Dit is echt een ander instrument. Dit heeft in essentie met het participatiebeleid niets te maken. Ik was ook wel wat verrast door sommige opmerkingen want referenda zijn nu bij uitstek geen speeltje voor de bestuurlijke elite. Referenda zijn bij uitstek een buitengewoon democratiserend instrument. Ook als je kijkt naar de opkomst bij sommige referenda, dan is dat juist vrij breed. In die zin ben ik niet overtuigd van dat element. En overigens werd de coalitie als de politiekbestuurlijke elite van deze stad benoemd.

Ik zou eigenlijk wel willen beweren dat iedereen die in deze raad zit, behoort tot de politiek bestuurlijke elite van deze stad. Wij

39

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

hebben we het versoepelen en verruimen van de mogelijkheden beoogd in lijn met bijvoorbeeld de landelijke voorwaarden en ik denk dat dat de invloed vergroot. De VVDfractie zei dat er al veel invloed is. Ja, maar op dit specifieke punt op dit specifieke instrument denk ik dat de verruiming goed is. De heer Veldhuyzen had het vertrouwen; dat hoor ik natuurlijk altijd graag. Mevrouw Nanninga had nog een vraag waarom windmolens niet zouden kunnen. Nou, onder de huidige verordening kan dat in ieder geval niet. Bestemmingsplannen vormen daar een uitzonderingsgrond. Het lastige bij bestemmingsplannen is dat we natuurlijk naar de Omgevingswet toegaan. Dus het is eigenlijk best ingewikkeld omdat wij nog niet precies weten hoe de Omgevingswet zijn weerslag krijgt in het wettelijk kader om er nu al op vooruit te lopen. Ik vind dat dat een onderwerp is dat uw raad moet opvoeren op het moment dat de Omgevingswet er is. Dan moet je dat gesprek over die uitzonderingsgronden voeren. Maar op dit moment zit het in de verordening: bestemmingsplannen zijn uitgezonderd. (Mevrouw NANNINGA: Mijn moeilijkheid hiermee zit in de vraag of de dingen niet vallen onder de RES en dat is geen bestemmingsplan. Er staan ook meer factoren in. Er staan locaties in maar ook hoeveel TerraWattuur.

Omdat de wethouder het zo expliciet benoemde in het stuk, dat het daar niet onder valt, dat viel me op omdat ik dat niet kon terugvinden in dit plan.) We hebben inderdaad een hoofdlijnennotitie en mijn stelling is dat dat op basis van de huidige verordening inderdaad niet kan. Maar ik zal ook hierop terugkomen. Dat brengt mij direct bij de beantwoording van de moties. Ik zou alle moties positief willen preadviseren omdat het allemaal terechte punten zijn om nader uit te werken en nader uit te zoeken met de afspraak om de punten echt nader uitwerken, aan uw commissie voor te leggen en dan verder te handelen. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw De Fockert om namens het presidium te reageren op de vragen die de heer Vroege heeft gesteld en te reageren op motie nr. 21.245 waarvan een deel aan het presidium is gericht. Mevrouw DE FOCKERT: De heer Vroege vroeg aan het presidium waarom wij die brief hebben gestuurd en waarom dat pas de avond van te voren was. Het is eigenlijk heel simpel. Er is overleg geweest tussen de griffie en het college over de stukken, maar dat is pas gebeurd nadat de stukken van het college waren vastgesteld. Op basis van dat overleg heeft de griffie met het presidium gesproken en toen is besloten de raad te attenderen op onze zorgen over de uitvoerbaarheid van een aantal punten.

Waarom gebeurt dat dan de avond voor de commissie? Om de simpele reden dat het presidium eens in de drie weken vergadert en dat dit door tweede Paasdag op dinsdagavond was in plaats van op maandagavond. Dan de tweede vraag of het presidium zich kan vinden in de brief die de wethouder gisteren stuurde. Dat kan het presidium. De zorgen zijn daarmee nog niet direct weg want de uitvoerbaarheid van de plannen vraagt gewoon veel aandacht en we hopen dan ook dat dit in de uiteindelijke verordening goed wordt geborgd maar daarin hebben we alle vertrouwen. Dan nog het preadvies voor de motie. De motie vraagt elk referendum te onderzoeken en om dat te doen dat extern te laten evalueren. Het presidium is erg positief over het idee om het eerste referendum extern te laten evalueren. Of dat ook voor elk referendum zou moeten en zou kunnen, nou ja, dat hangt natuurlijk ook af van het aantal referenda dat we straks krijgen. Wij zouden de heer Vroege willen vragen de motie aan te

40

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

passen zodanig dat we dit in ieder geval voor het eerste referendum doen en dan kunnen we de motie positief preadviseren. (De heer VROEGE: Ik beloof de motie zo aan te passen. Ik ga zo in overleg met de griffier hoe dat fysiek zou moeten. Toch even nog een opmerking. Wij kregen de brief niet de avond van tevoren, maar op de ochtend van de vergadering. Ik hoor nu als uitleg dat u niet eerder heeft vergaderd met elkaar. Ik zou deze uitleg van het college ook niet accepteren. En dan is mijn vraag waarom ik dat dan wel van ons dagelijks bestuur zou moeten accepteren, zo'n gelegenheidsargument.) De heer Vroege noemt het een gelegenheidsargument. We hebben tien dagen van tevoren de stukken gekregen en in die tien dagen is de griffie eerst met het college in gesprek gegaan. Het lijkt mij ook de koninklijke weg. Pas daarna is het presidium daarover in gesprek gaan. Ik kan dat niet anders maken. Het is een korte tijd en zoals u weet, zijn de presidiumleden net als de overige raadsleden mensen die dit in deeltijd doen. Ik weet niet helemaal wat de heer Vroege van ons had verwacht in dezen maar zo is het gelopen. De VOORZITTER: Dank wel mevrouw De Fockert voor uw bijdrage namens het presidium. Is er behoefte aan een tweede termijn? Ik zie dat de heer Flentge nog een interruptie had op de wethouder. (De heer FLENTGE: De vraag was nog niet beantwoord door de wethouder.

Volgens mij kunnen we deze hoofdlijnen of straks het referendum niet voorleggen in een referendum aan de Amsterdammers. Er komt waarschijnlijk wel wat inspraak maar ik had aan de wethouder gevraagd of hij de Amsterdammers nadrukkelijk bij het opstellen van het referendum wil betrekken van de verordening. En dan bedoel ik niet alleen maar de inspraak, maar misschien wat dynamischer en echt actief de boer op gaan om te kijken wat er in de stad hierover leeft. Is de wethouder daartoe bereid?) Ik ben inderdaad vergeten deze vraag van de heer Flentge te beantwoorden. Ja, daartoe ben ik bereid maar geeft u mij dan even tijd om dat uit te werken. Daar kom ik dan richting commissie op terug. Ik zeg toe dat ik bereid ben te onderzoeken hoe we daarover met de stad in gesprek kunnen gaan. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kuiper. Mevrouw KUIPER: Wij vonden het eerlijk gezegd niet zo’n gemakkelijk onderwerp, wel heel belangrijk en we hebben er best wel veel discussie over gehad. Dat mag u weten. Het is in de raadscommissie door mijn collega de heer Huisman besproken. We hebben geaarzeld. Zullen we nu wel of zullen we nu niet? Welke elementen hebben daarin een rol gespeeld? Even aan de kant van moeten we dit wel doen zat vooral de afweging wat dit betekende in de praktische uitvoerbaarheid voor de griffie maar ook voor de raad, voor de werkdruk.

