14. Bestemmingsplan Overschiestraat 182 en 188 bijlagen bij de toelichting.pdf
Tekst van het document
De uitbreiding van de groenstructuur vraagt om een nadere keuze, waarbij de Amsterdamse referentienormen voor groen als uitgangspunt gelden. Een aantal groenstructuren in en nabij Schinkelkwartier is beschermd als onderdeel van de Landschap, Amsterdamse hoofdgroenstructuur en/of ecologische structuur. De transformatie leidt niet tot groen en ruimtebeslag of versnippering van nabijgelegen Natuurnetwerk Nederland (NNN), maar de toename natuur van recreatie kan mogelijk wel leiden tot verstoring. Verder moet rekening worden gehouden met eventuele stikstofdepositie op nabijgelegen Natura 2000 gebieden. Er moet rekening worden gehouden met beeldbepalende bomen en mogelijke aanwezigheid van beschermde plant- en diersoorten zoals tongvaren, vleermuizen, marterachtigen, ringslang, rugstreeppad en vogels met jaarrond beschermde nesten. In Schinkelkwartier zijn cultuurhistorisch waardevolle structuren, enkele monumenten en Cultuurhistorie cultuurhistorische waardevolle gebouwen uit de naoorlogse periode aanwezig. De omgang met deze en archeologie waarden vormt een aandachtspunt voor de transformatieopgave en vraagt om een nadere keuze. Daarnaast moet lokaal rekening worden gehouden met hoge archeologische verwachtingswaarde. Schinkelkwartier ligt nabij luchthaven Schiphol.
Op grond van het Luchthavenindelingbesluit (LIB) Bouwhoogte gelden er in verband met vliegveiligheid en radarcommunicatie beperkingen voor de toegestane bouwhoogte. Daarnaast moet rekening worden gehouden met windhinder en schaduwwerking.
8
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Mobiliteit De bereikbaarheid per openbaar vervoer is in grote delen van Schinkelkwartier ontoereikend. De locatie van metrostation Henk Sneevlietweg blijkt een aanzienlijke invloed te hebben op de bereikbaarheid van het plangebied per openbaar vervoer en vraagt dan ook om een nadere keuze. Schinkelkwartier is voor fietsers niet goed te bereiken en sommige routes zijn onveilig en onaantrekkelijk. Daarbij valt op dat vooral in het centrale gedeelte van Schinkelkwartier goede Verkeer fietsroutes ontbreken, evenals een verbinding over de Schinkel. De ligging van een nieuwe fietsverbinding over de Schinkel vraagt om een nadere keuze. De transformatie van Schinkelkwartier leidt tot een toename van het aandeel verplaatsingen per auto. Zonder maatregelen ontstaan er verkeersknelpunten, neemt de parkeerdruk sterk toe en wordt de verkeersveiligheid negatief beïnvloed. Om Schinkelkwartier bereikbaar te houden moet een nadere keuze worden gemaakt over het benodigde pakket met mobiliteitsmaatregelen. De gebiedstransformatie leidt tot een toenemende parkeerbehoefte voor auto en fiets, die van Parkeren invloed is op verkeersafwikkeling, verkeersveiligheid en het ruimtebeslag op de openbare ruimte. Voor de inpassing van parkeren is een nadere keuze nodig. Gezonde en veilige leefomgeving Op het gezoneerde industrieterrein Schinkel zijn geluidgevoelige functies niet toegestaan.
Om daar woningbouw mogelijk te maken is het nodig om de geluidzonering aan te passen, waarbij rekening moet worden gehouden met geluid van het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR). De aanpassing van de geluidzonering van Schinkelhaven vraagt om een nadere keuze. De geluidruimte van individuele bedrijven in Schinkelkwartier zorgt lokaal voor beperkingen voor het realiseren van geluidgevoelige functies en een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Gezien de beperkingen vanwege het geluid van de zandoverslag in Schinkelhaven en het datacenter in Nieuwe Meer Oost is voor de toekomst van deze bedrijven een nadere keuze nodig. Geluid en Schinkelkwartier wordt relatief zwaarbelast door geluid van de snelwegen A4 en A10 en spoor- en trillingen metrolijnen. Vooral snelweggeluid reikt tot ver in het plangebied en vormt een aanzienlijke beperking voor het realiseren van geluidgevoelige functies en een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Daarom is een nadere keuze nodig voor het realiseren van afschermende geluidmaatregelen bij infrastructuur. Schinkelkwartier wordt belast door luchtvaartgeluid van en naar Schiphol en er kan een zekere mate van hinder door grondgeluid optreden. In de LIB-5 zone geldt een afwegingsplicht voor het toevoegen van woningbouw, waarbij rekening moet worden gehouden met luchtvaartgeluid.
Gezien de impact op het woon- en leefklimaat vraagt de omgang met luchtvaartgeluid om een nadere keuze. In een zone aan weerszijden van de spoor- en metrolijn moet rekening worden gehouden met mogelijke beperkingen als gevolg van trillinghinder. Nabij de snelwegen A4 en A10 en de stedelijke wegen Johan Huizingalaan en Henk Sneevlietweg Luchtkwaliteit gelden vanwege luchtkwaliteit beperkingen voor het realiseren van gevoelige bestemmingen zoals scholen. Verder is sprake van blootstelling aan ultrafijnstof vanwege wegverkeer en luchtvaart. In de omgeving van enkele bedrijven in Schinkelhaven kan geurhinder optreden, wat kan leiden tot Geur beperkingen voor het realiseren van gevoelige functies en een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. In de omgeving van de zandoverslag in Schinkelhaven kan stofhinder optreden, wat kan leiden tot beperkingen voor het realiseren van gevoelige functies en een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Mede in verband met geluid is een nadere keuze nodig voor de toekomst van de zandoverslag. Langs de snelwegen A4 en A10 en rond een hogedruk aardgastransportleiding buiten het plangebied Omgevingsgelden veiligheidscontouren in verband met vervoer van gevaarlijke stoffen. Binnen de LIB-5 zone veiligheid moet rekening worden gehouden met veiligheidsrisico’s als gevolg van vliegverkeer.
Als gevolg van de hoge mate van bebouwing en verharding in Schinkelkwartier kan op hete dagen een Gezondheidsstedelijk hitte-eiland effect optreden en kan hittestress ontstaan. Dit wordt betrokken bij de nadere bescherming keuze voor de uitbreiding van de groenstructuur. Het is van belang dat in het kader van de gebiedsontwikkeling wordt voorzien in voldoende ruimte Gezondheidsvoor sportvoorzieningen. Voor de inpassing van sportvoorzieningen is een nadere keuze nodig, bevordering waarbij rekening moet worden gehouden met de Amsterdamse referentienorm voor sport. Energie en circulariteit Voor het deel van het plangebied in Nieuw-West geldt een concessie waarbij nieuwbouw nabij het bestaande stadswarmtenet van Westpoort Warmte daar in principe op moet worden aangesloten. Energie Naar verwachting is een oplossing met warmte van een lagere temperatuur, waarbij mogelijk gebruik wordt gemaakt van lokale bronnen, voor de meeste deelgebieden in Schinkelkwartier passender. Voor het toekomstig energiesysteem is een nadere keuze nodig. Stof
9
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Circulariteit
Het datacenter in Nieuwe Meer Oost verbruikt veel energie, maar kan wellicht ook mogelijkheden bieden voor het benutten van lage temperatuur restwarmte. Mede in verband met geluid is een nadere keuze nodig voor de toekomst van het datacenter. De gebiedstransformatie levert kansen op voor circulair bouwen en vermindering van het gebruik van primaire grondstoffen. Er volgt een nadere keuze, aangezien binnen de wettelijke kaders kansen om een grotere bijdrage te leveren aan circulariteit onbenut worden gelaten. Met oog op de beoogde dichtheid en bereikbaarheid voor vuilniswagens zijn ondergrondse containers in principe het uitgangspunt voor de inzameling van huishoudelijk afval.
