2. Voortgangsrapportage Energie voor de Stad 1 oktober 2023 - 1 oktober 2024
Tekst van het document
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad 1 oktober 2023 tot 1 oktober 2024
Inhoudsopgave 1. Vooraf
3
2. In het kort
4
3. Voortgang op de doelen
9
Doel rapportage 3 Leeswijzer3 Meer informatie 3 Terugblik op de afgelopen periode 4 Vooruitblik6 1. Beter overzicht en meer inzicht 2. Beter invullen van uitvoeringsrollen 3. Meer synergie organiseren 4. Meer betrokkenheid en draagvlak 5. Beter borgen van randvoorwaarden
9 11 14 15 17
4. Beheersing
20
5. Continu leren
29
Planning20 Financiën25 Risico’s26 Organisatie28 Tegenspraak29 Kwaliteitsborging30
Colofon31
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
2
Doel rapportage
1. Vooraf De oprichting van de regie- en uitvoeringsorganisatie Energie voor de Stad (hierna: EvdS) op 1 oktober 2023 markeerde de start van een nieuwe fase waarin een deel van de uitvoeringsactiviteiten van de Amsterdamse energietransitie binnen één organisatie zijn gebundeld. De uitvoering van de energietransitie bestaat uit het omlaag brengen van energiegebruik, het uitbreiden van warmte- en elektriciteits infrastructuur en het produceren van hernieuwbare energie uit duurzame energiebronnen. Een aantal opgaven van de energietransitie, met name gericht op het uitbreiden van de energie-infrastructuur en het produceren van hernieuwbare energie, wordt gefaseerd belegd bij EvdS. EvdS heeft de opdracht om de uitvoering van de energie transitie efficiënter en effectiever te realiseren. Dit doen we met focus op integrale sturing en ontwikkeling, en door de uitvoeringsrollen van de gemeente professioneel in te vullen. We werken de komende decennia toe naar een duurzaam, toekomstbestendig en betrouwbaar energiesysteem met genoeg, groene en betaalbare energie voor alle Amsterdammers, scholen, bedrijven, maatschappelijke instellingen en industrie. Dat is een complexe en ingrijpende operatie, wat maakt dat de energietransitie één van de grote opgaven is, waar we als stad voor staan. In deze collegeperiode focust de aanpak zich op de middellange termijn (tot 2030).
Daarnaast bereiden we ons voor op de periode 2030 - 2040.
Het doel van deze rapportage is te informeren en verantwoording af te leggen over de aanpak en voortgang op de doelen van EvdS. Omdat de opgave onder de Regeling Grote Projecten valt, is er extra aandacht voor risico’s en tegenspraak. Het op 24 september 2024 door het college vastgestelde Plan van Aanpak Energie voor de Stad geldt als startdocument voor deze regeling. Deze eerste voortgangsrapportage gaat daarom over de periode 1 oktober 2023 tot 1 oktober 2024 (Q4-2023 t/m Q3-2024). Hierna rapporteren we twee keer per jaar, waarbij de volgende voortgangsrapportage over de periode 1 oktober 2024 tot 1 juli 2025 (Q4-2024 t/m Q2-2025) gaat en na het zomerreces 2025 verschijnt.
Leeswijzer In hoofdstuk 2 lees je een korte samenvatting van de belangrijkste gebeurtenissen uit deze verslagperiode en een vooruitblik op de volgende. In hoofdstuk 3 wordt een uitgebreide toelichting gegeven op de voortgang, waarbij de activiteiten gekoppeld zijn aan de doelen van EvdS. Hoofdstuk 4 geeft inzicht in de beheersings aspecten (planning, financiën, risico’s en organisatie). Hoofdstuk 5 gaat in op tegenspraak en kwaliteitsborging.
Meer informatie In het document zijn, waar relevant, links toegevoegd naar documenten die in het afgelopen jaar zijn opgeleverd of naar websites waar nadere informatie te vinden is, bijvoorbeeld via onze Open Researchpagina of via projectenwebsites.
Aanleg van een warmtenet in Amsterdam Osdorp
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
3
2. In het kort Terugblik op de afgelopen periode Elektriciteit Binnen de opgave voor elektriciteit en de aanpak van de netcongestie is de afgelopen periode gewerkt aan de verdere voorbereiding van de nieuwbouw en verbouw van elektriciteitsstations en elektriciteits huisjes, die cruciaal zijn om de toenemende elektriciteitsvraag in de stad op te vangen. Het aantal elektriciteitsstations dat moet worden uitgebreid of nieuw gerealiseerd is vastgesteld op 43 (30 nieuw, 13 vernieuwen), en er is vooruitgang geboekt met de identificatie van locaties voor deze infrastructuur. Desondanks blijven ruimtelijke inpassingsvraagstukken en netcongestieknelpunten groot en complex en zijn die ook de komende jaren nog van invloed op de voortgang. De samenwerking met Liander en TenneT is geïntensiveerd om deze problemen te mitigeren. De realisatie van de nieuwe elektriciteitsstations en bijbehorende kabelnetwerken bevindt zich in de voorbereidende fase. De locatiebesluiten van diverse elektriciteitsstation zijn in voorbereiding (Uilenburg, Buikslotermeer, Weesp Zuid, Slotermeer) of genomen (Schipluidenlaan, Slotermeer en Rhijnspoor). Conform het Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam 2035 wordt met het locatiebesluit door de gemeente aangegeven mee te willen werken aan de inpassing van het elektriciteitsstation.
Het proces van het plaatsen van de circa 2600 extra elektriciteitshuisjes begint op gang te komen. De leerpunten van deze eerste projecten, bijvoorbeeld op welke manier we de omgeving betrekken, nemen we mee bij het plaatsen van de volgende huisjes.
Street art op een transformatorhuisje in de Smaragdstraat
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
4
Warmte In de warmtetransitie onderscheiden we de aanpak bij nieuwbouw en bestaande bouw. Daarnaast werken we aan een actualisatie van de transitievisie Warmte - het Warmteprogramma - en aan een bredere strategie op de warmtetransitie. Voor een aantal nieuwbouwprojecten is de voorbereiding voor de aanleg van collectieve warmte- en koudenetten in volle gang, zoals Sluisbuurt Noord. In Amsterdam zijn er succesvolle projecten geweest, maar de laatste twee aanbestedingen in het Hamerkwartier en Strandeiland hebben niet geleid tot de daadwerkelijke realisatie van het warmte- en koudenet. In beide projecten schatte de warmtebedrijven de financiële risico’s dusdanig groot in, dat ze uiteindelijk geen aanbieding hebben gedaan om het collectieve net te realiseren. Ook in het WAD-kwartier is de concessie recent mislukt vanwege een onrendabele business case. In de bestaande bouw zijn verschillende projecten in samenwerking met warmtebedrijven en woningcorporaties gestart, voornamelijk binnen de samenwerking ‘Warm Amsterdam’. Deze projecten zijn gericht op het ontwikkelen van collectieve warmteoplossingen voor bestaande wijken. In maart 2024 zijn de meeste van deze projecten afgebroken vanwege hogere kosten voor de eindgebruiker dan voorzien. Deze uitkomst is voor alle betrokken partijen teleurstellend. Er is de tijd genomen om leerervaringen uit het programma op te halen.
Hoewel er bij de evaluatie waardevolle inzichten zijn verkregen, blijft de opschaling naar bredere implementatie een uitdaging door de complexiteit van de markt en de onzekerheden in de wet- en regelgeving. Desondanks blijven we de samenwerking opzoeken met de betrokken partijen.
Aantal lopende projecten Aantal (in voorbereiding/ afgeronde projecten uitvoering) (sinds 1 oktober 2023?)
Toelichting
Elektriciteitshuisjes
+/-900 huisjes in voorbereiding
70 locatiebesluiten genomen
We werken aan de inpassing van alle bij Liander bekende elektriciteitshuisjes. (+/-900) EvdS is met name verantwoordelijk voor locatiekeuze en procesverbetering. Liander is verantwoordelijk voor de realisatie.
