CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Evaluatie Agenda Dieren

Raadscommissie Wonen en Bouwen 15 december 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Evaluatie Agenda Dieren Nr. VN2021-02860818.534 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Evaluatie Agenda Dieren

Een diervriendelijk Amsterdam Evaluatie Agenda Dieren 2021

1

Inhoudsopgave Woord wethouder Jakob Wedemeijer Samenvatting

2 3

Inleiding Relevantie van inzet op dierenwelzijn Bestuurlijke inzet op dierenwelzijn Context Agenda Dieren Doelen en uitgangspunten Opzet evaluatie

4 5 5 5 6 6

Evaluatie 1. Cijfers in beeld 2. Voortgang Agenda Dieren 2015-2021 3. Samenwerking 4. Communicatie en voorlichting 5. Impact 6. Financien 7. Suggesties vanuit partners: mogelijkheden nieuw beleid

8 9 12 31 33 34 35 36

Conclusies Aanbevelingen

38 42

Bijlage 1: Respondentenlijst Bijlage 2: Grafieken, ter duiding op cijfers Bijlage 3: Voortgangsoverzicht per actie Agenda Dieren 2015-2021

45 47 49

Evaluatie Agenda Dieren 2021

1

Voorwoord Onze dieren zijn erg belangrijk voor de stad. Ze horen bij onze samenleving en wij moeten zorgen voor een goede en veilige leefomgeving, zowel voor de huisdieren als voor de vrijlevende dieren. Op die manier zorgen we voor een beschaafde, groene en gezonde stad, waar mensen en dieren op een fijne manier samen kunnen leven. Om daar extra aandacht aan te besteden, is de Agenda Dieren vastgesteld in de gemeenteraad. Daarmee wilde het stadsbestuur zorgen voor een diervriendelijke stad, waar meer aandacht is voor dierenwelzijn. Naast de het ondersteunen van de wettelijke taken op vervoer en opvang van gevonden en gewonde dieren, heeft Amsterdam samen met alle dierenwelzijnspartners de afgelopen jaren geinvesteerd in aanvullende maatregelen. Zoals de ADAM-regeling, waarmee huisdieren van minima naar de dierenarts kunnen gaan, lokale chipacties om ervoor te zorgen dat dieren weer herenigd kunnen worden met hun eigenaar en het vergunningplichtig stellen van evenementen met dieren om het gebruik van dieren voor vermaak terug te dringen. Ook is samen de kinderboerderijen de brandveiligheid van hun dierverblijven verbeterd.

Jakob Wedemeijer, Wethouder Dierenwelzijn

In deze evaluatie kijken we niet alleen terug, maar blikken we ook vooruit. Het is belangrijk om ervoor te zorgen dat dierenwelzijn standaard wordt meegenomen bij onderwerpen die daaraan raken. Denk bijvoorbeeld aan wonen, recreëren, veiligheid, welzijn, sociaal domein, openbare ruimte, gezondheid en vitaliteit. In deze evaluatie maken we duidelijk hoe we ervoor kunnen zorgen dat dierenwelzijn ook de komende jaren de aandacht krijgt die het verdient. Zodat we in Amsterdam samen met alle partners zorgen voor een fijne stad voor alle miljoenen inwoners die we rijk zijn.

Evaluatie Agenda Dieren 2021

2

Samenvatting De huidige Agenda Dieren is een uitwerking van de dierenwelzijnsambities uit het Coalitieakkoord 2014-2018. Met deze agenda is er grote vooruitgang geboekt op een verbeterd dierenwelzijn. Zo zijn dierenwelzijnsorganisaties sterker gaan samenwerken, is er een toegankelijke dierenartsregeling gekomen voor inwoners met een stadspas en is er een aanpak diervriendelijke beheersing van overlast gevende dieren ingericht. Het huidige college heeft in het coalitieakkoord 2018-2022 aangegeven deze positie te willen behouden door de agenda te continueren en daarbij aanvullende ambities te realiseren. Hiermee is er onder andere budget beschikbaar gesteld voor onderzoek naar juridische mogelijkheden voor het tegen gaan van jacht en voor het aanpassen en verbeteren van de hondenlosloopgebieden.

De resultaten uit deze evaluatie laten zien dat: ■ de acties uit de agenda nagenoeg volledig zijn uitgevoerd ■ het samenwerkingsnetwerk is verstevigd ■ een sterker bewustwording over dierenwelzijn aanwezig is ■ dierenwelzijn vaker als belang wordt meegewogen ■ er een sterkere verbinding tussen onder andere groen, natuurinclusiviteit en biodiversiteit is ■ voortgang op de volgende doelen zichtbaar zijn: verbeterde natuurlijke leefomgeving van vrijlevende dieren, eigenaren helpen hun huisdier en overlast gevende dieren worden diervriendelijk bestreden ■ er nieuwe (maatschappelijke) ontwikkelingen zijn waarvan het wenselijk is dat de Agenda Dieren daarop aansluit ■ er kansen liggen om preventie sterker te organiseren

Evaluatie Agenda Dieren 2021

3

Inleiding Evaluatie Agenda Dieren 2021

4

Inleiding De aandacht voor dierenwelzijn krijgt de laatste jaren een steeds grotere plek in de Nederlandse maatschappij. Tijdens de formulering van de Agenda Dieren heerste reeds de algemene opvatting dat het dier steeds minder als product of ding wordt beschouwd en dat de dieren steeds meer om hun intrinsieke waarde worden gewaardeerd. Met intrinsieke waarde wordt bedoeld dat de eigen waarde van dieren wordt erkend, als wezens met gevoel (artikel 1.3 lid 2 Wet Dieren). Ondertussen zien we dat de opvattingen over de relatie tussen mens en dier steeds meer verschuiven van het idee dat dieren ondergeschikt zijn aan mensen naar het idee dat mens en dier gelijkwaardig zijn (Raad voor dierenaangelegenheden. Staat van het Dier, 2018). Zo zeggen vrijwel alle Nederlanders dat het welzijn van dieren hen aan het hart gaat en vindt het merendeel dat alle dieren een moreel recht op leven hebben en dat mensen de morele plicht hebben om goed te doen voor alle dieren). Bovenal ontstaat de dialoog over de rechtspositie die niet-mensen zoals dieren, planten en ecosystemen zouden moeten krijgen. Een Nederlands voorbeeld is dat afgewogen wordt of klimaat- en milieuwaarden onderdeel worden van het Binnenlands Bruto Product.

Relevantie van inzet op dierenwelzijn

Niet alleen is het gevoel over dieren veranderd (van ondergeschiktheid naar gelijkwaardigheid), ook is de relevantie voor inzet op dierenwelzijn steeds meer evident gebleken. Zo is de inzet op dierenwelzijn onlosmakelijk verbonden aan gezondheid (bij goede omgang met dieren is er minder kans op uitbraak van virussen zoals covid-19 en vogelgriep), leefbaarheid (vrijlevende dieren zorgen voor management van plaagsoorten), welzijn (het samenleven, verzorgen en omgaan met dieren biedt ontspanning), vitaliteit (omgang met dieren stimuleert tot lichaamsbeweging) en veiligheid (dierenverwaarlozing is voorspeller van huiselijk geweld of signaal tot overige zorgen over leefsituatie). Deze inzichten vragen om een sterkere verbinding van dierenwelzijn binnen die gemeentelijke domeinen.

Bestuurlijke inzet op dierenwelzijn

In Amsterdam voeren de inzet en wensen rondom het versterken van dierenwelzijn al langer terug. Zo heeft Amsterdam haar eerste dierenwelzijnsnota in 1990 en haar tweede in 2006 vastgesteld. De Agenda Dieren 2015-2018 is een hedendaagse uitwerking van dit oudere gedachtegoed en van de ambities uit het Coalitieakkoord 2014-2018. Deze agenda gaat over de bijdrage aan de meest brede zin van dierenwelzijn: “Bijdragen aan het behouden en indien nodig verbeteren van het welzijn van zowel gehouden als vrijlevende dieren binnen de gemeentegrenzen van Amsterdam.” De basisboodschap is dat dieren bij de Amsterdamse samenleving horen en juist daarom onze gezamenlijke zorg verdienen, met name omdat ze in grote mate van mensen afhankelijk zijn. Vanuit deze gedachte zijn een zestal aanvullende ambities opgenomen in het coalitieakkoord 2018-2022. Voor de ultieme impact is vanuit de geformuleerde acties en ambities verbinding gezocht met ambities vanuit andere domeinen zoals de Ecologische Visie (2012), de Agenda Groen (2015) en de Watervisie (vaststelling 2016). Gezien deze inzet is Amsterdam in 2019 door de dierenwelzijnsketen benoemd als gemeentelijke koplopers op dit gebied.

