2. Voortgangsrapportage Energie voor de Stad 1 oktober 2023 - 1 oktober 2024
Tekst van het document
5. Beter borgen van randvoorwaarden eter borgen van de randvoorwaarden om de B uitvoering slagvaardig aan te kunnen pakken (uitvoeringskaders, werkwijzen, kennis, capaciteit, organisatie, middelen en mandaat). Het succesvol realiseren van de energietransitie vraagt om sterke organisatorische en operationele randvoorwaarden. Dit jaar hebben we daarom ingezet op het versterken van onze uitvoeringskaders, werkwijzen, kennis, capaciteit en middelen om onze doelen sneller te kunnen bereiken. Om de slagkracht van onze teams te vergroten, hebben we gewerkt aan het verbeteren van onze interne processen en het versterken van het mandaat van de verschillende teams binnen EvdS. Door duidelijke besluitvormingsstructuren te implementeren, kunnen teams sneller handelen en effectiever inspelen op de uitdagingen die ze tegenkomen in de uitvoering van hun projecten.
Meerjarig investeringsbeeld Bij de voorjaarsnota van 2024 heeft het college een omvangrijk budget beschikbaar gesteld voor de uitvoering van de energietransitie. Om de uitvoeringscapaciteit in beeld te brengen, is inzicht in de investeringen voor de Amsterdamse energietransitie essentieel. Dit inzicht dient als eerste stap in een proces naar een financiële strategie om de energietransitie in Amsterdam te realiseren. Daarvoor is een uitvraag gedaan bij gerenommeerde partijen om de totaal benodigde investeringen tot 2040 in beeld brengen. Er wordt een modelmatige analyse uitgevoerd (Quintel) en daarnaast wordt op basis van consultatierondes en werksessies in kaart gebracht welke investeringen in beeld zijn bij de diensten en andere partners van de gemeente (AEF). Het resultaat dat eind 2024 wordt opgeleverd, is overzicht en inzicht in welke investeringen ten behoeve van de energietransitie (geografisch) in de stad zullen moeten plaatsvinden, welke investeringen in beeld zijn, wie aan de lat staat voor deze investeringen, welke strategische vragen er liggen om gemeentelijke positie hierin te bepalen, en welke consequenties dit heeft voor de gemeente (en anderen).
Dit investeringsbeeld biedt ons niet alleen inzicht in de financiële en personele behoeften voor de warmtetransitie en het EVA-programma, maar helpt ons ook gerichte beslissingen te nemen over welke projecten prioriteit krijgen. Het investeringsbeeld zorgt ervoor dat we beter voorbereid zijn op toekomstige ontwikkelingen en eventuele capaciteitsuitbreidingen.
Strategisch capaciteitsmanagement Naast de operationele randvoorwaarden is ook het oppakken van strategische vraagstukken cruciaal, bijvoorbeeld door het ontwikkelen van een langetermijnvisie voor de capaciteitsbehoeften van de energietransitie. We richten ons niet alleen op de huidige projecten, maar juist op de toekomstige capaciteitsbehoeften van de stad. De energietransitie is een proces dat voortdurend evolueert, en het waarborgen van voldoende expertise, middelen en organisatorische capaciteit is essentieel om onze doelen te bereiken. Door vooruit te kijken en strategisch te plannen, zorgen we ervoor dat we over de juiste middelen en kennis beschikken om de energietransitie de komende jaren succesvol voort te zetten en kunnen we snel reageren op veranderingen in wet- en regelgeving of technische innovaties.
Strategisch stakeholdermanagement Om de opgave van EvdS te laten slagen, is stakeholdermanagement een belangrijk onderdeel. We werken samen met twee gerenommeerde adviesbureaus (Common Eye en WesselinkVanZijst) aan een goed overzicht over het hele stakeholdernetwerk, waarna we een aanpak ontwikkelen hoe we gericht invloed kunnen uitoefenen op dit netwerk om de energietransitie te versnellen, de relaties met de belangrijkste stakeholders te versterken en de samenwerking rond de energietransitie in de stad duurzaam te verankeren.
Expertiseteams Een belangrijk aandachtspunt is het tekort aan gespecialiseerde medewerkers. Het invullen van cruciale posities, zoals projectleiders en juridische experts, blijft een uitdaging vanwege de krapte op de arbeidsmarkt. Ondanks inspanningen om deze vacatures te vervullen,
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
17
vertraagt het gebrek aan capaciteit de voortgang van enkele projecten. De nieuwe Wet Collectieve Warmtevoorziening (WCW) vormt een belangrijk aandachtspunt. Deze wet bepaalt de publieke rol van gemeenten bij warmtenetten en heeft directe gevolgen voor de planning en uitvoering van CWA-projecten. We nemen deel aan de Taskforce WCW om de expertise en adviezen op dit gebied te versterken. Naast de personele uitbreiding hebben we ook geïnvesteerd in kennismanagement binnen EvdS. Door kennisdeling te stimuleren intern en extern, hebben we de expertise binnen de organisatie versterkt. Dit stelt ons in staat om beter om te gaan met complexe juridische vraagstukken, technische uitdagingen en ruimtelijke planning, die gepaard gaan met de grote infrastructurele projecten binnen de energietransitie.