Elektriciteitsstations
24
5 locatiebesluiten genomen
Dit betreft zowel de elektriciteitsstations van TenneT als van Liander. Hiervoor worden op dit moment locaties gezocht of wordt tussen gemeente en netbeheerders afgestemd over de inpassing. Een aantal locaties zitten in de detailontwerpfase of de uitvoeringsfase. De realisatie is de verantwoordelijkheid van de netbeheerder.
3 bouwenveloppen vastgesteld 2 locaties gestart met (voorbereidende) werkzaamheden Kabeltracés
7
-
Dit betreft 150 kV verbindingen van TenneT, die op dit moment in de planvormingsfase zitten. Dit betekent dat er een voorkeurstracé wordt gezocht (in overleg met gemeente) en bestuurlijk commitment wordt opgehaald.
Collectieve Warmte Amsterdam (nieuwbouw)
14
-
CWA ontwerpt de nieuwe systemen in de voorfase van een gebiedsontwikkeling en begeleidt projecten in de uitvoering van de contractfase. Hierdoor zijn de doorlooptijden lang (tussen 2 tot 15 jaar) en variëren de werkzaamheden in mate van intensiviteit.
Warmte Bestaande Bouw
17
-
WBB brengt focus aan door een beperkt aantal projecten gestructureerd op te pakken. Leerervaringen vanuit deze projecten benutten we voor toekomstige projecten en de algemene strategie.
Zonprojecten
-
-
In de komende rapportageperiode wordt gestart met het uitwerken van het projectenportfolio.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
5
Het Warmteprogramma is een juridisch instrument dat het tijdspad beschrijft van de warmtetransitie, en aanwijst welke gebieden wanneer van het gas af gaan en wat daar de mogelijke warmtealternatieven zijn. Er wordt ook expliciet gekeken naar een uitvoeringsstrategie van de werkzaamheden, kijkend naar bereikbaarheid, hinder en haalbaarheid. Het Warmteprogramma heeft een uitgebreid participatie proces doorlopen en heeft daarmee belangrijke input opgehaald bij meer dan 1.000 bewoners en belanghebbenden. Deze input wordt verwerkt in de uitgangspuntennotitie. Op basis van de ervaringen binnen de warmtetransitie is afgelopen periode gewerkt aan een strategie op de warmtetransitie. Dat gaat onder andere over betaalbaarheid, rechtvaardigheid en over de scenario’s voor een publiek warmtebedrijf. Het is de verwachting dat de gemeenteraad in het eerste kwartaal van 2025 over deze strategie wordt geïnformeerd. Ook worden korte termijn kansen onderzocht, bijvoorbeeld wat we de komende 1 tot 3 jaar kunnen doen om woningen en utiliteitsgebouwen van het gas af te halen.
Duurzame opwek De afgelopen jaren hebben diverse teams gewerkt aan op het bevorderen van de opwekking van duurzame energie in Amsterdam. Sinds 1 februari 2024 onderzoeken we hoe het programma Duurzame Opwek kan worden vormgegeven bij EvdS. Het plan van aanpak hiervoor is inmiddels afgerond. Het voorstel is te werken met een projectenportfolio, dat in eerste instantie met name bestaat uit zonprojecten (carports en geluidsschermen).
Energie voor de Stad De organisatie van EvdS is in deze periode gegroeid van een kwartiermakersteam naar een regie- en uitvoeringsorganisatie, die stapsgewijs op sterkte komt. We hebben voortgebouwd op de waardevolle kennis en ervaring die de afgelopen jaren in de gemeentelijke organisatie is opgebouwd en de samenwerkings verbanden met zowel interne gemeentelijke directies, als externe partners zoals Liander, TenneT, Vattenfall en diverse woningcorporaties. Collega’s die al aan de energietransitie werkten, zijn veelal meegegaan met de programma’s die bij EvdS zijn ondergebracht. Daarnaast zijn diverse openstaande cruciale functies ingevuld en is de organisatie aangevuld met expertise bijvoorbeeld op het gebied van een juridische zaken, participatie en programmabeheersing. Gezien de krapte op de arbeidsmarkt blijft capaciteitsmanagement een aandachtspunt. Bij de Voorjaarsnota 2024 heeft het college ingestemd met het vrijmaken van € 50 miljoen incidenteel voor het klimaat- en energiebeleid. Bij de Begroting 2025 is daarnaast vanaf 2025 € 15 miljoen structureel gereserveerd voor het behalen van onze doelstellingen in het kader van de energietransitie. Deze middelen zijn nodig om de vele miljarden aan investeringen in de uitvoering van de energietransitie die TenneT, Liander en energiebedrijven als Vattenfall in onze stad doen, in goede banen te leiden.
In het op 24 september 2024 vastgestelde Plan van Aanpak “Samen werken aan de transitie: Energie voor de Stad” beschrijven we hoe we invulling geven aan de gemeentelijke inzet in de uitvoering van de energietransitie. Daarnaast is aan de begrotingsstukken het bestedingsplan Energietransitie toegevoegd over alle activiteiten die bijdragen aan de gemeentelijke energietransitie.
Vooruitblik Elektriciteit Binnen het programma Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) blijft de inpassing van de infrastructuur de hoogste prioriteit. In de komende periode zullen met name elektriciteitshuisjes gerealiseerd worden. De daadwerkelijke bouw van de elektriciteitsstations zal pas later plaatsvinden, maar de voorbereiding hiervan loopt door. De uitvoering van deze infrastructuur is essentieel om netcongestie aan te pakken en de groeiende vraag naar elektriciteit op te vangen, vooral in nieuwbouwwijken en bij de elektrificatie van mobiliteit. Daarbij speelt het maatschappelijk prioriteren van voorzieningen een steeds grotere rol. Over hoe dit binnen Amsterdam wordt vormgegeven, wordt de gemeenteraad in het eerste kwartaal van 2025 geïnformeerd. De huidige verwachting is dat de netcongesties nog zo’n 10 jaar aanhoudt.
Warmte De warmteaanpak richt zich in het komende jaar verder op collectieve warmteoplossingen in zowel nieuwbouw als bestaande bouw. Voor de nieuwbouwprojecten is de concessieaanbesteding van Sluisbuurt Noord cruciaal voor het verdere verloop. In deze concessie zijn recente ervaringen gebruikt om de prijsstijgingen en planningsrisico’s beter op te vangen. Echter is het onzeker of de huidige warmtebedrijven door de veranderende eigendomspositie (landelijk) willen blijven investeren in warmtenetten.
Vanuit de regierol die EvdS invult is de eerste Monitor Uitvoering Energietransitie opgeleverd. De monitor is een belangrijk instrument om de ontwikkeling van de Amsterdamse energietransitie in de volle breedte inzichtelijk te krijgen en brengt de opgave waar we voor staan helder in beeld. De monitor laat het beeld zien dat er vele stappen gezet zijn, maar dat er nog vele uitdagingen liggen om al onze doelen te halen. De monitor wordt jaarlijks herhaald.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
6
In de bestaande bouw maken we een doorstart met de samenwerking met woningcorporaties en warmtebedrijven, aangevuld met Waternet, Liander, stichting !WOON en de Federatie Amsterdamse Huurders koepels. We werken met deze partijen individueel samen aan concrete projecten. De lessen die we leren uit de projecten in het netwerk worden gedeeld om de uitrol effectiever te maken. Daarbij ligt de focus op het intensiveren van de samenwerking met woningcorporaties en warmtebedrijven om gezamenlijk de obstakels rondom betaalbaarheid voor de eindgebruiker te overwinnen. De verdere ontwikkeling van wet- en regelgeving, zoals de Wet Collectieve Warmte, is daarnaast van groot belang om de benodigde schaalvergroting mogelijk te maken.
Energie voor de Stad
Het Warmteprogramma werkt toe naar vaststelling van de Uitgangs puntennotitie in het eerste kwartaal van 2025, waarbij onder andere meegenomen wordt welke criteria we hanteren voor het bepalen van de voorkeurstechniek en fasering.
Een ander belangrijk aandachtspunt is het versterken van participatie en vergroten van het maatschappelijk draagvlak. De energietransitie raakt alle bewoners en bedrijven van de stad en het is essentieel dat zij actief betrokken blijven bij de projecten. Dat doen we onder andere door stakeholdermanagement, gerichte participatietrajecten, ruimte geven aan bewonersinitiatieven en open communicatie.
