2. Evaluatie Agenda Dieren
Tekst van het document
Voortgang acties
Aangezien de GGD reeds met IPM (integrated pest management) en focus op preventie werkt, bleek er geen aanleiding om het beleidskader te actualiseren. Wél is er in 2019 een meerjarenplan en een uitvoeringskader opgesteld (in samenwerking met GGD). Het gebruik van alternatieve beheer middelen (en dus geen chemische) staat hierin centraal. Dit met als doel om te voorkomen dat ratten lijden en tevens andere dieren worden vergiftigd. In wijken waar de combinatie van voorlichting, voerverbod en kliko’s is georganiseerd, zijn de meldingen met 25% afgenomen. Hiermee is de aanpak succesvol gebleken. Echter, sinds covid-19 is er een verschuiving ontstaan van afval in de stad (van bedrijfsmatig naar huishoudelijk afval). Daar was de aanpak niet op ingericht. Hiermee zijn de wachttijden opgelopen. De huidige focus is om het effect te herstellen naar hoe het voor covid-19 was.
De actie is nog niet voltooid, het onderzoek wordt in Q4 2021 aan de raad aangeboden
Evaluatie Agenda Dieren 2021
27
Toepassing van uitgangspunten
• Er is meer ruimte voor natuurlijk gedrag van de dieren • Er is meer balans tussen menselijke belangen en biodiversiteit • We signaleren meer overtredingen/zorgsignalen/nood • En we signaleren deze signalen vroegtijdiger • Dierenwelzijn wordt vaker als belang meegewogen • De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld • De samenwerkingsrelaties zijn versterkt
Samenwerking intern & extern
De uitvoering van deze aanpak ligt sinds 2018 belegd bij de GGD. Deze staat in nauw contact met de stadsdelen.
Portefeuillehouder
Bronbeheersing: Wethouder Zorg & Welzijn (GGD) Inrichting openbare Ruimte: Wethouder openbare ruimte en Groen Voerverbod en afval: Burgemeester
Bevoegdheden
Voerverbod: Art 5.18 APV Afval: Art 10.2 Wet milieubeheer
Risico’s
• Het tegengaan van overlast van ratten vereist een breed gecoördineerde aanpak die inhaakt op de inrichting van de openbare ruimte, het gedrag van bewoners, ondernemers en bezoekers én het voedsel-, en afvalaanbod in de stad. De combinatie aan maatregelen versterkt het succes. Waar meldingen van verkeerd aangeboden afval zijn, is ook een toename van aanwezige ratten zichtbaar. • Er zijn signalen dat vrijlevende dieren uit de gebiedsontwikkelings-locaties wegvluchten naar de wijken eromheen waardoor de locatie aantrekkelijk wordt voor ratten
Kansen voor vervolg
• Toewerken naar andere manieren van diervriendelijke preventie. Bijvoorbeeld door de expertise van dierenwelzijnspartners en marktpartijen sterker te benutten. Denk aan adviezen en voorlichting door partners die dichter op de inwoner en de gevolgen van beheersing staan, zoals woningcorporaties (bijv. beheer verloederde complexen) en dierenartsen (bijv. zieke kat wegens eten van een vergiftigde muis). • Doordat de gft-containers een extra voorziening bieden (en dus extra potentiele hotspots voor ratten vormen), kan worden overwogen om brood via het GFT aan te bieden in plaats van via de broodkliko. • Het aantal overlastmeldingen en de wachttijden zijn sinds covid-19 opgelopen, mogelijk doordat mensen vaker thuis of in hun woonomgeving aanwezig zijn waardoor meer overlast en ratten worden gesignaleerd. Op basis van de huidige drukte is er twee extra fte nodig om extra meldingen binnen gestelde termijnen af te handelen en om sommige plekken beheersbaar te houden.
Evaluatie Agenda Dieren 2021
28
2.4 Landbouwdieren Kansen voor vervolg
• Om toe te werken naar herstel en het effectueren van de succesvolle situatie zoals in 2019, liggen er kansen om de aanpak meer vanuit maatwerk in te richten. Denk aan afvalbakken herplaatsen/weghalen, reparatie van defecte bovengrondse containers, toepassen van groenvoorziening en het benutten van buurtinitiatieven. • Belangrijk om te komen tot een langetermijnvisie op een diervriendelijke en ecologisch verantwoorde openbare ruimte die in verbinding staat met diergerelateerde opgaven zoals de aanpak reguliere overlast gevende dieren en overlast door invasieve exoten. Bijvoorbeeld door zicht te krijgen in hoe de biodiversiteit kan worden versterkt, zonder dat de doorvoering ervan bovenmatig aantal ratten faciliteert. Een suggestie is om de aanpak overlast gevende dieren tevens goed te borgen in gebiedsontwikkelingsopgaven.
Budget
2017-2018: €37.500 voor fte strategische projectleider 2019-2022: €250.000 jaarlijks voor: inzet stedelijke coördinatoren, communicatie en hotspot-aanpak
Conclusie
Alle acties, met uitzondering van de actualisatie van het GGD-beleidskader, zijn afgerond. Actualisatie bleek niet waardevol.
Bijdrage aan doelstelling
Het doel is bijdragen aan subdoel 3: “De voorwaarden voor het verantwoord houden van dieren worden nageleefd (3)”.
Voortgang acties
De ambitie is: “In diervriendelijk Amsterdam gaan veehouders verantwoord om met het welzijn van landbouwdieren.” Om hiertoe te komen is afgesproken dat in nieuwe bestemmingsplannen geen ruimte wordt geboden voor nieuwe megastallen en niet-grondgebonden dierhouderijen (voorkeur voor biologische teelt) en toegewerkt wordt om vergunningsverlening voor schuilstallen te organiseren (via wijzigingsbesluit in het bestemmingsplan). De actie voor voorkomen van megastallen bleek wegens de komst RO-regelgeving en milieuregelgeving niet aan de orde. Een uitsluiting uit oogpunt van dierenwelzijn bleek dus niet noodzakelijk. Het organiseren van de vergunningsverlening is indertijd niet mogelijk gebleken omdat het volgens de Provinciale Ruimtelijke Verordening niet is toegestaan om schuilstallen in het buitengebied te bouwen, tenzij het gaat om percelen van groter dan 5000 m2. Bovendien zijn deze weilanden vaak gelegen in ecologisch waardevol gebied waardoor bouwwerken in beginsel niet zijn toegestaan. Minister Schouten onderzoekt momenteel (2021) mogelijke oplossingen voor de problemen die spelen omtrent beschutting in de wei. De lokale visie is dat ontheffingen vanuit maatwerk mogelijk moeten zijn. De bevoegdheid om in een bestemmingsplan een algemene wijzigingsbevoegdheid op te nemen, gaat in de Omgevingswet vervallen.
In de Omgevingsvisie staat benoemd dat Amsterdam Voorziet in planologische mogelijkheden voor schuilstallen en (semi-) natuurlijke schuilgelegenheden.
Evaluatie Agenda Dieren 2021
29
Toepassing van uitgangspunten
• Er is meer ruimte voor natuurlijk gedrag van de dieren • Dierenwelzijn wordt vaker als belang meegewogen • De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld • We werken met meer partners samen • De samenwerkingsrelaties zijn versterkt
Samenwerking intern & extern
N.v.t
Portefeuillehouder
Bestemmingsplan: Wethouder Ruimtelijke Ordening Ontheffing: Wethouder Dierenwelzijn
Bevoegdheden
N.v.t. Het toezien op het welzijn van landbouwhuisdieren wordt met name verzorgt door de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NWVA).
Risico’s
In de Agenda Dieren 2015-2018 staat benoemd dat vanuit dierenwelzijn de voorkeur ligt voor biologische landbouw. De recente doorontwikkeling van biologisch tot (biologische) kringlooplandbouw, biedt volgens de Raad voor Dierenaangelegenheden zowel kansen als bedreigingen voor dierenwelzijn. Dat geldt met name voor de voeding, huisvesting en geschiktheid van het dier. Er is nog weinig bekend over deze specifieke kansen en bedreigingen. De minister heeft aangegeven (augustus, 2021) het met de RDA eens te zijn dat het dierenwelzijn centraler dient komen te staan en heeft de RDA verzocht met voorwaarden te komen.