Kennis- en innovatieagenda Om de uitvoering van energietransitie haalbaar en betaalbaar te maken, zijn andere werkwijzen en betere oplossingen, processen en samenwerkingsvormen noodzakelijk. Waar we steeds meer bewust van worden, is dat de manier waarop we nu de energietransitie aanpakken, niet tot de gewenste uitvoeringssnelheid zal leiden. Samen met onze partners, bedrijven, kennisinstellingen en andere betrokkenen zetten we in op kennis en innovatie. We zijn in het tweede kwartaal van 2024 gestart met het opstellen van een Kennisen Innovatie-agenda. We brengen de onderwerpen in beeld waar we meer kennis over nodig hebben, welke relevante nieuwe kennis er is in de markt en bij onderzoeksinstellingen, en welke innovaties we actief moeten ondersteunen. We zijn geïnspireerd door en leren van de resultaten van de Kennis- en Innovatie-aanpak van het Programma Bruggen en Kademuren. In 2024 stellen we de agenda op: de onderwerpen en de organisatie ervan. Onderdeel hiervan is afstemming tussen Amsterdam en de andere grote gemeenten; om kennis te delen en de onderwerpen te verdelen. De activiteiten uit de Kennis- en Innovatie-agenda starten in 2025. Kennisdelen bij het EnergieCafé
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
18
Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) Om de toenemende elektriciteitsvraag in de stad op te vangen en netcongestie aan te pakken werken we aan de voorbereiding van de nieuwbouw en verzwaring van elektriciteitsstations en elektriciteitshuisjes. Op Amsterdam.nl/stroom informeren we de Amsterdammers hierover. Deze video legt onze opgave kort uit: Uitbreiding stroomnet on Vimeo.
Elektriciteitsstations In de komende jaren worden 13 bestaande elektriciteitsstations vernieuwd en 30 nieuwe elektriciteitsstations gebouwd. De aanpak hiervan staat beschreven in het Ontwikkelkader elektriciteitsvoorziening 2035.
In gesprek met de buurt
Elektriciteitshuisjes Er zijn ongeveer 2.600 nieuwe elektriciteitshuisjes en –ruimtes nodig. Meer dan de helft (1.400) komen in nieuw te bouwen wijken, vaak in gebouwen. De andere 1.200 zijn nodig in de bestaande stad. De aanpak voor deze opgave is beschreven in het Ontwikkelperspectief distributienet Amsterdam en is verwerkt in het Implementatieplan “Motie van vertrouwen” dat is ontwikkeld in samenspraak met Liander en V&OR.
De buurtaanpak Door per buurt aan de slag te gaan, verminderen we de overlast. Zodra de locaties van de nieuw te plaatsen elektriciteitshuisjes bekend zijn, worden bewoners per brief geïnformeerd. Op dit moment zijn bewoners in de Cremerbuurt, Schinkelbuurt en Durgerdam met een brief door Liander geïnformeerd over de komst en locatie van de nieuwe elektriciteitshuisjes. De brief informeert over de overwegingen die meespelen en de samenwerking met de gemeente Amsterdam om tot de voorgestelde locaties te komen. Daarnaast worden de bewoners voor meer informatie verwezen naar website over de
In buurten waar voorbereidingen worden getroffen voor een nieuw of verzwaard elektriciteitsstation worden buurtbewoners geïnformeerd met een brief, projectpagina’s en (evt.) tijdens bewonersavonden. Deze communicatie is het begin van de dialoog en participatie met de buurt. Er zijn afgelopen jaar acht bewonersavonden geweest in Gaasperdam, Uilenburg (2x), Nieuwe Meer, Slotermeer, Schipluidenlaan, Buikslotermeer en Rhijnspoor. Andere ondersteunende communicatie middelen zijn bijv. informatiepakketten in het Engels en Nederlands, brieven en berichtgeving in verschillende media. De projectteams werken nauw samen met Liander en Tennet; de gebiedsmakelaars en omgevingsmanagers van de buurten; de GGD voor advies over elektromagnetische velden, de architect en met Bureau Bewonerszaken voor het uitvoeren van buurtonderzoek.
werkzaamheden in de specifieke buurt. Vanuit communicatie en participatie zijn we de buurt ingegaan om feedback van bewoners te verzamelen. Deze is verwerkt en wordt toegepast in toekomstige communicatie.
Onderzoek HvA studenten HvA studenten hebben onderzoek gedaan naar de interne communicatie en het proces rondom de WIOR vergunning, de externe communicatie met bewoners en de impact van de plaatsing van elektriciteitshuisjes op het parkeerareaal. De inzichten en aanbevelingen nemen we mee in de optimalisatie van onze processen.
Versnellen door te standaardiseren Gezien de omvang van de elektriciteitsopgave professionaliseren en standaardiseren we onze werkwijze en communicatiemiddelen waar mogelijk. Op deze manier kunnen we versnellen en communiceren we consistent, transparant en voorspelbaar. Een bijzonder aandachtspunt hierbij is de toegankelijkheid voor alle Amsterdammers: communiceren we begrijpelijk en via een kanaal waar iedereen toegang tot heeft? Zijn we in staat complexe materie goed uit te leggen?
Stedelijke communicatie De voorbereiding voor de campagne die in 2025 wordt uitgerold, is gestart. Hierbij is onderzoek gedaan naar de bruikbaarheid van het zogenaamde ‘campagneconstruct’ voor duurzaamheidsthema’s. Samen met de netbeheerders start in het najaar een persoffensief. Hierbij zullen onder meer de ‘boegbeelden’ van de Taskforce (vanuit de gemeente is dat de wethouder) in verschillende samenstellingen en op meerdere momenten in de media optreden.
Maquette elektriciteitsstation
Met de Taskforce congestie van de provincie NH wordt periodiek de regionale communicatie afgestemd op onze lokale communicatie. In samenwerking met gebiedsontwikkeling zijn informatiesessies en middelen voor externe partijen ontwikkeld die projecten in Amsterdam realiseren. Ook is er een special voor Plan Amsterdam gemaakt over de aanpak van netcongestie. Deze wordt in december gepubliceerd.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
19
4. Beheersing Planning Een belangrijke mijlpaal was de start van de regie- en uitvoerings organisatie per 1 oktober 2023. Sinds die datum heeft EvdS aanzienlijke inspanningen geleverd om de energietransitie in Amsterdam vooruit te helpen. In dit hoofdstuk wordt de voortgang van de belangrijkste programma’s en de uitdagingen die de planningen beïnvloedden, in detail toegelicht. EvdS is – als onderdeel van de verdere inrichting en professionalisering van haar beheersing – ook bezig met een integraal grafisch overzicht van de voortgang van haar totale opgave voor de korte, middellange en lange termijn. Dit overzicht wordt vanaf de volgende verslagperiode in deze rapportage weergegeven en stelt ons in staat om overzichtelijk te rapporteren over de voortgang.
