1. Ontwerp-Omgevingsvisie Amsterdam 2050.pdf
Tekst van het document
water
opgave park
stadsstrand
kleinschalige ontwikkeling en transformatie
dijken
zoekgebied voor mogelijke transformatie na 2040
bedrijventerrein
kenniskwartier
Verbindingen stadsstraat ontbrekende verbinding stadsstraat stadslaan
zoekgebied Passenger Terminal Amsterdam schakelpunten zoekgebied sportlandschap
Plekken met stedelijke betekenis
ontbrekende verbinding stadslaan
stationskwartier
langelijnenfietsnetwerk
stedelijk centrum
plusnet fiets
groen-blauwe hotspot
ontbrekende schakels fietsnetwerk
groen-blauwe kralenketting
verbinding stad en landschap
het centrumgebied
verkleinen barrièrewerking metro met station hoogwaardig openbaar vervoer spoorweg met station binnenstedelijke rijksweg rijksweg met afslag
Energie en duurzaamheid havengebied: nader te zoneren afgestemde ontwikkeling stad en haven zoekgebied windenergie op Amsterdams grondgebied
veerverbinding
zoekgebied zonne-energie op Amsterdams grondgebied
vaste oeververbinding
warmtebron: datacenters
indicatie oeververbinding
opslag duurzame energie
regiohub - P+R bestaand
circulaire hub
potentie regiohub auto - ov
energiehub Hemweg
beschreven worden. Havenstad is meegenomen in het kaartbeeld van
potentie stadshub
tegengaan bodemdaling, vergroten biodiversiteit
stadsdeel West en stadsdeel Noord om de ruimtelijke samenhang
potentie logistieke hub
De stadsdelen van Amsterdam die in de hieropvolgende pagina’s
inzichtelijk te maken. Het Havengebied wordt niet als apart gebied beschreven, omdat het al aan bod is gekomen op pagina 112 t/m 114.
118
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
Deel II | Waar
119
den is een opgave. De opgave wordt door de groei van het aantal inwoners urgenter. In heel Nieuw-West speelt verduurzaming en kwaliteitsverbetering van woningen een belangrijke rol. Betaalbaarheid is daarbij een belangrijk aandachtspunt. Om het hele stadsdeel te laten meeprofiteren van nieuwe ontwikkelingen in Slotervaart, Slotermeer, het Schinkelkwartier, Haven-Stad en Sloterdijk is het versterken van doorgaande routes nodig. Dat kan door in te zetten op groene wandel- en fietsverbindingen en door van drukke verkeersroutes stadsstraten en stadslanen te maken. Sommige van die stadsstraten en stadslanen bieden ook plek aan nieuwe ontwikkelingen, zoals Lelylaan, Burg. Roëllstraat en Johan Huizingalaan. Ze sluiten aan op metro- en treinstations en verbinden Nieuw-West veilig en vanzelfsprekend met het centrum, nieuwe ontwikkelgebieden en de centrumgebieden in het stadsdeel zelf. Langs de Oude Haagse Weg en de Anderlechtlaan is ruimte voor ontwikkeling. Deze vergroot de kwaliteit van het aanliggende groen en de openbare ruimte, maar blijft buiten de hoofdgroenstructuur.
baar vervoer. Tegelijkertijd blijft er vrije ruimte in leegstaand vastgoed en aan de randen van de buurten. Verduurzaming en vernieuwing staan soms op gespannen voet met de erfgoedwaarde van buurten. De samenhang tussen gebouwen, buurtgroen en stadsdeelgroen vraagt om ingrepen die de opzet eer aan doen. Gefragmenteerd vernieuwen doet die samenhang juist teniet. Op die manier kunnen bestaande kwaliteiten versterkt worden en nieuwe kwaliteiten worden toegevoegd die tegemoetkomen aan de wensen van huidige en nieuwe bewoners.
•
•
• Verdichting van Nieuw-West gaat hand in hand met meer kwaliteit van het groen. Deels door in parken te investeren en deels in buurten en straten. De Sloterplas wordt het hoogwaardig ingerichte groene hart van Nieuw-West. Om de bomenstructuur de drager van de straten en lanen te maken, is investering in de ondergrond nodig. In verdichtingsgebieden richten we de openbare ruimte groen en autoluw in.
Betekenis van deze kaart: agenderend en richtinggevend aan projecten. De aanduiding voor stedelijke ontwikkeling is indicatief en duidt niet de specifieke grens van de betreffende ontwikkeling aan. Bij verandering van de situatie zijn de hier uitgezette lijnen het uitgangspunt.
120
Nieuw-West
Een speciale opgave ligt er in de wijkwinkelcentra. Hier wordt gezocht naar menging met meer wonen en voorzieningen en een betere aansluiting op de omliggende buurten. Osdorpplein ontwikkelt zich van stadsdeelcentrum tot stedelijk centrum, met meer wonen en werken en culturele voorzieningen met stedelijke uitstraling, waaronder een theater aan de Sloterplas. Gestreefd wordt naar een goede mix aan aanbod van bedrijvigheid en verschillende typen winkels en horeca.
Nieuw-West kent een prettige afwisseling tussen stedelijke en rustige plekken. Kenmerkend is een uitgekiende samenhang tussen gebouwen, buurtgroen en stadsdeelgroen, met Sloterplas en Sloterpark als middelpunt. Op basis van deze kenmerken kan het stadsdeel zich met een sterke eigen kwaliteit verder ontwikkelen.
Op lange termijn kan het aanleggen van een oost-westmetro de positie van Osdorpplein nog verder versterken. Verdere verdichting met werken en voorzieningen is mogelijk rondom de stations Lelylaan en Sloterdijk. Deze stationskwartieren vragen wel om een betere inbedding in de stad door de ontwikkeling van aanliggende straten tot stadsstraat of stadslaan.
Nieuw-West groeit dankzij de koppeling van gebiedstransformatie van het Schinkelkwartier, Sloterdijk en Haven-Stad en herontwikkeling van bestaande woongebieden uit tot een stadsdeel met een meer regionale functie als stedelijk centrum. De dynamiek draagt bij aan de verbetering van de leefbaarheid en wijkeconomie en helpt om segregatie en kansenongelijkheid te verkleinen. Het verbeteren van de sociale cohesie, het vreedzaam naast en liefst met elkaar leven van diverse culturen en leeftij-
De verduurzaming van woningen en het verbeteren van de woonkwaliteit, waarbij onder andere vergaande verkamering van woningen moet worden tegengegaan, kan hand in hand gaan met het vergroten van de diversiteit in woningtypen in verschillende buurten. Bewoners moeten wooncarrière kunnen maken in hun eigen buurt. Verdichting en toevoegen van andere woningtypen zijn in veel buurten onmisbaar voor het op peil houden van de leefbaarheid, het voorzieningenniveau en het aanbod aan open-
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
Deel II | Waar
•
•
•
• •
Belangrijkste elementen op de stadsdeelkaart Osdorpplein wordt ontwikkeld tot stedelijk centrum: verdichting, meer (grootstedelijke) voorzieningen, zoals een nieuw theater. Kop Sloterplas mogelijkheid tot groen-blauwe hotspot: integrale opgave van openbare ruimte, ov- en fietsverbindingen en publieksvoorzieningen. Mogelijkheid voor een groen-blauwe hotspot aan de Nieuwe Meer nabij een nieuwe metrohalte: vergroten van de publieke betekenis door bijvoorbeeld horeca, sportvoorzieningen of een culturele instelling. Versterken noord-zuid en oost-west gerichte routes, die het gebied intern verbinden en doorlopen in de grote ontwikkelingen van het Schinkelkwartier en Sloterdijken. Stationskwartieren Lelylaan en Sloterdijk: stevige verdichting, ruimte voor wonen, werken en (grootstedelijke) voorzieningen, zoals onderwijsinstellingen. Met een vergaande verandering van het autonetwerk en autogebruik in de stad kan een nieuwe aansluiting op de A5 nodig zijn. Spieringhorn in de Brettenzone wordt getransformeerd naar een sportlandschap. Schakelpunten die verschillende buurten met elkaar kunnen verknopen, met een integrale opgave van openbare ruimte, infrastructuur, ov- en fietsverbindingen, bebouwing en voorzieningen zijn het Lambertus Zijlplein en Belgiëplein.
