CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Begroting 2022.pdf

Raadscommissie Mobiliteit, Luchtkwaliteit, Water (MLW) 27 oktober 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Begroting 2022 Gemeente Amsterdam (ZD2021-013537)42.583 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

47

H 3.2.1

Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

2

10% (2012)

3

4

Maximaal percentage verwaarloosde fietsen en wrakken (1 procent) en percentage ongebruikte fietsen (op basis van de maximale parkeerduur van 2 weken en 6 weken) in de rekken (2 procent).

Begroting Prognose 2022 2023-2025

VerwaarWrakken: VerwaarVerwaarloosde 1%, loosde loosde fietsen en ongebruikte fietsen en fietsen en wrakken: fietsen: 2% wrakken: wrakken: 13,6%. 6%. 6%. OngebruikOngebruik- Ongebruikte fietsen: te fietsen: te fietsen: 7% 4% 4%

Percentage Plusnet Fietsroutes Streefwaarden dat voldoet aan de minimale zijn in nieuwe streefkwaliteit (gemiddelde beleidskader trajectsnelheid) uit de verkeersnetMobiliteitsAanpak Amsterdam. ten aangepast Streefcijfer 88%. Trajectsnelheid t.o.v. eerdere in km/u binnen Ring A10,exclujaren sief Noord: >15,1. Buiten Ring A10 en Noord >16 Fietstevredenheidscijfer. Streefwaarde 7,5 in 2025 (fietstevredenheid wordt 2 jaarlijks gemeten)

Begroting 2021

100%

7,1 (2015)

7,3

100%

7,1

Doel 2.1.2 Amsterdam is voor iedereen bereikbaar op een veilige en duurzame manier. Indicatoren doel 1

Percentage Plusnet auto dat voldoet aan de minimale toetswaarde voor de gemiddelde trajectsnelheid uit het Beleidskader Verkeersnetten

2

Het aantal gebieden (van de 22) in Amsterdam dat wordt onderhouden op kwaliteitsniveau Sober, ten aanzien van verhardingen (de cijfers van Groen en de prognose 2020-2023 zijn nog niet bekend)

3

Achterstallig onderhoud ten aanzien van assets groen en verhardingen. Streefwaardes uitgedrukt in € aan achterstallig onderhoud

4

Versnellen van de vervanging van bruggen (aantal per jaar) en kademuren (strekkende meters per jaar)

100%

7,2

Activiteit 2.1.1.3

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

62%

70%

69%

69%

11

16

18

19

€ 19,5 € 15 miljoen € 10 miljoen miljoen

€ 15 miljoen

(2019)

€ 60 miljoen (2016)

(2019)

We zorgen voor veiligheid en doorstroming op drukke verblijfsplekken Indicatoren activiteit 1

Inzet crowdmanagement tijdens feestdagen gericht op doorstroming publiek. Inzet crowdmanagement Wallen zorgt voor geen afsluitingen door de politie. Streefwaarde is beschikbaarheid van stegen

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

≥ 95%

≥95%

3 bruggen in voorbereiding; 240m vernieuwing kademuur gereed

Begroting Prognose 2022 2023-2025

19 bruggen in voorbereiding

Begroting Prognose 2022 2023-2025 ≥95%

≥95%

Activiteit 2.1.2.1 We beheren en onderhouden onze assets (verkeer, vervoer en parkeren). Indicatoren activiteit 1

Beschikbaarheidspercentage Amsterdamse wegtunnels voor verkeer

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020 n.v.t.

98%

Begroting 2021 98%

Begroting Prognose 2022 2023-2025 98%

<98%

48

H 3.2.1

Indicatoren activiteit 2

Het aantal gebieden (van de 22) in Amsterdam dat wordt onder­ houden op kwaliteitsniveau Sober, ten aanzien van verhardingen (de cijfers van Groen en de prognose 2020­2023 zijn nog niet bekend)

3

Achterstallig onderhoud ten aanzien van assets groen en verhardingen. Streefwaardes uitgedrukt in € aan achterstallig onderhoud

4

Versnellen van de vervanging van bruggen (aantal per jaar) en kademuren (strekkende meters per jaar)

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020 (2019)

11

Begroting 2021 16

Begroting Prognose 2022 2023-2025 16

16

Activiteit 2.1.2.3 We stimuleren duurzamere mobiliteit. Indicatoren activiteit

€ 60 miljoen (2016)

(2019)

€ 19,5 € 15 miljoen € 15 miljoen € 1 miljoen miljoen

3 bruggen in voorbereiding; 240m vernieuwing kademuur gereed

PM 19 bruggen in voorbereiding

1

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025

Geen indicatoren. Actieplan Schone Lucht rapporteert in het jaarverslag onder programma 9 met indicatoren voor luchtkwaliteit.

PM

Activiteit 2.1.2.4 We maken parkeren van auto en fiets duurzaam en kosteneffectief mogelijk. Indicatoren activiteit

Activiteit 2.1.2.2 We zorgen voor een slim en robuust netwerk ten behoeve van de doorstroming. Indicatoren activiteit 1

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Percentage van de werkzaam­ heden op hoofdnetten dat gezamenlijk met andere partijen wordt uitgevoerd (werk met werk maken); in 2019 wordt ten minste 80 procent van de grotere werkzaamheden (uitvoeringsduur langer dan 2 weken) gecombineerd uitgevoerd

n.v.t.

2

Percentage minder meldingen over ervaren hinder door touringcars in de stad

(2018)

3

Percentage van de evenementen in Zuidoost waarbij de uitstroom niet langer dan 75 minuten duurt

n.v.t.

80%

Begroting 2021 80%

Begroting Prognose 2022 2023-2025 80%

80%

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025

1

Aantal gemeentelijke garages met led-verlichting

10

12

15

24

2

Aantal garages en stallingen voorzien van laadpalen. In 2019 worden laadpalen aangebracht in 14 garages. In 2022 zijn alle garages en stallingen voorzien van laadpalen

15

31

37

41

Welke verbonden partijen schakelen we daarvoor in? >10%

30%

50%

50%

90%

90%

90%

Vervoerregio Amsterdam (VRA) De Vervoerregio Amsterdam is een samenwerkingsverband van 15 gemeenten rond verkeer en openbaar vervoer. De belangrijkste taken zijn het opdrachtgeverschap van het openbaar vervoer en het verstrekken van subsidies voor infrastructuur. Dit laatste gebeurt via de Investeringsagenda Mobiliteit. De Vervoerregio is ook een partner in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). De Vervoerregio wordt volledig bekostigd uit een Rijksbijdrage (Brede Doeluitkering) van ongeveer € 375 miljoen per jaar. De regioraad stelt de 49

H 3.2.1

begroting vast. De gemeenteraden van de deelnemende gemeenten kunnen een zienswijze daarover afgeven.

Servicehuis Parkeer en Verblijfsrechten (SHPV) Voor het handhaven van het betaald parkeren gebruiken we het Nationaal ParkeerRegister (NPR) van de coöperatie Servicehuis Parkeer- en Verblijfsrechten (SHPV). Het SHPV beheert namens aangesloten gemeenten het NPR. Zo kunnen we op dezelfde landelijke digitale manier parkeren registreren en raadplegen voor (digitale) handhaving. Als parkeergarages in eigendom van ons en onderdeel van een gebouwencomplex zijn, dan zijn wij verplicht lid van de Vereniging van Eigenaren (VvE).

Financiële toelichting (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 Baten

289,8

285,2

346,8

337,0

337,3

339,0

Lasten

323,5

298,8

355,8

321,1

299,8

314,9

Saldo van baten en lasten

-33,6

-13,7

-9,0

15,9

37,5

24,1

Baten De baten in dit programmaonderdeel zijn € 346,8 miljoen. Deze baten bestaan uit: • Baten uit parkeren van € 314,0 miljoen: – opbrengsten uit straatparkeren van € 275,7 miljoen. Dit zijn opbrengsten uit parkeerautomaten, belparkeren, vergunningen en naheffingsaanslagen. – opbrengsten van het parkeren “achter de slagboom” (parkeergarages, P+R en fietsparkeren) van € 38,3 miljoen. • Overige baten van € 32,8 miljoen, die bestaan uit: – reclameopbrengsten voor buitenreclame (€ 12,4 miljoen). – VRA subsidies voor bereikbaarheid van de stad (€ 17,9 miljoen). – vergoedingen voor schades (aanrijdingen) aan de verkeersvoorzieningen en bijdragen van derden voor verkeersregelinstallaties van € 2,5 miljoen.