Daarnaast werd er gewerkt aan de ontwikkeling van de Warmtekoers, waarin per buurt wordt vastgelegd welke preferente warmteopties geschikt zijn. Deze koers bouwt voort op technische en economische analyses, waarbij modellen zoals Vesta Mais werden ingezet om de langetermijnopties voor warmtevoorziening te evalueren. De uitwerking van de Warmtekoers is een meerjarig proces, waarbij de eerste scenarioresultaten eind 2024 worden verwacht en de volledige uitrol in 2025 wordt gepland.
Warmte
Een ander belangrijk onderdeel van de planning was het verkennend onderzoek naar koude, dat in het tweede kwartaal van 2024 werd gestart. Dit onderzoek richtte zich op de toenemende vraag naar koeling in stedelijke gebieden en hoe koudeoplossingen kunnen worden geïntegreerd in de warmtetransitie. Het onderzoek leverde belangrijke inzichten op over hittestress en de rol van koudesystemen, met besluitvorming hierover gepland voor eind 2024.
Warmteprogramma
Collectieve Warmte Amsterdam (CWA)
In deze verslagperiode lag de focus van het Warmteprogramma op de planning en uitvoering van belangrijke mijlpalen om de warmte transitie in Amsterdam te versnellen. Een van de kernonderdelen was de Uitgangspuntennotitie, die het kader biedt voor de keuzes rondom warmteopties en infrastructuur. Gedurende de zomer van 2024 werd een uitgebreid participatietraject georganiseerd waarbij meer dan 1.000 Amsterdammers hun input gaven via bewonerspanels, een keuzewijzer en straatgesprekken. Deze input is verwerkt in de conceptversie van de uitgangspuntennotitie, die naar verwachting in Q1 2025 bestuurlijk wordt vastgesteld.
CWA, dat sinds oktober 2023 officieel loopt, is gericht op de aanleg van duurzame warmtenetten voor zowel nieuwbouw als bestaande bouw. De aanleg van deze warmtenetten speelt een cruciale rol in het reduceren van de CO₂-uitstoot van de stad en het realiseren van een aardgasvrije toekomst. De voortgang van de belangrijkste projecten binnen dit programma wordt hieronder uiteengezet: • Sluisbuurt Noord: Dit project is essentieel voor de warmtevoorziening in een van de nieuwe ontwikkelingsgebieden van Amsterdam. In juni 2024 werden de aanbestedingsdocumenten afgerond en de publicatie vond plaats in oktober 2024. De daadwerkelijke start van de uitvoering is afhankelijk van het gunningsproces. De verwachting is dat het project in de loop van
2025 in de realisatiefase komt. Deze vertraging, veroorzaakt door het complexe aanbestedingsproces en capaciteitsbeperkingen binnen EvdS, heeft de voortgang vertraagd. •
De Nieuwe Kern: Dit project, dat nieuwbouwprojecten in het gebied rond de Johan Cruijff Arena voorziet van duurzame warmte, werd in februari 2024 formeel overgedragen aan CWA. De voorbereidingen voor de aanleg van het warmtenet zijn gestart, maar de daadwerkelijke uitvoering wordt pas later verwacht. EvdS werkt samen met bouwontwikkelaars om de uitrol van het warmtenet af te stemmen op de bouw van woningen in het gebied. De realisatie zal naar verwachting meerdere jaren in beslag nemen, wat zorgt voor een lange termijn planning.
•
Oostoever Sloterplas: Dit project richt zich op het benutten van warmte uit de Sloterplas om meer dan 1.000 woningen in de omgeving te verwarmen. In het tweede kwartaal van 2024 werd een subsidie toegekend voor verdere haalbaarheidsstudies. Hoewel de initiële planning voorzag in een snellere uitrol, bevinden de voorbereidingen zich nog in een vroege fase, met verdere technische en financiële analyses die nodig zijn voordat tot uitvoering kan worden overgegaan. De realisatie zal in de komende jaren plaatsvinden, afhankelijk van de resultaten van de haalbaarheidsstudies.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
20
Tabel 1: Globale indicatie voortgang warmtenetten Collectieve Warmte Amsterdam (CWA)
won. aant
2024
2025
2026
2027
2028
2029
1. Collectieve netten Sluisbuurt Noord
2450
inkoop
aanbesteding
contract uitvoering
contractbeheer
aanbesteding
contract uitvoering
ontw. + ink
aanbesteding
2. Beoogd collectief Baaibuurt west
1800
ontw. + ink
Riekerpark
1700
De Nieuwe Kern
3000
ontw. + ink
aanbesteding
contract uitvoering
Marineterrein
800
ontw. + ink
aanbesteding
contract uitvoering
Haven-Stad 1e fase
9750
ontw.