Wat kunnen we verwachten? Wat kost dit? Dat waren allemaal heel onduidelijke elementen. En dat moet je ook weer niet te licht wegen, je moet ook weer niet te snel enthousiast van iets nieuws worden. Tegelijkertijd ligt er een verordening. We willen ook dat de burgers zich betrokken voelen. Dat is belangrijk en we willen dat ook graag stimuleren. Dit laatste is uiteindelijk toch doorslaggevend geweest. Ik heb graag deze eerste ronde even afgewacht hoe de discussie ging, welke elementen daarin een rol speelden en al afwegende willen wij het voorstel graag steunen. Het gaat hier om een aantal uitgangspunten dat we nu vaststellen. We hebben al een verordening dus we willen

41

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

het beter maken. Wie kan daar op tegen zijn? Dus dat willen we graag. Maar we willen ook graag dat het college de elementen voor wat het praktisch betekent voor de griffie, voor de raad, voor de financiën, ook meeneemt. Misschien moet er iets van een maximum aan. Daar zijn we nog niet over uit dat je zegt er zit een maximum aan qua financiën, qua uitvoering, wellicht zoveel per jaar - ik noem maar wat. Wellicht kan de wethouder daarover nog nadenken. De brief van het presidium heeft het ons niet gemakkelijk gemaakt want daar word je nog eens extra ongerust van. Toch denken we, ja, dit past zowel Amsterdam, dit is zo belangrijk. Er is altijd veel kritiek op gedrag, houding en cultuur van de raad, van het college, van de gemeente Amsterdam naar de burgers. Misschien staan burgers hierdoor wel wat sterker. Dit is dus juist een kans om de burger meer voet aan de grond te geven. Laat we er niet bang voor zijn. De representatieve democratie waar we hier voor staan en waarvoor we ook vandaag aan het werk zijn die moet uiteindelijk de belangenafweging maken. Laten we niet bang zijn, laten we het wel doen. We willen het graag steunen. (De heer FLENTGE: Ik wil de nieuwe fractievoorzitter van de ChristenUnie vooral complimenteren dat er in de raadscommissie een andere stellingname werd ingenomen waarover ik me juist een beetje verbaasde.

Maar ik ben heel blij dat u de lastige afweging hebt gemaakt zoals u vertelde. Ik ben zeker blij dat u tot deze slotsom bent gekomen. Dat wilde ik u in ieder geval even vertellen.) Dank u wel, erg aardig. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Nanninga. Mevrouw NANNINGA: De wethouder corrigeerde mij terecht. Ik zei verordening maar het is natuurlijk een voordracht waarover we praten. Een vraag nog. Wat ik niet uit de stukken heb kunnen opmaken, is de vraag of de RES op deze hoofdpunten referendabel is of niet. Hoe De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Vroege. De heer VROEGE: Ook D66 is zeer verheugd met het vernieuwde inzicht van de ChristenUnie op dit punt. Dank daarvoor, zeg ik tegen de nieuwe fractievoorzitter van de ChristenUnie. En even voor de administratie: ik zal zo snel mogelijk een aangepaste motie indienen conform het preadvies van het presidium dat we in ieder geval het eerste referendum en misschien zoveel als nodig extern laten evalueren. Verder ben ik blij te horen dat het presidium, de griffier en het college samenwerken in het vervolg van dit traject. De motie-Vroege nr. 21.245 ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 7°

Motie van het lid Vroege inzake Evaluatie Referendum, nr. 21.245 accent

Verzoekt het presidium: -

in ieder geval het eerste afgeronde referendum extern te laten evalueren;

42

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

-

R

hierbij zowel de doelstelling van de verordening als het gevolgde proces te onderzoeken.

Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

Voorstellen te doen deze evaluaties zowel in de Verordening als in de begroting te verankeren.

De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Flentge. De heer FLENTGE: Heel kort want ik denk dat bijna de gehele raad nu voor dit verruimen van de referendummogelijkheden is. Dan kunnen we nog van mening verschillen over de mate waarin, of het radicaler moet ja of nee, of de maatregelen precies zijn zoals elke partij dat wil, maar ik hoor bij eigenlijk niemand grote bezwaren behalve bij de VVD. Dat vond ik wel opmerkelijk zeker omdat dat de grootste partij van Nederland is – niet per se de grootste partij van Amsterdam. Gelukkig, zou ik bijna willen toevoegen maar dat is mijn persoonlijke mening. Ik vond dat opmerkelijk en ik dacht, dat ga ik in ieder geval even benoemen in mijn tweede termijn. Ik heb niemand bezwaar horen maken behalve de VVD. Daarmee denk ik dat we op een hele grote meerderheid hier zitten en dat vind ik een zeer verheuglijke stap. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Groot Wassink. Wethouder GROOT WASSINK: Ook dank aan de fractie van de ChristenUnie. Ik zou de zorgpunten zoals ze die heeft verwoord, wat mij betreft onderdeel willen laten zijn van het gesprek dat we nog in de raadscommissie gaan hebben voordat de verordening definitief aan de raad wordt voorgelegd.

Juist deze uitvoeringskwesties als het gaat om de financiën, capaciteit en wat het nu allemaal precies betekent, die zal ik zeker aan u voorleggen. Een maximum aantal voelt voor mij wat ongemakkelijk maar daar moeten we het dan nog maar eens over hebben. Ik zal deze punten ter hand nemen en verder uitwerken. Ook in de richting van de fractie van Forum voor Democratie zeg ik dat ik dit punt zal oppakken. Ik snap dat u dan wil weten wanneer. Ik kan me voorstellen dat dit punt wel even wat snelheid nodig heeft maar ik durf niet te zeggen wanneer. Ik kom hier snel op terug. (Mevrouw NANNINGA: Het is een beetje of je na een scheiding iemand nog met de achternaam van zijn of haar voormalig echtgenoot aanspreekt, maar het is de fractie van JA21 met uw welnemen. Dank voor de toezegging. We zijn heel benieuwd.) Excuses. De discussie wordt gesloten.

De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.

6.

43

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Instemmen met het initiatiefvoorstel 'Meer koopwoningen in Amsterdam’ van het lid Naoum Néhmé en kennisnemen van de bestuurlijke reactie Nr. VN2020-029346 De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Naoum Néhmé. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: We hadden geen betere dag kunnen kiezen voor de bespreking van dit initiatiefvoorstel dan vandaag omdat vandaag door het kadaster is onderzocht dat starters steeds minder makkelijk een koopwoning kunnen vinden ook omdat corporaties steeds minder woningen mogen verkopen. Eerder hadden we de discussie over de koopwoningen, de spijtige discussie moet ik zeggen, toen bij de verschijning van het coalitieakkoord bekend werd dat de bouwdoelstelling voor de koopwoningen door deze coalitie is losgelaten. Laat het helder zijn: met de VVD in het college was er geen bouwdoelstelling voor de koopwoningen losgelaten. Sterker, daar hadden wij juist fors op ingezet. De feiten zijn dat 51 procent van de Amsterdammers met een verhuiswens, met name de middeninkomens, aangeeft dat ze heel graag een koophuis wil in plaats van een huurhuis. Starters gaven dat al in talloze andere onderzoeken aan. Beide groepen worden door dit college vergeten en dit betekent dat er eigenlijk maar één partij is die het echt opneemt voor starters en middeninkomens ook via dit initiatief en dat is de VVD.

