2. bijlage 1 bij brief Monitor Uitvoering Energietransitie juli 2024
Tekst van het document
• Eind 2022 was het totaal opgesteld vermogen zonne-energie in Amsterdam gelijk aan 200 mWp. • Eind 2023 is het totaal opgesteld vermogen aan zonnepanelen toegenomen tot 270 mWp.
• Focus is het benutten van de daken, maar we kijken ook naar kansen voor benutten tijdelijke gronden, ruimte langs infrastructuur, boven parkeerplaatsen.
Leeswijzer
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
Resultaten (zacht)
Aandachtspunten
• Bedrijven en grote dakeigenaren maken gebruik van het aanbod voor dak- en constructiescans. • Er zijn verschillende projecten in de v oorbereidende fase. • Twee tijdelijke (drijvende) zonneweides (opgeteld ca. 5 mWp); uitvoering gepland voor 2024 en 2025. • Energieroute Noord-Holland (OER-project). Verwachte realisatie in 2027 (20 à 30 mWp). • Gemeentelijk zonne-carportlocaties in voorbereiding in samenwerking met Amsterdamse coöperaties. • De mogelijkheden voor zonnepanelen binnen beschermd stadsgezicht en op monumenten zijn verruimd. • We hebben een visie ontwikkeld op gebied van hergebruik van zonnepanelen en we stimuleren levensduurverlenging.
• De bedragen van de landelijke SDE++ subsidieregelingen zijn verlaagd en vaak niet toereikend • Complexe besluitvorming bij VvE’s • Onvoldoende stevige constructies bij veelgrote daken • Lange levertijden en tekorten aan zonnepanelen en grondstoffen en materialen • Tekort aan technisch personeel (installateurs) • Gebrek aan sturingsinstrumenten
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Het aantal zonnepanelen in Amsterdam neemt de laatste jaren sterk toe. We blijven daken benutten en werken steeds meer aan zonprojecten op parkeerlocaties en langs rijkswegen.
Uitvoering Energietransitie
35
Uitgelicht A-Master
Zonnepanelen bespaart FEBO 25% aan energiekosten
Energietransitie
Om de stijgende energiekosten het hoofd te bieden besloot algemeen directeur FEBO Dennis de Borst een zonnescan aan te vragen bij de Zoncoalitie. Met een zonnescan krijg je een globaal beeld van de financiële en technische haalbaarheid van een mogelijk zonne-energiesysteem. De kosten voor de zonnescan worden door de gemeente vergoed. Zo worden ondernemers gestimuleerd de kansen van zonne-energie te ontdekken. De uitkomst van de scan was helder. Het dak van het hoofdkantoor en de productiekeuken was geschikt voor de nieuwe generatie, lichtere panelen. En de geschatte terugverdientijd van de panelen maakte de investering verantwoord. Eind 2022 heeft FEBO 692 panelen laten plaatsen. “Het zonnepanelensysteem voorziet nu in ongeveer 25% van onze energiebehoefte. Het mooie is dat we 97% van de opgewekte energie direct zelf gebruiken, bijvoorbeeld voor de koelinstallaties. De jaarlijkse opbrengst van de panelen is ongeveer 256.500 kWh. Door de installatie van deze zonnepanelen besparen we jaarlijks ongeveer 128.329,5 kg CO2. Dit komt overeen met de CO2-opname van ongeveer 6.416 bomen. En we hebben het dak straks in 2 jaar terugverdiend.”
1.Leeswijzer Samenvatting 1. 2. Energiegebruik 2. Energie-infrastructuur energiebronnen Doelen voor 2030 en 2050 3. Energiegebruik 3. Duurzame 4. Energie-infrastructuur
5. Bijlagen Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
36
Optimaal benutten van windenergie Doelen
Hoe bereiken we deze doelen?
Resultaten (hard)
Doorkijk 2024
• In 2030 willen we op Amsterdams grondgebied minstens 52 Megawatt (mWp) extra vermogen windenergie gerealiseerd hebben, zodat het totaal in 2030 op 127 mWp uitkomt. • In 2024 willen we het Programma Windenergie Amsterdam vaststellen. Dit is het document waarin staat in welke zoekgebieden en onder welke voorwaarden gestart kan worden met de ontwikkeling van windenergie.