inkoop
aanbesteding
contractbeheer contract uitvoering contractbeheer contractbeheer contract uitvoering
3. Warmteoplossingen individueel Strandeiland (afgerond)
8000
Schinkelhaven (bestuurlijk traject)
1950
INT+BEP
Buikslotermeerplein Centrumgebied (bestuurlijk traject)
2000
INT+BEP
BESTUURLIJK
Nelson Mandelapark(bestuurlijk traject)
720
INT+BEP
BESTUURLIJK
Baaibuurt West (onderzoek tnv afweging collectief)
1800
ONDERZ
Nieuwe Kern (onderzoek tnv afweging collectief)
pm
ONDERZ
Mercatorpark
1000
INT+BEP
BESTUURLIJK
WAD-kwartier
3500
INT+BEP
BESTUURLIJK
Muyskenkwartier
230
INT+BEP
BESTUURLIJK
Centrumgebied Osdorp
1050
INT+BEP
BESTUURLIJK
Schinkelkwartier Sloterstrip
2300
INT+BEP
BESTUURLIJK
Zeeburgerpad
500
ONDERZ
De Vlugtlaan
150
ONDERZ
BESTUURLIJK
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
21
Warmte Bestaande Bouw (WBB) Het Warmte Bestaande Bouw (WBB)-programma richt zich op de aansluiting van bestaande gebouwen op duurzame warmtenetten, waarbij een groot deel van de Amsterdamse bestaande bouw geleidelijk aardgasvrij gemaakt wordt. Dit programma speelt een belangrijke rol in de verduurzaming van de stad, maar ondervindt uitdagingen door complexiteiten in de vergunningsprocedures, een moeizame samenwerking met zakelijke partners in de transitie, en de integratie van nieuwe infrastructuur in bestaande stedelijke gebieden. In de verslagperiode zijn enkele belangrijke ontwikkelingen opgetreden: De uitvoering in Braak en Bosch (Wildemanbuurt), alsmede K-midden in Zuidoost vordert gestaag. Knelpunten in de uitvoeringen betreffen de samenhang in de werkzaamheden van de verschillende partijen, capaciteit en vergunningsprocedures. Vanuit de gemeente helpen we deze op te lossen voor een soepele voortgang. Ook levert dit waardevolle inzichten op voor toekomstige warmteprojecten. De voortgang in de andere projecten is sterk afhankelijk van de mate waarin we deze kansen kunnen verzilveren. Met name de betaal baarheid voor de bewoners en een gezonde businesscase vormt daarbij een uitdaging. We onderzoeken verschillende mogelijkheden om daarin een doorbraak te creëren.
Daarbij richten we ons op kansen voor de komende 2 jaar in de verwachting dat daarna de randvoorwaarden beter op orde zijn om meer projecten te realiseren.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
22
Elektriciteit Het Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA)-programma, dat in januari 2024 van start ging, speelt een cruciale rol in het versterken van de elektriciteitsinfrastructuur van Amsterdam. Gezien de groeiende vraag naar elektriciteit door de elektrificatie van vervoer, woningen en industrie, is dit programma essentieel voor de energietransitie. In de verslagperiode zijn er aanzienlijke stappen gezet, maar er blijven uitdagingen op het gebied van vergunningen en netcongestie: • Hoogspanningsstations: Locatiebesluiten voor nieuwe hoogspanningsstations in Schipluidenlaan en Slotermeer zijn in de eerste helft van 2024 genomen. Deze stations zijn essentieel om de toekomstige vraag naar elektriciteit te kunnen faciliteren, vooral in ontwikkelingsgebieden zoals Nieuw-West. De inpassingsprocedures zijn grotendeels afgerond, maar de uitvoering zal nog enkele jaren in beslag nemen. •
•
Station Noord Klaprozenweg: De inpassingsprocedure voor dit station werd succesvol afgerond in het tweede kwartaal van 2024. Dit station zal een belangrijke rol spelen in het vergroten van de elektriciteitscapaciteit in Amsterdam-Noord. De planning voorziet in een verdere uitbreiding van de capaciteit in de komende jaren, waarbij aanvullende infrastructuur wordt gerealiseerd om piekbelasting op te vangen. Netcongestie: Om tijdelijke verlichting te bieden voor het overbelaste elektriciteitsnet, met name in gebieden zoals Amsterdam-Noord en Sloterdijk, zijn flexibele afnamepatronen ingevoerd voor grote stroomverbruikers. Dit biedt tijdelijke verlichting, maar de structurele oplossing ligt in de bouw van nieuwe hoogspanningsstations en de versterking van de middenspanningsnetten.
Naar de ambitie van de huidige planning gaan er in het jaar 2024‑2025 nog 29 locatiebesluiten (zowel kabels als onderstations) alsmede 8 inpassingsbesluiten genomen worden. De gehele planning van alle fases voor de onderstations is als volgt: Figuur 3: Aantal stations per fase totaal
45 40 35
Test/VNB/IBN (T) Heraansluiten station (H) Realisatie installatietechnisch (RI) Realisatie bouwkundig (RB) DO en voorbereiding realisatie (D)
30
BO/BP-procedure (B) Inpassing (I)
25
Locatiekeuze (L, L1, L2, L3)
20 15 10 5 0 4 1 2 3 4 1 2 3 4 1 2 3 4 1 2 3 4 1 2 3 4 1 2 3 4 1 2 3 4 1 2 3 4 1 2 3 4 1 2 3 4 1 2 3 4 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2025
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
23
Ten aanzien van de middenspanningsruimtes is het de ambitie van het projectteam en Liander om conform onderstaande prognose de benodigde bouw van het aantal middenspanningsruimtes te bewerkstelligen: Figuur 4: Som van aantal MSR
250
198
200
176
182
150
95
100
67
99
105
115 120
Duurzame Opwek Het programma Duurzame Opwek is een programma in opbouw. Inmiddels is een plan van aanpak opgesteld, met daarin een eerste inventarisatie van mogelijke opdrachten die door Duurzame Opwek uitgevoerd kunnen worden. Hieruit komt een projectenportfolio voort met in eerste instantie vier kansrijke projecten: 1) zon-op-carports, 2) Opwek Energie op Rijksgronden (OER), 3) Realisatie Windturbines, 4) Onderzoek naar geluidsschermen. De drie zon projecten zijn alle drie projecten op gemeentelijke (of Rijks) gronden of assets. Het participatietraject voor Zoekgebieden windturbines is deze zomer afgerond. Begin 2025 wordt een definitief besluit door het college verwacht. De start van het project realisatie windturbines kan pas na het collegebesluit plaatsvinden. In Q4-2024 start een programmanager, die een team gaat inrichten en start met de onderzoeksfasen van de vier potentiële projecten. Ook wordt naar andere initiatieven gekeken. Op deze manier wordt in de komende verslagperiode het projectenportfolio opgebouwd.