Kansen voor vervolg
• De wens voor biologische landbouw is in de Agenda Dieren uitgesproken. Bij een komende update van het bestemmingsplan, kan worden overwogen in hoeverre de komst van meer (biologische) kringlooplandbouw kan worden gestimuleerd.
vervolg Kansen voor vervolg
• In relatie tot klimaatadaptatie en hittestress wordt de opgave van schuilstalplekken belangrijker. Verkennen mogelijkheden rondom mobiele schuilstallen in relatie tot huidige wetgeving, het onderzoek van minister Schouten afwachten en waar nodig doorvoeren in APV en omgevingsvisie. Hierbij is het een kans om de uitkomsten uit de zienswijze ‘het dier in verschillende overheidslagen’ van de Raad voor Dierenaangelegenheden af te wachten. Met deze zienswijze adviseert de RDA de minister over de gewenste bestuursrechtelijke positie van dierenwelzijn.
Budget
N.v.t.
Conclusie
Actie bestemmingsplan aanpassen tbv voorkomen megastallen is niet nodig gebleken. Bij ontheffingsaanvragen voor schuilstallen is afgesproken flexibel te zijn. De vergunningverlening wordt met de komst van een wijzigingsbesluit via de omgevingswet mogelijk.
Evaluatie Agenda Dieren 2021
30
3 Samenwerking Dat de afronding van acties uit de Agenda Dieren merendeels is behaald, is te danken aan de goede samenwerkingen. Doordat de keten goed functioneert en wij door de partners tijdig worden geïnformeerd, kan ook tijdig worden gefaciliteerd (bijvoorbeeld: samen komen tot een handboek vogelgriep, een draaiboek botulisme en overeenkomst bij crisis en rampen). Wegens prioriteit (bij dierenwelzijn of bij derden) of juridische complexheid van dossiers, is het niet altijd mogelijk gebleken om op ontwikkelingen in te spelen. Denk aan: het vormen van een visie op afstandskosten28, opvang/vervoer van gewonde invasieve exotische dieren en het oplossen van de fysieke knelpunten die op het terrein29 van Stichting Wildopvang de Toevlucht spelen. Extern: Een grotere en versterkte keten De voortgang van gemeente Amsterdam op de vastgestelde acties, blijft verbonden aan de inzet van onze partners en collega’s. De afgelopen jaren is met name de externe samenwerking uitgebreid en versterkt. Zo heeft Amsterdam sinds 2015 een groot lokaal (subsidiepartners, adviesraad Dierenwelzijn en draaiboek gerelateerde partners), regionaal (met buurgemeenten) en landelijk netwerk (G4 en deelname Diervizier) opgebouwd waarin kennisdeling en gezamenlijke inzet op acties tot stand zijn gekomen. De samenwerking tussen gemeente en partners verloopt goed (bron: enquête externe partners).
De grootste kans voor de samenwerking met partners is om de ketensamenwerking nog sterker te koppelen aan algemene beleidsdoelen. Er liggen kansen in het vormen van gezamenlijke plannen op thema’s. Hierbij valt te denken aan het voorkomen van zwerfdieren, het terugdringen van onverantwoord houderschap van gezelschapsdieren, de vroegtijdige uitstroom van opgevangen dieren en het stimuleren tot vroegtijdig signaleren (van dieren in nood, in stressvolle situaties of met 28 Knelpunt: de impact van afstandskosten die niet door de eigenaar kunnen worden bekostigd op de bedrijfsvoering en continuïteit van de opvangvoorzieningen. 29 Afspraken maken over o.a. bestemmingsplan, recht van opstal en onderhoud Evaluatie Agenda Dieren 2021
31
kans op medische- en gedragsproblematiek). De volgende vragen staan centraal bij toekomstig beleid: hoe kan de keten een gezamenlijk eigenaarschap inrichten (bijvoorbeeld in het volgen van trends, gezamenlijk monitoren, inzet op preventie); en wat wij als keten kunnen organiseren om onszelf overbodig te maken (bijvoorbeeld: hoe kunnen gezamenlijke missies worden ingebed in bedrijfsvoering, hoe kan slimmer van elkaars expertise gebruik worden gemaakt)? Intern: Verbinding met gemeentelijke opgaven Voor de komst van de Agenda Dieren was de interne samenwerking beperkt. Daarom is de afgelopen jaren geïnvesteerd in het opbouwen van deze relaties. Dit heeft geresulteerd in een interne samenwerking op alle dierthema’s. Vooral bij jacht, visserij, hondenlosloopgebieden, ecologische knelpunten en overlast gevende dieren zoals ratten, is deze verbinding reeds goed. Verder staat momenteel centraal: de borging van de ecologische toets bij vergunningverleners te versterken en het inrichten van soortenmanagementplannen. Ongeveer de helft van de collega-respondenten geeft aan tevreden te zijn over de samenwerking en een positief effect op hun werk te merken door de inzet van Dierenwelzijn. De rest is neutraal of vond de vraag niet van toepassing (interne enquête).
Dierenwelzijn is geen thema op zichzelf en is juist verweven binnen de steeds meer prominentere thema’s zoals biodiversiteit, voedselstrategie, groenvisie en klimaatadaptatie. Waar mogelijk worden communicatieberichten gekoppeld aan deze dossiers. Ook wordt dierenwelzijn betrokken bij de herijking van beleid en uitvoeringskaders zoals het toekomstige VTH-Beleid Fysieke Leefomgeving, de lokale gedragscode en de eiwittransitie. Dit zorgde voor versterkte relaties en kortere lijnen. En daarmee voorintegrale bestuurlijke adviezen, strategische verbinding van
beleidsambities, en de samenvoeging van ecologie en dierenwelzijn als één team. Toch blijft het lastig om dierenwelzijn bij alle teams binnen de gemeente op de agenda te krijgen. Wegens beperkte bestuurlijke prioriteit op dierenwelzijn in relatie tot handhaving (naleving bevorderen), veiligheid (bijvoorbeeld huiselijk geweld), sociaal domein (vroegtijdig signaleren van bijvoorbeeld afglijden, isolatie, vervuild wonen), wonen (natuurinclusief en diervriendelijke beheersing overlast) en welzijn (vroegtijdig signaleren van stress en zorgen), is er momenteel geen momentum om intensiever samen te werken. Als het aankomt op het borgen van vroegtijdige signalering, preventie en reductie van overlastmeldingen, zijn deze samenwerkingen wel nodig. De interne resultaten scoren in het algemeen lager dan die van de partners. Het is met name de buitenwereld die vindt dat Amsterdam het goede voorbeeld geeft. Een mogelijke verklaring hiervoor is tweeledig. Als eerste heeft de samenwerking de afgelopen jaren vooral extern gelegen. Naar inschatting is er meer bestuurlijke prioriteit nodig om dierenwelzijn intern te kunnen verbinden met o.a. het sociaal domein, welzijn, handhaving, recreatie en veiligheid.
Denk aan het borgen van de algemene zorgplicht op dierenwelzijn bij gemeentelijke bezoeken zoals sociaal-maatschappelijk werk, gezinsondersteuning, integrale veiligheidscontroles of door het borgen van dierenwelzijn binnen de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling (doorbreken cirkel van geweld). Ten tweede zijn de betrokken partners primair bezig met dierenwelzijn en dus inherent verbonden aan de doelen uit de agenda en staan ook vanuit die positie met de maatschappij in verbinding, terwijl de interne samenwerkingen vooral op specifieke facetten (zoals: vergunningen, openbare ruimte of vastgoed) zijn gericht.
Evaluatie Agenda Dieren 2021
32
4 Communicatie en voorlichting De inzet van communicatie op dierenwelzijn is sinds 2015 gegroeid in frequentie en in het aantal dierenthema’s. Communicatie en voorlichting kan Amsterdammers bewuster maken over de positie van dieren in en rond hun stad. Daarnaast kan door goede informatie de kennis over dieren versterkt worden. Op die manier kan positief gedrag aangemoedigd worden. In hoeverre dit doel op basis van het actuele beeld is bereikt, wordt niet gemeten en is dus niet bekend. Doordat er geen zicht is op doelgroep bereik, resteert de vraag in hoeverre de communicatie de impact had die met de Agenda Dieren werd beoogd. Er is meer kennis nodig over de te bereiken doelgroepen en welke communicatiewijze het beste bij hen aansluit. Om het meest effectief te communiceren was de insteek om de communicatiesamenwerking met partners sterker vorm te geven waarin er ruimte is dat partners de prominente boodschapper zijn. Zij staan immers nog dichter op de samenleving en zijn vanuit hun expertise de meest logische boodschapper. Deze samenwerkingen zijn nog niet volledig van de grond gekomen. Om hiertoe te komen zijn interne afspraken nodig en meer zicht nodig op doelgroep bereik. Kanttekening hierbij is dat de partners met name dicht op doelgroepen staan die reeds met dierenwelzijn bezig zijn. De groepen die buiten het bereik vallen, dienen te worden meegenomen.