• De rol die we als gemeente vervullen in het realiseren van windenergie hangt af van wie de eigenaar is van de grond waarop een windturbine wordt gerealiseerd en wie het bevoegd gezag is om de benodigde vergunningen te verstrekken. • Er is 25 mWp in voorbereiding. Daarvan zal 9,2 mWp (4 windturbines) door Waternet bij de RWZI (Rioolwaterzuiveringsinstallatie) Westpoortweg gerealiseerd worden in 2024. De andere 16 mWp is beoogd voor de Noorder IJ-plas. • In 2023 is voor 3 windturbines een vergunningaanvraag gedaan bij de provincie Noord-Holland. Omdat Provinciale Staten op 13 november 2023 geen Verklaring Van Geen Bedenkingen (VVGB) heeft afgegeven, is de voorbereiding van deze locatie vertraagd. Realisatie zal naar verwachting niet voor 2025 plaatsvinden. • Samen met het Havenbedrijf spannen we ons in om meer windturbines te plaatsen in het Havengebied.
• In 2023 is het totaal opgesteld vermogen van windenergie in Amsterdam, 75 mWp. • Er is 25 mWp in voorbereiding.
• In 2024 wordt het programma Windenergie Amsterdam vastgesteld. Hierin staat in welke zoekgebieden en onder welke voorwaarden gestart kan worden met de ontwikkeling van windenergie. Het document wordt onderbouwd met het Plan-MER waarin de te verwachten milieueffecten van windturbines in de zoekgebieden zijn onderzocht. • In 2024 bereiden initiatiefnemers een vergunningaanvraag voor, inclusief alle benodigde onderzoeken en het betrekken van omwonenden en andere belangheb benden. Vervolgens wordt de locatie bouwrijp gemaakt en worden de turbines geplaatst. Dit hele proces duurt bij elkaar nog 3 tot 6 jaar. • In 2027 willen we starten met het uitvoerings traject van twee tot drie jaar.
Leeswijzer
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
Resultaten (zacht) • In 2021 is de Regionale Energiestrategie 1.0 Noord-Holland Zuid (RES 1.0) vastgesteld in de gemeenteraad en door gemeenteraden regio RES Noord-Holland Zuid, waterschappen en Provincie Noord-Holland. Hierin zijn zoek gebieden voor windturbines opgenomen. • In 2021 is bij de besluitvorming over de RES 1.0 een reflectiefase opgezet om tegemoet te komen aan de behoefte van Amsterdammers om mee te doen en mee te denken over de komst van windturbines. • In 2022 is de reflectiefase afgerond. Er is besloten om een stadsbrede Milieueffectrapportage (MER) uit te voeren voor de zoekgebieden uit de RES 1.0 die de milieugevolgen inzichtelijk maakt en die een motivering geeft voor de keuze van de zoekgebieden. • In 2023 is de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) voor het Plan-MER opgeleverd. Het Plan-MER is een onderzoek naar de effecten van de windturbines op de omgeving en de bewoners in een gebied.
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
We willen voor 2030 genoeg windenergie realiseren om circa 145.000 huishoudens te kunnen voorzien van energie.
Aandachtspunten • Ruimtelijke inpassing • Impact op flora en fauna • Variabele windomstandigheden • Visuele impact • Geluidsproductie
Uitvoering Energietransitie
37
Uitgelicht A-Master
Onderzoek naar de mogelijkheden van aardwarmte
Energietransitie
Aardwarmte of geothermie is warm water in de diepe ondergrond. Dat warme water kan, als het omhoog gepompt wordt, gebruikt worden om onder andere woningen te verwarmen. Het afgekoelde water wordt terug de grond in gepompt om weer op een natuurlijke manier op te warmen. Aardwarmte is een potentiële bron voor de verdere verduurzaming van warmtenetten. Amsterdam is medehouder van de opsporingsvergunning voor aardwarmte. Hiermee heeft Amsterdam een regierol in de versnelling van de ontwikkeling aardwarmte en daarmee in de warmtetransitie. Energiebeheer Nederland (EBN) heeft in 2023 met het onderzoeksprogramma SCAN een onderzoeksboring in de regio Amsterdam uitgevoerd. Deze boring geeft inzicht in onder andere temperaturen, opbouw en waterdoorlatendheid van de aardlagen. Op basis van die gegevens kan een inschatting worden gemaakt van de geschiktheid van de ondergrond in die omgeving. Samen met EBN en medevergunninghouders bereidt Amsterdam nu verder onderzoek voor. Als de resultaten positief blijken dan hopen we rond 2030 aardwarmte te kunnen winnen en te gebruiken voor warmtenetten.
Leeswijzer
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
38
Bijlagen
Bijlagen
Leeswijzer
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
39
Bijlagen
Dataverzameling Energietransitie
Cijfers geven vaak de indruk van exacte informatie. In de praktijk is het niet altijd mogelijk om aan volledige informatie te komen. Data is niet altijd beschikbaar of wordt nog niet bijgehouden. Dit wordt hieronder toegelicht aan de hand van twee voorbeelden.