Binnen de Warmtestrategie werken we toe naar besluitvorming over de hoofdkeuzes op warmte, waaronder rechtvaardige energie transitie, scenario’s voor een mogelijk publiek warmtebedrijf en de kortetermijnaanpak.
Duurzame opwek
Binnen EvdS ligt de focus de komende periode op het op orde brengen van de basis voor de interne organisatie, met onder andere aandacht voor control, risicomanagement en tegenspraak. De capaciteits uitdagingen die we het afgelopen jaar hebben ervaren, hebben ook in de komende periode aandacht nodig. Door strategische personeelswerving en capaciteitsmanagement, en het versterken van onze teams willen we ervoor zorgen dat we de komende jaren klaar zijn voor de verdere opschaling van onze projecten. Daarnaast blijft het belangrijk om expertise op het gebied van projectmanagement en juridische vraagstukken te versterken, zodat we flexibel kunnen inspelen op de veranderingen in wet- en regelgeving.
Daarnaast werken we onder andere aan een meerjarig investeringenbeeld, een kennis- en innovatieagenda en verdere uitwerking van ruimte reserveren en programmeren van de werkzaamheden. Hierover in het volgende hoofdstuk meer.
Wat betreft duurzame opwek werken we aan de opstart van de uitvoering van zonneprojecten. Deze projecten omvatten zonneparken op gemeentelijke eigendommen en andere geschikte locaties, zoals bedrijventerreinen. Een nieuwe programmamanager start in de volgende rapportageperiode.
Zonnepanelen op gemeentelijk eigendom
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
7
Juridische expertise & de wetgevingsagenda warmtetransitie De warmtetransitie beweegt zich in een dynamisch en complex juridisch speelveld met een breed scala aan wetgeving in wording. Deze wetgeving beoogt de energietransitie te faciliteren én reguleren. Belangrijke thema’s en publieke belangen: • Betaalbaarheid • Duurzaamheid • Leveringszekerheid • Publiek warmtebedrijf • Warmtegemeenschappen • Ruimtelijke inpassing
Wet collectieve warmte (‘Wcw’) Met het wetsvoorstel Wet collectieve warmte krijgt de gemeente een belangrijke regierol in de warmtetransitie met een uitgebreide set nieuwe wettelijke taken en bevoegdheden. De regierol van de gemeente Amsterdam richt zich op de organisatie van duurzame collectieve warmtevoorzieningen in Amsterdam. Deze regierol omvat o.m. het aanwijzen van warmtekavels, warmtebedrijven en/of warmtegemeenschappen. Het wetsvoorstel wordt op dit moment behandeld in de Tweede Kamer.
Figuur 1: Wettelijk kader warmtetransitie
Wet collectieve warmte
De juridische (expertise)functie van EvdS ondersteunt de lobby naar het Rijk, zodat aankomende wet- en regelgeving zoveel mogelijk aansluit op de Amsterdamse praktijk en belangen. En wordt ingezet voor het benutten van kansen, het beheersen van risico’s, en het realiseren van warmtetransitie-projecten. EVDS bereidt – samen met R&D - de implementatie van deze wetgeving voor en de bestuurlijke keuzes in dat kader.
Met de Wgiw krijgt de gemeenten de afsluitbevoegdheid, waarmee zij gebieden kan aanwijzen die op een bepaalde datum verplicht overgaan op fossielvrije verwarming. De gasafsluiting in gebieden vindt plaats in 3 stappen, te weten de vaststelling van: • het warmteprogramma • het buurtuitvoeringsplan; en • het omgevingsplan. Dit geeft inwoners, bedrijven, maatschappelijke instellingen en netbeheerders duidelijkheid over het tijdspad. De beoogde datum van inwerkingtreding van de Wgiw is 1 juli 2025.
Wijkgerichte aanpak: Wcw, Wgiw en Participatie In de wijkgerichte aanpak coördineert de gemeente per wijk of buurt de verschillende stappen in de transitie naar een fossielvrije warmtevoorziening. Dit vindt plaats in een participatieproces tussen de verschillende stakeholders, zoals warmtebedrijven, netbeheerders, bewoners.
Figuur 2: Samenspel Wcw en Wgiw: wijkgericht
Gaswet & Elektriciteitswet
Transitieve Warmte (gemeente)
Van gas naar collectieve warmte Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie
Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (‘Wgiw’)
Uitvoeringsplan (buurt/wijk) 1
6
2
Omgevingswet
3 Vaststelling Warmtekavel
Omgevingsplan (gemeente) 7
participatieproces 4
5 Aanwijzing warmtebedrijf
8 Uitgewerkt kavelplan
9 Inventarisatie opt-out
Investeringsplan, aanleg en exploitatie
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
8
3. Voortgang op de doelen EvdS heeft als hoofddoel om slagvaardiger samen te werken aan de ontwikkeling en uitvoering van de energietransitie, door integrale sturing, ontwikkeling en het professioneel invullen van de gemeentelijke uitvoeringsrollen. De organisatie stuurt daarbij op de volgende vijf doelen.
1. Beter overzicht en meer inzicht brengen om betere integrale sturing mogelijk te maken binnen de uitvoering van (de gemeentelijke rollen in) de energietransitie. 2. Effectiever, efficiënter en pro-actiever invullen van de gemeentelijke uitvoeringsrollen (ook de nog onbelegde) in de energietransitie voor onder andere netcongestie, de warmtetransitie en duurzame opwek. 3. Meer synergie organiseren in de uitvoering door het faciliteren, stimuleren, coördineren en kaderen van alle partijen, zowel binnen als buiten de gemeente. 4. Meer maatschappelijke, bestuurlijke en ambtelijke betrokkenheid en draagvlak organiseren voor de uitvoering van de energietransitie. 5. Beter organiseren van de randvoorwaarden om de uitvoering slagvaardig aan te kunnen pakken (uitvoeringskaders, werkwijzen, kennis, capaciteit, organisatie, middelen en mandaat).
1. Beter overzicht en meer inzicht eter overzicht en meer inzicht brengen om B betere integrale sturing mogelijk te maken binnen de uitvoering van (de gemeentelijke rollen in) de energietransitie.
Monitor Uitvoering Energietransitie Het afgelopen jaar heeft waardevolle inzichten opgeleverd in de opgave waar we voor staan, mede dankzij de eerste publicatie van de jaarlijkse Monitor Uitvoering Energietransitie 2024. Door een datagedreven aanpak kunnen we de impact van onze maatregelen op energiegebruik, infrastructuur en duurzame opwek nauwgezet volgen. Dit is van groot belang, want de energietransitie is een dynamisch proces dat voortdurend aan verandering onderhevig is. De monitor stelt zowel de gemeente als externe partners in staat om de energietransitie op koers te houden en tijdig actie te ondernemen waar nodig. EvdS werkt aan een digitaal dashboard waarin actuele informatie te vinden is over de voortgang van de uitvoering van de energietransitie.