Dieren horen bij de stad en iedereen komt met dieren in aanraking. Zeker sinds de komst van Covid-19; mensen zijn vaker thuis en zich meer bewust geworden van hun directe omgeving, zijn vaker in de natuur te vinden en hebben meer gezelschapsdieren in huis genomen. Daarom is er aanleiding om dierenwelzijn als relevanter communicatiedossier te ontwikkelen door: ■ Samen te werken met partners en de communicatie te verbinden aan de gezamenlijke inspanning om beleidsdoelen te behalen. ■ Meer zicht te krijgen op hoe moeilijk bereikbare inwoners, ondernemers en organisaties kunnen worden bereikt ■ De communicatie-inhoud aan te laten sluiten op de doelgroep. Om hiertoe te komen is meer zicht nodig op de impact van de huidige communicatie, het bereik van de communicatie ■ De communicatie sterker te verbinden met overige gemeentelijke domeinen zoals Wonen, Toerisme, Recreëren, Bouwen, Veiligheid en Sociaal Domein. Het doel is om interne bewustwording te stimuleren en relevantie voor verbinden van dossiers te versterken. Hierdoor krijgt het dier op meer plekken in de organisatie een positie.
Enkele voorbeelden van communicatie-inzet tijdens de afgelopen jaren zijn het updaten van de gemeentelijke webpagina dierenwelzijn, het aangaan van de samenwerking met partners, campagne tegengaan rattenoverlast, communicatie rondom de juni-chipmaand en de seizoensgebonden thema’s zoals hond in auto bij hitte, de ADAM-folder, en informatie over broedplaatsen van mussen en gierzwaluwen.
Evaluatie Agenda Dieren 2021
33
5 Impact Met de inzet op de acties uit de Agenda Dieren wil Amsterdam de mindset in stand te houden dat dieren onderdeel zijn van het leven. Het is vanzelfsprekend om hen, net zoals de mens, te beschermen tegen leed en welzijnsproblemen. Daarom is ingezet op bewustwording, preventie en het stimuleren tot een actieve bijdrage vanuit inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Het merendeel van de partners geeft aan te zien dat de acties vanuit team Dierenwelzijn een merkbaar (positief) effect hebben op het werk dat zij doen. Bovenal zien zij dat de uitvoering van de agenda impact heeft omdat inwoners, ondernemers en organisaties steeds vaker over dierenwelzijn praten, dierenwelzijn belangrijk vinden en zelf meer bijdragen aan een verbeterd welzijn. Een mooi gegeven voorbeeld van de Dierenambulance is dat Amsterdammers steeds meer betrokken lijken bij de dieren waarvoor ze een melding doen. Denk aan concreter uitvragen over het vervolg of hoe het dier is geholpen. Deze impact wordt intern zeer beperkt herkend (enquête). Een mogelijke verklaring hiervoor is dat onze partners primair diergericht contact hebben met de inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Terwijl de gemeente over gemeente brede opgaven in contact staan, waardoor dierenwelzijn niet altijd specifiek aan de orde komt.
Een bevinding uit onderzoek naar de bekendheid van het dierenwelzijnsbeleid onder inwoners (201830) is dat niet alle inwoners op de hoogte zijn van het gemeentelijk dierbeleid, maar daarentegen wel bekend zijn met de aanleidingen van de gemeentelijke dierbeleidsonderwerpen. Hieruit kan worden gesuggereerd dat de communicatieinzet heeft bijgedragen aan het gevoel voor relevantie en wenselijkheid van de inzet op dierenwelzijn. In hoeverre inwoners hierdoor zelf andere keuzes maken, is onbekend.
Evaluatie Agenda Dieren 2021
34
Tabel 2: Projectgebonden kosten tijdens 2022 t/m 2025 (Begroting 2022)
6 Financiën De Agenda Dieren 2015-2018 draait voor een belangrijk deel om de samenhang met en tussen (andere) beleidsterreinen. Hiermee geeft de Agenda Dieren ook richting en sturing aan de programmering en uitvoering van andere beleidsterreinen zoals Openbare Ruimte, Armoede en Ecologie. Met de beschikbare middelen is doorlopend bekeken hoe de meest maatschappelijke impact kan worden behaald. In de periode 2015-2018 heeft Dierenwelzijn 4 miljoen budget gehad voor de gehele beleidsperiode, dus 1 miljoen per jaar. Voor de periode 20192022 was aanvankelijk 0,7 miljoen euro structureel vanaf 2019 en 1,4 miljoen euro structureel vanaf 2022 beschikbaar gesteld. Uiteindelijk is het structurele bedrag van 1,4 miljoen gekort naar 0,7 miljoen.Voor de uitvoering van de lopende agenda is incidenteel 2 miljoen euro voor de gehele bestuursperiode 2019-2022 begroot. Voor beide bestuursperioden is een structurele onderbesteding zichtbaar op posten die om interne samenwerking vragen, denk aan communicatie en inzet op hondenlosloopgebieden. Een verklaring hiervoor is dat projecten – zoals bij hoofdstuk Samenwerking benoemd - niet altijd voldoende team overstijgend tot stand zijn komen. De geraamde budgetten voor beide bestuursperioden bleken voldoende. 30 Het Amsterdamse Dierbeleid.
En kritische blik van inwoners (2018) 31 Inclusief €100.000 bijdrage vanuit het programma Armoede 32 Extra ton is structureel onderdeel van totaalbedrag subsidie bij specificatie Dierenambulane 33 Exclusief indexatie vanaf 2023 34 Budget is onderdeel van begroting Verkeer & Openbare Ruimte 35 Onder voorbehoud van definitief beschikbare bedragen in aankomende gemeente begrotingen en de wens om de subsidies strategischer te gaan verbinden aan gezamenlijke ambities.
2022
2023
2024
2025 ev.
Structureel Beleidscapaciteit
€85.520
€85.520
€85.520
€500.000
31
€400.000
€400.000
€400.000
Aanvulling subsidie Dierenambulance
€100.000
32
€100.000
€100.000
€100.000
Overig uitbestede werkzaamheden (zoals fte bestuurszaken)
€55.000
€116.052
€116.052
€116.052
Subsidies
1.178.560
1.178.560 33 1.178.560
1.178.560
Verbeteren dierenwelzijn kinderboerderijen
€100.000
-
-
-
Verbeteren hondenlosloopgebieden
€80.000
-
-
-
Communicatie: fte en uitvoering
€120.000
-
-
-
Natuurinclusieve stad (zoals stimulteren alternatieven op afschot)
€43.500
-
-
-
Onderzoek gierzwaluwen
€20.000
-
-
-
Dieren die als overlast gevend worden ervaren 34
€250.000
-
-
-
ADAM regeling
€230.500
Incidenteel
35
Specificatie subsidies Dierenambulance
€395.221
NB
NB
NB
DOA incl. opvangketen
€622.002
NB
NB
NB
Dierenbescherming
€19.804
NB
NB
NB
Toevlucht
€122.603
NB
NB
NB
Calamiteitenfonds
€18.930
NB
NB
NB
Evaluatie Agenda Dieren 2021
35
7 Suggesties vanuit partners: mogelijkheden voor nieuw beleid In de uitvraag bij collega’s en partners is teruggeblikt op wat er is bereikt. Een ruime helft van de partners vindt dat de huidige agenda alle relevante dierthema’s dekt, een kleine helft van de collega’s herkent dit niet (enquête). Daarnaast is ook afgetast waar nog kansen liggen voor de toekomst. Maatschappelijke ontwikkelingen zoals klimaatverandering, covid-19, het gat op de woningmarkt en de maakbare samenleving hebben invloed op hoe wij samenleven en de openbare ruimte met dieren delen. Samenvattend zijn in de enquête en afgelopen overleggen de thema’s, opgaven en ontwikkelingen hieronder benoemd. Indien tot een nieuw dierenwelzijnskader wordt gekomen, is het wenselijk om de te verkennen wat de ontwikkelingen hieronder betekenen voor lokaal beleid en samenwerkingen. ■ Creëer een visie op een diervriendelijke en ecologisch verantwoorde openbare ruimte. Hierbij hoort een lange termijn visie op ontwerp, inrichting en beheer van biodiversiteit en natuurinclusiviteit, die in verbinding staat met diergerelateerde opgaven zoals reguliere overlast gevende dieren en overlast door invasieve exoten zoals de Amerikaanse rivierkreeft, karper en processierups. ■ Verbreed de beleidsfocus naar nieuwe diersoorten zoals (onder)waterdieren, bodemdieren en bestuivingsdieren.