Nadere keuzes Op basis van de effectbeoordeling van transformatie en een beoordeling van de impact op de ambities is in het OER voor meerdere omgevingsaspecten een nadere keuze gemaakt en zijn alternatieven afgewogen. Hieronder worden voor deze aspecten de uiteindelijke voorkeursalternatieven beschreven. Aanpassing watersysteem Er zijn structurele ingrepen nodig om de huidige waterknelpunten (oppervlakte-, grond- en hemelwater en waterkwaliteit) op te lossen en om tot een robuust circulair watersysteem in Schinkelkwartier te komen. De voorkeur gaat uit naar het toevoegen van nieuwe watergangen en het verbinden met bestaande watergangen, zodat de deelgebieden tweezijdig worden afgewaterd en de waterkwaliteit verbetert. Waterpeil Riekerpark Voor het waterpeil in deelgebied Riekerpark heeft een peilverlaging tot het aangrenzende polderpeil, waarbij het bestaande drainagesysteem wordt opgeheven, de voorkeur. Om tot een klimaatbestendige inrichting te komen wordt de peilaanpassing gecombineerd met het vervangen van de slecht waterdoorlatende grondlaag, een beperkte ophoging en lichte bolling van het maaiveld. Uitbreiding groenstructuur Voor de uitbreiding van de groenstructuur gaat de voorkeur uit naar het toevoegen van een aantal buurtparken, verspreid liggende pocketparks, openbare binnentuinen en groene routes.
Daarmee wordt voldaan aan de referentienormen voor groen en is groen op loopafstand bereikbaar. Verder draagt het bij aan het opvangen van hemelwater, het tegengaan van hittestress en het versterken van biodiversiteit. Bovendien biedt de beoogde uitbreiding van de groenstructuur mogelijkheden voor ontmoeting en beweging. Het aangrenzende groengebied de Oeverlanden kan een belangrijke rol vervullen als recreatiegebied voor Schinkelkwartier, al is dit niet nodig voor het behalen van de referentienormen. Omgang cultuurhistorie Monumenten, orde 1 gebouwen en cultuurhistorisch waardevolle structuren worden beschermd. Voor bebouwing, die op de concept waarderingskaart voor naoorlogse bebouwing een orde 2 waardering heeft gekregen, wordt bij voorkeur ruimte geboden voor maatwerk. Dit houdt in dat op basis van nader onderzoek beoordeeld wordt in hoeverre deze gebouwen voor bescherming of behoud in aanmerking komen en in hoeverre ruimte is voor transformatie of toevoeging van nieuwbouw. Mobiliteitspakket Om een prettig verblijfsgebied te realiseren en te voorkomen dat het autoverkeer vastloopt, is een verschuiving van auto naar openbaar vervoer en fiets noodzakelijk. De voorkeur gaat uit naar een combinatie van verbetering van openbaar vervoer, nieuwe fietsverbindingen en beperking van het autogebruik via een lage parkeernorm.
Voor nieuwe woningen geldt een maximum van 0,3 parkeerplaats per woning, voor kantoren volgt een normverlaging zodra het openbaar vervoer op orde is. Een toekomstige doortrekking van de Noord/Zuidlijn richting Schiphol met een metrostation bij de Johan
10
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Huizingalaan is gunstig voor de ontsluiting, maar niet voorwaardelijk voor de gebiedsontwikkeling Schinkelkwartier. Omdat is gebleken dat er onvoldoende vervoerswaarde is voor de exploitatie van een tramverbinding over de Schinkel is nader onderzoek nodig naar een HOV-verbinding richting het centrum. Ligging metrostation Henk Sneevlietweg Het verplaatsen van metrostation Henk Sneevlietweg in zuidelijke richting heeft de voorkeur, omdat een meer centrale ligging in Schinkelkwartier tot een hogere dekkingsgraad voor de deelgebieden en daarmee tot aanzienlijk meer in- en uitstappers leidt. Fietsverbinding Schinkel Voor een nieuwe fietsverbinding over de Schinkel gaat de voorkeur uit naar een verbinding tussen de Laan de Hesperiden en de Generaal Vetterstraat. Dit tracé trekt de meeste fietsers, ontlast de bestaande drukke fietsroutes over de Schinkel en komt overeen met de ruimtelijke reservering in de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. De brugaanlandingen vragen om een zorgvuldige inpassing, waarbij rekening wordt gehouden met ecologische, landschappelijke en cultuurhistorische waarden en met verkeersveiligheid. De fietsroute loopt vanaf de brugaanlanding zo centraal mogelijk door Schinkelkwartier. Inpassing parkeervoorzieningen Parkeren wordt in principe op eigen terrein opgelost.
Ondergronds parkeren zal naar verwachting niet overal mogelijk zijn in verband met lokale beperkingen als gevolg van grondwater en kavelgrootte. Naast ruimte voor (bovengronds) inpandig parkeren kan het realiseren van enkele parkeerhubs op goed bereikbare locaties aan de rand van deelgebieden effectief zijn. Deze hubs kunnen een overstapfunctie hebben voor de modaliteiten openbaar vervoer, fiets en auto en kunnen ruimte bieden voor deelmobiliteit en pakketservice en daarmee het aantal autobewegingen in de deelgebieden beperken. Dezonering Schinkelhaven Naast het NLR zijn op industrieterrein Schinkel geen nieuwe zoneringsplichtige bedrijven toegestaan. Een aanpassing van de geluidzone, waarbij alleen het NLR gezoneerd industrieterrein blijft en een eigen geluidzone houdt, heeft daarom de voorkeur. Daarmee ontstaat in deelgebied Schinkelhaven ruimte voor het realiseren van geluidgevoelige functies zoals woningbouw. Uitgangspunt is dat bij de aanpassing van de geluidzonering rekening wordt gehouden met de geluidruimte van de gevestigde bedrijven. Toekomst zandoverslag Gezien de milieucontouren (geluid en stof) heeft verplaatsing van de zandoverslag in Schinkelhaven de voorkeur. Verplaatsing op termijn is als voorkeursalternatief opgenomen, omdat de zandoverslag tijdens de transformatie mogelijk een functie kan vervullen door de aan- en afvoer van grondstoffen.
Na overleg tussen gemeente en exploitant is in de projectnota opgenomen dat actieve verplaatsing de voorkeur heeft. Toekomst datacenter Het ruimtebeslag, de geluidcontour en het energieverbruik van datacenter Global Switch in Nieuwe Meer Oost legt beperkingen op aan de gebiedsontwikkeling. Verplaatsing is echter complex en bovendien erg kostbaar. Eerst moeten de verplaatsingsmogelijkheden binnen en buiten Schinkelkwartier worden verkend. Nader onderzoek moet uitwijzen in hoeverre het mogelijk en wenselijk is om tijdelijk gebruik te maken van restwarmte van het datacenter. Het op termijn verplaatsen heeft daarom de voorkeur. Geluidafschermende maatregelen Om ruimte te bieden voor geluidgevoelige functies en te zorgen voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat zijn langs de hoofdinfrastructuur geluidafschermende maatregelen nodig. De voorkeur gaat uit naar een combinatie van afschermende eerstelijnsbebouwing en geluidschermen langs de A10, een aarden geluidwal en geluidschermen langs de A4 en geluidschermen langs het spoor. Deze maatregelen
11
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
zijn ook positief voor bestaande geluidgevoelige functies in en nabij het plangebied. Door de geluidwal in te richten als park kan bovendien een landschappelijke kwaliteit aan de openbare ruimte worden toegevoegd. Per initiatief is altijd nader akoestisch onderzoek nodig. Vooruitlopend op de realisatie van afschermende geluidmaatregelen zijn lokaal gevelmaatregelen nodig. Omgang luchtvaartgeluid Geluidadaptief bouwen blijkt in delen van Schinkelkwartier de blootstelling aan piekgeluiden door vliegverkeer aanzienlijk te kunnen verminderen. De effectiviteit van maatregelen is afhankelijk van de ligging ten opzichte van de vliegroutes. Een aangepaste bouwhoogte en voldoende afstand tussen gevels kunnen zorgen voor afscherming en beperking van reflectie. Andere effectieve maatregelen zijn luifels, inpandige loggia’s, geluidabsorberende gevelmaterialen en veel groen en water in de openbare ruimte. Verder is van belang dat toekomstige bewoners tijdig worden geïnformeerd over luchtvaartgeluid en eventuele getroffen maatregelen, zodat het mogelijk wordt een bewuste keuze te maken voor wonen in een door luchtvaartgeluid belast gebied. Inpassing sportvoorzieningen Het volledig oplossen van de sportopgave binnen Schinkelkwartier zou de verdichtingsopgave sterk beperken, maar het is ook niet wenselijk om deze ruimteclaim geheel buiten het plangebied te leggen.