“Je kunt nu wel vanuit mijn buurt fietsend of met de tram naar het centrum. Maar er is geen aansluiting. Ik vind het idee om echte straten te maken tussen Nieuw-West en het centrum daarom goed” Leila Badaou | Stadsdeel Nieuw-West
121
Betekenis van deze kaart: agenderend en richtinggevend aan projecten. De aanduiding voor stedelijke ontwikkeling is indicatief en duidt niet de specifieke grens van de betreffende ontwikkeling aan. Bij verandering van de situatie zijn de hier uitgezette lijnen het uitgangspunt.
de Johan Cruyff ArenA en concertzalen zijn hiervoor al ingrediënten. Amsterdamse Poort kan als plek met stedelijke betekenis een bijdrage leveren aan het verminderen van de druk op de binnenstad. Daarvoor zijn niet alleen ruimtelijke ingrepen nodig. Station Bijlmer als een volwaardig intercitystation en het aansluiten op het nachtnet kan helpen om van ArenAPoort een nationaal leisurecentrum en een regionaal winkelcentrum te maken. In de Bijlmermeer en in Gaasperdam liggen grote opgaven ten aanzien van het verbeteren van de leefbaarheid en veiligheid. Dit kan hand in hand gaan met het versterken van de wijkeconomie. Dat vraagt vooral om een slimme verdichting van de buurten, met behoud van het groene en rustige karakter. De vernieuwing van de Bijlmer wordt afgerond. Er worden niet alleen woningen toegevoegd, maar ook werkfuncties die de wijkeconomie moeten versterken. In Gaasperdam is ruimte om te verdichten, werk- en woonfuncties en voorzieningen toe te voegen. De focus ligt nu op de aanpak van Holendrecht en Reigersbos, en in de nabije toekomst op de ontwikkeling van de bouwvelden langs de overkluisde A9. Ook kan aan de zuidzijde van de Gaasperplas woningbouw worden toegevoegd. Niet om grote aantallen te halen, maar wel om de Gaasperplas beter te verbinden met de wijk.
Zuidoost Zuidoost is binnen Amsterdam qua ruimtelijke opzet, bebouwing en de relatief grote afstand tot de rest van de stad bijzonder. Dat geldt zeker ook voor de unieke culturele diversiteit, die er in de afgelopen decennia is ontstaan. Zuidoost zal de komende jaren uitgroeien tot een sterke stedelijke kern met een duidelijk eigen karakter. Daarbij zullen de bestaande buurten in de Bijlmer, Gaasperdam en Gein samen met nieuwe buurten in Bijlmer-West een herkenbare en onderscheidende eenheid gaan vormen. Nu zijn er aan weerszijden van het spoor nog twee totaal verschillende gebieden. Aan de oostkant van het spoor de groene woonwijken Bijlmer en Gaasperdam. Aan de westkant het kantoren- en bedrijvengebied Amstel III en ArenAPoort met grote publiekstrekkers, beide nagenoeg zonder bewoners. In dit nieuwe Bijlmer-West worden de komende jaren tienduizenden
122
nieuwe woningen gebouwd, met behoud van de werkfunctie. De bestaande werkgebieden hier veranderen in een heel nieuw stuk stad, met levendige straten en volop groen en voorzieningen, zoals sterke ov-verbindingen. Bijlmer en Gaasperdam worden tegelijk gemengder door het toevoegen van werkfuncties én woningen in de centra bij de metrostations en langs de dreven. De spoorlijn, met trein- en metrostations en goede onderdoorgangen moet van scheidslijn een ruggengraat worden, om segregatie en kansenongelijkheid te verkleinen. Bijlmer-West wordt ook een verbinder tussen de Bijlmermeer en de Amstelscheg. Amsterdamse Poort groeit samen met de Arenaboulevard binnen Amsterdam uit tot een stedelijk centrum met regionale en (inter)nationale aantrekkingskracht. De uitstekende bereikbaarheid van het gebied, samen met de grootstedelijke functies als
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
In zowel de Bijlmer als in Gaasperdam zijn mogelijkheden voor verdichting. Langs de af te waarderen en te verlagen Gooiseweg en langs diverse dreven is ruimte voor nieuwe woningen. De fiets- en autoverkeersstructuren zijn in deze wijken nu nog van elkaar gescheiden: auto’s rijden over de dreven, fietsers over vrij liggende fietspaden die de dreven meestal ongelijkvloers kruisen. De dreven kunnen straks hoofdnetwerk van lanen vormen, waar verschillende soorten verkeer gebruik van maken. Bovendien zou een groot deel van het publieke leven zich er kunnen afspelen door er aangename verblijfsruimten van te maken. Er zijn ook plekken waar fietsers, ov en auto’s nu al samen komen en waar die kwaliteit uitgebouwd kan worden. Dat is bij de centra van de wijken rond de metrostations. Daar kan verdere verdichting met voorzieningen en werkfuncties (en wonen) plaatsvinden. De verdichting en transformatie van de Bijlmer en van Bijlmer-West gaat gepaard met investeringen in nieuw groen, zoals het Hondsrugpark. Zuidoost is bovenal een groen stadsdeel, dat aan drie zijden grenst aan het landschap van de Diemer- en Amstelscheg en het Utrechtse landschap van de polder Gein. De drie groene fietsroutes van oost naar west, van scheg naar scheg, zijn belangrijke verbindingen. De Diemer- en de Amstelscheg zijn vanuit Zuidoost niet goed bereikbaar.
De A2 en de Provinciale Weg langs de Gaasp vormen barrières die er om vragen geslecht te worden. Nieuwe groene routes kunnen de buurten in Zuidoost met elkaar en met het landschap verbinden. Daarnaast zijn van noord naar zuid goede en sociaal veilige fietsroutes belangrijk. Dat is nu nog een knelpunt in Zuidoost, niet alleen binnen het stadsdeel, maar ook tussen het stadsdeel en stadsdeel Oost.
Deel II | Waar
De Gaasperplas is, samen met het Noorderpark, een van de twee Amsterdamse parken met een metrostation. Het kan uitgroeien tot groen-blauwe hotspot. Dat houdt in dat, naast de bestaande, zoals de waterspeeltuin, ruimte moet zijn voor nieuwe voorzieningen. Zij moeten passen bij het landschappelijke karakter. Voorzieningen als horeca en een passend museum zijn wenselijk, evenals een nieuwe en veilige zwemplek en het opknappen van het voormalige Floriadeterrein. Zuidoost heeft een zeer beperkt oppervlak aan sportparken. Er zijn mogelijkheden voor het toevoegen van sportvelden in ontwikkelgebieden of onderzoekslocaties. In de Bijlmerweide en het centrale park Gaasperdam zijn onderzoekslocaties opgenomen, dicht bij de buurten van de Bijlmer en Gaasperdam/Amstel III, wat de drempel voor sportdeelname door de bewoners aanzienlijk kan verlagen. Sportvelden moeten landschappelijk zorgvuldig worden ingepast. We zoeken daarbij ook de samenwerking met omliggende gemeenten.
•
•
•
•
•
•
•
Belangrijkste elementen op de stadsdeelkaart Stationskwartieren Amsterdam Bijlmer ArenA en Holendrecht: stevige verdichting, ruimte voor wonen, werken en (grootstedelijke) voorzieningen, zoals leisure of in relatie met het kenniskwartier van het AUMC. Mogelijkheid voor een groen-blauwe hotspot aan de Gaasperplas nabij de metrohalte: vergroten van de publieke betekenis door bijvoorbeeld horeca, sportvoorzieningen of een culturele instelling. Verminderen van de barrièrewerking van de A2 van stad naar landschap en van de A9 tussen de buurten in Amstel III vooral voor fietsers. De dreven als verbinders. Omvormen van autoroutes en barrières naar prettige straten en lanen, waarlangs ruimte is voor verdichting. Spoorzone als ruggengraat. Langs het spoor ligt een integrale opgave voor verdichting, het versterken van de stationsomgevingen, het verbeteren van routes en het verknopen van de beide kanten van het spoor. Gooiseweg als stadslaan. Een autoluwe stad biedt mogelijkheden voor een nieuwe betekenis voor de Gooiseweg. Deze route verandert van stadssnelweg tot een prettige laan die Zuidoost met het centrum verbindt. Dankzij woningbouw en nieuwe groene plekken richten buurten zich naar deze nieuwe laan. In het Gaasperpark wordt nieuwe ruimte voor sport gemaakt.
“Ik voel me thuis in Zuidoost, omdat ik me kan herkennen in de verschillende mensen die er wonen” Rachel Tokromo | Stadsdeel Zuidoost
123
Betekenis van deze kaart: agenderend en richtinggevend aan projecten. De aanduiding voor stedelijke ontwikkeling is indicatief en duidt niet de specifieke grens van de betreffende ontwikkeling aan. Bij verandering van de situatie zijn de hier uitgezette lijnen het uitgangspunt.