■ Vorm – in het verlengde van de voedselstrategie en inzet op lucht/ bodem/waterkwaliteit – een visie op landbouw en verken de (juridische) mogelijkheden om de gewenste ecologische transitie te stimuleren. Zet hierbij in op een diervriendelijke circulaire landbouw, onder ander met als doel om ziektes uit traditionele landbouw te voorkomen. Ontwikkelingen zoals de landelijke stikstofcrisis en lokale wens tot stimuleren van biologische landbouw maken dat er ecologische vraagstukken ontstaan
Evaluatie Agenda Dieren 2021
36
zoals het effect van circulaire landbouw op lucht- en grondkwaliteit en daarmee de natuurlijke leefomgeving van vrijlevende dieren. ■ De wijziging in de Wet Dieren per 2023 en de toenemende klimaatverandering vragen om een omslag in het houden van dieren. Verken wat dit gaat betekenen voor de stad ■ Door de klimaatverandering wordt Nederland steeds aantrekkelijker voor zuidelijke soorten. Vorm een prognose over hoe de stad zich gaat ontwikkelen en wat dit betekent voor de kwaliteit van de natuurlijke leefomgeving van de vrijlevende dieren en voor de facilitatie van stadsdieren die als overlast gevend kunnen worden ervaren. Denk aan duiven, meeuwen, ganzen en invasieve exoten zoals de eikenprocessierups. ■ Specifiek voor invasieve exoten is het ook wenselijk om een efficiëntere route voor de opvang en vervoer hiervan te organiseren. Huidige wetgeving bemoeilijkt tijdig legaal handelen terwijl het aantal (uitgezette) invasieve exotische dieren in de stad lijkt toe te nemen. Hier gaat Amsterdam, samen met G4, Dordrecht en Dierenlot nog met LNV over in gesprek. ■ Vorm een visie op het fokken van dieren in relatie tot verantwoord houderschap: marktplaats, broodfok en gestylde dieren. ■ Sinds covid-19 zijn er meer huisdieren aangeschaft. • Sinds Q2 2021 ziet de opvangketen een stijging in opgevangen dieren (aangeschaft en afgestaan tijdens covid-19).
Een groot deel hiervan zijn gedumpte konijnen en kittens. Tevens zien asielen meer medische- en/ of gedragsproblematiek. Vermoedelijk zijn veel dieren zonder uitgebreide voorbereiding aangeschaft en zouden deze zonder covid-omstandigheden niet zijn aangeschaft. Echter is de aanleiding van aanschaf (bijvoorbeeld: eenzaamheid, meer tijd wegens thuiswerken, speelmaa tje voor de kinderen die thuisonderwijs) niet in beeld. Communicatie en voorlichting kunnen bijdragen aan verantwoord eigenaarschap (zoals:
impulsaankopen tegen gaan, besef over behoeften van honden met een kans op agressief gedrag en medische risico’s bij doorgefokte dieren). • Doordat er meer katten in Amsterdam zijn, is er een hogere kans op zwerfkatten (en dus meer relevantie voor aanpak voorkomen zwerfdieren) en meer druk op de vrijlevende dieren. Inventariseer de impact van loslopende katten op het Amsterdamse ecosysteem en vorm waar nodig een programma. • Parken en groen in de woonomgeving worden sinds covid-19 intensiever gebruikt en deze toename heeft impact op broed- en leefomgeving van vrijlevende dieren. Vorm een visie op omgaan met drukte en intensief gebruik buitenruimten. ■ Verbind natuurvriendelijke oevers en grachten aan veiligheid, voorkom dat dieren te water vallen en niet kunnen vluchten. ■ Haal kennis op over soortenmanagementplannen voor de bescherming van gebouw gebonden dieren en formuleer een pilot. Met name vanwege de urgentie om op grote schaal woningen te realiseren en renovaties duurzaam in te richten is het essentieel dat isolatie en natuurinclusieve maatregelen worden meegenomen.
Evaluatie Agenda Dieren 2021
37
Conclusie Evaluatie Agenda Dieren 2021
38
Conclusie Het doel van de huidige Agenda Dieren is: “Bijdragen aan het behouden en, waar nodig en gewenst, verbeteren van het welzijn van zowel gehouden dieren als vrijlevende dieren binnen de gemeentegrenzen van Amsterdam.” Met deze evaluatie wordt inzicht geboden in hoeverre de beoogde resultaten (voortgang acties, impact en samenwerking) en doelen zijn behaald en op welke onderdelen het beleid moet worden aangepast of nieuw beleid moet worden ontwikkeld. Behaalde resultaten: verbeterde samenwerking en impact Het doel van de huidige Agenda Dieren is: “Bijdragen aan het behouden en, waar nodig en gewenst, verbeteren van het welzijn van zowel gehouden dieren als vrijlevende dieren binnen de gemeentegrenzen van Amsterdam.” De behaalde resultaten op de acties, beoogde impact en samenwerking laten zien dat Amsterdam hier de afgelopen jaren fors in heeft geïnvesteerd. Dat blijkt uit dat nagenoeg alle acties zijn voltooid of uitgerold tot doorlopende actie. Zo is een bijtprotocol opgesteld, het Rijk geattendeerd op de verkoop van puppies en kittens in winkels, dierenwelzijn in de crisisplannen opgenomen en een vissterfteprotocol ingericht.
Veel van onze inzet heeft geresulteerd in een doorlopende samenwerking, denk aan de ADAM-regeling, de totstandkoming van de hondenlosloopgebieden, uitvoering van het bijtprotocol, het monitoren van de vispopulaties en het in beeld houden van beschermde diersoorten. De beoogde impact, namelijk een verbeterde bewustwording en bijdrage aan dierenwelzijn, wordt gezien. Dat blijkt uit dat inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties vaker over dierenwelzijn praten, het belang afwegen en waar nodig zelf bijdragen, bijvoorbeeld door de partners te raadplegen wanneer een dier in nood is. Ook intern wordt het belang van dierenwelzijn vaker afgewogen, denk aan het faciliteren van vrijlevende dieren als natuurlijke predator voor overlastgevende dieren of de uitbreiding van het aantal fauna-uittreedplaatsen bij gebiedsontwikkelingen. Het is dankzij de goede
samenwerkingen op deze dossiers dat deze effecten tot stand zijn gekomen. De inzet op dierenwelzijn heeft zin en is relevant om tot een meer gelijkwaardige relatie met dieren te komen. Het continueren van het huidige beleid is voorwaardelijk voor behoud van impact. Behaalde doelen en acties: verbeterd houderschap, leefomgeving en diervriendelijke beheersing In de agenda zijn vier doelen gesteld (p.6) waarvoor in totaal 52 acties zijn geformuleerd (bijlage 3). Op de eerste drie is vooruitgang zichtbaar en zijn de acties afgerond of doorlopend geworden. Partners merken dat eigenaren hun huisdieren nog beter zijn gaan helpen, zo komen dieren bijvoorbeeld eerder in beeld bij dierenartsen en worden minder dieren afgestaan aan het asiel. De komst van covid-19 heeft de voortgang op dit doel beïnvloed (p.11). Verder is de natuurlijke leefomgeving van vrijlevende dieren verbeterd (door natuurinclusief bouwen en oplossing van de ecologische knelpunten) en wordt dierenoverlast zo diervriendelijk mogelijk tegen gegaan (bronaanpak en geen gebruik van gif meer). De zes acties die niet zijn voltooid, staan voornamelijk in relatie tot subdoel 3: “voorwaarden scheppen voor het verantwoord houden van (landbouw)dieren.” Deze acties zijn niet gelukt omdat de lokale bevoegdheid op dierenwelzijn ontbrak.
Wetende dat dierenwelzijn geen bestuursrechtelijke grond voor gemeenten is of op korte termijn gaat worden, vraagt de totstandkoming van dit doel bij eventueel vervolgbeleid om een nieuwe insteek. Zo liggen er kansen om het onderwerp landbouw te verbinden aan onze gemeentelijke inzet op de voedselstrategie en lucht-, bodem- en waterkwaliteit (p.27). Voor het onderwerp landbouw en het inrichten van welzijnseisen bij bijvoorbeeld Evenementenvergunningen, is het wenselijk om de uitkomsten uit de zienswijze ‘het dier in verschillende overheidslagen’ van de Raad voor Dierenaangelegenheden (p.16) af te wachten.