71
50
0 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 De sprong zichtbaar in 2028 en verder ontstaat door de verwachting van Liander dat er per dat jaar meer capaciteit vrij komt bij de aannemers. Liander en de gemeente streven er dus naar om de komende jaren (2025-2027) vooral veel locatiebesluiten en locatiereserveringen gereed te hebben liggen om direct in uitvoering te brengen.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
24
Financiën In deze paragraaf wordt een toelichting gegeven op de belangrijkste financiële ontwikkelingen van de afgelopen verslagperiode. Bij de Voorjaarsnota 2024 heeft het college ingestemd met het vrijmaken van € 50 miljoen incidenteel voor het klimaat- en energiebeleid. Bij de Begroting 2025 is daarnaast vanaf 2025 € 15 miljoen structureel gereserveerd voor het behalen van onze doelstellingen in het kader van de energietransitie. Deze middelen worden primair toegekend aan de energietransitie en zijn verdeeld tussen R&D en de uitvoeringsorganisatie EvdS. Als onderbouwing voor het vrijmaken van de middelen is een bestedingsplan opgesteld. Voor 2024 – 2026 is er evenwicht tussen de beschikbare middelen en de prognose van de kosten in het bestedingsplan. Voor de periode vanaf 2027 zijn aanvullende middelen nodig, waarover in een volgende college periode besluitvorming nodig is.
Tabel 2: Prognose einde jaar (PEJ) 2024 op peildatum 30-09-204
EvdS bewaakt op maandelijkse basis de standen van prognose versus budget, voor de onderdelen die onder EvdS vallen. Dit zijn de onderdelen Energie voor de Stad, EVA, CWA, Warmte Bestaande Bouw en Warmteprogramma. Het onderdeel Voorbereiding Publiek Warmtebedrijf (WCW) wordt 50%-50% uitgevoerd voor R&D en EvdS samen; EvdS rapporteert over haar aandeel in haar verantwoording. Het onderdeel Opwerk duurzame Energie (Wind en Zon) wordt nog overgedragen (incl. bijbehorende middelen) van R&D naar EvdS; dit heeft nog niet plaatsgevonden. Hieronder is de prognose einde jaar (PEJ) 2024 weergegeven op peildatum van deze rapportage (30-09-2024). Op peildatum van deze rapportage was er ca 500k onderbesteding zichtbaar voor EvdS.
PEJ 2024 - september 2024 prijspeil 01-01-2024 (euro’s x 1000)
Huidige verslagperiode Actueel budget
PEJ sep-24
EvdS
5.702
5.702
-
CWA
4.268
3.756
513
EVA
4.718
4.595
124
Warmte bestaande bouw (WA)
944
1.259
-315
Warmte programma
404
385
20
Publiek warmtebedrijf (WCW)*
545
240
305
Opwek Duurzame Energie**
0
137
-137
16.582
16.073
509
Saldo
Deelproject
Totaal EVDS * Dit onderdeel is 50/50 R&D - EVDS, ** De middelen hiervoor zijn nog niet overgedragen van R&D aan EvdS.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
25
Risico’s Zoals beschreven in het Plan van Aanpak EvdS rapporteren we over de actuele toprisico’s en bijbehorende beheersmaatregelen. Risicomanagement binnen Energie voor de stad is gericht op het beheersen van de risico’s waar we als organisatie invloed op hebben, maar ook het inventariseren en agenderen van risico’s die bij de rest van de uitvoering van de energietransitie spelen. De risico’s die wij inventariseren voor anderen worden via uitvoeringsregie bij de juiste risico-eigenaar belegd. We presentere in deze paragraaf de toprisico’s gepresenteerd op drie niveaus:
1. Risico’s met impact op de Energietransitie (Strategisch niveau) – top 3 2. Risico’s met impact op onze Programma’s (Uitvoeringsniveau) – top 7 3. Risico’s met impact op Energie voor de Stad (Organisatorisch niveau) – top 3 Op elk van deze niveaus is een uitgebreidere analyse beschikbaar.
Niveau
Ongewenste gebeurtenis
Oorzaken
Beheersing
Energietransitie (Strategisch)
Trage wet- en regelgeving remt de CO₂-reductie De energietransitie wordt vertraagd door complexe en langzame besluitvorming op nationaal niveau. Wetgeving zoals de Warmtewet en CO₂-regelgeving blijft achter bij de noodzakelijke snelheid om doelen voor 2030 te behalen. Ook de eerder benoemde ‘onconventionele maatregelen’ blijven achter. Dit creëert onzekerheid voor gemeenten, marktpartijen en bewoners, wat de voortgang van verduurzamingsprojecten belemmert (en zeker niet versneld).
Onvoldoende politieke urgentie, lange wetgevingsprocedures en trage implementatie van nieuwe regelgeving.
Lobby intensiveren, bestuurlijke samenwerking versterken en tijdelijke instrumenten inzetten om urgente projecten te versnellen.
Netcongestie als kritieke bottleneck Netcongestie beperkt de groei van duurzame energieopwekking en verwachte elektrificatie van de samenleving. Zonder snelle oplossingen blijft de capaciteit van het elektriciteitsnet de komende jaren een belemmering voor verduurzamingsprojecten en economische groei.