Lasten De lasten in dit programmaonderdeel zijn € 355,8 miljoen en hebben betrekking op de uitvoering van het beleid ten aanzien van Verkeer, vervoer en parkeren. Deze lasten zijn gecategoriseerd in de volgende begrotingsactiviteiten: • We beheren en onderhouden onze assets (verkeer, vervoer en parkeren) (€ 191,9 miljoen). Onderhouds- en beheerkosten van de gemeentelijke assets zoals kademuren, sluizen, grachten, gebouwen, straatmeubilair, borden, installaties, openbare verlichting, wegen, vaartuigen, voertuigen, verkeersmaatregelen en dergelijke. Hierin zijn tevens begrepen kapitaallasten (€ 31,5 miljoen) en loonkosten € 12,9 miljoen). • We maken parkeren van auto en fiets duurzaam en kosteneffectief mogelijk (€ 91,3 miljoen). Hierin zijn tevens begrepen kapitaallasten (€ 8,5 miljoen) en loonkosten € 6,4 miljoen). • We maken meer ruimte voor fietsers, voetgangers en verblijfsruimte (€ 26,6 miljoen). • We zorgen voor een slim en robuust netwerk ten behoeve van de doorstroming (€ 15,6 miljoen). • We maken de stad verder autoluw (€ 10,6 miljoen). • We stimuleren duurzamere mobiliteit (€ 7,9 miljoen). Anticiperen op slimme en schone mobiliteitsoplossingen om samen met bewoners, bezoekers, publieke en private partijen het mobiliteitssysteem van de toekomst vorm te geven, met speciale aandacht voor de kwetsbare groepen.

• We zorgen voor veiligheid en doorstroming op drukke verblijfplekken (€ 7,4 miljoen).

50

H 3.2.1

Reserves

Risicobeheersing

(bedragen x € 1 miljoen)

Risico Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025

Onttrekking

308,4

349,1

314,0

223,1

179,1

177,0

Toevoeging

305,9

281,1

210,6

194,5

172,0

163,1

2,5

67,9

103,4

28,6

7,1

13,9

Stand na Begroting 2022

Onttrekkingen Onttrekkingen ter dekking van lasten in de exploitatie in de programma’s 2, 8, 10 en 11 en dekking van investeringsuitgaven. Het betreft hier de reserves Stedelijk Mobiliteitsfonds, reserve Busstation CS, reserve Stadsbehoud, reserve POR Zuidelijke IJoever, reserve Leidseplein, reserve Rode Loper, reserve Stationseiland, reserve Achterstallig Onderhoud,

Toevoegingen Toevoegingen van parkeerbaten aan de reserve Stedelijk Mobiliteitsfonds (€ 117,3 miljoen). Overige toevoegingen aan de reserves Stadsbehoud en reserve Achterstallig Onderhoud en de Financieringsreserve.

Subsidies van betekenis (bedragen x € 1 miljoen) Subsidie 1. Lang Parkeren

Bedrag € 0,4

1. De subsidie Lang Parkeren is een regeling voor vergunninghouders uit het centrumgebied. Zij kunnen een vergoeding krijgen als zij hun auto langer dan een dag parkeren in parkeergarages buiten het centrumgebied. Deze vergoeding keren we op jaarbasis over maximaal 40 dagen uit. Zo kunnen bewoners een deel van hun vergunningstarief ‘terugverdienen’. De evaluatie hebben we afgerond. We stelden vast dat de subsidie helpt bij de doelstelling minder auto’s op straat te hebben. Het verleidt parkeerders die hun auto langere tijd niet nodig hebben om op een langparkeerlocatie te parkeren. De regeling is daarom voor een jaar verlengd, met daarbij de afspraak de subsidie in principe jaarlijks te verlengen. Vanuit de Agenda Amsterdam Autoluw verkennen we een mogelijke uitbreiding van deze maatregel.

Maatregel

De (structurele) effecten van de coronacrisis zijn niet Actieve monitoring en prognoses, actieve duidelijk: voorbereiding en inzet van maatregelen en • Hoe de economie zich gaat gedragen. eventuele bezuinigingsmaatregelen. • In hoeverre thuiswerken de norm blijft. • Wat het toerisme en het verkeer doen. • Met welke structurele bezuinigingen Amsterdam te maken krijgt. Door de coronacrisis is niet duidelijk hoe de markt zich Actieve monitoring van de markt, bepalen zal gedragen. Vóór corona vielen de inschrijvingen bij optimale inkoopstrategieën en aanpassing raming aanbestedingen hoger uit, waardoor projectvia een opslag voor verminderde marktwerking. budgetten niet afdoende zijn. En waardoor er naar verhouding minder middelen beschikbaar zijn voor Stadsbehoud en Stadsverbetering. De opgave bij bruggen en kades vraagt een enorme Inzetten van een brede wervingscampagne voor uitbreiding van de (ambtelijke) capaciteit en expertise. (technisch) personeel. Door schaarste op de arbeidsmarkt is er niet snel genoeg voldoende gekwalificeerd personeel. Toenemend gebruik van de openbare ruimte geeft hogere beheerkosten of lagere kwaliteit.

Verkeersmanagement, spreiden gebruik, passende materiaalkeuze, areaalsystematiek: bekostiging van terugkerende werkzaamheden.

Door uitgebreide werkzaamheden aan weg en spoor (Zuidas) komen leefbaarheid en bereikbaarheid onder druk te staan.

We hebben samen met Rijkswaterstaat, provincie Noord-Holland, Vervoerregio Amsterdam en ProRail het samenwerkingsverband Amsterdam Bereikbaar gevormd. Daarin pakken we maatregelen rond hinder door werkzaamheden overkoepelend op.

Door incidenten/calamiteiten bij bruggen en kademuren moeten we direct bruggen en kademuren afsluiten met gevolgen voor de leefbaarheid en de bereikbaarheid van de stad.

Monitoring van de bruggen en kademuren, inzetten van extra capaciteit om meer inzicht te krijgen in de staat van de bruggen en kademuren. Maken van structurele afspraken met de markt.

Binnen de grond-, weg- en waterbouw sector stijgen de prijzen meer dan gemiddeld (onder andere staal). Dit brengt voor de lopende projecten risico’s met zich mee voor de dekking hiervan.

Actieve monitoring en prognoses waardoor mogelijke tegenvallers zo snel mogelijk opgevangen kunnen worden. Mogelijke herprioritering van bestaande programmeringen en bestedingsplannen.

Niet tijdig renoveren van de IJ-tunnel kan leiden tot Actieve monitoring stroefheid asfalt, en verminderde beschikbaarheid van de tunnel door kortetermijnmaatregelen indien nodig en waar onder andere te glad asfalt en afnemende mogelijk (bijv. opruwing asfalt). Daarnaast betrouwbaarheid ict-componenten. proberen we de reservedelen voor de ictcomponenten op peil te houden, waardoor hersteltijden zo kort mogelijk blijven.

51

H 3.2.1

Beleidskaders Verkeer en vervoer • Het Programma Bruggen en Kademuren (2020) • Programma Stadsbehoud • Programma aanpak wegtunnels Amsterdam • Beleidskader ‘1 Amsterdam Heel & Schoon’(2017) • Menukaart Tijdelijke Maatregelen Openbare Ruimte (2020) biedt inzicht in tijdelijke maatregelen die genomen kunnen worden in de openbare ruimte tijdens de coronacrisis. • Agenda Autoluw (2020) is het overkoepelend kader voor leefruimte en schone lucht. • Agenda Autodelen (2019) biedt een integrale visie op autodelen. • Nota Deelmobiliteit (2019) biedt voor de komende jaren (t/m 2023) duidelijkheid over hoe de gemeente richting geeft aan deelvervoer (alle vervoerswijzen behalve de deelauto). • Agenda Touringcar 2020-2025 schetst het kader voor de manier waarop de gemeente omgaat met touringcars. De beleidsagenda ligt Q3 2020 ter vaststelling bij de gemeenteraad. • Agenda Taxi 2020-2025. • Mobiliteitsaanpak 2030 (2013) is het overkoepelende kader voor het Mobiliteitsbeleid van de gemeente Amsterdam in de periode tot 2030. • Programma Stad in Balans 2018-2022 (2019) is het kader voor het evenwicht tussen bezoekers en bewoners van Amsterdam. • Beleidskader Hoofdnetten/Verkeersnetten (2018) waarin de belangrijkste netwerken voor de bereikbaarheid van en in de stad zijn aangegeven, inclusief de bijbehorende eisen en richtlijnen.