In ontwikkelbuurten als de Banne liggen kansen voor verdichting. Nadrukkelijk met mede als inzet nieuwe groene kwaliteit. Ook kunnen de naoorlogse buurten rondom het Buikslotermeerplein via aantrekkelijke straten beter aangesloten worden op het vernieuwde Buikslotermeerplein. Dankzij de behouden polders binnen de stad, de Waterlandse Zeedijk, de Noord-Hollandse kanaalzone en het open veenweidegebied in Waterland is Noord het meest landschappelijke stadsdeel van Amsterdam. Door rekening te houden met zichtlijnen brengen we waar het kan het water meer in beeld. Ook de groene kwaliteiten verdienen versterking. Binnen de stad door sport, ecologie en ontspanning te verenigen. In landelijk Noord willen we bodemdaling tegengaan en de landschappelijke kwaliteit en biodiversiteit vergroten door een stevige inzet op kringlooplandbouw.
• •
•
•
• •
Noord Noord is een overwegend luw en groen stadsdeel, dat bestaat uit buurten en tuindorpen met een heel eigen karakter. De dijken, polders en het Noordhollandsch Kanaal geven Noord ook een uitgesproken landschappelijke kwaliteit. Tegelijk wordt Noord met de ontwikkeling van de IJ-oevers meer onderdeel van Amsterdam. De twee heel verschillende werelden van de tuindorpen en de IJ-oevers gaan in de toekomst meer voor elkaar betekenen. Heel Noord voor alle Noorderlingen vraagt om betere verbindingen en nieuwe voorzieningen en werkplekken, die de IJ-oevers en het Buikslotermeerplein voor het hele stadsdeel betekenis zullen geven. Twee nieuwe vaste oeververbindingen brengen Noord en Amsterdam ten zuiden van het IJ dichter bij elkaar. Hierover gaan ook regionale fietsroutes lopen. Dankzij de ontwikkelingen op NDSM, Cornelis Douwes en de Zaanse Achtersluispolder gaat
124
Noord straks ook de verbinding aan met Zaandam. Nieuwe hoogwaardige openbaarvervoerlijnen en fietsroutes verbinden Noord en de haltes van de Noord/Zuidlijn met deze buurgemeente. Een schaalsprong in het ov is noodzakelijk en zeker in dit stadsdeel onlosmakelijk verbonden met de opgave voor autoluw. Op langere termijn kan een nieuwe metroverbinding via Haven-Stad en de westelijke IJ-oevers naar Zaandam gemaakt worden. Direct tegen de ontwikkelgebieden aan de IJ-oevers liggen bestaande buurten: de tuindorpen en naoorlogse wijken, doorsneden door de oude IJ-dijk. De opgave is inwoners van die bestaande buurten mee te laten profiteren van de ontwikkeling van hun stadsdeel. Er liggen daarvoor volop kansen. Geld dat vrijkomt dankzij ontwikkeling kan in de buurten gebruikt worden om de openbare ruimte en het groen te verbeteren. In
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
de nieuwe buurten aan het IJ blijft ruimte voor productieve bedrijvigheid. Parallel aan de noordelijke IJ-oever komt een doorlopende fiets- en voetgangersroute te lopen, waaraan parken, culturele instellingen, erfgoed, zwemplekken en andere publieke functies liggen. Ze vormen een parelketting die voor heel Noord een aantrekkelijke bestemming en ontmoetingsplek wordt. Langs de Noord/Zuidlijnstations is nog ruimte voor extra woningen en voorzieningen. Het Buikslotermeerplein bij metrostation Noord zal uitgroeien tot het hart van heel stadsdeel Noord. Het winkelcentrum verandert in een compacte stadsbuurt met wonen, werken, winkels en voorzieningen voor de omliggende buurten. Het wordt een experimentele ontwikkeling, met ruimte voor nieuwe ontwikkelvormen en bijzondere (werk-) functies. Hier is ook plek voor een nieuwe culturele trekker voor heel Amsterdam. Een nieuw plein bij metrostation Noord kan een centrale ontmoetingsplek voor Noord worden.
Deel II | Waar
•
•
Belangrijkste elementen op de stadsdeelkaart Buikslotermeerplein groeit uit tot stedelijk centrum dankzij verdichting met woningen en (grootstedelijke) voorzieningen. Twee vaste oeververbindingen over het IJ. Hierbij zijn de aanlandingen, de omliggende openbare ruimte en bebouwing en de verknoping met toevoerende routes onderdeel van de integrale opgaven op dit schakelpunt. Bij metrostations Noord en Noorderpark ligt een integrale opgave voor verdichting, verbindingen, de inrichting van de openbare ruimte en de aansluiting op de directe omgeving. De noordoever van het IJ wordt nog sterker een aaneenschakeling van plekken met een stedelijke betekenis (cultuurgebouwen, horeca, parken, standjes en festivallocaties). Deze plekken zijn met elkaar verbonden door routes langs het water en parallel aan de oever en met de rest van Noord dankzij groene routes. Door stedelijke ontwikkeling, verbindingen en nieuwe ov-verbindingen wordt de relatie met Zaandam versterkt. De Noorder IJ-plas wordt een publieke, groene plek met ruimte voor sport en waterrecreatie. Het Sixhavengebied krijgt een groene inrichting. Als in de toekomst wordt besloten een metrostation te realiseren, wordt opnieuw gekeken naar de gewenste inrichting van gebied. In Waterland zorgt een omschakeling naar kringlooplandbouw voor het tegengaan van bodemdaling, meer landschappelijke kwaliteit en een grotere biodiversiteit.
“Het zou goed zijn als de gemeente bepaalde industrieterreintjes weet te behouden met een verzameling van bedrijfjes bij elkaar” Peter Kuijl | Stadsdeel Noord
125
Betekenis van deze kaart: agenderend en richtinggevend aan projecten. De aanduiding voor stedelijke ontwikkeling is indicatief en duidt niet de specifieke grens van de betreffende ontwikkeling aan. Bij verandering van de situatie zijn de hier uitgezette lijnen het uitgangspunt.
het karakter van maatschappelijke en commerciële voorzieningen, het aanbod van culture instellingen en de identiteit van buurten. Alle zijn meer gericht op de Amsterdammers. De binnenstad heeft een grote aantrekkingskracht op bezoekers, talent en bedrijven. De bezoekerseconomie zorgt voor banen en inkomsten, draagt bij aan vernieuwing, houdt voorzieningen in stand waar Amsterdammers gebruik van maken en ondersteunt de internationale en open karakteristiek van de stad. De komst van bezoekers die van onze stad genieten is begrijpelijk. De binnenstad huisvest een deel van de belangrijkste culturele instellingen van het land, sommige zelfs met een internationale reputatie. Ook staat de binnenstad bekend om haar cultuurhistorie met onder meer de grachtengordel als Unescowerelderfgoed, ruim 6000 rijksmonumenten en zo’n 1000 gemeentelijke monumenten. Maar de bezoekerseconomie brengt ook complexe uitdagingen met zich mee die we het hoofd moeten bieden. De veiligheid en leefbaarheid staat in sommige delen onder druk. We willen een bezoekerseconomie stimuleren die waarde voor de binnenstad en haar inwoners toevoegt, die duurzaam is en de leefbaarheid verbetert. Vernieuwing en creatief ondernemerschap staan onder druk, met name door oplopende vastgoedprijzen en verdringing door andere functies. Het moet mogelijk worden innovatieve ondernemers meer ruimte te bieden.
Een breder cultuuraanbod en voorzieningen zoals apotheken of huisartsen zijn nodig. We willen samen met partners gemeenschappelijke belangen bepalen en zo sturen op een duurzamer, beter en meer divers gebruik van het vastgoed. De binnenstad wil spannend en vernieuwend blijven, onder andere met een kwalitatief en inclusief nachtaanbod. We willen meer aandacht voor kunst, cultuur en identiteit.