Evaluatie Agenda Dieren 2021
39
Kansen: speel in op maatschappelijke ontwikkelingen en verbinding met overige gemeentelijke domeinen De ambities uit de Agenda Dieren 2015-2018 zijn gelinkt aan de maatschappelijke ontwikkelingen uit de periode rond 2015. Ondertussen zien we ontwikkelingen die voor de hele stad, mens en dier, uitdagingen bieden (p.27) en vragen om een betere integrale borging met sociaal domein, veiligheid, gezondheid en recreatie. Niet alleen zit de algemene zorplicht voor dieren in al deze domeinen verweven, ook is de relevantie voor verbinding met deze domeinen meer relevant geworden. Denk aan de invloed van covid-19. Dit legt druk op de openbare ruimte en het huisdierenbezit nam toe. Verder hebben de stikstofcrisis en klimaatverandering invloed op ecologische structuren en vragen beiden om nieuwe manieren van verantwoord houderschap.
bij te sturen, doeltreffende voorlichting in te richten, het Rijk onderbouwd te informeren en de relevantie voor verbinding met het sociaal domein, openbare orde en veiligheid, welzijn, handhaving en recreatie herkenbaarder te maken.
Aandachtspunt: monitor voor meer preventie Doordat de huidige ambities niet zijn gekoppeld aan de wijze van monitoren, registeren en meten, zijn de cijfers (p.8) vooral ondersteunend en indicatief geweest in het volgen van ontwikkelingen. Ze bieden echter geen inzicht in oorzaken achter trends (voorbeelden; aanleiding van aanschaf huisdieren tijdens covid-19 en oorzaak achter crisisdieren). Een mooie ontwikkeling is dat enkele partners hun registratiesysteem hebben geupdated waardoor er naar verwachting vanaf 2022 meer informatie kan worden geduid. Dit biedt momentum om met de keten te verkennen hoe gezamenlijk kan worden bijgedragen aan het behalen van de beleidsdoelen, zowel intern als extern. Zo is bijvoorbeeld het uitgangspunt om vroegtijdigere signalering van dierenleed te organiseren nog niet optimaal benut. Om hiertoe te komen lijkt er meer zicht nodig op oorzaken achter trends en patronen (zoals stijging crisisdieren, reden aanschaf huisdier en stijging hereniging met eigenaar). Dit zicht is nodig om beleid tussentijds
Evaluatie Agenda Dieren 2021
40
Aanbevelingen Evaluatie Agenda Dieren 2021
41
Aanbevelingen 1 Dierenwelzijnsbeleid heeft zin. Continueer het dierenwelzijnsbeleid De acties uit het huidige beleid ondersteunen de inzet van onze partners (inzet wettelijke taak en algemene zorgtaak), maken dat dieren eerder geholpen kunnen worden (zoals ADAM-regeling en afspraken crisisbeheersing) en zorgen dat de leefruimte voor mens en dier in balans is (zoals hondenlosloopgebieden, aanpak overlast gevende dieren en natuur inclusief bouwen). Indien dit beleid weg valt, is er voor de vrijlevende dieren een beperkte natuurlijke leefruimte wat negatieve impact heeft op de gewenste biodiversiteit en het tegengaan van klimaatverandering. Voor de gezelschapsdieren kan dit betekenen dat inwoners onvoldoende in aanraking komen met de juiste ondersteuning of laatste inzichten over hoe huisdieren op een fijne manier kunnen worden (onder)houden. Daar waar dieren niet verantwoord worden gehouden, kan dit leiden tot medische- of gedragsproblemen van de dieren. Hierdoor kan het in het uiterste geval onhoudbaar worden om de dieren te houden. Deze gevolgen kunnen in veel gevallen voorkomen worden. Het continueren van het huidige beleid is voorwaardelijk voor behoud van impact. Bij de continuering van het huidige beleid is het wenselijk om de uitvoering van de aanbevelingen uit hoofdstuk 2 (p.1o) en bijlage 3 (p.35) te overwegen.
Denk aan: het continueren van de ADAM-regeling door de jaarlijkse extra €100.000 structureel te maken; in te zetten op het verantwoord houden van hoog-risico-honden; uitbreiden van de lokale chipacties; en lokatiespecifiek maatwerk in te bouwen in de aanpak overlast gevende dieren 2 Speel in op maatschappelijke ontwikkelingen en benadruk als gemeente dat de dieren hierbij vanzelfsprekend worden meegenomen. Dat kan door de implementatie van de geschetste ontwikkelingen (p.27) te overwegen. Denk aan:
Evaluatie Agenda Dieren 2021
42
■ Een visie te vormen op een ecologisch- en diervriendelijk verantwoorde buitenruimte. Koppel het ontwerp, inrichting en beheer van gebiedsontwikkelingen, groenvoorzieningen en natuurinclusiviteit strategisch aan opgaven zoals de aanpak overlast gevende dieren. Zo, kan op een meer natuurlijke en minder intensieve manier hinder door overlast worden voorkomen terwijl de natuurlijke leefomgeving van dieren wordt versterkt. ■ Nieuwe beleidscategorieën te overwegen water-, bodem- en bestuivingsdieren. Deze dieren worden ook geraakt door de druk op de openbare ruimte, klimaatverandering en recreatie ■ Zicht te krijgen op de impact van covid-19 op de dieren in de stad en te formuleren wat dit betekent voor de aanpak. Denk aan de stijging in het aantal (doorgefokte) huisdieren, de stijging in gedumpte dieren en de druk van recreatie op de leefgebieden. Deze nieuwe trends laten nieuwe vormen van druk op de leefsituatie, openbare ruimte en ecologische habitat zien. 3 Maak dierenwelzijn beter meetbaar Bij de komst van nieuw beleid is het wenselijk om de voortgang analytischer (meetbare resultaten) te kunnen volgen. De ambities uit de huidige agenda zijn niet gekoppeld aan indicatoren, waardoor de resultaten alleen kwalitatief (op beleving) te meten zijn.
Ondanks dat ‘welzijn’ zich niet makkelijk in cijfers laat omvatten, biedt de combinatie kwalitatief-kwantitatief het meest complete verhaal en grip op trends. Deze grip biedt beleidsinzichten, aanleiding om waar nodig bij te sturen of om onderbouwde signalen bij het Rijk te adresseren. De vraag wat wij als keten kunnen doen om de inzet op dierenwelzijn overbodig te maken, dient hierin centraal te staan. Om hiertoe te komen is het belangrijk dat partners en instituten met kennis over dieren worden betrokken bij het formuleren van meetbare resultaten en passende
indicatoren. Bovenal is meer zicht nodig op de impact van communicatie-inzet op de gewenste gedragsverandering. 4 Benut de inzet op dierenwelzijn slimmer. Verken een goede plek voor dierenwelzijn in andere domeinen zoals veiligheid, sociaal domein, wonen en handhaving. De inzet op dierenwelzijn is onlosmakelijk verbonden aan andere gemeentelijke domeinen. Dierenwelzijn is geen thema op zichzelf, het is verbonden aan gezondheid (voorkomen van virussen zoals covid-19 en vogelgriep), leefbaarheid (vrijlevende dieren zorgen voor management van plaagsoorten), welzijn (diergedrag als mogelijk signaal voor schulden, zorgen of stress in een huishouden), vitaliteit (omgang met dieren stimuleert totlichaamsbeweging) en veiligheid (dierenverwaarlozing is voorspeller van huiselijk geweld). Uitingen in gedrag en gezondheid geven belangrijke signalen af over hoe het met het welzijn van een specifiek dier en diens omgeving gesteld is. Door de kennis over dierensignalen sterker in gemeentelijke structuren te borgen, kunnen ook risico’s op mensenwelzijn eerder in beeld worden gebracht. 5 Verbind subsidies op een strategische wijze aan ambities Stuur met subsidies op gezamenlijk eigenaarschap van de beleidsambities en op een gezamenlijke monitoring van impact.