Het realiseren van sportvelden binnen en buiten plangebied heeft daarom de voorkeur, waarmee kan worden voldaan aan referentienorm voor veldsport. Er is nader onderzoek nodig naar een gefaseerde ontwikkeling waarbij tijdelijke sportvoorzieningen binnen het plangebied worden voorzien en mogelijkheden buiten het plangebied worden verkend. Energiesysteem Het aansluiten van nieuwbouw op een retoursysteem of een decentraal net op lagere temperatuur heeft met het oog op duurzaamheid de voorkeur boven een aansluiting op het bestaande hoge temperatuur warmtenet. Daarvoor is nader onderzoek nodig naar de mogelijkheden om aan te sluiten op potentiële lokale bronnen. Het uitgangspunt is dat de systeemkeuze per deelgebied nader moet worden uitgewerkt. Omgang bouwmaterialen Het is wenselijk om bouwwerken flexibel en adaptief te bouwen, met open bouwsystemen en extra verdiepingshoogte. Andere uitgangspunten zijn een verplichte inventarisatie van grondstoffen, een gesloten grond- en materialenbalans en gebouwen met een lage milieudruk (MPG: ambitie 0,5, maximaal 0,8). Omdat het huidige afvalinzamelpunt Henk Sneevlietweg niet kan worden behouden is het van belang om in of dichtbij Schinkelkwartier een circulair ambachts- en bouwmaterialencentrum te realiseren.
Maatregelen en spelregels In deel B en C van het OER zijn maatregelen en spelregels geformuleerd die ervoor moeten zorgen dat de geformuleerde ambities voor Schinkelkwartier worden behaald, negatieve effecten voor de fysieke leefomgeving worden beperkt of worden voorkomen en kansen worden benut. De gemeente moet maatregelen treffen om de benodigde condities voor nieuwbouw en transformatie door private initiatiefnemers te creëren. Voorbeelden hiervan zijn het aanpassen van het watersysteem, de groenstructuur en de infrastructuur, het wijzigen van de geluidzonering van industrieterrein Schinkel, het realiseren van geluidafscherming langs hoofdinfrastructuur en het opstellen van een masterplan voor verlegging van kabels en leidingen. Deze maatregelen zijn opgenomen in de projectnota en worden in de komende planfase nader uitgewerkt. De spelregels zijn kaderstellend voor ruimtelijke plannen van initiatiefnemers. De spelregels zijn opgenomen in een spelregelkader en gekoppeld aan een digitale leefomgevingsfoto, zodat per
12
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
locatie duidelijk is waar rekening mee gehouden moet worden bij een concrete ontwikkeling. Daarbij gaat het veelal om verplichtingen voor het leveren van onderbouwing, het uitvoeren van onderzoek of het inwinnen van advies. Per plan moet voor de omgevingsaspecten uit het OER op hoofdlijnen een effectbeoordeling worden gedaan en moet worden onderbouwd op welke wijze de spelregels uit het OER zijn toegepast. Zodoende wordt geborgd dat de uitkomsten van het OER worden betrokken bij de besluitvorming over ruimtelijke plannen in Schinkelkwartier.
Toetsing projectnota Schinkelkwartier De voorkeursalternatieven uit deel C van het OER zijn richtinggevend geweest voor de projectnota. In het definitieve OER is de alternatievenafweging voor enkele aspecten enigszins bijgesteld ten opzichte van de projectnota, dit heeft echter geen gevolgen gehad voor de voorkeursalternatieven. In de vastgestelde projectnota is het oorspronkelijke programma aangepast, is een stedenbouwkundig kader opgenomen en zijn enkele aangepaste keuzes gemaakt. Om die reden zijn achteraf in deel D van het OER de effecten van de vastgestelde projectnota beoordeeld. Uitgangspunt in de projectnota is een programmatische toename met 46.000 m2, waarbij ook de verdeling per deelgebied is gewijzigd. Zo is in De Plantijn sprake van een toename aan werken en voorzieningen. In Riekerpark neemt het aandeel werken toe en het aandeel wonen af, in Nieuwe Meer Oost is dat juist andersom. In het stedenbouwkundig kader zijn de groen- en waterstructuur, de infrastructuur en de bebouwing nader uitgewerkt. In het OER zijn de effecten van de programmatische wijziging en het stedenbouwkundig kader beschouwd.
In het kader van de projectnota zijn ten opzichte van de voorkeursalternatieven uit het OER enkele aanvullende of afwijkende keuzes gemaakt: Het college van B&W heeft besloten om enkele gebouwen op het voormalig IBM-terrein (voorlopig gewaardeerd met orde 2) in Nieuwe Meer Oost niet te behouden, aangezien behoud van deze panden omvangrijke gevolgen voor de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling zou hebben.
13
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Voor parkeren wordt ingezet op autoluwe deelgebieden en deelmobiliteit, maar is gezien de eigendomssituatie (nog) niet concreet gekozen voor het realiseren van parkeerhubs. Na overleg met de exploitant is besloten om de zandoverslag in Schinkelhaven actief in plaats van op termijn te verplaatsen. Uit een nadere beoordeling blijkt dat datacenter Global Switch moet worden aangemerkt als een ‘grote lawaaimaker’ en om die reden op een gezoneerd industrieterrein moet zijn gevestigd. Dit leidt niet tot extra beperkingen in de omgeving, want de vergunde geluidruimte blijft maatgevend. Er is onderzoek gedaan naar de geluidbelasting van het Olympisch Stadion op basis van een recente aanvraag revisievergunning. Daaruit blijkt dat een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden geborgd en dat de bedrijfsvoering van het Olympisch Stadion niet wordt belemmerd. In het stedenbouwkundig kader is rekening gehouden met de regulerende functie voor het microklimaat van de spoordijken door in de aangrenzende deelgebieden te voorzien in parken.
Daarnaast is een nieuwe versie van het Verkeersmodel Amsterdam (VMA) beschikbaar gekomen, waarin (beleids)uitgangspunten zijn geactualiseerd en 2040 als referentiejaar wordt gehanteerd. Op basis van het aangepaste programma en het stedenbouwkundig kader enerzijds en het geactualiseerde verkeersmodel anderzijds is aanvullend verkeersonderzoek gedaan. In het verlengde daarvan zijn ook de effecten voor geluid, luchtkwaliteit, stikstof en omgevingsveiligheid beschouwd: Uit verkeersonderzoek volgt dat Schinkelkwartier door enkele netwerkaanpassingen minder aantrekkelijk wordt voor doorgaand autoverkeer, wat resulteert in andere routes en een toename van autoverkeer op onder meer de Oude Haagseweg en de Lelylaan. Dit leidt tot enkele aandachtspunten voor de verkeersafwikkeling, maar niet tot andere keuzes. Het stedenbouwkundig kader gaat uit van bouwblokken met binnenterreinen, dit blijkt gunstig te zijn voor de afscherming van geluid. De effecten van de geactualiseerde verkeerscijfers voor geluid van stedelijke wegen binnen en buiten het plangebied zijn beperkt. Voor luchtkwaliteit geldt dat de wijzigingen in het programma en de verkeersbewegingen nog altijd niet in betekende mate bijdragen aan de luchtkwaliteit. Voor de gebruiksfase wordt een afname van stikstofdepositie op Natura 2000 gebieden berekend.
De transformatie leidt tot de mogelijkheid om intern te salderen: bedrijven met stikstofemissie verdwijnen, terwijl hier emissieloze woningbouw en functies met lagere emissies voor terugkomen. Voor de realisatiefase geldt dat de transformatie waarschijnlijk geen tijdelijk stikstofeffect oplevert. Door het verdwijnen van bedrijven met stikstofemissie ontstaat er immers stikstofsaldo, waarmee eventuele tijdelijke effecten van sloop en bouw van vastgoed kunnen worden gesaldeerd. Op het niveau van Schinkelkwartier is per saldo sprake van een afname van stikstofdepositie, maar per individuele ontwikkeling kan dit anders zijn. Daarom is altijd nader stikstofonderzoek nodig. Met oog op omgevingsveiligheid geldt dat de programmatische wijzigingen geen negatieve effecten hebben op het groepsrisico, al is in geval van een concrete ontwikkeling in geldende invloedsgebieden altijd nader onderzoek nodig.