Centrum De afgelopen jaren voelden veel Amsterdammers zich niet altijd meer thuis in hun binnenstad. De toestroom van internationale bezoekers leidde er de afgelopen jaren tot een gevoel van vervreemding, ingegeven door drukte, ongewenst gedrag of sfeer. Tijdens de crisis werd pijnlijk zichtbaar welke buurten te afhankelijk zijn geworden van bezoekers en waar de woonfunctie onder druk staat. Het sterkt de overtuiging om te bouwen aan een meer diverse binnenstad waar niet alle buurten en straten op elkaar lijken, maar juist herkenbaar en weerbaar zijn door hun verscheidenheid. De Amsterdamse binnenstad moet weer een plek worden waar alle Amsterdammers graag komen en bewoners zich thuis voelen. Als centrum van de hoofdstad van ons land vervult het een plek van samenkomst en betekenis, onder meer vanwege de vele
126
culturele, maatschappelijke, economische en historische functies. Bezoekers uit binnen- en buitenland blijven we verwelkomen als open en internationale binnenstad, maar we verwachten wel dat ze staan voor dezelfde kernwaarden als wij. De ambitie voor de binnenstad is om de leefbaarheid en het buurtgevoel weer terug te brengen, de openbare ruimte zo in te richten dat deze uitnodigt tot ontmoeting en waar voorzieningen voor bewoners te behouden. Een binnenstad die bovendien verder is vergroend, waar overlast en drukte zijn teruggedrongen en waar de economische diversiteit is toegenomen. Straks sluit het winkelen horeca aanbod meer aan bij de Amsterdammers en minder bij de bezoekers. Er wordt meer gewerkt in de binnenstad, dankzij ruimte voor de formele en informele economie. Maar er wordt ook meer gewoond, dankzij een divers woningaanbod voor verschillende doelgroepen. Dezelfde verscheidenheid is terug te vinden in
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
en bezoekers. Gemotoriseerd verkeer wordt daarom vergaand teruggedrongen, waarbij wel rekening wordt gehouden met de logistiek. In de hele binnenstad komen voetgangers en fietsers op de eerste plaats. Hierdoor ontstaat meer ruimte voor verblijven en groen in de openbare ruimte. Een knip in de Weesperstraat, onderdeel van de Agenda Autoluw, vergroot in de oostelijke binnenstad de leefbaarheid en kwaliteit van de openbare ruimte. De omgeving van het Oosterdok biedt plek aan cultuur en grootschalige kantoren. Op het Marineterrein maken we een stedelijke mix van wonen en ruimte voor innovatieve bedrijvigheid en educatie. Aan het Oosterdok komt een stedelijk park. Defensie behoudt hier een basis. Ten slotte vraagt de verduurzaming van het gebied in relatie tot de cultuurhistorische waarden van het erfgoed om innovatieve en specifieke oplossingen. Om de binnenstad klimaatbestendiger te maken, onderzoeken we of, gekoppeld aan de inzet op autoluw, in het verleden gedempte grachten weer uitgegraven kunnen worden.
•
•
•
Belangrijkste elementen op de stadsdeelkaart Het centrum wordt vergaand autoluw, waardoor er ruimte komt voor groen in de openbare ruimte, de fiets en de voetganger. De opgave is om de balans van functies in het centrum te herstellen: ook gericht op bewoners, andere Amsterdammers en ruimte voor kantoren. Schakelpunten die verschillende buurten met elkaar kunnen verknopen, met een integrale opgave van openbare ruimte, infrastructuur, ov- en fietsverbindingen, bebouwing en programma zijn het Mr. Visserplein, de IJtunnelmond, de kruising Hoogte Kadijk - Sarphatistraat.
Nauwkeurig bestemmen en maatwerk moet de overlast van massatoerisme en ondermijning terugdringen. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de mogelijkheden om buiten de binnenstad een erotisch centrum of ‘prostitutiehotel’ te vestigen, om zo het Wallengebied te ontlasten. Bewoners zijn onmisbaar als het gaat om leefbaarheid, vitaliteit, sfeer en betrokkenheid. We willen daarom meer bewoning in de binnenstad mogelijk maken, in samenwerking met corporaties, beleggers, verenigingen van eigenaren, individuele pandeigenaren en ontwikkelaars. De binnenstad kent een veelheid aan openbare ruimtes, zoals grachten, straten, hofjes, pleinen, kleinere parken, maar ook nieuwere plekken, zoals het haventje van het Marineterrein of de recent ingerichte ontmoetingsplekken langs de Oude Turfmarkt en het Oosterdokseiland. De schaarse openbare ruimte wordt intensief gebruikt. De behoefte aan een autoluwe binnenstad en meer verblijfsruimte is daarom groot. Ook om verder te vergroenen en voorbereid te zijn op toename van bewoners, bedrijven
Deel II | Waar
“Zonder sturing trek je dezelfde mensen en hou je wat je hebt: massatoerisme, Nutellawinkels en coffeeshopbezoekers” Anna Bogman | Stadsdeel Centrum
127
Betekenis van deze kaart: agenderend en richtinggevend aan projecten. De aanduiding voor stedelijke ontwikkeling is indicatief en duidt niet de specifieke grens van de betreffende ontwikkeling aan. Bij verandering van de situatie zijn de hier uitgezette lijnen het uitgangspunt.
West Stadsdeel West heeft zich snel ontwikkeld tot een geliefde plek voor wonen, winkelen en uitgaan. In de meeste buurten is de balans tussen rust en drukte en dure en betaalbare woningen redelijk op orde. Maar er zijn ook buurten waar bewoners zich zorgen maken over de opmars van vakantieverhuur, liberalisering van sociale huurwoningen en de opmars van horeca. In West vestigen zich steeds meer cafés en restaurants. Zolang dat in de drukke stadsstraten gebeurt, geeft dat weinig problemen. Rond de Hallen heeft het bezoekersgebied zich echter uitgebreid naar de tussenliggende buurt. De opgave is om de balans tussen rustig wonen en reuring om de hoek te behouden. De prettige afwisseling tussen levendige stadsstraten en pleinen en rustige woonstraten wordt bewaakt. In de buurten direct rond het centrum is veel bouwdynamiek. Huizen worden vergroot en verbouwd. Duidelijke regels voor de bouwdynamiek in het omgevingsplan moeten overlast tegengaan en groen en cultuurhistorische waarden beschermen. Vanwege de druk op de woningmarkt is het behoud van betaalbare woningen een extra uitdaging.
•
• • •
• • •
Belangrijkste elementen op de stadsdeelkaart Verknoping van Haven-Stad met Bos en Lommer en de Staatsliedenbuurt door nieuwe noord-zuidverbindingen voor langzaam verkeer en op termijn ov. Stationskwartier Hemknoop: stevige verdichting, ruimte voor wonen, werken en (grootstedelijke) voorzieningen. Mogelijke verplaatsing van de Passenger Terminal Amsterdam naar de Coenhaven. Mogelijkheid voor een groen-blauwe hotspot in het nieuwe Haparandadampark: vergroten van de publieke betekenis door bijvoorbeeld horeca, sportvoorzieningen of een culturele instelling. Een oeververbinding die de Coenhaven met het Cornelis Douwesterrein verbindt. Een nieuwe oost-westfietsverbinding over het Foodcenterterrein en langs het Erasmuspark. Schakelpunten die verschillende buurten met elkaar kunnen verknopen, met een integrale opgave van openbare ruimte, infrastructuur, ov- en fietsverbindingen, bebouwing en programma zijn het Bos en Lommerplein en Surinameplein.
Aan de randen van West, langs de A10 en in Haven-Stad, worden veel nieuwe woningen gebouwd. Het is van groot belang dat bestaande buurten in West voor fietsers en met openbaar vervoer goed verbonden zijn met de nieuwe buurten, zodat ze onderdeel van het stadsdeel en de stad worden. De verbinding tussen Bos en Lommer en Haven-Stad vraagt vooral aandacht. Een speciale rol is daarbij weggelegd voor de doorlopende straten in het stadsdeel. Deze lange lijnen kunnen als stadsstraten en –lanen levendige verbindingen vormen binnen de stad. Verkeerspleinen zoals het Surinameplein en het Bos en Lommerplein kunnen een sterkere verblijfsfunctie krijgen. Door klimaatveranderingen komen heftige regenbuien steeds vaker voor. Vanwege de hoge mate van verharding, de hydrologische kenmerken (gemengd rioolstelsel en polderrioolstelsel) en de ligging van een aantal buurten in lagergelegen polders zijn delen van West kwetsbaar voor extreme neerslag. Door toevoeging van groen aan de buurt en in de openbare ruimte en het tegengaan van verdere verharding wordt deze kwetsbaarheid gereduceerd. In West is behoefte aan meer groen. Plek daarvoor kan gevonden worden door het beter inrichten en openbaarder maken van bestaand groen in het stadsdeel. In Haven-Stad vinden we aan het water ruimte voor twee nieuwe stadsparken, een park op de Haparandadam en een park in de Coen- en Vlothavens.