• Meerjarenprogramma Fiets 2017-2022 (2017), waarin is beschreven hoe we omgaan met de fietsers en hun fietsen. • Meerjarenprogramma Verkeersveiligheid 2016-2022, een geactualiseerd programma over de verkeersveiligheid in Amsterdam dat is vastgesteld door de gemeenteraad in 2016. • Uitvoeringsagenda Mobiliteit (2015), de agenda houdt Amsterdam bereikbaar en aantrekkelijk. Concrete maatregelen die meer ruimte creëren en de doorstroming verbeteren. Voor voetganger, fietser, ov-reiziger en automobilist.

• Actieprogramma Smart Mobility 2016-2018 (2016), waarmee inzicht wordt gegeven in de belangrijkste Smart Mobility ontwikkelingen en Amsterdamse projecten die daarop inspelen. • Wet Aanvullende Regels Veiligheid Wegtunnels (WARVW 2006, 2013, nieuwe versie komt in 2019) en Bouwbesluit 2012. • 1Stad1Opgave (maatregel Koopmanschap: 7 Puccini en 8 Inkoop Grond, Weg en Waterbouw). • Het “Handboek Inrichting Openbare Ruimte Amsterdam” zorgt voor de digitale en integrale ontsluiting van al het beleid dat van toepassing is op de inrichting van de openbare ruimte. Het betreft onder meer de volgende belangrijke beleidsproducten: – Visie Openbare Ruimte 2025 (2017) heeft vijf ambities geformuleerd en principes uitgewerkt om meer regie te voeren op ontwikkeling, inrichting, beheer van de openbare ruimte, afgestemd op het gebruik; – In het Beleidskader “1Amsterdam Heel & Schoon” (2017) staan de principes voor onderhoud, reiniging en assetmanagement; – De Standaard voor het Amsterdamse Straatbeeld (Beleidskader Puccinimethode,2018) bevat standaard inrichtingsprincipes en materiaalkeuzes voor het ontwerpen en aanleggen van de openbare ruimte, gekoppeld aan de centrale inkoop van materiaal; – Het Beleidskader Verlichting (2017) definieert de rol van verlichting in Amsterdam en stelt de kaders waarbinnen de gemeente haar taken voor de verlichting uitvoert, waaronder de transitie naar 100%

led-verlichting; – Het Stedelijk Kader Buitenreclame (2016, actualisatie 2019/2021) bepaalt de randvoorwaarden voor het toestaan van reclame in de openbare ruimte.

Parkeren • Meerjarenprogramma Fiets 2017-2022 (2017) en Kader Fietsparkeren (2015). • Nota Parkeernormen fiets en scooter (2018). Geeft normen en richtlijnen voor fiets- en scooterparkeren bij nieuwbouw en functiewijziging. • Parkeerplan 2012 - Inzet van onbenutte parkeercapaciteit in parkeergarages voor vergunninghouders om meer ruimte op straat te creëren. • Plan Vernieuwing P+R - nieuw P+R-concept, waarbij we slim parkeerplaatsen inkopen en uitbreiding van P+R de ‘vraag’ volgt.

52

H 3.2.1

• De (jaarlijkse) gemeentelijke parkeerverordening - regelgevingskader parkeerbeleid, waarin geboden en verboden rondom parkeren staan, en de typen parkeervergunningen. • De (jaarlijkse) verordening Parkeerbelastingen, met daarin tarieven voor kort parkeren en parkeervergunningen. • Uitvoeringsagenda Mobiliteit (2015) - maatregelen voor het verbeteren van de bereikbaarheid en leefbaarheid in de stad. Daarbij ligt de nadruk op scherpe keuzes (in het centrumgebied bijvoorbeeld voor voetgangers en fietsers). • Nota Parkeernormen Auto (2017). Deze nota stelt parkeernormen vast voor nieuwbouw en transformatieprojecten in de stad. Hiermee wordt voorkomen dat nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen leiden tot extra parkeerdruk die op omliggende straten wordt afgewenteld. • Visie Openbare Ruimte 2025 (2017) heeft vijf ambities geformuleerd en principes uitgewerkt voor meer regie op ontwikkelen, inrichten, beheren en gebruiken van de openbare ruimte op stadsniveau. • Verordening op het Stedelijk Mobiliteitsfonds Amsterdam (2020), een fonds vanuit inkomsten van het straatparkeren om de openbare ruimte en het verkeer- en vervoersysteem te verbeteren.

53

H 3.2.2

3.2.2 Water Een evenwichtig, veilig en duurzaam gebruik van water en wal door het beheersen van drukte en het tegengaan van overlast, waarbij de vlotte en veilige doorvaart wordt gegarandeerd.

Welke belangrijke ontwikkelingen zien we voor 2022?

Beheersen drukte en vermindering overlast

Amsterdam is een waterstad: we leven met en aan het water. De havens, het openbare water, de kades, oevervoorzieningen en sluizen moeten schoon, goed onderhouden en veilig zijn. De verdere groei van het aantal bewoners en bezoekers zorgt voor meer druk op de openbare ruimte en dus ook op het water. In een autoluwe stad komt bouw- en afvallogistiek waar mogelijk over het water, via overslagpunten op de kades. We scheppen niet alleen meer ruimte en veiligheid op straat, maar ook op het water. Zo maken we de stad aangenamer en veiliger.

De toenemende drukte op het water maakt dat het stedelijk milieu en de leefbaarheid onder druk staan. Het Uitvoeringsplan Transport over Water voorziet in venstertijden op het water waarmee we het transport willen concentreren op de minder drukke momenten en meer laad- en loslocaties beschikbaar willen maken. Ook zetten we specifieke maatregelen in om ongewenste en potentieel overlast gevende activiteiten te bestrijden en te voorkomen. Een voorbeeld hiervan is de 12+ regeling. Door niet meer dan 12 passagiers toe te staan in een pleziervaartuig bestrijden we overlast van pleziervaart en illegaal vervoer van passagiers.

Amsterdam werkt samen met belanghebbenden aan het verbeteren van de leefomgeving in de regio en aan thema’s als waterbeleving en klimaataanpassing. Met de Watervisie en de Nota’s Varen Deel 1 en 2 spreiden we de drukte op het water over stad en regio. En we zorgen dat het water zo goed mogelijk beschikbaar blijft voor alle gebruikers. Dit vraagt om maatregelen voor een zo goed mogelijk en duurzaam gebruik van het water. En voor een goede ordening van het gebruik van water en oevers. In 2022 nemen we de maatregelen die we in de Nota’s Varen Deel 1 en 2 hebben aangekondigd. Het doel van die maatregelen is om toeristische drukte en overlast te beheersen, te zorgen voor een vlotte en veilige doorvaart en duurzaam gebruik. Daarnaast stimuleren we het transport over water om de kwetsbare kademuren en bruggen te ontlasten. De maatregelen voor het stimuleren van transport over water hebben we uitgewerkt in het Uitvoeringsplan Transport over Water. Een andere belangrijke ontwikkeling is de aanleg van laadinfrastructuur voor uitstootvrij varen, zowel voor passagiersvaart als pleziervaart. De doelstellingen voor uitstootvrij varen zijn bepaald in het Actieplan Schone Lucht.

Waarborgen vlotte en veilige doorvaart Het is niet alleen belangrijk om de drukte op het water te beheersen, maar ook om de activiteiten op het water vlot en veilig te laten plaatsvinden. Door het monitoringssysteem de ‘Digitale Gracht’ en de vignetplicht voor pleziervaart en transportvaart krijgen we meer inzicht in het gebruik van en de druk op het binnenwater. Het maakt zichtbaar welke routes druk zijn en welke gebruikers deze drukte veroorzaken. We zoeken naar alternatieve routes en mogelijkheden om het vaarverkeer te spreiden. Met verkeersmaatregelen, ontheffingen en vergunningen reguleren we het gebruik en nemen we aanvullende maatregelen waar dit noodzakelijk is om een vlot en veilig scheepvaartverkeer te garanderen.

Duurzaam gebruik binnenwater Duurzaamheid en schone lucht zijn belangrijk voor de stad en dus ook op het binnenwater. Het beleid is dan ook gericht op duurzame en uitstootvrije passagiers-, transport- en pleziervaart in 2025. De pleziervaart in het gebied buiten de Singelgracht krijgt tot 2030 om dit te bereiken. In 2021 was de aanbesteding van de eerste tranche laadinfra voor pleziervaart en we leren met pilots over het gebruik van laadpunten door de pleziervaart. Eind 2022 bekijken we of extra maatregelen nodig zijn om de verduurzamingseis van de 54

H 3.2.2

pleziervaart te halen. Voor de passagiersvaart komt in 2021 een laadstrategie in relatie met het ligplaatsenplan. Het laadproces en de reeds aanwezige (particuliere) voorzieningen worden in beeld gebracht. Tevens wordt onderzocht in hoeverre uitstootvrij transport over water mogelijk is, onder andere in het kader van een start up in residence project. In 2022 is de (verdere) aanleg van laadinfra voor pleziervaart en passagiersvaart een belangrijk onderdeel.