Ik hoop alsnog dat straks meer partijen hun steun geven voor dit voorstel zodat we volgend jaar bij de verkiezingen niet alleen maar warme woorden gaan wijden aan de woningnood van starters en middeninkomens maar dat we ook via ons stemgedrag voor dit voorstel kunnen laten zien dat we daadwerkelijk stappen hebben gezet. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw VAN SOEST: Het is een redelijk voorstel om aan zittende bewoners die boven de huurgrens zitten in ieder geval de woning aan hen te verkopen. Daar ben ik wel voorstander van maar ik weet niet hoe wethouder Ivens daarover denkt. Ik zou dolgraag mijn huis willen kopen maar ik behoor niet tot de doelgroep. In hoeverre zou wethouder Ivens dat kunnen afdwingen bij de corporaties? De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Flentge. De heer FLENTGE: Ik wil de VVD complimenteren want ze maakt in ieder geval helder waar ze staat en dat vind ik heel prettig. Het is helder. Ik zou bijna denken dat de VVD een grote strijd voert maar dat zie ik nog niet helemaal terug in dit initiatiefvoorstel. Als je een grote strijd voert voor meer middeninkomens die je een betaalbaar huis wilt geven, koop of huur, dan zou je ze allemaal in die huizen moeten zetten die je bouwt. Dat doet de VVD niet.

1875 woningen voor duur en dure koop en dat begint vanaf 300.000 euro en dan gaat mevrouw Naoum Néhmé verdedigen dat de VVD de enige partij is die iets voor starters doet. Nou, mevrouw Naoum Néhmé, ik heb nieuws voor u. Heel veel starters kunnen een huis vanaf 300.000 euro helemaal niet betalen. Sterker, juist in een stad als Amsterdam waar heel veel mensen op een kleine ruimte zitten, gaan de bedragen al gauw naar 6, 7, 8 of zelfs 9 ton en zelfs meer. Ik weet niet welke starters u precies kent, maar het is een vrij kleine kring vermoed ik, waar mevrouw Naoum Néhmé haar contacten vandaan haalt. Maar in ieder geval en dat werd ook bij het vorige agendapunt duidelijk, ze mogen een keer in de vier jaar stemmen en daarna moeten ze hun mond houden want de VVD is ook niet voor een referendum. Kortom, lekkere koophuizen. De veryupping van de stad is begonnen. Ik zou vooral richting de kiezers willen zeggen: pas op met een stem op de VVD. Laat ik maar heel vlug de campagne starten.

44

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

(Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Ik maak me ernstig zorgen want de heer Flentge is nu bijna acht jaar verantwoordelijk in deze stad voor het woonbeleid en hij lijkt nog steeds niet te weten wat mensen met een middeninkomen verdienen. Maar laat ik hem een feitelijke vraag stellen. Stel een huishouden van twee mensen met een middeninkomen willen een huis kopen. In welke categorie koopwoning moeten ze dan terecht?) Dat is aan die mensen zelf, mevrouw Naoum Néhmé. U bent toch een liberaal. Dat weet u toch zelf ook. Ik bedoel, met twee middeninkomens kun je best een redelijke hypotheek krijgen. Het probleem is echter dat het al snel boven een redelijke hypotheek komt voor deze middeninkomens. Het gaat al gauw naar 5, 6, 7 ton. En dat wordt zelfs voor twee middeninkomens erg ingewikkeld. U heeft ook geen antwoord. De afgelopen jaren zijn er vanaf 2004 50.000 woningen gebouwd, een stad zo groot als Amstelveen. Het heeft de prijs niet gedrukt. Dus uw marktdenken heeft volledig gefaald. Geef daar nu eens een keer antwoord op. Dan kunnen we een keer verder en dan kunnen we de stad serieus een beetje betaalbaar maken en uit de ijzeren greep van het Haagse afbraakbeleid halen als het gaat over onze volkshuisvesting. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Ik wilde de heer Flentge bedanken voor het feit dat hij zichzelf tegenspreekt want dat is precies waarom wij het opnemen voor het dure segment in Amsterdam.

Dat is niet omdat we denken dat er alleen maar villa’s worden gebouwd. Dat is wel wat de SP telkens schetst. Dat is precies zijn antwoord namelijk dat twee mensen met een gewoon salaris al niet meer in het middensegment passen omdat ze meer kunnen lenen dan de 300.000 euro waar het duurdere segment begint. Dus ik wil de heer Flentge bedanken voor het feit dat hij ons eigenlijk bevestigt hierin. Voor de rest is het feit dat zijn emoties zo hoog oplopen alleen maar reclame voor de VVD zodat de VVD de volgende keer wel aan de bouwknoppen zit en niet D66 samen met de SP.) Mevrouw Naoum Néhmé bepleit dus nogmaals dat de middeninkomens geen huis kunnen vinden en dat we dus heel veel dure huizen moeten bouwen. Dat is eigenlijk wat u zegt. Middeninkomens kunnen het niet betalen dus gaan we nog meer dure huizen bouwen. Dat is wat mevrouw Naoum Néhmé zegt. Dat is natuurlijk een waanzinnig standpunt als je er goed over nadenkt, zeker omdat het in een stad al snel om 5, 6, 7 ton gaat of zelfs nog meer. Daarop heeft mevrouw Naoum Néhmé op geen enkele manier antwoord. Eigenlijk is dat om te maskeren dat haar voorstel meewerkt aan de veryupping van Amsterdam. Dat zeg ik letterlijk zo, want als u daadwerkelijk voor de middeninkomens was opgekomen, dan had u meer dan 3000 woningen helemaal voor het middensegment neergezet. Dat doet u niet.

U zet 1875 woningen neer voor het dure segment en dat toont, mevrouw Naoum Néhmé, de ware aard van uw voorstel. U bent er namelijk voor de yuppen van Amsterdam, de kleine elite, precies de elite die straks ook gaat bepalen hoe in Amsterdam maatregelen worden genomen waarover de Amsterdammers niets meer mogen zeggen. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Ik ben bijna geneigd aan de heer Flentge te vragen, als ik mijn voorstel zou aanpassen zodat alle koopwoningen in het middensegment passen, gaat hij dan voorstemmen?) Ik zou het heel interessant vinden, mevrouw Naoum Néhmé, want dan zou dat wijzen op het feit dat u alleen nog maar voor de yuppen bezig bent, een klein beetje worden gecorrigeerd. Dus dan zou ik dank zeggen voor de invloed die ik heb. En dan zou ik nog niet voorstemmen en ik zal u zeggen waarom niet. Omdat het namelijk ten koste gaat van het sociale segment. Dat is wat u namelijk ook bepleit. Ik zou zeggen, dat moet u ook niet doen. Er zijn twee groepen in Amsterdam die niet aan bod komen: mensen met een laag