Belangrijkste resultaten uit de monitor Uit de monitor blijkt dat het energieverbruik per inwoner van Amsterdam sinds 2019 met 11% is gedaald. Deze daling is vooral te danken aan de verduurzaming van bestaande bouw, zoals betere isolatie en de vervanging van oude verwarmingssystemen. Deze besparingen laten zien dat dergelijke reeds lopende programma’s
een significante impact hebben. Tegelijkertijd blijft er een stijgende vraag naar elektriciteit, voornamelijk door de elektrificatie van mobiliteit en industrie, die de capaciteit van het elektriciteitsnet onder druk zet. Wat betreft de energie-infrastructuur (o.a. elektriciteit en warmte) ligt er een enorme opgave. Er staan nu 24 elektriciteitsstations en 2.479 elektriciteitshuisjes in de stad (Q1 2024). De komende jaren moeten er 43 elektriciteitsstations bijgebouwd of verbouwd worden (30 nieuw, 13 renovatie) en ongeveer 2600 nieuwe elektriciteitshuisjes bijgeplaatst om aan de verwachte stroomvraag (die 3 tot 4 keer groter is in 2050 dan nu) te voldoen.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
9
Ook moeten er circa 270 tot 570 kilometer middenspanningskabels en circa 635 tot 845 kilometer laagspanningskabels worden aangelegd. Dit is een complex inpassingsvraagstuk in een al volle stad, die samen met de warmtetransitie (waarvoor warmteoverdrachtstations nodig zijn) en alle andere opgaven in de openbare ruimte, strijden om de beperkte ruimte, zowel onder- als bovengronds. De warmtetransitie is een belangrijke pijler van de energietransitie in Amsterdam, maar de praktijk laat zien hoe complex deze opgave is. Uit de monitor blijkt dat 24% van de woningequivalenten in de stad nu aardgasvrij verwarmd wordt. Dit is een belangrijke prestatie, maar veel projecten in bestaande bouw worden vertraagd door complexe vergunningsprocedures en ruimtelijke inpassingsproblemen. Vooral in wijken zoals Nieuw-West, Watergraafsmeer en delen van Amsterdam‑Oost is het coördineren van de verschillende belangen van bewoners, woningcorporaties en energieleveranciers een tijdrovend proces. De uitdaging ligt zowel in het inpassen van warmtenetten in bestaande stedelijke infrastructuur zonder onnodige hinder voor bewoners en ondernemers, als in het meekrijgen van alle belanghebbenden. Als het gaat om hernieuwbare bronnen (o.a. zon en wind) komt 15% van de energie die we gebruiken uit hernieuwbare bronnen, het overige deel is fossiel. Het aantal zonnepanelen groeit snel.
Eind 2022 lag er voor 200 MW aan zonnepanelen in de stad. Nu is dat 270 MW. En sinds 2021 staat er voor 75 MW aan windturbines in de stad. Dat moet in 2030 127 MW zijn. Daarmee is 49% van ons doel voor zonne-energie en 59% van het doel voor windenergie voor 2030 hebben bereikt. Dit zijn bemoedigende cijfers, maar er blijven obstakels bestaan, zoals vergunningstrajecten en ruimtelijke inpassing van windturbines in een dichtbebouwde stad als Amsterdam. Om onze doelen voor 2030 te halen, blijft de samenwerking met partners, zoals Waternet, Rijkswaterstaat, en andere regionale partijen cruciaal.
Amsterdam telt 28 windmolens, goed voor 75 MW
Raming Amsterdam klimaatneutraal Adviesbureau CE Delft berekent sinds 2020 jaarlijks of we op koers liggen om in 2030 het doel van 60% CO2-reductie ten opzichte van 1990 te halen. Zoals ook vorig jaar geconstateerd, laat het rapport zien dat om dit doel te halen, we meer van ons totale energieverbruik uit hernieuwbare bronnen moeten halen. CE Delft berekent dat we op dit moment afkoersen op 45%. Daarbij gaat CE Delft ervan uit dat het stroomnet op tijd wordt uitgebreid om de overgang op groene elektriciteit mogelijk te maken. Wederom een signaal dat we tempo moeten maken en nog veel extra moeten doen om onze ambitie te halen. Vorig jaar kwam de prognose uit op een vermindering van 48% ten opzichte van peiljaar 1990. Het verschil wordt veroorzaakt doordat het tempo waarin de gebouwde omgeving aardgasvrij wordt verwarmd lager ligt dan eerder voorspeld (ontwikkelingen Warm Amsterdam). Daarnaast ligt ook het tempo waarin het bestaande stadswarmtenet wordt verduurzaamd lager dan eerder geraamd. De derde oorzaak is dat de landelijke regelgeving die nodig is voor de zero-emissiezones (uitstootvrije mobiliteit in heel Amsterdam in 2030) nog onvoldoende concreet is, waardoor deze plannen niet zijn meegenomen in de doorrekening.
Themastudie Elektriciteit Amsterdam 3.0 De inzichten die de monitor ons biedt, laten ook zien waar we extra inspanningen moeten leveren om de energietransitie op schema te houden. Bijvoorbeeld, de groei van de stad en de steeds grotere vraag naar elektriciteit door de elektrificatie van mobiliteit en industrie vereisen dat we onze infrastructuur sneller uitbreiden dan oorspronkelijk gepland. Elke twee jaar herijken Gemeente Amsterdam en Liander gezamenlijk de Themastudie Elektriciteit Amsterdam (TSA). Het doel hiervan is om aan de hand van scenario’s periodiek te monitoren of de opgave voor het Amsterdamse elektriciteitsnet tot het jaar 2050 goed in beeld is. In juli 2024 is de TSA 3.0 opgeleverd. De TSA3.0 laat zien dat de opgave goed in beeld is. We voorzien een forse toename van de elektriciteitsvraag. Tot 2050 neemt dit 3 tot 4 keer toe ten opzichte van nu. In deze raadsbrief (juli 2024) zijn de resultaten van de TSA 3.0 toegelicht.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
10
2. Beter invullen van uitvoeringsrollen ffectiever, efficiënter en pro-actiever invullen E van de gemeentelijke uitvoeringsrollen (ook de nog onbelegde) in de energietransitie voor o.a. netcongestie, de warmtetransitie en duurzame opwek. Binnen EvdS hebben we ons afgelopen jaar gericht op het versterken van onze uitvoeringscapaciteit. De energietransitie vereist een nauwkeurige coördinatie tussen de verschillende teams, zowel binnen EvdS als met externe partners. We realiseren dit in onze programma’s, gericht op Elektriciteit, Warmte en Duurzame opwek. De voortgang op deze programma’s lichten we hieronder toe.
Elektriciteit Programma Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) Het programma EVA is gericht op de gemeentelijke rol bij het waarborgen van voldoende elektriciteitscapaciteit in Amsterdam om de energietransitie te ondersteunen en de groeiende vraag naar elektriciteit op te vangen. In de afgelopen periode is de voorbereiding voor de aanleg van elektriciteitsstations en elektriciteitshuisjes voortgezet. Voor stations Schipluidenlaan, Slotermeer en Rhijnspoor zijn locatiebesluiten genomen. Met dit locatiebesluit geeft de gemeente aan mee te willen werken aan de inpassing op de gekozen locatie. Het station Klaprozenweg in stadsdeel Noord heeft de inpassingsfase succesvol afgerond, wat een belangrijke stap is in de realisatie van dit project. Voor stations Buikslotermeer, Nieuwe Meer 2 en Uilenburg zijn de voorbereidingen nog gaande. Een tekort aan engineers bij TenneT, die verantwoordelijk is voor het beheer van het hoogspanningsnet en de aanleg van de hoog spanningskabels naar de elektriciteitsstations, heeft in een aantal gevallen geleid tot vertragingen in de uitvoering van projecten. Om deze vertragingen te beperken, is er regelmatig overleg met
TenneT om te bespreken hoe de gemeente kan bijdragen bij het op tijd realiseren van de kabelverbindingen. Het team dat werkt aan het distributienet1 heeft goede voortgang geboekt. Sinds de oprichting van EvdS is de samenwerking met Liander geformaliseerd in de vorm van een versnellingsteam. Dit team stuurt erop dat de projecten volgens planning uitgevoerd worden. Na de zomer is het integrale stedelijk overleg gestart, waar locatiebesluiten voor de elektriciteitshuisjes worden genomen. Doel is sneller, meer en goed afgestemde locatiebesluiten te nemen. De eerste twaalf locatie besluiten zijn op deze manier versneld genomen. De toenemende netcongestie is een urgent probleem, wat leidt tot knelpunten door een gebrek aan netcapaciteit in bepaalde delen van de stad. Voor de huidige woningbouwprojecten is voldoende vermogen gereserveerd, maar het risico bestaat dat voor de benodigde voorzieningen (scholen, supermarkten, sport, zorg) onvoldoende ruimte beschikbaar is. Om dit risico te mitigeren is onderzocht waar de congestie het zwaarst is en welke maatregelen op lokaal niveau mogelijk zijn om toch meer ruimte te creëren op het net. Met meer ruimte kan uitbreiding toch plaats vinden.