Autoluwere inrichting van straten en pleinen wordt gekoppeld aan vergroening, waarbij een grote rol is weggelegd voor zelfbeheer.
128
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
Deel II | Waar
“Om Amsterdam een gemengde stad te houden, zijn betaalbare jongerenwoningen noodzakelijk” Soe van Dijk | Stadsdeel West
129
Zuid Delen van Zuid worden steeds meer onderdeel van het stadscentrum. De Noordpijp en het Museumkwartier trekken bezoekers uit de hele stad en de regio en zijn ook voor toeristen een belangrijke bestemming. Mensen komen er om uit te gaan en te winkelen. Het Museumplein is een van de toeristische toplocaties van Europa geworden. De opgave in deze gebieden is om het beheer van de openbare ruimte op niveau te houden en om de leefbaarheid en de balans tussen rust en reuring te bewaken. Zuidas ontwikkelt zich verder tot hoogstedelijk stationskwartier, waar gewerkt en gewoond wordt en waar lokale, stedelijke en grootstedelijke voorzieningen te vinden zijn. De internationale bereikbaarheid van deze locatie maakt dat Zuidas een belangrijke rol heeft in de veelzijdige economie van Amsterdam. Het Zuidas Dokpark wordt een nieuwe, centrale, groene plek in het gebied.
op het verbeteren van routes, zoals door het inrichten van een fietsring over de Van Baerlestraat-Ceintuurbaan en een groene fietsroute, die Rembrandtpark, Schinkeloevers, Zuidas, Beatrixpark en Amsteloevers verbindt met de Watergraafsmeer. Om de leefbaarheid in de bestaande wijken te behouden zijn goede ov-verbindingen belangrijk, in het bijzonder ook voor de ouderen.
•
•
• In Plan Zuid en Buitenveldert is de bezoekersdruk veel minder een opgave. Tussen deze twee gebieden ligt Zuidas als grote ontwikkellocatie. Hier wordt ingezet op het bouwen van een leefbare en levendige woonwijk. Het verbinden van Zuidas met de omliggende wijken is een belangrijke opgave. De opgave om de barrièrewerking van de aanwezige infrastructuur te verkleinen is nog niet voltooid. De ontwikkeling van Zuidas en het deels ondergronds brengen van de A10 (Zuidasdok) is een kans om Plan Zuid en Buitenveldert beter met elkaar te verbinden. Onderdeel hiervan is het ontwikkelen van de Beethovenstraat en Parnassusweg-Buitenveldertselaan tot levendige stadsstraten met veel ruimte voor groen, lopen en fietsen. Betekenis van deze kaart: agenderend en richtinggevend aan projecten. De aanduiding voor stedelijke ontwikkeling is indicatief en duidt niet de specifieke grens van de betreffende ontwikkeling aan. Bij verandering van de situatie zijn de hier uitgezette lijnen het uitgangspunt.
Stadsdeel Zuid is een zeer populaire woonplek. In het hele stadsdeel is daardoor sprake van grote bouwdynamiek. Woningen worden onderkelderd, uitgebouwd en opgetopt. Dit zorgt voor veel overlast in de woonbuurten en gaat soms ten koste van groen en architectonische kwaliteit. Het stadsdeel wil de bouwdynamiek aan heldere regels binden. Daarbij is behoud van bestaande kwaliteiten, de leefbaarheid, het groen en kleinschalige voorzieningen, met ruimte voor mogelijkheden voor transformatie het uitgangspunt. Investeren in bestaande buurten blijft hard nodig. In de kwaliteit van woningen, het groen en de openbare ruimte en in de verbindingen, zoals stadsstraten en stadslanen. Deze smeden het staddeel immer aaneen en verankeren Zuid in de omliggende stad. De verbinding van buurten in Zuid en van Zuid met aangrenzende stadsdelen en het landschap wordt verbeterd. Deels als onderdeel van gebiedsontwikkelingen, zoals door het afwaarderen van de A2 vanaf de Utrechtsebrug en het aansluiten van de Stadionweg-Laan van de Hesperiden over de Schinkel naar Nieuw-West en de Nieuwe Meer. Deels zetten we gericht in
130
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
Deel II | Waar
• • •
Belangrijkste elementen op de stadsdeelkaart Stationskwartieren Zuid en RAI: stevige verdichting, ruimte voor wonen, werken en (grootstedelijke en internationale) voorzieningen, bijvoorbeeld in relatie met het kenniskwartier van de VU. Versterken noord-zuid en oost-west gerichte routes, die de Zuidas intern verbinden en verknopen met de omliggende buurten. Een nieuwe brug over de Schinkel tussen Laan van de Hesperiden en Schinkelkwartier. Een nieuwe fietsburg van de Zuidas naar de Oeverlanden Doortrekken Westlandgracht. Schakelpunten die verschillende buurten met elkaar kunnen verknopen, met een integrale opgave van openbare ruimte, infrastructuur, ov- en fietsverbindingen, bebouwing en programma zijn de knoop Vlaardingenlaan - Rijnsburgstraat - Aalsmeerweg, omgeving onderdoorgang Ringweg Zuid bij de Europaboulevard, omgeving Strawinskylaan.
“Het zou mooi zijn als het imago van Amsterdam verschuift van toeristenstad naar creatieve, duurzame stad waar mensen wonen en werken” Ard van der Veldt | Stadsdeel Zuid
131
Betekenis van deze kaart: agenderend en richtinggevend aan projecten. De aanduiding voor stedelijke ontwikkeling is indicatief en duidt niet de specifieke grens van de betreffende ontwikkeling aan. Bij verandering van de situatie zijn de hier uitgezette lijnen het uitgangspunt.
fiteren van de nieuwe ontwikkelingen. Doordat bewoners over de buurtgrenzen heen gebruikmaken van de verschillende kwaliteiten en voorzieningen wordt de leefbaarheid in de afzonderlijke buurten versterkt. De opwaardering van de Amsterdamsebrug leidt tot een verknoping van het Zeeburgereiland, de Sluisbuurt, het Flevopark en de Indische Buurt. De ontwikkeling van Amstelkwartier/Overamstel biedt kansen voor de verbinding tussen ‘oude’ en ‘nieuwe’ Watergraafsmeer. De inzet op complete buurten vraagt ook om een investering in het centrum van de nieuwe gebieden op IJburg. De afwaardering van de Gooiseweg en de A2-zone biedt uitstekende mogelijkheden tot verdichting met veel groene kwaliteit in de gebieden eromheen.
• •
• • •
• De ontwikkelingen vragen om betere openbaarvervoerverbindingen. Bijvoorbeeld een HOV-verbinding naar het Zeeburgereiland en IJburg is nodig om deze nieuwe gebieden veel beter te ontsluiten. Ook vragen de ontwikkelingen om logische routes voor fietsen en lopen. Een voorbeeld zou de lijn Amstelstroomlaan-Bajesbuurt, Kruislaan kunnen zijn, die Amstelkwartier, Watergraafsmeer en Science Park met elkaar verbindt. Daarnaast is de verbinding van IJburg met het centrum, maar ook met Diemen en Zuidoost een belangrijke opgave. De waterplas Het Nieuwe Diep is ook zo’n kruispunt van verbindingen die door toename van het gebruik goed moet worden aangehaakt bij de gebiedsontwikkelingen eromheen.