45

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

inkomen en mensen met een middeninkomen. Dus dan zou ik zeggen, dan moet u met een iets genuanceerder voorstel komen. Maar fijn dat u in ieder geval bereid bent om te bewegen en een stap de goede kant op te zetten. Ik hoop dat u dat daadwerkelijk wilt gaan doen, want ik denk dat heel veel partijen daarvoor iets meer sympathie zullen voelen. De VOORZITTER: We hebben moeten constateren dat de livestream even niet goed werkte. Het was even hersteld maar inmiddels begrijp ik dat die weer niet beschikbaar is. Een voorwaarde voor digitaal vergaderen ook wettelijk, is dat die live stream beschikbaar moet zijn en het publiek moet de vergadering kunnen volgen ook omdat de raadszaal niet toegankelijk is vanwege de coronamaatregelen. Het is buitengewoon vervelend. Ik moet de vergadering om die reden echt even schorsen. We schorsen even een paar minuten. De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering. De VOORZITTER: Inmiddels heb ik begrepen dat de livestream het weer doet en dat de verbinding via Salto de hele tijd nog heeft gewerkt dus dat we de hele tijd wel toegankelijk waren voor het publiek en dat we dat inmiddels ook weer zijn via de live stream. Het presidium zal overigens hierover contact opnemen met de ict-leverancier want dit moet niet nog een keer op deze wijze gebeuren.

De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest die nog een interruptie heeft op de heer Flentge. (Mevrouw VAN SOEST: Mijnheer Flentge, ik heb eigenlijk een vraag aan u. Er worden zo verschrikkelijk veel woningen verkocht via de woningbouwcorporaties. Als we dat nu gaan doen aan de zittende bewoners die eigenlijk te veel verdienen, dan houd je het toch een beetje in evenwicht. Als de corporaties die woningen verkopen, dan haal je mensen van buiten naar binnen en we hebben al zo’n groot tekort in Amsterdam. Mijn vraag is, bent u dat met mij eens en moeten we dat een halt gaan toeroepen?) Ik ben het volledig met u eens. Ik wil het wel scherper stellen. Ik vind het echt bizar dat er nog steeds sociale huurwoningen moeten worden verkocht vooral door de belastingen vanuit Den Haag en dat de corporaties dat nog steeds doen ook op plekken waar ik het helemaal bizar vind omdat er zo weinig sociale huurwoningen zijn. Als ze dan al verkocht moeten worden wat ik erg slecht vind, dan maar liever aan de mensen die erin wonen. Maar het blijkt heel vaak dat die mensen het geld niet hebben, dus ik zou dat veel liever willen. (Mevrouw VAN SOEST: Mijn vraag is, hoe we dat gaan bewerkstelligen.

Hoe denkt de heer Flentge te kunnen regelen dat zittende bewoners die te veel verdienen, toch huurverhogingen krijgen boven het normale en dan toch boven de huurgrens uitkomen dus ook verdwijnen uit de sociale voorraad? Hoe gaan we dat met elkaar oplossen? Als je de woning aan de zittende bewoners verkoopt, als je dat de woningbouwcorporatie zou kunnen verplichten, dan vindt u mij aan uw zijde. Maar hoe denkt u daarover?) Ik wil eigenlijk vooral niet verkopen. Dat is de strijd die ik voer. Ik heb u daarbij vaker aan mijn zijde gehad. Dus ik denk dat we dat vooral moeten doen. We moeten vooral niet verkopen. Sociale huur moet betaalbaar blijven. Dat is belangrijk. En niet liberaliseren.

46

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Dus ook niet boven die grens zien uit te komen. Dat wordt wel aangejaagd door Haags beleid. Ik zeg tegen u, als de corporaties dan moeten verkopen, dan bieden ze het in een groot aantal gevallen al aan bij de zittende huurders. Daarvoor hebben we ook al een motie aangenomen. Maar die zittende huurders kunnen het vaak niet betalen. Dat toont ook al iets aan. Het idee van de VVD dat iedereen maar een portemonnee heeft waar ze tonnen uit kunnen halen, dat is vaak niet het geval. Zo werkt het helemaal niet. (Mevrouw VAN SOEST: Ik zit toch met een probleem hoe we dat nu gaan doen. Er zijn heel veel woningen boven de huurgrens getrokken door de vele huurverhogingen voor mensen die te veel verdienen. Dus het aantal sociale huurwoningen slinkt hoe langer hoe meer. Mijn vraag aan u is of we daaraan iets zouden kunnen doen, want die woningen zijn dan niet meer voor de sociale huur beschikbaar.) De oplossing ligt deels in Den Haag en deels bij onszelf en dat betekent strengere afspraken met de corporaties en ze vervolgens heel streng aan die afspraken houden. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Veldhuyzen. De heer VELDHUYZEN: Ik wil me aansluiten bij de bijdrage van collega Flentge. Ik heb wel waardering voor de inzet van collega Naoum Néhmé, maar BIJ1 denkt niet dat starters of middeninkomens zijn geholpen met meer koopwoningen.

Sterker, als je kijkt wat er nu aan het gebeuren is, al die vrijemarktwoningen of het nu koop of huur is, die zijn alleen maar aan het stijgen in prijs. Dat is een trend die zich zal gaan doorzetten en daardoor wordt Amsterdam juist steeds onbetaalbaarder voor steeds meer mensen. Als we dat probleem echt willen oplossen, dan moeten we investeren in huisvesting en huisvesting toegankelijk maken voor starter en middeninkomens. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: De heer Veldhuyzen zegt dat we moeten investeren in volkshuisvesting. Het onderzoek dat de basis is voor mijn initiatiefvoorstel geeft aan dat 51 procent van de Amsterdammers met een verhuiswens met name in het middensegment liever een koophuis heeft dat een huurhuis. Zou de heer Veldhuyzen daarop willen ingaan?) Dat wil ik natuurlijk wel. Kijk, wat mensen willen, is een betaalbare woning. Die huurwoningen waarin ze wonen, die zijn niet te betalen. En natuurlijk willen mensen dan in een koopwoning wonen als ze dat zouden kunnen betalen. Volgens mij zou iedereen het liefst voor een redelijke en eerlijke prijs in een sociale huurwoning willen wonen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Ivens voor de beantwoording van de vragen. Wethouder IVENS: Dank voor het initiatiefvoorstel van de VVD en ik wacht natuurlijk vol spanning de stemming af.