Daarnaast maakt maatschappelijk prioriteren het mogelijk dat projecten met een groot maatschappelijk belang (zoals scholen en veiligheids diensten) voorrang kunnen krijgen in de wachtrij voor elektriciteit. Op 18 april heeft de Autoriteit Consument en Markt het codewijzigings besluit ‘Prioriteringsruimte bij transportverzoeken’ met bijbehorend prioriteringskader gepubliceerd. EVA heeft in 2023 input geleverd voor dit prioriteringskader. In de raadsinformatiebrief Afdoening motie 710.23 is de gemeenteraad hier uitgebreider over geïnformeerd. De daadwerkelijke impact op de projecten wordt momenteel verder uitgewerkt. In het eerste kwartaal van 2025 wordt de gemeenteraad daar nader over geïnformeerd.
1
Warmte De warmtetransitie is een complexe en dynamische opgave binnen de energietransitie. De activiteiten zijn onderverdeeld in verschillende onderdelen: het Warmteprogramma, Programma Collectieve Warmte Amsterdam (CWA) en het Programma Warmte Bestaande Bouw (WBB), waarbij we ons richten op de voorbereiding en realisatie van warmte netprojecten in zowel nieuwe als bestaande bouw. Daarnaast onderzoeken we een aantal strategische vraagstukken binnen de warmteopgave, zoals de mogelijkheden van het oprichten van een gemeentelijk warmtebedrijf, gezien het wetsvoorstel Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) en het wetsvoorstel Wet collectieve warmte (Wcw).
Warmteprogramma Het Warmteprogramma is een juridisch instrument dat de warmte transitie in Amsterdam in meer detail vormgeeft. Het bepaalt welke gebieden wanneer van het aardgas afgaan en welke duurzame warmteopties daarvoor in de plaats komen. Daarnaast legt het de randvoorwaarden en uitvoeringsstrategie vast om de stad aardgasvrij te maken. Dit is een vervolg op de Transitievisie Warmte die in 2020 is opgesteld. Een van de belangrijkste stappen hiervoor is het opstellen van de Uitgangspuntennotitie, die de fundamentele keuzes vastlegt voor de warmtetransitie. Hierin worden de preferente warmtesystemen en hun bijbehorende infrastructuur benoemd, die van cruciaal belang zijn voor de toekomstige warmtevoorziening van de stad. Deze notitie wordt ondersteund door een participatietraject dat in de zomer van 2024 is uitgevoerd. Meer dan 1.000 Amsterdammers hebben meegedaan aan bewonersavonden, een online keuzewijzer en straatgesprekken, waarmee het draagvlak voor de geplande transitie aanzienlijk is vergroot. Dit participatietraject heeft niet alleen bijgedragen aan bewustwording, maar ook waardevolle input opgeleverd voor de
Het distributienet is het kabelnetwerk tussen onderstations en middenspanningsruimtes, de middenspanningsruimtes zelf en het kabelnetwerk tussen middenspanningsruimtes en laagspanningskasten en huisaansluitingen.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
11
besluitvorming binnen het Warmteprogramma. Het streven is de Uitgangspuntennotitie in het eerste kwartaal van 2025 vast te stellen. Daarnaast worden de technische en economische analyses voortgezet om de haalbaarheid van de gekozen oplossingen te toetsen. Door voor het Warmteprogramma gebruik te maken van reken modellen zoals Vesta Mais, ontwikkeld door het Planbureau voor de Leefomgeving, en een tactisch model voor de historische binnenstad, is de gemeente in staat om verschillende warmteopties op lange termijn te evalueren. Deze modellen helpen niet alleen om de warmtevraag en het aanbod in kaart te brengen, maar ook om de financiële haalbaarheid van voorgestelde oplossingen te beoordelen. Dit is van groot belang, gezien de impact die deze keuzes hebben op de stad en haar inwoners. Gezien de stijgende temperaturen als gevolg van klimaatverandering en de toenemende behoefte aan koeling, is verkennend onderzoek gedaan naar de rol van koude binnen het Warmteprogramma. Dit onderzoek biedt inzichten in de mogelijkheden om synergie te creëren tussen warmte- en koudesystemen, vooral in dichtbebouwde wijken waar hittestress toeneemt. Deze bevindingen worden meegenomen in de verdere uitwerking van het warmteprogramma.
Collectieve Warmte Amsterdam (CWA) Het programma CWA is gericht op de ontwikkeling en uitrol van duurzame collectieve warmte- en koudesystemen voor nieuwbouw ontwikkelingen. In het Plan van Aanpak EvdS wordt verwezen naar de beantwoording van motie 1404:17 (laagtemperatuur in nieuwbouw, tenzij...). In de projecten houden we tegenwoordig echter een recenter kader aan, namelijk de beantwoording van motie 54:22 (per gebied de beste oplossing, met oog voor duurzaamheid, betaalbaarheid én haalbaarheid van de uitvoering.) Hierbij is de inzet om zoveel mogelijk lage temperatuur bronnen te gebruiken. Dit kader is dan ook gehanteerd bij recente projecten, zoals de Sluisbuurt Noord. Het aanbesteden van concessies voor het ontwerp, de aanleg, beheer en exploitatie van warmte- en koudenetten voor 30 jaar is een complexe opgave en gaat gepaard met aanzienlijke financiële risico’s voor het warmtebedrijf, zoals onverwachte prijsstijgingen, grote overinvesteringen en onzekerheden in de planning van de gebiedsontwikkeling. Landelijk en in Amsterdam zijn er succesvolle aanbestedingen geweest, maar helaas hebben de recente aanbestedingen in het Hamerkwartier en Strandeiland niet geleid tot de daadwerkelijke realisatie van het warmte en koudenet.
De projecten zijn erg verschillend en hebben specifieke risico’s, maar uiteindelijk waren in beide projecten de financiële risico’s voor de warmtebedrijven te groot om het collectieve net te realiseren. Voor het gebied Arenapoort West en Amstel III heeft Eteck in deze verslagperiode de aanbesteding gewonnen en werd als bouwteam partner en beoogd concessiehouder geselecteerd. Voor deze gebieden geldt een hoog ambitieniveau voor wat betreft de energieprestatie. Er liggen meer dan tien datacenters en de ontwikkeling van een nieuw datacenter wordt voorzien, waardoor er een groot volume aan restwarmte op een temperatuur van rond de 30 graden beschikbaar is. Het idee was deze restwarmte te gebruiken voor de verduurzaming van het warmtenet. Eteck is echter gedurende het bouwteamproces tot de conclusie gekomen geen aanbieding te kunnen doen omdat er, volgens hun eigen oordeel, sprake zal zijn van een onrendabele business case. Zij geven aan dat de substantiële kosten en risico’s, die gepaard gaan met de aanleg van het Restwarmtenet, niet
Aanbouw van Sluisbuurt op Zeeburgereiland met 5.500 nieuwe woningen
opwegen tegen de relatief grote onzekerheid over de volloop2 van afnemers en de tegenvallende voorwaarden waaronder deze restwarmte kan worden uitgekoppeld. Dit resulteert in een grote(re) onrendabele top dan dat er subsidie beschikbaar is, in combinatie met voor eindgebruikers maximale en dus weinig aantrekkelijke tarieven. De gemeenteraad is eind september hierover in meer detail geïnformeerd via deze raadsinformatiebrief. In het WAD-kwartier besloot Eneco de concessie terug te geven aan de gemeente, om dat zij geen rendabele business case heeft en geen aantrekkelijk aanbod kon neerleggen aan ontwikkelaars in het gebied. De gemeenteraad is eind september hierover in meer detail geïnformeerd via een raadsinformatiebrief. De ontbinding leidde tot juridische afhandeling waarin CWA adviserend optrad. De lessen hieruit worden meegenomen in toekomstige ontwikkelingen. Voor Sluisbuurt Noord is de aanbesteding voorbereid, en begin oktober zijn de documenten gepubliceerd. Sluisbuurt Noord heeft een hoge dichtheid van bouwen door middel van torens, wat ertoe leidt dat individuele warmte- en koudesystemen per gebouw (op basis van bodemenergie) voor een deel van de wijk vanwege ruimtetekort in de ondergrond onmogelijk zijn. Om voor alle ontwikkelende partijen duurzame warmte en koude zeker te stellen, is een collectief warmteen koudenet nodig.