Overzichtstabel effectbeoordeling Thema
Aspect
Beoordelingscriterium
Bodem en ondergrond
Bodemopbouw Bodemkwaliteit Niet gesprongen explosieven
Initiële score (deel B)
Score na maatregelen en spelregels (deel B)
Score voorkeursalternatief (deel C)
Score projectnota (deel D)
Impact bodemopbouw Mate van bodemverontreiniging
0 0/+
0 0/+
0 0/+
0 0/+
Impact niet gesprongen explosieven
0/+
0/+
0/+
0/+
14
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Kabels en leidingen Oppervlaktewater Waterveiligheid Water
Grondwater Waterkwaliteit Hemelwater Landschap
Landschap, groen en natuur
Groen Gebiedsbescherming Soortenbescherming Bomen
Cultuurhistorie en archeologie
Bouwhoogte
Cultuurhistorie Archeologie Vliegveiligheid Windhinder Schaduwwerking
Verkeer
Bereikbaarheid openbaar vervoer Bereikbaarheid fiets en voetganger Verkeersafwikkeling auto Modal split Verkeersveiligheid
Parkeren
Autoparkeren Fietsparkeren
Industriegeluid
Geluid en trillingen
Wegverkeersgeluid snelwegen Wegverkeersgeluid stedelijke wegen
Spoorweggeluid
Impact aanwezige kabels en leidingen Impact op doorstroming en kwantiteit van oppervlaktewater Impact op bescherming tegen overstroming Impact op grondwater Mate van verontreiniging van oppervlakte- en grondwater Mate van bescherming tegen intensieve regenbuien Impact op landschappelijk groen Mate waarin aan de referentienorm groen wordt voldaan Impact op beschermde natuurgebieden Impact op beschermde soorten Impact op beeldbepalende bomen Impact op cultuurhistorische waarden Impact op archeologische waarden Impact op veiligheid vliegverkeer Mate waarin windhinder optreedt Mate waarin schaduwwerking optreedt Mate waarin de bereikbaarheid per openbaar vervoer wordt beïnvloed Mate waarin de bereikbaarheid voor fiets en voetganger wordt beïnvloed Mate waarin de verkeersafwikkeling per auto wordt beïnvloed Mate waarin de modal split verandert van auto naar openbaar vervoer/fiets Mate waarin het aantal ongevallen verandert Mate van parkeerdruk auto Mate van parkeerdruk fiets Nieuwe geluidgevoelige functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering geluidbelasting (dB(A)) Nieuwe geluidgevoelige functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering geluidbelasting (dB) Nieuwe geluidgevoelige functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering geluidbelasting (dB) Nieuwe geluidgevoelige
functies: geluidbelast oppervlak (%)
0/-
0
0
0
-
-
+
+
0
0
0
0
-
0/-
0/+
0/+
0/-
0
+
+
0/-
0
+
+
0/-
0/-
+
+
-
-
+
+
0/-
0
0
0
0/0/-
0 0
0/+ 0
0/+ 0
-
-
0
0
0/0/0/-
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0/-
0
0
0
-
-
0/+
0/+
-
-
0/+
+
--
--
0
0
-
-
+
+
-
-
0
0
--
--
0
0
--
--
0
0
--
--
0/-
0/-
0
0
0
0
--
--
0/-
0/-
0
0
0/+
0/+
-
-
0/-
0/-
0/-
0/-
0/-
0/-
-
-
0/-
0/-
15
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Metrogeluid
Scheepvaartgeluid
Luchtvaartgeluid Grondgeluid
Cumulatief geluid
Luchtkwaliteit
Geur Stof
Omgevingsveiligheid
Gezondheidsbescherming
Trillinghinder Stikstofdioxide (NO2) Fijnstof (PM10 en PM2,5) Ultrafijnstof wegverkeer Ultrafijnstof luchtvaart Geurhinder Stofhinder Veiligheidsrisico’s inrichtingen Veiligheidsrisico’s snelwegen Veiligheidsrisico’s buisleidingen Veiligheidsrisico’s luchtvaart Hittestress Lichthinder Stralingshinder Sport
Gezondheidsbevordering
Bewegen Leefstijl Energievraag
Energie
Energiesysteem Energiepotentie
Bestaande geluidgevoelige functies: verandering geluidbelasting (dB) Nieuwe geluidgevoelige functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering geluidbelasting (dB) Nieuwe geluidgevoelige functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering geluidbelasting (dB) Mate van blootstelling aan luchtvaartgeluid Mate waarin hinder door grondgeluid optreedt Nieuwe geluidgevoelige functies: geluidbelast oppervlak (%) Bestaande geluidgevoelige functies: verandering geluidbelasting (dB) Mate waarin trillinghinder optreedt Verandering in concentraties Verandering in concentraties Mate van blootstelling aan ultrafijnstof door wegverkeer Mate van blootstelling aan ultrafijnstof door luchtvaart Mate waarin geurhinder optreedt Mate waarin stofhinder optreedt Verandering van veiligheidsrisico’s rond inrichtingen Verandering van veiligheidsrisico’s rond snelwegen Verandering van veiligheidsrisico’s rond buisleidingen Verandering van veiligheidsrisico’s door luchtvaart Mate waarin een stedelijk hitteeilandeffect optreedt Mate waarin lichthinder optreedt Mate waarin stralingshinder optreedt Mate waarin aan de referentienorm sport wordt voldaan Mate waarin de omgeving bewegen bevordert Mate waarin de omgeving een gezonde leefstijl bevordert Mate van reductie van gebruik elektriciteit en warmte Mate van toepassing van duurzaam
energiesysteem Verandering in mogelijkheden duurzame opwek energie
0
0
0
0
-
-
0/-
0/-
0
0
0
0
0/-
0/-
0/-
0/-
0
0
0
0
--
--
0/-
0/-
0/-
0/-
0/-
0/-
--
--
0/-
0/-
0/-
0/-
0
0
0/0
0 0
0 0
0 0
0
0
0
0
0/-
0/-
0/-
0/-
0/-
0/-
0/-
0/-
0/0/-
0 0
0 0
0 0
0
0
0
0
0/-
0/-
0/-
0/-
0/-
0
0
0
0
0
0
0
-
0/-
0
0
0 0/-
0 0
0 0
0 0
-
-
+
+
0/-
0
0/+
0/+
0/-
0
0
0
0/-
0/-
0/+
0/+
0/-
0/-
0/+
0/+
0/+
0/+
+
+
16
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Circulariteit
Grondstoffengebruik Afvalinzameling
Mate van hergebruik van grondstoffen Mate van duurzame afvalinzameling
0
0
+
+
0
0
0
0
Flexibiliteit en monitoring Voor Schinkelkwartier is geen sprake van een vaststaand eindbeeld, maar van gemeentelijke kaders en randvoorwaarden waarbinnen ruimte is voor initiatief van marktpartijen. Gezien de planhorizon van de gebiedsontwikkeling is het belangrijk dat deze kaders en randvoorwaarden voldoende flexibel zijn, zodat kan worden omgegaan met onzekerheden, kan worden ingespeeld op nieuwe ontwikkelingen en waar nodig tussentijds kan worden bijgestuurd. Dat vraagt om flexibiliteit in programma en fasering, maar ook ruimte om maatregelen en spelregels uit dit OER aan te passen. Daarom is gekozen voor adaptieve planvorming en een ‘levend’ OER, waarbij monitoring een belangrijke rol speelt. De effectbeoordeling en alternatievenafweging in het OER zijn gebaseerd op het programma zoals opgenomen in de projectnota en de nu aanwezige kennis en het voorspellend vermogen van modellen en experts. Het realiseren van meer programma kan gevolgen hebben voor onder andere de benodigde hoeveelheid groen en sport, verkeersintensiteiten en geluid. Afhankelijk van de omvang van de programmatische wijziging kunnen aanvullende maatregelen of spelregels nodig zijn om negatieve effecten te voorkomen of te beperken. Uit het OER volgen enkele richtinggevende principes voor de fasering van benodigde maatregelen.
Voor het watersysteem, de groenstructuur en sportvoorzieningen geldt dat deze zo veel mogelijk moeten meegroeien met de realisatie van woningbouw. De benodigde infrastructurele maatregelen moeten tijdig op orde zijn om knelpunten te voorkomen. Het aanpassen van de geluidzonering in Schinkelhaven is voorwaardelijk om daar woningbouw te kunnen realiseren. De aanleg van geluidafschermende maatregelen loopt bij voorkeur vooruit op woningbouw. Om hinder tijdens de realisatiefase zo veel mogelijk te beperken is het van belang om maatregelen te treffen en deze blijvend te monitoren. Monitoring is van belang om ‘vinger aan de pols’ te houden ten aanzien van effecten van de transformatie en de mate van doelbereik. Daarnaast is het mogelijk om via monitoring in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en invulling te geven aan bestaande leemten in kennis. Zo zal bijvoorbeeld de inwerkingtreding van de Omgevingswet leiden tot andere geluidsnormen en kan besluitvorming over toekomstige ontwikkeling van Schiphol van invloed zijn op de ontwikkelmogelijkheden en het woon- en leefklimaat in Schinkelkwartier. Verder kunnen mobiliteits-, klimaat- en energietransitie op termijn andere eisen stellen aan gebouwen en de inrichting van de openbare ruimte.