Context Agenda Dieren

De huidige Agenda Dieren is een uitwerking van de dierenwelzijnsambities uit het Coalitieakkoord 2014-2018. De Agenda is in samenspraak met samenwerkingspartners, collega’s en inspraak tot stand gekomen en omvat: ■ Maatschappelijke perspectieven op dierenwelzijn ■ Zicht op de rol van de gemeente ■ Ambities voor de gehouden dieren (dieren met een eigenaar) en vrijlevende dieren (dieren zonder eigenaar) ■ Wensen rondom samenwerking en een passend budget

Evaluatie Agenda Dieren 2021

5

Dierenwelzijn betekent dat voldaan wordt aan de natuurlijke behoeftes van het dier. Gedrag en gezondheid geven belangrijke signalen af over hoe het met het welzijn gesteld is. Goede verzorging, onder andere in de vorm van huisvesting en voeding, is basisvoorwaarde voor het welzijn van gezelschapsdieren en landbouwdieren. Voor vrijlevende dieren zijn de vier V’s van belang: voorplanting (voldoende nestelplekken); voedsel; veiligheid (voldoende vluchtplekken) en variatie (in landschappen).

Doelen en uitgangspunten

De brede doelstelling om bij te dragen aan het behouden van dierenwelzijn in Amsterdam of eventueel het welzijn te verbeteren, is onderverdeeld in vier subdoelen. Om hiertoe te komen is de focus gelegd op acht uitgangspunten. Subdoelen 1. Eigenaren helpen hun huisdieren gezond en prettig te laten leven. 2. De natuurlijke leefomgeving van vrijlevende dieren verbeteren. 3. De voorwaarden voor het verantwoord houden van dieren worden nageleefd 4. Dierenoverlast wordt zo diervriendelijk mogelijk tegen gegaan. Uitgangspunten 1. Er is meer ruimte voor natuurlijk gedrag van de dieren 2. Er is meer balans tussen menselijke belangen en biodiversiteit 3. We signaleren meer overtredingen/zorgsignalen/nood en we signaleren deze signalen vroegtijdiger 4. We escaleren signalen vaker richting het Rijk 5. Dierenwelzijn wordt vaker als belang meegewogen

6. De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld 7. We werken met meer partners samen 8. De samenwerkingsrelaties zijn versterkt

Opzet evaluatie

Met deze evaluatie wordt inzicht geboden in hoeverre de beoogde resultaten en doelen zijn behaald en op welke onderdelen het beleid moet worden aangepast of nieuw beleid moet worden ontwikkeld. Tijdlijn proces en participatie ■ Juni; respondenten zijn geinformeerd over het proces ■ Juli; respondenten hebben input gegeven via enquete ■ Augustus; bestuurlijke input over voortgang bij stadsdelen ■ September; zienswijze partners op conceptevaluatie ■ November; zienswijze stadsdeelbestuurders (BOSS) Kanttekeningen bij resultaten De resultaten uit de enquêtes bieden een beschrijvend inzicht in waar de sentimenten liggen, en zijn dus niet verklarend of correlerend. Omdat: ■ de gebruikte tool, Enalyzer, geen toegang bood tot informatie op teamsector- of respondentniveau. ■ de resulaten uit beide groepen niet onderling vergelijkbaar zijn wegens diverse groottes ■ de resultaten een beperkte afspiegeling zijn over wat er in de gemeentelijke organisatie leeft. Wegens reces heeft een beperkt aantal collega’s de enquete kunnen invullen

Evaluatie Agenda Dieren 2021

6

In Agenda Dieren 2015-2018 is onderscheid gemaakt tussen de inzet op gehouden dieren en de vrijlevende dieren. In beide categorieën zijn er thema’s die direct linken aan de relatie met dieren voor sport, ontspanning en recreatie. Daarnaast kan binnen de categorie ‘gehouden dieren’ een onderscheid worden gemaakt tussen gezelschapsdieren en landbouwdieren. Om het overzicht te behouden is voor deze evaluatie gekozen voor de volgende indeling: ■ Gezelschapsdieren ■ Dieren voor sport, ontspanning en recreatie ■ Vrijlevende dieren ■ Landbouwdieren

Evaluatie Agenda Dieren 2021

7

Evaluatie Evaluatie Agenda Dieren 2021

8

Evaluatie 1 Cijfers in beeld

Samen met partners wordt de inzet geregistreerd en gemonitord. Sinds 2017 is geïnvesteerd in een uitgebreidere cijfermatige dossiervorming, denk aan het registreren van het aantal bijtprotocolmaatregelen en type opgevangen of herplaatste dieren. De cijfers bieden dus vooral zicht op de voortgang in plaatst van de mate van dierenwelzijn. In tabel 1 staan de cijfers die bekend zijn. Daar waar de cijfers niet uit jaarverslagen van partners komen, staat de bron in de voetnoot vermeld. Doordat de huidige ambities niet gekoppeld zijn aan meetbare resultaten, zijn aan de start van de agenda geen afspraken gemaakt rondom het registreren van de inzet. De cijfers die in beeld zijn, zijn dus op verschillende manieren tot stand gekomen en komen uit verschillende bronnen. Hierdoor zijn de cijfers indicatief. Wegens de huidige kwaliteit van de cijfers is er een wens om de inventarisatie voor de komende jaren te versterken. Om tijdig te kunnen anticiperen op ontwikkelingen, is het belangrijk om zicht te hebben op patronen en onderliggende oorzaken van die patronen. Hierbij staat de vraag centraal hoe je dierenwelzijn het best meetbaar kan maken. Uiteraard valt niet alles te kwantificeren en is er geen wetenschappelijke consensus over wat welzijn is.

Wat voor de huidige data kan helpen is om toe te werken naar een meer eenduidige registratiewijze, denk aan het hanteren van dezelfde definities en jaarafbakeningen. Ook liggen er kansen om de samenwerking met subsidiepartners te versterken op het registreren van concretere oorzaken achter opvang/vervoer zodat meer komt op achterliggende problematiek. Een mooie ontwikkeling is dat enkele partners hun registratiesysteem hebben geüpdatet waardoor er naar verwachting vanaf 2022 meer informatie kan worden geduid. Voor de grote dossiers hondenlosloopgebieden, chippen van katten1, evenementen2 en faunabeheer zijn er nog geen afspraken over hoe de voortgang wordt gemeten. Dit is een aandachtspunt.

Tabel 1: Cijfers over de dieren in Amsterdam 2015

2016

2017

2018

2019

2020

Politieregistratie Gevaarlijke Hond

178

244

884

-

-

-

Geregistreerde bijtincidenten5

147

189

1056

-

-

-

Aantal opgelegde geboden n.a.v. een (dreigend) bijtincident

-

4

147

6

7

8

ADAM consulten dierenartsen

n.v.t

1461

2025

2328

2810

2290

ADAM Gechipte honden

n.v.t

104

50

93

90

39

ADAM Gechipte katten

n.v.t

356

745

700

840

639

ADAM Gechipte konijnen

n.v.t

4

37

36

30

3

Ritten dierenambulance wettelijke taken

-

-

18929

2102

1888

2.064

Ritten dierenambulance niet-wettelijke taken

-

-

6481

7008

6462

6.836

Dierenambulance: totaal aantal geholpen diersoorten10

-

-

87

92

103

101

Opvang honden11

-

-

349

296

206

232

Gezelschapsdieren

1. Momenteel zijn alleen de ADAM-chips in beeld. Er zijn meer partners die chippen. Daarom is het wenselijk om met partners toe te werken naar een gezamenlijk beeld. 2. De vergunningsplicht is in 2019 in gegaan, sinds covid-19 zijn er geen evenementen meer geweest. Evaluatie Agenda Dieren 2021

9

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Opvang katten12

-

-

2145

1665

1680

1993

Opvang konijnen13

-

247

240

213

203

-

Geplaatste honden bij nieuwe eigenaar

207

14

247

128

141

122

179

Geplaatste katten bij nieuwe eigenaar

12516

996

618

970

965

1000

Geplaatste konijnen bij nieuwe eigenaar

-

-

-

223

182

192

Herenigde honden met eigenaar

-

-

-

122 (41%)

78 (38%)

94 (40%)

Herenigde katten met eigenaar

-

-

-

372 (22%)

499 (30%)

680 (34)%

Herenigde konijnen met eigenaar

-

-

-

5 (2%)

9 (4%)

10 (5%)

Zwerfdieren

30117

281

179518

1472

1360

1210

Crisisdieren

-

-

97

94

81

237

Afstandsdieren

-

-

464

418

440

373

Opgevangen kippen/ hanen

-

-

61

36

67

93

15

Vrijlevende dieren Opgevangen gewonde vrijlevende dieren door Toevlucht

3614

Ecologische kwaliteit ecologisch beheerde gebieden.