Beperkte investeringen in netcapaciteit, lange vergunningstrajecten, een gebrek aan prioritering van projecten en uitblijven van ‘onconventionele maatregelen’.
Vergunningen versnellen, intensieve samenwerking met netbeheerders bevorderen, lobby intensiveren en investeren in innovatieve technologieën zoals slimme netwerken en opslag.
Fragmentatie van aanpak binnen de energietransitie/warmtetransitie De huidige aanpak van verduurzamingsprojecten is te gefragmenteerd. Dit leidt tot inefficiëntie en een gebrek aan schaalgrootte om de doelen voor 2030 te halen.
Onvoldoende coördinatie tussen stakeholders en een gebrek aan integrale strategie.
Ontwikkelen van een heldere integrale energievisie en focus op schaalbare oplossingen binnen een programmatische aanpak. Regierol gemeente actief invullen, waar dit een positieve bijdrage kan leveren.
Vertraging door locatiebesluiten hoogspanningsstations (EVA) De noodzakelijke uitbreidingen van elektriciteitsstations worden vertraagd door langdurige locatiebesluiten en complexe inpassingsvraagstukken. Dit beïnvloedt niet alleen de huidige energiecapaciteit, maar ook de toekomstige economische groei in Amsterdam.
Beperkte beschikbaarheid van geschikte locaties en Proactieve samenwerking met provincies en complexe vergunningprocedures. netbeheerders, en een versnelde aanpak voor locatiebesluiten.
Programma’s (Uitvoering)
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
26
Niveau
Ongewenste gebeurtenis
Oorzaken
Beheersing
Programma’s (Uitvoering)
Tijdelijke maatregelen voor netcongestie schieten tekort (EVA) Om de gevolgen van netcongestie te beperken, worden flexibele afnamepatronen geïmplementeerd. Hoewel dit tijdelijke verlichting biedt, is het risico groot dat structurele oplossingen te traag worden uitgerold, met blijvende belemmeringen voor de energietransitie.
Onvoldoende planning voor structurele capaciteitsuitbreiding en afhankelijkheid van tijdelijke oplossingen.
Tijdslijnen voor de bouw van nieuwe stations verkorten en flexibele oplossingen combineren met strategische investeringen in netuitbreiding.
Betaalbaarheidsproblemen bij warmtenetten (WBB) De uitrol van warmtenetten in bestaande bouw stagneert door hoge kosten en beperkte financiële ondersteuning voor bewoners.
Hoge aanlegkosten en onzekerheid over toekomstige tarieven.
Innovatieve financieringsmodellen ontwikkelen en subsidies inzetten om kosten te reduceren.
Samenhang in werkzaamheden belemmert voortgang (WBB) In bestaande bouw zorgen complexe vergunningen en een gebrek aan coördinatie tussen betrokken partijen voor vertragingen en inefficiënties. Dit ondermijnt de voortgang en kost extra tijd en geld.
Verschillende plannings- en uitvoeringsprocessen van betrokken partijen, zoals bouwers en netbeheerders.
Projectcoördinatie versterken en duidelijke afspraken maken tussen partijen om werkzaamheden beter op elkaar af te stemmen.
Gebrek aan draagvlak voor warmtenetten (Warmteprogramma) Negatieve framing van warmtenetten en onduidelijke eigendomsstructuren veroorzaken weerstand bij bewoners en bedrijven, wat leidt tot vertraging in de uitrol.
Onvoldoende participatie, complexe regelgeving en een gebrek aan duidelijke communicatie.
Participatietrajecten intensiveren, heldere communicatiestrategieën ontwikkelen en financiële stimulansen bieden.
Tekort aan marktpartijen voor investeringen (CWA) Marktpartijen zijn terughoudend om te investeren in collectieve warmte- en koudesystemen door financiële onzekerheden en een gebrek aan stimuleringsmaatregelen.
Onvoldoende regelgeving en financiële garanties.
Marktdialogen voeren en garanties opnemen in concessies.
Onvoldoende kwaliteit visiestuk (Warmteprogramma) Het visiestuk van het Warmteprogramma voldoet niet aan de verwachtingen van stakeholders, wat kan leiden tot weerstand en herziening van plannen.
Gebrek aan betrokkenheid van stakeholders en onvoldoende middelen.
Stakeholderinbreng vroegtijdig integreren en middelen reserveren voor een kwalitatief proces.
Kennis en capaciteit onvoldoende beschikbaar EvdS heeft moeite om voldoende kennis en expertise te borgen. De krapte op de arbeidsmarkt maakt het werven van gekwalificeerde medewerkers lastig, wat leidt tot een groeiende afhankelijkheid van externe inhuur of langdurig openstaande vacatures.
Moeilijke arbeidsmarkt, beperkte interne doorstroom en de lange doorlooptijd van de energietransitie.
Strategische personeelswerving, traineeships, samenwerking Groene banenmotor en samenwerking met gemeentelijke directies zoals IB en PMB om capaciteitstekorten op te vangen.
Fragmentatie van samenwerking belemmert projecten Samenwerking tussen belangrijke stakeholders, zoals netbeheerders en marktpartijen, verloopt niet altijd efficiënt, wat leidt tot vertragingen in projecten en een gebrek aan voortgang in de energietransitie.
Verschillende prioriteiten en gebrekkige communicatie tussen stakeholders.
Governance versterken, periodieke evaluaties en transparante afspraken maken.
Overmatige interne focus Binnen EvdS wordt veel aandacht besteed aan interne processen, wat ten koste kan gaan van externe samenwerking en het benutten van kansen met partners.
Complexe interne structuren en een gebrek aan externe oriëntatie.
Interne processen stroomlijnen en focus verleggen naar samenwerking met externe stakeholders.
EvdS (Organisatorisch)
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
27
Organisatie Mens- en organisatieontwikkeling zet in op strategisch personeelsbeleid gericht op inclusief werken en werven, onboarding en behoud, duurzame inzetbaarheid en strategische personeelsplanning.