Na het doorlopen van de m.e.r.-procedure wordt een monitoringsplan Schinkelkwartier opgesteld waarin de aanleiding, de onderwerpen en de systematiek van monitoring worden beschreven. Uitgangspunt is om één keer per twee jaar een monitoringsrapport op te stellen. Op basis van deze monitoringsrapporten kan tussentijds worden bijgestuurd om ongewenste effecten te voorkomen of te mitigeren. Bijsturen kan betekenen dat bepaalde maatregelen of spelregels moeten worden aangepast of toegevoegd of dat bepaalde keuzes moeten worden heroverwogen. Dat laatste kan aanleiding geven om het OER aan te vullen. Uitgangspunt is dat het OER via monitoring actueel wordt gehouden en zodoende blijft fungeren als basis voor toekomstige ruimtelijke besluiten in Schinkelkwartier.
17
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Leeswijzer Vooraf Het Omgevingseffectrapport (OER) voor Schinkelkwartier is gedurende een iteratief proces met de totstandkoming van de projectnota Schinkelkwartier opgesteld. Daarbij zijn de uitkomsten van het concept OER richtinggevend geweest voor de projectnota. Na vaststelling van de projectnota zijn de daarin gemaakte keuzes in het OER getoetst en zijn de uitkomsten van het OER verwerkt in het eerste ruimtelijk besluit in Schinkelkwartier, dat uitvoering geeft aan de m.e.r.-beoordelingsplichtige activiteit. Inherent aan dit proces bestaat het OER uit meerdere delen die op verschillende momenten geschreven zijn. Uitgangspunt daarbij was om inzichtelijk te maken op welke wijze het milieubelang gedurende het proces is meegewogen. Het OER bestaat uit vijf delen, die hieronder nader worden toegelicht. Deel A – Algemeen Hoofdstuk 1 van dit OER betreft de inleiding. In hoofdstuk 2 zijn de kenmerken van het gebied Schinkelkwartier nader beschreven. Daarbij wordt onder andere ingegaan op de geschiedenis en de ruimtelijke en functionele structuur. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op relevante beleidskaders, de uitgangspunten, ambities en ontwikkelstrategie voor Schinkelkwartier. Hoofdstuk 4 bevat een toelichting op de methodiek van het OER.
Deel B – Leefomgevingsfoto en effectbeoordeling transformatie Deel B van het OER gaat over de kwaliteit van de fysieke leefomgeving in de huidige situatie en referentiesituatie. Daarin is een eerste effectbeoordeling van de transformatie gedaan en is de bijdrage aan het behalen van de ambities beoordeeld. In dit deel wordt onderscheid gemaakt in de volgende hoofdthema’s: duurzame inrichting (hoofdstuk 5), mobiliteit (hoofdstuk 6), gezonde en veilige leefomgeving (hoofdstuk 7) en energie en circulariteit (hoofdstuk 8). Deel C – Nadere keuzes Deel C van het OER, bestaande uit hoofdstuk 9, gaat over nadere keuzes voor bepaalde omgevingsaspecten. Deze nadere keuzes zijn gebaseerd op de uitkomsten van deel B. In deel C zijn verschillende alternatieven afgewogen en voorkeursalternatieven geformuleerd. Deze voorkeursalternatieven zijn uiteindelijk input geweest voor de projectnota Schinkelkwartier. Deel D – Toetsing projectnota Schinkelkwartier Deel D van het OER is opgesteld na vaststelling van de projectnota Schinkelkwartier. De delen B en C bevatten de effectbeoordelingen en afweging van keuzes ten behoeve van de projectnota, deel D is juist een reflectie op de gemaakte keuzes in de projectnota. Naast deze toetsing van de projectnota bevat hoofdstuk 10 ook een vergelijking van de initiële effectbeoordeling uit deel B en de effectbeoordeling op basis van de projectnota.
Deel E – Flexibiliteit en monitoring Deel E van het OER gaat over flexibiliteit en monitoring. Hoofdstuk 11 gaat over flexibiliteit, programmatische veranderingen en fasering van de deelgebieden. In hoofdstuk 12 wordt ingegaan op de aanleiding en systematiek van monitoring en leemten in kennis.
18
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
DEEL A – Algemeen
19
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Inleiding Aanleiding Amsterdam groeit jaarlijks met ruim 10.000 inwoners, de verwachting is dat in 2040 het inwonertal rond de 1 miljoen ligt. Om deze groei op te vangen moeten veel woningen gerealiseerd worden. Amsterdam heeft in de ontwikkelstrategie Ruimte voor de Stad – Koers 2025 de ambitie gesteld om jaarlijks 5.000 nieuwe woningen te realiseren. Sinds 2018 heeft het gemeentebestuur deze ambitie opgehoogd tot 7.500 nieuwe woningen per jaar. De bevolkingsgroei in Amsterdam hangt samen met de groei van de werkgelegenheid. In Amsterdam groeit de werkgelegenheid de afgelopen twee decennia sterk door de opkomst en groei van de kenniseconomie. Om de beoogde groei te kunnen accommoderen is in Koers 2025 een stadsbrede inventarisatie gemaakt van mogelijke en geschikte woningbouwlocaties. Omdat er weinig draagvlak is voor een verdere uitbreiding en uitdijing van de stad, worden de ontwikkellocaties binnen de bestaande stadsgrenzen gezocht. Transformatie van bedrijven- en kantoorlocaties, zoals bijvoorbeeld al gebeurt in Buiksloterham, Hamerkwartier, Sloterdijk en Amstel III, biedt hiervoor mogelijkheden. Het groeien binnen de bestaande grenzen is inmiddels ook als strategische keuze vastgelegd in de Omgevingsvisie Amsterdam 2050.
Figuur 1.1 – Ligging Schinkelkwartier tussen Zuidas en Schiphol
Schinkelkwartier was lange tijd een blinde vlek op de kaart van Amsterdam: een geïsoleerd en gefragmenteerd gebied aan de rand van de stad, doorsneden door spoordijken, snelwegen en watergangen. Door de voortschrijdende ontwikkeling van de Amsterdamse zuidflank ligt Schinkelkwartier inmiddels op een strategische locatie tussen Zuidas en Schiphol. In die corridor tussen Zuidas en Schiphol is ontwikkeling van het gebied Schinkelkwartier kansrijk, aangezien daar nog veel ruimte voor verdere verdichting is (zie figuur 1.1). Hier liggen bij uitstek kansen voor het ontwikkelen van een gemengd stedelijk gebied, waar wonen, economie en groen elkaar kunnen versterken.
20
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Projectnota Schinkelkwartier De planontwikkeling voor gebiedsontwikkeling in Amsterdam bestaat meestal uit het doorlopen van vier fasen: verkenning, haalbaarheid, ontwerp en uitvoering. Elke fase wordt afgerond met een bestuurlijk besluit dat richting geeft aan de volgende fase. Deze vier fasen zijn vastgesteld in het Plan- en besluitvormingsproces ruimtelijke maatregelen (Plaberum). In februari 2019 heeft het college van B&W de principenota Schinkelkwartier vastgesteld, waarin de kaders en ambities voor de gebiedsontwikkeling zijn beschreven. Met de vaststelling van de principenota (fase 1) heeft het college opdracht gegeven om fase 2 te starten en voor Schinkelkwartier een projectnota op te stellen waarin de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling wordt onderzocht. In de projectnota (zie bijlage 3) is als ambitie opgenomen om Schinkelkwartier te transformeren van een geïsoleerd werkgebied tot een inclusieve, levendige en groene stadswijk die goed verbonden is met de omgeving. In het gebied is ruimte voor 11.000 woningen, 1.020.000 m2 werkruimte (ten opzichte van circa 700.000 m2 in de huidige situatie) en 450.000 m2 maatschappelijke en commerciële voorzieningen. Schinkelkwartier kan daarmee in de toekomst ruimte bieden aan circa 22.000 inwoners en circa 45.500 werknemers.