Het merendeel van de acties die de afgelopen jaren zijn uitgevoerd, waren losstaande acties met als doel om tot een bepaald resultaat te komen. Een goed voorbeeld is de inzet op het terugdringen van zwerfkatten. Zo is via de ADAM-regeling en opvangketen ingezet op het chippen van dieren, is er een juni-chipmaand geweest en worden verwilderde katten door de SAZ gesteriliseerd. Toch is in 2020 nog een groot gedeelte van de opgevangen dieren een zwerfdier (zie bijlage 2: 36% hond, 55% kat, 62% konijn). Wegens veiligheid voor het
Evaluatie Agenda Dieren 2021
43
dier en voorkomen van overlast voor de inwoners is het wenselijk om dit patroon nog sterker te doorbreken. Om dit te kunnen is meer zicht nodig op de oorzaken, op wat effectiever is en hoe wij hier als keten iets in kunnen betekenen (wie doet wat en wanneer, hoe kan de missie worden ingebed in bedrijfsvoering, hoe kan slimmer van elkaars expertise gebruik worden gemaakt, etc.). Door toe te werken naar gezamenlijk eigenaarschap op de beleidsambities en de beschikbare subsidies hieraan te verbinden, kan met meer impact worden gehandeld. 6 Borg passende budgetten voor het waarmaken van de ambities De afgelopen jaren is ingezet op het realiseren van acties op gezelschapsdieren, vrijlevende dieren en dieren voor ontspanning, sport en recreatie. Er zijn acties die doorlopend zijn geworden, terwijl de middelen daarvoor per 2023 aflopen. Denk aan kinderboerderijen, tegengaan jacht en voorlichting verantwoord houderschap. Blijvende aandacht hiervoor is belangrijk. Indien het een politieke wens is om het huidige niveau te minimaal te continueren, is het wenselijk om het huidige budget te borgen voor het behoud van capaciteit en projectkosten.
te gaan wordt in Q4 aan de gemeenteraad aangenoden. Indien er bij het toekomstig bestuur (2023) draagvlak is om die mogelijkheden uit te werken, wordt een uitvoeringsprogramma uitgewerkt. Voor de doorvoering van implementatie, inrichting en beheer van dit programma zijn structureel extra middelen nodig ■ Kinderboerderijen; de gemeente blijft in gesprek over het verder uitwerken en verduurzamen van de afspraken over dierenwelzijn. Dit vergt een integrale aanpak waarbij beleidsharmonisatie en subsidies ondersteunend kunnen zijn. ADAM: Doordat de regeling goed wordt benut en de effecten als positief worden ervaren, is het wenselijk om de regeling te continueren. Gelet op de hoge werkdruk (p.11) in combinatie met dat de regeling financieel achterloopt op de indexatie van de standaard kosten, kan worden overwogen om de mogelijkheid tot indexering van vergoedingen te verkennen
Kijkend naar de financiële samenwerkingen in relatie tot de ambities lijkt het kansrijk om de volgende aspecten door te ontwikkelen: ■ Subsidies: Het is belangrijk dat de verdeling aansluit op de behoefte en de knelpunten die partners ondervinden. Denk aan sturing op knelpunten zoals afstandskosten, personele inzet en medische kosten. Daar is de huidige subsidieverdeling niet op aangepast. De visie op deze budgetten is daarmee toe aan herijking, die aansluit op de gezamenlijke beleidsambities, monitoring van patronen, professionalisering en communicatie-ambities. ■ Jacht/afschot: Het onderzoek juridische mogelijkheden om jacht tegen
Evaluatie Agenda Dieren 2021
44
Bijlage 1: respondentenlijst Evaluatie Agenda Dieren 2021
45
Bijlage 1: respondentenlijst Samenwerkingspartners
Intern
Politie incl. hondenbegeleiders
Stadsdeel Noord
Konijnenopvang
Amivedi
Stadsdeel Zuid
Stichting OOPOEH
Dierenambulance
Stadsdeel Nieuw-West
Dibevo
Veilig Thuis
Stadsdeel West
Stichting wildopvang Toevlucht
Raad voor Dierenaangelegenheden
Stadsdeel Zuid-Oost
Provincie Noord-Holland
Dier en recht
Stadsdeel Oost
Duurzaam Fauna Advies
Dierenbescherming
Stadsdeel Centrum
Staatsbosbeheer
Stichting Amsterdamse Zwerfkatten
GGD Amsterdam
Waternet
Dierenlot
Adviseur Evenementenbureau
Amsterdamse hengelsportvereniging
Dierenopvang Amsterdam
R&D ecologen
Loes voor dieren
Ingenieursbureau ecologen
Dierenvangnet
Veiligheidsregio Amsterdam
Kinderboerderij Bijlmerweide, de Pijp, de Werf en Zimmerhoeve namens alle kinderboerderijen
Landelijke Inspectiedienst Dierenwelzijn
Toezicht Handhaving Openbare Ruimte
ADAM: coördinator
Armoede
ADAM: dierenartspraktijken
Verkeer & Openbare Ruimte
Medisch Centrum voor Dieren
Groen en Wegen
Caressa dierenziekenhuis
Boswachter Amsterdamse bos
Stichting bevordering huisdierenwelzijn Vergunningen, Toezicht en Handhaving Dierenasiel Oostzaan
Coördinator contract Artis
Reptielenopvang
Team basisvoorzieningen
Fruittuin
Evaluatie Agenda Dieren 2021
46
Bijlage 2: grafieken ter context bij cijfers Evaluatie Agenda Dieren 2021
47
Bijlage 2: grafieken ter context bij cijfers Honden
Katten
Konijnen
Ingekomen honden 2017-2020
Ingekomen katten 2017-2020
Ingekomen konijnen 2017-2020
300
300
2.250
200
225
1.500
100
150
750
0
2017
2018
2019
75
0
2020
2017
2018
2019
2020
0
2017
2018
2019
2020
■ DOA ■ Dierenvangnet ■ Loes voor Dieren
■ DOA ■ Dierenvangnet ■ Loes voor Dieren ■ Asiel (Noord) Oostzaan ■ SAZ
■ DOA ■ Konijnenopvang de Werf ■ Loes voor Dieren
Opvang honden 2017-2020
Opvang katten 2017-2020
Opvang konijnen 2017-2020
1.509 164
1.215
141
129
104
99
89
73 25
2017
36
2018
1.162
998
94
88
87
123
112
67
79 50
14
2019
138
122
2020
248
68
2017
231
50
2018
234
67
2019
217 187
2020
8
4
2017
2018
0
2019
0
2020
■ Zwerf ■ Afstand ■ Crisis
Evaluatie Agenda Dieren 2021
48
Bijlage 3: Status voortgang acties Agenda Dieren 2015-2021 Evaluatie Agenda Dieren 2021
49
Bijlage 3: Status voortgang acties Agenda Dieren 2015-2021 Context over acties Status acties Bevindingen, toelichting, aanbevelingen Groen is afgerond Oranje verloopt goed of is een doorlopende actie geworden Rood is niet gelukt
p.19 Dierenleed wordt voorkomen en waar nodig tegen opgetreden.
Toelichting: De dierenwelzijnspartners zoals opvang en Dierenambulance vervoeren en vangen dieren op om verder leed te voorkomen. Twee derde van de politie basisteams, heeft een taakaccenthouder Dierenwelzijn aangesteld. Er vindt nog gesprek plaats over communicatie rondom bewustwording Meldpunt 144. Wegens beperkte prioriteit op dierenwelzijn bij de politie en de interne visie op corporate communicatie, is communicatie nog niet tot stand gekomen. Aanbeveling: Specifiek voor optreden is het nodig dat dierenwelzijn meer prioriteit krijgt bij Handhaving en politie. Daarnaast kunnen we onze ogen en oren op straat slimmer benutten (denk aan: havenmeester, gebiedsmakelaars, parkconciërges) ten behoeve van signalering. Wenselijk om intern te investeren in verbeteren van signaleringsvaardigheid.
p.20 Verantwoorde verkoop van huisdieren. Stimuleren kwaliteit Dierenwinkels en afbouw verkoop van dieren
Bevinding: Inspanning woog niet op tegen de effecten.
Ambities coalitieakkoord 2019-2022 Structureel budget 1
p.23 ADAM regeling
Zie Hoofdstuk 2 p.11
2
Dierenambulance subsidie
Aanbeveling: continueren
3
Extra beleidscapaciteit
Bevinding: mensen geworven, met zichtbaar effect op voortgang oppakken acties uit de agenda en bestuurlijk advies, Aanbeveling: budget continueren om basistaken te continueren en koploperspositie te behouden Ambities Agenda Dieren, incidenteel budget
4
p.17 Uitdragen gemeentelijk dierenwelzijn
Toelichting: De stads brede voorlichting is niet tot stand gekomen wegens praktische knelpunten, inbedden in corporate visie. Echter is wel toegewerkt naar voorlichting via partners, denk aan subsidie via de Dierenbescherming voor de levering hiervan en het stimuleren van communicatie via partners. De gemeentelijk website en folder “Weet waar u aan begint” zijn in 2021 geactualiseerd in naar de laatste stijl en inhoudelijke inzichten en onder de partners verspreid. Met diverse mediaacties is voorlichting gegeven over dierenwelzijn. Aanbeveling: Er is meer zicht nodig op (impact op) doelgroepen. Budget wenselijk om hier onderzoek naar te laten doen.