Activiteit 2.2.1.1 We baggeren en verwijderen drijf- en grofvuil uit openbaar water. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

1

592 (2017)

385

600

Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

1

97% (2014)

Ook het havenbedrijf is een belangrijke partner in de energieovergang en een ondersteuner van duurzame en circulaire bedrijvigheid.

Aantal ton verwijderd drijf- en grofvuil

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025 600

600

Activiteit 2.2.1.2

Zwemmen in de openbare ruimte In het coalitieakkoord staat de ambitie om meer plekken te maken waar Amsterdammers kunnen zwemmen. Tijdens de hete zomers van de afgelopen jaren zagen we hoe groot die behoefte is. Op steeds meer plekken gaan Amsterdammers het water in om baantjes te trekken of gewoon om af te koelen en plezier te maken. Dat willen we zo goed mogelijk faciliteren. Dat de waterkwaliteit in de stad over het algemeen goed is, helpt ons daarbij. Daarom werken we komend jaar samen met de stadsdelen aan een betere inrichting en beter beheer van zwemplekken. En we verbeteren de communicatie over veilig en verstandig zwemmen in de stad. Zo krijgen we gaandeweg meer plekken waar gezwommen kan worden, hoewel het geen officiële zwemlocaties zijn. We hebben ook oog voor de risico’s en de keuzes die we moeten maken, bijvoorbeeld om conflicten tussen zwemmers en scheepvaart

We bedienen bruggen en sluizen.

Percentage passages door beroepsvaarders dat plaatsvindt binnen de gestelde termijn

95%

95%

Begroting Prognose 2022 2023-2025 95%

95%

Activiteit 2.2.1.3 We beheren en onderhouden onze assets (water).

Wat willen we bereiken (doelen) en wat gaan wij daarvoor doen (activiteiten)? Doel 2.2.1 Het openbare water is begaanbaar, aantrekkelijk, schoon en veilig voor alle gebruikers. Indicatoren doel 1

Schoonheidsgraad van de grachten (0-10)

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020 7,8 (2017)

7,6

Begroting 2021 >7

Indicatoren activiteit 1

Het aantal gebieden (deelgebieden) dat op vastgesteld niveau Sober wordt onderhouden

2

Versnellen van de vervanging van kademuren (strekkende meters per jaar)

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

(2020)

240m vernieuwing kademuur gereed

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025 10

5

Jaarlijks circa 2 km

Jaarlijks circa 2 km

Begroting Prognose 2022 2023-2025 >7

>7

55

H 3.2.2

Doel 2.2.2

Activiteit 2.2.2.2

We beheersen drukte op het water en de wal, geen overlast tegen en garanderen een vlotte en veilige doorvaart.

We stimuleren het transport over water Indicatoren activiteit

Indicatoren doel 1

Peilwaarde (peiljaar)

Voortgang invoering nieuw vergunningen systeem passagiersvaart met een maximum aantal exploitatie vergunningen

Jaarverslag 2020

Begroting 2021

Start omzetting alle exploitatie vergunningen naar bepaalde tijd en start uitgifteronde

Afronding afwikkeling omzetting, verwerken 712 aanvragen. Uitgifte 1e tranche van 155 exploitatie vergunningen

Begroting Prognose 2022 2023-2025 2022: Afronding uitgifte 1e tranche en evaluatie.

1

Uitbreiding laad-loslocaties

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020 32 (2020)

32

2024: Start uitgifte 2e tranche.

Begroting 2021 Afronding onderzoek naar het voor transport geschikt maken van laad-/ losplekken. Realisatie uitbreiding naar 46.

Begroting 2022

Prognose 2023-2025

50 (voor 2023 70; transport 2024 e.v.: 90 geschikte voor laad-/los transport locaties) geschikte laad/los locaties

Activiteit 2.2.2.3

Activiteit 2.2.2.1

We stimuleren duurzaam gebruik van het binnenwater. We hebben steeds beter zicht op het gebruik van het binnenwater door middel van de Digitale Gracht.

Indicatoren activiteit

Indicatoren activiteit

1

Passagiersvaart: laadinfrastructuur

Afronding laadstrategie en eerste pilot met 3 laadpunten

2

Pleziervaart: laadinfrastructuur

Afronding Start uitrol 2023 e.v.: pilot 11 van Exacte laad-palen laadpunten streefwaarden met 44 worden o.b.v. laadpunten en uitkomsten afronding pilot en onderzoek onderzoek naar toekomst bepaald vaste laadmethode

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2020

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025

1

Het verder uitrollen en operationaliseren van de Digitale Gracht: Percentage sensoren van de basisdekking die operationeel is1.

90% van de basisdekking; 100% van de in-/uitgangen

95%

2023 95%; 2024 e.v. >98%

2

Geautomatiseerde detectie van potentiele illegale passagiersvaart: reductie aantal illegale schepen.

Geautomati20% 2023 e.v.: seerd reductie streefwaardetectie van illegale den worden systeem vaarbewe- o.b.v. bevingereed gingen dingen t.o.v. 2021. 2021 en 2022 bepaald

1

De basisdekking is vastgesteld op basis van een afweging van meerdere criteria: nut (onder andere de monitoring van drukte, verkeersstromen en overlast op het Amsterdamse binnenwater), effectiviteit (inzage in vervoersstromen) en kosten van sensoren. Na het eerste vaarseizoen zal gekeken worden waar eventuele uitbreidingen of aanpassingen noodzakelijk zijn, onder andere op basis van wensen gebruikers, overlastmeldingen en andere ontwikkelingen.

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

Prognose 2023-2025

Aanbeste- Streef-waarding en den 2023 e.v.: start uitrol aantallen laadpunten worden nog nader bepaald o.b.v. laadstrategie.

56

H 3.2.2

Welke verbonden partijen schakelen we daarvoor in?

Baten De baten in dit programmaonderdeel zijn € 4,6 miljoen. Deze baten bestaan uit: • Inkomsten uit Binnenhavengeld pleziervaart (€ 3,9 miljoen) • Inkomsten uit Leges (€ 0,5 miljoen) • Inkomsten door bijdragen derden bij noodconstructies kademuren (€ 0,2 miljoen)

Stichting Waternet Waternet zorgt in opdracht van de gemeente Amsterdam en Waterschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV) voor schoon en voldoende water. Daarnaast verzorgt Waternet de brugbediening en het Nautisch beheer van de Hoofddoorvaartroutes (Amstelroute en Kostverlorenvaartroute).

Lasten

Havenbedrijf Amsterdam NV/Port of Amsterdam

De lasten in dit programmaonderdeel zijn € 56,8 miljoen. Deze lasten zijn gecategoriseerd in de volgende begrotingsactiviteiten: • We beheren en onderhouden onze assets (water) (€ 35,8 miljoen) • We baggeren en verwijderen drijf- en grofvuil uit openbaar water (€ 14,8 miljoen) • We gaan de toenemende drukte op en aan het binnenwater beheersen (€ 6,3 miljoen)

Port of Amsterdam ontwikkelt, exploiteert en beheert de Amsterdamse havenregio en stimuleert de duurzame economische ontwikkeling in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). Dit alles met een goede balans tussen: • een gezond financieel rendement. • een goede kwaliteit van de leefomgeving. • een brede toegevoegde waarde voor de regio.

Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied

Reserves

De Divisie Havenmeester van Havenbedrijf Amsterdam NV voert de taken van het Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied (CNB) uit.

Op dit programmaonderdeel zijn geen reserves van toepassing.

Financiële toelichting

Subsidies van betekenis

(bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 Baten

4,4

46,3

4,6

4,1

4,4

4,4

Lasten

50,5

98,9

56,8

31,2

28,3

28,4

Saldo van baten en lasten

-46,1

-52,6

-52,2

-27,1

-23,9

-24,0

Er zijn geen subsidies van betekenis binnen dit programma.

Risicobeheersing Er zijn geen risico’s van betekenis binnen dit programma.