-

3580

-

3803

-

5069

-

4956

-

4718

PM19

2015 Opgeheven ecologische knelpunten

2016

2017

2018

2019

2020

-

-

2020

14

8

Meldingen ervaren overlast aanwezigheid ratten en muizen

-

2589

2654

2632

2497

3184

Natuur inclusieve gebouwen21

-

-

75

75

75

75

Vleermuizen, waargenomen verblijfplaatsen22

19

35

3

17

55

19

Gierzwaluw, waarnemingen23

685

570

699

0

572

576

Huismus, waarnemingen 1606

4582

1039

119

369

936

Teruggeplaatste TNR katten

-

-

-

47

68

87

Geplaatste faunavoorzieningen

15

21

36

15

12

6

Landbouwdieren 24

25

Aantal graasdieren

7351

-

-

7316

5510

5574

Aantal bedrijven graasdieren

77

-

-

34

43

39

Aantal hokdieren

1229

-

-

2286

2039

2422

Aantal bedrijven hokdieren

5

-

-

2

5

4

Evaluatie Agenda Dieren 2021

10

3 Cijfers 2015, 2016 en 2017. Bron WUR: Minder hondenbeten. 4 Cijfer gebaseerd op de periode januari t/m mei 2017 5 Cijfers 2015, 2016 en 2017. Bron WUR: Minder hondenbeten 6 Kanttekening: Tot 1 juni 2017 7 Verklaring stijging: Geboden over het aantal eigenaren ligt in de periode 2016-2020 rond de 8 dus ongeveer 1 gebod per eigenaar. In 2014 is/zijn er dus eigenaren geweest met meerdere honden. 8 Cijfers 2017 en 2018. Bron: jaarverslag 2018. Cijfers 2019 en 2020. Bron: Jaarverslag 2020 9 Cijfers 2017 en 2018. Bron: jaarverslag 2018. Cijfers 2019 en 2020. Bron: Jaarverslag 2020 10 Cijfers inclusief vrijlevende dieren 11 Zie bijlage 2: grafiek aantal honden per asiel en type (crisis/afstand/zwerf) opgevangen honden 12 Zie bijlage 2: grafiek aantal katten per asiel en type (crisis/afstand/zwerf) opgevangen katten 13 Zie bijlage 2: grafiek aantal konijnen per asiel en type (crisis/afstand/zwerf) opgevangen konijnen 14 Bron: Begroting 2017 15 Cijfers 2016 en 2017. Bron: Begroting 2018 16 Cijfers 2015, 2016 en 2017. Bron. Begroting 2017 17 Cijfers 2015 en 2016. Bron: Begroting 2017.

Deze cijfers gaan om het totaal herplaatste zwerfkatten en zwerfhonden en is dus niet inclusief konijnen 18 Cijfers 2017, 2018, 2019 en 2020: Deze cijfers gaan over zwerf- katten, honden en konijnen 19 Sinds 2020 vindt structurele ecologische monitoring en inspecties plaats in de ecologisch beheerde gebieden. Hierdoor kan de ecologische kwaliteit gemeten worden en het beheer verbeterd worden. De resultaten kunnen vanaf 2022 aan het bestuur worden gepresenteerd. 20 Cijfers 2018, 2091 en 2020: Bron: jaarverslag 2019 en jaarverslag 2020 21 Er zijn geen cijfers bijgehouden. Aantallen gaat dus om Indicaties. 22 Dit overzicht biedt inzicht in hoeveel schouwen er zijn geweest en zegt niets over de vitaliteit van de populatie. Vanaf 2019 wordt de populatie bijgehouden om meer grip te krijgen op de vitaliteit. 2019: N = 9564. De cijfers van 2020 worden in Q3 2021 op maps.amsterdam geplaatst. 23 Kanttekening: voor het huismus- en gierzwaluwonderzoek wordt ieder jaar een ander stadsdeel onderzocht. De cijfers zijn dus een selectieve momentopname en laten geen patroon (daling/stijging) zien. Cijfers zijn te vinden op: maps.amsterdam.nl/ open_geodata/?LANG=nl. De cijfers worden eind 2021 geactualiseerd. 24 Bron CBS Statline Landbouw; gewassen, dieren en grondgebruik naar gemeente 25 2015 is 2010 26 Van niet alle dieren is de oorzaak (zwerf, crisis of afstand) bekend

Bevindingen uit cijfers; wat valt op? ■ Het gebruik van De ADAM-regeling is sinds 2016 gestegen, terwijl het aantal stadspashouders redelijk stabiel is gebleven. Hiermee lijkt de regeling bekender geworden. In hoeverre deze stijging correleert met een betere vindbaarheid van de regeling is niet onderzocht. ■ Specifiek 2020, is het aantal consulten binnen de ADAM-regeling en het aantal ADAM-chips gedaald. Dit heeft te maken met de versobering van de ADAMregeling in 2020 en de impact van werkdruk in combinatie met covid-19. ■ In 2020 zijn meer dieren aangemeld als crisisdier, mogelijk wegens personen die door covid-19 zijn overleden. ■ Voor het aantal geredde diersoorten (dierenambulance) zien we over de jaren heen een stijging. Deze stijging is ook te zien bij opvangcijfers van de Toevlucht. Een mogelijke verklaring is dat het steeds extremere weer, steeds meer diersoorten raakt. ■ Het aantal opgevangen katten is sinds 2018 gestegen. Dit valt, ondanks de inspanningen rondom de chipplicht, mogelijk te verklaren doordat er (zeker sinds covid-19) steeds meer katten als huisdier zijn genomen. Daarnaast zien asielen dat vermiste katten minder snel door de eigenaar worden opgehaald dan honden. ■ Het aantal geregistreerde zwerfdieren is afgenomen26. Toch is in 2020 nog een groot gedeelte van de opgevangen dieren een zwerfdier (zie bijlage 2: 36% hond, 51% kat, 62% konijn).

■ Er is een procentuele stijging in het aantal herenigingen van katten en konijnen met eigenaren, daling van aantal opgevangen honden in 2017 en een globale afname in het aantal geregistreerde zwerfdieren. Daling is een vermoedelijk gevolg van de lokale chipacties. ■ Het aantal overlastmeldingen en de wachttijden zijn sinds covid-19 opgelopen, mogelijk doordat mensen vaker thuis of in hun woonomgeving aanwezig zijn waardoor meer overlast en ratten worden gesignaleerd. ■ Lokale bedrijven in landbouwdieren zijn groter in omvang geworden in vergelijking met 2010.

Evaluatie Agenda Dieren 2021

11

2 Voortgang Agenda Dieren 2015-2018 Doelen en uitgangspunten Uit de enquête komen uiteenlopende reacties over de voortgang. Zo is de groep collega’s over het algemeen minder tevreden over de voortgang dan de groep partners27. Daarnaast zijn de collega’s voornamelijk tevreden over de voortgang op de doelen en de partners vooral over de uitgangspunten. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de uitgangspunten sterk in onze manier van samenwerken (die momenteel voornamelijk extern gericht is) zijn verweven en dat de doelen sterker gekoppeld zijn aan de organisatiedoelen. Bij beide groepen wordt de voortgang op de uitgangspunten lobby en vroegtijdige signalering het minst herkend. Specifiek voor de lobby frequentie kan alsnog worden gesteld dat dit uitgangspunt is behaald. Voor de start van de Agenda Dieren zat Amsterdam nog niet met LNV aan tafel, terwijl dit momenteel wel voor diverse acties het geval is of hebben gedaan, zoals: pilot chipplicht, verzoek tot handhavingsbevoegdheden voor de Boa’s en deelname bij overleggremium Diervizier. Een kans voor de toekomst is om hier actiever over te communiceren. Voor de resultaten op het tijdig signaleren van dieren in nood of gevaar (nood, in stressvolle situaties of met kans op medische- en gedragsproblematiek), ondersteunt team Dierenwelzijn de bevinding dat de voortgang nog niet optimaal is.

Wij delen de wens om de verbinding met het Sociaal Domein, Veiligheid, Welzijn en Handhaving te versterken. De zorg- en veiligheidspartners zijn de ogen en oren op straat en achter de voordeur. Daar waar dieren in gevaar zijn, zijn dit vaak voortekenen van risico’s op mensenwelzijn. Daarom is er een bestuurlijke noodzaak om samen op te trekken.