6
Toelichting: Na intensieve actie uit 2018 is dit blijven liggen aangezien een selecte groep ondernemers zich voor het keurmerk inclusief her inspectie heeft aangemeld en naar verwachting bleken de resultaten van die ondernemingen goed te zijn. Hiermee hebben we niet de ondernemers in beeld gekregen waar zorgen over waren. Tuincentra en bouwmarkten die dieren verkopen zijn 7 april 2017 via een brief van wethouder dierenwelzijn verzocht hiermee te stoppen Aanbeveling: in voorlichting over verantwoord houderschap kan actief worden gestimuleerd om alleen bij ondernemers met keurmerk te kopen. Evaluatie Agenda Dieren 2021
50
7
8
9
Toelichting: Aan het Ministerie van Economische Zaken is 15 februari 2017 gevraagd om beperkingen te stellen aan de verkoop van dieren in tuincentra en bouwmarkten, zoals verkoop van kitten en puppy’s. Samen met 35 andere gemeenten is 19 juni 2017 aan de Vaste Kamercommissie EZ van de Tweede Kamer gevraagd zich in te zetten voor een verbod. Het verzoek heeft niet geleid tot een verbod.
10
p.22 Gehouden dieren zijn wettelijk toegestaan en aan voorschriften wordt voldaan.
Toelichting: Positieflijst heeft een tijd on-hold gestaan en momenteel is deze nog niet geüpdatet. Daarom is actieve voorlichting hierover nog niet opgepakt.
11
Zie hoofdstuk 2 p.12
p.21 Dierverkooppunten helpen bij het herplaatsen van dieren uit opvangcentra.
Toelichting: De gemeente heeft de dierenwinkels per brief van 14 september 2017 gevraagd om klanten die een huisdier willen aanschaffen erop te wijzen dat ze dat het beste kunnen doen bij een van de opvangcentra, zodat ze daarmee zwerfdieren en dieren waarvan afstand is gedaan helpen aan een nieuw thuis. Bij één tuincentrum is een actieve samenwerking met de Werf tot stand gekomen. In hoeverre de overige winkels hun klanten attenderen op aankoop via de opvangketen is onbekend.
p.23 Honden en katten hebben een chipregistratie
12
p. 25 Hondenlosloopgebieden
Zie hoofdstuk 2 p.13
13
p.25 Bijtprotocol
Zie hoofdstuk 2 p.14
14
p.26-27 Kinderboerderijen
Zie hoofdstuk 2 p.17
p.21 Verbod verkoop levende warmbloedige dieren op markten.
Toelichting: De strekking van dit voorstel was op wens van het college uitgebreid naar een algemeen verbod op verkoop: bont, alle levende gewervelde, geleedpotige dieren, koraal en naar opgezette dieren. Het voorstel is in julii 2021 in het college besproken en is besloten om het verbod alleen te laten gelden voor de bepaling uit het coalitieakkoord (bont, kreeften en krabben). Hiermee is dus niet het verbod op levende warmbloedige dieren gedekt. In Q3 wordt het voorstel voor zes weken ter inspraak voorgelegd en wordt de inspraak geanalyseerd, geduid en waar nodig verwerkt.
p.20Verzoek aan Rijksoverheid: verbod op verkoop van puppy’s en kitten in dierenwinkels.
Aanbeveling: verkennen mogelijkheden om dit verbod uit te breiden naar terrasgevelverordening en informele afspraken met reguliere winkels. Evaluatie Agenda Dieren 2021
51
15
p.28 Artis; welzijn van dieren geborgd en Artis houdt zich aan de regels voor dierentuinen zoals opgenomen in het Besluit Houders van Dieren.
Toelichting: Het verbeteren van dierenwelzijn is sinds 2019 in de resultaatafspraken opgenomen. De gemaakte resultaatafspraken lagen in het verlengde van waar Artis reeds mee bezig was. Denk aan: meer natuurlijke habitat creëren, minder (soorten) dieren, nabootsen samenstelling aan dieren, gedragsverrijking. Aan het behalen van de resultaatafspraken zijn geen concrete deadlines gekoppeld. In april 2021 heeft Artis laten weten dat de verblijven voor slingerapen, gibbons, sneeuwuilen en de olifantenstal zijn vernieuwd. Het plan om de leeuwen over te plaatsen is niet gelukt, er was geen dierentuin die de leeuwen kon opvangen. Hetplan om het leeuwenverblijf te vernieuwen wordt daarmee opnieuw actueel. Financieel is dat echter nog niet mogelijk. Samen met Artis, Blijdorp, wethouders van de betrokken gemeenten, de provincies en het Rijk zijn in gesprek over mogelijke oplossingen. Covid-19 heeft financiële impact gehad op de bedrijfsvoering van Artis en het doorvoeren van de verbetermaatregelen. Gemeente Amsterdam is hiervoor in gesprek met Ministerie LNV en OCW over verdeling van het tweede steunpakket. Het ministerie heeft toegezegd de signalen van de stadsdierentuinen Artis bij het verdelingsvoorstel mee te nemen.
16
p.29 Terugdringen evenementen met dieren
Zie hoofdstuk 2 p.16
17
p.29 Vergunningsvoorwaarden dierenwelzijn staan in Handboek Evenementen
Zie hoofdstuk 2 p.16
18
p.30 Houders paarden voldoen aan welzijnsrichtlijnen. Opstellen van nadere regels in vergunningsvoorschriften
Toelichting: In 2017 zijn voor paardenkoetsen aanvullende voorschriften opgenomen in het gemeentelijk uitvoeringsbeleid Alternatief Personenvervoer. Voor het verkrijgen van een vergunning om te mogen halteren met paard en wagen waren de welzijnsrichtlijnen voor paarden van toepassing afkomstig uit de Gids voor Goede Praktijken zoals opgesteld door de Sectorraad Paarden. Sinds 1 april 2019 is het echter niet meer mogelijk om in aanmerking te komen voor een vergunning voor deze vorm van personenvervoer. Op afroep mogen paardenkoetsen nog wel worden gehuurd, maar vallen daarmee buiten de invloedssfeer van de gemeente. Het toezien op dierenwelzijn is aan landelijke handhavingsinstanties.
19
p.31 Geen ruimte in bestemmingsplannen voor megastallen en niet-grondgebonden dierhouderijen.
Zie hoofdstuk 2 p.22
20
p.31 Vergunningverlening voor schuilstallen mogelijk maken (wijzigingsbevoegdheid en ontheffing)
Zie hoofstuk 2 p.22
Evaluatie Agenda Dieren 2021
52
21
22
p.33-33 Hereniging verloren huisdier met eigenaar. Vergoedingssystematiek, keurmerk opvangcentra, één registratiepunt en tegengaan van dumpen van kippen
P.34 Zwerfdieren, gewonde of hulpbehoevende vrijlevende dieren vervoerd naar een opvangcentrum
Toelichting: Het vergoedingensysteem is gemoderniseerd door een penvoerderschap in te voeren voor de gehele opvangketen en een gezamenlijk budget vrij te stellen. Het organiseren van één registratiepunt bleek niet haalbaar en zinvol want Amivedi en site van Dierenbescherming bleken reeds voldoende. Het keurmerk dierenopvang is alleen bij DOA geïmplementeerd. De standaardregels bleken niet geschikt voor kleinere organisaties die dieren bij particulieren opvangen. Voor die organisaties zijn Amsterdamse kwaliteitseisen voor de pleegadressen opgesteld en commitment aan penvoerderschap door DOA. Hiermee voldoen alle gesubsidieerde opvangen aan de kwaliteitseisen. De Toevlucht heeft een door de Provincie afgegeven vergunning Kwaliteitsprotocol Opvang van vogels en wilde dieren. Afsluitend zijn er in 2017 afspraken gemaakt over de opvang van gedumpte kippen waarvoor een kippenopvang is gerealiseerd. Vervoer en opvang van dieren via subsidie belegd bij Dierenambulance, penvoerderschap DOA voor opvangketen en Wildopvang de Toevlucht
23
p.35 Goede regeling van dierenwelzijn bij calamiteiten en rampen. Dierenwelzijn in het Regionaal Crisisplan 2014-2018;
Toelichting: tussen huldiensten en Dierenambulance zijn afspraken vastgelegd over hoe bij rampen en crises met dieren om te gaan. Deze bieden een basis. De lessons learned uit de overstromingen in Limburg (juli 2021) hebben aanleiding geboden om de lokale afspraken waar nodig te actualiseren. Met de Veiligheidsregio is afgesproken om de komende tijd sterker te verbinding op inzet rondom vrijlevende dieren en het borgen van aansluiting op Dierenambulance bij operationele oefeningen. Samen met de Veiligheidsregio wordt bezien of het redden van vee kan worden opgenomen in de afspraken.