Strategisch personeelsbeleid Het afgelopen jaar is EvdS gegroeid van een klein aantal enthousiaste medewerkers naar een organisatie met de slagkracht om te werken aan de Amsterdamse energietransitie. Door de doorlooptijd van de transitie en de krapte op de arbeidsmarkt is het borgen van kennis en expertise cruciaal. Waar mogelijk werken we met vaste mensen en maken we zoveel mogelijk gebruik van bestaande capaciteit in directies als het Ingenieursbureau (IB), het Projectmanagement Bureau (PMB) en Bureau Interim Advies (BIA). We betrekken de voornoemde directies om goed aan te sluiten bij de bestaande regelingen en processen van die organisaties. Wel constateren we dat het steeds lastiger is om binnen de gemeente te werven, wat maakt dat we steeds vaker zijn aangewezen op externe invulling van vacatures. EvdS sluit voor werving en selectie aan bij het beleid van de gemeente Amsterdam en de wijze waarop Uitvoeringsorganisatie Infrastructuur & Energie (directie waar EvdS onder valt) dat ontwikkelt en toepast, en zet daarbij in op een zo groot mogelijke pool van eigen mensen met de juiste expertise en ontwikkelpotentieel. Uitzondering hierop zijn veelal technische expertises, waarvoor wij de markt benaderen. Selecteren gaat bewust en inclusief, conform de bestuursopdracht van de gemeente.
Een belangrijke factor voor succes is een inclusieve werkcultuur, zodat iedereen zich thuis voelt en verschillen worden gezien als verrijkend. Dit betekent dat we binnen de mogelijkheden inzetten op een divers team, conform het Amsterdamse beleid. Gezien de krappe arbeidsmarkt werken we aan het verbreden van het zoekgebied om hier op een goede manier invulling aan te geven.
Aanvullend op een brede werving, zetten we in op de ontwikkeling van medewerkers. Dit zorgt in de toekomst ook voor een bredere pool van geschikte mensen. De energietransitie is een opgave over meerdere decennia heen. Daarom willen we mensen langdurig aan de organisatie binden. Daarvoor is ook een duidelijk ontwikkelpad nodig. We bouwen onder andere kennis en competenties op en bieden kansen om medewerkers door te laten ontwikkelen naar hun potentieel. Hiermee vergroot de organisatie haar impact op de opgave (we halen meer uit onze mensen) en zetten we capaciteit slim in. Daarnaast bieden we veel ruimte voor stagairs en (technisch) trainees om ervaring op te doen tijdens hun studie of eerste stappen in hun loopbaan.
Organisatieontwikkelingen Ondanks de krapte op de arbeidsmarkt is het gelukt om meerdere belangrijke posities te vullen. Er zijn aanzienlijke inspanningen geleverd om vacatures voor sleutelrollen zoals de Programmadirecteur, Hoofd Programma’s, Hoofd Uitvoeringsregie en Manager Bedrijfsvoering in te vullen. Ook is er bijvoorbeeld juridische expertise geworven. Een terugkerend aandachtspunt in deze periode was de verhouding tussen interne en externe medewerkers. De verhouding intern/extern bleef stabiel rond 70-30, met als streven om dit verder te verhogen naar 80-20. Deze verhouding blijft een aandachtspunt, vooral omdat enkele functies nog tijdelijk extern worden ingevuld. De focus voor de komende periode ligt hierbij op het omzetten van tijdelijke contracten naar vaste aanstellingen nu de formatieruimte beschikbaar komt, wat mogelijk wordt gemaakt door structurele financiering vanuit de begroting.
Daarnaast wordt de capaciteitsplanning voor de komende jaren verder aangescherpt. Op basis van de toekenningen uit de begroting wordt nu een meerjarige capaciteitsplanning opgezet, die inzicht moet bieden in de benodigde expertise en personele inzet voor de lange termijn. Dit proces wordt ondersteund door de nauwere samenwerking met partners zoals PMB/IB/BIA om de strategische personeelsdoelen te behalen. De focus voor de komende maanden ligt op het verder invullen van openstaande vacatures, het versterken van de interne organisatie en het verduidelijken van de processen rondom werving en selectie. Dit zal helpen bij het waarborgen van voldoende capaciteit om de doelen van de energietransitie in Amsterdam te behalen en bij te dragen aan een stabiele, diverse en goed functionerende organisatie. We onderzoeken de mogelijkheden die lopende initiatieven bieden als een baan met toekomst.
Governance De governance-structuren rondom EvdS en de gehele energietransitie zijn sinds de oprichting van de uitvoeringsorganisatie gaandeweg ontstaan. Nu dat de organisatie staat, is het nodig de governance en samenwerkingsstructuren te herzien. Op basis van de actuele opgave, theorie, lessen Noord/Zuidijn en gesprekken met onder andere het Commissariaat Fysiek Domein en betrokken directies, wordt de governance in stappen verbeterd. Onderdelen hierbij zijn geconcentreerde opdrachtgeversoverleg(gen), directie-overleggen voor integrale afwegingen en verbeteren van werk- en besluitvormingsprocessen.
Hoewel er in veel opzichten goede voortgang is geboekt, blijven er ook uitdagingen. Vooral het wervingsproces van externe kandidaten heeft te maken gehad met vertragingen door nieuwe procedures en contracten voor het uitvragen van personeel, wat voor onduidelijkheden zorgde. Dit heeft geleid tot enige stagnatie in het werven van specifieke functies, zoals de invulling van ondersteunende rollen binnen het programma Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA).
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
28
5. Continu leren Tegenspraak Vanuit de Regeling Grote Projecten is er binnen EvdS extra aandacht voor tegenspraak. Dit doen we onder andere in de vorm van structurele gesprekken (Commissariaat Fysiek Domein en een nog op te richten Adviesraad), second opinions en evaluaties.