Dit zou een aanzienlijke andere opgave betekenen dan die ik van de raad heb gekregen toen het coalitieakkoord werd aangenomen. Maar het is aan u. U gaat er straks over stemmen. Er zijn enkele vragen aan mij gesteld. De discussie waar die starters nu het best in kunnen komen. Je ziet wel dat de gemiddelde koopprijs van een woning ongeveer een half miljoen euro bedraagt in Amsterdam. Als we bedenken dat de middeninkomens tot aan 63.000 euro per jaar verdienen, die kunnen geld lenen voor een koopwoning tot 314.000 euro. Dus je ziet wel dat je nog niet die middengroep aan het bedienen bent als je heel veel koopwoningen gaat bijbouwen. Je bent hoofdzakelijk de mensen die iets meer verdienen aan het helpen. Dat neemt niet weg dat we voor de smaak middeldure koop aan het kijken zijn of we daarmee iets kunnen doen. Bijvoorbeeld met een anti-speculatiebeding

47

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

om ervoor te zorgen dat die woningen in het middensegment blijven. Anders krijg je alleen maar hele kleine woninkjes en daarop zitten veel mensen met een middeninkomen niet te wachten. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Het moet niet gekker worden. We horen wethouder Ivens hier praten over betaalbare koopwoningen in het middensegment en hij denkt dat hij duizenden en duizenden woningen heeft gebouwd in het middensegment. Toen ik hem daar laatst naar vroeg, waren het er nog niet eens 1000. Deze beste man zit er nu drie jaar; deze coalitie heeft het voor elkaar gekregen om nog niet eens 1000 betaalbare woningen te plannen in het koopsegment tussen de 180.000 en 300.000 euro. Ik snap het oprecht niet.) Ik snapte de vraag niet en eigenlijk hoorde ik ook geen vraag. Er zijn sinds 2014 ongeveer 13.500 koopwoningen bijgebouwd. Mijn stelling is inderdaad dat de meeste van die woningen niet bij de middeninkomens komen, maar bij de hoge inkomens. Dus alleen maar doorgaan met die koopwoningen bouwen, daar helpen we die starter niet mee want die starter heeft vaak niet het leenvermogen om daadwerkelijk in die koopwoningen terecht te komen.

(Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: En dan is de vraag, waarom heeft de wethouder of het college zo weinig betaalbare koopwoningen gepland als dat ook de aanklacht is van de wethouder zelf die er nu al bijna acht jaar over gaat?) Omdat er heel veel koopwoningen ooit zijn gepland met de gedachte dat ze ooit voor 300.000 euro zouden worden verkocht. Maar toen waren we een paar jaar verder en u weet ook dat in zes jaar tijd de prijzen van koopwoningen met 50 procent zijn gestegen. Dan moet je bedenken als je aan het begin van het plan staat en je denkt dat je een koopwoning bouwt voor 300.000 euro, dan is die nu waarschijnlijk al 450.000 euro. Dat heeft marktwerking die dus duidelijk niet meer werkt, want er zijn wel heel veel koopwoningen bij gekomen maar de prijs is met 50 procent toegenomen. Nou, dan moeten we ons toch even achter de oren krabben. Er zit hier iets fundamenteel mis. Dan is de vraag gesteld hoe we die starters wel gaan helpen. Ik ben het namelijk wel eens dat je starters kunt helpen met ook koopwoningen. Nu is het interessant om een smaak te bedenken voor het middensegment koopwoningen die niet alleen maar kleiner zijn maar waar je ook iets anders kunt doen bijvoorbeeld met dat anti-speculatiebeding erop. Maar ik vind het minstens zo relevant om te gaan kijken hoe we kunnen voorkomen dat beleggers en eigenaar-bewoners met elkaar concurreren, dus de opkoop beschermen.

Dat moeten we echt in gang zetten want daarmee helpen we echt die kopers. We zagen immers voor het eerst in tijden dat het aantal koopwoningen in Amsterdam aan het afnemen is en het aantal huurwoningen aan het toenemen is puur doordat er heel veel woningen door beleggers worden opgekocht. Laten we een einde maken aan die concurrentie. Dan laten we de voorraad koopwoningen echt toenemen. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: De wethouder lijkt al drie jaar in gesprek met projectontwikkelaars om betaalbare koopwoningen te bouwen. We gaan nu in rap tempo richting de volgende gemeenteraadsverkiezingen. Wanneer kunnen we een uitkomst verwachten van zijn overleg of er ooit nog betaalbare koopwoningen gebouwd gaan worden?) Volgens mij hebben we deze vraag in de vorige raadscommissie ook behandeld en toen heb ik gezegd, maar ik doe het even uit mijn hoofd, dat ik rond de zomer toch echt met de NEPROM dit onderdeel kan afronden. Dan stelt mevrouw Van Soest de vraag over verkopen aan zittende bewoners. Het klinkt hartstikke mooi om te doen, maar je moet bedenken dat vanuit de wet een corporatie

48

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

een woning mag verkopen met een maximale afslag van tien procent. Als de gemiddelde koopwoning van een corporatie 400.000 euro kost, dan kun je de woning voor 350.000 euro aan die zittende bewoner verkopen. Dat zijn mensen die een leencapaciteit hebben die gigantisch is voordat ze die woning kunnen kopen. Dus het is niet zo’n heel aantrekkelijke smaak op dit moment. Er zijn niet zo heel veel huurders die dat willen. Mocht een corporatie zeggen, ik ga nieuwe woningen toevoegen aan onze zogenaamde verkoopvoorraad, dan worden al eerst de zittende bewoners benaderd. Dan wordt hen gevraagd, wilt u wellicht die woning kopen. Er zijn niet heel veel huurders die zeggen, ja, dat wil ik heel graag puur omdat ze dan de hoofdprijs moeten betalen en die hoofdprijs is een beetje door het dak geschoten de afgelopen tijd. (Mevrouw VAN SOEST: Er worden heel veel woningen verkocht door de corporaties overal in Amsterdam en ze gaan in rap tempo, kan ik u vertellen, waarbij de slechtste woningen nu zo snel mogelijk worden verkocht. Dat even terzijde. Dan kun je beter die Amsterdammers de woningen laten kopen. Daarmee vermijd je speculanten. Als je aan de zittende bewoners verkoopt, dan heb je die speculatie niet, dan heb je geen verkamering. Dat wil ik naar voren halen. Kunt u zich daar iets bij voorstellen?) Ik kan me daar alles bij voorstellen behalve dat die verkoop in een rap tempo gaat.

Ja, het gaat nog steeds in een te rap tempo maar het is wel met ongeveer twee derde afgenomen ten opzichte van de periode dat ik hier als wethouder aantrad. Dus de verkoop van corporatiewoningen is wel echt verminderd in de afgelopen zeven jaren. Maar nog steeds worden er te veel verkocht. Nu is het mooie voordeel van die verkoop van corporatiewoningen, dat corporaties woningen alleen maar mogen verkopen aan mensen die er ook zelf gaan wonen, dus aan eigenaar-bewoners. Corporaties mogen woningen niet verkopen aan iemand die er niet zelf gaat wonen. Dat is zo bij wet geregeld. Dat is wel waarom ik op zich heel blij ben. Die opkoopbescherming van alle koopwoningen, ja, daar moeten we iets mee doen om die valse concurrentie tussen de belegger die vooral winst wil maken en de eigenaar-bewoner, te voorkomen. Die scheve concurrentie wil je voorkomen. Dat is bij de corporatiewoningen dus al wel geregeld maar nog niet bij die andere woningen. (Mevrouw VAN SOEST: Ik ben het met de wethouder eens maar nogmaals, ik vraag me af in hoeverre u de corporaties zou kunnen dwingen als ze toch moeten verkopen, dat aan zittende bewoners te doen?) De corporaties doen dat dus al. Als ze woningen in de verkoopvoorraad zetten, dan schrijven ze de zittende bewoners aan en dan vragen ze, wilt u misschien uw woning kopen. Daarop zegt het gros van de bewoners nee, dank u wel, dat is me echt te duur.