57

H 3.2.2

Beleidskaders • Met de Nota’s Varen Deel 1 (2019) en 2 (2020) streeft het bestuur naar een evenwichtig, veilig en duurzaam gebruik water en wal door het beheersen van drukte en het tegengaan van overlast, waarbij de vlotte en veilige doorvaart wordt gegarandeerd. • Watervisie Amsterdam 2040 (2016). De Watervisie is een structuurvisieuitwerking en geeft een ruimtelijk-economisch toekomstbeeld van het gebruik van het water in 2040 met een Uitvoeringsagenda 2018. • Het Actieplan Schone Lucht (2019) werkt aan het verbeteren van de luchtkwaliteit. Het richt zich op het uitstootvrij maken van het verkeer in de stad en de het beperken van de uitstoot van andere bronnen. Daarmee behalen we de WHO-advieswaarden voor schone lucht, uiterlijk in 2030. Deze doelstelling gaat verder dan de door de Europese Unie gestelde normen voor luchtkwaliteit. • Agenda Autoluw (2020) is het overkoepelend kader voor leefruimte en schone lucht. • De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW 2008). Deze is gericht op het verbeteren van de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater in Europa. Voldoen aan de KRW-richtlijn is een gezamenlijke opgave voor overheden en grondeigenaren. Wij zijn verantwoordelijk voor het nemen van of bijdragen aan maatregelen vanuit onze eigen taken en verantwoordelijkheden (beheer openbare ruimte, gemeentelijke watertaken, drinkwatertaken en als eigenaar).

De doelen en maat-regelen van alle partijen worden opgenomen in de Stroomgebied-beheerplannen. Deze plannen worden iedere 6 jaar geactualiseerd. Eind 2021 wordt het derde Stroomgebiedbeheerplan vastgesteld voor de periode 2022-2027. Uiterlijk in 2027 moeten we voldoen aan de KRW-richtlijn. • Het Deltaprogramma Nederland. In het kader van het Deltaprogramma heeft Amsterdam, in samenwerking met partneroverheden in de regio, de Deltastrategie Regio Amsterdam opgesteld. De gemeente Amsterdam heeft de Intentieverklaring Ruimtelijke Adaptatie ondertekend die is voortgekomen uit de Deltabeslissing Ruimtelijke Adaptatie. Aanvullend daarop is er voor Rainproof nog een regionale intentieverklaring opgesteld. De deltabeslissingen uit het nationale Deltaprogramma zijn vastgelegd in het Nationaal Waterplan (NWP). De acties voor de gemeente zijn vastgelegd in de Agenda Duurzaam Amsterdam.

• Het Nationaal bestuursakkoord Water. De bezuinigingen van de overheid zijn voor de watersector vastgelegd in het Bestuursakkoord Water (BAW 2011). Rijk, provincies, gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven hebben hierin afspraken gemaakt om Nederland, met minder kosten en bestuurlijke drukte, de komende jaren droog en veilig te houden. • Strategische Bedrijfsvisie Haven (looptijd twaalf jaar) en het Strategisch Plan (looptijd vier jaar). In de statuten is bepaald dat het Havenbedrijf deze plannen opstelt, waarna deze voor wensen en bedenkingen worden aangeboden aan college van burgemeester en wethouders en gemeenteraad. In 2015 is de Visie 2030 in raad en college behandeld. Het Strategisch Plan 2017-2021 is op 13 juni 2017 vastgesteld.

58

H 3.2.3

3.2.3 Openbaar vervoer Zo goed mogelijk maken en onderhouden van het openbaar vervoersysteem van Amsterdam, zodat dit voor iedereen op een veilige en duurzame manier beschikbaar is.

Welke belangrijke ontwikkelingen zien we voor 2022? Het openbaar vervoer is hard geraakt door de coronacrisis. Reizigersaantallen liepen scherp terug waardoor de hoogfrequente dienstregeling zoals we die tot 2019 kende, niet overal meer gereden kan worden. Tegen de zomer van 2021 zien we dat mensen het openbaar vervoer weer wat beter weten te vinden. De grote groep dagelijks forensen (en daarmee samenhangend de piekbelasting in ochtend- en avondspits) blijft hier vooralsnog op achter. In 2022 verwachten we dat het gebruik van het openbaar vervoer weer verder opkrabbelt. Uitgangs-punt is dat het openbaar vervoersnetwerk zoveel mogelijk gelijk blijft aan het netwerk van voor de coronacrisis. Dit zorgt voor herkenbaarheid bij de reizigers waardoor de drempel om weer het openbaar vervoer te gebruiken zo laag mogelijk is. In de tijd voor corona zagen we het openbaar vervoer explosief groeien. Op veel trajecten zijn lijnen meer gaan rijden. En maakten we grote stappen naar een kwalitatief hoogwaardig OV-aanbod. Met de ingebruikname van de Amsteltram tussen station Amsterdam Zuid en Amstelveen en de Wettangent tussen station Sloterdijk en Schiphol zijn hier afgelopen jaar weer mooie stappen in gezet. In een autoluwe stad is het openbaar vervoer de meest voor de hand liggende vervoerswijze om te reizen over (middel)lange afstand.

In een inclusieve stad als Amsterdam zorgt het openbaar vervoer er voor dat iedereen kan blijven meedoen. Amsterdam maakt samen met de Vervoerregio de OV-haltes versneld voor iedereen toegankelijk. Dit is vooral in de binnenstad een complexe uitdaging, gezien de drukke en volle openbare ruimte. Maar het is van essentieel belang om mensen met een beperking (uiterlijk in 2030) gelijkwaardig mee kunnen laten doen. Naast toegankelijke haltes zoekt Amsterdam samen met de Vervoerregio naar oplossingen om de fijnmazigheid van het OV te vergroten, bijvoorbeeld met de dienst ‘Mokumflex’. Onder de noemer ‘vervoersarmoede’ onderzoeken we verder waar en voor wie er geen passende vervoersoplossingen

zijn en proberen dit op te lossen. Het is daarbij van belang dat inclusiviteit als een essentieel onderdeel wordt gezien van andere opgaven in de openbare ruimte en ruimtelijke ordening. In 2022 wijzigen ook de rollen binnen het Amsterdams openbaar vervoer. Per 1 januari 2022 wordt het economisch eigenaarschap van alle tram- en metro-infrastructuur overgedragen van het college van B en W van Amsterdam naar het GVB. Partijen hebben dit besloten om de dagelijkse aansturing van het openbaar vervoerssysteem te verbeteren. Dit betekent een reorganisatie bij de directie Metro en Tram (MET), want een groot deel van hun takenpakket wordt overgeheveld naar GVB. De Vervoerregio Amsterdam blijft onveranderd de opdrachtgever van het openbaar vervoer in Amsterdam. De gemeente Amsterdam blijft wel verantwoordelijk voor de weginfrastructuur ten behoeve van het busvervoer.

Kwaliteits- en schaalsprong Het is de verwachting van de gemeente Amsterdam en de Vervoerregio Amsterdam dat het OV-gebruik weer terugkomtop het oude niveau en dat we in de toekomst weer te maken krijgen met de bekende knelpunten. Hoewel we op lange termijn kunnen rekenen op meer thuiswerken en meer spreiding, houden we ook rekening met de demografische ontwikkeling van stad en regio. Tot 2040 is er in de metropoolregio Amsterdam vraag naar 200.000 300.000 woningen en groeit het aantal arbeidsplaatsen onverminderd. In combinatie met de ambities van de gemeente om in te zetten op een autoluwe stad en duurzame mobiliteit, moeten we blijven investeren in ons openbaar vervoer-systeem. In 2022 willen we de vervolgstappen zetten in de planontwikkeling van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp en het sluiten van de metroringlijn. Naast de inhoudelijke uitwerking van deze twee metrolijnen staat hier ook de bekostiging en verdeelsleutel tussen regio- en Rijkspartijen centraal. 59

H 3.2.3

Voor de komende jaren gaan we in samenwerking met onze OV-partners door met verbeteringen: • verlenging van de Amsteltram tot Uithoorn • de IJ-tram, die in capaciteit en route meegroeit met IJburg De groei van Amsterdam vraagt om een volgende flinke vergroting van het OV. Juist door de groeiende onderlinge afhankelijkheid van stad en regio is dit steeds meer een regionale opgave. Dat vraagt om gezamenlijke investeringen van: • het Rijk • provincies • gemeenten • Vervoerregie Amsterdam (VRA) • Vervoerders.