Gezien het risico van het gebrek aan inschrijvingen van marktpartijen door onzekerheid in de markt en de hoge financiële risico’s voor investeerders, heeft CWA een permanente marktdialoog opgezet en worden er terugvalopties per project ontwikkeld, waarbij de gemeente bereid is om een deel van de financiële risico’s op zich te nemen. In januari 2025 worden de inschrijvingen verwacht en wordt duidelijk of deze aanpakt tot een succesvolle aanbesteding leidt. Voor het Buikslotermeerplein wordt een grote verdichtingsopgave verwacht, waarvoor de besluitvorming wordt voorbereidt. Om de woningen en voorzieningen op een zo duurzaam mogelijke manier aan te sluiten is er in samenwerking met concessiehouder WPW (WestPoortWarmte) gekeken naar de mogelijkheden. Het ontwerp Bodemenergieplan Buikslotermeerplein bevat beleidsregels waar de 2
Onder het vollooprisico verstaan we het risico dat de vraag naar warmte achterblijft op de, ten tijde van het investeringsbesluit, verwachte afzet. Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
12
omgevingsvergunningen voor de bodemenergiesystemen aan getoetst worden. Hierdoor kan het beschikbare potentieel aan bodemenergie doelmatig ingezet worden. Het opstellen van bodemenergieplannen past in de herijking warmtevisie/strategie, het gaat namelijk over het gebruik van lokaal aanwezige duurzame thermische energiebronnen voor zeer lage temperatuursystemen. In dit gebied zijn daarnaast afspraken gemaakt over de aansluiting van twee wooncomplexen op het warmtenet via Waternet/Firan, met instemming van meer dan 70% van de bewoners. Ook voor de Nelson Mandelabuurt is een bodemenergieplan opgesteld. Daarnaast wordt de Nelson Mandelabuurt aangewezen als interferentiegebied. Dit heeft tot gevolg dat voor het plaatsen van bodemenergiesystemen een omgevingsvergunning nodig is, waarmee ondoelmatig gebruik van bodemenergie wordt voorkomen. Een bodemenergieplan schrijft geen bronnen voor, maar gaat over ordeningsregels voor het gebruik van bodemenergie, zodat de verschillende putten (WKO’s, open- en gesloten bodemlussen) niet met elkaar gaan interfereren. Het vaststellen hiervan bekrachtigt de bepaalde ordeningsregels. Ondanks de negatieve berichtgeving, werden concessies in Noord en Nieuw-West succesvol verlengd, waarbij de nadruk nu ligt op het ontwikkelen van warmtenetten voor nieuwbouwprojecten.
De focus op nieuwbouw werd gekozen vanwege de grotere complexiteit en weerstand bij het aansluiten van bestaande gebouwen.
Warmte Bestaande Bouw (WBB) Het programma Warmte Bestaande Bouw (WBB) richt zich op het aardgasvrij maken van bestaande bouw in Amsterdam. Het programma is ontstaan uit het eerdere Warm Amsterdam-programma. Warm Amsterdam liep in het voorjaar van ‘24 als gevolg van de tariefstijging tegen betaalbaarheidsproblemen aan, waardoor de samenwerking werd beëindigd. Om deze problemen aan te pakken, is het programma in het afgelopen jaar geëvalueerd en getransformeerd naar WBB. Het vernieuwde programma richt zich op kansen voor collectieve warmteaansluitingen, treft voorbereidingen voor een buurtgerichte aanpak en organiseert een lerend netwerk met de externe stakeholders (corporaties, warmtebedrijven, vertegenwoordiging van huurders, Liander en Waternet). We werken zoveel mogelijk projectmatig: per project werken we gestructureerd samen met de partijen die daarbij rechtstreeks betrokken zijn. Binnen het netwerk delen we leerervaringen en zoeken we oplossingen voor de knelpunten. Kansen zoeken we in de renovatieopgave van de woningcorporaties, VVE’s die hun CV-ketel moeten vervangen en overwegen op gas aan te sluiten, grootschalige werkzaamheden in de ondergrond, eigenaren die hun bezit alvast voorbereiden op aardgasvrij, buurtinitiatieven en combinaties met nieuwbouw. Qua betaalbaarheid kijken we daarbij o.a. naar (vernieuwde) rijkssubsidies.
Veel aandacht gaat daarbij uit naar het tijdig en zorgvuldig betrekken van de bewoners. Er wordt extra aandacht besteed aan het versnellen van kansrijke projecten in buurten waar de bereidheid om aan te sluiten groot is. Verzilveren van kansen kan bestaan uit directe aanleg van een warmtenet of andere collectieve warmtevoorziening, maar kan ook voorbereiding zoals ruimtereservering of eventueel vooraanleg betreffen.
Dit zijn condities die zorgen voor beperking van de risico’s en beheersing van kosten voor bestaande klanten. De tariefverhoging begin 2024 heeft de acceptatie van warmtenetten verder bemoeilijkt en vormt een extra obstakel in de uitrol van warmtenetten voor bestaande bouw. Veel bewoners, evenals woningcorporaties, zijn terughoudend geworden om aan te sluiten op warmtenetten vanwege de verhoogde kosten. Samen met de woningcorporaties en Vattenfall is een vergoedingsregeling gemaakt voor de stijgende vastrechtkosten om de financiële impact op bewoners te verzachten. Doelgroep van de vergoedingsregeling zijn de huurders die in een buurt wonen die onderdeel zijn (geweest) van de ‘City Deal’ (start 2017) en waar sprake is geweest van een renovatieproject met individuele aansluitingen op het stadswarmtenet. In deze buurten zijn corporaties en gemeente samen opgetrokken om woningen van het aardgas te halen, als startmotor van de energietransitie. Daarbij gaat het om terugkeerders en doorstromers. Ondanks de uitdagingen zijn er in enkele wijken buurten stappen gezet. Zo is in het complex Braak en Bosch, onderdeel van de Wildemanbuurt in stadsdeel Nieuw West, begonnen met de voorbereiding voor de aansluiting op de warmtenetten. En in de K-buurt Midden in stadsdeel Zuidoost staat de start van de eerste toren gepland in 2025, met de verwachte aansluiting op het warmtenet in 2026.
Deze projecten tonen aan dat, hoewel de voortgang soms traag verloopt, we samen met onze partners concrete stappen zetten richting de transitie naar aardgasvrije wijken. Het programmateam blijft nauw betrokken bij deze initiatieven om knelpunten in de uitvoering op te lossen en hiervan te leren voor toekomstige projecten.
Complicerende factor daarbij is dat marktpartijen zoals Vattenfall hebben aangegeven voorlopig niet verder te investeren in de uitbreiding van warmtenetten in bestaande wijken, wat de uitrol van warmtenetten vertraagt. Dit heeft directe gevolgen voor de ambitie om bestaande wijken aardgasvrij te maken en heeft de bereidheid van andere betrokken partijen, zoals woningcorporaties, negatief beïnvloed. Met Westpoort Warmte en Vattenfall zijn afspraken gemaakt onder welke condities projecten wel doorgang kunnen.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
13
Duurzame opwek
3. Meer synergie organiseren
Programma Duurzame Opwek Het programma Duurzame Opwek richt zich op het bevorderen van de opwekking van duurzame energie in Amsterdam. De afgelopen jaren hebben diverse teams aan deze opgave gewerkt en zijn mooie resultaten geboekt. Sinds 1 februari 2024 onderzoeken we hoe het programma Duurzame Opwek kan worden vormgegeven bij EvdS. Het plan van aanpak hiervoor is inmiddels afgerond. Het voorstel is te werken met een projectenportfolio, dat in eerste instantie met name bestaat uit zonprojecten (carports en geluidsschermen). In de komende verslagperiode verwachten we hier een concreet programmaplan voor op te stellen.
eer synergie organiseren in de uitvoering door M het faciliteren, stimuleren, coördineren en kaderen van alle partijen, zowel binnen als buiten de gemeente. De energietransitie is een samenwerkingsopgave over vele deel programma’s en -projecten, en met vele betrokken stakeholders. De samenhang, noodzaak tot samenwerken en synergie is - gezien de urgentie en complexiteit van de energietransitie - groot. EvdS heeft zich het afgelopen jaar ingezet op het bevorderen van de samenwerking en synergie tussen de verschillende programma’s, gemeentelijke diensten en externe partners.