Dan moet ik heel veel geld kunnen lenen. Dus dat is al de praktijk. Ik hoef ze niet te verplichten. Er is volgens mij ooit een kabinet geweest dat het wel wilde verplichten en dan ging het niet alleen om de aangewezen woningen maar dat elke individuele huurder zijn eigen woning zou kunnen kopen, maar dat voorstel heeft het uiteindelijk niet gered omdat je niet zomaar eigenaren kunt dwingen hun bezit af te staan. En dan moet je ook realiseren dat dat wel zou leiden tot heel veel VvE’s in de stad waarbij je je kunt afvragen of dat nu echt gewenst is. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een tweede termijn? Dat is niet het geval. De discussie wordt gesloten. De VOORZITTER schorst de vergadering voor een minuut.

49

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER heropent de vergadering.

7. Vaststellen van de Hemelwaterverordening Amsterdam Nr. VN2021-008990 De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie en amendement zijn ingekomen: 8° Amendement van de leden Van Renssen, Mbarki en A.L. Bakker inzake Hemelwaterverordening, Afwijken door college door hogere norm te stellen, nr. 21.264 Besluit: -

Artikel 5, eerste lid, tweede zin van de Verordening als volgt te wijzigen: de volgende zinsnede toe te voegen: "door een hogere norm te stellen", zodat die zin als volgt komt te luiden: Daarbij kan het college afwijken van de voorgeschreven capaciteit van de hemelwaterberging, bedoeld in artikel 4, door een hogere norm te stellen, als dit noodzakelijk is met het oog op een doelmatige waterberging.

9° Motie van de leden Van Renssen, Rooderkerk , Mbarki en A.L. Bakker inzake klimaatsignaal en onderzoek eisen voor gebieden, nr. 21.265 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -

-

naar aanleiding van het KNMI klimaatsignaal ’21 onmiddellijk te beginnen met de aanpassing van de norm in de Hemelwaterverordening en het nieuwe Gemeentelijk Riolerings Plan (of Programma); de aangepaste Hemelwaterverordening of omgevingsplan en GRP voor juli 2022 aan de raad voor te leggen; reeds nu voortvarend te onderzoeken welke gebieden van de stad gevoeliger zijn voor overlast voor extreme buien, ook gelet op het grondwater, zodat daarvoor de norm ten aanzien van het waterbergend vermogen hoger in de aan te passen GRP en Hemelwaterverordening (en opvolgers) kan en moet worden gesteld dan de stedelijke norm voor waterberging.

Het amendement en de motie maken deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Renssen. Mevrouw VAN RENSSEN: Wat goed dat we nu een hemelwaterverordening kunnen vaststellen. Sinds de vorige versie van de inspraak zijn er ook nog staande bebouwing en daarmee kelders toegevoegd. Dat is een goede stap wat ons betreft want we willen de stad zo bestendig mogelijk inrichten zeker ook de nieuwe gebieden als HavenStad. Dat moeten we ook doen omdat we aan de stad voor de toekomst bouwen en dan

50

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

moeten we ook rekening houden met het klimaat van de toekomst. Helaas horen daarbij meer extreme buien en ook periodes van droogte. Om de stad en de inwoners te beschermen zijn groene daken en een groene inrichting dan ook een absolute noodzaak. De norm van 60 mm is duidelijk en wat ons betreft kan daarvan alleen naar boven worden afgeweken juist ook voor nieuwe gebieden maar niet weer naar beneden. Vandaar dus het ingediende amendement. In de raadscommissie hebben we het over de norm van 60 mm per uur gehad. Wat ons betreft kan die norm nog verder worden aangescherpt. Het KNMI zal dit jaar een klimaatsignaal afgeven en aan de hand daarvan wordt die norm opnieuw beoordeeld. De fractie van GroenLinks gesteund door de PvdA, de Partij voor de Dieren en D66 stelt voor die aanscherping zo spoedig mogelijk te doen en de hemelwaterverordening of de opvolging daarvan tegelijkertijd aan te passen aan het gemeentelijk rioleringsplan of het programma, zoals het dan heet, voor 2022 zodat die aanpassing van beleid en de norm hand in hand zullen gaan. GroenLinks is ambitieus op dit punt en dat moet ze ook zijn. We moeten voorbereid zijn op de veranderde omstandigheden en de gebouwde omgeving beschermen tegen de ingrijpende gevolgen van klimaatverandering juist samen met de bouwers en de bewoners van de stad. Daarom zullen wij instemmen met deze hemelwaterverordening.

De VOORZITTER: Dank u wel. We hebben weer een probleem. De livestream doet het maar het systeem zelf van onze leverancier NotuBiz doet het weer eens niet. NotuBiz is daarmee aan het werk. Hopelijk zullen ze dat snel kunnen leveren. We hebben gelukkig nog zoiets als email en we zorgen ervoor dat het amendement en de motie even worden rondgemaild. Nieuwe worden sowieso rondgemaild. Het is een beetje old school, maar goed, er wordt aan gewerkt en we gaan het zien. Houd uw mailbox in de gaten. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Bakker. Mevrouw A.L. BAKKER: Goed dat er een hemelwaterverordening is gekomen en die heeft ook de steun van de Partij voor de Dieren. Het is namelijk belangrijk dat we inspelen op de hevige regenbuien en dat we regels stellen om water te kunnen opvangen. Deze verordening gaat over nieuwbouw en over grote verbouwingen over de bestaande stad. Onze zorg was nog wel dat we nog wel te weinig maatregelen treffen voor de bestaande stad qua waterberging en groene daken. We hebben begrepen dat dit terugkomt in de uitvoeringsagenda klimaatadaptatie die deze week al is vastgesteld door het college. Dus daarnaar zullen we met heel veel interesse gaan kijken. Net als GroenLinks, de PvdA en D66 ziet ook de Partij voor de Dieren dat we met de opgenomen bergingsnorm van 60 mm zullen achterlopen op de werkelijkheid.

Naar verwachting moeten we zijn voorbereid op 60 mm per uur en daarom de motie die we mede-indienen om zodra het KNMI het klimaatsignaal afgeeft, hierop in te spelen in de relevante beleidsstukken en een hogere bergingsnorm te stellen. We zagen dat het college in de verordening kan afwijken in algemene zin en met GroenLinks en de PvdA vinden we dat die uitzondering alleen zou moeten betekenen dat die norm hoger wordt toegepast. Dus daarom een amendement om dit aan te scherpen. Tot slot, de beste manier om water te bergen, is om ons groen en in het bijzonder de bomen te koesteren. Het helpt dan natuurlijk niet mee om aan de lopende band voor allerlei projecten bomen te kappen en dan sprietjes terug te plaatsen of zelfs de helft minder bomen terug te plaatsen omdat er simpelweg niet genoeg ruimte meer over blijft door bouwwoede zoals dat nu het geval is in Noord, in Elzenhagen-Zuid. Hier zien we straks

51

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

ruim 1000 bomen verdwijnen en hopelijk kunnen we dat nog rechttrekken. Dit punt staat voor morgen op de agenda. Dus wordt vervolgd. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Rooderkerk. Mevrouw ROODERKERK: We herinneren ons allemaal de enorme regenbuien een paar jaar geleden waarbij de stad onderliep. Ik weet nog dat ik met de fiets aan de hand me een weg baande over de straten. Dat is wat er nu gebeurt maar in de toekomst wordt het helaas nog vele malen erger. Dus daarom is het heel belangrijk dat we ervoor zorgen dat Amsterdam het hoofd boven water houdt en dat we deze hemelwaterverordening hopelijk vandaag kunnen vaststellen. De norm in deze verordening is 60 mm, maar we moeten natuurlijk ook zorgen dat dat klimaatbestendig is en gericht op de toekomst en wat we daarin verwachten. Daarom dienen we de eerder aangekondigde motie mede in ook namens D66 om zodra het KNMI met een nieuw klimaatsignaal komt en met een mogelijk hogere norm, dat we die zo snel mogelijk in Amsterdam overnemen. Natuurlijk moeten we ook kijken naar de bestaande bouw. Dit gaat over nieuwbouw en renovaties maar ook in een bestaande stad is het heel belangrijk dat we veel meer water gaan opvangen. Dit ontketent gelukkig een groenedakenrevolutie. Die zien we ook heel graag in de bestaande stad.