Metro en tram Met de ingebruikname van de Noord/Zuidlijn is het bestaande ov-netwerk fors vergroot. Daarnaast is er flink geïnvesteerd in de kwaliteit van het OV, waar veel nieuwe en bestaande reizigers van profiteren. Voor de komende jaren staan meer verbeteringen gepland, zoals: • de tramverbinding naar Uithoorn • programma Signalling & Control • het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp en het sluiten van de ring tussen Isolatorweg en Amsterdam Centraal Station. Verder heeft de gemeente Amsterdam samen met de gemeente Hoofddorp, Schiphol, KLM, Prorail, NS en VRA het initiatief genomen om te komen tot een toekomstbestendige oplossing voor de bereikbaarheid van de Metropoolregio: de infrastructuur wordt verder versterkt en het de duurzaamheidsambities worden gehaald door maatregelen zoals het vervangen van korte afstand vliegverkeer door treinenverkeer. Dit initiatief bestaat uit het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp en het sluiten van de zogenaamde Kleine Ring tussen Isolatorweg en Amsterdam CS. In april heeft het Nationaal Groeifonds aangekondigd om ruim € 1,5 miljard te reserveren voor de verlenging van de Noord/Zuidlijn. De 7 samenwerkende partijen (Gemeente Amsterdam, gemeente Hoofddorp, Schiphol, KLM, Prorail, NS en VRA) hebben samen € 1 miljard toegezegd voor het doortrekken van

de Noord/Zuidlijn en het sluiten van de Kleine Ring samen. Voor het ontbrekende deel moet nog financiering gevonden worden.

Vorming Rail Infra Bedrijf Per 1 januari 2022 richten we samen met het GVB het Rail Infra Bedrijf op. Dit betekent dat de rollen in de OV-keten flink veranderen en dat we helderheid scheppen in de verdeling van rekening en risico. In de huidige situatie bestaat uit de driehoek Vervoerregio (opdrachtgever), gemeente (beheer en onderhoud railinfra) en GVB (exploitatie metro- en tramlijnen). Zij zullen in de nieuwe situatie één uitvoeringsorganisatie worden voor de exploitatie en het beheer en onderhoud van de bestaande Railinfrastructuur van het openbaar vervoer. De Vervoerregio wordt opdrachtgever van het Rail Infra Bedrijf, dat onderdeel zal uitmaken van het GVB. We brengen bij het Rail Infra Bedrijf alle OV-onderhoudswerkzaamheden en de meeste OV-projecten onder. Een deel van de medewerkers van MET gaat over naar dit GVB/Rail Infra Bedrijf, een ander deel gaat over naar de Vervoerregio om het opdrachtgeverschap te versterken en het strategisch assetmanagement vorm te geven. De VRA, het GVB en de gemeente maken afspraken over de verdeling van rekening en risico en werken aan de implementatie van systematisch risicomanagement in de keten. Zo zorgen we voor een werkende vervoersysteem met een beheersbaar risicoprofiel. De gemeente blijft aandeelhouder van het GVB, mede-OV-beleidsbepaler en eigenaar van de Railinfrastructuur.

Een aantal grote projecten blijft achter bij de gemeente Amsterdam in de nieuw opgerichte directie. Bijvoorbeeld het programma aanpak wegtunnels Amsterdam, de aanleg van de Uithoornlijn en de beoogde aanleg van de twee nieuwe metrolijnen: de verlengde Noord/ Zuidlijn via Schiphol naar Hoofddorp en het sluiten van de Kleine Ring.

Veren Het verensysteem anno 2021 is goed op orde. Met onze dienstverlening spelen we in op landelijke aanscherpingen en versoepelingen van de landelijk geldende coronamaatregelen.

60

H 3.2.3

Volgens prognoses groeit het aantal reizigers - ondank de coronacrisis - met 70 procent tussen 2019 en 2030. Deze groei wordt vooral veroorzaakt door de snelle ontwikkeling van stadsdeel Noord. Gemiddeld reizen er per dag 72.000 passagiers met de IJveren (meetjaar 2019). De huidige vloot bestaat uit veertien ponten en twee reserveponten. Hiermee worden zeven veerdiensten op het IJ uitgevoerd. De IJveren krijgen een hoge reizigerswaardering (8,4).

Activiteit 2.3.1.2 We onderhouden en breiden de veerverbindingen uit. Indicatoren activiteit 1

We blijven in het verensysteem investeren om een betrouwbare, robuuste en veilige dienstverlening aan te kunnen bieden. De IJverenvloot groeit het komend decennium stapsgewijs op een duurzame manier.

Wat willen we bereiken (doelen) en wat gaan wij daarvoor doen (activiteiten)? Doel 2.3.1

1

Tevredenheid reizigers over veren (0-10)

Begroting 2021

Deze cijfers volgen bij de GVB rapportage in Q2

max 3%

Begroting Prognose 2022 2023-2025 max 3%

max 3%

Activiteit 2.3.1.3 We zorgen dat ons OV-netwerk aansluit op het regionale en landelijke netwerk.

Amsterdam is voor iedereen bereikbaar op een veilige en duurzame manier via het openbaar vervoer. Indicatoren doel

De reiziger hoeft niet te wachten op een volgend veer omdat op de eerste te weinig ruimte beschikbaar is. Alleen bij uitzondering (maximaal 3 procent van de afvaarten) mag deze norm overschreden worden

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020 7,8 (2014)

Begroting 2021 7,8

Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025

Begroting Prognose 2022 2023-2025 7,8

7,8

Activiteit 2.3.1.1 We beheren en verbeteren de kwaliteit van onze OV infrastructuur. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025

61

H 3.2.3

Doel 2.3.2

Activiteit 2.3.2.2

Amsterdam is op een veilige en duurzame manier bereikbaar voor commercieel vervoer.

We stimuleren schone, efficiënte en slim goederenvervoer door bundeling van goederen (cargo-hubs), intensiever gebruik van water en specifieke aandacht voor pakketbezorging.

Indicatoren doel

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2020

1

93% > 5,5 (2013)

In 2020 zijn er geen werkelijke resultaten voorhanden in verband met de coronacrisis. De indicatoren taxivervoer worden herijkt (Agenda Taxi 2020-2025) oplevering bij Voorjaarsnota 2022, voor inwerkingtreding van het nieuwe taxistelsel.

Percentage Amsterdammers dat de laatste gemaakte taxirit met een 6 of hoger waardeert1

Begroting Begroting Prognose 2021 2022 2023-2025

Indicatoren activiteit 1

Afname overlast bestelbusjes en vrachtwagens. Aantal MORA-meldingen per jaar

in de periode jan-mei 2018 zijn er 873 MORAmeldingen binnengekomen

Begroting 2021

2349 (= 2019)

Begroting Prognose 2022 2023-2025 < 1800

< 1800

Activiteit 2.3.2.3 We werken aan een betrouwbaar en milieuvriendelijk taxivervoer.

Activiteit 2.3.2.1

Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

1

250 (2015)

We verplaatsen de touringcar zoveel mogelijk buiten de ring A10. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025

Aantal uitstootvrije TTO taxi’s

1.101 (=2019)

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025 2023 2024 2025 100% elektrisch

Momenteel geen indicatoren beschikbaar1 1

De indicatoren taxivervoer zijn herijkt naar aanleiding van de Agenda Taxi 2020-2025, en worden opgeleverd bij voorjaarsnota 2022.

62

H 3.2.3

Welke verbonden partijen schakelen we daarvoor in?

Financiële toelichting

GVB Holding NV

(bedragen x € 1 miljoen)

Het GVB zorgt in Amsterdam voor het openbaar vervoer. Het GVB heeft verschillende dochterondernemingen, of heeft een belang in ondernemingen. Het gaat hier om: • GVB Exploitatie BV • GVB Veren BV • GVB Activa BV • GVB Infra BV

Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 Baten

121,7

124,8

22,2

27,5

33,7

64,1

Lasten

180,0

173,0

78,4

88,8

100,7

132,2

Saldo van baten en lasten

-58,3

-48,2

-56,2

-62,1

-67,9

-68,9

Baten GVB Activa BV is eigenaar van de zogenaamde strategische ov-activa. Dit zijn onder andere railvoertuigen, werkplaatsen, remises en eindpuntvoorzieningen. GVB Infra BV is onze opdrachtnemer voor met name dagelijks onderhoud aan railinfra en tramvervangingsprojecten. Wij zijn opdrachtgever voor de veerverbindingen over het IJ en het Noordzeekanaal. GVB Veren BV voert dit uit volgens het Contract voor Exploitatie Beheer en Onderhoud 2019-2024 en de aanbesteding van de verschillende investeringen. Wij zijn 100 procent eigenaar van GVB Holding NV.