27 Binnen de huidige projecten en samenwerkingen wordt de voortgang doorlopend getoetst en zal deze bevinding worden meegenomen. Waar nodig wordt het proces aangepast Evaluatie Agenda Dieren 2021

12

Tabel 2: Herkenning op voortgang doelen en uitgangspunten (bron: enquête) Meeste herkenning voortgang Minste herkenning voortgang Collega’s

Partners

Doelen Natuurlijk gedrag van dieren Natuurlijke leefomgeving Diervriendelijkere beheersing van dierenoverlast. Uitgangspunten Versterkte ketensamenwerking

Uitgangspunten Dierenwelzijn vaker als belang meegenomen Lobby richting het Rijk Vroegtijdige signalering van dieren in (dreigende) nood.

Doelen Eigenaren bieden hun huisdier een gezond en prettig leven Uitgangspunt Dierenwelzijn vaker als belang meegenomen Gemeente als diervriendelijke organisatie Samenwerking met steeds meer partners Versterkte ketensamenwerking

Doelen Naleving voorwaarden voor verantwoord houden Uitgangspunten Lobby richting het Rijk Vroegtijdige signalering van dieren in (dreigende) nood.

Acties uit de Agenda Dieren De paragrafen hieronder richten zich op de globale voortgang, bevindingen en bijzonderheden van de meest bestuurlijk relevante acties per diercategorie: gezelschapsdieren, dieren voor sport, ontspanning en recreatie en voor vrijlevende dieren. Zie bijlage 2 voor een specifieke uitwerking van alle acties uit de Agenda Dieren. Deze bijlage toont dat de voortgang op de acties voor 88,50%

is afgerond (afgesloten acties en doorlopende acties) en dat het merendeel daarvan een doorlopende actie is geworden. De resterende acties konden wegens juridische kaders of beperkte prioriteit bij derden niet worden voltooid.

2.1 Gezelschapsdieren

2.1.1 Gezelschapsdieren: ADAM-regeling Bijdrage aan doelstelling

Het doel is bijdragen aan subdoel 1: “Eigenaren helpen hun huisdieren gezond en prettig te laten leven.” Goede verzorging en omgang zijn basisvoorwaarden voor dierenwelzijn. Samen met partners en dierenartsen is actief gecommuniceerd over tips of is opgetreden tegen (potentieel) leed.

Voortgang acties

De ambitie is: “In diervriendelijk Amsterdam gaan alle eigenaren met hun dier naar de dierenarts als dat nodig is. Mensen met een minimuminkomen worden daartoe in staat gesteld.” Om hiertoe te komen is de ADAM-regeling vanuit een proef in 2016 uitgegroeid tot een populaire armoederegeling die via de stadspas wordt aangeboden. Amsterdammers met een stadspas met groene stip, worden sinds 2016 tegemoetgekomen in de kosten voor een dierenartsbezoek. Wegens overbesteding in 2019 is ervoor gekozen om de preventieve inzet binnen de regeling af te schalen en de regeling meer te richten op noodzakelijke medische zorg/ondersteuning. Doordat de regeling goed wordt benut, wordt aan huisdieren de (basis)zorg geboden die ze nodig hebben. Doordat het chippen en registreren en onvruchtbaar maken van katten vergoed wordt, draagt deze regeling ook bij aan minder zwerfkatten in Amsterdam. Er is een beweging in vroegtijdigere dierenartsbezoeken en daardoor worden dieren eerder geholpen. In hoeverre alle stadspashouders met huisdieren worden bereikt is niet in beeld.

Evaluatie Agenda Dieren 2021

13

Toepassing van uitgangs-punten

• Meer ruimte voor natuurlijk gedrag van de dieren • We signaleren meer overtredingen/zorgsignalen/nood • En we signaleren deze signalen vroegtijdiger • Dierenwelzijn wordt vaker als belang meegewogen • De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld • We werken met meer partners samen • De samenwerkingsrelaties zijn versterkt

Samenwerking intern & extern

De regeling wordt uitgevoerd door de Dierenambulance Amsterdam en verzorgt daarmee het contact met dedeelnemende dierenartsklinieken. De samenwerking verloopt goed, geen bijzonderheden.

Portefeuillehouder

Wethouder Dierenwelzijn

Bevoegdheden

N.v.t

Risico’s

Het draagvlak voor de regeling is aanwezig bij de dierenartsen. Het grootste knelpunt is de werkdruk wegens: een structureel, landelijk tekort aan dierenartsen; de aangepaste bedrijfsvoering ten gevolge van covid-19; de toename van huisdieren sinds de komst van covid-19 en de extra aandacht die vaak uitgaat naar de eigenaren van de huisdieren. Hierover is Amsterdam in gesprek met de aangesloten dierenartsen. Verder loopt de financiële regeling qua vergoedingen achter op de indexatie van de standaard kosten voor consult, chippen en registratie. In combinatie met de hoge werkdruk staat hierdoor de inzet van de deelnemende dierenartsen onder druk. De dierenambulance heeft aangegeven deze druk ook te herkennen rondom de gezamenlijke inzet op zorg bij vrijlevende dieren.

Kansen voor vervolg

• Het is belangrijk om - wegens de vraag die er is - de regeling minimaal op het gelijke niveau te behouden. Er dient hierbij aandacht te zijn dat vanaf 2023 bijdrage vanuit Armoede ophoudt. • Belangrijk om met dierenartsen in gesprek te blijven over voortgang, werkdruk en toekomst van de regeling. • Toewerken naar een standpunt over hoe ver de verantwoordelijkheid van eigenaren reikt • Toewerken naar beter inzicht in het bereik doelgroep stadpashouders.

Budget

2015-2018: €400.000 jaarlijks incidenteel 2019 ev.: €400.000 jaarlijks structureel 2020-2022: team Armoede draagt jaarlijks incidenteel €100.000 bij.

Conclusie

Actie is voltooid en het dossier is doorlopend geworden

Evaluatie Agenda Dieren 2021

14

2.1.2 Gezelschapsdieren: chippen van honden en katten Bijdrage aan doelstelling

Het doel is bijdragen aan subdoel 1: “Eigenaren helpen hun huisdieren gezond en prettig te laten leven.” Goede verzorging en omgang zijn basisvoorwaarden voor dierenwelzijn. Chippen hoort daarbij om te voorkomen dat dieren onnodig lang zwerven of in het asiel worden opgevangen. Vanuit de ADAM-regeling en lokale acties zoals de juni-chipmaand is gestimuleerd tot chippen. Daarnaast worden dieren die in de opvang terecht komen standaard gechipt en geregistreerd.

Toepassing van uitgangspunten

• Meer balans tussen menselijke belangen en biodiversiteit • We signaleren meer overtredingen/zorgsignalen/nood • En we signaleren deze signalen vroegtijdiger • We escaleren signalen vaker richting het Rijk • Dierenwelzijn wordt vaker als belang meegewogen • De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld • We werken met meer partners samen • De samenwerkingsrelaties zijn versterkt

Voortgang acties

De ambitie is: “In diervriendelijk Amsterdam worden honden en katten gechipt.” Om hiertoe te komen is vooral ingezet op het stimuleren van laten chippen van katten aangezien er voor honden al een landelijke chipplicht bestaat. Specifiek voor katten is ingezet op lokale stimuleringsacties en heeft de wethouder Dierenwelzijn, in samenwerking met 35 gemeenten, geïnvesteerd in lobby voor een landelijke chipplicht voor katten. Dit laatste heeft sinds 2019 geresulteerd in een samenwerking met het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedsel voor een lokale pilot chipplicht voor katten. De pilot biedt lokale kansen op het beperken van het aantal zwerfkatten, besparing van kosten (en tijd) bij asielen, opvangorganisaties, de Dierenambulance en gemeenten, het stimuleren van eigenaarsverantwoordelijkheid. Echter verloopt de voortgang traag wegens juridische vraagstukken. Hiermee lijkt de grootste impact vooralsnog te zitten in kleinschalige lokale acties zoals de juni-chipmaand en borging van chippen binnen de ADAM-regeling. Sinds de komst van de landelijke chipplicht voor honden en lokale inzet op stimuleren van chippen van katten, is een stijging zichtbaar in het aantal gechipte dieren, een stijging in hereniging met de eigenaar en een daling in signalen over overlast gevende kattenkolonies.