Dat doen we ook door bijvoorbeeld de moties die we eerder hebben ingediend voor groene stegen, groene pleinen en voor kleine stadsbossen. Daarvoor heb ik begrepen van de wethouder in de raadscommissie dat de voortgang daarvan binnenkort wordt besproken en ook van de klimaatadaptatiestrategie. We zullen hier zeker nog over doorspreken. Laten we samen zorgen dat Amsterdam het hoofd boven water houdt. De VOORZITTER: Dan zijn we eigenlijk gekomen aan het einde van de eerste termijn, maar nu is het zo dat het amendement en de motie nog niet beschikbaar waren toen de eerdere sprekers aan het woord waren en mevrouw Naoum Néhmé natuurlijk daarop niet kon interrumperen. Ik zie dat mevrouw Naoum Néhmé eerst even de beantwoording van de wethouder afwacht. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Ivens voor de beantwoording van de vragen en een preadvies op de motie en het amendement. Wethouder IVENS: We staan inderdaad voor een groot moment. U mag straks gaan stemmen over de hemelwaterverordening. Even voor de kijker via Salto, hemelwater, daarmee bedoelen we gewoon regen, maar hemelwater klinkt zo veel mooier en daar vallen sneeuw en hagel ook allemaal onder. Een nieuwe verordening, dat is best bijzonder. Als we het hebben over aanpassing van verordeningen, dan is het hier een hele nieuwe verordening die we gaan invoeren.

Heel veel steden hebben ‘m nog niet; wij gaan ‘m wel invoeren omdat die echt nodig is. Daarover gaan we het de komende tijd nog vaker met elkaar hebben. Mevrouw Rooderkerk verwees er al even naar. Het uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie is net door het college vastgesteld en dat betekent dat die nu naar uw raadscommissie onderweg is. Daarover gaan we het binnenkort met elkaar nog verder hebben. Mevrouw Bakker gaf het net ook al aan, we hebben het ook heel vaak over bomen en die liefde voor de bomen, daar ben ik het natuurlijk helemaal mee eens. We hebben die bomen nodig en daarom zijn we met een enorme bomenplant bezig. Het bomenplantseizoen komt ongeveer nu, deze week, ten einde. Dat is iets later dan gewoonlijk. Waarom? Omdat we zo veel bomen willen planten in deze stad dus ja, daarvoor hebben we het echt nodig want we willen deze stad groen houden.

52

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De hemelwaterverordening gaat het regelen voor de nieuwbouw. Daarover worden eigenlijk geen vragen gesteld behalve de vraag die er eigenlijk is of we die norm nu moeten aanpassen of dat we dat later doen. We hebben het in de commissie uitgebreid gehad over dat we die norm nu aanscherpen. De verwachting is inderdaad dat er een klimaatsignaal komt waarbij de norm 70 mm gaat worden in plaats van 60 mm. Dat is de verwachting. Dat betekent dat we ons rioleringsplan daarop ook moeten aanpassen. Het is gek als we dat wel van de nieuwbouw zouden vragen maar niet van onze eigen riolering. Ik heb in de raadscommissie gezegd, we doen eerst die aanpassing in het rioleringsplan en als dat is aangepast en als de raad dat heeft overgenomen, dan zouden we deze verordening aanpassen. Maar motie nr. 21.265 vraagt dat nu parallel aan elkaar te doen. Daarmee ben ik het eigenlijk wel eens want dat zorgt er alleen maar voor dat we snel tot actie kunnen overgaan als dat klimaatsignaal van het KNMI, en dat verwachten we na de zomer dit jaar, komt. Dus motie nr. 21.265 krijgt een positie preadvies. Het amendement nr. 21.264 hebben we in de raadscommissie ook besproken, dat krijgt van mij een negatief advies. Daar wordt gesteld dat het college zou moeten kunnen afwijken van deze norm. Op sommige plekken naar boven maar op sommige plekken volgens het huidige voorstel ook naar beneden.

Dit vraagt een zekere flexibiliteit die fijn is om te hebben in verordeningen. Als je bij elke aanpassing naar de raad moet om je verordening aan te passen, wordt dat wel heel erg lastig. Ik snap helemaal wat mevrouw Van Renssen bedoelt want bij dit proces willen we de norm helemaal niet naar beneden aanpassen. Maar stel je voor, we zitten op een nieuwbouwplek waar wij die openbare ruimte gaan inrichten en daar zitten enorme waterpartijen bij. Dan is het toch gek als wij aan die ontwikkelaar die daar iets wil neerzetten, of misschien zijn we zelf de ontwikkelaar om bijvoorbeeld een school neer te zetten, zeggen, we hebben een hele hoge norm voor dat eigen gebouw nodig terwijl we het ook kunnen opvangen met dat waterplein dat we gaan aanleggen. Ik ken dat soort gevallen nu niet en het is misschien een hypothetisch voorbeeld, maar in dat soort gevallen biedt het voorstel zoals het er nu ligt, de ruimte om er eventueel pragmatisch mee om te gaan in plaats van dat we zeggen, we moeten heel rigide zijn. Er zijn nu geen plannen om het naar beneden bij te stellen, maar ik zou willen vragen, laten we die flexibiliteit erin houden en daarom toch een negatief preadvies over amendement nr. 21.264.

(Mevrouw VAN RENSSEN: De wethouder geeft aan dat we flexibel moeten zijn maar er zijn toch ook andere manieren om flexibel te zijn in de verordening? U bent het toch met mij eens dat u in principe niet wilt afwijken van die 60 mm toch?) Dat klopt. We stellen dit op als 60 mm en u heeft eerder in de motie aangegeven en dat ook nu in de motie wederom dat we eerder naar boven zullen afwijken dan naar beneden. Alleen, in een verordening moet een beetje ruimte voor realiteit zijn. Ik zou het zonde vinden om die er nu uit te halen. De VOORZITTER: Ik begrijp van mevrouw Naoum Néhmé dat zij zich kan vinden in de beantwoording van de wethouder en de preadviezen maar zij heeft nog wel behoefte aan een interruptie op de bijdrage van mevrouw Van Renssen. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Voorzitter, dank. Geen vraag maar wel een blijk van vreugde over het negatieve preadvies van de wethouder. Dat zeg ik niet vaak richting deze wethouder maar dat moet nu wel worden gezegd. Laten we in hemelsnaam de woningbouw niet onnodiger belemmeren dan nu al het geval is. Dus dank aan het college daarvoor.)