Samenwerken aan de elektriciteitsopgave Binnen het EVA-programma werken we nauw samen met Liander, TenneT, en met gemeentelijke afdelingen, zoals Ruimte & Duurzaamheid, om de ruimtelijke inpassing, vergunningverlening en participatie van de aanleg van de nieuwe infrastructuur te stroomlijnen. Met gezamenlijke producten en kaders als het in januari 2024 vastgestelde Ontwikkelperspectief Distributienet Amsterdam opgesteld door gemeente Amsterdam, Liander, TenneT en Port of Amsterdam, boeken we hier wezenlijke voortgang in. Het Ontwikkelperspectief biedt het ruimtelijk kader voor de uitbreiding en verzwaring van het distributienet3 in de gemeente Amsterdam. Gezien de enorme ruimteclaim, zowel onder- als bovengronds, van de netverzwaring, is dit kader een belangrijke mijlpaal. We verwachten dat de vraag naar elektriciteit in 2050 3 tot 4x hoger is dan op dit moment, met toenemende netcongestie als gevolg. Als netcongestie niet wordt opgelost, wordt (verdere) ontwikkeling van de stad voor wonen, bedrijvigheid, maatschappelijke voorzieningen
3
De aanleg van een collectief warmtesysteem bij bestaande bouw
Het distributienet is het kabelnetwerk tussen onderstations en middenspanningsruimtes, de middenspanningsruimtes zelf en het kabelnetwerk tussen middenspanningsruimtes en laagspanningskasten en huisaansluitingen.
en verduurzaming beperkt. Hoewel er tijdelijke oplossingen zijn ingevoerd, zoals flexibele afnamepatronen voor grote stroom verbruikers, blijft de bouw van nieuwe elektriciteitsstations en kabelverbindingen noodzakelijk om de groeiende vraag naar elektriciteit op te vangen. De uitvoering van deze projecten bevindt zich nog in verschillende stadia van planning, en de complexiteit van vergunningen en coördinatieprocessen zorgt voor vertragingen. We hebben de afgelopen jaren kleinere en grotere successen behaald in het vereenvoudigen en stroomlijnen van deze processen. Bijvoorbeeld door het vaststellen van het Protocol -Proces om te komen tot onderstations in de Taskforce Netcongestie Amsterdam, een samenwerking met TenneT, Liander, Port of Amsterdam en de gemeente. We blijven investeren in de samenwerking met Liander, TenneT en gemeentelijke diensten om de noodzakelijke uitbreidingen te realiseren.
Ruimte reserveren en programmeren We werken aan kaders en stedelijke afspraken voor het reserveren en programmeren van ruimte voor de aanleg van essentiële energieinfrastructuur. Binnen de warmtetransitie onderzoeken we de mogelijkheden van het integreren van warmte met andere stedelijke infrastructuurprojecten, volgens het gemeentelijke principe van werk met werk maken. We maken ons zorgen over het ruimtebeslag van de warmte-infrastructuur op de toch al volle openbare ruimte (boven- en ondergronds) en denken na hoe we hierop kunnen anticiperen door een meer proactieve benadering, die voorkomt dat we in de toekomst te maken krijgen met hoge kosten of vertragingen als gevolg van ruimtegebrek. Er wordt samenwerking gezocht met Waternet om ruimte te reserveren voor warmteleidingen in de toekomst, wanneer de riolering vernieuwd wordt. EvdS vertegenwoordigt de belangen van de partijen die de warmte- en elektra-infrastructuur aanleggen. We brengen voor de meest relevante nutsvoorzieningen per stadsdeel de huidige en uitbreidingsplannen in beeld, waarmee we kansen en initiatieven voor aanleg van duurzame warmte kunnen beoordelen. Via Geografische Informatiesystemen worden de ruimtevraag en de planningsmogelijkheden van de elektra- en warmte-infrastructuur in beeld gebracht.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
14
In de op te zetten Innovatie- en Kennisagenda wordt de vraag: hoe het ruimtebeslag van de toekomstige warmte-infrastructuur is te verminderen, meegenomen.
Een aantal voorbeelden van belemmeringen die in deze periode zijn opgepakt zijn: •
Belemmeringen oplossen Een belangrijke activiteit binnen EvdS is onze coördinerende rol in het oplossen van juridische, organisatorische en ruimtelijke belemmeringen die onze projecten vertragen. Door barrières in de uitvoering in kaart te brengen, (een start te maken met deze) op te lossen en de voortgang van de projecten nauwlettend te monitoren, beogen we de uitvoering te versnellen en successen breder toe te passen. Deze centrale expertiseteams stellen ons in staat om in te spelen op knelpunten en om proactief te reageren op veranderingen in de wet- en regelgeving die invloed hebben op onze projecten.
•
•
•
Zon op geluidsschermen: naar aanleiding van motie (085.23) en raadsvragen (Onderzoek energieleverende geluidsschermen – 5 december 2023) over de combinatie van zonnepanelen op geluidsschermen - in eigen beheer van de gemeente - is door EvdS onderzocht welke obstakels de realisatie in de weg stonden. Dit heeft geleid tot een onderzoeksopdracht naar de potentie van deze combinatie. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door het programma Duurzame Opwek binnen EvdS. Energetica: gemeente en TenneT werken samen aan een scenario studie naar het uitbreiden van het onderstation van TenneT in het Energeticagebouw aan de Hoogte Kadijk. Daarbij onderzoeken we hoe de continuïteit, zekerheden en aansprakelijkheden van TenneT op lange termijn geborgd kunnen worden in relatie tot het gemeentelijke beleid (erfpacht) en de mogelijke ontwikkeling van de vrijkomende hal en de kopse kanten. EvdS verkent de financiële consequenties van de verschillende scenario’s. Pilot Ruimtereservering vd Pekbuurt: in de van der Pekbuurt in Noord heeft zich de kans voorgedaan om voor een toekomstig WarmteOverdrachtStation (WOS) inpandige ruimte te reserveren. Het doen van deze voorfinanciering biedt mogelijkheden om te leren en om de wijk voor te sorteren op het toekomstig energiesysteem.
Pilotinstallatie duurzame asfaltproductie: EvdS heeft door het uitvoeren van een interventie tussen AsfaltNu, de Omgevings dienst en gemeente Amsterdam een stroef lopend vergunnings proces voor een pilotinstallatie voor duurzame asfaltproductie weten vlot te trekken. Dit heeft geleid tot een versoepeling van het vergunningsproces en een tijdige vergunning.
4. Meer betrokkenheid en draagvlak eer maatschappelijke, bestuurlijke en M ambtelijke betrokkenheid en draagvlak organiseren voor de uitvoering van de energietransitie. Er is de afgelopen periode gewerkt aan een verbeterde strategie om bewoners bij de energietransitie te betrekken. De gemeente heeft een stedelijk participatiekader ontwikkeld op basis waarvan EvdS een gericht Participatiekader Energietransitie heeft opgesteld. Deze stap is van cruciaal belang om de betrokkenheid van bewoners en andere stakeholders in de energietransitie te waarborgen. Op basis van dit kader wordt de participatie in de projecten vormgegeven.