Voorsorteren op Omgevingswet Op basis van de huidige juridisch-planologische kaders is transformatie van Schinkelkwartier naar gemengd stedelijk gebied niet mogelijk. Er zijn juridisch planologische besluiten nodig om woningbouw te kunnen introduceren, verdichting mogelijk te maken en nieuwe infrastructuur aan te kunnen leggen. Om de beoogde transformatie mogelijk te maken, is gefaseerde besluitvorming noodzakelijk en gewenst. De keuze voor een geleidelijke transformatie betekent dat er geen juridisch-planologisch besluit voor het hele plangebied wordt voorbereid, maar dat per deelgebied diverse besluiten worden genomen. Omdat er geen sprake is van een vast eindbeeld, is flexibiliteit in de planontwikkeling van belang. Om de gewenste flexibiliteit in de planontwikkeling in te kunnen bouwen, is Schinkelkwartier als onderdeel van Koers 2025 in de 17e tranche Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet aangewezen als duurzaam innovatief experiment. Dit maakt het mogelijk om, vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet, met nieuw juridisch instrumentarium te kunnen werken. Zo kan worden geëxperimenteerd met bestemmingsplannen met verbrede reikwijdte. Daardoor kan een plantermijn van twintig jaar worden gehanteerd, is globaal onderzoek mogelijk en kunnen flexibele kaders worden opgesteld die passen bij een gefaseerde ontwikkeling.
Een OER voor Schinkelkwartier Waarom een OER? Het is verplicht om voor ontwikkelingen met mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen een m.e.r. te doorlopen. Vanwege de omvang van de beoogde ontwikkeling in Schinkelkwartier (een stedelijk ontwikkelingsproject met meer dan 2.000 woningen, 100 hectare en/of een bedrijfsvloeroppervlak van 200.000 m2) geldt een m.e.r.-beoordelingsplicht. Omdat belangrijke nadelige milieugevolgen niet op voorhand kunnen worden uitgesloten is ervoor gekozen om een m.e.r. te doorlopen.
21
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Het centrale instrument in een m.e.r.-procedure is het Milieueffectrapport (MER). Voor Schinkelkwartier is het MER opgesteld als een Omgevingseffectrapport (OER)1. Dit OER heeft dezelfde functie als het MER, maar kent een bredere reikwijdte. In het OER worden de gevolgen van keuzes voor de gehele fysieke leefomgeving onderzocht, in plaats van uitsluitend de gevolgen voor het milieu. Milieueffecten worden daarom in dit stuk ook ‘omgevingseffecten’ genoemd. Uitgangspunt is dat door deze verbreding het instrument, in de geest van de Omgevingswet, beter kan bijdragen aan het evenwichtig toedelen van functies in Schinkelkwartier. Kenmerken van dit OER De ‘klassieke’ m.e.r.-aanpak gaat uit van een vooraf bepaald eindbeeld, waarvoor nog meerdere alternatieven bestaan. Deze alternatieven worden vervolgens beoordeeld op omgevingseffecten om de alternatieven met elkaar te kunnen vergelijken en een voorkeursalternatief te kunnen bepalen. Dit OER is wezenlijk anders, omdat wordt voorgesorteerd op de Omgevingswet en wordt uitgegaan van organische transformatie. In het OER Schinkelkwartier is beschreven hoe de huidige situatie van de fysieke leefomgeving impact heeft op de transformatieopgave van Schinkelkwartier en vice versa. De huidige situatie van de fysieke leefomgeving is aan de hand van uitgebreid onderzoek in kaart gebracht.
Vervolgens zijn de effecten van de transformatie onderzocht en is beoordeeld in hoeverre de geformuleerde ambities voor Schinkelkwartier en de aanwezige waarden, belemmeringen en aandachtspunten met elkaar conflicteren. Voor bepaalde thema’s is het nodig om een nadere keuze te maken om de ambities te behalen en ongewenste effecten te beperken of te voorkomen. Voor andere thema’s volstaat het om spelregels te formuleren die al leiden tot positieve effecten of het voorkomen van negatieve effecten. Voor de aspecten waarvoor een nadere keuze nodig is, zijn verschillende alternatieven (keuzemogelijkheden) geformuleerd, die in meer of mindere mate bijdragen aan het behalen van de ambities voor Schinkelkwartier. Op basis van een beoordeling van die alternatieven worden vervolgens voorkeursalternatieven inclusief benodigde maatregelen en spelregels bepaald. Uiteindelijk ontstaat daarmee een samengesteld voorkeursalternatief dat een zo groot mogelijke positieve bijdrage levert aan het behalen van de ambities voor Schinkelkwartier. Bij dit samengestelde voorkeursalternatief hoort een spelregelkader dat nodig is om de ambities te behalen en de transformatie te begeleiden. Deze spelregels zijn gekoppeld aan een digitale leefomgevingsfoto. Via periodieke monitoring wordt het OER actueel gehouden, zodat het ook de basis biedt voor toekomstige ruimtelijke besluiten in Schinkelkwartier.
In plaats van één document voor één besluit is een ‘levend’ OER opgesteld dat meegroeit met de transformatie en daardoor ook op langere termijn bruikbaar blijft voor vervolgbesluiten. Bij toekomstige ruimtelijke besluiten wordt beoordeeld of de uitgangspunten van dit OER nog passend zijn of dat bijsturing nodig is door het OER aan te vullen. Hierdoor blijven de kernwaarden van m.e.r. gedurende de transformatie gewaarborgd. De methodiek van het OER is in hoofdstuk 4 nader toegelicht. Doel van dit OER Het wettelijke doel van een m.e.r.-procedure is om het milieubelang volwaardig mee te nemen in de besluitvorming. Daarvoor is onderzoek naar de omgevingseffecten en mogelijke andere (meer milieuvriendelijke) alternatieven voor bepaalde keuzes cruciaal. Dit OER geeft de bestaande waarden, 1
Dit OER heeft de status van een plan- en project MER. In sommige achtergrondrapporten wordt nog gesproken van het MER Schinkelkwartier, daarmee wordt dit OER bedoeld.
22
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
belemmeringen en aandachtspunten van de huidige situatie weer en laat zien met welke maatregelen en spelregels de transformatie van Schinkelkwartier naar gemengd stedelijk gebied mogelijk is. Ook laat dit OER zien welke alternatieven mogelijk zijn voor de belangrijkste keuzes die gemaakt moeten worden. Tot slot geeft het OER invulling aan monitoring, om gedurende de transformatie ‘vinger aan de pols’ te kunnen houden en waar nodig bij te kunnen sturen. Om optimaal gebruik te maken van de uitkomsten fungeert het OER als inhoudelijke onderlegger van de projectnota Schinkelkwartier. In de projectnota is de haalbaarheid van de transformatie van Schinkelkwartier in beeld gebracht. Die uitkomsten van het OER zijn, samen met overwegingen over fasering, financiën en maatschappelijk draagvlak, richtinggevend geweest voor het stedenbouwkundig kader en de ontwikkelstrategie in de projectnota Schinkelkwartier. De in het OER geformuleerde maatregelen en spelregels zijn kaderstellend voor ruimtelijke plannen in Schinkelkwartier en moeten deze ervoor zorgen dat nadelige milieugevolgen worden beperkt of voorkomen.
M.e.r. procedure De m.e.r.-procedure wordt gekoppeld aan het eerste ruimtelijk besluit waarmee uitvoering wordt gegeven aan de m.e.r.-beoordelingsplichtige activiteit. In figuur 1.2 zijn de stappen van de m.e.r.-procedure schematisch weergegeven.
Figuur 1.2 – Stappen van de m.e.r.-procedure
Terinzagelegging NRD De m.e.r.-procedure voor Schinkelkwartier is in 2019 opgestart met het opstellen van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). In de NRD (zie bijlage 16) is ingegaan op de m.e.r.-procedure, de gestelde ambities en de onderzoeksaanpak voor dit OER. De NRD heeft tussen 25 april tot 5 juni 2019 ter inzage gelegen. Een ieder heeft gedurende de terinzagelegging een zienswijze kunnen indienen. Ook zijn de Commissie voor de m.e.r. en wettelijke advies- en bestuursorganen gevraagd advies over de NRD uit te brengen. De zienswijzen en adviezen zijn beantwoord in een Nota van beantwoording, die als bijlage 18 bij dit OER is opgenomen. Daarin is ook aangegeven op welke wijze in het OER rekening is gehouden met de zienswijzen en reacties over de NRD.