53

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER: Is er behoefte aan een tweede termijn? Dat is niet het geval. De discussie wordt gesloten. De VOORZITTER schorst de vergadering voor een minuut. De VOORZITTER heropent de vergadering.

8. Instemmen met het instellen van een financieringsreserve en het doen van een kapitaalstorting van drie miljoen euro vanwege incidentele noodsteun aan Carré Nr. VN2021-005202 De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boutkan. De heer BOUTKAN: Wat bijzonder om hier nu weer te staan na zo veel maanden. Voor mijn fractie is transparantie in beloning bij al onze deelnemingen een heel groot goed. Geen uitzonderingen wat ons betreft. Publieke bedrijven dienen nu eenmaal verantwoording af te leggen over de topsalarissen en niet alleen in beslotenheid maar juist ook aan die Amsterdamse belastingbetaler. Mijn raadsbrede motie van een aantal maanden geleden voor meer transparantie laat aan duidelijkheid niets te wensen over. Dat was een heel duidelijk signaal van links tot rechts. We hebben nu te maken met Carré dat noodsteun vraagt van drie miljoen euro. Wij zijn 100 procent aandeelhouder en het gaat hier om publiek geld. Carré is een prachtig instituut dat in zwaar weer verkeert en dat wat mij betreft in de basis gezond is. Daarom hebben wij bij de begroting 2021 ingestemd met noodsteun. Maar we hebben Carré natuurlijk ook gevraagd of het openheid van zaken wilde geven als het gaat om de topsalarissen. Ik vind de reactie van de heer Rövekamp, de voorzitter van de Raad van Commissarissen van Carré eigenlijk wel wat onbehoorlijk naar Amsterdam.

We hebben een brief gekregen en uit die brief van Carré blijkt dat men weigert openheid van zaken te geven. Men zegt dat het besproken zal worden op de komende aandeelhoudersvergadering maar het is gewoon de uitvoering van onze motie dat dat wordt besproken op die aandeelhoudersvergadering. Dus ik beschouw dit niet als een toezegging, maar ik zie dat als pappen en nathouden. En Carré zou een voorbeeld moeten geven aan al die andere mooie Amsterdamse deelnemingen die wel openheid geven over topsalarisssen want die geven het goede voorbeeld. Dat is wat ons betreft een goed voorbeeld van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Dat moet je niet alleen opschrijven; dat moet je vooral doen. Dat brengt mij op een drietal vragen aan de wethouder. Wat is nu het oordeel van de wethouder over de brief van Carré aan de raad? We zijn immers 100 procent aandeelhouder. De tweede vraag is hoe dat overleg met Carré nu eigenlijk is gegaan. En de derde vraag is wanneer de volgende aandeelhoudersvergadering is. (Mevrouw VAN SOEST: Heel interessant betoog maar wat gaat de heer Boutkan doen wanneer mensen geen openheid van zaken geven? Gaat hij dan voorstemmen?) Een hele goede vraag. We hebben al eerder bij de begroting 2021 ingestemd met de steun. Dit is een technische uitwerking. Ik overweeg tegen deze voordracht te stemmen maar ik laat het afhangen van de beantwoording van de wethouder.

De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw De Jager.

54

Jaar

2021

Vergaderdatum 21 april 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Mevrouw DE JAGER: Ja, Carré, al 130 jaar een instituut aan de Amstel. Maar in die 130 jaar is er natuurlijk wel wat veranderd in de manier waarop je zo’n instituut organiseert. Een voorbeeld is de transparantie die wij hechten aan beloningen. De gemeenteraad heeft per motie alle Amsterdamse ondernemingen opgeroepen open te zijn over beloningen en Carré laat dan per brief weten beloningen van de directie niet openbaar te maken omwille van de privacy. Dat is niet de juiste weging van belangen. Publieke ondernemingen zijn gewoon transparant over de beloningen van bestuurders. Het merendeel van de Amsterdamse deelnemingen is ook transparant over beloningen. D66 pleit ervoor dat Carré en andere achterblijvers zich daar zo snel mogelijk bij aansluiten. Ik wil graag van de wethouder horen of hij dit ten volle onderschrijft. D66 vindt het heel belangrijk dat vanaf nu bij elke bestuurder die aantreedt bij een Amsterdamse deelneming vooraf wordt vastgelegd dat beloningen volledig transparant zijn. Ik hoop dat de wethouder kan toezeggen dat dat vanaf nu altijd de praktijk is. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Lammeren. De heer VAN LAMMEREN: Hoe lichter het buiten wordt, hoe donkerder mijn camera. Daar kan ik even niets aan doen.

Goed gesproken van D66 en de PvdA want zoals u weet, hebben wij onlangs vragen gesteld ook over dat de directeur van Artis meer dan de Wnt-norm verdient en dat wij van mening zijn dat zij die subsidie dus helemaal niet hadden mogen hebben in 2019. Ook hier geldt dat voor Carré publiek geld komt. Prima om dat in de goede zaak te storten. Carré heeft ooit afscheid genomen van het kerstcircus met dieren. Dat is een hele goede ontwikkeling geweest. Maar dat betekent nog steeds niet, wanneer bedrijven subsidie krijgen, dat ze vinden dat ze hun directie daarmee veel moeten betalen en al helemaal niet meer dan de Wnt-norm. Maar dat weten we op dit moment niet. Die Wnt-norm is er niet zomaar. Die staat ook in onze subsidieverordening. Dus zolang wij geen openheid krijgen, zullen wij tegen deze kapitaalinjectie van drie miljoen euro stemmen. Ik hoop dat Carré dit beluistert en heel snel over de brug komt met openheid over de beloning binnen de eigen organisatie. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Everhardt. Wethouder EVERHARDT: U kent de inzet van het college. Ik heb direct gevolg gegeven aan de uitspraak die u als raad heeft gedaan dus ik heb al die deelnemingen aangeschreven. Dat wordt op die AvA’s allemaal besproken.

Ik zie inderdaad en dat is het debat dat we vorige week hadden, dat ik als vertegenwoordiger van het college heb aangegeven dat op dit moment de steun niet verlenen vanwege die openheid en transparantie een stap te ver gaat gezien het belang voor Carré en van Carré voor de stad en de toekomstbestendigheid van Carré. Dat neemt niet weg dat ik natuurlijk wel het verzoek dat vorige week is gedaan, heb laten overbrengen. Ik heb daar niet zelf contact over gehad maar er is vanuit mijn team indringend over gesproken. U heeft de reactie gezien. Ik constateer dat daar in ieder geval openheid van zaken wordt gegeven over die Wnt-norm. Dat wordt in die brief aangegeven. Dat neemt niet weg dat ik nog steeds van plan ben om bij die AvA deze discussie verder te zetten. Dat is op dit moment de reactie. Formeel is de Raad van Toezicht, de Raad van Commissarissen gemachtigd en zij gaan over het openbaar maken of niet. Het is ook aan de bestuurder. U ziet de afweging die ik in deze brief ook lees. Dat zal in de AvA weer opnieuw worden besproken en daar zal ik uw nadrukkelijke boodschap overbrengen. Ik steun die ook; ik sta er ook voor.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11434033/1