Participatie elektriciteit EvdS werkt aan de inpassing en uitvoering van de voor de energie transitie benodigde elektriciteitsstations en -huisjes, warmtesystemen, duurzame opwek en bijbehorende kabels en leidingen. Bij al deze projecten blijft bewonersparticipatie en -draagvlak een belangrijk aandachtspunt. Vooral in gebieden zoals Sloterdijk en AmsterdamNoord, waar de druk op het elektriciteitsnet het hoogst is, is veel aandacht gegaan naar het informeren van bewoners over de plannen voor nieuwe elektriciteitsstations en kabelverbindingen. Hoewel er in verschillende wijken bewonersavonden zijn georganiseerd, was de opkomst in sommige gevallen beperkt. Bewoners maken zich vaak zorgen over de visuele impact van de infrastructuur, gezondheids effecten van elektromagnetische velden of de bouwhinder. Dit heeft geleid tot weerstand bij sommige projecten, zoals bij elektriciteitsstation Uilenburg en Nieuwe meer II. Om deze weerstand te verminderen, werken we aan verbeterde communicatieplannen en
Bijeenkomst elektriciteitsstation Uilenburg
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
15
bewonersbetrokkenheid. Ook zijn er Deep Dive-sessies georganiseerd, waarin stakeholders meer inzicht kregen in technische onderwerpen, zoals kabeltracés en de inzet van het Geografisch Informatiesysteem (GIS). Deze sessies hebben bijgedragen aan een betere samenwerking en kennisuitwisseling tussen alle betrokken partijen.
Beleid op elektromagnetische velden (EMV beleid) Over de gezondheidseffecten van elektromagnetische velden leven zorgen onder bewoners. Overal waar elektriciteit stroomt ontstaan magneetvelden. Er zijn aanwijzingen voor mogelijke gezondheids effecten van magneetvelden boven een bepaalde sterkte. Het college heeft in mei van dit jaar ingestemd met het Amsterdamse voorzorgbeleid op elektromagnetische velden. Het Amsterdams voorzorgbeleid, dat is opgesteld door GGD in samenwerking met EvdS, heeft als doel om zoveel als redelijkerwijs mogelijk te voorkomen dat mensen langdurig in een magneetveld verblijven met een jaar gemiddelde sterkte van 0,4 microtesla of hoger. Als er toch woningen binnen dit magneetveld liggen is er mogelijkheid tot maatwerk.
Peperbussen
Participatie warmte
Naast het standaard elektriciteitshuisje kennen we in Amsterdam ook de zogeheten Peperbus. In bepaalde delen van de stad is de standaard niet storend. In bepaalde delen van de oude stad is het uiterlijk van de standaard echter niet toereikend. Na overleg in het Bestuurlijk Team Fysieke Leefomgeving is in april 2024 in de Taskforce Congestie Amsterdam tussen de Gemeente Amsterdam en Liander afgesproken dat Peperbussen alleen worden geplaatst in het Unesco Werelderfgoed-gebied. Om hoeveel peperbussen dat gaat, wordt door Liander op basis van de net-gegevens definitief bepaald. Liander neemt de meerkosten van de peperbussen binnen het Unesco Werelderfgoed-gebied (exclusief meerkosten voor vergunningverlening) ten opzichte van de standaard op zich.
Het betrekken van bewoners bij de aanleg van warmtenetten blijft ook bij nieuwbouw een belangrijke prioriteit. In verschillende wijken, zoals Sluisbuurt Noord en Buikslotermeer Noord, zijn bewoners bijeenkomsten georganiseerd om de plannen toe te lichten en de zorgen van bewoners weg te nemen. Deze bijeenkomsten hadden wisselend succes; hoewel er in Buikslotermeer Noord voldoende draagvlak werd gevonden, blijft de acceptatie van warmtenetten in andere wijken een uitdaging.
We hebben verschillende bewonersbijeenkomsten georganiseerd om bewoners te informeren over de aanleg van warmtenetten in bestaande bouw. Bijvoorbeeld in Nieuw-West en Watergraafsmeer kregen bewoners de kans om hun zorgen en vragen te delen. Deze bijeenkomsten hebben niet alleen geleid tot een beter begrip van de warmtetransitie, maar ook bijgedragen aan een groter draagvlak onder de bewoners. Tegelijkertijd blijven er in sommige wijken zorgen bestaan over de kosten en de impact van de aanleg van warmtenetten. We blijven in gesprek met bewoners over deze zorgen, met als doel objectieve informatie te leveren.
Ontwerpmogelijkheden elektriciteitshuisjes Gezien de grote hoeveelheid elektriciteitshuisjes die de komende jaren bijgeplaatst moeten worden, wordt ook naar het ontwerp van de standaard huisjes gekeken. Om het ontwerp zo goed mogelijk te laten aansluiten bij de stedelijke context waarin deze worden geplaatst, zijn zowel het formaat als de afwerking van belang. Het formaat volgt uit de technische componenten die nodig zijn en de technische- en veiligheidsvoorschriften waaraan het moet voldoen voor de netbeheerder (Liander). Het aanpassen van het formaat wordt landelijk onderzocht en is afhankelijk van veel factoren waar de gemeente geen directe invloed op heeft. Voor de afwerking bestaat de mogelijkheid om te kiezen uit een ‘menukaart’ van Liander; deze bevat opties voor verschillende schillen zoals kleuren betoncoating en steenstrips om de esthetiek van een huisje aan te passen. Daarnaast zijn er mogelijkheden om samen met de buurt een huisje te “pimpen”. Over het ontwerp van de elektriciteitshuisjes is een motie ingediend (176’.24 inzake elegante transformatorhuisjes). De beantwoording hiervan volgt in het vierde kwartaal 2024.
Ook de participatie van bewoners en Verenigingen van Eigenaren in het besluitvormingsproces blijft een aandachtspunt. Er zijn gevallen waar bewoners afhaken in de laatste fasen van het proces, wat de voortgang van projecten vertraagt. Het programmateam blijft daarom in nauw overleg met initiatiefnemers en bewonersgroepen om deze risico’s te mitigeren en om bewoners te enthousiasmeren voor en te ondersteunen in de overstap naar een warmtenet.
Een middenspanningsruimte in een peperbus in de Amsterdamse binnenstad
We werken aan de organisatie van het Buurt Burgerberaad Warmte naar aanleiding van motie 505.23 van GroenLinks, waarin verzocht is in een buurt waar zal worden gewerkt aan de warmtetransitie, als pilot een buurtburgerberaad over de warmtetransitie te organiseren. We streven ernaar dit in het eerste kwartaal van 2025 uitgevoerd te hebben. Een evaluatie en een advies voor verdere implementatie van buurtburgerberaden in de bestaande participatie-werkwijzen leveren we op in het tweede kwartaal van 2025.
Voortgangsrapportage Energie voor de Stad
16
Voor het Warmteprogramma, fase 1 (Uitgangspuntennotitie) hebben we een intensief participatietraject doorlopen met gebruik van een burgerpanel (3 sessies) een online keuzewijzer, de participatiefiets in stadsdelen om samen met bewoners de keuzewijzer in te vullen, een sessie met bewonersinitiatieven en een afsluitende bewonersavond voor nabranders op de conceptversie van de Uitgangspuntennotitie. We denken na over ruimte voor bewoners om mee te denken in de tweede fase van het warmteprogramma, de warmtekoers of bij de start van de derde fase: de uitvoeringsstrategie.
Communicatie Als organisatie werken we aan meer begrip over de complexiteit van de opgave en kennis over de aanpak door het organiseren van in- en externe sessies en kennisdeling. We organiseren bijvoorbeeld drie keer per jaar het EnergieCafé, waar we externe en interne sprekers uitnodigen voor een gesprek over relevante onderwerpen. Via een maandelijkse nieuwsbrief betrekken we onze samenwerkingspartners actief bij de voortgang van de EvdS en relevante projecten binnen de energietransitie. Ook organiseren we een communicatieoverleg tussen de verschillende opgaven van de energietransitie, zodat timing en boodschap beter op elkaar afgestemd worden.
Lobbystrategie We zijn gestart met een opgavegerichte lobbystrategie richting het Rijk en waar nodig EU ten behoeve van genoeg, betaalbare en groene energie voor alle gebruikers van de stad Amsterdam. De energieopgave van Amsterdam is cruciaal voor diverse bestuurlijke doelen, zoals woningbouw, vestigingsklimaat, CO2-reductie, maatschappelijke voorzieningen en het vertrouwen van de burger in de overheid. De impact die de gemeente heeft op de Amsterdamse energieopgave is in hoge mate afhankelijk van juridisch en financieel instrumentarium vanuit het Rijk en de EU. Daarnaast is gemeente Amsterdam als afzender minder krachtig dan voorheen (met de huidige focus op de regio). Dit vereist daarom een lobby-aanpak waarin we samenwerken met onze stakeholders.