23
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Advies Commissie voor de m.e.r over NRD De Commissie voor de m.e.r. heeft op 2 juli 2019 een advies over de reikwijdte en het detailniveau van het OER uitgebracht (zie bijlage 17). De Commissie heeft geadviseerd de volgende onderdelen op te nemen: Een concrete uitwerking van de gewenste ambities, waarbij de ambities zo veel mogelijk meetbaar worden gemaakt en een ondergrens wordt aangegeven; Een leefomgevingsfoto waarbij ook potenties/kansen en risico’s worden onderzocht voor de ambities, waarbij ook voorzienbare trends en ontwikkelingen worden meegenomen; Een beschrijving van de belangrijkste keuzes die voor de transformatie zijn gemaakt, waarbij inzichtelijk wordt gemaakt in welke mate de nadere keuzes en het spelregelkader bijdragen aan het behalen van de ambities en welke omgevingseffecten deze tot gevolg hebben; Een beoordelingskader dat aansluit bij de ambities en inzicht geeft in de omgevingseffecten van de nadere keuzes en het spelregelkader; De contouren van het monitorings- en evaluatieplan om het behalen van de ambities in de gaten te houden en waar nodig bij te sturen. Het advies is betrokken bij de totstandkoming van het concept OER Schinkelkwartier. De reactie op het advies van de Commissie voor de m.e.r. is opgenomen in de Nota van beantwoording Notitie Reikwijdte en Detailniveau (zie bijlage 18) opgenomen.
Terinzagelegging concept OER bij eerste ruimtelijk besluit Het concept OER heeft gelijktijdig met het eerste ruimtelijk besluit (in dit geval het bestemmingsplan voor de ontwikkeling Overschiestraat 182 en 188) van 13 april tot 25 mei 2023 en van 6 september tot 18 oktober 2023 ter inzage gelegen. Een ieder heeft hierbij de mogelijkheid gekregen om gedurende de termijn van terinzagelegging zienswijzen naar voren te brengen op het ontwerpbestemmingsplan en het concept OER. De zienswijzen over het concept OER zijn beantwoord in de Nota van beantwoording en wijzigingen OER Schinkelkwartier, die als bijlage 20 bij dit OER is opgenomen. Toetsingsadvies Commissie voor de m.e.r. over OER De Commissie voor de m.e.r. heeft op 6 juni 2023 het toetsingsadvies over het OER Schinkelkwartier uitgebracht (zie bijlage 19). De Commissie vindt het OER, gezien de complexe opgave, zeer uitgebreid en compleet, helder ingedeeld en daardoor prettig leesbaar. Wel signaleert de Commissie dat informatie over de gezondheidseffecten van de geluidbelasting in het gebied nog ontbreekt en acht het aanvullen van deze informatie essentieel om het belang van de leefomgeving volwaardig mee te kunnen wegen bij de besluitvorming over het bestemmingsplan Overschiestraat 182 en 188 en toekomstige deeluitwerkingen.
Daarnaast zijn aanbevelingen gedaan, bedoeld om de kwaliteit van de besluitvorming, nu en in de toekomst te verbeteren. De Commissie beveelt aan om de volgende onderdelen in het OER op te nemen: Informatie over de toename van geluidsbelasting op bestaande woningen buiten Schinkelkwartier; Informatie over geluid op grotere hoogte, zoals ook opgenomen in het Achtergrondrapport geluid; Bij de berekening van cumulatieve geluidbelasting en daarmee gepaard gaande hinder nu al ook de Schiphol-relatie te hanteren; Per deelgebied de ambities concreet maken en nagaan of meer kwantitatieve indicatoren in het monitoringsprogramma kunnen worden opgenomen; Aandacht voor helderheid over welke spelregels op welke locatie(s) gelden. Bij de tweejaarlijkse monitoring oog hebben voor mogelijke relevante (doorgaans meer algemene) ontwikkelingen en waar nodig scenario-analyses maken en zoeken naar robuuste strategieën.
24
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Het toetsingsadvies is verwerkt in het OER Schinkelkwartier. De reactie op het toetsingsadvies van de Commissie voor de m.e.r. is opgenomen in de Nota van beantwoording en wijzigingen OER Schinkelkwartier (zie bijlage 20). Aanvaarding uitkomsten OER en vaststelling ruimtelijk besluit De ingebrachte zienswijzen en adviezen over het concept OER zijn voorzien van een inhoudelijke beantwoording (zie bijlage 20). Het bestemmingsplan en het OER zijn gewijzigd naar aanleiding van zienswijzen, advies en ambtshalve aanpassingen. Het bestemmingsplan wordt samen met het OER en de Nota van beantwoording en wijzigingen door het college van B&W ter vaststelling aangeboden aan de gemeenteraad. Na vaststelling van het bestemmingsplan door de raad bestaat voor belanghebbenden de mogelijkheid om bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State beroep aan te tekenen tegen het bestemmingsplan, inclusief het OER.
25
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Schinkelkwartier in vogelvlucht Ligging plangebied Schinkelkwartier ligt in de zuidwesthoek van Amsterdam en heeft een oppervlakte van circa 215 hectare. Het plangebied ligt op het snijvlak van de stadsdelen Zuid en Nieuw-West en is strategisch gelegen in de corridor tussen de Zuidas en Schiphol en ligt op de kop van de groene scheg die naar de Nieuwe Meer en het Amsterdamse Bos leidt (zie figuur 2.1). Het plangebied Schinkelkwartier grenst aan de woonbuurten Hoofddorppleinbuurt, Stadionbuurt, Delflandpleinbuurt, Staalmanpleinbuurt en Park Haagseweg.
Figuur 2.1 – Plangebied Schinkelkwartier
De plangrens loopt in het noorden van de Plesmanlaan, via de Johan Huizingalaan, de Aletta Jacobslaan, de Vlaardingenlaan naar het Aalsmeerplein en de Rijnsburgstraat. De oostgrens loopt via de oostelijke oever van de Schinkel, buigt vervolgens af richting de Stadiongracht en loopt verder via de Schinkel. De zuidelijke begrenzing loopt ten zuiden van de snelweg A4 en A10-Zuid. De plangrens in het westen wordt gevormd door het Siegerpark, de Sloterweg en het Christoffel Plantijnpad.
Historische ontwikkeling Het plangebied Schinkelkwartier maakte tot de twintigste eeuw deel uit van de Riekerpolder, de Sloterbinnenpolder en de Middelveldse gecombineerde polders. Deze polders werden doorsneden door de Sloterweg, de historische route van Amsterdam naar Leiden tussen het dorp Sloten en de Overtoomse sluis (zie figuur 2.2). Aan deze landelijke weg lagen boerderijen op grote erven. Andere pre-stedelijke restanten in het gebied zijn de negentiende-eeuwse begraafplaats Huis te Vraag aan de Rijnsburgstraat (voormalige Sloterweg) met het aangrenzende groengebied en het Jaagpad langs de Schinkel.
26
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Figuur 2.2 – Kaart plangebied 1925
Figuur 2.3 – Uitsnede AUP 1935
Vanaf 1925 vonden ophogingen plaats voor de ringspoorbaan, die pas in 1986 in gebruik werd genomen. In de jaren twintig en dertig werd ten noordoosten van plangebied de Hoofddorppleinbuurt aangelegd. In de jaren vijftig werd, als onderdeel van de uitvoering van het Algemeen Uitbreidingsplan (zie figuur 2.3), gestart met zandwinning uit de Nieuwe Meer voor het bouwrijp maken van Amsterdam Nieuw-West. In de naoorlogse jaren zijn ook industrieterrein Schinkel en sportpark Riekerhaven aangelegd (zie figuur 2.4).
Figuur 2.4 – Kaart plangebied 1965
Figuur 2.5 – Kaart plangebied 1995
In de jaren zestig werd begonnen met de aanleg van de tuinstad Westlandgracht en de Ring A10. In dezelfde periode verdween de oude Sloterweg om plaats te maken voor de fabrieken en kantoren van IBM. Door het plangebied liep tijdelijk een hoofdontsluiting voor autoverkeer, de Haagseweg. Deze weg werd later overbodig door de verlenging van de A4 tot knooppunt Nieuwe Meer (zie figuur 2.5). Door de aanleg van de infrastructuur en het ophogen van de tussenliggende gebieden gingen de oorspronkelijke polderverkaveling en de historische bebouwing grotendeels verloren. Daarvoor in de plaats kwamen sportvelden, bedrijfsvestigingen en diverse medische instellingen. In de jaren negentig werd het deel van de Riekerpolder langs de A4 ontwikkeld tot kantoorgebied. Schinkelkwartier kreeg in 1997 een metro-ontsluiting toen bij aanleg van de ringlijn een station tussen de Henk Sneevlietweg en de Vlaardingenlaan werd gerealiseerd.