•
•
Oost Stadsdeel Oost is een mozaïek van zeer verschillende buurten met een eigen karakter en te koesteren kwaliteiten. In de Oosterparkbuurt, Dapperbuurt en Indische Buurt zijn de opgaven heel anders dan in het Oostelijk Havengebied en op IJburg. Oost bestaat enerzijds uit zeer stedelijke buurten, via straten en lanen nauw verweven met de stad als geheel, en deels is het stadsdeel een archipel van meer opzichzelfstaande woongebieden. In Oost is sprake van een fijne woonomgeving, met een mix aan wonen, werken en groen, met een veelzijdig voorzieningenniveau. De opgave is om de levendigheid op peil te houden en de middengroep en gezinnen voor het stadsdeel te behouden en bestaande kwaliteiten te versterken. De oude wijken van Oost laten een goede balans zien tussen bebouwing en openbare ruimte. Het stadsdeel wil de kwaliteit
132
van deze wijken zoveel mogelijk versterken door vergroening van de openbare ruimte, met aandacht voor toegankelijkheid en verblijf en ontmoeting. Het stadsdeel krijgt met vergrijzing te maken en dat betekent veel voor de eisen die we aan de leefomgeving stellen. De nabijheid van voorzieningen is voor ouderen bijvoorbeeld erg belangrijk. Net als voldoende plekken om elkaar spontaan te ontmoeten. In Oost zijn veel nieuwe ontwikkelingen. Op het Zeeburgereiland, IJburg II en in het Amstelkwartier verrijzen de komende jaren duizenden nieuwe woningen, terwijl langs de Wibautas de campus van de Hogeschool van Amsterdam bijna klaar is. Stadsdeel Oost ziet de grootschalige ontwikkeling van nieuwe gebieden als belangrijke kans voor betere verbindingen tussen de verschillende buurten. Op die manier kan het hele stadsdeel pro-
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
De toegankelijkheid van het groen in Oost kan beter. De Diemerscheg is een belangrijk groengebied voor Oost, maar door infrastructuur is het groen totaal versnipperd. Dit gebied vraagt om een impuls aan kwaliteit, toegankelijkheid, met aandacht voor klimaatbestendigheid, zodat het beter benut kan worden voor recreatie in een verdichtende stad. Routes naar de Amstelscheg en Diemerscheg worden aantrekkelijk en veilig ingericht. We zoeken naar meer gebruiksmogelijkheden in de parken en in de koppen van de scheggen. Op IJburg maken we op het buiteneiland een nieuw stadspark. Op IJburg en op de kop van het Zeeburgereiland kun je aan het water recreëren. De kop van het Javaeiland behoudt zijn open karakter en krijgt als blauw-groene hotspot een belangrijke recreatiefunctie. Oost kent een aantal zeer populaire groene gebieden aan het water die recreanten uit de gehele stad trekken. De randen van het water, worden overal belangrijker als plek waar je verkoeling kan zoeken. Dit heeft een grote impact op de groene oevers en de woonbuurten waar deze plekken liggen, omdat deze plekken niet zijn toegerust op een dergelijke toestroom van bezoekers. Dit vraagt om het goed doordenken van recreatie langs het water in de stad met aandacht voor de inrichting en het beheer. In Oost zijn veel actieve bewonersnetwerken.
Het stadsdeel wil samen met deze netwerken onder andere invulling geven aan het lokaal opwekken van duurzame energie.
• •
Belangrijkste elementen op de stadsdeelkaart Vergroenen van sterk stenige openbare ruimtes, zoals de kades in het Oostelijke Havengebied. De brug over het IJ vanaf het Azartplein. Hierbij is de aanlanding, de omliggende openbare ruimte en bebouwing en de verknoping met toevoerende routes onderdeel van de integrale opgave op dit schakelpunt. Afslag 113 aansluiten naar Science Park. Pontverbinding Sporenburg – Sluisbuurt. Stationskwartieren Amstel en Muiderpoort (op termijn): stevige verdichting, ruimte voor wonen, werken en (grootstedelijke) voorzieningen, zoals onderwijsinstellingen. Mogelijkheid voor een groen-blauwe hotspot op kop Javaeiland, kop Sluisbuurt en Buiteneiland: vergroten van de publieke betekenis door bijvoorbeeld horeca, sportvoorzieningen, waterrecreatie of culturele instellingen. Op deze plekken ligt de nadruk op buitenactiviteiten. Eventueel hoort daar gebouwd programma bij, maar verdichting is hier geen opgave. Gooiseweg als stadslaan. Een autoluwe stad biedt mogelijkheden voor een nieuwe betekenis voor de Gooiseweg. Deze route verandert van stadssnelweg tot een prettige laan die Zuidoost met het centrum verbindt. Dankzij woningbouw en nieuwe groene plekken richten buurten zich naar deze nieuwe laan.
Verstevigen van het kenniskwartier Science Park door verdichting, functiemenging, aandacht voor groen en de inrichting van de openbare ruimte en een goede aansluiting op de omgeving. Stadsstrand in het Flevopark. Schakelpunten die verschillende buurten met elkaar kunnen verknopen, met een integrale opgave van openbare ruimte, infrastructuur, ov- en fietsverbindingen, bebouwing en programma zijn Kruising IJburglaan - Zuiderzeeweg, de aanlanding Amsterdamsebrug met tram bij het Flevopark, omgeving Prins Bernhardplein – kop Gooiseweg.
“Ik vind het fijn dat er in de Javastraat zoveel nieuwe winkels bij zijn gekomen. Ik vind de diversiteit goed, het was niet goed dat er alleen supermarkten en belwinkels zaten. Ik vind dat mijn buurt echt vooruitgaat” Fadma | Stadsdeel Oost
Deel II | Waar
133
9 Een samenhangende en adaptieve fasering
centrum met stationskwartier. Aan de zuidwestzijde van de stad gaat de transformatie van het Schinkelkwartier van start, aansluitend op de lopende ontwikkelingen in Slotervaart. Gekoppeld aan de groei van de stad doen we investeringen in de kwaliteit van het landschap. We vormen het Diemerbos om tot Groot Nat Klimaatbos en verbeteren de recreatieve kwaliteit van het Amsterdamse Bos en vooral van de Oeverlanden, waarbij bestaande natuurwaarden versterkt worden.
• Met de omgevingsvisie laat Amsterdam zien tot 2050 ruimte te kunnen bieden aan zeker 150.000 woningen, 200.000 arbeidsplaatsen, inclusief bijbehorende voorzieningen en infrastructuur voor grote transities. Gebiedsontwikkeling, -transformatie en verdichting hangen samen met grote investeringen. Op termijn is de groei van de stad zonder een aantal van die investeringen niet vol te houden. Om die reden wordt de koppeling tussen ontwikkelingen en investeringen onderdeel van de tweejaarlijkse monitoring. Uit ervaring weten we dat waar en wanneer we groeien op de langere termijn niet goed te voorspellen is. Niet alles kan tegelijk en er zijn grenzen aan het groeitempo dat de stad aankan. Amsterdam laat met deze omgevingsvisie zien dat de stad zijn aandeel kan nemen in de woningbouwopgave en economische groei van de regio en ons land. Maar daarmee is die groei nog niet geregeld. Ondanks de vele afhankelijkheden en onzekerheden is het belangrijk in dit hoofdstuk een faseringsbeeld te laten zien tot 2050. De fasering is opgebouwd uit projecten met bijbehorende grote investeringen. Deze vormen ontwikkelingen die in samenhang bezien moeten worden. De fasering die we hier presenteren is in zoverre aanpasbaar, dat bij veranderende inzetten of ontwikkelsnelheden verschillende ontwikkelingen eerder dan wel later uitgevoerd kunnen worden of zelfs geheel achterwege kunnen blijven.
Uitgangspunt is dat binnen de ruimtelijke kaders van de omgevingsvisie een jaarlijkse bouwambitie van ca. 5.500 woningen in Amsterdam mogelijk is.
Fasering op hoofdlijnen Tot 2050 onderscheiden we drie stappen van telkens tien jaar waarin investeringen in openbaar vervoer en groen randvoorwaardelijk samenhangen met ontwikkelingen: Fase 1: 2021–2030 Fase 2: 2031–2040 Fase 3: 2041–2050
134
De invulling van de fasering is gebaseerd op de huidige bestuurlijke prioriteiten, beleidsinzetten en de afspraken die we met rijks- en regiopartners gemaakt hebben. De belangrijkste zijn de volgorde in uitbreiding van het metrosysteem, het beleid ten aanzien van de geleidelijke transformatie van bedrijventerreinen, het stap voor stap uitrollen van autoluw en de IJ-oeververbindingen. Deze fasering op hoofdlijnen geeft aan wat de gemeente nastreeft in de verschillende fasen. De besluiten over daadwerkelijke investeringen moeten te zijner tijd worden genomen. Fase 1: 2021–2030 De eerste fase van 2021 tot 2030 omvat grofweg de ontwikkelingen waarvan de principefase al gestart is of waarover al een principebesluit is genomen. Het zwaartepunt van de ontwikkeling ligt aan de oost- en zuidoostzijde van Amsterdam. Wel gaan grote ontwikkelingen aan de westzijde al van start. Aan de IJ-oevers werken we door aan de lopende projecten. In de eerste fase vinden grote projectgebonden investeringen in bereikbaarheid, groen en openbare ruimte plaats. Toch kan Amsterdam nog vooruit zonder systeemuitbreiding. Een eerste aanzet daartoe vormt wel de realisatie van Zuidasdok. Ook starten we met de grote systeemuitbreiding die randvoorwaardelijk is voor Fase II, de Noord/Zuidlijn naar Hoofddorp en het sluiten van de Ringlijn via Centraal Station.