Samenwerking intern & extern

De lokale acties worden uitgevoerd door ADAM-dierenartsen, Stichting Amsterdamse Zwerfkatten, de Dierenopvang Amsterdam en Dierenambulance. De samenwerking tussen gemeente en deze individuele partijen verloopt goed. Wel liggen er kansen om de onderlinge acties en onderlinge samenwerking hierin sterker (financieel) te stoomlijnen. Specifiek voor de totstandkoming van de pilot ligt er een juridisch knelpunt, namelijk over hoe en waar de lokale bevoegdheid tot het verplichten kan worden belegd. Over dit knelpunt is Amsterdam sinds 2019 met LNV in overleg. De juridische complexheid van dit dossier legt druk op de capaciteit.

Portefeuillehouder

Wethouder Dierenwelzijn

Bevoegdheden

Nader te bepalen, nog in onderzoek in samenwerking met ministerie LNV en mede-pilot gemeente Alphen aan den Rijn.

Risico’s

Er vindt nog steeds overleg met LNV plaats over de uitvoering van de proef. De juridische complexiteit hiervan heeft geleid tot een vertraging. Het beoogde startmoment van Q3 2021 is niet haalbaar gebleken. Er gaat dus lokaal meer ambtelijke capaciteit naar uit dan voorheen geraamd.

Evaluatie Agenda Dieren 2021

15

2.1.3 Gezelschapsdieren: hondenlosloopgebieden Kansen voor vervolg

(Chip)acties en media-aandacht in juni jl. hebben duidelijk bijgedragen aan bewustwording en een toename in het aantal gechipte katten in/rond die periode, aldus de opvangorganisaties. Gezien quick-win impact, ligt er een kans om deze acties in de toekomst uit te breiden.

Budget

Chippen: Indien een pilot doorgang vindt en/of de lokale chipacties worden uitgebreid, zal hiervoor mede budget gereserveerd dienen te worden. Eventueel via subsidies afspraken maken over bijdrage aan chipacties.

Conclusie

De acties zijn voltooid en het dossier is doorlopend geworden

Bijdrage aan doelstelling

Het doel is bijdragen aan subdoel 1: “Eigenaren helpen hun huisdieren gezond en prettig te laten leven.” Goede verzorging en omgang zijn basisvoorwaarden voor dierenwelzijn. Voor honden is het belangrijk dat ze regelmatig worden uitgelaten. Het is hierbij van belang dat zij kunnen rennen en spelen en hun natuurlijk gedrag kunnen vertonen. Honden die te weinig beweging krijgen, kunnen gestrest raken en daardoor ongewenst gedrag vertonen.

Voortgang acties

De ambitie is: “In diervriendelijk Amsterdam zijn voldoende uitrengebieden aanwezig voor honden, en eigenaren ruimen de poep op.” Om hiertoe te komen wordt in Q3 2021 het Kader Hondenlosloopgebieden aan de gemeenteraad aangeboden. Dit kader omschrijft ook het streven van een losloopgebied binnen 1km voor elke Amsterdammer en omvat eisen en richtlijnen om ervoor te zorgen dat hondenlosloopgebieden voldoen aan dierenwelzijnseisen, binnen de openbare ruimte passen en overeenstemming vinden met het overige gebruik van de stad. Het doel is dus om de situatie voor de honden en mensen in de stad te verbeteren. Het uitgangspunt is dat deze gebieden voor iedereen zijn, dus niet alleen voor hondeneigenaren. Ook is de gemeente brede opruimplicht voor hondenpoep in de APV geborgd, deze is niet geldend voor personen die blind zijn of in een rolstoel zitten. Actuele informatie staat op de website en maps.amsterdam.nl. Tijdens het opstellen van het kader is er een vernieuwde Rode Lijst van bedreigde diersoorten opgesteld en staan nu onder andere de konijn en de haas op deze lijst. Een onderzoek wordt opgesteld om in beeld te krijgen wat het effect is van (loslopende) honden in Amsterdam op de populatie van konijnen en hazen. De vervolgstap is om te kijken wat dit betekent voor het hondenbeleid.

Evaluatie Agenda Dieren 2021

16

In Q3 2021 is een inventarisatie met de stadsdelen uitgevoerd om de huidige losloopgebieden te toetsen aan het nieuwe kader, ecologisch waardevolle gebieden in kaart te brengen en waar nodig verbeteringen aan te brengen zoals het plaatsen van omheiningen, borden en afvalbakken. Naast de toets op locatie specifieke verbeterpunten gaat dierenwelzijn R&D, per stadsdeel inhoudelijke ondersteuning bieden bij het aanpassen en/of ontwikkelen van de losloopgebieden. Toepassing van uitgangs-punten

• Meer ruimte voor natuurlijk gedrag van de dieren • Meer balans tussen menselijke belangen en biodiversiteit • Dierenwelzijn wordt vaker als belang meegewogen • De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld • We werken met meer partners samen • De samenwerkingsrelaties zijn versterkt

Samenwerking intern & extern

De inrichting van het kader Hondenlosloopgebieden is tot stand gekomen in samenwerking met de ecologen, stadswerken en stadsdelen. De samenwerking verloopt goed. Wel liggen er kansen om intern vaker een terugkoppeling te geven over de laatste inzichten. Voor de toekomst is het goed om te bezien waar de regie primair komt te liggen.

Portefeuillehouder

Wethouder Dierenwelzijn

Bevoegdheden

Handhaving art 5.12 APV hondenpoep

Risico’s

• Het kader stelt dat het advies van een stadsecoloog leidend is indien een losloopgebied en een ecologisch kwetsbaar gebied bij elkaar liggen of overlappen. Naar verwachting zal deze overlap bij diverse gebieden aan de orde zijn. Hierbij kunnen aanvullende maatregelen en budgetten nodig zijn. • Het kader stelt het streven dat alle inwoners binnen 1 km een hondenlosloopgebied voorhanden hebben. Voor het ontwikkelen van nieuwe losloop-, restrictie- of verbodsgebieden is draagvlak nodig vanuit het stadsdeel. • De klachten die er zijn rondom het niet naleven van de opruimplicht hondenpoep, legt druk op het draagvlak voor de losloopgebieden.

Kansen voor vervolg

Continueren van het inventariseren en verbeteren van de losloopgebieden.

Budget

2020: Eenmalig €60.000 2018-2022: €200.000 (totaal)

Conclusie

Twee van de drie acties zijn afgerond. De opruimplicht is in de APV geborgd actuele informatie wordt via maps.amsterdam. nl aangeboden. De derde actie, het inventariseren van de ecologisch waardevolle gebieden, is een doorlopende actie geworden.

Evaluatie Agenda Dieren 2021

17

2.1.4 Gezelschapsdieren: Bijtprotocol Bijdrage aan doelstelling

Het doel is bijdragen aan subdoel 1: “Eigenaren helpen hun huisdieren gezond en prettig te laten leven.” Goede verzorging en omgang zijn basisvoorwaarden voor dierenwelzijn. Het houden van honden met een hoog risico op agressief gedrag vraagt om aandacht, dierkennis en aanvoelen. Honden met agressief gedrag mogen geen gevaar vormen. Vanuit oogpunt van veiligheid en welzijn van mensen en dieren is het gewenst dat wordt ingegrepen bij gevaarlijke en agressieve honden.

Voortgang acties

De ambitie is: “In diervriendelijk Amsterdam zijn gevaarlijke en agressieve honden geen gevaar voor mensen en (huis)dieren.” Om hiertoe te komen is in 2o19 het bijtprotocol vastgesteld. Dit protocol biedt het handhavingskader, waarin de politie een centrale (gemandateerde) rol vervult bij de uitvoering ervan. Ter ondersteuning aan de integrale samenwerking is een werkproces uitgevoerd. Dit proces bestaat uit de volgende vijf fases: registratie meldingen en incidenten; waarschuwingen; opleggen van een gebod; opleggen van een last onder dwangsom en inbeslagname. De samenwerking rondom dit kader en uitvoeringsfases is in juli 2021 geëvalueerd. De resultaten uit de evaluatie laten zien dat we van ver komen. Van de vijf fasen zijn de eerste drie in de praktijk van toepassing gebleken. Doordat er nog geen overtredingen zijn geconstateerd, zijn fase vier (last onder dwangsom) en vijf (inbeslagname) nog niet toegepast. Op basis van de afgelopen twee jaar zien we nog geen reductie in het aantal incidenten of in de zwaarte van de incidenten. Daar is het bestaan van het protocol vermoedelijk nog te pril voor en is het duidelijk geworden dat aanvullende afspraken nodig zijn om tot een cijfermatig overzicht te komen.