27
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Ruimtelijke structuur Schinkelkwartier ligt ingeklemd tussen infrastructuur en wordt zelf doorsneden door de ringspoorbaan en autosnelwegen (zie figuur 2.6). Als gevolg daarvan heeft het gebied een perifeer karakter. Door het plangebied lopen drie hoofdroutes. In noord‐zuidrichting verbindt de Johan Huizingalaan Schinkelkwartier met het overige deel van Nieuw‐West, de Oeverlanden en de Nieuwe Meer. In oost‐westrichting vormen de Vlaardingenlaan‐Aletta Jacobslaan en de Henk Sneevlietweg belangrijke ontsluitingsroutes.
Figuur 2.6 – Ringspoorbaan en autosnelwegen (foto: Your Captain)
De infrastructuur in het plangebied leidt tot een onderverdeling in zes deelgebieden: Schinkelhaven, Riekerpark (voorheen: sportpark Riekerhaven), Sloterstrip (voorheen: zone Henk Sneevlietweg), Nieuwe Meer Oost (voorheen: Riekerzone), Nieuwe Meer West (voorheen: Rieker Business Park) en De Plantijn (voorheen: Medisch Cluster). Het deelgebied Schinkelhaven ligt in stadsdeel Zuid, de overige deelgebieden liggen in stadsdeel Nieuw-West. De deelgebieden zijn weergegeven in figuur 2.7.
Figuur 2.7 – Deelgebieden Schinkelkwartier
28
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
De groenstructuur in Schinkelkwartier is gekoppeld aan de weg- en railinfrastructuur en aan watergangen. Grotere groengebieden liggen vooral aan de randen van het plangebied, langs de Schinkel, de Nieuwe Meer en het Christoffel Plantijnpad en vormen als het ware een hoefijzer rond het Schinkelkwartier. Er ontbreekt een samenhangend netwerk van wegen, groen en water, waardoor Schinkelkwartier vooral een landschap is van enclaves.
Functionele structuur Schinkelkwartier is van oudsher een vestigingslocatie voor ruimte-extensieve functies zoals bedrijven, kantoren, zorginstellingen en uiteenlopende perifere functies, zoals sportvelden, distributiecentra, opslag en stalling, datacenters en stadsdeelwerven.
Figuur 2.8 – Niet-woonfuncties in Schinkelkwartier
In figuur 2.8 wordt een overzicht gegeven van de huidige niet-woonfuncties in het plangebied Schinkelkwartier. In de driehoek tussen de spoorlijn, metrolijn en A4 is recent een hulpwarmtecentrale voor stadsverwarming gerealiseerd. Schinkelhaven Schinkelhaven ligt direct ten westen van de Schinkel in de oksel van de A10-West en A10-Zuid (zie figuur 2.9). Hier zijn traditionele bedrijven zoals een stadsdeelwerf, autogarages en installatiebedrijven gevestigd, maar ook een studentenhotel en diverse media-, reclame- en architectenbureaus. Opvallend bedrijf in het gebied is het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR). In het hart van het gebied is een industriële haven aanwezig, waar een zandoverslag gebruik van maakt. In het zuiden van het bedrijventerrein ligt een tennispark. In de noordoosthoek ligt een kleinschalige woonbuurt met daarnaast begraafplaats Huis te Vraag. Langs de westoever van de Schinkel liggen diverse woonboten. Riekerpark Deelgebied Riekerpark, gelegen ten westen van Schinkelhaven, wordt ingeklemd door de A10-West en de ringspoorlijn van de metro (zie figuur 2.10). Dit deelgebied bestaat uit grotendeels ongebruikte sportvelden en in de zuidelijke punt een evenemententerrein. Op een deel van die sportvelden is een tijdelijk wooncomplex voor studenten en statushouders (tot 2027) gevestigd.
29
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Figuur 2.9 – Schinkelhaven (foto: Your Captain)
Figuur 2.10 – Riekerpark (foto: Your Captain)
Sloterstrip In dit deelgebied, grotendeels gelegen tussen de Vlaardingenlaan/Aletta Jacobslaan en Henk Sneevlietweg, zijn onder meer een bouwmarkt, een opslagcentrum, de vreemdelingenpolitie, een hotel en een ROC gevestigd. Tussen de Henk Sneevlietweg en de Vlaardingenlaan bevindt zich het metrostation Henk Sneevlietweg. Ten zuiden van de Henk Sneevlietweg en langs de A10-West staan kantoor- en bedrijfspanden. Ten westen van de Johan Huizingalaan zijn het voormalige ACTA-gebouw (inmiddels een broedplaats en studentenhuisvesting) een woonzorgcentrum en een keerlus voor trams te vinden. Nieuwe Meer Oost Nieuwe Meer Oost ligt tussen de spoordijk, de Henk Sneevlietweg en de Johan Huizingalaan (zie figuur 2.11). Dit deelgebied omvat het voormalige IBM-terrein. In het noorden is dit terrein in de huidige situatie in gebruik door datacenter Global Switch en een gemeentelijke werf met afvalinzamelpunt. In het midden van het deelgebied zijn bedrijfsverzamelgebouw B.Amsterdam en enkele logistieke bedrijven (in de voormalige IBM productiehal voor typemachines) gevestigd. In het zuiden bevindt zich het IBMhoofdkantoor met bijbehorende tuin en parkeerterrein.
Figuur 2.11 – Nieuwe Meer Oost en West (foto: Your Captain)
30
Omgevingseffectrapport Schinkelkwartier
Nieuwe Meer West Nieuwe Meer West ligt direct ten noorden van de A4 en wordt verder omsloten door de woonwijk Park Haagseweg, het Siegerpark en de Johan Huizingalaan (zie figuur 2.11). Het gebruik in dit deelgebied bestaat uit grootschalige kantoorbebouwing, een hotel en een onbebouwd veld. Eén kantoor is inmiddels getransformeerd naar wonen. De Plantijn Deelgebied De Plantijn wordt omsloten door de Plesmanlaan, de Johan Huizingalaan, de Louwesweg en het Christoffel Plantijnpad (zie figuur 2.12). Dit deelgebied omvat een biomedisch cluster met enkele grote functies, te weten het voormalig Medisch Centrum Slotervaart (zie figuur 2.13), het Nederlands Kanker Instituut (NKI), de bloedvoorziening Sanquin en het verzorgingstehuis Hof van Sloten.
Figuur 2.12 – De Plantijn (foto: Your Captain)
Figuur 2.13 – Voormalig MC Slotervaart
Sociaal-economische structuur In de huidige situatie is Schinkelkwartier hoofdzakelijk een werkgebied met kantoren en bedrijven. Het gaat met name om werkgelegenheid in de zakelijke dienstverlening, medische sectoren, detailhandel en creatieve industrie, maar ook om praktisch opgeleide werkgelegenheid in productieve bedrijfssectoren. In het plangebied zijn ook voorzieningen aanwezig die een wijk- of stadsverzorgende of regionale functie hebben. In het plangebied zijn in beperkte mate woningen aanwezig. Het gaat om woonboten in de Schinkel, koopen huurwoningen in de Generaal Vetterstraat en het Spijtellaantje, studentenwoningen in het voormalige ACTA-gebouw, middensegment huurwoningen in een voormalig kantoor in Nieuwe Meer West en een tijdelijk wooncomplex voor studenten en statushouders in Riekerpark. Voor de dagelijkse voorzieningen zijn deze bewoners in de huidige situatie aangewezen op voorzieningen in de omliggende wijken. Schinkelkwartier ligt op de grens van de wijk De Aker-Nieuw Sloten (stadsdeel Nieuw-West) en de wijk Oud-Zuid (stadsdeel Zuid). In Oud-Zuid is het gemiddelde inkomen hoger en zijn relatief meer huurwoningen aanwezig dan in De Aker-Nieuw Sloten. Uit figuur 2.14 blijkt de barrièrewerking van de A10 voor de woningwaarde per vierkante meter: de gemiddelde woningwaarde binnen de A10 ligt aanzienlijk hoger dan buiten de A10.