De ontwikkelingen op IJburg II en op Zeeburgereiland worden gerealiseerd, met bijbehorende investeringen in openbaar vervoer (IJ-tram, Amsterdamsebrug) en nieuw groen (Buiteneiland). Transformatie van Overamstel en de Bijlmerbajes wordt voortgezet. In Bijlmer-West transformeert Bullewijk tot gemengde en hoogstedelijke buurt. Op de Noordelijke IJ-oever transformeren het Hamerkwartier, Buiksloterham en NDSM tot gemengde stadsbuurten. Hier hoort de HOV-lijn over de Klaprozenweg bij en nieuw groen op de NDSM-werf. Rond het Buikslotermeerplein begint de ontwikkeling tot gemengde stadsbuurt. Haven-Stad gaat op de Sloterdijken van start met de transformatie van Sloterdijk I tot gemengde stadsbuurt. Rond station Sloterdijk ontstaat een hoogstedelijk
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
•
•
•
• •
• •
• • •
•
Infrastructuur Zuidasdok Ondergronds brengen van de A10-Zuid en capaciteitsuitbreiding Station Zuid. HOV Zaan-IJ Busverbindingen vanaf metrohaltes Noorderpark en Noord richting Zaandam. HOV IJburg Gekoppelde trams tussen Centraal Station en IJburg II. Volwaardige ov-verbinding IJburg-Amsterdam-Oost. Snelle busverbindingen Met omliggende kernen, waarmee we met relatief lage kosten betrouwbare, snelle en hoogfrequente verbindingen tussen stad en regio creëren. Eerste vaste oeververbinding over het IJ Investeringen in NS-stations en omgevingen Lelylaan, Zuid, Amstel, Sloterdijk, Bijlmer ArenA om betere spreiding van treinreizigers mogelijk te maken. Groen Landschapspark Diemerscheg Omvormen tot een Groot Nat Klimaatbos. Landschapspark Oeverlanden-Amsterdamse Bos Vergroten recreatieve en ecologische waarde in relatie tot Schinkelkwartier en Zuidas. Zuidasdokpark Nieuw stadspark op de ondergronds gebrachte A10-Zuid. Hondsrugpark Nieuw stadspark in Bijlmer-West. NDSM-oost Groene invulling aan het water van oostelijk deel van de NDSM-werf. Buiteneiland IJburg Nieuw park als onderdeel van IJBurg-II.
rijkste. De gesloten metroringlijn zorgt ook voor extra capaciteit op de Geinlijn. Hierlangs start in Zuidoost een volgende fase van transformaties in Bijlmer-West en verdichting in Bijlmer-Centrum tot stedelijk centrum. Langs de westelijke Noordelijke IJ-oevers begint de transformatie van het Cornelis Douwesterrein. In Noord verdichten we langs doorgaande wegen rondom het Buikslotermeerplein. In Nieuw-West start de ontwikkeling rondom de Burg. Roëllstraat en de Lelylaan. De ontwikkeling van Zuidoost, Ouderkerk en Overamstel vraagt om een betere verbinding met het landschap van de Amstelscheg en verbeteren van de recreatieve waarde. Afhankelijk van de uitkomsten van de Regionale Energiestrategie kijken we naar mogelijke inpassing van duurzame energieopwek. In Waterland stimuleren we de ontwikkeling tot Amsterdam Wetlands. Inzetten zijn omschakelen naar landschapsinclusieve landbouw, stoppen bodemdaling, verhogen biodiversiteit en vergroten van het waterbergend vermogen. Gecombineerd met het geleidelijk en passend vergroten van mogelijkheden recreatief medegebruik.
•
•
•
• •
•
• Fase 2: 2031 – 2040 Om in de tweede fase van 2031-2040 te kunnen doorgroeien is direct aan het begin van deze fase het gereedkomen van de eerste twee metro-uitbreidingen nodig. Deze bieden de ruimte in het vervoersysteem om aan de westzijde van Amsterdam met diverse ontwikkelingen een volgende fase in te gaan. De Sloterdijken en Schinkelkwartier-Oeverlanden zijn daarvan de belang-
Deel II | Waar
•
•
Infrastructuur Metro Ringlijn sluiten Isolatorweg-Centraal Station Aansluiten van de oostbuis op doorgetrokken Ringlijn. Maakt een intensievere bediening van de Oostlijn en de Ringlijn mogelijk en ontsluit ontwikkellocaties in Haven-Stad. Metro Noord/Zuidlijn verlengen naar Hoofddorp Ontlasten intercityknoop Schiphol en spoor, waardoor ruimte voor meer intercity’s en internationale treinen ontstaat. Nieuwe halte bij Schinkelkwartier/SADC-strook langs de A4 maakt ontwikkelingen hier mogelijk. Metro IJmeer Aansluiting van Almere op het Amsterdamse metronet ontsluit nieuwe ontwikkellocaties aan de westzijde van Almere en ontlast het nationaal spoor tussen Almere en Amsterdam. Tweede vaste IJ-oeververbinding HOV Zaan-IJ Eventuele ombouw van de zuidelijke busverbinding over de Klaprozenweg tot hoogwaardige, snelle bus of gekoppelde sneltram. Groen Landschapspark Amstelscheg Vergroten recreatieve waarde en toegankelijkheid en verbeteren stad-landverbindingen op basis van huidige landschappelijke kwaliteiten. Landschapspark Waterland – Amsterdam Wetlands Omschakelen naar kringlooplandbouw, stoppen bodemdaling en verbeteren van de biodiversiteit. Geleidelijk en passend vergroten van de recreatieve mogelijkheden. Landschapspark Scheg van West Uitbouwen van Tuinen van West tot samenhangend landschapspark. Haparandadampark-park
135
Samenhang ontwikkeling en investeringen in 3 stappen: 2021-2030, 2031-2040, 2041-2050.
autoluw: Centrum
parken & landschapsparken: Hondsrugpark, Buiteneiland, park NSDM-Oost, Amsterdamse Bosscheg, Diemerscheg
metro: sluiten Ringlijn, verlengen Noord/Zuidlijn en IJ-meerlijn
eerste vaste IJ-oeververbinding
autoluw: vooroorlogse stad (exclusief Noord)
parken & landschapsparken: Haparandadampark, Amstelscheg, Waterlandscheg, Scheg van West
fase 1: 2021-2030 fase 2: 2031-2040
metro: Oostlijn verlengen naar Zaanstad, IJmeer-lijn, Oost-westlijn
fase 3: 2041-2050, optie a fase 3: 2041-2050, optie b
136
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
Deel II | Waar
tweede vaste IJ-oeververbinding
autoluw: naoorlogse stad
137
parken & landschapsparken: Park Haven-Stad, Noorder IJplas, Spaarnwouderscheg
Fase 3: 2041–2050 In de laatste fase liggen de belangrijkste ontwikkelingen in Haven-Stad en opnieuw in Zuidoost. Een metro-uitbreiding richting Zaandam kan het spoor richting Noord-Holland-Noord ontlasten en biedt extra ontwikkelkansen in de laatste fasen van Haven-Stad en in Zaandam. Zuidoost komt met de ontwikkeling van de strook langs de A2 te liggen aan het landschap van de Amstelscheg. In Zuidoost ontstaat dankzij de uitrol van de autoluwe stad de mogelijkheid langs de Gooiseweg een nieuwe ontwikkeling te starten. In Nieuw-West biedt de autoluwe stad eveneens verdere mogelijkheden langs de Lelylaan. Rondom Osdorpplein vindt verdere verdichting plaats tot gemengde stadsbuurt en stedelijk centrum, eventueel in combinatie met een Oost/Westlijn.
•
•
•
• •
Infrastructuur Metro Zaan/Amstellijn Aftakking van de gesloten Ringlijn vanaf de Hemknoop via de Coen- en Vlothavens, C. Douwes en Achtersluispolder naar Zaandam-Oost. Deze metrolijn ontlast de treinverbindingen door de Hemtunnel, ontsluit nieuwe ontwikkellocaties langs de westelijk IJ-oevers en verbindt bestaande buurten in Zaandam met het economisch kerngebied aan de zuidzijde van de agglomeratie. Metro Oost/Westlijn Verbinding tussen Osdorp en Muiderpoort/Science Park. Ontlast het binnenstedelijk tramnet en maakt betere verdeling van treinreizigers over Amsterdamse stations mogelijk. Lijn kan westelijk verlengd worden naar Schiphol en oostelijk aangesloten worden op een metro richting Almere. Groen Landschapspark Spaarnwoude Vergroten van de groene kwaliteit en aanwijzen plekken voor intensieve vormen van recreatie. Park Haven-Stad Nieuw park in de Coen- en Vlothavens. Park Noorder IJplas Nieuw park rond de Noorder IJplas, gekoppeld aan ontwikkeling van de Achtersluispolder en Cornelis Douwes II.