Vervoerregio Amsterdam (VRA) De Vervoerregio Amsterdam is een samenwerkingsverband van 15 gemeenten voor verkeer en openbaar vervoer. De belangrijkste taken zijn het opdrachtgeverschap van het openbaar vervoer en het verstrekken van subsidies voor infrastructuur. Dit laatste gebeurt via de verschillende Investeringsagenda’s: Ov, Weg en Fiets. De Vervoerregio is ook een partner in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). De Vervoerregio wordt volledig bekostigd uit een Rijksbijdrage (Brede Doeluitkering) van ongeveer € 375 miljoen per jaar. De regioraad stelt de begroting vast. De gemeenteraden van de deelnemende gemeenten kunnen een zienswijze daarover afgeven.

De baten in dit programmaonderdeel zijn € 22,2 miljoen. Deze baten bestaan uit: • Subsidie van de Vervoerregio Amsterdam voor diverse infrastructurele projecten met betrekking tot het openbaar vervoer (€ 8,2 miljoen) • Doorbelasting van uren met een opslagtarief naar investeringsprojecten voor een bedrag van € 9,7 miljoen. • Reclame-inkomsten uit de Noord/Zuidlijn en bestaande metrostations (€ 4,3 miljoen).

Lasten De lasten in dit programmaonderdeel zijn € 78,4 miljoen. Deze lasten zijn gecategoriseerd in de volgende begrotingsactiviteiten: • We beheren en verbeteren de kwaliteit van onze OV infrastructuur (€ 50,9 miljoen) • We onderhouden en breiden de veerverbindingen uit (€ 19,0 miljoen) • We zorgen dat ons OV netwerk aansluit op het regionale en landelijk netwerk (€ 5,0 miljoen) • We werken aan een betrouwbaar en milieuvriendelijk taxivervoer (€ 3,5 miljoen)

63

H 3.2.3

Reserves

Beleidskaders

(bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 Onttrekking

5,8

2,6

0,8

3,3

0,8

0,0

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand na Begroting 2022

5,8

2,6

0,8

3,3

0,8

0,0

Onttrekkingen De onttrekkingen zijn kleiner dan € 1,0 miljoen en lichten we niet verder toe.

Subsidies van betekenis Er zijn geen subsidies van betekenis binnen dit programmaonderdeel.

Risicobeheersing Risico’s

Maatregelen

De coronacrisis kan structurele effecten hebben op Actieve monitoring en prognoses, actieve het openbaar vervoer (OV) maar die laten zich op voorbereiding en inzet van maatregelen en dit moment nog moeilijk voorspellen. eventuele bezuinigingsmaatregelen. Door rijksbezuinigingen op de bijdrage VRA daalt de kwaliteit van het openbaar vervoer.

Meer efficiency door samen met VRA en GVB de OV Investeringsagenda uit te voeren.

De nieuwe governance binnen het OV-domein Implementatie van risicomanagement en leidt niet tot een verlaging van het risicoprofiel van gezamenlijk beleid in de keten. Overlegstructuur het werkend vervoer systeem (WVS). tussen VRA, GVB en gemeente en afspraken over sturing en beheersing binnen het WVS. Veren kunnen groeiende passagiersstroom onvoldoende aan.

Actieve monitoring van de reizigersstromen, diverse maatregelen aan de wal en de aanschaf van schepen over het IJ.

• Update Nota Veren (februari 2018), een strategie om tot een qua capaciteit en duurzaamheid toekomstbestendige verenvloot te komen. Nog voor het zomerreces van 2021 wordt de nieuwe Update Nota Veren 2021 vastgesteld door het college van BenW. • Visie Openbare Ruimte 2025 (2017) heeft vijf ambities geformuleerd en principes uitgewerkt voor meer regie op ontwikkelen, inrichten, beheren en gebruiken van de openbare ruimte op stadsniveau. • MobiliteitsAanpak Amsterdam 2030 (2013), het overkoepelende kader voor het Mobiliteitsbeleid van de gemeente Amsterdam in de periode tot 2030. • Ruimtelijk Kader Hoogfrequent Spoorvervoer Amsterdam. • Structuurvisie Amsterdam (2011)/Omgevingsvisie Amsterdam 2050 (2021) • Beleidskader Mobiliteit (2017) van de Vervoerregio Amsterdam • Investeringsagenda Openbaar Vervoer Stadsregio (2013), een overeenkomst met investeringen die Amsterdam en de Stadsregio Amsterdam (sinds 2017 Vervoerregio Amsterdam) in de komende periode in het openbaar vervoer doen. • Uitvoeringsagenda Mobiliteit (2015), de agenda die Amsterdam bereikbaar en aantrekkelijk houdt, met maatregelen voor meer ruimte en betere doorstroming voor voetganger, fietser, openbaar vervoerreiziger en de automobilist. • Beleidskader Verkeersnetten (2017). Hierin staan de ambities uit Mobiliteitsaanpak en Uitvoeringsagenda uitgewerkt met een afwegingskader bij conflicterende belangen.

• Wet lokaal spoor, in werking getreden op 1 december 2015; deze wet maakt de VRA verantwoordelijk voor aanleg, beheer en veiligheid van lokale railinfrastructuur. VRA stelt een vervoerder aan via de OVconcessie en VRA mag een beheerder van de infrastructuur aanwijzen. Vanaf 2022 is GVB de aangewezen beheerder. • De metronetvisie Amsterdam (2020) en de metrovisie Amsterdam (2021) van de Vervoerregio Amsterdam. • De in 2015 vastgestelde Lijnennetvisie is het beleidskader voor het ontwikkelen van vervoerplannen. De gemeente voert overleg met vervoerbedrijven over inpassing van nieuwe vervoerplannen. • Taxiverordening Amsterdam 2012 (laatst gewijzigd in 2018). • Visie Lokaal Spoor (2015), vastgesteld door het dagelijks bestuur van de VRA en bindend kader voor de beheerder van het lokaal spoor. 64

H 3.3

3.3

Economie

H 3.3

Programma 3 | Portefeuillehouder: wethouder Everhardt

3.3 Economie (bedragen x € 1 miljoen)

Baten

Jaarverslag 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

24,5

24,9

19,9

19,5

18,0

18,0

Lasten

64,1

72,0

64,5

49,8

45,1

44,4

Totaal Programma 3 Economie

-39,6

-47,1

-44,7

-30,3

-27,0

-26,3

Jaarverslag 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

20,0

17,2

17,4

17,0

17,0

17,0

(bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

Samenvatting 3.3.1 Economie en Innovatie De invloed van de coronapandemie op de Amsterdamse economie is groot. De economische vooruitzichten vallen mee, maar voor individuele bedrijven is de schok groot. In 2020 en 2021 konden bedrijven en ondernemingen gebruikmaken van de steunmaatregelen van het Rijk en de gemeente. Het college blijft in 2022 investeren in ondernemerschap. We blijven werken aan het behoud van goede voorzieningen in de buurt. Zo voorkomen we dat de buurteconomie onder druk komt te staan. We investeren onder andere in aantrekkelijke winkelgebieden en de digitalisering van het MKB. Daarnaast gaan we in 2022 door met het verbeteren van de markten in de stad. Met de investeringen werken we aan bestendig economisch herstel, het versterken van de economische veerkracht en het aanjagen van vernieuwing in groene groeisectoren. Dat moet ertoe leiden dat innovaties sneller van de grond

komen en er meer werkgelegenheid ontstaat. Waar mogelijk doen we dat samen met het Rijk en private partijen. Daarnaast start in 2022 de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Metropoolregio Amsterdam - Noord-Holland-Noord (ROM MRA-NHN). De ROM gaat aan de slag met het aanjagen van investeringen in duurzame economische ontwikkelingen. De ROM doet dit door bedrijven te ondersteunen bij business development. Daarnaast zal de ROM investeren in kansrijke technologieën die niet voldoende middelen uit de markt alleen kunnen halen. De ROM kan uitvoering geven aan (herstel) regelingen van het Rijk. De coronacrisis heeft ook gevolgen voor de arbeidsmarkt in onze regio. De krapte op de arbeidsmarkt neemt toe, maar is wel sector afhankelijk. Het college geeft prioriteit aan het stimuleren van werkgelegenheid. Daarom investeren we samen met het regionale bedrijfsleven en onderwijsinstellingen in het voorkomen en bestrijden van