Commissariaat Fysiek Domein Het in 2024 ingestelde Commissariaat Fysiek Domein kijkt, op strategisch niveau, kritisch mee met de ontwikkelingen in de energietransitie in Amsterdam en neemt daarbij hun externe blik en expertise mee. Deze expertise bevindt zich onder andere op het vlak van de energietransitie, aanbestedingen van grote projecten, gedragswetenschap, complexe stakeholdercontext en het politiek bestuurlijke. Zes tot acht keer per jaar wordt een onderwerp besproken met het Commissariaat. Periodiek rapporteert het Commissariaat hierover aan het college. De onderwerpen die in deze verslagperiode zijn besproken, zijn het narratief van de energietransitie (dé bepalende stedelijke opgave, die raakt aan vele andere), de financiële bijdrage van de gemeente aan de energietransitie (het hefboomeffect op de investeringen van derden en het investeringenperspectief voor de gehele energie transitie), de prioriteiten van de gemeente binnen de energietransitie (wat zijn de kerntaken waar Amsterdam voor aan de lat staat), de sturing op de energietransitie (het is een stedelijke opgave: welke visie heb je als Amsterdam, welke ruimtelijke consequenties heeft dat en welke organisatie past daarbij) en participatie (zorg dat je je beloftes kan waarmaken). Deze adviezen worden meegenomen in de verdere aanpak van EvdS.
Second opinion op bedrijfsplannen In januari 2024 heeft Adviesbureau Horvat een onafhankelijke audit uitgevoerd van de bedrijfsplannen. Deze plannen liggen aan de basis van de ramingen voor de Voorjaarsnota en begrotingsaanvraag. De aanbevelingen van Horvat zijn overgenomen, waarbij drie scenario’s zijn uitgewerkt: hoog, midden en laag. Het midden scenario wordt nu gehanteerd, waarbij ten opzichte van de oorspronkelijke raming uitgegaan van en ingroeimodel (temporiseren kosten inzet personeel) en een lagere risicovoorziening.
Evaluatie Warm Amsterdam In het programma Warm Amsterdam hebben de gemeente Amsterdam, woningcorporaties de Alliantie, Eigenhaard, Lieven de Key, Rochdale, Stadgenoot en Ymere en warmtebedrijven Vattenfall en Westpoortwarmte samengewerkt aan de Amsterdamse warmtetransitie. Waarbij de focus lag op het aardgasvrij maken van woningen in de bestaande bouw. In maart 2024 is deze samenwerking afgebroken vanwege hogere kosten dan voorzien en omdat het niet duidelijk werd wie deze kosten ging dekken. Deze uitkomst is voor alle betrokken partijen teleurstellend. Ook de landelijke warmtetransitie blijkt in het algemeen moeilijk. Er is de tijd genomen om leerervaringen uit het programma op te halen en duidelijkheid te geven over de toekomst van de warmtetransitie voor bestaande woningen in Amsterdam.
De belangrijkste lessen zijn:
Systeem programma Het systeem is over de jaren heen te complex geworden doordat is geprobeerd in vulling te geven aan de gebiedsgerichte aanpak in combinatie met een sluitende business case. Als resultaat ontstond een kwetsbaar systeem met teveel afhankelijkheden.
Organisatie en governance Er is afstand ontstaan tussen strategisch-, tactisch- en operationeel niveau. De samenwerking is voortvarend ontstaan vanuit logica en complementaire belangen. Op den duur, o.a. door personele wisselingen, zijn mensen elkaar minder gaan begrijpen, persoonlijke belangen en relaties kregen de overhand en signalen over systeemfouten zijn gemist of niet gehoord.
Proces en uitvoering projecten In de projecten ging het praten vaker óver de bewoners dan mét de bewoners. Het centraal zetten van de gebruiker is te laat gebruikt voor belangrijke keuzes. Een beter aanbod, heldere communicatie en meer slagkracht op de projecten had geresulteerd in meer zichtbare resultaten en successen. Dit is nodig om het draagvlak voor warmtenetten te vergroten.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
29
Effecten externe invloeden Voor elkaar en voor de buitenwereld moet het duidelijk zijn waarom we dit werk doen. Zodra dit concreet is, zal het programma vervolgens robuust en tegelijkertijd flexibel genoeg moeten zijn om met de weerbarstige werkelijkheid te dealen. In het verleden heeft uitstel van wettelijk instrumentarium, gebrek aan draagvlak en veranderende prioriteiten tot ad hoc crisismanagement geleid. De eindrapportage van de evaluatie is hier te vinden.
Kwaliteitsborging Om de kwaliteit van onze organisatie te borgen wordt in de komende verslagperiode een strategie voor kwaliteitsborging opgesteld en ten uitvoer gebracht. Deze strategie richt zich op het toetsen en verbeteren van onze werkwijze, processen en producten. Hierbij wordt aandacht besteed aan toetsing, tegenspraak en kennisoverdracht. Bij het opstellen van deze strategie wordt gebruik gemaakt van de kennis en ervaring die aanwezig is binnen de Uitvoeringsorganisatie Infrastructuur en Energie (UIE). Vanuit UIE worden op dit moment al audits uitgevoerd bij EvdS, aangezien EvdS valt onder het kwaliteitsmanagementsysteem van UIE.
1 op de 3 straten moet open
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
30
Colofon Voortgangsrapportage Energie voor de Stad periode 1 oktober 2023 tot 1 oktober 2024 December 2024 Opdrachtgever Gemeente Amsterdam, Energie voor de Stad Tekst Gemeente Amsterdam, Energie voor de Stad
Ontwerp Ontwerpwerk
ONT2024265
Fotografie Beeldbank gemeente Amsterdam