Samenhangende ontwikkelingen en investeringen De fasering is ingedeeld in ontwikkelingen en grote investeringen in bereikbaarheid en groen. Deze ontwikkelingen vallen weer in gebieden waarbinnen ontwikkelingen een sterke onderlinge ruimtelijke samenhang kennen. Als doorwerking van de omgevingsvisie zullen we op basis van een indeling in gebieden samen met projecten en de stadsdelen onderzoeken hoe we die ruimtelijke samenhang richting 2050 kunnen borgen en koppelkansen tussen ontwikkelingen kunnen verzilveren.
138
•
•
•
•
Ontwikkelingen per gebied Zuidoost a. Bijlmer-West en Bijlmer-Centrum b. Gooiseweg c. Overamstel-Weespertrekvaart Noordoost a. Science Park b. Zeeburgereiland en IJburg-II c. Muiderpoortstation d. IJ-oevers Oost e. Nieuw-Noord Noordwest a. Slotermeer-Geuzenveld b. Sloterdijken c. IJ-oevers West d. Coen- en Vlothaven-Cornelis Douwes II Zuidwest a. Lelylaan-Osdorpplein b. Slotervaart c. Zuidas d. Schinkelkwartier-Oeverlanden
De grote investeringen In de afstemmings- en samenwerkingstrajecten met onze rijks- en regiopartners hebben we de afgelopen jaren afspraken gemaakt over een gezamenlijke inzet op grote investeringen in bereikbaarheid, groen en voorzieningen. Hierbij is steeds de afweging gemaakt op basis van maatschappelijke urgentie en een meervoudige werking van investeringen. Naast regionale investeringen in bereikbaarheid doen we ook investeringen in groen, openbare ruimte, stedelijke bereikbaarheid – fiets, HOV, dragend openbaar vervoer – , die direct gekoppeld zijn aan ontwikkelingen.
Vier gebieden met sterke ruimtelijke samenhang, daarbinnen de grote ontwikkelingen. Per gebied is de bandbreedte van de ontwikkelruimte voor woningen
Financiering Deze omgevingsvisie combineert ruimtelijke inrichting met doelen op groen, wonen, werk, duurzaamheid en leefomgeving. Veel van de ambities in deze omgevingsvisie kunnen we realiseren met lokale partijen: burgers, instellingen, bedrijven en gemeente. Maar de hier geschetste ontwikkel- en beheeropgaven zijn ook van een bovenstedelijk, regionaal en nationaal belang. Realisatie van de ambities uit de omgevingsvisie is daarom mede afhankelijk van de samenwerking met het Rijk, de provincies en de regiopartners. Uiteindelijk zijn de grote investeringen randvoorwaardelijk voor de uitvoering van projecten en de haalbaarheid van de groeiopgave als geheel. Bij financiële doorwerking van de omgevingsvisie zijn drie aspecten van bijzonder belang:
aangegeven, rekening houdend met ruimte voor groen,
1.
2. 3.
De financierbaarheid van niet alleen grote, maar ook projectoverstijgende investeringen in infrastructuur, openbare ruimte en voorzieningen. De beheerkosten van infrastructuur, openbare ruimte en groen. Het verdienvermogen van de ruimtelijke ontwikkeling.
Het verkennen van nieuwe benaderingen rond deze financieringsvraagstukken zal parallel plaatsvinden naast het werken met bestaande werkwijzen en financieringssystematieken. Dit is van groot belang, omdat op dit moment de financiën ontoereikend zijn voor de ambities.
sport, werken en maatschappelijke voorzieingen.
“Een uitgebreid ov-netwerk brengt je snel overal naartoe zowel binnen de stad als in de regio. Je hebt geen spoorboekje nodig omdat trams, metro, treinen, elektrische bussen en veren af en aan rijden/varen” Ethel van Kesteren | Stadsdeel Oost
Omgevingsvisie 2050 | Een menselijke metropool
Deel II | Waar
139
10 Ruimtelijke reserveringen Reserveringsnummer
Amsterdam heeft meerdere stadsbrede ambities die op middellange en lange termijn
Startpakket
strategische ontwikkelruimte vragen. De stad is tegelijkertijd volop in ontwikkeling.
Cluster
Titel Reservering
Gebied
Spoor
Zo zullen er nieuwe stukken stad verrijzen in de komende decennia, terwijl andere delen
1
Spoor
Zuidwestboog
Nieuw-West
transformeren in vorm of bestemming. In de stad is er onvoldoende ruimte om deze ambities
2
Spoor
Westrandspoorlijn / Bypass West (incl. aansluiting Haarlemlijn)
Nieuw-West
naast elkaar te realiseren. Verschillende ambities kunnen daarom ruimte vragen op dezelfde
3
Spoor
Emplacement Watergraafsmeer
Oost
locatie. Ruimtelijke reserveringen zijn nodig om ruimte te bewaren voor het realiseren van
4
Spoor
Uitbreiding van station Amsterdam Science Park bij evt. spoorverdubbeling
Oost
cruciale infrastructuur op de lange termijn. Hierdoor blijft strategische ontwikkelruimte
5
Spoor
Spooruitbreiding Muiderpoort – Watergraafsmeer – Zuidtak
Stedelijk
voor Amsterdam beschikbaar, zodat de stad ook in de toekomst wendbaar blijft om mee te
6
Spoor
Spooruitbreiding Duivendrecht – Muiderstraatweg – Overdiemerpolder
Stedelijk
bewegen met de behoeften vanuit de maatschappij.
7
Spoor
Diemerboog
Stedelijk
8
Spoor
Spooruitbreiding Duivendrecht
Stedelijk
9
Spoor
Venserpolderboog
Stedelijk
10
Spoor
Spooruitbreiding tussen stations Bijlmer – Duivendrecht – Amstel (evt. Centraal Station)
Stedelijk
11
Spoor
Spoortunnel/aquaduct Weesp
Weesp
12
Spoor
Ongelijkvloerse kruising en aansluiting Transformatorweg
West
13
Spoor
Spooruitbreiding Westtak tot Contactweg
West
14
Spoor
Emplacement Westhavenweg
Westpoort
15
Spoor
Haarlemboog
Westpoort
16
Spoor
Aansluiting Haarlemlijn – Westtak
Westpoort
17
Spoor
Spooruitbreiding Sloterdijk – Zaanstad
Westpoort
18
Spoor
Stamlijn Siciliëweg
Westpoort
19
Spoor
Spooruitbreiding voor emplacement Aziëhavenweg
Westpoort
20
Spoor
Achteringang emplacement Aziëhavenweg
Westpoort
21
Spoor
Westhavenboog
Westpoort
22
Spoor
Spooruitbreiding Zuidtak Schinkel – RAI
Zuid
23
Spoor
Keersporen Holendrecht/AMC
Zuidoost
24
Spoor
Goederenwachtsporen Holendrecht
Zuidoost
25
Spoor
Keersporen Duivendrechtseveld
Zuidoost
Een ruimtelijke reservering is een reservering of bestemming voor de fysieke aanleg van toekomstige (hoofd)infrastructuur, bijvoorbeeld ten behoeve van een metrolijn, fietsbrug of een tunnel. Reserveringen kunnen dienen voor het handhaven van het bestaande infrastructuurnetwerk of voor het waarborgen van de mogelijkheden voor uitbreidingen hiervan. Er gelden naast reserveringen voor uitbreidingen en aanpassingen aan de infrastructuur ook strategische reserveringen voor regionale en nationale infrastructuur, zoals spoorlijnen en snelwegen. Beheer en eigendom hiervan valt buiten de gemeentelijke organisatie. De reserveringen zijn wel bepalend voor de mogelijk- en onmogelijkheden van ruimtelijke ontwikkeling op het grondgebied van Amsterdam. Amsterdam houdt zich aan bestaande reserveringen van RWS en ProRail.
nen richten zich op het mogelijk maken van gebiedsontwikkeling in specifieke delen van de stad voor de korte en middellange termijn. Het startpakket is niet uitputtend, maar vormt een startpunt. Verschillende projecten vragen nog verdere afstemming en uitwerking. Deze mogelijke reserveringen werkt de gemeente uit in een later stadium, in samenwerking met haar partners, ter voorbereiding op de definitieve omgevingsvisie.