De wens om de aard en omvang beter in beeld te krijgen is vooral gelukt op het aantal opgelegde geboden. Voor de inventarisatie rondom het aantal incidenten en de zwaarte hiervan is dit nog niet gelukt. Deze informatie is wel nodig ten behoeve van beleidsvorming. Met de politie zijn we in gesprek over welke informatie periodiek kan worden aangeleverd. De politie heeft de afgelopen jaren geïnvesteerd in het vergemakkelijken (uniformeren) van de registratiewijze voor het politieteam Surveillance Honden. Naar verwachting zal deze investering bijdragen aan versterkte dossiervorming, tijdige maatregelen en een afname in het aantal geboden (afschrikkende werking). Daarnaast heeft de politie gezorgd dat bij bezwaarzaken één gebundelde rapportage wordt aangeleverd, hiermee is de juridische onderbouwing overzichtelijker geworden. De procedurele samenwerking met partners rondom de informatiedeling bij bezwaar/beroep is een aandachtspunt. Momenteel wordt er naartoe gewerkt om dit laatste als fase toe te voegen aan het werkproces. Toepassing van uitgangs-punten

• We signaleren meer overtredingen/zorgsignalen/nood • En we signaleren deze signalen vroegtijdiger • Dierenwelzijn wordt vaker als belang meegewogen • De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld • We werken met meer partners samen • De samenwerkingsrelaties zijn versterkt

Evaluatie Agenda Dieren 2021

18

Samenwerking intern & extern

Bewaking van de voortgang op het bijtprotocol en inzet op bijtincidenten gebeurt in samenwerking met THOR, politie, bezwarencommissie en juristen. Door investering is de relatie versterkt en zijn verwachtingen aangescherpt. De partners zijn bekend met de uitgangspunten van het bijtprotocol, weten elkaar beter te vinden en hebben dezelfde informatie. Toch lijken beperkte capaciteit en/of verschillende perspectieven op prioriteitstelling van invloed op de voortgang. Periodieke afstemming is nog niet mogelijk gebleken. Ook liggen er kansen in het opbouwen van een intergemeentelijke samenwerking bij grensoverstijgende casuistiek. Samen met politie en gemeenten bij politie Eenheid AmsterdamAmstelland wordt verkend hoe die samenwerking kan worden ingericht.

Portefeuillehouder

Burgemeester: Opleggen bestuurlijke maatregelen zoals de lichte bevelsbevoegdheid bij bijtincidenten (artikel 172 lid 3 Gemeentewet) en handhaving van de Algemene Plaatselijke Verordening College: opleggen geboden (gemandateerd aan politie)

Bevoegdheden

Artikel 5.15 van de APV. Opleggen muilkorf/aanlijngebod (gemandateerd aan lokale basisteams van de politie), last onder dwangsom en inbeslagname van een hond

Risico’s

Belangrijk is dat er oog blijft voor de haal-, werk- en uitvoerbaarheid voor alle betrokkenen. Tijd en passende (ambtelijke) capaciteit bij handhavng en politie zijn een aandachtspunt.

Kansen voor vervolg

Om een nog sterker preventief effect te genereren liggen er kansen voor voorlichting over het houden van specifiek hoog risico honden en voorlichting over stimuleren van de meldings- en aangiftebereidheid na een bijtincident.

Budget

N.v.t

Conclusie

De actie is voltooid en het dossier is doorlopend geworden

Evaluatie Agenda Dieren 2021

19

2.2 Dieren voor sport, ontspanning en recreatie 2.2.1 Evenementen Bijdrage aan doelstelling

Voortgang acties

Toepassing van uitgangspunten

Het doel is bijdragen aan subdoel 2 en 3: “De natuurlijke leefomgeving van (vrijlevende) dieren verbeteren (2)”; “De voorwaarden voor het verantwoord houden van dieren worden nageleefd (3)”. Bij het gebruik van dieren bij evenementen kan de toepassing van de doelstellingen onvoldoende worden gewaarborgd. De ambitie is: “In diervriendelijk Amsterdam worden geen evenementen met dieren georganiseerd wanneer dit ten koste gaat van het welzijn van dieren.” Het Rijk is in 2017 schriftelijk verzocht om de gemeente bevoegdheden te geven om evenementen met dieren te verbieden en om een onderzoek te laten houden naar de (on)geschiktheid van het gebruik van dieren bij evenementen. In het bijzonder evenementen met dieren die op de CITES-lijst staan. Hiertoe heeft het Rijk geen stappen genomen. Uiteindelijk zijn alle vormen van evenementen in 2019 vergunning plichtig gesteld om een goede barrière tot stand te brengen. Het organiseren van een activiteit of evenement kan niet meer zonder goede organisatie en afstemming vooraf worden georganiseerd. De wens om tevens welzijnsvoorwaarden op te nemen in het Handboek Evenementen is niet voltooid. Deze actie lag in regie bij het evenementenbureau. Dit is jaarlijks uitgesteld en uiteindelijk niet opgepakt, mede wegens reactie van het Rijk dat gemeentelijke bevoegdheden voor dierenwelzijn niet mogelijk zijn.

Samenwerking intern & extern

Samenwerking vindt plaats met team APV Vergunningen, politie en THOR. Wegens de impact van covid-19 op het toerisme in de stad en afwezigheid van evenementen heeft de inzet op dit dossier tijdelijk stilgelegen.

Portefeuillehouder

Terugdringen evenementen: wethouder Dierenwelzijn Voldoen aan vergunningsvoorwaarden: Burgemeester

Bevoegdheden

Vergunningsplicht evenementen met dieren art 2:41 APV

Risico’s

Handhaving op niet vergunde activiteiten/evenementen is vanuit huidige prioritering een aandachtspunt.

Kansen voor vervolg

Verkennen mogelijkheden voor het formuleren van vergunningsvoorwaarden. Hierbij is het een kans om de uitkomsten uit de zienswijze ‘het dier in verschillende overheidslagen’ van de Raad voor Dierenaangelegenheden af te wachten. Met deze zienswijze adviseert de RDA de minister over de gewenste bestuursrechtelijke positie van het dieren binnen het dierenwelzijnsbeleid.

Budget

N.v.t

Conclusie

Alle acties die aan deze ambitie zijn gekoppeld zijn, met uitzondering van het formuleren van welzijnsvoorwaarden in het Handboek Evenementen, uitgevoerd. De uitvoering van de vergunningsplicht is een doorlopende actie geworden.

• Meer ruimte voor natuurlijk gedrag van de dieren • We signaleren meer overtredingen/zorgsignalen/nood • En we signaleren deze signalen vroegtijdiger • We escaleren signalen vaker richting het Rijk • Dierenwelzijn wordt vaker als belang meegewogen • De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld • We werken met meer partners samen • De samenwerkingsrelaties zijn versterkt

Evaluatie Agenda Dieren 2021

20

2.2.2. Sportvisserij Bijdrage aan doelstelling

Het doel is bijdragen aan subdoel 2 en 3: “De natuurlijke leefomgeving van (vrijlevende) dieren verbeteren (2)”; “De voorwaarden voor het verantwoord houden van dieren worden nageleefd (3).” In de samenwerking met de Amsterdamse Hengelsportvereniging zijn afspraken gemaakt over verantwoord vissen, houden en beheer van populaties.

Voortgang acties

De ambitie is: “In diervriendelijk Amsterdam wordt alleen gevist conform de gedragscode van Sportvisserij Nederland.” Er is in 2017 met de Amsterdamse Hengelsport Vereniging (AHV) een pachtovereenkomst voor de gehele gemeente (m.u.v. één locatie, namelijk de Bosbaan) overeengekomen. In deze overeenkomst zijn afspraken gemaakt over het gemeentelijk aanspreekpunt, een verantwoorde manier van vissen en inzet op de gehele populatie. Medio 2021 is de pachtovereenkomst geëvalueerd over de voortgang. Met name op de (doorlopende) actie ‘inzet op de vispopulaties’ liggen er kansen voor het versterken van de monitoring. Zo is de AHV niet altijd in de gelegenheid geweest om alle afspraken over het aanleveren van de visstand beheerplannen en de jaarlijkse rapportage na te komen. Hierover heeft de wethouder Dierenwelzijn formeel zijn zorgen over geuit richting AHV. De AHV geeft aan dat veldinventarisaties wegens covid-19 niet mogelijk waren en dat dit bij versoepelingen kan worden opgepakt. De AHV heeft hierbij een voorstel gedaan om de visstandbeheerplannen efficiënter in te richten en verwacht dat het aanleveren van de visstand beheerplannen voor alle gepachte wateren zal lukken binnen de duur van de overeenkomst.