24
p.38 180 knelpunten in de ecologische groenstructuur opgelost vóór 2020.
Toelichting: 169 zijn in 2020 opgelost, van de resterende 11 is streven om 5 in 2021 op te lossen en 6 in 2022. Deze 11 bleven resterend wegens andere positie binnen eigendomsrecht, bestemmingsplan wijzigen of noodzaak tot passend budget. Aanbeveling: Budget nodig om te voorkomen dat er nieuwe knelpunten bijkomen. Nodige vervolgacties: voorlichting over inzichten, tijdig aanhaken bij projecten en doorlopend signalen inventariseren zoals ecologische knelpunten als gevolg van licht- en geluidsoverlast.
Evaluatie Agenda Dieren 2021
53
25
p.38 Opvangen en weghalen van harde beschoeiingen langs waterpartijen
Toelichting: Met financiering vanuit Dierenwelzijn zijn natuurlijke oevers aangelegd in het Amstelpark, Gijsbrecht van Aemstelpark, Sarphatipark, langs de Weespertrekvaart en zal dat ook worden gedaan bij Centrumeiland IJburg. In 2021 wordt een quick-scan gedaan naar geschikte locaties voor natuurvriendelijke oevers en worden globale kosten geraamd. Aanbeveling: Op basis van de quick-scan kan de raad middelen vrijmaken voor het aanleggen van natuurvriendelijke oevers.
26
p.38 Inventariseren effectieve maatregelen bevorderen natuur inclusief bouwen.
Toelichting: Er is advies gegeven om natuur inclusief bouwen als voorwaarde op te nemen in de tendersysthematiek. Hierbij is een puntensysteem ontwikkeld die wordt gehanteerd voor nieuwbouw. Voor transformatiegebieden en renovatie bestaat nog geen standaardformat. Die wordt geborgd in het Omgevingsplan- en programma. Aanbeveling: Om ad-hoc toepassing te voorkomen, wordt in samenwerking met BZK en LNV, verkend om in te zetten op integrale omgevingswaarden zoals biodiversiteit, gezondheid en klimaat adaptief.
27
p.38 Gedragscode wordt geëvalueerd en waar nodig aangepast.
Toelichting: De gedragscode is aangepast aan de Wet natuurbescherming en is 1 oktober 2017 ter instemming voorgelegd aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Daarnaast is in 2019 een handleiding geschreven als uitwerking van deze gedragscode. In 2020 is de Landelijke gedragscode voor alle gemeenten van kracht gegaan gekomen. Hierop wordt in 2021 een aanvulling voor Amsterdam geschreven en voorgelegd aan de gemeenteraad, zodat de voor Amsterdam specifieke soorten ook goed beschermd worden.
28
p.38 De gemeente neemt initiatief richting andere waterbeheerders om een gezamenlijk vissterfteprotocol op te stellen.
Toelichting: In samenwerking met de waterbeheerders en de Amsterdamse Hengelvereniging is in 2019 een vissterfteprotocol opgesteld. Dit protocol is ter kennisname naar de raadscommissie Wonen en Bouwen van 25 maart 2020 gestuurd. In het najaar 2021 wordt dit protocol geëvalueerd en waar nodig aangepast. Aanbeveling: kans om aan te sluiten op het draaiboek Botulisme dat in Q2 is afgerond, toewerken naar één protocol.
29
p.38 Nagaan of pachtovereenkomsten van weidegebieden aangepast moeten worden om weidevogels optimaal te beschermen.
Toelichting: Deze actie is in 2017 uitgezocht. Uitvoering bleek niet nodig, want de populaties leken stabiel. Aanbeveling: De gemeente erkent de dreiging van monocultuur zoals grondwaterstand op de populatie van weidevogels. Bij herziening van (afgelopen/lopende) pachtovereenkomsten, lijkt het een opportuun moment om de noodzaak voor weidevogels te herbezien en het liefst vanuit het opheffen monocultuur.
Evaluatie Agenda Dieren 2021
54
p.38 In het nieuwe Verlichtingsplan voor Amsterdam worden negatieve effecten van licht(vervuiling) op vrijlevende dieren in ecologisch waardevolle gebieden geminimaliseerd.
Toelichting: In 2018 is in het Verlichtingsplan Amsterdam een paragraaf opgenomen waarin aandacht wordt besteed aan maatregelen om de negatieve effecten van licht voor dieren te minimaliseren.
31
p.38 Diervriendelijke alternatieven van straatkolken bij herinrichting van wegen in ecologisch waardevolle gebieden
Toelichting: Het aantal kolken is van 50 naar 5 terug gebracht. In het Beleidskader van de Puccinimethode wordt rekening gehouden met diervriendelijke straatkolken. In de in 2018 vastgestelde handboeken “Rood” met materiaalkeuzevoorschriften worden bepaalde typen straatkolken voorgeschreven.
32
p. 39 Stimuleren dat vrijwilligers eigen observaties registreren via onder andere: telmee.nl en maps. amsterdam.nl.
Toelichting: In een stads brede campagne zijn vrijwilligers voor het monitoren van vlinderroutes opgeroepen, getraind en begeleid. Deze vrijwilligers geven de data door aan de Vlinderstichting. Vooralsnog gaat dit om een incidentele campagne. Er is momenteel geen capaciteit om langdurig vrijwilligers te werven en begeleiden. Afsluitend is er vanuit communicatie ook aandacht besteed aan het stimuleren, bijvoorbeeld tijdens de vogelteldag.
30
Aanbeveling: Ondanks minimalisatie in 2018, zien we in een aantal ecologische- en groengebieden een grote lichtbelasting. Hierdoor ontstaan ecologische knelpunten die om oplossingen vragen. Aanbevolen wordt deze knelpunten in kaart te brengen en oplossingen hiervoor te zoeken en uit te voeren.
33
p.41 Beschermde dieren noodzakelijk beschermen. Vergunninverleners instructies geven over regelgeving
Toelichting: Vergunningverleners hebben in de periode 2016-2017 instructies gekregen over de geldende regelgeving. Daarnaast is een handleiding VTH Wet natuurbescherming ontwikkeld als extra handvat. Aanbeveling: Bij een aantal stadsdelen is het wenselijk om deze instructies te herhalen, met name omdat de ecologen niet altijd vroegtijdig worden betrokken (quickscan) en soms vergunningen worden verstrekt terwijl er geregistreerde nesten aanwezig zijn. Ondanks dat de aanvrager verantwoordelijk is voor een juiste toepassing, heeft de gemeente ook een verantwoordelijkheid in het kader van preventie en voorlichting (algemene zorgplicht).
Evaluatie Agenda Dieren 2021
55
34
Beschermde diersoorten noodzakelijk beschermen. Stadsbreed experiment met integreren onderzoeksgegevens gebouwbewonende diersoorten(gierzwaluwen, huismussen en vleermuizen in (WABO) in vergunningssystemen stadsdelen.
Toelichting: de wettelijk beschermde leefomgeving van de huismus en gierzwaluw is in kaart gebracht en een deel van de habitat van vleermuizen. Voor alle drie diersoorten geldt dat jaarlijks een deel van de stad wordt gemeten. De actuele informatie is te vinden op www.maps.amsterdam.nl. Voedselaanbod is noodzakelijke factor om nestkasten te laten werken. Effecten van natuur inclusief bouwen is stads breed nog te recent om effect te zien. Op gebiedsniveau zien we wel positieve signalen. Nog geen zicht op welke factoren direct hebben bijgedragen aan succes van de kasten. Binnen het huidige VTH-stelsel is de bescherming van deze soorten niet waterdicht. De onderzoeksdata lijkt niet te kunnen worden gekoppeld aan het omgevingswetprogramma Powerbrowser en bovenal heeft dierenwelzijn geen prioriteit en passende middelen bij VTH. Aanbeveling: voer een pilot uit met soortenmanagementplannen voor de huismus, gierzwaluw en vleermuizen in samenwerking met de Provincie Noord-Holland. Hiervoor is momenteel nog geen capaciteit. De kosten die hiermee gepaard gaan, moeten geraamd worden. Voor het gierzwaluwonderzoek is jaarlijks €30.000 nodig om de inventarisatie actueel te houden. Aanvullend is inzet nulmeting Weesp voor 2022 gewenst