442 275.779
381
250.214 221.936 192.644
Aardgasverbruik
Het doel vanuit het Klimaatakkoord is dat in 2030 alle woningen met E, F of G energie labels verdwenen zijn. Het aandeel woningen met een onbekend energielabel is aan het dalen maar blijft nog altijd groot. De afname van het aantal onbekende energie labels gaat gepaard met een toename van o.a. het aantal labels E t/m G. Dat geeft een vertekend beeld. Daarnaast geldt dat er veel energiebesparende maatregelen worden genomen, terwijl het energielabel pas na een onderzoek opnieuw wordt vastgesteld. Energielabels geven op dit moment geen volledig beeld van de mate waarin energie wordt bespaard.
Regionale netbeheerders Liander en Stedin monitoren op basis van gegevens van de energiemaatschappijen nauwgezet het verbruik van aardgas binnen het grootste deel van de MRA. Liander hanteert bij het verbruik van aardgas drie gebruikersgroepen: kleinverbruikers (met een aansluiting voor minder dan 40 m3 aardgas per uur), grootverbruikers (met een aansluiting voor 40 m3 aardgas per uur of meer) en gasmiljonairs (bij een verbruik van meer dan één miljoen m3 aardgas per jaar). Gasmiljonairs zijn niet toe te schrijven aan één gemeente. Daarom kijken we bij aardgasgebruik in Amsterdam nu alleen naar kleinverbruikers.
2. Energie-infrastructuur
Doelstelling
331.951
EFG-labels, voorbeeld aardgasgebruik
1. Energiegebruik
Standaardjaarverbruik in 1.000.000 m3
Onbekend Doelstelling
Door in te zetten op monitoring verwachten we de komende jaren over een steeds vollediger beeld te beschikken.
Leeswijzer
E t/m G
28.551
36.631
40.197
43.629
47.950
0
2019
2020
2021
2022
2023
2030
Bron: RVO, BAG, bewerking O&S
3. Duurzame energiebronnen
0 2022
2023
2040
Bron: O&S
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
40
Bijlagen
Verantwoording cijfers Energietransitie Het beschikbaar komen van data over CO2emissies loopt ongeveer een tot twee jaar achter. Cijfers die eerder gepubliceerd worden, zijn vaak nog niet definitief. Voor de berekeningen van de Amsterdamse emissies zijn we afhankelijk van diverse bronnen. De landelijke Klimaatmonitor publiceert in november/ december voorlopige cijfers over CO2-uitstoot over het voorgaande jaar, eveneens publiceert de Klimaatmonitor in die periode de definitieve cijfers voor het jaar dáárvoor. Dat betekent dat in december 2021 de voorlopige uitstootcijfers voor 2020 en de definitieve cijfers voor 2019 bekend zijn. Om toch actuele cijfers te kunnen berekenen, gebruiken we voorlopige cijfers van de Klimaatmonitor. Voor het berekenen van uitstoot van overige broeikasgassen en brandstofverbruik wordt data van de Emissieregistratie gebruikt. Daarnaast volgen we de (voorlopige) landelijke trend per uitstootcategorie om de CO2-uitstoot in te schatten voor Amsterdam. Voor het bepalen van de uitstoot van verkeer en vervoer binnen en buiten de bebouwde kom gebruiken we gemeentelijke data (uitstoot berekend door TNO).
Leeswijzer
1. Energiegebruik
Om toch actuelere cijfers te kunnen berekenen, gebruiken we voorlopige cijfers van de Klimaatmonitor. En voor uitstoot van overige broeikasgassen en brandstofverbruik, data van de Emissieregistratie, gebruiken we de (voorlopige) landelijke trend per uitstootcategorie om de CO2-uitstoot in te schatten voor Amsterdam. Voor de uitstoot van het AEB en van verkeer en vervoer gebruiken we andere bronnen dan de Emissieregistratie. Voor het bepalen van de uitstoot van verkeer en vervoer binnen en buiten de bebouwde kom gebruiken we gemeentelijke data (uitstoot berekend door TNO), de uitstoot van het AEB vernemen we rechtstreeks van de AEB. Om de uitstoot van de niet-biogene afvalverbranding van de AEB te bepalen, gebruiken we het aandeel biogeen/niet-biogeen zoals gepubliceerd door het RIVM. Deze is nog niet bekend voor het afgelopen jaar en we gebruiken deze daarom van het jaar ervoor.
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
41
Colofon Monitor Uitvoering Energietransitie 2024
Ambtelijke opdrachtnemer Regie- en uitvoeringsorganisatie Energie voor de Stad, Gemeente Amsterdam Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders Juli 2024
Fotografie Jacques Tillmanns (Foto Focus) Beeldbank gemeente Amsterdam Energie Beheer Nederland Ontwerp Ontwerpwerk ONT2024014
Bestuurlijk opdrachtgever Wethouder D. de Jager (Duurzaamheid, energietransitie en circulaire economie)