Toepassing van uitgangs-punten

• Meer ruimte voor natuurlijk gedrag van de dieren • Meer balans tussen menselijke belangen en biodiversiteit • Dierenwelzijn wordt vaker als belang meegewogen • De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld • We werken met meer partners samen • De samenwerkingsrelaties zijn versterkt

Samenwerking intern & extern

Samenwerking vindt plaats met team Sport en Bos, Waternet, ecologie en de AHV. Er is geregeld contact in zowel de jaarlijkse overleggen als nodige extra overleggen. De samenwerking met interne collega’s, waternet en de AHV verloopt goed en er zijn korte lijnen. Specifiek voor de samenwerking met AHV is gebleken dat de AHV afspraken niet altijd tijdig nakomt. Met het voorstel van de AHV om de beheerplannen efficiënter aan te leveren is er vertrouwen dat deze samenwerking wordt versterkt.

Portefeuillehouder

Wethouder Dierenwelzijn

Bevoegdheden

Ontbinding pachtovereenkomst

Risico’s

De druk op het water lijkt te zijn toegenomen door recreatie en gemeentelijke opgaven zoals klimaatadaptatie en gebiedsontwikkelingen. Denk aan druk als gevolg van afval, overlast, beweging, trillingen en geluid. Vooralsnog is de aard en omvang van deze druk op de dieren in het water en de ecologie rondom de oevers nog niet in beeld. Wel weten we dat een redelijk deel van de vervoerde en opgevangen dieren, waterdieren zijn. Bovenal zijn er signalen dat recreatie en werkzaamheden de ecologische structuren kunnen beinvloeden. Op basis van een analyse kunnen waar nodig passende afspraken met waterpartners worden gemaakt.

Evaluatie Agenda Dieren 2021

21

Kansen voor vervolg

Daar waar het huidige beleid zich richt op het welzijn van beviste vissen, ligt er vanuit partners en intern een wens om de focus te verbreden naar een visie op het welzijn van alle waterdieren.

Budget

N.v.t

Conclusie

Het vormen van één pachtovereenkomst is nagenoeg volledig afgerond, 13 van de 14 verenigingen zijn aan de huidige overeenkomst aangesloten. Het gemeentelijk aanspreekpunt is ingericht en deze voert regie op de overeenkomst. De actie over de inzet op de hele vispopulatie is een doorlopende actie geworden, de populaties dienen periodiek te worden bijhouden.

2.2.3 Kinderboerderijen Bijdrage aan doelstelling

Het doel is bijdragen aan subdoel 2 en 3: “De natuurlijke leefomgeving van (vrijlevende) dieren verbeteren (2)”; “De voorwaarden voor het verantwoord houden van dieren worden nageleefd (3)”. Kinderboerderijen hebben een belangrijke educatieve functie als het gaat om de kennismaking met (boerderij)dieren en de wijze waarop zij gehouden worden.

Voortgang acties

De ambitie is: “In diervriendelijk Amsterdam is het dierenwelzijn bij kinderboerderijen en stadsboerderijen gewaarborgd en werken kinderboerderijen en stadsboerderijen samen.” Sinds 2016 investeert de gemeente Amsterdam in het welzijn van dieren op de Amsterdamse kinderboerderijen. De inzet verloopt langs drie actielijnen: de kinderboerderijen moesten voldoen aan keurmerken met betrekking tot dierenwelzijn; de samenwerking van de kinderboerderijen moest worden versterkt ten gunste van dierenwelzijn en (fysieke) knelpunten moesten worden aangepakt.

Evaluatie Agenda Dieren 2021

22

Voortgang acties

Dit project heeft geleid tot een intensievere samenwerking tussen de kinderboerderijen. Men kent elkaar, weet elkaar te vinden en zet zich actief in op onderlinge kennisdeling waardoor kwaliteitsslagen zijn gemaakt. Een resultaat van deze samenwerking is de ondertekening van de gezamenlijke overeenkomst ‘Van hart voor dieren naar toekomstbestendig dierenwelzijn’ door 18 kinderboerderijen op 14 september 2017. Het doel van deze overeenkomst is om het dierenwelzijn gezamenlijk op hoog niveau te verankeren. Uitgangspunten bij de totstandkoming van de overeenkomst waren de dierenwelzijnseisen van het branchekeurmerk van de Samenwerkende Kinderboerderijen Nederland (vSKBN), aangevuld met extra kwaliteitseisen over soorten- en fokbeleid, vakbekwaamheid, en educatie geïnspireerd door het Haagse ‘Boeren met beleid’ en het lobbystuk ‘Kinderboerderijenbesluit’. Als uitwerking van deze overeenkomst heeft iedere individuele kinderboerderij een dierenbeleidsplan uitgewerkt. Het branchekeurmerk van de Vereniging Stads- en Kinderboerderijen Nederland (vSKBN) biedt een meetlat voor alle wettelijke e isen waar kinderboerderijen aan moeten voldoen. Denk aan dierenwelzijn, huisvesting, personeel, en veiligheid). Dit keurmerk is in 2020 vervangen door het Kwaliteitsbewijs vSKBN.

Dit had te maken met ingrijpende organisatorische veranderingen binnen de vSKBN en het terugbrengen van de kosten voor kinderboerderijen. In plaats van een aparte toetsing door de vSKBN zelf, kunnen kinderboerderijen dit nu zelf doen en een bewijs van kwaliteit aanvragen. Vijf kinderboerderijen hebben het branchekeurmerk in het verleden behaald. Omdat het voor de gemeente een belangrijk aandachtspunt is wordt hier wel op gestuurd, maar biedt het geen formele grond om op te handhaven.

vervolg Voortgang acties

Vanaf 2016 is geïnvesteerd in civiel- en cultuurtechnische verbeteringen (bv. betere drainage voor buitenweides); de inrichting van fysieke dierverblijven voor meer mogelijkheden van natuurlijk gedrag (bijvoorbeeld konijnen niet meer solitair in konijnenflats, maar als groep gehuisvest) en bescherming tegen (extreme) weersomstandigheden of roofdieren. Daarnaast is geïnvesteerd, samen met het Natuur en Milieu Educatie (NME,) in lesmateriaal over dieren(welzijn). Verder hebben kinderboerderijen hun (fysieke) voorlichting kunnen verbeteren door bebording. Vakkennis is noodzakelijk en met behulp van de gemeente hebben bijna vijftig medewerkers opleidingen gevolgd (2021) bij het opleidingscentrum Aeres in Barneveld, waaronder een aantal volledige MBO-3 opleidingen tot dierverzorger en MBO-4 opleidingen tot beheerder van kinderboerderijen. Wegens covid-19 is de inzet op brandveiligheid vertraagd. Dit wordt Q4 van 2021-Q1 van 2022. Recente ontwikkelingen die van invloed zijn op de kinderboerderijen is de invloed van het klimaat. Vogelgriep en veranderende weersomstandigheden zoals extreme hitte en droogte, hebben gevolgen voor het welzijn van de dieren en is daarmee onderdeel geworden van dit project. Voor de inzet op brandveiligheid, fysieke knelpunten en opleidingen is budget beschikbaar voor 2022 (€ 100.000).

Toepassing van uitgangspunten

• Er is meer ruimte voor natuurlijk gedrag van de dieren • Er is meer balans tussen menselijke belangen en biodiversiteit • Dierenwelzijn wordt vaker als belang meegewogen • De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld • We werken met meer partners samen • De samenwerkingsrelaties zijn versterkt Evaluatie Agenda Dieren 2021

23

Samenwerking intern & extern

De gemeentelijke inspanning op dierenwelzijn bij kinderboerderijen ligt in de samenwerking tussen de stadsdelen (o.a. subsidieverlening) en dierenwelzijn en daar waar noodzakelijk met Vastgoed. De samenwerking met en tussen de boerderijen onderling is sinds 2016 op vele fronten sterk verbeterd. Er is onderling meer uitwisseling, kortere lijnen en de behoefte om van elkaars beleid en bedrijfsvoering te leren. Voor 20216 was er over het thema dierenwelzijn nagenoeg geen contact tussen de kinderboerderijen met de gemeente.