(jeugd)werkloosheid en het tegengaan van de mismatch op de arbeidsmarkt in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). Het internationale karakter van Amsterdam is een van de belangrijke kenmerken van ons vestigingsklimaat. Door de onzekerheid en economische gevolgen van de coronacrisis verwachten we dat de investeringen van buitenlandse bedrijven niet gelijk terug zijn op het oude niveau. We blijven in 2022 werken aan het aantrekken van bedrijven in de ICT, creatieve sector, fintech, transport & logistiek en life science & health. We kijken hierbij vooral naar de toegevoegde waarde van deze bedrijven voor Amsterdam en de MRA op het gebied van werkgelegenheid, verduurzaming en innovatie. De groei van de stad vraagt om scherpe keuzes over de verdeling van de schaarse ruimte. Amsterdam werkt samen met de provincie en gemeenten in de MRA aan thema’s als verstedelijking, mobiliteit, innovatie, duurzaamheid en circulaire economie. 66

H 3.3.1

3.3.1 Economie en innovatie Amsterdam heeft een economie die werkt voor iedereen, nu en in de toekomst

Welke belangrijke ontwikkelingen zien we voor 2022? De economie van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) is naar verhouding hard geraakt door de coronapandemie. Dit komt doordat sectoren zoals luchtvaart, horeca, sport en cultuur, en de uitzendbranche sterk vertegenwoordigd zijn in de MRA. In het algemeen geldt dat de economie van stad en regio structureel harder groeit dan die van Nederland als geheel, maar wel conjunctuurgevoeliger is; de economie krimpt tijdens crisis en recessie sneller, maar veert ook weer sneller op. We verwachten dat met het verdwijnen van de coronacrisis uit Europa en versoepeling of afschaffing van de contactmaatregelen de economie stevig aantrekt. Door de omvangrijke steunmaatregelen van het Rijk zijn ondernemingen en banen in de getroffen sectoren in hoge mate beschermd tegen de gevolgen van de coronacrisis en de noodzakelijke contactmaatregelen. De economische gevolgen van de coronacrisis worden in 2022 zichtbaar. Het opgetelde effect van enerzijds economisch herstel in 2022 en anderzijds het na-ebbende effect van de crisis is nu nog niet duidelijk. Naar verwachting zal naast de werkloosheid die ten opzichte van begin 2020 fors is toegenomen, ook een toenemend aantal vacatures beschikbaar zijn in sectoren die niet of beperkt zijn geraakt of zelfs wisten te groeien.

Dit zijn vooral de sectoren die voor de coronacrisis ook al grote moeite hadden om vacatures te vervullen: zorg, onderwijs, ICT en techniek. Amsterdam wil zoveel mogelijk samen met andere gemeenten en provincies in de regio de economie schokbestendiger maken. Dat doen we door variatie in de economische activiteit te stimuleren en door mensen van werkloosheid of werk naar werk te begeleiden. We werken aan toekomstbestendige banencreatie in de groene en circulaire economie, herstel en vernieuwing van de bezoekerseconomie (waarbij we vooral de de waardevolle toerist willen trekken, waaronder de congresbezoeker), versterking van het vestiging-klimaat voor nieuwe en vernieuwende ondernemingen, en versterking van het gezondheidszorgcluster (life science ecosysteem).

Wat willen we bereiken (doelen) en wat gaan wij daarvoor doen (activiteiten)? Doel 3.1.1 Amsterdam biedt bewoners aantrekkelijke commerciële voorzieningen verspreid over de stad en biedt ondernemers een goed ondernemersklimaat. Indicatoren doel

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025

1

Gemiddelde waardering voorzieningenaanbod bewoners (tweejaarlijks gemeten)

7,3 (2017)

Geen meting

7.0

Geen meting

7,1

2

Waardering ondernemingsklimaat (tweejaarlijks gemeten)

6,8 (2017)

Geen meting

6,0

Geen meting

6,0

Activiteit 3.1.1.1 We ontwikkelen de buurteconomie door individueel ondernemerschap te versterken, de samenwerking met en tussen ondernemers te stimuleren, en te sturen op een divers aanbod van winkels en ambulante handel. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025

1

Aantal Bedrijfsinvesteringzones1

62 (2018)

64

71

73

75

2

Gemiddeld rapportcijfer bewoners voor aanbod winkels dagelijkse boodschappen in de buurt (1-10) (tweejaarlijks gemeten)

7,6 (2017)

Geen meting

7,6

Geen meting

7,6

1

We verwachten een toename van het aantal biz’en met 1. Daarbij gaan we ervan uit dat alle (door)startende biz’en een succesvolle draagvlakmeting hebben.

67

H 3.3.1

Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

3

Gemiddeld percentageleegstand 3,4% (2018) winkels (Locatus) jaarlijkse peiling1

4

Gemiddeld algemeen oordeel markten (tweejaarlijks gemeten)

5

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025

5,5%

7%

7%

5%

7,2% (2017)

Geen meting

Geen meting

7,4

7,4

Waardering (1-10) in de keuze-mogelijkheden voor foodwinkels in winkelgebieden in Amsterdam (tweejaarlijks gemeten) 2

7 (2018)

7,0

Geen meting

Geen meting

7,0

6

Waardering (1-10) in de keuzemogelijkheden voor non foodwinkels in Amsterdam3

6 (2018)

1

Door de coronacrisis dalen de omzetten van de winkels. We verwachten dat bij afloop van de steunmaatregelen nog veel winkels zullen stoppen. Hierdoor stijgt de winkelleegstand. Dit geldt vooral voor branches in het niet-dagelijks winkelaanbod. Gemiddelde van 56 winkelgebieden verspreid over de stad - voor elk winkelgebied minimaal 20 bewoners als respondenten. Er is een correctie opgenomen voor de indicator. Het betreft hier een tweejaarlijkse indicator. Door het later bekend worden van de cijfers over 2020 is er een fout in de tabel geslopen, deze is hersteld.

2

We bieden gecombineerde overheidsdienstverlening aan internationale nieuwkomers via IN Amsterdam. Indicatoren activiteit 1

6,0

Geen meting

Geen meting

6,0

Doel 3.1.2 De metropoolregio Amsterdam heeft (inter)nationaal gezien een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Indicatoren doel

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

1

0,5% (gemiddelde afgelopen tien jaar)

Hogere economische groei Metropoolregio Amsterdam ten opzichte van de economische groei van Nederland

Activiteit 3.1.2.1

-1,1%

Begroting 2021

Waardering dienstverlening door klanttevredenheidsonderzoek (tweejaarlijks gemeten)

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020 8,5 (2017)

Geen meting

Begroting 2021 8,0

Begroting Prognose 2022 2023-2025 Geen meting

8,0

Na jarenlang groeiende klantaantallen zorgde corona in 2020 en 2021 voor het eerst sinds de opening voor krimp in de aantallen; van bijna 18.000 naar iets meer dan 10.000, zo’n 40% minder. Ondanks de beperkende maatregelen zijn we steeds open gebleven en streefden we naar het bieden van hoogwaardige dienstverlening. In 2022 hebben we de dagelijkse feedback van onze zogenaamde ‘happy-or-not’ meting, in 2023 wordt de waardering voor de dienstverlening opnieuw gemeten. De volgende Economische Verkenningen Metropoolregio Amsterdam (EVMRA) worden eind 2021 gepubliceerd. De ervaring leert dat de MRA structureel harder groeit dan Nederland gemiddeld, maar dat de MRA door de sectorstructuur wel conjunctuurgevoeliger is; tijdens een crisis of recessie is de krimp hoger en bij herstel of hoogconjunctuur groeit de economie harder.

Begroting Prognose 2022 2023-2025 Nog niet bekend

0,5%

Activiteit 3.1.2.2 We streven ernaar om (internationale) bedrijven voor de regio aan te trekken, te behouden en we ondersteunen bedrijfsuitbreidingen. Deze inspanningen zijn gericht zijn op werkgelegenheid, duurzaamheid en innovatie voor de regio. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2020

Begroting 2021

Begroting Prognose 2022 2023-2025

1

Aantal nieuwe internationale bedrijven per jaar in de metropoolregio

153 (2018)

101

75

100

120

2

Aantal extra arbeidsplaatsen door buitenlandse bedrijven

4.170 (2018)

1.970

1.500

2.000

2.400

68

H 3.3.1

We verwachten dat het aantal nieuwe buitenlandse bedrijven en arbeidsplaatsen na 2022 weer langzaam zal herstellen. Omdat door de coronacrisis veel investeringen van buitenlandse bedrijven tijdelijk in de wacht zijn gezet en de wereldeconomie hard is geraakt zal dit naar verwachting wel nog enige jaren duren. Het is op dit moment nog niet te voorspellen wanneer het herstel definitief inzet. Ook blijft de prognose lager dan de aantallen pre-corona, omdat thuiswerken waarschijnlijk blijvend invloed heeft op het aantal arbeidsplaatsen en omdat we ons meer richten op de meerwaarde die bedrijven aan de regio bieden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10663579/1