Portefeuillehouder

Wethouder Dierenwelzijn Portefeuillehouders m.b.t. subsidieverlening kinderboerderijen

Bevoegdheden

n.v.t

Risico’s

De gemeente Amsterdam heeft geïnvesteerd in het dierenwelzijn op kinderboerderijen. Voor de borging van dierenwelzijn op lange termijn, ligt er een risico in het behoud ervan. Goed beheer en onderhoud en behoud van vakkennis zijn als onderdeel van een bestendige bedrijfsvoering van direct belang voor het welzijn van de dieren. Beheer en onderhoud is niet in alle gevallen duidelijk geborgd bij gemeentelijk Vastgoed en dient er nog een overdracht plaats te vinden vanuit de stadsdelen. Daarbij komt dat er binnen de huidige exploitatie niet altijd mogelijk om vakbekwaam personeel aan te trekken en/of te behouden omdat de financiële middelen daar te beperkt voor zijn. Dit staat in contrast met de investering van de gemeente die gedaan is om vakkennis te vergroten. Daarnaast zijn er signalen dat bij en nabij kinderboerderijen sprake is van rattenoverlast. Dit kan mogelijk duiden op achterstallig beheer en onderhoud op het terrein van de betreffende kinderboerderijen.

vervolg Risico’s

Conclusie: Kinderboerderijen hebben een belangrijke educatieve functie als het gaat om het houden van dieren. Daarin moeten zij het goede voorbeeld kunnen geven, maar hebben daar nu niet altijd de (financiële) middelen voor. Dit kan op langere termijn de investeringen in dierenwelzijn teniet doen, wat niet wenselijk is.

Kansen voor vervolg

De gemeente heeft geen bevoegdheden als het gaat om het borgen en toetsen van de wettelijke eisen aan de dierenwelzijn op de kinderboerderij. Daarom zal de gemeente in gesprek blijven met de kinderboerderijen over het verder uitwerken en verduurzamen van de afspraken over de onderwerpen zoals de dierenwelzijn en in lijn daarmee bijvoorbeeld educatie, beheer en onderhoud en de sociale functie. Belangrijke uitgangspunten hierbij zijn het kwaliteitsbewijs VSKBN en (een actualisatie van) de overeenkomst van 14 september 2017. Het gebruiken van andere sturingsinstrumenten, zoals beleidsharmonisatie en subsidies geeft de gemeente Amsterdam kansen om op het borgen en toetsen hiervan beter te sturen. Het vijfjarig bestaan van de overeenkomst op 14 september 2022 biedt een mijlpaal om samen met de kinderboerderijen op aan te sturen voor de borging van het onderdeel dierenwelzijn. Vogelgriep en veranderende weersomstandigheden zoals extreme hitte en droogte, hebben gevolgen voor het welzijn van de dieren en is daarmee onderdeel geworden van dit project. Om hier passend op in te spelen is aanvullend budget nodig. Er ligt een kans om, in het verlengde van hun educatieve functie, met kinderboerderijen afspraken te maken over het diervriendelijk weren van dieren die overlast kunnen veroorzaken. Bijvoorbeeld door de inrichting van groen en sterkere samenwerking met GGD.

Evaluatie Agenda Dieren 2021

24

Budget

2015-2018: €530.00 (totaal) 2019-2022: €310.000 (totaal)

Conclusie

De actie om de onderlinge samenwerking te versterken zijn zichtbaar gelukt. De inzet op het voldoen aan kwaliteitskeurmerken (lees: kwaliteitsbewijs en eigen overeenkomst) en brandveiligheid zijn naar verwachting september 2022 afgerond.

Evaluatie Agenda Dieren 2021

25

2.3 Vrijlevende dieren

2.3.1 Tegengaan jacht en afschot Bijdrage aan doelstelling

Het doel is bijdragen aan subdoel 4: “Dierenoverlast wordt zo diervriendelijk mogelijk bestreden.” Plezierjacht is in Amsterdam sinds 1989 aan banden gelegd. De huidige vormen van afschot zijn dus gerelateerd aan schadebestrijding en populatiebeheer. De onderzochte juridische mogelijkheden om jacht tegen te gaan richting zich dus op het tegengaan van afschot voor schadebestrijding en populatiebeheer en het stimuleren van diervriendelijke alternatieven.

Voortgang acties

De ambitie is: “In diervriendelijk Amsterdam wordt alleen gejaagd op dieren als daartoe eerst de noodzaak (schade- of faunabeheer) is aangetoond en als andere bevredigende alternatieven aantoonbaar niet voorhanden zijn.” Voor de dieren die het meest in Amsterdam voorkomen en waarbij de jacht en afschot onderwerp van discussie is, is in samenwerking met partners onderzocht welke alternatieven van beheer het meest acceptabel zijn. Aanvullend op deze ambitie uit de agenda, heeft het College in het Coalitieakkoord 2018-2022 de ambitie uitgesproken om de (juridische) mogelijkheden om jacht/afschot tegen te gaan, te willen onderzoeken. Over de inventarisatie van alternatieven is er goed gesprek geweest met partners. Het resultaat van dit onderzoek wordt in Q4 2021 gepresenteerd via het onderzoeksrapport “Juridische Mogelijkheden tegengaan jacht”. Daarbij wordt ook het ‘vossenrasterbeleid’ meegenomen.

Toepassing van uitgangspunten

• Er is meer balans tussen menselijke belangen en biodiversiteit • De gemeentelijke organisatie Amsterdam geeft op steeds meer gebieden het goede diervriendelijke voorbeeld • We werken met meer partners samen • De samenwerkingsrelaties zijn versterkt

Samenwerking intern & extern

Het onderzoeksrapport en bijbehorende mogelijke beleidsrichtingen tot inrichten van alternatief beheer is met name tot stand gekomen met ecologen en vastgoed. In het voorjaar van 2019 zijn twee sessies met belanghebbenden en partners gehouden over mogelijkheden, geschiktheid, effect en haalbaarheid van (combinaties van) alternatieven voor jacht. Tijdens de bijeenkomsten bleek dat de meningen uiteenlopen waardoor consensus niet haalbaar bleek. Belangrijk is dat deze partners met elkaar in gesprek zijn. Deelnemers waren: terrein beherende organisaties, boswachters van het Amsterdamse Bos, Landschap Noord-Holland en recreatieschappen, adviseur duurzaam faunabeheer, Bij12 Faunafonds, onderzoeker Sovon, jagers (WBE Amstelland en Jagersvereniging) en het ministerie Infrastructuur en Waterstaat.

Portefeuillehouder

Wethouder Dierenwelzijn

Bevoegdheden

n.v.t

Risico’s

Jacht en afschot is een onderwerp waar verschillende perspectieven over bestaan. Zo zijn er diverse rechtszaken (landelijk) ingesteld over het doden van dieren op grond van de Wet natuurbescherming. Uit de rechtspraak blijkt vooralsnog dat hoge eisen worden gesteld aan het onderzoeken en uitvoeren van alternatieve maatregelen, voordat toestemming mag worden gegeven voor het doden van dieren. Hoe aan deze hoge eisen vorm kan worden gegeven, wordt indien er draagvlak vanuit toekomstig bestuur (2023) is, met partners uitgewerkt in het uitvoeringsbeleid

Kansen voor vervolg

Om de beleidskeuzes van de notitie ‘Mogelijkheden tegengaan Jacht’ uit te voeren is structureel budget nodig. Dit budget bestaat uit middelen voor uitbreiding pilots alternatieven (zoals vossenrasters) en voor de uitvoering en toetsing van de beleidskeuzes. Evaluatie Agenda Dieren 2021

26

2.3.2 Diervriendelijke beheersing van dierenoverlast Budget

Conclusie

2020-2023: €60.000 (totaal) voor stimuleren alternatieven op jacht zoals de pilots vossenrasters + eenmalig €150.000 voor het uitvoeren collegeprioriteit onderzoek laten doen naar tegengaan van de jacht.

Bijdrage aan doelstelling

Het doel is bijdragen aan subdoel 4: “Dierenoverlast wordt zo diervriendelijk mogelijk bestreden.”

Voortgang acties

De ambitie is: “In diervriendelijk Amsterdam wordt dierenleed bij overlast gevende dieren voorkomen door aanpak van de bron (voedsel en leefgebied). Waar desondanks een te grote populatie (overlast) ontstaat, wordt deze op zo diervriendelijke mogelijke manier beheerst.” In 2017 is een projectleider aangesteld om plan van aanpak te vormen op deze actie. In het najaar van 2017 is een start gemaakt met het ontwikkelen van een stedelijke publiekscampagne met als boodschap: overlast van dieren is het gevolg van menselijk gedrag zoals voeren en afval. Op 20 december 2017 heeft de gemeenteraad een aanpassing van de APV vastgesteld waardoor het voor de bestuurscommissie mogelijk is om gebieden aan te wijzen waar overmatig gevoerd wordt (en hier een voederverbod in te stellen)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10914292/1